MPM 5680 Aanvraag (geanonimiseerd).pdf
Tekst van het document
1701 2341 2361 2511
Citruspulp MSA Weipoeder
2521 2531 3074 3122
Monocalciumfosfaat
Code
Grondstof in Tanks / LC
1605 2111 2131
Melasse Palmolie
2141 2155
Dierlijk vet Visolie
3100 3104 3115
Code
Organische zuren in zakgoed Calciumformiaat (veiligheidsblad aanwezig) Fumaarzuur (veiligheidsblad aanwezig) Citroenzuur (veiligheidsblad aanwezig) Aromabiotic (veiligheidsblad aanwezig)
3119 3120 3121
2403 2407 2417 2922
Zuivelkern Kalksteentjes Zout m2735 Vleesvarkens m2036 Rundvee Actief
Sojaolie
Grondstof in Zakgoed Prairy-gold (maisgiuten 60%) Soycomil P Aardappeleiwit (Promyl) Aardappeleiwit (Prostar) Suiker Lactose Krijt Magnesiumacetaat Magnesiumoxide Natriumbicarbonaat Ronozyme WX (CT) Innozym SL-S (BRIJ)
Bio-saf Glucolac plus Smaakstof biggen Voeder ureum m2040 Kalveren m2046 Stieren m2084 Paarden m2089 Schapen m2152 Vleeskuikens m2251 Start m2254 Biggen m2272 Zeugen
3028 3033 3038 3040
m2307 m2314 m2322 m2325
Monensin
3046 3054 3058 3067 3085
m2346 m2393 m2399 m2613 m2881
Fytase Methionine
3090 3091 3092 3094
m2390 m2395 m2330 m2616 m2007
'123 4203 4301
Salinomycine Biotine
Sporavit
Lys/tryp Vit. E/Selenium Leg Threonine
Lys/meth Vit. E Vitaliteit
Vruchtbaarheid m2783 Lacto Live
m2355DG-Start m2710 Lysine-HC m2711 Methionine-HC m2712 Threonine-HC m2342 Glu-Xy Greenlyne Poultry 1 Orcomix Vita] Plus
__ _
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo Rapportnummer: 14317R101d. doc
OMSCHRIJVING
Revisie: d Datum: 25 april 2007 Pagina:18van38
TEBODIN CCE
Consultants & Engineers Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
Van de grondstoffen (voedingszuren) opgenomen in bijlage 8.
voor
de mengvoederproductie zijn de veiligheidsbladen
De hoeveelheid en soort mengvoedergrondstoffen en kunstmeststoffen variëren door vraag en aanbod. Door de marktwerking kunnen bepaalde grondstoffen worden vervangen door andere grondstoffen. Van de verwerkte grondstoffen worden monsters bewaard en in het productieproces wordt geregistreerd waar welke grondstofpartijen in verwerkt worden. Dit wordt ook wel Tracking en Tracing genoemd. Hierdoor kan er bij een calamiteit in een eindproduct snel bepaald worden welke grondstofpartij de oorzaak is en welke andere eindproducten uit deze grondstofpartij voortgekomen zijn. ,
Deze lijst geeft een indicatie (is een momentopname) seizoen kunnen verschillen.
van
de grondstoffen aangezien deze per ,
14. 2 Aanwezige meststoffen Code 42004 42005 42006 42011 42012 42014 42016 42017 42018 42020 42021 42022 42023 42025 42026 42027 42028 42029
Kunstmeststof KAS (gezakt) Dynamon MAS (gezakt) Kalksalpeter Chilisalpeter NP 26-7 Mengmest 26-14 Mengmest 23-23 Mengmest 17-17 NPK 20-10-10 Mengmest 12-10-18 NPK 15-12-24 PK 15-30 Tripelsuperfosfaat Kalizout 40+6 Kalizout 60% Patent kali Kieseriet
Code 42030 42031 42033 42035 42036 42037 42038 42039 42040 42041 42042 42043 42044 42045 42047 42050 42051 42055
Kunstmeststof Kieseriet korrel Koperslakkenbioem Dolokal supra Maismap 27-10 Maismap 20-20 Maismap 20-40 Supercalco edelwit Graszout blauw Graszout rood Graszout geel Graszout groen Superfosfaat Dologran Gem. kunstmest Zwavelzure ammoniak Mengmest 15-15-15 Supervical Maismap 24-8
Alle kunstmeststoffen zijn Klasse 0 zijnde producten die niet kunnen detoneren of deflagreren. De maximale voorraad meststoffen bedraagt 450 ton. De aanwezigheid en hoeveelheid van bepaalde meststoffen is sterk wisselend en afhankelijk van jaargetijde en weersomstandigheden. Coöperatie Arkervaart-Twente U. A. te Markelo zal op de locatie niet meer van de in deel 1 en deel 2 van Bijlage 1 bij het Besluit van 27 mei 1999 tot vaststelling van risico's zware ongevallen 1999 (BRZO) genoemde stoffen er categorieën van stoi opslaan dan geformuleerd in de tweede kolom (Drempel-waarde in ton voor de toepassing van de artikelen 4 5 6 en 26 van het BRZO) met daarbij meegenomen de geldende berekeningsmethodiek zoals in deel 3 van het BRZO vermeld. ,
,
,
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo
Lf TEBODIN
CCE
Consultants & Engineers
Rapportnummer: 14317R101d. doc Revisie: d Datum: 25 april 2007 Pagina: 19 van 38 Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
OMSCHRIJVING
Van een groot aantal kunstmeststoffen zijn de thans beschikbare veiligheidsbladen opgenomen in bijlage 9.
15
Overzicht emissiepunten
Hoeveelheid
Aard en afzuiging
samenstelling
Hoogte afvoer
Ventilator
Voorzieningen
Nr. op tekening
vermogen
2. 400
m3/h
Lucht
Afzuiging storttrechter
5 mtr.
3 kW
Filterkast
117
2. 400
M3 /h
Lucht Afzuiging storttrechter
5 mtr.
3 kW
Filterkast
118
Lucht Afzuiging Stof-geur-
38 mtr.
37 kW
Filterkasten
705
,
,
112. 000 m3/h
,
afscheidings(verzamel)ruimte Rookgas Brander Stoomketel
6 mtr.
801
Rookgas Brander Stoomketel
6 mtr.
802
,
,
-
034
6 mtr.
-
135
-
808
c. v. -ketel
1 mtr.
Rookgas Brander c. v. -ketel Rookgas
Rookgas Brander ,
,
Brander
c. v. -ketel
6 mtr.
Rookgas Brander
c. v. -ketel
8 mtr.
,
,
De lucht in de stof-geurafscheidings(verzamel)ruimte bestaat uit via persluchtgereinigde filterkasten afgezogen koelerlucht perserij en hamermolenbunker.
16
Trillingen Voorzieningen tegen trillingen Hamermolens persen ventilatoren en compressoren worden trillingsdempers geplaatst om trillingen te voorkomen ,
,
op
rubbers
,
op
beton of op
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo
TEBODIN CCE Consultants & Erigineers
Rapportnummer: 14317R101d. doc Revisie: d Datum: 25 april 2007 Pagina: 20 van 38 Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
OMSCHRIJVING
BIJLAGE 1
TEKENINGENLIJST RENVOOILIJST BENCHMARKGEGEVENS
auteursrecht vorbehouden
Coöp. Arkervaart—Twente U. A. Postbus 433 ,7400 AKDEVENTER Keulenstraat 18 ,7418 ET e—mail: infotebodincce. nl tel. 0570 63 89 00 Consulta'ts &Engineers fax 0570 6363 50
TEBODIN CCE
tekeningnr omschrijving 14. 317MOOi 14. 317M002 14. 317 M003 14. 317M004 14. 317 M005 14. 317M006 14. 317M007 14. 317M008 1
Plattegrond kelders Plattegrond begane grond Plattegrond verdieping 4. 50+peil Plattegrond 9. 00+peil Plattegrond 14. 00+peil en19. 10+peil Plattegrond 24. 10+peil en28. 65+peil Plattegrond loodsen etc. Plattegrond voormalige autowerkplaats
14. 317 M010 1 kadastrale kaart Markelo
Markelo
TEKENINGLIJST d. d. 23-02-2007
behoort tot aanvraag Wet Milieubeheer
Projectnummer: 14. 317 Blad 1van 1
Vakgebied: V
Wijziging for— 1datum maatschaal status datum opmerkingen 20-09-2006 AO/A21:100/200 a 20-09-2006 20-09-2006 AO/A21:100/200 a 20-09-2006 20-09-2006 AO/A21:100/200 a 20-09-2006 20-09-2006 AO/A21:100/200 a 20-09-2006 20-09-2006 AO/A21:100/200 a 20-09-2006 20-09-2006 AO/A21:100/200 a 20-09-2006 20-09-2006 AO/A21:100/200 a 20-09-2006 20-09-2006 tevensinfo plattegr. verh.winkel 120-09-2006 AO/A21:100/200 Cl :1 nr. 3977 en4220 1 Sektie
120-09-2006 A2 1 1:10001 1
B 1 23-02-2007 1
Renvooilijst behorende bij Vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo
Nr.
-
Aantal
Werktuig
001 002 003 004 005 006 007 008 009 010 011: 012 013 1 014 015 016 017 018 019 020
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
022 023 024 025 026 027 028 029
1 1 1 1 1 1 1 1
Voet korrelelevator Voet korrelelevator iVoet korrelelevator Voet korrelelevator Voet korrelelevator Voet korrelelevator Verdeelstation elektra Verdeelstation elektra
034
1
CV. installatie kantoor
101 102 103 104 105 106 107 108 109 110 111 112 113 114 115 116 117 118
1 Roldeur iSprinklerdrukvat 1 Pompunit Sprinkler 1 Pompunit Sprinkler 1 Compressor 1 Vloeistofopslagtank met pomp 1 Vloeistofopslagtank met pomp 1 Vloeistofopslagtank met pomp 1 Pompunit 1 Melasse mixer 1 Doseerschroef 1 Ontlader elevator 1 Voet bijstortelevator 1 Bijstortschroef 1 Doseerweger 2 Hy ' ûflltS 1 Stortput afzuiging 1 Stortput afzuiging
:
Inhoud
Voet meelelevator Melasse kelder_________ Melassse doseerpomp Ontvangstketting Dwarsketting ontvangst Ontvangstschroef Voet ontvangstelevator Ketting doseerweger Voet doseerwegr elevator Melasse/vinasse kelder Melasse/vinasse pomp Ontvangstschroef Voet ontvangstelevator Voet gruisetevator Telefooncentrale Hydrounit Korrelketting Korrelketting Korrelketting i Blowerunit
Tebodin CCE B. V.
