Armoedemonitor 2023 - gemeente Hof van Twente - versie 04-24.pdf
Tekst van het document
Armoedemonitor 2023 Gemeente Hof van Twente
Opdrachtgever Gemeente Hof van Twente Datum April 2024 Auteurs Jitske Kooistra – van der Wijk Anieta Boer Databewerking Tim Kramer KWIZ Stavangerweg 23 - 5 9723 JC Groningen 050 - 5252473 contact@kwiz.nl Uitgave Deze publicatie is een uitgave van KWIZ. Het overnemen van cijfers en/ of teksten is toegestaan, mits de bron duidelijk wordt vermeld. Niets uit deze publicatie mag worden verveelvoudigd en/ of openbaar gemaakt worden in welke vorm dan ook zonder voorafgaande toestemming van KWIZ.
1
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Inhoudsopgave Inhoudsopgave ................................................................................................................................. 1 Inleiding ............................................................................................................................................ 2 Samenvatting.................................................................................................................................... 4 1. Minimahuishoudens ..................................................................................................................... 8 2. Minimakinderen tot 18 jaar ......................................................................................................... 13 3. Minimaregelingen ....................................................................................................................... 17 4. Energietoeslag ........................................................................................................................... 23 5. Wmo en Schuldhulpverlening..................................................................................................... 25 Bijlage 1. Methodiek Armoedemonitor ........................................................................................... 28 Bijlage 2.
Bevolkingskarakteristieken ............................................................................................. 30 Bijlage 3. Kenmerken kinderen ...................................................................................................... 31 Bijlage 4. Kenmerken minima tot 100% Wsm ................................................................................ 32 Bijlage 5. Verdiepende analyse Individuele Inkomenstoeslag ....................................................... 33
1
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Inleiding De gemeente Hof van Twente wil graag (meer) inzicht in de omvang en samenstelling van de minimapopulatie en diverse minimaregelingen en heeft KWIZ daarom gevraagd een Armoedemonitor op te stellen waarin deze informatie inzichtelijk wordt gemaakt. Weergave van de minimahuishoudens De gegevens over de omvang en samenstelling van de doelgroep geven de situatie weer op de betreffende peildatum van het onderzoek (1 april 2023), op basis van het inkomen op het Wettelijk sociaal minimum (Wsm). Het gebruik van de diverse regelingen is gemeten over het gehele jaar voorafgaand aan de peildatum; dus van 1 april 2022 tot en met 31 maart 2023. Methodiek Armoedemonitor De gemeente heeft geen rechtstreekse toegang tot inkomensgegevens van haar inwoners. Door zoveel mogelijk informatiebronnen van gemeentelijke regelingen voor minimahuishoudens aan elkaar te koppelen, kunnen we het aantal minimahuishoudens weergeven dat de gemeente op het peilmoment in beeld heeft. Daarvoor heeft de gemeente registraties van de volgende voorzieningen aangeleverd: de Participatiewet, de aanvullende inkomensvoorziening ouderen (AIO), gemeentelijke minimaregelingen1 en een regeling die in samenwerking met externe partijen wordt aangeboden: het Jeugdfonds Sport en Cultuur. Met behulp van de Basisregistratie Personen (BRP) zijn de gebruikersgegevens vervolgens op huishoudniveau gegroepeerd.
Op deze manier ontstaat een samenhangend beeld van de omvang en samenstelling van de minimapopulatie en het gebruik van voorzieningen. Daarnaast zijn bestanden gekoppeld van de schuldhulpverlening, voorzieningen vanuit de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) en Jeugdwet, en de energietoeslag om inzicht te geven in het gebruik van deze regelingen en de overlap met de minimapopulatie. De kenmerken van het huishouden zijn gebaseerd op die van de oudste persoon in het huishouden. De verdeling naar inkomensbronnen is dus ook op huishoudniveau en daarbij kijken we naar de hoofd inkomensbron van het huishouden. De gebruikers van regelingen betreffen diegenen die gekoppeld konden worden aan de BRP en als minima zijn geclassificeerd. Schatting totale doelgroep Aangezien zowel KWIZ als de gemeente niet over inkomensgegevens van alle inwoners beschikken, is er een groep minimahuishoudens die, doordat ze geen gebruikmaakt van de minimaregelingen, niet in de registratiebestanden voorkomt. Dit betekent dat het feitelijk aantal minima iets hoger ligt dan het aantal dat de gemeente op basis van de genoemde bestanden in beeld heeft2. Wanneer we het in deze rapportage hebben over minimahuishoudens zijn dit de huishoudens die we in beeld hebben gekregen via de beschreven onderzoeksmethode.
Daarnaast maken we, op basis van de door KWIZ ontwikkelde Armoede Index, een schatting van het aantal minimahuishoudens dat niet bij de gemeente in beeld is, maar wél een laag inkomen en laag vermogen heeft. Zodoende kunnen we een inschatting maken van de totale doelgroep van het minimabeleid. Het is op basis van de onderzoeksmethodiek niet mogelijk om gedetailleerde kenmerken van deze ‘ontbrekende’ doelgroep in beeld te krijgen.
1
Het gaat hierbij om de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen, bijzondere bijstand, individuele inkomenstoeslag, bijzondere bijstand voor chronisch zieken, bijzondere bijstand voor gezinnen met kinderen en het participatiefonds sport, cultuur en recreatie. 2 Daarnaast is het registratiebestand van de collectieve zorgverzekering buiten beschouwing gebleven in dit onderzoek, omdat het bestand niet kon worden aangeleverd. Dit betekent dat de omvang van de minimapopulatie op 120 procent Wsm vermoedelijk onderschat wordt. Huishoudens die niet al in beeld zijn via een andere gemeentelijke regeling, vallen buiten het onderzoek.
2
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Opzet rapportage In de samenvatting worden de belangrijkste bevindingen gerapporteerd over de omvang en kenmerken van de minimapopulatie en het bereik van de minimaregelingen. De daaropvolgende hoofdstukken gaan verder in op de analyses en resultaten. Het eerste hoofdstuk geeft inzicht in de omvang en kenmerken van de groep minimahuishoudens. In het tweede hoofdstuk volgen de belangrijkste bevindingen over de minimakinderen. Daarna volgen hoofdstukken over de minimaregelingen, de energietoeslag en de overlap met Wmo, Jeugdwet en schuldhulpverlening. In deze Armoedemonitor worden de kenmerken weergegeven van de doelgroep die in beeld is, tenzij anders aangegeven. Bij het bereik van de minimaregelingen gaat het om de totale geschatte doelgroep (dus inclusief de minima die niet in beeld zijn). Vergelijkingen met landelijke cijfers zijn gebaseerd op ervaringscijfers van KWIZ en/of openbare cijfers van het CBS. Het rapport wordt afgesloten met een vijftal bijlagen met aanvullende informatie en verdiepende analyses. In de hoofdstukken zijn verwijzingen naar de bijlagen opgenomen.
3
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Samenvatting Deze samenvatting geeft een overkoepelend beeld van de omvang en kenmerken van de minimapopulatie (huishoudens met een inkomen tot 120 procent Wsm) op 1 april 2023, evenals het bereik van de verschillende minimaregelingen. Daarnaast komt het gebruik en de overlap van de energietoeslag, Wmo, Jeugdwet en schuldhulpverlening aan bod. Minimahuishoudens Van alle huishoudens in de gemeente Hof van Twente hebben naar schatting 661 huishoudens een inkomen tot 100 procent van het Wettelijk sociaal minimum (Wsm) en 919 huishoudens in totaal met een inkomen tot 120 procent Wsm. Respectievelijk vormen zijn 4,5 en 6,0 procent van alle huishoudens in de gemeente. Het gemiddelde aandeel minimahuishoudens in vergelijkbare gemeenten ligt op 7 à 8 procent; de gemeente Hof van Twente ligt daar dus iets onder. Niet alle huishoudens die in aanmerking komen voor gemeentelijke ondersteuning maken hier ook daadwerkelijk gebruik van. Daarom zijn niet alle huishoudens met een minimuminkomen in beeld bij de gemeente; ze maken immers geen gebruik van een bijstandsuitkering of minimaregeling. Op 1 april 2023 zijn 533 huishoudens met een inkomensniveau van 100 procent Wsm bij de gemeente in beeld (3,4 procent van de volledige doelgroep op dit inkomensniveau). Op 120 procent Wsm zijn er 700 huishoudens in beeld (4,5 procent van de doelgroep). Tabel S.1.
