CConstaterende datHollandsKroon
Koppel je AI →
Document · PDF

3. Ontwerpbestemmingsplan ‘Boezem 2a - Groetpolderweg 31 Winkel’.pdf

Raad 23 juni 2022, gemeente HollandsKroonBij agendapunt: Bestemmingsplan Boezem 2a - Groetpolderweg 31 Winkel19.614 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Boezem 2a en Groetpolderweg 31, Winkel

Monumentenwet uit 1988, met een nadere uitwerking in de Wet op de Archeologische MonumentenZorg (Wamz) uit 2007. Per 1 juli 2016 is de Erfgoedwet in werking getreden waarmee de Monumentenwet 1988 is vervallen. Een deel van de wet is op deze datum overgegaan naar de Erfgoedwet. Het deel dat betrekking heeft op de besluitvorming in de fysieke leefomgeving gaat over naar de Omgevingswet, wanneer deze (naar verwachting) in 2022 in werking treedt. Vooruitlopend op de datum van ingang van de Omgevingswet, is in het overgangsrecht van de Erfgoedwet bepaald dat de regels met betrekking tot archeologie uit de Monumentenwet 1988 ongewijzigd van toepassing blijven zolang de Omgevingswet nog niet van kracht is. Belangrijke uitgangspunten uit de Monumentenwet 1988, zoals de bescherming van archeologisch erfgoed in de bodem en het inpassen van archeologisch erfgoed in de ruimtelijke ordening en de financiering van onderzoek (‘de verstoorder betaalt’), blijven dus onverminderd van kracht. Vooruitlopend op de datum van ingang van de Omgevingswet, is in het overgangsrecht van de Erfgoedwet bepaald dat de regels met betrekking tot overgangsrecht van de Erfgoedwet bepaald dat de regels met betrekking tot archeologie uit de Monumentenwet 1988 ongewijzigd van toepassing blijven zolang de Omgevingswet nog niet van kracht is.

Belangrijke uitgangspunten uit de Monumentenwet 1988, zoals de bescherming van archeologisch erfgoed in de bodem en het inpassen van archeologisch erfgoed in de ruimtelijke ordening en de financiering van onderzoek (‘de verstoorder betaalt’), blijven dus onverminderd van kracht. Onderzoek Het perceel aan de Groetpolderweg 31 heeft de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie 4’ gekregen. Dit betekent dat bij ontwikkelingen groter dan 2500 m² en een diepte van meer dan 40 centimeter een archeologisch onderzoek moet worden uitgevoerd of moet worden aangetoond dat de grond al verstoord is. Het perceel aan de Boezem 2a heeft geen archeologische dubbelbestemming. Omdat er geen fysieke ingrepen plaats zullen vinden in de bodem is het uitvoeren van archeologisch onderzoek niet aan de orde. Bovendien geldt voor de locatie aan de Boezem 2a geen verplichting tot het uitvoeren van een dergelijk onderzoek Toelichting

43

vanwege het ontbreken van de dubbelbestemming. Cultuurhistorie Op historische topografische kaarten is te zien dat er vanaf omstreeks 1880 aan de boezem 2a een boerderij heeft gestaan. Deze boerderij heeft tot aan de jaren vijftig gefungeerd als een volwaardige boerderij. In 1955 is de boerderij door brand fors beschadigd. De boerderij is nooit meer herbouwd. De plek aan de Boezem 2a is historisch gezien dus een plek waar bewoning heeft plaatsgevonden. Zowel op het perceel aan de Boezem 2a als op het perceel aan de Groetpolderweg 31 blijft de situatie ongewijzigd. Van een eventuele aantasting van de karakteristieke verkaveling kan daarom geen sprak zijn. Overigens zijn op de percelen geen cultuurhistorische waarden aanwezig die bescherming vinden binnen het bestemmingsplan. Conclusie De aspecten archeologie en cultuurhistorie staan de uitvoering van het plan niet in de weg. 4.7

Bodem

Voor de vaststelling van een bestemmingsplan dient in verband met de uitvoering een reëel beeld aanwezig te zijn van de bodemkwaliteit voor de gronden waaraan een nieuwe bestemming wordt gegeven. Uitgangspunt bij ruimtelijke ontwikkelingen is dat de bodemkwaliteit geschikt moet zijn voor de beoogde functie. Onderzoek In de huidige situatie wordt de locatie aan de Boezem 2a gebruikt als recreatiewoning. Met het voorliggende bestemmingsplan wordt de gebruiksfunctie van de bestaande bebouwing gewijzigd in wonen. Omdat de recreatiewoning al (recreatief) werd bewoond en er geen bouwwerkzaamheden plaatsvinden en daarmee ook geen bodemingrepen is het uitvoeren van een bodemonderzoek geen vereiste. Bovendien is ter plaatse van de woning en de bijbehorende gronden, gelet op de historie, geen sprake geweest van potentiële bodembedreigende activiteiten. 44

Boezem 2a en Groetpolderweg 31, Winkel

Conclusie Het aspect bodem vormt geen belemmering voor de uitvoering van het plan. 4.8

Ecologie

Wet natuurbescherming Op 1 januari 2017 is de Wet natuurbescherming in werking getreden. Deze wet vervangt drie wetten, de Natuurbeschermingswet 1998, de Boswet en de Flora- en faunawet. In de Wet natuurbescherming wordt de bescherming van verschillende dieren- en plantensoorten geregeld. Met name bescherming van kwetsbare soorten is hierbij van belang. De Wet natuurbescherming kent een vergunningplicht. Een vergunning voor een project wordt alleen verleend als de instandhoudingsdoelen van een gebied niet in gevaar worden gebracht en als geen sprake is van mogelijke aantasting van beschermde planten- en dierensoorten of de leefgebieden van deze soorten. Voor activiteiten is het van belang om te bepalen of deze leiden tot mogelijke schade aan de natuur. Uitgangspunt voor het projectplan is dat geen strijdigheid ontstaat met de wetgeving ten aanzien van de gebiedsbescherming en de soortenbescherming (Wnb). Gebiedsbescherming Gebiedsbescherming in Nederland is geregeld middels de gewijzigde Natuurbeschermingswet 1998, welke in 2005 in werking is getreden. De Natuurbeschermingswet regelt de bescherming van gebieden en percelen met de status ´Nationaal Park´, 'Beschermd Natuurmonument' en van gebieden die door de Minister van EL&I zijn aangewezen ter uitvoering van internationale verdragen en verplichtingen, zoals het beschermingsprogramma Wetlands.

Op grond van Europese verplichtingen regelt deze wet ook de bescherming van daartoe aangewezen speciale beschermingszones (SBZ) op basis van de Habitat- en Vogelrichtlijn. Natura 2000 is een samenhangend netwerk van beschermde natuurgebieden in de Europese Unie (EU), opgezet door de lidstaten. Natura 2000 wordt op haar beurt weer gevormd door de in de Vogelrichtlijn van 1979 en de Habitatrichtlijn uit 1992 aangewezen gebieden. Soortenbescherming De soortenbescherming vindt primair plaats via de Flora- en faunawet. Op grond van Toelichting

45

deze wet mogen beschermde dieren en planten - die in de wet zijn aangewezen niet gedood, gevangen, verontrust, geplukt of verzameld worden en is het niet toegestaan om nesten, holen of andere vaste verblijfplaatsen van beschermde dieren te beschadigen, vernielen of te verstoren. Onder voorwaarden is ontheffing van deze verbodsbepalingen mogelijk. Voor (bedreigde) soorten die vermeld staan op bijlage IV van de Habitatrichtlijn en een aantal Rode Lijstsoorten zijn de ontheffingsvoorwaarden zeer streng. De Flora- en faunawet is onverkort van kracht. Dit betekent dat op het moment dat nieuwe activiteiten aan de orde zijn ook - in het kader van de Flora- en faunawet - de mogelijke effecten op de te beschermen soorten worden meegewogen. De Flora- en faunawet is in zoverre voor de onderhavige ontwikkeling van belang, dat bij de voorbereiding van het project moet worden onderzocht of deze wet de uitvoering van de ontwikkeling niet in de weg staat. Onderzoek Gebiedsbescherming N2000 De plangebieden liggen op grote afstand van de dichtstbijzijnde Natura 2000-gebieden. De Boezem 2a ligt op circa 11 kilometer afstand van het IJsselmeer. Het dichtstbijzijnde N2000-gebied. Gezien deze afstand worden geen negatieve effecten op de Natura 2000-gebieden verwacht als gevolg van de ontwikkelingen in de plangebieden.

