CConstaterende datHofvantwente
Koppel je AI →
Document · PDF

portfolio themanotities.pdf

Gemeenteraad 9 mei 2023, gemeente HofvantwenteBij agendapunt: 14: Themanotities23.016 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Appendix bedrijfsvoering bij Themanotitie: Als bedrijfsvoeringsparagraaf bij elke themanotitie: vul (zo nodig in overleg met financieel adviseur en P&O adviseur) onderstaande vragen in:

1.

Budgetverdeling:

Voor de uitvoering van het programma is in totaal 250.000 euro beschikbaar. De besteding wordt over 4-5 jaren uitgespreid waarbij in de loop der tijd budgetten voor andere doelen worden ingezet. In 2023 wordt een “vliegende “start gemaakt en om die reden een relatief hoger bedrag ingezet.: - Project keurmerk veilig buitengebied 50.000 euro - Project keurmerk veilig ondernemen 50.000 euro - Aanpak vakantieparken 50.000 euro - Meting veiligheidsgevoel in 2023 5.000 euro - Onderzoek capaciteit toezicht in 2023 20.000 euro - Aanpak ondermijning 50.000 euro

Het resterende bedrag wordt als stimulans of als uitvoeringskosten ingezet op de andere thema’s uit de visie veiligheid zoals invoering exploitatievergunning, uitvoering aanpak cybercriminaliteit, actualisatie evenementenbeleid etc

2.

Personele inzet:

3.

Overige inzet:

Voor de directe aansturing en uitvoering van het programma is binnen veiligheid op jaarbasis 2600 uren en aanwezig en circa 1150 aan juridische ondersteuning. Het betreft structurele werkzaamheden, zodat programma primair met reguliere formatie wordt uitgevoerd. In dekking via de begroting is voorzien.

in de aanpak van veiligheid en ondermijning is de inbreng van andere disciplines onontbeerlijk. Binnen het thema veilig wonen en ondernemen is samenspel met ruimtelijke ordening en economie noodzakelijk. Het thema samenleven raakt voornamelijk het sociale domein. Ondermijning vraagt betrokkenheid in de gehele organisatie. Op jaarbasis zal op inhoud en op omvang inzet met management “contractafspraken worden gemaakt”

Themanotitie 5: Duurzaamheid WAT WILLEN WE BEREIKEN? De Transitievisie Warmte en de Routekaart energieneutraal 2035 geven richting in de ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid. We gaan de komende 5 jaar werken aan 2 pilot-wijken, Rupertserf (Delden) en Tuindorp (Goor), om met een integrale aanpak oplossingen te vinden voor sociale, fysieke en duurzaamheidsopgaven. Zo bekijken we welke mogelijkheden er zijn voor alternatieve bronnen voor aardgas. Hiervoor is inzet in projectleiding en expertise op verduurzaming nodig. Ook blijven we nadrukkelijk inzetten op individuele ondersteuning van inwoners door inzet van energiecoaches en door concrete voorlichting over subsidiemogelijkheden via o.a. www.duurzaambouwloket.nl. We willen met de integrale aanpak inzetten op energiebesparende maatregelen voor minima, zodat toekomstige energiekosten worden verlaagd en daarmee een betere uitgangspositie voor minima wordt gerealiseerd. Het project buurtenergie biedt buurtschappen en kernen de mogelijkheid om zelf projecten te doen

die duurzame energie opwekken. Er is een start gemaakt met drie locaties (pilot). De lokale aanpak willen we, indien deze succesvol verloopt, ook voor andere locaties mogelijk maken. Wij zien nog verdere kansen voor opwek van zonne-energie in de bebouwde omgeving. Bijvoorbeeld op bestaande en nieuw aan te leggen bedrijfsterreinen. De mogelijkheden, zoals verplichting in het omgevingsplan, financiële regelingen e.d. worden onderzocht en uitgevoerd. Ten aanzien van de mobiliteitstransitie zien we een grote opmars van elektrische voertuigen. Dit vraagt om slimme manieren om laden te organiseren. Zeker in wijken waar veel gebruik gemaakt wordt van openbaar parkeren is een goed plan nodig om overlast te voorkomen. Ook andere mobiliteitsoplossingen, zoals deelauto’s, fietssnelwegen ed. krijgen aandacht. Duurzaamheid en groene inrichting hebben onderlinge relatie. In de openbare ruimte willen we mogelijkheden koppelen en projecten uitvoeren die bijdragen aan de vier grote opgaven waar we landelijk voor staan: klimaatadaptatie, energietransitie, verandering in de landbouw en biodiversiteit. De onderlinge samenhang tussen

deze opgaven willen we in projecten verbinden zoals bij het terugbrengen van de Stadsregge en de herinrichting van pleinen. Projecten waar proces en uitvoering om middelen vragen. Concreet willen we inzet plegen op het Plein onder de Platanen en de Schoolfeestweide. Afhankelijk van de herinrichting bekijken we waar nog meer inzet gepleegd zal worden.

