Bijlage 1 - Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo Toelichting.pdf
Tekst van het document
Datum: Fase: Planid:
vastgesteld NL.IMRO.1735.BGxLuttekeveldweg9-VS10
BESTEMMINGSPLAN
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Inhoudsopgave
Toelichting
2
5
Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
Inleiding Aanleiding Ligging en begrenzing plangebied Vigerend bestemmingsplan De bij het plan behorende stukken Leeswijzer
6 6 7 9 11 11
Hoofdstuk 2 2.1 2.2 2.3
Het plan Ontstaansgeschiedenis en landschapstypologie Huidige situatie Toekomstige situatie
12 12 13 14
Hoofdstuk 3 3.1 3.2 3.3
Beleid Rijksbeleid Provinciaal beleid Overijssel Gemeentelijk beleid
17 17 20 27
Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6 4.7 4.8 4.9 4.10 4.11
Omgevingsaspecten Vormvrije m.e.r.-beoordeling Milieuzonering Ecologie Geur Bodem Geluid Luchtkwaliteit Externe veiligheid Water Archeologie en Cultuurhistorie Verkeer / parkeren
31 31 32 34 37 38 39 40 41 43 47 48
Hoofdstuk 5 5.1 5.2
Juridische toelichting Planopzet en systematiek Toelichting op de regels
51 51 51
Hoofdstuk 6
Economische uitvoerbaarheid
55
Hoofdstuk 7 7.1 7.2 7.3
Maatschappelijke uitvoerbaarheid Vooroverleg Inspraak Zienswijzen
56 56 56 56
Bijlagen bij de toelichting Bijlage 1 Bedrijfsplan Bijlage 2 Landschappelijk inpassingsplan Bijlage 3 aanmeldnotitie m.e.r. Bijlage 4 Natuurwaardenonderzoek Bijlage 5 Stikstofberekening Bijlage 6 Verkennend bodemonderzoek Bijlage 7 Watertoets
57 58 66 68 84 113 160 240
Regels
249
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
vastgesteld
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
250 250 254
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7
Bestemmingsregels Agrarisch Bedrijf Groen Waarde - Archeologische verwachting 1 Waarde - Archeologische verwachting 2
255 255 256 259 260 262
Hoofdstuk 3 Artikel 8 Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14 Artikel 15 Artikel 16
Algemene regels Anti-dubbeltelregel Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene aanduidingsregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Algemene procedureregels Regels in verband met vrijkomende agrarische bebouwing Strekking algemene regels
264 264 265 267 268 269 272 273 274 278
Hoofdstuk 4 Artikel 17 Artikel 18
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
279 279 280
Bijlagen bij de regels
281
Bijlage 1
Staat van bedrijfsactiviteiten
282
Bijlage 2
Landschappelijk inpassingsplan
290
3
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
4
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Toelichting
vastgesteld
5
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding Voor de locatie Luttekeveldweg 9 in Markelo is een plan ontwikkeld. De initiatiefnemers willen het bestemmingsvlak van de bedrijfslocatie uitbreiden, zodat hier in de toekomst vervangende nieuwbouw in de vorm van nieuwe werkplaatsen kan plaatsvinden. Op de huidige locatie is een maximum oppervlakte van 1000 m2 aan bedrijfsgebouwen toegestaan. Voor de nieuwbouwplannen dient het bouwblok gewijzigd te worden en het maximum oppervlakte aan bedrijfsgebouwen te worden vergroot van 1000 m2 naar 1250 m2. De bouwplannen zijn echter nog niet concreet uitgewerkt, voor het functioneel en toekomstbestendig indelen van de werkplaats(en) is mogelijk meer dan 1250 m2 nodig. De initatiefnemer wil daarom alvast de mogelijkheid om het maximum oppervlakte aan bedrijfsgebouwen te vergroten tot 1500 m2 juridisch laten borgen. Het voornemen is om in de toekomst de huidige verouderde werkplaatsen te slopen en hiervoor in de plaats twee nieuwe werkplaatsen terug te bouwen. Hoewel er sprake is en blijft van één bedrijfslocatie zullen de twee werkplaatsen worden gedeeld door het timmerbedrijf dat nu al op de locatie is gevestigd en een bouwbedrijf uit de regio. Hier wordt momenteel al intensief mee samengewerkt. De bedrijven funtioneren op verschillende fronten daarom als het ware één bedrijf.
Daarom dient te worden mogelijk gemaakt dat op de locatie als gebruiksfunctie tevens bedrijvigheid van het type bouwbedrijf is toegestaan. Op die manier kan dubbelgebruik plaatsvinden van machines en opslag als de omstandigheden hierom vragen en kan het transporten van bouwmaterialen gecombineerd worden. Het bestemmingsplan voorziet in de toevoeging van een groter bebouwingsoppervlakte ten behoeve van niet agrarische bedrijven. Dit is in het algemeen niet toegestaan in de groene omgeving. Nieuwe initiatieven in het buitengebied dienen daarom rekening te houden met zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik en ruimtelijke kwaliteit. Bij uitbreidingswensen waarvoor binnen het bestaand bebouwde gebied in redelijkheid geen ruimte te vinden is, moet zoveel mogelijk eerst de ruimte benut worden binnen bestaande erven. Bij een uitbreiding kan de eis worden gesteld dat elders in de groene omgeving opstallen gesloopt worden en verharding wordt verwijderd. Dit zorgt ervoor dat het buitengebied niet verder versteent. De locatie ligt in het buitengebied van Hof van Twente. Het voorgaande kan daarom mogelijk worden gemaakt door gebruik te maken van de KGO-regeling. Daarbij wordt er voor de uitbreiding een basisinspanning gedaan (over de eerste 250 m2). Voor niet agrarische bedrijven geldt dat ze éénmalig een uitbreiding van maximaal 250 m2 zonder sloopcompensatie kunnen krijgen.
Wel geldt voor deze kleine uitbreidingen een goede landschappelijke inpassing. Hiervoor is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld. Hierdoor wordt het terrein zorgvuldig landschappelijk ingepast en rekening gehouden met zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik. Indien de oppervlakte aan bedrijfsgebouwen wordt vergroot tot maximaal 1500 m2 zal als aanvulling voor de overige 250 m2 het tweevoudige aan landschap ontsierende bebouwing gesloopt dienen te worden in de gemeente Hof van Twente of in één van de andere deelnemende gemeenten. Hiervoor dienen sloopvouchers te worden verkregen. Concreet betekent dit dat er 500 m2 aan landschapsontsierende bebouwing gesloopt dienen te worden indien er wordt uitgebreid tot 1500 m2. Naast zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik dienen nieuwe initiatieven rekening te houden
6
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
met de ruimtelijk kwaliteit van het gebied. Ruimtelijke kwaliteit gaat met name over wat functioneel, mooi en toekomstbestendig is. Met andere woorden: de inzet op ruimtelijke kwaliteit draagt bij aan versterking van de sociaal-economische positie. Vormgeving en inrichting van initiatieven dienen passend te zijn bij de identiteit van de plek. Bij de inpassing van het plan is gekozen voor een compacte opzet waarbij het zicht vanaf de weg op de bestaande bedrijfswoning behouden blijft. Er worden verschillende groenelementen aangebracht, zoals de noordelijk gelegen houtwal en twee groenstroken langs de Holterweg. Door de nieuwe opzet worden de dragende lineaire structuren van lanen en bosstroken behouden en versterkt. Het geldende bestemmingsplan bevat geen afwijkings- of wijzigingsbevoegdheden waarmee de uitbreiding en wijziging van het bouwvlak/bestemmingsvlak en de uitbreiding van het totale oppervlakte aan bedrijfsgebouwen wordt mogelijk gemaakt. Hierdoor past de ontwikkeling niet binnen het geldende bestemmingsplan, waardoor een herziening van het bestemmingsplan noodzakelijk is. Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het gewenste juridisch-planologische kader. In dit plan wordt aangetoond dat de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met een 'goede ruimtelijke ordening' en vanuit ruimtelijk en planologisch oogpunt verantwoord is.
