CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Quickscan Flora en Fauna Toegangsweg 's-Gravendeel West juni 2024

Besluitvormende raad 17 september 2024, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Bestemmingsplan ’s-Gravendeel West fase 1 voor de ontwikkeling van een nieuwe woonwijk met 179 woningen11.313 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

voorgenomen activiteit niet als een in de wet genoemd belang wordt beschouwd. Werkzaamheden die kunnen

leiden tot het verstoren/vernielen van vogelnesten dienen daarom buiten de voortplantingsperiode van vogels uitgevoerd te worden. De meest geschikte periode om de voorgenomen activiteiten uit te voeren is septemberfebruari. Voorgenomen werkzaamheden mogen juridisch beschouwd wel plaatsvinden tijdens het

broedseizoen van vogels, mits geen bezette vogelnesten beschadigd/vernield worden. Om dit te voorkomen

26

Quickscan Flora & Fauna Toegangsweg ’s-Gravendeel West

11-6-2024

dient dan een broedvogelscan te worden uitgevoerd. De functie van het onderzoeksgebied als foerageergebied neemt mogelijk tijdelijk af, maar dit leidt niet tot wettelijke consequenties.

Conclusie

Uitvoeren voorgenomen activiteiten buiten de voortplantingsperiode (of broedvogelscan uitvoeren).

Vissen en kreeftachtigen

Verspreiding en functie

In het onderzoeksgebied zijn geen beschermde vissen en kreeftachtigen waargenomen en er zijn geen aanwijzingen gevonden dat het onderzoeksgebied een geschikt habitat vormt voor beschermde vissen en

kreeftachtigen. Er zijn eveneens geen verspreidingsgegevens bekend van beschermde vissen en kreeftachtigen in en nabij het onderzoeksgebied (NDFF, 2019-2024).

In de sloot komen mogelijk enkel algemene kreeftachtigen en vissoorten voor zoals de driedoornige stekelbaars. In de overige sloten worden geen beschermde soorten als de grote modderkruiper en

beekdonderpad verwacht gezien het onderzoeksgebied buiten het verspreidingsgebied van de soort ligt.

Wettelijke consequenties

Ter plaatse van de tijdelijk te dempen sloten wordt aangeraden om ze eerst af te dammen waarna eventueel nog aanwezige vissen en kreeftachtigen kunnen worden weggevangen. De functie van het onderzoeksgebied als foerageergebied neemt mogelijk tijdelijk af, maar dit leidt niet tot wettelijke consequenties.

Conclusie

Uitvoering van de voorgenomen activiteiten leidt niet tot wettelijke consequenties voor vissen en kreeftachtigen.

Overige soorten

Het onderzoeksgebied behoort niet tot functioneel leefgebied van andere beschermde flora- of faunasoorten.

Vanwege de lokale invloedsfeer heeft de voorgenomen activiteit geen negatief effect op andere beschermde soorten. Nader onderzoek of het aanvragen van een omgevingsvergunning is niet noodzakelijk.

5.4.

Slotconclusie

27

Quickscan Flora & Fauna Toegangsweg ’s-Gravendeel West

In tabel 5.1 en tabel 5.2 worden de wettelijke consequenties samengevat weergegeven.

11-6-2024

Tabel 5.1: Samenvatting van de wettelijke consequenties Soortgroep

Functie

Amfibieën

Foerageergebied

Amfibieën Amfibieën Amfibieën

Beschermde

Verbodsbepalingen

Aandachtspunt

Diverse soorten

Niet van toepassing; vrijstelling

Geen

(Winter)rustplaats

Diverse soorten

Niet van toepassing; vrijstelling

Geen

Voortplantingsplaats

Niet aanwezig

Niet van toepassing

Geen

soorten

onderzoeksgebied

Doden van dieren

Diverse soorten

(Omgevingswet)

i.v.m. ruimtelijke ontwikkeling i.v.m. ruimtelijke ontwikkeling Art. 11.54 lid 1a

