Bijlage 4 Cultuurnota incl voorblad en foto's tbv besluitvormende raad 26-5
Tekst van het document
Cultuurnota & Uitvoeringsagenda
2021-2024
Mei 2020
Inhoud Voorwoord............................................................................................................................................... 3 1.
2.
3.
4.
5.
Inleiding ........................................................................................................................................... 4 1.1
Werkwijze en uitwerking ......................................................................................................... 4
1.2
Leeswijzer ................................................................................................................................ 4
Achtergrond en kaders cultuurbeleid.............................................................................................. 5 2.1
Inleiding ................................................................................................................................... 5
2.2
Missie en visie cultuurbeleid ................................................................................................... 6
2.3
Samenwerking in de dorpen.................................................................................................... 7
2.4
Samenwerking met het culturele veld .................................................................................... 8
2.5
Rol en taken gemeente............................................................................................................ 8
2.6
Amateurverenigingen .............................................................................................................. 9
2.7
Vrijwilligers ............................................................................................................................ 10
2.8
Accommodaties ..................................................................................................................... 10
2.9
Kaders voor cultuurbeleid ..................................................................................................... 11
2.10
Cultuurplanperiode ............................................................................................................... 12
Schone Kunsten ............................................................................................................................. 13 3.1
Muziek ................................................................................................................................... 13
3.2
Toneel en Dans ...................................................................................................................... 14
3.3
Beeldende Kunst .................................................................................................................... 16
Andere culturele activiteiten ......................................................................................................... 18 4.1
Musea .................................................................................................................................... 18
4.2
Bibliotheken........................................................................................................................... 19
4.3
Cultuureducatie ..................................................................................................................... 21
4.4
Erfgoed .................................................................................................................................. 23
4.5
Jongerencultuur..................................................................................................................... 23
4.6
Festivals ................................................................................................................................. 25
Uitvoering en financiën ................................................................................................................. 26 5.1
Samen werken aan de uitvoering .......................................................................................... 26
5.2
Financiële toegankelijkheid voor iedereen ........................................................................... 28
5.3
Cultuursubsidies .................................................................................................................... 28
5.4
Cultuurbudget........................................................................................................................ 29
Bijlagen .................................................................................................................................................. 31 2
Voorwoord Met veel genoegen kijk ik terug op de afgelopen periode, waarin de hier voorliggende 1e cultuurnota van gemeente Hoeksche Waard tot stand is gekomen. Samen met de projectleiders van de Creatie Krachtcentrale hebben we het afgelopen jaar heel veel mensen uit het culturele veld gesproken. Het is echt te weinig bekend en gewaardeerd hoe ongelofelijk veel mensen, culturele ondernemers en verenigingen in onze gemeente actief betrokken zijn bij allerlei vormen kunst en cultuur. Ik ben hierdoor opnieuw verrast en ik heb genoten van de verhalen, reacties en bijdragen. In de verschillende bijeenkomsten zijn natuurlijk ook de nodige zorgen geuit. Over de mogelijkheden om cultureel actief te zijn, het gebrek aan financiële ondersteuning en het ontbreken van goede accommodaties. Werk Cas Schook De doelstelling van ons beleid in deze 1e cultuurnota van onze gemeente Hoeksche Waard is om de basis op orde te brengen. Dit zal in een cultuurplanperiode van vier jaar nog niet volledig lukken, maar we willen met elkaar een stevig fundament leggen. Ook in de gemeenteraad is hier breed draagvlak voor. Al gedurende het cultuurdebat -georganiseerd door Dok-C voorafgaande aan de gemeenteraadsverkiezingen in november 2018- werd dit door alle partijen onderschreven. Ik ben er oprecht gelukkig mee dat dit brede draagvlak gedurende het verdere proces is gebleven.
In dit proces heeft de gemeenteraad - ook voor de 1e keer - op basis van een discussienota de kaders gesteld voor het beleid. Ik dank alle gemeenteraadsleden voor hun constructieve bijdragen. Ook wil ik hier de verschillende betrokken ambtenaren bedanken, die er in geslaagd zijn om deze kaders te vertalen naar bruikbare voorstellen, zoals die in deze nota zijn opgenomen. Van Lucebert is het bekende citaat “Alles van waarde is weerloos.” Dat geldt ook voor kunst en cultuur. Negatieve woorden, waarmee het belang wordt gebagatelliseerd of het culturele veld wordt weggezet als subsidieslurpers zijn buitengewoon schadelijk voor de sector en weerspiegelen een gebrek aan beschaving. Wijlen Wim Kok heeft gezegd: “Kunst biedt uitkomst, omdat het daarin niet gaat om de waan van de dag, maar om schoonheid en verbeelding.” Laten we dat voor ogen houden, ook in tijden dat niets vanzelfsprekend meer is.
Harry van Waveren Wethouder Cultuur
3
1.
Inleiding
1.1
Werkwijze en uitwerking
Op 1 januari 2019 was de samenvoeging van de gemeenten Binnenmaas, Cromstrijen, Korendijk, OudBeijerland en Strijen tot de gemeente Hoeksche Waard een feit. Iedere gemeente kende een eigen vorm van cultuurbeleid. De vijf voormalige gemeenten hadden ieder eigen accommodaties, verenigingen, netwerken en subsidieregelingen. De gemeente Hoeksche Waard heeft besloten om voor cultuur, als één van de eerste van de maatschappelijke domeinen, nieuw beleid op te stellen. Als voorloper daarvan werd in voorjaar 2019 het Erfgoedbeleid vastgesteld. Cultuur en erfgoed zijn beleidsthema’s die een grote samenhang kennen. Waar het vastgestelde erfgoedbeleid voornamelijk een ruimtelijk karakter kent, wordt in dit beleid de waarde van erfgoed voor de sociale identiteit van de Hoeksche Waard als aandachtspunt meegenomen. Bij de start van het ontwikkelen van het cultuurbeleid hebben we gemerkt dat de netwerken en relaties tussen voormalige gemeenten en het culturele veld sinds de fusie in kwaliteit zijn teruggelopen. Dit komt mede doordat gemeente-medewerkers met kennis van deze netwerken zijn vertrokken. Daarnaast is nog niet alle informatie uit de voormalige gemeenten effectief met elkaar verbonden. Binnen de nieuwe gemeente is er daardoor nog geen nieuw ‘collectief geheugen’ ontstaan. Daarom willen we dat het cultuurbeleid voor de periode 2021-2024 minstens een inventariserend karakter heeft.
Daarnaast sprak de gemeente de wens uit dat de nieuwe cultuurnota meehelpt het collectieve geheugen op eilandniveau op te bouwen. Om deze reden is de beleidsnota voor de cultuurplanperiode 2021-2024 opgedeeld in twee delen: 1. Hoeksche Waard cultuur waard, deel 1: inventarisatie cultuurplanperiode 2021-2024 (december 2019) en Hoeksche Waard cultuur waard, Bijlage gespreksverslagen inventarisatie (december 2019). 2. Hoeksche Waard cultuur waard, deel 2: cultuurbeleid cultuurplanperiode 2021-2024 (mei 2020).
1.2
Leeswijzer
De achtergronden, missie/visie en uitgangspunten voor het cultuurbeleid van de Hoeksche Waard, staan beschreven in hoofdstuk 2. In hoofdstuk 3 komen de schone kunsten aan bod. Per keten wordt de visie beschreven en is er een vertaling vanuit de inventarisatie naar beleidsdoelen gegeven. In hoofdstuk 4 beschrijven we de overige culturele activiteiten. Hierbij gebruiken we dezelfde indeling: visie op het onderdeel en een uitwerking in concrete beleidsdoelen. In hoofdstuk 5 komen tot slot de financiën en de uitvoering aan bod. Tot slot treft u een aantal bijlagen aan, waarvan bijlage 1 de uitvoeringsagenda 2021-2024 is die bij deze Cultuurnota hoort.
4
2.
