4 Nota zienswijzen.pdf
Tekst van het document
Voor de installaties in een datacenter wordt hergebruik nadrukkelijk al beoordeeld. Zoals voor de computers/servers. Deze worden zo ontworpen en geleverd dat ze eenvoudig geupdate kunnen worden, zodat o.a. met steeds minder stroomverbruik meer data kan worden verwerkt of opgeslagen (zie tevens informatie over datacenters op www.hollandskroon.nl). Een datacentergebouw bestaat voor een heel groot deel uit staalbouw. Dergelijke bouw kan normaal zonder grootschalige bouwkundige aanpassingen geschikt gemaakt worden voor een andere functie. Daarnaast kan een dergelijk staalbouwwerk ook weer eenvoudig gedemonteerd wordt en elders hergebruikt, dan wel de gebruikte materialen kunnen in de toekomst, zonder veel kwaliteitsverlies, op een andere locatie opnieuw ingezet worden. Sommige datacenterexploitanten halen ook een bepaald niveau voor een zelfgekozen keurmerk om integraal duurzaamheid, inclusief circulair bouwen, op te nemen in het 18
ontwerp (zoals LEED of BREAAM). In de ontwerpfase voor nieuwe datacenters kan aanvullend ook de ‘checklijst natuurinclusief bouwen’ (zie bijvoorbeeld https://bouwnatuurinclusief.nl/blogs/handleiding-checklist-groen-bouwen) doorlopen worden om te kijken (samen met de uitkomsten van natuuronderzoek) kansen voor lokale natuur kunnen worden benut. Bovenstaande zal, gegeven de relevante eisen, worden betrokken in de uitvoeringsfase. Tot slot een opmerking van formele aard. In de Wet ruimtelijke ordening speelt het criterium ‘een goede ruimtelijke ordening’ een centrale rol. In het bestemmingsplan kunnen alleen regels worden opgenomen die daaraan bijdragen. Voor de uitleg van dit begrip is in de rechtspraak het criterium ‘ruimtelijk relevant’ ontwikkeld. Alleen regels die ruimtelijk relevant zijn, kunnen in het bestemmingsplan opgenomen worden. Het is daarom niet mogelijk om eisen mbt duurzaamheid in het bestemmingsplan op te nemen. Dit omdat dit ruimtelijk niet relevant is.
4. Antwoord op zienswijzen Hieronder zijn van indieners de postregistratienummers vermeld en hebben wij de binnengekomen zienswijzen punt voor punt weergegeven. Na ieder punt geven wij ons antwoord daarop inclusief of de zienswijze aanleiding was het plan aan te passen.
1a. Indiener 2004704354-1416
a.
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Indiener exploiteert een maatschap/akkerbouwbedrijf en woont
Zoverre indiener meldt dat een besluit in strijd met het recht is genomen, merken we
Geen aanpassing
en werkt op een perceel aangrenzend aan het plangebied.
op dat er een ontwerp bestemmingsplan ter inzage is gelegd, waarover de raad van
Indiener
gemeente Hollands Kroon nog geen besluit heeft
meldt
dat
het
ontwerpplan
resulteert
in
genomen. Voor het overige
onaanvaardbare inperking van het woonklimaat en toekomstige
verwijzen wij naar onderstaande beantwoording van de punten die indiener benoemt
bedrijfsvoering en de belangen van indiener zouden direct en
in de zienswijze, om zijn geuite zorg te verduidelijken. In de beantwoording gaan we
onevenredig worden geschaad. Indiener stelt dat een besluit is
in op de wijze waarop het plan is opgezet, rekening houdend met functies in de
genomen en dit besluit in strijd met het recht is en niet strekt ten
omgeving van het plangebied.
behoeve van een goede ruimtelijke onderbouwing en niet zorgt voor een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.
19
1a. Indiener 2004704354-1416 Reactie
Beantwoording
Conclusie
het
In zoverre indiener vreest voor wateroverlast hebben we beschreven in de
Aanpassing
akkerbouwbedrijf ernstige schade zal leiden door te verwachten
plantoelichting, en bij het plan gevoegde rapportage van de watertoetsprocedure
bijlage 9 van de
wateroverlast en schaduwwerking.
(bijlage 9 van de plantoelichting), dat de waterhuishouding op de akkerbouw percelen
plantoelichting
Voor wat betreft de wateroverlast stelt indiener dat de
van indiener niet hoeven te worden aangepast voor ontwikkelingen in deelgebied B1.
om een arcering
onderbouwing van het plan onduidelijk en ondeugdelijk is.
Het watersysteem van deelgebied B1 hoeft ook niet via de percelen van indiener
in deelgebied B2
Indiener vreest dat het waterpeil op zijn percelen wijzigt. Indiener
gekoppeld te worden met deelgebied B3. Het watersysteem van indiener zijn
te verwijderen op
vreest de aanleg van een compensatiewaterberging in een
akkerbouw perceel is al gescheiden (met dammen) van het watersysteem van
een
perceel ten noorden van zijn akkerbouwgronden ook wel
deelgebied B1 en voor de ontwikkelingen in deelgebied B1 blijft dat zo. In deelgebied
opgenomen
op
aangeduid in eerdere procedures als deelgebied B3. En indiener
B1 wordt het waterpeil momenteel ook al opgezet door HHNK als tijdelijk water
pagina
63
(op
vreest dat voor dit plan het noodzakelijk is de waterhuishouding
geborgen moet worden en dat verandert niet. Het watersysteem in deelgebied B1
bijlage
4)
van
van deelgebied B1 te koppelen met deelgebied B3. Indiener vindt
wordt al jaren zo beheerd en dat heeft zover ons bekend niet geresulteerd in
bijlage 9 van de
dat
een
onevenredige wateroverlast voor indiener zijn akkerbouwpercelen. Omdat de
bestemmingsplan
moeten
oppervlaktewatersystemen zijn gescheiden, is ons inziens ook geen aanleiding te
toelichting .
worden opgenomen in bestemmingsplanregels om naleving te
verwachten dat de oppervlaktewaterkwaliteit negatief zal worden beïnvloed op het
borgen. Indiener meent dat er geen werkbare of realistische
perceel van indiener als van mogelijke toekomstige lozingen in deelgebied B1 (die
oplossing is beschreven in het plan voor de waterhuishouding.
altijd zullen moeten voldoen aan wettelijke eisen) sprake zou zijn. Ook dit is (inclusief
Voorts vreest indiener de invloed van koelwaterlozingen van een
de wijze van afvoer van water uit plangebied B1) beschreven in het plan. In het
datacenter op de oppervlaktewaterkwaliteit op zijn perceel.
bestemmingsplan is eveneens beschreven dat direct aangrenzend aan de noordelijke
Indiener verwijst tevens naar een plaatje met een arcering op zijn
plangrens van deelgebied B1 geen waterlopen worden gerealiseerd die de
perceel (in bijlage 4 van bijlage 9 de bestemmingsplantoelichting)
waterhuishouding op het perceel van indiener nadelig zouden kunnen beïnvloeden.
die niet nader verklaard is.
Met de uitvoering van recent gerealiseerd compensatie oppervlaktewater in
Voorrang zou moeten worden gegeven aan een goede en veilige woon- en werkomgeving van indiener en gebruiksmogelijkheden van agrarische percelen van de maatschap. b1.
Indiener
geeft
aan
waterhuishouding
watertoetsrapportage
dat
de
bedrijfsvoering
uitgangspunten of
genoemd
waterhuishoudingsplan
van
in
van
figuur
20
1a. Indiener 2004704354-1416 Reactie
Beantwoording
Conclusie
deelgebied B1, ten zuiden van de percelen van indiener, is in de vergunningsaanvraag en de uitvoering van het werk hier ook rekening mee gehouden. De behandeling van bovengenoemde aspecten in het plan voldoen daarmee aan de reguliere eisen die men stelt aan een goede ruimtelijke onderbouwing van een plan. Tevens, in zoverre indiener mogelijke schade vreest van de aanleg van een waterberging ten noorden van zijn akkerbouwpercelen in ‘deelgebied B3’ is dat momenteel op basis van het vigerende bestemmingsplan mogelijk gemaakt op basis van de uitgangspunten beschreven in de daarvoor opgestelde watertoetsrapportage en waterhuishoudingsplan. Deze stukken worden ook genoemd in bijlage 9 van het bestemmingsplan. Indien een waterberging wordt aangelegd in ‘deelgebied B3’ zal een watervergunningsaanvraag moeten worden ingediend binnen bovengenoemd kader en kan indiener in die procedure ook zijn eventuele bedenkingen inbrengen welke worden gewogen door het bevoegde gezag. Tenslotte, de arcering in deelgebied B2 op een figuur in bijlage 4, van bijlage 9 van de plantoelichting, dient geen doel en is onterecht opgenomen. b2
Qua bezonning/schaduwwerking verwacht indiener effecten van
We hebben voor de bebouwing en beplanting gekeken naar hetgeen gebruikelijk is in
Geen aanpassing
bebouwing of beplanting over 50-100 meter over dat deel van
de polder, bijvoorbeeld langs de nabijgelegen Tussenweg. In de opzet van de polder
vereist, maar we
zijn perceel, van 450 meter breed, dat grenst aan het plangebied.
