02 TAM-omgevingsplan Winterkamperweg 24a-26 Toelichting
Tekst van het document
MOTIVERING TEN BEHOEVE VAN: TAM-OMGEVINGSPLAN GEMEENTE HOF VAN TWENTE HOOFDSTUK 22AF WINTERKAMPERWEG 24A/26 MARKELO Plannaam: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo Plantype: Motivering behorende bij een TAM-Omgevingsplan Status: Vastgesteld Datum: 27-07-2026 IMRO-idn: NL.IMRO.1735.BGxWinterkmpw26-VS10 Projectkenmerk: SRo Motivering ten behoeve van: TAM -Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo MOTIVERING TEN BEHOEVE VAN: TAM-OMGEVINGSPLAN GEMEENTE HOF VAN TWENTE HOOFDSTUK 22AF WINTERKAMPERWEG 24A/26 MARKELO Initiatieflocatie: Winterkamperweg 24a-26 7475 SJ Markelo Adviseur/contact: SRo, FarmConsult Postbus 91 7240 AB Lochem farmconsult@forfarmers.eu Datum: Juli 2026 Versie: 4 Motivering ten behoeve van: TAM -Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo Inhoudsopgave 1 INLEIDING ........................................................................................................................................... 1 1.1 Aanleiding ........................................................................................................................................................................ 1 1.2 Ligging en begrenzing van het plangebied ..........................................................................................
3 1.3 Geldend omgevingsplan ..................................................................................................................................... 3 1.4 Doelen van de wet .................................................................................................................................................... 5 1.5 TAM-Omgevingsplan ............................................................................................................................................. 5 1.6 Bij het plan horende stukken............................................................................................................................. 5 1.7 Leeswijzer ......................................................................................................................................................................... 6 2 GEBIEDSPROFIEL EN BESLUITPROFIEL ..................................................................................................... 7 2.1 Ruimtelijke en functionele hoofdstructuur ............................................................................................. 7 2.2 Bestaande situatie ....................................................................................................................................................
8 2.3 Toekomstige situatie ............................................................................................................................................... 9 2.4 Ruimtelijke en stedenbouwkundige effecten ....................................................................................... 11 2.5 Landschappelijke inpassing .............................................................................................................................. 11 3 BELEIDSKADER ................................................................................................................................. 13 3.1 Rijksbeleid ...................................................................................................................................................................... 13 3.2 Provinciaal beleid .................................................................................................................................................... 16 3.3 Gemeentelijk beleid ..............................................................................................................................................
22 4 ASPECTEN FYSIEKE LEEFOMGEVING ....................................................................................................28 4.1 M.e.r.-beoordeling .................................................................................................................................................. 28 4.2 Milieuaspecten ......................................................................................................................................................... 29 4.3 Fysieke aspecten .................................................................................................................................................... 50 5 UITVOERBAARHEID .......................................................................................................................... 61 5.1 Financieel-economische uitvoerbaarheid .......................................................................................... 61 5.2 Participatie .................................................................................................................................................................... 61 6 TOETSING EVENWICHTIGE TOEDELING VAN FUNCTIES AAN LOCATIES .................................................... 63 7 TOELICHTING OP DE REGELS ..............................................................................................................
64 7.1 Inleiding .......................................................................................................................................................................... 64 7.2 Opzet regels ................................................................................................................................................................ 64 8 BIJLAGEN ....................................................................................................................................... 68 Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 1 1 Inleiding 1.1 Aanleiding Initiatiefnemer bezit een gemengd veehouderijbedrijf bestaande uit een rundveetak en varkenshouderijtak aan de Winterkamperweg 24 – 26 te Markelo in de gemeente Hof van Twente. Initiatiefnemer heeft de locatie aangemeld voor de Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv). Als gevolg van deelname aan deze regeling zal het veehouderijbedrijf op locatie worden beëindigd. In lijn met de Lbv -regeling dient dan een functiewijziging plaats te vinden van de veehouderijlocatie. Als onderdeel van de stoppersregelingen dient initiatiefnemer te voldoen aan diverse voorwaarden.
Een van de voorwaarden van RVO, waar initiatiefnemer in de eerste 12 maanden na ondertekening van de beschikking aan moet voldoen, is een ‘wijziging van het Omgevingsplan’. Voor de projectlocatie is vroegtijdig het vooroverleg gestart met de gemeente Hof van Twente. Hiertoe is de volgende herontwikkeling voorgesteld: 1. Alle aanwezige gebouwen, voorzieningen en verhardingen behorende tot de veehouderij te slopen. Het te slopen oppervlak bedraagt in totaal 1.928 m2, maar in het kader van de sloopvoucherregeling blijft een deel van de bedrijfsbebouwing behouden / herontwikkeld. In dit kader is het definitieve sloop oppervlak 1.128 m². Afbeelding 1 Luchtfoto bestaande situatie Winterkamperweg 24a-26 Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 2 2. Bedrijfswoning met huisnummer 24a wordt qua functie gewijzigd naar een plattelandswoning. 3. Bedrijfswoning inclusief aangebouwd bijgebouw, overkapping en garage behorende tot huisnummer 26 blijft behouden en ongewijzigd. 4. Op locatie #26 wordt een agrarisch bedrijf voortgezet bestaande uit de volgende ontwikkelingen: a. Behouden werkplaats ten behoeve van voortzetting agrarisch bedrijf; b. Behouden kapschuur; c. Behouden potstal ten behoeve van het hobbymatig houden van maximaal 10 stuks vleesrunderen met een bebouwd oppervlak à 120 m2; d.
Realiseren nieuwe hooiopslag met een bebouwd oppervlak à 192 m2; e. Realiseren nieuwe werktuigenberging inclusief statische opslag met een bebouwd oppervlak à 240 m2; 4. De omliggende gronden zullen agrarisch in gebruik blijven behorend tot het omliggende cultuurlandschap. Het erf wordt landschappelijk ingepast. Dit heeft geresulteerd in een positieve principemedewerking (d.d. 24-09-25, kenmerk: 1014735). Ter impressie zie kader. Deze voorwaarden worden vertaald in voorliggend plan. Om de ontwikkeling in juridisch planologische zin mogelijk te maken dient een procedure worden doorlopen via een Wijziging van het Omgevingsplan (TAM-IMRO). Voorliggende motivering vormt de
Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 3 motivering dat daarbij sprake is van een evenwichtige toedeling van functies (ETFAL) behorende tot Wijziging van het Omgevingsplan. 1.2 Ligging en begrenzing van het plangebied Het plangebied is kadastraal bekend als Markelo sectie 0, nummers 532, 533 (ged.) en 534 (ged.) gelegen op het adres Winterkamperweg 24a -26 te Markelo. De kadastrale situatie is volledig in eigendom van initiatiefnemer, inclusief diverse gronden in de omgeving. In onderstaande luchtfoto is de ligging van het plangebied weergeven. 1.3 Geldend omgevingsplan Sinds de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024 hebben de gemeenten geen bestemmingsplannen meer maar één gemeentebreed omgevingsplan. De gemeente Hof van Twente heeft nog geen geheel nieuw omgevingsplan opgesteld. Alle ‘oude’ bestemmingsplannen zijn daarom op 1 januari 2024 van rechtswege samengevoegd tot één tijdelijk omgevingsplan. Ter plaatse van de Winterkamperweg 24-26 geldt het bestemmingsplan ‘Buitengebied Hof van Twente’, zoals deze onderdeel uitmaakt van het gemeentelijk omgevingsplan. Het erf heeft een bestemming ‘Agrarisch met waarden’ inclusief een ruim bouwvlak en functieaanduiding ‘intensieve veehouderij’.
