Bijlage 6 Stougjeswijk Toelichting (voorgesteld)
Tekst van het document
Veiligheid en waterkeringen De ontwikkeling heeft geen invloed op de waterveiligheid in de omgeving. Voor het graven van water, maken natuurvriendelijke oevers en plaatsen van stuwen en de dimensionering ervan zijn de eisen van het waterschap van toepassing. De werken zijn meldingsplichtig of vergunningsplichtig. Ook zal te zijner tijd met het waterschap moeten worden afgestemd hoe en op welke manier er sprake zal zijn van een goede onderhoudssituatie. Kunstwerken zoals bruggen of duikers zullen moeten voldoen aan het beleid van het waterschap. De werken zijn meldingsplichtig of vergunningsplichtig. Te zijner tijd zal ook met het waterschap worden afgestemd hoe en op welke manier het planvoornemen voldoet aan de Kaderrichtlijn Water (KRW).
Waterbeheer Voor aanpassingen aan het bestaande watersysteem dient bij het waterschap vergunning te worden aangevraagd op grond van de 'Keur'. Dit geldt dus bijvoorbeeld voor het graven van nieuwe watergangen, het aanbrengen van een stuw of het afvoeren van hemelwater naar het oppervlaktewater. In de Keur is ook geregeld dat een beschermingszone voor watergangen en waterkeringen in acht dient te worden genomen. Dit betekent dat binnen de beschermingszone niet zonder ontheffing van het waterschap gebouwd, geplant of opgeslagen mag worden. De genoemde bepaling beoogt te voorkomen dat de stabiliteit, het profiel en/of de veiligheid wordt aangetast, de aan- of afvoer en/of berging van water wordt gehinderd dan wel het onderhoud wordt gehinderd. Ook voor het onderhoud gelden bepalingen uit de 'Keur'. Het onderhoud en de toestand van de (hoofd)watergangen worden tijdens de jaarlijkse schouw gecontroleerd en gehandhaafd.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
73
Bestemmingsplan “Stougjeswijk” Conclusie De ontwikkeling in het plangebied heeft geen directe negatieve gevolgen voor het waterhuishoudkundige systeem ter plaatse. Het aspect ‘water’ leidt op voorhand niet tot mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen, onder meer vanwege het feit dat het plangebied van voldoende omvang is om hemelwater te kunnen opvangen. Mede naar aanleiding van gevoerde overleggen door gemeente en marktpartijen met het waterschap is het gebleken dat het waterschap in hoofdzaak positief tegenover het planvoornemen staat. Wat betreft de gewenste en noodzakelijke vooroverleggen of overleggen gedurende de uitwerkingsfase, dit zal door de ontwikkelaars met het waterschap worden opgepakt alsmede worden aangetoond gedurende de aanvragen voor de omgevingsvergunning voor bouwen. Tenslotte zijn deze wensen omtrent deze nadere uitwerking geborgd in de regels van het vast te stellen bestemmingsplan. Dit zal gedurende de nadere planuitwerkingen in een waterhuishoudkundig plan worden uitgewerkt en aangetoond, en is ook geborgd in de regels van dit bestemmingsplan in artikel 3.4.2, 5.4.2 en 8.4.2 (Voorwaardelijke verplichting - afstemming waterschap) en 13.3 (Voorwaardelijke verplichting – waterberging).
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
74
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
HOOFDSTUK 7
7.1
JURIDISCHE ASPECTEN EN PLANVERANTWOORDING
Inleiding
In de voorgaande hoofdstukken is ingegaan op het plangebied, het relevante beleid en de milieu- en omgevingsaspecten. De informatie uit deze hoofdstukken is gebruikt om keuzes te maken bij het maken van het juridische deel van het bestemmingsplan: de verbeelding en de regels. In dit hoofdstuk wordt dieper ingegaan op de opzet van dit juridische deel. Daarnaast wordt een verantwoording gegeven van de gemaakte keuzes op de verbeelding en in de regels. Dat betekent dat er wordt aangegeven waarom een bepaalde functie ergens is toegestaan en waarom bepaalde bebouwing daar acceptabel is.
