CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 15 TAMplan Torensteepolder Motivering - Ontwerp wijziging omgevingsplan Torensteepolder Veld 1D Num

Besluitvormende raad 9 december 2025, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Raadvoorstel Vaststelling wijziging omgevingsplan 'Torensteepolder Veld 1D Numansdorp'23.459 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

1 Gemeente Hoeksche Waard TAM-IMRO Omgevingsplanwijziging Torensteepolder fase D MOTIVERING

Werknummer: 624.117.80 Datum: juni 2025

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

2 Inhoudsopgave van de motivering 0 Samenvatting - ETFAL ............................................................................................................................... 4 1 Inleiding ................................................................................................................................................... 5 1.1 Aanleiding ....................................................................................................................................................... 5 1.2 Leeswijzer ....................................................................................................................................................... 5 2 Projectbeschrijving................................................................................................................................... 6 2.1 Ligging projectgebied ..................................................................................................................................... 6 2.2 Bestaande situatie .......................................................................................................................................... 6 2.3 Projectvoornemen: beschermen en benutten ..............................................................................................

7 3 Planologisch kader ................................................................................................................................. 14 3.1 Omgevingsplan Hoeksche Waard ................................................................................................................. 14 4 Ruimtelijk beleidskader ......................................................................................................................... 17 5 Aspecten van de fysieke leefomgeving ................................................................................................... 27 5.1 Milieueffectrapportage ................................................................................................................................ 27 5.2 Laddertoets................................................................................................................................................... 29 5.3 Luchtkwaliteit ............................................................................................................................................... 30 5.4 Geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen .............................................................................. 31 5.5 Geur ..............................................................................................................................................................

33 5.6 Trillingen ....................................................................................................................................................... 33 5.7 Bodemkwaliteit............................................................................................................................................. 33 5.8 Omgevingsveiligheid ..................................................................................................................................... 34 5.9 Geluid door activiteiten ................................................................................................................................ 35 5.10 Water en klimaatadaptatie ........................................................................................................................... 38 5.11 Natuur en ecologie ....................................................................................................................................... 44 5.12 Landschap, cultuurhistorie en archeologie................................................................................................... 48 5.13 Duurzaamheid ..............................................................................................................................................

49 5.14 Mobiliteit ...................................................................................................................................................... 52 5.15 Overige aspecten .......................................................................................................................................... 56 6 Systematiek omgevingsplan ................................................................................................................... 58 6.1 Inleiding ........................................................................................................................................................ 58 6.2 Wijziging van het (gemeentebrede) omgevingsplan .................................................................................... 58 6.3 Omgevingsplan gemeente Lansingerland ..................................................................................................... 58 7 Haalbaarheid.......................................................................................................................................... 59 7.1 Financieel economische haalbaarheid .........................................................................................................

59 7.2 Kostenverhaal ............................................................................................................................................... 59 8 Maatschappelijke belangenafweging ..................................................................................................... 60 8.1 Participatie.................................................................................................................................................... 60 8.2 Belangen andere bestuurslagen en ketenpartners ...................................................................................... 61 8.3 Zienswijzen en vaststellingsprocedure ......................................................................................................... 62

Bijlagen bij de motivering Bijlage 1: Bijlage 2: Bijlage 3: Bijlage 4: Bijlage 5: Bijlage 6:

Stedenbouwkundig plan Torensteepolder fase D, 17 juni 2025 Beeldkwaliteitsplan Torensteepolder fase D, 22 april 2025 Ecologische quick scan, ATKB, 10 juni 2025 Procesverbaal van Oplevering fase 3, TA Survey, 23 november 2017 Verkeersonderzoek, IV Infra, 2 mei 2025 Verkennend bodemonderzoek, Hopman en Peters, 6 juni 2025 TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

3

Bijlage 7: Bijlage 8: Bijlage 9: Bijlage 10: Bijlage 11: Bijlage 12: Bijlage 13: Bijlage 14:

Archeologisch vooronderzoek, Vestigia, 17 september 2018 Notitie Extern en intern verkeer Torensteepolder, 27 mei 2025 Onderzoek geluid van wegen, KuiperCompagnons, d.d. 25 april 2025 Aerius berekening aanlegfase, Tauw, 22 mei 2025 Aerius berekening overlapfase, Tauw, 22 mei 2025 Aerius berekening gebruiksfase, Tauw, 22 mei 2025 Aanmeldnotitie mer, KuiperCompagnons, 6 juni 2025 Participatieverslag Torensteepolder, 6 december 2024

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

4

0 Samenvatting - ETFAL Gemeenten moeten ervoor zorgen dat de regels in het omgevingsplan leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. Dit staat in artikel 4.2, eerste lid, Omgevingswet. Deze taak is een vervolg op het criterium van een goede ruimtelijke ordening uit de Wet ruimtelijke ordening (Wro), maar dan in de bredere strekking van de fysieke leefomgeving. Alle regels in het omgevingsplan samen moeten leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. De gemeente moet daarbij rekening houden met alle betrokken belangen. De vraag moet uiteindelijk beantwoord worden of er een balans is tussen “beschermen en benutten”. Wordt de schaarse ruimte binnen de fysieke leefomgeving op een zo goed mogelijke wijze verdeeld, ingericht en benut? De gemeente Hoeksche Waard heeft specifieke behoeften op het gebied van woningbehoefte, om te voorzien in de wensen van haar inwoners en een instroom van jonge gezinnen uit de regio. Al langere tijd is gezocht naar mogelijkheden om in deze woningbehoefte te voorzien. Binnen de ruimtelijke structuur van Numansdorp is de locatie Torensteepolder aangewezen als potentiële woningbouwlocatie. Er wordt gebouwd naar behoefte: verschillende woningtypen en in diverse prijsklassen, met een gebalanceerde verdeling tussen goedkope, middeldure en dure woningen.

Welke aansluit bij de afspraken uit de Woondeal: 2/3 betaalbaar, 30% sociale huur en 10% bijzondere woonvormen. In de huidige planologische situatie heeft de Torensteepolder een agrarische bestemming. De ontwikkeling biedt kansen om in te spelen op de toekomstige woonwensen van de bestaande inwoners van het dorp en nieuwe doelgroepen aan te trekken voor het behouden en versterken van het huidige voorzieningenniveau. Het toevoegen van woningen draagt tevens bij aan het in stand houden van het krachtige verenigingsleven en de sterke sociale structuur in de kern Numansdorp. Belangrijk bij de uitwerking van nieuwe woongebieden is dat deze dorps en ruim worden opgezet met veel groen en nieuwe fiets- en wandelpaden. Met het plan voor de Torensteepolder fase D wordt hieraan invulling gegeven. Het plan bestaat uit verschillende woonvelden met een kleinschalig en dorps karakter, onderling met elkaar verbonden door groene ruimtes en fiets- en wandelpaden. Vanuit stedelijk en landschappelijk perspectief is versterking van de overgang naar het buitengebied van de Hoeksche Waard erg belangrijk. Daarvoor moeten voldoende groene ruimte, doorzichten en verbindingen naar het landelijk gebied gewaarborgd blijven. De groene ruimten die zijn geborgd in het plan dragen bij aan het belang om de gewenste groene verbindingen te realiseren.

