03 TAM Omgevingsplan Spenkelinksweg 4, Ambt Delden Motivering (1).pdf
Tekst van het document
Datum: Fase: Planid:
vastgesteld NL.IMRO.1735.BGxSpenkelinksweg4-VS10
BESTEMMINGSPLAN
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Inhoudsopgave
Toelichting
2
3
Hoofdstuk 1 1.1 1.2 1.3 1.4 1.5
Inleiding Aanleiding Ligging van het plangebied De bij het plan behorende stukken Huidig planologisch regime Leeswijzer
4 4 4 5 5 9
Hoofdstuk 2 2.1
Huidige situatie Beschrijving plangebied en omgeving
10 10
Hoofdstuk 3 3.1 3.2
Planbeschrijving Gewenste situatie Verkeer en parkeren
11 11 13
Hoofdstuk 4 4.1 4.2 4.3
Beleidskader Rijksbeleid Provinciaal beleid Gemeentelijk beleid
15 15 17 25
Hoofdstuk 5 5.1 5.2 5.3 5.4 5.5 5.6 5.7 5.8 5.9 5.10 5.11 5.12
Omgevingsaspecten Milieuzonering Omgevingsveiligheid Geluid door activiteiten Bodemkwaliteit Luchtkwaliteit Geur Trillingshinder Gezondheid Water Ecologie Archeologie & Cultuurhistorie M.e.r.-beoordeling
33 33 34 35 36 37 39 40 41 42 44 46 47
Hoofdstuk 6 6.1
Juridische planopzet Wijziging omgevingsplan
49 49
Hoofdstuk 7 7.1 7.2
Financiële uitvoerbaarheid Wettelijke kaders Toetsing
50 50 50
Hoofdstuk 8 8.1 8.2 8.3 8.4
Voorbereiding en participatie Procedurestappen Vooroverlegpartners Participatie omwonenden Zienswijzen
51 51 51 51 52
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Toelichting
vastgesteld
3
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Hoofdstuk 1 1.1
Inleiding
Aanleiding Voorliggend TAM-omgevingsplan heeft betrekking op de gronden aan de Spenkelinksweg 4 te Ambt Delden. De wens is om het erf te (her)ontwikkelen. Reden hiervoor is het besluit om de aanwezige varkenshouderij op deze plek volledig te beëindigen in het kader van de LBV-regeling. Er worden vijf voormalig agrarische bedrijfsgebouwen gesloopt (met een oppervlakte van 6.081 m2). Hiervoor worden de volgende ontwikkelingen mogelijk gemaakt: Het ontmengen van het agrarische bedrijf, waarbij akkerbouw wordt voortgezet, in combinatie met het houden van hobbymatig vee en recreatie; Het realiseren van zes luxe, aaneengesloten boerderijappartementen; Het realiseren van een luxe camping met 25 standplaatsen en 2 trekkershutten; Het herbouwen van een schuur van 1.575 m2 voor hobbymatig vee, een wasplaats, sanitair van de camping en opslag voor het akkerbouwbedrijf; Het realiseren van een multifunctioneel gebouw voor recreatie van 170 m2; Landschappelijke inpassing van het voornemen. Het KGO-beleid van de gemeente Hof van Twente biedt hiervoor kaders. Voor een tweede bedrijfswoning is reeds een vergunning verleend. Het voorliggende TAM-omgevingsplan legt deze ontwikkeling vast in het omgevingsplan. Tevens wordt in het omgevingsplan vastgelegd dat het bedrijfsmatig houden van landbouwhuisdieren op deze locatie niet langer is toegestaan.
De omliggende gronden blijven gehandhaafd als akkerbouwgrond. De overige sloopmeters worden aangevraagd als sloopvouchers. Daarnaast worden twee omissies uit het bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023' herstelt. In dit veegplan zijn de locaties van de reeds vergunde schuur en de tweede bedrijfswoning per ongeluk buiten het bouwvlak gelaten. Het voornemen is op verschillende onderdelen strijdig met het geldende omgevingsplan. Om het voornemen te realiseren, is een wijziging van het omgevingsplan noodzakelijk. De gemeente Hof van Twente heeft middels een 2 positieve principebesluiten (21 november 2024 & 15 januari 2025) laten weten onder voorwaarden mee te willen werken aan het initiatief. Voorliggend TAM-omgevingsplan voorziet in de gewenste juridisch-planologische kader en toont aan de het voornemen in overeenstemming is met 'een evenwichtige toedeling van functies aan locaties'.
1.2
Ligging van het plangebied Het plangebied ligt aan de Spenkelinksweg 4 te Ambt Delden, in het buitengebied van de gemeente Hof van Twente. Het perceel staat kadastraal bekend als Ambt Delden, sectie G, perceelnummer 2961. In afbeelding 1.1 is de ligging van het plangebied ten opzichte van de kern Goor (links) en de directe omgeving (rechts) met respectievelijk een rode ster en rode omlijning aangegeven.
4
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Afbeelding 1.1: Ligging van het plangebied (Bron: Openstreetmap.org, bewerkt)
1.3
De bij het plan behorende stukken Het "TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden" bestaat uit de volgende stukken: verbeelding (tek.nr. NL.IMRO.1735.BGxSpenkelinksweg4-VS10) en een renvooi; regels (met bijbehorende bijlagen) Op de verbeelding zijn de functies van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het TAM-omgevingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het TAM-omgevingsplan.
1.4
Huidig planologisch regime
1.4.1
Algemeen Het plangebied ligt binnen de begrenzing van het omgevingsplan van de gemeente Hof van Twente. Ter plaatse van het plangebied is sprake van het omgevingsplan van rechtswege zoals deze in werking is getreden op 1 januari 2024. Het omgevingsplan van rechtswege bestaat ter plaatse uit de volgende documenten: Bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente' (vastgesteld op 9 december 2015); Omgevingsplan gemeente Hof van Twente (in werking vanaf 1 januari 2024); Bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2020' (vastgesteld 26 maart 2024); Bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023' (vastgesteld op 4 juni 2024). Voor de duiding van het planologische regime zijn met name de bestemmingsplannen “Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2020” en “Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023” van belang. In deze plannen zijn namelijk enkele planologische wijzigingen doorgevoerd waarbij eveneens de bestemmingen vanuit het bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente' zijn opgenomen.
vastgesteld
5
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
1.4.1.1
Bestemmingsplan Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2020 Omdat dit bestemmingsplan is opgenomen in het tijdelijke gedeelte van het omgevingsplan wordt er nog gesproken over 'bestemmingen' in plaats van 'functies'. Op basis van het bestemmingsplan "Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2020" is het plangebied voorzien van de bestemming 'Agrarisch met waarden' met bouwvlak. Daarnaast gelden de dubbelbestemmingen 'Waarde - Archeologische verwachting 1' en 'Leiding - Water'. Tot slot gelden de gebiedsaanduidingen 'reconstructiewetzone landbouwontwikkelingsgebied' en 'vrijwaringszone - radar'. Ook gelden de functieaanduidingen 'specifieke vorm van agrarisch met waarden - bedrijfswoning 1' & 'specifieke vorm van agrarisch met waarden - voorwaardelijke verplichting 5'. In afbeelding 1.2 is een uitsnede van de verbeelding van de geldende planologische situatie weergegeven. Hierop is het plangebied indicatief aangegeven met de rode omlijning.
