CConstaterende datHofvantwente
Koppel je AI →
Document · PDF

5c SWB Voorlopige jaarstukken 2024.pdf

Gemeenteraad 24 juni 2025, gemeente HofvantwenteBij agendapunt: 10: Ontwerpbegrotingen gemeenschappelijke regelingen 202611.834 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Concept Jaarstukken 2024 dd. 27 juni 2025

Inhoudsopgave 1. Jaarverslag 2024 .................................................................................................................................................. 3 1.1

De organisatie ............................................................................................................................................. 3

1.2

Verslag van het bestuur ............................................................................................................................. 5

1.3

Verslag van de directeur ............................................................................................................................ 6

1.4

Algemeen ..................................................................................................................................................... 7

1.5

Financiële positie ........................................................................................................................................ 7

1.6

Personeelsbeleid ........................................................................................................................................ 7

1.7

Toekomstverwachting ................................................................................................................................ 8

1.8

Weerstandsvermogen & risicobeheersing ............................................................................................... 8

1.9

Onderhoud kapitaalgoederen .................................................................................................................... 9

1.10

Financiering ................................................................................................................................................. 9

1.11

Verbonden partijen ..................................................................................................................................... 9

1.12

Bedrijfsvoering .......................................................................................................................................... 10

2. Jaarrekening 2024.............................................................................................................................................. 12 2.1

Balans per 31 december ...................................................................................................................... 13

2.2

Overzicht van baten en lasten ............................................................................................................. 15

2.3

Grondslagen voor waardering en resultaat ....................................................................................... 16

2.4

Toelichting op de balans ..................................................................................................................... 20

2.5

Toelichting op de baten en lasten ...................................................................................................... 29

2.6

Wet Normering Topinkomens (WNT) .................................................................................................. 34

2.7

Bijlage taakvelden ................................................................................................................................ 36

2.8

Rechtmatigheidsverantwoording ....................................................................................................... 37

3.

Overige gegevens ......................................................................................................................................... 39

3.1

Controleverklaring .................................................................................................................................... 39

2

1. Jaarverslag 2024 1.1 De organisatie Het Sociaal Werkvoorziening Bedrijf Midden Twente is op 1 januari 1970 opgericht als Openbaar Lichaam middels een gemeenschappelijke regeling ter uitvoering van de voormalige Wet sociale werkvoorziening (Wsw). Na goedkeuring in de gemeenteraden van Borne, Hof van Twente en Hengelo is deze regeling per 14 december 2007 gewijzigd. Daarbij werd het doel verbreed tot “het begeleiden van mensen met een tijdelijke afstand tot de arbeidsmarkt naar een duurzame en zo regulier mogelijke baan passend bij hun talenten, waar nodig binnen de eigen organisatie”. De naam werd gewijzigd in “Sociaal Werk-leerbedrijf Midden Twente”. In december 2016 werd de regeling opnieuw aangepast en werden de doelstellingen verder verbreed met uitvoeringstaken in het kader van “beheer en onderhoud van de openbare ruimte”. Het dagelijks bestuur heeft toen reeds aangegeven de behoefte te voelen om de GR-tekst in 2017 inhoudelijk aan te passen aan de nieuwe constellatie van de organisatie. De taken beheer en onderhoud openbare ruimte worden vanaf 1 januari 2017 door het Openbaar Lichaam uitgevoerd onder de merknaam Gildebor.

Per 1 mei 2018 is de GR tekst derhalve aangepast, zo is onder andere uitvoering van Nieuw Beschut ondergebracht in artikel 3, de zittingsperiode van de adviseurs is gewijzigd, de financiële gevolgen voor toe- of uittreding is meer beschreven en het proces tot wijziging van de regeling is aangepast. De regeling wordt sindsdien aangehaald als ‘Regeling SWB Midden Twente’. Per 1 januari 2020 trad de Wnra in werking. Door de Wet normalisering rechtspositie ambtenaren (Wnra) vallen ambtenaren niet langer onder een publiekrechtelijke rechtspositieregeling, maar krijgen zij te maken met het burgerlijk recht, bestaande uit het Burgerlijk Wetboek en een op het privaatrecht gebaseerde cao, al dan niet voorzien van aanvullende regelingen. De VNG heeft een werkgeversvereniging opgericht, zijnde ‘Werkgeversvereniging Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties’, met als doel om in een aparte cao dezelfde arbeidsvoorwaarden vast te stellen als in de Cao Gemeenten. Het lid van de werkgeversvereniging niet zijnde een gemeente, heeft een directe binding met de Cao Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (Cao SGO). De regeling is gewijzigd, zodat SWB Midden Twente lid kon worden van deze organisatie. In 2024 is opnieuw de tekst van de regeling aangepast.

Aanleiding hiervoor was de inwerkingtreding per 1 juli 2022 van de wet “Versterken van de democratische legitimatie van gemeenschappelijke regelingen”. De gewijzigde gemeenschappelijke regeling is na ontwerpbesluit aan de raden van de deelnemende gemeenten voorgelegd voor de zienswijze-procedure en hierop zijn geen zienswijzen ingediend. Deze gewijzigde regeling zal per 1 april 2025 van kracht worden. De naam voor het Openbaar Lichaam (SWB Midden Twente) is daarbij ongewijzigd gebleven. SWB Midden Twente voert vanaf 2017 tevens de handelsnamen SWB en Gildebor. De organisatie

Algemeen Bestuur (AB) Dhr. G.G. Gerrits Mevr. J. Freriksen Dhr. M. Geerdink Dhr. M.J. Velten Dhr. A. Lammers Mevr. H.A.M. Nauta-van Moorsel Dhr. E. Scheperman

Dagelijks Bestuur (DB) Dhr. G.G. Gerrits Dhr. M.J. Velten

Hengelo Hengelo Borne Borne Borne Hof van Twente

Lid - voorzitter Lid Lid Lid Lid Lid

Geheel 2024 Tot 8 nov. 2024 Geheel 2024 Tot 1 april 2024 Vanaf 1 april 2024 Geheel 2024

Hof van Twente

Lid

Geheel 2024

Hengelo Borne

Lid - voorzitter Lid

Geheel 2024 Tot 1 april 2024 3

Dhr. A. Lammers Mevr. H.A.M. Nauta-van Moorsel Advies AB/DB Dhr. J.L. de Vries Dhr. A.C. Blokhuis Dhr. G.B.J. Raanhuis Mevr. J.H. ter Hofte-Visser Dhr. R.J.M. Monninkhoff Mevr. L. te Winkel

Transitiedirectie Dhr. G.B.J. Raanhuis Dhr. R.J.M. Monninkhoff

Centraal Management Team Mevr. J.H. ter Hofte-Visser Mevr. L. te Winkel Dhr. M. Goedhart Dhr. R. Bönhke Mevr. I.B. Visschedijk

Borne Hof van Twente

Lid Lid

Vanaf 1 april 2024 Geheel 2024

Adviseur AB/DB Adviseur AB/DB Secretaris AB/DB Secretaris AB/DB Controller Controller

Werknemerszijde Werkgeverszijde Adviserende stem Adviserende stem Vervanger secretaris Vervanger secretaris

Geheel 2024 Geheel 2024 Tot 1 sept. 2024 Vanaf 1 sept. 2024 Tot 1 sept. 2024 Vanaf 1 sept. 2024

Algemeen Directeur Directeur

Directeur Manager Bedrijfsvoering Manager BOR Manager Arbeidsontwikkeling Manager Beschut Werk

Tot 1 september 2024 Tot 1 september 2024

Voorzitter CMT

Vanaf 1 sept. 2024 Vanaf 1 sept. 2024 Geheel 2024 Geheel 2024 Geheel 2024

4

1.2 Verslag van het bestuur

Alhoewel in 2024 in de wereld om ons heen net als in 2023 veel gebeurde, stond voor SWB Midden Twente 2024 in het teken van organisatorische vernieuwing. De transitiedirectie bestaande uit Hans Raanhuis en Robert Monninkhoff heeft op basis van het in 2023 opgestelde Strategisch Plan een plan gemaakt voor een hernieuwde inrichting van de organisatie. Belangrijke pijlers van deze doorontwikkeling hebben betrekking op de inrichting van de organisatie langs de lijnen van de drie hoofdprocessen van de organisatie: arbeidsontwikkeling, beschut werk en beheer openbare ruime. Daarnaast is ingezet op de vorming van een Centraal Management Team (CMT) van de organisatie, een professionaliseringsslag binnen Gildebor en versterking van de afdelingen HR en Marketing & Communicatie. In het kader van de genoemde vorming van het CMT heeft in 2024 de werving plaatsgevonden van de nieuwe directeur en manager bedrijfsvoering/controller ter vervanging van de transitiedirectie. Wij zijn verheugd dat we Linda te Winkel en Jessica ter Hofte als respectievelijk manager bedrijfsvoering en directeur hebben kunnen aantrekken. Wij hebben er alle vertrouwen in dat zij samen met de andere leden van het CMT de organisatie naar de volgende fase zullen leiden. Voor het jaar 2024 werd een licht negatief financieel resultaat verwacht.

