CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Beeldvormende bijeenkomst 21 november 2023, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Bestemmingsplan ’s-Gravendeel West fase 1 (met presentatie)26.357 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 4

4.11.2.1

Verkeersgeneratie

Het uitgevoerde onderzoek heeft betrekking op de realisatie van de 179 woningen binnen 's-Gravendeel West I. Om tot een correcte onderbouwing te komen is allereerst gekeken naar de bestaande verkeersgeneratie op het omliggende weggennet. Vervolgens is gekeken naar de verkeersgeneratie die gegenereerd wordt door de nieuwe woningbouwontwikkeling. Ten slotte is beoordeeld of de toekomstige verkeersgeneratie veilig kan worden afgewikkeld op het omliggende wegennet. Uit het onderzoek blijkt dat de woningbouwontwikkeling binnen het plangebied een verkeersgeneratie heeft van circa 1.300 motorvoertuigen per etmaal (mvt/etmaal). Voor de volledigheid dient gesteld te worden dat aanvullend ook rekening wordt gehouden met de verkeersgeneratie van de 150 mvt/etmaal van de Immanuelhof. Het plangebied wordt aan de zuidzijde ontsloten met één weg met een maximale snelheid van 30 km/h. Wanneer de ontsluitingsweg (conform richtlijn ASVV 2012) een minimale breedte heeft van 4,80 meter kan de toekomstige verkeersgeneratie van de woningbouwontwikkeling goed afgewikkeld worden. Op basis van de berekening ontstaan ook op de omliggende wegen (Boezembaan, Maasdamseweg en N217) geen belemmeringen, overal is nog voldoende capaciteit aanwezig. De bestaande rotonde ten zuiden van het plangebied is geen toekomstbestendige oplossing.

Deze conclusie geldt overigens voor een situatie met, maar ook zonder de ontwikkeling van 's-Gravendeel West. Mede hierom is de provincie Zuid-Holland voornemens de rotonde aan te passen om de capaciteit te vergroten. De nieuwe vormgeving van de rotonde is gebruikt om de verkeersafwikkeling te beoordelen, deze berekening toont aan de nieuwe vormgeving voldoende capaciteit heeft voor de verkeersafwikkeling inclusief 's-Gravendeel West I. Geconcludeerd wordt dat het wegennet de verkeersgeneratie in de toekomstige situatie kan dragen en veilig kan afwikkelingen. Op basis van het onderzoek wordt geconcludeerd dat er in de toekomstige situatie sprake is van een goede en veilige verkeerssituatie.

56

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I 4.11.2.2

Parkeren

Door Goudappel Coffeng is een onderzoek uitgevoerd naar de parkeerbehoefte binnen het plangebied. Het onderzoek is toegevoegd als bijlage 9 aan de toelichting van voorliggend bestemmingsplan. In het onderzoek wordt door middel van berekeningen aangetoond dat voor de beoogde 179 woningen voldoende parkeerplaatsen gerealiseerd kunnen worden binnen het plangebied. De parkeerplaatsen worden zoals op eigen terrein van de toekomstige woningen als in gezamenlijke openbare parkeerkoffers gerealiseerd. De gemeente Hoeksche Waard heeft in de nota ‘Parkeernormering gemeente Hoeksche Waard’ richtlijnen opgenomen voor parkeren bij nieuwbouwontwikkelingen. Ook biedt het parkeerbeleid van de gemeente ruimte om af te wijken. Dit is een afweging die het college van burgemeester en wethouder per geval maakt. Om af te kunnen wijken zijn argumenten nodig die duidelijk maken waarom afwijken mogelijk en noodzakelijk is. Deze argumenten kunnen zich richten op: 1. de locatie; 2. het soort ontwikkeling; 3. een specifieke doelgroep. Om het bouwplan binnen voorliggend bestemmingsplan mogelijk te maken is afwijking van het parkeerbeleid noodzakelijk. In bijlage 9 is per argument aangegeven waarom en op welke gronden afgeweken wordt van het beleid. De onderbouwing biedt het college voldoende ruimte of gemotiveerd af te wijken van het parkeerbeleid, daarmee is sprake van een goede ruimtelijke ordening.

Op basis van deze motivering is een maatwerk parkeerbalans opgesteld welke in onderstaande paragraaf wordt toegelicht. Parkeerbalans De ontwikkeling van ’s-Gravendeel West bestaat uit 179 woningen in verschillende categorieën. Voor bewoners en bezoekers van deze woningen worden parkeerplaatsen gerealiseerd, deels op eigen terrein (niet openbaar toegankelijk) en deels openbaar. Op basis van de maatwerkoplossing voor 's Gravendeel-West is de parkeerbehoefte berekend. Hierbij is onderscheid gemaakt naar:  woningen met een dubbele oprit zonder garage (tabel 4);  woningen met geen/een enkele oprit + bezoekers (tabel 5).

Tabel 4: Parkeerbehoefte twee-onder-een-kap- en vrijstaande woningen Uit tabel 4 blijkt dat de parkeerbehoefte van de bewoners van de twee-onder-een-kap en vrijstaande woningen kan worden gefaciliteerd binnen het parkeeraanbod op eigen terrein. Het bezoekersdeel van de parkeerbehoefte wordt openbaar opgelost, zie tabel 5.

(ontwerp)

57

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Tabel 5 – Parkeerbehoefte woningen met geen/een enkele oprit + bezoekers Conclusie Op basis van het uitgevoerde onderzoek door Goudappel kan geconcludeerd worden dat er voldoende parkeergelegenheid binnen het plangebied gerealiseerd kan worden. Het college van Burgemeester en Wethouders kan op basis van de onderbouwing afwijken van de standaard parkeernormen van de gemeente Hoeksche Waard. Op basis van het onderzoek van Goudappel is gebleken dat deze afwijken op basis van de goede ruimtelijke ordening verantwoord is. Het aspect verkeer en parkeren vormt geen belemmering voor de vaststelling van voorliggend bestemmingsplan.

4.12

Kabels en leidingen

4.12.1 Wettelijk kader Er kunnen planologische relevante kabels en/of leidingen in het plangebied liggen. Ze kunnen ook in de omgeving voorkomen. Voorbeelden zijn hoofdnutsvoorzieningen. Dit kunnen leidingen voor het transport van giftige, brandbare en/of ontplofbare stoffen zijn. Daarnaast zijn aardgasleidingen, hoogspanningsleidingen en afvalwaterleidingen ook voorbeelden. Deze leidingen worden bestemd als ze voorkomen in het gebied. Met het geldende bestemmingsplan kan worden vastgesteld welke maatregelen, overleggen en/of rapporten nodig zijn voor een ruimtelijke ontwikkeling. Op basis van het geldende bestemmingsplan kan dan vastgesteld worden welke maatregelen, overleggen en/of rapporten noodzakelijk zijn om een ruimtelijke ontwikkeling mogelijk te maken.

4.12.2 Beoordeling plangebied Op basis van de vigerende bestemmingsplannen van de gemeente Hoeksche Waard kan geconcludeerd dat er in en nabij het plangebied geen planologisch relevante kabels en /of leidingen aanwezig zijn. Overige kabels zullen bij start van de graaf - en werkzaamheden middels een klic melding inzichtelijk gemaakt worden.