WAT GAAN WE DAARVOOR DOEN? 2023: Beleid (nieuw) De routekaart 2035 (energieneutraal) blijft voor ons leidend. Daarbij blijven we in beeld brengen wat we hebben gedaan, nog gaan doen en wat de effecten zijn geweest op de doelstelling om in 2035 energieneutraal te zijn. In de routekaart is ook een overzicht gegeven van de te verwachten projecten die nog uitgevoerd gaan worden. Uiteraard is er volop aandacht voor de uitvoeringsmaatregelen uit de routekaart. We maken deel uit van de RES-Twente. Binnen dit project wordt gezamenlijke uitgangspunten voor energiebesparing en -opwekking bepaald en wordt lokaal het verwachte aanbod bepaald. Ter

begeleiding van het RES-proces nemen we deel in werkgroepen en geven we (bestuurlijke)inbreng op inhoudelijke onderwerpen. In juni 2023 wordt naar verwachting de RES 2.0 vastgesteld. In de Transitievisie Warmte zijn twee wijken benoemd als pilotwijken. Wij gaan voor Tuindorp en Rupertserf wijkuitvoeringsplannen ontwikkelen. Wij willen hier ruimer invulling aan geven. Naast duurzaamheidsplannen kijken we ook naar andere ontwikkelingen (waaronder hittestress en klimaatadaptatie en sociale cohesie) en gaan we samen met bewoners aan de slag. Dat doen we door bij vervangen van de riolering ook technische maatregelen te treffen voor de opvang van hemelwater. Met bewoners kijken we naar passende groene invullingen die bijdragen aan de opgaven voor water maar ook positief zijn voor de beleving van de gezonde leefomgeving, zoals ruimere wadi’s met speelvoorzieningen. We maken een onderscheid in drie onderdelen op duurzaamheid: wonen, rijden en werken.

Duurzaam wonen (intensivering): Energiebesparing: voorlichtingscampagnes en

maatregelen: zoals poen voor groen, energieloketten en wooncoaches. Daarbij richten we ons met name op het voorkomen en bestrijden van energie-armoede. Gezamenlijke opwek: buurtenergie en zon op dak Isolatie en verduurzaming warmtebronnen: wijkuitvoeringsprojecten en collectieve inkoop. Samenwerking met woningbouwcorporaties is belangrijk.

Duurzaam rijden (nieuw): Stimulering van duurzaam vervoer zoals deelauto’s en betere fietsverbindingen. Stimulering van elektrisch rijden door o.a. verbetering laadinfrastructuur. Hiervoor worden jaarlijks maximaal 10 laadpalen uit strategisch oogpunt door de gemeente aangelegd. Daarnaast wordt het grootste deel op basis van concrete aanvragen door de concessiehouder geplaatst. De behoefte (prognose) is om in 2035 in de Hof circa 1.000 laadpunten te hebben geplaatst.

Duurzaam werken (nieuw en intensivering): Verplichting van zon op dak voor minimaal het eigen verbruik, bij nieuwe bedrijfspanden (na invoering van omgevingswet). Verduurzaming gemeentelijk vastgoed op basis van op te stellen Duurzame meerjaren onderhoudsplanning (DMJOP): zoals het zwembad en accommodaties. Dit wordt opgesteld voor al ons gemeentelijk vastgoed. Maatregelen ten behoeve van besparing energie die gefinancierd kunnen worden door een doorontwikkeling van de energielening voor bedrijven en verenigingen.

Educatie (intensivering) Hofpower is het educatieprogramma voor duurzaamheid, energiebesparing en groen gericht op bewustwording en gedragsverandering. Komende 5 jaar willen we alle scholen in de Hof van Twente lessen geven over duurzaamheid, groen en techniek.

Na 2023 (2024 – 2027): We willen blijvend inzetten op besparing van energie bij huiseigenaren, huurders en bedrijven. Hiertoe worden voorlichtingscampagnes georganiseerd (minimaal 2 per jaar). We zetten in op individueel maatwerk door wooncoaches, duurzaam bouwloket en fix-teams. Daarnaast wordt er op wijkniveau gekeken welke collectieve mogelijkheden er zijn voor verwarming (groen gas, elektrisch verwarmen of andere innovatieve mogelijkheden). Duurzame opwek is en blijft een essentieel onderdeel van het plan om een energie-neutrale gemeente te zijn in 2035. Plannen van en voor de buurten worden begeleid door de gemeente waarbij zij een faciliterende rol aannemen. We willen voor minimaal ons bod in de RES en passend bij de actualisatie Routekaart duurzame opwek realiseren. Hierover stemmen we af met netwerkbeheerders. We willen intensiever samenwerken met energiecorporaties zoals ECHT, Hof van Twente op Rozen en Zuiver. Dit omdat deze corporaties nieuwe projecten kunnen starten en inwoners hiervan kunnen profiteren.