Minimahuishoudens naar inkomen (cumulatief) Inkomenspercentage t.o.v. Wsm Tot 100% Wsm Tot 120% Wsm Tot 130% Wsm3 Overig Totaal
In beeld 533 3,4% 700 4,5% 14.875 15.575
95,5% 100%
Schatting 661 4,3% 919 6,0% 1.168 7,7% 14.407 15.575
92,3% 100%
De volgende cijfers gaan over de minimahuishoudens die de gemeente in beeld heeft. Daar zijn de kenmerken van weer te geven. Doelgroepen Sommige doelgroepen moeten vaker rondkomen van een minimuminkomen dan andere doelgroepen. Eenoudergezinnen4 hebben vaker een minimuminkomen dan andere huishoudtypen. Van alle eenoudergezinnen (389 huishoudens) in de gemeente Hof van Twente, heeft 19 procent (75 huishoudens) een inkomen tot 120 procent Wsm. Ook huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond zijn oververtegenwoordigd in de minimapopulatie (31 procent). Tot slot hebben huishoudens in Goor vaker dan gemiddeld een minimuminkomen. Nieuwe en langdurige minima In de periode april 2022 – april 2023 zijn 58 huishoudens ingestroomd in de minimapopulatie; 8 procent van alle minimahuishoudens met een inkomen tot 120 procent Wsm. Driekwart van de minimahuishoudens moet al langdurig (drie jaar of langer) rondkomen van een inkomen tot 120 procent Wsm; 74 procent heeft al drie jaar of langer een dergelijk inkomen (518 huishoudens). Bij veel gemeenten ligt dit aandeel rond de 70 tot 75 procent. Onder huishoudens met een inkomen tot 100 procent Wsm ligt het aandeel langdurige minima in de gemeente Hof van Twente hoger; 84 procent.
3 In de gemeente Hof van Twente worden geen regelingen verstrekt tot 130 procent Wsm. De gemeente heeft
deze groep daarom ook niet in beeld. De gemeente is echter wel geïnteresseerd in de groep huishoudens tussen 120 en 130 procent Wsm. Daarom is een schatting van de omvang van deze doelgroep gemaakt op basis van de Armoede Index. 4 Wanneer gesproken wordt van ‘eenoudergezinnen’ gaat het om eenoudergezinnen waar (in ieder geval) minderjarige kinderen wonen, tenzij anders aangegeven.
4
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
De meerderheid van de huishoudens met een langdurig minimuminkomen tot 120 procent Wsm, ontvangt een uitkering vanuit de Participatiewet (65 procent). Verder bestaat de langdurige minimapopulatie voor 58 procent uit alleenstaanden en voor 22 procent uit huishoudens met minderjarige kinderen. Ten opzichte van alle minimahuishoudens blijken eenoudergezinnen met meerderjarige kinderen in verhouding het vaakst langdurig van een minimuminkomen te moeten rondkomen (86 procent). Minimakinderen Van alle kinderen in de gemeente Hof van Twente groeien naar schatting 381 kinderen op in een huishouden met een inkomen tot 100 procent Wsm. In totaal groeien 505 kinderen op in een gezin met een huishoudinkomen tot 120 procent Wsm (7,8 procent van alle kinderen). In vergelijkbare gemeenten ligt het gemiddelde aandeel minimakinderen tot 120 procent Wsm op 8 procent; de gemeente Hof van Twente ligt daar dus iets onder. Niet alle minimahuishoudens met kinderen maken gebruik van de beschikbare gemeentelijke voorzieningen; daardoor zijn niet alle kinderen in beeld. In totaal zijn 378 kinderen in beeld die opgroeien in een minimahuishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm. De gemeente heeft daarmee 75 procent van de minimakinderen in beeld. Tabel S.2. Minimakinderen naar inkomenspercentage (cumulatief) Inkomenspercentage t.o.v. Wsm Tot 100% Wsm Tot 120% Wsm Tot 130% Wsm5 Overig Totaal
In beeld 263 4,0% 378 5,8% 6.136 6.514
94,2% 100%
Schatting 381 5,8% 505 7,8% 599 9,2% 5.915 6.514
91,8% 100%
Sommige kinderen hebben meer kans om in armoede op te groeien dan andere kinderen. Zo groeien kinderen in eenoudergezinnen en kinderen in gezinnen met een niet-westerse migratieachtergrond vaker op in een huishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm dan kinderen uit meerpersoonshuishoudens of huishoudens met een Nederlandse achtergrond. Regelingen In onderstaand figuur staat het bereik per regeling in de analyseperiode (1 april 2022 tot en met 31 maart 2023)6. Dit is het gebruik van de regeling, afgezet tegen de totale geschatte doelgroep. • Het bereik van de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen en de individuele inkomenstoeslag ligt in lijn met het gemiddelde bereik in vergelijkbare gemeenten. • Het bereik van een aantal regelingen in Hof van Twente ligt hoger dan gemiddeld: o De regeling voor schoolgaande kinderen bereikt ruim de helft van de doelgroep (54 procent). Dit ligt iets onder het gemiddelde bereik in vergelijkbare gemeenten: 30 tot 40 procent. o In totaal maakt 29 procent van de doelgroep gebruik van ondersteuning vanuit de bijzondere bijstand; een bereik van 20 tot 25 procent is gangbaar. • Tot slot heeft een aantal regelingen een lager bereik dan doorgaans gebruikelijk is: o In totaal maakt 18 procent van de huishoudens in de doelgroep gebruik van het participatiefonds (zowel beschikbaar voor volwassenen als kinderen).
Gemiddeld heeft een dergelijke participatieregeling een bereik van 30 tot 40 procent onder volwassenen en 50 tot 55 procent onder kinderen. Het bereik in Hof van Twente ligt beduidend lager. o 8 procent van de kinderen maakt gebruik van het Jeugdfonds Sport en Cultuur. In vergelijkbare gemeenten is een bereik van 30 tot 40 procent gangbaar. 5 In de gemeente Hof van Twente worden geen regelingen verstrekt tot 130 procent Wsm. De gemeente heeft
deze groep kinderen daarom ook niet in beeld. De gemeente is echter wel geïnteresseerd in de groep kinderen tussen 120 en 130 procent Wsm. Daarom is een schatting van de omvang van deze doelgroep gemaakt op basis van de Armoede Index. 6 Voor de kwijtschelding en het Jeugdfonds kijken we naar volledig kalenderjaar 2022.
5
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Figuur S.1. Bereik van minimaregelingen in 2023 7
71%70-75% 54%
51% 45-55% 30-35%
29% 20-25%
30-40%
30%
18% 8%
Kwijtschelding
Individuele inkomenstoeslag
Bijzondere bijstand
Participatiefonds
Regeling schoolgaande kinderen
Jeugdfonds Sport & Cultuur
Energietoeslag Zowel in 2022 als in 2023 heeft de gemeente Hof van Twente een energietoeslag uitgekeerd om inwoners tegemoet te komen in de hoge energiekosten. De energietoeslag is verstrekt met een inkomensgrens van 120 procent Wsm zonder vermogenstoets. In totaal hebben respectievelijk 1.232 (in 2022) en 1.314 (in 2023) huishoudens gebruikgemaakt van de energietoeslag; in beide jaren gaat het om 8 procent van alle huishoudens in de gemeente Hof van Twente. In beide jaren geldt dat circa de helft van de huishoudens die gebruikmaken van de energietoeslag al in beeld zijn als minimahuishouden bij de gemeente (omdat ze gebruikmaken van een uitkering of minimaregeling). Door de gemeentelijke ondersteuning in de vorm van de energietoeslag zijn meer huishoudens met een inkomen van 120 procent Wsm bij de gemeente in beeld gekomen; ruim 50 procent van de huishoudens die gebruik hebben gemaakt van de energietoeslag was nog niet in beeld als huishouden met een inkomen van 120 procent Wsm. Bijvoorbeeld omdat ze een vermogen hebben boven de grenzen van de Participatiewet en/of omdat ze geen gebruikmaken van gemeentelijke regelingen.
Meervoudige problematieken Een deel van de minimahuishoudens heeft ook andere ondersteuningsvragen; 37 procent heeft één of meerdere Wmo-voorzieningen, 13 procent is in beeld bij schuldhulpverlening en 12 procent van de minimagezinnen heeft een indicatie vanuit de Jeugdwet. Huishoudens in de gemeente die geen minimuminkomen hebben, maken minder vaak gebruik van een of meerdere van deze voorzieningen.
7
Naast de weergegeven regelingen biedt de gemeente Hof van Twente ook een bijdrageregeling voor chronisch zieken aan en een zwemlesregeling voor kinderen. Van deze twee regelingen kan geen doelgroep en bereik worden vastgesteld omdat het gaat om gebruik onder specifieke voorwaarden.