58

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

4.13

Duurzame ontwikkeling

Duurzaamheid beperkt zich niet enkel tot de realisatie van slimme installaties en een thermische schil om de huizen. Het start al bij de stedenbouw en dat is voor 's-Gravendeel West ook gebeurd. De doelstelling voor 's-Gravendeel is het ontwikkelen van een duurzaam nieuw deel van 's Gravendeel. Zowel de gemeente als de initiatiefnemer wil een klimaatadaptieve, gezonde en duurzame wijk realiseren. De volgende duurzaamheidsaspecten zijn verwerkt in de stedenbouwkundige planvorming. Natuur integreren in de woonomgeving In het nieuwe woongebied krijgt de natuur een centrale plaats. In het stedenbouwkundig ontwerp is ruimte voor ecologische oevers, inheemse vegetatie en biodiversiteit. Bewoners voelen zich fijner waar de leefkwaliteit hoog is. Om deze reden is het van belang dat er aandacht wordt besteed aan de inrichting van de buitenruimte waarmee de natuur beleefd kan worden. In 's Gravendeel west is natuurbeleving van belang en dat wordt bereikt door natuurlijk spelen (speeltuinen bijvoorbeeld) en het aanleggen van wandel- en struinpaden. Duurzaam watersysteem Water is een belangrijke drager binnen het gebied. Het nieuwe woongebied moet klimaatadaptief worden, daar draagt het realiseren van een hemelwaterinfiltratiesysteem met bijvoorbeeld wadi's aan bij.

De ruimtelijke ontwikkeling voorziet in het versterken van verschillende watertypen zoals de bestaande kreek en de poldersingel. Gezamenlijk zorgen alle maatregelen voor een duurzaam waterhuishoudkundig systeem. Duurzame inrichting openbare ruimte Het minimaliseren van de verharding is een belangrijk uitgangspunten bij de uitwerking van het woongebied. Er wordt maximaal ruimte gecreëerd voor de realisatie van openbare groenvoorzieningen voor mens en natuur. Tevens wordt voorzien in goede wandel- en fietsroutes om het gebruik van gemotoriseerd niet te stimuleren. Duurzame woningen De woningen zullen voldoen aan alle duurzaamheidseisen zoals vastgelegd in de overeenkomst tussen de gemeente en de initiatiefnemer. Concreet worden duurzaamheidsdoelstelling behaald door de toepassing van duurzame materialen (baksteen, hout) en het aanleggen van gescheiden afvalcontainers. De woningen in het plan zijn gasloos en energieneutraal Dit betekent dat de woningen een neutraal 'gebouw gebonden' energiegebruik hebben. (het energiegebruik voor ruimteverwarming, ruimtekoeling, warmtapwater, elektriciteit voor de hiervoor benodigde installaties). Waar (technisch) mogelijk zal de Ontwikkelaar duurzaamheidsopties aan kopers aanbieden zoals een NUL op de Meter (NOM) woning.

De 20 goedkope koopwoningen zullen voldoen aan de BENG normering De woningen worden, waar nodig om de energie neutrale doelstelling te behalen, voorzien van zonnepanelen. Er worden indien mogelijk - optioneel - extra zonnepanelen aangeboden om de woning nog duurzamer te maken. De opbrengst van de zonnepanelen wordt geoptimaliseerd omdat de daken van de woningen in het stedenbouwkundig plan veelal zuid georiënteerd zijn

(ontwerp)

59

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Afbeelding 4.8. Sfeerimpressie duurzame ontwikkeling 's Gravendeel West (bron: initiatiefnemer)

4.14

Niet-ontplofte explosieven

4.14.1 Wettelijk kader Ten behoeve van de ruimtelijke ontwikkeling binnen het plangebied is een vooronderzoek naar explosieven uitgevoerd. Het volledige vooronderzoek van ECG is toegevoegd als bijlage 10.

4.14.2 Beoordeling plangebied Explosive Clearance Group (ECG) heeft een historisch vooronderzoek uitgevoerd naar de mogelijke aanwezigheid van Ontplofbare Oorlogsresten (OO) binnen het plangebied. Het onderzoek is conform het Certificatieschema Vooronderzoek en Risicoanalyse Ontplofbare Oorlogsresten (CS-VROO) uitgevoerd. Op basis van archiefonderzoek, het ruimingenregister van de Explosieven Opruimingsdienst, kaartmateriaal en luchtfoto-interpretatie zijn er binnen het plangebied geen concrete en/of eenduidige indicaties/aanwijzingen achterhaald van oorlogshandelingen die zouden kunnen duiden op de aanwezigheid van achtergebleven Ontplofbare Oorlogsresten. Uit de beeldvergelijkingen komen minimale veranderingen naar voren in het landschap van het plangebied. Ten tijde van de oorlog werd het gebied gebruikt voor landbouwdoeleinden. Tegenwoordig bestaat het plangebied nog steeds uit akkerbouwgrond. Omdat er geen indicaties zijn achterhaald die wijzen op de mogelijke aanwezigheid van Ontplofbare Oorlogsresten is er geen verdacht gebied afgebakend welke voor vervolgonderzoek in aanmerking komen. Op basis van het uitgevoerde onderzoek kan geconcludeerd worden dat voorliggend bestemmingsplan ruimtelijke uitvoerbaar is en de geplande werkzaamheden in het plangebied veilig en op reguliere wijze uitgevoerd kunnen worden.

60

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

4.15

Milieueffectrapportage

4.15.1 Wettelijk kader De milieueffectrapportage is geregeld in hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer (Wm) en in het Besluit m.e.r. De Wm is een kaderwet waarin de uitgangspunten van het milieubeleid staan beschreven. In het Besluit m.e.r. staat wanneer een m.e.r. moet worden toegepast. Het besluit bevat bijlagen waaronder de C- en D-lijst. Door middel van deze lijsten kan bij het opstellen van een ruimtelijk plan worden beoordeeld of het plan een ontwikkeling omvat die een m.e.r.-(beoordelings)plicht kent. Voor activiteiten die voldoen aan de diverse criteria uit de C- en D-lijst geldt een m.e.r.-plicht. Bij sommige ontwikkelingen met activiteiten uit de D-lijst is een vormvrije m.e.r.-plicht mogelijk. Als een voorgenomen ontwikkeling activiteiten bevat zoals opgenomen in de D-lijst van het besluit m.e.r. (kolom 1), maar beneden de drempelwaarden in deze lijst ligt (kolom 2) dan is er een vormvrije m.e.r. mogelijk. Er dient bij elke m.e.r.-vorm een aanmeldnotitie te worden opgesteld. In overleg met de aanvrager van het bijbehorende plan of besluit wordt beoordeeld of er aanleiding is voor het uitvoeren van een m.e.r.-beoordeling (als sprake is van een besluit) of het direct uitvoeren van een m.e.r. (als sprake is van een plan).

4.15.2 Beoordeling milieueffect Het type en omvang van een ontwikkeling, die relevant zijn in het kader van het Besluit m.e.r., staan beschreven in bijlage C en D, onder de kolom 'drempelwaarde' van het Besluit m.e.r. Voor alle ruimtelijke ontwikkelingen die voorkomen in onderdeel D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. maar onder de drempelwaarden blijven moet een vormvrije m.e.r.-beoordeling in de vorm van een aanmeldnotitie worden opgesteld. De ontwikkeling van 179 woningen valt onder de activiteit "De aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject, met inbegrip van de bouw van winkelcentra of parkeerterreinen" zoals opgenomen in bijlage D onder D11.2 in de bijlage behorende bij het Besluit milieueffectrapportage. Geen van de genoemde drempelwaarden uit kolom 2 wordt overschreden. De gemeente Hoeksche Waard zal, op basis van de m.e.r. aanmeldnotitie, voorafgaand aan de start van de procedure het besluit nemen dat het uitvoeren van een aanvullende m.e.r. beoordeling niet noodzakelijk is. Voor de volledigheid is de m.e.r. aanmeldnotitie toegevoegd als bijlage 11.