Indirecte gevolgen kunnen optreden door een toename van de stikstofemisse als gevolg van het plan. Door het permanent mogen bewonen van de woning aan de Boezem 2a is een toename van het aantal verkeersbewegingen naar deze locatie te verwachten. In de nieuwe situatie gaan we uit van in totaal 10 verkeersbewegingen met licht verkeer. De toename van de stikstofemissie treedt alleen op in de gebruiksfase van de locatie aan de Boezem 2a. Met behulp van het programma Aerius is berekend dat de geringe toename van het aantal verkeersbewegingen geen toename veroorzaakt van de stikstofdepositie in de N2000-gebieden. De Aeriusberekening is als Bijlage 2 aan deze toelichting toegevoegd. Natuurnetwerk Nederland en Bijzonder Provinciaal Landschap 46

Boezem 2a en Groetpolderweg 31, Winkel

Onderdelen van het Natuurnetwerk Nederland (NNN) liggen op korte afstand van het plangebied aan de Boezem 2a. Zie de navolgende afbeelding.

Afbeelding 14: NNN Het NNN voor de provincie Noord-Holland is vastgelegd in de Omgevingsverordening NH2020. De afweging voor ingrepen in het NNN gaat volgens het “nee, tenzij-principe”. Ingrepen met een negatieve invloed op de wezenlijke kenmerken en waarden mogen niet plaatsvinden, tenzij er sprake is van een zwaarwegend maatschappelijk belang en indien er geen alternatieven zijn. Indien bij een ingreep schade wordt aangericht aan een NNN-gebied, dan dient dit in ieder geval gemitigeerd te worden. De resteffecten aan verlies van kwaliteit en/of oppervlakte dient te worden gecompenseerd. Daarnaast kan salderen van positieve en negatieve effecten op het NNN uitkomst bieden om projecten in het NNN te realiseren. De locatie ligt tevens in het Bijzonder Provinciaal Landschap (BPL) Abbekerk en omgeving. De NNN en BPL-gebieden hebben een ‘indirecte’ externe werking. Gezien de aard van de ingreep en de ligging worden negatieve effecten op Natura 2000-gebieden Toelichting

47

niet verwacht. Soortenbescherming Omdat er geen fysieke ingrepen plaatsvinden kan op voorhand worden gesteld dat het bestemmingsplan geen negatieve effecten heeft op beschermde dier- en plantensoorten. Conclusie Het plan geeft geen negatieve effecten op het NNN en de N2000-gebieden. Ook vindt geen aantasting plaats van (de leefgebieden van) beschermde flora en fauna 4.9

Water

Algemeen Op grond van artikel 3.1.1 Bro is de watertoets verplicht voor ruimtelijke plannen. In een hierover op te nemen paragraaf dient te worden aangegeven op welke wijze rekening is gehouden met de gevolgen van het plan voor de waterhuishoudkundige situatie. In die paragraaf dient uiteengezet te worden of en in welke mate het plan in kwestie gevolgen heeft voor de waterhuishouding, dat wil zeggen het grondwater en het oppervlaktewater. Het is de schriftelijke weerslag van de zogenaamde watertoets: ‘het hele proces van vroegtijdig informeren, adviseren (door de waterbeheerder), afwegen en beoordelen van waterhuishoudkundige aspecten in ruimtelijke plannen en besluiten’. Waterprogramma In het Waterprogramma 2016-2021 (voorheen waterbeheersplan) verbindt Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK) de bouwstenen met de programma's en beheerstaken van het hoogheemraadschap. Ze brengen een prioritering aan en geven aan hoe ze in de bouwstenen willen participeren. Water in het plan/Watertoets Naast het Waterprogramma beschikt HHNK over een verordening, de Keur 2016. Hierin staan de geboden en verboden die betrekking hebben op waterlopen en waterkeringen. Voor het uitvoeren van werkzaamheden kan een vergunning nodig zijn. De werkzaamheden in of nabij de waterlopen en waterkeringen worden getoetst aan de beleidsregels.

Ten zuiden van de woning aan de Boezem 2a is een regionale waterkering aanwezig. 48

Boezem 2a en Groetpolderweg 31, Winkel

Door middel van de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering' wordt deze waterkering beschermd. Deze dubbelbestemming is in het voorliggende bestemmingsplan gehandhaafd. In de bouwregels is de maximaal toegestane bebouwing voor de locatie aan de Boezem 2a vastgeteld. Dit betreft de oppervlakte aan bebouwing die ten tijde van de ter inzage legging van het ontwerpbestemmingsplan feitelijk aanwezig is. Uitbreiding van de bebouwing is dus niet mogelijk. Via de Digitale Watertoets is het plan kenbaar gemaakt bij het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Het toetsresultaat is als Bijlage 3 aan deze toelichting toegevoegd. Op basis van de ingevoerde gegevens heeft HHNK aangegeven dat het plan geen of een geringe invloed heeft op de waterhuishouding. Hierdoor kan de procedure 'Geen waterschapsbelang' worden gevolgd voor de watertoets. Dit betekent dat er verder geen contact hoeft op te nemen met Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier. De standaard waterparagraaf kan worden opgenomen in de toelichting. Conclusie De belangen van de regionale waterkering ten zuiden van het plangebied aan de Boezem 2a zijn geborgd door de dubbelbestemming 'Waterstaat - Waterkering. De maximale oppervlakte aan bebouwing is in de regels van het bestemmingsplan gemaximeerd. Er is geen uitbreiding van bebouwing mogelijk.

Het plan heeft daarom geen invloed op de waterhuishouding en/of de afvalwaterketen. Het aspect water staat de uitvoering van het plan niet in de weg. 4.10

M.e.r-beoordeling

Op grond van de Wet milieubeheer is het verplicht ten aanzien van plannen, gevallen, activiteiten en besluiten die (mogelijk) grote gevolgen kunnen hebben voor het milieu, een procedure voor milieueffectrapportage (m.e.r.) te doorlopen. De m.e.r. is bedoeld om milieubelangen meer expliciet af te wegen bij het opstellen van plannen en het uitvoeren van projecten. Het Besluit m.e.r. en de Wet milieubeheer zijn per 7 juli 2017 gewijzigd. Gemeenten zijn thans verplicht om voor m.e.r.-(beoordelings)plichtige activiteiten een expliciet Toelichting

49

besluit te nemen over het al dan niet opstellen van een milieueffectrapport (Mer). Betekenis voor het project In het Besluit milieueffectrapportage zijn m.e.r.-(beoordelings)plichtige activiteiten en indicatieve drempelwaarden opgenomen. Op de D-lijst onder categorie D 11.2 geldt voor het onderdeel ‘aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen’ een drempelwaarde van 100 hectare en van 2.000 woningen. In dit geval is uitsluitende sprake van een gebruikswijziging. Er is geen sprake van een stedelijk ontwikkelingsproject. Het is daarnaast uitgesloten dat belangrijke negatieve milieugevolgen zullen optreden. Er hoeft derhalve geen m.e.r. beoordelingsprocedure te worden gevolgd. Terzijde wordt opgemerkt dat uit de voorgaande beoordeling van de verschillende milieuaspecten, zoals hiervoor beschreven, de conclusie volgt dat geen belangrijke negatieve milieugevolgen zullen optreden, wordt bevestigd. 4.11

Kabels en leidingen

Planologisch relevante leidingen en hoogspanningsverbindingen dienen te worden gewaarborgd. Tevens dient rond dergelijke leidingen rekening te worden gehouden met zones waarbinnen mogelijke beperkingen gelden. Planologisch relevante leidingen zijn leidingen waarin de navolgende producten worden vervoerd: gas, olie, olieproducten, chemische producten, vaste stoffen/goederen; aardgas met een diameter groter of gelijk aan 18 inch; defensiebrandstoffen; warmte en afvalwater, ruwwater of halffabrikaat voor de drink- en industriewatervoorziening met een diameter groter of gelijk aan 18 inch. Onderzoek Er zijn geen planologisch relevante leidingen en hoogspanningsverbindingen aanwezig binnen het plangebied. Conclusie Er wordt geconcludeerd dat het aspect kabels en leidingen de uitvoering van het plan niet in de weg staat.

