CConstaterende datHofvantwente
Koppel je AI →
Document · PDF

Versie 29 okt 2025_Programmabegroting Hof van Twente 2026 - Fundament voor groei.pdf

Gemeenteraad 3 november 2025, gemeente HofvantwenteBij agendapunt: 9: De programmabegroting 202621.459 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Werkzoekenden en werkenden kunnen ondersteuning krijgen bij het vinden van werk, loopbaanontwikkeling en het aanvragen van scholing en verder ontwikkelen van hun carrière en vaardigheden. Werkgevers krijgen hulp bij het vinden van geschikt PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

80

personeel, advies over personeelsvragen en ondersteuning bij scholing van het eigen personeel. Het RWC integreert de dienstverlening van bestaande organisaties, zoals het Werkgeversservicepunt, Leerwerkloket en het Regionale Mobiliteitsteam. Dit gebeurt door intensieve samenwerking tussen de 14 Twentse gemeenten, UWV, SBB, onderwijs en werkgeversorganisaties binnen het netwerk van onze arbeidsmarktregio. In 2026 wordt dit verder vormgegeven. Er komt 1 centraal fysiek loket en op lokaal niveau worden er ook inlooppunten gecreëerd, waardoor er op een laagdrempelige wijze advisering kan plaatsvinden. 5.4.5 Lokale Inclusie Na een intensief participatief traject is de lokale inclusie agenda (LIA) Hof van Twente tot stand gekomen. In 2026 geven wij uitvoering aan deze lokale inclusie agenda. Op basis van de opgehaalde behoeften en wensen ligt het accent in 2026 op de ontwikkeling van een sociale kaart, een klankbordgroep inclusiviteit, bewustwordingsactiviteiten en de inrichting van inclusieve digitale middelen. 5.5 Vitaal Ouder Worden

5.5.1 Wat willen we bereiken (doelen) In Hof van Twente komen steeds meer ouderen. Deze ouderen worden ook steeds ouder (dubbele vergrijzing). Het is een forse uitdaging om voor deze groter wordende groep een adequaat voorzieningenniveau te behouden. Hoe zorgen we ervoor dat ook de ouderen van de toekomst vitaal ouder kunnen worden, zelfredzaam kunnen blijven en kunnen blijven meedoen. Om dit mogelijk te maken werken we aan de volgende doelen: • Meer ouderen zijn in staat eigen regie te voeren • Meer ouderen wonen prettig in de eigen kern

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

81

• Voorzieningen blijven beschikbaar voor wie het nodig heeft De samenleving is klaar voor meer ouderen. 5.5.2 Algemeen In 2024 is aan een aantal ontwikkelingen een impuls gegeven. De formatie was op orde dus we konden de tijd eraan besteden die nodig was. Voor 2026 geldt dat we op de ingeslagen weg verdergaan. 5.5.3 Samen Indiceren Bij Samen Indiceren draait het om het met netwerkpartners en Twentse Koers verkennen de mogelijkheden liggen om met elkaars kennis en kunde de indicering, effectiever, efficiënte en bovenal inwonervriendelijker uit te voeren. In 2026 bouwen we verder op de ervaringen en resultaten van het project Samen Indiceren. We verkennen of structurele borging binnen de organisatie en het beleid mogelijk is, zodat deze aanpak duurzaam wordt ingebed in de werkwijze van onze gemeente. Afhankelijk van de uitkomsten van de pilot en de gesprekken met partners, breiden we Samen Indiceren mogelijk uit naar andere doelgroepen of vormen van ondersteuning. 5.5.4 Welzijn op Recept Welzijn op Recept is per 1-1-2023 één van de verplichte ketenaanpakken in het kader van het Gezond en Actief Leven Akkoord (GALA). Wij onderkenden hiervoor al de toegevoegde waarde van samenwerking tussen het medische en het sociaal domein. We zijn in 2022 gestart in Delden Per 2026 is Welzijn op Recept in heel de gemeente PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