is immers rekening gehouden met de landbouwfunctie. De noordgrens van het
verwijzen
naar
Indiener vraagt een strook van 400 meter in het noordelijk deel
plangebied die grenst aan het akkerbouwperceel van indiener ligt landschappelijk ook
hoofdstuk
5
van het plangebied grenzend aan perceel van indiener vrij te
in het verlengde van de Tussenweg. De afstand van bomen en bebouwing is in het
waarin
een
houden van hoge bebouwing of beplanting.
plan betrokken op de landschapsstructuur gebruikelijk in de polder waarbij dus in de
ambtelijke
aanleg rekening is gehouden met de landbouwfuncties. Als deze ordening wordt
wijziging
is
aangehouden ook aan de noordgrens van het plangebied, is in redelijkheid geen
beschreven
die
nadelig effect te verwachten voor het agrarische gebruik van terrein ten noorden van
betreffende 21
1a. Indiener 2004704354-1416 Reactie
Beantwoording
Conclusie
het plangebied. Wij verwijzen voor een toelichting van deze aanpak naar het
regels
Beeldkwaliteitsplan (bijlage van de plantoelichting) en tevens naar de regels van het
verduidelijkt
en
bestemmingsplan, specifiek de extra opgenomen bijlage 2 bij de regels. In deze bijlage
daarmee
ook
2 is de structuur aan de noordzijde van het plangebied aangegeven in profiel. En dit
tegemoetkomt
profiel is dus overgenomen van het profiel langs de Tussenweg waarbij langs deze
aan dit punt.
wegen in de ordening rekening gehouden was met de landbouwfunctie van nabij gelegen terreinen. We menen dat met deze ordening redelijkerwijs hinder van een bomenrij of bebouwing voor de akkerbouwpercelen van indiener ook voldoende is beperkt. Het negatieve effect van schaduwwerking zal door de afstand van beplanting en bouwwerken niet onevenredig zijn. c.
Indiener geeft aan dat het woonklimaat wordt aangetast door
Deze aspecten worden hierna afzonderlijk behandeld gegeven de bestaande
geluidshinder, verlies van uitzicht, lichthinder, onveilige
woonsituatie van indiener.
-
verkeerssituatie en planschade. d.
Indiener heeft bedenkingen bij de MER en de LER.
Voor dit plan is een (nieuwe) m.e.r. beoordeling gemaakt en bij de plantoelichting
Indiener stelt dat een nieuwe MER had moeten worden
opgenomen. De gemeente heeft op basis van de ‘aanmeldingsnotitie m.e.r.
uitgevoerd omdat de oude MER uit 2008 niet meer van
beoordeling’ een besluit genomen en dit besluit is bij de ter inzage legging van het
toepassing is. Indiener meent dat de LER onvolledig is omdat de
ontwerpplan bekend gemaakt. Gegeven dit besluit is er geen aanleiding (nogmaals)
effecten voor agrarische percelen B2 niet zijn vermeld als
een Milieueffectrapport (MER) voor dit bestemmingsplan op te stellen.
Geen aanpassing.
bijvoorbeeld deelgebied B1 wordt ontwikkeld voor datacenter en in deelgebied B3 compensatiewater wordt aangelegd.
In het plan is inderdaad vermeld dat op basis van het vigerende bestemmingsplan deelgebied B3 kan worden benut voor waterberging. Deelgebied B3 is hier deels voor aangewezen en de onderbouwing en besluitvorming hierover heeft plaats gevonden in 2010 bij vaststelling van het vigerende bestemmingsplan ‘Uitbreiding Agriport A7 grootschalige glastuinbouw’ voor dit perceel. De effecten van aanleg van een berging zijn destijds beschreven en hiermee is rekening gehouden in het vigerende 22
1a. Indiener 2004704354-1416 Reactie
Beantwoording
Conclusie
bestemmingsplan en de daarbij behorende watertoetsrapportage. Er is dus geen aanleiding gezien om bij een gefaseerde ontwikkeling dit (nogmaals) in de LER op te nemen. Voor het overige zijn we van mening dat het LER in samenhang met de plantoelichting voldoende beschrijft welke effecten de uitbreiding van het bedrijventerrein Venster West met deelgebied B1 heeft voor de omgeving en op welke wijze hiermee wordt omgegaan in het plan. We wijzen daarbij ook op de uitgevoerde onderzoeken voor geluid of de watertoets rapportage die bij het ontwerp bestemmingsplan ter inzage zijn gelegd. Er was/is ons inziens geen aanleiding deze informatie op te moeten nemen in het LER, dan wel voor beschrijving van deze effecten was in het LER al verwezen naar deze bij het ontwerp bestemmingsplan gevoegde documenten. e.
Indiener heeft bedenkingen bij de uitvoerbaarheid. De
Het is ons bekend dat de netbeheerder van het laag- en midden spanning
stroomvoorziening zou niet op orde zijn. Tevens meldt indiener
elektriciteitsnet in de regio Noord-Holland Noord heeft gemeld dat op een aantal
dat ondernemers geen SDE subsidie kunnen aanvragen omdat
locaties in de regio er op dit netwerk tijdelijke beperkingen zijn. Deze beperkingen
het netwerk het niet aankan en dat zou betekenen dat datacenter
hebben vooral betrekking op de levering van geproduceerde (duurzame) stroom op
dan ook niet aangesloten zouden kunnen worden.
het dit netwerk. De netbeheerder van het laag- en middenspanningsnet voor de regio,
Tevens begrijpt indiener dat er voor een transformatorstation
Liander, heeft hiervoor ook informatie gezet op hun website (zie www.liander.nl).
een Europese vergunning aangevraagd moet worden die er nog
Liander werkt hard aan oplossingen maar gegeven de versnelde toename van
niet is en die gemeente ook niet mag afgeven.
duurzame stroomproductie door burgers en bedrijven is hun netwerk soms tijdelijk
Geen aanpassing
niet in staat dit allemaal te verwerken. Een groter datacenter wil echter geen duurzaam geproduceerde stroom leveren op een netwerk, maar stroom afnemen en wordt niet aangesloten op het 23
1a. Indiener 2004704354-1416 Reactie
Beantwoording
Conclusie
laag/middenspanningsnetwerk van Liander maar op het hoogspanningsnetwerk van TenneT. Zover ons bekend kan voor de betreffende locatie een aansluiting op het hoogspanningsnetwerk van Tennet voor stroomafname van een groter datacenter worden voorzien. De
door
indiener
genoemde
‘Europese
vergunning
vereist
voor
een
transformatorstation’ is ons niet bekend. In zoverre indiener bedoeld dat een transformatorstation op een datacenter moet worden betrokken in de vergunning voor het datacenter, dan wel dat daarvoor een eigen vergunning moet worden aangevraagd, hebben wij geen aanleiding om te veronderstellen dat als een dergelijke vergunning wordt aangevraagd, deze na vaststelling van het bestemmingsplan niet verleend zou kunnen worden. We verwijzen indiener tevens naar de beantwoording van dit aspect opgenomen in hoofdstuk 3. f. g.
Indiener is van mening dat voor onderbouwen van het ontwerp
Wij nemen kennis van deze reactie en verwijzen, zover indiener dit voor een bepaald
plan onvolledige en onjuiste onderzoeken zijn gebruikt.
aspect heeft toegelicht, naar de beantwoording in deze Nota zienswijzen.
