CConstaterende datHof van Twente
Koppel je AI →
Document · PDF

MPM 5680 Aanvraag (geanonimiseerd).pdf

Beeldvormende raadsvergadering 28 mei 2025, gemeente Hof van TwenteBij agendapunt: Revisievergunning Wet milieubeheer 200721.136 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Koolzaadschroot

Bittere geur

uitsluitend de variëteit dubbel-0 wordt aangekocht (laag in erucazuur en laag in glucosinolaten). De glucosinolaten worden ook vluchtige mosterdoliën genoemd. Indien het product een bittere geur heeft , kan dit wijzen op een verhoogd gehalte aan deze ongewenste verbindingen.

Geëxtraheerde producten

Aanwezigheid van extractievloeistof (hexaan).

Olie/vet

Kokos- en palmproducten

Broei

Deze producten zijn gevoelig voor broei.

Graan(bij)producten

Bijproducten van oliehoudende zaden

kan

op twee wijzen uit zaden worden nl. door persing of door extractie. Uit persing ontstaan als bijproduct schilfers (bijv. palmpitschilfers , lijnschilfers). Uit extractie ontstaat het bijproduct schroot (sojaschroot , lijnschroot etc. ). Bij extractie is van belang dat de extractievloeistof op afdoende wijze uit het bijproduct wordt verwijderd. Indien dit niet het geval is , blijkt dit uit de geur van het product (benzineachtig). gewonnen ,

ARKERVA4IV-TWENTE

G M P-kwaliteitssysteem

19-01

Instructie

Onderwerp:

Ingangscontrole grondstoffen

Revisie Pagina Datum

: 0 1

E 01/04/06

5/5

Paraaf Kwaliteitsbeheerder: Tabel 2.

Beoordelingscriteria voedermiddelen

Categorie

Product(groep)

Kritische punt

Toelichting

Oliehoudende zaden

Getoaste sojabonen

Broei

Product is gevoelig voor broei , vooral als het vochtgehalte hoog is ( > 13%). Dit kan veroorzaakt worden door het toastproces.

Peulvruchten

Alle peulvruchten (erwten , bonen)

Ongezonde zaden

Tijdens de teelt , bewerking en opslag van peulvruchten kunnen de zaden worden aangetast. Indien het aandeel ongezonde zaden hoog is (meer dan 10%) dient de partij te worden afgekeurd.

(Bij)producten van knollen en wortels

Maniok (tapioca)

Zand

Vanwege de teelt kan het zandgehalte in deze producten zijn verhoogd. Bij twijfel analyseren op asgehalte.

(Bij)producten van de suikerbereiding

Bietenpulp

Melassegehalte

Naarmate het aandeel melasse in bietenpulp stijgt , wordt het product donkerder van kleur. Ongemelasseerde bietenpulp dient een lichtgrijze tot lichtbruine kleur te hebben.

(Bij)producten van groente en fruit

Algemeen

Kleur

Deze producten zijn gedroogd. Bij een zeer donkere kleur kan er sprake zijn van verbranding.

Gedroogde voedergewassen

Luzerne kunstmatig gedroogd

Kleur

Het product dient donkergroen van kleur te zijn. Bij een lichtgroene kleur kan er sprake zijn van een verouderd uitgangsmateriaal of van een zongedroogd product.

Vezelrijke producten

Algemeen

Bijmenging

Deze producten bestaan veelal uit doppen- , schillenen/of kafdelen. Vanwege het productieproces kan het gehalte aan bijmenging verhoogd zijn (onkruidzaden , zand etc. )

Zuivelproducten

-

-

Mineralen

-

-

Onzuiverheden

Bij dierlijke vetten is van belang dat het gehalte aan onzuiverheden zo laag mogelijk is. Deze onzuiverheden kunnen nl. dierlijke eiwitten bevatten. Bij twijfel aan analyseren: Het gehalte onoplosbare , onzuiverheden mag maximaal 015% bedragen.

Ranzige geur

Visolie is rijk aan onverzadigde vetzuren. vetzuren zijn gevoelig voor oxidatie (ranzigheid).

