CConstaterende datHofvantwente
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4. Reactienota zienswijzene ontwerpbestemmingsplan Markelo-Noord.pdf

Gemeenteraad 18 december 2024, gemeente HofvantwenteBij agendapunt: 19: Vaststelling bestemmingsplan Markelo Noord21.071 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

10.8 Parkeren In de plantoelichting is een uiteenzetting gegeven van de parkeerbehoefte. Uw raad telt daarbij de parkeerbehoefte van alle typen woningen bij elkaar op. Dat is niet juist. U dient per type woning de parkeer behoefte op te tellen en naar boven af te ronden. Dan komt u tot de conclusie dat u twee parkeerplaatsen (1 voor vrijstaande woningen en 1 voor twee-onder-één-kapwoningen) tekort komt. Verder is binnen de bestemming 'Wonen' noch 'Woongebied-1' in de planregels vastgelegd dat het parkeren dient te geschieden op eigen terrein en dat parkeervoorzieningen ook op eigen terrein dienen te worden aangelegd. dat dient te worden geborgd met een voorwaardelijke verplichting. Planregel 17.1, onder a., is te onduidelijk. De woorden "indien daartoe aanleiding geeft" is te vrijblijvend en voor discussie vatbaar. Wanneer bestaat er die aanleiding? Dat is niet gedefinieerd. Er dient te staan dat in alle omstandigheden op eigen terrein in de parkeervoorziening dient te worden voorzien.

Gemeentelijke reactie Voor het totale plan is een parkeerbalans opgesteld die is opgenomen in paragraaf 3.2.2. van de plantoelichting. De parkeerbehoefte van de verschillende woningtypen mag bij elkaar opgeteld worden om te komen tot de totale parkeerbehoefte. Er is geen reden waarom de behoefte van verschillende woningtypen niet bij elkaar opgeteld zou mogen worden om te komen tot een totale parkeerbehoefte in het plan. Deze komt bij voorliggend plan op een parkeerbehoefte van 238 parkeerplaatsen uit. In het plangebied is voldoende ruimte aanwezig om in de parkeerbehoefte te voorzien. In het stedenbouwkundig ontwerp is daartoe zowel rekening gehouden met parkeerplaatsen op eigen terrein (oprit) bij twee-aaneen-gebouwde woningen en vrijstaande woningen, als met parkeerplaatsen in de openbare ruimte. Deze laatste zijn zowel voor bezoekers als voor bewoners van rijwoningen die geen ruimte hebben voor een parkeerplaats op eigen terrein. Realisatie van parkeerplaatsen is geborgd in artikel 17 (Overige regels). Een aanvraag omgevingsvergunning voor de bouw van een woning is een voldoende concrete aanleiding om aan deze regel te toetsen of bij die aanvraag in voldoende parkeerplaatsen worden gerealiseerd om in de behoefte te voorzien. De parkeernorm in de bijlagen (per woningtype) en afmetingen in het artikel laten geen ruimte voor discussie.

Dezelfde regel wordt overal in de gemeente gehanteerd en leidt bij de uitvoering niet tot problemen.

10.9 Uitlogen en bodemverontreiniging U constateert in de plantoelichting terecht dat bouwmaterialen kunnen uitlogen en de bodem kunnen verontreinigen. U laat echter na in de planvoorschriften op te nemen dat alleen materialen kunnen worden toegepast die niet uitlogen. U kunt dat borgen met een voorwaardelijke verplichting. Gemeentelijke reactie Om te borgen dat er geen uitlogende bouwmaterialen in aanraking komen met hemelwater wordt onder artikel 15.1 ‘milieuzone – intrekgebied’ de volgende voorwaardelijke verplichting opgenomen: 15.1.4. Als strijdig met de bestemming geldt het gebruik: a. van uitlogende materialen indien die materialen in contact kunnen komen met hemelwater en/of grondwater. Op de verbeelding wordt de aanduiding ‘milieuzone – intrekgebied’ aan het plangebied toegevoegd.

10.10 Intrekgebied grondwater Het plangebied ligt middenin een intrekgebied voor de drinkwatervoorziening. Reclamanten missen een onderbouwing waarom bij de huidige droogte verdere verstening van het aardoppervlak nog verantwoord is. Een zienswijze hierover van Vitens is onbekend. Beter moet worden onderzocht wat de gevolgen van de wijk voor de drinkwatervoorziening zijn. Gemeentelijke reactie In hoofdstuk 6 van de toelichting op het bestemmingsplan én in bijlage 9 (Waterhuishoudkundig plan Woningbouwlocatie Markelo-Noord) wordt ingegaan op de gevolgen van het plan voor de waterhuishouding én de manier waarop in het plan rekening wordt gehouden met water. Deze stukken zijn in samenspraak met de gemeentelijke deskundigen (rioolbeheerder/beleidsmedewerker

water) en het waterschap Rijn en IJssel tot stand gekomen en positief beoordeeld. Uit het waterhuishoudkundig plan blijkt dat er met de geprojecteerde wadi’s ruim voldoende bergingscapaciteit in het plan aanwezig is om te voldoen aan een bergingseis van 80 millimeter per vierkante meter verharding. Dat biedt voldoende capaciteit om zelfs bij hoosbuien (50 mm in een uur) het water in het plangebied te kunnen infiltreren. Naar aanleiding van de ingekomen zienswijze is contact opgenomen met waterbeheerder Vitens. Per mail van 21 december 2023 geeft Vitens aan dat de provincie het bevoegd gezag is voor drinkwaterwinning en in haar omgevingsverordening heeft aangegeven wat er wel/niet is toegestaan in het intrekgebied. Vitens constateert dat in het ontwerp aandacht is voor de (on)mogelijkheden vanuit de omgevingsverordening. Ze zien dat er aandacht is om het stand-still principe te borgen door maatregelen te nemen om verontreiniging tegen te gaan. Ze zien dat ruimte voor water aandacht heeft waarbij vervuilende lozingen worden beperkt. Deze zienswijze leidt wel tot aanpassingen.

Zienswijze 11 Deze zienswijze gaat in op de volgende punten: 11.1 Participatie Reclamant vindt niet dat gesproken kan worden van participatie omdat de vertegenwoordigers van de gemeenschap het plan niet met of op basis van ideeën en input van de toekomstige geïnteresseerden en/of omwonenden hebben ontwikkeld. Het is andersom gegaan; er is een nieuw plan door/met een ontwikkelaar gemaakt en hierover zijn de inwoners en toekomstige bewoners geïnformeerd en mocht men vragen stellen. En afwachten wat daarmee zou kunnen gaan gebeuren. Dat is geen participatie. Er is niet toegelicht waarom bij voorbaat is afgeweken van deze bij de Eschbewoners bekende plannen en waarom deze niet als basis hebben gelegen voor de plannen die nu ter inzage liggen. Dit is onduidelijk, wekt wantrouwen en roept vragen op. De mogelijkheid dat er door de wijk de Esch een doorlopende weg gerealiseerd zal worden tussen de rotonde Rijssenseweg/Koekoekslaan en de rotonde Holterweg/Larensweg, terwijl er door velen uitgesproken is dat dit niet de verwachting, wens en bedoeling was en is. In de Hof van Twente zijn diverse initiatieven die uitgaan van de behoefte van CPO-projecten en particulier opdrachtgeverschap, in deze plannen lijkt daar helaas geen sprake van te zijn. Er lijkt ontwikkeld te worden vanuit een financiële haalbaarheid en niet vanuit een behoefte, die financieel haalbaar gemaakt kan worden.

Reclamant verzoekt het volgende te kritisch te bekijken; De onderbouwing van het aantal geïnteresseerden [ca. 212] in een kavel of woning dat genoemd is in de vraag en antwoord, dit lijkt niet te kloppen. Er zijn afwijkende aantallen genoemd in diverse presentaties en gesprekken. Bouwen naar behoefte, wat wil en kan de doelgroep werkelijk kopen? Gemeentelijke reactie Er bestaan vele manieren om participatie vorm te geven. Ten behoeve van voorliggend plan is een participatieplan opgesteld, vervolgens is daar uitvoering aan gegeven. In januari/februari 2022 zijn vanwege Corona drie (digitale) informatiebijeenkomsten gehouden. Daarbij is enerzijds een voorlopig schetsontwerp gepresenteerd en anderzijds aan omwonenden gevraagd om mee te denken. Daarbij is duidelijk aangegeven dat niets in beton gegoten is. Na de informatiebijeenkomsten zijn er 30 reacties binnengekomen. Daarnaast zijn er persoonlijke gesprekken met verschillende omwonenden rondom het plangebied geweest. Naar aanleiding hiervan zijn er in het voorjaar van 2022 de nodige aanpassingen doorgevoerd aan het voorlopige schetsontwerp. Op 6 juli 2022 is een aangepaste versie van het plan in het Beaufort gepresenteerd. Naar aanleiding daarvan zijn nogmaals enkele reacties binnengekomen én hebben er opnieuw enkele gesprekken plaatsgevonden.