Indiener wijst erop dat agrarische bedrijven en woningen in de
We merken allereerst op dat een ontwerp bestemmingsplan ter inzage is gelegd om
omgeving van het plangebied zijn uitgekocht. Indiener meldt dat
datacenters mogelijk te maken in deelgebied B1. Er is daarmee geen sprake van
er geen gesprekken worden gevoerd met hen, omdat dit niet
ontwikkeling van deelgebied B2 en dit perceel houdt ook de huidige, agrarische,
nodig zou zijn en indiener schade voor eigen rekening moet
bestemming.
nemen. Indiener ziet zich hierdoor genoodzaakt met een
Wij zijn geïnformeerd door de ontwikkelaar over de status van het overleg met
juridische procedure op te komen voor haar belangen en maakt
betrokkenen in de direct omgeving van het plan. Wij zijn verheugd dat met vrijwel alle
zich zorgen over de toekomst van het gezin en bedrijf. Tevens
direct betrokken bedrijven en woningeigenaren afspraken zijn gemaakt in relatie tot
meldt indiener dat op voorhand duidelijk is dat de
het plan. Wij zijn ook geïnformeerd dat met de indiener van deze zienswijze is
Geen aanpassing Geen aanpassing
gesproken en een aanbod is gedaan voor een passende oplossing, gelijkwaardig aan 24
1a. Indiener 2004704354-1416 Reactie
Beantwoording
gebruiksmogelijkheden van haar bedrijf in deelgebied B2 moeten
oplossingen die aan andere belanghebbenden (in het verleden) zijn gedaan. Wij
wijken.
hebben begrepen dat indiener nog wil afwachten en eventueel in verweer wil komen
Conclusie
tegen dit plan. In het plan is daarom ook rekening gehouden met de woning van indiener en het voortgezet gebruik van het aan plangebied grenzende akkerbouwpercelen. In zoverre indiener specifieke argumenten noemt inzake het woongenot of de bedrijfsvoering wordt verwezen naar de beantwoording daarvan in deze nota. Tot slot merken we formeel juridisch op dat het voeren van gesprekken over een eventuele uitkoop ruimtelijk niet relevant is. h.
Indiener merkt op dat er schade kan ontstaan door het plan voor
Voor het indienen van een verzoek tot planschade hebben we informatie opgenomen
zijn woonsituatie, vastgoed of landbouwgronden en dat
op onze website
gemeente dan aangesproken kan worden op vergoeding van deze
https://www.hollandskroon.nl/ontwikkelen/bestemmingsplannen/planschade-
planschade.
schadevergoeding
Geen aanpassing
Een planschade verzoek kan ingediend worden nadat een bestemmingsplan onherroepelijk is. Wij merken tevens op dat we bekendgemaakt hebben dat we voor deze ontwikkeling een anterieure overeenkomst is afgesloten met de ontwikkelaar en dat in deze overeenkomst ook afspraken zijn gemaakt over het kostenverhaal van eventuele planschade. Het plan is op dit punt daarmee economisch uitvoerbaar voor de gemeente. i.
Indiener geeft aan dat de woonklimaat wordt aangetast door
In het plan is een onderbouwing voor de te verwachten geluidsproductie opgenomen.
geluidshinder. Er wordt op enige afstand van indiener zijn woning
Deze onderbouwing is opgesteld door een deskundig bureau. In de onderbouwing is
een terrein bestemd waarop bedrijven met milieucategorie 4.2
beschreven dat praktijkwaarden van grote datacenter voor de geluidsemissie zijn
wordt toegestaan en deze kunnen een forse geluidsemissie
beoordeeld en betrokken. De reactie van indiener is voor ons geen aanleiding aan de
Geen aanpassing
25
1a. Indiener 2004704354-1416 Reactie
Beantwoording
hebben. Indiener vreest onvoldoende bescherming van de
deugdelijkheid van deze onderbouwing te twijfelen dan wel te menen dat deze moet
voorziene geluidscontour en stelt dat het onderzoek niet juist is
worden aangevuld of gewijzigd.
uitgevoerd.
Zoals indiener beschrijft is een geluidscontour in het plan opgenomen. Dit is gedaan
Conclusie
juist ook om mogelijk geluidsoverlast voor het woonperceel van indiener te beperken. In zoverre indiener meent dat de geluidscontour beperkingen geeft voor de bedrijfsvoering van zijn maatschap kunnen wij dit niet volgen. Zo zal een geluidscontour niet de mogelijkheden beperken om akkerbouwland te bewerken. Tenslotte, in zoverre indiener afstanden noemt vermeld in de toelichting van het bestemmingsplan, de daarvoor opgestelde onderbouwing voor geluid of de aanmeldingsnotitie m.e.r. beoordeling hebben deze betrekking op overwegingen om te komen tot de omvang van de geluidscontour. Bij het perceel van indiener is de breedte van de geluidszone ter hoogte van het perceel van indiener zo in het bestemmingsplan opgenomen dat deze niet over zijn boerderijperceel valt. Daarmee zal aan de grens van de contour de geluidsbelasting moeten worden beperkt tot 50 dBa en is dus al voorzien in het verzoek van indiener om te borgen dat voor het perceel met de bedrijfswoning van indiener de geluidsemissie vanuit het plangebied tot een aanvaardbaar niveau wordt beperkt. Een dergelijke contour zal in de uitvoeringsfase ook moeten worden betrokken bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor de opstelling van geluidsbronnen nabij het perceel van indiener. Dit is wettelijk geregeld in samenhang met de regels die in het bestemmingsplan zijn voorzien.
Door deze zorgvuldige ruimtelijke ordening is voor dit aspect rekening gehouden met het woonklimaat van indiener. j.
Indiener geeft aan dat het woonklimaat wordt aangetast door
Allereerst merken we op dat er geen recht op vrij uitzicht bestaat.
verlies van uitzicht door het plan.
Aan de zijde van het plangebied is het zicht van de indiener momenteel grotendeels
Geen aanpassing
op de bestaande bedrijfsbebouwing en bedrijfswoning van een perceel bestemd als 26
1a. Indiener 2004704354-1416 Reactie
Beantwoording
Conclusie
bedrijfsterrein. De bouwmogelijkheden staan toe dat momenteel voor dit bedrijf bebouwing met een bouwhoogte tot 15 meter kan worden opgericht. Dit geldt overigens ook voor het eigen bouwperceel van indiener. Dit wijzigt niet door dit plan, anders dan dat de bebouwing na in werking treden van het nieuwe plan kan worden gebruikt voor een datacenter. Wij zijn van mening dat er sprake kan zijn van verlies van vrij uitzicht, dit is niet onevenredig en de belangen wegende is dit aanvaardbaar. In zoverre indiener meent dat er sprake is van schade voor dit aspect (en andere aspecten die indiener noemt) wijzen we tevens op onze beantwoording van punt (1a) h (planschade). k.
Indiener geeft aan dat het woonklimaat wordt aangetast door
Indiener refereert voor dit aspect (en andere aspecten) naar een m.e.r. beoordeling
lichthinder ten gevolge van het plan.
die zou zijn gemaakt voor de glastuinbouw dan wel een MER. Bij de toelichting van dit
Geen aanpassing
bestemmingsplan is een ‘aanmeldingsnotitie m.e.r. beoordeling’ opgenomen. Deze is opgesteld voor het bestemmingsplan om in deelgebied B1 de gronden te bestemmen voor datacenters. De gemeente heeft deze beoordeling voorgelegd aan de Omgevingsdienst Noord-Holland Noord. Na het advies van de Omgevingsdienst is besloten dat voor het plan geen MER hoeft te worden opgesteld. Dit besluit is door gemeente bekend gemaakt. Het aspect licht is op hoofdlijn beschreven in deze m.e.r. beoordeling en in de plantoelichting. Voor beide teksten is onderzoek uitgevoerd en de opzet van dit onderzoek en de uitkomsten zijn opgenomen in de bijlagen bij de plantoelichting (bijlage 12). De situatie voor indiener zal veranderen, maar op basis van dit onderzoek zijn we van mening dat er geen onaanvaardbare lichthinder voor het woonklimaat van indiener zal optreden. Gegeven de situatie en deze uitkomst zien we ook geen aanleiding aanvullende verplichtingen in het plan (of anderszins) hiervoor op te leggen.
27
1a. Indiener 2004704354-1416 Reactie
Beantwoording
Conclusie
We verwijzen indiener tevens naar de beantwoording van dit aspect opgenomen in hoofdstuk 3. l.