7.2
Opzet van de regels
7.2.1
Algemeen
In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) die op 1 juli 2008 in werking is getreden, is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. 2. 3. 4. 7.2.2
Inleidende regels; Bestemmingsregels; Algemene regels; Overgangs- en slotregels. Inleidende regels
Hoofdstuk 1 bevat de inleidende regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied en bevatten: •
Begrippen (Artikel 1) In dit artikel zijn definities van de in de regels gebruikte begrippen opgenomen. Hiermee is een eenduidige interpretatie van deze begrippen vastgelegd.
•
Wijze van meten (Artikel 2) Dit artikel geeft op een eenduidige manier aan op welke wijze bouwhoogtes, afstanden, dakhellingen en oppervlakten moeten worden gemeten en hoe voorkomende eisen betreffende de maatvoering begrepen moeten worden.
7.2.3
Bestemmingsregels
Hoofdstuk 2 van de regels bevat de juridische vertaling van de in het plangebied voorkomende bestemmingen. De regels zijn onderverdeeld in o.a.:
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
75
Bestemmingsplan “Stougjeswijk” • • •
Bestemmingsomschrijving: omschrijving van de activiteiten die zijn toegestaan; Bouwregels: eisen waaraan de bebouwing moet voldoen (bouwhoogte, goothoogte, dakhelling, etc.); Specifieke gebruiksregels: welk gebruik van gronden en opstallen in ieder geval strijdig/toegestaan zijn; • Afwijken van de bouw- en gebruiksregels: onder welke voorwaarde mag worden afgeweken van de aangegeven bouw- of gebruiksmogelijkheden; In paragraaf 7.3 worden de bestemmingen nader toegelicht en wordt ook per bestemming aangegeven waarom voor bepaalde gronden voor deze bestemming is gekozen. 7.2.4
Algemene regels
Hoofdstuk 3 bevat de algemene regels. Deze regels gelden voor het gehele plangebied. Dit hoofdstuk is opgebouwd uit: •
Anti-dubbeltelregel (Artikel 12) Deze regel is opgenomen om te voorkomen dat een perceel of een gedeelte daarvan, meer dan één keer betrokken wordt bij de berekening van een maximaal bebouwingspercentage.
•
Algemene bouwregels (Artikel 13) In dit artikel worden de algemene bouwregels beschreven en is een Wetgevingszone – woningbouwprogrammering opgenomen (zie hiervoor hoofdstuk 3 en 4 van deze toelichting waarom deze is opgenomen). Tenslotte is hier een voorwaardelijke verplichting voor de aanleg van voldoende waterberging opgenomen.
•
Algemene gebruiksregels (Artikel 14) In dit artikel wordt het strijdig gebruik beschreven. Deze gaat uit van de gedachte dat het gebruik uitsluitend mag plaatsvinden in overeenstemming met de bestemming.
•
Algemene aanduidingsregels (Artikel 15) In dit artikel worden regels gesteld aan de gronden welke tot het NNN behoren. De gronden ter plaatse van aanduiding vrijwaringszone - NNN zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor het beschermen en ontwikkelen van landschappelijke en ecologische waarden.
•
Algemene afwijkingsregels (Artikel 16) In dit artikel worden de algemene afwijkingsregels beschreven. Deze regels maken het mogelijk om op ondergeschikte punten van de regels in het bestemmingsplan af te wijken.
•
Algemene wijzigingsregels (Artikel 17) In dit artikel worden de algemene wijzigingsregels beschreven ten aanzien overschrijdingen bestemmingsgrenzen of het opnemen van de bestemming ‘Verkeer’ of ‘Gemengd’.
•
Overige regels (Artikel 18) In dit artikel zijn bepalingen ten aanzien van de werking van parkeerregels opgenomen.