6
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Figuur S.2. Overlap meervoudige problematieken
Wmo-voorzieningen
37%
Schuldhulpverlening
13%
Jeugdwet
12%
7
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
1. Minimahuishoudens De gemeente Hof van Twente hanteert voor het minimabeleid een bovengrens van 120 procent van het Wettelijk sociaal minimum (Wsm). In dit hoofdstuk beschrijven we de omvang en kenmerken van de minimapopulatie.
1.1. Aantal minimahuishoudens Op basis van de voor dit onderzoek aangeleverde gegevens heeft de gemeente Hof van Twente op 1 april 2023 in totaal 700 huishoudens met een inkomen tot 120 procent Wsm in beeld. Dit is 4,5 procent van alle huishoudens in de gemeente Hof van Twente. Deze huishoudens zijn in beeld omdat ze gebruikmaken van een minimaregeling of een uitkering vanuit de Participatiewet ontvangen. Niet alle huishoudens die in aanmerking komen voor gemeentelijke ondersteuning maken hier ook daadwerkelijk gebruik van. Daarom zijn niet alle huishoudens met een minimuminkomen in beeld bij de gemeente; ze maken immers geen gebruik van een bijstandsuitkering of minimaregeling. Op basis van de Armoede index wordt het totale aantal huishoudens met een inkomen tot 120 procent Wsm en een vermogen binnen de grenzen van de Participatiewet geschat op 919 huishoudens (6,0 procent van alle huishoudens) op 1 april 2023. Bij vergelijkbare gemeenten ligt dit aandeel gemiddeld rond de 6 à 7 procent; het percentage minimahuishoudens in de gemeente Hof van Twente ligt dus in lijn met het gemiddelde. Tabel 1.1.1 Huishoudens naar inkomen in Hof van Twente Inkomenspercentage t.o.v. Wsm Tot 100% Wsm Tot 120% Wsm Tot 130% Wsm8 Overig Totaal
In beeld 533 3,4% 700 4,5% 14.875 15.575
95,5% 100%
Schatting 661 4,3% 919 6,0% 1.168 7,7% 14.407 15.575
92,3% 100%
1.2. Kenmerken minimahuishoudens in beeld De meeste regelingen in de gemeente Hof van Twente hebben een inkomensgrens van 120 procent Wsm. Daarom geven we de kenmerken weer van de 700 huishoudens met een inkomen op 120 procent Wsm die de gemeente in beeld heeft 9. In bijlage 4 worden de kenmerken van de minimahuishoudens met een inkomen tot 100 procent Wsm weergegeven. Verdeling naar inkomensbronnen Inkomensbron. De Participatiewet is voor 56 procent van de minimahuishoudens de voornaamste inkomensbron in de gemeente Hof van Twente. Het aandeel minimahuishoudens met een AOW 10uitkering (13 procent) of met een ander inkomen (31 procent) – bijvoorbeeld uit werk of een WW11uitkering – is kleiner. Gemiddeld zien we bij andere gemeenten dat 40 tot 50 procent van de minimahuishoudens een uitkering vanuit de Participatiewet ontvangt. Daarnaast heeft gemiddeld 20 tot 30 procent een AOW-uitkering, afhankelijk van het aantal ouderen in de gemeente. De inkomensverdeling onder minimahuishoudens in de gemeente Hof van Twente wijkt hier licht van af: het aandeel
8 In de gemeente Hof van Twente worden geen regelingen verstrekt tot 130 procent Wsm. De gemeente heeft
deze groep daarom ook niet in beeld. De gemeente is echter wel geïnteresseerd in de groep huishoudens tussen 120 en 130 procent Wsm. Daarom is een schatting van de omvang van deze doelgroep gemaakt op basis van de Armoede Index. 9 Deze 700 huishoudens betreffen de huishoudens die in beeld zijn als minimahuishoudens, gekoppeld zijn aan de BRP en waar om die redenen kenmerken van bekend zijn. 10 AOW = Algemene Ouderdomswet 11 WW = Werkloosheidswet
8
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
minimahuishoudens met een uitkering vanuit de Participatiewet ligt hoger, terwijl het aandeel AOWuitkeringen lager ligt dan gemiddeld. Tabel 1.2.1 Inkomensbron minima, inkomen tot 120% Wsm Inkomensbron Participatiewet AOW Ander inkomen Totaal
2023 392 56% 89 13% 219 31% 700 100%
Verdeling naar overige kenmerken In de volgende tabel staat de verdeling naar diverse kenmerken. We vergelijken de minimapopulatie met alle huishoudens in de gemeente om zo per kenmerk het aandeel minima te kunnen weergeven (in de kolom ‘Aandeel minima t.o.v. alle huish.’). Huishoudtype. Ruim de helft van de minimahuishoudens is alleenstaand (399 huishoudens, 57 procent). Het aandeel alleenstaanden ligt in Hof van Twente iets hoger dan het landelijk gemiddelde, waarin 50 tot 55 procent van de minimahuishoudens alleenstaand is. Het aandeel meerpersoonshuishoudens zonder kinderen ligt in de gemeente Hof van Twente met 11 procent daarentegen lager dan het landelijk gemiddelde (15 tot 20 procent). Een kwart van de minimahuishoudens heeft minderjarige kinderen (172 huishoudens, 25 procent). In verhouding tot het gemiddelde hebben huishoudens met kinderen in de gemeente Hof van Twente dus vaker een inkomen tot 120 procent Wsm. Achtergrond. De meeste minimahuishoudens hebben een Nederlandse achtergrond (434 huishoudens, 62 procent). 28 procent heeft een niet-westerse migratieachtergrond en 10 procent heeft een westerse migratieachtergrond. Woonplaats. De meeste minimahuishoudens wonen in Goor (59 procent). Een vijfde woont in Delden (20 procent). Tabel 1.2.3 Kenmerken minima, inkomen tot 120% Wsm Aandeel Categorie
2023
minima t.o.v. alle huish.
Huishoudtype Alleenstaand Eenoudergezin Eenoudergezin met meerderjarige kinderen Meerpersoonshuishouden zonder kinderen Meerpersoonshuishouden Meerpersoonshuishouden met meerderjarige kinderen Totaal Leeftijdscategorie Tot 27 jaar 27 tot 45 jaar 45 tot AOW-leeftijd AOW-leeftijd Totaal
399 75 29 76 97 24
57% 11% 4% 11% 14% 3%
8% 19% 8% 1% 3% 2%
700
100%
4%
46 187 331 136 700
7% 27% 47% 19% 100%
10% 6% 5% 2% 4%
* Leeswijzer: van de 700 minimahuishoudens is 57 procent (399 huishoudens) alleenstaand. Afgezet tegen alle alleenstaande huishoudens in de gemeente laat de laatste kolom zien dat 8 procent daarvan een minimuminkomen heeft.
9
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Aandeel minima t.o.v. alle huish.
Categorie Herkomst Nederlandse achtergrond Westerse migratieachtergrond Niet-westerse migratieachtergrond Totaal
434 67 199 700
62% 10% 28% 100%
3% 5% 31% 4%
Woonplaats Diepenheim Goor Markelo Delden Hengevelde Ambt Delden & Bentelo Totaal
35 415 80 136 23 11 700
5% 59% 11% 20% 3% 2% 100
3% 7% 3% 4% 3% 1% 4%
Minimahuishoudens ten opzichte van alle huishoudens: wat valt op? Kans op armoede. Eenoudergezinnen hebben vaker een minimuminkomen dan andere huishoudtypen. Van alle eenoudergezinnen met minderjarigekinderen12 (389 huishoudens) in de gemeente Hof van Twente, heeft 19 procent (75 huishoudens) een inkomen tot 120 procent Wsm. Ook huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond zijn oververtegenwoordigd in de minimapopulatie (31 procent). Figuur 1.2.1. Aandeel achtergrond minimahuishoudens t.o.v. alle huishoudens
434 van alle 13.269 huishoudens met een Nederlandse achtergrond
Nederlandse achtergrond 3%
67 van alle 1.314 huishoudens met een westerse migratieachtergrond
Westerse migratieachtergrond 5%
Niet-westerse migratieachtergrond
199 van alle 632 huishoudens met een niet-westese migratieachtergrond
31%
1.3. Langdurige minima Langdurige minima op 100 en 100-120 procent Wsm In totaal heeft 84 procent van de huishoudens met een inkomen tot 100 procent Wsm al drie jaar of langer een inkomen op bijstandsniveau (449 huishoudens).Onder huishoudens met een inkomen tussen 100 en 120 procent ligt dit aandeel aanzienlijk lager, namelijk op 41 procent (69 huishoudens). Langdurige minima tot 120 procent Wsm Als we de groep minimahuishoudens tot 120 procent Wsm als geheel bekijken, heeft 74 procent al drie jaar of langer een dergelijk inkomen (518 huishoudens). Bij veel gemeenten ligt dit aandeel rond de 70 tot 75 procent. Landelijk zien we een stijging van het aandeel langdurige minima de laatste jaren: het lijkt moeilijker te worden om uit te stromen uit de minimapopulatie.