Indiener geeft aan dat het woonklimaat wordt aangetast door
Wij zijn het met indiener eens dat een veilige verkeerssituatie op de Cultuurweg nu
een onveilige verkeerssituatie. Indiener stelt dat in het plan
en straks moet worden geborgd. In het plan is beschreven, zoals indiener opmerkt,
duidelijk moet worden vastgelegd dat de Cultuurweg niet mag
dat het verkeer voor het plan naar het zuiden moet worden afgewikkeld en dus niet
worden gebruikt voor de verkeersafwikkeling van deelgebied B1
via de Cultuurweg. De huidige afzetting voor doorgaand verkeer zal worden
en het werkverkeer in de ontwikkelfase.
verplaatst, maar wel worden gehandhaafd om doorgaand sluipverkeer of
Geen aanpassing
verkeersafwikkeling voor de bouw in deelgebied B1 te voorkomen. Dat betekent dat, naast fietsers, bestemmingsverkeer en nood-en hulpdiensten, zeer beperkt gebruik mogelijk is van de Cultuurweg voor verkeer van en naar deelgebied B1. Dat verkeer is er in de huidige situatie ook en was er ook voor het bedrijf dat in deelgebied B1 gevestigd was/is. Wij zijn als gemeente bevoegd gezag voor onze wegen. Indien nodig zullen wij in de uitvoeringsfase erop toezien dat passende maatregelen worden getroffen, zoals bebording en handhaving en daarmee het woonklimaat van indiener niet onevenredig wordt aangetast.
1b. Indiener 2004704354-1398
a.
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Indiener woont aan de Cultuurweg te Middenmeer en vindt
Zoals indiener opmerkt is participatie van overlegpartners en instanties beschreven
Geen aanpassing
vaststelling van het plan zoals nu is voorgesteld ongewenst en
in het plan. In paragraaf 8.3 van de bestemmingsplan toelichting is participatie voor
geeft in de brief een nadere motivatie hiervoor. Een aspect dat
de omgeving beschreven. Het plan geeft invulling aan beleid dat is beschreven in de
indiener hiervoor noemt is dat onduidelijk is op welke wijze
Omgevingsvisie Hollands Kroon waar participatie voor is gevoerd. Met direct
participatie heeft plaatsgevonden. In het plan wordt de uitkomst
betrokkenen in en naast het plangebied is overleg gevoerd. Indiener woont op meer 28
1b. Indiener 2004704354-1398
b.
Reactie
Beantwoording
van participatie van andere (overheid)partijen en instantie
dan 1,5 kilometer van het plangebied. Het ontwerpplan is ter inzage gelegd nadat het
beschreven, maar omwonenden worden niet genoemd. Indiener
plan voldoende concreet was om aan de wijdere omgeving voor te leggen. De reactie
is niet benaderd om betrokken te worden in het voortraject. De
van indiener zal samen met de andere zienswijzen worden betrokken voor
overheid geeft steeds vaker aan dat waarde wordt gehecht aan
vaststelling van het definitieve plan. We menen dat hiermee voldoende invulling is
inbreng van burgers en waarom is dat voor dit plan niet gedaan
gegeven aan de inbreng van burgers uit de omgeving en is voldaan aan wettelijke
vraagt indiener.
vereisten.
Indiener maakt zich zorgen over de verkeersafwikkeling en de
We danken indiener voor de reactie. De zorg voor afwikkeling van (zwaar)
gevolgen daarvan op de Cultuurweg. Indiener vermeld dat in het
bouwverkeer is begrijpelijk en verdient aandacht. Zoals beschreven in het plan zal de
plan is beschreven dat de bestaande afsluiting wordt verplaatst
afzetting worden verplaatst en daarmee aan-/afvoer van bouwverkeer alleen
zodat
gemotoriseerd
mogelijk zijn als wij dit toestaan. Als we dit toestaan zullen we eisen stellen die
(sluip)verkeer wordt voorkomen. En tevens gemotoriseerd
rekening houden met de verkeersveiligheid en woonsituaties. We verwijzen indiener
verkeer vanaf deelgebied B1 niet naar het noorden kan
tevens naar de verkeerskundige onderbouwing van het bestemmingsplan en de
afwikkelen behoudens bestemmingsverkeer. De Cultuurweg blijft
beantwoording van een ander zienswijze daarover (zie indiener (1a) punt l.
open
ook
in
voor
de
toekomst
doorgaand
doorgaand
fietsverkeer,
Conclusie
Geen aanpassing
bestaand
bestemmingsverkeer en nood-en hulpdiensten. Bouwverkeer zal in principe niet worden afgewikkeld naar het noorden via de Cultuurweg tenzij dit verkeersveilig kan in overleg met aanwonenden en rekening houden met huidige gebruik van alle verkeersdeelnemers (ook voetgangers van/naar de Brieckse bosjes). c.
Indiener wijst op pagina 8 van de toelichting waarin de ligging van
De betreffende figuur is voor het eerst gebruikt in het bestemmingsplan voor
het plangebied is aangegeven. In de figuur is deelgebied B groter
uitbreiding van Agriport A7 en de daarbij behorende Milieueffectrapport en
dan in voorliggend bestemmingsplan. Indiener wil informatie
exploitatieovereenkomst. Deze documenten zijn in periode 2008-2010 opgesteld en
wanneer dit grotere gebied is aangewezen voor de uitbreiding
vastgesteld. Destijds is binnen het poldervak waar de uitbreiding zou worden
Geen aanpassing
van Agriport A7. 29
1b. Indiener 2004704354-1398 Reactie
Beantwoording
Conclusie
gerealiseerd het deelgebied ten westen van de snelweg aangeduid als deelgebied B. Bij de figuur die indiener noemt uit de plantoelichting staat: “Het gebied van de werklocatie waar onderhavig bestemmingsplan voor is opgesteld is in onderstaande figuur indicatief rood omkaderd en betreft een deel van het bestaande bedrijventerrein Venster-West en het ‘deelgebied B1’van Agriport 2.”. Het plangebied (en deelgebied B1) is dus het rood omkaderde gebied. Dit wordt ook nog toegelicht bij figuur 4 op pagina 13 van de plantoelichting. d.
Indiener vermeld het onderzoeksrapport van de Amsterdam
Bij het aanbieden van dit onderzoek door ons college van Burgemeester en
Green Campus waarin staat dat minimaal 27.199 ha nodig is voor
Wethouders aan de gemeenteraad is in aanvulling op genoemd onderzoeksrapport
de agrarisch sector en dus geen ruimte zou zijn voor nieuwe
een toelichting gegeven. We hebben de toelichting samengevat in hoofdstuk 3 van
ontwikkelingen op agrarische gronden. Indiener vraagt zich af
de nota (onderwerp LER). De LER, die met LTO is afgestemd in de voorbereidingsfase
hoe dat zich verhoudt tot het LER en het voornemen met dit plan
van het bestemmingsplan en deze toelichting sluiten op elkaar aan.
circa 50 ha te onttrekken aan de agrarische gronden.
We verwijzen indiener dus tevens naar de beantwoording van dit aspect
Geen aanpassing
(landbouweffectrapportage) opgenomen in hoofdstuk 3. e.
In de LER is vermeld dat Agriport deel uitmaakt van Greenport
Agriport is een werklocatie die in hoofdzaak (qua ruimte) plaats biedt aan
Noord-Holland Noord. Indiener stelt dat dit niet van toepassing is
glastuinbouw en agribusiness en die onderdeel uitmaakt van de Greenport Noord-
voor datacenters en onduidelijk is op welke wijze datacenters een
Holland Noord. De datacenters zijn geen onderdeel van deze Greenport.
Geen aanpassing
bijdrage leveren aan de Greenport. f.
In het LER is aangegeven dat er geen locatiealternatieven zijn
Wij zijn van mening dat op pagina 13 van de LER voldoende gemotiveerd is waarom
door dit plan en indiener vraag ‘waarom niet?’
Er wordt
deze aanpak is gevolgd. Als aanvullende toelichting melden we u dat
verwezen naar andere opties voor uitbreiding (in de LER) die niet
uitbreidingsopties in de concept Omgevingsvisie Hollands Kroon zijn voorgesteld. Na
bijgevoegd zouden zijn en niet lijken te zijn meegewogen.
consultatie van de omgeving en afweging van alternatieven is in de vigerende
Geen aanpassing
definitieve Omgevingsvisie Hollands Kroon de uitbreidingsrichting aangegeven voor de werklocatie Agriport A7. Deze informatie was tijdens het opstellen van het LER beschikbaar en bekend. Voor het overige verwijzen we voor de locatiekeuze naar de 30
1b. Indiener 2004704354-1398 Reactie
Beantwoording
Conclusie
toelichting van het bestemmingsplan (zie pagina 18 en paragraaf 3.2). Er is ook geen alternatief planinitiatief dat ertoe leidt dat nader onderzoek had moeten worden gedaan naar de wenselijkheid en haalbaarheid van dat initiatief. Het is vaste jurisprudentie dat de raad bij de keuze van een bestemming een afweging dient te maken van alle belangen die betrokken zijn bij de vaststelling van het plan. Daarbij heeft de raad beleidsvrijheid. De voor- en nadelen van alternatieven dienen in die afweging te worden meegenomen. De keuzes die worden gemaakt naar aanleiding van die afweging, vallen al snel onder de beleidsruimte die de gemeenteraad heeft bij de vaststelling van een bestemmingsplan. Nu er geen alternatief planinitiatief is hoeft de raad hier ook geen onderzoek naar te doen. g.