Achtergrond en kaders cultuurbeleid
2.1
Inleiding
Als basis voor de ontwikkeling van het cultuurbeleid werden als uitgangspunten genomen: het college-akkoord Samen meer Waard, Hoofdlijnenakkoord 2019-2022; Startnotitie Kunst- en cultuurbeleid, gemeente Hoeksche Waard, 2019 04-27; Omgevingsvisie Hoeksche Waard, Waardmakersteam Kunst & Cultuur, Definitieve versie mei 2019. Daarnaast zijn beleidsnota’s uit andere dan het cultuurdomein in de Hoeksche Waard geraadpleegd. Een lijst met geraadpleegde literatuur is opgenomen als bijlage 2 bij deze nota. Om te komen tot een gedragen cultuurvisie en cultuurnota zijn daarnaast vanaf medio 2019 dorpsgesprekken, interviews en ketengesprekken gevoerd met een groot aantal organisaties, verenigingen, makers en andere partijen uit het Hoeksche Waardse culturele veld. Ook is de gemeenteraad bevraagd en is een openbare bijeenkomst ter afsluiting van de inventarisatiefase gehouden. Hierdoor konden meer dan 350 cultuurbeoefenaars, -liefhebbers en belanghebbers hun mening geven. Op deze wijze gaven wij invulling aan de behoefte aan een cultuurbeleid “voor en door het veld en de gebruikers”. De resultaten van de gevraagde inventarisatie werden samen met de gespreksverslagen opgenomen in de rapporten: Hoeksche Waard cultuur waard, Cultuurbeleid deel 1: inventarisatie cultuurplanperiode 2021-2024 (december 2019).
Hoeksche Waard cultuurwaard Bijlage gespreksverslagen inventarisatie (december 2019). Het cultuurbeleid met een uitvoeringsagenda leggen wij vast in dit deel 2. Voor de ontwikkeling hiervan is ook geput uit de oogst uit bovenstaande gesprekken. Waar nodig werd op onderdelen aanvullend gesproken met organisaties en gemeentelijke afdelingen en is opnieuw het culturele veld geconsulteerd in een openbare bijeenkomst. Uit deze gesprekken en uit de geraadpleegde literatuur zijn onderwerpen gehaald die belangrijk zijn voor het nieuwe cultuurbeleid. Aan de gemeenteraad is vervolgens gevraagd om kaders voor het nieuwe cultuurbeleid op te stellen. De uitgangspunten zijn in de vergadering van 3 maart 2020 vastgesteld. In dit hoofdstuk beschrijven we hierboven genoemde achtergronden en kaders voor het nieuwe cultuurbeleid.
5
2.2
Missie en visie cultuurbeleid
Er bestaan veel definities van cultuur. Een algemene definitie staat op Wikipedia: “In brede zin duidt cultuur alles aan wat een samenleving voortbrengt en overdraagt, zowel materieel als immaterieel. In enge zin is cultuur een ambacht, kunst, religie en wetenschap (zoals literatuur, architectuur), gewoonten en gebruiken in een gebied, de kleding, vrijetijdsbesteding, voedselvoorziening, etc.”. Intrinsieke waarde van cultuur Wat is de waarde van cultuur voor een samenleving? De minister van OCW verwoordde het in haar brief aan de Tweede Kamer ‘Cultuur in een open samenleving’ op 12 maart 2018 aldus: “Cultuur heeft in de eerste plaats een eigen, intrinsieke waarde. Als uiting van allerdiepste gedachten of zielenroerselen, van schoonheid en verfijning, of juist van confrontatie en rauwheid. Daarnaast heeft cultuur ook een belangrijke maatschappelijke functie, als thermometer voor de tijdgeest. Cultuur kan vooruit lopen op de tijdgeest en die (mede)bepalen. Cultuur kan de tijdgeest vangen en ertegenin gaan. Een samenleving met een sterke culturele sector voelt beter aan wat de tijd vraagt dan een samenleving die het zonder die thermometer moet stellen. In onze tijd zijn die maatschappelijke functies van cultuur onmisbaar. Als rationalisering en rendement dominante thema’s zijn in een samenleving, is cultuur als tegenkracht van cruciaal belang”.
Missie cultuurbeleid Vanuit deze definitie, vanuit de waardebepaling en vanuit de kaders en de uitgangspunten volgt onze missie: Voor de inwoners van Hoeksche Waard is cultuur een belangrijk onderdeel van de samenleving, net zoals welzijnsactiviteiten, erfgoed, onderwijs, sociaal-culturele activiteiten, sociale activiteiten, toeristische activiteiten, etc. Door middel van deze activiteiten geven de inwoners vorm aan de samenleving; met het ondersteunen deze activiteiten versterkt de gemeente de samenleving. Cultuur is van en voor iedereen. Het is van belang voor kinderen, jongeren, volwassenen en senioren.
Visie cultuurbeleid In de gesprekken in de inventarisatiefase werd, als vanzelfsprekend, door de meeste gespreks-partners de volgende visies voor het cultuurbeleid geformuleerd: 1. Cultuur is een instrument voor de leefbaarheid in de dorpen. Cultuur draagt bij aan individuele groei en geeft vorm aan de samenwerking tussen inwoners en de participatie van de inwoners aan de samenleving. Leefbaarheid in de dorpen door de cultuur, zorg, welzijn, (lokale) economie, bibliotheekwerk, verenigingsleven, Erfgoed, jongerenwerk, cultuureducatie en onderwijs. 2. Op dorpsoverstijgend niveau (het eiland Hoeksche Waard) is cultuur een instrument om dorpen met elkaar in contact te brengen, het eiland naar buiten toe zichtbaar te maken en de buitenwereld naar het eiland te brengen. Bij activiteiten op eilandniveau ligt de nadruk eerder op cultuur- en kunstconsumptie en productie. Hierbij is sprake van samenwerking tussen andere domeinen zoals grootschaliger economie, citymarketing, onderwijs, toerisme, erfgoed, arbeidsmarktbeleid, verkeer en vervoer, parkeren, etc.
6
2.3
Samenwerking in de dorpen
Visie op cultuur in de dorpen De culturele verenigingen en de sociaal-culturele en maatschappelijke organisaties, vormen het cement van de samenleving in de dorpen. Zij organiseren activiteiten die zorgen voor creativiteit en verbinding in de dorpen en brengen inwoners samen en zorgen voor verbondenheid. De Omgevingsvisie Hoeksche Waard (17 december 2019) geeft als te ontwikkelen waarden voor de dorpen: Versterken van de onderscheidende identiteit per dorp. Versterken van de gemeenschapszin in het dorp. Versterken van de vitaliteit en leefbaarheid per dorp. Versterken van de natuurlijke overgang van het dorp naar het landelijk gebied. Bedrijvigheid met toegevoegde waarde voor de Hoeksche Waard. Sociale cohesie onder bevolking faciliteren. Het versterken van de sociale en culturele structuur in de dorpen heeft prioriteit binnen het cultuurbeleid. Hierbij gaat het om activiteiten voor onderlinge contacten, een praatje, een cafévoorziening, filmavondjes, zaaltjes voor culturele activiteiten, cursussen, lezingen, kaartclubs, koffieochtenden, etc. in de dorpen. Er is een grijs gebied tussen gewone ontmoetingen tussen inwoners, welzijnsactiviteiten en culturele initiatieven. Een doel binnen het cultuurbeleid is: “Iedereen heeft toegang tot culturele en sociaal culturele activiteiten in het eigen dorp”.
Daarbij is het belangrijk om te koesteren wat er al is en te bepalen welke aanpassingen/samenwerkingen opgezet kunnen worden om dit verder te versterken. De gemeente kan en wil dit niet alleen; juist de lokale organisaties en activiteiten geven vorm aan de samenleving in de dorpen. Echter: deze werken vanuit verschillende sectoren en subsidiestromen. Samenwerking in het aanbieden van activiteiten in de dorpen zit nog niet ‘ingebakken’. Coördinatie en samenwerking ontbreken veelal nog. In sommige gevallen beconcurreren organisaties elkaar. Deze concurrentie komt ook voor binnen een en dezelfde accommodatie.
