CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

RK HW - Onderzoek Gemeente HW Energieneutraal 204 DEF dec 2020

Besluitvormende raad 16 februari 2021, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Rekenkamerrapport 'Gemeente HW energieneutraal in 2040?16.275 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal?

Bestuurlijke nota

November 2020

Samenstelling rekenkamer Hoeksche Waard: Mevrouw mr. drs. A.M.M. (Sandra) van Breugel (voorzitter) Mevrouw A. (Lize) Kooijman MSc De heer mr. drs. J. (Jelle) Stelpstra Mevrouw drs. P. (Patricia) Feelders (secretaris-onderzoeker)

2

Inhoudsopgave Voorwoord......................................................................................................................................................... 4 Aanleiding ......................................................................................................................................................... 6 Centrale vraag.................................................................................................................................................... 6 Doelstellingen en reflectie ................................................................................................................................. 6 Rol van de gemeenteraad................................................................................................................................... 7 Conclusies........................................................................................................................................................ 10 Aanbevelingen ................................................................................................................................................. 13 Best practices andere gemeenten .....................................................................................................................

14 Beantwoording onderzoeksvragen .................................................................................................................. 16 Bijlage: Rapportage met bevindingen CE Delft .............................................................................................. 18

3

Voorwoord In het eerste jaar van de rekenkamer Hoeksche Waard hebben we onderzoek gedaan naar het klimaatbeleid van de gemeente Hoeksche Waard. Een belangrijk onderwerp en de gemeente heeft ambities, ook op dit gebied. “De gemeente Hoeksche Waard Energieneutraal in 2040” en dit samen bereiken met inspanningen van alle betrokkenen: de gemeente zelf, inwoners en bedrijven, stakeholders zoals HW Wonen, belangengroepen uit de samenleving, de provincie en het Waterschap. Het onderzoek vindt plaats in 2020, nog twintig jaar te gaan, dat klopt. De rekenkamer vraagt zich af wat de stand van zaken is in 2020 en in hoeverre de gemeente Hoeksche Waard op koers is om de doelstelling in 2040 te halen. Daarbij ook aandacht wat de invloed is van de gemeente op de verschillende deelgebieden en beleidsterreinen. Dat de gemeente het niet allemaal zelf kan, dat is helder. Klimaatbeleid en duurzaamheid zijn herkenbare onderwerpen, eenieder heeft er een beeld bij. In de praktijk is het complex. In deze bijdrage probeert de rekenkamer een inzichtelijk, toegankelijk en relevant rapport aan de raad te zenden. In het bijzonder vragen wij uw aandacht voor de infographic: met beeld en met kleur op A4 formaat wat een goed beeld geeft van de stand van zaken in de gemeente Hoeksche Waard. Bovendien vraagt de rekenkamer aandacht voor de best practices bij andere gemeenten die in het rapport staan opgenomen.

Interessant om te lezen hoe andere gemeenten dit onderwerp benaderen en stappen zetten. De rekenkamer hoopt dat deze bijdrage voor inspiratie zorgt bij raadsleden, college en ambtenaren. Zoals geschreven, klimaatbeleid is een specialistisch onderwerp. De rekenkamer kijkt met tevredenheid terug op de samenwerking met Geert en Pien van CE Delft die de materie kennen en voor de rekenkamer het onderzoek hebben uitgevoerd. Uiteraard is het een rapport van de rekenkamer Hoeksche waard, wij zijn hiervoor verantwoordelijk en gaan graag met de gemeenteraad in gesprek. Tot slot bedanken wij alle betrokkenen binnen en buiten de gemeentelijke organisatie die op welke wijze dan ook een bijdrage hebben geleverd aan het rapport: “Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal?”. De rekenkamer Hoeksche Waard.

4

5

Aanleiding De gemeente Hoeksche Waard heeft de ambitie om in 2040 100% energieneutraal te zijn. De Rekenkamer Hoeksche Waard vraagt zich af in hoeverre de gemeente met het huidige beleid op koers ligt om de energiedoelstellingen te behalen. Om die reden heeft zij een onderzoek laten uitvoeren naar de doeltreffendheid en doelmatigheid van het klimaatbeleid in de Hoeksche Waard en dan in het bijzonder te kijken in hoeverre de gemeente op koers is om haar eigen ambities waar te maken. Hiernaast besteedt de Rekenkamer met een korte casusanalyse aandacht aan de stand van zaken wat betreft klimaatadaptatie in de gemeente Hoeksche Waard en geeft zij weer wat best practices zijn uit andere gemeenten, waaronder de gemeente Goeree-Overflakkee.

Centrale vraag De centrale vraag van het onderzoek is: In hoeverre is het beleid (waaronder de Energievisie en de RES) van de gemeente Hoeksche Waard doeltreffend en doelmatig om al haar energiedoelstellingen te bereiken en, indien het huidige beleid niet toereikend is, welke stappen kunnen er dan wel gezet worden, en in hoeverre is de ambtelijke organisatie in staat het duurzaamheidsbeleid te realiseren? De centrale vraag is opgesplitst in zes deelvragen. Aan het slot van deze bestuurlijke nota treft u de beantwoording hiervan aan.

Doelstellingen en reflectie Onderstaande tabel geeft een overzicht van de meetbare en niet-meetbare energiedoelstellingen in de gemeente Hoeksche Waard.

Meetbare doelstellingen

Niet-meetbare doelen

Doelstelling Energieneutraal in 2040 (gehele gemeente). Energieneutrale gemeentelijke organisatie in 2030. 25% energiebesparing in 2040 ten opzichte van huidig verbruik. In 2030 zijn grote stappen gemaakt om alle benodigde elektriciteit in de Hoeksche Waard duurzaam op te wekken. In de gebouwde omgeving wordt 1,5% energie per jaar bespaard tot 2030. In de gebouwde omgeving wordt tot 2030 30% aardgas bespaard ten opzichte van 2020. De CO2-uitstoot van de Hoeksche Waardse mobiliteit is in 2030 met 25% verminderd ten opzichte van 2020. De CO2-uitstoot van het Hoeksche Waardse bedrijfsleven is in 2030 met 25% verminderd ten opzichte van 2020. Het gemeentelijk vastgoed is zo veel mogelijk energieneutraal in 2030. Zo veel mogelijk energie besparen in de gebouwde omgeving. Zo veel mogelijk energie opwekken uit hernieuwbare bronnen. Zo veel mogelijk duurzame mobiliteit. Terugdringen van de uitstoot van mobiliteit.

Beleidsdocument Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020 Hoofdlijnenakkoord Samen meer Waard Concept-RES Programmaplan Duurzaamheid

Programmaplan Duurzaamheid Programmaplan Duurzaamheid Programmaplan Duurzaamheid

Programmaplan Duurzaamheid

Programmaplan Duurzaamheid Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020 Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020 Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020 Programmaplan Mobiliteit

Tabel 1: Overzicht meetbare en niet-meetbare energiedoelstellingen in de gemeente Hoeksche Waard 6

Het valt de Rekenkamer op dat de doelen op korte termijn nog niet geconcretiseerd zijn. De gemeente heeft alleen meetbare doelen opgenomen voor de jaren 2030, 2040 en 2050. Ook bij het beleid dat in de pijplijn zit zijn nog geen doelen opgenomen voor eerder dan het jaar 2030. Hierdoor is het nog niet duidelijk wat het beoogde traject is op de meer korte termijn richting energieneutraliteit en welke tussendoelen gerealiseerd dienen te worden. In de Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020 geeft de Hoeksche Waard aan te streven naar ‘zo veel mogelijk’ energiebesparing, hernieuwbare energieopwekking en duurzame mobiliteit. Er zijn echter geen indicatoren en streefwaarden en –jaren opgenomen voor deze drie pijlers.1 Daarmee is de voortgang lastig te monitoren. Ook de doelstelling uit het Programmaplan Mobiliteit rondom het terugdringen van de uitstoot van mobiliteit is niet meetbaar: de gemeente wil de uitstoot van mobiliteit verminderen, maar het is niet duidelijk hoeveel de gemeente wil reduceren en in welk jaar dit gerealiseerd moet zijn. Tot slot is het opvallend dat de overkoepelende doelstelling van energieneutraliteit in 2040 weliswaar meetbaar is, maar de verschillende beleidsdocumenten niet eenduidig zijn over wat het begrip precies inhoudt.