(ontwerp)

61

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Hoofdstuk 5 5.1

Juridische aspecten en planverantwoording

Algemeen

Dit hoofdstuk bespreekt de juridische vormgeving van het bestemmingsplan. Het voorliggende bestemmingsplan bestaat uit regels en een verbeelding. Daarnaast is het bestemmingsplan voorzien van een toelichting omdat het krachtens artikel 3.1.6 van het Bro verplicht is om een bestemmingsplan te vergezellen met een toelichting. Deze toelichting geeft aan welke gedachten aan het plan ten grondslag liggen, wat de uitkomsten van verrichtte onderzoeken zijn, wat het resultaat is van het overleggen en tot slot doet het verslag van de georganiseerde inspraak bij het plan. Hiermee voldoet het bestemmingsplan aan alle vereisten die zijn opgenomen in de Wro en het Bro. Inherent hieraan is de toepassing van de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) 2012. De SVBP maakt het mogelijk om bestemmingsplannen te maken die op vergelijkbare wijze zijn opgebouwd en op een zelfde manier worden verbeeld. De SVBP 2012 is toegespitst op de regels die voorschrijven hoe bestemmingsplannen volgens de Wro en het Bro moeten worden gemaakt. De SVBP geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zowel digitaal als analoog. De regels van dit bestemmingsplan zijn opgesteld volgens deze standaarden. Hieronder worden de aanwezige bestemmingsregels puntsgewijs besproken.

5.2

Regels

Het navolgende stelt de algemeen gehanteerde opbouw van de bestemmingsregels aan de orde. Deze ziet er als volgt uit: 1. Inleidende regels; 2. Bestemmingsregels; 3. Algemene regels; 4. Overgangs- en slotregels. Hoofdstuk 1 - Inleidende regels Het hoofdstuk 'Inleidende regels' bevat de begripsbepalingen en de wijze van meten. Voor de definities van de begrippen wordt aansluiting gezocht bij reeds vastgestelde bestemmingsplannen van de gemeente Hoeksche Waard. Ook sluiten ze aan bij de eisen van de SVBP2012. De 'Begrippen' geven aan wat in de regels van het bestemmingsplan met bepaalde termen wordt bedoeld en de 'Wijze van meten' geven aan hoe men moet meten bij de toepassing van de bouwregels of sommige gebruiksregels. Hoofdstuk 2 - Bestemmingsregels Een bestemming is een omschrijving van aan de grond toegekende functies, zoals wonen, bedrijven, groenvoorzieningen et cetera. De aard van de toegelaten inrichting van de gronden (bouwwerken en werken, geen bouwwerken zijnde) vloeit dan voort uit de toegelaten functies. In de bestemmingsplannen worden meerdere bestemmingen onderscheiden. Aan deze bestemmingen zijn regelingen als de bestemmingsomschrijving, bebouwingsmogelijkheden en gebruiksmogelijkheden gekoppeld. Per bestemming hanteert men de indeling volgens de SVBP 2012. Deze volgorde en de naamgeving zijn standaard en dienen in principe te worden gevolgd.

Het bestemmingsplan kent de volgende enkelbestemmingen en dubbelbestemmingen:  Artikel 3 'Agrarische met waarden'  Artikel 4 'Groen'  Artikel 5 'Verkeer'  Artikel 6 'Water'  Artikel 7 'Woongebied'

62

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I De enkelbestemming 'Agrarisch met Waarden' is in het bestemmingsplan opgenomen voor de noordelijke groenzone van het plangebied. Deze gronden met aanvullend de specifieke functieaanduiding 'specifieke vorm van groen - inrichtingsplan' is opgenomen om de tijdelijke groene invulling van deze zone planologische te borgen. Ten opzichte van het voorgaande bestemmingsplan is de bestemming ingeperkt tot alleen hetgeen relevant is voor voorliggend bestemmingsplan. De enkelbestemming 'Groen' is in het bestemmingsplan opgenomen voor de nieuwe groenstructuren die onderdeel uitmaken van de beoogde hoofdstructuur. Deze groenvoorzieningen zijn onderdeel van de ruimtelijke kwaliteit en dienen ook hoofdzakelijk hiervoor bestemd te worden. Kleinschalige ondergeschikte groenstructuren, zoals groenstroken langs de weg, zijn in hoofdzaak binnen de bestemming "Verkeer" opgenomen. Binnen de bestemming zijn groenvoorzieningen, bermen en beplanting toegestaan, maar ook speelvoorzieningen, nutsvoorzieningen, ondergrondse vuilopslag, water, paden en inritten. Gebouwen zijn niet toegestaan, alleen bouwwerken geen gebouw zijnde. De enkelbestemming 'Verkeer' is in het bestemmingsplan opgenomen voor de woonstraten, paden en voet- en rijwielpaden. Daar bijbehorend kunnen parkeer-, waterhuiskundige-, groen- en nutsvoorzieningen worden gebouwd.

Verder schrijven de bouwregels voor dat gebouwen niet zijn toegestaan in deze bestemming. Kleinere bouwwerken kunnen worden aangelegd door middel van een omgevingsvergunning. Deze bestemming ligt onder meer op het gebied tussen de twee blokken van gebouwen waar een belangrijke zichtlijn behouden dient te blijven. De enkelbestemming 'Water' is in het bestemmingsplan opgenomen voor de hoofdwatergangen binnen het plangebied. De watergang is in het provinciale beleid aangewezen als 'kreek' en de bijbehorende kwaliteit dient behouden en waar mogelijk versterkt te worden. Door de bestemming 'Water' toe te kennen wordt het belang van deze hoofdwatergang geborgd. Naast hoofdwatergangen komen er ook gewone watergangen voor binnen het plangebied. Overige watergangen die belangrijk zijn voor de ruimtelijke kwaliteit hebben ook de bestemming 'Water' gekregen. De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor wateraanvoer, waterafvoer en waterberging alsmede voor de scheepvaart, met bijbehorende bouwwerken, zoals keermuren voor de waterbeheersing, oeverbeschoeiingen, duikers, aanlegsteigers en -vlonders en bruggen. De enkelbestemming 'Woongebied' is in het bestemmingsplan opgenomen voor de toekomstige nieuwe woongebieden. Deze bestemming regelt de invulling van het woongebied.

Binnen deze bestemming mogen de woningen worden gebouwd en zijn onder andere water, verblijfsgebied en groen toegestaan. De bestemmings- en bouwregels zijn gebaseerd op de stedenbouwkundige randvoorwaarden. Zo zijn de maximale bouw- en goothoogte vastgelegd. Naast een regeling voor hoofdgebouwen (de woningen) zijn tevens regels opgenomen ten aanzien van bijbehorende bouwwerken en overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde. De bestemming heeft een flexibel karakter. Het is niet wenselijk te gedetailleerd te bestemmen om te voorkomen dat een kleine wijziging, wat reëel is bij een plan van deze omvang, meteen tot strijdigheid zou leiden. Aan de bestemming is tevens de aanduiding 'openheid' toegevoegd. Het gaat specifiek om de gronden aan westzijde van het plangebied. Deze gronden met de bestemming 'Woongebied' grenzen direct aan het open agrarische landschap zonder openbare groene afscheiding. Deze gronden worden als achtererf aangeduid in de zin van artikel 2 van bijlage II van het Bor. De aanduiding is toegevoegd om vergunningsvrije bouwwerken uit te sluiten en hiermee verrommeling door bijvoorbeeld erfafscheidingen tegen te gaan. De realisatie van erfafscheidingen zou afbreuk doen aan de ruimtelijke kwaliteit die nagestreefd wordt, dat is niet wenselijk.