Dit heeft uiteindelijk geleid tot het plan dat als ontwerpbestemmingsplan ter inzage is gelegd. Daarbij is geprobeerd om zo goed als mogelijk rekening te houden met belangen van zowel omwonenden, als het algemeen belang, binnen de kaders van een goede ruimtelijke ordening. 11.2 Veiligheid en woonkwaliteit Op dit moment is de relatief rustige wijk fiets- en voetganger-vriendelijk ingericht. Dit is een kwaliteit die gewaardeerd wordt door bestaande en nieuwe bewoners. Het nieuwe ontwerpplan zal aanleiding kunnen zijn voor toekomstig doorlopend verkeer door de bestaande wijk. Het is niet uitgesloten dat dit verkeer door onze straat zal gaan komen, met mogelijk een flinke vermindering van het woongenot en woonkwaliteit. Dit zal ten koste gaan van de veiligheid van de voetgangers en

fietsers die de wijk binnenkomen o.a. vanaf de Rijssenseweg bij Effinck/ Keppels/ De Wanne/ De Hiele bij een vernauwing in de weg en 2 driesprongen. Daaronder zijn veel schoolgaande kinderen, die daar ook in de wadi's aan de woonstraten spelen. Kinderen steken rennend achter een bal de straat over en met nog meer verkeer dan nu zal deze 'flessenhals' onveiliger worden. Bij het ontwikkelen van de wijk de Esch is destijds duidelijk in wijk nog een nieuw te bouwen deel [De Esch III] aangesloten ter plaatse van Keppels/De Wanne en De Hiele/ Oldenhof. Deze aansluitingen zijn nu in het ter inzage liggende ontwerp bestemmingsplan ook voor verkeer bestemd en dus realiseerbaar. Oorzaak; Opvallend in deze plannen is dat er tussen de rotonde Holterweg/Larenseweg en de Esch III door de gemeenschap straks onnodig geïnvesteerd wordt in een nieuwe verkeersaansluiting.

Dit lijkt een complexe [grotendeels nog te bedenken?] constructie; - deze gaat om een waardevolle boom [overleeft deze de werkzaamheden en landschappelijke aanpassingen?], - ligt parallel aan een bestaand zandpad [twee wegen parallel langs de wijk?], - de verbinding is kruisend met de doorgaande Noordachtereschweg waar geen afslag mag komen, - deze weg komt voor een deel op door onze gemeenschap nieuw aangeschafte grond, - deze weg komt op grond van de ontwikkelaar [onder welke voorwaarden dient onze gemeenschap grond van ontwikkelaar over te nemen?], - Omwonenden worden gecompenseerd door middel van bouwkavels of -rechten en eventueel planschadevergoedingen?, - Er wordt een bestaand huis gesloopt en dichtbij opnieuw opgebouwd. Deze verbinding en kostbare constructie is niet noodzakelijk, wanneer de originele plannen uitgevoerd worden. Gemeentelijke reactie Ten behoeve van het woningbouwplan wordt een nieuw ontsluitingsweg gerealiseerd die aansluit op de rotonde bij de Holterweg. Het gemotoriseerd verkeer zal via die route worden afgewikkeld. De overige verbindingen op de bestaande wijk De Esch, de Noordachtereschweg en de Holterweg (bij appartementencomplex Hofstaete) worden ingericht voor fietsers en voetgangers. Daarbij is het een optie om indien wenselijk en in overleg met de veiligheidsregio (brandweer Twente) deze verbindingen ook als calamiteitenroute geschikt te maken.

Voor de Wanne is daarmee geen toename voor gemotoriseerd verkeer te verwachten. De eenzijdige ontsluiting vanaf de rotonde Holterweg is tijdens de planvorming opgenomen naar aanleiding van verschillende reacties tijdens het participatieproces om géén doorlopende verbinding met de wijk de Esch te maken. De mening van reclamant dat dit een onnodige investering is delen wij niet. Ook de door reclamant aangedragen alternatieven zijn niet noodzakelijk (randweg) of verkeerstechnisch gezien onwenselijk (slingerroute die uitkomst naast appartementencomplex Hofstaete). 11.3 Alternatieven De planmakers spreken zichzelf tegen in hun ontwerpen en de bijbehorende bestemmingsplannen. In het bestemmingsplan dient een duidelijke en voor iedereen heldere keuze gemaakt te worden waarop het nieuwe deel van de Esch, de Esch III, op aangesloten gaat worden en daarbij de andere optie volledig uit het bestemmingsplan verwijderd te worden. Ontkoppeling voor autoverkeer behouden; Een voor onze gemeenschap duurzaam en financieel voordeel zal zijn dat wanneer de Esch III [ten oosten van de Noordachtereschweg en ten noorden van

de Esch I en II] gekoppeld wordt aan de Esch I en II, en niet via de Noordachtereschweg gekoppeld wordt aan de Holterweg. Zodat de bestaande voorbereidingen en voorzieningen destijds ten noorden van Esch I en Esch II niet voor niets zijn aangelegd en dat de nog te realiseren verbinding tussen de rotonde Holterweg/Larenseweg en de Noordachtereschweg niet door onze gemeenschap hoeven te worden uitgevoerd. Het bestaande zandpad wordt nu al veel gebruikt door fietsers en Wandelaars tussen de Esch en Holten/Laren/Markelose Berg, dit kan eventueel een upgrade krijgen naar een iets meer begaanbaar fietswandelpad? Koppelen met slinger-route; Om het verkeer te demotiveren zou als alternatief ook de toegang van de starterswijk tussen de Holterweg en de Noordachtereschweg ontsloten kunnen worden via tussen Holterweg 4 en 6. Dan kan er slingerend door de nieuw te bouwen wijk mogelijk misschien toch een verbinding gemaakt worden naar de Esch. En hoeven er geen rare kronkels door de bestaand Esch te worden gemaakt. Toekomstige bewoners kiezen dan bewust voor deze situatie. Het risico op waardeverlies van bestaande woningen op de Esch wordt daarmee verminderd en gedeeld met nieuwbouwwoningen. Deze slinger-route heeft mogelijk een beter remmend effect op eventueel sluipverkeer.

In plaats van de kortste verbinding te realiseren tussen de Holterweg en de Esch, met in de toekomst mogelijk verkeersdrempels, versmallingen, handhavingsgevoelige zaken, enzovoort. Bijkomend voordeel; ook in die situatie is de nieuwe door onze gemeenschap te financieren route tussen Esch en rotonde Holterweg/ Larenseweg dan niet nodig. Het sluipverkeersprobleem verplaatsen van de ene woonwijk [bijvoorbeeld Tolweg] naar de andere [De Esch] of het verspreiden daartussen is geen oplossing. Toch een 'echte' randweg; Indien het dorp verkeerstechnisch ontlast dient te worden kan deze investering mogelijk gestoken worden in bijvoorbeeld een verharding van de zandweg tussen de Luttekeveldweg en de Postweg? Een route ten noorden van Markelo, die het dichtst bij de ooit vroeg in de 20' eeuw al als noordelijke randweg genoemd werd. Zodat het verkeer vanaf de wijk de Esch, vanaf richting Goor en vanaf richting Rijssen in het verlengde van de Potdijk naar de Al kan rijden. En zodat dit verkeer niet door het dorp via de Tolweg of andere woonstraten hoeft te rijden. Betreffende de nieuwbouw van starterswoningen tussen de Holterweg en de Noordachtereschweg; daarvoor dient de gemeenschap dan geen extra investeringen in een verbindingsweg te doen. Daardoor worden de nieuw te bouwen starterswoningen mogelijk zelfs betaalbaarder en haalbaarder voor starters.