Schimmels

Deze producten zijn geproduceerd uit productieafvallen of producten die vanwege een te geringe houdbaarheid niet meer verkocht kunnen worden. Van belang is dat het uitgangsmateriaal vlot verwerkt wordt , zodat schimmelvorming wordt voorkomen. Een muffe geur kan wijzen op de aanwezigheid van schimmels.

Oliën en vetten

Bakkerij- en deegwaren (bij)producten

Dierlijke vetten

Koek-en broodproducten

Deze

AWERVA4RT-TWENTE

102

G M P-kwal iteitssysteem

Instructie

[::;::::sbeh::::conttole

1.

additieven L

Revisie

0

Pagina

111

atum

_±04/06

Doel Deze instructie beschrijft de controle van de additieven bij ontvangst. Onder additieven wordt verstaan: Voormengsels (premixen) enkelvoudige mineralen en overige hulpstoffen. ,

2.

Documenten

R10-04 Afwijkingen

Verantwoordelijkheden De Operator is verantwoordelijk voor de ingangscontrole van additieven. De Magazijnmedewerker is verantwoordelijk voor de ingangscontrole van zakgoed.

4.

4. 1.

Werkwijze Algemeen De Operator dan wel de Magazijnmedewerker controleert of: bij de partij de vereiste documenten zoals vrachtbrief weegbriefje en analysecertificaat aanwezig zijn. de vrachtbrief en/of laadbon overeenkomen met de geplande aanvoergegevens. -

,

,

,

-

4. 2.

Controle van voormengsels Bij de aanvoer van additieven controleert de Operator dan wel de Magazijnmedewerker of de begeleidende documenten en/of etiketten overeenkomen met de bestelde producten.

4. 3.

Visuele controle zakgoed Zakgoed dient gecontroleerd te worden op de volgende punten: Zijn de zakken droog en heel. Is op het zakgoed of het etiket duidelijk aangegeven wat de inhoud is. -

4. 4.

Houdbaarheid De houdbaarheid van producten moet bij ontvangst nog voldoende zijn (nog minimaal twee maanden). Indien deze termijn korter is wordt dit vooraf door de leverancier overlegd. Voormengsels moeten altijd voorzien zijn van een houdbaarheidstermijn. Voor een aantal producten zoals enkelvoudige mineralen is een houdbaarheidstermijn niet verplicht. ,

,

4. 5.

,

Registratie De inname en controle worden geregistreerd in de database van het computersysteem. In de locatie Leusden wordt de inname en controle geregistreerd m. b. v. formulier R9-07. Voldoet de partij aan de gestelde normen dan mag deze gelost worden. Van aangevoerd zakgoed wordt na goedkeuring de vrachtbrief afgetekend. ,

Aangevoerde partijen die bij de controle niet blijken te voldoen mogen niet worden gelost. ,

,

Afwijkingen worden geregistreerd m. b. v. een Formulier Afwijkingen R1 O-04 en direct gemeld aan de Inkoper. Deze bepaalt vervolgens e. v. in overleg met de Kwaliteitsbeheerder welke actie er zal worden ondernomen. ,

,

ARKER4ART-?iVENTE

9-03

Instructie

Onderwerp:

Monstername

L

GM P-kwaliteitssysteem

Revisie 0 Pagina : 1/2 : Datum : 01/04/06

Kwahitetsbeheerder:

Doel Met het oog op een goede traceerbaarheid worden aangevoerde grondstoffen en geproduceerde voeders bemonsterd. Het is van groot belang dat een monster een goede weergave is van de kwaliteit van de gehele partij. In verband hiermee dienen de volgende richtlijnen in acht te worden genomen.

2.