82

ingevoerd. Daarmee is een belangrijke stap gezet in het verbinden van het medische en het sociale domein. Dit draagt bij aan het versterken van welzijn en veerkracht van met name onze oudere inwoners. We verkennen in 2026 de mogelijkheden voor verbreding en verdieping van de aanpak zodat deze blijft aansluiten bij de behoeften van de praktijk. 5.5.5 Activiteiten op het gebied van Wonen en Zorg Het Uitvoeringsplan Woonzorgwelzijnsvisie is in maart 2025 vastgesteld. Een belangrijke opgave is een uitbreiding en kwaliteitsverbetering van woningen voor ouderen. Dit is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de senioren zelf, gemeente, projectontwik kelaars, zorgaanbieders en woningbouwcorporaties. In 2026 gaan we inzetten op kwaliteitsverbetering van geclusterde woonvormen in de sociale huursector en mogelijkheden benutten om in nieuwbouwprojecten geclusterde nultredenwoningen te realiseren. In de bewustwordingscampagne Praat samen over later is Wonen een belangrijk thema. In samenwerking met zorgaanbieders wordt ingezet op nieuwe locaties voor Beschermd Wonen. Nadrukkelijk zetten we ook in op vormen tussen 24-uurszorg en zelfstandigheid, waarbij het streven is dat iemand zo snel mogelijk zelfstandig een woning kan huren. 5.5.6 Ondersteuning mantelzorgers. Via Welzijnsinstelling Salut worden mantelzorgers uit onze gemeente ondersteund.

Begin 2024 is op basis van een plan van Salut extra geïnvesteerd in deze ondersteuning. Hierbij staat met name het bereiken van de mantelzorger centraal. De extra inspanningen worden betaald uit de zogenaamde SPUK GALA middelen (Gezond en Actief Leven Akkoord) en de middelen themanotities. Wij zijn van plan om ook in 2026 extra te investeren in de ondersteuning van mantelzorgers op basis van een eind 2025, begin 2026 op te stellen plan. PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

83

5.5.7 Bewustwordingscampagne Ook in 2026 werken we verder aan de bewustwording van onze inwoners. De basis hiervoor is de regionale samenwerking met de Twentse Koers en ook met andere partners die heeft geresulteerd in een regionale campagne. We gaan in gesprek met inwoners over de uitdagingen die het ouder worden met zich meebrengen. Het gesprek gaat over wat inwoners zelf kunnen doen in hun eigen gezondheids - en woonsituatie. Het aantal ouderen wordt de komende jaren fors groter. Dit betekent dat de ondersteuning vanuit de gemeente niet op dezelfde manier voortgezet kan worden. 5.5.8 Eenzaamheid In 2024 is gewerkt aan het verder verstevigen en uitbreiden van de lokale coalitie “Een tegen Eenzaamheid”. Eenzaamheid is een uitdaging die wij alleen succesvol kunnen aanpakken wanneer we met veel partijen goed samenwerken. In 2026 werken we verder aan deze meerjarige aanpak grond van het uitvoeringsplan dat eind 2024 is opgesteld. 5.5.9 Dementie Op het terrein van dementie zijn wij als gemeente met samenwerkingspartners al een aantal jaren actief. Denk bijvoorbeeld aan het Alzheimercafé en het trainingsprogramma “Omgaan met Dementie”. We hebben met de partners nog een keer goed gekeken naar welke ondersteuning geboden wordt en welke behoefte er is onder meer aan de hand van de injuli 2025 uitgevoerde dementiescan.

De hieruit voorkomende acties voeren we in 2026 en volgende jaren uit.

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

84

Reguliere taken Onderwerpen

Re-integratie en inkomensvoorziening

Wet maatschappelijke ondersteuning

Jeugdzorg

Toelichting reguliere taken

Vanuit ons re-integratiebeleid zetten we extra in op jongeren uit het Praktijkonderwijs (PRO) en het Voortgezet Speciaal Onderwijs (VSO) en de zogenaamde Belofte 5 jongeren. Dit zijn jongeren die zonder afgeronde opleiding en zonder uitkering tussen de wal en het schip dreigen te raken. Inwoners die (tijdelijk) niet kunnen werken, ondersteunen we met een periodieke uitkering. Inwoners met een minimuminkomen ondersteunen we met ons minimabeleid. Op basis van de Wmo ondersteunen wij onze inwoners bij maatschappelijke deelname en zelfstandig leven, het hebben van een schoon en leefbaar huis en verstrekken wij waar nodig hulpmiddelen. We doen dit vanuit de gedachte goedkoopst-adequaat. Ook organiseren wij het toezicht op de Wmo en beheren en managen wij alle contracten op dit gebied. We geven uitvoering aan de Jeugdzorg en ondersteunen kinderen, jongeren en ouders bij opvoed- en opgroeivragen. Daarnaast zorgen we ervoor dat ze de juiste zorg en ondersteuning krijgen. Ook hier hanteren we de gedachte dat we kiezen voor een goedkoopst-adequate oplossing. De contracten die lokaal zijn ingekocht en die betrekking hebben op de ambulante hulpverlening, beheren en managen we ook zelf.