Voordat deze woningen via de landelijke huizenmarkt te koop worden aangeboden en buiten het bereik van de huizenzoekende regiobewoners vallen. Gemeentelijke reactie Met de voorgestelde nieuwe ontsluitingsweg is sprake van een goede en verkeersveilige afwikkeling. De door reclamant voorgestelde slingerroute, die op de Holterweg uitkomt tussen Holterweg 4 en 6 is zowel functioneel als qua verkeersveiligheid niet acceptabel. Ook een verharding van de Luttekeveldweg/Postweg leidt niet tot een goede verkeerskundige ontsluiting van de beoogde woningen. Beeldkwalitieitsplan: Biodivers en Energieneutraal Wonen. Dit is een prachtige kans om de meest vernieuwende ecologische plattelandswijk van Nederland te ontwikkelen. Passend bij de groene uitstraling die onze gemeenschap heeft en wil behouden. Ingetogen en verzonken in het landschap, ingepast in de groene structuur, wonen in de natuur, groene daken, een gebalanceerde grondwaterstand, enzovoort.

Gemeentelijke reactie Gezien de eisen uit het bouwbesluit zullen de nieuwe woningen moeten voldoen aan de BENG-norm waardoor het woningbouwplan al bijna energieneutraal uitgevoerd zal moeten worden. De mogelijkheid voor groene daken zal in het beeldkwaliteitsplan als mogelijkheid worden opgenomen. Deze zienswijze leidt wel tot aanpassingen, in het beeldkwaliteitsplan worden groene daken als mogelijkheid opgenomen.

Zienswijze 12 Deze zienswijze gaat in op de volgende punten: 12. 1 Verkeerskundige analyse woningbouw Markelo Noord. In hoofdstuk 3.2.3 Verkeer wordt er verwezen naar het verkeerskundig onderzoek, welke is opgenomen in Bijlage 2 van de toelichting. Hierin wordt Variant 1: Stedenbouwkundig plan, bestempeld als de 'minst slechte optie', ook al is deze variant niet opgenomen in het uiteindelijk plan wil ik toch graag een zienswijze inbrengen op deze optie. Tijdens de inloopbijeenkomst op 6 juli heb ik de vraag gesteld aan de aanwezige ambtenaar of er geen verbindingsweg gaat komen. Het antwoord hierop luidde: "Zeg nooit nooit, eerst liep de weg links om de kerk en nu rechts". De Wanne is in mijn optiek niet geschikt voor een mogelijke toekomstige ontsluiting en wel om de volgende redenen: - Tijdens de realisatie van de Esch I en II was het plan de Esch III al voorzien en waren de wegen en ontsluitingen al bekend en ingetekend. Daarbij is rekening gehouden met de infrastructuur en is deze al deels aangelegd. - uit het onderzoek van Goudappel blijkt dat indien er gekozen wordt voor de Wanne de verkeersintensiteit gaat toenemen naar 820 mvt/etmaal, dit is al 82% van de maximale wegcapaciteit en gezien de toename van de verkeersintensiteit van de afgelopen jaren zal deze snel groeien richting de 100%. Andere varianten laten een aanzienlijk lager percentage (intensiteit toy.

Maximale wegcapaciteit) zien dan variant 1. -

Veiligheid: door de gemeente Hof van Twente zijn er een aantal wadi's aangewezen als speelwadi. Een van deze wadi's bevindt zich onderaan de Wanne (aansluiting Keppels Effinck). Deze wadi wordt regelmatig (zo niet dagelijks in de periode maart oktober) gebruikt door kinderen om te voetballen. Ten tweede loopt hier een fietspad richting school. Zowel de recreatie in de wadi en het loop / fietsverkeer richting het fietspad zorgt in de huidige situatie al voor verkeersonveilige situaties. Tot slot is de aansluiting vanuit de Wanne op de Riezebessum onoverzichtelijk.

Conclusie zienswijze 1: Gezien bovenstaande argumenten verzoek ik de Wanne niet als mogelijke variant te zien voor een nieuwe ontsluitingsweg. Nu niet, maar ook niet in de toekomst. Gemeentelijke reactie Zie beantwoording zienswijze 3.

12.2 Bouw woningen Markelo (gedeelte uitbreiding Esch, ter hoogte van De Wanne — Oldenhof) - In artikel 2.2.2: Realisatie nieuwe woningen, staat onder lid 1 het volgende: "Bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 onder c van de Wabo, voorzien uitsluitend in de mogelijkheid tot het realiseren van nieuwe woningen als de behoefte daaraan is aangetoond door middel van actueel onderzoek woningbouw." -

In hoeverre heeft er een onderzoek plaatsgevonden naar de ingeschrevenen op de kavellijst? Staan hier mensen op welke woonachtig zijn in de kern Markelo en daarmee ook weer een woning 'ter beschikking' stellen aan de markt bij nieuwbouw? Staan hier bewoners op voor

eventueel toekomstige kaveluitgiften? Staan er personen ingeschreven welke misschien over een aantal jaar willen terugkeren naar Markelo, maar geen directe behoefte hebben aan een woning? Staan er personen ingeschreven die op dit moment niet de middelen hebben om nieuw te bouwen, maar in de toekomst zo hoog mogelijk op de lijst willen staan? Aangezien de Essen door de provincie en gemeente als zeer waardevol worden aangeduid is reclamant van mening dat bovenstaande vragen beantwoord of er daadwerkelijk een behoefte is aan de 109 woningen, of dat er eerst gestart kan worden met de uitgifte van de kavels aan de Holterweg (Fase 1, 78 woningen). Op deze wijze wordt nieuwbouw op de Stuwwal ‘voorlopig' ontzien en hou je mijn inziens de woningmarkt beter in balans. Daarbij wil ik graag opmerken dat er wel degelijk inbreidingslocaties binnen de kern bestaan (oude basisschool de Welp, oude Rabobank gebouw, ABZ Markelo). Reclamant wil wel graag benadrukken dat hij zeker niet tegen nieuwbouw ben. Conclusie zienswijze 2: gezien het belang van het Essenlandschap moet de noodzaak van de bouw van 31 woningen aan de kant van de Wanne — Oldenhof worden aangetoond. Gemeentelijke reactie Zie beantwoording zienswijze 10 over de woningbehoefte. Deze zienswijze leidt tot aanpassingen.

Zienswijze 13 Deze zienswijze gaat in op de volgende punten: 13.1 Inleiding/toelichting bedrijfsvoering Reclamant begint de zienswijze met een inleiding op diens bedrijf Betonboor- en zaagbedrijf Tempelman B.V. Betonboor- en zaagbedrijf Tempelman B.V valt in milieucategorie 3.1. Op grond van het bestemmingsplan "Markelo", vastgesteld op 10 april 2022, hebben de percelen aan de Noordachtereschweg 10 en 6a de bestemming "Bedrijventerrein", met dubbelbestemming "waarde — Archeologische verwachting 1". Het bouwvlak loopt over nagenoeg het gehele Bedrijventerrein. Reclamant verwacht dat de nieuwe woningen hinder zullen ondervinden van de bedrijfsvoering van Betonboor- en zaagbedrijf Tempelman B.V, gelet op de maximale mogelijkheden op de bedrijfspercelen. Het gevolg is dat reclamant te maken krijgt met klachten van de nieuwe bewoners en het bedrijf in de bedrijfsvoering wordt beperkt. In dat kader wijst reclamant erop dat in het verleden diverse overleggen hebben plaatsgevonden waarbij reclamant zich constructief heeft opgesteld. Reclamant is in de basis niet uit op procederen maar wil de bedrijfsvoering behouden en desgewenst uitbreiden. Indien dat door het voorliggende plan onmogelijk wordt gemaakt, dient de gemeente hiervoor maatwerk te leveren. Het overleg heeft tot op heden niets opgeleverd waardoor reclamant genoodzaakt is om een zienswijze in te dienen.

Reclamant blijft bereid om in overleg te treden zoals eerder ook al aan de gemeente kenbaar is gemaakt. Betonboor- en zaagbedrijf Tempelman B.V valt in milieucategorie 3.1. Op grond van het bestemmingsplan "Markelo", vastgesteld op 10 april 2022, hebben de percelen aan de Noordachtereschweg 10 en 6a de bestemming "Bedrijventerrein", met dubbelbestemming "waarde — Archeologische verwachting 1". Het bouwvlak loopt over nagenoeg het gehele bedrijventerrein. Gemeentelijke reactie Het klopt dat er in het verleden al diverse gesprekken met reclamant hebben plaatsgevonden. Vanzelfsprekend is er ook de bereidheid om in de toekomst in overleg te blijven om te onderzoeken of verplaatsing mogelijk is. Tot op heden heeft dat helaas niet tot een oplossing geleid. Vertrekpunt voor voorliggend plan is dat Betonboor- en zaagbedrijf Tempelman B.V. op de huidige locatie niet in haar bestaande rechten mag worden beperkt door voorliggend woningbouwplan. 13.2 Milieuzonering Het besluit tot vaststelling van het bestemmingsplan Markelo-Noord is in strijd met een goede ruimtelijke ordening, en voldoet daarmee niet aan artikel 3.1 van de Wet ruimtelijke ordening. Met de aanwezigheid van de bedrijven/bedrijfslocaties van reclamant op enkele meters afstand van de woningen in het plangebied, gelet op de maximale mogelijkheden van de planologische ruimte, is geen sprake van een goed woon- en leefklimaat.