De in totaal (maximaal) 250 woningen die met dit plan worden voorzien zijn hiermee een logische vervolgstap in de ontwikkeling van de Torensteepolder. Voor de toekomstige gebruikers van het gebied e.o., kan een goed woon- en leefklimaat worden gegarandeerd. Men wordt niet blootgesteld aan bijvoorbeeld milieubelastende activiteiten. Verwacht wordt namelijk dat de geplande activiteiten kunnen voldoen aan de regels voor milieubelastende activiteiten uit het (tijdelijk deel van het) omgevingsplan. Het geluid van de gemeentewegen bij de nieuw te realiseren woningen voldoet aan de standaardwaarde van 53 dB uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en is daarmee aanvaardbaar. Het indirecte akoestische effect van veranderend verkeer bedraagt maximaal 1,42 dB en leidt daarmee op grond van het Bkl niet tot een verplichting om aanvullende geluidsreducerende of geluidsbeperkende maatregelen te treffen. Daarnaast worden er ook geen bestaande functies in en om het gebied beperkt door de ontwikkeling. Er is dus sprake van een balans tussen “beschermen en benutten”. Met onderhavige motivering zijn alle relevante belangen in het kader van de beoogde ontwikkeling beschouwd en kan de conclusie getrokken worden dat de regels van onderhavige wijziging van het omgevingsplan leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

5

1 Inleiding

1.1

Aanleiding De voorgenomen ontwikkeling voorziet in de realisatie van een woongebied in de Torensteepolder. Door de jaren heen zijn er diverse bestemmings-, uitwerkings- en wijzigingsplannen vastgesteld om de verschillende fases van de ontwikkeling mogelijk te maken. Voorliggende omgevingsplanwijziging maakt de ontwikkeling van de laatste fase, Fase D, van de Torensteepolder mogelijk. Daarnaast wordt er een kleine reparatie van een eerdere fase (fase C) meegenomen in de omgevingsplanwijziging. Hiermee wordt een kleine strook (reeds uitgegeven) gronden omgezet naar een woonfunctie. De ontwikkeling van fase D van de Torensteepolder past niet binnen het omgevingsplan van de gemeente Hoeksche Waard. Met deze wijziging van het omgevingsplan wordt de ontwikkeling in juridisch-planologische zin mogelijk gemaakt.

1.2

Leeswijzer De opzet en het vervolg van deze motivering is als volgt. In hoofdstuk 2 vindt de planbeschrijving plaats waarin de huidige en toekomstige situatie wordt beschreven. Hoofdstuk 3 gaat in op de planologische kaders, zoals het omgevingsplan van Hoeksche Waard en de planvorm. In het vierde hoofdstuk wordt het ruimtelijk beleidskader geschetst op nationaal, provinciaal en gemeentelijk niveau. In het vijfde hoofdstuk worden de diversie (milieu)aspecten van de fysieke leefomgeving benoemd. Hierbij worden per thema de relevante juridische en beleidskaders beknopt weergegeven, waarna vervolgens de effecten in relatie tot de beoogde toekomstige situatie worden beoordeeld (inclusief alle bijbehorende onderzoeken). In hoofdstuk 6 wordt de regelmethodiek van het plan besproken. De financiële en maatschappelijke haalbaarheid komen vervolgens in de laatste hoofdstukken aan de orde.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

6

2 Projectbeschrijving

2.1

Ligging projectgebied Het plangebied is gelegen in de gemeente Hoeksche Waard in de Provincie Zuid-Holland, in het ontwikkelingsgebied Torensteepolder als fase D. De locatie ligt aan de zuidzijde van de kern Numansdorp. De locatie van het project is (globaal) afgebeeld op afbeelding 2.1.

Afbeelding 2.1: Locatie van het project. De locatie is wit omkaderd. 2.2

Bestaande situatie Het plangebied is gelegen in het landelijk gebied ten zuiden van de kern Numandorp. Het landschap in de omgeving van het plangebied bestaat veelal uit open polders, waarvan de meeste gronden in gebruik zijn voor akkerbouw. Zoals te zien in afbeelding 2.2 zijn de hoofdstructuren van de Torensteepolder, zoals aangeduid in de eerdere plannen, al grotendeels aangelegd. De verschillende bouwvlakken zijn te herkennen en de nieuwe infrastructuur is deels gerealiseerd. Daarnaast zijn ook de verschillende waterstructuren aangelegd. Het plangebied maakt deel uit van de Torensteepolder. De Torensteepolder is de naam van het gehele gebied onder Numansdorp tot aan Het Hollands Diep. De ontwikkeling van Torensteepolder bestaat uit verschillende fases. Het plangebied voor fase D betreft twee verruigde akkers van ongeveer 8 hectare, parallel aan elkaar gelegen, bestaande uit zware klei. Op de akkers groeien op dit moment geen bomen, enkel een ruige

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

7 pioniersvegetatie. Het gebied is aan alle zijdes begrenst door diepe sloten met een lage rietopslag. Er is geen bebouwing aanwezig.

Afbeelding 2.2: Luchtfoto situatie plangebied 2024 2.3

Projectvoornemen: beschermen en benutten De voorgenomen ontwikkeling bestaat uit de realisatie van een nieuw woongebied. Om te komen tot een zorgvuldige uitwerking van dit woningbouwprogramma is een indicatief verkavelingsplan (zie afbeelding 2.2) opgesteld dat als leidraad dient voor de maximale ontwikkeling van het plangebied. Het indicatief verkavelingsplan voorziet in een nieuw woongebied met een hoog ambitieniveau. Het indicatief verkavelingsplan voorziet in een nieuw woongebied met een hoog ambitieniveau, waarbij groen, water en uitgeefbare kavels een goede balans vormen. Gestreefd wordt naar een voortzetting van het kleinschalige en dorpse karakter van Numansdorp. Binnen het toekomstige werkingsgebied ‘woongebied’ is het mogelijk om allerlei typen woningen te realiseren. De woningen worden binnen fase D verspreid over verschillende bouwvelden gerealiseerd. In de voorgenomen verkaveling is voorzien in appartementen, rijwoningen, twee-ondereen-kapwoningen en vrijstaande woningen. Ook is er ruimte voor bijzondere woonvormen zoals particulier opdrachtgeverschap of een collectieve woonvorm. In dit plan wordt rekening gehouden met 25 seniorenwoningen, in de nabijheid van een nieuwe ontmoetingsruimte en de groene openbare ruimte. In het gebied wordt ruimte geboden aan verschillende woningtypen: sociale huurwoningen, betaalbare koopwoningen (max.

€ 405.000,-) en dure koopwoningen (koopprijs boven € 405.000,-). Het plan omvat tenminste 2/3 betaalbare woningen voor lagere en middeninkomens. Dit betekent dat 67% van het plan moet bestaan uit goedkope en middeldure huur/koopwoningen. Tenminste 30% van het totaal te realiseren aantal woningen bestaat uit sociale woningbouw. Deze woningen worden gerealiseerd in de nabijheid van een ontmoetingsruimte. Met totaal 250 woningen resulteert dit in 75 sociale huurwoningen, 92 betaalbare koopwoningen en 83 dure koopwoningen.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

8

Afbeelding 2.2: Stedenbouwkundig verkavelingsplan Torensteepolder Fase D Autoverkeer Voor de ontsluiting van het plangebied wordt aangesloten op de reeds aangelegde wegenstructuur. Aan de oostzijde van het plangebied wordt tussen de Ambachtsheerenlaan en de Torensteelaan een nieuwe weg aangelegd met een aansluiting op het plangebied, aan de zuidzijde wordt een aansluiting gemaakt op de Ambachtsherenlaan. Voor de toegang tot het woongebied worden nieuwe erftoegangswegen aangelegd die de interne gebiedsontsluiting verzorgen.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

9

Afbeelding 2.3 Infrastructuur auto Fiets- en wandelroutes Het plangebied is voor fietsers door diverse routes ontsloten. Aan de oostzijde wordt aansluiting gezocht bij het fietspad door de landgoederenzone. Aan de westzijde is er via bouwveld C een directe route richting het centrum van Numansdorp. Daarnaast zijn ook de recreatieve routes via de eilanden zone aan de noordzijde en de aansluiting op de Ambachtsheerenlaan aan de zuidzijde voorzien. Voor voetgangers is sprake van een woongebied dat zoveel mogelijk verkeersluw wordt ingericht waardoor de voetganger alle ruimte krijgt om de bestaande wegen te benutten. Via de Torensteelaan richting de Fortlaan is er vanuit de wijk een directe route richting het centrum.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