12 Het gaat hier om huishoudens waar minderjarige kinderen wonen, en mogelijk ook meerderjarige kinderen.
Het gaat in deze bevinding niet om huishoudens met alleen meerderjarige kinderen (zie daarvoor tabel 1.2.3).
10
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Tabel 1.3.1 Langdurige minima op 100% en 120% Wsm Duur op minimuminkomen 0 tot 1 jaar 1 tot en 3 jaar 3 jaar en langer Totaal
Tot 100% Wsm 28 56 449 533
5% 11% 84% 100%
Tot 120% Wsm, totaal 58 8% 124 18% 518 74% 700 100%
100 – 120% Wsm 30 68 69 167
18% 41% 41% 100%
Kenmerken langdurige minima tot 120 procent Wsm Wanneer we inzoomen op de 518 huishoudens met een inkomen langdurig inkomen tot 120 procent Wsm, ontvangt de meerderheid een uitkering vanuit de Participatiewet (65 procent). Ten opzichte van alle minimahuishoudens hebben de minimahuishoudens met een AOW-uitkering het vaakst langdurig een minimuminkomen (90 procent). Verder bestaat de langdurige minimapopulatie voor 58 procent uit alleenstaanden en voor 23 procent uit huishoudens met minderjarige kinderen. Ten opzichte van alle minimahuishoudens blijken eenoudergezinnen met meerderjarige kinderen in verhouding het vaakst langdurig van een minimuminkomen te moeten rondkomen (86 procent). De meeste langdurige minima hebben een Nederlandse achtergrond (61 procent). Gekeken naar de leeftijdsverdeling van de langdurige minimahuishoudens valt op dat het aandeel langdurige minima onder 66-plussers hoger ligt (88 procent) dan onder de groep met een leeftijd tot en met 65 jaar (71 procent). Tot slot wonen de meeste langdurige minima in Goor (62 procent). Ten opzichte van alle minimahuishoudens wonen de meeste langdurige minima tevens in Goor (77 procent) en Delden (74 procent). Tabel 1.3.2 Kenmerken langdurige minima, inkomen tot 120% Wsm Aandeel langdurige Categorie
2023
minima t.o.v. alle minima
Inkomensbron Participatiewet AOW Ander inkomen Totaal Huishoudtype Alleenstaand Eenoudergezin Eenoudergezin met meerderjarige kinderen Meerpersoonshuishouden zonder kinderen Meerpersoonshuishouden met kinderen Meerpersoonshuishouden met meerderjarige kinderen Totaal Leeftijdscategorie Tot 27 jaar 27 tot 45 jaar 45 tot AOW-leeftijd AOW-leeftijd Totaal
11
337 80 101 518
65% 15% 20% 100%
86% 90% 46% 74%
299 49
58% 10%
75% 65%
25
5%
86%
60
11%
79%
69
13%
71%
16
3%
67%
518
100%
74%
22 125 252 119 518
4% 24% 49% 23% 100%
48% 67% 76% 88% 74%
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Herkomst Nederlandse achtergrond Westerse migratieachtergrond Niet-westerse migratieachtergrond Totaal
315 48 155 518
61% 9% 30% 100%
73% 72% 78% 74%
* Leeswijzer: van de 518 huishoudens met een langdurig laag inkomen heeft 65 procent (337 huishoudens) een bijstandsuitkering. Afgezet tegen alle huishoudens met een bijstandsuitkering laat de laatste kolom zien dat 86 procent daarvan al drie jaar of langer een minimuminkomen heeft. Onder huishoudens met een AOWuitkering is dat zelfs 90 procent. En onder alle alleenstaanden met een minimuminkomen (399 huishoudens) is 75 procent al drie jaar of langer afhankelijk van een minimuminkomen.
12
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
2. Minimakinderen tot 18 jaar In dit hoofdstuk komt het aantal kinderen tussen 0 en 18 jaar aan bod dat opgroeit in een minimahuishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm. Daarnaast besteden we aandacht aan het gebruik van voorzieningen vanuit de Jeugdwet.
2.1. De gemeente heeft 378 minimakinderen tot 18 jaar in beeld Op 1 april 2023 heeft de gemeente Hof van Twente in totaal 378 kinderen tot 18 jaar in beeld die opgroeien in een huishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm. Dat is 5,8 procent van alle kinderen (6.514 kinderen) in de gemeente Hof van Twente. Van de 378 kinderen die opgroeien in een minimahuishouden, groeien 263 kinderen op in een huishouden met een inkomen tot 100 procent Wsm (4,0 procent van alle kinderen). Dit zijn kinderen die op basis van het gebruik van regelingen en voorzieningen (in het gezin) in beeld zijn bij de gemeente. Net als bij het aantal minimahuishoudens geldt dat de gemeente Hof van Twente niet alle minimakinderen in beeld heeft. Immers: niet alle minimahuishoudens met kinderen maken gebruik van de beschikbare gemeentelijke voorzieningen. Op basis van de Armoede Index schatten we het totale aantal minimakinderen dat woont in een huishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm op 505 kinderen (7,8 procent van alle kinderen). In gemeenten van vergelijkbare grootte ligt het aandeel kinderen op circa 8 procent. Het aandeel minimakinderen in de gemeente Hof van Twente ligt net iets onder het gemiddelde aandeel kinderen dat opgroeit in een minimahuishouden. Tabel 2.1.1 Aantal kinderen in (minima)huishoudens (cumulatief) Inkomenspercentage t.o.v.
Wsm Tot 100% Wsm Tot 120% Wsm Tot 130% Wsm13 Overig Totaal
In beeld 263 4,0% 378 5,8% 6.136 6.514
94,2% 100%
Schatting 381 5,8% 505 7,8% 599 9,2% 5.915 6.514
91,8% 100%
2.2. Kenmerken minimakinderen in beeld Ook in dit hoofdstuk geven we de kenmerken weer van de 378 minimakinderen die opgroeien in een huishouden met een inkomen op 120 procent Wsm die de gemeente in beeld heeft. Verdeling naar inkomensbronnen Inkomensbron. Zes op de tien minimakinderen groeit op in een huishouden met een inkomen uit de Participatiewet als voornaamste inkomensbron (225 kinderen). Het gemiddelde percentage in vergelijkbare gemeenten ligt tussen de 50 en 55 procent; het aandeel van Hof van Twente ligt daar iets obven. De overige 40 procent van de minimakinderen groeit op in een huishouden met een andersoortige inkomensbron; bijvoorbeeld inkomen uit werk of een WW-uitkering. Tabel 2.2.1 Inkomensbron kinderen in minimahuishoudens, inkomen tot 120% Wsm Inkomensbron Participatiewet Ander inkomen Totaal
2023 225 60% 153 40% 378 100%
Verdeling naar overige kenmerken In de volgende tabel staat een aantal kenmerken van kinderen tot 18 jaar die opgroeien in een huishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm. We vergelijken de minimakinderen met alle 13 In de gemeente Hof van Twente worden geen regelingen verstrekt tot 130 procent Wsm. De gemeente
heeft deze groep kinderen daarom ook niet in beeld. De gemeente is echter wel geïnteresseerd in de groep kinderen tussen 120 en 130 procent Wsm. Daarom is een schatting van de omvang van deze doelgroep gemaakt op basis van de Armoede Index.
