CConstaterende datHollandsKroon
Koppel je AI →
Document · PDF

B1. Toelichting Bestemmingsplan Gemaal Van der Sterr

Raad 18 april 2024, gemeente HollandsKroonBij agendapunt: Bestemmingsplan Gemaal P. van der Sterr in de Waardpolder nabij Kolhorn14.582 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Bestemmingsplan Gemaal P. van der Sterr Gemeente Hollands Kroon

Vastgesteld 21 maart 2024 NL.IMRO.1911. BPBG2006hz044-va01

Opgesteld door:

HzA stedebouw & landschap Achterstraat 26A 1621 GH Hoorn tel 0229 -216757 info@hzabv.nl www.hzabv.nl

In opdracht van:

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

2

Toelichting

Bestemmingsplan Gemaal P. van der Sterr

Ontwerp 2 november 2023

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

3

INHOUDSOPGAVE

1.

INLEIDING ---------------------------------------------------------------------------------- 6

1.1 1.2 1.3 1.4

Aanleiding-----------------------------------------------------------------------------------------------------------6 Plangebied----------------------------------------------------------------------------------------------------------6 Geldende juridische regeling ----------------------------------------------------------------------------------8 Leeswijzer ----------------------------------------------------------------------------------------------------------9

2.

PLANBESCHRIJVING ---------------------------------------------------------------- 11

2.1 2.2 2.3

Huidige situatie -------------------------------------------------------------------------------------------------- 11 Toekomstige situatie ------------------------------------------------------------------------------------------- 13 Landschappelijke inpassing ---------------------------------------------------------------------------------- 15

3.

BELEIDSKADER ----------------------------------------------------------------------- 18

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Algemeen --------------------------------------------------------------------------------------------------------- 18 Beleid hogere overheden ------------------------------------------------------------------------------------- 18 Beleid provincie Noord-Holland ----------------------------------------------------------------------------- 19 Beleid gemeente Hollands Kroon --------------------------------------------------------------------------- 22 Conclusie beleidskader --------------------------------------------------------------------------------------- 23

4.

OMGEVINGSASPECTEN ------------------------------------------------------------ 24

4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11 4.12 4.13 4.14

Algemeen --------------------------------------------------------------------------------------------------------- 24 Duurzaam ruimtegebruik -------------------------------------------------------------------------------------- 24 Water--------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 24 Bodem ------------------------------------------------------------------------------------------------------------- 27 Erfgoed ------------------------------------------------------------------------------------------------------------ 29 Natuurtoets ------------------------------------------------------------------------------------------------------- 31 Verkeer en parkeren ------------------------------------------------------------------------------------------- 33 Geluidhinder------------------------------------------------------------------------------------------------------ 33 Bedrijven en milieuzonering ---------------------------------------------------------------------------------- 33 Luchtkwaliteit----------------------------------------------------------------------------------------------------- 34 Externe veiligheid ----------------------------------------------------------------------------------------------- 35 Kabels en Leidingen

------------------------------------------------------------------------------------------- 35 Niet gesprongen explosieven -------------------------------------------------------------------------------- 36 Vormvrije m.e.r.-beoordeling --------------------------------------------------------------------------------- 36 Conclusie toets van de omgevingsaspecten ------------------------------------------------------------- 37

5.

JURIDISCHE PLANOPZET ---------------------------------------------------------- 38

5.1 5.2 5.3 5.4

Algemeen --------------------------------------------------------------------------------------------------------- 38 Juridische vormgeving ----------------------------------------------------------------------------------------- 38 Verantwoording keuze van de bestemmingen ---------------------------------------------------------- 39 Handhaving------------------------------------------------------------------------------------------------------- 40

6.

HAALBAARHEID ----------------------------------------------------------------------- 41

6.1 6.2 6.3

Algemeen --------------------------------------------------------------------------------------------------------- 41 Maatschappelijke uitvoerbaarheid -------------------------------------------------------------------------- 41 Economische uitvoerbaarheid en grondexploitatie ----------------------------------------------------- 42

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

4

Bijlagen Bijlage 1. Bijlage 2. Bijlage 3. Bijlage 4. Bijlage 5. Bijlage 6. Bijlage 7. Bijlage 8. Bijlage 9.

Projectplan Gemaal P. van der Sterr, Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, 8 december 2022 Vergunningcheck Digitale watertoets, 21 juni 2023 Verkennend (water)bodem- en nader asbestonderzoek, Grondslag bv, 13 oktober 2022 Archeologisch Quickscan, Archeologie West-Friesland, 23 november 2022 Briefrapport archeologisch onderzoek 2021, Archeologie West-Friesland, 8 november 2021 Natuurtoets Gemaal van der Sterr, Waterproef, 19 januari 2023 AERIUS-berekening, Dutch Process Innovators, 3 maart 2023 Update vooronderzoek niet gesprongen explosieven, REASeuro, 6 oktober 2022 Nader ecologisch onderzoek (muizenonderzoek), Waterproef, 19 januari 2023

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

5

1.

INLEIDING

1.1

Aanleiding

Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) is voornemens een nieuw gemaal nabij de locatie P. van der Sterr, ten noorden van Kolhorn, te realiseren. Het betreft een standaardgemaal, vergelijkbaar met het gemaal dat recent in de Polder Waard Nieuwland is geplaatst. Sinds de jaren '40 van de vorige eeuw wordt de Waardpolder bemalen door een elektrisch gemaal. Het huidige gemaal aan de P. van der Sterrweg is sinds 1995 aanwezig. Het gemaal verbindt de Waardpolder met het Waardkanaal. De Waardpolderdijk is een regionale waterkering. Met de nieuwbouw (en verplaatsing) van het gemaal wordt de landschappelijke inrichting ter plekke verbeterd. Op basis van het bestemmingsplan Buitengebied Anna Paulowna (vastgesteld 19 januari 2009) heeft de locatie de bestemming Waterkering. Voor de realisatie van het nieuwe gemaal is een bestemmingswijziging nodig. Het bestemmingsplan ‘Gemaal P. van der Sterr’ maakt de beoogde ontwikkeling van een nieuw gemaal mogelijk. De opzet van het bestemmingsplan is afgestemd op de actuele wet- en regelgeving en op de systematiek van recent opgestelde bestemmingsplannen in de gemeente Hollands Kroon.

De voorliggende toelichting bij het bestemmingsplan motiveert, dat op het gebied van beleid, ruimtelijke kwaliteit, milieutechnisch onderzoek, economische haalbaarheid en afweging van maatschappelijke belangen medewerking kan worden verleend aan de ontwikkeling van dit initiatiefplan.

afb.1 Referentie: gemaal Waard Nieuwland (bron: HHNK)

1.2

Plangebied

Het plangebied ligt aan de oostkant van de Waardpolder, tegen de Waardpolderdijk aan de zuidzijde van het doodlopend einde van de P. v.d. Sterrweg. De dichtstbijzijnde bewoning bevindt zich aan de overzijde van het Waardkanaal in de Wieringermeer op ruim 300 meter, en aan de Waardpolderhoofdweg op ca. 1 kilometer afstand. Dichtstbijzijnde woonplaats is Kolhorn op hemelsbreed 2 kilometer afstand (zie afb.2). De percelen zijn kadastraal bekend als Anna Paulowna sectie O perceel 2722 (gedeeltelijk) en 2687 (gedeeltelijk) en hebben een gezamenlijke omvang van ca. 8.000 m2. Dijken en wateren binnen de planlocatie zijn eigendom van HHNK (zie afb.3).