1.2
Ligging en begrenzing plangebied Ligging Het plangebied bestaat uit het erf aan de Luttekeveldweg 9 in Markelo. Het plangebied ligt op ca. 1,2 kilometer ten noordwesten van de kern Markelo. Het plangebied staat kadastraal bekend als gemeente Markelo sectie O nummer 725, 730, 1273,1274 en deels 328, 1265 en 1267. In figuur 1.1 is de ligging van het plangebied weergegeven.
vastgesteld
7
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Figuur 1.1: Ligging plangebied (bron: PDOK viewer) Begrenzing De begrenzing van het plangebied is in figuur 1.2 weergegeven (rood omkaderd). In dit figuur is een luchtfoto weergegeven waarop het plangebied aan de Luttekeveldweg 9 te zien is. Zie de verbeelding voor de exacte begrenzing van het plangebied.
8
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Figuur 1.2: begrenzing plangebied (bron: Kadasterdata)
1.3
Vigerend bestemmingsplan Voor de Luttekeveldweg 9 in Markelo geldt het bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente'. Het bestemmingplan 'Buitengebied Hof van Twente' is door de gemeenteraad van Hof van Twente op 9-12-2015 vastgesteld. In figuur 1.3 is een fragment uit de verbeelding van dit bestemmingsplan opgenomen. Bovendien geldt het bestemmingsplan Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023. Het veegplan kent een wijziging van (o.a.) de planregels ten opzichte van het moederplan uit 2015. De wijziging van de planregels zijn beperkt en hebben geen invloed op voorliggend planvoornemen.
vastgesteld
9
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Figuur 1.3: uitsnede bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente' (bron: Ruimtelijke Plannen) Aan het plangebied is de bestemming 'Bedrijf' toegekend met een functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - overige bedrijvigheid'. De gronden binnen de bestemming 'Bedrijf' met een functieaanduiding 'specifieke vorm van bedrijf - overige bedrijvigheid' zijn bestemd voor het ter plaatse gevestigde timmerbedrijf. Voor bedrijfsgebouwen geldt een maximale bouwhoogte van 10 m. Daarnaast is voor de locatie een maximale oppervlakte voor bedrijfsgebouwen opgenomen van 1000 m2. Daarnaast beschikt een gedeelte van het plangebied over de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologische verwachting 1' en het andere gedeelte over de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologische verwachting 2'. De gronden met een dubbelbestemming 'Waarde - Archeologische verwachting 1' en 'Waarde Archeologische verwachting 2' zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van archeologische waarden. Tot slot beschikt de locatie over een gebiedsaanduiding 'reconstructiewetzone verwevingsgebied' waar planregels gelden voor intensieve veehouderij. In het geldende bestemmingsplan is een afwijking van de gebruiksregels opgenomen die het gebruik van de locatie door een ander bedrijf toestaat, mits: het bedrijf is opgenomen in cat. 1 of cat.
2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten; er wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid; andere functies niet onevenredig in hun ontwikkeling worden geschaad. Hoewel er sprake is en blijft van één bedrijfslocatie zullen de twee werkplaatsen worden gedeeld door het timmerbedrijf en een bouwbedrijf uit de regio, waar momenteel al intensief mee samen wordt gewerkt.Het betreft een bouwbedrijf en valt daarmee onder cat. 2. De beoogde locatie van de nieuw te bouwen werkplaatsen valt net buiten de bestaande bedrijfsbestemming. Deze gronden hebben een bestemming 'Agrarisch'. De bestemming 'Agrarisch' is bestemd voor het uitoefenen van grondgebonden en niet-grondgebonden agrarische bedrijven. Daarnaast ontbreekt hier een bouwvlak. Om deze reden dient de begrenzing van de bedrijfsbestemming en het bouwvlak te worden aangepast. Middels een partiële herziening wordt de bestemming 'Bedrijf' en het
10
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
bouwvlak uitgebreid, waarbij de agrarische bestemming wordt herstemd naar een bedrijfsbestemming. Deze ontwikkeling kan in het kader van de KGO-regeling mogelijk worden gemaakt. Het geldende bestemmingsplan bevat echter geen afwijkings- of wijzigingsbevoegdheden waarmee de uitbreiding en wijziging van het bouwvlak/bestemmingsvlak en de uitbreiding van het totale oppervlakte aan bedrijfsgebouwen wordt mogelijk gemaakt. Een herziening van het geldende bestemmingsplan is noodzakelijk.
1.4
De bij het plan behorende stukken Het onderhavige bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo' bestaat naast deze toelichting uit de volgende stukken. Verbeelding (identificatie NL.IMRO.1735.BGxLuttekeveldweg9-VS10); Bijlagen bij de toelichting; Regels; Bijlagen bij de regels.
1.5
Leeswijzer De toelichting van het bestemmingsplan kent de volgende opbouw. In hoofdstuk 2 worden de huidige situatie en het te realiseren plan beschreven. Hoofdstuk 3 schetst het beleidskader. In hoofdstuk 4 worden de resultaten van de uitgevoerde omgevingsonderzoeken behandeld. In hoofdstuk 5 wordt het bestemmingsplan in juridisch opzicht toegelicht. In hoofdstuk 6 wordt ingegaan op de economische uitvoerbaarheid en in hoofdstuk 7 wordt ten slotte de maatschappelijke uitvoerbaarheid belicht.
vastgesteld
11
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Hoofdstuk 2 2.1
Het plan
Ontstaansgeschiedenis en landschapstypologie Het plangebied ligt in het jong heide- en broekontginningslandschap. De grote oppervlakte aan – voormalige – natte en droge heidegronden was oorspronkelijk functioneel verbonden met het essen- en oude hoevenlandschap. Hier werd geweid en werden de plaggen gestoken voor in de stal. De in de stal bemeste plaggen dienden als structuurverbeteraar en bemesting voor de akkergronden op de essen. Na de uitvinding van kunstmest ging deze functie verloren en werden deze gronden grotendeels in cultuur gebracht. Aanvankelijk kleinschalig en min of meer individueel door keuterboertjes, later werd de ontginning planmatig en grootschalig aangepakt (tot in de jaren 60 van de 20e eeuw). De grote natte broekgebieden ondergingen een vergelijkbare ontwikkeling, waardoor de natte en de droge jonge ontginningen nu gelijkenis vertonen. Daarnaast zijn vanaf 1750 vanuit de landgoederen en buitenhuizen ook veel van de voormalige heidegronden voor de jacht en houtproductie bebost. Dit heeft geresulteerd in grote en kleinere landbouwontginningslandschappen en in landschappen van grote boscomplexen en (nooit ontgonnen) heidevelden. Omstreeks 1935 is voor het eerst bebouwing zichtbaar op de locatie aan de Luttekeveldweg 9.
12
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Figuur 2.1 Historische topografische kaarten omgeving (Bron: Atlas van Overijssel)
2.2
Huidige situatie In de huidige situatie is er aan de Luttekeveldweg 9 in Markelo sprake van een bedrijfslocatie waar een timmerbedrijf is gevestigd. Op de bedrijfslocatie bevinden zich enkele werkplaatsen, een houtopslag, een gebouw met opslag en kantine. Naast de woning bevindt zich een kantoortje met berging en een garage. De huidige bedrijfsgebouwen zijn gedateerd. De daken van de bedrijfsgebouwen zijn aan de lage kant waardoor de werkplaatsen niet effectient en functioneel kunnen worden gebruikt. Op het terrein zelf is genoeg ruimte om te parkeren. Het plangebied wordt begrensd door agrarische gronden en ten westen door de provinciale weg N755 (Holterweg) van Markelo naar Holten. Op ruime afstand liggen enkel woonerven, bossen en een zandwinning. Het plangebied wordt ontsloten door de Luttekeveldweg.
vastgesteld
13
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Op de huidige locatie is een maximum oppervlakte van 1000 m2 aan bedrijfsgebouwen toegestaan.