Geen dieren doden: Eén richting op werken en buiten de kwetsbare

Flora

Standplaats

Grondgebonden zoogdieren

Foerageergebied

Grondgebonden zoogdieren

Vaste

rust-

voortplantingsplaats

Grondgebonden zoogdieren

Vaste

Ongewervelden

Doden van dieren

en

en

en

Niet van toepassing; vrijstelling i.v.m. ruimtelijke ontwikkeling

periode werken Geen Geen

Niet van toepassing; vrijstelling

Geen

Art. 11.54 lid 1a

Geen dieren doden: Eén

i.v.m. ruimtelijke ontwikkeling

richting op werken en buiten de kwetsbare periode werken

Niet van toepassing

Niet aanwezig

Niet van toepassing

Geen

Essentieel

Niet aanwezig

Niet van toepassing

Geen

Essentiële vliegroute

Niet aanwezig

Niet van toepassing

Geen

Doden van dieren

Diverse soorten

Art 11.54 lid 1a

Geen dieren doden door af

of

foerageergebied

en

Niet van toepassing

Niet aanwezig

voortplantingsplaats

Vleermuizen

Diverse soorten Diverse soorten

Rust-

Vleermuizen

Vissen kreeftachtigen

rust-

voortplantingsplaats

Vleermuizen

Vissen kreeftachtigen

Diverse soorten

Doden van dieren

Ongewervelden

Vleermuizen

Niet aanwezig

Doden van dieren

Geen

te dammen

Foerageergebied

Diverse soorten

Niet van toepassing; vrijstelling

Geen

Vogels

Bezette nesten (niet

Diverse soorten

Art. 11.37 lid 1b

Werken buiten

Vogels

Jaarrond

Niet aanwezig

Niet van toepassing

Vogels

Doden van dieren

Diverse soorten

Art. 11.37 lid 1a

Dieren

Niet aanwezig

Niet van toepassing

voortplantingsplaats

of

Niet van toepassing

Geen

Art 11.54 lid 1b

jaarrond beschermd)

beschermde

nest- en rustplaats

Overige florafaunasoorten

28

en

Niet van toepassing

Niet van toepassing

Diverse soorten

Vogels

Rust-

Niet aanwezig

Geen

en

functies

en

overige

Geen

i.v.m. ruimtelijke ontwikkeling

Quickscan Flora & Fauna Toegangsweg ’s-Gravendeel West

voortplantingsperiode of

broedvogelscan uitvoeren Geen

Werken buiten voortplantingsperiode of

11-6-2024

broedvogelscan uitvoeren Geen

Tabel 5.2: Vereenvoudigde samenvatting van de wettelijke consequenties per soortgroep Soortgroep

Amfibieën

Vaste rust

Voort-

Essentiële

Essentieel

standplaat

plaats

(vleer-

gebied

plaats/ s

plantings-

Ja

Nee

Flora

Nee

Ongewervelden Vissen

Grondgebonden zoogdieren Vleermuizen Vogels

vliegroute muizen)

foerageer-

Wettelijke

consequenties

Nader

onderzoek vereist

Omgevingsvergunnin g vereist

n.v.t.

Nee

Ja

Nee

Nee, tenzij dieren

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

n.v.t.

Nee

Nee

Nee

Nee

Nee

N.v.t.

N.v.t.

Nee

Nee

Ja

Nee Nee

Ja

Nee Ja

n.v.t.

Nee

n.v.t.

Nee

Nee Nee

Ja

Nee Ja

Nee

Nee Nee

gedood worden

Nee, tenzij dieren gedood worden Nee Nee Nee

Nee, tenzij vogels gedood, bezette

nesten verstoord,

beschadigd of vernield worden

29

Quickscan Flora & Fauna Toegangsweg ’s-Gravendeel West

11-6-2024

6.

Houtopstanden

Wegens de ligging van het onderzoeksgebied binnen de bebouwingscontour van houtkap is de

bomenverordening van de Hoeksche Waard van toepassing. Er dient te worden nagegaan of regels zijn opgesteld in het omgevingsplan over het vellen van houtopstanden van de betreffende gemeente. Indien er

een vergunning nodig is, dient, afhankelijk van de gemeente, een Bomen Effect Analyse en een

Boomwaardebepaling te worden uitgevoerd. Eveneens geldt er een herplantplicht voor de bomen die gerooid worden. In hoeverre deze plicht geldt, is ook afhankelijk van de desbetreffende gemeente.