50

Boezem 2a en Groetpolderweg 31, Winkel

Hoofdstuk 5 Juridische planbeschrijving 5.1

Algemeen

In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de wijze waarop de gewenste ruimtelijke en functionele ontwikkeling van initiatief juridisch is vertaald. Het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan bestaat uit de verbeelding en de regels. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van deze gronden, regels omtrent de toegelaten bebouwing en regelingen betreffende het gebruik van op te richten bouwwerken. De verbeelding heeft een ondersteunende rol voor toepassing van de regels en ook de functie van visualisering van de bestemmingen. De verbeelding vormt samen met de regels het bindende onderdeel van het bestemmingsplan. De toelichting heeft geen bindende werking, maar heeft wel een belangrijke functie bij de onderbouwing van het plan en soms voor de uitleg van bepaalde bestemmingen en regels. In dit hoofdstuk zal worden ingegaan op de systematiek en leeswijzer bij de verbeelding en regels en de handhaafbaarheid. 5.2

Verbeelding

De verbeelding geeft de bestemming van de gronden aan. In de planregels staat per bestemming en aanduiding vastgelegd wat de beperkingen en mogelijkheden van de gronden met de bestemming, zoals aangegeven op de verbeelding, zijn. 5.3

Planregels

In dit bestemmingsplan komen de volgende (dubbel)bestemmingen voor: Wonen; Waterstaat - Waterkering; Waarde - Archeologie 4. De regels bevatten het juridisch instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, regels omtrent de toegelaten bebouwing en regelingen betreffende het gebruik van op te richten bouwwerken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken. Per hoofdstuk zullen de diverse regels artikelsgewijs worden besproken. Hoofdstuk 1 Inleidende regels Toelichting

51

Artikel 1: Begrippen De betekenis aan een aantal in de regels voorkomende begrippen. Hierdoor wordt de interpretatie van de begrippen vastgelegd, waardoor de duidelijkheid wordt vergroot. Artikel 2: Wijze van meten Ten behoeve van een uniforme toepassing van het plan, wordt in dit artikel aangegeven hoe maten als goothoogte, bouwhoogte en dakhelling dienen te worden gemeten. Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels Artikel 3: Wonen De als ‘Wonen’ bestemde gronden zijn aangewezen voor wonen, al dan niet in combinatie met aan-huis-verbonden beroepen en bedrijven, het hobbymatig gebruik voor bed & breakfast en het hobbymatig houden van vee. Tevens zijn bij deze bestemming behorende groenvoorzieningen, openbare nutsvoorzieningen, voorzieningen ten behoeve van de waterhuishouding, verkeers- en verblijfsvoorzieningen en waterlopen en -partijen toegestaan. Er is ter plaatse één woning toegestaan met een maximale goot- en bouwhoogte van 3,5 respectievelijk 9 meter. In de regels is vastgelegd dat de maximale toegestane oppervlakte van het hoofdgebouwd 85 m2 is en de maximale oppervlakte van het bijgebouw 85 m2. Artikel 4: Waarde – Archeologie 4 De gronden met de bestemming Waarde – Archeologie 4 zijn mede bestemd voor het behoud van aanwezige archeologische waarden.

Voor het realiseren van bouwwerken of werkzaamheden die de ondergrond verstoren en dieper gaan dan 40 cm onder maaiveld bij een oppervlak van meer dan 2.500 m2 is nader archeologisch onderzoek nodig. Artikel 5: Waterstaat - Waterkering De waterkerende functie is in het bestemmingsplan bestemd als 'Waterstaat waterkering' ter bescherming en instandhouding van de waterkering en de waterbeheersing. Hoofdstuk 3 Algemene regels In artikel 6, de Anti-dubbeltelregel wordt bepaald dat grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, deze bij de beoordeling van latere 52

Boezem 2a en Groetpolderweg 31, Winkel

bouwplannen buiten beschouwing blijft. Artikel 7 bestaat uit de Algemene bouwregels. Hierin is onder andere bepaald dat bij bouwprojecten voldoende parkeergelegenheid gerealiseerd moet worden. In artikel 8 Algemene gebruiksregels opgenomen en in artikel 9 bestaat de algemene afwijkigsregels. Hierin is bijvoorbeeld geregeld dat maximaal onder voorwaarden 10% van de maten, afmetingen en percentages genoemd afgeweken mag worden. Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregel In de Slotregels wordt aangegeven op welke wijze de regels van het bestemmingsplan kunnen worden aangehaald.

Toelichting

53

Hoofdstuk 6 Uitvoerbaarheid Wettelijk bestaat de verplichting om inzicht te geven in de uitvoerbaarheid van een ruimtelijk plan. Hierbij wordt onderscheid gemaakt in de maatschappelijke en de economische uitvoerbaarheid. Daarnaast wordt er in dit hoofdstuk ingegaan op grondexploitatie. 6.1

Economische uitvoerbaarheid

In artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening (Wro) is voorgeschreven dat de gemeenteraad een exploitatieplan vaststelt voor de gronden waarop een bouwplan is voorgenomen. In het onderhavige geval is geen sprake van een bouwplan conform de definitie uit het Bro en is het vaststellen van een exploitatieplan niet nodig. In het Bro is aangegeven dat bij een gebruikswijziging dat voor andere doeleinden in gebruik of ingericht was, pas sprake is van een bouwplan als ten minste 10 woningen worden gerealiseerd. In het onderhavige geval is slechts sprake van een gebruikswijziging en neemt het aantal woningen niet toe. De plankosten worden gedragen door de initiatiefnemers. Hetzelfde geldt voor eventuele kosten als gevolg van planschade. Hiervoor zal een overeenkomst tussen initiatiefnemer en de gemeente worden gesloten. Om deze reden is een exploitatieplan niet nodig. De financiële uitvoerbaarheid van het plan is voldoende gewaarborgd. 6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Vooroverleg Overeenkomstig het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.1) wordt bij de voorbereiding van het bestemmingsplan vooroverleg gevoerd met de besturen van de instanties die betrokken zijn bij de zorg voor de ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan betrokken zijn. In dit kader is het plan reeds afgestemd met het Hoogheemraadschap Hollands Noorderkwartier (HHNK). Schriftelijk zijn vooroverlegrecatie binnengekomen van de volgende instanties: Omgevingsdienst Noord-Holland Noord; Veilgheidsregio Noord-Holland Noord. De binnengekomen overlegreacties zijn als Bijlage 4 en Bijlage 5 aan deze toelichting 54

Boezem 2a en Groetpolderweg 31, Winkel

toegevoegd en hieronder samengevat. Ook is aangegeven of het plan naar aanleiding van de reacties is aangepast. Omgevigsdienst Noord-Holland Noord De omgevingsdienst merkt op dat het plangebied aan de Boezem 2a binnen het invloedsgebied van een weg en een buisleiding ligt. Een (beperkte) verantwoording van het groepsrisico moet daarom worden uitgevoerd. Verder wordt opgemerkt dat het aangehaalde beleid in de ecologieparagraaf geupate dient te worden. De verantwoording van het groepsriscico is verwerkt in paragraaf 4.3 'Externe veiligheid' en de wet- en regelgeving voor natuur in paragraaf 4.8 'Ecologie' is geactualiseerd. Veilgheidsregio Noord-Holland Noord De Veiligheidsregio merkt op dat de (beperkte) verantwoording van het groepsrisico in verband met de buisleiding niet is uitgevoerd. De verantwoording van het groepsriscico is verwerkt in paragraaf 4.3 'externe veiligheid'. Participatie Initiatiefnemers hebben de buren van het perceel aan de Boezem 2a in Winkel geïnformeerd over de bestemmingswijziging. Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan wordt op grond van artikel 3.9a van de Wet ruimtelijke ordening voor 6 weken ter inzage gelegd, waarbij door een ieder zienswijzen bij het college van burgemeester en wethouders kunnen worden ingediend. Er zijn wel/geen zienswijzen ontvangen.