Opmerkingen
Buiten gebruik
1
572kW ,
75000 L.
1 10ATO
Documentnr. 14317R201b. xls Pagina 1 van 6
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo
Nr.
Aantal
Werktuig
119
1
Doseerschroef
120 121 122 123 124 125 126 127
1 1 1 1 1 3 2 1
Melasse/vinasse tank Melasse/vinasse_pompunit Doseerschroef :Gruisschroef Opvoerband Transportkettingen Gruisschroeven Afzakmachine
129 130
1 1
Afzakmachine Opvoerband
132 133
1 1
Elevatorvoet meel bulk Koeler met zeef
134
1
Koeler met zeef
135 136 137 139 140 141
1 CV. installatie kantine 1 Gruisschroef koeler Pl 1 Gruisschroef koeler P2 TTPompunit 1 Schudzeef koeler P3 1 'Graanschroef_____ 1 Acculader
147 148 149 150 151
1 1 1 1 1
Elevatorvoet ME P3 i Elevatorvoet ME P4 Elevatorvoet ME P5 Korrel _ elevatorvoetP3 Gruis elevatorvoet P3
155
1
lElek. pallet hefwagen
138
Renvooilijst behorende bij Vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
Inhoud
Opmerkingen
-
115 kW
157 1 'Gruisschroef 158 1 Gruisschroef 159 1 Schroef 160 1 korrelketting 161 1 korrelketting 1621korrelketting 164 1 Transportband 1651gruisschroef 166 1 Vloeistofopslagtank metpomp -
1721 200 201
1
Koffieautomaat 1 1
Bulkbeladingsbunkerset______________________________________________ Beladingsketting
Tebodin CCE B. V.
Documentnr. 14317R201b. xls Pagina 2 van 6
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo
-
-
--
Nr.
AantaI
203 204 205 206
1 1 1 1
Lintmenger Bijstortbunker Bedieningsruimte gruisbunker
208
1
Afzakweger EME
214 215 216 217
1 1 1 1
Elevator voet korrelafzak Korrelketting afzak Koeler Pl Koeler P2
218
1
Koeler
219 220 221 222 223
1 1 1 1 1
Koeler P4-P5 Vetcoating Voet omloopelevator Filterkast Pl Filterkast p2
226 227 228 229 230 231 232 233 234 235 236 237 239 240 241
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
Cycloon Cycloon Gruisschroef Gruisschroef Beladingsset Beladingsset Vet doseertank Vet spray-pomp testapparaat Vloeistofweger korrelzeef korrelschroef kantoor kettingtransporteur pallettruck
1
Werktuig
242
1
acculader
1
elevatorkop
301
1
Bunker
302
1
Weger
303 304 305 306
1 1 1 1
Doseerschroef K22 DoseerschroefK22 Trilgoot Perslucht droger
310
1
Korrel aftapelevator: kop
313 314 315 316
1
Perssectie Pl -Pl A r'ersseceP2 Compressor Voedingsketting Pl
Tebodin CCE B. V.
Inhoud
Opmerkingen
-
25 kg
P3
245
1 1
Renvooilijst behorende bij Vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
1
Documerttnr. 14317R201b. xls Pagina 3 van 6
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo
Nr.
Aantal
317
318 319 320 321 322 323 324 325 326 327 328 329 330 331 332
=
-
337
Werktuig
Renvooilijst behorende bij Vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
Inhoud
Opmerkingen
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
Voedingsketting _P2 Voedingsketting P3 'Voedingsketting P4 Besturingskamer perserij Perssectie P3 :Voedingsschroef P3 Uittrekketting P4 Dwarsschroef P2 Perssectie P4 1Perssectie P5 UittrekkettingP5 iTÏator: kop omloop 1 Besturingspaneel P3 P4 P5 1 Compressor 1 Zwaaipijpverdeler Bulk 1 Zwaaipijpverdeler Bulk ,
1
,
Compressor
338 1 'Lier 3' 391 Vloeistofpomp 340 1 Vloeistofpomp 341 1 TVloeistofpomp -
402
1 1
Meel_beladingsschroef Meel beladingsschroef ielbelgichroef
404
TJmloop
405 406 407 408 409 410 411 412
Opslag KZD 1 1 Hamermolen + toevoerapp. 1 1 Hamermolen +_toevoerapp. 1 Bedieningspaneel hamerm. 1 gruisbunker 1 Persmeelcel 1 Persmeelcel 14smeelcel
413
1
lElevator
501 502 503 504 505 506 507 508 509 510 511 512 513
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
Meel-gruis elevator Meel omloop elevator P5 Mixer P5 Mixer P4 Meel omloopelevator P4 Meel omloopelevator P3 i Meel gruiselevator Mixer P3 Elevator Korrelelevator P3 Korrelketting P3 Korrelketting P4-P5 Korrelelevatorkop
Tebodin CCE B. V.
elevator
Pers
3
______
Documentnr. 14317R201b. xls Pagina 4 van 6
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo
.
-
Nr.
Aantal
514 515 516 517 518 519 520 521 522 523 524
1 1 1 1 1 1 1 1 1 1 1
Werktuig
Inhoud
Opmerkingen
Korrelelevatorkop Korrelzeef Korrelzeef Meelketting Meelschroef Meelketting t. b. v. korrelperserij Melketting t. b. v. aftap Schroef af: elevator Grondstof verdeelketting Bunkers Bunkers
525
istoffilter en stofsluis
526 527 528 529 530 531 532 533 534
1 1 1 1 1 1 1 1 1
-
Renvooilijst behorende bij Vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
-
Verdeelschroef Verdeelketting aftapcellen Verbindingsketting Korrel verdeelketting Korrel verdeelketting Korrel verdeelketting Korrel verdeelketting Korrel verdeelketting Hamermolen voorzeef
601
1
602 603 604 605 606 607 608 609 610 611
1 1 1 1 1 1 1 1 1
Gruis elevatorkop Gruis elevatorkop Grondstofschroef Dwarsdoseerketting Voorzeef Cycloon ontvanger KZO Compressor iVentilatorHM 1Ventilator KZD Meelelevator kop Bijstort elevatorkop
612
1
Silo vulling
613 614 615
1 1 1
Korrel elevator Korrel elevator Kruimelaar
701 702 703 704
1 1 1 1
Grondstof verdeelketting Ontvangst elevatorkop Doseer elevatorkop Schoorsteenventilator
801 802
1 1
Stoomketel Stoomketel
803
1
Voorraadvat
804
1
Water ontharder vat
1
Kolomboormachine
i Uitstoot op 39 meter 880 kW 257 kW
1200 kg 0-10 ATO 600 kg 0-10 ATO ,
,
8061Werkbank+handgereedschap 807 1 Vatenstelling boven lekbak
Tebodin CCE B. V.
Documentnr. 14317R201b. xls Pagina 5 van 6
Renvooilijst behorende bij Vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo
Nr.
Aantal!'
Werktuig
808 809 810 811
1CV kachel hete lucht 1 Zaagmachine 1 Slijpsteen 1 butaan gasfles
813 814 815 816 817
1 1 1 1 1
818
1
Opmerkingen
248 kW ,
25 kg
i Electr. lasapparaat Electr. lasapparaat Heftruck Heftruck Oplaadapparatuur Waterpomp weegbrug
819
1
Compressor
820
1
Weegbrug
907 908 909 910 911
1 1 1 1 1
Vatenstelling boven lekbak 1Vatenstelling boven lekbak IAutowasplaats Olie/benzineafscheider iSlibvangput
916 917
1 1
Geyserelektr. Koffiezetapparaat
924 925
1 1
iSmeerkelder_____________________ Hoge druk cleaner
939
1
CV-kachel hete lucht
1
Inhoud
,
122kW
947 1 Roldeur 948iRoldeur TOTAAL ELEKTRISCH VERMOGEN (in kW) SAMENGEVAT IN HOOFDLIJNEN
DOSERING / MAALMENGLIJN PERSERIJ
BULKVERLADING /OPZAKKERIJ
675 11. 1100 150
OVERIGE
1O0
TOTAAL
2. 100
Tebodin CCE B. V
Documentnr. 14317R201 b. xls Pagina 6 van 6
4/ ENERGIEVERBRUIK
INDE
Li
<
-
Dier voedthdtis trk:
DIERVOEDERSECTOR
Benchmark
ROTTERDAM , NOVEMBER
2006
2004
en
2005
Inhoudsopgave 1. Algemeen
2. Energieverbruik.
.
3
........... .............. .............. .............. ............... .............. .............. .............. .............. ............... .............. .............. .............. .............
4
3. Verband tussen de grootte van de persproductie en het energieverbruik. 4. Verband tussen het soort voer en het energieverbruik
.. . .. .. . .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. .. . .. . .. .. . .. .
. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . .. . . . . . . . . . . . .
8
11
5. Vergelijking van energieverbruik over de laatste zes jaren. . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . . 14
6. Conclusie.
....... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... ......... .......