Grondstoffen Van iedere partij grondstoffen die wordt aangevoerd wordt bij aankomst voorafgaand aan de lossing direct een zo goed mogelijk representatief doorsneemonster genomen. Wanneer grondstoffen door een eigen chauffeur of een gekende chauffeur worden aangevoerd kan deze tijdens de belading een monster nemen van de grondstof. Een gekende chauffeur is een chauffeur welke werkzaam is bij een expediteur welke voorkomt op de lijst geselecteerde expediteurs of welke franco grondstoffen bij onze fabrieken aflevert. ,

,

,

Indien de partij bij de fabriek wordt gecontroleerd dient visuele controle bovenop de partij plaats te vinden door de gehele bovenkant te inspecteren en op verschillende plaatsen met de hand een monster te " steken." Deze controle kan plaatsvinden door de desbetreffende Operator of een eigen of gekende chauffeur. De resultaten worden altijd gemeld aan de Operator welke de partij in ontvangst neemt. Bij ontvangst per auto mag visuele inspectie plaatsvinden tijdens het lossen. Regelmatig wordt de grondstoffenstroom gecontroleerd en worden deelmonsters genomen. Deze monstername kan plaatsvinden door de desbetreffende Operator of een eigen of gekende chauffeur. Het monster wordt altijd beoordeeld door de Operator welke de partij in ontvangst neemt. Neem nooit een monster op één plaats van de partij. Neem op verschillende plaatsen van de partij deelmonsters van tenminste 400 g meng deze deelmonsters in een emmer of zak en neem hieruit vervolgens een monster van 400 g. Het aantal deelmonsters per vrachtwagen is minimaal 4. ,

Neem een monster nooit van het bovenste laagje van de partij. Vaak is de bovenste laag niet representatief voor de gehele partij. In een opslagruimte kan zich een laagje stof hebben afgezet. Door de bewegingen tijdens het transport kunnen bepaalde delen (zoals kafdelen en hullen) boven komen drijven.

Geproduceerde voeders Voeders worden tijdens de productie bemonsterd. Dagelijks neemt de Operator van ieder geproduceerd voeder minstens één monster van minimaal 400 g. Van gepelleteerde voeders wordt het monster na de koeler uit de productstroom genomen. Van de meelvoeders na de menger. Op locatie Nijkerk worden de monsters van gereed product door het monsternameapparaat genomen.

ARKERW44RT-1ÎVEN1E

GM P-kwaliteitssysteem

19-03

Instructie

Onderwerp:

Monstername

Revisie 0 Pagina: 2 /2 Datum :01/04/06

Paraaf Kwahteitsbeheerder:

4.

Monsterbehandeling Verpak het genomen monster luchtdicht in een schone plastic zak. De sluiting dienst op een dusdanige wijze verzegeld te worden dat hergebruik van het monsterzakje niet mogelijk is. Voorzie het monster van een label met daarop minimaal vermeld: ,

-

datum; productnaam en —code; locatie of Leverancier; van grondstoffen tevens het monsternummer.

Wanneer een monster verzonden moet worden; doe dit dan zo spoedig mogelijk. Bewaar monsters op een koele donkere plaats. Monsters van grondstoffen en voeders dienen minimaal 3 maanden te worden bewaard. Monsters van oliën en vetten dienen minimaal 6 maanden te worden bewaard. ,

Monstername voor microbiologisch onderzoek Bij de monstername voor microbiologisch onderzoek is het van groot belang dat de monsters onder goede hygiënische omstandigheden worden genomen bewaard en verzonden. Voorkom dat de monsters door vuil monstername-materiaal of handen worden besmet. Was de handen vooraf zorgvuldig. ,

Maak bij de monstername gebruik van steriele monsterpotjes. Raak het product nooit met de handen aan. Laat de monsterpotjes zo kort mogelijk open. Houdt de monsterpotten niet met de opening naar boven maar onder een schuine hoek om inwaaien van micro-organismen te voorkomen. Blaas niet in het monstermateriaal hoest niet praat en rook niet tijdens de monstername. ,

,

6.

,

Monstername voor onderzoek GGO Voor onderzoek op GGO t. b. v. het kwaliteitsconcept 4-granen ei dient een mengmonster ingestuurd te worden met daarop de van-tot datum van de eerste tot laatste monstername. Data dienen aaneengesloten te zijn. Een duplo van het mengmonster dient bewaard te worden. ,

ARKERVA4RT-TWENTE

GM P-kwaliteitssysteem

19-09

Instructie

Onderwerp:

Reiniging en onderhoud

Revisie : 0 Pagina : 1/3 -j Datum : 01/04/06

Paraaf Kwaliteitsbeheerder: -

1.