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

85

Wat gaat dit kosten? Bedragen x € 1.000

5 Maatschappelijke ondersteuning 05202 Parkeren 05601 Samenkracht en burgerparticipatie 05602 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen 05623 Toegang en eerstelijnsvoorzieningen 05603 Inkomensregelingen 05604 WSW en beschut werk 05605 Arbeidsparticipatie 05606 Maatwerkvoorzieningen (WMO) 05671A Hulp bij het huishouden (WMO) 05671B Begeleiding (WMO) 05671C Dagbesteding (WMO) 05672A Jeugdhulp begeleiding 05672B Jeugdhulp behandeling 05672C Jeugdhulp dagbesteding 05672D Jeugdhulp zonder verblijf overig 05673A Pleegzorg 05673B Gezinsgericht 05673C Jeugdhulp met verblijf overig 05674A Jeugd behandeling GGZ zonder verblijf 05674B Jeugdhulp crisis/LTA/GGZ-verblijf 05681A Beschermd wonen (WMO) 05681B Maatschappelijke- en vrouwenopvang

Rek.2024

2025

2026

2027

2028

2029

59 12.980 282

91 12.075

96 10.999

99 4.946

100 3.973

101 4.122

1.026 12.139 3.079 2.422

850 12.302 2.900 2.109

570 12.056 2.847 2.197

570 12.126 2.816 2.212

570 12.140 2.721 2.229

11.668 2.912 2.538 2.628 4.272 2.432 882 3.308 2.486 663 252 248 901 1.256 1.308 2.429 154 11

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

86

5 Maatschappelijke ondersteuning 05682A Jeugdbescherming 05682B Jeugdreclassering 05660 Hulpmiddelen en diensten (Wmo) 056711 Huishoudelijke hulp (Wmo) 056712 Begeleiding (Wmo) 056713 Dagbesteding (Wmo) 056752 Jeugdhulp ambulant regionaal 056753 Jeugdhulp ambulant landelijk 056762 Jeugdhulp met verblijf regionaal 056763 Jeugdhulp met verblijf landelijk 056792 PGB Jeugd 056811 Beschermd wonen (Wmo) 056812 Maatschappelijke- en vrouwenopvang 056821 Jeugdbescherming 056822 Jeugdreclassering 05691 Coördinatie en beleid Wmo 05692 Coördinatie en beleid Jeugd 05701 Volksgezondheid Totaal lasten

Rek.2024

2025

2026

2027

2028

2029

2.362 4.927 2.898 992 6.343 165 5.790 185 183 122 50 735 120 1.667 1.426 1.994 60.790

2.457 5.124 2.972 1.032 6.597 172 5.931 199 190 127 52 764 124 1.745 1.741 2.083 60.566

2.457 5.124 2.972 1.032 6.597 172 5.256 199 190 127 52 764 124 1.796 1.785 1.980 53.342

2.457 5.124 2.972 1.032 6.597 172 5.256 199 190 127 52 764 124 1.803 1.792 1.980 52.437

2.457 5.124 2.972 1.032 6.597 172 5.256 199 190 127 52 764 124 1.800 1.790 1.980 52.519

2.171 105

1.795 57.741

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

87

5 Maatschappelijke ondersteuning 05202 Parkeren 05601 Samenkracht en burgerparticipatie 05603 Inkomensregelingen 05605 Arbeidsparticipatie 05606 Maatwerkvoorzieningen (WMO) 05671A Hulp bij het huishouden (WMO) 05671B Begeleiding (WMO) 05681A Beschermd wonen (WMO) 05660 Hulpmiddelen en diensten (Wmo) 056711 Huishoudelijke hulp (Wmo) 05701 Volksgezondheid Totaal baten Saldo van baten en lasten 05010 Mutaties reserves (stortingen) 05010 Mutaties reserves (onttrekkingen) Saldo mutaties reserves Resultaat na bestemming