15
1. Algemeen Voor u ligt de weergave van de benchmark energieverbruik in de diervoederindustrie over jaren 2004 en 2005. De opzet van huidige versie is nagenoeg gelijk aan de voorgaande jaren. Dit geeft u de mogelijkheid om de resultaten met voorgaande jaren te vergelijken. Besloten is het onderdeel " Energieverbruik per productieonderdeel " weg te laten vanwege onvoldoende nauwkeurigheid bij de opgave. Aan de benchmark hebben 35 locaties (van totaal 16 bedrijven) deelgenomen. Bedrijven die hebben deelgenomen aan de benchmark ontvangen via een begeleidende brief bij dit rapport hun locatienummer(s). In dit rapport zal de productcategorie Rundvee en Overige telkens aangeduid worden als Rundvee. In figuur 1 is de verdeling weergegeven van de deelnemende locaties naar bedrijfsgrootte. De tonnage betreft zowel pers- als meelproductie. De verdeling geldt voor zowel 2004 als 2005.
R-oductieorrwangverdeling van de deetnerrnde locaties
Figuur 1 [ci1 < 00. 000 ton 16
w
-
100. 000- 200. 000 ton
o 200. 000 -300. 000 ton 300. 000 ton
Bij bijna alle bedrijven ligt de nadruk op de productie van gepelleteerd voer (brok). Bij vijf locaties in 2004 wordt meer dan de helft van de productie ingenomen door meel (respectievelijk 51% 58% 63% 72% en 79%). Bij vier locaties in 2005 wordt meer dan de helft van de ,
,
,
91
productie ingenomen door meel (respectievelijk 56% 61% 73% en 78%). In figuur 2 zijn de deelnemende bedrijven naar rato van het aandeel meel verdeeld. ,
,
Meelpercentage van de totale productie van de deelnemende locaties 2004
Meelpercentage van de totale productie van de deelnemende locaties 2005
Figuur 2 Ei 0-10% meel
[Ei0 -el 0
10-20% meel 020-30% meel 0 30 60% meel 60%
o10-20% meel
o
17
o 20 - 30% meel
o 30 - 60% meel • > 60% meel
-
meel
2. Energieverbruik Op het invulformulier is onderscheid gemaakt tussen het gasverbruik (m) elektriciteitsverbruik (kWh) en het HBO- olieverbruik (1). Het energieverbruik per ton voer is afhankelijk van de vorm (meel of geperst) en het soort voer. Rundveevoeders worden doorgaans harder geperst dan varkens- of pluimveevoeders. Om tot een representatieve vergelijking te komen is het energieverbruik per ton geperst voer berekend. Het energieverbruik per ton geperst voer wordt bepaald door het verbruik voor 1 ton voermeel vast te stellen op 10 kWh (=360 MJ). Deze waarde is met behulp van deskundigen bepaald. Hieronder volgt de manier waarop het energieverbruik van geperst voer is berekend. ,
,
,
Met behulp van de factor " MJ/ton geperst voer " kunnen de productiegegevens per locatie beter vergeleken worden. Een bedrijf met een 100% persproductie heeft natuurlijk een ander elektriciteitsverbruik dan een bedrijf met 50% gepelleteerd voer en 50% meel. Omtrent deze berekening kunnen ook de nodige vraagtekens gezet worden: Is het energieverbruik per ton meel 10 kWh of is dit wellicht hoger of lager? -
El
Hoe harder de korrel des te meer energie nodig is voor de productie ervan. Een rundveekorrel is waarschijnlijk harder dan een varkenskorrel ook zijn er verschillen tussen rundveekorrels van de verschillende bedrijven. Om deze invloed uit te sluiten zou de hardheid van de korrel bekend moeten zijn en doorgegeven moeten worden. Dit is echter voor de meeste bedrijven vertrouwelijke informatie en wordt derhalve niet verstrekt aan derden. ,
,
,
Gas:
1 m3 gas = 3165 Mi
Elektriciteit:
1 kWh
Olie (HBO):
1 liter HBO
,
=
36 Mi ,
362 MJ
=
,
Totaal MJ = (m 3 gas*3 165) + (kWh*36) + (liters HBO*362) ,
,
1 ton meel = 10 kWh
,
360 MJ
=
,
MJ per ton geperst voer = Totaal MJ
-
(tonnage meel x 360 MJ) ,
Uit de gegevens blijkt dat gas en olie voornamelijk worden gebruikt voor het conditioneren/persen. Bij enkele locaties is slechts een klein gedeelte van het gas- olieverbruik toegeschreven aan verwarming van de kantoren of de loods. Dit verbruik is in de berekening buiten beschouwing gelaten omdat maar weinig bedrijven het gasverbruik per bedrijfsonderdeel hadden doorgegeven. ,
Op een beperkt aantal locaties heeft men aangegeven olie in plaats van gas te gebruiken voor het conditioneren/persèn. Om deze locaties toch te kunnen vergelijken met de andere locaties is er voor gekozen om het olieverbruik om te rekenen naar gasverbruik. Uitgangspunt voor deze bereking zijn de energiewaarden van 1 m3 gas en 1 liter HBO-olie resp. 3165 MJ en 36. 2 MJ. ,
,
1 m3 gas = 0. 87 liter HBO- olie
In de onderstaande tabel zijnde gegevens met betrekking tot het energieverbruik per ton geperst voer opgenomen'. Bij het MJ- en kWhverbruik zijn de gegevens gecorrigeerd voor het energieverbruik ten behoeve van de meelproductie. Aangezien gas voornamelijk voor het conditioneren en persen wordt gebruikt is hierbij uiteraard geen correctie voor de meelproductie toegepast.
'In dit verslag zijn afgeronde getallen gebruikt. Hierdoor is het totale energieverbruik voor gas en elektra samen niet altijd hetzelfde als de berekende waarde van het energieverbruik (in MJ/ton)
5
Tabel 1: Eneraleverbruik 2004 locatienummer 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 gemiddeld
en
MJlton 202 221 259 193 226 280 255 197 325 218 289 236 186 362 206 273 249 251 235 241 279 234 222 253 268 273 223 293 379 167 209 206 457 212 218 245
2005
oer
ton aeoerst 2004 kWh/ton 56 44 47 52 52 35 41 47 57 36 55 47 81 58 39 45 42 33 56 40 52 39 44 51 30 42 42 56 55 22 37 27 60 41 42 44
voer.
m3 gas/ton 00 20 28 02 13 48 34 09 38 28 28 22 55 48 21 35 31 42 10 30 29 30 20 22 51 39 22 29 57 27 23 34 76 20 21 27 , , , ,
, ,
,
, , , , , ,
, , , , , , , , , ,
, ,
,
, , , , , ,
, , , ,
MJ/ton 193 231 261 172 233 306 241 212 299 219 291 242 410 346 220 271 243 241 239 244 281 245 226 266 281 281 265 295 357 175 205 205 243 210 226 251
2005 kWh/ton 54 44 46 46 53 37 39 48 49 36 56 49 71 50 39 45 42 34 56 39 48 39 45 54 31 43 48 56 46 26 37 28 19 43 41 44
m3 gas/ton 00 23 30 02 13 55 32 13 39 28 29 21 48 52 25 34 29 38 12 33 35 33 20 23 54 40 29 29 61 26 22 33 55 17 24 29 , , , , , , , , ,
, , , , ,
,
,
, , , , , , , , , ,
, , , , , , ,
, , ,
In figuur 3 is het energieverbruik per ton geperst voer in MJ weergegeven. Het gemiddelde energieverbruik in 2004 bedraagt 245 MJ per ton geperst voer en in 2005 bedraagt het verbruik 251MJ/ton. Van de 35 locaties verbruiken in 2004 13 locaties meer energie dan gemiddeld. Voor 2005 zijn dat 10 locaties.
Energieverbruik per ton geperst voer 2004 500 450 400 350 300 -) 250 200 150 100 50 0
4HLft
1 2 3 4 5 6 7 89 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 [MJ/ton. gem. MJ/ton Locaties Energieverbruik per ton geperst voer 2005 500 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 15 16 17 18 19 20 21 22 23 24 25 26 27 28 29 30 31 32 33 34 35 gem. MJ/ton Locaties L JMJ/ton Figuur 3 Energieverbruik per ton geperst voer voor 2004 en 2005
7
3. Verband tussen de grootte
van
de persproductie
en
het energieverbruik
Neemt het elektriciteitsverbruik toe naarmate de productie afneemt? Figuur 4 geeft het verloop van het energieverbruik (kWh) weer per ton geperst voer bij toenemende persproductie. Het elektriciteitsverbruik per ton geperst voer is afhankelijk van de voersoort. De toename van de productie gaat gepaard met een lichte afname van het elektriciteitsverbruik per ton geperst voer. Er dient wel rekening gehouden te worden met het feit dat in deze tabel de productie van alle soorten diervoeders is meegenomen. Het gemiddelde elektriciteitsverbruik per ton geperst voer onder de deelnemende productielocaties bedraagt 44 kWh voor zowel 2004 als 2005. In het volgende hoofdstuk wordt verder ingegaan op de relatie tussen voersoort en energieverbruik. In figuur 5 op de volgende pagina is het verloop van het gasverbruik per ton geperst voer weergegeven. Zoals reeds gemeld wordt gas als energiebron voornamelijk ingezet bij het conditioneren en persen van het voer. De verwachting is dat de productieomvang niet van enige invloed is op het gasverbruik. De aangeleverde meetgegevens laten enige invloed zien tussen de productieomvang en gasverbruik. Er valt een lichte daling waar te nemen voor het gasverbruik per productielocatie in 2004 de gegevens van 2005 laten geen trend zien bij een toename van de productieomvang.