De aanwezige bedrijfsgebouwen, twee Afbeelding 2 Kadastrale situatie Winterkamperweg 24a-26 Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 4 bedrijfswoning en diverse voorzieningen zijn gelegen binnen deze enkelbestemming. Omliggende gronden hebben een bestemming ‘Agrarisch met waarden’. De beoogde ontwikkeling is in strijd met de regels van het omgevingsplan. Er is immers in de toekomstige situatie geen sprake meer van een intensieve veehouderij. Echter, de gronden ter plaatse van de enkelbestemming ‘Agrarisch met waarden’ zijn bestemd vo or behoud van de aanwezige landschapswaarden zijnde: beeldbepalende landschapselementen, beslotenheid, hoogteverschillen, rustige omstandigheden, natuur en waterhuishouding. Daarnaast zijn ze bestemd voor: de uitoefening van een grondgebonden agrarisch bedrijf en hobbymatig agrarisch gebruik. Het beoogde gebruik ter plaatse van huisnummer 26 valt binnen de gebruiksregels en bouwregels van het omgevingsplan. Ter plaatse van huisnummer 24a, waar het beoogde gebruik een wijziging van de tweede bedrijfswoning naar plattelandswoning betreft, geldt een strijdigheid in het beoogde gebruik ten opzichte van het omgevingsplan. Echter, in het bestemmingsplan ‘Buitengebied Hof van Twente, veegplan 2021’ is een plattelandswoningregeling opgenomen in artikel 4.5.6.
Voor meer informatie en een nadere toetsing zie paragraaf 3.3.3. Het omgevingsplan moet worden gewijzigd om de voorliggende plannen mogelijk te maken. Voor meer informatie zie paragraaf 2.3. Voorliggende motivering vormt de motivering dat daarbij sprake is van een evenwichtige toedeling van functies (ETFAL) behorende tot Wijziging van het Omgevingsplan (TAM-IMRO). Afbeelding 3 uitsnede bestemmingsplan ‘Buitengebied Hof van Twente’ Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 5 1.4 Doelen van de wet Het vaststellen van een omgevingsplan staat volledig in het teken van het bereiken van de maatschappelijke doelen van de Omgevingswet. Artikel 1.3 van de Omgevingswet geeft aan dat de wet, met het oog op duurzame ontwikkeling, de bewoonbaarheid van het land en de bescherming en verbetering van het leefmilieu, is gericht op het in onderlinge samenhang: a. bereiken en in stand houden van een veilige en gezonde leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit, en b. doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van de fysieke leefomgeving ter vervulling van maatschappelijke behoeften. Artikel 2.1, eerste lid, van de Omgevingswet schrijft voor dat bestuursorganen, dus ook het gemeentebestuur, de taken en bevoegdheden op grond van de wet uitoefenen met het oog op deze maatschappelijke doelen.
1.5 TAM-Omgevingsplan Een TAM-IMRO omgevingsplan is op het oog een omgevingsplan dat los staat van de rest van het omgevingsplan. Toch is het functioneel en juridisch een integraal onderdeel van het omgevingsplan. Een TAM-IMRO Omgevingsplan maakt gebruik van de techniek voor planvorming zoals dat gebruikt werd onder de Wet ruimtelijke ordening. Deze techniek betreft de uitwisselingsstandaard IMRO (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) en de voorziening Ruimtelijkeplannen.nl. De TAM-IMRO plannen maken deel uit van het nieuwe deel van het omgevingsplan. Het is immers een wijziging van het omgevingsplan van rechtswege, alleen wordt die opgesteld, bekendgemaakt en beschikbaar gesteld met de IMRO-techniek. TAM-IMRO plannen hebben weliswaar de technische vorm van de bestemmingsplannen die deel zijn van het tijdelijk deel, maar juridisch gezien vallen ze onder het nieuwe deel. Ze moeten dus ook voldoen aan de instructieregels uit het Bkl en van de provincie. 1.6 Bij het plan horende stukken Het onderhavige 'TAM-omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo' bestaat naast deze motivering uit de volgende stukken. • Verbeelding (identificatie 'NL.IMRO.1735.BGxWinterkmpw26-VS10'); • Bijlagen bij de motivering; • Regels; • Bijlagen bij de regels. Voor meer informatie zie hoofdstuk 7.
Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 6 1.7 Leeswijzer Na dit inleidende hoofdstuk vormen de daaropvolgende hoofdstukken de verantwoording van de activiteit die deze motivering mogelijk maakt: • Hoofdstuk 2 bevat een beschrijving en analyse van de huidige ruimtelijk-functionele situatie en wordt ingegaan op de gewenste situatie, de beoogde ontwikkeling; • In hoofdstuk 3 wordt het Rijks -, provinciaal -, regionaal - en gemeentelijk beleid beschreven; • In hoofdstuk 4 wordt inzicht gegeven in diverse planologische omgevingsaspecten die relevant zijn voor de fysieke leefomgeving en die getoetst dienen te worden aan het principe van een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’; • Hoofdstuk 5 besteedt aandacht aan de beperkingsgebieden; • Hoofdstuk 6 besteedt aandacht aan de uitvoerbaarheid van het planvoornemen; • In hoofdstuk 7 wordt beschreven hoe het Wijziging omgevingsplan is opgesteld; • Gedetailleerde informatie zoals tekeningen, onderzoeksrapportages en verslagen zijn bijgevoegd in de separate bijlagen in hoofdstuk 8.
Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 7 2 Gebiedsprofiel en besluitprofiel 2.1 Ruimtelijke en functionele hoofdstructuur Het plangebied is gelegen in het buitengebied van Markelo in de gemeente Hof van Twente. De locatie ligt nabij een Natura 2000 -gebied ‘Borkeld’. De Borkeld is onderdeel van een eindmorene tussen Hellendoorn en Lochem. Het gebied is gevarieerd door gradiënten in hoogte en tussen zandige, ijzerhoudende lemige en venige bodem. Het leemkuilengebied is deels vergraven en deels onvergraven. Als gevolg hi ervan bestaat het uit een kleinschalig patroon van heischrale graslanden en natte heide, omgeven door bos. Ten zuiden van dit Natura 2000 -gebied is het plangebied Winterkamperweg 24a -26 gelegen. De directe omgeving van het plangebied kent een overwegend agrarisch karakter. Het plangebied is gelegen ten noorden van Markelo op afstand van Rijksweg A1. In de bestaande situatie is op locatie sprake van een gemengd veehouderijbedrijf bestaande uit een rundveetak en varkenshouderijtak , waarbij twee bedrijfswoningen met diverse bijgebouwen en voorzieningen behorend bij het veebedrijf aanwezig zijn. Met het project wordt de veehouderij gestaakt. Hiertoe worden diverse bedrijfsgebouwen gesloopt.