Toelichting

55

Bijlagen bij toelichting

56

Boezem 2a en Groetpolderweg 31, Winkel

Bijlage 1

Vergelijking ruimtelijke kwaliteit

Toelichting

57

Ruimtelijke kwaliteiten onder de loep Boezem 2a en Groetpolderweg 31

Aanleiding Initiatiefnemers, John en Anita Klaver, zijn de gelukkige eigenaars van een recreatiewoning en bijbehorende graslanden aan de Boezem in Winkel. Sinds zij eigenaar zijn en het in beheer hebben, hebben zij de woning en de locatie enorm leren waarderen. Maken er daarom zelf regelmatig gebruik van. Hebben de afgelopen jaren ook ervaren dat er relatief veel tijd zit in het beheren van één enkele recreatiewoning. Hebben ontdekt dat het lastig te combineren valt met het runnen van meerdere veehouderijbedrijven en een melkfabriek. Bedrijvigheid met een omvang die al maximale tijd en aandacht vraagt. Het er bij doen van de recreatiewoning is, zo is gebleken, is geen haalbare kaart. De familie Klaver heeft simpelweg niet de tijd (er voor) over/beschikbaar om de woning voor recreatieve doeleinden een reële kans te geven. Voor hun is de woning als recreatiewoning niet levensvatbaar. Alles maakt dat zij de droom zijn gaan koesteren om er zelf te mogen wonen. Als het zover is dat een opvolger het melkveebedrijf overneemt, kunnen zij zich als het ware erin terugtrekken en dan toch op korte afstand van Klaverkoe en van de Langereis 4/6. Zij hebben eigenlijk niet de wens om de bestaande bebouwing aan te passen. Het voldoet zo meer dan prima aan hun wooneisen. Toeval wil dat het al een levensloopbestendige woning is.

In heel veel opzichten een pracht woning en een pracht plek om het te zijner tijd rustiger aan te kunnen doen. Strikt genomen is permanent wonen aldaar niet mogelijk, omdat het bestemd is als recreatie woning. Vandaar dat zij zich de afgelopen jaren hebben ingezet om de bestemming gewijzigd te krijgen. Om hun droom werkelijkheid te laten worden.

2

Gang van zaken tot dusver De droom najagend is getracht om aan te sluiten bij nieuw transformatie-beleid van de gemeente. De inkt daarvan is nog maar enkele maanden droog. Het komt er op neer dat een recreatiewoning om mag worden omgezet in wonen voor permanent gebruik; mits aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan. De gemeente liet uiteindelijk weten dat die mogelijkheid voor deze locatie niet opgaat. In de afrondende bespreking met de wethouder, daarbij ook aanwezig de medewerksters Lidia Pronk en Gemma Rotgans, werd van gemeentezijde een alternatief aangedragen. Om uit te kijken naar een woonbestemming van een “ruimte voor ruimte” traject. Om dan zo’n nieuwe woonbestemming te verplaatsen richting de Boezem. Uiteraard overheerste eerst de teleurstelling over het niet passen binnen het transformatiebeleid. Ook de haalbaarheid van het alternatief riep vraagtekens op. Vind immers maar een vrijelijk beschikbare woonbestemming. Zo dik bezaaid zijn de RvR- projecten al niet eens en initiatiefnemers hebben meestal vastomlijnde plannen met de extra woning(en); die worden vrijwel nooit aangeboden. Bovendien is het beleid van de provincie recentelijk drastisch veranderd, waardoor er minder RvR-woningen mogen komen. Dus wordt de spoeling nog dunner.

Aan de keukentafel over een en ander napratend bleek, echt puur en puur toevallig, dat bij zoon Bram Klaver een nieuwe woonbestemming pal naast zijn woning gerealiseerd ging worden. Zou die woonbestemming niet richting de Boezem kunnen, werd toen de vraag. Om daarmee het gebruik van recreatief in wonen om te zetten. Door de suggestie van de gemeente viel als het ware het kwartje. Voor die tijd hadden zij het verplaatsen van die woonbestemming nog niet als kans herkend. Op verzoek van de familie is er toen door Rombou naar gekeken. Ruimtelijke ordening is nog al eens puzzelen. Er kan een heel mooi plaatje ontstaan als stukken netjes aan elkaar kunnen worden gelegd. Als enigst missend stukje de volstrekt toevallige en unieke kans om de nog niet gebruikte woonbestemming naast de Groetpolderweg 31 te verplaatsen. Met als groot bijkomend voordeel dat er geen woning meer op kan worden gericht pal naast de woning van Bram. Wat hij liever niet zag gebeuren. Hij kocht zijn eigen perceel Groetpolderweg 31 nog voor de procedure van de nieuwe woonbestemming. Hij heeft er voor moeten tekenen om geen bezwaar te maken tegen de poging om daar een woonbestemming heen te verplaatsen. Het was in die fase nog twijfelachtig of de gemeente daarmee zou instemmen. Bram had de verwachting dat de gemeente geen medewerking zou verlenen. Dat liep helaas anders.

De bestemmingswijziging kwam wel ter inzage. Tijdens die procedure heeft Bram zich moeten houden aan de overeenkomst en heeft dus geen bezwaar ingediend.

3

Dat neemt niet weg dat hij veel liever niet heeft dat er een woning opgericht wordt. De extra woning heeft een grote negatieve impact. De unieke kwaliteiten van de bestaande solitaire woning gaan simpelweg verloren. Om dat te voorkomen heeft hij onlangs de nieuwe woonbestemming gekocht; om met de gemeente te bespreken om het nog een keer te verplaatsen. Met in het achterhoofd al het idee van zijn vader en moeder. Die zouden immers geholpen kunnen zijn met deze woonbestemming. Terugblikkend is alvast een kanttekening te plaatsen. Had het tot een woonbestemming kunnen komen als de eigenaar van Groetpolderweg 31 niet gebonden was door een overeenkomst? Niet om achteraf de geldigheid van die overeenkomst te betwisten, maar wel om de vraag op te werpen of de ruimtelijke effecten voor en daarmee de belangen van dat perceel wel voldoende tot hun recht hebben kunnen komen. De eigenaar van Groetpolderweg 31 is immers vooraf monddood gemaakt. Wij denken dat alle partijen/belangen geholpen zijn met deze volstrekt toevallige samenloop der omstandigheden?! Op mag worden gemerkt dat met het kopen van de te verplaatsen woonbestemming een zeer fors bedrag gemoeid is. De vereveningsbijdrage die eigenaars van recreatiewoningen moeten afdragen aan de gemeente, als de bestemming met het transformatiebeleid in permanent wonen veranderd, is veel en veel minder.

in financieel opzicht kun je je dus afvragen of de gang van zaken fair is. Maar om toch hun droom te realiseren willen John en Anita er wel op inzetten. Nadat het plan door Mariette vd Berg via de mail is voorgelegd volgde deze reactie: “We hebben de casus in ons team overleg en met de wethouder besproken. De conclusie is dat we niet positief staan tegenover de verplaatsing van het planologisch recht. De plek aan de boezem is ruimtelijk minder gewenst om daar een woning op te richten (of te hebben). De plek is meer afgelegen, waardoor de ruimtelijke impact van een woning daar groter is dan aan de Groetpolderweg. Ook omdat bij een woning weer bijgebouwen gebouwd mogen worden. We werken in de praktijk mee aan verplaatsingen van woonbestemmingen in het buitengebied, maar dan moet een verplaatsing wel ruimtelijke winst opleveren en dat zien we hier niet. Daarbij komt dat de inkt van de bestemmingswijziging voor de locatie aan de Groetpolderweg ook net droog is.” Dit is niet het antwoord dat wij hadden verwacht. Wij laten in hoofdstuk 1 zien waarom onze verwachting anders was. Voorliggende uitgebreide onderbouwing is bedoeld om de gemeente tot een heroverweging aan te zetten. De mate van uitgebreidheid weerspiegelt dat wij het ruimtelijk een sterk plan vinden en dat wij voor alle partijen/belangen alleen maar voordelen zien.

Willen ons er daarom extra sterk voor maken dat alle neuzen alsnog in één richting komen te staan.

4

1

Beoordelingswijze initiatief

In de omgevingsvisie van de gemeente valt te lezen wat voor missie Hollands Kroon met die beleidsnota heeft. De heldere missie verwoord hoe de gemeente initiatieven wenst te beoordelen.