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

6

afb.2 Ligging planlocatie aan de Van der Sterrweg (bron: googlemaps)

afb.3 Kadastrale situatie (plangrens indicatief)

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

7

1.3

Geldende juridische regeling

De planologische ruimte voor ontwikkelingen op de locatie is vastgelegd in het bestemmingsplan Buitengebied Anna Paulowna (vastgesteld 19 januari 2009). Het perceel heeft de enkelbestemmingen ‘Agrarische doeleinden I’ en ‘Waterkering’ en de dubbelbestemmingen ‘Archeologisch waardevol gebied I’ en ‘Archeologisch waardevol gebied III’. De gronden binnen de bestemming ‘Agrarische doeleinden I’ zijn bedoeld voor de uitoefening van agrarische bedrijven met een grondgebonden agrarische bedrijfsactiviteit. De gronden binnen de bestemming ‘Waterkering’ zijn bedoeld voor waterkering en waterbeheersing en agrarisch medegebruik (zie afb.4). De dubbelbestemmingen archeologisch waardevol gebied zijn gericht op het behoud van archeologische waarden in het gebied. Het bouwen van een gemaal inclusief in- en uitlaat en persleidingen is binnen de huidige bestemming ‘Cultuurhistorische gebied met natuurwetenschappelijke waarden’ niet toegestaan. Een wijziging van het bestemmingsplan is noodzakelijk. Het huidige, te amoveren, gemaal is niet specifiek bestemd. Tevens is het bestemmingsplan Parkeren en Wonen van toepassing. Dit is een facetplan dat als het ware over alle geldende bestemmingsplannen heen wordt gelegd. In dit bestemmingsplan is een koppeling gemaakt naar de beleidsregels voor parkeren in de gemeente Hollands Kroon.

Hiermee wordt voldaan aan de wettelijke verplichting dat bestemmingsplannen voor 1 juli 2018 moeten zijn voorzien van een parkeerregeling. De algemene regel is dat een omgevingsvergunning voor het bouwen en gebruiken van een bouwwerk slechts wordt verleend als er in voldoende parkeergelegenheid wordt voorzien en in stand gehouden. Of daarvan sprake is, wordt bepaald aan de hand van de gemeentelijke parkeerregels.

afb.4 Uitsnede plankaart bestemmingsplan Buitengebied Anna Paulowna 2006, planlocatie indicatief

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

8

Bestemmingswijziging De bestemmingswijziging ‘Gemaal P.van der Sterr’ betreft het juridisch regelen van een nieuw bouwvlak op het perceel, en het wijzigen van het gebruik van het perceel ten behoeve van het realiseren van een nieuw gemaal. In het plan wordt tevens flankerend beleid op het gebied van archeologie en waterstaat geregeld. Het huidige gemaal heeft geen bouwvlak. Crisis en herstelwet Omdat het bouwplan de realisatie van een waterstaatswerk beoogt, valt het plan onder de Crisisen herstelwet (waterstaatswerken zijn opgenomen in de lijst van specifieke projecten, bijlage 2 Chw). De Crisis en herstelwet (Chw) bevat procedureregels voor de behandeling van beroepen. In de ontwerpfase gelden de reguliere procesregels. De Chw vereenvoudigt, versnelt en verruimt de mogelijkheden om een ruimtelijk plan of innovatief project tot stand te brengen. In het kader van de gewenste versnelling is de rechtsbescherming van burgers en overheden en de toegang tot de rechter gewijzigd. Het beroepsrecht is op onderdelen beperkt.

1.4

Leeswijzer

Het voorliggende bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding met bijbehorende regels en een toelichting. De regels en de verbeelding vormen de juridisch bindende elementen van het bestemmingsplan. In voorliggende toelichting van het bestemmingsplan is de uitvoerbaarheid van het planvoornemen in het kader van de goede ruimtelijke ordening verantwoord.

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

9

De toelichting van dit bestemmingsplan is opgebouwd uit de volgende zes hoofdstukken: 1. 2. 3. 4.

5. 6.

Inleiding, planlocatie en vigerend bestemmingsplan Planbeschrijving aan de hand van de bestaande situatie en de beoogde ontwikkeling. Ook komt de landschappelijke inpassing aan bod. De hoofdlijnen van de voor de planlocatie relevante beleidskaders van hogere overheden, de provincie Noord-Holland en de gemeente Hollands Kroon. Afweging van de verschillende omgevingsaspecten en toets aan de wet- en regelgeving op het gebied van o.a. duurzaamheid, water, bodem, archeologie, flora en fauna, geluid, milieuzonering, luchtkwaliteit en externe veiligheid. Een belangrijke invalshoek in dit hoofdstuk is de motivering in relatie tot het provinciaal beleid van ruimtelijke kwaliteit (afweging kwalitatieve aspecten). Juridische vormgeving van het plan. Economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het bestemmingsplan. Bij de maatschappelijke uitvoerbaarheid wordt de bestemmingsplanprocedure omschreven.

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

10

2.

PLANBESCHRIJVING

2.1

Huidige situatie

Sinds de jaren '40 van de vorige eeuw wordt de Waardpolder bemalen door een elektrisch gemaal. Het gemaal staat aan de teen van de dijk van het Waardkanaal, waarop het overtollige polderwater wordt uitgemalen. Het gemaal heeft aan de polderzijde een instroomconstructie voorzien van een automatische krooshekreiniger en naastgelegen opstelplaats voor de opslag van kroos e.d. Aan de uitstroomzijde aan de boezemzijde van de Waardpolderdijk bevindt zich een uitstroomconstructie. De Waardpolderdijk is een regionale kering. De kade is opgenomen in een wandelroute, het betreft een onverharde dijk ('grasdijk'). Het gebied heeft een agrarisch karakter en wordt gekenmerkt door rust en openheid.

afb.5 Luchtfoto huidige situatie, plangrens indicatief

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

11

Ligging in de omgeving Het plangebied ligt aan de oostkant van de Waardpolder, tegen de Waardpolderdijk aan de zuidzijde van het doodlopend einde van de P. van der Sterrweg. Het bemalingsgebied van de Waardpolder en daaraan gekoppeld de Wieringerwaard blijft ongewijzigd (zie afb.7). Het bemalingsgebied Wieringerwaard en Waardpolder is een gebied met een oppervlakte van ongeveer 2516 ha. Het gebied wordt bemalen door gemaal Wieringerwaard met een totale capaciteit van 244 m3 per minuut en gemaal en het gemaal P. van der Sterrweg met een capaciteit van 82,2 m3 per minuut. Het water wordt uitgemalen op het Waardkanaal.

afb.6 Het gemaal Van der Sterr in 2022

afb.7 Het bemalingsgebied Waardpolder/Wieringerwaard blijft ongewijzigd. Rechtsonder roodomrand gemaal Van der Sterr, rechtsboven gemaal Wieringerwaard

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

12

Opgave Het huidige gebouw is veelvuldig gewijzigd. Het geheel geeft een rommelige indruk met veel hoogteverschillen, trappetjes en struikelgevaar. De bereikbaarheid met groot materieel is hierdoor matig en er zijn veel verzakkingen aanwezig. De opbouw van de bemaling voldoet niet aan de huidige bouwrichtlijnen. De pomp is inmiddels 26 jaar oud en de leverancier (Hertog Polderbemaling) hiervan is 2 jaar geleden failliet gegaan en bestaat niet meer. Onderdelen zijn niet of zeer slecht leverbaar. De pomp heeft gezien de eenvoudige en goedkope constructie einde levensduur bereikt. Het gemaal voldoet op meerdere punten niet meer aan de te stellen eisen van HHNK en er zijn op meerdere punten moderniseringen/vernieuwingen noodzakelijk en wenselijk. Veel onderdelen van het gemaal zijn aan het einde van hun technische levensduur. Om deze reden is gekozen voor nieuwbouw. Vrijwel direct ten zuiden van het bestaande gemaal wordt een nieuw gemaal gebouwd. Bij nieuwbouw wordt zowel het gemaal als de watertoevoer duurzaam verbeterd. Zodra dit gemaal gereed is wordt het huidige gemaal gesloopt.

2.2

Toekomstige situatie

2.2.1 Locatiekeuze Voor de locatie van het nieuw te bouwen gemaal is van belang dat het gemaal het laaggelegen peilgebied van de Waardpolder bemaalt en het water uit kan slaan op het Waardkanaal. Het gemaal dient vanwege zijn functie aan de oostzijde van de polder tegen de waterkering te worden aangelegd. Vanwege de geschiktheid voor de waterhuishouding en de beschikking van eigendom van het hoogheemraadschap is gekozen voor een locatie direct ten zuiden van het huidige gemaal.