Het plangebied leent zich voor wat betreft aard en omvang uitstekend voor een voortzetting van een agrarisch bedrijf. Hierdoor ontstaat er een toekomstbestendige locatie. Voor een duiding van de bestaande situatie, zie bijlage 1. Afbeelding 4 Uitsnede topografische kaart met aanduiding plangebied (rode pijl) Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 8 Met voorliggende ontwikkeling wordt het erf herontwikkeld en opnieuw landschappelijk ingepast. Functioneel past de ontwikkeling in de omgeving. Dit geldt ook voor de stedenbouwkundige en ruimtelijke structuur. 2.2 Bestaande situatie Het bedrijfsperceel betreft een gemengd veehouderijbedrijf bestaande uit een rundveetak en varkenshouderijtak. Er zijn twee bedrijfswoningen aanwezig , zijnde huisnummers 24a en 26. Het bedrijfsperceel heeft een groot bebouwd en verhard oppervlak met diverse bijhorende voorzieningen. Op enkele stallen zijn op dit moment zonnepanelen aanwezig. De locatie beschikt over vier ontsluitingen op de Winterkamperweg. Het bedrijf heeft circa 15 ha grond in eigendom (grasland). In verband met de ondergrond is akkerbouw in de vorm van akkerland niet mogelijk . Voor een impressie van de bestaande situatie van het bedrijfsperceel zie onderstaande luchtfoto.
Het erf heeft diverse erfverhardingen ten behoeve van het onderhoud van de bedrijfsgebouwen en de bereikbaarheid van bedrijfsgebouwen in geval van calamiteiten. Nabij de bedrijfswoningen en aan de voorzijde van het erf is er sprake van enkele erfbeplantingen. Overige gronden en gebouwen zijn niet landschappelijk ingepast. Afbeelding 5 Impressie bestaande situatie (drone opname noord, d.d. 8-3-25) Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 9 2.3 Toekomstige situatie Winterkamperweg 24a – 26 doet mee aan de landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv). In lijn met de stoppersregeling worden de bedrijfsgebouwen, overtollige voorzieningen en overtollige verhardingen gesaneerd. Op locatie is er sprake van een totaal sloopoppervlak bedrijfsgebouwen à 1.928 m 2. Echter in het kader van de sloopvoucherregeling blijft een deel van de bedrijfsbebouwing behouden en wordt een deel herontwikkeld. In dit kader is met voorgenomen plan in relatie tot de sloopvoucherregeling het definitieve sloopoppervlak 1.128 m². In lijn met het staken en het saneren van de veehouderij wordt voorzien in een nieuwe toekomstige invulling. Door het staken van de veehouderij activiteiten neemt de bedrijfsomvang af. Hierdoor is er geen sprake meer voor voldoende werk voor twee huishoudens.
In dit kader wordt in voorliggend plan de tweede bedrijfswoning #24a qua functie gewijzigd naar plattelan dswoning. De b edrijfswoning inclusief aangebouwd bijgebouw, overkapping en garage behorende tot huisnummer 26 blijft behouden en ongewijzigd. Op locatie, behorende tot huisnummer 26, wordt een agrarisch bedrijf voortgezet bestaande uit de volgende ontwikkelingen (ter impressie zie navolgende afbeelding): • Behouden werkplaats ten behoeve van voortzetting agrarisch bedrijf; • Behouden kapschuur; • Behouden potstal ten behoeve van het hobbymatig houden van maximaal 10 stuks vleesrunderen met een bebouwd oppervlak à 120 m 2; • Realiseren nieuwe hooiopslag met een bebouwd oppervlak à 192 m 2; • Realiseren nieuwe werktuigenberging inclusief statische opslag met een bebouwd oppervlak à 240 m2. Afbeelding 6 Impressie planvoornemen inclusief concept landschappelijke inpassing Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 10 In lijn met de sloop wordt bebouwing vernieuwd of opnieuw gebouwd zodat de locatie toekomstbestendig is. Netto worden er drie schuren gesloopt en worden kuilvoerplaten verwijderd. De oppervlakte van deze te slopen schuren is circa 1.128 m². Dit sloop oppervlak wordt ingezet middels ‘sloopvouchers’.
In dit kader wordt in lijn met de functiewijziging op locatie voorzien in een verkleining van het bouwvlak. De toekomstige juridisch planologische situatie is weergeven op navolgende afbeelding. In lijn met het verkleinen van het agrarisch bouwvlak, moet de toekomstige juridisch planologische situatie voorzien van de aanduiding 'specifieke vorm van agrarisch met waarden - houden vee uitgesloten'. Tevens wordt de aanduiding 'intensieve veehouderij' verwijderd en wordt de plattelandswoning geborgd. Het voortzetten van een hobbymatige veehouderijtak is mogelijk op basis van gemeentelijk beleid. Het betreft het hobbymatig houden van maximaal 10 stuks vleesrunderen in de te behouden potstal met een bebouwd oppervlak à 120 m 2. Op basis van gemeentelijk beleid is het mogelijk om ter plaatse van een voormalig veehouderijbedrijf hobbymatig enkele stuks landbouwhuisdieren te houden. In voorliggend geval wordt aangesloten bij dit gemeentelijke standpunt. Volgend op de functie wijziging kan initiatiefnemer uiteindelijk op basis van voorliggend nieuwe juridisch planologisch kader voor de beoogde bouwplannen de benodigde omgevingsvergunningaanvraag indienen voor de omgevingsplanactiviteit ruimtelijk bouwen en eventueel de technische bouwactiviteit. Afbeelding 7 Impressie toekomstige situatie
Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 11 Op locatie zijn reeds voldoende verhardingen en ontsluitingen aanwezig. De bestaande ontsluitingen blijven ongewijzigd. Er zal in lijn met de planontwikkeling voldoende verharding aanwezig zijn voor parkeervoorzieningen bij het agrarisch bedrijf #26 en de plattelandswoning #24a. In lijn met het klimaat en hemelwater in relatie tot de ruimtelijke en landschappelijke waarden in de omgeving, is initiatiefnemer voornemens om het erf landschappelijk in te passen. Voor meer informatie zie navolgende paragraaf 2.5. 2.4 Ruimtelijke en stedenbouwkundige effecten De voorgenomen ontwikkeling is een gewenste ontwikkeling passend binnen het erf en de omgeving. Dit gebied is van origine agrarisch georiënteerd. Het betreft hierbij een combinatie van weidegang en veehouderijbedrijven. Als gevolg van de schaalvergroting en de stoppersregelingen van de Rijksoverheid stoppen een aantal agrarische bedrijven in dit gebied. Ondanks de stoppende bedrijven, blijft het agrarisch grondgebruik (weidegang) de boventoon voeren in het cultuurlandschap. Voorliggende ontwikkeling past ruimtelijk en functioneel in deze omgeving. De functiewijziging van een veehouderijbedrijf naar een akkerbouwbedrijf past in de veranderende omgeving.
Het plangebied leent zich voor wat betreft aard en omvang uitstekend voor een agrarisch bedrijf met plattelandswoning. Hierdoor ontstaat er een toekomstbestendige locatie. In totaliteit neemt m et de ontwikkeling het bebouwd oppervlak af en wordt voorzien in een passende landschappelijke inpassing. Door de ontwikkeling vormt de bebouwing op het erf een geclusterd geheel en is er meer aandacht voor een groene inpassing. Er kan dan ook geconcludeerd worden dat het plan zowel op de korte als op (middel) lange termijn, geen negatieve ruimtelijke en stedenbouwkundige effecten tot gevolg heeft voor de omgeving. 2.5 Landschappelijke inpassing Een voorwaarde voor planmatige ontwikkelingen in het buitengebied op basis van provinciaal- en gemeentelijk beleid is dat een ruimtelijke ontwikkeling zoveel mogelijk bij draagt aan de versterking van de waarden en kwaliteiten in het gebied. Door deze ontwikkeling verdwijnt een groot oppervlak bebouwing en verharding, het bouwvlak wordt verkleind. Samen met een goede landschappelijke inpassing zorgt dit voor een verbetering van de omgevingskwaliteit en biodiversiteit. In het kader van voorliggende ontwikkeling wordt het erf Winterkamperweg 24a – 26 landschappelijk ingepast. Met deze landschappelijke inpassing wordt een fysieke verbetering van de landschappelijke kwaliteit van het erf en de omgeving beoogd.