Versterking van de samenwerking De samenwerking tussen de organisaties en verenigingen vinden wij heel belangrijk. Om dit te stimuleren willen wij de komende periode een nieuwe benadering onderzoeken en uitwerken. Hierbij is het idee dat organisaties en lokale aanbieders, die in de dorpen activiteiten ontplooien, in de gelegenheid worden gesteld om gezamenlijk voor ieder dorp een gemeenschappelijk uitvoeringsprogramma te schrijven. De gemeente zal vervolgens subsidies voor dit soort programma’s in de dorpen beschikbaar stellen. Een interessante optie voor deze toekomstige samenwerking tussen culturele en maatschappelijke organisaties in de Hoeksche Waard is een rijkssubsidieregeling bij het Fonds Cultuurparticipatie ‘Samen cultuurmaken verbreden’.1 Deze regeling stimuleert het culturele en sociale domein om (nog beter) samen te werken en zo cultuurmaken toegankelijker te maken. Tot september 2020 kunnen voor deze regeling subsidieaanvragen worden ingediend.
1
https://cultuurparticipatie.nl/subsidie-aanvragen/19/samen-cultuurmaken-verbreden-aanloopregeling
7
2.4
Samenwerking met het culturele veld
Visie op samenwerking De gemeente Hoeksche Waard stelt, zoals gezegd, voor het eerst cultuurbeleid op. Het uitwerken ervan zal tijd kosten en extra inspanningen vragen (denk bijvoorbeeld aan het harmoniseren van subsidies, of het ontwikkelen van festivalbeleid, etc.)De culturele sector is betrokken bij het opstellen van het nieuwe cultuurbeleid en ook bij de vervolgstap is het noodzakelijk dat de culturele sector nauw betrokken blijft. De culturele sector is belangrijk bij het realiseren van het cultuurbeleid. Deze betrokkenheid kan ingevuld worden door een platform in te stellen dat gesteund en erkend wordt door het culturele veld. In deze komende 4 jaar helpt het platform een sterk fundament te ontwikkelen voor de cultuursector. Aan het eind van de komende cultuurplanperiode kan bekeken worden welke rol het platform kan spelen in de daaropvolgende cultuurplanperiode(s). Wij zien de volgende taken voor het platform: Het bevorderen van de actieve en passieve beoefening van kunst en cultuur in de Hoeksche Waard. Het vertegenwoordigen van de amateur-beoefenaars van kunst en cultuur, zowel georganiseerd als niet georganiseerd. Het mede positioneren van professionele beoefenaars van kunst en cultuur in de Hoeksche Waard bij regionale activiteiten.
Het stimuleren van contacten en het uitwisselen van informatie tussen het culturele veld onderling en tussen het culturele veld en het publiek, en o.a. door middel van een website, maandelijkse nieuwsbrieven, sociale media, jaarlijkse cultuurconferentie, lezingen, e.d. Het stimuleren van samenwerkingen binnen de culturele sector en tussen de culturele sector en de aanbieders van activiteiten vanuit andere domeinen. We zien hier onder andere kansen voor een betere aansluiting met sport. Het platform kan bestaan uit vertegenwoordigers van de professionele organisaties in de culturele sector, uit de koepelorganisaties van de amateurverenigingen aangevuld met Stichting Welzijn Hoeksche Waard.
2.5
Rol en taken gemeente
Visie op de rol van de gemeente In het hoofdlijnenakkoord Samen meer Waard is opgenomen dat de gemeente veel belang hecht aan ruimte voor het maatschappelijk initiatief en maatschappelijk participatie. Dat geldt ook voor de cultuursector. Eigenlijk heeft deze sector een voorsprong omdat hier van oorsprong veel creativiteit en initiatief aanwezig is. De rol van de gemeente is vooral stimulerend en faciliterend: Beleid ontwikkelen (samen met de cultuursector) en monitoren. Financieel bijdragen. Faciliteren (accommodaties, vergunningen). Waar nodig de uitvoering van het beleid coördineren en stimuleren. De samenwerking tussen de verschillende aanbieders van activiteiten bevorderen.
8
Vanuit deze rol volgt een aantal belangrijke thema’s: 1. In de cultuursector leeft de brede wens om vaste overlegstructuren tussen gemeente en verschillende delen van de cultuursector, en binnen de cultuursector onderling, te faciliteren en effectief in te zetten. 2. Momenteel is het voor inwoners en het culturele veld van Hoeksche Waard onoverzichtelijk wie wat doet en op welk gebied. De gemeente kan stimuleren dat de cultuursector de vele activiteiten op het gebied van cultuureducatie, cultuur, kunst, erfgoed en sociaal-culturele activiteiten inzichtelijk maakt. 3. Aan de gemeente wordt gevraagd in ieder dorp een laagdrempelig betaalbare voorziening te faciliteren, waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en culturele initiatieven een plek kunnen vinden. Hierbij is maatwerk per dorp nodig, waarbij onderzocht kan worden of een regionale podiumvoorziening in een van de dorpen een plek kan vinden. Overigens zullen culturele activiteiten en evenementen zich ook blijven spreiden over diverse gebouwen, die incidenteel een keer voor een uitvoering of voorstelling worden gebruikt. Tenslotte: deze voorzieningen hoeven geen gemeentelijke accommodaties te zijn: het hebben van maatschappelijk vastgoed is voor de gemeente geen doel op zich. 4.
De wens bestaat tevens, dat de gemeente de cultuursubsidies, die vanuit de voormalige gemeenten grote verschillen vertonen, op korte termijn harmoniseert.
2.6
Amateurverenigingen
Visie op amateurverenigingen Amateurverenigingen, met alle daarbij betrokken vrijwilligers, vormen de basis voor het culturele klimaat. Verschillende onderzoeken naar cultuurbeoefening laten in de laatste jaren een stabiel beeld zien. Volgens de Monitor Amateurkunst van het LKCA is sinds 2013 zo’n 40 procent van de Nederlandse bevolking van zes jaar en ouder kunstzinnig en creatief actief in de vrije tijd. Dan gaat het om zo’n 6,4 miljoen Nederlanders. Dit betekent dat in de Hoeksche Waard circa 35.000 inwoners zich bezighouden met een of andere vorm van kunstbeoefening. Uitdagingen voor de amateurkunst Voor de amateurkunst ligt een aantal belangrijke uitdagingen: De subsidiëring van amateurverenigingen is gebaseerd op de regelingen uit de voormalige dorpen. Er zijn grote verschillen; harmonisatie is nodig. Amateurverenigingen willen graag meer activiteiten ontplooien op de scholen, maar vinden daar moeilijk aansluiting. Dit vraagt nauwere betrokkenheid bij de uitvoering van Cultuureducatie met kwaliteit (verder: het CmK) op de scholen. Verenigingen zijn niet voldoende op de hoogte van elkaars activiteiten. Ze willen graag meer samenwerken, maar daarvoor ontbreken onder andere inzicht, budget en tijd.