2.2.2 Projectplan In het kader van artikel 5.4 van de Waterwet is voor de realisatie van het plan een projectplan opgesteld. Het projectplan is als bijlage 11 opgenomen. Het projectplan vormt de basis voor het vaststellen van het bestemmingsplan. Het ontwerp-projectplan lag vanaf 7 maart 2023 zes weken ter inzage. Er zijn geen zienswijzen op ingediend. Op 14 juni 2023 is het definitieve besluit gepubliceerd in het Waterschapsblad. Het projectplan wordt voorbereid met toepassing van de openbare voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Dit betekent dat belanghebbenden in de gelegenheid worden gesteld een zienswijze over het ontwerp-projectplan naar voren te brengen. Na sluiting van de termijn voor het inbrengen van zienswijzen wordt het projectplan vastgesteld, al dan niet met wijzigingen naar aanleiding van ingebrachte zienswijzen. Na vaststelling van het definitieve projectplan is geen bezwaar mogelijk maar staat alleen beroep bij de bestuursrechter open voor belanghebbenden die eerder zienswijzen op het ontwerp van het projectplan naar voren hebben gebracht en voor belanghebbenden aan wie redelijkerwijs niet kan worden verweten geen zienswijzen op het ontwerp naar voren te hebben gebracht. Op het vast te stellen projectplan is de Crisis- en herstelwet van toepassing.

Dit heeft tot gevolg dat in het beroepschrift moet worden aangeven welke beroepsgronden belanghebbende aanvoert tegen het besluit. Na afloop van de beroepstermijn van zes weken kunnen geen nieuwe beroepsgronden meer worden aangevoerd. Het bestemmingsplan voorziet in de juridische-planologische vertaling van het projectplan. In de volgende paragrafen worden de belangrijkste aspecten uit het plan genoemd.

2.2.3 Beoogde ontwikkeling De planlocatie voor het gemaal en de instroomconstructie ligt binnendijks, ter plaatse van een voormalige molen. De uitstroomconstructie ligt buitendijks en grenst aan het Amstelmeerkanaal. De spuikokers kruisen de Waarddijk, de regionale waterkering van de Waardpolder. Op de 1 Projectplan Gemaal Van der Sterr, Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier, 8 december 2023

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

13

Waarddijk loopt een wandelroute, het Noord-Holland pad. Aan de westzijde van het terrein bevindt zich een oude molenfundering die niet mag worden aangetast, alsmede een toegangspad naar het agrarische perceel dat in stand gehouden moet worden. De realisatie van het nieuwe gemaal kent de volgende hoofdonderdelen: 1. een nieuw gemaal P. van der Sterr, inclusief terreinverharding en omheining; 2. het graven van een nieuwe maalkom; 3. twee betonnen perskokers door de Waardpolderdijk; 4. een uitstroomconstructie met klep aan de buitenzijde van de Waardpolderdijk en bovenloop krooshek reiniger; 5. renovatie en aanpassing van enkele duikers; 6. het amoveren van het oude gemaal, het verwijderen van de uitstroomkokers van het oude gemaal en het herstellen van het dijkprofiel ter plaatse; 7. plaatsen informatiepaneel bemalingsgeschiedenis gebied nabij molenfundering 8. realiseren van een ijsvogelwand in samenwerking met Landschap Noord-Holland. HHNK is en blijft eigenaar van het terrein waar het nieuwe gemaal gerealiseerd wordt, en onderhoudt het. In afbeelding 8 is een schematische weergave van de nieuwe situatie aangegeven met nieuw gemaal, ontvangstkom en aangepaste duikers. Genoemde afmetingen hieronder kunnen afwijken van de exacte maatvoering die in het definitief ontwerp wordt berekend.

Bij het maken het definitief ontwerp wordt rekening gehouden met de door HHNK te stellen eisen op het gebied van kwaliteit, capaciteit en (waterkerings-)veiligheid.

afb.8 Schematische weergave uit te voeren werkzaamheden (bron: HHNK)

Gemaal P. van der Sterr In de omgevingsvergunningaanvraag wordt de exacte maatvoering van het nieuwe gemaal bepaald. Het Gemaal Waard-Nieuwland geldt als referentie. Het gemaalgebouw wordt met ca. 8,00 x 6,00 meter (bovenbouw) niet groter dan voor het functionele doel noodzakelijk en nader uitgewerkt door de toekomstige aannemer.

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

14

Een nieuw gemaal heeft eenzelfde capaciteit van 90 m3/min (2x45 m3/min). Dit komt overeen met de capaciteit van het huidige gebouw. Aangenomen wordt dat de binnendiameter van de 2 uitstroomkokers circa 0,70 meter zal worden. Uit de uit te voeren pompberekeningen kan de binnendiameter marginaal afwijken. De exacte afmeting volgt uit het definitief ontwerp. Aan de kanaalzijde komt een uitstroomvoorziening. De uitstroomkokers van het oude gemaal worden verwijderd en het dijkprofiel wordt ter plaatse in oorspronkelijke staat hersteld. Tijdens de bouw wordt de functie van de waterkering geborgd. Maalkom De forse maalkom van circa 1500 vierkante meter wordt gevoed via drie te plaatsen of te renoveren duikers die voldoen aan de daaraan te stellen eisen vanuit de waterhuishouding (2x 1200 mm doorsnede en 1x 2500x2000mm met voldoende drooglegging). Met deze robuuste doorstroming wordt geborgd dat extra afkalving van agrarische oevers rond het terrein en directe omgeving wordt voorkomen. De maalkom wordt voorzien van natuurvriendelijke oevers en een boothelling ten behoeve van de tewaterlating van een maaiboot. Terreininrichting Het terrein nabij het nieuwe gemaal wordt omheind. De toegang tot de dijk t.b.v. beheer en onderhoud, de pachter en het recreatieve wandelpad blijft in stand.

Binnen de omheining wordt de bodem verhard en er komt ruimte voor een trafo-huisje, en voor parkeren en manoeuvreren t.b.v. onderhoud. Qua ruimtebeslag en frequentie van gebruik is dit vergelijkbaar met de situatie bij het bestaande gemaal. Langs het gemaal loopt het Noord-Hollandpad. Met het plaatsen van een informatiepaneel over de rijke bemalingsgeschiedenis van het gebied ontstaat toegevoegde waarde. De wandelroute wordt zodanig afgeschermd van het terrein dat derden niet bij de volgens de machinerichtlijnen afgeschermde delen kunnen komen. Na sloop wordt een groene dijk gerealiseerd (hersteld). De dijkbekleding ter plaatse van het gesloopte gemaal wordt opgenomen in het beheer van de rest van de dijk. De inrichtingswerkzaamheden (inclusief de overige werkzaamheden in het watersysteem) zijn in detail beschreven in het projectplan 'Van der Sterr’ (bijlage 1). Meekoppelkansen Het terrein ten noorden van het gemaal is in beheer en eigendom van Landschap Noord-Holland. Landschap Noord-Holland heeft de suggestie gedaan als meekoppelproject een ijsvogelwand te plaatsen nabij de projectlocatie. HHNK neemt dit voorstel over, de aanleg van de ijsvogelwand wordt onderdeel van de werkzaamheden. Het gebied wordt zodanig ingericht dat geen structurele nadelige effecten zullen zijn.

Vanwege het toevoegen van oppervlaktewater, natuurvriendelijke oevers en de ijsvogelwand worden waarschijnlijk positieve effecten op flora en fauna verwacht. Aan de westzijde van het terrein bevindt zich de fundering van de voormalige molen van de Waardpolder (zie paragraaf 4.5). Ter bescherming heeft HHNK de locatie met een laag grond afgedekt. In relatie tot het huidige project is – conform de afspraken in het Verdrag van Malta – het uitgangspunt dat de fundering "in situ" behouden zal blijven. In overleg met Archeologie Westfriesland wordt de locatie van de molen beter in het zicht gebracht én beter beschermd door een extra laag van 0,5 meter grond aan te brengen.