Het doel is om middels een juiste inpassing een bijdrage te leveren aan en passend binnen de gewenste landschappelijke kwaliteit van het gehele bedrijf en het omliggende landschap. Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 12 Een impressie van de voorgenomen landschappelijke inpassing is weergeven op navolgende afbeelding. Een gedetailleerde weergave is bijgevoegd in bijlage 2. Samenvattend behelst de ontwikkeling de volgende landschappelijke maatregelen: ‘In de nieuwe situatie zal de intensieve veehouderijtak uitgesloten zijn. De initiatiefnemer zal verder gaan met de akkerbouwtak. Een aantal agrarische opstallen die dienst deden voor de intensieve veehouderij en geen functie kunnen doen voor de akkerbouwt ak worden gesloopt. Hiervoor in de plaats worden er een aantal nieuwe opstallen gerealiseerd (I). Er is gekozen om openheid naar achter te blijven benadrukken en het erf compacter te maken. In de nieuwe situatie worden twee opstallen (I) gerealiseerd aan d e noordwestzijde vanwege het bestaande bouwblok. Zij volgen de structuur van de verkaveling. De andere opstal wordt gerealiseerd aan de noordoostzijde, waarbij het de oriëntatie van de woning zal volgen. De kuilvoerplaten blijven behouden en gaan dienst do en voor de opslag van gewassen.
De 2e inrit zal verlegd worden (M) voor een betere bereikbaarheid van de kuilvoerplaten. Tot slot wordt de tweede bedrijfswoning omgezet naar een plattelandswoning. Aangezien het erf aan de voorzijde al ruim voorzien is van groen door middel van hagen (J) en een karakteristieke fruitgaard (F) voldoet hier de ruimtelijke kwaliteit. De groenstructuur aan de westzijde zal ten dele hersteld worden door de aanplant van een fragment houtsingel (K). De houtsingel markeert de verkavelingsstructuur. De achterzijde blijft open om de relatie met het landschap te behouden.’ Afbeelding 8 Impressie landschappelijke inpassing Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 13 3 Beleidskader In dit hoofdstuk wordt het beleidskader dat relevant is voor de activiteit toegelicht en wordt de activiteit hieraan getoetst. Er wordt onderscheid gemaakt tussen enerzijds beleid van hogere overheden waar lagere overheden rekening mee moeten houden, doch gemotiveerd van kunnen afwijken en anderzijds instructieregels van hogere overheden in omgevingsverordeningen en het Besluit kwaliteit leefomgeving ( hierna: Bkl). De regels uit het Bkl worden in hoofdstuk 3 van dit plan gemotiveerd getoetst aan de activiteit.
3.1 Rijksbeleid 3.1.1 Nationale omgevingsvisie Op 11 september 2020 heeft de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) vastgesteld. In de NOVI geeft het Rijk een langetermijnvisie op de toekomstige ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten: 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie 2. Duurzaam economisch groeipotentieel 3. Sterke en gezonde steden en regio’s 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. De NOVI noemt de volgende nationale belangen die relevant zijn voor het planvoornemen: • Realiseren van een goede leefomgevingskwaliteit; • Ontwikkelen van een duurzame voedsel- en agroproductie; • Verbeteren en beschermen van natuur. Toetsing plan De leefomgevingskwaliteit omvat zowel de ruimtelijke kwaliteit als de milieukwaliteit van de fysieke leefomgeving. Het project heeft een positief effect op met name de milieukwaliteit. Het voornemen leidt tot een afname van geur en ammoniak, nu sprake is van het staken van het veehouderijbedrijf op locatie. Conclusie Het plan is in overeenstemming met de Nationale Omgevingsvisie.
3.1.2 Instructieregels Rijksoverheid De Omgevingswet werkt door in vier algemene maatregelen van bestuur: het Omgevingsbesluit, het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl), het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) en het Besluit bouw werken leefomgeving (Bbl). In deze AMvB's staan regels voor het praktisch uitvoeren van de Omgevingswet. Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 14 Omgevingsbesluit Het Omgevingsbesluit richt zich tot alle partijen die in de fysieke leefomgeving actief zijn: burgers, bedrijven en de overheid. Het Omgevingsbesluit regelt in aanvulling op de wet onder meer welk bestuursorgaan het bevoegd gezag is om een omgevingsvergunn ing te verlenen en welke procedures gelden. Ook regelt dit besluit wat de betrokkenheid is van andere bestuursorganen bij de besluitvorming en een aantal op zichzelf staande onderwerpen, zoals de milieueffectrapportage en financiële bepalingen. Besluit activiteiten leefomgeving Het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) bevat, samen met het Besluit bouwwerken leefomgeving, de algemene regels waaraan burgers, bedrijven en overheden zich moeten houden als ze bepaalde activiteiten uitvoeren in de fysieke leefomgeving. Ook bepaalt h et besluit voor welke van deze activiteiten een omgevingsvergunning nodig is.
Dit besluit bevat regels om het milieu, waterstaatwerken, wegen en spoorwegen, zwemmers en cultureel erfgoed te beschermen. De regels ter bescherming van het spoor en de zwemmers met het Invoeringsbesluit Omgevingswet ingevoegd. Besluit bouwwerken leefomgeving Het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) bevat, samen met het Besluit activiteiten leefomgeving, de algemene regels waaraan burgers en bedrijven zich moeten houden als ze bepaalde activiteiten uitvoeren in de fysieke leefomgeving. Dit besluit bevat regels over veiligheid, gezondheid, duurzaamheid en bruikbaarheid bij het (ver)bouwen van een bouwwerk, de staat van het bouwwerk, het gebruik van het bouwwerk en het uitvoeren van bouw- en sloopwerkzaamheden.
Besluit kwaliteit leefomgeving Het Besluit kwaliteit leefomgeving bevat regels ter bescherming van de nationale belangen instructie-regels, waaronder: - Waarborgen van veiligheid; - Beschermen van waterbelangen; - Beschermen van gezondheid en milieu, waaronder instructieregels voor de kwaliteit van de buitenlucht, trillingen, geluid en geur en bodemkwaliteit; - Beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed, waaronder de ladder voor duurzame verstedelijking; - Het behoud van ruimte voor toekomstige functies voor autowegen, buisleidingen, natuur- en recreatiegebieden; - Het behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten, waaronder landsverdediging en nationale veiligheid, elektriciteitsvoorziening, Rijksvaarwegen en luchtvaart, fiets - en wandelroutes, aanwijzing van woningbouwcategorieën. Toetsing plan De functiewijziging van de projectlocatie Winterkamperweg 24a -26 wordt afzonderlijk in hoofdstuk 4 van deze motivering getoetst aan de regels van de sectorale aspecten die Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 15 voorvloeien uit het Omgevingsbesluit, het Besluit activiteiten leefomgeving, het Besluit bouwwerken leefomgeving en het Besluit kwaliteit leefomgeving.
