handreiking-van-wob-naar-woo
Tekst van het document
Een bestuursorgaan mag voorafgaand aan de publicatie niet oordelen over de verwerking van de resultaten van het onderzoek en de daaraan verbonden conclusies. Artikel 5.7 Woo beperkt de interventie van het bestuursorgaan tot de vraag of de informatie die een onderzoeker wil gebruiken op grond van de artikelen 5.1 en 5.2 Woo openbaar is. Is dat niet het geval dan verbiedt de Woo om de informatie te gebruiken. Van een inhoudelijke inmenging is daarbij geen sprake.
151 Kamerstukken II 2013/14, 33 328, nr. 9, p 84-85. Zie in dit verband ook artikel 89 AVG en 24 Uitvoeringswet AVG. 152 Kamerstukken II 2013/14, 33 328, nr. 9, p. 83. 153 Kamerstukken II 2013/14, 33 328, nr. 9, p. 84. 154 Idem. 155 Kamerstukken II 2013/14, 33 328, nr. 9, p. 84.
54
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
Aanbeveling Er kan beleid worden ontwikkeld waarin wordt vastgelegd hoe er in de praktijk met verzoeken om informatie ten behoeve van onderzoek zal worden omgegaan.
5.15 Overtreding van de voorwaarden (artikel 8.1, eerste lid, Woo) Overtreding van de voorwaarden die aan de toegang tot of verstrekking van de informatie aan een of enkele personen zijn opgelegd, wordt in artikel 8.1 Woo strafbaar gesteld. De overtreder riskeert een gevangenisstraf van ten hoogte een jaar of een geldboete van de vierde categorie. De vervolging van de overtreding geschiedt door het Openbaar Ministerie. Zowel het bestuursorgaan als degene die door de overtreding wordt benadeeld, kan aangifte doen van die overtreding. Artikel 8.1 Strafbepaling 1. Overtreding van een voorwaarde die op grond van artikel 5.5, vierde lid, 5.6, derde lid, of artikel 5.7, tweede of derde lid, aan een verstrekking is verbonden, wordt gestraft met gevangenisstraf van ten hoogste een jaar of geldboete van de vierde categorie. 2. Het in het eerste lid strafbaar gestelde feit is een misdrijf.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
55
6 Digitale informatiehuishouding 6.1 Inleiding Hoofdstuk 6 en het hierna te bespreken hoofdstuk 7 van de Woo beogen een stevige basis te leggen voor de verbetering van de informatiehuishouding.156 Hoofdstuk 6 van de Woo bevat regels over de digitale informatiehuishouding van bestuursorganen. Dat is nieuw ten opzichte van de Wob. Doel van deze regels is het duurzaam toegankelijk maken van de digitale documenten die onder een bestuursorgaan berusten. Achtergrond daarvan is dat een probleem bij de uitvoering van de Wob is dat bestuursorganen niet altijd weten welke informatie er is en niet altijd snel over de juiste informatie kunnen beschikken.157 Door maatregelen te treffen ter verbetering van de digitale informatiehuishouding zou sneller en makkelijker op verzoeken om informatie kunnen worden beslist. Ook zou dit kunnen bijdragen aan de actieve openbaarmaking van informatie. Er zal een meerjarenplan worden opgesteld die concrete doelstellingen bevat om de digitale informatiehuishouding te verbeteren. Hoofdstuk 6 Woo kent een tijdelijk karakter. Als kan worden vastgesteld dat de doelstellingen van dit hoofdstuk duurzaam zijn gerealiseerd en de digitale informatie voldoende toegankelijk is, dan is het monitoren en bijstellen van het meerjarenplan niet langer zinvol.158 Artikel 10.2f Woo bepaalt dat het hoofdstuk dan bij koninklijk besluit kan worden ingetrokken.