Indiener verwijst naar de ‘aanmeldingsnotitie m.e.r. beoordeling’
Voor de betreffende MER verwijzen we naar de website van de Commissie m.e.r. Zie
waarin zou zijn aangegeven dat de locatie eerder al is
https://www.commissiemer.nl/adviezen/2009. De MER en andere documenten voor
meegenomen in het ‘MER uitbreiding Agriport A7’. Indiener heeft
deze doorlopen procedure zijn daarop voor een ieder te raadplegen. In bijvoorbeeld
deze stukken niet kunnen vinden en meent dat slecht een
de samenvatting van het MER staat op pagina 6 de betreffende figuur met ook de
onderdeel van deelgebied B onderdeel was van ‘Agriport 2’.
aanduiding van deelgebied B. Dit gehele deelgebied is destijds betrokken in het
Geen aanpassing
onderzoek, maar door voormalige gemeente Wieringermeer is destijds bepaald dat in deelgebied B geen glastuinbouw kon worden ontwikkeld. Die beperking voor de invulling van deelgebied B is inmiddels achterhaald door het vigerende beleid van Hollands Kroon waarvoor we verwijzen naar onze ‘Omgevingsvisie Hollands Kroon’. Tevens verwijzen we naar onze beantwoording voor dit aspect in hoofdstuk 3 van deze nota. h.
Indiener meldt dat in 2008 niet bekend was dat datacenters zich
In 2009 was bekend dat datacenters zich zouden kunnen vestigen op Agriport, maar
in het (uitbreidings)gebied (Agriport 2) zouden vestigen. Indiener
dit was inderdaad destijds nog geen onderdeel van het bestemmingsplan ‘Uitbreiding
stelt; “Er wordt gesteld dat er sprake is van cumulatie van
Agriport A7’ voor het uitbreidingsgebied ‘Agriport 2’. Inmiddels is in dit
projecten tussen de huidige werklocatie agriport en de
uitbreidingsgebied al wel een datacenter gevestigd (aan de Tussenweg). Dit plan
Geen aanpassing
31
1b. Indiener 2004704354-1398 Reactie uitbreiding
Beantwoording die
wordt
voorgesteld
met
dit
betreft de herbestemming van alleen deelgebied B1. Het plan maakt geen andere
ontwerpbestemmingsplan.” Indiener vraagt of niet juist sprake is
functies mogelijk in deelgebieden B2 of B3. Er is daarmee ook geen aanleiding
van cumulatie als deelgebieden B1 t/m B3 gerealiseerd worden.
cumulatieve effecten te beoordeling als ook deze twee deelgebieden gelijktijdig
En deze cumulatie is niet betrokken in het plan, maar de mogelijk
zouden worden herontwikkeld. Er is ook geen zekerheid dat in deelgebied B2 en/of
ontwikkeling van 3 x 50 ha wordt wel genoemd. En dan zou de
B3 in de toekomst datacenters ontwikkeld worden. Deze afweging zal de
drempelwaarde genoemd in bijlage D wel worden overschreden
gemeenteraad maken in het kader van de actualisatie van de Omgevingsvisie. En er
en een MER verplichting moeten worden opgesteld.
is dus ook geen sprake van overschrijding van de drempelwaarde voor de m.e.r.
Conclusie
beoordelingsplicht. Tenslotte vermelden we als toelichting dat ten tijde van de voorbereiding van het plan nog niet duidelijk was hoe groot de uitbreiding van het bedrijventerrein Venster west voor datacenters zou worden. In sommige onderbouwingen zijn effecten beschreven als het gehele deelgebied B gefaseerd zou worden ontwikkeld voor datacenters en dit volstaat ook als alleen deelgebied B1 wordt ontwikkeld (waar het bestemmingsplan ‘Uitbreiding Agriport A7, deelgebied B1’ voor is opgesteld). Nogmaals merken we op dat de gebieden ten noorden van B1 nu nog niet voor ontwikkeling in aanmerking komen. De afweging om dit al dan niet mogelijk te maken zal plaatsvinden in het kader van de herziening van de Omgevingsvisie Hollands Kroon.
2. Indiener 2004704354-1202
a.
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Als bewoner van Den Oever geeft indiener aan zich te storen aan
In de toelichting van het (ontwerp) bestemmingsplan is in paragraaf 5.1 beschreven
Geen aanpassing
de lichtuitstraling van glastuinbouw en datacenters bij het
op welke wijze is omgegaan met het beperken van lichthinder. De toelichting van het
32
passeren van de locatie Agriport op de snelweg of fietsend door
(ontwerp)
bestemmingsplan
de polder.
www.ruimtelijkeplannen.nl.
is
voor
een
ieder
te
raadplegen
op
Voor het overige wijzen wij tevens naar onze beantwoording van dit aspect opgenomen in hoofdstuk 3. b.
Tevens stoort indiener zich aan de invloed op het landschap van
Vooraf merken we op dat het betreffende plan geen glastuinbouw of windturbines
grote glazen blokken, bebouwing van de bedrijfsactiviteiten en
mogelijk maakt en tevens geen betrekking heeft op de landschappelijke inpassing van
windturbines.
de bestaande bebouwing langs de snelweg A7.
Geen aanpassing
Voor het overige wijzen wij tevens naar onze beantwoording van dit aspect opgenomen in hoofdstuk 3. c.
Indiener maakt zijn zorg kenbaar dat een toename van de
Deze zorg is onterecht. We verwijzen hiervoor naar onze beantwoord van dit aspect
energievraag van nieuwe datacenters zou kunnen resulteren in
opgenomen in hoofdstuk 3. Hoewel de zorgen om het energie vraagstuk begrijpbaar
een noodzaak om nog meer windturbines te moeten realiseren.
zijn merken wij formeel juridisch op dat dit ruimtelijk niet relevant is en niet
Geen aanpassing
meegenomen kan worden in de planologische afweging.
3. Indiener 20047044354-1271, 2004704354-1232, 2004704354-1282, 2004704354-1279, 2004704354-1293, 2004704354-1286, 2004704354-1212, 2004704354-1321, 2004704354-1216, 2004704351-1208, 2004704354-1219, 2004704354-1276, 2004704354-1222, 2004704354-1323,2004704354-1323, 2004704354-1335, 2004704354-1355, 2004704354-1432, 2004704354-1436 en 2004704354-1428 a.
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Indiener woont in Den Oever (1x), Hippolytushoef (11x),
Wij nemen kennis van dit standpunt. De omzetting van agrarische grond in een andere
Geen aanpassing
Middenmeer (3x), Wieringerwerf (4x) of Leeuwarden (1x).
bestemming is niet nieuw. Zonder deze omzetting zouden er geen dorpen of
Indiener is boos en verontwaardigd dat agrarische grond
bedrijventerreinen gerealiseerd kunnen zijn. Bij een omzetting naar een andere
verdwijnt ten gunste van datacenters.
bestemming dienen wij een belangenafweging te maken. In dit geval weegt het belang van omzetting van de agrarische bestemming naar een andere bestemming zwaarder dan behoud van de agrarische bestemming.
b.
Indiener begrijpt niet dat dit plan in procedure is gebracht nu het
Graag verduidelijken wij waarom dit bestemmingsplan ondanks het beëindigen van
proces tot het vaststellen van het Gebiedsplan Wieringermeer is
het gebiedsplan Wieringermeer in procedure is gebracht. In het kort is dit omdat bij
Geen aanpassing
gestaakt. Indiener meent dat de afwijzing van het gebiedsplan 33
3. Indiener 20047044354-1271, 2004704354-1232, 2004704354-1282, 2004704354-1279, 2004704354-1293, 2004704354-1286, 2004704354-1212, 2004704354-1321, 2004704354-1216, 2004704351-1208, 2004704354-1219, 2004704354-1276, 2004704354-1222, 2004704354-1323,2004704354-1323, 2004704354-1335, 2004704354-1355, 2004704354-1432, 2004704354-1436 en 2004704354-1428 Reactie
Beantwoording
ook betekent dat dit initiatief is afgewezen en niet zou moeten
het beëindigen van het gebiedsplan is teruggevallen op de geldende omgevingsvisie
doorgaan. Indiener meent dat het geen zin heeft inhoudelijk te
en daar voldoet het plan aan.
reageren op het ontwerp bestemmingsplan.