Gemiddeld ligt het gasverbruik per ton geperst voer van de deelnemende productielocaties op 27m3 in 2004 en 29m3 in 2005. ,
,
,
,
,
,
[S1 [S]
Verloop kWh verbruik per ton geperst voer naar toenemende productie 2004
;
°
Ij
-
500 450 400 350 300 250 200 150 100 50 0
80 70 60 50 40 30 20 10 0 13 33 1 34 16 23 21 9 18 19 20 35 7 31 11 14 32 12 10 22 30 29 17 4 26 15 25 8 27 5 28 24 6 3 2 Locaties T-ipersproductie in tonnen (x100 0k)ÂW h/ton
gem.
kWh/ton
=
Lineair (kWh/ton)j
Figuur 4. 1 Elektriciteitsverbruik bij toenemende productie in 2004 Verloop kWh verbruik per ton geperst voer naar toenemende productie 2005 500450 400-
80 -70 60 50
II1 CL 10
100 50 -r--
H
nno
llfl JIIiJJfi ftllllij
13 1 33 34 23 21 16 9 19 18 20 35 31 7 11 14 32 22 12 30 10 29 25 17 4 26 15 6 8 5 27 24 28 3 2 Locaties ipersproductie
.
kWh/ton
Figuur 4. 2E lektriciteitsverbruik bij toenemende productie in 2005
•gem. kWh/ton
-
-
Lineair _(kWh/
20 10
Verloop gasverbruik per ton geperst voer naar toenemende productie 2004
0) o0
500 450 400 350 300
8
7
6
5
250
200
4
t\/
*
3
150
2
1 00
CL
50
0 13 33 1 34 1623 21 9 18 19 20 35 7 31 11 14 32 12 10 22 30 29 17 4 26 15 25 8 27 5 28 24 6 3 2 Locatie
persproductie -*-- m3 gas/ton
gem. m3 gas/ton
—Lineair (m3 gas/ton)]
Verloop gasverbruik per ton geperst voer naar toenemende productie 2005
.
2
0
2
0. 0.
C2
500 450 400 350 300 250 200-150 100-50 r1JD_f. i 0 -I 13 1 33 34 23 21 16 9 19 18 20 35 31 7 11 14 32 22 12 30 10 29 25 17 4 26 15 6 8 5 27 24 28 3 2
8 7 6 5 4 3 2
0
Locaties Li
persproductie
-.
-m 3 gas/ton
.
gem m3 gas/ton
- L ineair
(m3 gas/ton)]
Figuur 5. Ga sverbruik per ton geperst voer in 2004 en 2005 naar toenemende productie
10
4. Verband tussen het soort
voer en
het energieverbruik
Over het algemeen genomen is rundveevoer het hardst geperste voer. Dit zou betekenen dat hoe meer rundveevoer een bedrijf produceert (in verhouding tot de andere voeders) hoe hoger het energieverbruik (MJ) per ton zou liggen. In figuur 6 zijn de locaties oplopend naar het percentage rundveevoeders gerangschikt. Er is een licht positieve trend waar te nemen in het energieverbruik (MJ) in relatie tot rundveevoer. Deze trend lijkt minder sterk op te treden dan in voorgaande jaren. ,
In figuur 7 op de volgende pagina zijn de locaties ook oplopend naar het percentage rundveevoedersgerangschikt. In deze figuur is gekeken naar het gasverbruik en electriciteitsverbruik in relatie tot de voersoort. Aangezien gas over het algemeen voor conditioneren en persen wordt gebruikt valt een lichte toename te verwachten bij een hoog productieaandeel rundveevoer. De aangeleverde gegevens laten echter een tegenovergesteld beeld zien. Het aandeel elektriciteit neemt toe maar het aandeel gas neemt af bij een toename van het productieaandeel rundveevoer. Deze trend is in de twee voorgaande jaren ook waargenomen. ,
,
Samengevat: Het totale energieverbruik neemt licht toe naarmate het percentage rundveevoeders in persproductie stijgt. Echter het gasverbruik lijkt licht te dalen bij een toename van het productieaandeel rundveevoer. Dit houdt in dat de electriciteitsbehoefte voor de productie van rundveevoer enigszins hoger ligt t. o. v. de productie van andere geperste voeders. Bij locaties met meer dan 75% varkensvoeders in 2005 is het gemiddelde verbruik 250 MJ bestaande uit 29 m 3 gas en 40 kWh per ton geperst voer. Bij locaties met meer dan 75% rundveevoeders in 2005 ligt het gemiddelde verbruik op 260 MJ bestaande uit 28 m3 gas en 49 kWh per ton voer. Hoewel pluimveevoer doorgaans het minst hard wordt geperst kan het energieverbruik hoger uitvallen doordat de geperste korrel weer gebroken wordt. Dit proces kost uiteraard ook de nodige energie. ,
,
,
,
,
11
Energieverbruik (MJ) in relatie tot voersoortaandeel 2004 500
100%
450 400
60%
350 300
60%
250 200
40%
150 100
20%
50 0%
0 35
34
21
23
14
2 15
8 24
20
12
17
26
1 3 10
33
29
6 5 25
7 18
11
28
30
31
13
27
32
22
19
9 16
4
Locaties
LJ %rundveevoer
2~ %varkensvoer EJ O/ujmv\ ,
MJ/ton geperst voer -Li neair (MJ/ton geperst voer)
Energieverbruik (MJ) in relatie tot voersoortaandeel 2005 100%
500
80%
400
450 350
w0 , (0
300
60%
250 200
40%
150 100
20%
50 0
0%
Locaties
% rundeeoer
%varkerisoer
%piuimeeoer
MJ/ton geperst oer -Lineair (MJ/1011 geperst voer)
Figuur 6 Relatie tussen aandeel rundveevoer en energieverbruik in 2004 en 2005 12
Kwh-verbruik en gasverbruik in relatie tot voersoortverdeling 2004
11E 0
40%
>
100
IRi i II I'IîFi1Ii 11
r
40
30
0% ftftL LU1III1Ii11JUiiLLLftUJJIiJJiLLLLftiliLtkLU1Lftll 0
20
18
25
33
22
26
3
2
15
32
27
17
6
10
1
%rundeeoer M3 Gas(+Olie) / ton p ers(*10) J -Lineair (m3 Gas(±Olie) / ton pers(*10))
30 w~
8
13
12
35
11
31
9
Locaties %rkenser kWh/ton geperst voer (x 10)
23
7
19
34
14
20
16
4
1
5
24
21
28
29
%pIuimeer -Lineair (kWh/ton geperst voer (x10))
kWh-verbruik en gasverbruik in relatie tot voersoortverdeling 2005 100%
100 , 90 , 70 ,
50 , 30 ,
, 10
00 ,
NO EJ
% rundveevoer 3 gas/ton geperst voer Lineair (kWh/ton geperst voer (xl 0))
-m
% varkensvoer kWh/tori geperst
voer
(xl 0)
EJ % pluimveevoer Lineair (m3 gas/ton geperst voer)
Figuur 7 Relatie tussen aandeel rundveevoer en energieverbruik in 2004 en 2005 naar gas en elektra
13
5. Vergelijking van energieverbruik over de laatste zesjaren De laatste vier jaar is het totale energieverbruik iets gestegen ten opzichte van 2000 en 2001. Hier moet worden opgemerkt dat het gemiddelde niet van dezelfde locaties is genomen en de bedrijfsontwikkeling niet stilstaat. Tussen de bedrijven zitten grote verschillen en de relatie met het type voer is zwak. in 2005 was het gemiddeld energieverbruik 251 MJ per ton geperst voer 68% van de bedrijven zit tussen de 200 en 300 MJ per ton. De variatie lijkt daarom oorzaken te hebben die liggen op het vlak van de productietechniek. In tabel 2 zijn de gemiddelde waarden gegeven voor energieverbruik opgesplitst naar gas en elektriciteit. Als maat van spreiding is de standaardafwijking 2 weergegeven achter de getallen. ,
,
Tabel 2 Energieverbruik tussen 2000 en 2005 per ton geperst voer. Energie (ton geperst) aar MJ/ton SD 2000 243 51 2001 240 47 2002
256
2003 2004 2005
252 245 251
Gas (ton geperst) m3/ton SD 28 13 30 16 33 28 11 27 16 29 13 ,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
,
50 58 49
Elektriciteit (kWh/ ton geperst) kWh/ton SD 43 102 44 95 45 126 48 44 111 44 98 ,
,
, ,
,
2
De standaardafwijking of standaarddeviatie (a ISD) wordt berekend door bij de waarnemingen de afwijkingen van het gemiddelde te kwadrateren en op te tellen. Deze som vervolgens te delen door het aantal waarnemingen ( =variantie) en hieruit de wortel te trekken.
Fd
14
6. Conclusie Gesteld kan worden dat deze benchmark kan dienen als algemene sectorinformatie. Uiteraard kan men ook het eigen energieverbruik eens vergelijken met het verbruik op de productielocaties van collega diervoederproducenten. Tevens kunt u uw gegevens vergelijken met de voorgaande benchmark. Hartelijk dank voor uw medewerking en we hopen in de toekomst weer op uw deelname te kunnen rekenen. De laatste twee jaar zijn de energiekosten gestegen zodat te verwachten is dat het energieverbruik zal dalen. Hoe meer deelnemers des te beter kan een beeld geschetst worden van het energieverbruik in de sector. ,
Aanbevelingen met betrekking tot de benchmark energieverbruik zijn natuurlijk van harte welkom! Nevedi
,
Rotterdam November 2006 ,
15
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo Rapportnummer: 1417R101d. doc
OMSCHRIJVING
Revisie: d Datum: 25 april 2007
TE B 0 DI N CCE
Pagina: 21 van 38
Consultants & Engineers Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
BIJLAGE 2
VERKLARENDE
WOORDENLIJST
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo
L9LÎb TEBODIN CCE Consultants
Engineers
Rapportnummer: 14317R101 d. doc Revisie: d
OMSCHRIJVING
Datum: 25 april 2007 Pagina:22van38 Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
Woord ALARA
Verklaring As Low As Reasonable Achievable. ( Zo laag als rederlijkerwijs mogelijk is)
ATEX
ATmosphere Explosible. Explosieve atmosphere.