Wij zijn blij te kunnen melden dat dit een goed positief resultaat is geworden. Daarbij moet worden vermeld dat dit positieve resultaat grotendeels kan worden verklaard door een aanzienlijk aantal incidentele meevallers waaronder de extra middelen die het Rijk in 2024 beschikbaar heeft gesteld (als onderdeel van een totale impuls voor de periode tot 2034) ten behoeve van de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven. Deze extra middelen zullen in 2025 in lijn met de bedoeling van deze middelen besteed worden, waarbij de nadruk ligt op verduurzaming en toekomstbestendige huisvesting. Met het positieve resultaat 2024 is ook het eigen vermogen verder versterkt. Dat biedt een goed uitgangspunt en een belangrijke randvoorwaarde om de toekomst mee in te gaan. De verwachting is dat er nog de nodige financiële uitdagingen op ons pad komen de komende jaren, de begroting 2025 sluit vooralsnog met een negatief resultaat, en een gezonde financiële basis maakt het mogelijk om de benodigde transformaties te maken. Gedurende de doorontwikkeling is het werk doorgegaan, en is een start gemaakt met verdere professionalisering van onze primaire processen. Dat verdient een groot compliment aan alle medewerkers, die in turbulente tijden met veel personele wisselingen ervoor gezorgd hebben dat de klus geklaard werd.

2025 gaan we dan ook vol optimisme in, en richten we onze blik weer meer naar buiten om vol trots te laten zien wie we zijn, en welk belangrijk werk we doen.

Gerard Gerrits Voorzitter Algemeen Bestuur

5

1.3 Verslag van de directeur

Medio 2024 is er een wisseling geweest van het gehele directieteam. De eerste helft van 2024, onder verantwoordelijkheid van de transitie-directie, heeft implementatie van de eerste fase van de doorontwikkeling plaatsgevonden en de planvorming van de tweede fase welke per 1 januari 2025 is geëffectueerd. Daarmee is de noodzakelijke organisatorische basis gelegd voor het verder uitvoeren van het Strategisch Plan Samen Werk Maken van Werk 2023-2027. In 2025 zal voor het onderdeel bedrijfsvoering nog een plan gemaakt worden. Als nieuw CMT hebben wij de tweede helft van 2024 benut om naast het inwerken de in gang gezette zaken voort te zetten maar ons tegelijkertijd ook een beeld te vormen over welke stappen in 2025 e.v. gezet dienen te worden om onze opdracht op goede en innovatieve wijze ook naar de toekomst toe te kunnen blijven uitvoeren. Zo zijn de voorbereidingen getroffen voor een huisvestingsonderzoek in combinatie met de duurzaamheidsopgave voor onze organisatie. Dit moet in 2025 een aantal scenario's opleveren op basis waarvan ten aanzien van deze opgaves keuzes gemaakt kunnen worden. Ook is in het najaar de Monitor Duurzame Inzetbaarheid uitgezet onder de medewerkers. Dit heeft belangrijke informatie opgeleverd hoe we in ons personeelsbeleid in kunnen zetten op duurzame inzetbaarheid van onze medewerkers en hoe we het werkplezier kunnen bevorderen.

Begin 2025 moet dit leiden tot een plan van aanpak. Dit vormt samen met onze strategische personeelsplanning de basis voor ons personeelsbeleid. In het najaar heeft ons ook het formele verzoek bereikt van de gemeenten Oldenzaal en Losser om te onderzoeken of wij vanaf 2026 invulling kunnen geven aan het beschut werk voor deze gemeenten. De andere partij die in deze is benaderd is onze collega DCW uit Enschede. Met DCW zijn we gezamenlijk tot de conclusie gekomen dat het het onderzoeken waard is, of we samen aan deze vraag invulling zouden kunnen geven en daarmee ook een impuls kunnen geven aan regionale samenwerking. In de eerste maanden van 2025 moet dit tot een conclusie leiden of we deze opdracht al dan niet in gezamenlijkheid kunnen vervullen. Tot slot hebben we in het najaar een plan gemaakt voor de besteding van de extra financiële middelen die via het Rijk naar ons zijn gekomen ten behoeve van het realiseren van een toekomstbestendige infrastructuur voor de werkontwikkelbedrijven. Omdat het nieuws over de middelen 2024 pas in de loop van het jaar bekend werd, lukte het niet deze middelen ook reeds in 2024 te besteden. Derhalve is eind 2024 een bestemmingsreserve gevormd om deze middelen conform onze voorstellen in 2025 daadwerkelijk te gaan besteden. Over de middelen van 2025 e.v. wordt in de meicirculaire 2025 meer duidelijkheid verwacht.

De transitiedirectie heeft in 2024 en de jaren ervoor een basis gelegd voor de toekomst. Nu is het aan ons deze basis verder in te vullen en toekomstbestendig te maken. Wij kijken er naar uit.

Jessica ter Hofte Directeur

6

1.4 Algemeen SWB Midden Twente geeft invulling aan drie kerntaken, namelijk arbeidsontwikkeling, beschut werk en beheer openbare ruimte. De organisatie heeft zich bewezen als een gerespecteerde uitvoerder van deze kerntaken. De afgelopen jaren hebben wij stappen gezet om ons te ontwikkelen naar een modern werkontwikkelbedrijf: een springplank om werkzoekenden bij reguliere werkgevers te plaatsen, maar ook een vangnet als dat niet haalbaar is. Wij bieden passend en duurzaam werk én de mogelijkheid voor mensen om zich te ontwikkelen; dit kan zowel intern als extern bij werkgevers. Wij willen de inclusieve arbeidsmarkt versterken. In 2023 is een strategisch plan ontwikkeld voor de periode 2023 - 2027: Samen Werk maken van Werk. Dit plan is vastgesteld door het algemeen bestuur en gedeeld met de gemeenteraden van de deelnemende gemeenten. Binnen de GR zijn de gemeenten regievoerder en nemen SWB en Gildebor de uitvoering ter hand. Op deze wijze ontstaat een ‘zakelijke relatie in het publieke domein’, met een eenduidige taakverdeling tussen alle betrokken partijen en een optimalisering van de geconsolideerde financiële resultaten ‘in de keten’. Hierbij is het de expliciete bedoeling om deze ketensamenwerking verder te optimaliseren binnen de sub regio Midden Twente, en waar het kan ook op Twentse schaal.

1.5 Financiële positie In 2024 heeft de GR haar beleid gebaseerd op de uitgangspunten van het Strategisch plan 2023-2027. Om de financiële continuïteit van SWB Midden Twente te kunnen borgen, zijn de komende jaren continu beleidsaanpassingen en slimme maatregelen nodig. De pijlers waarop dit beleid gebaseerd is, zijn: • • • • • • •

De basis op orde houden en verder optimaliseren De efficiency van dienstverlening verbeteren Een aanpassing van het verdienvermogen, met name vanwege de afname van het aantal SWmedewerkers Margeverbetering bij Gildebor, door kostenoptimalisatie (inkoop derden, tractie en overhead en personeelskosten) en indexatie van de omzet Ketenoptimalisatie met de partners en samenwerking met het bedrijfsleven, (semi)publieke organisaties en de Twentse collega SW-organisaties Verder professionaliseren van de interne organisatie en bedrijfsvoering Kwaliteitsverbetering op drie gebieden: arbeidsontwikkeling, personeelsbeleid en marketing.