Hoofdstuk 3 Algemene regels De algemene regels bestaan uit de volgende regels:  Artikel 8 Anti-dubbeltelregel  Artikel 9 Algemene bouwregels  Artikel 10 Algemene gebruiksregels  Artikel 11 Algemene afwijkingsregels  Artikel 12 Algemene wijzigingsregels  Artikel 13 Overige regels

(ontwerp)

63

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I De Anti-dubbeltelregel bepaalt dat grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing blijft. De 'Algemene bouwregels' bepalen dat het burgemeester en wethouders in het gehele plangebied nadere eisen kunnen stellen aan de plaats en de afmetingen van bouwwerken. Het college kan dit doen ten behoeve van bijvoorbeeld een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld. Daarnaast bepalen de algemene bouwregels dat het niet is toegestaan om antenne-installaties en antennedragers op te richten. Wel kan door middel van een omgevingsvergunning van deze algemene bouwregel worden afgeweken. De derde algemene bepalingen betreffen de 'Algemene afwijkingsregels'. Deze regels bepalen dat zonder een omgevingsvergunning men mag afwijken van hetgeen het bestemmingsplan bepaalt voor bijvoorbeeld het vergroten van de bouwhoogte van bouwwerken (geen gebouwen) tot een maximum van tien procent. Burgemeester en wethouders verlenen zulk omgevingsvergunning echter pas indien door die omgevingsvergunning geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het straat- en bebouwingsbeeld, de woon- en milieusituatie, de sociale en de verkeersveiligheid en de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden.

Voorts bevat het bestemmingsplan ook 'Algemene wijzigingsregels'. Deze regels bepalen dat het bevoegd gezag de in het plan opgenomen bestemmingen mag wijzigen ten behoeve van overschrijding van bestemmingsgrenzen. De wijziging is alleen toegestaan indien dit noodzakelijk is voor een technisch betere uitvoering. De overschrijding mag ten hoogste 3 m bedragen en het bestemmingsvlak mag met ten hoogste 10% worden vergroot. Tot slot bepalen de 'Overige regels' dat voor dit bestemmingsplan geldt dat de parkeernormen zoals door de gemeente Hoeksche Waard gehanteerd, moeten worden nageleefd en het bestemmingsplan daar rekening mee moet houden in de uitvoering ervan. In dit artikel is ook een regel opgenomen dat het bevoegd gezag onderbouwd kan afwijken van de standaard norm, niet alle ruimtelijke ontwikkelingen zijn immers te vangen in één vaste norm Hoofdstuk 4 - Overgangs- en slotregels Dit hoofdstuk omvat standaard overgangsrecht en de slotregel conform artikel 3.2.1 van het Bro.  Artikel 14 Overgangsrecht  Artikel 15 Slotregel

64

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Hoofdstuk 6 6.1

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

Het voorliggende plan wordt gerealiseerd op particulier initiatief. De kosten die gepaard gaan met de bijbehorende uitvoeringskosten zijn voor rekening van de initiatiefnemer. De kosten voor het opstellen van dit bestemmingsplan komen ten laste van de initiatiefnemer ,de bijbehorende ruimtelijk-juridische procedure zullen conform de nota kostenverhaal van de gemeente Hoeksche Waard (zoals overeengekomen in de anterieure overeenkomst) worden verrekend met de initiatiefnemer. Exploitatieplan Conform artikel 6.12, eerste lid van de Wro moet de gemeenteraad een exploitatieplan vaststellen, tenzij conform artikel 6.12 tweede lid, onder a van de Wro, het verhaal van de kosten van de grondexploitatie over de in het plan begrepen gronden anderszins verzekerd is. Met de initiatiefnemer is een anterieure overeenkomst aangegaan waarin alle kosten conform 6.2.3 en 6.2.4 van het Bro zijn opgenomen. Voor de uitvoering van dit plan is met de initiatiefnemer een anterieure overeenkomst overeen gekomen. Planschade Een belanghebbende kan, na een besluit tot vaststellen van een bestemmingsplan, een verzoek indienen om een tegemoetkoming in de schade, indien die in de vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak schade lijdt of zal lijden als gevolg van een in artikel 6.1 tweede lid van de Wro genoemde oorzaak (artikel 6.1 van de Wro).

Op basis van een uitgevoerde planschaderisicoanalyse kan geconcludeerd worden dat de ontwikkeling niet zal leiden tot een vorm van een inkomensderving of een vermindering van de waarde van een onroerende zaak schade. Het aspect planschade heeft geen invloed op de economische uitvoerbaarheid van voorliggend bestemmingsplan, gezien dit middels de anterieure overeenkomst geregeld is.

(ontwerp)

65

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

6.2

Maatschappelijk uitvoerbaarheid

6.2.1

Vooroverleg artikel 3.1.1 Bro

Het concept ontwerpbestemmingsplan wordt toegezonden aan diverse overleginstanties in het kader van het vooroverleg. De resultaten van het vooroverleg zullen in het ontwerpbestemmingsplan worden verwerkt, inclusief een onderbouwing welke reactie wel/niet tot aanpassing van het plan hebben geleid.

6.2.2

Participatieproces

De projectgroep (Gemeente Hoeksche Waard, ABB Bouwgroep, BPD en Stevast Baas en Groen) heeft op 15 mei 2019 onder begeleiding van stedenbouwkundig bureau Kuiper Compagnons een eerste openbare informatiebijeenkomst gehouden voor geïnteresseerden van 's-Gravendeel West. De avond is goed bezocht door vele geïnteresseerden uit de omgeving van het nieuwbouwplan. Tijdens deze eerste bijeenkomst heeft de projectgroep toegelicht wat de voorgenomen plannen zijn qua woningbouwprogramma, ruimtelijke opzet en invulling van het plangebied en zijn gesprekken gevoerd met diverse belangstellenden. In deze informatiebijeenkomst is ook het verzoek gedaan tot aanmelding voor de klankbordgroep. Oprichting klankbordgroep Diverse geïnteresseerden hebben zich aangemeld voor deze klankbordgroep. Om deze compact te houden is gekozen om in een compacte gemêleerde groep de klankbordgroep bijeenkomsten plaats te laten vinden van 10 personen (exclusief de betrokken partijen). De leden dienen hierbij ook als klankbord naar hun achterban/omgeving. Naast de leden zijn de verslagen, presentaties en overige toelichtingen openbaar gemaakt voor geïnteresseerden die mee willen lezen. De achtergrond van de klankbordgroep leden is divers, van omwonende die aan het plan grenst tot vertegenwoordiger van senioren.

De in-en output van deze bijeenkomsten is vastgelegd in verslagvorm die als bijlage aan het bestemmingsplan is gehecht.  1e klankbordgroep bijeenkomst - 18 juni 2019 Op 18 juni 2019 heeft de eerste klankbordgroep bijeenkomst plaatsgevonden, waarin kennismaking, toelichting op de plannen, een eerste reactie van de leden en een terugkoppeling op de vragen van de eerste informatie bijeenkomst centraal stonden. De projectgroep is met de diverse vragen en voorstellen van de klankbordgroep aan de slag gegaan, waarbij een terugkoppeling volgt in de 2e klankbordgroep bijeenkomst.  2e klankbordgroep bijeenkomst - 17 september 2019 De tweede bijeenkomst heeft zich gericht op de terugkoppeling van de voorstellen en vragen van de eerste klankbordgroep bijeenkomst, evenals openstaande punten van de informatieavond. Ook is vanuit de projectgroep gevraagd mee te denken in de wensen voor speelvoorzieningen, wandelroutes etc. Diverse vragen/opmerkingen van de klankbordgroep hebben betrekking op de overgang van de bestaande naar de nieuwe wijk, hoe privacy wordt gewaarborgd en hoe de ontsluiting van het verkeer van deze woningen zal worden geregeld. De terugkoppeling hierop volgt in de derde klankbordgroep bijeenkomst.