Blaaswagen
Vrachtwagen uitgerust met een pneumatisch blaas systeem waarmee het product vanuit de vrachtwagen de fabriek in getransporteerd kan worden
BRZO
Besluit Risico Zware Ongevallen (Besluit over het beperken van zware ongevallen door het opslaan van en/of werken met gevaarlijke stoffen)
BSB stichting
Stichting Bodemsanering Bedrijfsterreinen
Charge
Afgemeten hoeveelheid product
Cycloon
Machine voor het scheiden centrifugaalkrachten.
Emissie
Uitstoot van vloeibare of gasvormige stoffen of van geluid naar lucht water of bodem.
Filterdoek
Deel van filter dat product tegenhoudt en afgezogen kan worden. (vaak stof uit lucht)
GE
geureenheid (mate van
GMP+
Good Manufacturing Performance
HACCP
Hazard Analysis of Critical Control Points. Controlemethode om de veiligheid en kwaliteit van een productieproces systematisch te analyseren. Machine voor het verkleinen van het product. Met hoge snelheid slaan met een voorwerp ( hamer) tegen product.
Hamermolens
van
stof uit lucht
met
behulp
van
,
geur , 1
lucht doorlaat zodat
de
,
het
O = 2 GE)
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo Rapportnummer: 14317R101ddoc
OMSCHRIJVING
Revisie: d
L T EB 0 DI N CCE
Datum: 25 april 2007 Pagina: 23 van 38
Consultants & Engirieers Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
BIJLAGE 3
GEUREMISSIESITUATIE
COÖP. ARKERVAART-TWENTE U. A. VESTIGING MARKELO. Op de volgende bladen zijn een tweetal rekenresultaten weergegeven volgende uit een geurnormberekening via Geurnorm versie 3.1 juli 2005. ,
De invoergegevens zijn de gegevens van de verwachte productie opgesplitst in de tonnen/jaar gebouwgegevens zoals momenteel op de locatie aanwezig is.
,
en
de
Teneinde de " worst-case " situatie in beeld te brengen is uitgegaan van de meest ongunstige windrichting en dichtstbijzijnde afstanden tot een woning (woonkern) in de NO richting op een afstand van 80 en 125 m en de dichtstbijzijnde woning buiten de bebouwde kom op een afstand van 1000 m. De betreffende afstanden zijn ter verduidelijking op kaartmateriaal toegevoegd. De resultaten zijn weergegeven op de volgende bladen in resultaat 1 en resultaat 2. Uit beide resultaten blijkt dat de max. concentratie ligt op een afstand van 625 m in NO richting en dat de concentratiewaarde volgens de grafiek op 015 ouE/m3 bedraagt. Deze waarde ligt ver onder de norm van 1. 0 ouE/m3. ,
Berekeningen op andere windrichtingen welke hier niet meer zijn gepresenteerd geven steeds beter beeld van de concentratiewaarde volgens onderstaande tabel: ,
Richting Noorden Oosten Zuiden Westen Noord-West Zuid-West Zuid-Oost
Afstand (m) 650 650 500 500 550 475 550
een
Contratie (ouE/m3) 01 01 00 00 00 01 00 ,
, , , ,
,
,
Coöp.
Arkervaart-Twente
Rapportnummer:
U.A. te Markelo
14317R101d.doc
OMSCHRIJVING
Revisie: d
CCE
TEBODIN Consultants
&
Engineers
Datum:
25
Pagina:
24 van
april 2007 38
Behoort bij vergunningaanvraag
Wet Milieubeheer
Geurnorm resultaten
Model
Geurnorm 3.1, 12 juli 2005
Datum berekening 21 februari 2007 14:50:02 Behandeld
(geanonimiseerd) A:
door
(geanonimiseerd)
Bedrijfsgegevens Coöp
Arkervaart-Twente
Goorseweg 7475
UA.
3
BB MARKELO
Invoergegevens Vleesvarkensvoer
41619
[ton/jaar]
Biggenvoer
2677
[ton/jaar]
Legpluimveevoer
293
[ton/jaar]
Vleespluimveevoer 2953
[ton/jaar]
Rundveevoer Bedrijfstijd Emissie
3744
[uur/jaar]
191
[miljoen ouE/uur]
25739 [ton/jaar]
Gebouwhoogte Schoorsteenhoogte Diameter Capaciteit Koeler Temperatuur [m]
[m]
[em]
36
38
140
Resultaat 1, Woonkern op 125
Richting Woning
m
Afstand
_ Noord-Oosten 1000
ri. NO
en
[m] Concentratie [ouE/m3] 0.0
Woonkern
Noord-Oosten
125
0.0
Max
Noord-Oosten 625
0.1
Noord-Oosten
1.0
conc.
Geurnorm
0
Woning buiten bebouwde kom op 1000m ri. NO
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo Rapportnummer: 1431 7R1 01 d. doc Revisie: d
TEBODIN CCE
OMSCHRIJVING
Datum: 25 april 2007 Pagina: 25 van 38
Consultants & Engneers Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
Afstand
en
concentratie
0. 11 0. 10 009 , , 008
L
0
007 , , 006
005 , 20
(10
004 , , 003 , 002
0. 01 0. 00
D
250
500
750
1000
1250
1500
1750
2000
Afstand [m]
Conclusie De berekende maximale geurreductie , getoetst aan de vastgestelde geurnorm mengvoederindustrie bedraagt: 0%.
1. r .
-
. .
. .
.
,
:.
•:
•r
..p -t
El ï
.
VDK
tAICiflUI
11irizt
de
~
•- '
r'
voor
-
. .
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo Rapportnummer: 14317R101d. doc Revisie: d Datum: 25 april 2007 Pagina: 26 van 38 Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
11
TEBODIN CCE Consultants & £ngineers
t
OMSCHRIJVING
1 -.
2,
-
-
'•
.
.
.
.
t
.
.,
..
.
.
.
is
.
•
:-''
cfI -
iflîi8:i!
)
Coöp.
Arkervaart-Twente
Rapportnummer:
U.A. te Markelo
14317R101d.doc
OMSCHRIJVING
Revisie: d Datum:
CCE
TEBODIN Consultants
&
Engineers
25 april 2007
Pagina: 27 van 38 Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
Geurnorm resultaten
Model
Geurnorm
3.1,
12
Datum berekening 21 februari 2007 Behandeld
door
(geanonimiseerd)
juli 2005 14:52:03
(geanonimiseerd)
Bedrijfsgegevens Coöp Arkervaart-Twente UA. Goorseweg 7475
3
BB MARKELO
Invoergegevens Vleesvarkensvoer
41619
[ton/jaar]
Biggenvoer
2677
[ton/jaar]
Legpluimveevoer
293
[ton/jaar]
Vleespluimveevoer 2953
[ton/jaar]
Rundveevoer
25739
[ton/jaar]
Bedrijfstijd Emissie
3744
[uurfjaar]
191
[miljoen ouE/uur]
Gebouwhoogte Schoorsteenhoogte
Diameter
[m]
[m]
[cm]
36
38
140
Resultaat 2, Woonkern op 80
Richting
m
ri. NO
en
Noord-Oosten
1000
0.0
Woonkern
Noord-Oosten
80
0.0
Max
Noord-Oosten 625
0.1
Noord-Oosten
1.0
Geurnorm
buiten bebouwde kom
Afstand [m] Concentratie [ouE/m3]
Woning
conc.
Woning
Capaciteit Koeler Temperatuur
0
op
1000m
ri. NO
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo Rapportnummer: 14317R101d. doc
OMSCHRIJVING
Revisie: d Datum: 25 april 2007 Pagina: 28 van 38
TEBODIN CCE
Consultants & Engineers Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
Afstand
en
concentratie
011 ,
010 , oog 0. 08
0. 07
006 ,
•
c
0. 05 0.
co
04
0. 03
0. 02
001 ,
0. 00 0
250
500
750
1000
Afstand
1250
1500
1750
2000
[m]
Conclusie De berekende maximale geurreductie getoetst aan de vastgestelde geurnorm voor de mengvoederindustrie bedraagt: 0%. ,
-
r
t
Tr;
'
ei S • 4' iSL
,
.
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo
TEBODIN CCE Consultants & Engineers
Rapportnummer: 14317R101d. doc Revisie: d Datum: 25 april 2007 Pagina: 29 van 38 Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
OMSCHRIJVING
t'
J zj
1 h
xc j. V:.
. . :. . *
.P ,
.
.
-
..
.
':j3J ......
•
. -.
, 1-'•I.. ,
'
.
-
. -. --. W.
-
...
1
1
.
. : •
. . ••.
3(F9
s /
- k
id
11.
0 ..
1
.
•
•i ;•
au ...
iry
1fffl1llDL
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo
T EB 0 DI N CCE Consultants & Engineers
Rapportnummer: 14317R101d. doc Revisie: d Datum: 25 april 2007 Pagina: 32 van 38 Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
OMSCHRIJVING
BIJLAGE 5
TECHNISCHE SPECIFICATIE FILTERDOEK PERSBERICHT 1996
specialisten
‘_nedfilter” groep
Ef
Mijne heren. Wij produceerden recentelijk voor u en
verwerkten
160
daarvoor
filtermappen
1520
het naaldvilt PE/PE
x
495
504
mm/viltpakking glazeExcharge CS
Bij normale filterbelasting en gedegen montage zal een emissie-norm PE/PE 504 glazeExcharge CS 17 geen probleem zijn,
<
5
17,
mg/Nm3
voor de
bovendien voor
is het materiaal voorzien DMT/EXAM certificaten waarin in de ATEX zônes 20,21 en 22 wordt verleend.