13
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
kinderen in de gemeente om zo per kenmerk het aandeel minimakinderen te kunnen weergeven (in de kolom ‘Aandeel minima t.o.v. alle kinderen’). Overige kenmerken. Zes op de tien minimakinderen woont in een tweeoudergezin (61 procent) de overige 38 procent woont in een eenoudergezin. Deze huishoudverdeling wijkt iets af van vergelijkbare gemeenten; gemiddeld woont de helft van de kinderen in een tweeoudergezin en de andere helft in een eenoudergezin. Verder heeft 58 procent van de minimakinderen een nietwesterse migratieachtergrond en 38 procent heeft een Nederlandse achtergrond. Tot slot woont meer dan de helft (62 procent) van de minimakinderen in Goor. Tabel 2.2.2 Kenmerken minimakinderen, inkomen tot 120% Wsm Categorie
Aandeel minima
2023
t.o.v. alle kinderen
Huishoudtype Eenoudergezin Meerpersoonshuishouden Totaal
144 234 378
38% 62% 100%
23% 4% 6%
Leeftijdscategorie Tot 4 jaar 4 tot 12 jaar 12 tot 18 jaar Totaal
66 176 136 378
17% 47% 36% 100
5% 7% 6% 6%
143 14 221
38% 4% 58%
3% 5% 44%
378
100
6%
30 236 35 66 11 378
8% 62% 9% 18% 3% 100
2% 11% 3% 5% 1% 6%
Herkomst Nederlandse achtergrond Westerse migratieachtergrond Niet-westerse migratieachtergrond Totaal Woonplaats Diepenheim & Hengevelde Goor Markelo Delden Ambt Delden & Bentelo Totaal
Minimakinderen ten opzichte van alle kinderen: wat valt op? Kans op armoede. Sommige kinderen hebben meer kans om op te groeien in armoede dan andere kinderen. In de gemeente Hof van Twente groeien kinderen in een eenoudergezin vaker op in een minimahuishouden dan kinderen uit tweeoudergezinnen (23 procent tegenover 4 procent). Figuur 2.2.1. Aandeel huishoudens minimakinderen t.o.v alle kinderen
Eenoudergezin
Tweeoudergezin 4%
144 van alle 615 kinderen in een eenoudergezin
23%
234 van alle 5.859 kinderen in een tweeoudergezin
14
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Verder groeien kinderen in huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond vaker op in een minimahuishouden dan kinderen met een andere achtergrond; bijna de helft van de kinderen met een dergelijke achtergrond woont in een minimahuishouden (44 procent). Dit aandeel ligt lager bij kinderen met een Nederlandse achtergrond, namelijk op 3 procent. Figuur 2.2.2. Aandeel achtergrond minimakinderen t.o.v. alle kinderen
Nederlandse achtergrond 3%
143 van alle 5.689 kinderen met een Nederlandse achtergrond
Westerse migratieachtergrond 5%
14 van alle 301 kinderen met een westerse migratieachtergrond
Niet-westerse migratieachtergrond
221 van alle 504 kinderen met een niet-westerse migratieachtergrond
44%
2.3. Jeugdwet Jeugdwet op kindniveau Gedurende de analyseperiode van dit onderzoek (1 april 2022 – 1 april 2023) kregen 611 kinderen (0 tot 18 jaar) in de gemeente Hof van Twente een voorziening vanuit de Jeugdwet. Dat is 10 procent van alle 6.514 kinderen in de gemeente. Er zijn 82 kinderen met een Jeugdwetvoorziening die opgroeien in een minimahuishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm. Dit betekent dat 21 procent van alle minimakinderen een voorziening vanuit de Jeugdwet krijgt. Kinderen in een minimahuishouden krijgen vaker een Jeugdwetvoorziening (21 procent) dan kinderen die in een niet-minimahuishouden opgroeien (9 procent). Tabel 2.3.1 Aantal kinderen met Jeugdwet naar huishoudinkomen Aandeel kinderen Categorie 2023 in JW t.o.v. alle kinderen Kinderen tot 120% Wsm 82 13% 21% Overige kinderen 529 87% 9% Totaal 611 100% 10% Jeugdwet op huishoudniveau De 611 kinderen die een Jeugdwetvoorziening krijgen, wonen in 523 huishoudens. Dit betekent dat in 3 procent van alle gezinnen in de gemeente Hof van Twente één of meerdere kinderen een voorziening vanuit de Jeugdwet krijgt. Onder minimahuishoudens is dat aandeel groter: in 9 procent van de minimahuishoudens met kinderen krijgen één of meerdere kinderen een Jeugdwetvoorziening. Tabel 2.3.2 Aantal huishoudens met Jeugdwet naar huishoudinkomen Categorie Huishoudens tot 120% Wsm Overige huishoudens Totaal
2023 61 462 523
12% 78% 100% 15
Aandeel huishoudens in JW t.o.v. alle huishoudens 9% 3% 3%
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Verdeling naar kenmerken Van alle minimakinderen tot 120 procent Wsm met een Jeugdwetvoorziening woont de meerderheid in een huishouden met een overig inkomen (bijvoorbeeld uit werk of een WWuitkering). De overige 45 procent woont in een huishouden met een uitkering vanuit de Participatiewet. Verder woont de meerderheid van de kinderen in een eenoudergezin (64 procent) en heeft 68 procent van de kinderen een Nederlandse achtergrond. Tabel 2.3.3 Kenmerken kinderen met indicatie Jeugdwet, inkomen tot 120% Wsm Aandeel minima
Categorie
2023
Inkomensbron Participatiewet Overig inkomen Totaal
37 45 82
45% 55% 100%
16% 29% 22%
53
64%
36%
29
36%
13%
82
100%
22%
5 47 30 82
6% 57% 37% 100%
8% 27% 22% 22%
56 2 24
68% 2% 29%
39% 14% 11%
82
100%
22%
Huishoudtype Eenoudergezin met minderjarige kinderen Meerpersoonshuishouden met minderjarige kinderen Totaal Leeftijdscategorie Tot 4 jaar 4 tot 12 jaar 12 tot 18 jaar Totaal Herkomst Nederlandse achtergrond Westerse migratieachtergrond Niet-westerse migratieachtergrond Totaal
16
t.o.v. alle kinderen
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
3. Minimaregelingen In dit hoofdstuk geven we het gebruik en bereik weer van de verschillende minimaregelingen. Het gebruik is gemeten over de analyseperiode van het onderzoek (1 april 2022 – 31 maart 2023), met uitzondering van de kwijtschelding van gemeentelijke belasting en het Jeugdfonds Sport & Cultuur waar we kijken naar een kalenderjaar 14. Tot slot brengt dit hoofdstuk ook de kenmerken van de gebruikers van de regelingen in beeld.
3.1. Gebruik en bereik van de minimaregelingen15 Het gebruik en bereik van de regelingen wordt weergegeven in tabellen 3.1.1 en 3.1.2. Het bereik van de regelingen is afgezet tegen de totale geschatte doelgroep (dus inclusief de minima die de gemeente niet in beeld heeft). Daarnaast wordt het bereik van de regeling vergeleken met het gemiddelde bereik in kleinere gemeenten (met een inwonertal tot 50.000). Regelingen voor volwassenen • Het bereik van de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen ligt in lijn met het gangbare bereik van 70 tot 75 procent. • De bijzondere bijstand ligt met een bereik van 29 procent boven het gemiddelde bereik van circa 20 tot 25 procent. • Het bereik van de individuele inkomenstoeslag 16 ligt qua bereik (51 procent) in lijn met het gemiddelde. Het gangbare bereik ligt tussen de 45 en 55 procent. • De bijzondere bijstand voor inwoners met een chronische ziekte is door 266 huishoudens benut. Voor deze regeling is geen doelgroep vast te stellen en daarmee ook geen bereik. • Via het participatiefonds kunnen zowel volwassenen als kinderen ondersteuning krijgen voor sportieve, culturele en recreatieve activiteiten. In totaal maken 170 huishoudens hiervan gebruik; een bereik van 18 procent. Gemiddeld heeft een dergelijke participatieregeling een bereik van 30 tot 40 procent onder volwassenen en 50 tot 55 procent onder kinderen.
Het bereik in Hof van Twente ligt beduidend lager. Tabel 3.1.1 Gebruik en bereik regelingen 2023 Regeling Kwijtschelding Doelgroep Gebruik Bereik
2023 661 huishoudens 471 huishoudens 71%
Bijzondere bijstand Doelgroep Gebruik Bereik
919 huishoudens 263 huishoudens 29%
Individuele inkomenstoeslag Doelgroep Gebruik Bereik
438 huishoudens 225 huishoudens 51%
14 Zowel de kwijtschelding gemeentelijke belastingen als het Jeugdfonds Sport & Cultuur wordt geregistreerd
op jaarbasis. Daarom wordt het gebruik en bereik vastgesteld over een volledig kalenderjaar: januari tot en met december 2022. Voor het volledige beeld geven we in paragraaf 3.2 ook het gebruik weer over 2023: januari tot en met april (peilmoment). 15 De cijfers over het gebruik van regelingen en voorzieningen betreffen het aantal gebruikers dat gekoppeld kon worden aan de BRP die voor dit onderzoek is aangeleverd. 16 Bijlage 5 geeft verdiepende analyses over de doelgroep van de individuele inkomenstoeslag en het gebruik van de regeling.