Ultimo 2024 kunnen we concluderen dat we veel hebben bereikt in 2024. Financieel gezien hebben we duidelijk beter dan de begroting gepresteerd, maar voor de komende jaren ligt er wel een opgave. We zullen de pijlers opnieuw moeten vaststellen om ook voor de komende jaren een financieel gezonde basis te leggen en te houden. We gaan nieuwe doelgroepen aanboren, ons netwerk verbreden en de kosten beperken om financieel gezond te blijven. De continuïteit is niet in gevaar omdat de vermogenspositie van SWB Midden Twente ruim voldoende is om deze ontwikkelingen op te kunnen vangen. 1.6 Personeelsbeleid In 2024 bewoog het ziekteverzuim van de WSW-populatie rond de 15,5%, Nieuw Beschut rond de 10,0 % en ambtelijk rond de 6,6%. Voor 2025 zetten we duurzame inzetbaarheid als speerpunt neer en in dat kader hebben we een subsidie aangevraagd; de toekenning daarvan wordt op een later moment vastgesteld. Hiervoor is onder meer de Monitor Duurzame Inzetbaarheid uitgevoerd. Dit geeft ons belangrijke informatie over hoe we de duurzame inzetbaarheid van onze medewerkers kunnen bevorderen. Een plan van aanpak zal begin 2025 gereed zijn voor uitvoering. Voor de organisatie is gedegen strategisch personeelsbeleid essentieel. In 2024 is de kwantitatieve analyse gemaakt over de uitstroom die we de komende jaren kunnen verwachten als gevolg van pensionering.

De kwalitatieve analyse volgt begin 2025 zodat we daarmee de informatie in handen hebben om onze strategie te bepalen. 7

1.7 Toekomstverwachting Op dit moment is het nog vrij onzeker wat de financiële vooruitzichten voor 2026 en verder zullen zijn. Bij de meicirculaire 2025 kunnen we meer en concrete informatie verwachten over de extra financiële middelen die de komende jaren voor de werkontwikkelbedrijven ter beschikking zullen komen. Samen met onze gemeenten zullen we een plan maken voor een zodanige besteding van deze middelen dat deze bijdragen aan een toekomstbestendige infrastructuur van ons bedrijf, mede in het licht van een dalende instroom enerzijds en een complexere doelgroep anderzijds. Daarnaast spelen ook regionale ontwikkelingen een rol, zoals de mogelijkheid om al dna niet samen met DCW het beschut werk voor de gemeenten Oldenzaal en Losser op te pakken. Regionale samenwerking met de werkontwikkelbedrijven in Twente is wat ons betreft ook een kans van betekenis. Ook de landelijke politieke ontwikkelingen blijven een factor van betekenis. Gezien al deze ontwikkelingen is het zaak om enerzijds koersvast te zijn, maar ook de ogen niet te sluiten voor de ontwikkelingen om ons heen; dit vraagt van ons om in scenario's te blijven denken. 1.8 Weerstandsvermogen & risicobeheersing Eind 2024 is een actuele risicoanalyse uitgevoerd en is de weerstandscapaciteit bepaald op 4,3 miljoen €.

Het weerstandsvermogen is vervolgens door middel van een Algemeen Bestuursbesluit bepaald op een bandbreedte ter hoogte van 40 – 70% van deze weerstandscapaciteit. Op balansdatum 31 december 2024 lag de feitelijke eigen vermogen positie hier nog ruim boven. Ook voor de komende jaren verwachten wij hier geen risico’s. Hieronder volgt een aantal kengetallen die van toepassing zijn. SWB MiddenTwente begroot geen balans, derhalve is een aantal kengetallen niet van toepassing.

BBV kengetallen 1. 2. 3. 4. 5. 6.

Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Solvabiliteitsratio Grondexploitatie Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit

Werkelijk 2023 3,30% n.v.t. 48% n.v.t. -0,20% n.v.t.

Herziene Begroting Werkelijk 2024 2024 n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. 1,87% n.v.t.

0,21% n.v.t. 58% n.v.t. 2,33% n.v.t.

De netto schuldquote is lager dan vorig jaar. Een lagere schuldquote betekent een lagere schuldenlast ten opzichte van de eigen middelen. De verandering ten opzichte van vorig jaar wordt onder andere veroorzaakt door een aanzienlijk lagere stand van de vaste schulden en de netto vlottende schulden. Daarnaast zijn de uitzettingen met een rente typische looptijd < 1 jaar hoger dan vorig jaar. De solvabiliteitsratio is hoger dan vorig jaar door een fors hoger eigen vermogen vanwege het goede resultaat en hogere dotaties aan de bestemmingsreserves. De structurele exploitatieruimte is beter dan vorig jaar door een fors hoger gerealiseerd saldo van de baten ten opzichte van een iets hoger gerealiseerd saldo van de lasten. De current ratio is ultimo 2024 beter dan het jaar daarvoor, namelijk 1,09 ten opzichte van 0,79 en is daarmee voldoende voor een gezonde financiële positie. De rentabiliteit op het eigen vermogen is uitgekomen op 17,03% en dat is fors beter dan in 2023 (1,34%) en wordt veroorzaakt door het positieve resultaat. Ook de rentabiliteit totaal vermogen is hierdoor hoger dan vorig boekjaar, 9,22% ten opzichte van 0,76%. Beide zijn hierdoor als prima aan te merken, daarbij in acht nemend dat SWB geen winstoogmerk heeft.

8

1.9 Onderhoud kapitaalgoederen SWB MiddenTwente liet in het verleden periodiek een onderhoudsinspectie uitvoeren door een gespecialiseerd extern bureau en op basis daarvan werd een onderhoudsvoorziening in de balans opgenomen. De laatste voorziening werd in 2007 gevormd en in 2010 is de laatste termijn van deze voorziening gebruikt. In 2010 heeft het bestuur van SWB besloten om geen (nieuwe) voorziening meer te vormen voor de toekomst. SWB houdt een facilitair jaarplan bij waar alle geplande onderhoudswerkzaamheden in worden opgenomen. Calamiteiten en defecten zijn hierin niet opgenomen maar worden met goedkeuring van het CMT uitgevoerd of opgenomen in het volgend jaarplan. 1.10 Financiering SWB MiddenTwente voert – gelet op haar publiekrechtelijke taak – een risicomijdend treasury beleid. Binnen dit beleid vindt de financiering plaats middels een portfolio aan instrumenten. Daarbij zijn minimalisatie van risico en optimalisatie van kosten de uitgangspunten. De daarvoor beschikbare instrumenten (leningen, kasgeld, rekening courant krediet, etc.) worden door de controller voorgesteld aan de directeur en het bestuur. Dit gebeurt op basis van het meerjarenplan, het jaarlijkse bedrijfsplan en de begrotingen. Op basis van het treasurystatuut en de “uitvoeringsregeling Financiering decentrale overheden” wordt een kasgeldlimiet vastgesteld.

Deze bedroeg 3.025 k€ (zijnde 8,2% van de begrote bedrijfslasten à 36.893 k€). Deze kasgeldlimiet werd gedurende het jaar niet overschreden. Het renterisico is nihil, zowel de opgenomen gelden als de rentepercentages zijn dit boekjaar niet gewijzigd. 1.11 Verbonden partijen Sinds 19 september 2017 is door SWB Midden Twente de Stichting SWB Beschut opgericht. De stichting heeft ten doel, namens SWB Midden Twente, het aangaan en in stand houden van arbeidsovereenkomsten met werknemers als bedoeld in artikel 10b van de participatiewet (Nieuw Beschut). Dit zijn werknemers woonachtig in Hengelo, Borne, Hof van Twente of Haaksbergen. De stichting is daarmee een verbonden partij voor SWB Midden Twente. De cliënten nieuw beschut zijn aan de infrastructuur van SWB toegevoegd en worden begeleid door werkcoaches van SWB. Hiervoor factureert SWB een begeleidingsvergoeding aan de stichting SWB Beschut. De stichting ontvangt van de gemeente waar de deelnemer woonachtig is, loonkostensubsidie, begeleidingsvergoeding en tot en met boekjaar 2020 een creatie- en continueringsbonus nieuw beschut voor iedere geplaatste deelnemer ter compensatie van de totale loonkosten. Zonder deze bonus is de businesscase Nieuw Beschut vanaf 2021 niet meer sluitend. Tot op heden hebben de gemeenten dit tekort aangevuld.