30

Quickscan Flora & Fauna Toegangsweg ’s-Gravendeel West

11-6-2024

7. Conclusies en advies Gebiedsbescherming

Voorgenomen activiteiten leiden niet tot consequenties met betrekking tot provinciaal beschermde

gebieden ten aanzien van provinciaal beleid;

Een negatief effect van fysieke activiteiten op Natura 2000-gebied kan op basis van voorliggende studie uitgesloten worden. Uitvoering van de voorgenomen activiteiten leidt niet tot wettelijke consequenties in

het kader van gebiedsbescherming;

Een negatief effect van stikstofdepositie op Natura 2000-gebied kan op basis van voorliggende studie niet uitgesloten worden. Geadviseerd wordt om een stikstofdepositieberekening te laten uitvoeren.

Soortenbescherming

De in het onderzoeksgebied voorkomende grondgebonden zoogdieren, vissen en kreeftachtigen en

amfibieën staan op de provinciale vrijstellingslijst voor ruimtelijke ingrepen. Er hoeft geen omgevingsvergunning te worden aangevraagd;

Uitvoering van de voorgenomen activiteiten leidt niet tot wettelijke consequenties voor vleermuizen, beschermde plantensoorten en beschermde ongewervelden;

Voor de aanwezige vogelsoorten geldt dat het uitvoeren van voorgenomen activiteiten buiten de

broedperiode moet plaatsvinden of er dient een broedvogelscan te worden uitgevoerd; Er dient te allen tijde gewerkt te worden conform de specifieke zorgplicht.

Houtopstanden

Wegens de ligging van het onderzoeksgebied binnen de bebouwingscontour van houtkap is de

bomenverordening van de Hoeksche Waard van toepassing. Er dient te worden nagegaan of regels zijn opgesteld in het omgevingsplan over het vellen van houtopstanden van de betreffende gemeente. Kwetsbare periode

Uitvoering van voorgenomen activiteiten dient buiten de kwetsbare periode van de desbetreffende soorten plaats te vinden. In tabel 7.1 staan de indicatieve kwetsbare periodes per soortgroep

weergegeven welke van toepassing zijn in het onderzoeksgebied. De tabel geeft slechts indicatieve kwetsbare periodes weer. Dit kan dus in werkelijkheid afwijken door weersomstandigheden. Tabel 7.1: Indicatieve kwetsbare periodes per soortgroep

Soorten

Grondgebonden zoogdieren Vogels

Amfibieën

Type verblijf

Voortplanting

jan

feb

mrt apr

mei jun

jul

aug sep okt

nov dec

Winterverblijf

Broedseizoen Voortplanting Zomerverblijf

Winterverblijf Kwetsbare periode (kan afwijken, afhankelijk van klimatologische omstandigheden) Afhankelijk van klimatologische omstandigheden of de periode kwetsbaar is of niet

(Meest) geschikte periode (kan afwijken, afhankelijk van klimatologische omstandigheden)

31

Quickscan Flora & Fauna Toegangsweg ’s-Gravendeel West

11-6-2024

8.

Bronnen

AERIUS. (2020). AERIUS-Calculator. Opgehaald van aerius.nl: www.aerius.nl

Broekhuizen, S., Spoelstra, K., Thissen J.B.M. (2016), Atlas van de Nederlandse Zoogdieren. -Natuur van

Nederland 12. Naturalis Biodiversity Centre & EIS Kenniscentrum Insecten en andere ongewervelden, Leiden.

BIJ12 (2017). Kennisdocument. BIJ12, versie 1.0. Creemers, R.C.M. & J.J.C.W. van Delft (2009). De amfibieën en reptielen van Nederland, - Nederlandse

fauna 9. Nationaal Natuurhistorisch Museum Naturalis, European Invertebrate Survey -Nederland, Leiden. Floron (2011). Nieuwe Atlas van de Nederlandse Flora, Knnv Uitgeverij, Utrecht.

Limpens, H., K. Mostert en W. Bongers (1997). Atlas van de Nederlandse Vleermuizen. Utrecht: KNNV Uitgeverij.

Ministerie van Economische Zaken (2016). Soortenbescherming bij ruimtelijke ingrepen. Ministerie van Economische Zaken, versie 1.3.

SOVON Vogelonderzoek Nederland (2002). Atlas van de Nederlandse broedvogels, - Nederlandse fauna 5.