17
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Bijzondere bijstand voor chronisch zieken Doelgroep Gebruik Bereik
Niet te bepalen 266 huishoudens Niet te bepalen
Participatiefonds17 Doelgroep Gebruik Bereik
919 huishoudens 170 huishoudens 18%
Regelingen voor kinderen • Huishoudens met schoolgaande kinderen kunnen aanspraak maken op een regeling voor schoolkosten; 54 procent van de huishoudens met kinderen van 4 tot 17 maakt hier gebruik van. In vergelijkbare gemeenten is een bereik van 30 tot 40 procent gangbaar; de regeling bereikt in Hof van Twente tussen bovengemiddeld veel huishoudens met schoolgaande kinderen. • Kinderen kunnen tevens aanspraak maken op een zwemlesregeling. In totaal maken 38 huishoudens met kinderen hier gebruik van. De doelgroep en het bereik is voor deze regeling niet vast te stellen. • In totaal maken 41 kinderen18 gebruik van het Jeugdfonds Sport & Cultuur; 8 procent van alle kinderen in de doelgroep. Gemiddeld is een bereik van 30 tot 40 procent gangbaar. Tabel 3.1.2 Gebruik en bereik kindregelingen 2023 Regeling Regeling schoolgaande kinderen Doelgroep Gebruik Bereik
2023 189 huishoudens 101 huishoudens 54%
Regeling zwemles Doelgroep Gebruik Bereik
Niet te bepalen 38 huishoudens Niet te bepalen
Jeugdfonds Sport & Cultuur Doelgroep Gebruik19 Bereik
505 kinderen 41 kinderen 8%
Cumulatief gebruik regelingen volwassenen Gemiddeld maken minimahuishoudens (die al in beeld zijn) gebruik van 2,1 van de volgende vijf regelingen voor volwassenen: bijzondere bijstand, kwijtschelding van gemeentelijke belastingen, individuele inkomenstoeslag, het participatiefonds of de bijzondere bijstand voor chronisch zieken.
17 Het Participatiefonds is zowel beschikbaar voor volwassenen als voor kinderen. De registratie vindt plaats
op huishoudniveau. Daarom kan in de gebruikscijfers geen uitsplitsing worden gemaakt naar volwassen en kinderen. 18 Voor het Jeugdfonds Sport & Cultuur geven we het gebruik en bereik weer voor de totale gebruikers (dus ook de inwoners die niet gekoppeld konden worden op basis van het BRP) om een compleet beeld te geven. 19 Het Jeugdfonds Sport & Cultuur registreert niet op BSN en hun bestand is daarom gekoppeld aan de overige bestanden op basis van gepseudonimiseerde persoonsgegevens. Dit maakt de koppeling iets minder compleet. Om een volledig beeld te geven van het gebruik en bereik, geven we het gebruik en bereik weer voor de totale gebruikersgroep (dus ook de groep die niet gekoppeld kan worden aan de BRP). De kenmerken van de gebruikers van het Jeugdfonds worden wel weergegeven voor de gebruikers die te koppelen zijn aan de BRP.
18
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Meerpersoonshuishoudens met minder- en meerderjarige kinderen en bijstandsgerechtigden maken gemiddeld gezien van meer regelingen gebruik, zoals in onderstaande figuur te zien is. Figuur 3.1.1. Gemiddeld gebruik vijf regelingen, inkomen tot 120% Wsm Alleenstaand Eenouder gezin minderj en evt meerderj kinderen Eenouder gezin meerderj kinderen Meerpers zonder kinderen Meerpers minderj en evt meerderj kinderen Meerpers meerderj kinderen
2,0 2,0 2,4 2,0 2,8 2,0
Participatiewet AOW Overig inkomen
2,5 1,5 1,8
Tot 27 jaar 27 tot 45 jaar 45 jaar tot AOW-leeftijd AOW-leeftijd
2,0 2,2 2,3 1,6
Nederlandse achtergrond Westerse migratieachtergrond Niet-westerse migratieachtergrond
1,9 2,1 2,5
Cumulatief gebruik alle regelingen De gemeente kent acht minimaregelingen. Naast de vijf regelingen waar iedereen (mits ze voldoen aan de inkomensnormen) gebruik van kan maken, zijn drie regelingen voor kinderen: de regeling voor schoolgaande kinderen, zwemlesregeling en het Jeugdfonds Sport & Cultuur. Gemiddeld maken minimahuishoudens van 2,3 van deze acht regelingen gebruik. Meerpersoonshuishoudens met minder- en meerderjarige kinderen maken gemiddeld van meer regelingen gebruik. Dat geldt ook voor huishoudens met een uitkering vanuit de Participatiewet en huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond.
19
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Figuur 3.1.2. Gemiddeld gebruik acht regelingen, inkomen tot 120% Wsm Alleenstaande Eenoudergezin minder en evt meerderjarige… Eenouder gezin meerderj kinderen Meerpers zonder kinderen Meerpers minderj en evt meerderj kinderen Meerpers meerderj kinderen
2,0 2,7 2,5 2,0 3,6 2,0
Participatiewet AOW Overig inkomen
2,8 1,5 1,9
Tot 27 jaar 27 tot 45 jaar 45 jaar tot AOW-leeftijd AOW-leeftijd
2,7 2,5 1,7 2,3
Nederlandse achtergrond Westerse migratieachtergrond Niet-westerse migratieachtergrond
2,0 2,2 3,0
3.2. Kenmerken gebruikers per regeling Kwijtschelding gemeentelijke belastingen Huishoudens kunnen kwijtschelding aanvragen voor de afvalstoffenheffing, rioolheffing en Onroerende Zaak Belasting (OZB). De doelgroep bestaat uit huishoudens met een inkomen op of rond het voor dat huishoudtype geldende sociale minimum. In kalenderjaar 2022 hebben 471 huishoudens kwijtschelding van gemeentelijke belastingen toegekend gekregen. In de periode januari tot en met april 2023 hebben 327 huishoudens gebruikgemaakt van de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen (voorlopig cijfer, kalenderjaar nog niet voltooid). • Gebruikers van de kwijtschelding van gemeentelijke belastingen hebben veelal een uitkering vanuit de Participatiewet (63 procent); • De meerderheid van de gebruikers betreft een alleenstaand huishouden. Bijzondere bijstand Het bijzondere bijstandsbeleid van de gemeente Hof van Twente is erop gericht om mensen met een inkomen tot 120 procent Wsm die bijzondere noodzakelijke kosten hebben en deze niet zelf kunnen betalen, te ondersteunen. Bij een inkomen hoger dan 120 procent Wsm wordt draagkracht berekend.
In de periode april 2022 tot april 2023 hebben 263 huishoudens een verstrekking vanuit de bijzondere bijstand gekregen; • Huishoudens met een overig inkomen (inkomen uit werk of een WW-uitkering) maken verhoudingsgewijs vaker gebruik van de bijzondere bijstand dan huishoudens met andere inkomensbronnen; • De meerderheid van de gebruikers bestaat uit alleenstaanden (53 procent) of meerpersoonshuishoudens met kinderen (20 procent); • Huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond maken verhoudingsgewijs vaker gebruik van de bijzondere bijstand dan huishoudens met een Nederlandse of westerse migratieachtergrond. Individuele inkomenstoeslag De individuele inkomenstoeslag is bedoeld als inkomensondersteuning voor mensen die langdurig afhankelijk zijn van een minimuminkomen. In de gemeente Hof van Twente behoort iedereen tussen de 21 jaar en pensioengerechtigde leeftijd, die gedurende drie jaar een inkomen heeft tot 120 procent Wsm, tot de doelgroep. Verder geldt als voorwaarde voor toekenning dat er in de
20
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
afgelopen drie jaar geen mogelijkheden waren voor inkomensverbetering. Er hebben 225 huishoudens gebruikgemaakt van de individuele inkomenstoeslag in de periode april 2022 tot april 2023: • Acht op de tien gebruikers van de individuele inkomenstoeslag ontvangt een uitkering vanuit de Participatiewet; • Meerpersoonshuishoudens met kinderen maken verhoudingsgewijs vaker gebruik van de individuele inkomenstoeslag dan andere huishoudtypen; • De meeste gebruikers van de individuele inkomenstoeslag hebben een niet-westerse migratieachtergrond (44 procent) of een Nederlandse achtergrond (47 procent). Bijzondere bijstand voor chronisch zieken Inwoners met een chronische ziekte of handicap kunnen via de bijzondere bijstand aanspraak maken op een vergoeding van het wettelijke verplichte eigen risico van de zorgverzekering. De vergoeding bedraagt maximaal € 385 per kalenderjaar. In april 2022 tot april 2023 hebben 266 huishoudens gebruikgemaakt van een vergoeding voor een chronische ziekte of handicap vanuit de bijzondere bijstand: • De meerderheid van de gebruikers ontvangt een uitkering vanuit de Participatiewet als voornaamste inkomensbron; • De meeste gebruikers vormen een alleenstaand huishouden; • De meeste gebruikers hebben een Nederlandse achtergrond.