Omdat dit een landelijk probleem is, wordt hier ook op landelijk niveau het gesprek over gevoerd. SWB Midden Twente is gelieerd aan de Stichting Werken in MiddenTwente (SWIMT). Deze stichting heeft ten doel “het aangaan en in stand houden van arbeidsovereenkomsten met personen met afstand tot de arbeidsmarkt en al hetgeen dat hier verband mee houdt”. De financiering vindt plaats door rechtstreekse bijdragen door de gemeenten Hengelo, Borne en Hof van Twente. SWB MiddenTwente loopt dus geen direct risico. De enige dienstverbanden die nog in deze stichting worden aangehouden zijn die van de medewerkers die onder CAO Welzijn vallen en bij de wijkcentra worden ingezet. Financiering hiervan vindt plaats vanuit de gemeente Hengelo, aflopende dienstverbanden worden niet verlengd zodat dit een aflopend aantal is; ultimo 2024 zijn er nog vijf dienstverbanden. Sinds 1 oktober 2016 is door de gemeente Haaksbergen de Stichting WSW Haaksbergen opgericht, hierin zijn mensen met een WSW-dienstverband geplaatst vanuit de gemeente Haaksbergen. Haaksbergen heeft ervoor gekozen om per die datum met de uitvoering van de WSW uit de Hameland groep te treden en deze gemeentelijke taak te laten uitvoeren door SWB op basis van een dienstverleningsovereenkomst. De betreffende SW’ers zijn aan de infrastructuur van SWB toegevoegd, waarvoor SWB een inleenvergoeding betaalt aan de gemeente Haaksbergen.

SWB voert op haar beurt de HR taken en administratieve taken uit, waarvoor zij een vergoeding ontvangt van de gemeente Haaksbergen. De stichting WSW Haaksbergen is voor SWB daarmee geen verbonden – maar wel een gelieerde partij.

9

1.12 Bedrijfsvoering Organisatiestructuur De organisatiestructuur zag er ultimo 2024 als volgt uit:

Onrechtmatigheden en of onduidelijkheden In deze paragraaf bedrijfsvoering wordt een toelichting gegeven op de geconstateerde individuele afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan € 100.000,-. In paragraaf 2.8. wordt de rechtmatigheidsverklaring door het dagelijks bestuur beschreven.

Krinkels

€ 679.878,-

Sight Landscaping heeft bij de aanbesteding in 2020 perceel 2 gewonnen. Gildebor heeft een deel van de opdracht (Hasseler Es) in de zomer van 2023 weggehaald bij Sight vanwege de geleverde kwaliteit. Sight heeft zelf aangegeven het andere deel van de opdracht (Slangenbeek) niet meer te kunnen uitvoeren en daarom geen verlenging van de opdracht voor 2024 aan te willen gaan. De vrijgevallen werkzaamheden zijn vervolgens belegd bij Krinkels. Op basis van de aanbesteding in 2020 had Krinkels deze aanvullende opdracht echter niet mogen krijgen. We hadden een wachtkamerovereenkomst kunnen sluiten met de nummer 2 van de toenmalige aanbesteding (Ter Riele), hierover is destijds contact geweest met Ter Riele maar zij hebben aangegeven de opdracht er niet bij te kunnen nemen op dat moment. In de leidraad hadden we opgenomen dat een partij maximaal 2 percelen gegund kan krijgen, Krinkels had perceel 3 en 7 al gekregen en heeft nu dus voor een korte periode een deel van perceel 2 erbij gekregen. Om dergelijke fouten in de toekomst te voorkomen worden, daar waar mogelijk, bij de nieuwe aanbestedingen wachtkamerovereenkomsten gesloten. Tevens wordt binnen de organisatie het inkoopproces nader beschreven en verantwoordelijkheden aan functionarissen toegewezen. Op die wijze wordt duidelijk wie waarvoor aan de lat

10

staat en kan tijdig advies ingewonnen worden over het volgen van de juiste procedures, zonder afbreuk te doen aan de uitvoering van onze verplichtingen (met name op het gebied van Beheer Openbare Ruimte).

Plafondbedrag Incl. max. 10% overschrijding Besteding Onrechtmatig

€ 3.800.000,€ 4.180.000,€ 4.859.878,€ 679.878,-

11

2. Jaarrekening 2024

12

2.1 Balans per 31 december

Omschrijving ACTIVA

x € 1.000 2024

2023

7.403

6.543

Financiële vaste activa ■ Kapitaalverstrekkingen aan deelnemingen ■ Leningen aan deelnemingen ■ Overige langlopende leningen

0 0 75

0 0 141

Totaal Financiële vaste activa

75

141

7.478

6.684

122 48 24 194

118 47 20 185

Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar ■ Vorderingen op openbare lichamen ■ Uitzettingen in 's Rijks schatkist ■ Overige vorderingen

1.697 624 1.268

1.118 786 1.097

Totaal Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar

3.589

3.001

Liquide middelen

232

248

Overlopende activa

229

74

Totaal vlottende activa

4.244

3.508

Totaal generaal

11.722

10.192

Vaste activa Materiële vaste activa ■ Investeringen met een economisch nut

Totaal vaste activa Vlottende activa Voorraden ■ Grond en hulpstoffen ■ Onderhanden werk ■ Gereed product Totaal voorraden

13

2024

2023

Eigen vermogen ■ Algemene reserve ■ Bestemmingsreserves ■ Gerealiseerde resultaat

3.294 2.499 997

3.227 1.627 67

Totaal eigen vermogen

6.790

4.921

Voorzieningen ■ Voorzieningen

706

339

Vaste schulden met een rentetypische looptijd > 1 jaar ■ Binnenlandse banken en overige financiële instellingen

333

500

Totaal vaste passiva

7.829

5.760

Netto vlottende schulden ■ Rekening courant verhoudingen ■ Overige schulden

237 1.832

172 2.319

Totaal netto vlottende schulden

2.069

2.491

Overlopende passiva

1.824

1.941

Totaal vlottende passiva

3.893

4.432

Totaal generaal

11.722

10.192

PASSIVA Vaste Passiva

Vlottende passiva

14

2.2 Overzicht van baten en lasten

Programmarekening in 1.000 € Arbeids-

Herziene

SWB

Gildebor

ontwikkeling

Boekjaar

begroting

Begroting

Boekjaar

Realisatie

Realisatie

Realisatie

2024

2024

2024

2023

Omzet Inkoop variabele kosten

5.899 228

19.699 5.250

1.883 95

27.481 5.573

27.309 5.619

25.781 5.831

25.395 5.455

Netto Toegevoegde waarde

5.671

14.449

1.788

21.908

21.690

19.950

19.940

Direct variabel personeel

104

81

0

185

185

350

433

5.567

14.368

1.788

21.723

21.505

19.600

19.507

Rijksbijdrage (incl. LPO)