2.3

Landschappelijke inpassing

Het nieuw te realiseren Gemaal Van der Sterr wordt gesitueerd op eigen terrein van HHNK met beperkte omgevingsbelangen. HHNK is voornemens dit terrein tegelijk met de nieuwbouw op eenvoudige wijze landschappelijk in te passen. Dit document betref de landschappelijke onderbouwing van de inpassing.

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

15

Historische landschappelijke context De kop van Noord-Holland wordt gekenmerkt door de vele en grote inpolderingen; de Zijpe, de Wieringerwaard, de Wieringermeer, de Waard- en Groetpolder, het Koegras, de Anna Paulownapolder en de polder Waard-Nieuwland. De opeenvolgende aandijkingen in de Kop van Noord-Holland zijn duidelijk herkenbaar in het landschap. Ze werden als eenheid ontworpen, waren geometrisch van opzet en kregen ieder hun eigen maatvoering en structuur. De planlocatie ligt in het bemalingsgebied Waardpolder/Wieringerwaard. De Wieringerwaard is in de middeleeuwen al bewoond, maar raakt door stormen in de 12 eeuw onbewoonbaar. In 1610 is het gebied weer ingepolderd. De grenzen van de polder vormden de Zuiderzee, de dijksloten langs de buitenzijde van de Westfriese Omringdijk en de Slikkerdijk van de Zijpe. De Waardpolder werd ten oosten van de Wieringerwaard, in 1834 ingepolderd. In de polder werden restanten van dijken gevonden, waaronder een onderdeel van de weg van Paludanus uit waarschijnlijk de 10e eeuw. De dijkweg werd nadat de zee de diverse andere dijken had doorbroken een belangrijke plek voor de grootschalige zoutwinning uit turf en later uit zeegras, vermoedelijk zo rond de 13e eeuw. Kenmerkend voor de Wieringerwaard en Waardpolder zijn de groene erven langs de vaarten waarlangs aan weerszijden wegen met bomen staan.

In vergelijking met de Wieringerwaard liggen de sloten in de Waardpolder verder uit elkaar.

afb.9

Topografische kaart ca. 1900 met Waardpoldermolen (bron: topotijdreis.nl)

Herkenbaarheid gemalen in de polders HHNK is voornemens het gemaal robuust, onderhoudsarm en passend in de agrarische omgeving vorm te geven. Het gemaal Van der Sterr zal daarom qua uiterlijk overeenkomen met het inmiddels gerealiseerde gemaal Waard Nieuwland wat zich ten noordoosten van dit gemaal bevindt: sober en doelmatig (afb. 10). Ook het nieuwe Gemaal Hippolytushoef zal hetzelfde uiterlijk krijgen. Hiermee ontstaat uniformiteit en herkenbaarheid van de nieuwe gemalen in de polders. Het gemaal Waard-Nieuwland heeft een eenvoudige, traditionele, schuurachtige uitstraling: houten gevels, donker pannendak, donkergroen tot zwarte kleurstelling met witte kozijnen en boeiborden.

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

16

afb. 10 Gemaal Waard-Nieuwland

Herkenbaarheid historische molenplaats De aanwezigheid van de funderingen van de Waardpoldermolen en de landschappelijke ligging geven het plangebied een cultuurhistorische waarde die uniek is voor Noord-Holland. Deze waarde kan worden gebruikt om het verhaal van de waterstaatkundige geschiedenis van de Waardpolder zichtbaar te maken en te vertellen. Om te voorkomen dat de funderingsresten van de Waardpoldermolen weer bedekt en beschadigd raken door onkruid en bramenstruiken is in samenspraak met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier besloten om de resten met grond af te dekken. In overleg met Archeologie Westfriesland wordt de locatie van de molen beter in het zicht gebracht én beter beschermd door een extra laag van 0,5 meter grond aan te brengen. HHNK opteert er voor een informatiepaneel te plaatsen om de bemalingsgeschiedenis van de Waardpolder onder de aandacht te brengen. De nieuwe maalkom in het project sluit aan bij de historische waterstructuur rond de Waardpoldermolen. Continuïteit Waarddijk De Waarddijk is een oude dijk aan de voormalige Zuiderzee. De continuïteit van het dijklichaam is leidend in het landschap. Na het amoveren van het oude gemaal en verwijderen van de uitstroomopening zal het oude, groene, profiel van de dijk terug worden gebracht.

Op de nieuwe locatie zorgt het doorgaande karakter van het wandelpad over de kruin, en het zoveel mogelijk groen houden van de ruimte rond het gemaal voor continuïteit in het dijklichaam.

afb. 11 Het terrein waar het gemaal wordt gebouwd en de maalkom word gegraven. Achter de auto bevindt zich de molenfundering (bron: projectplan HHNK)

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

17

3.

BELEIDSKADER

3.1

Algemeen

Op diverse bestuurlijke niveaus zijn beleidsuitspraken geformuleerd die relevant zijn voor de planlocatie. In dit hoofdstuk volgt een korte samenvatting van de betreffende nota's. Hierbij wordt ingegaan op het rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk beleid. Ook wordt ingegaan op het beleid van het waterschap. Vervolgens wordt aangetoond dat het initiatief past binnen de beleidskaders van de verschillende overheden.

3.2

Beleid hogere overheden

3.2.1 Nationaal Waterplan Het in december 2015 vastgestelde Nationaal Waterplan 2016-2021 (NWP2) bevat de hoofdlijnen van het nationale waterbeleid in de planperiode 2016-2021 met een vooruitblik richting 2050. In het plan zijn de afspraken uit het Bestuursakkoord Water en de Deltabeslissingen uit het Deltaprogramma opgenomen. Het NWP2 richt zich op een klimaatbestendige inrichting van het watersysteem met een goede bescherming tegen overstromingen, het voorkomen van wateroverlast en droogte en het bereiken van een goede waterkwaliteit en een gezond ecosysteem als basis voor welzijn en welvaart. Het Deltaprogramma anticipeert op ons veranderende klimaat en heeft als doel Nederland te beschermen tegen overstromingen en te zorgen voor voldoende zoetwater. Afweging De realisatie van het gemaal beschermt het gebied tegen overstromingen en draagt bij aan het voorkomen van wateroverlast. Het project is daarmee in lijn met het Nationaal Waterplan.

3.2.2 Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De Nationale Omgevingsvisie (NOVI), vastgesteld op 11 september 2020, is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Het versterken van de omgevingskwaliteit staat in de NOVI centraal. Ruimtelijke ingrepen kunnen niet afzonderlijk van elkaar plaatsvinden, maar zijn van elkaar afhankelijk. Alle plannen moeten met oog voor de natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid gemaakt worden. In de NOVI benoemt het Rijk benoemt 21 nationale belangen voor het omgevingsbeleid, inclusief de maatschappelijke opgaven en de rol van het Rijk in het uitvoeren van deze opgaven. De maatschappelijke opgaven zijn in vier prioriteiten samengevat: 1. 2. 3. 4.

Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio's; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

De NOVI maakt bij het maken van keuzes gebruik van drie afwegingsprincipes: 1. Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies, 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal, en 3. Afwentelen wordt voorkomen. Afweging Voorliggend plan voorziet in verbetering van de ruimtelijke kwaliteit op een terrein dat in de huidige situatie fungeert als gemaal. Het gemaal moet verplaatst worden waarna het huidige gebouw wordt geamoveerd en dit deel van de dijk wordt hersteld. Het Rijk heeft vanuit de waterveiligheid en zoetwatervoorziening belang bij een goede bufferwerking in het regionale watersysteem om Met de realisatie van het gemaal P. van der Sterr wordt het boezemsysteem

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

18

verbeterd om daarmee wateroverlast te voorkomen. Het initiatief draagt daarmee bij aan Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied.