De (voorzichtige) schatting is dat het realiseren van de doelstelling ten minste acht jaar gaat duren.159
6.2 Duurzame toegankelijkheid van digitale documenten (artikel 6.1 Woo) Artikel 6.1 Woo bevat de verplichting voor bestuursorganen om maatregelen te treffen ten behoeve van het duurzaam toegankelijk maken van de digitale documenten. Artikel 6.1 Doel Het bestuursorgaan treft maatregelen ten behoeve van het duurzaam toegankelijk maken van de digitale documenten, bedoeld in artikel 2.4, eerste lid. In artikel 2.4, eerste lid, Woo is de algemene zorgplicht voor documenten, zoals neergelegd in artikel 3 van de Archiefwet 1995, overgenomen. Daarin is bepaald dat een bestuursorgaan er zorg voor draagt dat de documenten die het ontvangt, vervaardigt of anderszins onder zich heeft, zich in goede, geordende en toegankelijke staat bevinden. In artikel 6.1 Woo is geëxpliciteerd dat bestuursorganen (ook) maatregelen moeten treffen ten behoeve van het duurzaam toegankelijk maken van digitale documenten die zij ontvangen, vervaardigen of anderszins onder zich hebben.160
6.3 Meerjarenplan (artikel 6.2 Woo) Welke maatregelen bestuursorganen precies kunnen en moeten treffen om hun digitale documenten duurzaam toegankelijk te maken, zal volgen uit het meerjarenplan dat de Minister van BZK in overeenstemming met de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen (OC&W) naar de Tweede Kamer moet sturen. Het plan zal langetermijndoelen bevatten ter verbetering van de wijze waarop digitale documenten worden vervaardigd, geordend, bewaard, vernietigd en ontsloten en de stappen die daartoe op korte termijn zullen worden gezet. Het meerjarenplan bevat daarnaast de stappen die genomen worden om te bereiken dat eenieder zo veel mogelijk inzicht kan hebben in de aanwezigheid van informatie bij de organen, personen en
156 Kamerstukken I 2020/21, 33 328, Q, p. 5. 157 Kamerstukken II 2019/20, 35 112, nr. 9, p. 6. 158 Kamerstukken II 2019/20, 35 112, nr. 9, p. 67. 159 Kamerstukken II 2020/21, 35 112, nr. 12, p. 13-14. 160 Idem.
56
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
colleges waarop de Woo van toepassing is. Aanvankelijk zou dat doel moeten worden bereikt door een verplicht documentenregister, maar de initiatiefnemers hebben daar vanaf gezien omdat een dergelijke register niet voldeed aan de criteria uitvoerbaar en betaalbaar.161 Het meerjarenplan zal eerst bij het Rijk beginnen en daarna plannen betreffende de decentrale overheden en de zelfstandige bestuursorganen (zbo’s) bevatten.162 De Minister van BZK zal de Tweede Kamer periodiek informeren over de stand van de informatiehuishouding in het bestuur, de uitvoering van het meerjarenplan en de toegang tot publieke informatie. Zo lang dat nodig is, kunnen in nieuwe versies van het meerjarenplan de doelstellingen worden bijgesteld en nieuwe stappen worden voorbereid. Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Woo heeft de minister al het eerste meerjarenplan aan de Eerste Kamer en Tweede Kamer toegezonden. Daarin worden zeven actielijnen aangekondigd die projectmatig zullen worden opgepakt, waaronder het invoeren van een nieuwe, eenvoudige werkwijze voor e-mailarchivering.163 Artikel 6.2 Meerjarenplan 1. Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, zendt een meerjarenplan naar de Staten-Generaal over de wijze waarop bestuursorganen hun digitale overheidsinformatie duurzaam toegankelijk maken. 2.
Het meerjarenplan bevat langetermijndoelen voor de verbetering van de wijze waarop digitale documenten worden vervaardigd, geordend, bewaard, vernietigd en ontsloten alsmede de stappen die daartoe op korte termijn worden gezet. 3. Het meerjarenplan voorziet in stappen waarmee wordt bereikt dat eenieder zo veel mogelijk inzicht kan hebben in de aanwezigheid van publieke informatie bij een orgaan, persoon of college als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid. 4. Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, vult het meerjarenplan aan met de nodige maatregelen tot de digitale overheidsinformatie voldoende duurzaam toegankelijk is. Het door de Minister van BZK op te stellen meerjarenplan draagt eraan bij dat niet ieder bestuursorgaan voor zich uit hoeft te vinden hoe digitale documenten in een goede, geordende en toegankelijke staat kunnen worden beheerd.164 Bestuurlijk is afgesproken dat de VNG voor de gemeenten het meerjarenplan opstelt en uitvoert. Het gaat hier om een deelplan bij het meerjarenplan van het Rijk. Vooruitlopend op de inwerkingtreding van de Woo heeft de VNG in januari 2020 het Meerjarenplan implementatie Woo bij gemeenten aangeboden aan de minister van BZK.165 Dit plan behoeft aanpassing omdat nadien – bij Tweede Nota van Wijziging – de eisen aan het meerjarenplan zijn aangescherpt.