In de Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020 betekent energieneutraliteit dat “de energie die in de Hoeksche Waard wordt verbruikt ook lokaal duurzaam wordt opgewekt” (SOHW, 2016a, p. 6). Hieruit kunnen we opmaken dat de gemeente ernaar streeft in 2040 geen fossiele energie meer te gebruiken. In de concept-RES betekent energieneutraliteit echter “dat er voor het energieverbruik wat toegewezen wordt aan de regio er een evenredige hoeveelheid aan energie duurzaam wordt opgewekt” (RES-regio Hoeksche Waard, 2020a, p. 44). Hierbij wordt benadrukt dat energieneutraliteit in 2040 niet betekent dat er in de Hoeksche Waard in 2040 geen fossiele energie meer wordt gebruikt. Daarmee staat energieneutraal niet gelijk aan fossielvrij, klimaatneutraal of CO2-neutraal. Door verschillende invullingen te geven aan energieneutraliteit kan verwarring ontstaan over het uiteindelijke doel.

Rol van de gemeenteraad Eén van de vragen in dit onderzoek is of de gemeenteraad voldoende in staat is gesteld om de kaderstellende en controlerende rol te vervullen. Om dit te onderzoeken hebben we een bijeenkomst georganiseerd met de woordvoerders duurzaamheid vanuit de raadsfracties. Het algemene beeld is dat de informatievoorziening op het thema energietransitie en klimaatadaptatie tot nu toe beperkt is geweest. Het is voor de woordvoerders duur¬zaamheid nog niet duidelijk hoe de gemeente de doelstelling van klimaatneutraliteit in 2040 wil gaan invullen en welke tussendoelstellingen hiervoor gelden. Ook is er geen programma gepresenteerd met de te nemen maatregelen. Het beleid zou daarom concreter kunnen worden gemaakt; wat betekenen de afspraken voor de komende twee jaar? Er wordt weliswaar op globaal niveau met de gemeenteraad gepraat over het duurzaamheidsbeleid (bijpraatsessies); het is niet duidelijk wat er precies gaat gebeuren. De woordvoerders hopen hier in december 2020 meer inzicht in te krijgen. Zowel voor het thema energietransitie als klimaatadaptatie is onduidelijk water gaat gebeuren. Zo zijn er wel stresstesten gedaan (zie rapport CE Delft), maar het is voor de woordvoerders niet duidelijk wat de uitkomsten hiervan zijn en wat deze betekenen voor de gemeente. Ook dit beleid dient daarom meer concreet te worden gemaakt.

1

Bijlage Fout! Verwijzingsbron niet gevonden. uit het rapport van CE Delft geeft een overzicht van duurzaamheidsdoelstellingen op (inter)nationaal en provinciaal schaalniveau. Dit geeft een beeld van het ambitieniveau van de doelstellingen in de Hoeksche Waard.

7

Daarbij zou de gemeenteraad de voortgang beter willen kunnen monitoren. Dit zou bijvoorbeeld kunnen met een dashboard (open en transparant voor de raad en de hele bevolking). Een eerste stap voor de gemeente zou echter het opstellen van tussendoelstellingen zijn aan de hand waarvan kan worden bepaald of de gemeente op de goede koers ligt. Om de kaderstellende en controlerende rol te vervullen moet er wel eerst een plan zijn. Informatievoorziening is een basisvoorwaarde om kaders te kunnen stellen en te kunnen controleren. De woordvoerders zijn ook van mening dat het een goed idee zou zijn als bij iedere voorgestelde maatregel een duurzaamheidsparagraaf wordt opgenomen. Best practices De voortgang zou zowel in rapportagevorm als digitaal (interactief) kunnen worden gepresenteerd. Een voorbeeld van een gemeente die de voortgang van het duurzaamheidsbeleid op een website weergeeft is de gemeente Roosendaal. Ook de dertien gemeenten van de regio Holland Rijnland hebben een dashboard gemaakt waarmee raadsleden en inwoners de voortgang op de doelen kunnen inzien. De resultaten staan op een website waarin de voortgang en doelstelling in een grafiek zijn geplot, zie Figuur 1.

Figuur 1: Voorbeeld van presentatie voortgang Energieakkoord Holland Rijnland Te overwegen is om de resultaten jaarlijks in een document of presentatie te laten zien (in plaats van op een website), waarbij naast de voortgang ook kort wordt gepresenteerd welke maatregelen zijn genomen. De gemeenteraad heeft immers vooral behoefte aan inzicht in de maatregelen waarmee de doelen worden bereikt. Een voorbeeld van een gemeente die dit op een overzichtelijke manier doet is Eindhoven, die in haar klimaatbegroting kort de voortgang presenteert en de belangrijkste activiteiten om de doelen te realiseren (zie Figuur 2). Voordeel hiervan is dat de raad in een kort overzicht op de hoogte wordt gehouden van de stand van zaken, doelbereik en de belangrijkste maatregelen om de doelen te realiseren.

8

Figuur 2: Presentatie voortgang klimaatbeleid Eindhoven

9

Conclusies 1. De gemeente ligt in 2020 nog niet op koers om de doelstelling voor energieneutraliteit in 2040 te realiseren. De Rekenkamer stelt vast dat de klimaatambities ambitieus zijn en dat de te behalen doelen over twintig jaar gerealiseerd dienen te zijn. Om energieneutraal te worden in 2040 zet de gemeente in op een combinatie van energiebesparing en opwekking van hernieuwbare energie. Als de gemeente haar besparingsdoel behaalt (25% energiebesparing in 2040), dient ze 5.700 TJ (een meeteenheid voor energiegebruik) aan hernieuwbare energie op te wekken om in 2040 energieneutraal te zijn. In 2020 is de opwek van hernieuwbare energie naar verwachting ruim 1.200 TJ. De eerste stappen zijn daarmee gezet. Er rest echter nog een flinke opgave, vooral als we in ogenschouw nemen dat met de huidige trends de doelstelling van 25% energiebesparing in 2040 niet wordt gerealiseerd. Het huidige concept RES-bod (2020) zal niet leiden tot een realisatie van extra grootschalige zon- en windparken in de Hoeksche Waard. Het bod bestaat voor het merendeel uit projecten die al zijn gerealiseerd of in de pijplijn zitten, en uit beoogde projecten voor zon-op-dak bij bedrijven en agrariërs. Meerdere gesprekspartners gaven daarom aan dat het bod van de gemeente ambitieuzer had kunnen zijn.

Daarbij is het sterk de vraag of de gemeente met alleen lopende initiatieven energieneutraliteit in 2040 kan realiseren. De gemeente is inmiddels gestart met het proces om te komen tot het ‘Uitvoeringsprogramma Hoeksche Waard Energieneutraal 2040’, voortvloeiend uit het Programmaplan Duurzaamheid. In dit uitvoeringsprogramma moet duidelijkheid komen over in welke mate in de Hoeksche Waard nog duurzame opwek moet plaatsvinden om in 2040 energieneutraal te zijn. Tevens zal uit de Transitievisie Warmte naar voren komen welke elektriciteitsvraag de warmtetransitie nodig heeft. Moeilijke (politieke) keuzes moeten dus nog worden gemaakt. De Rekenkamer is van mening dat deze keuzes op relatief korte termijn alsnog dienen te worden gemaakt. Omdat de realisatie van grootschalige parken, inclusief verzwaring van het elektriciteitsnet, ongeveer 10 tot 15 jaar duurt, zal de gemeente binnen 5 tot 10 jaar de keuzes moeten maken om het doel in 2040 te realiseren. 2. Partijen in de stuurgroep van de RES zijn tevreden over de samenwerking. Uit de interviews is gebleken dat de gesprekspartners in het algemeen positief zijn over de samenwerking met de gemeente. De provincie, het waterschap, de woningcorporatie en Stedin zijn allen positief over de samenwerking en expertise die bij de gemeente aanwezig is. 3.

