CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Ontwerp omgevingsvergunning waterstoftankstation

Besluitvormende raad 21 september 2021, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Bestemmingsplan Waterstoftankstation te Heinenoord20.510 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Per dag zullen circa twintig bussen waterstof komen tanken. Dit tanken kan zowel in de dag-,avond- als nachtperiode plaatsvinden. De adviseur heeft in de rapportage nauwkeurig de bedrijfsduur beschreven en tevens vermeld dat bij de berekening rekening is gehouden met de 5 dB toeslag tijdens het gebruik van de achteruitrijsignalering voor het tonale karakter van dit geluid. Deze toeslag is geheel conform de Handleiding meten en rekenen industrielawaai (HMRI) maar wordt normaliter alleen toegepast als deze tonaliteit ook op het gehoor kan worden vastgesteld bij de omliggende woningen. Gezien de hoogte van de geluidbelasting is dit vermoedelijk niet nodig. Het geluid wordt beoordeeld op basis van de representatieve bedrijfssituatie. Dit is de toestand waarbij de inrichting gebruik maakt van de volledige capaciteit in de betreffende beoordelingsperiode. Beoordeeld worden het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau, de maximale geluidniveaus en indien van toepassing indirecte hinder als gevolg van het in werking zijn van de inrichting. Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau In het rapport dat deel uitmaakt van de vergunningsaanvraag is de geluidimmissie, zowel voor de dag-, avondals nachtperiode, berekend ter plaatse van de dichtstbijzijnde woningen. De hoogst berekende bijdrage bedraagt 31 dB(A) etmaalwaarde bij woningen buiten het bedrijventerrein.

Uit deze berekeningen blijkt dat de inrichting ten opzichte van de dichtstbijzijnde woningen ruimschoots voldoet aan het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau van 40 dB(A) etmaalwaarde. De grenswaarden zijn voldoende ruim om ook te kunnen voldoen aan de eerdergenoemde 5 dB toeslag. Maximaal geluiddrukniveau 50/60

De activiteiten die met name verantwoordelijk zijn voor de optredende maximale geluidniveaus zijn piekgeluiden vanwege afblazen remlucht en het optrekken van vrachtauto's en bussen. Als gevolg van deze activiteiten bedraagt ter plaatse van de woningen het maximale geluidniveau ten hoogste 51 dB(A) gedurende de dag, avond- en nachtperiode. Deze geluidbelasting valt binnen de bandbreedte van de genoemde Handreiking. Verkeer aantrekkende werking Gezien de ligging van het tankstation op het bedrijventerrein en het gegeven dat er geen woningen zijn gelegen langs aan- en afrijroutes zal geen sprake zijn van indirecte hinder. Trillingen Gezien de aard en de activiteiten van het bedrijf en de relatief grote afstand tot de omliggende woningen, worden vanuit de inrichting geen hinderlijke trillingen van machines en toestellen, verwacht. Daarom zijn geen specifieke trillingsvoorschriften / trillingsbeperkende maatregelen aan de vergunning verbonden. L ucht Toetsingskader Het algemeen luchtbeleid is gericht op het voorkomen dan wel zo veel mogelijk beperken van emissies naar de lucht door het toepassen van de beste beschikbare technieken (BBT) en het voldoen aan de luchtkwaliteitseisen van bijlage 2 van de Wet milieubeheer. Het Activiteitenbesluit biedt de mogelijkheid om in bepaalde gevallen en onder bepaalde voorwaarden bij maatwerkvoorschrift af te wijken van de algemene regels.

In deze vergunning wordt specifiek ingegaan op de luchtemissies van de inrichting. Naast de toetsing aan de beste beschikbare technieken en het Activiteitenbesluit wordt beoordeeld of de emissienormering van het Activiteitenbesluit toereikend is of dat er maatwerkvoorschriften moeten worden gesteld. Ook wordt er getoetst aan de kwaliteitseisen uit Bijlage 2 van de Wm. Inleiding luchtemissies De aanvraag heeft geen betrekking op activiteiten die emissies naar de lucht tot gevolg hebben. De aanvraag betreft het oprichten van een waterstoftankstation. Bij het afleveren hiervan vinden geen relevante emissies naar de lucht plaats. Luchtkwaliteitseisen In Titel 5.2 Wet milieubeheer en de bijbehorende bijlage 2 bij de Wet milieubeheer zijn grens- en richtwaarden gesteld aan de concentraties van een aantal stoffen in de buitenlucht op leefniveau, die wij als toetsingscriteria moeten hanteren.