Er is een groot verschil in huisvestingsmogelijkheden en de daarbij horende kosten voor verenigingen: de ene vereniging heeft een eigen gebouw, de andere repeteert in een onverwarmde kerk. Ook hebben vrijwel alle verenigingen, behoefte aan een voorziening voor de optredens, uitvoeringen. Dit vraagt om verder onderzoek, doordenking en maatregelen in het kader van het gemeentelijk accommodatiebeleid. Door stijgende kosten en dalende inkomsten (onder andere veroorzaakt door een teruglopend ledental) staan veel verenigingen in de overlevingsstand. Hierdoor besteden de verenigingen relatief veel inzet op de instandhouding. 9
2.7
Vrijwilligers
Visie op vrijwilligerswerk Het vrijwilligerswerk professionaliseert: er worden steeds meer eisen gesteld aan zowel de organisaties als aan de vrijwilligers. Dit betekent dat er meer aandacht komt voor het geven van cursussen en trainingen, dat er gekeken wordt naar startkwalificaties en dat vrijwilligers in voldoende mate gemotiveerd zijn. Daarnaast treedt in toenemende mate flexibilisering op: mensen geven de voorkeur aan kortdurend, concreet en afgebakend vrijwilligerswerk en er is sprake van een verschuiving naar vrijwillige inzet van korte duur of voor eenmalige evenementen of projecten. Ook worden steeds meer vrijwilligers gevraagd in de zorg. Het is nu al moeilijker aan het worden om voor de culturele activiteiten voldoende vrijwilligers te vinden. Het uiteindelijke gevolg is, dat de kosten voor de organisaties die vrijwilligers inzetten stijgen. Dit alles vraagt om het verder ontwikkelen van vrijwilligersbeleid samen met organisaties. Een belangrijk onderdeel hiervan kan zijn het bevorderen van samenwerking tussen organisaties in de dorpen. . Daarbij leert de praktijk dat veel vrijwilligers worden betrokken door bekenden, het Hoeksche Waardse “ons kent ons”. De dorpsgenoten zijn daarmee erg belangrijk bij het creëren van een nieuw vrijwilligersbestand. Er is op het eiland een vrijwilligerscentrale van Welzijn Hoeksche Waard waarvan de bekendheid nog verder kan groeien.
Daarnaast zijn er verschillende initiatieven op verenigingsondersteuning, zoals door de Rabobank. Deze initiatieven geven de verenigingen ondersteuning op kennis en vaardigheden. We hebben daarbij oog voor de subsidiekansen voor vrijwilligersondersteuning bij instellingen buiten de Hoeksche Waard. De Erfgoedsector vraagt bijvoorbeeld om de educatie van erfgoedvrijwilligers in het cultuurbeleid en in cultuurbudget op te nemen. Erfgoedorganisaties kunnen bij het Mondriaanfonds bijdrage aanvragen voor het professionaliseren van hun vrijwilligers. Er kunnen bijdragen gevraagd worden voor deskundigheidsbevordering, vergroten van diversiteit van de vrijwilligerspoule en voor kosten voor het werven van vrijwilligers. 2.8
Accommodaties
Aan de gemeente (zie ook rol gemeente in 3.5) wordt vanuit de culturele sector gevraagd in elk dorp een laagdrempelige en betaalbare voorziening te faciliteren, waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten en culturele initiatieven een plek kunnen vinden. Hierbij is maatwerk per dorp nodig, waarbij onderzocht kan worden of een regionale podiumvoorziening in een van de dorpen een plek kan vinden. Dit hoeven geen gemeentelijke accommodaties te zijn. Overigens zullen culturele activiteiten en evenementen zich ook blijven spreiden over diverse gebouwen, die incidenteel voor een uitvoering of voorstelling worden gebruikt. Op dit moment worden diverse accommodaties in de dorpen zonder subsidie geëxploiteerd; dit heeft soms tot gevolg dat de prijzen voor zaalhuur, horeca en voorzieningen te hoog zijn voor de aanbieders van activiteiten in de dorpen. Verder speelt dat in toenemende mate kerken en zorgcentra gebruikt worden voor sociaal-culturele of culturele activiteiten (met bijvoorbeeld in Numansdorp Buitensluis een zorgfunctie + bibliotheek + kleine dorpshuisfunctie, of de Kerk van de Nazarener in Klaaswaal een kerkfunctie + bibliotheek + welzijn + evt. cultuur). Het ligt tevens voor de hand te kijken naar de vijf jongerencentra van stichting Welzijn Hoeksche Waard en eventueel de accommodaties van de sportverenigingen. Zouden deze accommodaties breder ingezet kunnen worden? 10
Een behoeftenonderzoek in de dorpen kan helpen om accommodaties aan te sluiten bij de aard en de schaal van het betreffende dorp. De inventarisatie van de huidige accommodaties is als bijlage 3 opgenomen. Voor het toekomstige beheer van dorpshuizen kan ook gedacht worden aan beheer door de inwoners van de dorpen en/of de aanbieders van activiteiten in de dorpen. Inmiddels is separaat aan deze cultuurnota gestart met het ontwikkelen van een visie op gemeentelijk vastgoed. Onderdeel hiervan is het opstellen van een integraal accommodatieplan om een toekomstvisie van de gemeentelijke accommodaties te bepalen. De basis van het integraal accommodatieplan is: “stenen zijn volgend aan inhoud”. Oftewel de inhoudelijke beleidsdoelstellingen zijn leidend en het vastgoed is daaraan volgend. 2.9
Kaders voor cultuurbeleid
De opbrengsten uit de inventarisatiefase (augustus-dcember 2019) zijn vastgelegd in de rapportage Hoeksche Waard Cultuur Waard deel 1, inventarisatie cultuurplanperiode 2021-2024 (december 2019). Vanuit deze opbrengsten zijn 11 hoofdlijnen voor het cultuurbeleid gedestilleerd; de gemeenteraad heeft deze op 3 maart 20202 als kaders voor het nieuwe cultuurbeleid vastgesteld. Kaders voor het cultuurbeleid 1. Cultuurbeleid voor de Hoeksche Waard gaat over een meerjarige aanpak, waarvoor we een termijn van 4 jaar hanteren die we ‘cultuurplanperiode’ noemen. De eerste planperiode beslaat 2021-2024. 2. Structurele- en incidentele subsidies3 zijn goede instrumenten om enerzijds bestaanszekerheid te garanderen en anderzijds ontwikkeling en innovatie van de culturele organisaties te faciliteren. De subsidies worden gekoppeld aan prestaties of activiteiten. 3. De gemeente gaat diverse culturele netwerken actief faciliteren. Hierbij wordt onderzocht of en op welke wijze een cultureel aanjager een verbindende rol en stimulerende rol kan vervullen. 4. In ieder dorp moet een plek voor cultuur zijn, waarbij het niveau van faciliteren nader bepaald kan gaan worden in een nieuw accommodatiebeleid. Een podiumfunctie in de gemeente maakt hier onderdeel van uit. 5. De gemeente gaat door met CmK, waarin het traject Meer Muziek in de Klas wordt opgenomen.
Tevens wordt er sterker ingezet op de coördinatie van en verbinding tussen cultuureducatie van binnenschools naar buitenschools. 6. Bibliotheekbeleid maakt onderdeel uit van het cultuurbeleid en heeft daarnaast raakvlakken met andere beleidsterreinen. De gemeente onderschrijft de visie van de bibliotheek gericht op leesbevordering en het terugdringen van laaggeletterdheid, Participatie en zelfredzaamheid / digitale (basis)vaardigheden, Persoonlijke ontwikkeling en een Leven Lang Leren. De gemeente wil de bestaande samenwerkingen van de bibliotheken uitbouwen en de expertise van deze organisaties op meer terreinen gaan inzetten. De bibliotheek gaat functioneren als sociaal-culturele marktplaats. 7. De gemeente Hoeksche Waard wil voor de festivals op het eiland een goede infrastructuur ontwikkelen (beleid, locaties en vergunningen).
2 3
Zaaknummer: Z/19/007936, documentnummer: DOC-19222967 Terminologie overeenkomstig ASV.