Wij vertrouwen
Met
de goedkeuring
toepassing
u met deze
informatie van dienst te
zijn.
vriendelijke groet,
Nedfilter groep Stokvis & Smits BV
(geanonimiseerd)
Maatwerk
nedfilter b.v.
filtrair
| luftfilter | sagi
cofim
{
in filtratie
bwf | verseidag | componair | Iso 9001}
stokvis & smits b.v.
vca* certified
/
oa Artikel:
needlona® PE/PE 504 glaze ExCharge CSI7
TAN:
5149
Zusammensetzung Auflage: Gewebe:
Polyester Polyester
Flâchengewicht [g/m2]: ISO 9073-1
500
Dicke [mm]:
18,
Dichte [g1cm3]:
, 028
Luftdurchlassigkeit EN ISO 9237
[mm/s
@ 200 Pal:
300
bzw. 180 1/(dm2 min) @ 200 Pa
Porenvolumen [%]:
80
Höchstzugkraft ISO 9073-3 (Probengrölle 200/50 mm) lângs [daN]: quer [daN]:
155 165
Höchstzugkraftdehnung ISO 9073-3 langs [%]: quer [%]:
20 24
Temperaturbestândigkeit Dauer [°C]: Spitze [C]:
150 150
Dimensionsânderung bei 150C[%]:
<1
Behandlung/Aufbau/Ausrüstung:
» thermofixiert
1 I n Abhângigkeit von den Prozessbedingungen ist die Dauertemperaturbestândigkeit ggf. geringer anszusefzen
max.
gegIttete Oberflche wasserabweisende EnzeIfaserimprgnierung » dauerhaft Ieitfhige Trgerstruktur , Widerstand < 10A6 Ohm (DIN 54345 Teil 1 und Teil 5) , beschrieben in unserem EXAM Zertifikat »
» staub , öl- und
-
kl-
F665
-
zertifiziert nach DIN EN ISO 9001:2000 ® Registriertes Warenzeichen Nov. 04
Die technischen Daten beziehen sich auf die Neuware , werden nach den einschlâgigen Normen ermittelt und geiten im Rahmen üblicher Toleranzen. Irgendweiche Verbindlichkeiten können hieraus nicht abgeleitet werden. Ânderungen vorbehalten.
BBG
Prüf-
und
Zertifizier GmbH Fachstelie fûr
Explosionsschutz Bergbau-
Versuchsstrecke
-
Cari-Beyling-Haus Dinnendanistrafe 9 44809 Bochum Telefon 0201 172-3980 Telefax 0201 172-3982
1.
über die
E-Mai
:info®@bog-exam
nttp
og-exam
www
ge
ge
Nachtrag
Prüfung der elektrostatischen Eigenschaften eines textilen Filtermaterials
Auftraggeber:
BWF
Tec GmbH
Bearbeiter:
(geanonimiseerd) Drin
Zeichen:
1100/410.1a/00 BVS-Bl Tel. 0201/172-3973
& Co. KG / UB
Envirotec
Bochum, 05.11.03
(geanonimiseerd)
(geanonimiseerd) Dr (geanonimiseerd) EN
IE (geanonimiseerd)
D teser Nachu Nachtrag
um,
je
fasst 2 Seiten und darf
nur
unv nveränden
Ri
westerverbreitet werden
5
=
rerden
036-5210500 f 036-5210505 info@nedfilter.nl
— Www.nedfilter.nk
Ue E XA M
Fachstelie für Explosionsschutz
Bergbau-Versuchsstrecke 1
BBG
Prüf-
und
Zertifizier
UB
Envirotec wurde
Seite 2 von 2 BVS-BI 1100/410.1a/00 05.11.03
GmbH
Veranlassung
Für die Firma
BWF
Tec GmbH
& Co.
KG
/
im Jahr 2000
das
needlona”
Filtermedium
ExCharge® hinsichtlich
explosionsgefährdeten Bereichen durch die DMT-Fachstelle für Explosionsschutz, Bergbau-Versuchsstrecke, Bochum, (Zeichen 1211/410/00 BVS-Bl Du) untersucht. In diesem Nachtrag soll eine erneute Beurteilung unter Berücksichtigung der Ánderungen europäischer und nationaler Regelwerke erfolgen. 2 Im
der Einsetzbarkeit
in
Beurteilung o.g.
gemäf
Prüfbericht
wurde zur der noch gültigen Norm
DIN
54345
Teil
1: 1992
Teil 5: 1985
Beurteilung der elektrostatischen Aufladbarkeit
das
Prüfmuster
Prüfung von Textilien, Elektrostatisches Verhalten Bestimmung elektrischer WiderstandsgröBen -Durchgangswiderstand und OberflächenwiderstandBestimmung des elektrischen Widerstandes an Streifen aus textilen Flächengebilden
untersucht. Alle
Messergebnisse unterschritten den
GemäB
der BGR
132
Wert
1,0-10° 2.
<
(Berufsgenossenschaftliche Regeln, „Vermeidung
von
Zündgefahren
in-
folge elektrostatischer Aufladungen“ des Hauptverbandes der gewerblichen Berufsgenossenschaften, ersetzt (ZH 1/200)), Ausgabe März 2003, gilt für Filtermaterialien ein Grenzwert für die Erdableitfähigkeit von 10° Q. Dieser Wert wurde ist das Filtermaterial elektrostatisch ableitfähig.
bei allen
Messungen unterschritten. Somit
Im Rahmen der europäischen Harmonisierung werden zur Zeit Prüfnormen auf dem Gebiet des nicht-elektrischen Explosionsschutzes erarbeitet. Hierzu zählt unter anderem die Norm EN 13463 Teil 1 "Nicht-elektrische Geräte für den Einsatz in explosionsgefährdeten Bereichen”. Diese Norm lässt sich jedoch nicht auf Filtermaterialien übertragen. da es sich hierbei nicht um ein
“Gerät” im Sinne der Richtlinie stimmte Spezifikation erfüllen muss. Daher kann
Regelwerken
die
94/9
EG
Aussage getroffen werden,
das
Filtermaterial
hinsichtlich
handelt,
sondern
dass basierend
ExCharge”®
im
um
ein Material,
geerdeten
Zustand
die
Geräte,
die
und in denen das
Material
eingesetzt werden soll, herangezogen
Bochum. 05.11.03
eine
be-
auf nationalen und
elektrostatischer Gefährdungsbeurteilung für
unterliegen,
das
europäischen Anforderungen
Ableitfähigkeit
bei der erfüllt. Diese Eigenschaft kann der Richtlinie 94/9/EG („ATEX Richtlinie*)
(geanonimise rd)
werden.
‚,
“t036-5210500 £036-5210505 info 2dfilter.nl www.nedfilter.nl
Deutsche Montan Technologie GmbH Fachstelle für Brand- und Explosionsschutz über Bergbau Versuchsstrecke
AN Tage
DMT
-
DAR-Reg.-Nr.: EEC
-
Bearbeiter:
Dipl.-Chem. (geanonimiseerd)
Zeichen:
1211/410a/00 BVS-Bl/Du Tel. 0231/2491-105
AKKREDITIERUNG©
Bericht über die
Prüfung der elektrischen Eigenschaften
L.
Gegenstand:
needlona® Filtermedium
2.
Bezeichnung:
ExCharge”®
3.
Hersteller:
BWF
Zur
Textil GmbH
eines Filtermaterials
& Co. KG / UB
Umwelt-Technologie
Beurteilung der elektrostatischen Aufladbarkeit wurde das Prüfmuster gemäf
DIN 54345
Prüfung
Teil
Bestimmung elektrischer WiderstandsgröBen
1
von
Textilien, Elektrostatisches Verhalten
-Durchgangswiderstand und OberflächenwiderstandTeil 5
Bestimmung
des elektrischen Widerstandes
an
Streifen
aus
textilen
Flächengebilden
untersucht.
Alle
Messergebnisse unterschreiten den Wert von:
10° 0
Die
Prüfung nach Teil 5 wurde auf Grund der niedrigen Widerstandswerte mit einer MeBspannung
von
10 V
Die
Prüfung erfolgte entsprechend Punkt 2.7 der „Richtlinien für die Vermeidung
fahren
und
50 V
durchgeführt.
infolge elektrostatischer Aufladungen“* des Hauptverbandes
Dieser Prüfbericht umfaBt 2 Seiten und darf
nur
der
unverändert weiterverbreitet
Zündge-
von
gewerblichen Berufsge-
werden
IJ, s
some,
036-5210500 f 036-521210505
t
Montan Technologie GmbH Fachstelle für Brand- und Explosionsschutz über
A
Deutsche
Bergbau-Versuchsstrecke
nossenschaften (ZH
1/200) abweichend
von
den
Tage
-
DMT
Festlegungen in DIN 54 345 nach mind. 24stün-
diger Lagerung im Normalklima nach DIN 50 014 -23/50-2 bei einer Temperatur einer rel. Luftfeuchte
von
Dieser Wert wurde bei allen dem
23 °C und
beträgt:
10° 0.
Messungen unterschritten, somit ist das Filtermaterial elektrostatisch
Auftreten
zündfähiger Entladungen ist nicht zu rechnen, vorausgesetzt, das
Filtertuch ist sicher über den Stützkorb und die
Das Filtermaterial kann
von
50 %.
Der höchstzulässige Widerstandswert
ableitfähig. Mit
Seite 2 von 2 1211/410a/00 BVS-Bl/Du 07.02.01
eingesetzt werden
Kopfplatte des Filters geerdet.
in staubexplosionsgefährdeten
21 und 22 sowie in explosionsgefährdeten Bereichen durch
Brenngas/Luft
Bereichen der Zonen
20,
bzw.