51/60

De inrichting emitteert een aantal stoffen waarvoor deze grenswaarden gelden, te weten zwaveldioxide, stikstofdioxide, zwevende deeltjes (PM2,5 en PM10), lood, koolmonoxide en benzeen. Van fijnstof (PM10) en stikstofdioxide (NO2) is daarbij bekend dat op sommige plaatsen de grenswaarden worden overschreden. Voor de overige stoffen waarvoor grenswaarden zijn gesteld, is het op voorhand aannemelijk dat de emissies naar de lucht niet tot een grenswaarde-overschrijding leiden. Dit komt door de lage achtergrondconcentraties voor deze stoffen in Nederland. Voor deze stoffen is het op voorhand aannemelijk dat aan het eerste criterium uit artikel 5.16 wordt voldaan. Een grenswaarde-overschrijding is niet aannemelijk. Op grond van artikel 5.16 lid 1 van de Wet m ilieubeheer kan de vergunning alleen worden verleend, als aannemelijk gemaakt kan worden dat voldaan wordt aan (minimaal) één van de volgende criteria: a. er is geen sprake van een feitelijke of dreigende overschrijding van een grenswaarde; b. er is - al dan niet per saldo - geen verslechtering van de luchtkwaliteit; c. de bijdrage aan de concentratie van een stof is ‘niet in betekenende mate' (NIBM); d. het project is genoemd of past binnen het NSL of binnen een regionaal programma van maatregelen.

De aanvraag heeft betrekking op de realisatie en het gebruik van een waterstoftankstation op het bedrijventerrein Reedijk te Heinenoord. Emissies zijn alleen afkomstig van voertuigbewegingen ten behoeve van de bevoorrading van het tankstation. Bij de aanvraag is het effect van de verkeersbewegingen op de jaargemiddelde concentraties NO2 en PM10 in beeld gebracht met het onderzoek “Waterstoftankstation te Heinenoord, Onderzoek naar geluid, luchtkwaliteit en stikstofdepositie”, rapportnummer: F22038-3-RA, d.d. 4 december 2020. Daarbij is gebruik gemaakt van de NIBM rekentool (versie augustus 2020), gepubliceerd op de website van InfoMil. Uit de toets blijkt dat de bijdrage van de verkeersbewegingen op de luchtkwaliteit niet in betekenende mate is. Daarmee wordt voldaan aan artikel 5.16 lid 1c van titel 5.2 van de Wet milieubeheer, op grond van lid 1c. Conclusie immissies Uit de aanvraag blijkt dat de vergunning met inachtneming van de luchtkwaliteitseisen kan worden verleend. Er is geen aanleiding tot het stellen van voorschriften. Reach REACH (Registratie Evaluatie en Autorisatie van Chemische stoffen) Verordening (EC) 1907/2006 is een Europese verordening over stoffen. REACH werkt rechtstreeks. Voor een deel van de op grond van REACH geregistreerde stoffen bestaat er een autorisatieplicht. Deze stoffen mogen niet zonder meer worden gebruikt.

Uit de aanvraag blijkt dat er binnen de inrichting geen stoffen worden geproduceerd, gebruikt en/of geëmitteerd waarop REACH van toepassing is. T oekomstige ontwikkelingen In de aanvraag is aangegeven dat er in de toekomst wellicht een 3e dispenser wordt bijgeplaatst. Op dat moment zal een aanvraag om omgevingsvergunning moeten worden ingediend. Co nclusie 52/60

Vanuit het toetsingskader dat betrekking heeft op de activiteiten van de inrichting zijn er geen redenen om de omgevingsvergunning te weigeren.