11
8. De gemeente ziet een belangrijke rol en functie voor de musea in het vertellen van de verhalen uit het verleden van de Hoeksche Waard, waarbij de verbinding wordt gelegd met huidige maatschappelijke vraagstukken. Samen met de musea gaan we dit verder uitwerken, waarbij we nauwere samenwerking tussen de musea willen bevorderen. 9. Gezien de onmiskenbare relatie van gezondheid en welzijn met cultuur is het van groot belang dat onze jeugd- en wijkteams goed aangesloten worden op de culturele basisvoorzieningen. Deze samenwerking is gericht op preventie en het benutten van de mogelijkheden bij de hulp aan kwetsbare mensen. 10. Jongerencultuur verdient meer aandacht in het culturele beleid van de Hoeksche Waard. De gemeente gaat in gesprek met de jongerenraad/-platform om te bespreken hoe dit concreet uitwerking kan krijgen. 11. De gemeente bevordert de toegankelijkheid van kunst- en cultuur initiatieven. In de hiernavolgende hoofdstukken is bij de verschillende paragrafen van deze kaders uitgegaan. 2.10
Cultuurplanperiode
Een cultuurvisie bestrijkt in het algemeen een lange periode (bijvoorbeeld: 10 jaar). Een cultuurnota geeft daar voor een periode van vier jaar uitwerking aan. Zo’n periode van vier jaar wordt door het Rijk en veel gemeenten gebruikt als handzame kunstenplanperiode waarin concrete uitwerkingen van de visie worden voorgesteld. De eerstvolgende kunstenplanperiode bij het Rijk is 2021-2024; de ontwikkeling van cultuurbeleid voor Hoeksche Waard sluit daar goed op aan. Omdat het Rijkscultuurbeleid voornamelijk de professionele kunstsector betreft en de cultuursector van Hoeksche Waard veel breder is, noemen we de vierjaarlijkse periode voor Hoeksche Waard een ‘cultuurplanperiode’. Doel cultuurplanperiode 2021-2024 Voor de komende cultuurplanperiode (2021-2024) is het operationele doel van het cultuurbeleid: De culturele basisvoorzieningen (beleid, regelgeving, accommodaties, financiën) op het eiland te inventariseren, op orde te brengen en met elkaar te verbinden.
12
3.
Schone Kunsten
3.1
Muziek
Visie op muziek “Waarom is het juist de muziek die van alle kunstvormen zo gemakkelijk de diepste emoties doet opborrelen?” (Robbert Dijkgraaf). Als mensen samen muziek maken vindt er directe interactie plaats, zonder woorden. Samenspelen is de meest intense vorm van communiceren; muziek is de kunstvorm waarmee jonge kinderen het meest mee in aanraking komen. Muziek draagt bij aan de ontwikkeling van sociale, emotionele en cognitieve vaardigheden van de leerlingen - muziek. In het onderwijs heeft een structurele en actieve beoefening van muziek een duidelijk positief effect op leerlingen, de leerprestaties en het tegengaan van schooluitval. Dit krijgt aandacht in hoofdstuk 4.3 cultuureducatie. Bezig zijn met muziek heeft positieve gevolgen voor alle leeftijdsgroepen. Ook voor ouderen kan muziek een belangrijke rol spelen. Voor amateurmuzikanten, bijvoorbeeld, is het erg zinvol dat zij ook op latere leeftijd actief kunnen blijven in hun vereniging. Het is een hardnekkige mythe dat het geen zin zou hebben om op oudere leeftijd nog een instrument te leren bespelen of in een koor te zingen. Muziekbeoefening heeft daarnaast ook een gunstig effect op de cognitieve en fysieke vermogens van ouderen. Muziek biedt ook een uitgelezen kans om vereenzaming tegen te gaan.
Samen musiceren of zingen stimuleert het onderling sociaal contact en zorgt ervoor dat senioren blijvend deel uitmaken van de samenleving. Welzijn Hoeksche Waard kan dit stimuleren. Het zijn vaak professionele docenten en dirigenten die de begeleiding verzorgen voor de amateur beoefenaars. Werk Heijblom-fotografie
Harmonie- en fanfareorkesten (HaFaBra) De Hoeksche Waard staat bekend als het meest muzikale eiland van Nederland, juist omdat er zeker well 12 HaFaBra-orkesten zijn; er is geen eiland met zoveel orkesten. De muziekverenigingen zijn de basis voor het muziekbeleid in de Hoeksche Waard. Vanuit deze basis ontwikkelen zich vele professionele musici, die samen met het verenigingsleven de muzieksector op het eiland verder ontwikkelen. De gemeente Hoeksche Waard zet in op deze lijn van amateur tot professional. Mede daardoor draagt de muzieksector op het eiland bij aan de eigenheid en identiteit van de Hoeksche Waard. Door een jaarlijkse compositieopdacht aan een van de verenigingen te vertrekken geven wij een stimulans aan de artistieke ontwikkeling en willen wij de versterking van de identiteit versterken. De meeste muziekverenigingen hebben hun eigen gebouw, waar zij repeteren en ook geregeld uitvoeringen geven. Enkele verenigingen huren de accommodatie. De vraagstukken rondom accommodaties tussen de verenigingen mét en zonder eigen gebouw zijn verschillend. Grote orkesten huren nu voor hun uitvoeringen vaaak sporthallen voor circa 800 bezoekers. Kerken zijn vaak niet of minder geschikt voor HaFaBra orkesten. Uitzondering hierop is De Poort in Oud-Beijerland. De muziekverenigingen zijn georganiseerd in de Federatie van Muziekverenigingen Hoeksche Waard.
Deze organiseert jaarlijks concoursen. De federatie kan zich verder ontwikkelen als platform. Een bijzonder orkest is het senioren orkest Hoeksche Waard, die voor senioren van het hele eiland de mogelijkheid biedt hun favoriete hobby te blijven beoefenen. 13
Koren In de Hoeksche Waard is ook een groot aantal koren met diverse samenstellingen en genres. Koren hebben, in tegenstelling tot muziekverenigingen, geen eigen gebouwen. Er is in de gemeente geen platform van koren. Er zijn veelal professionele dirigenten aan deze koren verbonden. Muziekschool Hoeksche Waard De stichting Muziekschool Hoeksche Waard levert een betekenisvolle bijdrage aan het muziekleven op het eiland. Professionele ZZP-ers werken in deze stichting om binnen en buiten school muzieklessen te verzorgen. De muziekschool is daarnaast bezig om samen met vrijwilligers en regionale partners nieuwe netwerken op te starten om de muziekketen te versterken, een levendige muziekschool te creëren en de scholen van structureel muziekonderwijs te voorzien. De kosten om deze netwerken te starten en te onderhouden (overheadkosten) kan de Muziekschool niet volledig zelf dragen. Daarnaast vraagt de positie van de muziekschool in het accommodatiebeleid ook aandacht. De gemeente waardeert het initiatief tot het vormen van een collectief. Om deze reden nemen wij de Muziekschool Hoeksche Waard mee als partner in Cultuureducatie met Kwaliteit. De Governance Code Cultuur en de vertaling ervan naar het lokale niveau vragen hierbij de aandacht.
Concerten in de Hoeksche Waard Naast de uitvoeringen door muziekverenigingen en koren, waarbij geregeld bekende zangers of musici worden uitgenodigd, zijn er ook initiatieven voor het organiseren van concerten. De Concertcommissie Hoeksche Waard legt zich al sinds 1965 toe op het organiseren van bijzondere klassieke concerten. De stichting krijgt hiertoe een subsidie van het Fonds voor de podiumkunsten. De concerten worden uitgevoerd in het historische kerkgebouw in Westmaas. Beleidsdoelen 1. Platforms van muziekverenigingen en koren, evenals de Muziekschool zijn de belangrijkste partners in een ketenoverleg Muziek. In samenwerking met hen willen wij bezien welke partijen verder – structureel of incidenteel – kunnen aanschuiven bij dit ketenoverleg. 2. Structurele subsidies (instandhouding) worden voor verenigingen geharmoniseerd binnen de kaders van het subsidiebeleid van de gemeente, aangevuld met incidentele (project)subsidies. Hieronder een subsidie voor een compositieopdracht roulerend onder muziekverenigingen op het eiland gedurende de cultuurplanperiode. 3. In het gemeentelijk accommodatiebeleid nemen wij de behoefte aan betaalbare oefenruimtes op. 3.2
Toneel en Dans
Visie op Toneel en Dans Toneel en Dans zijn toegankelijke manieren van zelfexpressie. Het zijn groepsgerichte activiteiten en dragen daardoor in belangrijke mate bij aan de sociale ontwikkeling van zowel jeugd en jongeren als volwassenen. Aan de receptieve kant bieden theater en dans voor het publiek reflectie op de samenleving. Toneel en dans bieden beiden fysieke en mentale mogelijkheden voor senioren. Dansen kan bijvoorbeeld een heel gunstig effect hebben op de fysieke ontwikkeling van Parkinsonpatiënten en toneel voor mensen met dementie. 14
Toneel Er zijn al decennialang in alle dorpen activiteiten op toneelgebied. De verschillende groepen en initiatieven kennen elkaar wel, maar werken nauwelijks samen aangezien er nog geen noodzaak is om dit te doen. Er worden aan de toneelverenigingen niet veel subsidies verstrekt. Daarnaast zijn er weinig locaties op het eiland waar toneelverenigingen vanzelfsprekend terecht kunnen. Daarom wordt er geregeld voor uitvoeringen uitgeweken naar zalen buiten het eiland. Dat belemmert de deelname. Op het eiland zijn geen oefenruimten met opslagruimten. Er is een behoorlijk aantal amateurspelers, maar ook enkele professionele theatermakers, ook op het terrein van belichting en geluid. Jongeren maken graag met elkaar theater en improvisatievoorstellingen zijn daarbij populair. Ze willen meer experimenteren en onderzoeken tijdens het theater maken. Het is belangrijk om hen hun gang te laten gaan, zodat er vanzelf iets uitkomt. Jongeren moeten de ruimte krijgen om zelf aan te geven wat ze willen doen. Dat betekent niet dat een vereniging alleen moet doen wat jongeren willen, want het is ook belangrijk om de jeugd in aanraking te brengen met de kwaliteit van de vereniging. Daarnaast werken jongeren ook graag samen met senioren. Om hen te begeleiden is een ervaren regisseur nodig. Het sociale aspect is voor jongeren belangrijk. Deze samenkomsten moeten echter wel georganiseerd worden.