Meer uitgebreid kunnen we aangeven dat bij het besluit om niet verder te gaan met
Conclusie
het Gebiedsplan Wieringermeer het college, met instemming van de raad, verder is gegaan met een aantal lopende initiatieven. Voor een aantal lopende initiatieven wordt een bestemmingsplanprocedure voorgelegd aan de raad. De lopende initiatieven worden getoetst aan het vigerende beleid; de Omgevingsvisie Hollands Kroon. Deze ontwikkeling is passend binnen dit beleid en dat is in het bestemmingsplan toegelicht. Voor het overige wijzen wij tevens naar onze beantwoording van dit aspect opgenomen in hoofdstuk 3. c.
Indiener meent dat het geen zin heeft inhoudelijk te reageren op
We nemen kennis van deze reactie
Geen aanpassing
Indiener stelt dat er ‘bijna leugens’ staan in de Omgevingsvisie
Indiener vermeldt niet waar ‘bijna leugens’ worden verteld en daarmee nemen we dit
Geen aanpassing
en het Gebiedsplan Wieringermeer. Indiener noemt o.a. de
voor kennisgeving aan. Voor zover ons bekend is er niet of nauwelijks sprake van de
werkgelegenheid die alleen ingevuld zou kunnen worden met
inzet van arbeidsmigranten voor het vervullen van functies op een datacenter. We
migranten met mede als gevolg een huisvestingsprobleem naast
verwachten daarom ook niet dat de door indiener genoemde vermeende gevolgen van
sociaal/culturele en economische tweedeling in de lokale
deze inzet verbonden is met dit plan. Voor het overige wijzen wij tevens naar onze
samenleving.
beantwoording van dit aspect opgenomen in hoofdstuk 3.
Indiener uit zorg dat de toename van energievraag ten koste zal
Dit is niet correct. Voor de beantwoording verwijzen wij naar onze beantwoording van
gaan van natuur en milieu(landschap) in landelijke gebieden van
dit aspect opgenomen in hoofdstuk 3. Hoewel de zorgen om het energie vraagstuk
Nederland waaronder Hollands Kroon omdat voor deze vraag
begrijpbaar zijn merken wij formeel juridisch op dat dit ruimtelijk niet relevant is en
extra windmolens vereist kunnen zijn.
niet meegenomen kan worden in de planologische afweging.
het ontwerp bestemmingsplan. d.
e.
Geen aanpassing
34
3. Indiener 20047044354-1271, 2004704354-1232, 2004704354-1282, 2004704354-1279, 2004704354-1293, 2004704354-1286, 2004704354-1212, 2004704354-1321, 2004704354-1216, 2004704351-1208, 2004704354-1219, 2004704354-1276, 2004704354-1222, 2004704354-1323,2004704354-1323, 2004704354-1335, 2004704354-1355, 2004704354-1432, 2004704354-1436 en 2004704354-1428 f.
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Indiener stelt dat datacenters verboden moeten worden of in
Voor de beantwoording verwijzen wij naar onze beantwoording onder voorgaande
Geen aanpassing
ieder geval niet verder worden uitgebreid vanwege de schaarse
punten en onze beantwoording van het aspect ‘energievraag’ opgenomen in
ruimte en energietransitie. Indiener stelt voor datacenters
hoofdstuk 3.
vooral te plaatsen waar groene energie en ruimte volop aanwezig zijn. De ruimte en energie in de Wieringermeer zouden schaars zijn. g.
Indiener stelt dat datacenters geen hoogwaardige en kennisrijke
Wij nemen kennis van deze zienswijze en merken op dat deze opmerking ruimtelijk
werkgelegenheid oplevert. Indiener geeft aan dat onder
niet relevant is. Voor deze aanvraag om een bestemmingsplan vast te stellen dient een
hoogwaardige kennis dan wordt verstaan kennis die weinig m2
ruimtelijke afweging gemaakt te worden Voor het overige verwijzen we tevens naar
en weinig energie nodig hebben. En als in een land veel van dit
onze beantwoording van het aspect ‘werkgelegenheid’ opgenomen in hoofdstuk 3.
Geen aanpassing
soort hoogwaardige kennis aanwezig is, is er veel behoefte aan ruimtelijke kwaliteit in het landelijke gebied met rust en ruimte en moet je dit behouden. h.
Indiener stelt dat door het initiatief hoogwaardige kennisrijke
Het plangebied is niet aangewezen als bijzonder akkerbouwgebied met een specifieke
akkerbouw
(beschermde) status. Wij delen de mening van indiener dat het van belang is voor de
verdwijnt,
bijvoorbeeld
voor
pootaardappel
activiteiten.
Geen aanpassing
Nederlandse en Noord-Hollandse agrarische sector dat een vitaal areaal beschikbaar is en blijft. Wij verwijzen voor het overige tevens naar onze beantwoording in hoofdstuk 3.
i.
j.
Indiener geeft aan dat bij het staken van het proces voor het
Wij verwijzen indiener naar het bij het bestemmingsplan gesloten Beeldkwaliteitsplan
gebiedsplan wieringermeer een
motie/amendement is
waar de motie/amendement voor groen voor landschappelijke inpassing is verwerkt.
aangenomen om bij voorkomende intiatieven rekening te
Wij verwijzen voor de beantwoording tevens naar hoofdstuk 3 ‘landschappelijke
houden met een goede landschappelijk inpassing.
inpassing’.
Indiener wijst het ontwerp-bestemmingsplan af, wil niet dat de
Wij verwijzen voor de beantwoording naar hoofdstuk 3 inzake het onderwerp
vigerende Omgevingsvisie Hollands Kroon als leidraad wordt
‘Omgevingsvisie’. Hoewel indiener van mening is dat de omgevingsvisie geen
Geen aanpassing
Geen aanpassing 35
3. Indiener 20047044354-1271, 2004704354-1232, 2004704354-1282, 2004704354-1279, 2004704354-1293, 2004704354-1286, 2004704354-1212, 2004704354-1321, 2004704354-1216, 2004704351-1208, 2004704354-1219, 2004704354-1276, 2004704354-1222, 2004704354-1323,2004704354-1323, 2004704354-1335, 2004704354-1355, 2004704354-1432, 2004704354-1436 en 2004704354-1428 Reactie
Beantwoording
genomen en wil dat eerst discussie wordt gevoerd over de
afwegingskader zou moeten vormen is dit niet de realiteit. De omgevingsvisie, welke
nieuwe Omgevingsvisie.
is vastgesteld als structuurvisie onder de Wro, is zelfbindend voor het orgaan dat de
Conclusie
visie heeft vastgesteld.
4. Indiener 2004704354-1403
a.
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Indiener woont in Middenmeer en de reactie van indiener is
Voor onze beantwoording verwijzen we naar de beantwoording van indieners vermeld
Geen aanpassing
inhoudelijk overeenkomstig de reactie van indieners vermeld
hierboven onder (3).
hierboven onder (3).
5. Indiener 2004704354-1342
a.
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Indiener woont in Wieringerwerf en meent dat de
Zoals indiener terecht opmerkt biedt de Wieringermeer plaats aan genoemde functies.
Geen aanpassing
Wieringermeer haar steentje meer dan genoeg heeft
De nut en noodzaak voor dit plan is beschreven in de toelichting van het
bijgedragen aan het plaatsen van datacenters. Er zijn twee
bestemmingsplan. Voor het overige nemen we kennis van de reactie.
bestaande datacenterslocaties. Nu komt er een derde bij. Daarnaast levert gemeente ook al veel ruimte voor de productie van groene energie en grootschalige kassenteelt die beiden veel
36
5. Indiener 2004704354-1342 Reactie
Beantwoording
Conclusie
Indiener merkt op dat de polder is veranderd in de afgelopen
We merken allereerst op dat dit bestemmingsplan plan niet gaat over het Windpark
Geen aanpassing
10 jaar en voor zover dit een verandering is naar een data- en
Wieringermeer of de uitbreiding daarvan. En ja, dit windpark is gerealiseerd met behulp
energiesamenleving de bevolking hierin niet is meegenomen.
van een rijks coördinatie regeling. Maar een dergelijke regeling is niet van toepassing
Het huidige beeld omtrent windturbines (Vattenfall) en
voor dit bestemmingsplan, waarvoor gemeente bevoegd gezag is.
bestaande datacenters staat naar mening van indiener haaks op
We delen indieners mening dat de zuidoosthoek van de Wieringermeer in de afgelopen
de ideeën en verwachtingen van inwoners. De invloed van het
10 jaar is veranderd. We zijn echter van mening dat enerzijds het landschap in het
college van Burgemeester en Wethouders hierop wordt aan
grootste deel van de polder, behoudens de invloed van windturbines, onveranderd is
getwijfeld.
om
en anderzijds het beeld van de huidige werklocatie overeenkomt met de voorstelling
verantwoordelijkheid en invloed te laten gelden door
hiervan die in de afgelopen 10-15 jaar zijn gepresenteerd. Men kan dan vinden dat het
stopzetten van de bestemmingsplanwijziging voor deelgebied
niet mooi is, maar dit is wel conform de beelden en afspraken zoals in de planvorming
B1 en de tijd te geven aan de bevolking te wennen aan nu al
gepresenteerd en vastgesteld.
aanwezige veranderingen en tevens tijd te nemen voor
Natuurlijk blijven we graag in gesprek met Wieringermeerders over verbeteringen en
verbetering van gerealiseerde initiatieven voor de ruimtelijk
zien ook in dit plan weer mogelijkheden om deze door te voeren. Wij verwijzen hiervoor
inpassing en energie- en milieuvraagstukken.
naar de toelichting van het bestemmingsplan en tevens naar onze beantwoording in
impact hebben op de leefomgeving en voor veel inwoners moeilijk te accepteren zijn. b.