Het Rijksprogramma voor Duurzaam Digitale Informatiehuishouding biedt voorts hulp bij te treffen maatregelen ten behoeve van de duurzame toegankelijkheid van digitale documenten.166 Daarnaast voert de VNG het project Grip op informatie uit. In dit project wordt samen met gemeenten en archiefinstellingen gewerkt aan uitwisseling van ervaringen en concrete oplossingen op de thema’s informatiehuishouding op orde, actief openbaar maken, en duurzame toegankelijkheid. De implementatie van de Woo komt daarbij ook aan bod, maar het project is breder van opzet. Er zijn binnen de drie thema’s dertien proeftuinen/werkgroepen ingericht die gericht op subthema’s werken, waaronder: Vervroegde overbrenging, Archive by design, Archiveren tekstberichten, Preserveren, Bewaren bij de bron, Vernietigen.167
161 Kamerstukken I 2021/21, 33 328, nr. Q, p. 15. 162 Idem. 163 Kamerstukken II 2018/19, 35 112, nr. 4 en Kamerstukken I 2018/19, 33 328, nr. L. 164 Kamerstukken II 2019/20, 35 112, nr. 9, p. 6. 165 https://vng.nl/sites/default/files/2021-01/meerjarenplan-woo-brief-bzk-met-bijlage.pdf. 166 https://www.informatiehuishouding.nl/. 167 Zie https://www.vngrealisatie.nl/onderwerpen/grip-op-informatie.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
57
7 Het Adviescollege openbaarheid en informatiehuishouding 7.1 Inleiding Het zevende hoofdstuk van de Woo introduceert het Adviescollege openbaarheid en informatiehuishouding. Dit college heeft een adviestaak ten aanzien van informatiehuishouding en openbaarheid. Het Adviescollege bemiddelt en adviseert daarnaast bij klachten van journalisten, wetenschappers en anderen die een beroepsmatig belang hebben bij het gebruik van overheidsinformatie. Het Adviescollege is een waarborg voor een goede uitvoering van de Woo.168 Artikel 7.1 Adviescollege openbaarheid en informatiehuishouding 1. Er is een Adviescollege openbaarheid en informatiehuishouding. 2. Het college bestaat uit een voorzitter en ten hoogste vier andere leden. 3. De benoeming van de leden bij koninklijk besluit geschiedt op voordracht van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. 4. De artikel 13, 16 en 19 van de Kaderwet zelfstandige bestuursorganen zijn van overeenkomstige toepassing.
7.2 De taken van het Adviescollege (artikel 7.2 Woo) Het Adviescollege heeft een adviestaak op het domein van openbaarheid en informatiehuishouding. Het kan de regering en de Staten-Generaal daartoe gevraagd en ongevraagd adviseren over openbaarmakingskwesties (artikel 7.2, eerste lid, Woo). Het brengt daarnaast periodiek advies uit over de aanpassing van het meerjarenplan en rapporteert in dat advies in elk geval over de stand van de informatiehuishouding in het bestuur, de voortgang van de uitvoering van het meerjarenplan en de toegang tot de publieke informatie (artikel 7.2, derde lid, Woo). Verder moet het Adviescollege verplicht worden geraadpleegd bij voorstellen van wet- en regelgeving (AMvB’s) die betrekking hebben op openbaarheid en de ontsluiting van publieke informatie (artikel 7.2, derde lid, Woo) en adviseert het bestuursorganen naar aanleiding van klachten van journalisten, wetenschappers en andere groepen met een beroepsmatig belang bij openbaarmaking van overheidsinformatie over openbaarmakingskwesties (artikel 7.2, vierde lid, Woo). Tot slot heeft het in het algemeen tot taak de toepassing van de Woo te bevorderen door bestuursorganen (artikel 7.2, vijfde lid, Woo). Daartoe kunnen onder meer activiteiten worden ondernomen op het gebied van voorlichting, opleiding, onderzoek en publicatie van richtsnoeren voor actieve openbaarmaking. Artikel 7.2 Taken 1.
Het college adviseert de regering en de beide Kamers der Staten-Generaal gevraagd en ongevraagd over de uitvoering van de regels over openbaarmaking van publieke informatie. 2. Het college adviseert Onze Minister periodiek over aanpassing van het meerjarenplan. Het college rapporteert in zijn advies in elk geval over de stand van de informatiehuishouding in het bestuur, de voortgang van de uitvoering van het meerjarenplan en de toegang tot de publieke informatie. 3. Het college wordt om advies gevraagd over voorstellen van wet en ontwerpen van algemene maatregelen van bestuur die geheel of voor een belangrijk deel betrekking hebben op de openbaarmaking en de ontsluiting van publieke informatie.