Pleinen (nieuw) Er zijn ideeën om een aantal pleinen in onze gemeente te vergroenen en te verduurzamen. We willen in gesprek met de samenleving om te verkennen wat mogelijk en nodig is. Water en groen zijn daarbij belangrijke thema’s. De wens is om in iedere kern een groen en duurzaam plein te hebben. Dit om gezondheid bij inwoners te stimuleren.

Stadsregge (nieuw) We houden bij nieuwe ontwikkelingen op het tracé van de oude Stadsregge rekening waar mogelijk met het terugbrengen van deze watergang. We bekijken de mogelijkheden voor integraal herstel van de loop de komende jaren, waarbij de consequenties en kosten later in beeld worden gebracht.

WAT MAG HET KOSTEN?

Duurzaam werken

2023:

Verplichting zon op bedrijfsdak

€ 10.000

DMJOP (opstellen)

€ 50.000

Energielening

Bestaand

Hofpower (5 jaar)

€ 325.000

Regisseur gezonde leefomgeving

€ 85.000

Totaal

€ 1.103.500

Actualiseren beleid en het deelnemen in regionaal verband

€ 200.000

Integrale wijkplannen (plan van € 75.000 aanpak en voorbereiding) Duurzaam wonen:

€ 200.000

Voorlichting, fix-teams, wooncoaches, gezamenlijke inkoop

Na 2023:

Buurtenergie € 60.000

Actualiseren beleid en het deelnemen in regionaal verband (ambtelijke inzet)

€ 500.000

Aanleggen maximaal 10 strategische laadpalen

€ 38.500

Integrale wijkplannen (uitvoering)

€ 600.000

Campagne duurzaam vervoer

€ 20.000

Duurzaam wonen:

€ 400.000

Verbetering fietsinfrastructuur (inventarisatie en pva)

€ 40.000

Voorlichting, fix-teams (of alternatief), wooncoaches, gezamenlijk inkoop (ambtelijke

3 pilots Duurzaam rijden

en wonen is directe relatie. We streven naar onderlinge versterking tussen de opgaven (programma duurzame leefomgeving).

inzet) Buurtenergie Overige gebieden (begeleiding processen)

€ 250.000

Samenwerking externe partijen

€ 75.000

Herinrichting pleinen (planvorming)

€ 25.000

Strategische laadpalen t/m 2025

€ 77.000

Regisseur gezonde leefomgeving

€ 50.000

Totaal

€ 1.977.000 *

* er is een bedrag van € 1.000.000 aangegeven door de raad. Er is € 977.000 begroot vanuit de bestaande budgetten.

Overige onderdelen Duurzaamheid – energietransitie is een van de 5 opgaven waar we aan werken. Met de overige 4: klimaatadaptatie, biodiversiteit, agrarische sector

Duurzaamheid is vertaald naar energieneutraal in 2035. Duurzaamheid kan ook geladen worden vanuit toekomstbestendigheid. Inzet vanuit de middelen duurzaamheid kunnen daarmee ook gedaan worden op keuze voor duurzamer materiaal of inrichting. Vanuit de gemeentelijke organisatie zijn er veel raakvlakken met duurzaamheid zoals vergunningverlening, juridisch, beheer, groen en financiën. Inzet van middelen en ambtelijke inzet worden per project verkend en bepaald.

Appendix bedrijfsvoering bij Themanotitie: Duurzaamheid Als bedrijfsvoeringsparagraaf bij elke themanotitie: vul (zo nodig in overleg met financieel adviseur en P&O adviseur) onderstaande vragen in:

1.

Budgetverdeling:

Hoe wordt het budget verdeeld over de acties/projecten/initiatieven die onder het thema worden gestart, geïntensiveerd enz.? Zie hiervoor het onderdeel ‘wat mag het kosten’.

2.

Personele inzet:

Welke inzet is benodigd om uitvoering te kunnen geven aan het thema? a. welk deel hiervan kan met behulp van bestaande menskracht worden ingevuld? b. welk deel hiervan kan met tijdelijke inhuur worden uitgevoerd? c. voor welk deel hiervan is structurele formatie gewenst/vereist? Hoe borgen we dat formatie-uitbreiding goed gedekt wordt/ risico’s worden verkleind? Hoe kan de inzet van BOBI mogelijk hierbij behulpzaam zijn?

Op basis van de huidige taken en projecten is het nodig om vaste formatie uit te breiden om de groei in taken en verantwoordelijkheden uit te voeren. Concreet betekent dit dat we willen inzetten op een regisseur (in totaal 1,5 fte incidenteel voor 4 jaar) die overzicht houdt op de opgaven op het gebied van duurzaamheid, agrarische sector, klimaatverandering, biodiversiteit en wonen (notitie duurzame leefomgeving). Deze personen adviseren op strategisch niveau, bewaakt voortgang en integraliteit in de opgaven en zorgt voor vernieuwing en verbinding. Deze functie is nieuw in onze organisatie en is structureel van aard. De kosten worden verdeeld over de thema’s duurzaamheid, agrarische sector, ondernemen en wonen. Voor de uitvoering van de werkzaamheden hebben we minimaal een projectleider, beleidsmedewerker en een allround medewerker nodig. Het rijk geeft de gemeente hiervoor gedurende minimaal 7 jaar structureel financiële middelen, die afdoende zijn voor vaste formatie voor minimaal 10 jaar. Deze middelen zijn aanvullend op de beschikbaar gestelde budgetten in de themanotitie. We willen zo snel mogelijk de formatie invullen om de lopende zaken op te pakken. Naast de uitbereiding van formatie is het ook nodig om inhuur te plegen op projecten.