Dans Dans is op een andere wijze verankerd in het dorpsleven en wordt bij vooral individueel bij dansscholen beoefend. Het eiland kent een groot aantal dansscholen, waar vrijwel alle vormen van dans worden gegeven: klassiek ballet, jazzdans, ballroom, latin, theater, breakdance, musical, body workouts, Zumba, etc. Binnen de amateurdans in de Hoeksche Waard is vooral behoefte aan coördinatie voor gezamenlijke projecten. Vernieuwing vindt plaats onder invloed van bekende dansprogramma’s op televisie en de crossover van verschillende stijlen. Door deze continue vernieuwing hebben dansscholen een grote aantrekkingskracht op kinderen en jongeren. De dansscholen lijken nog weinig aangesloten bij de overige (podiumkunst)-organisaties. Hier en daar geven dansscholen lessen zowel in het PO en VO, waar danslessen in plaats van gymnastiek worden gegeven. Ook zijn er dansactiviteiten gericht op senioren, een goed bezocht voorbeeld daarvan is “gezellig dansen”in Klaaswaal. Dansscholen zijn in veel gevallen commercieel georganiseerd. Zij verhouden zich daarmee anders tot de gemeente dan organisaties zonder winstoogmerk. Beleidsdoelen 1. De gemeente treedt in overleg met toneelverenigingen en dansscholen om te bespreken wat nodig is om te komen tot een zinvol ketenoverleg. 2.
In het gemeentelijk accommodatiebeleid onderzoeken we hoe er goed geoutilleerde en betaalbare oefenruimtes met opslagruimtes kunnen komen. 3. In het gemeentelijk accommodatiebeleid zoeken we voor toneel- en dansgezelschappen naar uitvoering ruimten in de vorm van een podiumvoorziening.
15
3.3
Beeldende Kunst
Visie op Beeldende Kunst Beeldende kunst en vormgeving brengen zowel menselijke ervaringen en emoties tot uiting, als culturele, sociaal-maatschappelijke of wetenschappelijke vraagstukken. Beeldende kunstenaars en ontwerpers zorgen bij zowel beoefenaars als toeschouwers voor een kritische en onderzoekende mentaliteit. De beeldende kunsten geven inzicht in en betekenis aan ontwikkelingen die zich lokaal, nationaal en wereldwijd afspelen. Beeldende kunsten vormen een niet weg te denken onderdeel van de samenleving. Huidige situatie In de Hoeksche Waard is een behoorlijk aantal beeldende kunstenaars actief. De Beeldend Kunst-sector bestaat (voor zover bekend) uit circa 250 kunstenaars. Het gaat daarbij voornamelijk om de beoefenaars van de schilder-, beeldhouw- en glas- en textielkunsten. De meeste van hen hebben een professionele kunstopleiding genoten. De beeldende kunstenaars beoefenen hun kunst in de meeste gevallen alleen of zelfstandig uit. Sommigen kunnen hiermee in hun levensonderhoud voorzien, maar dat geldt slechts voor enkeling. De grootste samenwerkingsorganisatie is de Stichting Hoeksche Waardse kunstenaars (met 40 leden). Deze Stichting organiseert van exposities en samenkomsten van lokale kunstenaars. Binnende beeldende kunsten kunnen we ook denken aan film, video en fotografie en recentere stromingen als digitale kunsten en soundarts bijvoorbeeld.
Omdat het inkomen van meeste beeldende kunstenaars laag is, wordt in het algemeen getracht de huisvestingskosten laag te houden. Dit leidt er toe dat men vaak in tijdelijke locaties zit. Dat is op zich niet zo erg, maar de onzekerheid of er daarna weer een andere locatie beschikbaar komt, is wel vervelend. Recent (begin 2020) is de galerie van de Hoeksche Waardse Kunstenaars gesloten omdat de eigenaar de accommodatie gaat verbouwen. Het voormalige Rabobankgebouw in Oud-Beijerland waar circa 40 kunstenaars in zijn gevestigd, wordt medio 2020 gesloten. Deze sector ontvangt (behalve de kunst in de openbare ruimte) vrijwel geen ondersteuning vanuit de gemeente. Wat gemist wordt is een centrale plaats voor ateliers, ontmoetingen, vergaderingen, lezingen, workshops, lessen en cursussen, etc. Exposities vinden lokaal (galeries, gemeentehuizen, bibliotheken etc.) plaats. Hoeksche Waardse kunstenaars exposeren ook nationaal en soms internationaal geëxposeerd. Voor film, video en fotografie is geen aanwijsbare locatie op het eiland. Wij nemen dit op in het accommodatieonderzoek. Gemeentelijke collectie De Kunstcollectie van de vijf voormalige gemeenten wordt momenteel geïnventariseerd. Deze inventarisatie is waarschijnlijk in juni 2020 klaar. De collectie wordt bewaard in een pand in Numansdorp (Buttervliet). De Kunstcollectie bevat een groot aantal werken van lokale makers/kunstenaars.
Het idee om te komen tot een interne beeldbank wordt uitgewerkt. Hierbij heeft het de voorkeur om dit aan te laten sluiten op een regionale beeldbank en die van de collectie van Museum Hoeksche Waard. Daarnaast is er een aantal kunstwerken dat gerelateerd is aan het Koninklijk huis. Na advies van de Adviescommissie
16
beeldende kunst wordt besloten of de objecten in eigendom van de gemeente blijven of een andere bestemming krijgen. Kunst in de openbare ruimte Kunst in de openbare ruimte voegt kwaliteit en betekenis toe aan de omgeving, levert een bijdrage aan verbetering van het woon- en leefklimaat van de Hoeksche Waard en kan ook de identiteit versterken. Op ons eiland komt kunst in de openbare ruimte – naast uitvoeringen – voor in de vorm van beelden en in de vorm van gedichten of proza-fragmenten zichtbaar op een wand aangebracht, maar ook kan gedacht worden aan kunstpicknicktafels. Adviescommissie Beeldende Kunst Met de voormalige Beeldend Kunstcommissie Binnenmaas is overeenstemming gevonden over een nieuwe rol voor de gehele Hoeksche Waard. Zie hiervoor ook 5.3 (samen werken aan de uitvoering). Beleidsdoelen 1. In het accommodatiebeleid wordt een voorziening met expositie-, atelier-, en ontmoetingsfunctie voor kunstenaars onderzocht. 2. De gemeente hoeksche Waard stimuleert de samenwerking tussen de musea en de beeldende kunstsector (expositiemogelijkheden). 3. Gemeente Hoeksche Waard gaat onderzoeken hoe de gemeentelijke collectie permanent ontsloten kan worden voor het publiek. 4. De inventarisatie kunstwerken in de openbare ruimte wordt verder uitgevoerd inclusief onderhoudskosten en onderhoudsplanning. 5.