Conclusie Het plan is in overeenstemming met de kaders uit de vier AMvB’s. 3.1.3 Ladder voor duurzame verstedelijking De ladder voor duurzame verstedelijking is een instructieregel voor zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand. De instructieregel in artikel 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) regelt dat bij een wijziging van het omgevingsplan voor een n ieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de ladder is vereist. Een stedelijke ontwikkeling is de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandelsvoorziening of een andere stedelijke voorziening die voldoende substantieel is. De Laddertoets geldt alleen voor de toevoeging van nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Bij ontwikkelingen moet worden beoordeeld of sprake is van een nieuw beslag op de ruimte. Daarvan is in het beginsel sprake als het nieuwe ruimtelijke besluit meer bebouwi ng mogelijk maakt dan er op grond van het voorheen geldende bestemmingsplan kon worden gerealiseerd. Uit jurisprudentie volgt dat wanneer het om een functiewijziging gaat, moet worden beoordeeld of er sprake is van een naar aard en omvang zodanige functiewijziging, dat desalniettemin gesproken kan worden van een nieuwe stedelijke ontwikkeling. Toetsing plan Met onderhavig initiatief wordt het intensieve veehouderijbedrijf definitief gestaakt.
De locatie wijzigt qua functie naar een voortzetting van het agrarisch bedrijf op locatie #26 en een wijziging van de tweede bedrijfswoning #24a naar een plattelandswoning. Er is sprake van een grote afname van bebouwd oppervlak en wordt voorzien in een nieuwe landschappelijke inpassing. De ontwikkeling wordt niet als een stedelijke ontwikkeling gekwalificeerd, waardoor de ladder formeel niet doorlopen hoeft te worden. Conclusie Op basis van het bovenstaande kan worden geconcludeerd dat er naar aard en omvang geen sprake is van een stedelijke ontwikkeling. De ladder hoeft daarmee niet doorlopen te worden. Met toetsingen aan diverse milieuhygiënische en planologische aspecten wordt in voorliggende onderbouwing aangetoond dat de voorgenomen ontwikkeling voldoet aan een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 16 3.2 Provinciaal beleid 3.2.1 Omgevingsvisie Overijssel De Omgevingsvisie Overijssel is dé provinciale visie voor de fysieke leefomgeving van Overijssel en heeft een wettelijke basis in de Omgevingswet. In de omgevingsvisie bekijken we onderwerpen als ruimtelijke ordening, milieu, water, verkeer en vervoer, ondergrond en natuur in samenhang voor een duurzame ontwikkeling van onze leefomgeving.
Ons beleid voor de fysieke leefomgeving staat primair in dien st van de sociaaleconomische ontwikkeling van Overijssel. Ontwikkeling die nodig is om Overijssel toekomstbestendig te houden. Duurzaamheid, ruimtelijke kwaliteit en sociale kwaliteit zijn de leidende principes of 'rode draden' bij alle initiatieven in de fysieke leefomgeving in de provincie Overijssel. 3.2.2 Omgevingsverordening Overijssel De provincie beschikt over een palet aan instrumenten waarmee zij haar ambities realiseert. Het gaat er daarbij om steeds de meest optimale mix van instrumenten toe te passen, zodat effectief en efficiënt resultaat wordt geboekt voor alle ambities en doels tellingen van de Omgevingsvisie. De keuze voor inzet van deze instrumenten is bepaald aan de hand van een aantal criteria. In de Omgevingsvisie is bij elke beleidsambitie een realisatieschema opgenomen waarin is aangegeven welke instrumenten de provincie z al inzetten om de verschillende onderwerpen van provinciaal belang te realiseren. Eén van de instrumenten om het beleid uit de Omgevingsvisie te laten doorwerken is de Omgevingsverordening Overijssel van de provincie Overijssel. De Omgevingsverordening richt zich - net zo breed als de Omgevingsvisie Overijssel - op de fysieke leefomgeving in de provincie Overijssel.
Dit betekent dat regels worden gesteld op het gebied van de ruimtelijke ordening, infrastructuur, watersystemen, water, bodem, landschappen, natuur en cultureel erfgoed. Daarmee geeft de provincie invulling aan de opdracht va n artikel 2.6 van de Omgevingswet om één omgevingsverordening vast te stellen met daarin alle provinciale regels voor de fysieke leefomgeving in Overijssel. 3.2.3 Uitvoeringsmodel Overijssel Om te bepalen of een initiatief bijdraagt aan de provinciale ambities, gebruikt Overijssel het Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel. In dit uitvoeringsmodel staan de stappen of, waar en hoe centraal. Dit model (zie figuur 3.1) is gebaseerd op drie niveaus, te weten: 1. generieke beleidskeuzes: ‘of’ er een maatschappelijke opgave is; 2. ontwikkelingsperspectieven: ‘waar’ het initiatief past en ontwikkeld kan worden; 3. gebiedskenmerken: ‘hoe’ een initiatief ingepast kan worden in het landschap. Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 17 Afbeelding 9 – uitsnede omgevingsvisie Generieke beleidskeuzes (‘of’) Generieke beleidskeuzes zijn keuzes die bepalend zijn voor de vraag of ontwikkelingen nodig dan wel mogelijk zijn. In heel Overijssel is een aantal beleidskeuzes van toepassing op nagenoeg alle thema’s en locaties.
Dit zijn: • integraliteit; • toekomstbestendigheid; • concentratiebeleid; • (boven)regionale afstemming; • zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik. Ontwikkelingsperspectieven (‘waar’) Na het beantwoorden van de ‘of -vraag’, is de vraag waar het initiatief past of ontwikkeld kan worden. In de visie op de toekomst van Overijssel onderscheidt de provincie zes ontwikkelingsperspectieven. Deze ontwikkelingsperspectieven schetsen een ruimtelij k perspectief voor een combinatie van functies en geven aan welke beleids - en kwaliteitsambities leidend zijn. De ontwikkelingsperspectieven geven zo richting aan waar wat ontwikkeld zou kunnen worden. Gebiedskenmerken: vier-lagen-benadering (‘hoe’) Ten slotte is de vraag hoe het initiatief ingepast kan worden in het landschap. De gebiedskenmerken spelen een belangrijke rol bij deze vraag. Onder gebiedskenmerken verstaat de provincie de ruimtelijke kenmerken van een gebied of gebiedstype die bepalend zijn voor de karakteristiek en kwaliteit van dat gebied of gebiedstype. Voor alle gebiedstypen in Overijssel zijn in de Catalogus Gebiedskenmerken (hierna: de catalogus) beschreven welke kwaliteiten en kenmerken van provinciaal belang zijn en behouden, ver sterkt of ontwikkeld moeten worden. De aanwezige gebiedskenmerken zijn onderscheiden in vier lagen:
Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 18 1. Laag van de beleving: de laag die gaat over de beleefbaarheid van ruimtelijke kwaliteit, identiteit en tijdsdiepte, van recreatieve gebruiksmogelijkheden die een belangrijke rol spelen bij de waardering van de leefomgeving; 2. Stedelijke laag: de laag van de steden, dorpen, verspreide bebouwing, wegen, spoorwegen en waterwegen; 3. Laag van de agrarisch cultuurlandschappen: het palet van agrarische cultuurlandschappen met hun dragende structuren en nederzettings -vormen; 4. Natuurlijke laag: de laag van de bodem, het reliëf, het watersysteem en de natuur die zich hier ‘van nature’ op vestigt. Toetsing project Of een ontwikkeling mogelijk is, wordt bepaald op basis van generieke beleidskeuzes. De generieke beleidskeuzes zijn bepalend voor de vraag of een initiatief mogelijk is. Hieronder wordt het plan getoetst aan de relevante artikelen uit de Omgevingsverorden ing Overijssel 2024. Relevante artikelen Artikel 4.5 Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik Lid 2 Omgevingsplannen voorzien alleen in nieuwe ontwikkelingen in de Groene Omgeving die een extra ruimtebeslag door bouwen en verharden leggen, als aannemelijk gemaakt is dat: a. (her)benutten van bestaande bebouwing in de Groene Omgeving in redelijkheid niet mogelijk is; en b.