Uit de routekaart en Transitievisie warmte komen projecten voort die bijdragen aan de opgaven die er zijn op het gebied van energieneutraliteit – transformatie. Deze inhuur is incidenteel van aard en maken onderdeel uit van het kostenoverzicht in de themanotities. Binnen de organisatie zijn daarnaast ook andere medewerkers betrokken vanuit verschillende disciplines. Dit zal ook nodig blijven gezien de aard en omvang van de opgaven voor

duurzaamheid. Concreet hebben we nodig: 3 fte: (schaal 9, 10 en 11) structureel (betaald uit rijksmiddelen niet themanotities) + 1 inhuur (schaal 10) incidenteel (4 jaar).

3.

Overige inzet:

Welke faciliterende ondersteuning is voor de uitvoering van het thema verder naar verwachting noodzakelijk? Denk aan inkoopfunctionaris, juridisch advies, communicatieadvies, I&A-ondersteuning etc.?

Inzet van de afdeling bedrijfsvoering is nodig voor een aantal onderdelen: inkoopfunctionaris, juridisch advies, p&o, financiën en communicatie. Het aantal uur is afhankelijk van het project en de concrete uitvoering. Op voorhand is het aantal uur niet in te schatten of concreet te maken.

Themanotitie 6: Wonen WAT WILLEN WE BEREIKEN? Eind 2021 is de woonvisie en het woningbouwprogramma vastgesteld, met zes overkoepelende ambities voor wonen in Hof van Twente. Voor de periode tot 2030 gaan we uit van een behoefte aan 675 - 730 toe te voegen woningen, om in voldoende woonruimte te kunnen voorzien voor onze eigen inwoners. Om te zorgen dat voldoende woningen gerealiseerd worden is het nodig om extra woningen te programmeren. Binnen de Regionale Woonagenda Twente hebben we afgesproken 130% te programmeren, dat komt neer op 850 - 900 woningen. Deze gaan we zo snel mogelijk realiseren. Vanuit de Nationale Woon- en Bouwagenda sluiten we binnen Twente een Regionale Woondeal. Hierin komen afspraken over het toevoegen van woningen voor de bovenlokale behoefte en voor het aantal betaalbare woningen. In de sociale

huursector moet iedere gemeente een ‘fair share’ nemen. De uitvoering van de Regionale Woondeal Twente heeft effect op ons woningbouwprogramma. De visie ‘Actief Noaberschap’ zet in op ontwikkelruimte voor woningbouw in alle kernen. Voor buurtschappen is meer maatwerk nodig. We zetten in op extra woningen voor starters, ouderen, bijzondere doelgroepen zoals statushouders, asielzoekers, woonwagenbewoners. Voor spoedzoekers willen we met flexwoningen een woonruimte kunnen bieden. Het gaat daarbij om complexe projecten. Om deze projecten te doorlopen hebben we extra inzet van personeel nodig. We willen daarbij aandacht besteden aan participatie. Het is van belang dat er snel en slagvaardig gehandeld wordt om zo voor 2030 de gewenste resultaten te bereiken. De grootste locatie voor woningbouwontwikkeling is Op Stoom. Hier komt ruimte voor meer dan 300 woningen in verschillende prijsklassen in huur en koop. Het project kent een lange doorlooptijd.

WAT GAAN WE HIERVOOR DOEN? 2023: De visie ‘Actief Noaberschap’ zet in op ontwikkelruimte voor woningbouw in alle kernen. De Nationale Woonen Bouwagenda en de daaruit voortvloeiende afspraken als de Regionale Woondeal Twente geven daartoe de ruimte. Sterker nog: in plaats van beperkingen in aantallen woningen wordt gestimuleerd om meer plannen voor meer woningen te maken. Daarom gaan we aan de slag met beleid en bouwen.