3.2.3 Toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking De ladder voor duurzame verstedelijking (art.3.1.6. lid 2 Besluit ruimtelijke ordening) is ingericht voor een zorgvuldige afweging en transparante besluitvorming bij alle nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Het wordt gebruikt om ervoor te zorgen dat de ruimte in het stedelijk gebied zo goed mogelijk benut wordt. Hiermee wordt voorkomen dat het buitengebied in Nederland wordt volgebouwd. Per 1 juli 2017 geldt de volgende, nieuwe, Laddersystematiek: “De toelichting van een bestemmingsplan dat een nieuwe stedelijke ontwikkeling mogelijk maakt, bevat een beschrijving van de behoefte aan de voorgenomen stedelijke ontwikkeling. Indien blijkt dat de stedelijke ontwikkeling niet binnen het bestaand stedelijk gebied kan worden voorzien, bevat de toelichting een motivering daarvan en een beschrijving van de mogelijkheid om in die behoefte te voorzien op de gekozen locatie buiten het bestaand stedelijk gebied.” Afweging Een plan om een gemaal te realiseren wordt niet gezien als een stedelijke ontwikkeling als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, aanhef en onder i, van het Bro. Toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking is daarom niet aan de orde. Conclusie toets nationaal beleid: Met de ontwikkeling van de planlocatie wordt op basis van de Nationale Omgevingsvisie geen nationaal belang geschaad.

Uit de toets van de omgevingsaspecten (zie hoofdstuk 5) komt naar voren dat het voorliggend plan de situatie van de milieukwaliteit niet verslechterd. Het plan voldoet aan de ladder voor duurzame verstedelijking omdat er sprake is van een maatschappelijke behoefte.

3.3

Beleid provincie Noord-Holland

3.3.1 Omgevingsvisie Noord-Holland 2050 Op 19 november 2018 hebben de Provinciale Staten van Noord-Holland de Omgevingsvisie NH 2050 vastgesteld. Hierin staat de visie op de fysieke leefomgeving beschreven. De Omgevingsvisie vervangt de Structuurvisie Noord-Holland 2040, het Provinciaal Verkeers- en Vervoerplan, het Provinciaal Milieubeleidsplan 2015-2018 en de Agenda Groen. De leidende hoofdambitie in de Omgevingsvisie NH2050 is de balans tussen economische groei en leefbaarheid. Een gezonde en veilige leefomgeving, die goed is voor mens, plant én dier, is een voorwaarde voor een goed economisch vestigingsklimaat. Tegelijkertijd is duurzame economische ontwikkeling een voorwaarde voor het kunnen investeren in een prettige leefomgeving. Dit betekent dat in heel Noord-Holland een basiskwaliteit van de leefomgeving wordt gegarandeerd. Er zijn randvoorwaarden geformuleerd hoe om te gaan met klimaatverandering. De provincie ontwikkelt zoveel mogelijk natuurinclusief en met behoud van (karakteristieke) landschappen, clustert ruimtelijke economische ontwikkelingen rond infrastructuur en houdt rekening met de ondergrond. In de visie zijn 5 bewegingen met ontwikkelprincipes beschreven voor de ontwikkeling van de leefomgeving. In de beweging ' Natuurlijk en vitaal landelijke omgeving’ staan het ontwikkelen van natuurwaarden en een economisch duurzame agrarische sector centraal.

Afweging Door klimaatverandering moet in de toekomst anders worden omgegaan met grond- en oppervlaktewater. Het huidige afwateringssysteem voldoet niet meer door hevigere regenval, daarom is meer bergingscapaciteit nodig. Met de realisatie van het nieuwe gemaal Van der Sterr wordt wateroverlast in de Waardpolder voorkomen. Onderhavig project is daarmee in lijn met de Omgevingsvisie Noord-Holland 2050.

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

19

3.3.2 Omgevingsverordening Noord-Holland 2020 De belangrijkste onderwerpen uit de Omgevingsvisie zijn verankerd in de Omgevingsverordening Noord-Holland. Deze vervangt alle bestaande verordeningen die betrekking hebben op de leefomgeving zoals de Provinciale Ruimtelijke Verordening (PRV), de Provinciale Milieuverordening, de Waterverordeningen en de Wegenverordening. De Omgevingsverordening NH is op 22 oktober 2020 vastgesteld door Provinciale Staten en met ingang van half november 2020 van kracht. Met de omgevingsverordening heeft de provincie een eenvoudiger, duidelijker en meer integraal systeem van regels vast willen stellen. Met meer ruimte voor lokaal en regionaal maatwerk en bestuurlijke afwegingsruimte. De nieuwe regels richten zich op het ‘hoe’: hoe kom je tot een goede fysieke leefomgeving? De fysieke leefomgeving staat voor alles wat mensen zien, voelen en ruiken zoals gebouwen, wegen, parken, bossen, rivieren en een schone lucht. Voorheen richtten de regels zich vooral op het ‘wat’: wat mag niet en welke uitzonderingen gelden? Het gaat dus meer om het doel en minder om het middel. In de Omgevingsverordening NH2020 zijn daarvoor de eerste stappen gezet. In de nieuwe verordening zijn de kernkwaliteiten van de landschappen vastgelegd en worden ze beschermd. De verordening kent drie regimes gericht op behoud en ontwikkeling van natuur, landschap en werelderfgoed: 1.

Natuurnetwerk Nederland (NNN) 2. Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) 3. Unesco-werelderfgoed (Stelling van Amsterdam, Beemster en Nieuwe Hollandse Waterlinie). De beoogde planlocatie valt niet binnen een van bovenstaande regimes. De provinciale belangen in en rond het plangebied zijn vervat in richtlijnen voor het hele grondgebied en in de provincie werkingsgebieden. Uit de Omgevingsverordening NH2020 zijn de volgende werkingsgebieden/ instructieregels van invloed op het plan: Ruimtelijke kwaliteitseis ingeval van een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling in het landelijk gebied (artikel 6.59 OVNH-2020) Met de instructie ruimtelijke kwaliteitseis verweeft Provinciale Staten de Leidraad Landschap en cultuurhistorie in de Omgevingsverordening. Bij de inpassing van een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling ter plaatse van het werkingsgebied landelijk gebied, wordt in het ruimtelijk plan, gelet op de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie: 1. rekening gehouden met: de ambities en ontwikkelprincipes van het toepasselijke ensemble en van de toepasselijke provinciale structuren; 2. bij de inpassing betrokken: de kansen zoals beschreven bij de ambities en ontwikkelprincipes; en 3. bij de inpassing betrokken: de ontstaansgeschiedenis en de kernwaarden van het toepasselijke ensemble en van de toepasselijke provinciale structuren.

Afweging: De kernkwaliteiten van het landschappelijke ensemble in de polder Waardpolder zijn benoemd in de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (zie paragraaf 3.3.3). Klimaatadaptatie (artikel 6.62 OVNH-2020) In de Omgevingsvisie NH2050 is de doelstelling opgenomen van een klimaatbestendig en waterrobuust Noord-Holland. Dat geldt voor stad, land en infrastructuur. Het gaat om het voorbereid zijn op wateroverlast, hittestress, verdroging en verzilting en het beperken van de gevolgen van overstromingen. Een en ander kan consequenties hebben voor locatiekeuze, inrichting van de openbare ruimte en het ontwerp van gebouwen en infrastructuur. Ook kan het de bedrijfsvoering raken. Als basisrandvoorwaarde is in de Omgevingsvisie opgenomen dat alle nieuwe ontwikkelingen een klimaatstresstest doorlopen.