53/60

Bijlage C

Deze bijlage is onderdeel van de beschikking op de aanvraag die is geregistreerd onder nummer: Z-21-388154

Begrippenlijst Voor de begrippen die niet in deze lijst zijn opgenomen refereren wij naar de definities zoals die zijn opgenomen in de geldende wet- en regelgeving (zoals het Activiteitenbesluit, de Activiteitenregeling, het Besluit omgevingsrecht, het Besluit externe veiligheid inrichtingen, de Wet geurhinder en veehouderij etc.) Begrip

Definitie

BBT BREF

Best Beschikbare techniek genoemd in een BBT document. BAT Reference document. Een in Europees verband vastgesteld document waarin de BBT worden beschreven die specifiek zijn voor een bepaalde branche of activiteit. Het informatiecentrum in Nederland over milieuwet- en regelgeving. Integrated Pollution Prevention and Control Milieueffectrapport REACH staat voor: Registratie, Evaluatie, Autorisatie en beperking van Chemische stoffen. REACH stelt beperkingen aan het gebruik van stoffen wanneer negatieve effecten ervan op mens en/of milieu bekend zijn, 18 december 2006.

InfoMil IPPC MER REACH-verordening

Afval Minimumstandaard

Ontdoener

Afvalwater en w aterbesparing Afvalwater

Bedrijfsafvalwater Bedrijfsriolering

De minimale hoogwaardigheid van verwerking van afzonderlijke afvalstoffen of categorieën van afvalstoffen. De minimumstandaard vormt een referentie voor de maximale milieudruk die verwerking van (een categorie van) afvalstoffen mag opleveren. De standaard is een invulling van de afvalhiërarchie voor afzonderlijke afvalstoffen en vormt op die manier een referentieniveau bij de vergunningverlening voor afvalbeheer. Ook betreft het een uitwerking van de artikelen 3 en 4 van de kaderrichtlijn afvalstoffen. Persoon of bedrijf waar afval ontstaat en die zich van het afval wil ontdoen door het af te geven aan een inzamelaar, vervoerder handelaar, bewerker of verwerker.

Alle water waarvan de houder zich, met het oog op de verwijdering daarvan, ontdoet, voornemens is zich te ontdoen, of moet ontdoen. Afvalwater (inclusief verontreinigd hemelwater), niet zijnde huishoudelijk afvalwater. Een stelsel van buizen, verbindingstukken en elementen zoals 54/60

Begrip

Hemelwater Huishoudelijk afvalwater Openbaar riool Riolering Bodem AS SIKB 6700

Bodemincident

Bodemrisicodocument

CUR/PBV CUR/PBV-aanbeveling 65 NEN 5725

Definitie straat- en trottoirkolken, gootelementen, verzamelputten en installaties, zoals slibvangputten, olie-waterscheider en controleputten voor de opvang en afvoer van bedrijfsafvalwater. Alle neerslag, zoals regen, sneeuw of hagel. Afvalwater dat vergelijkbaar is met afvalwater afkomstig van particuliere huishoudens. Voorziening voor de inzameling en transport van afvalwater, als bedoeld in artikel 10.30 van de Wet milieubeheer. Bedrijfsriolering of openbare riolering. Accreditatieschema Inspectie bodembeschermende voorzieningen, onderliggende protocollen en examenreglement, versie 2.0, februari 2015 Een incident waarvan op voorhand een redelijk vermoeden bestaat dat vrijgekomen stoffen de bodem zullen verontreinigen, dan wel een incident waarna door middel van lekdetectie of anderszins is vastgesteld dat bodemverontreiniging is opgetreden. Document dat inzicht geeft in het risico van bodemverontreiniging. Hiertoe wordt per bodembedreigende activiteit overeenkomstig de bodemrisicochecklist uit de Nederlandse Richtlijn Bodembescherming bepaald of met de aanwezige of voorgenomen combinatie van voorzieningen en maatregelen sprake is of zal zijn van een verwaarloosbaar bodemrisico. Civieltechnisch Centrum Uitvoering Research en Regelgeving / Plan Bodembeschermende Voorzieningen.

Ontwerp en aanleg van bodembeschermende voorzieningen, september 2005 NEN 5725 : Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van vooronderzoek bij verkennend en nader onderzoek, uitgever NEN ICS 13.080.01; 13.080.05, oktober 2017.