Beleid (nieuw + intensivering) Het inzetten van nieuwe ontwikkelingen vraagt een goede basis. Op een aantal punten is nieuw of aangepast beleid nodig. Woningbouwplannen moeten worden onderbouwd. Daarvoor is eind 2022 gestart met een woningmarktonderzoek, in samenwerking met de corporaties. Kosten voor de gemeente €15.000,-. Om uitvoering aan de koerswijzigingen vanuit het

Rijk te kunnen geven is het nodig deze te verankeren in onze eigen woonvisie. Dit vraagt om een aanpassing van kwalitatief woningbouwprogramma. Betaalbare woningen bouwen is een uitdaging. Binnen kaders van de Omgevingswet is het straks mogelijk hier in het omgevingsplan op te sturen. Dat beperkt zich echter tot de landelijk gehanteerde norm van €355.000,voor een woning. We willen in bestemmingsplannen en later omgevingsplannen kunnen sturen op goedkopere woningen, sociale huur en middenhuur. Dat kan met een doelgroepenverordening. We gaan die verordening opstellen. De aarde is geen onuitputtelijke bron van grondstoffen. We moeten daarom bij de bouw van nieuwe woningen rekening houden duurzaam bouwen. Onderdeel van de Regionale Woondeal Twente is het Actieprogramma Toekomstbestendige Bouw. Daarin komen maatregelen om uitvoering te geven aan duurzaam en circulair te bouwen. Dit provinciale actieprogramma moet worden vertaald naar lokale maatregelen. Het sluit aan bij de acties uit de woonvisie. Verduurzaming van bestaande bouw moet ook

worden meegenomen. Dat is opgenomen in de themanotitie van het programma Duurzaamheid. Dit wordt integraal aangepakt. Onderdeel van de Nationale Woon- en Bouwagenda is het programma Een thuis voor iedereen. Dat gaat over het huisvesten van aandachtsgroepen, mensen die hulp nodig hebben bij het wonen of het vinden van een plek om te wonen. De centrumgemeente Enschede is koploper voor het opstellen van een Regionale Woonzorgvisie. Gemeente Hof van Twente is hierbij aangehaakt. De regionale woonzorgvisie heeft onder andere betrekking op een evenwichtige verdeling van aandachtsgroepen over gemeenten. Wij leveren daar een bijdrage aan. Wij stellen zelf ook een woonzorgvisie op. Daarin wordt in beeld gebracht welke zorgvragen spelen in combinatie met woonvragen. In de themanotitie Sociaal Domein komt de woonzorgvisie verder aan bod. Na vaststellen van die visie starten we met de uitvoering. Dat zal hoofdzakelijk gebeuren in de jaren na 2023. Flexwonen (nieuw) Er is een tekort aan woningen. Een snelle manier om woningen toe te voegen kan zijn het realiseren van

flexwoningen. Het gaat dan meestal om huurwoningen, die tijdelijk van aard zijn en/of waarvan de bewoners een tijdelijk huurcontract hebben. Doelgroepen voor dit soort woningen zijn spoedzoekers. Mensen die nog geen woning hebben, maar er wel een nodig hebben. Te denken valt aan thuiswonende jongeren, statushouders, arbeidsmigranten, mensen in een echtscheidingssituatie etc. We hebben in de verschillende kernen meerdere locaties in beeld die mogelijk geschikt zijn. Vanuit provincie en Rijk zijn ondersteuningsmogelijkheden. Arbeidsmigranten (nieuw) Voor de huisvesting van arbeidsmigranten ontbreekt het ons momenteel aan gericht beleid. De middelen die we hebben zijn beperkt tot algemeen geldende lokale en landelijke regels, zoals een bestemmingsplan en Bouwbesluit. Daarmee kunnen we onvoldoende sturen. Arbeidsmigranten maken onderdeel uit van de aandachtsgroepen uit de regionale woonzorgvisie. Voor het kunnen sturen op goede huisvesting hebben we lokaal vastgesteld beleid nodig. Het gaat dan om integraal beleid dat is opgesteld samen met intern betrokken disciplines als burgerzaken en veiligheid en ook externe partijen als uitzendbureaus en werkgevers. Overige doelgroepen (intensivering)

In de verschillende plannen werken we aan diversiteit in het woningaanbod. We besteden extra aandacht aan woningen voor starters en senioren. Zo willen we jongeren een woning bieden en ouderen de kans om door te stromen naar een levensloopbestendige woning, waardoor doorstroming op gang komt. Voor starters op de koopwoningmarkt is het kopen van een woning een extra uitdagend. Doordat ze geen woning te verkopen hebben en daarmee niet beschikken over extra kapitaal in de vorm van overwaarde. Een starterslening kan daarbij helpen, maar er zijn meerdere manieren om starters te ondersteunen. We evalueren de huidige starterslening, onderzoeken verschillende ondersteuningsmaatregelen en maken beleid om starters goed te kunnen helpen een eigen woning te kopen. Binnen Op Stoom komt een locatie voor woonwagenbewoners. Het proces loopt al geruime tijd en met de visie Actief Noaberschap is ook een keuze gemaakt om binnen Op Stoom een plek te vinden.