Artikel 3.1.6, vijfde lid, aanhef en onder b en c van het Besluit ruimtelijke ordening bevat de verplichting om, bij afwezigheid van een milieueffectrapport, een beschrijving op te nemen van de wijze waarop rekening is gehouden met het aangrenzende gebied en de

milieukwaliteitseisen in hoofdstuk 5 van de Wet milieubeheer. In het bestemmingsplan wordt dit ingevuld met behulp van de brochure "Bedrijven en milieuzonering" van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (hierna: "VNG-handreiking"). De toelichting voor wat betreft de milieueisen, en daarmee de beoordeling of sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat, is gebaseerd op de richtafstanden in de VNGhandreiking. Hiermee miskent de gemeente in de eerste plaats dat ook noodzakelijk is om te voldoen aan de eisen in het Activiteitenbesluit, omdat het bedrijf van reclamanten een type B inrichting betreft. Gemeentelijke reactie Tijdens de planvorming is aansluiting gezocht bij de brochure ‘Bedrijven en Milieuzonering’. Milieuzonering is het aanbrengen van een noodzakelijke ruimtelijke scheiding tussen milieubelastende en milieugevoelige functies ter bescherming of vergroting van de leefkwaliteit. Aanvullend is ook gekeken naar de belangen van reclamant en de maximale mogelijkheden van planologische ruimte zoals die nu geldt. Deze ruimte wordt enerzijds begrensd door de regels uit het geldende bestemmingsplan, maar anderzijds ook door de aanwezigheid van reeds bestaande gevoelige functies in de directe omgeving, zie hierover meer onder ‘bedrijfsactiviteiten’.

13.3 Bedrijfsactiviteiten De toelichting bij het plan benoemt de aanwezigheid van Betonboor- en zaagbedrijf Tempelman B.V op korte afstand van het plangebied en de milieucategorie van de aanwezige bedrijven. De gemeente heeft echter nagelaten om de planologische situatie (lees: de maximale mogelijkheden) in beeld te brengen en derhalve een zorgvuldig onderzoek uit te voeren. De gemeente volstaat namelijk met het enkel verwijzen naar de VNG-brochure ten aanzien van de richtafstanden. Dit is een onvoldoende beoordeling van het woon- en leefklimaat. In het kader van de goede ruimtelijke ordening dient namelijk een veel bredere beoordeling gemaakt te worden. In dit kader is van belang om de feitelijke situatie ter plaatse van de beoogde woningen te beoordelen. In het geheel is niet benoemd wat het karakter van de werkzaamheden op de hiervoor genoemde percelen zijn, wanneer die plaatsvinden en wat voor hinder daaruit maximaal voortvloeit. Reclamant is bereid om, indien nodig, hier een nadere toelichting over te geven. Zo is bijvoorbeeld inherent aan de bedrijfsvoering van reclamant dat ook in de nacht vervoers-, laad en losbewegingen plaatsvinden, met vaak zwaar materieel. Dit is niet meegenomen in het plan omdat slechts volstaan is met een enkele verwijzing naar de VNG-brochure.

Reclamanten vrezen dat de nabijheid van een woonwijk zorgt voor klachten, met als gevolg belemmering van zijn bedrijfsvoering en uitbreidingsmogelijkheden. Ook hinder die niet wettelijk is gereguleerd, telt mee voor de beoordeling van een goed woon- en leefklimaat. Daarbij is eveneens van belang dat sprake kan zijn van cumulatie. Het bestemmingsplan staat op de bedrijfslocatie van Betonboor- en zaagbedrijf Tempelman B.V en omliggende locaties bedrijven in milieucategorie 3.1 tot 4.1 toe. Op het bestemmingsvlak is een betonbewerkingsbedrijf toegestaan maar ook een veevoederfabriek, gemeentewerf en smederij zijn toegestaan. Uit het aan het ontwerp ten grondslag liggende onderzoek blijkt op geen enkele wijze in hoeverre de maximale mogelijkheden in beschouwing zijn genomen en wat de hinder van deze toegestane functies is op het voorliggende plangebied. In het kader van de goede ruimtelijke ordening kan niet volstaan worden

met enkel en alleen de verwijzing naar de afstanden uit de VNG brochure. Bij de goede ruimtelijke ordening dient een breder onderzoek plaats te vinden hetgeen hier niet het geval is. Gemeentelijke reactie Als wordt gekeken naar de feitelijke situatie ter plaatse van de Noordachterschweg dan wordt duidelijk dat het bedrijfsperceel van Betonboor- en zaagbedrijf Tempelman B.V in de bestaande situatie al wordt omringd door gevoelige functies (reguliere woningen, bedrijfswoningen). Hier moet ook nu al in de bedrijfsvoering rekening mee worden gehouden. Het dichtst bij het plangebied gelegen bedrijfsperceel van Betonboor- en zaagbedrijf Tempelman B.V ligt aan de Noordachtereschweg 10 in Markelo. Op dit perceel staat centraal een bedrijfsgebouw met daaromheen verharding met ruimte om te manoeuvreren en parkeren. Ten noorden daarvan ligt nog de bedrijfswoning op het perceel aan de Noordachtereschweg 10a. Het bedrijfsperceel maakt deel uit van het bestemmingsplan ‘Markelo’ dat is vastgesteld op 10 mei 2023. Daarin heeft het perceel de bestemming ‘Bedrijventerrein’. Het bouwvlak ligt van de bestaande voorgevel tot de achterste perceelsgrens. De voor 'Bedrijventerrein' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. bedrijven en instellingen zoals vermeld in de categorieën 1 en 2 van de bij de regels behorende bijlage 3 'Staat van bedrijven'; b.

de bedrijven, die op het moment van het van kracht worden van dit plan al ter plaatse aanwezig waren en die zijn vermeld in de bij de regels behorende bijlage 2 'Lijst met bedrijven'. Voor bedrijven in de categorieën 1 en 2 geldt een richtafstand tot een rustige woonwijk van 10-30 meter en tot gemengd gebied van 0-10 meter. Aan de Noordachtereschweg 10 is echter al een bestaand bedrijf in een hogere categorie aanwezig. In de bij de regels behorende bijlage 2 staat het volgende: Adres Soort bedrijf Noordachtereschweg 10 Aannemersbedrijf met werkplaats, b.o. > 1.000 m²

Milieucategorie 3.1

Voor een bedrijf in categorie 3.1 geldt een richtafstand van 50 meter ten opzichte van het omgevingstype rustige woonwijk en 30 meter tot het omgevingstype gemengd gebied. Over het omgevingstype meer onder het punt ‘rustige woonwijk’. Als wordt gekeken naar de bestaande gevoelige functies in de directe omgeving dan valt op dat direct ten noorden van de bedrijfswoning, op 0 meter afstand, een reguliere woonperceel is aan de Noordachtereschweg 12. De kortste afstand van dit woonperceel tot het bedrijfsperceel zelf (Noordachtereschweg 10) is ca. 22 meter. Ten noordwesten van het bedrijfsperceel staat aan de Keppels 21 ook een reguliere woning, wederom op 0 meter afstand van het perceel met de bedrijfswoning en op ca. 13 meter afstand van het bedrijfsperceel. Ten westen van het bedrijfsperceel, aan de overkant van de Noordachtereschweg, ligt op 15 meter afstand een perceel van woningbouwcorporatie Viverion. Het bouwvlak van het appartementencomplex, ooit opgericht als woon-zorgcomplex, ligt op 42 meter van het bedrijfsperceel (Noordachtereschweg 10). Aanvullend is er aan de Noordachtereschweg 8 nog een bedrijfswoning aanwezig, welke weliswaar een lager beschermingsniveau kent, maar ook op slechts 2 meter van het bedrijfsperceel aan de Noordachtereschweg 10 ligt.