18.829

18.830

16.891

18.469

Bijdrage verbetering infrastructuur Gemeentelijke bijdrage

718 363 19.910

718 363 19.911

0 363 17.254

0 363 18.832

Som der opbrengsten

41.633

41.416

36.854

38.339

Lonen en salarissen WSW

14.023

13.997

13.843

14.016

Sociale lasten WSW

3.708

3.706

3.505

3.659

-23 503

-28 529

-40 20

-27 30

Productieresultaat

Ontvangen WAO voor WSW Inleen Wsw derden en ASL Overige kosten WSW

919

908

768

762

Personeelkosten WSW

19.130

19.112

18.096

18.440

Personeelskosten professionals Afschrijvingen Dotatie voorzieningen

14.463 1.232 521

14.514 1.233 522

13.515 1.242 40

13.864 1.099 227

Overige bedrijfskosten

4.548

4.520

4.000

4.851

Som der bedrijfslasten

39.894

39.901

36.893

38.481

Bedrijfsresultaat

1.739

1.515

-39

-142

Incidentele baten en lasten

53

35

-500

1

Rentebaten en lasten

77

82

-85

52

Subtotaal algemene dekkingsmiddelen

77

82

-85

52

1.869

1.632

-624

-89

Toevoeging/onttrekking aan de reserves

872

872

-233

-156

Resultaat na bestemming

997

760

-391

67

1.121

1.155

-417

821

Resultaat voor bestemming

Subsidieresultaat

15

2.3 Grondslagen voor waardering en resultaat Inleiding De jaarrekening is opgemaakt met inachtneming van de voorschriften die het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten daarvoor geeft. Algemene grondslagen voor het opstellen van de jaarrekening De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij het desbetreffende balanshoofd anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden. De baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Baten en winsten worden slechts genomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico's die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. Dividendopbrengsten van deelnemingen worden als baten genomen op het moment waarop het dividend betaalbaar gesteld wordt. Personeelslasten worden in principe toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Als gevolg van het formele verbod op het opnemen van voorzieningen c.q.

schulden uit hoofde van jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van vergelijkbaar volume, worden sommige personele lasten echter toegerekend aan de periode waarin uitbetaling plaatsvindt; daarbij moet worden gedacht aan componenten zoals ziektekostenpremie ten behoeve van gepensioneerden, overlopende vakantiegeld- en verlofaanspraken en dergelijke. Voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen van een jaarlijks vergelijkbaar volume wordt geen voorziening getroffen of op andere wijze een verplichting opgenomen. De referentieperiode is dezelfde als die van de meerjarenraming, te weten vier jaar. Indien er sprake is van (eenmalige) schokeffecten (bijvoorbeeld reorganisaties) dient wel een verplichting opgenomen te worden. Balans Vaste activa ■

Materiële vaste activa De waardering van de materiële vaste activa is gebaseerd op de verkrijging- of vervaardigingprijs, verminderd met de afschrijvingen. Bij de waardering van de materiële vaste activa wordt rekening gehouden met een vermindering van hun waarde indien deze naar verwachting duurzaam is. In het begrotingsjaar heeft een dergelijke waardevermindering niet plaatsgevonden. Op grond wordt niet afgeschreven. Voor het overige vindt afschrijving plaats op basis van de historische aanschafprijs volgens een consistent stelsel dat is gebaseerd op de economische levensduur. Er wordt afgeschreven volgens een lineaire methode vanaf het moment van ingebruikname van het actief. De volgende afschrijvingspercentages worden conform de financiële verordening Gemeenschappelijke Regeling Sociaal Werkvoorzieningsbedrijf Midden Twente gehanteerd: Maximaal 40 jaar voor nieuwbouw bedrijfsgebouwen, maximaal 25 jaar voor renovatie, restauratie en aankoop van bedrijfsgebouwen, maximaal 15 jaar voor technische installaties in bedrijfsgebouwen, maximaal 10 jaar voor productiemachines en/of apparatuur, veiligheidsvoorzieningen, telefooninstallaties en kantoormeubilair, maximaal 7 jaar voor zware transportmiddelen, aanhangwagens, personenauto’s en lichte motorvoertuigen en maximaal 5 jaar voor automatiseringsapparatuur.

Geen van de onder de materiële vaste activa verantwoorde geactiveerde kapitaaluitgaven zijn in erfpacht uitgegeven.

16

■

Financiële vaste activa Het betreft een in een lening omgezette (ver)koopsom voor ons schildersbedrijf; deze wordt gewaardeerd op basis van de nominale waarde.

Vlottende activa ■

Voorraden De grond- en hulpstoffen worden gewaardeerd tegen standaard verrekenprijzen, gebaseerd op de gemiddelde betaalde inkoopprijs c.q. lagere marktwaarde. Het onderhanden werk wordt gewaardeerd tegen de vervaardigingprijs. De vervaardigingprijs omvat de verrekenprijzen van de grond- en hulpstoffen, de loon- en machinekosten en de overige kosten die rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. De gerede producten worden gewaardeerd tegen de verkoopprijs. De fabricagekostprijs bestaat uit de verrekenprijzen van grond- en hulpstoffen, de loon- en machinekosten en overige kosten die aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. Incourante voorraden zijn afgewaardeerd tot marktwaarde.

■

Uitzettingen (< 1 jaar) en overlopende activa De uitzettingen worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Voor de verwachte oninbaarheid van uitzettingen (met name vorderingen) is een voorziening getroffen. De voorziening wordt als volgt bepaald: vorderingen die meer dan 122 dagen vervallen zijn worden volledig voorzien, vervolgens wordt op basis van geschatte inningskansen een eventuele verdere afwaardering van individuele vorderingen doorgevoerd.

■

Liquide middelen De liquide middelen worden tegen nominale waarde opgenomen en omvatten bank- en kassaldi.

Eigen vermogen ■

Algemene reserve De algemene reserve dient als algehele buffer om toekomstige tegenvallers te kunnen opvangen.

■

Bestemmingsreserves en kapitaalegalisatiereserves Onder bestemmingsreserve en kapitaalegalisatiereserve wordt verstaan een reserve waaraan door het bestuur een bepaalde bestemming is gegeven.

■

Gerealiseerde resultaat Het gerealiseerde resultaat is het resterende resultaat na reeds bestemde mutaties in de reserves.

Voorzieningen Voorzieningen worden gewaardeerd op het nominale bedrag van de betrokken verplichting c.q. het voorzienbare verlies. Vaste schulden De vaste schulden worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Vlottende passiva De vlottende passiva worden gewaardeerd tegen de nominale waarde. Binnen SWB is slechts sprake van één programma. De algemene dekkingsmiddelen bestaan uit de niet aan de programma’s toe te rekenen baten zoals de rijksbijdrage en de gemeentelijke bijdrage.

17

■

Netto-omzet Netto-omzet is de opbrengst van aan derden geleverde goederen en diensten, exclusief de over de omzet geheven belastingen en onder aftrek van kortingen.

■

Grond- en hulpstoffenverbruik en kosten van derden en uitbesteed werk De kosten van grond- en hulpstoffen verbruik en uitbesteed werk aan derden worden berekend op basis van standaard verrekenprijzen. Resultaten op deze posten worden in het jaar verantwoord.

■

Rijksbijdrage (via de gemeenten) Dit betreft de subsidie voor de uitvoering van de voormalige Wet sociale werkvoorziening, die de gemeenten van het Rijk ontvangen in het kader van de Participatiewet. De gemeenten sluizen de van toepassing zijnde bedragen door naar SWB Midden Twente. Per 1 januari 2008 ontvangen de gemeenten deze bedragen en verantwoordt SWB Midden Twente jegens de gemeenten.

■

Gemeentelijke bijdrage De gemeentelijke bijdrage omvat de in de gemeenschappelijke regeling of anderszins overeengekomen bijdrage in het exploitatieresultaat.

■

Overige bedrijfsopbrengsten De overige bedrijfsopbrengsten omvatten de resultaten uit verhuur van onroerend goed, dienstverlening aan derden, de inkomsten uit re-integratieactiviteiten en overige opbrengsten.

■

Lonen en salarissen Wsw en ambtelijk Hierop worden de loon- en salariskosten van de Wsw medewerkers respectievelijk de salariskosten van het ambtelijk personeel verantwoord. Onder loon- en salariskosten wordt verstaan het brutobedrag van de aan het boekjaar toe te rekenen lonen c.q. salarissen, vermeerderd met de uitbetaalde vakantiegeldrechten.