mogelijkheden voor combinatie van functies op bestaande erven optimaal zijn benut. Doorwerking voor voorliggend plan: Het veehouderijbedrijf op locatie wordt gestaakt door deelname aan de Lbv -regeling. De bebouwingsmogelijkheden voor het akkerbouwbedrijf blijven behouden, maar door sloop van tenminste 1.128 m² vindt er een afname in bebouwing plaats. Hierdoor neemt de verstening in de groene omgeving af. Door het staken van de veehouderij activiteiten neemt de bedrijfsomvang af. Hierdoor is er geen sprake meer voor voldoende werk voor twee huishoudens. In dit kader wordt in voorliggend plan de tweede bedrijfswoning # 24a qua functie gewijzigd naar plattelandswoning. Dit woonhuis zal niet worden verbouwd, vergroot, verplaatst of gebouwelijk gewijzigd. Met het plan is enkel sprake van een functiewijziging. Met het totale plan wordt er voldaan aan het principe van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik. Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 19 Artikel 4.6 toekomstbestendigheid In omgevingsplannen worden alleen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt, anders dan voor tijdelijk gebruik, waarvan aannemelijk is dat die toekomstbestendig zijn en dus: a. de mogelijkheden van toekomstige generaties om in hun behoeften te voorzien niet in gevaar brengen; b.
duurzaam en evenwichtig bijdragen aan het welzijn van mensen, economische welvaart en het beheer van natuurlijke voorraden; en c. ook op lange termijn toegevoegde waarde hebben. Doorwerking voor voorliggend plan: De Landelijke beëindigingsregeling veehouderijlocaties (Lbv) is bedoeld voor veehouders die willen stoppen met hun bedrijf of een locatie van hun bedrijf. Het doel van de regeling is om de stikstofuitstoot vanuit de veehouderij te verlagen, zodat natuur die daarvoor gevoelig is, kan herstellen. Door de agrarische functie te behouden, maar het bedrijfsmatig houden van vee uit te sluiten kan de agrarisch-economische bedrijvigheid in het buitengebied worden behouden en tevens worden voorzien in herstel van de natuur. Hierdoor kunnen toekomstige generaties op het erf in hun behoeften blijven voorzien en wordt een duurzame en evenwichtige bijdrage geleverd aan de economische welvaart en het behoudt van de natuur. Het behouden van de tweede bedrijfswoning middels functiewijziging is een duurzame functiewijziging waardoor deze woning voor een bredere woondoelgroep toegankelijk wordt. Hiermee wordt voldaan aan het principe van toekomstbestendigheid. Ontwikkelingsperspectieven De opgaven, kansen, beleidsambities en ruimtelijke kwaliteitsambities voor de provincie zijn geschetst in ontwikkelingsperspectieven voor de groene omgeving en stedelijke omgeving.
In dit geval zijn uitsluitend de ontwikkelingsperspectieven voor de landeli jke omgeving van belang. In navolgende afbeelding is een fragment van de kaart van de ontwikkelingsperspectieven behorende bij de Omgevingsvisie weergegeven. Het plangebied aan de Winterkamperweg 24a – 26 in Markelo bevindt zicht in het ontwikkelingsperspectief Wonen en werken in het kleinschalige mixlandschap. Ter impressie zie navolgende afbeelding. Het ontwikkelingsperspectief Wonen en werken in het kleinschalige mixlandschap richt zich op het in harmonie met elkaar ontwikkelen van de diverse functies in het buitengebied. Aan de ene kant melkveehouderij, akkerbouw en opwekking van hernieuwbare energie als belangrijke vormen van landgebruik. Aan de andere kant gebruik voor natuur, recreatie, wonen en andere bedrijvigheid. Binnen dit ontwikkelingsperspectief kunnen nieuwe functies een plek krijgen op bestaande vrijkomende erven waar dit tevens maatschappelijke opgaven als behoud en ontwikkeling van cultuurhistorie, natuur en landschap ondersteunt. Zo worden vitaliteit en omgevingskwaliteit in samenhang versterkt.
Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 20 Dit plan voorziet in het uitsluiten van vee door het agrarisch bedrijf als onderdeel van de LBV-regeling, als onderdeel van dit beleid wordt een gemengd veehouderijbedrijf gesaneerd. Het doel van de regeling is om de stikstofuitstoot vanuit de veehouderij te verlagen, zodat natuur die daarvoor gevoelig is, kan herstellen. Door de agrarische functie te behouden, maar het bedrijfsmatig houden van vee uit te sluiten kan de agrarisch - economische bedrijvigheid in het buitengebied worden behouden en tevens worden voorzien in herstel van de natuur. Daarnaast wordt in voorliggend plan de tweede bedrijfswoning #24a qua functie gewijzigd naar plattelandswoning. Dit woonhuis zal niet worden verbouwd, vergroot, verplaatst of gebouwelijk gewijzigd. In het plan worden vitaliteit en omgevingskwaliteit/milieukwaliteit in samenhang versterkt. Gebiedskenmerken Natuurlijke laag De natuurlijke laag geeft aan het plangebied het kenmerk 'Stuwwallen' . Ter impressie zie navolgende afbeelding. De laag 'Stuwwallen' beslaat een groot deel van de oppervlakte van de provincie Overijssel. De ambitie van deze laag is de natuurlijke verschillen tussen hoog en laag en tussen droog en nat functioneel meer sturend en beleefbaar te maken.
Als ontwikkelinge n plaats vinden, dan dragen deze bij aan het beter zichtbaar en beleefbaar maken van de hoogteverschillen en het watersysteem. Beiden zijn tevens uitgangspunt bij (her)inrichting. De stuwwallen zijn tijdens de ijstijd opgestuwde aardlagen. Door de vaak grote hoogteverschillen zijn ze nu nog steeds goed zichtbaar. Op een aantal plekken zijn de ruggen al van verre zichtbaar; bovenop staand bieden ze spectaculaire zichten over de Afbeelding 10 Fragment ontwikkelingsperspectievenkaart (Bron: Provincie Overijssel) Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 21 provincie. De stuwwalen hebben als regionale inzijggebieden een belangrijke functie in het watersysteem. Het zijn de ‘ingangen’ van regionale en lokale stelsels van grondwaterstromen. Doorwerking voor voorliggend plan: Het plan voorziet in een afname van bedrijfsgebouwen. Door ontharding ontstaat de mogelijkheid om water beter in de grond te infiltreren. Hierdoor kan een bijdrage worden geleverd aan het verbeteren van het watersysteem. Op basis hiervan wordt gesteld dat het plan past binnen de kenmerken van de natuurlijke laag.