Om de doelstelling van energieneutraliteit te realiseren is het essentieel dat het energiegebruik in de gebouwde omgeving wordt gereduceerd en verduurzaamd. Dit is een zeer grote opgave, waar de gemeente nog grotendeels aan moet beginnen. Veel van het beleid is nog niet geconcretiseerd. Dit geldt voor de Transitievisie Warmte, de verduurzaming van de eigen organisatie en de intensivering van de handhaving op de energiebesparingsplicht in de Wet milieubeheer. De woningcorporatie speelt, met één derde van het woningbezit, een belangrijke rol in de verduurzaming. De gemeente heeft afspraken gemaakt met de corporatie om de woningvoorraad te verduurzamen. Het valt op dat de prestatieafspraken op het gebied van het hoofdstuk duurzaamheid/energietransitie, in vergelijking met andere gemeenten, zeer frequent worden gemonitord (vier keer per jaar). Er is een intensieve samenwerking tussen de corporatie en de gemeente, maar onduidelijk is wat de bijdrage is aan de gemeentelijke doelstellingen. De afspraken zouden voor wat de Rekenkamer betreft concreter mogen en kunnen, zodat er beter kan worden gemonitord op de doelstellingen in 2040.

10

4. Het regionale energieloket is positief over de samenwerking met de gemeente en heeft waardering voor de expertise van de gemeente. Op initiatief van de gemeente organiseert het energieloket wijkaanpakken (zonnepanelen- en isolatieacties) en informatieavonden. Volgens het Regionaal Energieloket organiseert de Hoeksche Waard relatief veel projecten. De contacten met de beleidsmedewerkers zijn persoonlijk en prettig. Positief is dat in opdracht van de gemeente ook een zakelijk energieloket is ontwikkeld. Het zakelijk Regionaal Energieloket is een website waar bedrijven terecht kunnen voor informatie over verduurzaming. Dit is voor zover wij weten nog in weinig andere gemeenten in Nederland gerealiseerd. Het is echter nog niet duidelijk wat de bijdrage is van dit beleid aan energieneutraliteit in 2040. 5. De gemeente zet voor het verduurzamen van mobiliteit in op het faciliteren van elektrische oplaadpalen, aanleg van snelfietspaden, OV-infrastructuur en een werkgeversaanpak. Dit zijn logische beleidsmaatregelen die passen bij de rol van de gemeente. Veel van het beleid om mobiliteit te verduurzamen wordt echter op nationaal en Europees niveau ontwikkeld. 6. Het concrete beleid op het thema klimaatadaptatie moet de gemeente nog ontwikkelen. De gemeente heeft in mei 2019 een stresstest laten uitvoeren om inzicht te krijgen in de belangrijkste knelpunten in de Hoeksche Waard.

Samen met het waterschap werkt de gemeente aan een uitvoeringsprogramma met maatregelen. Het is daarom op dit moment nog moeilijk om een beoordeling te maken van de effectiviteit van deze maatregelen. Wel geeft het waterschap aan dat de samenwerking met de gemeente goed verloopt en er bij de gemeente voldoende kennis en expertise aanwezig is. 7. Het beeld vanuit de raad is dat de informatievoorziening op het thema energietransitie en klimaatadaptatie tot nu toe beperkt is geweest. Het is voor de gemeenteraad nog niet duidelijk hoe de gemeente de doelstelling van energieneutraliteit in 2040 wil gaan invullen en welke tussendoelstellingen hiervoor gelden. Ook was er ten tijde van het gesprek van de Rekenkamer met de raads- en burgerleden nog geen programma gepresenteerd met de te nemen maatregelen. Hierdoor heeft de gemeenteraad nog niet de kaderstellende en controlerende rol kunnen vervullen. De gemeenteraad hoopt hier in december meer inzicht in te krijgen. Daarbij merkt de Rekenkamer op dat de raad, vanuit haar kaderstellende en controlerende rol, ook zelf actiever richting het college kan verzoeken om beleidsvoorstellen op het gebied van duurzaamheid. 8. Burgerparticipatie kan beter. De opkomst van inwoners was beperkt bij de eerste RESbijeenkomsten en de gemeente is in het stadium van informeren.

De gemeente Hoeksche Waard bevindt zich voornamelijk in het stadium van informeren van inwoners. Het viel de Rekenkamer op dat bij de eerste RES-bijeenkomsten nauwelijks inwoners aanwezig waren die niet gelieerd zijn aan een lokale organisatie of niet raadslid waren. Volgens de lokale belangenorganisatie (HW Duurzaam) en één van de weinige aanwezige inwoners die is geïnterviewd, waren de RES-bijeenkomsten vooral gericht op het zenden van informatie. 9. De ambtelijke capaciteit en aanwezige expertise is voldoende om het huidige beleid vorm te geven. Om het doel te realiseren in 2040 is opschaling van de ambtelijke capaciteit echter noodzakelijk. De Rekenkamer constateert dat er voldoende kennis en capaciteit binnen de organisatie aanwezig is om het huidige beleid vorm te geven. Als de gemeente serieus werk wil maken van energieneutraliteit in 2040 is een opschaling van de capaciteit en expertise echter noodzakelijk. Het team duurzaamheid dat zich richt op de energietransitie bestaat nu uit zes personen. Ter illustratie, alleen al voor het opstellen en uitvoeren van de wijkuitvoeringsplannen is in 2030 voor middelgrote gemeentes in 2030 zo’n 10 tot 20 fte’s noodzakelijk. De huidige gemeentelijke capaciteit is daarmee nog lang niet toereikend. Er is met name aanvullende technische expertise noodzakelijk om de Transitievisie Warmte goed vorm te kunnen geven.

De Rekenkamer benadrukt 11

dat de gemeente niet op alle gebieden van de energietransitie de kennis zelf in huis hoeft te hebben. Voor het stimuleren van energiebesparing bij bedrijven kan ze immers bijvoorbeeld ook een beroep doen op de omgevingsdienst. De organisatie van de energietransitie (en de mate waarin de gemeente kennis inhuurt) is ook een politieke keuze.

12

Aanbevelingen 1. Monitor beter: Neem tussendoelstellingen op voor de kortere termijn. In de Energievisie is opgenomen dat Hoeksche Waard uiterlijk in 2040 een energieneutrale gemeente wil zijn. Tussendoelstellingen op de kortere termijn ontbreken (bijvoorbeeld voor de periode tot 2030). Dit maakt het lastiger voor raadsleden om te controleren of de gemeente op koers ligt om de doelen te realiseren met het beleid dat op korte termijn wordt uitgevoerd. Deze bevinding werd onderschreven tijdens het raadsgesprek. Daarbij zou de gemeenteraad de voortgang beter willen kunnen monitoren. Dit zou bijvoorbeeld kunnen met een dashboard (open en transparant voor de raad en de hele bevolking). Daarbij kan het nuttig zijn als bij iedere voorgestelde maatregel een duurzaamheidsparagraaf wordt opgenomen. 2. Hanteer een eenduidige definitie voor energieneutraliteit. Het valt op dat de ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn in verschillende documenten op een andere manier wordt gedefinieerd. In de Energievisie houdt energieneutraliteit in dat “de energie die in de Hoeksche Waard wordt verbruikt ook lokaal duurzaam wordt opgewekt”, terwijl de concept-RES ruimte laat voor gebruik van fossiele energie in 2040. Door verschillende invullingen te geven aan energieneutraliteit kan verwarring ontstaan over het einddoel. 3. Neem streefwaarden op in de doelen voor klimaatadaptatie.

De doelen voor klimaatadaptatie kunnen meer concreet kunnen worden geformuleerd. De doelen zijn nu geformuleerd in termen van ‘voldoende ruimte en inspanning voor waterkwaliteit en waterkwantiteit’, zonder hier concrete streefwaarden aan te koppelen. Hiermee is het lastig voor raadsleden om te controleren in hoeverre de doelen zijn gerealiseerd. 4. Voor toekomstige zon- en windparken is het belangrijk om omwonenden (financieel) te laten participeren. Tot nu wordt vrijwel nergens in de Hoeksche Waard door omwonenden meegeprofiteerd van windenergieparken (alleen beperkt in Strijen). Door hier meer regie op te nemen als gemeente kan het draagvlak in de toekomst worden vergroot. Goede voorbeelden daarvan zijn te vinden in GoereeOverflakkee, waar wordt gewerkt aan een windfonds om omwonenden financieel te laten participeren. 5. Zet in op meer samenwerking met de omgevingsdienst en monitor hen. Voer als gemeente de regierol op energiebesparing bij bedrijven en instellingen. Bedrijven en instellingen zijn volgens de Wet milieubeheer verplicht om energiebesparende maatregelen te nemen als de terugverdientijd korter is dan vijf jaar. De gemeente Hoeksche Waard heeft de verantwoordelijkheid voor toezicht en handhaving op deze verplichting aan de Omgevingsdienst ZuidHolland Zuid gedelegeerd. Het potentieel voor energiebesparing bij bedrijven in de Hoeksche Waard is groot.