 3e klankbordgroep bijeenkomst 15 januari 2020 In deze klankbordgroep bijeenkomst zijn de in de vorige klankbordgroep bijeenkomst geopperde voorstellen en gemaakte opmerkingen gepresenteerd in middels een nieuwe tekening waarin de wijzigingen zichtbaar zijn. Het gaat hierbij bijvoorbeeld over de ontsluiting van de nieuwe wijk, breedte van het water tussen de nieuwe en bestaande bebouwing en de fasering.

66

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I  4e klankbordgroep bijeenkomst - 23 juni 2020 (digitaal) Deze bijeenkomst heeft in verband met de Corona maatregelen digitaal plaatsgevonden, waarbij middels het programma Teams het beeld gedeeld is zodat de klankbordgroep leden mee konden kijken in de presentatie. De definitieve zuidelijke ontsluiting wordt tijdens deze klankbordgroep bijeenkomst gepresenteerd evenals de breedte van de waterprofielen en straten. Tijdens deze bijeenkomst wordt ook de planning besproken en de tweede informatiebijeenkomst voor belangstellenden wordt tussen de projectgroep en klankbordgroep besproken. De klankbordgroep is bedankt voor zijn deelname, bij nieuwe/aanvullende onderwerpen die de omgeving aangaan zal de klankbordgroep weer betrokken worden.  2e informatie bijeenkomst - 22 september 2020 (digitaal + toelichting terug te kijken) Deze tweede informatie bijeenkomst heeft in verband met de Corona maatregelen digitaal plaatsgevonden, middels een openbare Webinar heeft de Projectgroep in samenwerking met de Klankbordgroep de definitieve plannen en de participatie van de klankbordgroep toegelicht. Aan deze informatiebijeenkomst zijn ca. 200 kijkers, deelgenomen. De chatfunctie is gebruikt door de aanwezigen om vragen te stellen, welke live zijn beantwoord.

Van de Webinar is een video opname gemaakt die via de projectwebsite zichtbaar is en teruggekeken kan worden.  5e klankbordgroep bijeenkomst - 30 maart 2021 (digitaal) Tijdens deze 5e klankbordgroep hebben Partijen de toelichting gegeven op de laatste wijzigingen in de plannen, waarbij de starterswoningen zijn gepresenteerd.

6.2.3

Zienswijzen

Op grond van het bepaalde in de Wet ruimtelijke ordening en de Algemene wet bestuursrecht is het college bevoegd om de formele bestemmingsplanprocedure te starten door het ontwerpbestemmingsplan ter inzage te leggen en éénieder de gelegenheid te geven daarover zienswijzen in te dienen. Na het besluit van het college zal het ontwerpbestemmingsplan gedurende een periode van 6 weken ter inzage worden gelegd. Binnen deze termijn kunnen zoals gezegd door éénieder zienswijzen worden ingediend. Ingediende zienswijzen zullen vervolgens van een beantwoording worden voorzien. De (eventueel) ingediende zienswijzen zullen worden samengevat en voorzien van een antwoord in de Nota Zienswijzen. In de Nota Zienswijzen wordt tevens toegelicht waarom een ingediende zienswijze wel/niet tot aanpassing van het plan heeft geleid. De Nota Zienswijzen zal als bijlage aan de toelichting van het vastgestelde bestemmingsplan worden toegevoegd.

(ontwerp)

67

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

68

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlagen

(ontwerp)

69

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlage 1

70

Beeldkwaliteitsplan

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlage 2

(ontwerp)

Quickscan flora & fauna

71

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlage 3

72

Aerius-berekening (stikstofdepositie)

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlage 4

(ontwerp)

Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai

73

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlage 5

74

Verkennend bodemonderzoek

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlage 6

(ontwerp)

Archeologisch bureau- en verkennend booronderzoek

75

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlage 7 Archeologisch bureau- en verkennend booronderzoek ontsluitingsweg Polderlint

76

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlage 8

(ontwerp)

Verkeersgeneratie 's Gravendeel West 1

77

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlage 9

78

Parkeeronderzoek 's Gravendeel West 1

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlage 10

(ontwerp)

Vooronderzoek conventionele explosieven

79

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Bijlage 11

80

M.e.r. aanmeldnotitie

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Regels

(ontwerp)

81

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Hoofdstuk 1 Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

In dit plan wordt verstaan onder:

1.1

plan

het bestemmingsplan "s Gravendeel West I" met identificatiecode NL.IMRO.1963.BPGRwest1fase22-ON01 van de gemeente Hoeksche Waard.

1.2

bestemmingsplan

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.

1.3

aanbouw

een gebouw dat als afzonderlijke ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw waarmee het in directe verbinding staat, welk gebouw onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.

1.4

aanduiding

een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.

1.5

aanduidingsgrens

de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft

1.6

aanduidingsvlak

Een vlak met eenzelfde aanduiding, begrensd door een aanduidingsgrens

1.7

aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteiten

een beroeps- of bedrijfsactiviteit uitgeoefend door de hoofdbewoner, waarvan de activiteiten in hoofdzaak niet publiekstrekkend zijn en dat op kleine schaal in een woning en/of de daarbij behorende bijgebouwen wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en de desbetreffende activiteit een ruimtelijke uitstraling heeft die in overeenstemming is met de woonfunctie.

1.8

antenne-installatie

installatie bestaande uit een antenne, een antennedrager, de bedrading en de al dan niet in een of meer techniekkasten opgenomen apparatuur, met de daarbij behorende bevestigingsconstructie.

82

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

1.9

bebouwing

één of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.

1.10

bebouwingspercentage

een in de regels aangegeven percentage, dat de grootte van het bouwvlak aangeeft, dat maximaal mag worden bebouwd, tenzij in de regels anders is bepaald.

1.11

aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit

een dienstverlenend beroep op zakelijk, maatschappelijk, juridisch, medisch, ontwerptechnisch of kunstzinnig gebied, dat in of bij een woning wordt uitgeoefend door de gebruik(st)er, waarbij de woning in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is.

1.12

bestaand

1. bij bouwwerken: een bouwwerk dat op het moment van terinzagelegging van het ontwerp van het plan bestaat of wordt gebouwd, dan wel nadien kan worden gebouwd krachtens een omgevingsvergunning, waarvoor de aanvraag voor het tijdstip van terinzagelegging is ingediend, tenzij in de regels anders is bepaald; 2. bij gebruik: het gebruik van gronden en opstallen zoals aanwezig op het tijdstip van in werking treden van het plan. 1.13

bestemmingsgrens

de grens van een bestemmingsvlak.

1.14

bestemmingsvlak

een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.

1.15

bevoegd gezag

bevoegd gezag zoals bedoeld in de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

1.16

bijgebouw

een op zichzelf staand, al dan niet vrijstaand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.

1.17

bouwen

plaatsen, geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen, veranderen of vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats.

1.18

bouwgrens

de grens van een bouwvlak.

(ontwerp)

83

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I 1.19

bouwlaag

een doorlopend gedeelte van een gebouw dat is begrensd door op (nagenoeg) gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen en dat zodanige afmetingen en vormen heeft dat dit gedeelte zonder ingrijpende voorzieningen voor functies uit de bestemmingsomschrijving geschikt of geschikt te maken is. Zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw en zolder.

1.20

bouwperceel

een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.

1.21

bouwperceelgrens

de grens van een bouwperceel.

1.22

bouwmuur

de woning scheidende wand tussen 2 hoofdgebouwen.

1.23

bouwvlak

een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken geen gebouwen zijnde zijn toegelaten.

1.24

bouwwerk

elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond.

1.25

detailhandel

het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder de uitstalling ten verkoop), verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die die goederen kopen of huren, voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit.

1.26

dienstverlening

het bedrijfsmatig verlenen van diensten, waarbij het publiek rechtstreeks (al dan niet via een balie) te woord wordt gestaan en geholpen.

1.27

gebouw

elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.