Laag van het agrarisch cultuurlandschap Afbeelding 11 Fragment natuurlijke laag (Bron: Provincie Overijssel) Afbeelding 12 Fragment Laag van het agrarische cultuurlandschap (Bron: Provincie Overijssel) Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 22 De laag van het agrarisch cultuurlandschap kent aan het plangebied het kenmerk ‘Jong heide- en broekontginningslandschap’ toe. In voorgaande afbeelding is een fragment van de betreffende kaart weergegeven. De ambitie van deze laag is de ruimtelijke kwaliteit van deze gebieden een stevige impuls te geven en soms transformatie wanneer daar aanleiding toe is. Dit plan voorziet in het uitsluiten van vee door het agrarisch bedrijf als onderdeel van de LBV-regeling, als onderdeel van dit beleid wordt een gemengd veehouderijbedrijf gesaneerd. Het doel van de regeling is om de stikstofuitstoot vanuit de veehouderij te verlagen, zodat natuur die daarvoor gevoelig is, kan herstellen. Door de agrarische functie te behouden, maar het bedrijfsmatig houden van vee uit te sluiten kan de agrarisch - economische bedrijvigheid in het buitengebied worden behouden en tevens worden voorzien in herstel van de natuur. Daarnaast wordt in voorliggend plan de tweede bedrijfswoning #24a qua functie gewijzigd naar plattelandswoning.
Dit woonhuis zal niet worden verbouwd, vergroot, verplaatst of gebouwelijk gewijzigd. Met de ontwikkeling wordt voorzien in een ruimte sloop van bedrijfsgebouwen, namelijk van tenminste 1.128 m² . Daarentegen wordt nieuwe bebouwing gerealiseerd ten behoeve van een voortzetting van het agrarisch bedrijf met een bebouwd oppervlak à 552 m2. Op locatie wordt met de voorgestelde herontwikkeling voorzien in een verbetering van de landschappelijke- en ruimtelijke kwaliteiten passend bij de omliggende landschapswaarden. Het plan draagt bij aan het versterken van ruimtelijke kwaliteit van het erf. Conclusie Er kan met voorliggende onderbouwing geconcludeerd worden dat de voorgenomen planologische wijziging volledig in overeenstemming is met het in de omgevingsvisie Overijssel verwoorde en in de Omgevingsverordening verankerde provinciaal ruimtelijk beleid. 3.3 Gemeentelijk beleid 3.3.1 Omgevingsvisie Hof van Twente Algemeen In 'Hof van Twente, zicht op 2030' heeft de gemeente Hof van Twente de toekomstvisie voor haar grondgebied vastgelegd. De gemeenteraad heeft de strategische visie op 1 juni 2010 definitief vastgesteld. De visie bevat naast een overzicht van te verwachten t rends en ontwikkelingen ook informatie over de gewenste identiteit voor Hof van Twente.
Over deze gewenste identiteit is in januari 2009 meegedacht door ruim 60 inwoners uit allerlei geledingen van de gemeente en daarbuiten. In 20 streefbeelden geeft het gemeentebestuur aan in welke richting het beleid voor de komende jaren moet worden ontwikkeld. Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 23 Streefbeelden 10, 11 en 19 zijn voornamelijk van belang. Deze worden hierna behandeld. Streefbeeld: Unieke landschappelijke en cultuurlandschappelijke kwaliteiten verder ontwikkeld Het landschap, de parel van Hof van Twente, heeft in 2030 nog altijd een belangrijke plaats. De structuur van het landschap, met deelgebieden stuwwal/verzamelgebied (westelijk), dekzandgebied (midden) en plateau (oostelijk), maar ook het reliëf en het wate rsysteem zijn leidend. In de waardevolle ensembles (landschap met natuur - en cultuurhistorische waarden) wordt behoud, onderhoud en herstel van cultuurhistorische en ecologische waarden in praktijk gebracht. Voltooiing van de ecologische hoofdstructuur is eveneens een herkenbaar resultaat. In 2030 is deze een feit. Bestaande natuurgebieden zijn binnen de gemeente en daarbuiten verbonden met elkaar, waardoor duurzame instandhouding van flora en fauna mogelijk is geworden. De reconstructieplannen die aan het begin van de eeuw zijn gemaakt, zijn uitgevoerd.
Dit betekent dat ruimtelijke knelpunten, zoals agrarische bedrijven in de directe nabijheid van natuur of milieuhinderveroorzakende bedrijven in het buitengebied, zijn opgelost. Voor nieuwe inrichting van he t landschap door functiewijziging zijn oorspronkelijke landschapstypen richtinggevend. Landgoederen hebben in 2030 hun ruimtelijke visies uit het begin van de eeuw uitgevoerd en de Bovenregge slingert weer als vanouds door het landschap. Dit lint van water door het landschap refereert aan de historie. Het project Bovenregge van Schipbeek tot Elsenerbroek visualiseert de verbinding tussen stad en landelijk gebied. Streefbeeld 11: Nieuw evenwicht in functies in het buitengebied is ontstaan met een nieuwe toeristisch-recreatieve publiekstrekker In de toekomstvisie wordt ingezet op het faciliteren van knooperven, CO2-reductie bij agrarische bedrijven en hun toe - en afvoer en de toevoeging van een attractie van bovenregionaal belang.
Streefbeeld 19: Een kwalitatief sterke, maar duurzame agrarische sector gericht op wereldvoedselproductie en een belangrijke lokaal/regionale functie In de toekomstvisie wordt beschreven dat de landschappelijke structuur bepalend is voor de gedifferentieerde benadering van de ontwikkelingsmogelijkheden van de landbouw: meer grootschalig voor de Europese markt daar waar er ruimte is en het landschap dit toestaat (landbouwontwikkelingsgebieden, verwevingsgebieden), en elders meer op landschap, recreatie en natuur gericht (extensiveringsgebieden, verwevingsgebieden) De landbouw dient naast voedselproductie, ook bij te dragen aan energieproductie, landschaps- en natuurbeheer en recreatie. Toetsing plan De voorgenomen ontwikkeling betekent een impuls in de ruimtelijke kwaliteit van het buitengebied, omdat er ontsierende bebouwing wordt gesloopt. Daarnaast wordt met voorgenomen ontwikkeling een bijdrag e geleverd aan het oplossen van ruimtelijke knelpunten, zoals agrarische bedrijven in de directe nabijheid van natuur. Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 24 Het doel van de LBV-regeling is om de stikstofuitstoot vanuit de veehouderij te verlagen, zodat natuur die daarvoor gevoelig is, kan herstellen.
Door de agrarische functie op #26 te behouden, maar het bedrijfsmatig houden van vee uit te sluiten kan de agrarisch - economische bedrijvigheid in het buitengebied worden behouden en tevens worden voorzien in herstel van de natuur. Daarnaast wordt in voorliggend plan de tweede bedrijfswoning #24a qua functie gewijzigd naar plattelandswoning. Dit woonhuis zal niet worden verbouwd, vergroot, verplaatst of gebouwelijk gewijzigd. Conclusie Geconcludeerd wordt dat de voorgenomen ontwikkeling past binnen de streefbeelden als bedoeld in de Strategische visie, Hof van Twente, zicht op 2030. 3.3.2 Structuurvisie landelijk gebied Algemeen In 'Structuurvisie Landelijk gebied' van de gemeente Hof van Twente staat de ontwikkeling van het landelijk gebied voor de komende 10 jaar centraal. De structuurvisie vormt vooral een integratiekader voor het bestaande beleid van de gemeente ten aanzien van de verschillende functies en waarden in het gebied. Een dergelijk 'integratiekader' schetst de bredere achtergrond van beleid dat voor specifieke t hema's (bijvoorbeeld recreatie, rood - voor-rood en vrijkomende agrarische bebouwing) is uitgewerkt. Daarnaast beschrijft deze structuur de algemene strategie van de gemeente Hof van Twente ten aanzien van verschillende functies en waarden.