Om deze energiebesparing te realiseren moet er wel voldoende capaciteit zijn bij de omgevingsdienst om deze bedrijven te kunnen bezoeken en hen te adviseren over de mogelijkheden voor kosteneffectieve besparingsmaatregelen. De omgevingsdienst krijgt een deel van de middelen vanuit de basisdekking van de provincie. Vanuit deze middelen kunnen jaarlijks zo’n 60 bedrijven worden bezocht. Hiermee zou het tien jaar duren (tot 2030) voordat de 600 zogenaamde energierelevante bedrijven in de Hoeksche Waard zijn bezocht. Met aanvullende middelen van € 126.000 per jaar, zou het mogelijk zijn om deze bedrijven in vier jaar tijd te bezoeken. 6. Zet meer in op burgerparticipatie. Bij het RES-traject waren weinig inwoners betrokken. De gemeente zou inwoners meer bij het beleid kunnen betrekken door bijvoorbeeld actiever te communiceren richting inwoners over bijeenkomsten. Ook kan ze duidelijker terugkoppelen in de verslaglegging wat er met de inzichten van de inwoners is gedaan bij de vormgeving van het beleid. 13

Best practices andere gemeenten Eén van de vragen in het onderzoek was om suggesties te doen voor effectieve maatregelen die andere gemeenten hebben toegepast. Deze hebben we ingedeeld naar de thema’s energietransitie en klimaatadaptatie. Energietransitie Voorbeelden van succesvol beleid bij andere gemeenten zijn: • Het ontwikkelen van een windfonds. In de gemeente Goeree-Overflakkee is de energiecoöperatie Deltawind actief, die is opgericht met als doel om de inkomsten van de productie van windenergie te delen met de omgeving van haar windparken. De meeste windparken zijn in eigendom van commerciële projectontwikkelaars. Het Windfonds is geïntroduceerd zodat ook de opbrengsten uit deze windparken terugvloeien naar de maatschappij. • Samenwerking om innovaties aan te jagen. De provincie Zuid-Holland heeft Goeree-Overflakkee bijvoorbeeld aangemerkt als Energy Island, ofwel proeftuin in de energietransitie. Dit betekent dat er geëxperimenteerd wordt op het gebied van duurzame energie. Daarnaast experimenteert GoereeOverflakkee met de productie van groene waterstof. • Zonne-energie op bedrijfsdaken als voorwaarde stellen bij de uitgifte van nieuwe bedrijventerreinen. In de gemeente Waalwijk wordt deze voorwaarde al in de praktijk toegepast.

Ook de provincie Limburg heeft in het collegeprogramma als voorwaarde opgenomen om bij nieuwe vergunningen zonnepanelen op daken (loodsen, warehouses en dergelijke) verplicht te stellen voor de initiatiefnemers. • Het opstellen van green deals met bedrijven. Met bedrijven zijn in Velsen green deals (GreenBiz) gemaakt om energiepositief te worden. Het convenant is ondertekend door de gemeente, de omgevingsdienst, de provincie en ondernemers. • Het verlagen van leges voor duurzame bedrijven en duurzame maatregelen. Verschillende gemeenten hebben al ‘groene’ leges vastgesteld, zoals Den Haag, Enschede, Leusden en Zeist (VNG, 2018). • Kiezen voor een participatieve aanpak in de warmtetransitie naar aardgasvrij. In Stad aan ’t Haringvliet (Goeree-Overflakkee) hebben bewoners zelf de keuze gemaakt dat zij naar een aardgasvrije toekomst toe willen. De inwoners van Stad aan ‘t Haringvliet zijn de initiatiefnemers en organisatoren van het project Stad Aardgasvrij. • Inzetten op energieambassadeurs. In de Hoeksche Waard zijn het vooral 60-plussers die informatiebijeenkomsten bijwonen (overigens net als in veel andere gemeenten). Om een groter deel van de bevolking te bereiken zou de gemeente kunnen overwegen om ook andere kanalen te gebruiken om inwoners te bereiken. Zo werkt de gemeente Leiden bijvoorbeeld met energie-ambassadeurs.

Dit zijn inwoners van de wijk zelf, die tegen vergoeding de taak hebben om bewoners te informeren en enthousiasmeren om duurzame maatregelen te treffen. In Leiden heeft in 2020 zo’n 20% van de woningbezitters advies aangevraagd bij het duurzame bouwloket. De gemeente zou kunnen overwegen daarom om ook via wijkambassadeurs inwoners te bereiken. De gemeente Hoeksche Waard heeft aangegeven dat ze vanuit het Regionaal Energieloket eind 2020 zal starten met het werven van energiecoaches. • Herinvoering van betaald parkeren. Dit stimuleert andere vormen van vervoer (fietsen, lopen). Daarbij zou men kunnen overwegen de parkeertarieven in de stad te gaan differentiëren naar uitstoot. Momenteel bereiden de ministeries van Infrastructuur en Waterstaat en Binnenlandse Zaken een wijziging van de Gemeentewet (Artikel 225, achtste lid) voor die een differentiatie van de parkeertarieven mogelijk maakt. • Aanscherpen parkeernormen. In veel gemeenten probeert men bij nieuwbouwwijken lagere parkeernormen te hanteren door met de ontwikkelende partij afspraken te maken. Het aanscherpen van de parkeernormen ontmoedigt niet alleen autobezit, en kan ook zorgen voor meer groen en afvoer van regenwater (klimaatadaptatie). Een dergelijke maatregel is vooral effectief als alternatieven kunnen worden geboden (zoals snelfietspaden). 14

Klimaatadaptatie • Differentiëren van de rioolheffing. Dit gebeurt bijvoorbeeld in Venray. Als het hemelwater niet in het gemeentelijk riool komt via dak, trottoir, terras en/of regenpijp krijgen inwoners korting op de rioolheffing. Hiermee wordt afvoer in de tuin en daarmee vergroening gestimuleerd (bij een betegelde tuin kan het water immers niet goed wegzakken in de grond). Het lijkt om een kosteneffectieve maatregel te gaan. De gemeente Venray heeft de maatregel geëvalueerd en geconcludeerd dat de kosten voor afkoppeling bij particulieren veel lager zijn dan het nemen van maatregelen in de openbare ruimte, zoals extra waterberging of vergroting van de riolen. • Afspreken dat woningcorporaties in het huurcontract opnemen dat de tuin slechts voor de helft betegeld mag worden. Dit kan worden opgenomen in de prestatieafspraken. • Subsidies beschikbaar stellen voor vergroening van tuinen. Het waterschap Hollandse Delta stelt deze subsidies al beschikbaar. Zo’n subsidie zou de gemeente ook kunnen overwegen. • Onderzoeken of regenwaterputten gestimuleerd kunnen worden in tuinen. In Vlaanderen geldt een verplichting bij nieuwbouw. Het opgevangen regenwater kan bijvoorbeeld gebruikt worden om toiletten mee door te spoelen of tuinen te sproeien. Een uitzondering geldt voor woningen met een groen dak.

15

Beantwoording onderzoeksvragen Vraag 1. Welke stappen zijn genomen om energieneutraal te worden? Wat zijn aanvullende mogelijkheden om de doelstelling te realiseren?

2. Wat is de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid?

3. Welke beleidsinstrumenten worden in andere gemeenten genomen die mogelijk ook voor Hoeksche Waard interessant zijn (best practices)?