Energie en v ervoersmanagement

55/60

Begrip

Definitie

Energiekosten

Alle kosten zoals vermeld op de eindafrekening van het energiebedrijf die samenhangen met het verkrijgen van aardgas, elektriciteit, warmte (uit een distributienet) en andere brandstoffen (stookolie, gasolie, diesel) voor de gebouwen, faciliteiten en processen in de inrichting, maar exclusief de kosten gemaakt voor brandstoffen voor motorvoertuigen. Voor aardgas moeten met name worden meegenomen basisprijs, brandstofheffing, calorische toeslag, energieheffing (regulerende energiebelasting), vastrecht en btw. Voor elektriciteit moeten met name worden meegenomen de kosten voor normaaluren en laagtariefuren (is afhankelijk van kWh-verbruik), kW-tarief continu en piekuren (is afhankelijk van het opgestelde vermogen), brandstofkosten, transformatorverliezen, energieheffing, vastrecht en BTW. Maatregelen die een terugverdientijd hebben van vijf jaar of minder. De verhouding tussen het investeringsbedrag voor de maatregel na aftrek van eventuele subsidies en de jaarlijkse opbrengsten van de maatregel ten gevolge van de met de maatregel samenhangende energiebesparing en andere kostenbesparingen. In geval van een investering in een installatie voorzien van afzonderlijke energiebesparende componenten moet in plaats van het totaalinvesteringsbedrag worden gerekend met de meer investering ten opzichte van een installatie zonder de energiebesparende componenten.

Voor de berekening van de financiële opbrengsten vanwege het nemen van de maatregel moet worden gerekend met de op het moment van het energiebesparingsonderzoek geldende kosten (tarieven) voor de betrokken inrichting. Er wordt geen rekening gehouden met de eventuele kosten van het (vervroegd) uit bedrijf nemen van een installatie en niet met rentekosten Het hoogste niveau van technische ontwikkeling dat op een bepaald tijdstip is bereikt binnen een branche.

Rendabele maatregelen Terugverdientijd

Stand der techniek Ex terne Veiligheid Andere hernieuwbare brandstoffen

Brandbestrijdingssystemen

Andere hernieuwbare brandstoffen als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c, van richtlijn 2003/30/EG van het Europees Parlement en de Raad van 8 mei 2003 ter bevordering van het gebruik van biobrandstoffen of andere hernieuwbare brandstoffen in het vervoer. De repressieve middelen ter bestrijding van brand, zoals brandkranen (blusbootaansluitingen), handblusmiddelen (haspels 56/60

Begrip

Definitie en poederblussers), sprinklers, deluge, blusgasinstallaties etc.

Brandbeveiligingssystemen Brandgevaarlijke stof

CLP

DIN Drukhouder Emballage

ESD Fail safe

Gas

Gasflessenbatterij (cilinderpakket) HAZOP

Installaties

Invloedsgebied (met betrekking tot externe veiligheid)

Alle brandveiligheidsvoorzieningen, zoals de brandbestrijdingssystemen en de branddetectie en doormelding. Vaste, vloeibare of gasvormige stof die brandbaar of brandbevorderend is, of bij brand gevaar oplevert, in de zin van de ADR-klassen 2 t/m 5. De CLP-verordening is de Europese verordening over de indeling (Classification), etikettering (Labelling) en verpakking (Packaging) van chemische stoffen en mengsels. Een door het Deutsches Institut für Normung uitgegeven norm Een drukhouder is een verzamelterm die flessen, grote cilinders, drukvaten, gesloten cryohouders en flessenbatterijen omvat. Verpakkingsmateriaal, zoals glazen en kunststof flessen, blikken en kunststof cans, metalen en kunststof vaten of fiberdrums, papieren en kunststof zakken, houten kisten, big-bags en Intermediate Bulk Containers (IBC's). Emergency Shut Down. Het fail safe uitvoeren van installatie onderdelen houdt in dat wanneer het aansturingsysteem wegvalt (perslucht en/of elektriciteit) de kleppen en afsluiters terugvallen in hun veilige stand. Deze veilige stand houdt in dat de installatie zonder of met minimaal gevaar voor de externe veiligheid en een minimale belasting van het milieu uit bedrijf kan worden genomen. Een stof die bij 50°C een dampdruk bezit hoger dan 300 kPa (3 bar) of bij 20°C en de standaarddruk van 101,3 kPa volledig gasvormig is.