Participatiefonds sport, cultuur en recreatie De gemeente biedt het participatiefonds aan om financiële ondersteuning te geven voor sportieve, culturele en recreatieve activiteiten. Zowel volwassenen als thuiswonende kinderen tot 18 jaar kunnen aanspraak maken op het participatiefonds met een budget van € 150 per persoon op jaarbasis. Daarnaast kunnen huishoudens gebruikmaken van een gratis bibliotheekabonnement. In de periode april 2022 tot april 2023 hebben 170 huishoudens gebruikgemaakt van het Participatiefonds: • Huishoudens met een overig inkomen (inkomen uit werk of een WW-uitkering) maken vaker gebruik van het Participatiefonds dan huishoudens met een uitkering (AOW of Participatiewet); • De meeste gebruikers vormen een alleenstaand huishouden of een meerpersoonshuishouden met kinderen; • Huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond maken verhoudingsgewijs het vaakst gebruik van het Participatiefonds. Regeling schoolgaande kinderen Vanuit de bijzondere bijstand wordt een regeling voor schoolgaande kinderen aangeboden. Kinderen op de basisschool (4 tot en met 11 jaar) en het voortgezet onderwijs (12 tot en met 17 jaar) kunnen aanspraak maken op een vergoeding voor schoolkosten en reiskosten 20. Voor kinderen van 4 tot en met 11 jaar is een vergoeding van € 150 per kind per schooljaar beschikbaar.
Voor kinderen van 12 tot en met 17 jaar geldt een budget van € 300 per kind per schooljaar. In totaal hebben 91 huishoudens met kinderen in de betreffende leeftijdscategorieën gebruikgemaakt van de regeling voor schoolgaande kinderen. • Huishoudens met een uitkering vanuit de Participatiewet maken vaker gebruik van de regeling voor schoolgaande kinderen dan huishoudens met een andere inkomensbron; • Meerpersoonshuishoudens maken vaker aanspraak op de regeling voor schoolgaande kinderen dan eenoudergezinnen; • Huishoudens met een niet-westerse migratieachtergrond maken vaker gebruik van de regeling dan huishoudens met een andere achtergrond.
20 Schoolgaande kinderen kunnen daarnaast aanspraak maken op een vergoeding voor een pc/laptop, maar
dit behoort tot de algemene bijzondere bijstand. Het gebruik en bereik van deze kostensoort wordt onder daarom onder de regeling ‘bijzondere bijstand’ weergegeven.
21
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Regeling zwemles Vanuit de bijzondere bijstand is ook een vergoeding mogelijk voor het behalen van zwemdiploma A en B. In totaal hebben 38 huishoudens met kinderen hier gebruik van gemaakt. • Gebruikers van de regeling betreffen veelal gezinnen met een uitkering vanuit de Participatiewet (74 procent); • De vergoeding is het vaakst verstrekt aan meerpersoonshuishoudens met kinderen; • De meeste gezinnen die gebruikmaken van de vergoeding voor zwemlessen hebben een niet-westerse migratieachtergrond (76 procent). Jeugdfonds Sport & Cultuur Het Jeugdfonds Sport & Cultuur ondersteunt kinderen van 4 tot en met 17 jaar in hun sportieve en culturele activiteiten. De maximale vergoeding voor sport bedraagt € 225 per kind. Voor culturele activiteiten is een maximale vergoeding van € 425 beschikbaar per kind. In 2022 hebben 41 kinderen een verstrekking gekregen van het Jeugdfonds Sport & Cultuur. Op basis van de aangeleverde registratiebestanden staat het voorlopige gebruik voor 2023 (januari tot april) op 45 kinderen. • De meeste gebruikers van het Jeugdfonds Sport & Cultuur groeien op in een huishouden met een uitkering vanuit de Participatiewet.
• Kinderen uit eenoudergezinnen maken vaker gebruik van het Jeugdfonds Sport & Cultuur dan kinderen uit meerpersoonshuishoudens; • De meeste kinderen die gebruikmaken van het Jeugdfonds Sport & Cultuur hebben een niet-westerse migratieachtergrond.
22
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
4. Energietoeslag Als gevolg van het hoge prijspeil van gas en elektriciteit heeft het Rijk in 2022 de energietoeslag geïntroduceerd; gemeenten hebben deze regeling uitgevoerd. Dit hoofdstuk brengt de gebruikersaantallen en de kenmerken van de gebruikers in beeld over 2022 en 2023. Inkomensgrens In de gemeente Hof van Twente konden inwoners aanspraak maken op de energietoeslag als hun inkomen niet hoger was dan 120 procent Wsm. Er werd geen vermogenstoets gedaan; ook huishoudens met een vermogen hoger dan is toegestaan in de Participatiewet konden gebruikmaken van deze regeling. In 2022 is de energietoeslag uitgekeerd in twee betalingen van in totaal € 1.300 per huishouden. In 2023 konden inwoners opnieuw aanspraak maken op de energietoeslag. Het ging opnieuw om een bedrag van € 1.300 dat in één betaling aan inwoners is verstrekt (in plaats van twee betalingen, zoals in 2022). Gebruik energietoeslag en de geschatte minimadoelgroep De doelgroep voor de energietoeslag wijkt af van de andere regelingen in de zin dat er geen vermogenstoets wordt gedaan. Doordat er bij de energietoeslag geen vermogensgrens is uitgevoerd, heeft een grotere groep huishoudens de energietoeslag kunnen aanvragen (1.232 huishoudens in 2022).
Vandaar dat er meer huishoudens gebruik hebben gemaakt van de energietoeslag dan er, volgens de schatting, minimahuishoudens 120 procent Wsm zouden zijn (919 huishoudens).
4.1. Energietoeslag 2022 & 2023 In 2022 hebben 1.232 huishoudens gebruikgemaakt van de energietoeslag; dit is 8 procent van alle huishoudens in de gemeente Hof van Twente. Van deze 1.232 huishoudens is 47 procent (581 huishoudens) in beeld als minimahuishouden; van hen is bekend dat ze een inkomen hebben tot 120 procent Wsm en een vermogen hebben dat past binnen de grenzen van de Participatiewet. De overige 53 procent heeft ook een inkomen tot 120 procent Wsm. Het vermogen van deze huishoudens is echter onbekend; mogelijk ligt dit boven de grenzen van de Participatiewet. In ieder geval is het zo dat deze 651 huishoudens van geen enkele andere minimaregeling gebruikmaken en hierdoor niet (eerder) in beeld zijn gekomen als minimahuishouden. Oftewel: door de gemeentelijke ondersteuning van de energietoeslag zijn meer huishoudens met een inkomen op 120 procent Wsm in beeld gekomen. Ten opzichte van 2022 is het gebruik van de energietoeslag toegenomen van 1.232 huishoudens naar 1.314 huishoudens in 2023. Dit betekent dat in 2023 8 procent van alle huishoudens in de gemeente Hof van Twente gebruik heeft gemaakt van de energietoeslag. Hiervan zijn 594 huishoudens al als minimahuishouden met een inkomen tot 120 procent Wsm in beeld bij de gemeente en 55 procent (720 huishoudens) is nog niet (eerder) als minimahuishouden in beeld gekomen.
Tabel 4.1.1 Inkomensverdeling gebruikers energietoeslag 2022 & 2023 Energietoeslag Tot 100% Wsm, in beeld Tot 120% Wsm, in beeld Subtotaal Overige huishoudens Totaal
Aandeel t.o.v. alle huishoudens
2022
2023
Aandeel t.o.v. alle huishoudens
477
39%
89%
478
37%
91%
104
8%
62%
80
8%
64%
581
47%
77%
594
45%
85%
651
53%
4%
720
55%
5%
1.232
100%
8%
1.314
100%
8%
23
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Minimahuishoudens met energietoeslag Het aandeel minimahuishoudens met een inkomen tot 100 procent dat gebruikmaakt van de energietoeslag ligt rond de 90 procent. Onder minimahuishoudens met een inkomen tussen 100 en 120 procent Wsm ligt het aandeel gebruikers lager; rond de 60 procent. De minimahuishoudens (die al bij de gemeente in beeld zijn via een uitkering of minimaregeling) én gebruikmaken van de energietoeslag, hebben veelal een uitkering vanuit de Participatiewet als voornaamste inkomensbron. Verder zijn ze veelal alleenstaand en hebben ze een Nederlandse achtergrond. Tabel 4.1.2 Kenmerken minimahuishoudens tot 120% Wsm met energietoeslag Categorie Inkomensbron Participatiewet AOW Overig Totaal
2022
2023
347 79 155 581
60% 13% 27% 100%
355 80 159 594
60% 13% 27% 100%
334 60
58% 10%
340 62
57% 10%
29
5%
29
5%
62
11%
64
11%
77
13%
80
14%
19
3%
19
3%
581
100%
594
100%
Leeftijdscategorie Tot 27 jaar 27 tot 45 jaar 45 tot AOW-leeftijd AOW-leeftijd Totaal
21 147 293 120 581
4% 25% 50% 21% 100%
25 152 296 121 594
4% 26% 50% 20% 100%
Herkomst Nederlandse achtergrond Westerse migratieachtergrond Niet-westerse migratieachtergrond Totaal
370 57 154 581
64% 10% 26% 100%
376 57 161 594
63% 10% 27% 100%
Woonplaats Diepenheim Goor Markelo Delden Hengevelde, Ambt Delden & Bentelo Totaal
26 348 60 121 26 581
5% 60% 10% 21% 4% 100%
27 355 61 123 28 581
5% 60% 10% 21% 4% 100%
Huishoudtype Alleenstaand Eenoudergezin met minder- en meerderjarige kinderen Eenoudergezin met meerderjarige kinderen Meerpersoonshuishouden zonder kinderen Meerpersoonshuishouden met minderen meerderjarige kinderen Meerpersoonshuishouden met meerderjarige kinderen Totaal
24
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
5. Wmo en Schuldhulpverlening In dit hoofdstuk komt het gebruik van Wmo-voorzieningen en schuldhulpverlening onder minimahuishoudens aan bod. Het gebruik van de voorzieningen is gemeten op huishoudniveau over de analyseperiode van het onderzoek: 1 april 2022 tot 31 maart 2023.