10

Afbeelding 2.4: Routes voor fiets en voetgangers Groen en water De inrichting van het woongebied is in het indicatief stedenbouwkundig verkavelingsplan uiteengezet, zie afbeelding 2.2. De woningen worden gerealiseerd in een dorps/ landelijk woonmilieu waarbij de stedenbouwkundige opzet zorgt voor een natuurlijke overgang naar het landelijk gebied en de landgoederen. Midden in het plangebied is voorzien in een groene, openbare ruimte. In deze groene openbare ruimte is tevens plaats voor speelvoorzieningen. Ten slotte worden vrijwel alle wegen aangezet door middel van bomenrijen. Hiermee wordt aangesloten bij de eerder opgestelde, stedenbouwkundige uitgangspunten.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

11

Afbeelding 2.5 Groenstructuur en water Beeldkwaliteit In april 2025 is het beeldkwaliteitsplan fase D opgesteld. Het "Beeldkwaliteitsplan Torensteepolder" uit 2015 vormde de basis voor de eerdere woningbouw in de Torensteepolder. Omdat de ontwikkeling van fase D echter veel groter is en een combinatie van projectmatige woningen en vrije kavels bevat, waarbij kopers zelf hun woningen bouwen, is er behoefte aan een nieuw beeldkwaliteitsplan. Dit nieuwe plan is grotendeels gebaseerd op het oorspronkelijke plan, maar is aangepast om beter aan te sluiten op de specifieke situatie van deze ontwikkeling. Het beeldkwaliteitsplan is opgenomen als bijlage 2 bij deze motivering. De architectuur van de nieuwe woningen is geïnspireerd door de bestaande bebouwing van Numansdorp en heeft als doel een dorps karakter te behouden. Belangrijke kenmerken zijn diversiteit, variërende rooilijnen, open verkaveling met lange zichtlijnen, en een kleinschalig, informeel uiterlijk. De woningen worden gedetailleerd afgewerkt met zorg voor dakranden, hoeken, ramen en deuren, allemaal met een ambachtelijke uitstraling. Dit zorgt voor een harmonieus geheel dat goed aansluit bij de omliggende natuur en het dorpskarakter. Wat betreft de massa en dakvorm van de woningen, bestaan de rijwoningen uit één of twee lagen met een kap, en in sommige gevallen is er een plat dak of drie lagen toegestaan.

Appartementen kunnen maximaal vier lagen hoog zijn en hebben een lage kap. Hoofdgebouwen moeten altijd een kap hebben, maar bij de vrije kavels zijn plat of afwijkende dakvormen mogelijk. Ook worden dakkapellen en andere verbijzonderingen in de hoofdmassa zo ontworpen dat ze in balans zijn met de rest van het gebouw. Opstallen, zoals garages en bergingen, moeten goed geïntegreerd worden in de hoofdstructuur, zonder dat ze afbreuk doen aan de esthetiek van het geheel.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

12 Bovendien mogen er geen monotone rijen of vlakke gevels voorkomen, en wordt er geen symmetrie verwacht in de gevels van aangrenzende of tegenoverliggende rijen. Wat betreft de oriëntatie van de woningen, moeten rijwoningen in de basis minimaal 2 meter uit de erfgrens aan de voorzijde staan. Bij een sprong naar voren is de minimale afstand 1,5 meter. Appartementen moeten minimaal 1,5 meter uit de erfgrens staan, terwijl 2-onder-1 kapwoningen en vrijstaande woningen minimaal 3 meter van de erfgrens moeten staan. Voor gevels die aan openbare ruimte grenzen, zoals straten en trottoirs, geldt dat zij niet als blinde gevels mogen worden ontworpen, maar zorgvuldig moeten worden vormgegeven om het openbare karakter te versterken. Het materiaalgebruik is eveneens belangrijk. De gevels van de woningen worden voornamelijk uitgevoerd in baksteen, met uitzondering van andere natuurlijke materialen zoals hout of leisteen. De voorkeur gaat uit naar baksteen in rood-bruine tinten, en de dakpannen worden keramisch in antraciet uitgevoerd. Bij de vrije kavels zijn ook andere materialen toegestaan, mits ze het ontwerp ondersteunen. De afstemming van de gevelkleuren met de dakkleur moet zorgvuldig gebeuren, en afvoergoten voor hemelwater mogen niet in PVC worden uitgevoerd, maar moeten een meer kwalitatieve uitstraling hebben.

Wat betreft duurzame energie wordt de plaatsing van zonnepanelen gestimuleerd, waarbij de voorkeur uitgaat naar zonnepanelen die in de nok van het dak of in rechte vlakken worden geplaatst. De kleur van de panelen moet overeenkomen met de dakpannen om visuele eenheid te bewaren. Warmtepompen moeten worden omkaderd in een kwalitatief passende behuizing. Ten slotte is het belangrijk dat erfscheidingen, zoals hekken en hagen, met zorg worden uitgevoerd. De erfgrenzen tussen privé- en openbaar gebied moeten bijvoorbeeld bestaan uit groene hagen of hekwerken met klimplanten. Kavelranden die aan water grenzen, of die in het zicht zijn vanuit het openbaar gebied, moeten zorgvuldig worden aangekleed met natuurlijke elementen zoals groene taluds of vlonders. Hoge beschoeiingen worden ongewenst geacht, om de open en natuurlijke uitstraling van het gebied te behouden. Deze beeldkwaliteitsregels gelden in de basis voor alle woningen en gebouwen in het ontwikkelingsgebied. Fase D heeft verschillende plekken met unieke kenmerken, wat zorgt voor een specifieke woonsfeer. In het stedenbouwkundig plan worden vier woonsferen onderscheiden: • Wonen aan het water • Wonen aan de groene Driesprong • Wonen aan een lommerijke dorpse straat • Wonen op een vrije kavel Voor elke woonsfeer zijn er naast de algemene beeldkwaliteitsregels ook specifieke uitgangspunten en regels opgesteld.

Er zijn ongeveer 28 vrije kavels in de ontwikkeling, waar toekomstige kopers hun eigen woningen kunnen bouwen. Het beeldkwaliteitsplan beschrijft de regels voor de uitstraling en massa van de woningen, en per kavel wordt een kavelpaspoort opgesteld met de specifieke voorwaarden.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

13

Afbeelding 2.6 Verschillende woonsferen binnen Torensteepolder fase D

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

14

3 Planologisch kader

3.1

Omgevingsplan Hoeksche Waard

3.1.1 Wijzigingen aan het omgevingsplan tijdens de overgangsfase Op 1 januari 2024 is de overgangsfase voor het omgevingsplan gestart. Vanaf die datum – de inwerkingtreding van de Omgevingswet - beschikt iedere gemeente van rechtswege over een omgevingsplan. Dit betreft het tijdelijke omgevingsplan, bestaande uit de verzameling bestemmingsplannen en andere ruimtelijke plannen enerzijds en de ‘bruidsschat’ (voormalige rijksregels) anderzijds. Tijdens de overgangsfase werkt de gemeente toe naar het omgevingsplan ‘nieuwe stijl’: een omgevingsplan met een nieuwe structuur voor het gehele gemeentelijk grondgebied dat volledig voldoet aan de eisen van de Omgevingswet. Dit is een complexe opgave waarvoor naar meerdere wijzigingen van het omgevingsplan nodig zijn. Gemeenten krijgen hiervoor de tijd tot 2032. Bij het omzetten van de regels naar het nieuwe deel van het omgevingsplan moet elke gemeente voldoen aan de Omgevingswet en de bijbehorende AMvB’s. Voorliggende wijziging van het omgevingsplan van de gemeente Hoeksche Waard is bedoeld om de volgende fase in de woningbouwontwikkeling Torensteepolder ten zuiden van de kern Numansdorp mogelijk te maken. Deze woningbouwontwikkeling wordt ‘Torensteepolder fase D’ genoemd. Deze wijziging van het omgevingsplan is voorbereid en zal worden vastgesteld middels de TAM-IMRO systematiek.