Afbeelding 1.2: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan "Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2020" (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl) 1.4.1.2
Bestemmingsplan Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023 Het bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023' heeft enkele aanduidingen aan de bestaande functies uit het bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2020' toegevoegd. Het gaat hierbij om de functieaanduidingen 'specifieke vorm van agrarisch met waarden - plattelandsappartementen' en 'specifieke vorm van agrarisch met waarden - voorwaardelijke verplichting 10'. In afbeelding 1.3 is een uitsnede van de verbeelding van de geldende planologische situatie weergegeven. Hierop is het plangebied indicatief aangegeven met de rode omlijning. Zoals is weergeven in deze afbeelding is te zien dat door een omissie de locaties van de reeds vergunde schuur en de tweede bedrijfswoning buiten het bouwvlak zijn geraakt. Met dit TAM-omgevingsplan zal deze omissie worden hersteld.
6
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Afbeelding 1.3: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan "Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023" (Bron: www.ruimtelijkeplannen.nl) 1.4.2
Beschrijving bestemmingen
1.4.2.1
Bestemmingsplan Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2020 Enkelbestemming 'Agrarisch met waarden' De voor 'Agrarisch met waarden' aangewezen gronden zijn onder meer bestemd voor de uitoefening van een grondgebonden agrarisch bedrijf, het bestaande en legale aantal bedrijfswoningen, hobbymatig agrarisch gebruik en ontsluitingswegen en -voorzieningen voor naastgelegen bestemmingen. Bedrijfsgebouwen en bedrijfswoningen zijn uitsluitend toegestaan binnen een bouwvlak. Dubbelbestemming 'Waarde - Archeologische verwachtingswaarde 1' Deze gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming en veiligstelling van archeologische waarden. Er is archeologisch onderzoek nodig bij voor het bouwen benodigde grondbewerkingen een diepte van meer dan 0,40 meter en een oppervlakte van meer dan 2.500 m2. Dubbelbestemming 'Leiding - Water' De voor 'Leiding - Water' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor de bescherming van een ondergrondse hoofdwatertransportleiding ter plaatse van de aanduiding 'hartlijn leiding water' en het beheer en onderhoud van de leiding met bijbehorende bouwwerken geen gebouwen zijnde.
Gebiedsaanduiding 'reconstructiewetzone - landbouwontwikkelingsgebied' Voor de gronden ter plaatse van de aanduiding 'reconstructiewetzone landbouwontwikkelingsgebied, gelden de regels zoals opgenomen in de bestemming 'Agrarisch met waarden'. 'vrijwaringszone - radar' De gronden ter plaatse van de aanduiding 'vrijwaringszone - radar' zijn, behalve voor de
vastgesteld
7
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor een radarverstoringsgebied. Functieaanduiding 'specifieke vorm van agrarisch met waarden - bedrijfswoning 1' & 'specifieke vorm van agrarisch met waarden - voorwaardelijke verplichting 5' De gronden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch met waarden bedrijfswoning 1' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor het realiseren van een bedrijfswoning. De aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch met waarden - voorwaardelijke verplichting 5' verbindt aan de realisatie van deze woning landschapsmaatregelen. 1.4.2.2
Bestemmingsplan Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023 Functieaanduiding 'specifieke vorm van agrarisch met waarden plattelandsappartementen' & 'specifieke vorm van agrarisch met waarden voorwaardelijke verplichting 10' De gronden ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch met waarden plattelandsappartementen' zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor het realiseren van zes plattelandsappartementen met een maximale bouwhoogte van 7 meter en een maximale goothoogte van 3,5 meter. De aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch met waarden - voorwaardelijke verplichting 10' verbindt aan de realisatie van deze woning landschapsmaatregelen.
1.4.3
Strijdigheid Het voornemen is op verschillende onderdelen strijdig met het geldende omgevingsplan: Het is op basis van het omgevingsplan van rechtswege niet rechtstreeks toegestaan om een kleinschalig kampeerterrein te realiseren binnen de bestemming 'Agrarisch met waarden'; Het is op basis van het omgevingsplan van rechtswege niet toegestaan om een multifunctioneel gebouw binnen de bestemming 'Agrarisch met waarden' te realiseren; Het is op basis van het omgevingsplan van rechtswege niet toegestaan om plattelandsappartementen met een gebruiksoppervlak van 90 m2 te realiseren. Voor deze strijdigheid is echter reeds sprake van een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA). Hoewel deze ontwikkeling in dit TAM-omgevingsplan planologisch wordt meegenomen, wordt verdere toetsing van dit specifieke deel van het voornemen in dit plan achterwegen gelaten. Daarnaast dient er in het omgevingsplan te worden geborgd dat er op de locatie geen landbouwhuisdieren meer mogen worden gehouden. Voorliggend plan voorziet in het gewenste juridische planologisch kader om de voorgenomen ontwikkelingen te kunnen realiseren. Het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) ondersteunt bij het werken volgens de Omgevingswet.
Er zijn tijdelijke alternatieve maatregelen (TAMs) voor organisaties die bij de voorbereiding en inwerkingtreding van de wet nog geen gebruik kunnen maken van lokale of landelijke onderdelen van het DSO. Een van de tijdelijke alternatieve maatregelen is de TAM-IMRO ofwel het TAM-omgevingsplan. Kort gezegd houdt TAM-IMRO in dat de huidige techniek voor planvorming tijdelijk kan worden gebruikt onder de Omgevingswet. Deze techniek betreft de bestaande uitwisselingsstandaard IMRO (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) en de bestaande voorziening Ruimtelijke Plannen. IMRO is een bekende en functionerende techniek. Juridisch maakt het TAM-omgevingsplan deel uit van het omgevingsplan van de gemeente. Technisch is het dat niet, waardoor aanvullende (voorrangs)regels noodzakelijk zijn. Hier wordt in hoofdstuk 8 nader op ingegaan.
8
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
1.5
Leeswijzer Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 allereerst ingegaan op de huidige situatie. Hoofdstuk 3 gaat achtereenvolgens in op de gewenste situatie van het plangebied de bescherming van de landschappelijke en stedenbouwkundige waarden in en rondom het plangebied. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op het beleidskader. Hierin wordt het relevante beleid beschreven. Hoofdstuk 5 gaat in op de omgevingsveiligheid, waarna in hoofdstuk 6 de bescherming van de gezondheid, het milieu en de natuur. Hoofdstuk 7 gaat in op het wateraspect. Hoofdstuk 8 gaat in op de juridische planopzet en regels. Hoofdstuk 9 en 10 behandelen ten slotte de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het voornemen.
vastgesteld
9
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Hoofdstuk 2 2.1
Huidige situatie
Beschrijving plangebied en omgeving Het plangebied ligt aan de Spenkelinksweg 4 te Ambt Delden, in het buitengebied van de gemeente Hof van Twente. In de huidige situatie bevindt zich op de locatie een varkenshouderij met verschillende stallen. Daarnaast staan er twee wagenbergingen en een bedrijfswoning met bijgebouw op het erf. De overige ruimte is in gebruik als manoeuvreerruimte, tuin, verharding of grasland. Het plangebied heeft aan de noordwestzijde twee ontsluitingen op de Spenkelinksweg. Tussen deze ontsluitingswegen ligt een agrarisch perceel met een vijver. Aan de noordzijde grenst het plangebied aan een ander agrarisch bedrijfsperceel. Aan de overige zijden wordt het plangebied begrensd door agrarische cultuurgronden. In afbeelding 2.1 is een luchtfoto van het plangebied weergegeven.