Leiden, Nederland: KNNV Uitgeverij & European invertebrate Survey – Nederland. Soort- en gebiedsinformatie: www.eurobats.org www.natura2000.nl

www.nederlandsesoorten.nl www.pdok.nl

www.ravon.nl

www.ruimtelijkeplannen.nl www.sovon.nl

www.verspreidingsatlas.nl www.vogelbescherming.nl

www.zoogdiervereniging.nl Omgevingsverordening Waarnemingen: ndff-ecogrid.nl

32

Quickscan Flora & Fauna Toegangsweg ’s-Gravendeel West

11-6-2024

Bijlagen

Bijlage 1: Foto’s

Bijlage 2: Toelichting Omgevingswet aanvullingswet natuur Drie beschermingsregimes

De Omgevingswet kent een apart beschermingsregime voor soorten van de Vogelrichtlijn, een apart

beschermingsregime voor soorten van de Habitatrichtlijn (het Verdrag van Bern en het Verdrag van Bonn) en een apart beschermingsregime voor andere soorten, die vanuit nationaal oogpunt beschermd worden. Elk van deze beschermingsregimes kent zijn eigen verbodsbepalingen en vereisten voor vrijstelling of vergunning van

de verboden. Alle vogels (ruim 700 soorten), zijn beschermd. Daarnaast worden ongeveer 230 overige Europese en nationale soorten beschermd.

Om af te mogen wijken van de verbodsbepalingen via een vergunning of vrijstelling moet aan drie criteria zijn voldaan:

Ten eerste mag alleen van de verbodsbepaling afgeweken worden als er geen andere bevredigende oplossing voor de handeling mogelijk is.

Ten tweede moet tegenover de afwijking van het verbod een in de wet genoemd belang staan. De wet geeft voor de verschillende beschermingsregimes aan wat die belangen zijn zoals volksgezondheid of openbare veiligheid.

Tenslotte mag de ingreep geen afbreuk doen aan de staat van instandhouding van de soort. Als aan deze drie vereisten voldaan is, kan een vergunning worden verleend. Voor een aantal handelingen zijn bovendien vrijstellingen mogelijk, bijvoorbeeld in de vorm van een provinciale verordening of een gedragscode. Soortenbescherming en het ‘ja, mits’ principe

De verbodsbepalingen voor vogels en Habitatrichtlijnsoorten in de Omgevingswet sluiten vrijwel één op één

aan bij de bepalingen uit de Vogelrichtlijn en de Habitatrichtlijn. De verbodsbepalingen zijn gericht op de bescherming van individuen van soorten. Ook voor de andere soorten, die niet op grond van de Vogel- of Habitatrichtlijn maar vanuit nationaal oogpunt beschermd worden, geldt dat de verbodsbepalingen zien op het individu, maar of vergunning verleend kan worden, wordt afgewogen tegen het effect van de ingreep op het populatieniveau van de soort. (Specifieke) zorgplicht voor dieren en planten

Of dier- en plantensoorten nu wettelijk beschermd zijn of niet, iedereen moet voldoende rekening houden met in het wild levende dieren en planten en hun directe leefomgeving. De wet erkent daarmee de intrinsieke

waarde van in het wild levende soorten. De Memorie van Toelichting zegt het zo: “De zorgplicht houdt in dat eenieder voldoende zorg in acht moet nemen voor de in het wild levende dieren en planten, alsmede voor hun directe leefomgeving.

Vrijstelling regelgeving

Onder de Omgevingswet is niet altijd een vergunning nodig bij handelingen met gevolgen voor beschermde

plant- en diersoorten. In (veel) gevallen kunt u gebruik maken van een vrijstelling. Een vrijstelling is een

uitzondering op een wettelijk verbod, die wordt vastgesteld voor een van tevoren bepaalde categorie van

gevallen. Er zijn verschillende vrijstellingen van de verboden voor beschermde soorten mogelijk. Een bekende

en reeds in de praktijk toegepaste vorm van vrijstelling is die van de gedragscode. In de Omgevingswet zijn

voor beschermde soorten ook andere vormen van vrijstelling geïntroduceerd, zoals door middel van een Programmatische Aanpak of via een provinciale verordening. Overigens is ook een vrijstelling in de vorm van een ministeriële regeling mogelijk.