Figuur 2.2: huidige situatie Luttekeveldweg 9 (bron: opdrachtgever)
2.3
Toekomstige situatie Initiatiefnemer is voornemens om de bedrijfsbestemming uit te breiden, zodat de bestaande werkplaats en overige bedrijfsgebouwen aan de Luttekevelweg 9 in Markelo in de toekomst kunnen worden vervangen door nieuwe hogere werkplaatsen. De huidige werkplaats is door de lage daken niet functioneel te gebruiken. Bovendien is het dak van de huidige werkplaats voorzien van asbest golfplaten. Het bedrijf zet daarom in op vervanging van de werkplaats en overige bedrijfsgebouwen die sterk verouderd zijn, zodat het bedrijf kan verduurzamen en de locatie functioneel kan worden ingericht. De initiatiefnemer is voornemens om in de toekomst de huidige verouderde werkplaats en overige bedrijfsgebouwen te slopen en hiervoor in de plaats twee nieuwe werkplaatsen (machinale werkplaats en HSB (houten skelet bouw) montage hal). terug te bouwen. Er is en blijft sprake van één bedrijfslocatie. De twee werkplaatsen zullen worden gedeeld door het timmerbedrijf en een bouwbedrijf uit de regio, waar momenteel al intensief mee samen wordt gewerkt. Op die manier kan dubbelgebruik plaatsvinden van machines en opslag als de omstandigheden hierom vragen. Hierdoor kan ook het transporten van bouwmaterialen gecombineerd worden. Het bouwbedrijf zal zich in de werkplaats(en) voornamelijk bezig houden met het produceren van houtskeletbouw onderdelen.
Voor de uitvoering van de plannen zal het bouwblok gewijzigd moeten worden en het te bebouwen oppervlak aan bedrijfsgebouwen vergroot dienen te worden van 1000 m2 naar 1250 m2. Gezien de bouwplannen nog niet concreet zijn uitgewerkt en er dus nog niet duidelijk is of de oppervlakte van 1250 m2 genoeg is om beide werkplaatsen te voorzien van een functionele en toekomstbestendige inrichting, wil de initatiefnemer de mogelijkheid om het maximum oppervlakte aan bedrijfsgebouwen te vergroten tot 1500 m2 juridisch laten borgen. Concreet dienen de bedrijfsgebouwen vergroot te worden van van 1000 m2 naar 1250 m2, met nog een optie tot 1500 m2. Om deze ontwikkeling op de locatie aan de Luttekeveldweg 9 mogelijk te maken dient het bestemmingsvlak en het bouwvlak te worden uitgebreid.
14
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Middels het beleid 'KGO beleid 2023 -2028' kan medewerking worden verleend aan het vergroten van de bestemming bedrijf. Voor iedere uitbreiding geldt dat als basisinspanning het terrein zorgvuldig landschappelijk dient te worden ingepast, waarbij aansluiting wordt gezocht met de identiteit van het omringende landschap. In aanvulling op de basisinspanning moet bij een toename van meer dan 250 m2 aan bebouwing het tweevoudige aan landschapontsierende bebouwing worden gesloopt. De oppervlakte te slopen bebouwing is voor minimaal 60% afkomstig uit de gemeente Hof van Twente en maximaal 40% uit één van de andere deelnemende gemeenten. Voor niet agrarische bedrijven geldt dat ze éénmalig een uitbreiding van maximaal 250 m2 zonder sloopcompensatie kunnen krijgen. Wel geldt voor deze kleine uitbreidingen een goede landschappelijke inpassing. Om voorliggend plan mogelijk te maken dient er een procedure om herziening van het bestemmingsplan te worden gevolgd. Daarbij wordt er voor de uitbreiding een basisinspanning gedaan (over de eerste 250m2). Voor dit plan is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld. Bij de inpassing van het plan is gekozen voor een compacte opzet waarbij het zicht vanaf de weg op de bestaande bedrijfswoning behouden blijft. Er worden verschillende groenelementen aangebracht, zoals de noordelijk gelegen houtwal en twee groenstroken langs de Holterweg.
Er wordt gebruik gemaakt van inheemse beplanting. Door de nieuwe opzet worden de dragende lineaire structuren van lanen en bosstroken behouden en versterkt. Er wordt een nieuwe inrit aangelegd naast de bestaande houtopstanden. Hierdoor komt de inrit iets verder van de bedrijfswoning te liggen en wordt de woning dus zoveel mogelijk ontzien. De nieuwe inrit kan de verkeersgeneratie beter accomoderen en zorgt voor een betere bereikbaarheid van de bedrijfslocatie. De oude inrit blijft welliswaar behouden voor de toegang tot de bedrijfswoning, maar wordt getransformeerd naar ondergeschikt karrespoor. Hierdoor wordt verstening zoveel mogelijk tegen gegaan. De parkeerplaatsen worden voorzien van grasbetonplaten waardoor goede infiltratie van het regenwater op het erf gewaarborgd blijft. Indien de de oppervlakte aan bedrijfsbebouwing wordt uitgebreid tot een oppervlakte van 1500 m2 dan dient als aanvulling voor de overige 250 m2 het tweevoudige aan landschap ontsierende bebouwing te worden gesloopt in de gemeente Hof van Twente, of één van de andere deelnemende gemeenten. Hiervoor dient in dit geval sloopvouchers te worden aangewend. Concreet betekent dit er 500 m2 aan landschapsontsierende bebouwing wordt gesloopt indien gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid om de oppervlakte aan bedrijfsgebouwen uit te breiden tot 1500 m2. De sloopvoorwaarde is in de planregels opgenomen.
De beoogde situatie binnen het plangebied staat weergeven in figuur 2.3.
vastgesteld
15
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Figuur 2.3: Toekomstige situatie (bron: N+L landschapsontwerpers)
16
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Hoofdstuk 3
Beleid
3.1
Rijksbeleid
3.1.1
Nationale Omgevingsvisie (NOVI) De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) biedt een duurzaam perspectief voor de Nederlandse leefomgeving. Hiermee kunnen we inspelen op de grote uitdagingen die voor ons liggen. De NOVI biedt een kader, geeft richting en maakt keuzes waar dat kan. Tegelijkertijd is er ruimte voor regionaal maatwerk en gebiedsgerichte uitwerking. Omdat de verantwoordelijkheid voor het omgevingsbeleid voor een groot deel bij provincies, gemeenten en waterschappen ligt, kunnen inhoudelijke keuzes in veel gevallen het beste regionaal worden gemaakt. Met de NOVI zet de Rijksoverheid een proces in gang waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Die komen samen in vier prioriteiten: Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie; Duurzaam economisch groeipotentieel; Sterke en gezonde steden en regio's; Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven vanuit de NOVI is combinaties te maken en win-win situaties te creëren. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen.
Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: Combinaties van functies gaan voor enkelvoudige functies: In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van de ruimte; Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal: wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling, tussen concurrentiekracht en leefbaarheid, verschilt van gebied tot gebied. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; Afwentelen wordt voorkomen: het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie van inwoners zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. Conclusie De voorgenomen ontwikkeling voorziet in het wijzigen van het bestemmingsvlak en de uitbreiding van de maximale oppervlakte aan bedrijfsgebouwen van 1000 m2 naar 1250 m2, met nog een optie tot 1500 m2. Hierdoor kan in toekomst de realisatie van twee nieuwe werkplaatsen in het buitengebied van de gemeente Hof van Twente worden gerealiseerd. De ontwikkeling vindt daarmee het beste een aansluiting bij de prioriteit 'toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied'.