Zonder te willen “pleasen” herkennen wij in deze positieve “ja, tenzij” houding al de huidige gemeente Hollands Kroon. Daarom hadden wij, nog zonder deze papieren gedragsregels letterlijk te kennen, direct een positieve reactie verwacht. Vandaar ook een grotere teleurstelling. Zijn er juridische regels die medewerking in de weg staan? Zijn er nadelige gevolgen die onacceptabel zijn en niet voldoende worden gecompenseerd? In het voorliggend stuk wordt op alle relevante ruimtelijke aspecten ingegaan. Daarbij sterk inhakend op de beoordelingssystematiek in de Omgevingsvisie. Zo wordt in de omgevingsvisie in het hoofdstuk “Landschappelijke inpassing en ontwikkeling” het belang van het aspect landschappelijke inpassing benadrukt. Hieronder twee uitsnedes daaruit:

5

In deze onerbouwingt wordt daarom aannemelijk gemaakt dat de woonbestemming vanuit landschappelijk oogpunt aan de Boezem veel beter op zijn plaats is dan aan de Groetpolderweg. Primair rijst voor ons de vraag of de “ja, tenzij” beoordelingssystematiek vanuit de omgevingsvisie wel correct is toegepast. Secundair willen wij laten zien dat er wel degelijk ruimtelijke winst optreedt.

6

2

Uitgangspunten vergelijking ruimtelijke kwaliteit

De gemeente geeft in haar reactie aan wel mee te willen werken, want doet dat wel meer, maar alleen als de verplaatsing ruimtelijke winst oplevert. Wij vragen ons eerstens af waarom er persé winst moet zijn. Waarom zou een neutrale uitkomst al niet voldoende kunnen zijn? Waarom een lat zo hoog leggen? Het is ook niet eenvoudig om ruimtelijke kwaliteit exact te kwantificeren en daarmee af te wegen of er winst is en in welke mate? De eerder dit jaar vastgestelde omgevingsvisie biedt enige houvast. Het volgende is erin te lezen:

In voorliggende onderbouwing hebben wij getracht zoveel mogelijk aan te sluiten bij deze benaderingswijze van Ruimtelijke Kwaliteit. Door een waardering te geven aan de gebruiks-, belevings-, en de toekomstwaarde van de locatie Boezem 2a en die aan de Groetpolderweg. Waardoor duidelijk wordt waar de verschillen in kwaliteit zitten.

7

3

Bespreking ruimtelijke aspecten woonlocatie Boezem 2a

3.1

Weergave huidige situatie

De woonlocatie ligt vlak naast de Langereis en is over eigen gronden en over een verharde weg vanaf de Westfriesedijk te bereiken. Op de locatie staan drie gebouwen; een recreatiewoning, een schuilstal en een tuinhokje.

Ingezoomd:

8

Een karakteristiek “landleven” aanzicht vanaf de Westfriesedijk.

Het erf van dichtbij aan de voorzijde gezien.

Het aanzicht aan de achterzijde.

Het behoeft geen uitgebreid betoog dat de ligging van de woning landschappelijk prachtig is en dat woning en bijgebouwen een in het gebied passende verschijningsvorm hebben.

9

3.2

Cultuurhistorisch perspectief

Het is zeker niet toevallig dat hier uiteindelijk een recreatiewoning is komen te staan. Dat feit is onlosmakelijk verbonden aan de bewoningsgeschiedenis van het gebied; waarvan het begin zo’n 140 jaar terug in de tijd ligt. Vanuit het archief van het waterschap:

Afgaande op kaarten afkomstig van de site www.topotijdreis.nl wordt duidelijk dat er omstreeks 1880 in de nieuwe polder een boerderij moet zijn opgericht. Waarschijnlijk kort na de aanleg van de polder De Bedijkte Boezem.

Tegelijk vallen de andere bouwpercelen op; op haast gelijke afstanden van elkaar langs de Langereis. De locatie was en is onderdeel van de vroegste bebouwingsstructuur met vier bescheiden boerenerven. Wat dat betreft is er in die structuur ten opzichte van dat prille begin niet eens veel veranderd. Hieronder een luchtfoto anno 2019.

10

Hieronder nog een weergave uit 1915, met aangepijld de locatie van de boerderij van destijds.

Uit de overlevering is bekend dat er tot aan de jaren vijftig een volwaardige boerderij heeft gestaan. Bijgevoegde aloude foto’s getuigen van die tijd. In 1955 is de boerderij door brand fors beschadigd. Vanuit het regionaal archief:

De heer Kort had niet de financiële middelen om het te herstellen. Het is blijven staan totdat de familie Vlaar het kocht in 1978. Die zagen uiteindelijk af van het plan om het huis te herbouwen en hebben alleen een bedrijfsgebouw laten bouwen. Dat er heel lang is getalmd met herbouwen is waarschijnlijk terug te voeren op het feit dat er maar weinig landbouwgrond bij het bedrijf hoorde. Door water en wegen afgescheiden lag het te geïsoleerd. Met zeker de inzichten van nu geen geschikte locatie voor een florerend boerenbedrijf. Daarmee ontbrak de drijfveer om het na de brand als boerbedrijf weer op te bouwen. Zeker is dat opvolgende eigenaren allemaal op hun eigen wijze en in hun eigen tijdsperiode hebben voortgebouwd op de vroegste bewoningsgeschiedenis. Door een woonbestemming krijgt de locatie tenminste weer een volwaardiger functie. Hetgeen naar ons idee, in vergelijking met recreatiewoning, meer recht doet aan de geschiedenis. De bestaande woning in combinatie met hobbymatig te houden vee, op de 3 hectare weiland die er onlosmakelijk bij hoort, maakt dat er dan haast weer sprake van een keuterboerderijtje. Resulterend in een in veel opzichten naadloze en dus onopvallende landschappelijke inpassing.

11

3.3

Impact van een woonbestemming

Dan gaat het om de vergelijking tussen de maximale invulling van beide bestemmingen. Wat kan het effect zijn van de regels van de permanente woonbestemming? Wat veranderd er dan ten opzichte van nu? Overigens hebben John en Anita hebben niet direct de wens om er een ander/groter huis neer te zetten of om de bestaande woning te vergroten. Het is ook nog maar kortgeleden dat er, vooral vanwege de aanbouw, flink in de woning is geïnvesteerd. Het huis is bouwtechnisch in een uitstekende staat. Maar wij begrijpen dat planologisch de maximale benutting van de regels van belang is. Daarom volgt een vergelijking tussen de gebruiks- en de bouwregels. Gebruiksregels Qua gebruiksregels verwachten wij geen merkbaar effect. Van buitenaf is er aan de Boezem naar ons idee nauwelijks verschil waar te nemen tussen een gebruik als permanente woning of als recreatiewoning. Bij een woonbestemming zal het allicht wat rustiger/stiller ogen. Wel kan tuininrichting een verschil geven. Om een permanente woning wordt eerder een tuin aangelegd. Indien de gemeente dat wenst, valt in een benodigd bestemmingsplan vast te leggen, door een in oppervlakte te beperken woonbestemming, dat de grond rondom de woning in agrarisch gebruik moet blijven. Waardoor het erf een soberder agrarische uitstraling houdt.

Dus niet de ruimte voor een weelderige siertuin, maar voor grasland, zoals het nu bestemd en feitelijk is. Anderzijds is juist weer wel een (groente)tuin voorstelbaar. Zo weer aansluitend bij zoals het vroeger is geweest. Voorstelbaar is dat een maximaal oppervlakte van 800 m2, nauw aansluitend bij de feitelijke situatie, als woonbestemming wordt toegekend. Hetgeen vergeleken met andere woonbestemmingen aan de Boezem overigens een klein oppervlakte is.

Bouwregels Tussen beide woonbestemmingen is alleen een verschil in toegestane oppervlakte bebouwing te vinden. De maximale nok- en de goothoogte zijn gelijk. Wat is het effect van alleen dat verschil in oppervlakte bebouwing? Bij het voorgestelde bouwperceel-oppervlakte van 800 m2 wordt maximaal 245 m2 aan bebouwing toegestaan; 120 m2 voor de woning en 125 voor een bijgebouw.