7.2.5
Overgangs- en slotregels
In hoofdstuk 4 van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregel wordt aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd. Bestaande bedrijfsdoeleinden in het plangebied Opgemerkt wordt tenslotte dat er ín het plangebied een locatie is aan de Papeweg, welke thans nog in gebruik is voor bedrijfsdoeleinden. Deze gronden zijn eigendom van een bedrijf waarvan deze de hoofdvestiging/kantoor heeft op een bedrijventerrein niet ver van het plangebied. Op de bedrijfslocatie in het plangebied is een bedrijfs- en opslaglocatie van het bedrijf gevestigd.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
76
Bestemmingsplan “Stougjeswijk” In het ontwerpbestemmingsplan heeft deze locatie de bestemming ‘wonen’ gekregen en worden de bedrijfsactiviteiten daarmee feitelijk bezien ‘wegbestemd’. Gelet op de gemaakte afwegingen (nader beschreven in het hoofdstuk 5 aangaande bedrijven en milieuzonering (5.5.3.2 Externe werking) om de locatie van dit bedrijf aan de Papeweg mee te nemen in de totale ontwikkeling van de woonwijk, kunnen daarmee de bedrijfsactiviteiten onder het overgangsrecht worden gebracht. Dit betekent dat in de tussentijd het bedrijf de bedrijfsactiviteiten doorgang kan geven, en dat in de komende periode (tot aan beoogde realisatie van woningen op deze plek) uitvoering gegeven dient te worden aan minnelijke verwerving van deze gronden of aan onteigening.
7.3
Verantwoording van de regels
Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Het bestemmingsplan is het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. Opgemerkt wordt dat qua aard en omvang van de regels en de systematieken is aangesloten bij de bestemmingsplannen voor de woonwijken ‘Poortwijk diverse fases’, andere recente bestemmingsplannen in de gemeente Hoeksche Waard alsmede bestemmingsplannen voor soortgelijke ontwikkelingen elders in het land welke zijn gemaakt door BJZ.nu. ‘Gemengd’ (Artikel 3) Deze bestemming is opgenomen ter plaatse van de nieuwe deelgebieden welke bestemd zijn voor zowel de reguliere woondoeleinden alsook voor de commerciële- en/of maatschappelijke functies.
Deze gronden zijn bestemd voor gemengde functies, wonen, en overige voorzieningen. Tevens zijn bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals tuinen, erven, water, nutsvoorzieningen, verkeersontsluitingen en parkeervoorzieningen toegestaan. Er is gekozen voor een flexibele regeling, waarbij de bouwregels onderscheid maken in regels voor zowel gemengde- als woonfuncties: • • •
Hoofdgebouwen (zowel woongebouwen als andersoortige gebouwen); Bijbehorende bouwwerken; Bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
‘Groen’ (Artikel 4) Deze bestemming is opgenomen ter plaatse van groenstroken en groengebieden. Binnen deze bestemming zijn ondermeer groen- water, speelvoorzieningen en voet- en fietspaden toegestaan. ‘Maatschappelijk’ (Artikel 5) Deze bestemming is opgenomen ter plaatse van het deelgebied welke bestemd is voor maatschappelijke doeleinden, zoals een onderwijsinstelling en bijbehorende functies. Deze gronden zijn bestemd voor voorgenoemde functies, tevens zijn bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals tuinen, erven, water, nutsvoorzieningen, verkeersontsluitingen en parkeervoorzieningen toegestaan. Er is gekozen voor een flexibele regeling, waarbij de bouwregels onderscheid maken in: • •
Hoofdgebouwen; en; Bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
‘Verkeer’ (Artikel 6) Deze bestemming is opgenomen ter plaatse van de hoofdinfrastructuur, alsook voor de realisatie en neerleggen van het R-Net (middels een gebiedsaanduiding wordt deze door geheel het plangebied
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
77
Bestemmingsplan “Stougjeswijk” planologisch mogelijk gemaakt), en voor de ontsluitingen van het plangebied op omliggende infrastructuur. Het gaat om de wegen die voor doorgaand verkeer geschikt zijn. Op deze gronden mogen uitsluitend gebouwen ten behoeve van voorzieningen van algemeen nut en bouwwerken, geen gebouwen zijnde worden gebouwd, met inachtneming van de opgenomen bouwhoogtes. De wegen door het plangebied heen zijn mogelijk binnen de wonen- of gemengde bestemming, de hoofdinfrastructuur die het plangebied doorkruist is voorzien van de gebiedsaanduiding ’overige zone zoekgebied infrastructuur’.