In de NOVI wordt voor het landelijk gebied aangegeven dat een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied vraagt om een verantwoorde herinrichting van het landelijk gebied en een verbetering van de milieukwaliteit. Bij ontwikkelingen in het landelijk gebied moet cultureel erfgoed en unieke landschappelijke en natuurlijke kwaliteiten behouden en versterkt worden. Waar mogelijk en gewenst dienen nieuwe kwaliteiten toegevoegd te worden. Voor een landelijk gebied dat zich toekomstbestendig kan ontwikkelen, is nodig dat de bereikbaarheid, de economische kracht en de beschikbaarheid van
vastgesteld
17
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
voorzieningen ook voldoende worden meegenomen in het Nationaal Programma Landelijk gebied. Middels de het beleid KGO beleid 2023-2028 kan medewerking worden verleend aan het vergroten van het bestemmingsvlak “Bedrijf'' en het bouwvlak, waardoor mogelijke nieuwbouw ten behoeve van de bedrijfsbestemming mogelijk wordt gemaakt. Met deze ontwikkeling wordt ruimte geboden om een gezonde economische bedrijfsvoering te voeren en een gezond en toekomstbestendig bedrijf te garanderen. De voorgenomen ontwikkeling wordt landschappelijk ingepast waardoor de ruimtelijke kwaliteit van het erf verbeterd. Op basis hiervan kan geconcludeerd worden dat de voorgenomen ontwikkeling binnen de prioriteiten van de NOVI past. Er wordt een bijdrage geleverd aan de toekomst van het landelijk gebied. Onderhavig bestemmingsplan past daarmee binnen de prioriteiten van de NOVI. 3.1.2
Ladder voor duurzame verstedelijking Artikel 3.1.6 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) schrijft voor dat van een nieuwe 'stedelijke ontwikkeling' die in een bestemmingsplan wordt mogelijk gemaakt moet worden aangetoond dat er sprake is van een behoefte. De toelichting bij het bestemmingsplan bevat daartoe een beschrijving van de behoefte aan die ontwikkeling. Indien het bestemmingsplan die ontwikkeling mogelijk maakt buiten het bestaand stedelijk gebied, bevat een toelichting tevens een motivering waarom niet binnen het bestaand stedelijk gebied in die behoefte kan worden voorzien. Dit wordt de 'Ladder Duurzame Verstedelijking' genoemd. De beschrijving van de behoefte aan de betreffende, 'stedelijke ontwikkeling', moet inzichtelijk maken of, in relatie tot het bestaande aanbod, concreet behoefte bestaat aan de desbetreffende ontwikkeling. Die behoefte moet dan worden afgewogen tegen het bestaande aanbod, waarbij moet worden gemotiveerd dat rekening is gehouden met het voorkomen van leegstand. De stappen schrijven geen vooraf bepaald resultaat voor, omdat het optimale resultaat moet worden beoordeeld door het bevoegd gezag dat de regionale en lokale omstandigheden kent en de verantwoordelijkheid draagt voor de ruimtelijke afweging met betrekking tot die ontwikkeling.
Onderhavig plan In het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) is een stedelijke ontwikkeling gedefinieerd als: ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen. Er is geen sprake van een nieuwe stedelijke ontwikkeling indien het plan geen of een kleinschalige toename doet op het ruimtebeslag. Als gevolg van de wijziging van het bestemmingsvlak en de beoogde uitbreiding van de bedrijfsgebouwen is er sprake van toename van het ruimtebeslag. Of er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Op basis van jurisprudentie kan geconcludeerd worden dat er geen sprake is van een harde ondergrens ten aanzien van toenames van oppervlakte aan bebouwing/verharding bij de beoordeling of er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Uit jurisprudentie kan worden gedestilleerd dat de bovengrens voor de beoordeling of er sprake is van een nieuwe stedelijke ontwikkeling in beginsel rond een oppervlakte van 500 m2 ligt. Aangezien het plan een uitbreiding van bedrijfsgebouwen van ten hoogste 500 m2 beoogd wordt de ontwikkeling getoetst aan de Ladder voor duurzame verstedelijking. concrete behoefte Ten eerste moet worden beoordeeld of er concreet behoefte bestaat aan de betreffende vorm van verstedelijking van de betreffende kwaliteit.
Daarbij moet de regionale
18
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
ruimtevraag (kwantitatief én kwalitatief) in ogenschouw worden genomen. Het gaat om de ruimtevraag waarin elders in de regio nog niet is voorzien. Bij aanbod elders kan worden gedacht aan al geplande woningbouw- of werklocaties, een binnenstedelijke herstructurering, of bijvoorbeeld leegstand. Dit bestemmingsplan voorziet in een uitbreiding van het bedrijfsperceel en de oppervlakte aan bedrijfsgebouwen gelegen aan de Luttekeveldweg 9 in Markelo. Het bedrijf is al geruime tijd op deze locatie gevestigd en op deze locatie staan dan ook bestaande bedrijfsgebouwen met een gezamelijke oppervlakte van circa 760 m². Op deze locatie bedragen de planologische mogelijkheden voor de totale oppervlakte aan bedrijfsgebouwen 1000 m2. In de toekomstige situatie wordt ter vervanging van de oude bedrijfsgebouwen, twee werkplaatsen teruggebouwd die door de hogere daken en ruimere opzet functioneel ingericht en gebruikt kunnen worden en de toekomstbestendigheid van het bedrijf waarborgen. Hierdoor dient de toegestane oppervlakte aan bedrijfsgebouwen met met maximaal 500 m² te worden vergroot, zodat in totaliteit 1.500 m² aan bedrijfsgebouwen na het toepassen van een binnenplanse afwijkingsmogelijkheid in dit plan kan worden toegestaan.
bestaand stedelijk gebied Ten tweede moet worden beoordeeld of, indien er een regionale behoefte aan een stedelijke ontwikkeling is, de beoogde ontwikkeling binnen het bestaand stedelijk gebied in de betreffende regio kan worden gerealiseerd. Onder bestaand stedelijk gebied wordt verstaan: het bestaande stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur; Zoals reeds uit de toetsing aan concrete behoefte is gebleken, voorziet dit bestemmingsplan in een specifieke behoefte van het timmerbedrijf dat op deze locatie is gevestigd. Daarbij kan geconstateerd worden dat er in de directe omgeving van het bedrijf geen leegstaande bedrijfspanden aanwezig zijn die kunnen voorzien in deze behoefte. Op bestaande bedrijventerreinen in de omliggende plaatsen is weliswaar ruimte voor de realisatie van de uitbreidingswens, maar dit is vanuit meerdere opzichten niet wenselijk. Verplaatsing van het gehele bedrijf (zowel bestaande bebouwing en voorzieningen als de gewenste uitbreiding) is vanuit financieel oogpunt niet haalbaar, omdat de gewenste voordelen van de uitbreiding dan teniet worden gedaan door de extra kosten die verplaatsing van het bestaande bedrijf met zich meebrengt.