12

De vigerende bestemmingen staan maximaal 100 m2 aan bebouwing toe; 70 voor de recreatiewoning en 30 voor de schuilstal. De bedoeling is om de schuilstal ook als bijgebouw bij de woning te gaan gebruiken. De stal staat vlak achter de recreatiewoning. Vanaf een tekening behorende bij de in 2016 afgegeven omgevingsvergunning:

Het gebouw wordt een groot deel van het jaar als schuilstal gebruikt. Zo vlak bij de woning staande was de verleiding (te) groot om het in de zomerperiode ook voor de recreatiewoning te gebruiken. De gemeente heeft onlangs door een voornemen tot intrekken van de omgevingsvergunning laten weten dat dat niet toegestaan is. Indien aan dit plan medewerking wordt verleend, dan kan het gebouw ook de functie van bijgebouw verkrijgen en is er van strijdig gebruik geen sprake meer. Na een bestemmingswijziging mag er 145 m2 bijgebouwd worden. Omdat de bestaande gebouwen los van elkaar staan mag de woning met maximaal 50 m2 worden vergroot en de schuilstal met maximaal 95 m2. Wat is de impact van het bijbouwen van 145 m2 ? Omdat er al (woon)bebouwing staat denken wij dat het effect voor een waarnemer van buitenaf meevalt. Veranderd er veel aan het beeld/aanzicht als die 145 m2 bijgebouwd wordt? Wij denken van niet. Het zal nauwelijks opvallen. Daarin speelt mee dat de frontbreedte van de bestaande woning al 15 meter is.

Het is niet waarschijnlijk dat een woning breder gebouwd zal worden. Toch ook een aanwijzing dat groter bouwen voor de omgeving totaal geen andere impact heeft.

13

Daarbovenop is de afstand tot aan de openbare weg ongeveer 250 meter. Van een kortere afstand kan de bebouwing niet worden waargenomen. Daarom zeker dat het voor het aanzicht weinig/niets uitmaakt of een woning 70 m2 of 120 m2 groot is. Worst case is dat alles wat er nu staat verdwijnt en dat 245 vierkante meter aan nieuwbouw plaatsvindt; dat uiteraard binnen het bouwperceel van 800 m2. Ook dan vinden wij het niet aannemelijk dat zo’n bebouwingsbeeld, vergeleken met de huidige, voor een waarnemer een opvallende verandering geeft. Naar alle waarschijnlijk zal er dan wel hoger worden gebouwd, want de hoogte is nu zeer bescheiden. Maar dat kan in deze planologische vergelijking geen verschil maken, want de maximale bouwhoogtes zijn voor beide woonbestemmingen gelijk. Qua aanzicht is er ogenschijnlijk, door het samenstel van recreatiewoning en schuilstal, al een volwaardig woonerf met een hoofdgebouw en een bijgebouw ontstaan. Het gebruik van beide gebouwen is weliswaar gescheiden, als recreatiewoning en als schuilstal, maar qua uitstraling is het één erf. Het zal dus geen verschil maken als de schuilstal ook als bijgebouw voor de woning bestemd wordt.

3.4

Situering van de woning / belangen van derden

De woning staat op relatief grote afstand ten opzichte van de woonbestemmingen aan weerszijden.

Er kunnen dus geen negatieve gevolgen optreden voor de buren. Zijn ook al gewend aan de huidige situatie. Voorstelbaar is dat omwonenden juist voorkeur hebben voor een permanente woonbestemming. Vaste eigenaars/bewoners geeft immers meer samenhang in een buurt.

14

4

Bespreking ruimtelijke aspecten locatie Groetpolder

4.1

Weergave huidige situatie

De locatie in de Groetpolder:

Ingezoomd:

Aanzicht van het perceel:

15

4.2

Cultuurhistorisch perspectief

De Groetpolder is samen met de Waardpolder in de 19e eeuw aangelegd (1847) en betreft een zogenoemde aandijking. Vanaf het vasteland is destijds een deel van de toenmalige Zuiderzee ingepolderd. Door de polder werd een zuidoost - noordwest lopende hoofdweg aangelegd (de huidige Groetpolderweg) en haaks daarop werd de polder opgedeeld in rationele, rechtlijnige kavels met een voor die periode aanzienlijke oppervlaktemaat. Langs deze hoofdas ontstonden enkele boerenerven met stolpboerderijen in een langgerekt en zeer open lint. De rijke kleibodem (thans circa 1,80 meter onder NAP) werd in agrarisch gebruik genomen, vooral ten behoeve van de akker- en tuinbouw. Boerderij Akerendam is waarschijnlijk opgericht kort na de aanleg van de Groetpolder. Een aloude kaart is te vinden op www.topotijdreis.nl. Rechts van de Groetpolder was het toen nog IJsselmeer.

Als eerste is een stolpboerderij (gebouw 1) geplaatst. Voorin de stolp was het woongedeelte en achterin werden de dieren (koeien en paarden) gehouden. In 1880 hebben de eerste eigenaars en naamgevers het verkocht. De familie Sluijterman van Loo was namelijk ook eigenaar van het landgoed Akerendam in Beverwijk. Vanuit het regionaal archief:

16

Waarschijnlijk kwam het erf toen in handen van de familie Melchior; die in Noord-Holland faam hadden/kregen als paardenfokkers.

Veel paarden kregen Akerendam mee in hun naam. Van daar dat Akerendam nog steeds in de bloedlijnen voorkomt. Zij hebben omstreeks 1925 een losstaande bedrijfswoning (gebouw 2) gebouwd. De stolp werd daarna geheel voor de paarden gebruikt.

Zo’n 22 jaar geleden kwam het in handen van de familie Sneijder. Deze hebben op de dag van koop de schuur doorverkocht aan de familie Kaan. De schuur is nog steeds in hun bezit. Nog weer later is het woonperceel gekocht door mevrouw Koppe. Zij verzette zich in de jaren daarna hevig tegen de komst van de windmolens. Om de weg daarvoor vrij te maken heeft uiteindelijk Groetpolder BV het perceel zo’n drie jaar geleden van haar gekocht. Ten tijde van de procedure voor het nu geldende bestemmingsplan buitengebied heeft er, omdat schuur en bedrijfswoning in verschillende handen terecht waren gekomen, een opsplitsing plaatsgevonden. De bedrijfswoning kreeg een woonbestemming en de schuur hield een agrarische bedrijfsbestemming. Achteraf gezien ware het passender geweest om de woning als plattelandswoning te bestempelen. De schuur kreeg een aanduiding dat een bedrijfswoning is uitgesloten. Dat laatste zal zijn gedaan om de karakteristiek van het gebied te behouden. De aanduiding moest voorkomen dat er een tweede woning bij gerealiseerd mocht worden. Om zo het bestaande beeld, ogenschijnlijk nog steeds één erf, in tact te houden.

17

Het kunnen oprichten van een nieuwe burgerwoning pal naast een oorspronkelijke bedrijfswoning, midden in een agrarische polder en op één van de allereerste boerenerven, doet geen recht aan de historie van de Groetpolder. Hieronder de verbeelding van de gehele Groetpolderweg:

Geen enkele woonbestemming aan de Groetpolderweg is ontstaan als burgerwoning. Want alle woningen, met nu een woonbestemming, zijn voormalige bedrijfswoningen. In de historische context is de extra burgerwoning geen goede ruimtelijke ontwikkeling. Het doet afbreuk aan het karakter en de beleving van het gebied. Op de enigste woonbestemming met ook twee wooneenheden gaat het om twee oorspronkelijke bedrijfswoningen, maar staan de woningen wel 60 meter uit elkaar.

Het zo dicht bij elkaar kunnen staan van twee burgerwoningen is gebiedsvreemd voor de Groetpolder.

18

4.3

Impact van de woonbestemming

Het bestemmingsplan “Zeesluisweg 3 Lutjewinkel en Groetpolderweg 31 Winkel” maakt een nieuwe woning mogelijk. Het eerdere bouwperceel voor één woning is opgesplitst voor twee wooneenheden. Op een perceel van ongeveer 1.000 vierkante meter mag een woning van 120 m2 en 150 m2 aan bijgebouwen worden gebouwd.

De impact van die bebouwing is relatief erg groot. Onderstaand nogmaals de situatie zoals die nu is.