De Tijdelijke Alternatieve Maatregel (TAM) biedt de mogelijkheid om via de bestaande IMROstandaard (Informatiemodel Ruimtelijke Ordening) en de bestaande voorziening Ruimtelijke Plannen het omgevingsplan te wijzigen voor urgente gebiedsontwikkelingen. 3.1.2 Huidige inhoud omgevingsplan Hoeksche Waard Bestemmingsplan ‘Landelijk gebied 2013’ en ‘Torensteepolder 2015’ Ter plaatse van het projectgebied is op 4 juli 2013 het bestemmingsplan ‘Landelijk gebied 2013’ vastgesteld. Dit bestemmingsplan is met de inwerkingtreding van de Omgevingswet (op 1 januari 2024) automatisch onderdeel geworden van het omgevingsplan van de gemeente Hoeksche Waard. Op grond van het bestemmingsplan kent het plangebied de bestemming ‘Agrarisch’ en ‘Water’, zie afbeelding 3.1.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

15

Afbeelding 3.1: Uitsnede bestemmingsplan ‘Landelijk gebied 2013’ met in rood de globale ligging van het plangebied (bron: Omgevingsloket - Regels op de kaart) Aan de noordzijde van het plangebied vigeert het bestemmingsplan ‘Torensteepolder 2015’. Deze gronden hebben de enkelbestemmingen Groen en ‘Water’ en de dubbelbestemming ‘Waarde – Archeologie’. Op deze gronden heeft al een herinrichting plaatsgevonden, waarbij een watergang afgewisseld met eilanden is gerealiseerd. Ook ter plaatse van de te repareren strook vigeert het bestemmingsplan ‘Torensteepolder 2015’. Deze strook kent hierin de enkelbestemming ‘Groen’ en de dubbelbestemming ‘Waarde - Archeologie,’ zie afbeelding 3.2. Op deze gronden zijn in de feitelijke situatie woonkavels aanwezig.

Afbeelding 3.2: Uitsnede bestemmingsplan ‘Torensteepolder 2015’ met in rood de globale ligging van het plangebied (bron: Omgevingsloket - Regels op de kaart) TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

16

Ten slotte geldt op de planlocatie een ‘TAM-voorbereidingsbesluit bodem’ (vastgesteld op 23 januari 2024). Dit besluit is genomen omdat de (Rijks)bodemregels die onder de Omgevingswet gelden niet in lijn zijn met de recente ontwikkelingen op het gebied van bodemkwaliteit en met het regionale bodembeleid. Hierdoor zijn ongewenste hiaten in de bodemregelgeving zijn ontstaan. Diverse gemeenten en de Omgevingsdienst ZuidHolland Zuid ontwikkelen gezamenlijk een actueel regionaal bodembeleid die geborgd zullen worden door het vaststellen van nieuwe bodemregels in het omgevingsplan. Om in de overgangsperiode tussen nu en het vaststellen van nieuwe bodemregels in het omgevingsplan te voorkomen dat er activiteiten plaatsvinden die in strijd zijn met in voorbereiding zijnde bodemregels, is het voorbereidingsbesluit genomen. Het plan voor de Torensteepolder is niet in strijd met deze regels. 3.1.3 Strijdigheid activiteit(en) en voorgenomen wijziging in relatie tot het omgevingsplan Bouw- en aanlegactiviteiten Op de huidige agrarische gronden mogen uitsluitend bouwwerken ten dienste van de bestemming ‘agrarisch’ worden gebouwd. Dit omvat kassen, bedrijfsbebouwing, bedrijfswoningen en andere bouwwerken.

Het bouwen van woningen met bijbehorende bouwhoogtes en bouwgrenzen en het aanleggen van het aansluitend openbaar gebied past niet binnen de regels die in het bestemmingsplan ‘Landelijk gebied 2013’ en onder de bestemming ‘Agrarisch’ zijn toegestaan. Voor de reparatie ter plaatse van het bestemmingsplan ‘Torensteepolder 2015’ geldt eveneens dat het bouwen van woningen niet is toegestaan binnen de bestemming ‘Groen’. Gebruiksactiviteiten Ook is het op de huidige gronden niet toegestaan activiteiten te verrichten anders dan activiteiten ten behoeve van de voorgenoemde bestemmingen (‘Agrarisch’ en ‘Groen’). Dit betekent dat de activiteit wonen en het daaraan gekoppelde gebruik strijdig is met het geldende bestemmingsplan (onderdeel van het omgevingsplan van de gemeente Hoeksche Waard). De wijziging van het bestemmingsplan/omgevingsplan is benodigd om de woningbouwontwikkeling mogelijk te maken. Milieubelastende activiteiten Bij de voorliggende omgevingsplanwijziging van de gemeente Hoeksche Waard voor het project Torensteepolder fase D en een kleine reparatie in fase C is ervoor gekozen om de regels in hoofdstuk 22 van het omgevingsplan (bruidsschat) intact te laten. Voor milieubelastende activiteiten blijven de betreffende regels in hoofdstuk 22 dus van toepassing. Het voorliggende plan betreft een wijziging van het omgevingsplan van de gemeente Hoeksche Waard.

Deze omgevingsplanwijziging vervangt onder andere de geldende bestemmingsplannen binnen het plangebied, die vanaf de inwerkingtreding van de Omgevingswet (van rechtswege) onderdeel zijn geworden van het omgevingsplan.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

17

4 Ruimtelijk beleidskader In dit hoofdstuk vindt u een beknopte beschrijving van de kaders uit het algemene Rijks-, provinciaal en gemeentebeleid en hoe de ontwikkeling zich verhoudt tot het omschreven beleid. In hoofdstuk 6 zijn de relevante beleidskaders per omgevingsaspect opgenomen. 4.1

Rijksbeleid

4.1.1 Nationale omgevingsvisie (NOVI) Kader Het Rijk stelt in de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) als ambitie dat Nederland ook in de toekomst een gezonde, duurzame en aantrekkelijke leefomgeving biedt en economisch floreert. Met de NOVI wordt toegewerkt naar de verdere ontwikkeling van het Stedelijk Netwerk Nederland. De ontwikkeling moet plaatsvinden in lijn met de ambities van de integrale verstedelijkingsstrategie: zo veel mogelijk in bestaand stedelijk gebied, klimaatbestendig en natuurinclusief, waarbij grote open ruimten tussen de steden hun groene karakter behouden. Daarbij erkent het Rijk dat de druk op de ruimte – de fysieke leefomgeving – voortdurend om een afweging van verschillende belangen vraagt. De opgaven waar we voor staan komen samen in vier prioriteiten die samenhangen met grote transities. Deze prioriteiten zijn: 1. klimaatadaptatie en energietransitie; 2. duurzaam economisch groeipotentieel; 3. sterke en gezonde steden en regio’s; 4. toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied. Deze vier prioritaire opgaven moeten in samenhang verder worden gebracht. Hierin vragen internationale ontwikkelingen, groeiende regionale verschillen in Nederland zelf en de invloed van technologie om creatieve afwegingen.