Er
wordt
daarom
aangedrongen
hoofdstuk 3 over het onderwerp ‘landschappelijke inpassing’. Formeel merken wij op dat het laten wennen aan de veranderde omgeving geen ruimtelijk relevant argument is wat wij in onze afweging kunnen betrekken. c.
Indiener geeft aan dat in het verleden afspraken zijn gemaakt
Indiener doelt naar we aannemen op het beleid van de voormalige gemeente
om geen bebouwing groter dan een boerenbedrijf toe te staan
Wieringermeer. Het vigerende ruimtelijke beleid voor gemeente Hollands Kroon, en
en het open en weidse karakter te behouden.
daarmee ook deelgebied B, is sinds november 2016 opgenomen in de Omgevingsvisie
Geen aanpassing
Hollands Kroon. Indiener merkt terecht op dat het beleid van gemeente Wieringermeer voor deelgebied B destijds gericht was op voornamelijk agrarische 37
5. Indiener 2004704354-1342 Reactie
Beantwoording
Conclusie
functies met een landschappelijk opener karakter en waterberging, maar dit beleid is niet meer leidend of geldend zover het niet opgenomen is in vigerende plannen. In de vigerende Omgevingsvisie Hollands Kroon is dus evenwel uitbreiding van het bestaande bedrijventerrein Venster West aangegeven in de richting waarin het onderhavige bestemmingsplan voorziet. d.
Indiener geeft aan dat datacenters, kassen en windmolens
Wij verwijzen voor de beantwoording naar hoofdstuk 3 voor het onderwerp
dusdanig zijn gebouwd en verlicht en aanwezig zijn dat het
‘lichthinder en het onderwerp “landschappelijke inpassing“.
Geen aanpassing
beeld van de polder totaal is veranderd. In vergunning e.d. zijn wel voorschriften opgenomen om ruimtelijke inpassing en kwaliteit te borgen maar hier is op grote schaal geen uitvoering aan gegeven (dan wel niet gehandhaafd). Indiener wil dat dit eerst op orde is voordat nieuwe initiatieven worden gefaciliteerd. e.
Datacenters, kassen en windmolens gaan naar mening van
Zoals hiervoor al opgemerkt maakt het onderhavige bestemmingsplan geen
indiener allemaal om energie. Er zou energiewinst te behalen
windturbines mogelijk en ook geen kassen. Voor het overige verwijzen we naar onze
zijn door samenwerking maar voorlopig komt hiervan nog niets
beantwoording in hoofdstuk 3 onder ‘energiehuishouding’ en ‘duurzaamheid’.
Geen aanpassing
terug. Duurzaamheid wordt onvoldoende behaald op het gebied van restwarmte, drinkwaterverbruik of hergebruik van
Voor wat betreft de gebruikte materialen merken we allereerst op dat deze
bouwmaterialen.
opmerking ruimtelijk niet relevant is. Volldigheidshalve geen wij hier toch op in. In de
Indiener vraagt ook welke grondstoffen zijn gebruikt voor de
bouw van datacenter worden reguliere bouwmaterialen gebruikt zoals beton, staal,
bouw en waar deze materialen vandaag komen. Is er rekening
glas. Dat deze materialen in hoofdzaak worden toegepast is ook te zien op de locaties
gehouden met sloop na gebruik van datacenter gebouwen?
van de bestaande datacenters. Dit soort bouwmaterialen is na afloop van de
Indiener vreest dat de gemeenschap straks moet opdraaien
levensduur ook prima her te gebruiken. Deze materialen hebben in een economie die steeds meer gebruik maakt, en moet maken, van herbruikbare materialen inmiddels 38
5. Indiener 2004704354-1342 Reactie
Beantwoording
voor sloopkosten tenzij gemeente dit nu regelt met de
vaak een positieve restwaarde. Bij de bouw van gebouwen zoals datacenters wordt
ondernemingen.
ook steeds vaker hier op gestuurd o.a. middels certificering (Breaam). Tenslotte,
Conclusie
datacenter beheerders houden hun opstallen courant inclusief regelmatige updates van installaties, zoals computers, in het datacenter mede om waar mogelijk de energie-efficiency enerzijds en de opslagcapaciteit en kosten anderzijds goed te beheersen. Gegeven o.a. bovenstaande overwegingen is er voor ons geen aanleiding de geuitte vrees van indiener te delen. f.
Indiener geeft aan dat de landbouw de energie levert die we als
De omvang van het areaal landbouw in Nederland is fors. Het huidige areaal is ook
basis nodig hebben om te overleven; namelijk voedsel. En dat
groter dan noodzakelijk wordt geacht om Nederland in crisis tijden te kunnen
dus qua energie het verstandig is de bestemmingswijziging niet
voorzien van voldoende voedsel (zie bijvoorbeeld de publicatie “Voedselvoorziening
door te laten gaan.
in Nederland onder buitengewone crisisomstandigheden”, Wageningen Universiteit,
Geen aanpassing
2013). Anderszins is de voetafdruk van Nederland veel groter dan het huidige nederlandse landbouwareaal en wordt een deel niet gebruikt voor de voedselvoorziening (zie bijvoorbeeld Compendium voor de leefomgeving “Landvoetafdruk 1990-2017”). Gegeven de omvang van het aantal landbouwbedrijven in Nederland (>75.000), het huidige agrarische areaal (ruim meer dan 1,7 miljoen ha in 2018) en het gebruik daarvan, alsmede de landvoetafdruk van de nederlanders lijkt ons dat de invloed van de agrarische gronden in het plangebied voor de voedselvoorziening in redelijkheid niet doorslaggevend is. De invloed van dit ruimtebeslag is daarmee betrokken, maar het belang van het perceel voor de voedselvoorziening is beperkt en in redelijkheid geen doorslaggegevende overweging om de bestemmingswijziging niet door te laten gaan. Indiener merkt dat er politieke onrust is ontstaan over dit plan
We danken indiener voor deze zienswijze en hopen dat de beantwoording van
en dat dit een signaal is dat gemeente een kant op zou gaan die
zienswijzen de motivering van gemeente voor dit plan verduidelijkt.
Geen aanpassing 39
5. Indiener 2004704354-1342 Reactie
Beantwoording
Conclusie
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Indiener woont in Middenmeer en heeft een zienswijze
Wij verwijzen voor onze beantwoording naar de zienswijze van indiener onder (3) met
Geen aanpassing
ingediend die inhoudelijk overeenkomt met de zienswijze van
kenmerk 2004704354-1342.
niemand
wil
en
houdt
gemeente
voor
moed
en
doorzettingsvermogen te behouden voor maken van eigen keuzes voor de toekomst van de Wieringermeer. 6. Indiener 2004704354-1370
a.
indiener(s) beantwoord onder (3) met kenmerk 20047043541342.
7. Indiener 2004704354-1386
a.
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Indiener woont in Den Oever en merkt op dat het
Wij nemen kennis van deze reactie en merken allereerst op dat deze opmerking
Geen aanpassing
bestemmingsplan leest als een reclame folder en vol staat met
ruimtelijk niet relevant is. Daarnaast zijn wij van mening dat het ontwerp
wollig taalgebruik en niet als een onderbouwde tekst waarbij
bestemmingsplan met zorg is samengesteld inclusief een onderbouwing van het plan
alle belangen zijn afgewogen.
voor alle relevante aspecten. Wij maken uit de reacties op dat het plan ook voldoende inzicht heeft gegeven en op punten waar dit nog verbeterd kon worden, stellen we voor het plan aan te vullen en hebben de aanvullingen in deze nota vermeld. Het plan biedt daarmee ook voldoende informatie over de betrokken aspecten, zodat bij de besluitvorming over het plan dit samen met andere belangen kan worden afgewogen.