Dan dus voor te stellen dat pal links van de woning een nieuwe woning, willekeurig welk type, komt te staan. Dat wordt zeker geen fraai beeld. In de toelichting van het plan is niet terug te vinden of ook welstand vooraf om advies gevraagd is. Het wordt ons inziens een uiterst lastige uitdaging om er een fraai ogend geheel van te maken. Een beeldkwaliteitsplan ontbreekt in het bestemmingsplan. Weliswaar komt het binnen de contour van een oorspronkelijk agrarisch erf, maar er heeft nog nooit bebouwing gestaan. Laat staan een particuliere woning,

19

De onderling zeer korte afstand (slechts 14 meter) heeft grote gevolgen voor het woon en leefklimaat van de bestaande woning. De nieuw te bouwen woning heeft daardoor een zeer negatieve invloed.

Van volstrekt vrijstaand wonen naar buren op ongeveer 14 meter. Van een wijds uitzicht, met juist ramen aan de zijkant, naar een enorme inperking daarvan. Van maximale privacy en rust, naar bewoners op slechts enkele meters afstand en dat in een wijdse polder. Van een mogelijke relatief groot erf naar twee zeer bescheiden woonkavels. De juist specifieke en unieke kwaliteiten van het solitair wonen in een polder gaan ook volstrekt verloren. De situering van de tweede woonbestemming heeft een enorm negatieve impact. Dat zal zich ook vertalen naar de financiële waarde (van beide kavels). Ook staat het nieuw te bouwen huis aan de zonkant. Met als gevolg dat het in de bestaande tuin/woning donker wordt na de middag. Niet voor niets is ook het huis gebouwd op de zonkant, de noordwestkant is daarom voorzien van grote raampartijen. Mocht het doorgaan dan is de bestaande woning de zon kwijt en vrijwel al het vrije uitzicht.

In veel opzichten ruimtelijk zonde dat op zo’n locatie een nieuwe woning mag worden opgericht. Het verplaatsten van de ongebruikte woonbestemming maakt dat een aantrekkelijk en zeer zeldzaam woon- en leefklimaat voor de bestaande woning behouden blijft. In wezen ontstaat twee keer een zeer aantrekkelijk woon- en leefklimaat. Want voor de permanente woonbestemming aan de Boezem geldt hetzelfde. Gesteld de kavel komt in andere handen dan die van Bram. Wat voor een verschijningsvorm zal de woning dan krijgen? Dreigt dan niet een type woning wat afwijkt van de bedrijfswoningen aan de Groetpolderweg? Gelden wel dezelfde welstandcriteria voor deze particuliere woning? Naast een toch wel aparte verschijningsvorm van de bestaande woning een eigentijdse woning. Gaat dat met elkaar een fraai beeld geven?

20

Was het eerst nog een logische c.q. normale eenheid en één erf, de bestaande schuur met de oorspronkelijke bedrijfswoning. Door de extra woning bestaat die logica niet meer. Landschappelijk en stedenbouwkundig zeer onlogisch dat een tweede woning is toegestaan. Kenmerkend is dat de erven in de Groetpolder op grote afstand van elkaar gelegen zijn. Hier ontstaat achter een samenvoeging van woonbebouwing die juist niet karakteristiek is voor het gebied. In wezen worden zelfs drie erven pal naast elkaar gecreëerd; één voor de schuur en twee voor de woningen. Volgens ons niet passend voor de Groetpolder.

4.4

Ligging naast windmolenpark

Op ongeveer 600 meter is het windmolenpark van “Windmolens Groetpolder BV” gelegen. Het plan voldoet aan de geldende geluidnormen. Toch valt wel op dat net aan de normstelling kan worden voldaan. Weliswaar is sprake van een actief agrarisch buitengebied en mag je daarom volgens het Activiteitenbesluit voor de Groetpolder uit gaan van 50/45/40, en moet je dus in eerste instantie stellen dat de normstelling vergelijkbaar is. Groot verschil is echter wel dat het grootste deel van het jaar op agrarische bedrijven, door het seizoensgebonden karakter van werkzaamheden, veel minder geluid wordt geproduceerd. Een windmolen produceert een veel groter deel van het jaar geluid. Vandaar dat toch eerder hinder van een windmolen te verwachten valt. De afstand tussen het park en de woonbestemming is zodanig dat een eigenaar van de op te richten woning jaarlijks 3.000 euro vergoeding zal ontvangen van de “Windmolens Groetpolder BV”. De eigenaars van het park hebben er dus baat bij dat de woning niet wordt opgericht. Bovendien zegt de vergoeding ook iets over het negatieve effect van het wonen in de buurt van de molens. Anders zou immers geen vergoeding worden gegeven.

4.5

Ecologie

Soortenbescherming Voor de locatie Groetpolderweg 31 is een natuuronderzoek uitgevoerd. Uit het onderzoek is gebleken dat er een sperwernest aanwezig is. In de toelichting van het bestemmingsplan wordt op p11 bij het bespreken van de provinciale kernkwaliteiten aangegeven dat de bomen en struiken verwijderd worden en bij de bespreking van het natuuronderzoek staat daarentegen dat ze blijven staan. De situatie is aan de Groetpolderweg nu al jaren ongewijzigd. Kan niet anders of de bouw en het gebruik van de woning zullen invloed hebben op de nestgelegenheid voor de sperwer. Toch een relatief mensschuwe roofvogel.

21

Op papier lijkt er niets aan de hand voor de sperwer, maar in werkelijkheid zal dat toch echt anders zijn, is onze verwachting. Gebiedsbescherming Omdat sprake is van een nieuwe woning is met behulp van Aerius-berekeningen het effect op omliggende natura2000 gebied beoordeeld. Redenerend vanuit een worstcase scenario wordt geconcludeerd de verwachting mag zijn dat de uitstoot van de stikstofemissie geen schadelijk effect zal hebben. Als de bestemming weggepoetst wordt zal er helemaal geen emissie bijkomen.

22

5

Conclusie

De vraag was of de verplaatsing ruimtelijke winst oplevert? Daartoe nogmaals dezelfde tekst aangehaald vanuit de Omgevingsvisie:

Hetgeen eerder in deze rapportage is besproken kan worden ondergebracht bij de drie genoemde waarden.

Gebruikswaarde De nu zonder tweede woning veel betere gebruikswaarde blijft voor woning Groetpolderweg 31 behouden. Geen andere woning en buren er pal naast en de mogelijkheid van een groter erf en tuin en een betere situering van de bijgebouwen. De te verplaatsen woonbestemming krijgt een veel grotere gebruikswaarde. Want die waarde is kwalitatief aan de Boezem onmiskenbaar veel en veel groter. Dan is het kwalitatief veel mooier wonen aan de Boezem dan aan de Groetpolderweg. Door het verplaatsen wordt de gebruikswaarde van de woonbestemming dus flink opgewaardeerd. De omzetting van een recreatieve naar een permanente woonbestemming leidt voor John en Anita persoonlijk tot een veel hogere gebruikswaarde. Omdat de woning als recreatiewoning niet levensvatbaar wordt geacht ontstaat ook een hogere gebruikswaarde voor de woning. Voor de schuur rechts naast Groetpolderweg 31 ontstaat een veel betere gebruikswaarde. In plaats van twee woningen van derden op korte afstand staat er dan alleen de plattelandswoning Groetpolderweg 31. Dus meer milieuruimte voor de agrarische werkzaamheden.

Belevingswaarde De belevingswaarde verbetert ook op beide locaties sterk. Er blijft in de Groetpolder een kwalitatief betere belevingswaarde over in het beleven van de agrarische ontstaansgeschiedenis van de polder. Een extra burgerwoning met een nieuwe verschijningsvorm “proppen” op een gesplitste woonbestemming direct naast een bedrijfswoning uit 1925 doet daar afbreuk aan. Het resultaat na verplaatsing weerspiegelt veel meer de geschiedenis van boerderij Akerendam. Als gevolg van de woonbestemming neemt de polder-beleving van de bestaande woning Groetpolderweg 31 enorm af. Van solitair, zoals in een polder gewoon, naar buren op zeer en zeer korte afstand. Van een wijds uitzicht naar een woning op 14 meter. Van potentieel

23

een relatief groot erf naar een halvering daarvan. Door verplaatsing blijft het unieke polderkarakter van woning Groetpolderweg 31 behouden. Het ontstaan van drie erven direct naast elkaar doet afbreuk aan de historische bebouwingsstructuur langs de Groetpolderweg en zorgt daarmee voor een mindere beleving van de typische polderstructuur. De belevingswaarde van de Boezem 2a neemt sterk toe. Een volwaardige woonbestemming sluit beter aan bij de cultuurhistorie van de locatie zelf en de directe omgeving. Samen met de aanwezige 3 hectare grasland ontstaat dan haast weer een keuterboerderijtje. Dat voortbouwen op de historie gaat ook gepaard met een zeer geringe impact van de bestemmingswijziging; als uitgegaan wordt van de maximale planologie. Dat ook nog eens relativerend, want John en Anita zijn tevreden zijn met wat er nu aan bebouwing staat. Resulterend in de prachtige uitstraling die het erfje (woning, schuilstal en het aanwezige groen) nu al heeft. Aan de Boezem wijzigt alleen het type woonbestemming (van recreatief naar permanent) en daardoor mag maximaal 145 vierkante meter bijgebouwd worden. Daar staat tegenover dat aan de Groetpolderweg een volwaardige woonbestemming weg gepoetst wordt, waardoor 270 vierkante meter bebouwing niet gebouwd zal worden. Per saldo dus 125 m2 minder verstening.