Provinciale staten kunnen vrijstelling van de verbodsbepalingen verlenen. Dit moet worden geregeld in een provinciale verordening.

Gedragscodes die zijn opgesteld onder de Flora- en faunawet en Wet natuurbescherming kunnen worden

uitgebreid ten aanzien van soorten die op grond van de Omgevingswet beschermd worden maar dat op grond

van de Flora- en faunawet en Wet natuurbescherming nog niet waren. Goedkeuring van een gedragscode op

grond van de Flora- en faunawet en Wet natuurbescherming blijft ook onder de Omgevingswet geldig, voor de

duur van de goedkeuring. Daarna dient de gedragscode voor goedkeuring getoetst te worden aan de

Omgevingswet. Vervolgens wordt de gedragscode aangewezen als onderdeel van de Omgevingsregeling. Deze

aanwijzing geldt vanaf 1 januari 2025. Welke soorten zijn beschermd?

De Omgevingswet kent drie categorieën beschermde soorten:

Ten eerste worden alle van nature in Nederland in het wild levende vogels beschermd volgens het beschermingsregime van de Vogelrichtlijn;

Ten tweede worden soorten beschermd op grond van de Habitatrichtlijn, het Verdrag van Bern en het Verdrag van Bonn;

Tenslotte is er een beschermingsregime voor ‘andere soorten’ waaronder soorten vallen die vanuit nationaal oogpunt bescherming behoeven. Tabel B2.1: Verbodsbepalingen Omgevingswet Beschermingsregime soorten

Beschermingsregime soorten

Beschermingsregime andere

Art. 11.37 lid 1a

Art. 11.46 lid 1a

Art. 11.54 lid 1a

Vogelrichtlijn §11.2.2

Het is verboden in het wild levende vogels opzettelijk te doden of te vangen Art. 11.37 lid 1b Het is verboden opzettelijk nesten,

Habitatrichtlijn §11.2.3

Het is verboden soorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te doden of te vangen

soorten §11.2.4

Het is verboden soorten opzettelijk te doden of te vangen

Art. 11.46 lid 1d Het is verboden de

Art. 11.54 lid 1b Het is verboden de vaste

Art. 11.37 lid 1c

Art. 11.46 lid c

Niet van toepassing

Art. 11.37 lid 1d

Art. 11.46 lid b

Niet van toepassing

rustplaatsen en eieren van vogels opzettelijk te vernielen of te beschadigen of nesten van vogels weg te nemen

Het is verboden eieren te rapen en deze onder zich te hebben

voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of vernielen

Het is verboden eieren van dieren in de natuur opzettelijk te vernielen of te rapen

voortplantingsplaatsen, rustplaatsen of eieren van dieren opzettelijk te beschadigen of vernielen

Het is verboden vogels opzettelijk te

storen, tenzij de storing niet van wezenlijke invloed is op de staat van instandhouding van de desbetreffende vogelsoort Niet van toepassing

Het is verboden dieren opzettelijk te verstoren

Art. 11.46 lid e

Art. 11.54 lid 1c

verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen

snijden, te ontwortelen of te vernielen

Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied opzettelijk te plukken en te

Het is verboden plantensoorten in hun natuurlijke verspreidingsgebied te plukken en te verzamelen, af te

Begrippen Onderstaand zijn enkele begrippen weergegeven vanuit bovenstaande verbodsbepalingen.

Verstoren

De mate van ‘storen’ hangt per soort af van: • • • •

Intensiteit van de verstoring Duur van de verstoring

Frequentie van de verstoring

Het effect van de verstoring op de staat van instandhouding van de soort

Vangen

Niet al het vangen valt gelijk onder de vergunningplicht. Het doel van de vergunningplicht voor het vangen is om soorten te beschermen. Om te beoordelen of sprake is van vergunningplicht is niet alleen dat doel maar

ook het doel van het vangen aan de orde. Neem bijvoorbeeld het vangen van amfibieën tijdens de voorjaarstrek om ze over de weg te zetten. Het vangen heeft als doel om overrijden te voorkomen. Dat vangen is niet vergunningplichtig.