40
7. Indiener 2004704354-1386
b.
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Er worden geen kanttekeningen gemaakt bij de toepassing van
Wij verwijzen voor onze beantwoording naar de beantwoording van dit aspect
Geen aanpassing
restwarmte dan wel de energiehuishouding voor datacenters
opgenomen in hoofdstuk 3.
stelt indiener. c.
De ontwikkeling van de hele locatie Agriport is te veel gericht op
We nemen kennis van deze reactie. De locatie Agriport A7 is inderdaad ontwikkeld als
de belangen van deelnemende bedrijven en initiatiefnemers
een werklocatie dus een locatie die optimaal wordt ingericht voor de beoogde
meldt indiener.
bedrijfsactiviteiten, maar daarbij wordt middels o.a. milieueffectrapportage ook
Geen aanpassing
rekening gehouden met de effecten voor de omgeving en bij de besluitvorming alle belangen afgewogen door onze raad. We herkennen ons daarmee ook niet in het beeld dat indiener van de ontwikkeling schetst. d.
Indiener stelt dat de besluitvorming mogelijk volgens de regels
In de toelichting van het bestemmingsplan is o.a. in hoofdstuk 1 en hoofdstuk 8
correct is, maar verder ondoorzichtig is en dat de raad
beschreven wat de aanleiding is voor het plan en op welke wijze is omgegaan met de
uitvoering van alle initiatieven aan het college heeft
maatschappelijke uitvoerbaarheid. Tevens is beschreven dat dit bestemmingsplan past
gedelegeerd. Dientengevolge zou de raad onvoldoende
in het beleidskader vastgesteld door de gemeenteraad en dat het plan weliswaar door
geïnformeerd zijn.
het college van burgemeester en wethouders is voorbereid binnen dit kader, maar voor
Geen aanpassing
besluitvorming over het definitieve plan, samen met de zienswijzen en beantwoording daarvan, wordt aangeboden aan de gemeenteraad. e.
De belangen van inwoners lijken ondergeschikt aan plannen van
Het plan is in lijn met o.a. de vigerende Omgevingsvisie van de gemeente die is
Agriport stelt indiener. Het maatschappelijk draagvlak wordt
opgesteld o.a. in samenwerking met de inwoners en waarvoor breed draagvlak was
onvoldoende aangetoond en de baten van de bevolking (dan
vastgesteld. De belangen van bewoners zijn o.a. betrokken in de omgevingseffecten die
wel de nadelen) zouden niet in verhouding staan tot de baten
van het plan kunnen uitgaan en zijn beoordeeld en beschreven in de toelichting van het
van de bedrijven.
bestemmingsplan. Wij verwijzen voor onze beantwoording ook naar de beantwoording
Geen aanpassing
van het aspect ‘voorbereiding bestemmingsplan’ opgenomen in hoofdstuk 3. f.
De schaarse ruimte en het landschap van de Wieringermeer
We zijn het met indiener eens dat zorgvuldig moet worden omgegaan met schaarse
dient beschermd te worden geeft indiener aan. Grootschalige
ruimte en het landschap van de Wieringermeer. De werklocatie Agriport A7 is
ontwikkelingen zouden vanuit een groter geheel dienen te
aangewezen op de huidige locatie na zorgvuldige afweging van de landschapsstructuur
Geen aanpassing
41
7. Indiener 2004704354-1386 Reactie
Beantwoording
worden bezien. De huidige invulling zou onvoldoende
van de gehele Wieringermeer. Wij verwijzen daarvoor o.a. naar de plannen en visies
gewaarborgd
naar
van de voormalige gemeente Wieringermeer, onze huidige Omgevingsvisie Hollands
commentaren van deskundigen Friso de Zeeuw en Steven
Kroon en de samenvatting daarvan opgenomen in de toelichting van het
Slabbers.
bestemmingsplan voor deelgebied B1. De keuze voor deze locatie is voor het eerst
zijn
waarbij indiener ook
verwijst
beschreven
in
Conclusie
beleidsstukken
van gemeente Wieringermeer en
sindsdien
herafgewogen en herbevestigd in opvolgende beleidskaders, inclusief dus het vigerende beleidskader; de Omgevingsvisie Hollands Kroon. Het was destijds ook een bewuste keuze de werklocatie Agriport A7 te situeren in de zuidoosthoek van de Wieringermeer rekening houdend met de structuur van deze polder en haar omgeving. Wij menen dat dit beleidskader ook vandaag nog voldoet. Wij staan evenwel open voor commentaren en hebben de commentaren in de afgelopen jaren op de landschappelijke inpassing van de werklocatie langs de snelweg ook opgepakt. In dit plan is mede daarom in de regels van het plan geborgd dat de uitkomsten van de landschappelijke beoordeling (het bij het plan gesloten Beeldkwaliteitsplan waarin ook adviezen van derden zijn verwerkt) worden nageleefd. We hebben dit in de plantoelichting en in het Beeldkwaliteitsplan beschreven. Op deze wijze was al in het plan tegemoet gekomen aan de commentaren. Wij verwijzen voor onze beantwoording tevens naar de beantwoording van dit aspect opgenomen in hoofdstuk 3. g.
Indiener wil graag nadere informatie over werkgelegenheid en
Wij verwijzen voor onze beantwoording naar de beantwoording van dit aspect
wel over het aandeel goedkope arbeidskrachten vanuit andere
opgenomen in hoofdstuk 3.
Geen aanpassing
landen die bij datacenters komen te werken. h.
Indiener vindt datacenters niet weg te denken uit de huidige
We nemen kennis van deze reactie en verwijzen voor een beschrijving van de nut en
samenleving maar vindt het niet vanzelfsprekend dat het aantal
noodzaak van het bestemmingsplan ook naar de toelichting van dit plan. Bepaalde
dan maar toeneemt en ook niet dat in de Wieringermeer dan
voorzieningen en sectoren in de gemeente hebben een regio overstijgend karakter. Dat
Geen aanpassing
42
7. Indiener 2004704354-1386 Reactie
Beantwoording
datacenters gebouwd worden voor dienstverlening uit andere
geldt op de werklocatie Agriport voor de glastuinbouw, agribusiness en logistiek die
werelddelen.
zicht richt op Europa, net zoals een flink deel van de landbouw en bollenteelt in de Kop
Conclusie
van Noord-Holland. Dat geldt ook voor de datacenter sector die hun dienstverlening aanbiedt binnen en buiten Nederland. i.
Datacenters gebruiken veel stroom. En groene stroom kan maar
Wij verwijzen voor onze beantwoording naar de beantwoording van dit aspect
eenmaal gebruikt worden stelt indiener. Uit oogpunt van
opgenomen in hoofdstuk 3 en merken verder op dat deze opmerking ruimtelijk niet
energietransitie en belasting van het bestaande stroomnet zou
relevant is
Geen aanpassing
kritisch gekeken moeten worden naar ontwikkeling van datacenters. Indiener is daarbij ook bezorgd over extra lasten voor duurzame energie voor kleingebruikers. j.
Indiener vindt dat meer duidelijkheid moet komen over zijn
Wij hopen dat de beantwoording in ze Nota zienswijzen bijdraagt aan verduidelijking
reacties en nog vele andere punten voordat besloten wordt
voor indiener welke overwegingen een rol spelen bij de besluitvorming over het plan
over het plan.
en voor het overige nemen we kennis van de reactie.
Geen aanpassing
8. Indiener 2004704354-1407
a.
Reactie
Beantwoording
Conclusie
Indiener komt uit Hippolytushoef en heeft met verbazing kennis
We nemen kennis van deze reactie en verwijzen voor een toelichting over de relatie
Geen aanpassing
genomen van het voornemen van het onderhavige (ontwerp)
tussen dit bestemmingsplan en het proces voor actualisatie van de Omgevingsvisie
bestemmingsplan. Op de website van gemeente zou staan dat
Hollands Kroon tevens naar onze beantwoord in hoofdstuk 3 onder ‘Omgevingsvisie’.
eerst een bredere participatie nodig zou zijn dan wel breder overleg over het draagvlak voor de verdere invulling van Agriport. Indiener stelt dat de bevolking zeer negatief denkt hierover.