Lösungsmitteldampf/Luft-Gemische der Zonen 0, 1 und 2 für die Explosionsgruppen II A, Il B und IG:
Dortmund. 07.02.01
Bearbeiter
(geanonimiseerd)
-5210500
EE
dn
210505 edfilter.nl nederl
40
kt71DFI1FW Artikel:
needlona9 PE/PE 504 glaze ExCharge
TAN:
4991
Zusammensetzung Auflage: Gewebe:
Polyester Polyester
Flachengewicht [glm2 l:
500
Dicke [mm]:
18,
Dichte [glcm3]:
, 028
ISO 9073-1
Luftdurchlassigkeit EN ISO 9237
[mm/s @ 200 Pa]:
300
Porenvolumen [%]:
80
bzw. 180 1/(dm2 min) @ 200 Pa
Höchstzugkraft ISO 9073-3
(Probengrö6e 200/50 mm)
langs IdaNi: quer [daN]:
150 140
Höchstzugkraftdehnung ISO 9073-3
langs [%]: quer 1%]:
20 21
Temperaturbestandigkeit Dauer ['Cl: Spitze [ °C]:
150 150
max. Dimensionsanderung
bei 150°C[%]:
<1
Behandlung/Aufbau/Ausrüstung:
»
in Abhangigkeit von den Prozessbedingungen ist die Dauertemperaturbestandigkeit ggf. geringer anzusetzen
thermofixiert geglattete Oberflache » dauerhaft leitfahige Trgerstruktur , Widerstand . z10A6 Ohm (DIN 54345 Teil 1 und Teil 5) , beschrieben in unserem EXAM Zertifikat »
zertifiziert nach DIN EN ISO 9001:2000 F665
® Registriertes Warenzeichen Okt. 05
Die technischen Daten beziehen sich auf die Neuware , werden nach den einschlagigen Normen ermittelt und geiten im Rahmen ibIicher Toleranzen. irgendweiche Verbindlichkeiten krinen hieraus nicht abgeieitet werden. Anderungen vorbehaiten.
r
L?:
0
Vtii1rt7I1RIffI
Artikel:
needlona® PE/PE 504 glaze ExCharge CS17
TAN:
5149
Zusammensetzung
Auflage: Gewebe:
Polyester Polyester
Flachengewicht [g/m2]
500
SO 9073-1
Dicke [mm]:
18,
Dichte [91cm31:
028 ,
Luftdurchlassigkeit EN ISO 9237
[mm/s @ 200 Pa]:
300
Porenvolumen [%]:
80
bzw. 180 1/(dm2 min) @ 200 Pa
Höchstzugkraft ISO 9073-3
(Probengrö6e 200/50 mm)
langs [daN]: quer [daN]:
155 165
Höchstzugkraftdehnung 50 9073-3
langs [%]: quer [%1: Temperaturbestandigkeit Dauer ['Cl:
Spitze [° C]:
20 24
150 150
In Abhangigkeit von den Prozessbedingungen ist die Dauertemperaturbestandigkeit ggf. geringer anszusetzen
max. Dimensionsanderung
bei 150° C[%]:
<1
Behandlung/AufbaulAusrüstung:
» thermofixiert » geglattete
Oberflache staub , öl- und wasserabweisende Einzelfaserimpragnierung dauerhaft leitfahige Tragerstruktur , Widerstand < 10A6 Ohm (DIN 54345 Teil 1 und Teil 5) beschrieben in unserem EXAM Zertifikat
++
F6b5
zertifiziert nach DIN EN ISO 9001:2000 ® Registriertes Warenzeichen Nov. 04
Die technischen Daten beziehen sich auf die Neuware , werden nach den einschiagigen Normen ermittelt und geiten im Rahmen üblicher Toleranzen. Irgendweiche Verbindlichkeiten konnen hieraus nicht abgeleitet werden. Anderungen vorbehalten.
regio’ twente 2
vod
=
PERSBERICET
id Pee
Onderzoek GGD
-
mengvoederbedrijf Coöperatie Arkervaart-Twente Markelo Regio Twente/gemeente Markelo/provincie Overijssel
Uit onderzoek een buitenlucht rond
het
stof in de organisch ArkervaartCoöperatie mengvoederbedrijf Twente te het Markelo, bron blijkt bedrijf geen noemenswaardige te dit stof. bronnen De van Andere zijn zijn belangrijker. concentraties Er is bovendien derhalve zijn laag. gevonden geen reden voor nader gezondheidsonderzoek bij omwonenden. naar
vóórkomen
van
het
oktober 1996 is door de GGD de Markelo en de Twente Regio gemeente onderzoek Landbouw Universiteit een verricht naar de Wageningen stof in de buitenlucht rond het concentraties organisch mengvoeMarkeproductielocatie derbedrijf Coöperatie Arkervaart-Twente, In
de
maanden
en september met samenwerking
augustus, in
lo.
onderzoek
Het
De
aanleiding
de
uitstoot
zoals
onderzoek
aangezogen.
door is de leiden
onderzoek
bedrijf astma
kan
de
provincie
vraag
Overijssel.
omwonenden
van
chronische
tot
of
luchtweg-
bronchitis. concentraties en
de van een aantal biologisch in waaronder de stoffen, allergene gemeten twee is het mengvoederbedrijf. Op meetpunten De bevonden zich meter 300 van meetpunten op
zijn
stoffen, rond buitenlucht stof het
gefinancierd dit
het
van
aandoeningen, In dit actieve
is
voor
bedrijf,
zuid-zuidwestnoord-noordoost respectievelijk en Door steeds bedrijf. tegelijkertijd op beide meetpunten te meten de te en daarbij registreoverheersende windrichting is tussen een belast en ren, voor elke meetdag een vergelijking
van
het
een
onbelast
(beneden-
punt
bedrijf)
gemaakt.
Uit het verschil
onderzoek
respectievelijk '
blijkt
dat
bovenwinds
van
het
i
voor de stoffen geen gemeten het belaste en onbelaste gevonden tussen het bestaat een sterk verband tussen de concenEr meetpunt. dezelfde Dit betekent dat traties beide op op meetpunten dag. het is die noemenswaardige bijdraagt geen mengvoederbedrijf de aan de concentraties in waarbuitenlucht. Andere, gemeten schijnlijk diffuse, bronnen in dit agrarisch gebied zijn voor de er
wordt
gemeten
bron
concentraties gemeten verantwoordelijk. totaal komt met: de Het stof overeen gemeten gehalte gemiddelde totaal stof in de in Nederland. concentraties buitenlucht de Hoewel er voor gemeten biologisch aktieve stoffen geen bloot-
voor de de liggen stellingsnormen bestaan algemene bevolking, met het concentraties (in arbeidsmilieu) gemeten vergelijking
dermate
wacht.
Er
zoek
„lige Voor
naar
laag
dat:
is
dan
hiervan ook geen
‘allergische in de
informatie
gezondheidseffecten
kunt
u
voor
‚
milieukundige, (geanonimiseerd)
(geanonimiseerd)
‚
ver-
een
terecht
emeente (geanonimiseerd) (geanonimiseerd) Markelo, GGD (geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
tel.
worden
nader. gezondheidsonderen/of luchtwegklachten bij gevoevan het mengvoederbedrijf.
omgeving
personen nadere
geen
reden reacties
038-4281607 GGD Regio Twente,
Dafjig
tel.
0547-361564
Regio
Twente,
arts,
tel.
arts,
medische
074-2492633
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo Rapportnummer: 14317R101d. doc Revisie: d
LJ TEBODIN CCE
Datum: 25 april 2007 Pagina:33van38
Consultants & Engineers
Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
OMSCHRIJVING
BIJLAGE 6
KADASTRALE / TOPOGRAFISCHE KAARTEN
Uittreksel Kadastrale Kaart
Om 10m
12345 25
Deze kaart is noordgericht Perceelnummer Huisnummer Kadastrale grens Bebouwing Overige topografie
Voor een eensluidend uittreksel , ZWOLLE , 20 september 2006 De bewaarder van het kadaster en de openbare registers
50
Schaal 1:1000 Kadastrale gemeente Sectie Perceel
MARKELO 4220 III—
Aan dit uittreksel kunnen geen betrouwbare maten worden ontleend. De Dienst voor Set kadaster en de openbare registers behoudt zich de intellectuele eigendomsrechten voor , waaronder het auteursrecht en het databankenrecht.
Omgevingskaart
Om
125m
625m
Deze kaart is noordgericht. Schaal 1: 12500 f Hier bevindt zich Kadastraal object MARKELO 14220 Goorseweg 3 , 7475 BB MARKELO © De auteursrechten en databankenrechten zijn voorbehouden aan de Topografische Dienst Kadaster.
r
bebouwd gebied huinzeb lok , groot b- ' b huizen di J d kas
a c —
Spoorwegen sTcaweg: --
1 -
i
-(
beweegbare bru g ISbiugoppji ea
_________
lep0or
-
wegen
autosnelweg hoofdweg met geecheiden rijbanen hootdweg regionale weg met gescheiden rijbanen regionale weg lokale weg met gescheiden rijbanen lokale weg weg met losse of s~ v erharding onverharde weg straat/overige weg wandelgebied fietspad PWL voetpad weg in aanleg weg in V~
spos
mne
a
spo-~ a ststion b
b
tram -
a metro bovengrondsb mean
hydro~ waterloop: eniallo- dan 3m waterloop: 3-8 mbned waterloop: bnderdan 6 m a b c d a schuteli b brug ) ( c vonder d koedam a 0 c d riker b stuw sluiiss bodemgebruik a weide met stoten a b bouwland met greppels c boomgaard C T Lî_J. _t_ ' - ed fruitkwekerij boomkwekerj -: : weide met populieren h g loot bos Ii naaldbos j t gemengd boe griend k heide 1 zand m mdras en riet n heg en houtwal
overige symbolen a kerk. moskee b toren , hoge koepel c kerk moskee met toren d markant object e watertoren t vuurtoren d ï a gemeentehuis b poatkantoo 0 c politiebureau d wegwijzer a kapel b kruis bt t d c vlarnpijp d telescoop C -- a windmolen . b watermolen aX b*c 1 of c windmolentje d windturbine a oliepompinataltatie b seinmaat 0 c zendmast a hun~ b monument s. bi c c poldergemaal a begraafplaats at 0. 0. do b boom c paal d opslagtarik a kampeerterrein 0 b b sportcomplex c mekenhuis och~ afrastering hoogapanningaleiding met mast +
b. d. *
0T
muur
geluidswering
Coöp. Arkervaart-Twente U. A. te Markelo Rapportnummer: 14317R101d. doc Revisie: d
OMSCHRIJVING
Datum: 25 april 2007
T EB 001 N CCE
Pagina: 34 van 38 Consultants & Engineers Behoort bij vergunningaanvraag Wet Milieubeheer
BIJLAGE 7
KWALITEITSDOCUMENTEN EN REGISTRATIEFORMULIEREN Opgenomen zijn: 19-01 19-02 19-03 19-09 P6-02 R9-02-M R9-03-M R9-13-M R9-14-1V1
Instructie Instructie Instructie Instructie Procedure Formulier Formulier Formulier Formulier
Ingangscontrole grondstoffen Ingangscontrole additieven Monstername Reiniging en onderhoud Bedrijfsinterne milieuzorg Uitgevoerde reiniging en onderhoud Reiniging en leegmelding cellen Overzicht R&O Technische Dienst Uitgevoerde R&O Technische Dienst
ARKERVAART-TWEJVTE
19-01
Instructie
Onderwerp:
Ingangscontrole grondstoffen
G M P-kwaliteitssysteem
Revisie Pagina Datum
:0 :115 : 01/04/06
Paraaf Kwaliteitsbeheerder:
1.