Doel Deze instructie beschrijft de noodzakelijke reinigings- en onderhoudswerkzaamheden. Documenten R9-02 Uitgevoerde reiniging en onderhoud. R9-03 Reiniging en leegmelding cellen. R9-13 Overzicht reinigingen onderhoud Technische Dienst R9-14 Uitgevoerde reiniging en onderhoud Technische Dienst

3.

Verantwoordelijkheden De reinigings- en onderhoudswerkzaamheden vallen onder verantwoordelijkheid van de Technische Dienst en de Kwaliteitsmedewerker. De Kwaliteitsmedewerker is verantwoordelijk voor de reinigings- en onderhoudswerkzaamheden welke uitgevoerd worden door de productie afdeling (Operators Scheepslossers en Magazijnmedewerkers). ,

4.

Werkwijze In de tabel op de volgende pagina wordt aangegeven welke werkzaamheden moeten worden uitgevoerd met welke frequentie en wie hiervoor verantwoordelijk is. ,

De werkzaamheden welke onder de verantwoording vallen van de Technische Dienst worden na uitvoering geregistreerd m. b. v. formulier R9-14. Met behulp van formulier R9-13 worden de reinigings- en onderhoudswerkzaamheden gepland. De werkzaamheden welke onder de verantwoording vallen van de Kwaliteitsmedewerker worden na uitvoering geregistreerd m. b. v. formulier R9-02. Met behulp van dit formulier worden tevens de reinigings- en onderhoudswerkzaamheden gepland. De reiniging van silo's wordt geregistreerd m. b. v. formulier R9-03.

ARXERVA4RT-TWENTE OLERVOEOEF5 -

GM P-kwaliteitssysteem

-

19-09 Onderwerp:

Instructie Reiniging en onderhoud

-

Revisie Pagina Datum

0 : 2/3 : 01/04/06

Paraaf Kwaliteitsbeheerder:

Frequentie

Onderdeel

Toelichting en methode

Dagelijks

Werkvloeren

Zorg voor netheid. Ruim gemorste resten direct op.

P

Hamermolen

Zeven controleren op gaten.

P

Melassemixer en

P

compactor

Mixers geheel openen en leegmaken. Messen controleren en zo nodig vervangen. HFC / Boa-compactor reinigen.

Pers

Rollen en matrijzen controleren en afstellen.

P

Storthal

Zorg voor netheid. 's Avonds bij het afsluiten

P

HFC/Boa-

[

Verantw.

aanvegen.

Twee keer per week

Persen reinigen

Door hoge temperatuur en vochtigheid extra gevoelig voor aankoeken materiaal en microbiologische

P

afwijkingen. Persen reinigen. Binnenkant van persdeuren en de persmixers schoonmaken.

Schudzeef

Zeven controleren en reinigen

P

Hamermolen

Hamers controleren. (voor goede maalcapaciteit is het belangrijk dat hamers op slijtage worden

P

gecontroleerd) Wekelijks

Kwartaal

Bulkverlading

Zorg voor netheid. Ruim gemorste resten direct op.

P

Hamermolenruimte

Zorg voor netheid. Ruim gemorste resten direct op.

P

Laadruimtes Bulkwagens

De bulkwagens lossen alle vakken restloos. Dit wordt bij twijfel door de chauffeur geïnspecteerd en zonodig gereinigd (zie tevens instructie 19-1 1). Let daarbij vooral op het bovenste gedeelte van de vakken (onder het deksel). Ten minste één maal per kwartaal vindt een grondige inspectie plaats. Ten minste één keer per jaar worden de vakken nat gereinigd.

P

Contrasets en

Afhankelijk van productsoort is er kans op microbiologische afwijkingen. Met name in de

P

uitloop gereedproductcellen

Halfjaarlijks

Peddelmenger

bovenkant van de contrasets kan er materiaal aankoeken.

Gevaar voor onvolledig leeglopen en aankoeken

T

materiaal. Let daarbij vooral op de onderkant van het deksel. Koelers

Gevaar voor herbesmetting. Door de hoge temperatuur en luchtvochtigheid kan vooral in de inloop van de koeler materiaal aankoeken en kan er schimmelvorming optreden.