Afbeelding 2.1: Luchtfoto van het plangebied (Bron: PDOKviewer, bewerkt)
10
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Hoofdstuk 3
Planbeschrijving
In hoofdstuk 2 is ingegaan op de huidige situatie in het plangebied. Hoofdstuk 3 gaat in op de voorgenomen ontwikkeling.
3.1
Gewenste situatie
3.1.1
Algemeen Op het erf worden de volgende vervolgfuncties mogelijk gemaakt: Het realiseren van en tweede bedrijfswoning aan de zuidwestzijde van het plangebied: Reeds planologisch mogelijk gemaakt in het bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2020'. Het realiseren van zes luxe plattelandsappartementen: Reeds planologisch mogelijk gemaakt in het bestemmingsplan 'Buitengebied Hof van Twente, Veegplan 2023'. Echter wordt de voorgeschreven maatvoering overschreden. De plattelandsappartementen worden aan de noordzijde van de bestaande bedrijfswoning gesitueerd. Hierbij wordt een nieuwe onderkelder geraliseerd voor de instalaties van de appartementen. De appartementen krijgen elk een oppervlak van 90 m2 met twee bouwlagen. Op deze wijze kan er luxe worden geboden, waardoor er een onderscheidend recreatie aanbod ontstaat. Voor dit deel van het voornemen is reeds een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) in voorbereiding. Kleinschalig kampeerterrein: Aan de zuid- en oostzijde van het erf wordt een kleinschalig kampeerterrein aangelegd. Het kleinschalige kampeerterrein bestaat uit 25 kampeerplaatsen. Hierbij zal het gaan om ruime plaatsen, waarbij er ook ruimte is voor campers. Hiermee is beoogd om het seizoen te verlengen en het kampeerterrein jaarrond te gebruiken.
Ten behoeve van deze camping, en ten behoeve van de boerderijkamers, is het wenselijk om wellness toe te voegen op het erf. Het concept is immers een luxe recreatie, waarmee onderscheiding kan worden gezocht ten opzichte van 'reguliere' minicampings. Dit wil met bereiken door op de locatie van een te verwijderen mestkelder een natuurlijk zwembad te realiseren. Naast dit zwembad wil men sauna's plaatsen. Dit wordt gerealiseerd in een multifunctioneel gebouw ten behoeve van de camping met een oppervlak van 170 m2. Ook zal het gaan om ruime kampeerplekken met privésanitair en groene afscheiding. Naast het zwembad maakt de huidige mantelzorgwoning van 78 m2 plaats voor twee trekkershutten met een oppervlak van 39 m2. Centraal op het kampeerterrein komt een natuurlijk vormgegeven ontmoetingsplek. Het gehele kampeerterrein wordt groen aangelegd met bomen en struiken. Realiseren van een grote schuur: Voor een stal voor het hobbymatig houden van vee, een overdekte wasplaats en opslag voor het akkerbouwbedrijf wordt een schuur van 1.575 m2 gerealiseerd. Voor de realisatie van deze schuur worden 2.150 m2 aan sloopmeters ingezet. De schuur wordt tussen de bestaande wagenbergingen en het kampeerterrein gerealiseerd. Met het voornemen wordt de bestaande tweede ontsluitingsweg aan de noordzijde van het plangebied verwijdert.
Hierdoor wordt de bestaande en verwachte overlast van deze ontsluitingsweg op het perceel ten noorden van het plangebied verminderd. Tevens wordt in het omgevingsplan vastgelegd dat het bedrijfsmatig houden van landbouwhuisdieren op deze locatie niet langer is toegestaan. Op de gronden die bij het agrarisch bedrijf horen, blijft de akkerbouw gehandhaafd. De overige vierkante meters die hierdoor vrijkomen, worden aangevraagd als sloopvouchers. Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling is een ruimtelijk kwaliteitsplan
vastgesteld
11
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
opgesteld. Deze is als Bijlage 1 bijgevoegd. Hierna is een uitsnede opgenomen van het inrichtingsplan uit het ruimtelijk kwaliteitsplan, vervolgens wordt in de volgende paragraaf ingegaan op de uitgangspunten van het ruimtelijk kwaliteitsplan.
Afbeelding 3.1: Toekomstige situatie, erfinrichtingstekening (Bron: De Erfontwikkelaar) 3.1.2
Ruimtelijk kwaliteitsplan Bij de voorgenomen ontwikkeling wordt zorgvuldig aangesloten bij de karakteristieke indeling van het erf, passend binnen het bestaande kampenlandschap. Hierna wordt ingegaan op de inpassing van het nieuwe woonerf evenals het kampeerterrein. Agrarisch bedrijf De ruimtelijke kwaliteit wordt verbeterd door het slopen van landschapsontsierende bebouwing. Hierdoor is het mogelijk om een toekomstbestendig bedrijf en erf te realiseren. Hierbij wordt ingezet op akkerbouw, in combinatie met het hobbymatig houden van vee en recreatie. Ten behoeve van het bedrijf worden een grote schuur voor opslag, hobbymatig vee en wasplaats gerealiseerd. Daarnaast wordt er een reeds vergunde tweede bedrijfswoning opgericht. Er is gekozen voor een sobere uitstraling, die eenheid geeft tussen de kenmerken van het gebied en van het erf. De voortuin van de bestaande bedrijfswoning wordt versterkt door de aanplant van noten- en fruitbomen. Daarnaast worde de woning van het kampeerterrein gescheiden door de aanplant van struweel dat aansluit op bestaande bomen. Aan de noordzijde van de bestaande wagenbergingen wordt het bestaande erfbosje uitgebreid. Hierdoor ontstaat er een natuurlijke buffer richting het aan de noordzijde grenzende agrarische bedrijf. Ten zuiden van het gebouw met de zes luxe boerderijkamers wordt een parkeerplaats voor deze boerderijkamers gerealiseerd.
Deze parkeerplaats wordt aan drie zijden omringd door een wilde liguster haag. Ten noorden van deze boerderijkamers worden eveneens
12
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
enkele (fruit)bomen geplaatst. Kampeerterrein Het kampeerterrein wordt gesitueerd ten oosten van de bedrijfswoningen. Het terrein wordt groen ingericht met verschillende bomen en struiken. De kampeerplaatsen aan de noord- en oostzijde worden van de grote schuur gescheiden door middel van de aanplant van struweel. Tegenover elkaar liggende kampeerplaatsen worden gescheiden door de aanplant van een bomenrij, bestaande uit zwarte els, veldesdoorn en enkele Hollandse lindes. In lijn met deze rij wordt tevens een kleinschalige hooimijt aangelegd als overdekt ontmoetingsplek. Aan de buitengrenzen wordt het kampeerterrein eveneens afgeschermd door een gelijksoortige bomenrij. Tussen het natuurlijke zwembad en de aan de oostzijde grenzende kampeerplaatsen wordt struweel aangeplant om het zwembad afteschermen. Waar mogelijk wordt de bestaande beplanting behouden. Door de toepassing van streekeigen beplanting en een zorgvuldige inrichting wordt het projectgebied op een natuurinclusieve en landschappelijk verantwoorde wijze ingepast. Dit draagt bij aan de ruimtelijke kwaliteit, versterkt de landschappelijke identiteit en bevordert de biodiversiteit in het gebied.