Toekomstwaarde Per saldo is de toekomstwaarde voor beide beter geborgd. Want past een woonbestemming in de uit geboerde polder De Bedijkte Boezem, met alleen maar woonbestemmingen, kwalitatief niet veel beter dan een woonbestemming midden in een zeer actieve agrarische polder met ook nog eens een windmolenpark. Ecologisch gezien is het voor de instandhouding en dus de toekomst van de sperwer beter als de woning aan de Groetpolderweg niet opgericht wordt. Afsluitend De effecten op de drie waarden overziend levert de verplaatsing wel ruimtelijke winst op. Noemenswaardig is nog de verplaatsing voor alle direct en indirect betrokkenen voordelen oplevert: voor Bram Klaver als eigenaar van Groetpolderweg 31, voor John en Anita Klaver als eigenaars van de Boezem 2a, voor “Windmolens Groetpolder BV” omdat zij geen bijdrage meer verschuldigd zijn aan de eigenaar van de op te richten woning en als laatste voor de eigenaar van de schuur op Groetpolderweg 31 omdat hij één plattelandswoning naast zich krijgt in plaats van twee woningen van derden. Eerlijk gezegd denken wij dat de woonbestemming naast de Groetpolderweg 31 er niet gekomen was als een eigenaar/bewoner van Groetpolderweg 31 bezwaar had kunnen indienen.

Met andere woorden, dat de initiatiefnemer van de te verplaatsen woonbestemming Zeesluisweg 3 ook eigenaar was van woning Groetpolderweg 31 heeft voor die verplaatsing zeer gunstig uitgewerkt.

24

Is het niet zo, onder het motto “eind goed, al goed” dat de door de familie Klaver voorgestelde verplaatsing ruimtelijk tot een beter eindresultaat leidt? Tot slot willen wij het college vragen om de in eerste instantie gemailde reactie te heroverwegen. Primair door alsnog conform de missie oog te hebben voor de “ja, ten zij” beoordelingswijze en anders secundair door te onderkennen dat de voorgestelde verplaatsing ruimtelijke winst oplevert.

25

Bijlage 2

Aeriusberekening

Toelichting

83

Dit document bevat rekenresultaten van AERIUS Calculator. Het betreft de hoogst berekende stikstofbijdragen per stikstofgevoelig Natura 2000-gebied, op basis van rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant. De berekening op basis van stikstofemissies gaat uit van de componenten ammoniak (NH3) en/of stikstofoxide (NOx). Wilt u verder rekenen of gegevens wijzigen? Importeer de pdf dan in Calculator. Voor meer toelichting verwijzen wij u naar de website www.aerius.nl.

Berekening Situatie 1 Kenmerken Samenvatting emissies Depositieresultaten Gedetailleerde emissiegegevens

Verdere toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via: https://www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers. Re8semrMjCUH (26 november 2020) pagina 1/5

Resultaten

Contact

Activiteit

Rechtspersoon

Inrichtingslocatie

Rombou BV

Boezem 2a, 1731MC Winkel

Omschrijving

AERIUS kenmerk

Boezem 2a en Groetpolderweg 31

Re8semrMjCUH

Datum berekening

Rekenjaar

Rekenconfiguratie

26 november 2020, 10:16

2020

Berekend voor natuurgebieden

Totale emissie

Resultaten Hectare met hoogste bijdrage (mol/ha/j)

Toelichting

Resultaten

Situatie 1

NOx

< 1 kg/j

NH3

< 1 kg/j

Natuurgebied

Uw berekening heeft geen depositieresultaten opgeleverd boven 0,00 mol/ha/jr.

Berekening gebruiksfase

Situatie 1

Re8semrMjCUH (26 november 2020) pagina 2/5

Resultaten

Locatie Situatie 1

Emissie Situatie 1

Bron Sector

Bron 1 Wegverkeer | Buitenwegen

Resultaten

Situatie 1

Emissie NH3

Emissie NOx

< 1 kg/j

< 1 kg/j

Re8semrMjCUH (26 november 2020) pagina 3/5

Resultaten

Emissie (per bron)

Naam Locatie (X,Y)

Situatie 1

NOx NH3

Resultaten

Bron 1 124509, 529384 < 1 kg/j < 1 kg/j

Soort

Voertuig

Aantal voertuigen Stof

Emissie

Standaard

Licht verkeer

10,0 / etmaal NOx NH3

< 1 kg/j < 1 kg/j

Situatie 1

Re8semrMjCUH (26 november 2020) pagina 4/5

Resultaten

Disclaimer

Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden.

Rekenbasis

Deze berekening is tot stand gekomen op basis van: AERIUS versie 2020_20201124_13fd900ebd Database versie 2020_20201124_13fd900ebd Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/nl/factsheets/release/aerius-calculator-2020

Resultaten

Situatie 1

Re8semrMjCUH (26 november 2020) pagina 5/5

Bijlage 3

Toetsresultaten watertoets

Toelichting

89

Bijlage 4 Overlegreactie Omgevingsdienst Noord-Holland Noord

Toelichting

91

Onderwerp:

Boezem 2a en Groetpolderweg 31, Winkel Advies bestemmingsplan “Boezem 2a en Groetpolderweg 31 in Winkel” t.b.v. woonbestemming Boezem 2a

Aan:

Gemeente Hollands Kroon Afdeling Ruimtelijke Ontwikkeling t.a.v. I. Ternstra

Datum advies:

8 april 2021

Kenmerk OD NHN:

OD.337878

Kenmerk gemeente:

TEAMRO-1711495761-55614

Contactpersoon:

H. Neuvel

Doorkiesnummer:

088 - 1021731

E-mail

hneuvel@odnhn.nl

Bijlagen:

2 aerius a calculator-berekeningen in pdf format d.d. 7 april 2021

Paraaf afdelingsmanager:

Dit document is automatisch gegenereerd en daarom niet ondertekend

Samenvatting advies bestemmingsplan Bedrijven en milieuzonering, bodem, geluid, luchtkwaliteit Externe veiligheid

Ecologie

OD.337878

Opgenomen tekst is (voor deze situatie) akkoord. Opgenomen tekst is niet akkoord, plangebied bevindt zich wel in de nabijheid van risicovolle activiteiten, weg en buisleiding. VR NHN is om advies gevraagd op 19 maart 2021. Zodra de OD NHN dit advies heeft ontvangen wordt dit doorgestuurd aan de gemeente. Paar tekstuele wijzigingen nodig.

Pagina 1 van 4

1. Inleiding Op 8 maart 2021 is aan de OD NHN om advies gevraagd over de milieu aspecten, zoals opgenomen in het bestemmingsplan “Boezem 2a en Groetpolderweg 31 in Winkel” (status: concept). Het bestemmingsplan, opgesteld door Rombou, d.d. 18 februari 2021, zonder kenmerk is t.b.v. een woonbestemming aan de Boezem 2a in Winkel. Het planologisch bouwrecht aan Groetpolderweg 31 zal worden verplaatst naar het perceel Boezem 2a in Winkel. Op het perceel aan de Boezem 2a is momenteel een recreatiewoning aanwezig met een daarbij behorende schuilstal. Bij de totstandkoming van ons advies hebben wij de volgende stukken betrokken:  tekening met bladnummer PB-01, d.d. 12 februari 2021, behorende bij het bestemmingsplan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=HollandsKroon&id=4a134a86-bb2b-4082-a0d1-dd2de5abc9ae