■

Sociale lasten De sociale lasten betreffen de ter zake van de werknemersverzekeringen verschuldigde werkgeverslasten, alsmede het werkgeversaandeel in de pensioenvoorziening. Dit betreft tevens de aan het boekjaar toe te rekenen (ontvangen) WAO-gelden.

■

Afschrijvingen Dit betreft de afschrijvingskosten van de vaste activa. De afschrijvingstermijn bedraagt maximaal de economische levensduur.

■

Overige bedrijfskosten De overige bedrijfskosten worden berekend op basis van historische kosten.

■

Rente De rentebaten betreffen onder meer de opbrengsten uit uitzettingen. De rentelasten bestaan in elk geval uit de rentelast van de vaste schulden en rekening courantrente bij debetsaldi.

■

Vennootschapsbelasting Overheidsondernemingen, waaronder ook de GR SWB Midden Twente, zijn sinds 1 januari 2016 belastingplichtig voor de vennootschapsbelasting (vpb). Er is een aantal redenen waarom wij in deze jaarrekening geen vpb effect hebben opgenomen. Wij zijn van mening dat de activiteiten SW en arbeidsontwikkeling niet voldoen aan de ondernemingscriteria en SWB voor dit deel dus geen onderneming in fiscale zin is. De activiteiten beheer openbare ruimte (Gildebor) voor de deelnemende gemeenten zijn enkel onbelast en objectief vrijgestelde activiteiten. Sinds 2018 verrichten wij echter ook activiteiten in de openbare ruimte voor andere gemeenten dan de deelnemende gemeenten, deze activiteiten zijn vpb plichtig echter na toerekening van alle directe en indirecte kosten verlieslatend. Derhalve hebben wij wel aangifte vpb voor deze activiteiten gedaan, echter zal hier geen financiële last uit voortkomen.

18

Algemene grondslagen voor de Rechtmatigheidsverantwoording De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: ■

De rechtmatigheidsverantwoording toeziet op de financiële rechtmatigheid van baten, lasten, balansmutaties, alsmede de baten en lasten inzake de specifieke uitkeringen op grond van art. 17 Financiële-verhoudingswet;

■

De financiële rechtmatigheid waaronder het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: ▪ ▪

▪

■

Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het ‘Normenkader 2024’ zoals op 20 december 2024 door het algemeen bestuur is vastgesteld; Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn. Voor over- en onderschrijdingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het algemeen bestuur zijn gemeld; Ten aanzien van het M&O criterium: omdat alleen bij misbruik sprake is van een onrechtmatigheid zijn eventuele gevallen van misbruik (mits cumulatief met andere fouten of onduidelijkheden boven de verantwoordingsgrens) opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording.

De rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2024 van de Commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat: ▪ ▪

Een verantwoordingsgrens van 3% (zijnde € 1.396 k€) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; Een rapporteringstolerantie van € 100.000 is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen.

19

2.4 Toelichting op de balans

x €1.000 Materiele vaste activa

2024

2023

685 0 0 0 -1 684

686 0 0 0 -1 685

1441 4 -59 59 -187 1258

1575 63 0 0 -197 1441

861 370 -78 75 -200 1028

873 175 -32 32 -187 861

213 80 -85 84 -38 254

189 59 0 0 -35 213

Grond en terreinen Boekwaarde per 1 januari Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Gebouwen Boekwaarde per 1 januari Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Installaties aan gebouwen, machines en ICT Boekwaarde per 1 januari Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Inventaris Boekwaarde per 1 januari Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde per 31 december

20

Vervoersmiddelen en werkmaterieel

3.343 1.735 -330 237 -806 4.179

2753 1.281 -75 63 -679 3.343

6.543 2.189 -552 455 -1.232 7.403

6.076 1.578 -107 95 -1.099 6.543

Boekwaarde per 1 januari

Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde per 31 december Totaal Boekwaarde per 1 januari

Investeringen Desinvesteringen Afschrijvingen Desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde per 31 december

De investeringen in 2024 betroffen voornamelijk investeringen in tractie en werkmaterieel. Dit is ter vervanging van oud reeds afgeschreven tractie en materieel welke net zoals in de jaren hiervoor via een aantal online veilingen is verkocht. Hierdoor is wederom een ruime boekwinst van 146 k€ gerealiseerd (173 k€ opbrengst minus 27 k€ boekwaarde), maar zijn wij nog steeds met een inhaalslag bezig in het op peil krijgen en verduurzamen van het wagenpark en werkmaterieel. Daarnaast is er wederom veel geïnvesteerd in onderhoud aan diverse panden, diverse energiebesparende maatregelen en nieuw kantoormeubilair. Dit zal de komende jaren nog doorlopen, waarbij ook een deel van de reeds toegezegde extra middelen vanuit het rijk voor de verbetering van de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven, zal worden ingezet.

x € 1.000 Financiele vaste activa

2024

2023

Overige leningen saldo 1 januari verstrekking aflossingen korting op de lening saldo per 31 december

141 0 -66 0 75

293 0 -112 -40 141

Overige leningen De post overige leningen betreft (in het verleden) aan personeel verstrekte (hypothecaire) leningen (e.e.a. conform de regeling van de gemeente Hengelo), welke dit jaar volledig is afgelost tot nihil. Verder heeft SWB Midden Twente in 2020 haar schildersbedrijf verkocht aan Belderink Midden Twente, waarbij de onderhanden werkpositie van de schilders contracten zijn omgezet in een lening ter hoogte van 403 k€. Hiervoor is een lening overeenkomst opgesteld met een aflossingsschema welke loopt van mei 2021 tot en met januari 2026. Omdat Belderink mede door de coronapandemie de kostprijs van haar werkzaamheden fors zag stijgen, waardoor het de marge op de overgenomen contracten bijna volledig zag verdampen, is in overleg besloten een korting op de lening te geven van 40 k€. Deze korting is door ons als incidentele last geboekt in de jaarrekening 2023. Het saldo van de lening staat ultimo 2024 na aflossing op 75 k€. 21

Vlottende activa

2024

2023

Voorraden Grondstoffen Onderhanden werk Gereed product Totaal:

122 48 24 194

118 47 20 185

Vorderingen op openbare lichamen Uitzettingen in 's Rijks schatkist

1.697 624

1.118 786

Debiteuren Voorziening dubieuze debiteuren (derden) Rekening Courant WSW Haaksbergen Rekening Courant stichting SWB Beschut Overige vorderingen

1.160 -42 53 97 1.268

973 -20 0 144 1.097

Uitzettingen met een rentetypische looptijd < 1 jaar

Het saldo handelsdebiteuren ultimo 2024 bedroeg 8,1% van de omzet (29 dagen), tegenover 6,5% (24 dagen) ultimo 2023. Voor de berekening van de omloopsnelheid debiteuren hebben wij de vordering BCF buiten beschouwing gelaten. Liquide middelen (x € 1.000)

2024

2023

Kassen Banken Totaal

2 230 232

3 245 248

SWB heeft bij BNG Bank een kredietlimiet van € 1.000.000, en een intra-dag limiet van € 4.000.000. Bij het aangaan van de rekening courant met kredietlimiet zijn geen zekerheden verstrekt aan BNG Bank. In het kader van Schatkistbankieren heeft SWB een drempelbedrag van 1 mln. € welke mag worden aangehouden als werkkapitaal. Door de BNG Bank wordt dagelijks het saldo boven de 250 k€ afgeroomd en op de werkrekening Schatkistbankieren gestort. Het saldo liquide middelen bestaat uit het kassaldo, de rekening courant BNG Bank en twee rekeningencouranten bij de ABN-AMRO-bank. Een lopende rekening bij de ABN-AMRO-bank wordt gebruikt voor de afhandeling van kasgeldtransacties en een geblokkeerde rekening wordt gebruikt door klanten die in het kader van hun certificering een deel van de factuur op een G-rekening dienen te storten. SWB kan niet vrij beschikken over dit saldo, deblokkering van deze rekening kan alleen door het indienen van een schriftelijk verzoek bij de belastingdienst. Indien aan alle betalingsverplichting jegens hen is voldaan, zal de belastingdienst het aangevraagde saldo deblokkeren en wordt dit overgeboekt naar de lopende rekening bij de BNG Bank. Wij zijn dan ook van mening dat het geblokkeerde saldo niet hoeft te worden meegenomen bij de berekening van het drempelbedrag.