3.2
Verkeer en parkeren
3.2.1
Algemeen Bij ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de parkeerbehoefte die daardoor ontstaat. Hiertoe kunnen berekeningen worden uitgevoerd op basis van de publicatie 'Parkeerkencijfers 2024 - Basis voor parkeernormering' van het CROW. Het CROW ontwikkelt en publiceert kennis onder andere op het gebied van verkeer en parkeren, waaronder kencijfers voor de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie. Deze kencijfers zijn landelijk (en juridisch) geaccepteerd en worden gezien als de meest betrouwbare gegevens. Bij de berekening van de parkeernormen zal er een gemiddelde worden genomen. De gemeente Hof van Twente heeft in 2016 een 'Gemeentelijk Mobiliteitsplan' vastgesteld. De gemeente Hof van Twente heeft de parkeernormen gebaseerd op de hiervoor genoemde CROW publicatie. Qua functie, verstedelijkingsgraad, stedelijke zone, parkeernorm en verkeersgeneratie worden de volgende uitgangspunten gehanteerd: Verstedelijkingsgraad: weinig stedelijk (Bron: CBS Statline) Stedelijke zone: buitengebied.
3.2.2
Parkeren Voor de zes plattelandsappartementen en de twee trekkershutten wordt aangegeven dat deze functie niet is opgenomen in de CROW-publicatie. Daarom wordt aangesloten bij de kencijfers voor de functie ‘Bungalowpark (huisjescomplex)’. Het plan betreft daarnaast de realisatie van 25 camperplaatsen. Campers worden beschouwd als verplaatsbare verblijfsobjecten en mogen uitsluitend voor eigen gebruik op de daarvoor aangewezen camperplaatsen worden geplaatst. Hierdoor is het niet noodzakelijk om aanvullende parkeerruimte voor de camperplaatsen te realiseren. Op basis van de uitgangspunten bedraagt de parkeerbehoefte:
Functie
vastgesteld
Aantal/ aantal standplaatsen
Parkeernorm
Parkeerbehoefte totaal
13
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Bungalowpark (huisjes complex)
8
2,1
16,8
Camping (kampeerterrein)
25
1,2
30
Het voornemen gaat gepaard met een extra parkeerbehoefte van afgerond 47 parkeerplaatsen. 25 parkeerplaatsen zijn onderdeel van de standplaatsen op het kampeerterrein. De overige 22 parkeerplaatsen worden gerealiseerd op een parkeerterrein op het erf. In afbeelding 3.1 is zichtbaar dat er ten zuiden van de plattelandswoningen een parkeerterrein mee 22 plaatsen wordt aangelegd voor de verschillende recreatiefuncties op het erf. In de regels is daarnaast bepaald dat bij vergunningverlening in voldoende parkeergelegenheid moet worden voorzien. Dit is met name van belang voor nieuwe ontwikkelingen en het kampeerterrein. Het aspect parkeren is hiermee voldoende geborgd. 3.2.3
Verkeer Voor het berekenen van de verkeersgeneratie van de kampeerplekken wordt aangesloten bij de kengetallen van een camping (kampeerterrein). Op basis van de uitgangspunten bedraagt de verkeersgeneratie:
Functie
Aantal
Verkeersgeneratie
Verkeersgeneratie totaal
Bungalowpark (huisjes complex)
8
2,7
21,6
Camping (kampeerterrein)
25
0,4
10
Op basis van bovenstaande bedraagt de verkeersgeneratie van de ontwikkeling in totaal 31,6 (afgerond 32) verkeersbewegingen per etmaal op een gemiddelde weekdag. Hierbij is echter geen sprake van een volledige absolute toename, aangezien de verkeersgeneratie behorend bij de intensieve veehouderij komt te vervallen. Desondanks is een deel van deze verkeersbewegingen aantemerken als extra verkeersbewegingen ten opzichte van de huidige situatie. Het plangebied wordt ontsloten via de Spenkelinksweg. De Spenkelinksweg is ruim voldoende van capaciteit om deze extra verkeersbewegingen te verwerken. 3.2.4
Conclusie Met voorliggend omgevingsplan wordt in voldoende mate rekening gehouden met het aspect verkeer en parkeren.
14
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Hoofdstuk 4
Beleidskader
Dit hoofdstuk beschrijft, voor zover van belang, het rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk beleid. Naast de belangrijkste algemene uitgangspunten worden de specifieke voor dit plangebied geldende uitgangspunten weergegeven. Het beleid is in dit TAM-omgevingsplan afgewogen en doorvertaald op de verbeelding en in de regels.
4.1
Rijksbeleid
4.1.1
Nationale omgevingsvisie (NOVI)
4.1.1.1
Algemeen Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven. Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak die leidt tot een duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Dit is nodig om onze doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving.
4.1.1.2
Vier prioriteiten Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten. 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, waarmee tegelijkertijd de leefomgevingskwaliteit verbeterd kan worden en kansen voor natuur geboden kunnen worden. In 2050 heeft Nederland daarnaast een duurzame energievoorziening. Dit vraagt echter om ruimte. Door deze ruimte zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering van het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut. Het Rijk zet zich in door het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal. 2. Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan ons land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Er wordt ingezet op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede quality of life. Belangrijk is wel dat onze economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair. 3.
Sterke en gezonde steden en regio's Er zijn vooral in steden en stedelijke regio's nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio's behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio's geborgd. 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als
vastgesteld
15
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
koploper in de duurzame kringlooplandbouw. Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zet het Rijk in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan. 4.1.1.3
Afwegingsprincipes De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1. Combinatie van functies gaan voor enkelvoudige functies. In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Het verschilt tussen gebieden wat de optimale balans is tussen bescherming en ontwikkeling en tussen concurrentiekracht en leefbaarheid. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; 3. Afwentelen wordt voorkomen. Het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie inwoners, zonder dat dit ten koste gaat van toekomstige generaties.
4.1.1.4
Toetsing aan de NOVI In voorliggend geval betreft een project waarbij geen nationale belangen in het geding zijn en er is geen sprake van enige belemmering met betrekking tot de prioriteiten zoals verwoord in de NOVI. Bij het uitwerken van het plan zijn de kenmerken en identiteit van het gebied centraal gesteld. Het plan kan daarbij een bijdrage leveren aan de toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied door invulling te geven aan een VAB-locatie met een zorgvuldige landschappelijke inpassing. Geconcludeerd wordt dat de NOVI geen belemmering vormt voor de in dit TAM-omgevingsplan opgenomen ontwikkeling.