Opzettelijk

Onder ‘opzettelijk’ valt ook ‘voorwaardelijke opzet’. Daarvan is sprake als iemand een handeling verricht en daarbij bewust de aanmerkelijke kans aanvaardt dat zijn gedragingen schadelijke gevolgen hebben voor een dier of een plant. Zoals de vangst of de dood van dieren of het vertrappen of ontwortelen van planten. Vrijgestelde soorten

In afwijking van de verboden in artikel 11.54 lid 1a van de Omgevingswet, is het toegestaan de onderstaande

soorten weg te vangen (om doden te voorkomen) en de vaste voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van deze soorten opzettelijk te beschadigen of te vernielen wanneer er geen andere bevredigende oplossing bestaat.

De vrijstelling is van kracht wanneer de handeling verband houdt met de volgende activiteiten:

De ruimtelijke inrichting of ontwikkeling van gebieden, daaronder begrepen het daaropvolgende gebruik van het ingerichte of ontwikkelde gebied; Het bestendig beheer of onderhoud aan vaarwegen, watergangen, waterkeringen, waterstaatswerken, oevers, vliegvelden, wegen, spoorwegen of bermen, of in het kader van natuurbeheer.

Tabel B2.2: Lijst met soorten waarvoor een vrijstelling van de verbodsbepalingen geldt als gevolg van handelingen die in het

Flevoland

Friesland

Gelderland

Groningen

Limburg

Noord-Brabant

Noord-Holland

Overijssel

Utrecht

Zeeland

Zuid-Holland

(AMvB Ministerie

Aardmuis

Microtus agretis

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Bosmuis*

Apodemus sylvaticus

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Bunzing

Mustena putorius

x

x

Dwergmuis

Micromys minutes

x

x

X

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Dwergspitsmuis

Sorex minutus

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Egel

Erinaceus europaeus

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Eekhoorn

Sciurus vulgaris

Gewone bosspitsmuis

Sorex ananeus

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Haas

Lepus europeus

x

x

x

x

x

x

x

x

X5

x

x

Hermelijn

Mustela erminea

X5

x

x

Huisspitsmuis*

Crocidura russula

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Konijn

Oryctolagus cuniculus

x

x

x

x

x

x

x

x

x

X5

x

x

Molmuis

Arvicola scherman

Ondergrondse woelmuis

Pitymys subterraneus

x

x

Ree

Capreolus capreolus

x

x

Rosse woelmuis

Clethrionomys glareolus

x

x

Steenmarter

Martes fiona

Nederlandse naam

Wetenschappelijke naam

Grondgebonden zoogdieren

Tweekleurige

x

X5

RN art. LNV

Drenthe

kader van een ruimtelijke ontwikkeling worden uitgevoerd

x1 x

x

x

x x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x2

Sorex coronatus

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Veldmuis*

Microtus arvalis

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Vos

Vulpes vulpes

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Wezel

Mustela nivalis

x

x

x

x

Wild zwijn

Sus scrofa

Woelrat

Arvicola terrestris

bosspitsmuis

X5

x

x

Amfibieën en reptielen

x

x

x

DR

FL

FR

x

x

x

x

x

x

x

x

x

GD

GR

LB

NB

NH

OV

UT

ZL

ZH

MLNV

Bruine kikker

Rana temporaria

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Gewone pad

Bufo bufo

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Hazelworm

Anguis fragilis

Kleine watersalamander

Triturus vulgaris

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

Levendbarende hagedis

Zootoca vivipara

Meerkikker

Pelophylax ridibundus

Middelste groene kikker

Pelophylax

/ Bastaardkikker

esculentus

x3 x x4

klepton

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

x

* voor deze soorten daarnaast algemene vrijstelling in/op gebouwen en bijbehorende erven of roerende zaken (Omgevingswet art. 11.54 lid 2a) x1 = vrijstelling geldt in de periode maart-april en juli tot en met november x2 = vrijstelling geldt in de periode 15 augustus tot en met februari x3 = vrijstelling geldt in de periode juli, augustus en september x4 = vrijstelling geldt in de periode 15 augustus tot en met 15 oktober X5= vrijstelling vervalt per 1 september 2024

Opmerking bij Friesland: Er gelden allerlei aanvullende voorschriften aan de vrijstelling mbt doden, vangen, vrijlaten en beschadigen of vernielen van verblijfplaatsen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14401010/1