Ook moet er aandacht zijn voor thema’s die dwars door de vier prioriteiten heenlopen, zoals omgevingskwaliteit, gezondheid, cultuurhistorie, klimaatadaptatie, water, bodem, veiligheid en milieukwaliteit. Het Rijk hanteert drie inrichtingsprincipes die helpen om een zorgvuldige afweging te maken. Dit zijn: - combineren boven enkelvoudig → in verband met beperkte beschikbare ruimte geeft het Rijk voorrang aan combinaties van functies in plaats van enkelvoudig gebruik van de ruimte; - kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal → naast de economische functie van een gebied, kijkt het Rijk ook naar natuur, cultureel erfgoed, milieu, bodem- en watersysteem, landschappelijke schoonheid, et cetera.; - afwentelen voorkomen → negatieve gevolgen van ons handelen moeten worden voorkomen; dat geldt zowel voor afwentelen in ruimte (we verplaatsen de overlast naar elders) als in tijd (de volgende generatie krijgt de negatieve effecten van ons handelen). Toetsing Het realiseren van de voorgenomen woningbouwontwikkeling, bestaande uit maximaal 250 woningen heeft op nationaal niveau vanwege de aard en omvang van het project minimaal invloed op de nationale belangen. Wel sluiten woningbouwprojecten aan op de prioriteit voor sterke en gezonde regio’s aangezien het bijdraagt aan de beschikbaarheid van woningen en dus de landelijke woningbouwopgave.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

18

4.2

Provinciaal beleid De Herziening 2024 van het Omgevingsbeleid van de provincie Zuid-Holland is op 11 december 2024 vastgesteld en op 18 februari 2025 in werking getreden. Het omgevingsbeleid omvat al het provinciale beleid voor de fysieke leefomgeving in Zuid-Holland. Het bestaat uit drie hoofdinstrumenten: de omgevingsvisie, het omgevingsprogramma en de omgevingsverordening. De omgevingsvisie schetst de beleidskaders; de strategische ambities, beleidsdoelen en -keuzes voor de toekomst van de fysieke leefomgeving van Zuid-Holland. In het omgevingsprogramma zijn deze nader uitgewerkt in maatregelen die de provincie treft. De omgevingsverordening stelt de juridische kaders; instructieregels voor andere overheden en direct werkende regels voor burgers en bedrijven. De provincie wijzigt de verschillende onderdelen wanneer daartoe aanleiding is.

4.2.1 Provinciale omgevingsvisie (POVI) Zuid-Holland De Omgevingsvisie Zuid-Holland vormt, samen met de Omgevingsverordening en het Omgevingsprogramma, de basis van het provinciale omgevingsbeleid. Deze visie schetst een langetermijnstrategie voor de fysieke leefomgeving en geeft richting aan het integrale beleid van de provincie. Zuid-Holland streeft naar een aantrekkelijke, groene en gezonde omgeving waarin mensen prettig kunnen wonen, werken en recreëren. Om dit te realiseren, zijn zeven kernambities geformuleerd: • Samenwerken aan Zuid-Holland: De provincie versterkt de samenwerking met overheden, bedrijven en inwoners om gezamenlijke doelen te bereiken. • Bereikbaar Zuid-Holland: Investeren in infrastructuur en openbaar vervoer om de mobiliteit en doorstroming te verbeteren. • Schone energie voor iedereen: Stimuleren van de overgang naar duurzame energiebronnen zoals zonne- en windenergie. • Een welvarend Zuid-Holland: Bevorderen van economische groei en innovatie, met oog voor duurzaamheid en nieuwe technologieën. • Balans tussen water, natuur en landbouw: Zorgen voor een evenwichtige relatie tussen waterbeheer, natuurbehoud en agrarische activiteiten. • Sterke steden en dorpen: Versterken van de leefbaarheid en vitaliteit van zowel stedelijke als landelijke gebieden. • Gezond en veilig Zuid-Holland: Creëren van een gezonde en veilige leefomgeving voor alle inwoners.

Deze ambities vormen de leidraad voor het beleid en de ontwikkeling van de provincie in de komende jaren, met als doel een toekomstbestendig en duurzaam Zuid-Holland. De ambities zijn geconcretiseerd in beleidsdoelen, die omschrijven aan welke maatschappelijke opgaven de provincie werkt. De beleidsdoelen zijn uitgewerkt in beleidskeuzes. Op de planlocatie zijn de volgende beleidskeuzes van belang voor deze ontwikkeling: • Klimaatbestendig Zuid-Holland • Erfgoed en cultuur • Wonen • Ruimtelijke kwaliteit en landschap Klimaatbestendig Zuid-Holland De provincie wil de maatschappelijke kosten van bodemdaling beperken door samen te werken met diverse partijen. In veen(weide)gebieden richt de provincie zich op mitigatie en adaptatie om klimaatdoelen te halen en kwetsbare gebieden te beschermen. Dit gebeurt via de Regionale Veenweide Strategieën en het Nationaal Veenplan. De provincie verwacht van waterschappen dat zij bodemdaling meenemen bij peilbesluiten en van gemeenten dat zij bodemdalingsgevoeligheid betrekken bij ruimtelijke ontwikkelingen en toekomstige beheermaatregelen.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

19 Erfgoed en cultuur De provincie Zuid-Holland heeft als doel het beschermen en zichtbaar maken van archeologisch erfgoed en het behoud van rijksmonumenten en historische molens. Dit omvat zowel in-situ bescherming (waarbij archeologische vondsten in de bodem behouden blijven) als ex-situ bescherming (waarbij vondsten bewaard en toegankelijk worden gemaakt in een archeologisch depot). Archeologie De provincie is verantwoordelijk voor het beschermen van archeologische waarden, zowel binnen als buiten stedelijke gebieden. Dit gebeurt door het voorkomen van verstoring van archeologische vindplaatsen en, wanneer opgravingen noodzakelijk zijn, het zorgvuldig bewaren van de vondsten en documentatie. Archeologische vindplaatsen zoals de Romeinse Limes worden bovendien als toeristische trekpleisters gepromoot. De provincie heeft de taak om erfgoed te beschermen, te behouden en toegankelijk te maken voor het publiek. Het behoud van archeologische vondsten en monumenten is essentieel voor de culturele identiteit van ZuidHolland en de leefkwaliteit van haar bewoners en bezoekers. Wonen De provincie Zuid-Holland streeft naar een toekomstbestendig ingericht bebouwd gebied, waarbij de nadruk ligt op duurzaamheid, gezondheid en veiligheid. Bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen wordt het gebied ontworpen met de doelstellingen om energiepositief, klimaatbestendig en natuurinclusief te zijn.

Dit houdt in dat de bebouwde omgeving energiebesparend is, gebruik maakt van hernieuwbare energie en bijdraagt aan het bufferen van pieken in de energievraag. Het is tevens essentieel dat het gebied bestand is tegen extreme weersomstandigheden, zoals hittestress en zware neerslag, door het toepassen van klimaatadaptieve maatregelen. De provincie Zuid-Holland stimuleert het gebruik van circulaire en biobased bouwmaterialen die de CO2-uitstoot minimaliseren en toekomstbestendig bouwen mogelijk maken. Daarnaast wordt er ingezet op het toepassen van emissieloze oplossingen en maatregelen om drinkwater te besparen. De gezonde en veilige leefomgeving is een prioriteit, waarbij de focus ligt op een beweegvriendelijke en duurzame leefomgeving die het welzijn bevordert. De provincie werkt nauw samen met verschillende partners om deze ambitie te realiseren, onder meer door middel van provinciale programma’s die de versnelling van de woningbouw in Zuid-Holland ondersteunen. Daarnaast is er een duidelijke visie voor het bieden van voldoende en betaalbare huisvesting in de provincie. Wonen is een primaire levensbehoefte en een sociaal grondrecht, en daarom is het belangrijk om in voldoende woningen te voorzien voor verschillende doelgroepen, zoals sociale huur, middenhuur en betaalbare koopwoningen.