P

ARKERMR7TWENTE DJCRVOEOERS

GMP-kwaliteitssysteem

-

19-09

Instructie

Onderwerp:

Reiniging en onderhoud

Revisie Pagina Datum

: 0 : 3/3

Paraaf Kwaliteitsbeheerder:

Frequentie

Onderdeel

Jaarlijks

Grondstof- en Gereedproduct-

Afhankelijk van productsoort is er kans op microbiologische afwijkingen. Met name in de bovenkant

cellen

van de cellen kan er materiaal aankoeken.

01/04/06

Toelichting en methode

Verantw. P

Jaarlijks silo's reinigen. Resten verwijderen en bovenzijde silo reinigen. Cellen met kritische producten worden naar het oordeel en op aanwijzing van de Kwaliteitsmedewerker frequenter gereinigd. Tussenbunkers en persmeelcellen in productieproces

Met name in de persmeelcellen kan er meel aankoeken. Aangezien de temperatuur van gemalen grondstoffen vaak verhoogd is , bestaat er verhoogde kans op microbiële besmetting.

P

Doseerweegschalen

Mogelijk aankoeken van materiaal. Vooral onder het deksel van de wegers kan materiaal aankoeken. Controleer of weegschalen goed leeglopen.

P

Koppen kettingen

Met name in de einden van redlers en schroeven en de voeten van elevatoren kan zich materiaal ophopen , wat microbiologische afwijkingen kan geven. Koppen redlers en schroeven en voeten elevatoren openen en geheel legen.

T

en schroeven

Voeten elevatoren

Tevens letten op goed leeglopen van de redlers en schroeven. Controleer de schuiven en kleppen op goede

afdichting. T = Technische Dienst P = Productie (Kwaliteitsmedewerker en Operators , Scheepslossers , Magazijnmedewerker)

*)

GMP-kwaliteitssysteem

P6-02

Procedure

1 Revisie : 0

Pagina: 1 /2 Datum : 01/01/07

Onderwerp: Bedrijfsinterne milieuzorg Paraaf Kwaliteitsbeheerder:

1.

Doel Coöperatie Arkervaart-Twente U. A. streeft continue naar vermindering en preventie van de milieubelasting en heeft als uitgangspunt om minimaal te voldoen aan de wettelijke verplichtingen en aan de eisen die voorkomen uit de convenanten die de branche met de overheid heeft afgesloten.

2.

Documenten R5-02 Functieomschrijvingen. R10-04 Afwijkingen. R1O-05 Klachten. Logboeken elektriciteit- gas- en waterverbruik. Milieuvergunning. ,

3. 4.

Verantwoordelijkheden De directie is eindverantwoordelijk

voor

het milieubeleid.

Werkwijze Bij de milieuzorg onderscheiden we het volgende: 1. Verwerking bijproducten 2. Energie 3. Afvalstromen 4. Geur- stof- en geluidsemissies ,

4. 1

Verwerking bijproducten De diervoederindustrie is een industrie die een veelvoud aan bijproducten van de voedingsmiddelenindustrie verwerkt. Ook in de toekomst blijft voor Coöperatie Arkervaart-Twente U. A. waardering en de verwerking van veilige stromen uit de voedingsmiddelenindustrie een belangrijk punt van aandacht.

4. 2

Energie Coöperatie Arkervaart-Twente U. A. streeft te allen tijde naar het verbeteren van de energieefficiëntie. Bij de aanschaf van nieuwe machines en motoren is de efficiëntie mede bepalend voor de keuze.