Rek.2024

2025

2026

2027

2028

2029

20 10.203 8.135 451 431 4 6 268

18 7.001 8.226 398

19 6.372 8.274 320

19 0 8.224 320

19 404 8.272 320

19 408 8.272 320

416 4 100 16.163 -44.627 125 2.732 2.607 -42.020

416 4 100 15.504 -45.062 865 2.581 1.716 -43.346

678 4

678 4

678 4

9.244 -44.097

9.696 -42.741

9.700 -42.819

711 711 -43.386

61 61 -42.679

61 61 -42.757

19.518 -38.223 3.542 2.046 -1.497 -39.720

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

88

Toelichting (grootste) mutaties programma 5 per taakveld Algemeen Op basis van de uitgangspunten voor de loon- en prijsontwikkeling 2026 een verhoging van de budgetten met gemiddeld 3,1%. Wijziging indeling taakvelden vanaf 2025

De taakvelden op het gebied van Wmo en Jeugdzorg zijn met ingang van 2025, op basis van BBV-voorschriften, verplicht anders ingedeeld en daarmee verschuiven de ramingen.

05601

Samenkracht en burgerparticipatie

De meerjarige mutaties in de lasten en baten worden met name veroorzaakt door het programma OSA.

05623

Toegang en eerstelijnsvoorzieningen integraal

Van 2024 t/m 2026 inzet themanotities sociaal domein.

05605

Arbeidsparticipatie

Van 2024 t/m 2026 inzet themanotities sociaal domein.

divers

Wmo

De Jeugdwet en WMO zijn openeinderegelingen, wat betekent dat er geen financieel plafond is ingesteld. In de begroting wordt rekening gehouden met de werkelijke lasten in voorgaande jaren en een zo goed mogelijke bijstelling in de bestuursrapportages. Volume en prijsontwikkelingen (aanbesteding) leiden tot een stijging van de budgetten.

divers

Jeugdzorg

De Jeugdwet en WMO zijn openeinderegelingen, wat betekent dat er geen financieel plafond is ingesteld. In de begroting wordt rekening gehouden met de werkelijke lasten in voorgaande jaren en een zo goed mogelijke bijstelling in de bestuursrapportages. Volume en prijsontwikkelingen (aanbesteding) leiden tot een stijging van de budgetten.

05010

Mutaties reserves

Mutaties in de reserves hangen samen met de uitgaven op de andere taakvelden. Een specificatie van de mutaties per programma is opgenomen in de financiële bijlagen (specificaties incidentele baten/lasten en structurele resultaatbestemming).

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

89

Programma 6: Algemene dekkingsmiddelen en overhead Dit programma geeft een overzicht van de algemene dekkingsmiddelen, overhead, onvoorzien en vennootschapsbelasting. De algemene dekkingsmiddelen zijn die inkomsten waar geen directe dienstverlening en/of bestedingsverplichtingen tegenover staan. Deze middelen worden ingezet als dekking van de lasten en baten in de programma’s. De algemene dekkingsmiddelen bestaan uit: lokale heffingen, algemene uitkering gemeentefonds, dividenden en rente (afschrijvings)reserves. De lasten en baten van overhead en financiering worden afzonderlijk inzichtelijk gemaakt. Deze dienen ter ondersteuning van de programma’s.

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

90

Prioriteiten en aandachtspunten Onderwerpen Resultaten 2026 6.1 Algemene uitkering 6.1.1 Omvang gemeentefonds vanaf 2026 gemeentefonds Het Rijk heeft de financieringssystematiek van het gemeentefonds aangepast met ingang van 2026. De aanpassing leidde tot een structureel nadelig effect op de omvang van het gemeentefonds. In april 2025 heeft het kabinet de Voorjaarsnota gepresenteerd. Een belangrijk onderdeel van de toekenning van aanvullende financiële middelen aan gemeenten. De terugval van het gemeentefonds is verzacht (structureel € 700.000) en daarnaast worden de tekorten in de jeugdzorg gedeeltelijk gecompenseerd (structureel € 600.000). Dit is in lijn met het advies van de deskundigencommissie Van Ark, die de aanbeveling deed om het tekort gelijkelijk te verdelen tussen het Rijk en de gemeenten. 6.1.2 Hervormingsagenda Jeugdzorg Het Rijk en de VNG werken aan de Hervormingsagenda Jeugdzorg. Daarbij is er sprake van een besparing in het jeugddomein. Het gaat om maatregelen waarbij gemeenten minder middelen nodig hebben of waarbij alternatieve inkomsten gegenereerd worden. Het Rijk heeft in de voorjaarsnota 2025 voor de jaren 2025 t/m 2027 aanvullende middelen beschikbaar gesteld voor de gemeenten. De geplande bezuinigingen in het kader van de hervormingsagenda zijn daarmee uitgesteld.