4.1.2
Ladder voor duurzame verstedelijking
4.1.2.1
Algemeen De Ladder is een instructieregel voor zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand. Bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen wordt beoordeeld of er echt behoefte aan is en of de ontwikkeling binnen het stedelijk gebied kan. De instructieregel in artikel 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) regelt dat bij een wijziging van het omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de Ladder is vereist. De Ladder wordt toegepast bij een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Bij de toetsing aan de ladder worden beide onderdelen van de Ladder meegenomen: de behoefte aan de stedelijke ontwikkeling; bij een ontwikkeling buiten stedelijk gebied: de mogelijkheden om binnen het bestaande stedelijk gebied in de behoefte te voorzien zijn verkend. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen 'stedelijk gebied' en een 'stedelijke ontwikkeling'. Stedelijk gebied: Op grond van een omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit toegelaten stedenbouwkundig samenstel van bebouwing voor wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel en horeca, en de daarbij behorende openbare of sociaal-culturele voorzieningen en infrastructuur, met
16
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
uitzondering van stedelijk groen aan de rand van die bebouwing en lintbebouwing langs wegen, waterwegen of waterkeringen; Een stedelijke ontwikkeling is de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelsvoorziening of een andere stedelijke voorziening die voldoende substantieel is. Artikel 5.129g Bkl legt geen grens vast wat voldoende substantieel is. In uitspraken van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zijn wel lijnen uitgezet. Er is een overzichtsuitspraak (ECLI:NL:RVS:2017:1724) over de Ladder. De Afdeling geeft hierin geen harde ondergrenzen, maar stelt wel 'in beginsel' grenzen. Bij het beschrijven van de behoefte dient te worden uitgegaan van het saldo van de aantoonbare vraag naar de voorgenomen ontwikkeling verminderd met het aanbod in planologische besluiten, ook als het feitelijk nog niet is gerealiseerd (harde plancapaciteit). 4.1.2.2
Toetsing van het initiatief aan de Ladder voor duurzame verstedelijking Uit jurisprudentie is inmiddels gebleken dat de ladder voor duurzame verstedelijking niet van toepassing is voor zeer kleinschalige ontwikkelingen. Dit geldt onder andere voor wijzigingen waarbij de agrarische functie behouden blijft en het planologisch beslag van de nieuwe ontwikkeling niet aanzienlijk groter is dan de bestaande situatie. Uitgangspunten hiervoor zijn de rechtsuitspraak 'ABRvS 29 mei 2019; ECLI:NL:RVS:2019:1763' en 'ABRvS 25 oktober 2023; ECLI:NL:RVS:2023:3877'. Voorliggende ontwikkeling voorziet in het ontmengen van het bedrijf naar akkerbouw met hobbymatig vee en recreatie. Hierbij is het planologische ruimtebeslag niet van een grotere omvang dan de huidige situatie. Deze ontwikkeling is kleinschaliger dan de ondergrens die in jurisprudentie gehanteerd wordt en zodoende is een nadere laddertoetsing hiervoor niet noodzakelijk. Wat betreft het kampeerterrein en de trekkershutten blijkt uit een overzichtsuitspraak omtrent de ladder (ECLI:NL:RVS:2017:1724) dat een kampeerterrein met een omvang van 3 hectare en waar ruimte wordt geboden aan uitsluitend tenten, kampeerauto’s, (sta)caravans, dan wel andere daarmee vergelijkbare voertuigen of onderkomens niet als een stedelijke ontwikkeling wordt aangemerkt.
De ruimte die de beoogde camperplaatsen inclusief bijbehorende voorzieningen innemen, bedraagt aanzienlijk minder dan 3 hectare. Dit betekent dat geen sprake is van een stedelijke ontwikkeling en dat daardoor de ladder voor duurzame verstedelijking niet van toepassing is op de voorgenomen ontwikkeling.
4.1.3
Conclusie toetsing van het initiatief aan het rijksbeleid Geconcludeerd wordt dat er geen sprake is van strijd met het rijksbeleid.
4.2
Provinciaal beleid Het provinciaal beleid is verwoord in tal van plannen. Het belangrijkste plan betreft de Omgevingsvisie Overijssel, welke is verankerd in de Omgevingsverordening. Onderstaand wordt het provinciale beleid nader uitgewerkt.
4.2.1
Omgevingsvisie Overijssel De Omgevingsvisie is een integrale visie waarin de beleidsambities en doelstellingen staan die van provinciaal belang zijn voor de ontwikkeling van de fysieke leefomgeving van Overijssel. Het uitgangspunt is gericht op het jaar 2030. De visie biedt kaders in de vorm van ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving en stedelijke omgeving. Daarbinnen krijgen gemeenten, waterschappen, maatschappelijke organisaties en andere initiatiefnemers mogelijkheden om ruimtelijke ontwikkelingen te realiseren. De opgaven en kansen waar de provincie Overijssel voor staat, zijn verwerkt in centrale
vastgesteld
17
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
beleidsambities voor negen beleidsthema's. Deze beleidsthema's worden benaderd vanuit de overkoepelende rode draden duurzaamheid, ruimtelijke kwaliteit en sociale kwaliteit. Duurzame ontwikkeling voorziet in de behoefte van de huidige generatie, zonder voor toekomstige generaties de mogelijkheden in gevaar te brengen om ook in hun behoeften te voorzien. Ruimtelijke kwaliteit is datgene wat de ruimte geschikt maakt en houdt voor wat voor mens, plant en dier belangrijk is. Ruimtelijke kwaliteit gaan vooral over 'goed': mooi, functioneel en toekomstbestendig. Sociale kwaliteit gaat over het welzijn of 'goed voelen' van de mens. In de omgevingsvisie gaat het over het welzijn van de mens in relatie tot de fysieke leefomgeving. 4.2.2
Omgevingsverordening Overijssel De provincie beschikt over een palet aan instrumenten waarmee zij haar ambities realiseert. Het gaat er daarbij om steeds de meest optimale mix van instrumenten toe te passen, zodat effectief en efficiënt resultaat wordt geboekt voor alle ambities en doelstellingen van de Omgevingsvisie. Eén van de instrumenten om het beleid uit de Omgevingsvisie te laten doorwerken is de Omgevingsverordening Overijssel. De Omgevingsverordening is het provinciaal juridisch instrument dat wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch geborgd is. Er wordt nadrukkelijk gestuurd op ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid. Uitgangspunt is dat verstedelijking en economische activiteiten gebundeld worden ten behoeve van een optimale benutting van bestaand bebouwd gebied.
4.2.3
Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel Om de ambities van de provincie waar te maken, bevat de Omgevingsvisie een uitvoeringsmodel. Dit model is gebaseerd op drie niveaus, te weten: 1. Of - generieke beleidskeuzes; 2. Waar - ontwikkelingsperspectieven; 3. Hoe - gebiedskenmerken.
4.2.3.1
Of - Generieke beleidskeuzes Maatschappelijke opgaven zijn leidend in het handelen. Allereerst is het dan ook de vraag of er een maatschappelijke opgave is. Of een initiatief mogelijk is, wordt onder andere bepaald door generieke beleidskeuzes van EU, Rijk of provincie. Denk hierbij aan beleidskeuzes om basiskwaliteiten als schoon drinkwater en droge voeten te garanderen. Maar ook aan beleidskeuzes om overaanbod van bijvoorbeeld woningbouwen kantorenlocaties – en daarmee grote financiële en maatschappelijke kosten – te voorkomen. In de omgevingsvisie zijn de provinciale beleidskeuzes hieromtrent vastgelegd. De generieke beleidskeuzes zijn vaak normstellend. Dit betekent dat ze opgevolgd moeten worden: het zijn randvoorwaarden waarmee iedereen rekening moet houden vanwege zwaarwegende publieke belangen. De normstellende beleidskeuzes zijn vastgelegd in de omgevingsverordening.
4.2.3.2
Waar - Ontwikkelingsperspectieven Na het beantwoorden van de of-vraag, is de vraag waar het initiatief past of ontwikkeld kan worden. De Omgevingsvisie onderscheidt zes ontwikkelingsperspectieven. Deze ontwikkelingsperspectieven schetsen een ruimtelijk perspectief voor een combinatie van functies en geven aan welke beleids- en kwaliteitsambities leidend zijn. De ontwikkelingsperspectieven geven zo richting aan waar wat ontwikkeld zou kunnen worden.