Doel Deze instructie beschrijft de controle van de grondstoffen bij ontvangst.
2.
Documenten 19-03 Monstername. R9-01 Ingangscontrole Scheepvaart. R9-07 Controle GMP-transport per as. R9-08 Controle GMP-transport binnenvaart. R10-04 Formulier Afwijkingen.
3.
Verantwoordelijkheden De Operator is verantwoordelijk voor de controle bij ontvangst van grondstoffen. De Inkoper controleert of het aanvoertransport per lichter overeenkomstig het GMP-certificatieschema is uitgevoerd. Voor de locatie Nijkerk beoordeelt de Scheepslosser de scheepsladingen.
4.
Werkwijze
4. 1. Algemeen De Inkoper is verantwoordelijk voor de aanvoer van grondstoffen naar de productielocaties. Aan iedere aan te voeren partij wordt een losnummer toegekend. Aan de hand van dit losnummer worden de partijen geïdentificeerd. Zonder losnummer is het niet toegestaan om een partij in te nemen.
4. 2.
Ontvangstcontrole De Operator controleert of: -
-
bij de partij de vereiste documenten zoals vrachtbrief weegbriefje en analysecertificaat aanwezig zijn. de vrachtbrief en/of laadbon overeenkomen met de geplande aanvoergegevens ,
,
,
(losnummer). de visuele en organoleptische kwaliteit van de voedermiddelen in orde zijn. De scheepslosser beoordeelt eveneens de scheepsladingen. -
4. 3.
Controle van transportmiddelen De Operator controleert of de transporteurs werken overeenkomstig de ~-voorschriften zoals vastgelegd in GMP4. 1. De resultaten van deze controle worden geregistreerd m. b. v. formulier R9-07; Controle GMP-transport per as. Voor locatie Nijkerk worden de resultaten direct
,
vastgelegd in de procescomputer. De Inkoper controleert of het aanvoertransport per lichter uitgevoerd is zoals voorgeschreven in de GMP4. 2 en procedure P8-04. De resultaten van deze controle worden vastgelegd m. b. v. formulier R9-08; Controle GMP-transport binnenvaart.
4. 4. Monstername Van iedere partij grondstoffen die wordt aangevoerd wordt bij aankomst een zo 9ü3d mogelijk representatief doorsneemonster genomen. De monstername geschiedt overeenkomstig instructie 19-03. Wanneer grondstoffen door een eigen chauffeur worden aangevoerd kan deze tijdens de belading een monster nemen van de grondstof en de partij visueel beoordelen. ,
A'KERVA4RT-1i(ENTE 11
OE
GM P-kwaliteitssysteem
DE
19-01
Instructie
Onderwerp:
Ingangscontrole grondstoffen
Revisie Pagina Datum
: 0 : 2/5 : 01/04/06
Paraaf Kwaliteitsbeheerder:
4. 5.
Beoordelingscriteria Alle partijen grondstoffen worden bij ontvangst op uiterlijke kenmerken gecontroleerd zoals gezondheid kleur geur bijmenging e. d. ,
,
,
,
In de tabellen op de volgende pagina's worden algemene en productspecifieke beoordelingcriteria weergegeven. Tevens worden normen of afkeuringscriteria genoemd. 4. 6.
Registratie De resultaten van de inspectie worden in de database van het computersysteem geregistreerd. Voor de locatie Nijkerk legt de Scheepslosser de resultaten van de visuele inspectie en inname vast m. b. v. formulier R9-01. Voor de locatie Leusden legt de Operator de resultaten vast met formulier R9-07 Aangevoerde partijen die bij de visuele beoordeling niet blijken te voldoen gelost. ,
,
mogen
niet worden
Afwijkingen worden geregistreerd m. b. v. een Formulier Afwijkingen R10-04 en direct gemeld aan de Inkoper. Deze bepaalt vervolgens welke actie er zal worden ondernomen. ,
ARER4AR7L1iYENTE DErV9EDRS
GMP-kwaliteitssysteem
19-01
Instructie
Onderwerp:
Ingangscontrole grondstoffen
Revisie Pagina Datum
Paraaf Kwaliteitsbeheerder:
: 0 : 3/5 : 01/04/06
Tabel 1.
Algemene Beoordelingscriteria grondstoffen
Kenmerk
Toelichting
Normen
Vochtgehalte
De producten dienen droog te zijn. Als producten klam aanvoelen kan dit wijzen op een te hoog vochtgehalte.
Klamme vochtige producten. Gaat vaak samen met te hoge temperatuur (broei).
Temperatuur
Een te hoge temperatuur kan wijzen op broei. Let op: Vers geproduceerde producten kunnen enigszins warm uit het productieproces komen. Tot 40 °C is dit geen bezwaar.
Granen: max. 30 °C. Bijproducten van oliezaden (schroten en schilfers): max. 50 °C. Bijproducten van granen en alle overige producten: max. 40 °C.
Geur
Geur van grondstoffen is moeilijk te beschrijven. Afwijkingen t. g. v. bederf of schimmel vallen echter goed op.
Ongewenst is: Afwijkende onfrisse geur. Muf. Bedorven schimmelachtig.
Kleur van grondstoffen kan variëren.
Ongewenst is: Zwarte kleur veroorzaakt door verbranding. Sterk wisselende kleur. Kan wijzen op broeiplekken.
Kleur
,
Producten zijn over het algemeen goed houdbaar als het vochtgehalte lager is dan 13%. Voor granen direct na de oogst is het maximum 16%.
-
-
-
,
,
-
Bijmenging
Een kleine hoeveelheid bijmenging van andere grondstoffen is normaal. Ook een kleine hoeveelheid product-eigen bijmenging zoals kaf strootjes doppen e. d. is acceptabel.
Als algemene richtlijn geldt dat meer dan 5% bijmenging ongewenst is. Productvreemde bijmenging (ijzerdelen glas e. d. ) behoren niet voor te komen.
Of een product gezond is wordt in feite vastgesteld aan de hand van de hiervoor genoemde kenmerken (temperatuur geur kleur bijmenging).
Andere ongewenste kenmerken die wijzen op een ongezond product zijn: Aanwezigheid van schimmel. Duidelijk verouderd product (muf). Aanwezigheid van levende insecten. Aanwezigheid van klonten die van binnen een afwijkende kleur en/of geur hebben.
,
Gezondheid
,
,
,
,
,
,
,
-
-
Structuur
Grondstoffen kunnen in allerlei vormen voorkomen zoals meel pellets schilfers zaden granulaat e. d. ,
,
Analyse
,
,
,
Bij sommige producten is een analyse verplicht.
Kokosschilfers/schroot max. 20 ppb aflatoxine. De Inkoper ziet erop toe dat uitsluitend partijen kokosschilfers/schroot worden aangevoerd die geanalyseerd zijn en goedgekeurd. Er wordt uitsluitend een losnummer aangemaakt indien de analyse van de partij in orde is.
ARKERI9ART-1IEJVTE
GM P-kwaliteitssysteem
19-01
Instructie
Onderwerp:
Ingangscontrole grondstoffen
Revisie Pagina Datum
: 0 : 4/5 : 01/04/06
Paraaf Kwaliteitsbeheerder: Tabel 2.
Beoordelingscriteria voedermiddelen
Categorie
Product(groep)
Kritische punt
Toelichting
Granen
Alle granen
Vochtgehalte
Direct na de oogstperiode kan het vochtgehalte in granen verhoogd zijn. Norm. max. 16%
Tarwe
Fusarium schimmels
Fusarium schimmels zijn herkenbaar als roodachtige verkleuring van de korrels. Bij een sterke besmetting kan het gehalte aan deoxynivalenol (DON) zijn verhoogd. Bij twijfel analyseren.
Rogge
Moederkoren
Sommige granen zijn gevoelig voor moederkoren; de schadelijke schimmel Claviceps purpurea. Moederkoren is herkenbaar als een zwart uitgegroeide korrel (rattenkeutel). M. n. in rogge kan het voorkomen. In veel mindere mate in tarwe of triticale. Norm: max. 01%. ,
Mais
Ongezonde korrels
Maïs wordt direct na de oogst gedroogd. Indien dit op ondeskundige wijze gebeurt , kunnen de korrels verbranden.
Tarwebijproducten (kortmeel , knel)
Schimmels
Voor het maalproces wordt tarwe bevochtigd. Indien hierdoor het vochtgehalte van de bijproducten is verhoogd , kunnen deze gevoelig zijn voor bederf. Een verhoogde temperatuur kan wijzen op broei. Beperk de opslagduur.
Maisgiutenvoermeel
Verbrande partij
Product is gedroogd. Bij zeer donkere kleur kan er sprake zijn van verbranding. In dat geval is er ook sprake van een scherpe geur.
Sojaschroot
Verbrande partij
Sojaproducten ondergaan een hittebehandeling om de anti-nutritonele factoren te inactiveren. Bij een ondeskundige behandeling kan de kwaliteit van het eiwit worden aangetast (bruinverkleuring).