Ultimo 2024 was het saldo op deze G-rekening 13 k€, daartegenover staat een gemiddeld saldo in 2024 bij de ABN-AMRO van 10 k€, deze moet wel worden meegenomen bij de vaststelling van het drempelbedrag. Dagelijks wordt het saldo van de BNG-rekening van SWB en SWIMT afgeroomd tot het drempelbedrag. Het gemiddelde saldo van SWIMT was in 2024 65 k€. Dit bedrag mag feitelijk buiten het Schatkistbankieren gehouden worden, omdat dit een rechtspersoon is die niet onder de verplichtingen van Schatkistbankieren vallen, maar wel samen met de rekening van SWB als geconsolideerde bankrekening wordt beschouwd door BNG Bank. Hierdoor is het risico dat SWB boven het drempelbedrag uitkomt minimaal.

22

Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren x € 1.000 Kwartaal 1

Drempelbedrag Kwartaalcijfers op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen Ruimte onder het drempelbedrag Overschrijding van het drempelbedrag -

Kwartaal 2

Kwartaal 3

Kwartaal 4

1.000

1.000

1.000

1.000

200

195

194

167

800

805 -

806 -

833 -

Per 1 juli 2021 is artikel 7 lid 2 van de Regeling Schatkistbankieren decentrale overheden aangepast en is de ondergrens van 250 k€ opgehoogd naar 1 mln. €. Omdat de BNG Bank een te betalen creditrente berekende over een saldo boven de 500 k€ hebben wij in overleg met de BNG Bank besloten het drempelbedrag op 250 k€ te laten staan. Inmiddels ontvangen wij op de schatkistrekening een hogere rente dan op de lopende rekening bij de BNG Bank, daarom laten wij het drempelbedrag onverkort staan op 250 k€. x €1.000 Overlopende activa

2024

2023

Nog te ontvangen bedragen Vooruitbetaalde bedragen Overige overlopende activa

3 42 184

32 25 17

Totaal overlopende activa

229

74

De nog te ontvangen bedragen bestaan uit terug te ontvangen bedragen van Renewi en CWS, voornamelijk bestemd voor de kinderboerderij. De vooruitbetaalde bedragen bestaat uit een factuur van Calibris met kosten voor schooljaar 2024-2025 voor Helpende Handen Hengelo en de afrekening van de Gemeente Hengelo voor de ICT-dienstverlening in 2024. De overige overlopende activa bestaat uit aan werknemers uitbetaalde fietsen in het kader van het fietsplan welke de komende maanden op het salaris worden ingehouden en de deblokkering van de G-rekening van 74k€, welke wij aan de belastingdienst hebben overgemaakt en nog terug moeten ontvangen op de BNG rekening. Verder worden verkoopfacturen met factuurdatum 2025 en kosten 2024 in Afas transitorisch geboekt. Op deze wijze komen de opbrengsten in het juiste boekjaar maar ontstaat wel een transitorische post op de balans ultimo boekjaar.

x € 1.000 Eigen vermogen

2024

2023

Algemene reserve Bestemmingsreserve vakantiedagen Bestemmingsreserve vakantiegeld Bestemmingsreserve doorontwikkeling organisatie Bestemmingsreserve infrastructuur sociaal ontwikkelbedrijven Bestemmingsreserve opleidingen Kapitaalegalisatiereserve infrastructuur sociaal ontwikkelbedrijven Kapitaalegalisatiereserve arbeidsomstandigheden beschut Gerealiseerde resultaat Totaal

3.294 635 630 213 328 93 390 210 997 6.790

3.227 635 630 362 0 0 0 0 67 4.921

Het Eigen Vermogen bestaat uit een Algemene reserve, een vijftal bestemmingsreserves, een tweetal kapitaalegalisatiereserves en het in dit boekjaar gerealiseerde resultaat. Deze worden hieronder nader toegelicht.

23

Algemene reserve x € 1.000

2024

2023

stand 1 januari toevoeging/onttrekking resultaat boekjaar stand 31 december

3.294 997 4.291

3.227 67 3.294

Vakantiedagen Saldo 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Saldo 31 december

635 0 0 635

735 0 100 635

Vakantiegeld Saldo 1 januari toevoegingen onttrekkingen Saldo 31 december

630 0 0 630

630 0 0 630

Doorontwikkeling organisatie Saldo 1 januari toevoegingen onttrekkingen Saldo 31 december

362 0 149 213

418 0 56 362

Infrastructuur sociaal ontwikkelbedrijven Saldo 1 januari toevoegingen onttrekkingen Saldo 31 december

0 328 0 328

0 0 0 0

Opleidingen Saldo 1 januari toevoegingen onttrekkingen Saldo 31 december

0 93 0 93

0 0 0 0

Bestemmingsreserves

In de Algemene bestuursvergadering van december 2024 is besloten geen onttrekking te doen aan de bestemmingsreserve vakantiedagen en vakantiegeld. Ondanks dat het onze aandacht heeft, hebben wij nog geen afbouw van het aantal verlofdagen kunnen realiseren. Vanwege uitstroom uit de WSW hadden wij wel een kleine afbouw van het vakantiegeld verwacht, echter de forse Cao Wsw stijging over het afgelopen jaar maakte dit niet mogelijk. De reserve dekt de volledige verplichting van het vakantiegeld dat de SW-medewerkers ultimo jaareinde hebben opgebouwd. De bestemmingsreserve doorontwikkeling organisatie is gevormd voor de te maken kosten voor de op basis van de strategienota 2023-2027 te vormen nieuwe organisatie. In 2024 zijn de loonkosten van een tweetal vanwege de doorontwikkeling boventallig geraakte medewerkers hieruit betaald. Vanuit het Rijk hebben wij het afgelopen jaar via de Rijksbijdrage extra middelen ontvangen voor het verbeteren van de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven. Omdat wij hiervoor een gedegen plan willen uitwerken, hebben wij het bestuur gevraagd hiervoor ultimo 2024 een bestemmingsreserve te vormen voor de te verwachten kosten en een kapitaalegalisatiereserve voor de afschrijvingen van te plegen investeringen.

Tenslotte hebben wij mede vanwege de doorontwikkeling ons opleidingsbudget in het afgelopen jaar niet volledig benut, voor het niet benutte deel hebben wij ultimo 2024 een bestemmingsreserve gevormd zodat wij dit budget in 2025 alsnog kunnen inzetten. 24

Kapitaalegalisatiereserves x €1.000 2024

2023

Infrastructuur sociaal ontwikkelbedrijven Saldo 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Saldo 31 december

0 390 0 390

0 0 0 0

Arbeidsomstandigheden beschut Saldo 1 januari toevoegingen onttrekkingen Saldo 31 december

0 210 0 210

0 0 0 0

Zoals hierboven aangegeven hebben wij extra middelen ontvangen voor de verbetering van de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven; een deel van deze middelen hebben wij bestemd om kosten uit te betalen en een deel hebben wij gereserveerd om afschrijvingen uit te betalen. Deze kapitaalegalisatiereserve zal derhalve een langjarig karakter kennen. Voor het verbeteren van de werkomstandigheden van de doelgroep die werkzaam is in onze beschutte omgeving, hebben wij ten laste van het resultaat 2024 een kapitaalegalisatiereserve gevormd. Wij waren voornemens al dit boekjaar te investeren in nieuw meubilair, echter vanwege de aanbestedingsplicht kunnen wij dat dit jaar niet meer realiseren. De afschrijvingen zullen wij vanuit deze reserve moeten dekken, derhalve heeft ook deze reserve een langjarig karakter. Ook voor de komende jaren zijn door het rijk inmiddels structurele middelen toegezegd voor de verbetering van de infrastructuur van sociaal ontwikkelbedrijven. Wij zijn reeds met onze deelnemende gemeenten en de gemeente Haaksbergen in gesprek om te kijken hoe wij deze middelen de komende jaren zullen gaan inzetten.