Als wordt gekeken naar de maximale mogelijkheden van reclamant, dan moet deze ook rekening houden met de aanwezigheid van deze reeds bestaande gevoelige functies in de directe omgeving. Gezien de geldende richtafstand en de feitelijke afstand ten opzichte van bestaande gevoelige functies vormen deze al de grootste beperking waar het gaat om de maximale planologische mogelijkheden voor het bedrijfsperceel van Betonboor- en zaagbedrijf Tempelman B.V.

Tijdens de planvorming is het uitgangspunt gehanteerd dat de beoogde nieuwe woningen niet mogen leiden tot belemmeringen voor omliggende bedrijven. Dit door fysiek voldoende ruimte te creëren tussen de woningen en de bestaande bedrijven aan de Noordachtereschweg om eventuele hinder te voorkomen. De woningbouwkavel die het dichtst bij de Noordachtereschweg 10 ligt begint met de achtertuin op 35 meter afstand van de inrit naar het bedrijfsperceel. Hiertussen komt een wadi en nog een straat met een stoep. De woning zelf zal door de situering van de hoofdmaatvoeringstrook op nog grotere afstand komen te liggen (ca. 47 meter). Gezien de maximale planologische mogelijkheden, in samenhang met de aanwezigheid van reeds bestaande gevoelige functies in de omgeving van het bedrijf kan worden geconcludeerd dat Betonboor- en zaagbedrijf Tempelman B.V niet wordt beperkt in hun mogelijkheden op het bedrijfsperceel aan de Noordachtereschweg 10. Omgekeerd betekent het voor de beoogde woningen dat er sprake zal zijn van een goed woon- en leefklimaat.

Afbeelding: Afstand bedrijfsperceel Noordachtereschweg 10 tot meest nabijgelegen kavel. 13.4 Rustige woonwijk Reclamant merkt op dat de plantoelichting onderscheid maakt tussen gemengd gebied en rustige woonwijk. Reclamant is van mening dat dit niet juist is. Het hele gebied dient aangemerkt te worden als rustige woonwijk. In het plangebied is de bestemming "recreatie" en "horeca" grotendeels verwijderd en geldt in de hoofdzaak de bestemming "woongebied 1". Dat betekent dat met het voorliggende plan een reguliere rustige woonwijk met groenvoorzieningen gerealiseerd zal worden. Gelet op de feitelijke en planologische uitgangspunten dient dan ook uit te worden gegaan van een rustige woonwijk. Ondanks de duidelijke rol van de woonwijk en het ontbreken van diverse functiescheidingen concludeert u in het onderzoek wel dat er sprake is van een gemengd gebied. Reclamanten verwijzen

naar figuur 3 (afkomstig uit de toelichting) waar de rood omkaderde gebieden worden aangemerkt als gemengd gebied. Reclamant kan deze redenering niet volgen. Ten eerste dient vastgesteld te worden dat sprake is van een rustige woonwijk nu er voor 90% sprake is van een reguliere woonwijk zonder noemenswaardige functies. In de toelichting wordt gesteld dat ter plaatse van het aangewezen gemengd gebied sprake is van een menging van functies. Reclamanten kunnen dit niet volgen. Aanknopingspunten voor gemengd gebied zijn aldus de VNG-handreiking het bestaan van andere functies (bijvoorbeeld winkels, horeca en bedrijven) direct naast woningen, lintbebouwing in het buitengebied met overwegend agrarische en andere bedrijvigheid, en gebieden direct langs de hoofdinfrastructuur. Van een rustige woonwijk is volgens de VNG-brochure sprake als de wijk is ingericht volgens het principe van functiescheiding en afgezien van wijkgebonden voorzieningen geen andere functies voorkomen in de wijk. In het oostelijk aangewezen gemengd gebied geldt enkel de bestemming "woongebied — 1" en "groen". In het zuidwestelijk aangewezen gemengd gebied geldt de bestemming "horeca" en "recreatie" en de bestemming "wonen" voor een deel van het plangebied dat is afgescheiden van de bestemming "woongebied — 1". Deze bestemming is aanzienlijk verkleind ten aanzien van de situatie onder het bestemmingsplan Markelo.

Dit deel van het plangebied is het gemengde karakter verloren met de komst van een rustige woonwijk, omringd door groen. Er is in het plan Markelo-Noord geen sprake van het bestaan van andere functies direct naast woningen. Evenmin is sprake van lintbebouwing in het buitengebied of direct langs hoofdinfrastructuur. Er wordt juist alles aan gedaan om een rustige woonwijk te realiseren. Reclamanten kunnen niet anders dan concluderen dat onvoldoende is gemotiveerd waarom midden in de wijk een onderscheid wordt aangebracht tussen verschillende gebiedstypen. Er is dus geen sprake van gemengd gebied in het plangebied. Dat betekent dat onvoldoende is gemotiveerd waarom de gehanteerde milieuzoneringseisen toelaatbaar zijn. Ten tweede blijkt uit het plan op onbegrijpelijke wijze waarom het plan binnen de planbegrenzing wordt verdeeld over twee soorten gebieden zoals zichtbaar is op de hiervoor weergegeven foto. Uitgaande van een rustige woonwijk dient een afstand aangehouden te worden van 50 meter op basis van de VNG-handreiking. Daaraan wordt simpelweg niet voldaan waardoor het voorliggende plan onzorgvuldig tot stand is gekomen. De afstand van de bedrijfsbestemming tot de woonbestemming is namelijk ca 27 meter en derhalve veel korter dan de vereiste 50 meter.

Voor zover de gemeente meent dat ondanks het hiervoor genoemde toch sprake zou zijn van een gemengd gebied dient evenmin vastgesteld te worden dat het plan kan worden gerealiseerd. Indien namelijk sprake zou zijn van een gemengd gebied zou een afstand gelden van 30 meter. Daaraan wordt niet voldaan. Uitgangspunt bij de afstand in het kader van de ruimtelijke ordening is niet de gevel van de locatie maar de planologische ruimte waarbinnen activiteiten mogelijk zijn. Dat betekent dat een afstand moet worden berekend tussen de woonbestemming (woongebied-1) en de bedrijfsbestemming. De richtafstand van 30 meter wordt op deze manier ook niet behaald. Dit is te zien op een bij de zienswijze gevoegde figuur. Gemeentelijke reactie Reclamant is van mening dat het hele gebied moet worden aangemerkt als het omgevingstype

‘Rustige woonwijk’. Hiermee wordt ten onrechte miskent dat er aan de Noordachtereschweg sprake is van bestaande bedrijvigheid, zoals ook in de toelichting op het bestemmingsplan staat verwoord. Bij gemengd gebied gaat het volgens de handreiking om een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Dit betekent dat naast woningen ook andere functies voorkomen, zoals winkels, horeca en bedrijven. Reclamant voert aan dat in het plan Markelo-Noord zelf vooral toeziet op woningbouw, maar vergeet de directe omgeving van het plangebied in de afweging te betrekken. Zoals hiervoor al is beschreven is er aan de Noordachtereschweg sprake van een menging van functies. Ten oosten van de Noordachtereschweg is van oudsher bestaande bedrijvigheid, waar in de 21ste eeuw met de realisatie van de wijk De Esch woningbouw op korte afstand omheen is gebouwd. Ten zuiden van het plangebied ligt het complex van de woningbouwcorporatie, met direct aansluitend detailhandel. Gezien deze bestaande situatie beschouwen wij het deel van het plangebied dat hieraan grenst als het omgevingstype ‘gemengd gebied’. Hiervoor is bij ‘bedrijvigheid’ al aangegeven dat de meest nabijgelegen achtertuin op 35 meter afstand van het bedrijfsperceel van reclamant ligt, de strook waar de woning komt op 47 meter.