‘Water’ (Artikel 7) Deze bestemming is opgenomen ter plaatse van de te behouden en de te realiseren watergangen. Deze gronden zijn bedoeld voor water en bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals duikers en bruggen. Eveneens zijn deze gronden bedoeld voor kruisingen en overbruggingen ten behoeve van de ontsluiting van aangrenzende bouwpercelen en verkeer. Op deze gronden mogen bouwwerken, geen gebouwen zijnde, en ook aanlegsteigers en bruggen worden gebouwd, met inachtneming van de opgenomen bouwhoogtes.
‘Wonen’ (Artikel 8) Deze bestemming is opgenomen ter plaatse van de nieuwe deelgebieden welke bestemd zijn voor reguliere woondoeleinden. Deze gronden zijn bestemd voor wonen, waaronder begrepen aan-huis-gebonden-beroepen en kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten of internetverkoop aan huis. Tevens zijn bij deze bestemming behorende voorzieningen, zoals tuinen, erven, water, nutsvoorzieningen, verkeersontsluitingen en parkeervoorzieningen toegestaan. Er is gekozen voor een flexibele regeling, waarbij de bouwregels onderscheid maken in: • • •
Hoofdgebouwen; Bijbehorende bouwwerken; Bouwwerken, geen gebouwen zijnde.
‘Archeologie 3 en 5’ (Artikel 9 en 10) De voor deze bestemmingen aangewezen gronden zijn, behalve voor de daar voorkomende bestemming, mede bestemd voor het behoud en de bescherming van de archeologische waarden van de gronden. Deze bestemming is primair ten opzichte van de overige aan deze gronden toegekende bestemmingen. ‘Waarde – Leiding – Water’ (Artikel 11) De voor 'Waarde - Leiding - Water' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemmingen, mede bestemd voor een ondergrondse waterleiding.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
78
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
HOOFDSTUK 8
ECONOMISCHE UITVOERBAARHEID
Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad naar aanleiding van een bestemmingsplan (of omgevingsvergunning waarbij wordt afgeweken van het bestemmingsplan) een exploitatieplan moet laten vaststellen indien het kostenverhaal niet anderszins verzekerd is. Voor dit plan wordt separaat een exploitatieplan vastgesteld, alsook is een overeenkomst gesloten tussen het consortium van marktpartijen en de gemeente Hoeksche Waard. Verder zijn er bepaalde locatie-eisen in het exploitatieplan gesteld door middel van het opnemen van regels, welke een meer gedetailleerde sturing geven aan de invulling van het plangebied in vergelijking met het bestemmingsplan. Dit exploitatieplan kan niet los worden gezien van het bestemmingsplan en wordt tegelijkertijd vastgesteld.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
79
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
HOOFDSTUK 9 9.1
Vooroverleg
9.1.1
Rijk
VOOROVERLEG
In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat deze bestemmingsplanprocedure geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. 9.1.2
Provincie Zuid-Holland
Het plan is in het kader van vooroverleg reeds diverse malen aan de provincie Zuid-Holland voorgelegd. Daarbij is de provincie reeds betrokken in het kader van de woningbouwprognoses, zie hiervoor ook hoofdstuk 3 en 4 van deze toelichting. Ook is dit bestemmingsplan in het kader vooroverleg via de reguliere kanalen met de provincie gedeeld. De provincie heeft daarbij middels het indienen van een zienswijze een formele reactie gegeven op de plannen. Deze opmerkingen zijn verwerkt in het bestemmingsplan. 9.1.3
Waterschap Hollandse Delta
De watertoets heeft plaats gevonden op de website www.dewatertoets.nl. Deze toets resulteerde in een ‘normale procedure’. Het plan is aan Waterschap Hollandse Delta voorgelegd voor verdere beoordeling en bespreking. Het Waterschap kan voor nu instemmen met de inplannen, de belangen van het Waterschap zijn middels voorwaardelijke verplichtingen in de bestemmingsregels en in de algemene regels geborgd, en de nadere uitwerking van de plannen dient in de uitwerkingsfase aan het Waterschap te worden voorgelegd en te worden aangetoond in de aanvraag van de bouwvergunningsfase.