4. 3

Afvalstromen Alle afval wordt naar beste vermogen gescheiden opgeslagen stromen zijn: 1. Algemeen fabrieks en kantoorafval (afvalcontainer) 2. Afgewerkte olie en vetten 3. Papier 4. Klein chemisch afval 5. Lege toners en cartridges

en

afgevoerd. De verschillende

Misproducties worden wanneer mogelijk herverwerkt en vallen dan onder interne retourstromen zoals beschreven in 19-05. Ongezonde retourstromen (muf schimmel vuil) komen in de afvalcontainer die wekelijks geleegd wordt door een afvalverwerkingsbedrijf. Indien het grote partijen betreft worden deze rechtstreeks naar de vuilstort afgevoerd. ,

,

,

,

GMP-kwaliteitssysteem

Procedure Onderwerp:

visie : 0 Pagina :2/2 Datum : 01/01/07

Bedrijfsinterne milieuzorg

7

Paraaf Kwaliteitsbeheerder:

4. 4

Geur- , stof- en geluidsemissies Coöperatie Arkervaart-Twente U. A. probeert het milieu zo weinig mogelijk te belasten met geur- stof en geluidsemissies. Dit wordt bereikt door deuren en andere openingen van de fabrieken zoveel mogelijk gesloten te houden (onderdruk) en de hoeveelheid uittredende proceslucht zoveel mogelijk te beperken en te filteren. Coöperatie Arkervaart-Twente U. A. zorgt daarnaast met de theoretische geuruitstoot binnen het wettelijke kader te blijven. Ook worden er geluidsmetingen uitgevoerd om te bepalen of de geluidsemissie binnen de toelaatbare grenzen is en welke onderdelen van de fabriek het meeste geluid uitstoten naar de omgeving. Hiermee kunnen gericht maatregelen genomen worden om de geluidemissie te beperken. ,

,

5.

Integratie van milieuzorg in de bedrijfvoering De directie is belast met de uitvoering van het milieubeleid. In de jaardoelstellingen van het kwaliteitsbeleid wordt ook het milieubeleid meegenomen. In het kwaliteitsoverleg met de HACCP-teams is milieu een jaarlijks terugkerend agendapunt. Tijdens dit punt wordt de voortgang van diverse zaken door de directie toegelicht. Nieuwe inzichten en onderwerpen worden besproken en daaruit voortkomende actiepunten worden door dienen door de betreffende leden van de HACCP-teams te worden opgevolgd. De kwaliteitsbeheerder draagt er zorg voor dat bij wijzigingen in zake het milieubeleid ook de betreffende documenten in het handboek worden aangepast. ,

6.

Metingen en registraties Metingen en registraties worden vastgelegd in de daarvoor bedoelde milieulogboeken. Dit betreft minimaal de historische gegevens over elektriciteit- gas- en waterverbruik. Klachten of afwijkingen over stof geur geluid en afvoer van afvalstoffen worden geregistreerd op de daarvoor bestemde formulieren (R10-04 of R10-05) en afgehandeld volgens procedure (P1002). Geurklachten zijn subjectief en moeilijk te meten. Hierover onderhoud Coöperatie Arkervaart-Twente U. A. contact met de betreffende gemeente. Er wordt gebruik gemaakt van het rekenprogramma geurnorm (Nevedi) om de geurbelasting voor de dichtstbijzijnde woning en woonwijk te berekenen en te toetsen aan de wettelijke normen. ,

,

,

.

ARERkRT-/YENTE

GMP-kwaliteitssysteèm

,

R9-02-M

Formulier

Markelo

nr.

R9-021001

Pagina Jaar

Uitgevoerde reiniging en onderhoud

1/1

Bedrijfsonderdeel

FreqJ jaar

Doseerweegschaal 1 Doseerweegschaal 2 Bunker 3

1

*

1

*

1

*

Bunker 4

1

*

Bunker 5

1

*

Bunker 6

1

*

Bunker7

1

Bunker 9

1

*

FR

1

*

Menger

2

Persmeelcel 82 + 83

2

*

Persmeelcel 84 + 85

2

*

*

Persmeelcel 86

2

*

*

Persmeelcel 87

2

*

*

Persmeelcel 88 Koeler perslijn 1

2

*

*

2

*

Koeler perslijn 2

2

*

*

Koeler perslijn 3

2

*

*

Koeler perslijn 4+5

2

*

*

Contraset 1

2

Contraset 2

2

Contraset 3 Buikwagen BL-LJ-45

2

4

*

*

*

*

Bulkwagen BN-JR-83

4

*

*

*

*

Buikwagen BH-DF-77

4

*

Buikwagen BH-FH-36

4

*

Datum

Maand waarin werkzaamheden zijn uitgevoerd: 1

2

3

4

î

5

6

7

8

9

10

*

*

*

* *

* *

*

J

*

*

Opmerkingen

D. m. v.

*

11

de planning van de werkzaamheden aangeven. Na uitvoering dit registreren met paraaf.