Al met al zou gehele verplaatsing leiden tot een onevenredige kapitaalsvernietiging voor het bedrijf. Ten slotte zou de verplaatsing van het bedrijf naar bestaand stedelijk gebied in de omliggende plaatsen leiden tot leegstand op de locatie aan de Luttekeveldweg 9. Zoals voorgaand al is aangegeven is het bedrijfsperceel specifiek ingericht op de werkzaamheden van een timmerbedrijf. Voor de locatie betekent dit dan ook een aanzienlijke leegstand bij gehele verplaatsing. Deze leegstand zal naar verwachting niet op de korte termijn een hernieuwde invulling kunnen krijgen, waardoor verval optreedt en er forse investeringen noodzakelijk zijn om de vitaliteit en ruimtelijke kwaliteit op deze locatie te waarborgen. Derhalve wordt geconcludeerd dat de behoefte van het bedrijf niet binnen bestaand stedelijk gebied kan worden gerealiseerd. Conform het provinciale en gemeentelijke beleidskader 'Kwaliteitsimpuls groene omgeving' betekent dit wel dat het bedrijf ter compensatie voor de uitbreidingsruimte dient te investeren in de ruimtelijke kwaliteit in het buitengebied (zie hiervoor het gemeentelijke beleid).
vastgesteld
19
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
3.2
Provinciaal beleid Overijssel
3.2.1
Omgevingsvisie Overijssel De Omgevingsvisie Overijssel geeft de provinciale visie op de fysieke leefomgeving van Overijssel weer. Hierin worden onderwerpen als ruimtelijke ordening, milieu, water, verkeer en vervoer, ondergrond en natuur aangehaald in samenhang voor een duurzame ontwikkeling van de leefomgeving. De Omgevingsvisie is onder andere een structuurvisie onder de Wet ruimtelijke ordening. Duurzaamheid, ruimtelijke kwaliteit en sociale kwaliteit zijn de leidende principes of 'rode draden' bij alle initiatieven in de fysieke leefomgeving in de provincie Overijssel.
3.2.2
Omgevingsverordening Overijssel De provincie beschikt over een palet aan instrumenten waarmee zij haar ambities realiseert. Het gaat er daarbij om steeds de meest optimale mix van instrumenten toe te passen, zodat effectief en efficiënt resultaat wordt geboekt voor alle ambities en doelstellingen van de Omgevingsvisie. De keuze voor inzet van deze instrumenten is bepaald aan de hand van een aantal criteria. In de Omgevingsvisie is bij elke beleidsambitie een realisatieschema opgenomen waarin is aangegeven welke instrumenten de provincie zal inzetten om de verschillende onderwerpen van provinciaal belang te realiseren. Eén van de instrumenten om het beleid uit de Omgevingsvisie te laten doorwerken is de Omgevingsverordening Overijssel van de provincie Overijssel. De Omgevingsverordening is het provinciaal juridisch instrument dat wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch geborgd is.
3.2.3
Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel De opgaven, kansen, beleidsambities en ruimtelijke kwaliteitsambities voor de provincie zijn in de Omgevingsvisie Overijssel geschetst in ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving en stedelijke omgeving. Om de ambities van de provincie waar te maken, bevat de Omgevingsvisie een uitvoeringsmodel. Dit model is gebaseerd op drie niveaus, te weten: generieke beleidskeuzes; ontwikkelingsperspectieven; gebiedskenmerken. Deze begrippen worden hieronder nader toegelicht. Generieke beleidskeuzes Generieke beleidskeuzes zijn keuzes die bepalend zijn voor de vraag of ontwikkelingen mogelijk zijn. In deze fase wordt beoordeeld of er sprake is van een behoefte aan een bepaalde voorziening. Ook wordt in deze fase het zgn. principe van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik gehanteerd. Hierin komt er kort gezegd op neer dat eerst bestaand bebouwd gebied wordt benut, voordat er uitbreiding in de groene omgeving kan plaatsvinden. Andere generieke beleidskeuzes betreffen de reserveringen voor waterveiligheid, randvoorwaarden voor externe veiligheid, grondwaterbeschermingsgebieden, bescherming van de ondergrond (aardkundige en archeologische waarden), landbouwontwikkelingsgebieden voor intensieve veehouderij, begrenzing van Nationale Landschappen, Natura 2000-gebieden, Natuurnetwerk Nederland en verbindingszones enzovoorts.
De generieke beleidskeuzes zijn veelal normstellend en verankerd in de Omgevingsverordening Overijssel.
20
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Ontwikkelingsperspectieven Als uit de beoordeling in het kader van de generieke beleidskeuzes blijkt dat de voorgenomen ruimtelijke ontwikkeling aanvaardbaar is, vindt een toets plaats aan de ontwikkelingsperspectieven. In de Omgevingsvisie is een spectrum van zes ontwikkelingsperspectieven beschreven voor de groene en stedelijke omgeving. Met dit spectrum geeft de provincie ruimte voor het realiseren van de in de visie beschreven beleids- en kwaliteitsambities. De ontwikkelingsperspectieven geven richting aan wat waar ontwikkeld zou kunnen worden. Daar waar generieke beleidskeuzes een geografische begrenzing hebben, zijn ze consistent doorvertaald in de ontwikkelingsperspectieven. Gebiedskenmerken Op basis van gebiedskenmerken in vier lagen (natuurlijke laag, laag van het agrarisch cultuurlandschap, stedelijke laag en lust- en leisurelaag) gelden specifieke kwaliteitsvoorwaarden en –opgaven voor ruimtelijke ontwikkelingen. Het is de vraag 'hoe' een ontwikkeling invulling krijgt. Aan de hand van de drie genoemde niveaus kan worden bezien of een ruimtelijke ontwikkeling mogelijk is en er behoefte aan is, waar het past in de ontwikkelingsvisie en hoe het uitgevoerd kan worden.
Figuur 3.1: Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel (Bron: provincie Overijssel) Toetsing van het initiatief aan de uitgangspunten Omgevingsvisie Overijssel Indien het concrete initiatief wordt getoetst aan de Omgevingsvisie Overijssel ontstaat globaal het volgende beeld. Generieke beleidskeuzes Of een ontwikkeling mogelijk is, wordt bepaald op basis van generieke beleidskeuzes.
vastgesteld
21
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
In Hierbij is onder andere het principe van 'zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik' (artikel 2.1.3 van de Geconsolideerde Verordening vanaf 2017) van belang die er voor staat dat in eerste instantie bestaande bebouwing en stedelijk gebied wordt benut, voordat er nieuwbouw in de groene omgeving plaatsvindt. artikel 2.1.3 Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik lid 1 Bestemmingsplannen voorzien uitsluitend in stedelijke ontwikkelingen die een extra ruimtebeslag door bouwen en verharden leggen op de Groene Omgeving wanneer aannemelijk is gemaakt: dat er voor deze opgave in redelijkheid geen ruimte beschikbaar is binnen het bestaande bebouwd gebied en de ruimte binnen het bestaand bebouwd gebied ook niet geschikt te maken is door herstructurering en/of transformatie; dat mogelijkheden voor meervoudig ruimtegebruik binnen het bestaand bebouwd gebied optimaal zijn benut. lid 2 Bestemmingsplannen voor de Groene Omgeving voorzien uitsluitend in ontwikkelingen die een extra ruimtebeslag door bouwen en verharden leggen anders dan de uitleg van steden en dorpen wanneer aannemelijk is gemaakt: dat (her)benutting van bestaande erven en/of bebouwing in de Groene Omgeving in redelijkheid niet mogelijk is; dat mogelijkheden voor combinatie van functies op bestaande erven optimaal zijn benut. Doorwerking voor voorliggend plan: In onderhavig plan is sprake van een uitbreiding van de bedrijfsbestemming.
Hierdoor kan na de sloop van de bestaande bedrijfsbebouwing, de realisatie van twee werkplaatsen mogelijk worden gemaakt. Binnen de bestaande vormgeving van de bedrijfsbestemming is er onvoldoende ruimte om in de toekomst de mogelijke bouw van de werkplaatsen te realiseren. Om die reden dient het erf te worden uitgebreid. Het bestaande bouwvlak wordt dus vergroot. Daarbij worden de oude werkplaatsen gesloopt. De nieuwe werkplaatsen worden in dit geval voor een gedeelte op de slooplocatie teruggebouwd. Verspreiding en verstening wordt zodoende voorkomen. Het voornemen voldoet aan een zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik. artikel 2.1.5 Ruimtelijke kwaliteit In de toelichting op bestemmingsplannen wordt onderbouwd dat de nieuwe ontwikkelingen die het bestemmingsplan mogelijk maakt, bijdragen aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit conform de geldende gebiedskenmerken. Doorwerking voor voorliggend plan: Voorliggend plan heeft betrekking op het vergroten van het bestemmingsvlak 'Bedrijf'. Het huidige erf biedt namelijk niet genoeg ruimte voor de realisatie van de nieuwe werkplaatsen. Om te zorgen dat de uitbreiding qua schaal en omvang passend blijft in het lanschap is voorliggend plan voorzien van een landschappelijk inpassingsplan, waardoor de bebouwing op een landschappelijk passende wijze wordt ingepast. Deze is opgenomen in Bijlage 2.