Daarmee wordt voldaan aan de minimale richtafstand van 30 meter en er sprake is van een goed woon en leefklimaat. Ook hier geldt nogmaals dat op kortere afstand reeds bestaande gevoelige functies aanwezig 13.5 Behoefte Uit de toelichting van het plan volgt dat sprake zou zijn van een behoefte. Reclamanten betwisten dat nu uit het plan op geen enkele wijze inzicht is gegeven in de daadwerkelijke behoefte. Het college heeft ervoor gekozen om een algemene toelichting te schrijven. Dat is onvoldoende. Het staat vast dat sprake is van een stedelijke ontwikkeling buiten het stedelijk gebied. In dat geval dient conform de rechtspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak een laddertoets plaats te vinden waarbij het zogenaamde stappenplan moet worden doorlopen. Dat is niet gebeurd en derhalve is het plan in strijd met de vereiste zorgvuldigheid tot stand gekomen. Voor zover wordt gewezen op de regiodeals stellen reclamanten dat in de regiodeals een andere opzet is gehanteerd voor wat betreft behoefte en de expliciete invulling daarvan is niet zichtbaar in het voorliggende plan. Gemeentelijke reactie Zie beantwoording zienswijze 10 over de woningbehoefte. 13.6 Bestemming groen Reclamanten hebben ernstige bezwaren tegen de voorgenomen woningbouw omdat daarmee sprake is van een belemmering voor de bedrijfsvoering ter plaatse.

Hoewel niet duidelijk is wat de gemeente van plan is met de groenvoorziening, zorgt de groenbestemming voor een extra beperking ten opzichte van reclamanten. Artikel 4.1 maakt het volgende mogelijk binnen de groenvoorziening: a. groenvoorzieningen; b. semi-agrarische doeleinden in de vorm van weide en grasland; c. voet- en fietspaden; d. toegangspaden en inritten naar omliggende bestemmingen; e. speelvoorzieningen; f. water, afvoer van water, tijdelijke berging en infiltratie van hemelwater; g. openbare nutsvoorzieningen;

h. verblijfsdoeleinden; i. dagrecreatief medegebruik; j. parkeervoorzieningen. Het voorliggende plan maakt derhalve meer mogelijk dan enkel en alleen groen. Sterker nog, het plan maakt binnen deze bestemming veel activiteiten mogelijk die beoordeeld moeten worden in het kader van de goede ruimtelijke ordening nu in deze gebieden mensen kunnen verblijven. Uit het plan blijkt namelijk op geen enkele wijze dat het college heeft willen borgen dan een groenstrook wordt opgenomen en/of wadi wordt gerealiseerd. Het bestemmingsplan is gebaseerd op toelatingsplanologie en derhalve biedt het plan geen enkele verplichting voor de aanleg van groen/wadi. Daarmee is het plan in strijd met de vereiste zorgvuldigheid en motivering tot stand gekomen. Gemeentelijke reactie Zie beantwoording zienswijze 10 over groen. 13.7 Landschappelijke inpassing Ten aanzien van de landschappelijke inpassing merken reclamanten op dat in de planregels niet is voorzien in een voorwaardelijke verplichting. Deze landschappelijke inpassing is voor reclamanten van groot belang, omdat zonder landschappelijke inpassing aanvullende hinder kan ontstaan ten aanzien van de percelen van reclamanten. De gemeente heeft het niet in zijn macht om zelf de maatregelen te treffen. Bovendien zijn de maatregelen niet anderszins gewaarborgd. Daarom is een voorwaardelijke verplichting noodzakelijk.

Gemeentelijke reactie Er is geen sprake van een landschappelijke, maar een stedenbouwkundige inpassing ter plaatse van het bedrijf van reclamant. Vanuit stedenbouwkundig oogpunt is aansluiting gezocht bij de structuur van de omgeving, de wijk de Esch. Dat is bij de Noordachtereschweg vormgegeven door een ruim straatprofiel aan te houden met 2 straten met daartussen een groene ruimte met wadi’s. Reclamant voert aan dat zonder landschappelijke inpassing aanvullende hinder kan ontstaan ten aanzien van diens bedrijfspercelen. Het landschap bestaat hier echter uit stedelijk gebied. De gronden die worden voorzien van de bestemming ‘Groen’ zullen worden ingezet als groenvoorziening in combinatie met functies als waterberging en aanverwante functies zoals speelvoorzieningen, paden of openbare nutsvoorzieningen. Een dergelijke inrichting past prima binnen de bebouwde kom en doet op geen onevenredige afbreuk aan de belangen van reclamant. Deze zienswijze leidt tot aanpassingen.

Zienswijze 14 Deze zienswijze gaat in op de volgende punten: 14.1 Woningbehoefte De woonvisie gemeente Hof van Twente 2021 — 2025 is vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Hof van Twente op d.d. 14 december 2021. In een tabel (TABEL 1 WONINGBEHOEFTE HOF VAN TWENTE NAAR WOONMILIEU, 2020-2030) staat de woningbehoefte weergegeven voor de gehele gemeente en dat er in totaal een behoefte bestaat aan 675 — 730 nieuwe woningen verdeeld over de gehele gemeente. In een andere tabel (TABEL 2 WONINGPROGRAMMA IN DE KERNEN EN HET BUITENGEBIED, 2020-2030) in deze uitgave van het gemeenteblad staat dat er in Markelo behoefte is aan 85 tot 90 nieuwe woningen in de kern Markelo. Dit verenigt zich totaal niet met de aantallen (160 nieuwe woningen!) die nu aan andere plekken (Hemmelweg 12 stuks, Burgemeester de Beaufortplein 32 stuks en Tolweg 7 stuks) en Markelo Noord (109 stuks!) zijn toegedicht. Reclamanten betwijfelen of er daadwerkelijk behoefte is aan ten minste 160 woningen. Wordt er daadwerkelijk gebouwd voor de gemeenschap? Reclamanten denken van niet. Ook hebben reclamanten grote twijfels bij de betaalbaarheid van nieuwbouwwoningen voor de eigen gemeenschap.

Waarom wordt met dit ontwerpbestemmingsplan volledig van visie en beleid afgeweken? Reclamanten staan net als velen in de gemeente ingeschreven op de kavelwachtlijst van de gemeente Hof van Twente en zouden in een ideale situatie ooit graag eens een nieuw huis willen bouwen. De stek die beschikbaar komt is daarbij uiteraard van essentieel belang. Echter hebben reclamanten geconstateerd dat maar 25% van de kavels op gemeentelijke gronden liggen. Reclamanten zijn van mening dat deze verhouding volledig scheef is en daarmee de vraag naar bouwkavels in de gemeente ontzettend hoog blijft. Er moet toch ook een optimale invulling worden gegeven aan gemeentegrond, ook vanuit financieel belang van de gemeente Hof van Twente? Hiermee lijkt enkel gekeken te zijn naar het maximaliseren van de opbrengsten voor de gronden van de projectontwikkelaar en niet naar het gemeentelijk belang. Reclamanten verzoeken deze verdeling te herzien om de kavelwachtlijst te verkleinen in het belang van degenen die staan ingeschreven, waaronder wij zelf. Reclamanten zijn van mening dat er onvoldoende onderzoek is gedaan naar de vraag naar projectmatige woningbouw. Dit omdat het realiseren van een eigen woondroom hierdoor (gedeeltelijk) losgelaten moet worden, maar belangrijker nog zijn de te hoge kosten voor dergelijke projectbouwwoningen.

Hieraan wordt tweeledig verdiend, enerzijds aan de grond en anderzijds wordt er opgelegd te bouwen met een door de projectontwikkelaar gekozen partij. Dit werkt een monopolypositie in de hand en is onzer inziens niet in het belang voor bewoners van de gemeente Hof van Twente. Reclamanten achten het noodzakelijk te weten voorafgaand aan een dergelijke bestemmingsplanwijziging dat de projectontwikkelaar inzage geeft in de kosten voor de te bouwen woningen. Reclamanten trekken ernstig in twijfel of aan de voorgestane ontwikkeling wel behoefte bestaat en of dit ten gunste is van de lokale bevolking van onze gemeente. En als de gemeente er toch voor kiest de projectontwikkelaar een monopolypositie te verschaffen, op welke manier zal de gemeente hierop dan haar invloed uitoefenen ten gunste van de lokale bevolking? Gemeentelijke reactie Zie beantwoording zienswijze 10 over de woningbehoefte.

Bij de behoefte aan woningbouw wordt geen onderscheid gemaakt tussen gemeentelijke kaveluitgifte met vrij te bebouwen kavels of projectmatige woningbouw. Beide vormen voorzien in de behoefte aan nieuwe woningen. Bij voorliggend plan beschikt de ontwikkelaar over een grondpositie op een geschikte locatie voor woningbouw waarvoor een plan is opgesteld. Bij de planvorming is het algemeen belang dat woningbouw dient, zoals diverse woningtypen, doelgroepen en betaalbaarheid vroegtijdig ingebracht, zo bevat het plan vrijstaande woningen, tweekappers en rijwoningen. Betaalbare woningen maken daar deel van uit.