Voor de jaren 2028 en verder versterkt het kabinet de beheersmaatregelen uit de hervormingsagenda en PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

91

worden aanvullende maatregelen uitgewerkt. Vanaf 2028 zijn de middelen uit het gemeentefonds genomen. 6.1.3 Eigen bijdragen: Wmo vanaf 2027 en Jeugd vanaf 2028 Het abonnementstarief in de Wmo zal worden afgeschaft en in plaats daarvan zal een inkomensafhankelijke eigen bijdrage in de Wmo heringevoerd worden, de planning is vanaf 2027. Daarnaast is een van de maatregelen vanuit de hervormingsagenda de invoering van een eigen bijdrage voor jeugdzorg per 1 januari 2028. De inkomsten vanuit het gemeentefonds zijn in lijn daarmee verlaagd en daartegenover is een evenredige verhoging aan bijdragen geraamd. 6.1.4 Herijking van het gemeentefonds De grootste herijking van het gemeentefonds is bij de meicirculaire 2022 verwerkt. Enkele onderdelen vragen nog verder onderzoek over de wijze van verdeling. Uitwerking zal voor de komende jaren leiden tot nieuwe verdeeleffecten. De verwachting is dat in het voorjaar van 2026 aanpassingen met ingang van 2027 worden gedeeld.

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

92

Reguliere taken

Lokale heffingen

Een nadere toelichting staat in de paragraaf Lokale heffingen.

Algemene uitkering gemeentefonds

De gemeente ontvangt een groot deel van haar inkomsten van het Rijk, via de algemene uitkering. De basisraming van de algemene uitkering uit het gemeentefonds is gebaseerd op de meicirculaire 2025.

Dividenden

De gemeente ontvangt jaarlijks dividenduitkeringen. Dat is het rendement uit deelname in maatschappelijk kapitaal van instellingen en ondernemingen. Zie ook de paragraaf Verbonden partijen. Op basis van de resultaten uit het verleden en afspraken over mogelijke winstuitkering (dividendbeleid) en ontwikkelingen is bij de deelnemingen een dividenduitkering opgenomen in de begroting 2026 van € 1,7 miljoen. Vanaf 2028 daalt dit, door de verlaging van het dividend vanuit Cogas, naar € 1,3 miljoen.

Onvoorzien

Het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) schrijft voor dat er een bedrag opgenomen moet worden voor onvoorziene lasten. In de begroting is een jaarlijks bedrag voor onvoorziene uitgaven opgenomen. Bij de dekkingsmaatregel in de kaderbrief 2026 is het budget structureel verlaagd van € 25.000 naar € 1.000.

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

93

Vennootschapsbelasting

Nederlandse overheidsondernemingen zijn in principe belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (Vpb). Het doel van de onderliggende wetgeving is een gelijk speelveld creëren tussen overheidsondernemingen en private ondernemingen. Op basis van interpretatie van algemene richtlijnen van de Belastingdienst en (voorlopige) aangiftes is een gemiddelde vennootschapsbelastinglast geraamd in de begroting van € 15.000 per jaar. De vennootschapsbelasting over de gemeentelijke grondexploitaties komt ten laste van de reserve grondexploitatie.

Rentetoerekening

Rente-omslagpercentage Voor financiering van investeringen wordt totaalfinanciering toegepast. Dit houdt in dat alle uitgaven en investeringen gezamenlijk worden gefinancierd, en niet per investering een aparte lening wordt aangegaan en/of geadministreerd. De rentelasten worden procentueel toegerekend aan de totale boekwaarde van de investeringen. De procentuele verhouding tussen de totale boekwaarde en de totale rentelasten wordt het renteomslagpercentage genoemd. Paragraaf 4 geeft meer inzicht in de financiering. Rente afschrijvingsreserves Over de afschrijvingsreserves worden rentelasten berekend. Hierbij wordt het rente-omslagpercentage gehanteerd. De rente over de afschrijvingsreserves dient tevens als dekking van de rentelasten van de betreffende investeringen.