In het landschappelijk inpassingsplan wordt aandacht besteed aan gebiedseigen beplanting en aansluiting bij het landschap. Bij de inpassing van het plan is gekozen voor een compacte opzet waarbij het zicht vanaf de weg op de bestaande bedrijfswoning behouden blijft. Er worden verschillende groenelementen aangebracht, zoals de noordelijk gelegen houtwal en twee groenstroken langs de Holterweg. Door de nieuwe opzet worden de dragende lineaire structuren van lanen en
22
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
bosstroken behouden en versterkt. Gezamenlijk vormt deze ontwikkeling daarom een grote verbetering van de ruimtelijke kwaliteit in het buitengebied. Artikel 2.1.6 Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving Bestemmingsplannen voor de Groene Omgeving kunnen – met in achtneming van het bepaalde in artikel 2.1.3 en artikel 2.1.4 en het bepaalde in artikel 2.1.5 – voorzien in nieuwvestiging en grootschalige uitbreidingen van bestaande functies in de Groene Omgeving, uitsluitend indien hier sociaal-economische en/of maatschappelijke redenen voor zijn én er is aangetoond dat het verlies aan ecologische en/of landschappelijke waarden in voldoende mate wordt gecompenseerd door investeringen ter versterking van ruimtelijke kwaliteit in de omgeving. Doorwerking voor voorliggend plan: De gemeente Hof van Twente biedt eigenaren van niet-agrarische bedrijven in het buitengebied in beperkte mate ruimte om te groeien. De gemeenteraad heeft daarvoor in maart 2023 een nieuw beleidskader vastgesteld: "KGO beleid 2023-2028". Hierin staat ook een sectie over het uitbreiden van niet agrarische bedrijven in het buitengebied. Vanwege de levendigheid in het landelijk gebied en de werkgelegenheid wordt bedrijvigheid in het landelijk gebied positief gewaardeerd. Echter, om het karakter van het landelijk gebied te behouden kan er maar beperkt ruimte worden geboden voor groei van niet-agrarische bedrijvigheid.
Bij de afweging of uitbreidingsmogelijkheden kunnen worden geboden wordt maatwerk toegepast. De toename van bebouwing en activiteiten moet namelijk blijven passen bij de schaal van het erf en het omliggende landschap en bij de draagkracht van de aanwezige infrastructuur. Bij een eventuele uitbreiding wordt met het bedrijf ook gesproken over het lange termijn perspectief. Voor iedere uitbreiding geldt dat als basisinspanning het terrein zorgvuldig landschappelijk dient te worden ingepast, waarbij aansluiting wordt gezocht met de identiteit van het omringende landschap. In aanvulling op de basisinspanning moet bij een toename van meer dan 250 m2 aan bebouwing het tweevoudige aan landschap ontsierende bebouwing worden gesloopt. De oppervlakte te slopen bebouwing is voor minimaal 60% afkomstig uit de gemeente Hof van Twente en maximaal 40% uit één van de andere deelnemende gemeenten. Voor niet agrarische bedrijven geldt dat ze éénmalig een uitbreiding van maximaal 250 m2 zonder sloopcompensatie kunnen krijgen. Wel geldt voor deze kleine uitbreidingen een goede landschappelijke inpassing. Daarnaast moet afhankelijk van de omvang en impact van de uitbreidingsplannen aanvullend geïnvesteerd worden in de ruimtelijke kwaliteit. Om voorliggend plan mogelijk te maken dient er een procedure om herziening van het bestemmingsplan te worden gevolgd.
Daarbij wordt er voor de uitbreiding een basisinspanning te gedaan (over de eerste 250 m2). Hiervoor is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld, zodat het terrein zorgvuldig landschappelijk wordt ingepast. Indien de uitbreiding aan oppervlakte van bedrijfsgebouwen maximaal 1500 m2 bedraagt dan dient als aanvulling voor de overige 250 m2 het tweevoudige aan landschap ontsierende bebouwing gesloopt te worden in de gemeente Hof van Twente of in één van de andere deelnemende gemeenten, hiervoor dienen sloopvouchers te worden aangewend. Concreet betekent dit dat er in dit geval 500 m2 aan landschapsontsierende bebouwing gesloopt dient te worden. Het voorliggend plan voldoet aan de criteria van het KGO beleid. De voorgenomen ontwikkeling draagt bij aan de toekomstbestendigheid van de locatie. De huidige bedrijfsgebouwen zijn gedateert en bovendien niet functioneel te gebruiken en doen daarmee afbreuk aan een efficiente bedrijfsvoering van het bedrijf. De nieuwe opzet met ruimere efficient ingerichte werkplaatsen en een erf dat landschappelijk is ingericht dragen bij aan de toekomstbestendigheid van het bedrijf.
vastgesteld
23
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Hierdoor kunnen ook toekomstige generaties in hun behoeften blijven voorzien. Het verlies aan ecologische en/of landschappelijke waarden wordt door de de duurzame benadering en uitwerking van het landschappelijk inpassingsplan in voldoende mate gecompenseerd door de ruimtelijke kwaliteit in de omgeving te versterken. Ontwikkelingsperspectieven De opgaven, kansen, beleidsambities en ruimtelijke kwaliteitsambities voor de provincie zijn geschetst in ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving en stedelijke omgeving. In dit geval zijn uitsluitend de ontwikkelingsperspectieven voor de landelijke omgeving van belang. In figuur 3.2 is een fragment van de kaart van de ontwikkelingsperspectieven behorende bij de Omgevingsvisie weergegeven.
Figuur 3.2: Fragment ontwikkelingsperspectievenkaart, Omgevingsvisie Overijssel, de locatie is omlijnd (bron: provincie Overijssel) Dit ontwikkelingsperspectief omvat gebieden waar verdere modernisering en schaalvergroting van de landbouw in combinatie met verduurzaming de ruimte krijgt. Die ruimte kan verdiend worden door te investeren in kwaliteitsvoorwaarden. Initiatieven binnen het ontwikkelingsperspectief 'Agrarisch ondernemen in het grootschalig landschap' mogen de ontwikkelingsmogelijkheden voor de landbouw in principe niet beperken en dienen aan te sluiten bij de bestaande bebouwing, weginfrastructuur en openbaar vervoer (ov)-routes. Het waterbeheer richt zich op optimale condities voor de landbouw, rekening houdend met specifieke omstandigheden en de grenzen aan de mogelijkheden van het waterbeheer (onder andere door de klimaatverandering). De plannen van de initatiefnemers om de bedrijfslocatie uit te breiden doen geen afbreuk aan het eigen karakter van het gebied en leveren geen extra belemmeringen op voor agrarische functies in de omgeving. Gebiedskenmerken
24
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Natuurlijke laag De natuurlijke laag geeft aan het gebied het kenmerk 'Dekzandvlakte en ruggen' (zie figuur 3.3).