Bouwen (nieuw + intensivering)

Daarnaast is ruimte voor andere, particuliere initiatieven. We zetten in op woningbouwontwikkelingen in elke kern: Bentelo (nieuw) De woningen van het plan Bentelo Buiten zijn in aanbouw. Om te kunnen voorzien in de behoefte zijn meer plannen nodig. In 2023 verkennen we de mogelijkheden om in Bentelo woningen toe te voegen. Uitgangspunt is om in eerste instantie circa 20-30 woningen toe te voegen, voor met name starters en ouderen. Delden (nieuw + intensivering) De bestemmingsplanprocedures voor de schoollocaties en voormalige sporthal zijn gestart. Daarnaast lopen nog een aantal plannen voor vooral appartementen voor verschillende doelgroepen. In totaal zijn een kleine 100 woningen in ontwikkeling. Daarmee voorzien we nog niet in de behoefte in vooral grondgebonden woningen. We gaan de mogelijkheden onderzoeken voor het toevoegen van nog eens 80 woningen. Diepenheim (nieuw) In Diepenheim is behoefte aan 40-50 woningen. Er is een plan opgesteld voor de ontwikkeling van starterswoningen. In 2023 wordt gestart met het ontwikkelen van woningen aan de Boinksweide.

Goor (nieuw + intensivering) Binnen Goor zijn tal van mogelijkheden om woningen te ontwikkelen. Op Stoom is daarvan de grootste. We zetten vol in op de ontwikkeling van het gebied. Met ook de particuliere plannen hebben we de mogelijkheid om ongeveer 500 woningen toe te voegen, waarvan twee-derde in de eerstvolgende jaren al in uitvoering kunnen gaan. Hengevelde (nieuw) In Hengevelde wordt volop gebouwd. Er is vooral nog behoefte aan woningen voor starters en ouderen. In 2023 wordt de planontwikkeling voor de overige gronden van de Marke III opgestart. Daarmee zijn voor de komende jaren ongeveer 100 woningen in ontwikkeling. Markelo (nieuw + intensivering) Markelo kent een aantal plannen in procedure. Opgeteld goed voor ruim 140 woningen, in verschillende typen en prijsklassen. Een groot deel daarvan is nog de inhaalvraag uit de voorgaande woonagenda’s. Markelo Noord heeft het grootste aandeel woningen. Voor de toekomst is het gebied van ABZ in beeld om te ontwikkelen voor woningbouw na verplaatsing van het bedrijf. Ook is er ruimte voor particuliere initiatieven. Buurtschappen (nieuw)

Voor het bouwen van kleinere en betaalbare woningen in de buurtschappen is betaalbaarheid een belangrijk onderdeel. Door het KGO-beleid moet het bouwen van een woning gecompenseerd worden met een investering in de groene omgeving, bijvoorbeeld de sloop van stallen. We gaan onderzoek doen naar mogelijkheden om betaalbaar haalbaar te maken.

Ruimtelijke plannen voor woningbouw worden steeds complexer. Dit komt doordat de omgeving meer verschillende functies heeft waar rekening mee moet worden gehouden. Verder vinden we participatie erg belangrijk. Met name omwonenden willen we zorgvuldig meenemen bij de plannen. Hun woonomgeving verandert en dat geeft vaak reacties. In overleg proberen we rekening te houden met zienswijzen en zo mogelijk een plan aan te passen, zonder de goede ruimtelijke ordening en het doel van een plan uit het oog te verliezen. Daarmee kosten ruimtelijke ontwikkelingen veel tijd en ambtelijke capaciteit. Om aan de slag te kunnen met de ambities is daarom extra mankracht nodig. Na 2023 (nieuw): De meeste ruimtelijke projecten zijn meerjarig

lopen door na 2023. Verder kan na 2023 gewerkt worden aan de uitvoering van de woonzorgvisie, het aangepaste kwalitatieve woningbouwprogramma en op te stellen beleid. De aantallen en typen te bouwen woningen moeten regelmatig gemonitord. Jaarlijks wordt een quickscan gemaakt en naar verwachting in 2025 een meer uitgebreide herijking. Naast de kwantitatieve opgaven speelt ook de wens om bij wijken in te zetten op toekomstbestendigheid in de zin van prettig woonen leefklimaat dat bijdraagt aan een gezonde leefomgeving. Per project wordt er op een integrale wijze aandacht gegeven aan de opgaven op het gebied van klimaatadaptatie, duurzaamheid, biodiversiteit en sociaal welbevinden. Het financiële aspect maakt onderdeel uit van de totale exploitatie van de betreffende ontwikkeling.

WAT MAG DIT KOSTEN?

2023: Aanpassen woonvisie

€ 15.000,-

Na 2023:

Uitvoeren woningmarktonderzoek

€ 15.000,-

Herijken kwalitatief programma

€ 15.000,-

Inhuur ambtelijke capaciteit op beleidsveld Wonen

€ 80.000,-

Inhuur ambtelijke capaciteit op beleidsveld Wonen

€ 100.000,-

-opstellen beleid en uitvoeringsplannen

-opstellen beleid en uitvoeringsplannen

-flexwonen

-flexwonen

Inhuur ambtelijke capaciteit voor begeleiding planontwikkeling

€ 170.000,-

Inhuur ambtelijke capaciteit voor begeleiding planontwikkeling

€ 435.000,-

Uitvoering geven aan woonwagenlocatie

€ 70.000,-

Regisseur gezonde leefomgeving

€ 50.000

Regisseur gezonde leefomgeving

€ 50.000

Totaal

600.000

Totaal

€ 400.000

Appendix bedrijfsvoering bij Themanotitie: Wonen Als bedrijfsvoeringsparagraaf bij elke themanotitie: vul (zo nodig in overleg met financieel adviseur en P&O adviseur) onderstaande vragen in:

1.