De provincie werkt samen met gemeenten, woningcorporaties en marktpartijen om woningen op de juiste plekken te bouwen, waarbij de focus ligt op het creëren van passende huisvesting voor iedereen, van gezinnen tot kwetsbare doelgroepen zoals ouderen en statushouders. De provincie streeft naar een evenwichtige verdeling van sociale huurwoningen over de regio en heeft afspraken gemaakt over het aantal te bouwen woningen in de komende jaren. Er wordt gestreefd naar minimaal twee derde betaalbare woningbouw in het regionale woningbouwprogramma, met een focus op het bouwen van sociale huurwoningen, vooral in de gemeenten die momenteel achterlopen op de opgave om te groeien naar 30% sociale huur in de bestaande voorraad. Ruimtelijke kwaliteit en landschap De provincie Zuid-Holland streeft naar behoud en versterking van ruimtelijke kwaliteit in zowel stedelijke als landelijke gebieden. Dit betekent dat ruimtelijke ontwikkelingen niet alleen functioneel, maar ook duurzaam en esthetisch verantwoord moeten zijn. De belangrijkste doelen zijn als volgt:

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

20 • • •

Behoud en versterking van historische kenmerken binnen nieuwe ontwikkelingen. Weloverwogen locatiekeuze en ontwerp bij ruimtelijke projecten. Vergroting van de diversiteit en belevingswaarde van het landschap en stedelijke gebieden.

Om deze doelen te realiseren, is ruimtelijke kwaliteit een integraal onderdeel van de provinciale regelgeving. Initiatiefnemers worden gestimuleerd om plannen te ontwikkelen die bijdragen aan een hoogwaardige leefomgeving. De provincie staat voor grote opgaven zoals waterbeheer, woningbouw, duurzame energie en infrastructuurontwikkeling. Om negatieve effecten op de ruimtelijke kwaliteit te voorkomen, wordt ingezet op verbindingen tussen bestaande en nieuwe gebiedskwaliteiten, met een focus op integrale en duurzame ruimtelijke ontwerpen. Kwaliteitskaart De kwaliteitskaart is een instrument om ruimtelijke ontwikkelingen zodanig te sturen dat ze een bijdrage leveren aan de ruimtelijke kwaliteit. De kaart geeft een beschrijving van de gebiedskenmerken en kwaliteiten van ZuidHolland met richtpunten waar rekening mee gehouden dient te worden. De planlocatie komt op twee kwaliteitskaarten voor: Laag van de ondergrond: Rivierdeltacomplex Zoals overal in Zuid-Holland heeft het water en het menselijk handelen grote invloed gehad op de geomorfologie van dit deel van de provincie. Het land in de delta is vergroot door aanleg van dijken rond droogvallende gronden. Laag van de ondergrond: Jonge zeeklei De gronden in het deltacomplex bestaan overwegend uit kleigronden. Dit zijn voedselrijke, draagkrachtige gronden. De deltawateren zijn onderdeel van het deltacomplex.

De estuariene dynamiek is een belangrijk natuurlijk gegeven. Nauw verbonden met de deltawateren zijn de niet ingepolderde, buitendijkse kleigronden. Dit betreft de slikken, (bekade) gorzen, grienden, wilgenbossen en de uiterwaarden langs de rivieren. Het zijn natuurlijke landschappen waar ruimte is voor dynamische processen. Richtpunt:

• Ontwikkelingen dragen bij aan het behoud van ruimte voor dynamische natuurlijke processen en zoetzoutovergangen in de Deltawateren en natuurlijke buitendijkse gebieden. Laag van de cultuur en natuurlandschappen: Rivierdeltalandschappen Eilanden en (voormalige) zeearmen Een aantal Zuid-Hollandse eilanden kent nog steeds een eilandkarakter: omlijst door deltawateren met beperkte verbindingen met de andere eilanden of het vasteland. Ze zijn gelegen in de luwte van de Randstad en vormen landschappelijk een geheel met Zeeland. IJsselmonde en het Eiland van Dordrecht zijn daarentegen meer onderdeel van het stedelijk netwerk. De drie eilanden Goeree-Overflakkee, Hoeksche Waard en Voorne-Putten hebben elk een eigen karakter. Dit karakter wordt mede gevormd door de verschillen in afstand tot en de verbinding met het stedelijk gebied, de landschappelijke opbouw van de eilanden zelf en de aard van het omringende water. Versterken van het deltakarakter en vergroten van de diversiteit van karakters van de eilanden draagt bij aan het behoud van diversiteit in de Delta. Een opgave is het om de recreatieve gebruikswaarde van de eilanden te vergroten in combinatie met een gebiedsspecifieke, in de omgeving passende inrichting. Ontwikkelingen aan de rand van de eilanden dienen bij te dragen aan het versterken van het stoere deltakarakter en passen bij de maat en schaal van dijk en open wateren.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

21

Ontwikkelingen worden benaderd in het licht van het eiland als geheel, waarbij bijvoorbeeld in Voorne-Putten en Hoeksche Waard een duidelijk verschil zit tussen de ‘dynamische’ noordrand en het ‘luwe’ zuiden. Typering van ruimtelijke ontwikkelingen (passendheid) De provincie beoordeelt de passendheid van ruimtelijke ontwikkelingen op basis van hun ruimtelijke impact en de wisselwerking met gebiedskwaliteiten. Er zijn drie typen ontwikkelingen: 1. Inpassen: Kleine aanpassingen die aansluiten bij de bestaande gebiedsidentiteit zonder structuurniveau te wijzigen, zoals de uitbreiding van een boerderij. De provinciale betrokkenheid is beperkt. 2. Aanpassen: Wijzigingen die landschappelijke structuren beïnvloeden, zoals wegen of waterwegen, en de omgeving merkbaar veranderen. Dit vereist zorgvuldige inpassing om de ruimtelijke kwaliteit te behouden of verbeteren 3. Transformeren: Grote veranderingen die een nieuw landschap of stedelijk gebied creëren, zoals woningbouwlocaties. Hierbij is een integraal ontwerp vereist en de provincie speelt een actieve rol. Daarnaast zijn er beschermingscategorieën voor kwetsbare gebieden, zoals natuur- en recreatiegebieden. Ontwikkelingen blijven mogelijk, maar moeten passen binnen de beschermingsstatus. Daarnaast zijn er ook beschermingscategorieën voor kwetsbare gebieden, zoals natuur- en recreatiegebieden.

Ontwikkelingen blijven mogelijk maar moeten passen binnen de beschermingsstatus. Voorgenomen ontwikkeling valt binnen beschermingscategorie 3. Ontwikkeling in dit gebied is mogelijk mits de gebiedskenmerken en het groene karakter van het landschap niet onevenredig wordt aangetast, zoals blijkt uit de motivering die ingaat op de keuze voor een locatie buiten bestaand stad- en dorpsgebied. Stedelijke ontwikkelingen die niet binnen bestaand stads- en dorpsgebied gerealiseerd kunnen worden, kunnen in het landelijk gebied plaatsvinden in aansluiting op bestaand stads- en dorpsgebied of in bebouwingslinten. Het eindoordeel over stedelijke ontwikkelingen groter dan 3 hectare buiten bestaand stads- en dorpsgebied ligt bij de provincie. Deze worden door de provincie integraal afgewogen en afhankelijk daarvan opgenomen op de 3 hectare-kaart. Voorgenomen ontwikkeling is opgenomen op de 3 hectare kaart van de provincie Zuid-Holland. Toetsing Klimaatbestendig Zuid-Holland In het kader van voorgenomen ontwikkeling is een bodemonderzoek uitgevoerd. Daarnaast wordt uitdrukkelijk rekening houden in het ontwerp met klimaat adaptieve maatregelen. Het plan richt zich op het ontwikkelen van toekomstbestendige wijken die kunnen inspelen op demografische en klimatologische veranderingen.