18
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
De ontwikkelingsperspectieven zijn richtinggevend. Dit betekent dat er ruimte is voor lokale afweging: een gemeente kan vanwege maatschappelijke en/of sociaal-economische redenen in haar Omgevingsvisie en bestemmings- of omgevingsplan een andere invulling kiezen. Die dient dan wel te passen binnen de – voor dat ontwikkelingsperspectief – geldende kwaliteitsambities. Daarbij dienen de nieuwe ontwikkelingen verbonden te worden met de bestaande kenmerken van het gebied, conform de Catalogus Gebiedskenmerken (de derde stap in het uitvoeringsmodel). Naast ruimte voor een lokale afweging ten aanzien van functies en ruimtegebruik, is er ruimte voor een lokale invulling van de begrenzing: de grenzen van de ontwikkelingsperspectieven zijn signaleringsgrenzen. 4.2.3.3
Hoe - Gebiedskenmerken Ten slotte is de vraag hoe het initiatief ingepast kan worden in het landschap. De gebiedskenmerken spelen een belangrijke rol bij deze vraag. Onder gebiedskenmerken worden de ruimtelijke kenmerken van een gebied of gebiedstype die bepalend zijn voor de karakteristiek en kwaliteit van dat gebied of gebiedstype verstaan. Voor alle gebiedstypen in Overijssel beschrijft de Catalogus Gebiedskenmerken welke kwaliteiten en kenmerken van provinciaal belang zijn en behouden, versterkt of ontwikkeld moeten worden. De gebiedskenmerken zijn soms normstellend, maar meestal richtinggevend of inspirerend. Voor de normerende uitspraken geldt dat deze opgevolgd dienen te worden; ze zijn in de omgevingsverordening geregeld. De richtinggevende uitspraken zijn randvoorwaarden waarmee in principe rekening gehouden moet worden. Hier kan gemotiveerd van worden afgeweken, mits aannemelijk is gemaakt dat met het alternatief de kwaliteitsambities even goed of zelfs beter gerealiseerd kunnen worden. De inspirerende uitspraken bieden een wenkend perspectief: het zijn voorbeelden van de wijze waarop ruimtelijke kwaliteitsambities ingevuld kunnen worden. De inspirerende uitspraken bieden een wenkend perspectief: het zijn voorbeelden van de wijze waarop ruimtelijke kwaliteitsambities ingevuld kunnen worden. Initiatiefnemers kunnen zich hierdoor laten inspireren, maar dit hoeft niet.
vastgesteld
19
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Afbeelding 4.1 Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel (Bron: Provincie Overijssel) 4.2.4
Toetsing van het initiatief aan het Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel Indien het concrete initiatief wordt getoetst aan de Omgevingsvisie Overijssel ontstaat globaal het volgende beeld.
4.2.4.1
Of - Generieke beleidskeuzes Bij de afwegingen in de eerste fase 'generieke beleidskeuzes' zijn met name artikelen 4.5, 4.8, 4.9 en 4.11 van de Omgevingsverordening Overijssel van belang. Op deze artikelen wordt hierna ingegaan. Artikel 4.5: Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik Omgevingsplannen maken alleen extra ruimtebeslag voor stedelijke functies in de Groene Omgeving mogelijk aansluitend op bestaand bebouwd gebied en als aannemelijk gemaakt is dat: a. er voor deze opgave in redelijkheid geen ruimte beschikbaar is binnen het bestaande bebouwd gebied; b. de ruimte binnen het bestaand bebouwd gebied ook niet geschikt te maken is door herstructurering en transformatie; en c. mogelijkheden voor meervoudig ruimtegebruik binnen het bestaand bebouwd gebied optimaal zijn benut. Toetsing van het initiatief aan artikel 4.5 van de Omgevingsverordening Overijssel De ontwikkeling vindt plaats in het buitengebied, op een bestaand erf. In zijn totaliteit neemt de hoeveelheid bebouwing fors af in het plangebied, gezien de sloop van de (voormalige) agrarische bedrijfsbebouwing. Hierdoor wordt optimaal gebruikgemaakt van een reeds bestaand agrarisch erf, zonder dat er sprake is van nieuwe bebouwing in de groene omgeving. De nieuwe functie, met bijbehorende bebouwing, is passend in het buitengebied.
Het zijn immers gebouwen die inherent zijn aan de agrarische functie en aan de recreatieve functie. Bovendien zijn deze functies (hobbymatig houden van vee, akkerbouw en recreatie) functies die gelieerd zijn aan het buitengebied. De gebouwen en functies worden allemaal binnen het bestaande bebouwde bouwvlak gerealiseerd. Daarnaast wordt er in het gehele plangebied een inpassing geleverd ten behoeve van de landschappelijke inpassing. Er is dan ook sprake van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik. Artikel 4.8: Ontwikkelen met ruimtelijke kwaliteit In omgevingsplannen worden alleen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt die de ruimtelijke kwaliteit versterken. Artikel 4.9: Onderbouwing ruimtelijke kwaliteit Lid 1 Omgevingsplannen bevatten een onderbouwing waaruit blijkt dat nieuwe ontwikkelingen bijdragen aan ruimtelijke kwaliteit waarin: a. het uitvoeringsmodel (OF-, WAAR- en HOE-benadering) uit de omgevingsvisie Overijssel wordt toegepast; b. wordt gemotiveerd dat de nieuwe ontwikkeling past binnen het ontwikkelingsperspectief dat volgens de omgevingsvisie Overijssel van toepassing is voor het gebied; en c. inzichtelijk gemaakt wordt hoe de vier-lagenbenadering van het uitvoeringsmodel is toegepast en de catalogus Gebiedskenmerken (Bijlage VII) is gebruikt bij de ruimtelijke inpassing van de nieuwe ontwikkeling.
Toetsing van het initiatief aan artikelen 4.8 en 4.9 van de Omgevingsverordening Overijssel Zoals blijkt uit de beschrijving in paragraaf 3.1 in combinatie met de verantwoording in dit hoofdstuk wordt de ontwikkeling landschappelijk ingepast conform de ter plaatse
20
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
geldende gebiedskenmerken en het ontwikkelingsperspectief (zie verderop in deze paragraaf). De hoeveelheid verharding in het buitengebied neemt als gevolg van de ontwikkeling af. De beplantingskeuze en de locatie van de aanplant is mede gebaseerd op de geldende gebiedskenmerken. Gezien het vorenstaande wordt geconcludeerd dat de in dit plan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met deze artikelen. Artikel 4.11: Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving Omgevingsplannen laten alleen nieuwvestiging en grootschalige uitbreiding van bestaande functies toe in de Groene Omgeving als: a. daarvoor sociaaleconomische of maatschappelijke redenen voor zijn; b. het verlies aan ecologische of landschappelijke waarden in voldoende mate wordt gecompenseerd door investeringen in versterking van de ruimtelijke kwaliteit in de omgeving; Toetsing van het voornemen aan artikel 4.11 van de Omgevingsverordening Overijssel Het voorliggende plan leidt tot een kwaliteitsimpuls in de groene omgeving (buitengebied) van de gemeente Hof van Twente. De meerwaarde vertaalt zich in: Sloop van 6.081 m2 aan landschapsontsierende bebouwing; de verwijdering van overtollige erfverharding en agrarische voorzieningen; het landschappelijke inpassen van de nieuwe erfsituatie. De basis hiervoor is het ruimtelijk kwaliteitsplan dat is opgenomen in Bijlage 1 van deze motivering.