Beantwoording De gemeente heeft verschillende beleidsmaatregelen getroffen. Zo is het concept RES-bod gereed, heeft ze een energieloket ontwikkeld, is ze een plan aan het ontwikkelen om de eigen organisatie te verduurzamen en is in oktober de eerste bijeenkomst voor de Transitievisie Warmte georganiseerd. Om de doelstelling te realiseren kan nog veel gebeuren. De gebouwde omgeving kan vergaand worden verduurzaamd, grootschalige hernieuwbare energieprojecten kunnen worden ontwikkeld (o.a. zonnepanelen op agrarische daken), er is een groot potentieel voor energiebesparingsmaatregelen bij de industrie die de gemeente via de Wet Milieubeheer kan stimuleren en de gemeente kan duurzaam transport faciliteren met onder andere laadinfrastructuur en het aanleggen van fietspaden. De gemeente heeft met relatief beperkte middelen (capaciteit van 6 personen in het team duurzaamheid) het beleid kunnen uitvoeren de afgelopen jaren. In die zin is het gevoerde beleid doelmatig te noemen. Wel zijn grote aanvullende inspanningen noodzakelijk om het doel te bereiken. Om energieneutraal te worden in 2040 zet de gemeente in op een combinatie van energiebesparing en opwekking van hernieuwbare energie.

Als de gemeente haar besparingsdoel haalt (25% energiebesparing in 2040), dient ze 5.700 TJ (een meeteenheid voor energiegebruik) aan hernieuwbare energie op te wekken om in 2040 energieneutraal te zijn. In 2020 is de opwek van hernieuwbare energie naar verwachting ruim 1.200 TJ. De eerste stappen zijn daarmee gezet. Er rest echter nog een flinke opgave, vooral als we in ogenschouw nemen dat met de huidige trends de doelstelling van 25% energiebesparing in 2040 niet wordt gerealiseerd. Voorbeelden van succesvol energiebeleid bij andere gemeenten zijn: • Het ontwikkelen van een windfonds • Samenwerking om innovaties aan te jagen • Zonne-energie op bedrijfsdaken als voorwaarde stellen bij de uitgifte van nieuwe bedrijventerreinen • Het opstellen van green deals met bedrijven • Het verlagen van leges voor duurzame bedrijven en duurzame maatregelen • Kiezen voor een participatieve aanpak in de warmtetransitie naar aardgasvrij • Herinvoering van betaald parkeren • Aanscherpen parkeernormen • Inzetten van wijkambassadeurs • Differentiëren van de rioolheffing • Afspreken dat woningcorporaties over betegeling tuinen • Subsidies beschikbaar stellen voor vergroening van tuinen • Onderzoeken of regenwaterputten gestimuleerd kunnen worden in tuinen

4. Wat is de rol van de gemeenteraad in het energiebeleid? Wordt deze voldoende in staat gesteld om de kaderstellende en controlerende rol te vervullen?

Het beeld vanuit de raad was dat de informatievoorziening op het thema energietransitie en klimaatadaptatie tot nu toe beperkt is geweest. Het is voor de gemeenteraad nog niet duidelijk hoe de gemeente de doelstelling van energieneutraliteit in 2040 wil gaan invullen en welke tussendoelstellingen hiervoor gelden. Ook is er nog geen programma gepresenteerd met de te nemen maatregelen. Hierdoor heeft de gemeenteraad nog niet de kaderstellende en controlerende rol kunnen vervullen. De gemeenteraad hoopt hier in december meer inzicht in te krijgen. Daarbij merkt de Rekenkamer op dat de raad, vanuit haar kaderstellende en controlerende rol, ook zelf actiever richting het college kan verzoeken om beleidsvoorstellen op het gebied van duurzaamheid.

5. Hoe is burgerparticipatie georganiseerd en hoe worden de inzichten die zijn opgehaald bij inwoners verwerkt in het energiebeleid?

Burgerparticipatie kan beter. Het valt de Rekenkamer op dat bij de eerste RESbijeenkomsten nauwelijks inwoners aanwezig waren die niet gelieerd zijn aan een lokale organisatie of als raadslid. Volgens de lokale belangenorganisatie (HW Duurzaam) en één van de weinige aanwezige inwoners waren de RESbijeenkomsten vooral gericht op het zenden van informatie.

16

6. Is er in de ambtelijke organisatie in voldoende mate capaciteit en kennis aanwezig om het beleid uit te voeren?

De Rekenkamer constateert dat er voldoende kennis en capaciteit binnen de organisatie aanwezig is om het huidige beleid vorm te geven. Als de gemeente serieus werk wil maken van energieneutraliteit in 2040 is een opschaling van de capaciteit en expertise echter noodzakelijk. Het team duurzaamheid dat zich richt op de energietransitie bestaat nu uit zes personen. Alleen al voor het opstellen en uitvoeren van de wijkuitvoeringsplannen is in 2030 voor middelgrote gemeentes zo’n 10 tot 20 fte’s noodzakelijk. De huidige gemeentelijke capaciteit is daarmee nog lang niet toereikend. Er is met name aanvullende technische expertise noodzakelijk om de Transitievisie Warmte goed vorm te kunnen geven. De Rekenkamer benadrukt dat de gemeente niet op alle gebieden van de energietransitie de kennis zelf in huis hoeft te hebben. Voor het stimuleren van energiebesparing bij bedrijven kan ze immers bijvoorbeeld ook een beroep doen op de omgevingsdienst. De organisatie van de energietransitie (en de mate waarin de gemeente kennis inhuurt) is ook een politieke keuze.

17

Bijlage: Rapportage met bevindingen CE Delft

18

Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? Rekenkameronderzoek

Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? Rekenkameronderzoek

Dit rapport is geschreven door: Geert Warringa en Pien van Berkel Delft, CE Delft, november 2020 Publicatienummer: 20.200261.156 Gemeenten / Beleid / Energievoorziening / Klimaat / Effectgericht milieubeleid / Beleidsanalyse / Economische factoren Opdrachtgever: Rekenkamer Hoeksche Waard Alle openbare publicaties van CE Delft zijn verkrijgbaar via www.ce.nl Meer informatie over de studie is te verkrijgen bij de projectleider Geert Warringa (CE Delft) © copyright, CE Delft, Delft

CE Delft Committed to the Environment CE Delft draagt met onafhankelijk onderzoek en advies bij aan een duurzame samenleving. Wij zijn toonaangevend op het gebied van energie, transport en grondstoffen. Met onze kennis van techniek, beleid en economie helpen we overheden, NGO’s en bedrijven structurele veranderingen te realiseren. Al 40 jaar werken betrokken en kundige medewerkers bij CE Delft om dit waar te maken.

1

200261 - Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? – November 2020

Inhoud 1

Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Centrale vraag 1.3 Scope 1.4 Aanpak 1.5 Leeswijzer

3 3 3 4 4 5

2

Voortgang op de doelen 2.1 Beleidsdoelen energietransitie 2.2 Voortgang op de doelstelling energieneutraal in 2040

6 6 8

3

Grootschalige hernieuwbare energieopwekking (inclusief RES) 3.1 Stand van zaken hernieuwbare energieopwekking 3.2 Gemeentelijk beleid 3.3 Best practices andere gemeenten

11 11 12 13

4

Energietransitie in de gebouwde omgeving 4.1 Stand van zaken energietransitie in de gebouwde omgeving 4.2 Gemeentelijk beleid 4.3 Ambtelijke capaciteit 4.4 Ambtelijke kwaliteit 4.5 Best practices andere gemeenten

15 15 17 22 22 23

5

Duurzame mobiliteit 5.1 Stand van zaken duurzame mobiliteit 5.2 Gemeentelijk beleid 5.3 Aanvullende maatregelen voor duurzame mobiliteit

24 24 25 26

6

Casusanalyse klimaatadaptatie 6.1 Gemeentelijke doelen 6.2 Gemeentelijk beleid 6.3 Aanvullende maatregelen voor klimaatadaptatie

28 28 29 30

Literatuurverwijzingen

31

Bijlagen

33

A

Overzicht

34

B

Duurzaamheidsdoestellingen op verschillende schaalniveaus

35

2

200261 - Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? – November 2020

1 Inleiding 1.1

Aanleiding De gemeente Hoeksche Waard heeft de ambitie om in 2040 100% energieneutraal te zijn. Deze ambitie is vastgelegd in de Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020 (SOHW, 2016a); in het Regionaal Uitvoeringsprogramma Energievisie 2016-2020 (SOHW, 2016b) is deze vertaald naar verschillende activiteiten om broeikasgassen te reduceren. Parallel hieraan werkt de gemeente samen met de provincie Zuid-Holland, waterschap Hollandse Delta, woningcorporatie HW Wonen en netbeheerder Stedin aan de Regionale Energiestrategie (RES). Met de RES levert Hoeksche Waard een bijdrage aan landelijke doelstellingen voor grootschalige opwek van hernieuwbare elektriciteit en het aardgasvrij maken van de gebouwde omgeving. De Rekenkamer Hoeksche Waard vraagt zich af in hoeverre de gemeente met het huidige beleid op koers ligt om de energiedoelstellingen te behalen. Daarom heeft zij CE Delft gevraagd een onderzoek uit te voeren naar de doeltreffendheid en doelmatigheid van het klimaatbeleid in de Hoeksche Waard.