Figuur 3.3: Natuurlijke laag, Omgevingsvisie Overijssel (bron: provincie Overijssel) De laag 'Dekzandvlakte en ruggen' beslaat een groot deel van de oppervlakte van de provincie Overijssel. De ambitie van deze laag is de natuurlijke verschillen tussen hoog en laag en tussen droog en nat functioneel meer sturend en beleefbaar te maken. Als ontwikkelingen plaats vinden, dan dragen deze bij aan het beter zichtbaar en beleefbaar maken van de hoogteverschillen en het watersysteem. Beiden zijn tevens uitgangspunt bij (her)inrichting. Toets Het plan voorziet in uitbreiding van bedrijfsgebouwen tot een oppervlakte van 1250 m2 met een optie tot 1500 m2, door gebruik te maken van de KGO regeling. Het plan wordt zorgvuldig ingepast in het landschap, waarbij aansluiting wordt gezocht met de identiteit van het omringende landschap. Ook wordt rekening gehouden dat de toename aan bebouwing blijft passen bij de schaal van het erf en het omliggende landschap en bij de draagkracht van de aanwezige infrastructuur en waterhuishouding. Op basis hiervan wordt gesteld dat het plan past binnen de kenmerken van de natuurlijke laag. Laag van het agrarisch cultuurlandschap De laag van het agrarisch cultuurlandschap kent het kenmerk 'Jong heide- en broekontginningslandschappen ' aan het gebied toe. In figuur 3.4 is een fragment van de betreffende kaart weergegeven.
vastgesteld
25
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Figuur 3.4: Laag van het agrarische cultuurlandschap, Omgevingsvisie Overijssel (bron: provincie Overijssel) De 'Jong heide- en broekontginningslandschappen' bestaan uit grote en kleinere landbouwontginningslandschappen en uit landschappen met grote boscomplexen en (nooit ontgonnen) heidevelden, zoals op de Sallandse Heuvelrug. Ten opzichte van het omliggende essen-en hoevenlandschap zijn de landbouwontginningen relatief grote open ruimtes, deels omzoomd door boscomplex. Erven liggen als blokken aan de weg geschakeld. Wegen zijn lanen met lange rechtstanden. Ook sommige recente heringerichte agrarische landschappen worden tot deze categorie gerekend, omdat van het oorspronkelijke landschap niets meer te zien is. Als ontwikkelingen plaatsvinden in de agrarische ontginngingslandschappen dan dragen deze bij aan behoud en versterking van de dragende lineaire structuren van lanen, bosstroken en waterlopen en ontginningslinten met erven en de kenmerkende ruimtematen. Toets Het plangebied voldoet aan de kenmerken van een jong heide- en broekontginngingslandschap. De voorgenomen ontwikkeling heeft betrekking op het herontwikkelen van een bestaande bedrijfslocatie, waarvoor een landschappelijk inrichtingsplan is opgesteld.
Uit het landschappelijk inrichtingsplan blijkt dat het landschap ter plaatse van het plangebied intact is en ook intact blijft na de realisering van de voorgenomen ontwikkeling. Zodoende kan worden geconcludeerd dat er geen afbreuk wordt gedaan aan de kenmerken van de laag van het agrarische cultuurlandschap. Er hoeft geen beschermingsregeling te worden toegepast. De 'Stedelijke laag' en de 'Laag van de beleving' hebben binnen het plangebied geen specifieke kenmerken en blijven daarom verder buiten beschouwing. Conclusie
26
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Geconcludeerd kan worden dat de in dit voorliggende bestemmingsplan besloten planologische wijziging volledig in overeenstemming is met het in de Omgevingsvisie Overijssel verwoorde en in de Omgevingsverordening verankerde provinciaal ruimtelijk beleid.
3.3
Gemeentelijk beleid
3.3.1
Strategische visie, Hof van Twente, zicht op 2030 Algemeen In 'Hof van Twente, zicht op 2030' heeft de gemeente Hof van Twente de toekomstvisie voor haar grondgebied vastgelegd. De gemeenteraad heeft de strategische visie op 1 juni 2010 definitief vastgesteld. De visie bevat naast een overzicht van te verwachten trends en ontwikkelingen ook informatie over de gewenste identiteit voor Hof van Twente. Over deze gewenste identiteit is in januari 2009 meegedacht door ruim 60 inwoners uit allerlei geledingen van de gemeente en daarbuiten. In 20 streefbeelden geeft het gemeentebestuur aan in welke richting het beleid voor de komende jaren moet worden ontwikkeld. Streefbeeld 10 is hier voornamelijk van belang. Dit streefbeeld wordt hieronder nader behandeld. Streefbeeld: Unieke landschappelijke en cultuurlandschappelijke kwaliteiten verder ontwikkeld Het landschap, de parel van Hof van Twente, heeft in 2030 nog altijd een belangrijke plaats. De structuur van het landschap, met deelgebieden stuwwal/verzamelgebied (westelijk), dekzandgebied (midden) en plateau (oostelijk), maar ook het reliëf en het watersysteem zijn leidend. In de waardevolle ensembles (landschap met natuur- en cultuurhistorische waarden) wordt behoud, onderhoud en herstel van cultuurhistorische en ecologische waarden in praktijk gebracht.
Voltooiing van de ecologische hoofdstructuur is eveneens een herkenbaar resultaat. In 2030 is deze een feit. Bestaande natuurgebieden zijn binnen de gemeente en daarbuiten verbonden met elkaar, waardoor duurzame instandhouding van flora en fauna mogelijk is geworden. De reconstructieplannen die aan het begin van de eeuw zijn gemaakt, zijn uitgevoerd. Dit betekent dat ruimtelijke knelpunten, zoals agrarische bedrijven in de directe nabijheid van natuur of milieuhinderveroorzakende bedrijven in het buitengebied, zijn opgelost. Voor nieuwe inrichting van het landschap door functiewijziging zijn oorspronkelijke landschapstypen richtinggevend. Landgoederen hebben in 2030 hun ruimtelijke visies uit het begin van de eeuw uitgevoerd en de Bovenregge slingert weer als vanouds door het landschap. Dit lint van water door het landschap refereert aan de historie. Het project Bovenregge van Schipbeek tot Elsenerbroek visualiseert de verbinding tussen stad en landelijk gebied. Toets De voorgenomen ontwikkeling betekent een impuls in de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied. Ten behoeve van de uitbreiding van het oppervlakte aan bedrijfsgebouwen tot 1250 m2, is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld, en wordt voor de mogelijke uitbreiding tot 1500 m2 landschap ontsierende bebouwing gesloopt. Op de bestaande bedrijfslocatie, worden vervolgens twee werkplaatsen teruggebouwd.
De ontwikkeling wordt daarbij landschappelijk ingepast. Geconcludeerd wordt dat de voorgenomen ontwikkeling past binnen het streefbeeld als bedoeld in de Strategische visie, Hof van Twente, zicht op 2030.
3.3.2
Structuurvisie Landelijk Gebied In 'Structuurvisie Landelijk gebied' van de gemeente Hof van Twente staat de ontwikkeling van het landelijk gebied voor de komende 10 jaar centraal.
vastgesteld
27
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
De structuurvisie vormt vooral een integratiekader voor het bestaande beleid van de gemeente ten aanzien van de verschillende functies en waarden in het gebied. Een dergelijk 'integratiekader' schetst de bredere achtergrond van beleid dat voor specifieke thema's (bijvoorbeeld recreatie, rood-voor-rood en vrijkomende agrarische bebouwing) is uitgewerkt. Daarnaast beschrijft deze structuur de algemene strategie van de gemeente Hof van Twente ten aanzien van verschillende functies en waarden. Deze strategie geeft richting aan de latere toetsing van verschillende initiatieven die bij de gemeente worden ingediend, en bij het bepalen van het beleid dat in het bestemmingsplan buitengebied wordt uitgewerkt.