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

20

Afweging Toetsing op het milieuaspect duurzaamheid en energieverbruik vindt plaats bij de omgevingsvergunningverlening. Paragraaf 4.2 beschrijft welke aspecten met betrekking tot dit onderwerp relevant zijn en wat aandachtspunten zijn bij eventuele ontwikkelingen. Paragraaf 4.4 beschrijft op welke wijze er sprake is van een duurzame waterhuishouding in dit gebied. Beschermingszone regionale waterkering (artikel 6.77 OVNH2020) De planlocatie ligt deels binnen het werkingsgebied van de Regionale waterkering. Ter plaatse van het werkingsgebied Regionale waterkering voorziet het ruimtelijk plan in bescherming van de waterkerende functie door op deze functie toegesneden bestemmingen en regels. Ter plaatse van het werkingsgebied beschermingszone regionale waterkering voorziet een ruimtelijk plan in een beschermingszone aan weerszijden van de waterkering waar geen nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen toegestaan zijn, tenzij overeenstemming is bereikt tussen betrokken gemeenten, waterbeheerder en provincie. Afweging In de regels bij dit bestemmingsplan is een dubbelbestemming opgenomen ten behoeve van de waterveiligheid van de provinciale waterkering. Hiermee wordt voldaan aan de eisen in de omgevingsvisie. Hoogheemraadschap moet een projectplan vaststellen voor o.a. het bouwen in de beschermingszone (zie paragraaf 4.3).

3.3.3 Leidraad Landschap en Cultuurhistorie De provincie Noord-Holland wil de kwaliteit en de diversiteit van het Noord-Hollands landschap graag behouden en verder ontwikkelen en de dorpen behouden en ontwikkelen. Het ruimtelijk kwaliteitsbeleid in het landelijk gebied is in de Omgevingsvisie en Omgevingsverordening verankerd. De Leidraad Landschap en Cultuurhistorie (vastgesteld door Gedeputeerde Staten op 10 april 2018, en geconsolideerd bij het vaststellen van de Omgevings-verordening) is een provinciale handreiking voor het inpassen van nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen in het landschap, zoals bebouwing, agrarische bedrijven, infrastructuur of vormen van energieopwekking. Artikel 6.59 van de Omgevingsverordening NH2020 gaat over Ruimtelijke kwaliteit bij nieuwe ontwikkelingen in het landelijk gebied (zie ook paragraaf 3.3.2). Op basis van artikel 6.59 moeten nieuwe ontwikkelingen in landelijk gebied passen binnen de kaders van de Leidraad Landschap en Cultuurhistorie. Het plangebied ligt in het landschappelijke ensemble ‘Koegras-Anna Paulownapolder’. De kernkwaliteiten van dit ensemble zijn: 1. De landschappelijke karakteristiek, bestaande uit een rechtlijnige aangedijkte polder, met een strokenverkaveling aan de geknikte lanen en linten. . 2.

De openheid en ruimtebeleving, waarin de langgerekte open ruimte worden begrensd door lange polderlinten en de Westfriesche Omringdijk en de dijk langs het Waardkanaal met bomenrijen. 3. Het Waardkanaal met aanliggende bomenrijen is een belangrijke ruimtelijke drager in het gebied. Afweging Het initiatief ondersteunt de genoemde kernwaarden (zie ook paragraaf 2.3 en 4.5). De ruimtelijke opzet van het plan is passend binnen de uitgangspunten en ambities in de Leidraad. De kernwaarden van het landschappelijke ensemble ‘Koegras –Anna Paulownapolder’ zijn als volgt in het plan vertaald: 1. Het plan draagt bij aan het zichtbaar en herkenbaar houden van de landschappelijke karakteristiek: beoogde ontwikkeling brengt geen verandering in de verkavelingsstructuur en openheid van de Wieringerwaard. Met de nieuwe positie van het gemaal, de nieuwe maalkom en het herkenbaar maken van de (archeologische) locatie van de molen wordt de waterstructuur beter herkenbaar in het landschap.

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

21

2. Het plan draagt bij aan het versterken van (de beleving van) openheid: het plan zorgt niet voor verandering van de openheid in de Waardpolder. Omdat het wandelpad over de Waarddijk open blijft, is deze openheid ook vanaf de Waarddijk beleefbaar. 3. Het plan is helder gepositioneerd ten opzichte van de ruimtelijke dragers: de Waarddijk vormt de drager in dit gebied. Het gemaal is een waterstaatswerk, de dijk is hiervoor een logische plek. Het terrein wordt ontsloten vanaf de P. van der Sterrweg. In ruimtelijk opzicht verandert er weinig omdat het nieuwe gemaal naast het oude wordt gerealiseerd, en het oude gemaal wordt gesloopt (in combinatie met het herstel van de dijk). Conclusie toets provinciaal beleid: Uit de toelichting blijkt dat voorliggend plan past binnen het provinciaal ruimtelijk beleid en de kernwaarden van het landschappelijke ensemble “Koegras–Anna Paulownapolder’ ondersteunt.

3.4

Beleid gemeente Hollands Kroon

3.4.1 Omgevingsvisie Hollands Kroon De omgevingsvisie Hollands Kroon (2016) is een integrale visie en een helder fundament voor het beleid van Hollands kroon en de uitvoering ervan voor de periode tot 2030. Het betreft naast ruimtelijke ordening ook onderwerpen als veiligheid, economische en technologische ontwikkelingen, natuur, milieu en bereikbaarheid. Dit moet meer samenhang brengen in het beleid voor de fysieke leefomgeving om flexibeler in te kunnen spelen op de veranderingen in de maatschappij. Vooral op strategisch niveau is deze samenhang van belang. Daarom worden in deze omgevingsvisie zoveel mogelijk onderwerpen binnen verschillende thema’s zoals Algemeen, Leven, Ondernemen, Groen, Toerisme & Recreatie en Water inhoudelijk met elkaar verbonden.De omgevingsvisie vervangt daarmee een belangrijk deel van de geldende sectorale beleidsdocumenten. Kenmerkend in de visie is het ‘ja, tenzij’ principe. Dit betekent dat de gemeente altijd positief tegenover nieuwe initiatieven staan en samen wil kijken hoe deze initiatieven gerealiseerd kunnen worden.Voor de ontwikkeling van de planlocatie zijn de thema’s ruimtelijke kwaliteit, vrijetijdsbusinessen cultuurhistorievan belang. Water Hollands Kroon leeft met water. Een overgroot deel van de gemeente ligt beneden NAP. De gemeente streeft naar doelmatig beheer en naar een gezond en duurzaam watersysteem.

Afstemming tussen de gemeente en het HHNK vindt plaats in zowel de planvorming van projecten, de uitvoering van projecten als het beheer en onderhoud. Ruimtelijke kwaliteit De gemeente Hollands Kroon wil de ruimtelijke kwaliteit en diversiteit van haar landschap en de dorpen onderbouwd ontwikkelen, verbeteren en indien nodig transformeren. Elk initiatief moet een bijdrage leveren aan de identiteit en kwaliteit van de specifieke plek. Afweging Het gemeentelijk beleid heeft zijn vertaling gekregen in dit bestemmingsplan. Daarmee voldoet dit bestemmingsplan aan (de doelstellingen) het gemeentelijk beleid.

3.4.3 Welstandsnota De gemeente Hollands Kroon heeft welstandsbeleid. Grote delen van de gemeente zijn aangegeven als welstandsvrije en welstandsluwe gebieden. De Waardpolder is welstandsluw gebied. Welstandstoetsing is aan de orde. Welstandsnota Het initiatiefplan betreft de realisatie van een nieuw gemaal. Voor het bouwplan is een licht preventief welstandstoezicht aan de orde. Met andere woorden: de omgevingsvergunning voor het bouw- of verbouwplan moet voldoen aan globale welstandsregels.

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

22

De welstandsregels waar het bouw- of verbouwplan aan moet voldoen zijn: • geen grove ontkenning of vernietiging van architectonische bijzonderheden bij aanpassing van een initiatief; • geen grove inbreuk op wat in de omgeving gebruikelijk is; • geen materiaalgebruik wat in de omgeving ongebruikelijk is; • geen toepassing van felle of contrasterende kleuren; • geen toepassing van opdringerige reclames. Deze regels zijn beperkt en hebben als doel excessen te voorkomen. De initiatiefnemer is zelf grotendeels verantwoordelijk voor de uiterlijke verschijningsvorm van het bouw- of verbouwplan. Het bouw- of verbouwplan dient overigens wel te voldoen aan de planologische toetsing (bestemmingsplan, beheersverordening enz.) en bouwtechnische toetsing (bouwbesluit, bouwverordening). Afweging De welstandscommissie Hollands Kroon toetst concrete plannen op ruimtelijke kwaliteit en beeldkwaliteit. Voor het initiatiefplan is nog geen schetsontwerp gemaakt. Omdat er reeds een omgevingsvergunningprocedure is gevoerd voor twee vergelijksbare gemalen (De Hoelm en Waard Nieuwland) hoeft het gemaal niet door de Welstandscommissie beoordeeld te worden maar kan dit ambtelijk afgehandeld worden.