1.2

Centrale vraag In dit onderzoek staat de volgende vraag centraal: In hoeverre is het beleid (waaronder de Energievisie en de RES) van de gemeente Hoeksche Waard doeltreffend en doelmatig om haar energiedoelstelling te bereiken en, indien het huidige beleid niet toereikend is, welke stappen kunnen er dan wel gezet worden, en in hoeverre is de ambtelijke organisatie in staat het duurzaamheidsbeleid te realiseren? Hiernaast besteden we met een korte casusanalyse aandacht aan de stand van zaken wat betreft klimaatadaptatie in de gemeente Hoeksche Waard. Subvragen om de centrale vraag van het onderzoek te beantwoorden zijn: 1. Welke stappen zijn genomen om energieneutraal te worden? Wat zijn aanvullende mogelijkheden om de doelstelling te realiseren? 2. Wat is de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid? 3. Welke beleidsinstrumenten worden in andere gemeenten genomen die mogelijk ook voor Hoeksche Waard interessant zijn (best practices)? 4. Wat is de rol van de gemeenteraad in het energiebeleid? Wordt deze voldoende in staat gesteld om de kaderstellende en controlerende rol te vervullen? 5. Hoe is burgerparticipatie georganiseerd en hoe worden de inzichten die zijn opgehaald bij inwoners verwerkt in het energiebeleid? 6. Is er in de ambtelijke organisatie in voldoende mate capaciteit en kennis aanwezig om het beleid uit te voeren?

3

200261 - Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? – November 2020

1.3

Scope Dit onderzoek richt zich primair op de energietransitie. De beleidsdocumenten die hierbij centraal staan, zijn onder andere de Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020 en de conceptversies van de RES en Regionale Structuur Warmte (RSW). In deze documenten komen onderwerpen als opwek van hernieuwbare elektriciteit, een aardgasvrije gebouwde omgeving en duurzame mobiliteit aan bod. In het Hoofdlijnenakkoord Samen meer Waard stelt de gemeente dat zij niet alleen het klimaatprobleem wil aanpakken door de energietransitie (mitigatie), en dat zij ook zo goed mogelijk voorbereid wil zijn op de effecten van klimaatverandering (adaptatie) (Gemeente Hoeksche Waard, 2018, p. 10). Daarom besteden we naast het onderwerp energietransitie, ook aandacht aan het thema klimaatadaptatie (zie Hoofdstuk 6). De gemeente Hoeksche Waard is op 1 januari 2019 ontstaan na een fusie van vijf gemeenten (Binnenmaas, Oud-Beijerland, Cromstrijen, Korendijk en Strijen). Deze studie richt zich op het energiebeleid van de gemeente Hoeksche Waard en de gezamenlijke plannen die de vijf voormalige gemeenten hebben opgesteld in het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard (SOHW).

In dit rapport blikken we terug op het beleid dat de afgelopen jaren in de Hoeksche Waard gevoerd is, en gaan we ook in op huidige ontwikkelingen en nog niet vastgesteld beleid, zoals de conceptversie van het Programmaplan Duurzaamheid (Gemeente Hoeksche Waard, 2020a). Zodra deze is vastgesteld, komen de Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020 met het bijbehorende Regionaal Uitvoeringsprogramma Energievisie 2016-2020 te vervallen.

1.4

Aanpak Het onderzoek bestaat uit twee delen. Allereerst maken we een analyse van de beleidsstukken en doelstellingen op gebied van de energietransitie en klimaatadaptatie. Vervolgens beoordelen we of de gemeente op de goede weg is om haar energiedoelstellingen te behalen op basis van informatie uit de Klimaatmonitor van Rijkswaterstaat en/of monitoringsinformatie van de gemeente zelf. De Klimaatmonitor is de meest algemeen geaccepteerde openbare database die door de rijksoverheid en gemeenten wordt gebruikt om inzicht te krijgen in cijfers voor energie en CO2-uitstoot. Bij het schetsen van de voortgang van de energiedoelstellingen hebben we gebruik gemaakt van de meest recente gegevens. De tweede fase van het onderzoek geeft een verdieping in de doeltreffendheid en doelmatigheid van het gevoerde beleid. Hierbij gaan we specifiek in op de activiteiten die de gemeente heeft ondernomen om haar energiedoelstellingen te behalen. Hiertoe hebben we interviews afgenomen met wethouders en beleidsambtenaren van de gemeente en partijen die verantwoordelijk zijn bij het nemen van (fysieke) energiemaatregelen zoals de energiecoöperatie HoekscheWaardDuurzaam, woningcorporatie HW Wonen en netbeheerder Stedin. Ook hebben we een bijeenkomst met de gemeenteraad georganiseerd om te bepalen in hoeverre deze in staat wordt gesteld om zijn kaderstellende en controlerende rol te vervullen.

4

200261 - Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? – November 2020

1.5

Leeswijzer De opzet van het rapport is als volgt: — In Hoofdstuk 2 gaan we in op het energiebeleid van de Hoeksche Waard. Ook beschrijven we de doelen die de gemeente heeft geformuleerd en in hoeverre deze meetbaar zijn. Meetbare (tussen)doelstellingen kunnen immers behulpzaam zijn om te beoordelen welke route de gemeente wil afleggen richting energieneutraliteit in 2040. Ook geven we weer in hoeverre de gemeente tot nu toe op koers ligt om het overkoepelende doel van energieneutraliteit in 2040 te realiseren. — In Hoofdstuk 3, 4 en 5 gaan we specifiek in op de doeltreffendheid en doelmatigheid van het energiebeleid voor drie door Hoeksche Waard geformuleerde beleidsterreinen: de gebouwde omgeving, hernieuwbare energieopwekking en duurzame mobiliteit. Hierbij gaan we ook in op mogelijk interessante beleidsmaatregelen die in andere gemeenten worden genomen, of inzichten van burgersinwoners voldoende worden opgehaald, en of er voldoende kennis en capaciteit binnen de organisatie aanwezig is. — In Hoofdstuk 6 gaan we in op de doeltreffendheid en doelmatigheid van het beleid op het gebied van klimaatadaptatie.

5

200261 - Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? – November 2020

2 Voortgang op de doelen 2.1

Beleidsdoelen energietransitie Het centrale beleidsdocument waarin de doelstelling van de Hoeksche Waard om in 2040 energieneutraal te zijn is opgenomen is de Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020 (SOHW, 2016a). Deze doelstelling is overgenomen in verschillende andere beleidsstukken, zoals de Regionale Woonvisie (SOHW, 2017), de Omgevingsvisie (Gemeente Hoeksche Waard, 2019), het Gebiedsprogramma Hoeksche Waard (SOHW en Provincie Zuid-Holland, 2017) en de conceptversie van de Regionale Energiestrategie (RES) (RES-regio Hoeksche Waard, 2020a). De doelstelling van energieneutraliteit wordt daarmee in meerdere beleidsdocumenten onderschreven. In het Regionaal Uitvoeringsprogramma Energievisie 2016-2020 (SOHW, 2016b) is de Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020 vertaald naar activiteiten. Om de ambitie voor energieneutraliteit te bereiken wil de Hoeksche Waard vooral inzetten op energiebesparing in de gebouwde omgeving, opwekken van hernieuwbare energie en duurzame mobiliteit. Ook heeft ze activiteiten benoemd op het gebied van economie, innovatie, monitoring en evaluatie. Daarnaast heeft de gemeente in het Hoofdlijnenakkoord Samen meer Waard de doelstelling opgenomen van een energieneutrale gemeentelijke organisatie in 2030.