Het doel is om een gezonde leefomgeving te creëren, met een robuust watersysteem en een biodiverse groenstructuur. De inrichting van openbare ruimte, zoals straten, plantsoenen en speelplekken, is belangrijk, waarbij de balans tussen groen en verharding cruciaal is voor waterafvoer en verkoeling. Groen draagt bij aan verkoeling en waterinfiltratie, terwijl een sterk watersysteem helpt bij het vasthouden van water in droogte en het vertragen van afvoer bij piekbuien. Regenwaterbeheer is een belangrijk onderdeel van klimaatadaptatie. Het plan voorziet in het vasthouden van regenwater, met afvoer naar oppervlaktewater. Straten grenzend aan water krijgen een afwateringsprofiel naar het water, en parkeervakken zijn uitgevoerd in waterdoorlatende grasbetontegels. Voor woningen worden verschillende maatregelen getroffen, zoals het afkoppelen van hemelwater naar groenzones of regentonnen, en het afvoeren van water naar tuinen en aangrenzende watergangen. De openbare ruimte bevat natuurvriendelijke oevers en een groene driesprong met diverse groenvariaties, wat bijdraagt aan biodiversiteit.

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

22 Erfgoed en Cultuur De voorgenomen ontwikkeling in de Torensteepolder voldoet aan de provinciale doelstellingen voor erfgoed en cultuur door zorgvuldig om te gaan met de ruimtelijke en historische context van het gebied. Aangezien Numansdorp een dorps karakter heeft, wordt in het ontwerp rekening gehouden met het behoud van het kleinschalige en informele uiterlijk. De architectuur is geïnspireerd door bestaande bebouwing in de omgeving, met nadruk op diversiteit, variërende rooilijnen en een ambachtelijke uitstraling, wat bijdraagt aan het behoud van de historische identiteit van het gebied. Ruimtelijke Kwaliteit en Landschap: De provinciale doelstellingen voor ruimtelijke kwaliteit en landschap worden nageleefd door de zorgvuldige inpassing van de nieuwe woonontwikkeling in de bestaande omgeving. De stedenbouwkundige opzet zorgt voor een overgang tussen het woongebied en het omliggende landelijke gebied. Er is nadruk op een groene, openbare ruimte in het midden van het plangebied, wat niet alleen de esthetische kwaliteit versterkt, maar ook het welzijn van de bewoners bevordert. Door het gebied zoveel mogelijk verkeersluw in te richten en een nadruk te leggen op fiets- en wandelroutes, wordt de leefbaarheid in het gebied versterkt.

Het plan zorgt voor een goede integratie van groen, water en openbare ruimte, wat aansluit bij de provinciale richtlijnen voor een gezonde en gevarieerde leefomgeving. Het respect voor het natuurlijke landschap wordt benadrukt door de integratie van bomenrijen langs de straten en het beheer van de water- en groenstructuren. Typologie van Ruimtelijke Ontwikkelingen (Passendheid) Het plangebied valt onder de categorie ‘transformeren’ vanwege de omvang van de ontwikkeling. De provincie heeft duidelijk aangegeven dat voor dit type ontwikkeling een integraal ontwerp noodzakelijk is. Het plan voor de Torensteepolder voldoet hieraan door een zorgvuldig ontwerp dat rekening houdt met de lokale gebiedskenmerken. De ontwikkeling voorziet in diverse woningtypen, waaronder sociale huurwoningen, betaalbare koopwoningen en vrije kavels, en zorgt voor een evenwichtige verdeling van woningen die past bij de demografische behoeften van de regio. De nieuwe infrastructuur en openbare ruimte sluiten aan bij de bestaande structuren, zoals de nabijheid van het centrum van Numansdorp en de verbindingen met het omliggende landelijke gebied. Het ontwerp van de woningen en de openbare ruimte houdt rekening met de cultuurhistorische waarden en versterkt de identiteit van het gebied, zoals vereist door de provinciale richtlijnen.

Wonen De voorgenomen woningbouwontwikkeling in de Torensteepolder voldoet aan de ambities van de provincie Zuid-Holland op het gebied van wonen. De focus ligt op het creëren van een toekomstbestendig en duurzaam woongebied, met woningen die zowel energiepositief als klimaatbestendig zijn. Dit wordt gerealiseerd door gebruik te maken van hernieuwbare energie, zoals zonnepanelen, en het toepassen van duurzame bouwmaterialen, zoals circulaire en biobased materialen. De ontwikkeling voorziet in een gevarieerd woningaanbod, waaronder sociale huurwoningen, betaalbare koopwoningen en duurdere koopwoningen, waarbij ten minste twee derde van de woningen betaalbaar is voor lagere en middeninkomens. Ook is ten minste 30% van de woningen bestemd voor sociale huur, wat bijdraagt aan de regionale woningbehoefte. Het ontwerp stimuleert een gezonde en veilige leefomgeving door het creëren van wandel- en fietsverbindingen, en het bevorderen van een beweegvriendelijke infrastructuur. De toekomstige bewoners kunnen profiteren van een goed bereikbare en goed verbonden woonomgeving, met voldoende voorzieningen in de buurt. Daarnaast wordt de groene openbare ruimte een belangrijk kenmerk van het woongebied, met ruimte voor speelvoorzieningen en recreatie, wat bijdraagt aan de kwaliteit van leven en de sociale cohesie.

4.2.2 Zuid-Hollandse omgevingsverordening Kader In de Zuid-Hollandse omgevingsverordening zijn de volgende instructieregels opgenomen die van toepassing zijn op het plangebied:

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

23

HOOFDSTUK 7 INSTRUCTIEREGELS Afdeling 7.3 Omgevingsplannen § 7.3.7 Ruimtelijke kwaliteit Het uitgangspunt is dat ruimtelijke ontwikkelingen alleen zijn toegestaan als de ruimtelijke kwaliteit in ieder geval behouden blijft of verbetert. Ruimtelijke ontwikkelingen kunnen worden ingedeeld in de categorieën inpassen, aanpassen of transformeren. De voorgenomen ontwikkeling valt onder de categorie 'aanpassen'. Ruimtelijke kwaliteit wordt omschreven aan de hand van drie verschillende beschermingscategorieën, en de voorgenomen ontwikkeling valt onder beschermingscategorie 3. In deze categorie zijn inpassen, aanpassing of transformatie mogelijk. In hoofdstuk 4.2.1 wordt nader toegelicht waarom aan de voorwaarden wordt voldaan. § 7.3.8 Stedelijke ontwikkelingen De strategie voor de bebouwde ruimte richt zich op de betere benutting van bestaand stads- en dorpsgebied (BSD), waarbij stedelijke ontwikkelingen voornamelijk binnen BSD plaatsvinden. Niet alle vraag naar wonen en werken kan binnen BSD worden opgevangen. Stedelijke ontwikkelingen die niet binnen bestaand stads- en dorpsgebied gerealiseerd kunnen worden, kunnen in het landelijk gebied plaatsvinden in aansluiting op bestaand stads- en dorpsgebied of in bebouwingslinten. Het eindoordeel over stedelijke ontwikkelingen groter dan 3 hectare buiten bestaand stads- en dorpsgebied ligt bij de provincie.