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

94

Overhead

Algemeen Conform de BBV-voorschriften worden kosten zoveel mogelijk direct toegerekend aan de betreffende taken/activiteiten. De lasten en baten van overhead worden centraal begroot en verantwoord. De overhead wordt gedefinieerd als het geheel van functies gericht op sturing en ondersteuning van medewerkers in het primaire proces. Het betreft zowel de fysieke componenten, zoals huisvesting en automatisering, als ondersteunende personele inzet. Heffingen en tarieven De overhead wordt betrokken bij de berekening van kostendekkende heffingen en tarieven. Zie paragraaf 1 lokale heffingen. Het aandeel overhead in de heffingen en tarieven wordt extracomptabel berekend. Grondexploitaties Voor de rendabele activiteiten van grondexploitaties maakt de BBV een uitzondering voor wat betreft het centraal begroten en verantwoorden van de overheadkosten. Deze worden wel toegerekend aan het taakveld. Voor de toerekening van de rentelasten wordt het rente-omslagpercentage toegepast. Verdeelsleutel De toe te rekenen overhead wordt bepaald door de totale lasten van het taakveld overhead te delen door de totale directe personeelskosten (loonkosten en inhuur), verdeeld naar taakveld.

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

95

Loon- en prijsontwikkeling

Jaarlijks anticiperen wij op de inflatieontwikkeling in de budgetten voor het nieuwe begrotingsjaar. Tegenover de loon- en prijsstijgingen staat (deels) een compensatie vanuit het gemeentefonds. Op basis van de gehanteerde uitgangspunten, gebaseerd op cijfers van het Centraal Planbureau, is de indexering opgebouwd uit meerdere componenten. Uitgangspunten indexering budgetten in de begroting 2026: • Personele kosten 1,0% • Materiële uitgaven 4,5% • Bijdrage gemeenschappelijke regelingen 3,2% • Sociaal domein (vergoedingen Wmo en Zorg) 4,0% • Gewogen gemiddelde 3,1% • Subsidies en inkomsten van leges en belastingen 3,1%

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

96

Wat gaat dit kosten? Bedragen x € 1.000

6 Algemene dekkingsmiddelen en overhead 06004 06005 06007 06008 06009 06061 06062 06064 06304 06004 06005 06007 06008 06009 06061 06062 06064 06304

06010 06010

Overhead Treasury Algemene uitkering en overige uitkeringen Overige baten en lasten Vennootschapsbelasting (VpB) OZB woningen OZB niet-woningen Belastingen overig Economische promotie Totaal lasten Overhead Treasury Algemene uitkering en overige uitkeringen Overige baten en lasten Vennootschapsbelasting (VpB) OZB woningen OZB niet-woningen Belastingen overig Economische promotie Totaal baten Saldo van baten en lasten Mutaties reserves (stortingen) Mutaties reserves (onttrekkingen) Saldo mutaties reserves Resultaat na bestemming

Rek.2024

2025

2026

2027

2028

2029

16.000 1.955

15.711 550

15.366 461

14.528 -571

14.137 -715

14.238 -961

556 223 218 103 42 15 19.113 1.010 4.262 70.259 609

156 15 297 72 55 17 16.873 776 3.596 74.220 85

-65 15 305 74 57 17 16.230 689 2.287 73.575

-10 15 313 76 57 18 14.425 689 1.784 72.705

112 15 314 76 57 18 14.014 689 1.338 70.380

233 15 315 77 57 18 13.992 653 1.336 70.570

6.080 4.018 98 655 86.992 67.879 8.248 9.579 1.331 69.209

6.212 4.087 55 585 89.617 72.745 14.686 15.072 386 73.131

6.405 4.214 55 589 87.813 71.583 4 1.046 1.043 72.626

6.405 4.214 55 589 86.440 72.015 4 296 293 72.308

6.405 4.214 55 589 83.669 69.655 4 284 280 69.935

6.405 4.214 55 589 83.821 69.829 4 284 280 70.109

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

97

Toelichting (grootste) mutaties programma 6 per taakveld Algemeen Op basis van de uitgangspunten voor de loon- en prijsontwikkeling 2026 een verhoging van de budgetten met gemiddeld 3,1%. 06004

Overhead

In 2024 t/m 2026 hogere budgetten, waaronder regiebureau/ICT, strategische personeelsplanning, innovatie- en ontwikkelbudget. In 2024 hoger lasten voor het beheer en onderhoud van de gebouwen. Hogere baten in 2024 en 2025 betreffen vergoeding voor (detachering) van personeel en mutaties voorzieningen.