Een beleidsbrief opstellen over kunst in de openbare ruimte op basis van een advies van de Adviescommissie Beeldende kunst.
17
4. Andere culturele activiteiten 4.1
Musea
Visie musea Musea zijn de dragers van de materiële (en soms immateriële) cultuur. Dit betreft zowel de lokale cultuur van de dorpen, als de cultuur op eilandniveau. Om deze cultuur te tonen en uit te dragen onderhouden de musea intensieve contacten onderling en met de Erfgoedkoepel Joeksche Waard en met de keten Beeldende Kunst. Musea worden in Nederland in toenemende mate aangesproken op hun maatschappelijke relevantie. Dit geldt ook voor de musea in de Hoeksche Waard: naast de verhalenvertellers van het eiland zijn de musea ook organisaties die aan de hand van hun collectie en tentoonstellingen actuele maatschappelijke discussies agenderen. Dit vanuit het oude vraagstuk: wat kunnen we leren vanuit ons verleden? Musea in de Hoeksche Waard Op het eiland Hoeksche Waard zijn diverse musea gevestigd. Dit betreft een aantal particuliere musea en aantal musea waar de gemeente bemoeienis mee heeft. Museum Hoeksche Waard in Heinenoord is een gecertificeerd museum dat de geschiedenis van het eiland vertelt. Het krijgt hiervoor subsidie van de gemeente.Naast een professionele directeur zijn er veel vrijwilligers betrokken bij het conserveren van de collectie, het onderhoud van de historische boerderijen waarin het museum is gehuisvest en het verlenen van gastvrijheid aan de bezoekers. Het museum zoekt voortdurend naar thema’s om de verbinding te leggen met groepen op het eiland.
Museum Hoeksche Waard kan hiertoe ook hedendaagse kunstenaars presenteren. Een goed voorbeeld is ook de eigen Canon met de 50 historische vensters van de Hoeksche Waard. In 2020 wordt het boek hierover gepubliceerd. In 2020 wordt op de locatie van het museum een geklimatiseerd museumdepot gebouwd. Daarnaast hebben wij de behoefte aan depotruimte voor de andere musea en organisaties uit de erfgoedsector geïnventariseerd (bijlage 4). We onderzoeken hoe we hier op de beste manier invulling aan kunnen geven. Dat kan bijvoorbeeld zijn door middel van het geschikt maken van een gemeentelijk pand of aansluiten bij het depot in Dordrecht. In Strijen bevindt zich het museum Het Land van Strijen. Dit vrijwilligersmuseum heeft een volledig uitgeruste dorpssmederij op de begane vloer en op de 1e verdieping een ruime expositieruimte. Hier worden jaarlijkse diverse exposities getoond over het verleden van het dorp. Er wordt nauw samengewerkt met onder meer de historische vereniging. Op het eiland Tiengemeten bevinden zich het Landbouwmuseum en het museum met de nalatenschap van Rien Poortvliet. Dit zijn vrijwilligersmusea, die vanwege hun bijdrage aan het toeristisch product een gemeentelijke bijdrage krijgen voor de huurlasten.
18
Van de particuliere musea is het Streekbussenmuseum een opvallende. Voor alle musea geldt dat zij verbinding leggen met groepen in onze huidige samenleving. Behalve goede inhoudelijke exposities betekent dit ook een opgave voor de wijze waarop de thema’s van de exposities verbonden worden met het heden, de media middelen die worden ingezet en wat een museum daar meer om heen organiseert. Er liggen kansen om hier klantgericht vanuit de kracht van de collectie voor alle leeftijden op in te spelen. Toegankelijkheid vanuit de manier van prestenteren, fysiek en financieel, is belangrijk. Voorbeelden: een ‘Museumnacht’ en inspelen op de belevingswereld van jongeren via social media, en vooral via foto- en videoplatform Instagram, zijn kansen. De oudere doelgroep heeft vaak meer tijd en gelegenheid om – soms samen met kleinkinderen – musea te bezoeken. Beleidsdoelen 1. De gemeente Hoeksche Waard wil de musea Hoeksche Waard, Land van Strijen, Landbouwmuseum en het Rien Poortvlietmuseum in stand houden en zich verder laten ontwikkelen. 2. De gemeente Hoeksche Waard stimuleert de samenwerking tussen de musea en tussen de musea en de erfgoedsector. 3. Gemeente Hoeksche Waard onderzoekt de mogelijkheden voor depotruimte voor museum Het land van Strijen, de musea op Tiengemeten en de historische- en archeologische verenigingen. 4.
De aansluiting op maatschappelijke relevante thema’s bevorderen wij door middel een toetsingscriterium in de uitwerking van de uitvoeringsregels voor musea. 5. De gemeente Hoeksche Waard verwacht van de musea dat zij initiatieven ontwikkelen voor de opleiding van museumvrijwilligers, de gemeente wil hier actief aan bijdragen. 6. Museum Hoeksche Waard beschrijft en digitaliseert de collectie en ontwikkelt een website om deze digitale collectie te tonen. 7. De gemeente beziet de verdere ontsluiting van haar eigen archieven, zodat de musea hier meer uit kunnen putten. 8. De musea bezien de mogelijkheden om hun collectie uit te breiden met voorwerpen uit de 20e eeuw. In het algemeen wordt hierbij een grens van 50 jaar gehanteerd om met voldoende afstand de waarde van nieuwe aanwinsten te kunnen beoordelen. 9. De musea in de Hoeksche Waard zijn een belangrijke speler in gebiedsmarketing. De gemeente Hoeksche Waard verwacht van alle musea een gezamenlijke inspanning om hun waarde hierin te expliciteren en te laten aansluiten bij de gebiedsmarketing van het eiland Hoeksche Waard. 4.2
Bibliotheken
Visie bibliotheekwerk Het uitgangspunt is dat iedereen het recht heeft te leren lezen en schrijven, digitaal vaardig te zijn en vrije toegang te hebben tot informatie en cultuur, om zo goed mogelijk mee te doen en bij te dragen aan een krachtige en democratische samenleving. De gemeente Hoeksche Waard onderschrijft de visie van de Bibliotheek Hoeksche Waard op haar rol in de huidige samenleving. Daarbij stimuleert de bibliotheek actief de zelfredzaamheid, persoonlijke ontwikkeling, participatie, sociale cohesie én zinvolle culturele vrijetijdsbesteding van de Hoeksche Waarders en bevordert zij een inclusieve samenleving op het eiland. 19
Hiervoor zijn door de Bibliotheek Hoeksche Waard de volgende beleidsprioriteiten gesteld voor de periode 2021-2024: 1. Meewerken aan een inclusieve samenleving op het eiland. 2. Bevordering leesplezier voor kinderen 0-18 jaar. 3. Samen investeren in opvoeden en laten opgroeien van kinderen. 4. Preventie achterstanden inzake geletterdheid, digitale (basis)vaardigheden, onderwijs, zelfredzaamheid, gezonde leefstijl. 5. Terugdringen van laaggeletterdheid (ter voorkoming van armoede). 6. Bevorderen van participatie en burgerschap. 7. Vergroten van de leefbaarheid in de kernen. Deze beleidsprioriteiten worden door de bibliotheek vertaald naar concrete acties door middel van programmalijnen en jaarprogramma’s. De bibliotheek Hoeksche Waard voldoet aan de Certificeringsnorm Openbare Bibliotheken. Het medewerkersbestand bestaat uit zowel professionele- als vrijwillige krachten. De bibliotheek ontwikkelt zich hiermee de komende periode richting sociaal culturele marktplaats met activiteiten die van oudsher tot andere dan de cultuursector behoorden: De welzijnssector (= laagdrempelige activiteiten in de sociaal-culturele sector). Cultuureducatie (binnen- en buitenschoolse op kunst en cultuur gerichte cursussen en lessen). Vrijetijdssector (de wereld van de Volksuniversiteiten met op de vrijetijd gerichte informatieve lezingen, cursussen en activiteiten).