3.4.4 Gemeentelijk parkeerbeleid De ‘Parkeerregeling Hollands Kroon 2018’ is van toepassing op toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen binnen de gemeente Hollands Kroon, daar waar het betreft nieuwbouw, verbouw, uitbreiding of wijziging van een functie. De regeling is niet van toepassing op bestaande situaties. Daarnaast kan de regeling niet gebruikt worden om de grootte van een bestaand parkeertekort aan te tonen. De gemeente hanteert voor het bepalen van de parkeerbehoefte de richtlijnen van het CROW (CROW-kencijfers, publicatie 381 - kencijfers parkeren en verkeersgeneratie). De richtlijnen van het CROW gaan uit van een bandbreedte van minimale en maximale parkeerkerncijfers, waarbij Hollands Kroon in het algemeen er voor kiest om uit te gaan van het gemiddelde van de minimale en maximale parkeerkencijfers (afgerond naar boven). Voor dit plan is gekozen voor een locatiespecifieke berekening van het aantal benodigde parkeerplaatsen (zie paragraaf 4.7). Conclusie toets gemeentelijk geleid: De ontwikkeling van het beoogde plan is binnen de omgevingsvisie Hollands Kroon mogelijk. Het plan sluit aan op het gemeentelijke ruimtelijke kwaliteitsbeleid voor de Waardpolder. Welstandstoetsing en toetsing aan het gemeentelijk parkeerbeleid van concrete bouwplannen zijn aan de orde.

3.5

Conclusie beleidskader

Op basis van het nationaal, provinciaal en gemeentelijk beleidskader is de voorgestelde bestemmingswijziging van de locatie niet bezwaarlijk: • Op basis van het nationaal beleid (Nationale |Omgevingsvisie) zijn er geen bezwaren tegen het ontwikkelen van de locatie. • De ontwikkeling van het beoogde plan is binnen de omgevingsvisie Hollands Kroon mogelijk. Het plan sluit aan op het gemeentelijke ruimtelijke kwaliteitsbeleid voor de Waardpolder.

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

23

4.

OMGEVINGSASPECTEN

4.1

Algemeen

Een belangrijk onderdeel van de verantwoording vormt de afweging van de milieuaspecten (geluid, luchtkwaliteit etc.) en de omgevingsaspecten (water, natuur, cultureel erfgoed etc.). Op basis van het voorgenomen gebruik en de beoogde planlocatie zijn de volgende omgevingsaspecten nader onderzocht: toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking, watercompensatie, bodemkwaliteit, geluidhinder, natuurbescherming, stikstofdepositie, externe veiligheid, m.e.r.-beoordeling. De resultaten van het onderzoek zijn in dit hoofdstuk verwoord. Ook de hier nog niet genoemde omgevingsaspecten zoals duurzaamheid, verkeer en parkeren, archeologie, cultureel erfgoed, milieuzonering en externe veiligheid worden beschreven.

4.2

Duurzaam ruimtegebruik

4.2.1 Toets aan de ladder voor duurzame verstedelijking Omdat de realisering van een gemaal geen nieuwe stedelijke ontwikkeling betreft is formele toetsing aan de ladder voor duurzame verstedelijking niet aan de orde. Het initiatief is wel op zorgvuldig ruimtegebruik beoordeeld. De nieuwe locatie voor het gemaal is – naast de geschiktheid voor de waterhuishouding ingegeven door de beschikking van eigendom van het hoogheemraadschap. Het gemaal dient vanwege zijn functie aan de oostzijde van de Waardpolder te worden aangelegd. De locatie is ter hoogte van een oude watermolen, welke locatie als cultuurhistorische verwijzing in het inrichtingsplan wordt meegenomen. Afweging De nieuwe locatie ligt naast het huidige gemaal, welke zal worden geamoveerd en een deel van het karakteristieke dijkprofiel herstel. Er is sprake van zorgvuldig ruimtegebruik.

4.2.2 Duurzaamheid en energiebesparing Het pand wordt energieneutraal gebouwd (EPC 0). In het ontwerp wordt aandacht besteed aan het zo veel mogelijk duurzaam gebruik maken van de beschikbare natuurlijke hulpbronnen. In aanvulling daarop wordt gezocht naar de volgende mogelijkheden om het ontwerp verder te verduurzamen, zoals het inrichten van het parkeerterrein met zo veel mogelijk open verharding wat gunstig is voor de waterhuishouding. Afweging Duurzaamheid vormt een belangrijk onderwerp in het sociaal-maatschappelijke debat en is daarmee een belangrijk aandachtspunt in het beleid van de gemeente Hollands Kroon. Het bestemmingsplan staat duurzaamheid niet in de weg, en andersom ook niet. Conclusie: In onderhavig situatie is sprake van een duurzame ruimtelijke ontwikkeling.

4.3

Water

De planlocatie valt binnen het beheersgebied van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier heeft samen met haar partners haar waterbeleid op lange termijn (Deltavisie) en op middellange termijn (Waterprogramma 2016-2021) opgesteld. In het Waterprogramma 2016-2021 (voorheen waterbeheersplan) zijn de programma's en beheerstaken van het hoogheemraadschap opgenomen met de programmering en uitvoering van

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

24

het waterbeheer. Het programma is nodig om het beheersgebied klimaatbestendig te maken, toegespitst op de thema’s waterveiligheid, wateroverlast, watertekort, schoon en gezond water en crisisbeheersing. Door het veranderende klimaat wordt het waterbeheer steeds complexer. Alleen door slim samen te werken is integraal en doelmatig waterbeheer mogelijk. Bij de ontwikkeling van het Waterprogramma is hieraan invulling gegeven door middel van een partnerproces en de ontwikkeling van gezamenlijke bouwstenen. Keur en Uitvoeringsregels Op grond van de Waterwet is het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier als waterschap bevoegd via een eigen verordening, de Keur, regels te stellen aan handelingen die het watersysteem beïnvloeden. De Keur geeft vorm aan de inhoud van de Waterwet met concrete doelstellingen, te weten: voorkoming en waar nodig beperking van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste, in samenhang met (a) bescherming en verbetering van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen, en (b) vervulling van maatschappelijke functies door watersystemen. In de Keur 2016 van het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier staan de geboden en verboden die betrekking hebben op watergangen en waterkeringen. Voor het uitvoeren van werkzaamheden kan een vergunning nodig zijn.