06005

Treasury

Tot en met 2026 renteopbrengsten over beschikbare liquide middelen. Met de investeringen uit de kaderbrief 2025 (meerjareninvesteringsplan) stijging vanaf 2026 de rentelasten door nieuwe financiering. Vanuit dit taakveld (treasury) worden deze rentelasten toegerekend naar de andere taakvelden. De doorbelasting is op dit taakveld is in de meerjarenraming een negatieve last). In 2024 lasten en baten van circa € 1 miljoen in verband met Zenkeldamshoek. De dividenduitkeringen in 2025 zijn bijgesteld op basis van de daadwekelijke besluiten tot dividenduitkering. Vanaf 2026 en nogmaals vanaf 2028 daalt de dividenduitkering van Cogas.

06007

Algemene uitkering en overige uitkeringen gemeentefonds

In de voorjaarsnota 2025 heeft het Rijk structureel aanvullende middelen beschikbaar gesteld aan de gemeenten. Daarnaast zijn de bezuinigingen in het kader van de hervormingagenda uitgesteld naar 2028.

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

98

06008

Overige baten en lasten

Lasten en baten in verband met afwikkeling BTW compensatiefonds en omzetbelasting en overige kosten. Bij de jaarrekening 2024 zowel hogere lasten als baten. En de stelpost onvoorzien.

06009

Vennootschapsbelasting (VpB)

In 2024 werkelijke lasten op basis van voorlopige en definitieve aanslagen, inclusief voorgaande jaren.

06304

Economische promotie

In 2024 zijn de werkelijke opbrengsten toeristen- en forensenbelasting hoger.

06010

Mutaties reserves

Mutaties in de reserves hangen samen met de uitgaven op de andere taakvelden. Een specificatie van de mutaties per programma is opgenomen in de financiële bijlagen (specificaties incidentele baten/lasten en structurele resultaatbestemming).

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

99

Paragraaf 1: Lokale heffingen Onroerendezaakbelastingen Rioolheffing Afvalstoffenheffing

Toeristenbelasting

- 3,10% inflatoire verhoging - € 5,00 verhoging - 3,10% inflatoire verhoging - Nieuw tarief € 366,30 - Vast bedrag € 111,80 - Per inzamelmiddel € 30,00 Aanbieding ter lediging: - 140 ltr. grijze container € 5,80 - 240 ltr. grijze container € 9,95 - Ontgr. verz. cont. 30 ltr. € 1,20 Geen verhoging tarieven. - Tarief hotel, B&B en pension €1,55 - Tarief overige accommodaties €1,10 - 3,10% inflatoire verhoging

Deze paragraaf geeft een overzicht van de lokale heffingen binnen onze gemeente. We beschrijven hierin de ontwikkeling van de tarieven van gemeentelijke belastingen en rechten, de lastendruk voor inwoners, het beleid rond kwijtschelding, de begrote inkomsten en de mate van kostendekkendheid van de geheven rechten. Daarna volgt een beknopte toelichting op elk van deze aspecten.

Haven-, kade- en opslaggelden

Geen verhoging tarieven

Onroerende-zaakbelastingen (OZB) De OZB wordt geheven van eigenaren en, in het geval van niet-woningen, tevens van gebruikers. Voor woningen geldt de heffing uitsluitend voor de eigenaren.

Bedrijveninvesteringszone

- € 10,00 verhoging t/m 2029 - Nieuw tarief € 405,00 - 140 ltr. cont. huishouden: € 998, 1,58% daling - 240 ltr. cont. huishouden: € 1.042, 1,04% daling - OZB, rioolheffing en afval. basisbedr.: volledige kwijtschelding mogelijk - Afval. inzamelmiddel: max. 2 inzamelmiddelen - Afval. ledigingen: max. voor € 79,60

Ter realisatie van de voorgenomen inkomsten voor het jaar 2026 is een verhoging van de OZB-tarieven met 3,10% noodzakelijk, overeenkomstig de inflatieontwikkeling. De uiteindelijke vaststelling van de tarieven is afhankelijk van de waardeontwikkeling van zowel woningen als niet-woningen. Deze waarden worden inzichtelijk na afronding van de WOZ-waarderingsprognoses.

Forensenbelasting, lijkbezorgingsrechten, marktgelden en leges

Lokale lastendruk

Kwijtschelding

PROGRAMMABEGROTING 2026: FUNDAMENT VOOR GROEI

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hofvantwente.nl/api/v1/meetings/4179/documents/59196