Een verzameling flessen die aan elkaar zijn bevestigd en onderling door een verzamelleiding zijn verbonden en die als ondeelbare eenheid wordt vervoerd. Hazard and Operability Analysis, ook wel storingsanalyse genoemd, is de standaardmethode voor het identificeren en evalueren van procesafwijkingen. Die onderdelen van de inrichting, die als een zelfstandige eenheid kunnen worden beschouwd. Installaties kunnen met elkaar verbonden zijn, bijvoorbeeld via pijpleidingen. Gebied waarin bij ministeriële regeling op grond van artikel 15, eerste lid, van het Besluit externe veiligheid inrichtingen te stellen regels personen worden meegeteld voor de berekening van het groepsrisico. 57/60

Begrip

Definitie

ISO 17020

Conformiteitsbeoordeling - Algemene criteria voor het functioneren van verschillende soorten instellingen die keuringen uitvoeren, 2012 Een (eerste of hernieuwde) keuring voor ingebruikneming, uitgevoerd voorafgaand aan een eerste ingebruikneming van nieuwe drukapparatuur en indien van toepassing voorafgaand aan een hernieuwde ingebruikneming van bestaande drukapparatuur. (Verplichting op grond van het Warenwetbesluit drukapparatuur). Dienstverlenend centrum voor kwaliteitsbeheersing en onderzoek in de sectoren Drinkwater, Bouw en Milieu, www.kiwa.nl

Keuring voor Ingebruikneming drukapparatuur

KIWA LEL

Maatgevend bedrijfsbrandweerscenario NEN 3011 NEN-EN 12266-1

NPR 1014: 2009 nl Ongewoon voorval

PGS 35 Procesinstallaties

QRA

Low Explosion Limit. Laagste concentratie (percentage) van een gas of damp in de lucht die tot een explosie kan leiden in aanwezigheid van een ontstekingsbron (vlam, hitte). Bij niveaus onder de LEL is er onvoldoende gas om een explosie te produceren (het mengsel is te ‘arm’). Is het scenario dat in de aanwijsbeschikking bedrijfsbrandweer, ingevolge artikel 31 van de Wet veiligheidsregio’s, wordt omschreven. Veiligheidskleuren en -tekens in de werkomgeving en in de openbare ruimte, maart 2015 Industriële afsluiters - Beproeving van metalen afsluiters - Deel 1: Beproevingen, beproevingsprocedures en acceptatiecriteria Verplichte eisen, april 2012. Bliksembeveiliging- Leidraad bij de NEN-EN- IEC 62305, november 2009. Elke gebeurtenis in een inrichting, ongeacht de oorzaak van die gebeurtenis, die afwijkt van de normale bedrijfsactiviteiten - met inbegrip van storingen in het productieproces en storingen in de voorzieningen (mits daaruit nadelige gevolgen voor het milieu voortkomen) van de inrichtingen alsook ongelukken en calamiteiten – en waardoor nadelige gevolgen voor het milieu ontstaan of dreigen te ontstaan.

Waterstof: Afleverinstallaties van waterstof voor wegvoertuigen, april 2020 Installaties waarin processen en andere handelingen worden uitgevoerd, inbegrepen de direct hiertoe behorende installaties voor de terugwinning, zuivering en/of vernietiging van producten, afvalstoffen, afvalwater en afvalgassen en voor tussenopslag van deze stoffen of voor de beveiliging Quantitative Risk Assessment oftewel kwantitatieve risicoanalyse. 58/60