14.2 Alternatieve bouwlocaties Markelo "Elke woonlocatie moet raak zijn" waarbij inbreiding boven uitbreiding gaat, dit is 1 van de belangrijkste speerpunten van woonbeleid van de gemeente Hof van Twente en reclamanten onderstrepen dit. Maar met deze uitbreiding wordt landelijk gebied opgeofferd voor uitbreiding van Markelo, dat onnodig en onwenselijk. Locaties als onder andere het oude Countusgebouw en Tankstation Frederiks krijgen naar alle waarschijnlijkheid een nieuwe invulling, maar er liggen in Markelo nog veel meer kansen. Deze mate van volume van uitbreiding belemmert mogelijke kansen voor inbreiding en dit zou de gemeente ten allen tijde moeten voorkomen. Reclamanten vragen om eerst de mogelijkheden tot inbreiding te onderzoeken en hieraan voorrang te verlenen. Reclamant merkt ook op dat grootschalige woningbouw met 109 nieuwe woningen op de Esch de ontwikkeling elders in Markelo volledig op slot zet. Daarnaast wordt hiermee het dorp Markelo volledig uit z’n verband getrokken en met het voorgenomen plan enkel aan de noordzijde uitgebreid. Deze uitbreiding moet verkleind worden, zodat er kansen blijven bestaan voor locaties elders in Markelo zoals bijvoorbeeld aan de zuidzijde van het dorp zodat het centrum centraal van de bebouwde kom blijft. Gemeentelijke reactie Zie beantwoording zienswijze 10 over de woningbehoefte en alternatieve locaties.

Met de ontwikkeling van Markelo-Noord wordt het dorp Markelo niet volledig uit zijn verband getrokken. Het plangebied bestaat enerzijds uit gronden die horen bij de wijk De Esch en altijd waren beoogd voor woningbouw en anderzijds uit gronden met een recreatieve bestemming welke ingeklemd liggen tussen de woningen aan de Holterweg én de wijk de Esch. Het plangebied ligt op nog geen 100 meter ten noorden van de centraal gelegen Grotestraat waaraan een groot deel van de voorzieningen van Markelo liggen en maakt nu grotendeels al deel uit van de bebouwde kom. Er is sprake van een goede ruimtelijke inpassing.

14.3 Bescherming landelijk gebied Reclamanten wonen aan de rand van Markelo met alle daarbij behorende kenmerken en flora en fauna. Onder andere konijnen, hazen, egels, steenmarters, en steenuilen zijn al jaren vaste bezoekers van hun tuin en het voorgenomen te ontwikkelen gebied. Ook de vleermuizen hebben vaste trek op de grens van onze tuin met het voorgenomen te ontwikkelen gebied. Het verbaast reclamanten dan ook zeer dat Natuurbank Overijssel een aantal beschermde soorten in het Quickscan natuurwaardenonderzoek niet heeft geconstateerd en het lijkt er op dat het onderzoek bewust is uitgevoerd op een moment dat bepaalde soorten niet goed waarneembaar zijn. Reclamanten trekken dan ook in twijfel of dit onderzoek juist is uitgevoerd en verzoeken nader onderzoek te

verrichten in het gebied aangrenzend aan ons perceel. Reclamanten verlangen dat de leefomgeving niet wordt aangetast door het voorgenomen plan. Helaas hebben reclamanten moeten constateren dat de in het Quickscan natuurwaardenonderzoek genoemde werktuigenberging onlangs zonder aankondiging aan ons door de projectontwikkelaar is gesloopt, hoe is dit mogelijk? Dit heeft met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid veel grondgebonden zoogdieren gedood en vaste rust- en/of voortplantingsplaatsen beschadigd en vernield. Waarom is er medewerking verleend dat de sloop van de werktuigenberging uitgevoerd is voorafgaand aan het vaststellen van de voorgenomen wijziging in het bestemmingsplan? Het is op zijn minst opmerkelijk dat de asbestsanering op een zaterdag is uitgevoerd. Op welke wijze heeft de gemeente erop toegezien dat de asbestsanering en sloop van de werktuigenberging op juiste wijze is uitgevoerd? De Markelose Esch is gelegen op uitloper van een stuwwal dat valt onder Nationaal Park Sallandse heuvelrug Twents Reggedal, dit gebied zou toch juist in bescherming genomen moeten worden? Dit is daarom nog een aanvullende gemeenschappelijke reden dat het onzer inziens onwenselijk dat dit gedeelte van de Esch wordt bebouwd.

Gemeentelijke reactie Het doel van een Quickscan natuurwaardenonderzoek is een verkennend onderzoek waarbij, onder andere door een veldbezoek, de aanwezigheid en potentiële aanwezigheid van beschermde soorten wordt vastgesteld. Dat soms meer soorten worden waargenomen, is mogelijk. Op basis van een enkel bezoek kan nooit de aanwezigheid van alle soorten uitputtend vastgesteld worden. Wel kan de geschiktheid van het gebied voor soorten en de (potentiële) aanwezigheid van vaste rust- of voortplantingsplaatsen van beschermde soorten vastgesteld worden. De conclusie van het onderzoek was dat er mogelijk vogels nestelen en beschermde amfibieën en grondgebonden zoogdieren een verblijfplaats bezetten. In zoverre is het in overeenstemming met de waarnemingen van reclamant. Om tot deze conclusie te komen hoeven niet alle soorten waargenomen te zijn. Op basis van een beoordeling van de inrichting en gevoerde beheer kan bepaald worden of het plangebied tot essentieel functioneel leefgebied behoort van soorten, waarvan de verblijfplaats strikt beschermd is. Deze onderzoeksmethode is geschikt om vast te stellen of de Wet natuurbescherming de uitvoering van het plan in de weg staat. Dat is niet het geval. Voor de sanering én sloop van de werktuigenberging is door de ontwikkelaar op 21 februari 2023 een melding ingediend.

Deze melding is door de Omgevingsdienst Twente (hierna: ODT) beoordeeld en per brief van 1 maart 2023 is door de ODT aangegeven dat de sloopwerkzaamheden na de melding van de feitelijke aanvang van de werkzaamheden gestart kunnen worden. De aanvang van de werkzaamheden is vervolgens gemeld door de uitvoerende partij, Plentas B.V. De feitelijke saneringswerkzaamheden hebben plaatsgevonden op woensdag 15 maart 2023 tussen 8 uur ’s ochtends en 13:00 uur ’s middags. Na afloop van de werkzaamheden en de uitgevoerde visuele inspectie is het saneringsgebied vrijgegeven voor vervolgwerkzaamheden (verdere sloop). Vanwege het ontbreken van voldoende inbreidingslocaties voor woningbouw in Markelo is gekeken naar geschikte uitbreidingslocaties. Aan het plangebied is geen formele status toegekend in relatie tot het Nationaal Park Sallandse Heuvelrug Twents Reggedal. Het gegeven dat Markelo omringt wordt door de bekende ‘heuvels’ met een hoge landschappelijke waarde maakt het vinden van een geschikte plek geen gemakkelijke opgave. Uiteindelijk is aangesloten bij de locaties die hiervoor vanuit de structuurvisie Markelo al in beeld waren. Het deel van het plangebied tussen de Noordachtereschweg en de Holterweg is in de huidige situatie al aan 3 zijden omsloten door

bebouwing en ligt aanzienlijk lager dan de feitelijke es waarop de wijk de Esch is gesitueerd. Bovendien kan hier bij recht al een recreatieterrein met bungalows worden gerealiseerd. Vandaar dat de afweging is gemaakt om hier woningbouw mogelijk te maken.

14.4 Bestemming Recreatie De voormalig/huidige eigenaar heeft nooit actief en/of volledig invulling gegeven aan de recreatieve bestemming. Er staat slechts 1 chalet dat enkel voor permanente bewoning (ten minste 6 maanden) is verhuurd. Zo is het gebruik naar zover reclamanten weten nog steeds. Daarnaast zijn er weides voor de paarden van de voormalig/huidige eigenaar en is hier voor het berijden van deze paarden enkel door henzelf gebruik van gemaakt. Reclamanten hebben hun woning gekocht in de wetenschap dat er achter ons perceel een uitgestrekt perceel is gelegen met een recreatieve bestemming en we waren er dan ook van bewust dat er in de toekomst eventueel iets meer recreatieve activiteiten zouden kunnen komen. Dit past ook prima op deze ruimtelijke plek in dit landelijke gebied aan de rand van het dorp. Recreatie in het buitengebied aan de rand van het dorp op gepaste afstand van de woonbestemming/woongebied behoort onzer inziens toe aan deze plek. Maar reclamanten zijn van mening dat een recreatief perceel niet volledig omringd kan worden door een woongebied. In voorgestane plan blijven de mogelijkheden qua aantal te bouwen recreatiewoningen gehandhaafd op een veel kleiner perceel. Daarnaast is het bebouwingspercentage verhoogd van 5% naar 10%.