168 Kamerstukken I 2020/21, 33 328, nr. N, p. 112.
58
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
4. Het college adviseert het betrokken bestuursorgaan naar aanleiding van bij het college ingediende klachten van journalisten, wetenschappers of andere naar het oordeel van het college in aanmerking komende groepen met een beroepsmatig belang bij het gebruik van publiek informatie over de wijze waarop dat bestuursorgaan publieke informatie openbaar maakt. 5. Het college bevordert de toepassing van deze wet, onder meer door: a. het geven van voorlichting aan bestuursorganen en anderen; b. het opleiden van personen werkzaam bij organen belast met de uitvoering van openbaarmaking van publieke informatie; c. het monitoren en onderzoeken van en rapporteren over de openbaarmaking van publieke informatie in algemene zin of door specifieke organen in het bijzonder; d. het publiceren van richtsnoeren ter bevordering van de openbaarmaking uit eigen beweging en de ontsluiting van informatie. Als de regels omtrent de informatiehuishouding uit hoofdstuk 6 van de Woo komen te vervallen, zal ook de adviestaak met betrekking tot het meerjarenplan vervallen (artikel 10.2f, tweede lid, Woo). Het Adviescollege blijft wel bevoegd te adviseren over de stand van de informatiehuishouding in het bestuur en de toegang tot de publieke informatie. De adviezen van het Adviescollege worden op grond van artikel 3.3, tweede lid, onderdeel e, Woo actief openbaar gemaakt.
7.3 Klachtprocedure bij het Adviescollege (artikel 7.3 Woo) De klachtenregeling is bedoeld voor de groepen die beroepsmatig informatie bij de overheid zoeken en daarbij tegen belemmeringen en onduidelijkheden aanlopen. Zij kunnen bij het Adviescollege een klacht indienen met betrekking tot de wijze waarop het bestuursorgaan publieke informatie openbaar maakt. De klachtregeling verstevigt de positie van de groepen die een beroepsmatig belang hebben bij overheidsinformatie.169 Deze groepen hebben een bijzonder belang bij versnelde afdoening van geschillen. De regeling is dan ook vormgegeven als een voorziening tijdens de bezwaarfase. Het is bijvoorbeeld bedoeld voor journalisten die ermee geconfronteerd worden dat een gemeente continu of op een specifiek moment niet thuis geeft.170 Alvorens het Adviescollege op grond van artikel een advies uitbrengt naar aanleiding van een ingediende klacht, bemiddelt het ingevolge artikel 7.3, eerste lid, Woo tussen het bestuursorgaan en de klager. Als de klager geen bemiddeling wil, zal hij de route van bezwaar en beroep moeten volgen.
Het bestuursorgaan is verplicht aan de bemiddeling mee te werken en om op verzoek van het Adviescollege informatie te verschaffen die het nodig heeft om de klacht te behandelen (artikel 7.4 Woo).171 Als de bemiddeling niet tot een bevredigende oplossing leidt, brengt het Adviescollege een advies uit aan het betrokken bestuursorgaan. In geval de klacht betrekking heeft op een besluit waartegen bezwaar openstaat, kan het bestuursorgaan het advies vervolgens bij de beslissing op bezwaar betrekken. Het advies heeft geen bindend karakter. Het Adviescollege kan de klager (en het betrokken bestuursorgaan) mededelen dat het geen advies uitbrengt als de klacht wordt ingetrokken wegens een geslaagde bemiddelingspoging, als de klacht onduidelijk is of als de klager niet behoort tot de categorie voor wie de mogelijkheid tot klagen is opengesteld. Burgers die zich niet tot het Adviescollege kunnen richten, kunnen hun klachten bij de ombudsman indienen. Artikel 7.3 Bemiddeling 1. Alvorens een advies als bedoeld in artikel 7.2, vierde lid, uit te brengen, bemiddelt het college tussen het bestuursorgaan en de klager. Het bestuursorgaan werkt aan de bemiddeling mee. 2. Indien de klacht mede betrekking heeft op een besluit op grond van deze wet waartegen bezwaar open staat, wordt de termijn voor het indienen van bezwaar, bedoeld in artikel 6:7 van de Algemene
169 Kamerstukken II 2020/21, 35 112, nr. 16, p. 4. 170 Kamerstukken I 2020/21, 33 328, nr. N, p. 112. 171 Kamerstukken II 2020/21, 35 112, nr. 16, p. 7.