In hoofdstuk 5 van dit Ruimtelijk Kwaliteitsplan is aangetoond dat de ruimtelijke ingrepen, waaronder de sloop van verouderde en ontsierende bebouwing en de landschappelijke inpassing van nieuwbouw en erfbeplanting, de karakteristieke structuur van Oude hoevenlandschap versterken. De ontwikkeling draagt bij aan een duurzame en landschappelijk ingepaste inrichting van het gebied. Het plan draagt bij aan de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving. 4.2.4.2
Waar - Ontwikkelingsperspectieven De opgaven, kansen, beleidsambities en ruimtelijke kwaliteitsambities voor de provincie zijn geschetst in ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving en stedelijke omgeving. Met de ontwikkelingsperspectieven wordt de ruimtelijke ontwikkelingsvisie van de provincie Overijssel vorm gegeven. Hiervoor gelden de gebiedskenmerken als onderligger. In dit geval zijn de ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving van belang. In de groene ruimte gaat het - kort door de bocht - om het behoud en de versterking van het landschap, het realiseren van een samenhangend netwerk van gebieden met natuur- en waterkwaliteit, ontwikkelingsmogelijkheden voor de landbouw, het toerisme en andere economische dragers, realisatie van waterkwaliteitsdoelen, het duurzaam beheer van drinkwatervoorraden én het opwekken van hernieuwbare energie. In de Groene Omgeving onderscheidt de provincie de volgende drie ontwikkelingsperspectieven: de zone Ondernemen met Natuur en Water (ONW); agrarisch ondernemen in het grootschalig landschap; wonen en werken in het kleinschalig mixlandschap. Het plangebied behoort tot het ontwikkelingsperspectief 'Wonen en werken in het kleinschalig mixlandschap'. In afbeelding 4.2 is een uitsnede van de ontwikkelingsperspectievenkaart opgenomen, waarin het plangebied indicatief met rode contour is omlijnd.
vastgesteld
21
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Afbeelding 4.2: Uitsnede ontwikkelingsperspectievenkaart Omgevingsvisie Overijssel (Bron: Provincie Overijssel) 'Wonen en werken in het kleinschalig mixlandschap' Het ontwikkelingsperspectief 'Wonen en werken in het kleinschalige mixlandschap' richt zich op het in harmonie met elkaar ontwikkelen van de diverse functies in het buitengebied. Aan de ene kant melkveehouderij, akkerbouw en opwekking van hernieuwbare energie als belangrijke vormen van landgebruik. Aan de andere kant gebruik voor natuur, recreatie, wonen en andere bedrijvigheid. De ontwikkelingsmogelijkheden voor de landbouw, maar ook die voor de andere sectoren, willen we in dit ontwikkelingsperspectief nadrukkelijk verbinden met behoud en versterking van cultuurhistorische, natuurlijke en landschapselementen. Toetsing van het initiatief aan het 'Ontwik kelingsperspectief' Het voornemen maakt diverse functies mogelijk, waaronder akkerbouw, luxe plattelandsappartementen en een kleinschalig kampeerterrein. Door zorgvuldig ruimtegebruik, landschappelijke inpassing en het inzetten van sloopcompensaties wordt het behoud van landschappelijke kwaliteit gewaarborgd. Daarnaast draagt het plan bij aan de versterking van recreatie en wonen in het buitengebied. Hierdoor ontstaat een dynamisch, multifunctioneel en toekomstbestendig buitengebied. 4.2.4.3
Hoe - Gebiedskenmerken Op basis van gebiedskenmerken in vier lagen (natuurlijke laag, laag van het agrarisch-cultuurlandschap, stedelijke laag en de laag van de beleving) gelden specifieke kwaliteitsvoorwaarden en –opgaven voor ruimtelijke ontwikkelingen. Op basis van gebiedskenmerken in vier lagen (natuurlijke laag, laag van het agrarisch-cultuurlandschap, stedelijke laag en de laag van de beleving) gelden specifieke kwaliteitsvoorwaarden en –opgaven voor ruimtelijke ontwikkelingen. De 'Stedelijke laag' en 'Laag van de beleving' worden buiten beschouwing gelaten, aangezien geen kenmerken of elementen vanuit deze lagen op het plangebied van toepassing zijn. De 'Natuurlijke laag'
22
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
Overijssel bestaat uit een rijk en gevarieerd spectrum aan natuurlijke landschappen. Deze vormen de basis voor het gehele grondgebied van Overijssel. Het beter afstemmen van ruimtelijke ontwikkelingen op de natuurlijke laag kan ervoor zorgen dat de natuurlijke kwaliteiten van de provincie weer mede beeldbepalend worden. Dit kan ook in steden en dorpen, bijvoorbeeld in nieuwe waterrijke woonmilieus en met betrekking tot nieuwe natuur in stad en dorp. Het plangebied is op de gebiedskenmerkenkaart van de 'Natuurlijke laag' aangeduid met het gebiedstypes 'Dekzandvlakte en ruggen' en 'Beekdalen en natte laagtes'. Onderstaande afbeelding betreft een uitsnede van de gebiedskenmerkenkaart van de “Natuurlijke laag”. De ligging van het plangebied is indicatief weergegeven met een rode omlijning.
Afbeelding 4.3: Uitsnede Natuurlijke Laag Omgevingsvisie Overijssel (Bron: Provincie Overijssel) "Dekzandvlakte en ruggen" De dekzandgronden beslaan een groot gedeelte van de oppervlakte van de provincie. Na de ijstijden bleef er in grote delen een reliëfrijk - door de wind gevormd zandlandschap achter, dat gekenmerkt wordt door relatief grote verschillen tussen hoog/droog en laag/nat gebied. Als ontwikkelingen plaats vinden, dan dragen deze bij aan het beter zichtbaar en beleefbaar maken van de hoogteverschillen en het watersysteem. Beiden zijn tevens uitgangspunt bij (her)inrichting. Bij ontwikkelingen is de (strekkings)richting van het landschap, gevormd door de afwisseling van beekdalen en ruggen, het uitgangspunt. "Beekdalen en natte laagtes" Het Overijsselse zandlandschap is van oorsprong kletsnat. In de laagtes van het zandgebied verzamelde zich het water. Hier ontwikkelden zich moerassen en broekbossen, waar het water in de loop van het seizoen geleidelijk uit weg sijpelde naar de lager gelegen delen, naar de beken en rivieren. Als ontwikkelingen plaats vinden in of in de directe nabijheid van beekdalen en natte laagtes, dan dragen deze bij aan extra ruimte voor de dynamiek van het stromende water en het vasthouden van water, aan versterking van de samenhang in het beeksysteem en aan vergroting van de zichtbaarheid, bereikbaarheid en beleefbaarheid
vastgesteld
23
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
van het water. Dit zijn uitgangspunten bij (her)inrichting. Toetsing van het initiatief aan de 'Natuurlijke Laag' Voor het voorliggende plan is een ruimtelijk kwaliteitsplan opgesteld (zie paragraaf 3.1.2 en Bijlage 1), waarin rekening is gehouden met de natuurlijke ondergrond van het plangebied. De gekozen beplanting sluit aan bij de potentiële natuurlijke vegetatie op deze locatie. Geconcludeerd wordt dat voorgenomen ontwikkeling in overeenstemming is met de 'Natuurlijke laag'. De 'Laag van het agrarisch cultuurlandschap' In de 'Laag van het agrarisch cultuurlandschap' gaat het er altijd om dat de mens inspeelt op de natuurlijke omstandigheden en die ten nutte maakt. Hierbij hebben nooit ideeën over schoonheid een rol gespeeld. Wel zijn we ze in de loop van de tijd gaan waarderen om hun ruimtelijke kwaliteiten. Vooral herkenbaarheid, contrast en afwisseling worden gewaardeerd. De ambitie is gericht op het voortbouwen aan de kenmerkende structuren van de agrarische cultuurlandschappen door óf versterking óf behoud óf ontwikkeling of een combinatie hiervan. Het plangebied ligt in de gebiedstype 'Oude hoevenlandschap'. In afbeelding 4.4 is dat met blauwe omlijning weergegeven.