12

AERqVE1VTE R9-03-M

GMP-kwaliteitssysteem

Formulier

Markelo

Reiniging en leegmelding cellen

Afdeling Cel

1 nr. R9-031001 Pagina Jaar

1/10

Mineralen silo's jan.

feb.

maan

april

mei

juni

juli

aug ,

sept.

okt.

60 61 62

D. m. v. " R (reiniging) en " L " (leegmeking) aangeven welke actie heeft plaatsgevonden. Tevens datum vermelden (bijv. Ru l = reiniging op de lje van de betreffende maand)

nov.

dec.

ARKERVJWT-TWEJVTE R9-03-M

GMP-kwaliteitssysteem

Formulier

Markelo

Reiniging en leegmelding cellen

Afdeling Cel

nr. R9-03/OO1

Pagina Jaar

: 2/10

Grondstoffen silo's jan.

feb ,

maart

april

mei

juni

juli

aug

sept.

okt

2 3 4 5

6 7

8 9 10 11 12 13 14 D. m. v. " R " (reiniging) en L' (leegmelding) aangeven welke actie heeft plaatsgevonden. Tevens datum vermelden (bijv. Ru 1 = reiniging op de 1i van de betreffende maand)

nov.

dec.

AKER*TE R9-03M

GMP-kwaliteitssysteem

Formulier

Markelo

Reiniging

Afdeling

Cel

en

leegmelding cellen

nr. R-O3/OO1

Pagina Jaar

:

3/10

Grondstoffen silo's Jan.

feb.

maart

april

mei

juni

juli

aug.

sept.

okt.

15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 D. m. v. " R " (reiniging) en L " (leegmelding) aangeven welke actie heeft plaatsgevonden. Tevens datum vermelden (bijv. R11 = reiniging op de lje van de betreffende maand)

nov.

dec.

GM P-kwaiiteitssysteem

R9-03-M

Formulier

Markelo

Reiniging en leegmelding cellen

Afdeling Cel

nrM3/001

Pagina Jaar

: 4/10

Grondstoffen silo's jan.

feb.

maart

april

mei

juni

juli

aug.

sept.

okt.

30 31 32 33 34 35 36 37 38 39 40 41 42 43 44 D. m. v. 'R " (reiniging) en " L (leegmelding) aangeven welke actie heeft plaatsgevonden. Tevens datum vermelden (bijv. Ru 1 = reiniging op de 11e van de betreffende maand)

nov.

dec

GMP-kwaliteitssysteem

AR4WENIE R9-03-M

Formulier

Markelo

Reiniging en leegmelding cellen

Afdeling Cel

nrR9031001

Pagina Jaar

5/10

Grondstoffen silo's jan.

feb ,

maart

april

mei

juni

juli

aug.

sept ,

okt

45

46 47

48 49 50 51 52 53 54 55

56 57

58 59 D. m. v. R " (reiniging) en " L " (leegmelding) aangeven welke actie heeft plaatsgevonden. Tevens datum vermelden (bijv. R11 = reiniging op de lie van de betreffende maand)

nov.

dec.

.

ARJERYAA-IWENTE R9-03-M

Afdeling Cel

GMP-kwaliteitssysteem

r. R903I001

Formulier

Markelo nPagina Jaar Reiniging en leegmelding cellen

6/10

Gereed product silo's jan.

feb ,

maart

april

mei

juni

juli -

aug.

sept ,

okt.

101 102 103 104 105 106 107 108 109 110 111 112 113 114 D. m. v. " R " (reiniging) en t " (leegmelding) aangeven welke actie heeft plaatsgevonden. 1i Tevens datum vermelden (bijv. Ru 1 = reiniging op de van de betreffende maand)

nov.

dec.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hofvantwente.nl/api/v1/meetings/4237/documents/58485