Los van het feit dat recreatie niet middenin een woongebied past, zijn wij tegen intensivering van recreatie op deze plek in Markelo omdat dit voor meer overlast zal gaan zorgen. Volgens reclamanten bestaat hiernaar ook geen behoefte, mede gezien de voormalig/huidig eigenaar hier nooit actief en/of volledig invulling aan heeft gegeven. Gemeentelijke reactie In het geldende bestemmingsplan ‘Markelo’ ligt direct aan het perceel van reclamant de bestemming ‘Recreatie’. Binnen het opgenomen bouwvlak mogen maximaal 15 recreatiebungalows worden gerealiseerd. Ook bijbehorende aspecten als verkeer- en verblijfsvoorzieningen, parkeervoorzieningen, openbare nutsvoorzieningen en terreinafscheidingen zijn al bij recht toegestaan. De mening van reclamant dat een recreatieve functie niet omringd kan worden door woongebied delen wij niet. Dit is afhankelijk van het type recreatie en de beoogde doelgroep. Met voorliggend plan is door het begrenzen van het bouwvlak voor recreatiebungalows voldoende afstand aangehouden om hinder ten opzichte van omliggende woningen te voorkomen. Bovendien zullen aspecten als verkeer- en parkeren op eigen terrein afgewikkeld moeten worden. Het gaat nog altijd om een kleinschalige ontwikkeling met maximaal 15 recreatiebungalows. Het is aan de eigenaar van het betreffende perceel om te bepalen of en wanneer er uitvoering aan deze mogelijkheid wordt gegeven.

14.5Zonnepanelen in veldopstelling huidige/voormalig eigenaar Onlangs zijn er door de voormalig/huidig eigenaar op het perceel grond met de recreatieve bestemming op grote schaal zonnepanelen geplaatst in een veldopstelling. Naast dat dit voor nog meer landschapsontsiering zorgt, is dit ook schadelijk voor de flora en fauna in dit gebied. Het lijkt er

op dat hiermee nog een ongeoorloofd voorschot (naast de sloop van de werktuigenberging) is genomen op de voorgestane ontwikkelingen. Het lijkt reclamanten namelijk onmogelijk dat de geplaatste zonnepanelen ten goede komen van de huidige bestemming? Valt deze orde van grote wel binnen het bebouwingspercentage? Zijn deze zonnepanelen geoorloofd en is hiervoor vergunning verleend? Zo niet, verzoeken wij u hierbij tot handhaving. Wij zien dit niet als een verbetering voor de omgeving, daarnaast geeft dit ons het gevoel dat de huidige/voormalig eigenaar allerlei privileges wordt verschaft. Gemeentelijke reactie Onder de bestemming ‘Recreatie’ is een afwijkingsbevoegdheid opgenomen waarmee zonnepanelen in een veldopstelling kunnen worden vergund. Dit om te kunnen voorzien in de energiebehoefte van het naastgelegen horecabedrijf. Aan deze bevoegdheid zijn voorwaarden gekoppeld zoals een maximale afstand van 25 meter tot de horecabestemming én een maximale bouwhoogte van 1 meter. Ook is een goede landschappelijke inpassing als voorwaarde opgenomen. De bevoegdheid ziet toe op gronden met een recreatieve bestemming. Hier mogen al recreatiebungalows en aanverwante voorzieningen worden gerealiseerd. De afwijkingsbevoegdheid doet geen onevenredige afbreuk aan het woon- en leefklimaat van reclamant.

Er is bij de gemeente geen vergunningaanvraag voor de betreffende veldopstelling zonnepanelen ingediend. Een verzoek om handhaving kan met een brief schriftelijk bij de gemeente worden aangevraagd, zie hiervoor de gemeentelijke website, onder ‘direct regelen en informatie’ onder ‘melding, klacht en bezwaar’.

14.6 Toename verkeersoverlast Vroeger konden reclamanten, in hun jeugd, zorgeloos op straat spelen in de Tolweg, maar tegenwoordig is dit ronduit gevaarlijk. Er wordt ontzettend hard gereden met name aan de zijde vanaf het industrieterrein tot aan de Holterweg. Vanaf de Loosboerstraat tot aan de Rijssenseweg hebben buurtbewoners zelf het heft in handen genomen met verkeersbelemmerende maatregelen. Dit is niet wenselijk lijkt ons. De Tolweg wordt volledig overbelast mede door eerdere ontwikkelingen in Markelo. De woonwijken Anholtskamp, De Esch en de Herikeresweg hebben eraan bijgedragen dat de Tolweg steeds drukker is geworden. Daarnaast is de situatie in het centrum aangepast met als doel de Grotestraat minder aantrekkelijk te maken voor motorische voertuigen. Uiteraard met als gevolg dat nog meer mensen de Tolweg als sluiproute hanteren. De Tolweg zit, ook volgens het rapport dat opgesteld is door Goudappel & Coffeng, al over de maximaal wenselijke capaciteit. Er zou voor dit probleem, van overbelasting, juist een oplossing moeten komen in plaats van het nog zwaarder belasten van de Tolweg Reclamanten hebben vernomen dat er eveneens een ontsluitingsweg voor fietsers en een brandgang zou moeten komen nabij het appartementencomplex aan de Holterweg. Mede door de hoge muren van het appartementencomplex en tankstation DCO zal dit eveneens tot geluidsoverlast zorgen.

ledere vorm van overlast is onwenselijk en dient voorkomen te worden. Gemeentelijke reactie Het grootste deel van de verkeersgeneratie van de nieuwe woningen zal een relatie hebben van/naar de Rijksweg Al. De verbinding naar de bestaande woonwijk De Esch is komen te vervallen, om enerzijds het risico op sluipverkeer naar De Esch tot een minimum te beperken en anderzijds het effect op de Tolweg naar verwachting beperkt is vanwege het ontbreken van belangrijke

bestemmingen via deze route voor het nieuwe verkeer. Gezien de huidige vormgeving van de Tolweg is elke toename in principe ongewenst. Daarom zal de verkeersintensiteit gemonitord worden, en wanneer hiertoe aanleiding is – ook vanuit de bewoners - zal in overleg met bewoners bepaald worden of het nemen van eventuele maatregelen al dan niet noodzakelijk is. Het geplande voet- en fietspad langs het appartementencomplex aan de Holterweg ligt op meer dan 45 meter van het perceel van reclamant. Het gebruik van het betreffende pad door fietsers of voetgangers leidt niet tot dusdanige geluidsniveaus dat het woon- en leefklimaat van reclamant onevenredig wordt aangetast.

14.7 Strijdig met structuurvisie 2010 Gemeenten dienen hun bestemmingsplannen te baseren op de structuurvisie. Met dit ontwerpbestemmingsplan Markelo-Noord wordt gerefereerd naar de structuurvisie 2010 voor Markelo van de gemeente Hof van Twente. In deze structuurvisie is 'balans zoeken' als een van de kernwaarden opgenomen. Volgens deze structuurvisie dient er een verhouding gezocht te worden tussen nieuwe initiatieven en een bijdrage aan de ruimtelijke structuur inclusief landschappelijke inpassing, waarbij de bestaande structuur een belangrijk uitgangspunt is. Met deze ontwikkeling is hier totaal geen rekening mee gehouden ter plaatse van ons perceel. Dat is voor ons volstrekt onacceptabel. In de structuurvisie van 2010 is een structuurvisiekaart opgenomen. Hier is een gedeelte van het voorgenomen plan als zoeklocatie wonen op langere termijn opgenomen, waarbij allereerst gekeken dient te worden naar het potentieel in de kern. Hier schiet de gemeente ernstig tekort door voorbij te gaan aan de aangemerkte herontwikkelingslocaties. Daarnaast is het gedeelte achter het perceel van reclamant, dat in het voorgenomen plan voor woningbouw met een zeer hoge bebouwingsdichtheid, juist gearceerd voor landschappelijke inpassing.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hofvantwente.nl/api/v1/meetings/4168/documents/57792