9.2
Inspraak
Gelet op de aard en omvang van het planvoornemen, de gevoerde participatiemomenten (zie hierna) in de periode juni tot en met oktober 2023, en de aanloop van het planvoornemen is een voorontwerpbestemmingsplan achterwege gelaten. Er is ervoor gekozen om direct met een ontwerpbestemmingsplan (formele procedure) in procedure te gaan, zodat mogelijke zienswijzen via de formele weg kunnen worden behandeld en beantwoord of afgewogen worden in de nadere planuitwerkingen. Participatie is gedaan in middels inloopavonden. De participatie richting de uitwerking van het plan(dus na een onherroepelijk bestemmingsplan) zal nader vorm gegeven worden. Ontwikkelaars hebben de toezegging gedaan om omwonenden en andere partijenen te betrekken in de verdere uitwerking van de plannen, alsook als het gaat om de inrichting van de groene en blauwe hoofdstructuren. Op basis van de verkregen reacties en input gedurende de participatiemomenten is een uitgebreid participatieverslag opgesteld, zie hiervoor bijlage 14. Het gaat te ver om op deze plek de resultaten van de gevoerde participatie kort te behandelen, verwezen wordt dan ook naar de bijlage zelf. Eveneens is er in de periode 2024-2025 een bijpraat- c.q. participatiemoment geweest, met de omwonenden en belangstellenden of belanghebbenden.
Ook zijn er individuele gesprekken gevoerd, door de marktpartijen en/of de gemeente met deze belangstellenden of belanghebbenden. Laatstelijk is er op 19 mei 2025 een inloopbijeenkomst georganiseerd.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
80
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
9.3
Zienswijzen
Het ontwerpbestemmingsplan heeft voor een periode van zes weken voor eenieder ter inzage gelegen. Binnen deze periode zijn er zienswijzen ingediend. Deze zijn in een aparte Nota Zienswijzen door de gemeente Hoeksche Waard behandeld en van reactie voorzien. Deze nota is opgenomen in bijlage 17 bij deze toelichting. Kortheidshalve wordt daarom naar deze nota zelf verwezen op deze plek.
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
81
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
82
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 1
Gebiedsvisie Stougjeswijk
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
83
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 2
Onderzoek verkeer en parkeren
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
84
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 3
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
85
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 4
Verkennend Bodemonderzoek Stougjesdijk
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
86
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 5
Infiltratie bodemonderzoek Stougjesdijk
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
87
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 6
Partijkeuring bodemonderzoek Stougjesdijk
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
88
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 7
Externe veiligheidsonderzoek
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
89
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 8
AERIUS-berekening stikstofdepositie
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
90
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 9
Quickscan flora en fauna
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
91
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 10
Vleermuizen onderzoek
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
92
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 11
Archeologisch bureau- en veldonderzoek
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
93
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 12
M.E.R.-beoordeling
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
94
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 13
Watertoetsresultaat
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
95
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 14
Participatieverslagen
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
96
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 15
Wet Geluidhinder besluit hogere waarden
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
97
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 16
Laddertoets Stec
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
98
Bestemmingsplan “Stougjeswijk”
Bijlage 17
Nota zienswijzen
BJZ.nu Ruimtelijke Plannen en Advies
99