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
59
wet bestuursrecht, opgeschort tot het college advies heeft uitgebracht, dan wel aan de klager en het bestuursorgaan heeft bericht dat geen advies zal worden uitgebracht. De opschorting van de bezwaartermijn vangt aan met ingang van de dag nadat de klager de klacht aan het college heeft gezonden. 3. Indien de klager bezwaar maakt tegen het besluit, bedoeld in het tweede lid, beslist het bestuursorgaan in afwijking van artikel 7:10, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht binnen twee weken nadat het college advies heeft uitgebracht, dan wel aan de klager en het bestuursorgaan heeft bericht dat geen advies zal worden uitgebracht. 4. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over de wijze waarop klachten worden ingediend en het college tussen het bestuursorgaan en de klager bemiddelt als bedoeld in het eerste lid. Om te voorkomen dat klachten die in de bezwaartermijn worden ingediend ertoe leiden dat de klager de gang naar de rechter verliest, schort de klacht de bezwaartermijn van artikel 6:7 Awb op (artikel 7.3, tweede lid, Woo). De opschorting vangt aan de dag na verzending van de klacht en loopt tot het moment dat het college advies heeft uitgebracht of heeft laten weten dat er geen advies zal worden uitgebracht.
Als de klacht verband houdt met een beslissing op een Woo-verzoek waartegen voorafgaand of tijdens de klachtprocedure bezwaar is gemaakt, beslist het bestuursorgaan in afwijking van artikel 7:10 Awb binnen twee weken na ontvangst van het advies dan wel de intrekking van de klacht op het bezwaar (artikel 7.3, derde lid, Woo). Deze regeling bevordert de medewerking van het bestuursorgaan aan de bemiddeling. Een bestuursorgaan snijdt zich in de vingers als het niet meewerkt, omdat het nadat het advies is uitgebracht met een kortere beslistermijn wordt geconfronteerd. De wetgever gaat ervan uit dat het bestuursorgaan niet meer de volle beslistermijn nodig heeft, als het in het kader van de bemiddeling al een afweging heeft gemaakt en daarmee een aanloop heeft genomen op de besluitvorming over het bezwaar.172
7.4 Informatieplicht (artikel 7.4 Woo) Bestuursorganen zijn verplicht om op verzoek van het Adviescollege alle gegevens te verstrekken die het nodig heeft om zijn taak uit te voeren. Dat geldt voor zowel informatie ten aanzien van een klachtenprocedure als informatie in verband met de onderzoeks- en adviestaken van het college. Artikel 7.4 Informatieplicht Een bestuursorgaan verstrekt desgevraagd het college alle gegevens die het nodig heeft voor zijn taak.
7.5 Geheimhouding (artikel 7.5 Woo) Artikel 7.5 Woo bepaalt dat het Adviescollege vertrouwelijk omgaat met de informatie die het van bestuursorganen heeft gekregen en die niet openbaar is gemaakt. Artikel 7.5 Geheimhouding 1. De leden van het college alsmede de ambtenaren van zijn bureau zijn tot geheimhouding verplicht voor zover zij krachtens deze wet beschikken over documenten die door het bestuursorgaan waarvan zij afkomstig zijn niet openbaar zijn gemaakt.
172 Kamerstukken II 2020/21, 35 112, nr. 21, p. 2.
60
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
Bijlagen stroomschema’s
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
61
Stroomschema 1 − Ontvangst en behandeling van een Woo-verzoek
Is sprake van een Woo-verzoek?
Nee
Beslissen conform ander regime of mededelen
Ja
Verband met de publieke taak? (zie H2.2)
Nee
Afwijzen (ga verder naar stroomschema 3)
Ja
Berust informa�e bij gemeente of had de informa�e bij de gemeente moeten berusten?
Nee
Zo nodig doorzenden
Ja Is informa�e al openbaar of moet het eventueel bij derden worden opgevraagd?
Ja
Verzoeker daar naar verwijzen
Nee Voldoet het aan vormvereisten?
Ja
Inhoudelijk beoordelen (schema 2)
62
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
Nee
Geef hersteltermijn
Stroomschema 2a − Inhoudelijke beoordeling Woo-verzoek
Informa�e ondersteuning van raadsleden door griffie? (zie H5.11)
Ja
Afwijzen
Nee
Nee Milieu-informa�e die betrekking hee� op emissies in het milieu?