Het thema duurzame mobiliteit komt, naast de Energievisie Hoeksche Waard 2016-2020, ook deels aan bod in het Programmaplan Mobiliteit (Gemeente Hoeksche Waard, sd). Met dit plan streeft de gemeente onder naar een verminderde impact van mobiliteit op de leefbaarheid. Onderdeel hiervan is het terugdringen van de uitstoot van mobiliteit. De gemeente wil de uitstoot verminderen door middel van maatregelen in lijn met de zogenaamde trias mobilica (minder reizen, alternatieve vervoerswijze en het verduurzamen van bestaande mobiliteiten).

Beleid in de pijplijn De gemeente Hoeksche Waard werkt aan een Programmaplan Duurzaamheid (Gemeente Hoeksche Waard, 2020a). De conceptversie hiervan is in juli 2020 publiek gemaakt. In het Programmaplan Duurzaamheid is de doelstelling om in 2040 energieneutraal te zijn overgenomen. Daarnaast staat de ambitie om in 2050 klimaatneutraal te zijn centraal. Dit is een doelstelling die verder gaat dan energieneutraliteit. Hiermee bedoelt de gemeente namelijk dat in 2050 de activiteiten in de Hoeksche Waard geen negatieve gevolgen hebben voor het klimaat en dat de uitstoot van CO2 en andere broeikasgassen teruggebracht is naar nul (al dan niet gecompenseerd, zie volgende tekstbox). Waar in 2040 door energieverbruikende activiteiten, zoals autovervoer, in de gemeente nog steeds CO2 uitgestoten kan worden (zolang dit wordt gecompenseerd door een evenredige hoeveelheid hernieuwbare energieopwekking), moeten in 2050 de CO2-emissies worden teruggebracht naar nul.

6

200261 - Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? – November 2020

Klimaatneutraal of energieneutraal? Vaak worden de begrippen klimaatneutraal en energieneutraal gehanteerd. Alhoewel deze begrippen op elkaar lijken, betekenen ze iets anders: —

Het begrip klimaatneutraal geeft aan dat er in de gemeente geen stoffen vrijkomen die het klimaat beïnvloeden (CO2, maar bijvoorbeeld ook andere broeikasgassen zoals lachgas en methaan).1

—

Energieneutraal: wanneer in een gebied het totale energiegebruik niet groter is dan de hoeveelheid uit hernieuwbare bronnen opgewekte energie, bijvoorbeeld zon, wind en aardwarmte.

Ook zijn in het Programmaplan Duurzaamheid verschillende doelen op het gebied van de energietransitie opgenomen voor het jaar 2030: — het gemeentelijk vastgoed is zo veel mogelijk energieneutraal in 2030; — in 2030 zijn grote stappen gemaakt om alle benodigde elektriciteit in de Hoeksche Waard duurzaam op te wekken; — de gebouwde omgeving bespaart 1,5% energie per jaar tot 2030; — de gebouwde omgeving bespaart tot 2030 30% aardgas ten opzichte van 2020; — de CO2-uitstoot van de Hoeksche Waardse mobiliteit is in 2030 met 25% verminderd ten opzichte van 2020; — de CO2-uitstoot van het Hoeksche Waardse bedrijfsleven is in 2030 met 25% verminderd ten opzichte van 2020 Deze doelen zijn geformuleerd als tussendoelstellingen om energieneutraliteit in 2040 en klimaatneutraliteit in 2050 te realiseren.

RES-traject Parallel aan het Regionaal Uitvoeringsprogramma Energievisie 2016-2020 loopt het RES-traject Hoeksche Waard. Met de RES draagt de regio Hoeksche Waard — bestaande uit de gemeente Hoeksche Waard, netbeheerder Stedin, woningcorporatie HW Wonen, provincie Zuid-Holland en waterschap Hollandse Delta — bij aan de landelijke doelstelling van 49% CO2-reductie in 2030 en 95% CO2-reductie in 2050. In het RES-proces wordt samen met inwoners en andere stakeholders gezocht naar locaties voor grootschalige opwek van hernieuwbare elektriciteit, met het doel een bijdrage te leveren aan de nationale doelstelling van 35 TWh grootschalige opwekking van hernieuwbare energie op land.

________________________________ 1

https://hollandrijnland.nl/wp-content/uploads/2018/09/Bijlage_2.2_Regionale_Energiestrategieen_in-Zuid__Holland.pdf

7

200261 - Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? – November 2020

RES-regio Hoeksche Waard Om de nationale doelstelling van 35 TWh aan grootschalige hernieuwbare elektriciteitsopwekking op land te halen, is Nederland opgedeeld in 30 energieregio’s. Een RES-regio bestaat meestal uit meerdere gemeenten die samenwerking zoeken met andere stakeholders, zoals de provincie, netbeheerder en het waterschap. Aangezien de verschillende gemeenten vaak ook eigen energiedoelstellingen hebben opgesteld, kan het een uitdaging zijn met de regio gezamenlijk keuzes te maken. De RES-regio Hoeksche Waard is één van de twee RES-regio’s in Nederland die bestaat uit slechts één gemeente (de andere regio is Goeree-Overflakkee). Hierdoor kan het gemakkelijker zijn om de regionale strategie aan te laten sluiten op gemeentelijke beleidsplannen. Bron afbeelding: Nationaal Programma Regionale Energiestrategie

In de concept-RES voor de Hoeksche Waard is het doel opgenomen om in 2040 25% energiebesparing te realiseren ten opzichte van het huidige energieverbruik (RES-regio Hoeksche Waard, 2020a). De concept Regionale Structuur Warmte (RSW) (RES-regio Hoeksche Waard, 2020b) is onderdeel van het RES-traject. In de RSW gaat de regio in op het komen tot een aardgasvrije gebouwde omgeving. Hierin wordt onder andere beschreven hoeveel warmte de regio verwacht nodig te hebben in de toekomst, en wat potentiële warmtebronnen zijn. Dit wordt verder onderzocht en uitgewerkt in het proces om te komen tot de Transitievisie Warmte.

2.2

Voortgang op de doelstelling energieneutraal in 2040 Energieneutraliteit houdt in dat in de Hoeksche Waard net zoveel hernieuwbare energie wordt opgewekt als er wordt gebruikt. Dit betekent dat er zoveel mogelijk bespaard dient te worden en hernieuwbare energie moet worden opgewekt. Een eerste doelstelling is om 25% energiebesparing te realiseren in 2040. Als deze doelstelling wordt behaald, dient in 2040 5.700 TJ hernieuwbare energie opgewekt te worden. Echter, ontwikkelingen in het energiegebruik in de periode 2010-2018 (zie Figuur 1) laten nog geen trend richting het doel van 25% energiebesparing in 2040 zien. In 2018 is slechts 1,5% energiebesparing ten opzichte van het jaar 2010 behaald (dit komt overeen met een gemiddelde besparing per jaar van 0,2%) en sinds 2014 is het energiegebruik toegenomen. Deze toename is vooral te wijten aan een toename in het energiegebruik in de sector Verkeer en vervoer (zie Paragraaf 5.1). Het energiegebruik van de sector Gebouwde omgeving is afgenomen (zie Paragraaf 4.1). Het energiegebruik van de overige sectoren (Industrie en Landbouw, bosbouw en visserij) laat minder grote schommelingen zien. Dit betekent dat een trendbreuk noodzakelijk is, of dat de hoeveelheid opgewekte hernieuwbare energie in 2040 groter dient te zijn dan 5.700 TJ.

8

200261 - Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? – November 2020

Figuur 1 – Energiegebruik en trend naar 25% energiebesparing in 2040 in de Hoeksche Waard

10000

TJ

8000 6000 4000

2000 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 2040

0

Totaal bekend energiegebruik [TJ] Benodigde hoeveelheid lokaal duurzaam opgewekte energie bij 25% energiebesparing Trend naar 25% energiebesparing in 2040 t.o.v. huidig energieverbruik Lineair (Totaal bekend energiegebruik [TJ])

Bron: Klimaatmonitor (Rijkswaterstaat, lopend).