5.1. Ruim een derde van de minimahuishoudens maakt gebruik van de Wmo In de gemeente Hof van Twente maken 2.493 huishoudens gebruik van een Wmo-voorziening in de periode april 2022 – april 2023; dat komt neer op 16 procent van alle huishoudens in de gemeente. Van deze 2.493 huishoudens hebben 257 huishoudens een inkomen tot 120 procent Wsm. Dit houdt in dat van alle minimahuishoudens (700 huishoudens) ruim een derde óók een Wmo-voorziening heeft. Bij andere gemeenten is een gemiddelde van 20 tot 25 procent gangbaar. Het aandeel minima met een zorgvraag in de gemeente Hof van Twente is dus wat hoger dan gemiddeld; mogelijk wordt dit verklaard doordat het aandeel AOW-gerechtigden ook iets hoger ligt dan gemiddeld in Nederland. Gemiddeld maken minimahuishoudens vaker gebruik van een Wmovoorziening dan huishoudens met een inkomen hoger dan 120 procent Wsm; 15 procent van de huishoudens met een hoger inkomen maakt gebruik van een Wmo-voorziening. Van de minimahuishoudens met een Wmo-voorziening ontvangt 45 procent een uitkering vanuit de Participatiewet. Verder is het grootste deel alleenstaand (79 procent), tussen de 45 en 65 jaar (42 procent) en van Nederlandse achtergrond (75 procent). Tabel 5.1.1 Inkomensverdeling Wmo-gebruikers Wmo Tot 120% Wsm Overige huishoudens Totaal
2023 257 2.236 2.493
10% 90% 100%
Aandeel Wmo t.o.v. alle huishoudens 37% 15% 16%
Tabel 5.1.2 Kenmerken minimahuishoudens tot 120% met Wmo Categorie Inkomensbron Participatiewet AOW Overig Totaal
2023 115 62 80 257
45% 24% 31% 100%
Huishoudtype Alleenstaand Eenoudergezin Meerpersoonshuishouden zonder kinderen Meerpersoonshuishouden met kinderen Totaal
182 18 32 25 257
71% 7% 12% 10% 100%
Leeftijdscategorie Tot 27 jaar 27 tot 45 jaar 45 tot AOW-leeftijd AOW-leeftijd Totaal
14 46 110 87 257
5% 18% 43% 34% 100%
Herkomst Nederlandse achtergrond Westerse migratieachtergrond Niet-westerse migratieachtergrond Totaal
188 26 43 257
3% 10% 17% 100%
25
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Uitsplitsing naar type voorziening Huishoudens met een Wmo-voorziening maken veelal gebruik van hulp bij het huishouden (45 procent) of collectief vervoer (23 procent). Verder maakt een tiende gebruik van een parkeerplaats of parkeerkaart voor gehandicapten (10 procent). Minimahuishoudens maken eveneens veelal gebruik van hulp bij het huishouden (44 procent). In verhouding tot alle huishoudens, maken ze vaker gebruik van begeleiding (21 procent) en iets minder vaak van een collectieve vervoersvoorziening (13 procent). Tabel 5.1.3 Uitsplitsing naar type Wmo-voorziening Type voorziening Collectief vervoer Rolstoel Begeleiding Vervoersvoorziening Woonvoorziening Gehandicapten parkeerplaats/parkeerkaart Hulp bij het huishouden Dagbesteding AV Was Totaal
Alle huishoudens 574 23% 45 2% 169 7% 92 4% 74 3%
Minimahuishoudens 33 13% 3 1% 53 21% 12 5% 6 2%
254
10%
15
6%
1120 122 43 2.493
45% 5% 2% 100%
112 18 5 257
44% 7% 2% 100%
5.2. Eén op de tien minimahuishoudens heeft ook schuldhulpverlening In de periode april 2022 tot en met 31 maart 2023 ontvingen 186 huishoudens een vorm van schuldhulpverlening via de Stadsbank in de gemeente Hof van Twente. Van deze 186 huishoudens is 48 procent (90 huishoudens) in beeld bij de gemeente als minimahuishouden. De 90 gebruikers van de schuldhulpverlening die de gemeente Hof van Twente al in beeld heeft, vormen 12,9 procent van de doelgroep tot 120 procent Wsm die de gemeente al kent. De overige 87 procent van de minimadoelgroep heeft dus geen gebruikgemaakt van (een vorm van) schuldhulpverlening via de Stadsbank. Tabel 5.2.1 Inkomensverdeling SHV-gebruikers Schuldhulpverlening
2022 – 2023
Tot 120% Wsm Overige huishoudens Totaal
90 96 186
48% 52% 100%
Aandeel SDV t.o.v. alle huish. 12,9% 0,6% 1,2%
Op de volgende pagina staan de kenmerken van minimahuishoudens die gebruikmaken van schuldhulpverlening via de Stadsbank.
26
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Kenmerken minimahuishoudens met SHV De 90 minimahuishoudens die gebruikmaken van schuldhulpverlening hebben veelal een uitkering vanuit de Participatiewet (53 procent). Verder is het grootste aandeel alleenstaand (52 procent), tussen de 45 en 65 jaar (54 procent) en van Nederlandse achtergrond (83 procent). Tabel 5.2.2 Kenmerken minimahuishoudens tot 120% Wsm met SHV Categorie Inkomensbron Participatiewet AOW Overig inkomen Totaal
2023 48 10 32 90
53% 11% 36% 100%
Huishoudtype Alleenstaand Eenoudergezin Meerpersoonshuishouden Totaal
47 19 24 90
52% 22% 26% 100%
Leeftijdscategorie Tot 45 jaar 45 tot AOW-leeftijd AOW-leeftijd Totaal
29 49 12 90
33% 54% 13% 100%
Herkomst Nederlandse achtergrond Migratieachtergrond Totaal
75 15 90
83% 17% 100%
27
Gemeente Hof van Twente
Versie 1.1
Bijlage 1. Methodiek Armoedemonitor Bij dit onderzoek is gebruik gemaakt van registratiegegevens van de verschillende lokale en landelijke regelingen die de gemeente uitvoert. Daarbij gaat het om de volgende voorzieningen: Participatiewet, minimaregelingen en kwijtschelding gemeentelijke belastingen. Alle brongegevens zijn via encryptie versleuteld aangeleverd zodat ze niet te herleiden zijn tot individuele natuurlijke personen. Onderstaand beschrijven we de wijze waarop het onderzoeksbestand is aangemaakt. Stap 1 In de eerste bewerkingsstap wordt de informatie uit de genoemde registratiebronnen aan het actuele BRP-bestand (dat ook is versleuteld) gekoppeld. Op deze wijze wordt inzichtelijk welke personen gebruik maken of gebruik hebben gemaakt van welke voorziening. Stap 2 In stap 2 wordt aan de hand van de BRP een analysebestand op huishoudniveau gemaakt. We onderscheiden 4 huishoudtypes: alleenstaanden, eenoudergezinnen, meerpersoonshuishoudens met kinderen en meerpersoonshuishoudens zonder kinderen. De operationele definities van deze begrippen treft u verderop in deze verantwoording aan. Stap 3 Het feitelijke gebruik van voorzieningen in het jaar voorafgaand aan het peilmoment van de BRP wordt op huishoudniveau vastgesteld. Indien één persoon binnen het huishouden gebruik heeft gemaakt van een bepaalde voorziening, wordt dit toegerekend naar het hele huishouden.