Budgetverdeling:

Hoe wordt het budget verdeeld over de acties/projecten/initiatieven die onder het thema worden gestart, geïntensiveerd enz.? Zie hiervoor het onderdeel ‘wat mag het kosten’.

2.

Personele inzet:

Welke inzet is benodigd om uitvoering te kunnen geven aan het thema? a. welk deel hiervan kan met behulp van bestaande menskracht worden ingevuld? b. welk deel hiervan kan met tijdelijke inhuur worden uitgevoerd? c. voor welk deel hiervan is structurele formatie gewenst/vereist? Hoe borgen we dat formatie-uitbreiding goed gedekt wordt/ risico’s worden verkleind? Hoe kan de inzet van BOBI mogelijk hierbij behulpzaam zijn?

Op basis van de huidige taken en projecten is het nodig om vaste formatie uit te breiden om de groei in taken en verantwoordelijkheden uit te voeren. Concreet betekent dit dat we willen inzetten op een regisseur (in totaal 1,5 fte incidenteel voor 4 jaar) die overzicht houdt op de opgaven op het gebied van duurzaamheid, agrarische sector, klimaatverandering, biodiversiteit en wonen (notitie duurzame leefomgeving). Deze personen adviseren op strategisch niveau, bewaakt voortgang en integraliteit in de opgaven en zorgt voor vernieuwing en verbinding. Deze functie is nieuw in onze organisatie en is structureel van aard. De kosten worden verdeeld over de thema’s duurzaamheid, agrarische sector, ondernemen en wonen. Ruimtelijke ontwikkelingsprojecten zoals gebiedsontwikkeling (Op Stoom), wijkontwikkeling, multifunctionele accommodaties en woningbouw voor specifieke doelgroepen (zoals statushouders, arbeidsmigranten en woonwagenbewoners) vragen om aansturing door een integraal projectleider. Deze functie hebben we nog nauwelijks in onze organisatie maar is meer nodig om de vraagstukken op te lossen en een bijdrage te leveren aan de grote opgaven. Ingeschat wordt dat er minimaal 2 fte aanvullend in deze rol nodig is. Deze formatie is incidenteel in te vullen, omdat er nog geen inschatting te maken is welke projecten in de gemeente te verwachten zijn.

Naast eigen projectleiders is inhuur aanvullend nodig om de beoogde doelstelling op het gebied van wonen te halen. Per project wordt een plan van aanpak opgesteld waar ook hierop wordt ingegaan. Naast projectleider zijn adviseurs ruimtelijke ordening nodig die verantwoordelijk zijn voor

ruimtelijke afwegingen, advisering en het begeleiden van procedures. Gelet op de huidige werkdruk, die van de afgelopen jaren en de verwachting voor de komende jaren is minimaal 1 fte aanvulling nodig. Er wordt voorkeur gegeven aan invulling op structurele wijze. Alternatief is dat gekozen wordt voor incidentele invulling waarop ter termijn opnieuw een afweging gemaakt kan worden. De komst van de omgevingswet zal impact hebben op de werkprocessen en dienstverlening. Gestreefd wordt naar een soepele overgang waarbij de dienstverlening op het huidige niveau doorgaat. Naar verwachting is er extra inhuur nodig om dit proces en de producten in goede banen te leiden. Bekeken wordt of verbetering in samenwerking tussen ontwikkeling en vergunningverlening hieraan kan bijdragen. Hiervoor wordt een nieuwe rol gezien: case-manager. Deze nieuwe rol zal waarschijnlijk geen extra formatie kosten. Concreet hebben we nodig: Projectleiding: 2 fte (schaal 11) incidenteel (4 jaar) Ro: 1 fte (schaal 10) structureel Wonen: 1 fte (schaal 10) incidenteel (4 jaar)

3.

Overige inzet:

Welke faciliterende ondersteuning is voor de uitvoering van het thema verder naar verwachting noodzakelijk? Denk aan inkoopfunctionaris, juridisch advies, communicatieadvies, I&A-ondersteuning etc.?

Inzet van de afdeling bedrijfsvoering is nodig voor een aantal onderdelen: inkoopfunctionaris, juridisch advies, p&o, financiën en communicatie. Het aantal uur is afhankelijk van het project en de concrete uitvoering. Bij het opstellen van een plan van aanpak wordt een inschatting gemaakt van de benodigde inzet van de afdeling bedrijfsvoering.