Figuur 2 laat zien dat de gemeente de laatste jaren eerste stappen zet met hernieuwbare energieopwekking2. In 2018 was de totale hoeveelheid hernieuwbare energie 378 TJ (dit staat gelijk aan 5% van het totale energiegebruik in 2018). In 2020 zal de hoeveelheid hernieuwbare energie naar verwachting verdrievoudigen tot zo’n 1.200 TJ (15% van het totale energiegebruik in 2018), waarvan ruim 800 TJ aan hernieuwbare elektriciteit opgewekt door windturbines.3 Er is echter nog een flinke opschaling van de hoeveelheid hernieuwbare energie noodzakelijk om energieneutraliteit in 2040 te realiseren, zeker als we in ogenschouw nemen dat het doel van 5.700 TJ met de huidige energiebesparingstrends niet gerealiseerd wordt.

________________________________ 2

Het gaat hier om hernieuwbare elektriciteit (zon en wind), hernieuwbare warmte en hernieuwbare energie voor vervoer. Een deel van het energiegebruik ten behoeve van mobiliteit is fossielvrij door de landelijke bijmenging van biobrandstoffen bij motorbrandstoffen. Dit wordt verplicht door Europese regelgeving en is in Nederland vertaald naar de wet- en regelgeving voor hernieuwbare energie voor vervoer (HEV). Deze is erop gericht het aandeel hernieuwbare brandstoffen in de Nederlandse vervoersmarkt te vergroten. Leveringen van bedrijven waarvoor de jaarverplichting HEV geldt, moeten in 2020 voor 16,4% uit hernieuwbare energie bestaan (NEa,

3

2020). De sterkte stijging in hernieuwbare energieopwekking kan bijna volledig worden toegeschreven aan de komst van twee nieuwe windparken in 2019 (Hogezandse Polder en Spui) en de vervanging van zeven windturbines met een vermogen van 500 kW door vijf 4.000 kW-turbines (Westerse Polder) in 2020. Het windpark Westerse Polder is in aanbouw en zal begin 2021 gereed zijn.

9

200261 - Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? – November 2020

Figuur 2 – Hernieuwbare energie in de Hoeksche Waard4

6000 5000

TJ

4000 3000 2000 1000

2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 2040

0

Totaal hernieuwbare energie Benodige hoeveelheid duurzaam opgewekte energie in 2040 bij 25% besparing Bron hernieuwbare elektriciteit (zon), hernieuwbare warmte, hernieuwbare energie voor vervoer: Klimaatmonitor (Rijkswaterstaat, lopend); bron hernieuwbare elektriciteit (wind): WindStats (WindStats, sd), Concept-RES (RES-regio Hoeksche Waard, 2020a), berekeningen CE Delft.

________________________________ 4

Cijfers over hernieuwbare warmte en hernieuwbare energie voor vervoer zijn nog niet beschikbaar voor de jaren 2019 en 2020. Gegevens over hernieuwbare elektriciteit (zon) zijn nog niet beschikbaar voor 2020. Om de hoeveelheid hernieuwbare energie in 2020 in te schatten, hebben we gebruik gemaakt van de meest recente gegevens.

10

200261 - Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? – November 2020

3 Grootschalige hernieuwbare energieopwekking (inclusief RES) 3.1

Stand van zaken hernieuwbare energieopwekking De gemeente Hoeksche Waard wil zo veel mogelijk duurzame energie opwekken. Figuur 3 geeft de voortgang van deze pijler weer voor opwek van elektriciteit. Vooral de productie van windenergie is in de periode 2010-2019 flink toegenomen. In de gemeente Hoeksche Waard staan momenteel 20 windturbines met een totaal vermogen van 56,4 MW (RES-regio Hoeksche Waard, 2020a; WindStats, sd). Met de komst van vijf nieuwe turbines zal het opgesteld vermogen in 2020 toenemen naar 72,4 MW (verwachte elektriciteitsproductie 843 TJ). Het opgesteld vermogen van zonnepanelen in 2019 was 30,8 MW. Het totaal opgestelde vermogen aan zonnepanelen en windturbines in 2019 komt overeen met een jaarlijkse productie van 740 TJ. Als het vergunningsproces is voltooid, staan er in 2022 naar verwachting 28 windturbines in de Hoeksche Waard, verdeeld over de volgende vijf windparken: Spui (5), Hogezandse Polder (9), Westerse Polder (5), Oude Maas (5), en Oude Mol (4). Deze 28 windmolens hebben een totaal vermogen van 103,4 MW. Figuur 3 – Opwekking hernieuwbare elektriciteit in de Hoeksche Waard5

7000 6000 5000

TJ

4000 3000 2000 1000 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024 2025 2026 2027 2028 2029 2030 2031 2032 2033 2034 2035 2036 2037 2038 2039 2040

0

Totaal hernieuwbare energie Benodige hoeveelheid duurzaam opgewekte energie voor energieneutraliteit in 2040 bij 25% besparing Bron: Klimaatmonitor (Rijkswaterstaat, lopend); WindStats (WindStats, sd).

________________________________ 5

Gegevens over hoeveelheid zonnestroom in 2020 zijn nog niet bekend. Daarom hebben we de gegevens uit 2019 gebruikt.

11

200261 - Gemeente Hoeksche Waard in 2040 energieneutraal? – November 2020

3.2

Gemeentelijk beleid In voorgaande paragrafen is de voortgang op de doelen weergegeven. Een belangrijke vraag hierbij is wat de bijdrage is geweest van het gemeentelijk beleid aan dit doelbereik. Tabel 1 presenteert de maatregelen die zijn opgenomen in het Regionaal Uitvoeringsprogramma Energievisie 2016-2020 op het gebied van de opwek van hernieuwbare energie. Tabel 1 – Status van activiteiten uit het Regionaal Uitvoeringsprogramma Energievisie 2016-2020 - opwek duurzame energie Maatregel

Status (o.b.v. zomerrapportage 2020 en interviews)

Ruimte bieden aan initiatieven

In de concept-RES is hier nog geen ontwikkelruimte voor opgenomen. In het

voor zonneweiden

Programmaplan Duurzaamheid staat dat bij het Uitvoeringsprogramma ‘Hoeksche Waard Energieneutraal 2040’ wordt gekeken naar de mogelijkheden om ruimte te bieden aan zonneparken (zon op land).

Onderzoek ruimtelijke impact

Gereed: Ruimtelijke analyse Hoeksche Waard Energieneutraal 2040 (BVR

Energie-ambitie

Adviseurs, 2018).

Inventariseren potentieel en

Loopt: in het kader van het proces om te komen tot de RES 1.0 wordt

mogelijkheden bij agrarische

momenteel samen met LTO Noord (afdeling Hoeksche Waard), de

ondernemingen

Ondernemersvereniging Hoeksche Waard en Stedin onderzoek gedaan naar de mogelijkheden voor het invullen van de bandbreedte in het concept-RES bod van 0,1 TWh grootschalige opwek van duurzame energie door zon op grote (agrarische) bedrijfsdaken.

Het RES-traject, waarin plannen worden gemaakt voor zon- en windenergie, is vooral van belang bij de ontwikkeling van grootschalige hernieuwbare opwekking. Om het RES-traject inhoudelijk vorm te geven heeft de gemeente een adviesbureau ingehuurd en verschillende bijeenkomsten georganiseerd waarbij stakeholders werden geïnformeerd en meegenomen in het proces om te komen tot de (voorlopige) concept-RES. In de concept-RES staat dat de Hoeksche Waard 0,376–0,476 TWh wil bijdragen aan de nationale doelstelling van 35 TWh grootschalige hernieuwbare elektriciteitsopwekking op land in 2030;6 dit is voldoende om het huidige elektriciteitsgebruik van de gehele gemeente te dekken.7 Uit de interviews is gebleken dat de gesprekspartners in het algemeen positief waren over de samenwerking met de gemeente; de provincie, het waterschap, de woningcorporatie en Stedin waren allen positief over de samenwerking en expertise die bij de gemeente aanwezig is. Wel is er kritiek vanuit lokale betrokkenen (onder andere HWDuurzaam, Hoekschewaards Landschap, Behoud Hoeksche Waards Polderlandschap) en inwoners dat er te weinig ruimte is voor participatie en inspraak. Het was voor hen niet duidelijk of en hoe de informatie die zij inbrachten werd meegenomen. Als de informatie niet was meegenomen, was ook niet duidelijk waarom dat niet het geval was. De participatie in het proces had daarmee beter gekund.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9638583/1