De werkzaamheden in of nabij de watergangen en waterkeringen worden getoetst aan de beleidsregels die op de website van het hoogheemraadschap te vinden zijn (https://www.hhnk.nl/keur). Huidige waterhuishouding De planlocatie ligt op en aan de Waarddijk, tussen de Pishoek en het Kolhornerdiep. Het Waardkanaal loopt aan de westrand van de voormalige Zuiderzee, en vormt tegenwoordig de grens met de Wieringermeerpolder. De voormalige molenvaart langs de Van der Sterrweg is nu een belangrijke primaire waterloop die de Waarddijk bij het gemaal kruist. De waterlopen zijn door duikers met elkaar verbonden (afb.17). Het gemaal bemaalt peilgebied 2080-01 met een zomer/winterpeil van P.M. Het gemaal slaat haar water uit op het Waardkanaal met een zomer/winterpeil van P.M. De Waarddijk is een provinciale waterkering (afb.18), met een Beschermingszone A. De hele planlocatie ligt binnen beschermingszone van de dijk. De dijk is toegankelijk ten behoeve van beheer en onderhoud voor de pachter.

afb.12 Waterlopen, kunstwerken en natuurvriendelijke oevers in omgeving van het gemaal Van der Sterr bron: HHNK Legger Wateren 2022)

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

25

afb.13 Zonering regionale waterkering (bron: HHNK Legger Waterkeringen

Watertoets Via de Digitale Watertoets is aan het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) op 24 juni 2023 gevraagd een reactie te geven op het plan (zie bijlage 2). Het plan heeft invloed op de waterhuishouding. Voor de ontwikkeling wordt daarom de procedure normale procedure gevolgd. Dit houdt in dat overleg met het waterschap nodig is. Een samenvatting van de watertoets is opgenomen in bijlage 2. Waterveiligheid Het waterkerend vermogen van de kering (Waarddijk) mag niet worden aangetast door ruimtelijke ingrepen. Doel van de nieuwbouw is de wens van het hoogheemraadschap om het waterbeheer van de Waardpolder duurzaam te verbeteren door een nieuw gemaal te bouwen. De toevoer naar het gemaal wordt robuuster, er wordt wateroppervlak aan het gebied toegevoegd. Voor de waterkering wordt niet alleen gekeken naar de kering zelf, maar ook de zoneringen aan weerszijden ervan verdienen bescherming. De Keur van Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier 2016 is hierop van toepassing. Er gelden daarom restricties voor bebouwing en andere activiteiten op en langs de keringen. De plannen voor bouw én sloop worden getoetst op deze aspecten door de afdeling Waterveiligheid. De kruising van de waterkering zal voldoen aan de vigerende TAW/ENW/ISO/NEN1 normen en leidraden.

De eisen zijn onder andere dat het kunstwerk dubbelkerend moet zijn door het toepassen van bereikbare afsluiters, de leiding moet voldoende sterk zijn en tijdens de uitvoering moeten kleikisten en kwelschermen toegepast worden. De randvoorwaarden en genoemde Nennormen met betrekking tot de stabiliteit van de waterkering en kwel worden meegenomen in de uitwerking van het bestek c.q. contract. Het object (Instroomconstructie, onderbouw, perskoker/leiding en uitstroomconstructie) in de regionale kering wordt volgens de gestelde veiligheidsnormen ontworpen met een levensduur van 100 jaar. Voor het bouwen binnen een beschermingszone A van de dijk is een vergunning nodig, die via het waterspoor in het Projectplan Waterwet wordt geregeld..

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vastgesteld 21 maart 2024

26

Waterkwantiteit Ter plaatse van het huidige gemaal is een beperkte demping van oppervlaktewater noodzakelijk (dempen bestaande uitlaat). De waterkom zal echter worden vergoot, inclusief nieuwe in- en uitlaten. Door de bouw van het gemaal vindt een beperkte verhardingstoename plaats. Deze toename is minder dan de 800 m2 uit de Keur 2009 waardoor compensatie voor de verharding aan deze zijde van het gemaal niet noodzakelijk is. Het hoogheemraadschap adviseert in het algemeen om in het ontwerp van het plan het principe van ruimtelijke adaptatie op te nemen. Bij de terreinverharding, o.a. ten behoeve van incidenteel parkeren, wordt in het plan gebruik gemaakt van waterdoorlatende verharding met bijbehorende afvoer vertragende onderlaag. Waterkwaliteit en riolering De gemeente Hollands Kroon streeft bij nieuwe ontwikkelingen naar het zo veel mogelijk afkoppelen van de hemelwaterafvoer van de rioolwaterafvoer. Er is in het gebouw geen riolering of een toiletvoorziening aanwezig. Het afvloeiende hemelwater van het verhard oppervlak van het gemaal wordt direct afgevoerd naar de boezemwatergang. Verontreiniging van het afvloeiende hemelwater wordt zoveel mogelijk voorkomen door het uitsluitend toepassen van duurzame (niet-uitlogende) materialen.

Dit komt overeen met de basisdoelstelling van het hoogheemraadschap om het hemelwater van nieuwe oppervlakken zoveel mogelijk te scheiden van het afvalwater. Voorwaarde is wel dat het hemelwater als schoon kan worden beschouwd. Verontreiniging van het afvloeiende hemelwater wordt zoveel mogelijk voorkomen door het uitsluitend toepassen van duurzame (niet-uitlogende) materialen. De waterkwaliteit wordt voor een belangrijk deel bepaald door de kwaliteit van het oppervlaktewater en grondwater in de omgeving. De ontwikkeling heeft geen verslechtering van de waterkwaliteit tot gevolg. Ter voorkoming van diffuse verontreinigingen van water en bodem geldt bij alle bouwplannen wordt het toepassen van zink, lood, koper en PAK's-houdende bouwmaterialen afgeraden. Afweging Voor werkzaamheden in de waterkering of aan het oppervlaktewater moet een vergunning worden aangevraagd of een melding gemaakt. In dit geval is een projectplan en projectbesluit HHNK nodig. Het projectplan is een procedure buiten de RO-procedure om. Conclusie De wateraspecten uit deze waterparagraaf vormen geen belemmering voor de realisatie van het gemaal P. van der Sterr.

Wel zal in het kader van de Waterwet een projectplan moeten worden vastgesteld voor onder andere het graven van een oppervlaktelichaam, het aanbrengen van verhard oppervlak, het aanleggen/verplaatsen van kabels en leidingen, activiteiten in de waterbodem en voor activiteiten in, op of nabij een waterkering.

4.4

Bodem

In het kader van de onderzoeksplicht dient onder andere de bodemgesteldheid in het plangebied in kaart gebracht te worden. Een nieuwe bestemming mag pas worden vastgesteld als is aangetoond dat de bodem geschikt is voor de nieuwe of aangepaste bestemming. Daarbij is wettelijk bepaald dat een omgevingsvergunningsplichtig bouwwerk niet mag worden gebouwd op een zodanig verontreinigd terrein, dat schade of gevaar is te verwachten voor de gezondheid van de gebruikers en het milieu. Voor een bestemmingsplanwijziging is het dan ook noodzakelijk dat de kwaliteit van de bodem wordt vastgelegd. In het najaar van 2022 heeft Grondslag bv een verkennend (water)bodem en nader asbest onderzoek uitgevoerd op de locatie gemaal P. van der Sterr in verband met de

Toelichting bestemmingsplan P. van der Sterr, vatgesteld 21 maart 2024

27

bestemmingswijziging op de locatie (bijlage 3)2. Doel van het onderzoek is het vastleggen van de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem. Onderzoeksresultaten De gestelde hypothese dat geen verontreiniging wordt verwacht boven de 95- percentielwaarden als opgenomen in de bodemkwaliteitskaart is bevestigd. Er zijn zowel in grond als in grondwater lichte verhogingen aangetoond, allemaal conform de bodemkwaliteitskaart. De kwaliteit van het slib en de vaste waterbodem ter plaatse van twee watergangen is vastgelegd. Afhankelijk van de bestemming van de baggerspecie, kan een meldingsplicht bestaan: • het verspreiden over een aangrenzend perceel is meldingsvrij; • voor het toepassen op een landbodem elders dan een aangrenzend perceel geldt een meldingsplicht bij het ‘Meldpunt bodemkwaliteit’. De toepassingsmogelijkheden zijn afhankelijk van de kwaliteit van de baggerspecie en van de kwaliteit van de ontvangende bodem. Bij het transport is een bewijs nodig waaruit de herkomst en kwaliteit van de baggerspecie blijkt; • het afvoeren naar een slibdepot of grondbank is meldingsvrij ten aanzien van het ‘meldpunt bodemkwaliteit’. Bij de ontvangstlocatie dient een afvalstroomnummer aangevraagd te worden. Tevens dienen bij het transport begeleidingsbrieven aanwezig te zijn. Met het onderzoek is er plaatselijk asbest aangetroffen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=HollandsKroon&id=d50ceca2-26b5-4adc-9a48-f5a0a8e2c108