Beleidsindicatoren

Ambitie

THEMA SOCIAAL DOMEIN 1.1

Percentage inwoners dat deelneemt in het verenigingsleven

Handhaven 78% (landelijk 67%)

1.2

Percentage gezinnen met een jeugdbeschermingsmaatregel

Handhaven 1,1% (landelijk 1,1%)

1.3

Percentage jongeren met jeugdhulp

Handhaven maximaal 9,4% (landelijk 10,3%)

1.4

Percentage inwoners dat haar eigen Handhaven percentage 2020 gezondheid als 'goed' ervaart

1.5

Percentage inwoners dat voldoet aan de bewegingsnorm

70% (2024)

1.6

Leeftijd waarop jongeren beginnen met roken

2024 gemiddeld 2 jaar later

1.7

Percentage inwoners met overgewicht (BMI boven de 25)

2032 minder dan 50% (nu 54%).

1.8

Percentage kinderen tot 18 jaar dat in een gezin op bijstandsniveau opgroeit

Handhaven 3 %

1.9

Percentage huishoudens met problematische schulden

Handhaven 5,2 %

1.10

Percentage ouderen dat zich eenzaam voelt

2024 gedaald met 7% ten opzichte van 2020 (32%)

1.11

Percentage ouderen dat haar woning levensloopbesteding vindt

Handhaven 63% (niveau 2020)

THEMA AGRARISCHE SECTOR 2.1

Percentage Agrarische bedrijven die planmatig werken aan kringlooplandbouw

25% (100 bedrijven)

2.2

Uitwerken en uitvoeren gebiedsprocessen Provinciaal Prgramma Landelijk Gebied (PPLG)

10 a 12 gericht op o.a. kringlooplandbouw, 10% groen&blauwe dooradering, 2 Biogashubs, 3 pilots CO2 vastlegging

2.3

Aantal hectares vrijwillige kavelruil per jaar

gemiddeld 50

2.4

Aantal erfeigenaren dat i.k.v. toekomstbestendige erven door erfcoach wordt geholpen per jaar

25 a 50

2.5

Aantal lokale Leader projecten dat bijdraagt aan leefbaarheid platteland

10 a 15

2.6

Signalering sociale problemen (platform Stilleed) en hulpverlening (coachingstrajecten) per jaar

10

2.7

Kennisuitwisseling met agrariërs per 2 bijeenkomsten, 4x nieuwsbrief en 4 jaar minidocu's over boeren in onze gemeente THEMA ONDERNEMEN

3.1

Aantal banen

Minimaal 1 % groei

3.2

MKB vriendelijkste gemeente

Positie in de top 5 van Overijsel

3.3

Aantal toeristische overnachtingen

Structurele groei

THEMA VEILIGHEID 4.1

Aantal delicten gemeld en geregistreerd bij de politie

Reductie 10% in 2026 ten opzichte van 2019

4.2

Percentage mensen dat zich veilig voelt in de eigen woonomgeving

Stijging 10% in 2026 ten opzichte van 2023.

4.3

Score van de Weerbaarheidsscan RIEC

Minimaal fase 4 op 1 januari 2028

4.4

Snelheid waarmee signalen van ondermijning worden opgepakt tot een herleidbaar besluit

Binnen 14 dagen

4.5

Snelheid waarmee acties uit PVA Ondermijning worden opgepakt en uitgevoerd

Vóór 1 januari 2026

4.6

Keurmerk veilig buitengebied verkrijgen en behouden

2024

4.7

Keurmerk veilig ondernemen verkrijgen en behouden

2024

4.8

Waardering van ondernemers voor de samenwerking keurmerk veilig ondernemen

minimaal rapportcijfer 7.5

THEMA DUURZAAMHEID 5.1

Plaatsen laadpalen in openbare ruimte

10 per jaar t/m 2026

5.2

Plaatsen van strategische laadpalen/ laadpunten

1.000 laadpunten geplaatst tot en met 2035

5.3

Energieneutraal Hof van Twente

2035

5.4

Energieneutraal gemeentelijke gebouwen

2030

THEMA WONEN 6.1

Aantal nieuw gebouwde woningen per jaar tot en met 2030

85-95 per jaar (Woonvisie) / 110-120 (Woondeal Twente)

6.2

Realiseren woonwagenlocatie op Stoom

Uiterlijk gereed 2024

6.3

Percentage nieuw gebouwde betaalbare woningen

30% sociale huur en 40% Middenhuur en betaalbare koop

6.4

Percentage gerealiseerde flexwoningen voor spoedzoekers

10% van de opgeleverde woningproductie (conform woonvisie).

6.5

Percentage nieuwgebouwde woningen dat circulair is gebouwd

50% tot en met 2030 circulair (conform Woondeal Twente)

6.6

Verdeling aantal gebouwde woningen over diverse kernen

Evenredig verdeeld

6.7

Snelheid waarmee woningen worden gebouwd

Starten met bouwen voor 2026

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hofvantwente.nl/api/v1/meetings/3965/documents/54890