84

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

1.28

gebruiken

Gebruiken, het doen gebruiken, laten gebruiken en in gebruik geven.

1.29

geschakelde woning

Eén of meer woningen waarvan de hoofdgebouwen met de bouwmuur aan elkaar grenzen in een blok van minimaal 3 woningen.

1.30

hoofdgebouw

Het oorspronkelijk ontworpen gebouw, dat op een bouwperceel door zijn constructie, afmetingen of functie als belangrijkste bouwwerk valt aan te merken en waarin de hoofdfunctie ingevolge de bestemming is of wordt ondergebracht, met inbegrip van op een later tijdstip dan tijdens de oorspronkelijke bouw nog te realiseren bouwlagen boven de eerste bouwlaag / begane grondlaag.

1.31

horeca

een onderneming waar in hoofdzaak en waarbinnen bedrijfsmatig: a. dranken, maaltijden of logies worden verstrekt en; b. gelegenheid wordt geboden voor het gebruik van de producten ter plaatse en; c. sprake is van een zekere dienstverlening, zoals het serveren en/of verstrekken van servies en bestek; met een in principe open karakter (voor een ieder toegankelijk). In het kader van het bestemmingsplan worden hierbij onderscheiden:  categorie 1: logiesverstrekkers, zoals hotels, pensions en motels;  categorie 2: maaltijdverstrekkers, zoals restaurants, bistro's, eetcafés;  categorie 3: spijsverstrekkers, zoals ijssalons, lunchrooms, croissanterieën, koffie-/theehuizen, waarbij in principe geen alcoholische dranken worden geschonken;  categorie 4: cafetaria's/snackbars, fast-food restaurants, creperies, grillrooms, shoarma/pizzabedrijven;  categorie 5: drankverstrekkers, zoals cafés/bars en nachtclubs, dancings, disco's en partycentra. 1.32

huishouden

persoon of groep personen die onderling een huishouding voert waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan

1.33

kamerverhuur

a. een samenstel van verblijfsruimten, uitsluitend of mede bestemd of gebruikt om daarin anderen dan aan de rechthebbende en de personen behorende tot diens huishouden, woonverblijf, niet in de zin van zelfstandige woongelegenheid, te verschaffen, al dan niet met gehele of gedeeltelijke verzorging; b. een en ander kan onder meer blijken uit het feit dat voor de kamers afzonderlijk huur wordt berekend en/of betaald en elke kamer zelfstandig wordt bewoond, waarbij al dan niet sprake is van enkele gemeenschappelijke voorzieningen.

(ontwerp)

85

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

1.34

kleinschalige bedrijfsactiviteiten

het in een woning door de bewoner op bedrijfsmatige wijze uitoefenen van activiteiten waarvoor geen melding of vergunningplicht op grond van het inrichtingen en vergunningenbesluit milieubeheer geldt waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is.

1.35

nutsvoorzieningen

voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling, laadpalen voor elektrische voertuigen en apparatuur voor telecommunicatie.

1.36

ondergeschikte bouwdelen

Onder ondergeschikte bouwonderdelen worden o.a. verstaan: plinten, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen, liftschachten, schoorstenen, warmte installaties, antennes, gevel- en kroonlijsten, luifels en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.

1.37

overkapping

een bouwwerk op het erf van een gebouw of standplaats, dat strekt tot vergroting van het woongenot van het gebouw of de standplaats en dat, voor zover gebouwd voor (het verlengde van) de voorgevel van een gebouw, geen tot de constructie zelf behorende wanden heeft en, voor zover gebouwd achter (het verlengde van) de voorgevel van een gebouw, maximaal drie wanden heeft waarvan maximaal twee tot de constructie behoren.

1.38

peil

Peil is de hoogte van de bovenzijde afgewerkte afwerkvloer ter plaatse van de entree van de woning. Het peil is minimaal 10 cm en maximaal 25 cm boven de openbare verharding ter plaatse van de erfgrens, ter plaatse van de entree van de woning.

1.39

prostitutie

het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding.

1.40

rug-aan-rug woning

Een woning waarbij de achtergevel gedeeld wordt met een andere woning.

1.41

seksinrichting

een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of daarmee naar de aard en omvang vergelijkbare activiteiten, in de vorm van seksuele handelingen worden verricht of vertoningen van erotisch-pornografische aard plaatsvinden. Onder seksinrichting wordt in ieder geval begrepen: a. een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische massagesalon; b. een seksbioscoop of sekstheater; c. een seksautomatenhal; d. een seksclub of parenclub; e. al dan niet in combinatie met elkaar of in combinatie met een sekswinkel.

86

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

1.42

staat van Bedrijfsactiviteiten

een als bijlage bij deze planregels behorende en daarvan onderdeel uitmakende lijst van bedrijven en instellingen.

1.43

uitbouw

een gebouw dat als vergroting van een bestaande ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw, welk gebouw door de vorm kan worden onderscheiden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.

1.44

voorgevel

de naar de weg gekeerde gevel van het hoofdgebouw of, indien het een hoofdgebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevels, de gevel die op het moment van ter inzagelegging van de omgevingsvergunning van het plan kennelijk als zodanig diende te worden aangemerkt, dan wel de gevel die volgens het straatnamenregister bepalend is voor de adressering.

1.45

voorste voorgevel

de denkbeeldige naar de weg gekeerde voorgevel van een aan- dan wel uitbouw voor de voorgevel van het bijbehorende hoofdgebouw.

1.46

wijziging

een wijziging als bedoeld in artikel 3.6 lid 2 van de Wet ruimtelijke ordening.

1.47

woning

een complex van ruimten, uitsluitend bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden.

1.48

wonen

gebruiken van een woning of wooneenheid voor het huisvesten van niet meer dan één huishouden.

(ontwerp)

87

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Artikel 2 2.1

Wijze van meten

de afstand van een bouwwerk tot de zijdelings bouwperceelsgrens

tussen de zijdelingse grens van het bouwperceel en een bepaald punt van het bouwwerk waar die afstand het kortst is.

2.2

de bedrijfsvloeroppervlakte

binnenwerks op de vloer van de ruimten die worden of kunnen worden gebruikt voor bedrijfsactiviteiten.

2.3

de bouwhoogte van een bouwwerk

vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of een overig bouwwerk met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.

2.4

de goothoogte van een bouwwerk

vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, het boeibord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.

2.5

de inhoud van een bouwwerk

tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

2.6

de oppervlakte van een bouwwerk

tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

2.7

de oppervlakte van een overkapping

tussen de buitenzijde van de afdekking van de overkapping, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van de overkapping.

2.8

verticale bouwdiepte van een ondergronds bouwwerk

Van het peil tot aan de onderzijde van de constructieve vloer van het bouwwerk.

2.9

ondergeschikte bouwdelen

Bij toepassing van het bepaalde ten aanzien van het bouwen worden ondergeschikte bouwdelen buiten beschouwing gelaten, mits de overschrijding van bouwgrenzen en -hoogten niet meer dan 1 m bedraagt.

88

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Hoofdstuk 2 Artikel 3 3.1

Bestemmingsregels

Agrarisch met waarden

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Agrarisch met waarden' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. de bescherming van landschapswaarden; b. extensieve dagrecreatie; c. water en voorzieningen voor de waterhuishouding. met bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijde en (groen)voorzieningen.

3.2

Bouwregels

3.2.1

Gebouwen

Op de voor 'Agrarisch met waarden' aangewezen gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd.

3.2.2

Bouwwerken geen gebouwen zijnde

Voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde, gelden de volgende regels: a. de maximale bouwhoogte bedraagt 2 meter; b. regenkappen, boog- en tunnelkassen zijn niet toegestaan.