Deze strategie ge eft richting aan de latere toetsing van verschillende initiatieven die bij de gemeente worden ingediend, en bij het bepalen van het beleid dat in het bestemmingsplan buitengebied wordt uitgewerkt. De structuurvisie benoemt de volgende kernkwaliteiten van het landelijk gebied in Hof van Twente: • een sterke agrarische structuur, bestaande uit bedrijven die door schaalvergroting actief anticiperen op een wereldwijde marktwerking, of hun risico's spreiden door diensten te verlenen op het gebied van natuur en landschap en recreatieve functies of andere bedrijvigheid aan het bedrijf toe te voegen; • een grote mate van ondernemerschap, waardoor verspreid over het gehele landelijk gebied nieuwe bedrijvigheid wordt gestart; • een breed scala aan landelijke woonmilieus, variërend van kernen en buurtschappen tot individuele erven, dat qua kwaliteit aansluit bij actuele behoefte van de woonconsument; • een gevarieerd en aantrekkelijk landschap, met als bijzondere parels 23 archeologische monumenten, twee rijksbeschermde stads- en dorpsgezichten (Den Haller en Stokkum) en acht rijksbeschermde historische buitenplaatsen; • een robuust ecologisch netwerk, dankzij een combinatie van grote natuurgebieden en talrijke verbindingen via beken en kleine natuurelementen; • een sterk ontwikkelde recreatieve (infra)structuur; • een goede regionale infrastructuur.
Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 25 Behoud karakteristieke boerderijen De gemeente Hof van Twente streeft ernaar om bebouwing met een streekeigen karakter te behouden in eerste instantie krijgt dit doel vorm door karakteristieke boerderijen in stand te houden en mogelijk te versterken door een grotere inhoudsmaat toe te staan dan bij reguliere woningen. Concreet bet ekent dit dat kan worden toegestaan ook voormalige bedrijfsgedeeltes, zoals de deel, bij de woning te betrekken. Groei grondgebonden landbouw faciliteren en inpassen De gemeente Hof van Twente kiest ervoor om ruimte te bieden aan een grootschalig gespecialiseerde agrarische sector. Rekening houdend met de afname van het aantal bedrijven wil de gemeente de groei van overgebleven (gezins)bedrijven faciliteren. Door stevig in te zetten op een zorgvuldige landschappelijke inpassing is de gemeente van mening dat verspreid over de gehele gemeente een uitbreiding van bedrijven verantwoord kan plaatsvinden. Vanwege de vereiste zorgvuldige inpassing worden geen landschappelijke eenheden aangewezen waar op voorhand een maximum aan de groei wordt gesteld.
Wel zullen in nieuwe omgevingsplannen groeimogelijkheden worden opgenomen, waarbij de mogelijke effecten op het omringede landschap en op de nabijgelegen kwetsbare natuurwaarden, de omvang van het bedrijf en de impact op de omgeving in afweging worden meegenomen. Toetsing plan Dit plan voorziet in het uitsluiten van vee op het agrarisch bedrijf als onderdeel van de LBV- regeling. Het doel van de regeling is om de stikstofuitstoot vanuit de veehouderij te verlagen, zodat natuur die daarvoor gevoelig is, kan herstellen. Door de agrarische functie op #26 te behouden, maar het bedrijfsmatig houden van vee uit te sluiten kan de agrarisch -economische bedrijvigheid in het buitengebied worden behouden en tevens worden voorzien in herstel van de natuur. Daarnaast wordt in voorliggend plan de tweede bedrijfswoning #24a qua functie gewijzigd naar plattelandswoning. Dit woonhuis zal niet worden verbouwd, vergroot, verplaatst of gebouwelijk gewijzigd. Met voorliggende ontwikkeling wordt een afweging gemaakt tussen bedrijvigheid en natuur. Een bestaand agrarisch bedrijf wordt hierdoor de ruimte geboden verder te ondernemen, waarbij gelijkerwijs groeimogelijkheden (het uitsluiten van vee) voor het bedrijf worden opgenomen, zodat de mogelijke effecten op de kwetsbare natuurwaarden worden gereduceerd.
Conclusie De voorgenomen ontwikkeling past binnen de genoemde streefbeelden als bedoeld in de 'Structuurvisie Landelijk Gebied'. Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 26 3.3.3 Artikel 4.5.6 Plattelandswoning Algemeen Ter plaatse van huisnummer 24a, waar het beoogde gebruik een wijziging van de tweede bedrijfswoning naar plattelandswoning betreft, geldt een strijdigheid in het beoogde gebruik ten opzichte van het omgevingsplan. Echter, in het bestemmingsplan ‘Buitengebied Hof van Twente, veegplan 2021’ (als onderdeel van het omgevingsplan) is een plattelandswoningregeling opgenomen in artikel 4.5.6. De regeling is als volgt: Art.
4.5.6 ten behoeve van plattelandswoning Bij omgevingsvergunning kan worden afgeweken van het bepaalde in lid 4.1 ten behoeve van het gebruik van een bedrijfswoning als plattelandswoning, met dien verstande dat: a) de bedrijfswoning in gebruik wordt genomen als burgerwoning en het bedrijf waartoe de bedrijfswoning behoort de bedrijfsactiviteiten niet heeft beëindigd; b) het gebruik van de bedrijfswoning als plattelandswoning is niet toegestaan indien er sprake is van een intensieve veehouderij; c) er sprake dient te zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat; d) het aantal woningen mag niet toenemen; e) er geen onevenredige beperkingen voor omliggende, bestaande agrarische bedrijven mogen optreden. Toetsing plan Sub a.) de bedrijfswoning nummer 24a wordt in gebruik genomen als burgerwoning. Het bedrijf waartoe de bedrijfswoning behoort staakt de veehouderij activiteiten op locatie, maar zet het agrarisch bedrijf voort. Voor meer informatie zie hoofdstuk 2. Sub b.) het gebruik van de bedrijfswoning als plattelandswoning vindt niet plaats ter plaatse van een intensieve veehouderij. De varkenshouderijtak wordt gestaakt en de rundveetak wordt enkel hobbymatig voortgezet met maximaal 10 stuks vleesrunderen. Voor meer informatie zie hoofdstuk 2. Sub c.) er zal sprake zijn van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat op locatie.
Het een en ander is onderzocht en aangetoond in hoofdstuk 4 van deze motivering. Sub d.) het aantal woningen zal niet toenemen met het voornemen. De bestaande woningen blijven ongewijzigd. Er is enkel sprake van een functiewijziging met voorliggend planvoornemen. Sub e.) met het voornemen zullen geen onevenredige beperkingen voor omliggende, bestaande agrarische bedrijven optreden. De beoogde plattelandswoning blijft vanuit milieuoogpunt onderdeel uitmaken van het bestaande agrarisch bedrijf Winterkamperweg 26. Ove rige agrarische bedrijven zijn gelegen op tenminste 170 meter afstand (hemelsbreed) ten opzichte van de beoogde plattelandswoning. Deze afstand is ruim voldoende. Daarnaast worden de bestaande agrarische bedrijven reeds beperkt in haar Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 27 ontwikkelingsmogelijkheden door bestaande nabij gelegen (bedrijfs)woningen, waardoor deze als maatgeven dienen worden beschouwd. Voor meer informatie zie paragraaf 4.2. Conclusie Kortom, het planvoornemen voldoet aan de geldende voorwaarden in artikel 4.5.6. Motivering ten behoeve van: TAM-Omgevingsplan gemeente Hof van Twente Hoofdstuk 22af Winterkamperweg 24a/26 Markelo 28 4 Aspecten fysieke leefomgeving In dit hoofdstuk vindt een beoordeling plaats van de invloed van het plan op diverse omgevingsaspecten.