De structuurvisie benoemt de volgende kernkwaliteiten van het landelijk gebied in Hof van Twente: een sterke agrarische structuur, bestaande uit bedrijven die door schaalvergroting actief anticiperen op een wereldwijde marktwerking, of hun risico's spreiden door diensten te verlenen op het gebied van natuur en landschap en recreatieve functies of andere bedrijvigheid aan het bedrijf toe te voegen; een grote mate van ondernemerschap, waardoor verspreid over het gehele landelijk gebied nieuwe bedrijvigheid wordt gestart; een breed scala aan landelijke woonmilieus, variërend van kernen en buurtschappen tot individuele erven, dat qua kwaliteit aansluit bij actuele behoefte van de woonconsument; een gevarieerd en aantrekkelijk landschap, met als bijzondere parels 23 archeologische monumenten, twee rijksbeschermde stads- en dorpsgezichten (Den Haller en Stokkum) en acht rijksbeschermde historische buitenplaatsen; een robuust ecologisch netwerk, dankzij een combinatie van grote natuurgebieden en talrijke verbindingen via beken en kleine natuurelementen; een sterk ontwikkelde recreatieve (infra)structuur; een goede regionale infrastructuur. Overige bedrijvigheid In het buitengebied van Hof van Twente zijn diverse niet-agrarische bedrijven gevestigd. Een groot aantal van deze bedrijven hebben zich vanuit een voormalig agrarisch bedrijf geleidelijk ontwikkeld.
Met uitzondering van enkele bedrijven die sterk verwant zijn aan de agrarische sector missen de meeste bedrijven een duidelijke economische binding met het landelijk gebied. Daarom zouden deze bedrijven ook op een bedrijventerrein gevestigd kunnen zijn. Vanwege de levendigheid in het landelijk gebied en de werkgelegenheid wordt bedrijvigheid in het landelijk gebied positief gewaardeerd. Om het karakter van het landelijk gebied te behouden kan er maar beperkt ruimte worden geboden voor groei van niet-agrarische bedrijvigheid. Deze ruimte kan wel geboden worden op de bedrijventerreinen binnen de gemeente. Daarom wordt evenwichtig omgegaan met uitbreiding van niet-agrarische bedrijvigheid in het landelijk gebied. Bij de afweging of uitbreidingsmogelijkheden kunnen worden geboden wordt maatwerk toegepast. De toename van bebouwing en activiteiten moet namelijk blijven passen bij de schaal van het erf en het omliggende landschap en bij de draagkracht van de aanwezige infrastructuur. Bij een eventuele uitbreiding wordt met het bedrijf ook gesproken over het lange termijn perspectief. Voor iedere uitbreiding geldt dat als basis inspanning het terrein zorgvuldig landschappelijk dient te worden ingepast, waarbij aansluiting wordt gezocht met de identiteit van het omringende landschap.
Toets De toename van bebouwing en activiteiten moet blijven passen bij de schaal van het erf en het omliggende landschap en bij de draagkracht van de aanwezige infrastructuur.
28
vastgesteld
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Middels het voorliggende bestemmingsplan wordt met toepassing van het KGO-beleid uitbreiding ten behoeve van de bedrijfslocatie gerealiseerd. De ontwikkeling wordt zorgvuldig ingepast in het landschap, waarbij aansluiting wordt gezocht bij het omringend landschap. Bij de inpassing van het plan is gekozen voor een compacte opzet waarbij het zicht vanaf de weg op de bestaande bedrijfswoning behouden blijft. Er worden verschillende groenelementen aangebracht, zoals de noordelijk gelegen houtwal en twee groenstroken langs de Holterweg. Door de nieuwe opzet worden de dragende lineaire structuren van lanen en bosstroken behouden en versterkt.Daarmee wordt geacht dat deze ontwikkeling past binnen het streefbeeld als bedoeld in de 'Structuurvisie Landelijk Gebied'. 3.3.3
KGO beleid 2023 Door de gemeente Hof van Twente is in maart 2023 het KGO beleid opgesteld. Hierin zijn ook voorwaarden voor het uitbreiden van niet agrarische bedrijven in het buitengebied opgenomen. In het buitengebied zijn diverse niet-agrarische bedrijven gevestigd. Een groot aantal van deze bedrijven hebben zich vanuit een voormalig agrarisch bedrijf geleidelijk ontwikkeld. Met uitzondering van enkele bedrijven die sterk verwant zijn aan de agrarische sector missen de meeste bedrijven een duidelijke economische binding met het landelijk gebied. Ofwel, ze zouden ook op een bedrijventerrein gevestigd kunnen zijn. Vanwege de levendigheid in het landelijk gebied en de werkgelegenheid wordt bedrijvigheid in het landelijk gebied positief gewaardeerd. Echter, om het karakter van het landelijk gebied te behouden kan er maar beperkt ruimte worden geboden voor groei van niet-agrarische bedrijvigheid. Deze ruimte kan wel geboden worden op de bedrijventerreinen binnen de gemeente. Er wordt daarom evenwichtig omgegaan met uitbreiding van niet-agrarische bedrijvigheid in het landelijk gebied. Bij de afweging of uitbreidingsmogelijkheden kunnen worden geboden wordt maatwerk toegepast. De toename van bebouwing en activiteiten moet namelijk blijven passen bij de schaal van het erf en het omliggende landschap en bij de draagkracht van de aanwezige infrastructuur.
Bij een eventuele uitbreiding wordt met het bedrijf ook gesproken over het lange termijn perspectief. Voor iedere uitbreiding geldt dat als basis inspanning het terrein zorgvuldig landschappelijk dient te worden ingepast, waarbij aansluiting wordt gezocht met de identiteit van het omringende landschap. In aanvulling op de basis inspanning moet bij een toename van meer dan 250 m2 aan bebouwing het tweevoudige aan landschap ontsierende bebouwing worden gesloopt. De oppervlakte te slopen bebouwing is voor minimaal 60% afkomstig uit de gemeente Hof van Twente en maximaal 40% uit één van de andere deelnemende gemeenten. Voor niet agrarische bedrijven geldt dat ze éénmalig een uitbreiding van maximaal 250 m2 zonder sloopcompensatie kunnen krijgen. Wel geldt voor deze kleine uitbreidingen een goede landschappelijke inpassing. Daarnaast moet afhankelijk van de omvang en impact van de uitbreidingsplannen aanvullend geïnvesteerd worden in de ruimtelijke kwaliteit. Daarbij moet uit een (bedrijfs)plan blijken: of de bedrijfsactiviteiten gebiedseigen/gebiedsvreemd is; wat de schaal en impact is van de uitbreiding is het eigenbelang/ maatschappelijk belang.
Daarbij is belangrijk om te kijken naar hoe de ontwikkeling bijdraagt of kan gaan bijdragen aan de kernkwaliteiten zoals die in de Structuurvisie Landelijk gebied Hof van Twente zijn benoemd Duurzaamheid is een aanvullende kernkwaliteit die benoemd wordt. Indien de aanvullende investering om motiverende redenen niet op de ontwikkellocatie en of omliggende gebied geïnvesteerd kan worden is het mogelijk om een bijdrage in het gemeentelijk landschapsfonds te storten.
vastgesteld
29
Buitengebied Hof van Twente, herziening Luttekeveldweg 9 Markelo
Toets Om voorliggend plan mogelijk te maken dient er een procedure om herziening van het bestemmingsplan te worden gevolgd. Daarbij wordt er voor de uitbreiding een basisinspanning te gedaan (over de eerste 250 m2). Hiervoor is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld (Bijlage 2), zodat het terrein zorgvuldig landschappelijk wordt ingepast. Indien de bedrijfsbebouwing wordt uitgebreid tot een oppervlakte van maximaal 1500 m2 dan dient als aanvulling, voor de overige 250 m2 het tweevoudige aan landschap ontsierende bebouwing te worden gesloopt in de gemeente Hof van Twente, hiervoor dienen sloopvouchers te worden aangewend. Concreet betekent dit dat er 500 m2 aan landschapsontsierende bebouwing gesloopt wordt. Daarnaast is voor de voorgenomen ontwikkeling een bedrijfsplan opgesteld (Bijlage 1). Het voorliggend plan voldoet aan de criteria van het KGO beleid.