Deze worden door de provincie integraal afgewogen en afhankelijk daarvan opgenomen op de 3 hectare-kaart. Voorgenomen ontwikkeling is opgenomen op de 3-hectare kaart. De ladder voor duurzame verstedelijking (artikel 5.129g van het Besluit kwaliteit leefomgeving) biedt het kader voor deze ontwikkeling en wordt in de omgevingsverordening van de provincie Zuid-Holland benadrukt. Een stedelijke ontwikkeling wordt gedefinieerd als een ontwikkeling van een bedrijventerrein, woningbouwlocatie, kantoren, detailhandel of andere stedelijke voorzieningen. In Zuid-Holland wordt een woningbouwlocatie met 12 woningen of meer als substantieel beschouwd. Daarnaast omvat stedelijke ontwikkeling het benodigde ruimtebeslag, zoals infrastructuur, groenopgaven, waterberging en overgangsgebieden. In hoofdstuk 5.2, paragraaf 5.2.2 is de laddertoets uitgevoerd. Voordat een gemeente besluit een nieuwe ruimtelijke ontwikkeling toe te staan, moet er onderzoek worden gedaan naar de gevolgen voor het omliggende verkeers- en vervoersnetwerk. De verkeerseffecten kunnen de bereikbaarheid verslechteren en knelpunten veroorzaken. Het is belangrijk om dit tijdig te onderzoeken en, indien nodig, met betrokken partijen te kijken of aanvullende maatregelen nodig zijn. Aangezien de bereikbaarheid van de regio een provinciaal belang is, moeten de gevolgen voor de bereikbaarheid meegenomen worden bij de locatiekeuze.

De provincie verwacht dat de gemeente in de motivering van het omgevingsplan een zorgvuldige afweging hierover maakt. In hoofdstuk 5.14 is een onderbouwing gegeven welke effecten worden verwacht op het omliggende wegennetwerk en hoe wordt omgegaan met parkeren. § 7.3.8a Wonen Een omgevingsplan dat een nieuwe ontwikkeling met 12 woningen of meer mogelijk maakt voorzien in voldoende sociale huurwoningen. Onder voldoende wordt in ieder geval verstaan: minimaal 1/3 sociale huurwoningen. Voorgenomen ontwikkeling voorziet in 2/3 betaalbaar, 30% sociale huur en 10% bijzonder woonvorm. 4.3

Gemeentelijk beleid

4.3.1 Gemeentelijke omgevingsvisie (GOVI) Kader

TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

24 Op 17 december 2019 is de Omgevingsvisie Hoeksche Waard door de gemeenteraad vastgesteld. Deze omgevingsvisie nodigt inwoners, ondernemers, investeerders, maatschappelijke organisaties en anderen uit om een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van de Hoeksche Waard. De omgevingsvisie helpt om samen te blijven werken aan een aantrekkelijke Hoeksche Waard. Dit wordt ‘Waardmaken’ genoemd. Waardmaken is een nieuwe manier van ontwikkelen. Bij de totstandkoming van een initiatief worden initiatiefnemers uitgenodigd bij te dragen aan de Hoeksche Waard: Aan de Hoeksche Werken en aan de Hoeksche Waarden. Daarmee is omgevingskwaliteit niet langer het domein van overheid en specialisten, maar een verantwoordelijkheid van iedereen. Waardmaken betekent een bijdrage leveren aan ‘Hoeksche Werken’ en ‘Hoeksche Waarden’ ‘Hoeksche Werken’ Als één ding duidelijk is geworden tijdens het optellen van de omgevingsvisie is dat Hoeksche Waarders trots zijn op hun eiland. Ze koesteren de kwaliteit van wonen, werken en leven. De inzet is om dat goeds ook in de toekomst te hebben. Breed is het besef aanwezig dat dat niet vanzelfsprekend is. Trends en ontwikkelingen zorgen ervoor dat we moeten blijven werken om de Hoeksche Waard vitaal en leefbaar te houden. Vijf maatschappelijke opgaven vragen specifiek onze aandacht de komende jaren. Dit worden de 'Hoeksche werken' genoemd.

Eén van de maatschappelijke opgaven die is geïdentificeerd, is 'Vitale dorpen en actieve samenleving'. In de omgevingsvisie wordt hierover het volgende geschreven: "We streven naar een krachtige en vitale participatiesamenleving waarin inwoners zelfbewust en in samenwerking met maatschappelijke organisaties en de gemeente regie voeren op het eigen bestaan, waarin voldoende vangnetten zijn ingericht en waarin preventie een grote rol speelt. We willen voor alle inwoners een duurzaam veilige en gezonde fysieke leefomgeving en een goede omgevingskwaliteit. Daarbij willen we de bestaande sociaaleconomische staat van de Hoeksche Waard minimaal behouden en waar mogelijk verder verbeteren." "Bij initiatieven met betrekking tot bijvoorbeeld woningbouw, bereikbaarheid en recreatie wordt door de initiatiefnemers rekening gehouden met de Hoeksche Waarden." 'Hoeksche Waarden' De Hoeksche Waard, eiland tussen de grote wateren, waar al het land is gewonnen op het water. Een uniek agrarisch polderlandschap waar het oorspronkelijk karakter van het landschap met zijn openheid, dijken en kreken en buitendijkse natuurgebieden nog duidelijk zichtbaar is. Waar inwoners en bezoekers nog echt rust en ruimte kunnen ervaren, terwijl grootstedelijke voorzieningen binnen handbereik zijn.

De Hoeksche mentaliteit, de dorpsevenementen en het boerenbedrijfsleven vormen onze cultuur en is de schakel tussen heden, verleden en toekomst. De dorpen zijn het thuis van vele Hoeksche Waarders. Het gevoel van thuis heeft te maken met herkenbaarheid en identiteit. De dorpen en het landschap vertellen ons een verhaal van de ontstaansgeschiedenis en het gebruik door de jaren heen. De Hoeksche Waard heeft haar eigen karakter dat het waard is om gekoesterd te worden. Daarom willen we dat nieuwe ontwikkelingen en ingrepen in het landschap of in de dorpen met liefde en zorg voor de plek worden uitgevoerd. Bij de ontwikkeling van onze leefomgeving stond eerst vooral de kwaliteit van bouwwerken centraal, in de loop der tijd zijn ook natuur, landschap en erfgoed hierbij gekomen. Nu heeft men het ook over vraagstukken van voedsel, milieu, energie, klimaat, water, gezondheid, veiligheid en leefbaarheid. We vatten dit samen als omgevingskwaliteit. Landschap, natuur, rust en ruimte zijn belangrijke Hoeksche waarden. Ook vitaliteit en het betrekken van iedereen in de samenleving zijn kenmerken waar de Hoeksche Waard voor staat. Om de omgevingskwaliteit van de Hoeksche Waard ook voor de toekomst te borgen, is in deze omgevingsvisie aangegeven wat de gemeenschap TAM Omgevingsplan “Torensteepolder fase D’’ Motivering

25 en gemeente binnen de Hoeksche Waard de belangrijkste waarden vinden. Dit worden de Hoeksche waarden genoemd. Het plangebied is aangeduid met de Hoeksche Waarden 'Dorpse Trots' en 'Hoeksche Delta'. Dorpse Trots Dit deelgebied omvat alle dorpen in de Hoeksche Waard. Doordat de Hoeksche Waard letterlijk een eiland is, zijn mensen op elkaar aangewezen, staat zorg voor elkaar hoog in het vaandel en bloeit het verenigingsleven. De Hoeksche Waard kent (mede daardoor) kleine, hechte gemeenschappen met veelal een geheel eigen identiteit. De combinatie van onderne-merszin en de zorg voor elkaar maakt het eiland zeer aantrekkelijk voor gezinnen. We gaan uit van de identiteit per dorp als basis voor de toekomst. Maatwerk per dorp is hierbij het uitgangspunt. In- en uitbreidingen passen bij de schaal en maat van het dorp. In het dorpsgericht werken moeten initiatieven bijdragen aan het versterken van de identiteit per dorp. Hoeksche Delta De Hoeksche Delta vormt de natuurlijke buitenrand van de Hoeksche Waard. Voor deze buitenrand zijn de rivieren rond het eiland bepalend. Naast de Hoeksche Waard zelf speelt hier ook het water en het gebied aan de overkant van het water een rol. De Hoeksche Delta bestaat uit bestaande buitendijkse natuurgebieden en een overgangszone aan de zuidzijde van het eiland waar vormen van intensieve recreatie voorkomen, zoals de golfbaan.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16151881/1