(ontwerp)

89

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Artikel 4 4.1

Groen

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Groen' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. groenvoorzieningen, bermen en beplanting; b. paden, inritten, speelvoorzieningen, nutsvoorzieningen, (ondergrondse) vuilopslag, water en voorzieningen voor de waterhuishouding; met bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, wegen en verhardingen, parkeervoorzieningen en met inachtneming van de Keur van het Waterschap.

4.2

Bouwregels

4.2.1

Gebouwen

Op de voor 'Groen' aangewezen gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd.

4.2.2

Ondergrondse bouwwerken

Ondergrondse bouwwerken mogen uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van nutsvoorzieningen en vuilopslag en andere noodzakelijke openbare voorzieningen t.b.v. het gebruik van het woongebied waarbij de verticale bouwdiepte van een (ondergronds) bouwwerk maximaal 4,5 m mag bedragen.

4.2.3

Bouwwerken geen gebouwen zijnde

De maximale bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt: a. bij lichtmasten 6 meter; b. bij speelvoorzieningen 4 meter; c. bij overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde 3 meter.

90

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Artikel 5 5.1

Verkeer

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Verkeer' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wegen, straten, pleinen, wandel- en fietspaden met een functie gericht op zowel verblijf als op de afwikkeling van het doorgaande verkeer; b. parkeer-, groen- en speelvoorzieningen; c. (ondergrondse) vuilopslag; d. nutsvoorzieningen; e. waterhuishoudkundige doeleinden, waterberging en waterlopen; met bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde.

5.2

Bouwregels

5.2.1

Gebouwen

Op de voor 'Verkeer' aangewezen gronden mogen geen gebouwen worden gebouwd.

5.2.2

Nutsvoorzieningen

In afwijking van lid 5.2.1 zijn gebouwen ten behoeve van nutsvoorzieningen toegestaan, mits: a. de bouwhoogte maximaal 3 meter bedraagt; b. het oppervlak maximaal 15 m2 bedraagt; c. er geen milieuhinder ontstaat. 5.2.3

Ondergrondse bouwwerken

Ondergrondse bouwwerken mogen uitsluitend worden gebouwd ten behoeve van nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen, vuilopslag en andere noodzakelijke openbare voorzieningen t.b.v. het gebruik van het woongebied waarbij de verticale bouwdiepte van een (ondergronds) bouwwerk maximaal 4,5 m mag bedragen.

5.2.4

bouwwerken, geen gebouwen zijnde

De maximale bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, bedraagt a. bij lichtmasten 6 meter; b. voor de wegaanduiding, geleiding, beveiliging en regeling van het verkeer maximaal 6 m; c. bij speelvoorzieningen 4 meter; d. bij overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde 3 meter.

(ontwerp)

91

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Artikel 6 6.1

Water

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Water' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. wateraanvoer, waterafvoer en waterberging; b. verkeer te water en voorzieningen ten behoeve van de scheepvaart. met bijbehorende bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waaronder duikers, bruggen, dammen, steigers, vlonders en oeverbeschoeiingen.

6.2

Bouwregels

a. op deze gronden mogen ten behoeve van de bestemming uitsluitend keermuren voor de waterbeheersing, oeverbeschoeiingen, duikers, aanlegsteigers en -vlonders en bruggen worden gebouwd, met dien verstande dat de primaire watergangen over een breedte van ten minste 5 m vrij dienen te blijven van bouwwerken, geen gebouwen zijnde. b. voor bouwpercelen grenzend aan de bestemming water geldt dat maximaal 1/3 van de kavellengte mag worden bebouwd met de a genoemde bouwwerken, geen gebouwen zijnde; c. de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, anders dan ten behoeve van de verkeersregeling of de verlichting bedraagt ten hoogste 3 m;

92

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Artikel 7 7.1

Woongebied

Bestemmingsomschrijving

De voor 'Woongebied' aangewezen gronden zijn bestemd voor: a. het wonen, daaronder begrepen een aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit, waaronder mede begrepen gastouderopvang; b. bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals erven, tuinen, verhardingen, erfafscheidingen, vlonders, nutsvoorzieningen, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen, (ondergrondse) vuilopslag, speelvoorzieningen, verkeersvoorzieningen en waterhuishoudkundige voorzieningen. 7.2

Bouwregels

Op deze gronden mag worden gebouwd en gelden de volgende regels:

7.2.1 Hoofdgebouwen a. de goothoogte van hoofdgebouwen bedraagt ten hoogste de hoogte zoals aangeduid ter plaatse van de aanduiding "maximale goothoogte (m)"; b. de bouwhoogte van hoofdgebouwen bedraagt ten hoogste de hoogte zoals is aangeduid ter plaatse van de aanduiding "maximale bouwhoogte (m)", tenzij onder lid d anders is aangegeven; c. het maximale aantal woningen bedraagt 179; d. de situering en afmetingen van de hoofdgebouwen moeten aan de volgende eisen voldoen; Woningtype Maximale Maximale Maximale Minimale afstand Minimale afstand goothoogt bouwhoogt afmetingen hoofdgebouw tot tot zijdelings hoofdgebouw (lengte voorste perceelsgrenzen e (m) e (m) x breedte in meters) perceelgrens (m) (m) Vrijstaand

6

11

11 x 13

3

1,5

Twee-aanee 6 n

11

11 x 13

3

1,5

Rug-aan-rug 6

12,5

7 x 7,5

3

1,5

Geschakeld 6

11

13 x 11,5

2

1,0

e. bij twee-aaneen-, dan wel rug aan rug en geschakelde woningen geldt de minimale afstand tot de zijdelingse perceelsgrens niet voor de aaneen gebouwde zijgevel van de woningen; f. bij vrijstaande, geschakelde en twee-aaneen- gebouwde woningen geldt de minimale afstand tot de zijdelingse perceelsgrens niet voor de aaneen gebouwde zijgevel van de woningen.

(ontwerp)

93

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I 7.2.2 Aan- en uitbouwen en bijgebouwen a. met uitzondering van rug aan rug woningen zijn bij iedere woning aan- en uitbouwen en bijgebouwen toegestaan, mits: 1. deze ten minste 1 meter achter (het verlengde van) de voorgevel worden gebouwd, met dien verstande dat aan- en uitbouwen voor de voorgevel zijn toegestaan met inachtneming van het bepaalde onder b en c; 2. de situering en de afmetingen van aan- en uitbouwen voldoen aan de volgende eisen: Woningtype

Maximale goothoogte vooren zijgevel (m)

Maximale goothoogte achtergevel (m)

Minimale afstand tot voorste perceelsgrens (m)

Minimale afstand tot zijdelingse perceelsgrens (m)

Vrijstaand

3,5

6,5

2,5

1,5

Twee- aaneen

3,5

6,5

2,5

1,5

Geschakeld

3,5

6,5

2,0

1,0

3. in aanvulling op de tabel onder 2 geldt dat de goothoogte van aan- en uitbouwen niet meer mag bedragen dan 40 cm boven de daarop aansluitende verdiepingsvloer. 4. de bouwhoogte van aan- en uitbouwen niet meer bedraagt dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw waar deze tegenaan worden gebouwd; 5. de goothoogte voor vrijstaande bijgebouwen niet meer bedraagt dan 3 m en de bouwhoogte niet meer bedraagt dan 5 m; b. bij geschakelde woningen mogen aan- en uitbouwen voor de voorgevel worden gebouwd, met dien verstande dat: 1. voor overkappingen/veranda's de diepte niet meer dan 2,0 m, gerekend vanaf de voorste voorgevel van de woning. De minimale afstand tot de voorste perceelsgrens, zoals genoemd in de tabel onder lid a sub 2, is hierbij niet van toepassing; 2. voor bergingen geldt tevens dat deze tot maximaal 3 meter voor de voorste voorgevel zijn toegestaan met een maximum van 1 meter uit de voorste perceelsgrens in die gevallen dat de achtertuin grens aan water, waardoor de betrokken woning niet via een eigen zijtuin bereikbaar is; 3. voor erkers de breedte niet meer mag bedragen dan 75 % van de breedte van de voorgevel van de woning en de diepte niet meer dan 1,2 m, gerekend vanaf de voorste voorgevel van de woning; 4. de bouwhoogte van overkappingen/veranda's en erkers niet meer bedraagt dan 0,40 m boven de eerste verdiepingsvloer, met een maximum van 4 m. c.