Afbeelding 4.4: Uitsnede Laag van het agrarisch cultuurlandschap Omgevingsvisie Overijssel (Bron: Provincie Overijssel) "Oude hoevenlandschap" Het Oude Hoevenlandschap betreft een landschap met verspreide erven. Het werd ontwikkeld nadat de complexen met de grote essen 'bezet' waren en een volgende generatie boeren nieuwe ontwikkelingsruimte zocht. Die vonden ze bij kleine dekzandkopjes die individueel werden ontgonnen. Dit leidde tot een landschap dat dezelfde opbouw kent als het essenlandschap, alleen in een meer kleinschalige, meer individuele en jongere variant. Deze kleinere maat en schaal is tevens de reflectie van de natuurlijke ondergrond. Het landschap is contrastrijk met veel variatie op de korte afstand. Als ontwikkelingen plaats vinden in het oude hoevenlandschap, dan dragen deze bij aan behoud en accentuering van de dragende structuren (groenstructuur en routes) van het oude hoevenlandschap, en aan de samenhang en de karakteristieke verschillen
24
vastgesteld
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
tussen de landschapselementen. Toetsing van het initiatief aan de 'Laag van het agrarisch cultuurlandschap' De ontwikkeling vindt plaats binnen een bestaand erf in het buitengebied, waarbij een gedeelte van de bestaande agrarische bebouwing wordt gesloopt en een combinatie van functies (zoals wonen, extensieve akkerbouw, kleinschalige bedrijvigheid en recreatie) wordt gerealiseerd. Dit is passend binnen het Oude Hoevenlandschap met verspreid liggende erven. Door zorgvuldig ruimtegebruik, landschappelijke inpassing en het inzetten van sloopcompensaties wordt het behoud van landschappelijke kwaliteit gewaarborgd. 4.2.5
Conclusie toetsing aan het provinciaal beleid Geconcludeerd kan worden dat de in dit voorliggende TAM-omgevingsplan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met het in de Omgevingsvisie Overijssel verwoorde en in de Omgevingsverordening verankerde provinciaal ruimtelijk beleid.
4.3
Gemeentelijk beleid Het gemeentelijk beleid is verwoord in tal van plannen. De belangrijkste beleidsdocumenten die van toepassing zijn op de gewenste ontwikkeling worden hieronder behandeld.
4.3.1
Strategische Visie 'Hof van Twente - Zicht op 2030'
4.3.1.1
Algemeen In de strategische visie 'Hof van Twente, zicht op 2030' heeft de gemeente Hof van Twente de toekomstvisie voor haar grondgebied vastgelegd. De gemeenteraad heeft de strategische visie op 1 juni 2010 definitief vastgesteld. De visie bevat naast een overzicht van te verwachten trends en ontwikkelingen ook informatie over de gewenste identiteit voor Hof van Twente. Over deze gewenste identiteit is in januari 2009 meegedacht door ruim 60 inwoners uit allerlei geledingen van de gemeente en daarbuiten. In 20 streefbeelden geeft het gemeentebestuur aan in welke richting het beleid voor de komende jaren moet worden ontwikkeld. Streefbeeld 10 en 11 zijn voornamelijk van belang. Deze worden hierna behandeld.
4.3.1.2 Streefbeeld 10: Unieke landschappelijke en cultuurlandschappelijke kwaliteiten verder ontwikkeld Het landschap, de parel van Hof van Twente, heeft in 2030 nog altijd een belangrijke plaats. De structuur van het landschap, met deelgebieden stuwwal/verzamelgebied (westelijk), dekzandgebied (midden) en plateau (oostelijk), maar ook het reliëf en het watersysteem zijn leidend. In de waardevolle ensembles (landschap met natuur- en cultuurhistorische waarden) wordt behoudt, onderhoud en herstel van cultuurhistorische en ecologische waarden in praktijk gebracht. Voltooiing van de ecologische hoofdstructuur is eveneens een herkenbaar resultaat. In 2030 is deze een feit. Bestaande natuurgebieden zijn binnen de gemeente en daarbuiten verbonden met elkaar, waardoor duurzame instandhouding van flora en fauna mogelijk is geworden. De reconstructieplannen die aan het begin van de eeuw zijn gemaakt, zijn uitgevoerd. Dit betekent dat ruimtelijke knelpunten, zoals agrarische bedrijven in de directe nabijheid van natuur of milieuhinderveroorzakende bedrijven in het buitengebied, zijn opgelost. Voor nieuwe inrichting van het landschap door functiewijziging zijn oorspronkelijke landschapstypen richtinggevend. Landgoederen hebben in 2030 hun ruimtelijke visies uit het begin van de eeuw uitgevoerd en de Bovenregge slingert weer als vanouds door het landschap.
Dit lint van water door het landschap refereert aan de historie. Het project Bovenregge van Schipbeek tot Elsenerbroek visualiseert de verbinding tussen stad en landelijk gebied.
vastgesteld
25
TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente 22q Spenkelinksweg 4, Ambt Delden
4.3.1.3 Streefbeeld 11: Nieuw evenwicht in functies in het buitengebied is ontstaan met een nieuwe toeristisch-recreatieve publiekstrekker Hof van Twente kenmerkt zich door kleinschalige initiatieven en een hoge mate van vakmanschap. In deze combinatie zijn in 2030 veel kleine innovaties gemaakt. Denk aan knooperven waar eigenaren zorgdragen voor landschapselementen als paden en houtwallen. Of verschillende vormen van CO2 reductie bij agrarische bedrijven en hun toe- en afvoer. Of de kennis die we opbouwen in het toekomstbestendig maken van onze gemeente in het licht van vergrijzing en krimp. Het aandeel van recreatie en toerisme in de lokale economie is in 2030 onverminderd groot in Hof van Twente. De toeristisch-recreatieve infrastructuur is geoptimaliseerd. Het landschap is de belangrijkste drager voor recreatie en toerisme en is daarom sturend in de mogelijkheden die er zijn. Er is invulling gegeven aan de behoefte die er was aan de toevoeging van een attractie van bovenregionaal belang. Hierbij is actief gebruik gemaakt van de toeristisch-recreatieve potentie die het gebied de Domelaar in Markelo bood, na de afbouw van de zandwinningsactiviteiten. Er zijn attracties voor gezinnen en er is een verbeterde verknoping van de bestaande attracties en verblijfaccommodaties in de regio in de vorm van arrangementen. 4.3.1.4
Toetsing aan de Strategische Visie 'Hof van Twente - Zicht op 2030' De voorgestelde ontwikkeling sluit aan bij de strategische visie ‘Hof van Twente – Zicht op 2030’. Door het slopen van overtollige bebouwing ontstaat ruimte nieuwe initiatieven, zoals recreatie, waarmee de landschappelijke kwaliteit wordt versterkt. Het voortzetten van het akkerbouwbedrijf met recreatie past bij het gemeentelijke beleid. De luxe plattelandsappartementen en het kleinschalige kampeerterrein met camperplaatsen en trekkershutten ondersteunt de ambitie om recreatie en toerisme in het buitengebied te stimuleren. Het stoppen met het bedrijfsmatig houden van landbouwhuisdieren bevordert de ruimtelijke kwaliteit. Het ruimtelijk kwaliteitsplan zorgt ervoor dat deze ontwikkelingen landschappelijk zorgvuldig worden ingepast.