Voorzieningen x € 1.000

2024

2023

Voorziening externe mobiliteit (WW en VSO) Saldo 1 januari Toevoegingen Onttrekingen Saldo 31 december

0 163 0 163

0 0 0 0

Voorziening strategisch personeelsplan 2011-2015 Saldo 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Saldo 31 december

165 64 80 149

196 53 84 165

Voorziening RVU Saldo 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Saldo 31 december

74 203 74 203

0 74 0 74

Voorziening spaarverlof Saldo 1 januari Toevoegingen Onttrekkingen Saldo 31 december

100 91 0 191

0 100 0 100

Totaal voorzieningen

706

339

25

Voorziening externe mobiliteit (WW en VSO) Ultimo 2024 is er een voorziening getroffen ter grootte van 163 k€, voor de kosten externe mobiliteit. Dit zijn de te verwachten toekomstige WW en ABP kosten die SWB als eigen risicodrager voor boventallig ambtelijk personeel zelf dient te betalen. Daarnaast de kosten voortvloeiend uit een VSO afgesloten met een ambtelijk medewerker die in de loop van 2025 uit dienst zal gaan. Voorziening strategisch personeelsplan 2011-2015 In 2024 is er (via de loonkosten) een bedrag van 80 k€ onttrokken in verband met de in 2024 gemaakte kosten ten behoeve van de externe mobiliteit van boventallig geraakte medewerkers ten gevolge van de uitvoering van het strategisch personeelsplan 2011-2015. Ultimo 2024 is vervolgens een dotatie van 64 k€ aan de voorziening gedaan om aan de toekomstige verplichtingen te kunnen voldoen. Voorziening RVU Ultimo 2024 is een dotatie van 203 k€ gedaan voor een aantal medewerkers die in 2024 gebruik hebben gemaakt van de RVU en waarvan wij in 2025 en 2026 de kosten zullen moeten betalen. Het beginsaldo is onttrokken voor verplichtingen die in 2023 zijn ontstaan voor boekjaar 2024. Voorziening spaarverlof Vanaf boekjaar 2022 is het voor ambtelijk personeel dat onder de Cao sgo valt mogelijk om spaarverlof op te bouwen, hier wordt inmiddels volop gebruik van gemaakt.

BBV schrijft voor hier een voorziening voor op te nemen, ultimo 2024 hebben wij op basis van het saldo spaarverlof een dotatie gedaan van 91 k€.

Vaste schulden

2024

2023

Af: aflossingen Boekwaarde per 31 december

500 0 500 -167 333

667 0 667 -167 500

Aflossingsverplichting binnen 1 jaar

167

167

Binnenlandse banken en overige financiele instellingen Boekwaarde per 1 januari Aangetrokken geldleningen

Ultimo 2024 was de financiering vormgegeven middels een in 2011 en een in 2017 afgesloten lening via de N.V. Bank voor Nederlandse Gemeenten: Looptijd

Rente

Stand per 31-12-24(€)

15 jaar (tot 2026)

3,9%

133.333

9,5 jaar (tot 2026)

0,63%

200.000

Zowel bij het aangaan van de lening van 1 mln.€ in 2011 als bij het aangaan van de lening van 1 mln.€ in 2017 zijn geen zekerheden verstrekt aan BNG. De totale rentelast bedroeg 8 k€ in 2024 tegenover 12 k€ in 2023.

26

x €1.000 Vlottende passiva Netto vlottende schulden Budget project vitaliteit Rekening Courant SWIMT Rekening Courant WSW Haaksbergen Crediteuren Overlopende passiva Vooruitontvangen posten Belastingen en sociale premies Overige

Totaal vlottende passiva

2024

2023

98 237 1.734 2.069

16 148 24 2.303 2.491

1.671 153 1.824

2 1.601 338 1.941

3.893

4.432

De belastingen en sociale premies bestaan uit de over december nog te betalen loonheffingen voor wsw- en ambtelijk personeel en de te betalen omzetbelasting over het vierde kwartaal. De overige overlopende passiva bestaan voornamelijk uit nog te betalen kosten, denk hierbij aan accountantskosten, uwv-premies en een verrekening met Vattenfall. Facturen met factuurdatum 2025 en kosten 2024 worden in Afas transitorisch geboekt. Op deze wijze komen de kosten in het juiste boekjaar maar ontstaat wel een transitorische post op de balans ultimo boekjaar.

27

Niet uit de balans blijkende rechten en verplichtingen: Over 2024 heeft SWB Midden Twente recht op een tegemoetkoming voor werkgevers in het kader van het lageinkomensvoordeel (LIV). Dit is onderdeel van de Wet tegemoetkomingen loondomein (Wtl). De voorlopige berekening wet tegemoetkoming loondomein (Wtl) van 14 maart 2025 gaat uit van een bedrag van 97 k€. De belastingdienst stuurt uiterlijk 31 juli 2025 een definitieve beschikking. SWB Midden Twente heeft met de gemeente Hengelo een dienstverleningsovereenkomst (DVO) inzake ICTdienstverlening afgesloten. De duur van de overeenkomst is onbeperkt met als ingangsdatum 1 april 2017 en met een opzegtermijn van 1 jaar. Het tarief bestaat vanaf 2025 uit een tarievenstructuur gebaseerd op de indeling van de IT begroting van de gemeente Hengelo. Voor 2025 zou het totale tarief op basis van dit voorstel neerkomen op een bedrag van 872 k€ (2024 866 k€). SWB MiddenTwente heeft met de gemeente Hof van Twente een drietal huurovereenkomsten afgesloten. De duur van de overeenkomsten is onbeperkt met als ingangsdatum 1 januari 2017 en met een opzegtermijn van 1 jaar. Voor 2025 komt het totale tarief neer op een bedrag van 182 k€. SWB MiddenTwente heeft voor de inhuur materieel een aantal huurovereenkomsten afgesloten. Het betreft veegmachines waarvoor wij voor 2025 verplichtingen zijn aangegaan van in totaal 52 k€.

Met Atletiek Vereniging Haaksbergen (A.V.H.) heeft SWB Midden Twente in 2022 een huurovereenkomst afgesloten voor de periode van 1 jaar waarna de overeenkomst wordt verlengd met 3 jaar en vervolgens zal worden omgezet in onbepaalde tijd met een opzegtermijn van 6 maanden. De huurprijs voor 2025 is voorlopig vastgesteld op een jaarbedrag van 10 k€, op dit moment dient de indexatie op de huurprijs 2025 nog te worden vastgesteld.

28

2.5 Toelichting op de baten en lasten Het resultaat na bestemming is over 2024 uitgekomen op 997 k€ positief, dat is fors beter (+237 k€) dan de herziene begroting van 760 k€ positief. De herziene begroting 2024 is in de bestuursvergadering van december 2024 vastgesteld en vervangt de initiële begroting als vergelijkende cijfers in de uiteindelijke jaarrekening. Dit omdat de initiële begroting ieder jaar al in maart voorafgaand aan het boekjaar moet worden opgesteld, om mee te kunnen in de begroting van de gemeenten en voor het bepalen van het toezicht vanuit de provincie. Een zuivere inschatting is dan al erg moeilijk te maken waardoor er diverse aannames moeten worden gedaan. De herziene begroting wordt opgesteld met de tot dan bekende gegevens en geldt als vergelijkende cijfers in verband met de begrotingsrechtmatigheid. Naast een hogere omzet (+172 k€) staan lagere kosten voor grond- en hulpstoffen (-46 k€), dit levert een beter productieresultaat op van +218 k€. De personeelskosten professionals zijn iets lager (-52 k€) uitgevallen dan de herziene begroting, de overige bedrijfskosten kennen een negatieve afwijking van 28 k€ en de incidentele baten zijn iets hoger uitgevallen (+18 k€) vanwege hogere opbrengsten vanuit de online veilingen van overtollig materieel. Al met al is de herziene begroting 2024 uitstekend ingeschat met de toen aanwezige kennis.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://gemeenteraad.hofvantwente.nl/api/v1/meetings/4175/documents/58581