Begrip

Definitie

Risicobeoordeling

Beoordeling van risico’s voor de gezondheid van de mens of het milieu welke ingeperkt gebruik van genetisch gemodificeerde organismen met zich mee kan brengen. Dit zijn de stoffen als bedoeld in de Handleiding Risicoberekeningen Bevi (HBR), versie 3.3, juli 2015, module C, bijlage 14 “Verantwoording”, paragraaf 14.4, blz. 178 en 179 zijnde ADR-klasse 3-stoffen, brandbare stoffen en stoffen die bij een brand kunnen ontleden of verdampen, respectievelijk de categorieën 1, 2 en 3 uit de tabel 114. Een document waarin voor een specifiek bouwwerk beschreven is welk integrale bouwkundige, installatietechnische en organisatorische maatregelen genomen worden ter afdekking van de brandrisico's. Uitgangspuntendocument. Het UPD is de grondslag voor ontwerp, uitvoering, beheer en inspectie van het Vastopgestelde Brandbeheersings- en Brandblussysteem (VBB-systeem) en omvat de uitgangspunten daarvoor. Veiligheidsbeheerssysteem. In het VBS moet dat gedeelte van het algemene managementsysteem zijn opgenomen waartoe behoren de organisatorische structuur, de verantwoordelijkheden, de werkwijzen, de procedures, de processen en de hulpmiddelen welke het mogelijk maken het preventiebeleid voor (zware) ongevallen te bepalen en uit te voeren. Een systematische risicoanalyse om de relevante risico’s van ongewenste situaties te kunnen identificeren en te beheersen

Stoffen die bij een brand betrokken kunnen worden

Uitgangspuntendocument (met betrekking tot brandrisico) UPD

VBS

Veiligheidsstudie Vlampunt

WBDA 2016 G eluid Geluidsgevoelige bestemmingen Immissierelevante bronsterkte (LWR)

De laagste temperatuur waarbij de stof nog genoeg damp afgeeft om tot ontbranding te kunnen komen wanneer deze in contact komt met een ontstekingsbron Warenwetbesluit drukapparatuur 2016 Gebouwen of objecten, aangewezen in het Besluit geluidhinder krachtens de artikelen 49 en 68 van de Wet geluidhinder (Stb. 1982, 465). Het geluidsvermogen niveau van een rondom afstralende puntbron die op een plaats van de echte geluidsbron dan wel het broncentrum van een stelsel geluidsbron staat en op het immissiepunt hetzelfde geluidsniveau geeft als deze geluidsbron(nen).

59/60

Begrip

Definitie

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau (LAr,LT)

Het A-gewogen gemiddelde van de afwisselende niveaus van het ter plaatse, in de loop van een bepaalde periode optredende geluid en zo nodig gecorrigeerd voor de aanwezigheid van impulsachtig geluid, tonaal geluid of muziekgeluid, vastgesteld en beoordeeld overeenkomstig de 'Handleiding meten en rekenen industrielawaai', uitgave 1999. Het hoogste A-gewogen geluidsniveau, afgelezen in de meterstand 'fast', verminderd met de meteocorrectieterm Cm. De meterstand 'fast' komt overeen met een tijdconstante van 125 ms.

Maximaal geluidsniveau (LAmax)

Referentieniveau

SBR-richtlijn B

Trilling Verkeersbeweging

De hoogste waarde van de onder 1. en 2. genoemde niveaus, bepaald overeenkomstig het Besluit bepaling referentieniveauperiode (Stcrt. 1982, 162): het geluidsniveau, uitgedrukt in dB(A), dat gemeten over een bepaalde periode gedurende 95% van de tijd wordt overschreden, exclusief de bijdrage van de inrichting zelf; het optredende equivalente geluidsniveau (LAeq) veroorzaakt door wegverkeerbronnen minus 10 dB(A), met dien verstande dat voor de nachtperiode van 23.00 tot 07.00 uur alleen wegverkeerbronnen in rekening mogen worden gebracht met een intensiteit van meer dan 500 motorvoertuigen gedurende die periode. Meet- en beoordelingsrichtlijnen, Hinder voor personen in gebouwen Deel B, Richtlijn van de Stichting Bouwresearch. Dit deel van meet- en beoordelingsrichtlijnen gaat over hinder voor personen ten gevolge van gebouwtrillingen. In dit deel van de richtlijn wordt onderscheid gemaakt ten aanzien van de functie van het gebouw, het tijdstip van de dag en het karakter van de trillingen. Tevens onderscheidt de richtlijn bestaande, gewijzigde en nieuwe situaties, augustus 2002. Mechanische beweging rond een referentiepunt dat in evenwicht is. Het aan- of afrijden met een persoon-, bestel- of vrachtwagen.

60/60

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10443773/1