Ja
Geldt dat voor alle verzochte informa�e?
Ja
Openbaar maken
Nee
Absolute uitzonderingsgrond?
Eenheid Kroon?
Ja
Geldt dat voor alle verzochte informa�e?
Ja
Afwijzen
Veiligheid Staat?
Ja Vertrouwelijk meegedeelde bedrijfs- en fabricagegegevens? (zie H6.2)
Persoonsgegevens?
Nee Nummers ter iden�fica�e (art. 46 UAVG)
Nee
Rela�eve uitzonderingsgrond? (zie volgende pg.)
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
63
Stroomschema 2b – Inhoudelijke beoordeling Woo-verzoek
Rela�eve uitzonderingsgrond?
Weegt het belang van openbaarheid op tegen belang van rela�eve uitzonderingsgrond?
Ja
Interna�onale betrekkingen?
Economische of financiële belangen overheid?
Opsporing of vervolg stra�are feiten?
Ja
Nee
Inspec�e, controle of toezicht?
Eerbiediging persoonlijke levenssfeer?
Overige bedrijfs- en fabricagegegevens (zie H5.2)
Nee
Uitdrukkelijk gemo�veerd afwijzen van document (onderdeel) (zie H5.8)
Ja
Bescherming van het milieu? (zie H5.3)
Beveiliging van personen en bedrijven en voorkomen van sabotage (zie H5.4)
Ja
Goed func�oneren overheidsorgaan (zie H5.5)
Onevenredige benadeling (zie H5.6)
Documenten voor intern beraad? (H5.9)
1. Geanonimiseerde verstrekking mogelijk? Persoonlijke beleidsopva�ngen?
Ja Nee Afrondend besluitvorming Stroomschema 3
64
Nee
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
2. Verstrekking van feitelijke gegevens mogelijk?
Ja
3. Documenten opgesteld voor formele bestuurlijke besluitvorming? Zo ja, dan verstrekken van persoonlijke beleidsopva�ngen in niet tot personen herleidbare vorm, tenzij … (H5.9)
Stroomschema 3 – Afronding besluitvorming op Woo-verzoek en informatieverstrekking
Bepaal vorm van beslissing op Woo-verzoek Bepaal wijze van verstrekking van informa�e (H2.4) Mo�veer beslissing op Woo-verzoek (H5.8) Bepaal wie beslissing moet ondertekenen Voorzie beslissing van een rechtsmiddelenclausule Bepaal hoogte van eventuele kostenvergoeding bij verstrekking
Houd rekening met belangen van derden bij verstrekking Openbaarmaking �jdelijk achterwege laten als het belang dat een geadresseerde als eerste van de informa�e kennisneemt dat vergt (met mededeling aan verzoeker) (art. 5.1 lid 4 Woo)
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
65
Stroomschema 4 – Verplichte actieve openbaarmaking (hoofdstuk 3 Handreiking)
Ja
Documenten als bedoeld in ar�kel 3.3 lid 1 Woo? (zie H3.3)
Documenten volledig openbaar maken
Nee Ja
Documenten als bedoeld in ar�kel 3.3 lid 2 Woo? (zie H3.4)
Zijn belangen van ar�kel 5.1 en 5.2 Woo van toepassing? (zie stroomschema 3)
Nee
Zijn er een of meer belanghebbenden die mogelijk bezwaar kunnen hebben tegen openbaarmaking?
Ja Nee
Geen verplich�ng tot ac�eve openbaarmaking
Nee
Zienswijze vragen belanghebbenden; termijn van twee weken (H3.7)
Zijn belangen van ar�kel 5.1 en 5.2 Woo op alle (onderdelen van) documenten volledig van toepassing?
Worden eventuele bezwaren van belanghebbende(n) ten aanzien van onderdelen van de documenten volledig gevolgd?
Ja Mededeling niet openbaar maken
Nee
Ja
Twee weken wachten met feitelijke openbaarmaking, na mededeling aan belanghebbende(n).
Ja
Volgt bezwaar en vovo-verzoek?
Nee Openbaar maken; met mededeling bij gedeeltelijke nietopenbaarmaking (H3.8)
66
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
Doorlopen van voorlopige voorzieningenprocedure en eventueel bezwaarprocedure
Vereniging van Nederlandse Gemeenten
67
Vereniging van Nederlandse Gemeenten Nassaulaan 12 2514 JS Den Haag +31 70 373 83 93 info@vng.nl december 2021
vng.nl