Soms de zorgorganisaties zoals jeugd- en wijkteams (op zorg gerichte activiteiten en informatieverstrekking). Bibliotheken in voormalig gemeente Korendijk De bibliotheken in een aantal dorpen in voormalig Korendijk organiseren een aantal laagdrempelige sociaal-culturele, culturele, en onderwijsactiviteiten. Zij zijn hiermee een belangrijke partner voor de gemeente voor het stimuleren van de leefbaarheid in deze dorpen. Deze bibliotheken worden bemenst door vrijwilligers. Later wordt bekeken in hoeverre professionele ondersteuning voor deze bilbiotheken gewenst en mogelijk is, onder andere op het gebied van het bestrijden van taalachterstand. Van bibliotheek op school naar leesconsulenten De pilot bibliotheek op school gaan wij beëindigen. Een bibliotheek op school kan, gelet op de evaluatie ervan, beslist bijdragen aan het niveau van leesvaardigheid van kinderen, maar kost relatief veel, zowel in eenmalige investering als in jaarlijkse kosten (€ 18.000) per school. Bibliotheek Hoeksche Waard ontwikkelt een goedkoper alternatief, de “vliegende” leesconculent. De jaarlijkse kosten daarvan bedragen tussen de € 6.000 en € 6.500 per school. Na twee jaar evalueren we deze pilot en bezien we de mogelijkheden voor vervolg en eventuele uitbreiding.
20
Beleidsdoelen 1. De gemeente stimuleert de samenwerking tussen de Bibliotheek Hoeksche Waard en de bibliotheken in de voormalige gemeente Korendijk. 2. Bij het maken van afspraken voor het besteden van de gemeentelijke subsidie wordt aangesloten bij de visie op het bibliotheekwerk en de ontwikkeling van het concept dat de bibliotheek fungeert als basisvoorziening in het dorp (behoeft niet per sé fysiek te zijn). 3. We faciliteren de huidige basisdienstverlening van de bibliotheek Hoeksche Waard voor alle vestigingen in de Hoeksche Waard. 4. Wij faciliteren t/m 2022 een pilot met leesconsulenten op 4 scholen, met als doel het leesplezier en de de technische leesvaardigheden van de leerlingen verder te vergroten.
4.3
Cultuureducatie
Visie op Cultuureducatie Actief kunst- en cultuuronderwijs verwondert, stimuleert de zintuigen en activeert de verbeeldingskracht. Leerlingen leren vanuit het heden naar het verleden kijken en over de toekomst na te denken. Cultuur is alles wat mensen denken, doen en maken en de betekenis die mensen vanuit hun eigen cultuur of culturen daaraan geven. Kunst is hier een uiting van. Waar mensen leven is sprake van cultuur en dus ook van kunst. Het internet, technologische ontwikkelingen, globalisering maar ook de reizen die mensen ondernemen, maken dat we in aanraking kunnen komen met (minder bekende) uitingen van kunst en cultuur. Door inzicht te krijgen in de eigen kunst- en cultuur(historie) en die van anderen leren leerlingen zichzelf, de omgeving, de maatschappij en de wereld te ontdekken. Coördinatie van Cultuureducatie met Kwaliteit In de Hoeksche Waard wordt samengewerkt tussen scholenkoepels, het culturele veld, de provinciale cultuurorganisatie, Het Kunstgebouw en de gemeente. De gemeente Hoeksche Waard participeert in het programma Cultuureducatie met kwaliteit (CmK), zoals dit door het Ministerie van OCW via het Fonds Cultuurparticipatie wordt aangeboden. Hierbij is sprake van een matchingsregeling, waarbij het Rijk en de gemeente gezamenlijk bijdragen aan kwalitatief goede cultuureducatie op de scholen in onze gemeente.
Uit deze gelden wordt onder meer een CmK-coördinator betaald, die 7 uur per week werkt aan de coördinatie van het aanbod voor de binnenschoolse cultuureducatie. Het cultuureducatieve aanbod binnen het onderwijs is hierdoor in de afgelopen jaren sterk gegroeid, terwijl ook het aantal deelnemende scholen significant is toegenomen en op dit moment op op 33 staat (75% van alle scholen primair onderwijs). De doelstellingen voor CmK voor de periode 2017–2020 worden ruim behaald. Zo is er gedurende de afgelopen periode o.a. ingezet op het inzichtelijk maken en structureren van het brede aanbod van lokale- en regionale aanbieders. Daarnaast zijn er meerdere netwerkbijeenkomsten georganiseerd met als doel kennisdeling en kennismaken. Dit is als basis voor een duurzame relatie tussen het onderwijs en aanbieders van belang. Voor de komende cultuurplanperiode is het belangrijk is de deskundigheid van leerkrachten en culturele partners te vergroten; ook het Rijk zet in op deze focus. 21
Daarnaast zijn er meerdere netwerk-bijeenkomsten georganiseerd met als doel kennisdeling en kennismaken. Een duurzame relatie tussen het onderwijs en aanbieders creëren is van belang. Verhoging van de matchingsbijdrage Voor de periode 2021–2024 worden de bijdragen voor kinderen op het platteland en in de stad gelijk getrokken. Dit betekent dat het bedrag dat beschikbaar is voor CmK in de gemeente Hoeksche Waard wordt verhoogd. Als de gemeente ook haar matchingsbijdrage verhoogt (van € 0,55 naar € 0,79 per inwoner) komt er voor deze periode aanzienlijk meer geld beschikbaar. Dat komt goed uit, want het gevolg van de succesvolle aanpak is dat zowel aan de kant van de scholen, als aan de kant van de aanbieders van activiteiten er dringend behoefte is aan een omvangrijkere coördinatiefunctie. Daarnaast groeit de behoefte om ook het buitenschoolse aanbod beter te coördineren en te stroomlijnen. De coördinatiefunctie voor cultuureducatie zal daarom, deels met behulp van rijksgelden, worden uitgebreid. Daarnaast vindt de gemeente het van belang, dat ieder kind in de Hoeksche Waard tijdens schooltijd muziekonderwijs krijgt. Er worden initiatieven genomen om dit te stimuleren. Voortgezet onderwijs De belangstelling van het speciaal basionderwijs en het voorgezet onderwijs in cultuureducatie neemt toe.
De contacten met de docenten die cultuuredcatieve vakken op de VO-scholen geven, kunnen worden geïntensiveerd; vooral voor de amateurverenigingen, de popschool en de muziekschool liggen hier nieuwe kansen en uitdagingen. Het is van belang om de mening van de jongeren zelf mee te nemen in het ontwikkelen van cultuureducatieve activiteiten voor hen. In het plan voor Cultuureducatie met Kwaliteit voor de periode 2021–2024 worden activiteiten opgenomen voor het speciaal basisonderwijs en het voortgezet onderwijs. Bereikbaarheid De mogelijkheden voor het onderwijs om de culturele voorzieningen te bereiken is een knelpunt. We onderzoeken de inzet van een museumbus om vervoer van scholieren naar bijvoorbeeld een uitvoering of een museum op het eiland te realiseren. We starten met een pilot. Beleidsdoelen 1. De gemeente betrekt bij het accommodatie onderzoek de vraag voor de buitenschoolse cultuureducatie naar betaalbare oefenruimtes op het eiland. 2. We onderzoeken de inzet van een museumbus om vervoer van scholieren naar bijvoorbeeld een uitvoering of een museum op het eiland te realiseren. 3. Voor de periode 2021 -2024 wordt voor cultuureducatie Cultuureducatie met kwaliteit een plan geschreven met de volgende aandachtspunten: - Vergroten deskundigheid van leerkrachten en culturele partners. - Meer aandacht geven aan voortgezet onderwijs.