bij vrijstaande en twee-aaneen gebouwde woningen mogen aan- en uitbouwen voor de voorgevel worden gebouwd, met dien verstande dat: 1. voor overkappingen/veranda's de diepte niet meer dan 2,0 m bedraagt, gerekend vanaf de voorste voorgevel van de woning; 2. voor erkers de breedte niet meer mag bedragen dan 75 % van de breedte van de voorste voorgevel van de woning en de diepte niet meer dan 1,2 m, gerekend vanaf de voorgevel van de woning; 3. de bouwhoogte van overkappingen/veranda's en erkers niet meer bedraagt dan 0,40 m boven de eerste verdiepingsvloer, met een maximum van 4 m. 7.2.3

Bergingen rug aan rug woningen

Ten behoeve van de realisatie van bergingen voor de rug aan rug woningen zijn vrijstaande, niet direct bij de aangrenzende percelen behorende losse bouwwerken binnen de bestemming 'Woongebied' toegestaan. Voor deze bergingen gelden de volgende regels: a. een maximale goothoogte van 3 meter; b. een maximale bouwhoogte van 5 meter; c. een maximale oppervlakte van 9 m2 per berging; d. een gezamenlijk maximaal oppervlak van 200 m2.

94

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I 7.2.4

Ondergrondse bouwwerken

Ondergrondse bouwwerken ten behoeve van nutsvoorzieningen, waterhuishoudkundige voorzieningen, vuilopslag en andere noodzakelijke openbare voorzieningen t.b.v. het gebruik van het woongebied zijn toegestaan waarbij de verticale bouwdiepte van een (ondergronds) bouwwerk maximaal 4,5 m mag bedragen.

7.2.5 Bouwwerken, geen gebouwen zijde a. De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen zijnde bedraagt ten hoogste: 1. van erf- en terreinafscheidingen 2 m, waarbij de hoogte van erf- en terreinafscheidingen voor de voorgevelrooilijn ten hoogste 1 m bedraagt. 2. van schotelantennes 3 m; 3. van tuinmeubilair 2 m; 4. van overige bouwwerken, geen gebouwen zijnde 3 m. 5. In afwijkingen van lid a sub 1 is bij rug aan rug woningen in het verlengde van de woningscheidende bouwmuur, voor de voorste voorgevel, een erfafscheiding van 1,8 (l) x1,8 (h) toegestaan. 7.3

Specifieke gebruiksregels

a. Binnen de bestemming is de uitoefening van een aan huis verbonden beroeps- of bedrijfsactiviteit toegestaan, als ondergeschikte activiteit bij de woonfunctie, met inachtneming van de volgende regels: 1. de voor beroepsuitoefening te gebruiken vloeroppervlakte mag maximaal 30% per woning bedragen, tot een maximum van 45 m²; 2. er mag geen onevenredige afbreuk aan de woonfunctie worden gedaan; 3. detailhandel en horeca zijn niet toegestaan; 4. er mag geen milieu- of verkeershinder ontstaan; 5. er mag geen onevenredige parkeerdruk ontstaan; 6. er mag geen gebruik worden gemaakt van reclame-uitingen; 7. het beroep moet worden uitgeoefend door de bewoner van het betreffende perceel b. Onverminderd het bepaalde in lid 7.1 is het gebruik van vrijstaande bijgebouwen als zelfstandige woonruimte niet toegestaan. c. Onverminderd het bepaalde in lid 7.1 is het gebruik van de daar bedoelde gronden voor een seksinrichting niet toegestaan. 7.3.1

Parkeren

Het gebruik van de gronden zoals bedoeld in lid 7.1 mag slechts in gebruik worden genomen indien: a. er wordt voorzien in de realisatie van voldoende parkeerplaatsen conform de parkeerbalans zoals opgenomen in bijlage 2 van deze regels; b. parkeerplaatsen die vanaf de 1ste dag van ingebruikname van de woning op eigen grond gerealiseerd zijn om te kunnen voldoen aan de parkeerbehoefte dienen duurzaam in stand gehouden te worden en ten aller tijden bruikbaar te zijn als parkeerplaats; c. de instandhoudingsplicht zoals opgenomen in lid c geldt niet voor parkeerplaatsen op eigen terrein als extra ten opzichte van de minimale parkeerbehoefte zijn gerealiseerd. 7.3.2

Aanduiding openheid

Gronden ter plaatse van de aanduiding 'openheid' worden niet aangemerkt als erf zoals bedoeld in artikel 1 bijlage 2 van het Besluit omgevingsrecht waarmee vergunningsvrije bouwwerken niet zijn toegestaan.

(ontwerp)

95

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I 7.3.3

Voorwaardelijke verplichting goed woon- en leefklimaat

Het gebruik van woningen waarvoor hogere waarden zijn verleend in het kader van de Wet geluidshinder is alleen toegestaan indien voldaan wordt aan het geldende geluidbeleid van de gemeente Hoeksche waard ten tijde van de vaststelling van voorliggend bestemmingsplan.

7.4

Afwijken van de gebruiksregels

Het bevoegd gezag kan bij een omgevingsvergunning afwijken van het bepaalde in lid 7.3 voor de uitoefening van een aan-huis-verbonden bedrijf met een groter vloeroppervlak, met inachtneming van de volgende regels: a. de voor bedrijfsuitoefening te gebruiken vloeroppervlakte mag maximaal 30% per woning bedragen, tot een maximum van 75 m²; b. er mag geen onevenredige afbreuk aan de woonfunctie worden gedaan; c. detailhandel, anders dan productiegebonden detailhandel, en horeca zijn niet toegestaan; d. er mag geen milieu- of verkeershinder ontstaan; e. het beroep moet worden uitgeoefend door de bewoner van het betreffende perceel.

96

(ontwerp)

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Hoofdstuk 3 Artikel 8

Algemene regels

Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

(ontwerp)

97

Ontwerpbestemmingsplan 's Gravendeel West I

Artikel 9 9.1

Algemene bouwregels

Bestaande afmetingen, afstanden en percentages

Met betrekking tot bestaande afmetingen, afstanden en percentages geldt het volgende: a. In die gevallen dat de bestaande goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte en/of inhoud van bouwwerken, die in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht tot stand zijn gekomen meer bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 2 van deze regels is toegestaan, geldt die goothoogte, bouwhoogte, oppervlakte en/of inhoud in afwijking daarvan als maximaal toegestaan. b. In die gevallen dat de bestaande afstand tot enige op de verbeelding aangegeven lijn van bouwwerken, die in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht tot stand zijn gekomen minder bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 2 van deze regels is voorgeschreven, geldt die afstand in afwijking daarvan als minimaal toegestaan. c. In die gevallen dat een bestaand bebouwingspercentage, dat in overeenstemming met het bepaalde in de Woningwet en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht tot stand is gekomen, meer bedraagt dan in de bouwregels in hoofdstuk 2 van deze regels is voorgeschreven, geldt dat bebouwingspercentage in afwijking daarvan als maximaal toegestaan. d. De regels zoals opgenomen in de leden a t/m c hebben betrekking op: 1. bestaande bouwwerken; 2. uitbreiding van bestaande bouwwerken; 3.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13507271/1