CConstaterende datHoeksche Waard
Koppel je AI →
Document · PDF

aangepast bestemmingsplan waarin memo is verwerkt

Besluitvormende raad 28 maart 2023, gemeente Hoeksche WaardBij agendapunt: Herstelbesluit bestemmingsplan Sportlaan Westzijde Strijen20.666 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Bij een eventueel vervolgonderzoek dienen minimaal 10 boringen per hectare te worden geplaatst.  Als er ingrepen gepland zijn die een bedreiging vormen voor het dekzandlandschap onder het veen dan wordt aanbevolen om middels een verkennend booronderzoek dit dekzand in kaart te brengen zodat vooraf bepaald kan worden welke delen van dat landschap werkelijk bedreigd worden. Rekening houdend met een ruime veiligheidsmarge omdat de diepte van de top van het dekzand niet nauwkeurig bekend is, wordt dit vervolgonderzoek aanbevolen bij bodemingrepen die dieper reiken dan ‐7,0 m NAP (ca. 6,4 m ‐mv). Bij een eventueel vervolgonderzoek dienen minimaal 10 boringen per hectare te worden geplaatst.  De afzettingen vanaf het maaiveld tot op de top van het Hollandveen hebben een lage archeologische verwachting. Er wordt daarom aanbevolen om het plangebied vrij te geven voor civieltechnische werkzaamheden die reiken tot maximaal 2,5 m ‐mv (‐3,1 m NAP).

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

57

Conclusie Het bevoegd gezag (zijnde gemeente Hoeksche Waard) heeft de rapportage beoordeeld en akkoord bevonden. Op basis van het archeologisch vooronderzoek heeft het bevoegd gezag besloten dat de volgende vervolgstappen moeten worden genomen; in het gehele plangebied dient vervolgonderzoek te worden gedaan vanaf 30 cm onder het maaiveld. In dit vervolgonderzoek zijn de volgende onderdelen verplicht:  inventariserend booronderzoek dient uitgevoerd te worden met minimaal 10 boringen per ha. Dit wordt geëist om de relatie tussen de haven en het aanliggende gebied in kaart te brengen. Zo is te zien dat er een jaagpad is geweest, dit komt uit het bureauonderzoek onvoldoende in beeld;  voor het onderzoek dienen ter hoogte van de voormalige haven 3 profielputten van 1x1 meter gezet te worden. Dit wordt geëist om zo de havenzone goed in beeld te krijgen.

4.11

Vormvrije m.e.r.‐ beoordeling

4.11.1 Beleid en Normstelling In onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van het omgevingsvergunning plan‐m.e.r.‐plichtig, project‐m.e.r.‐plichtig of m.e.r.‐beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Indien een activiteit onder de drempelwaarden blijft, dient alsnog een vormvrije m.e.r.‐beoordeling uitgevoerd te worden, waarbij onderzocht dient te worden of de activiteit belangrijke nadelige gevolgen heeft voor het milieu, gelet op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG‐richtlijn milieueffectbeoordeling. Deze omstandigheden betreffen de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten. Per 16 mei 2017 is de regelgeving voor de MER en m.e.r.‐beoordeling gewijzigd met daarin een nieuwe procedure voor de vormvrije m.e.r.‐beoordeling.  Voor de ontwerp‐bestemmingsplanfase moet een m.e.r‐beoordelingsbeslissing worden genomen, waarin wordt aangegeven of wel of geen MER nodig is, gelet op de kenmerken van het project, de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële (milieu)effecten en mogelijke mitigerende maatregelen. Deze beslissing wordt als bijlage bij het bestemmingsplan opgenomen.

 Voor elke aanvraag waarbij een vormvrije m.e.r.‐beoordeling aan de orde komt moet de initiatiefnemer een aanmeldingsnotitie opstellen, waarbij ook mitigerende maatregelen mogen worden meegenomen. Het bevoegd gezag dient binnen zes weken na indienen een m.e.r.‐beoordelingsbesluit af te geven. Een vormvrije m.e.r.‐beoordelingsbeslissing hoeft echter niet gepubliceerd te worden. 4.11.2 Onderzoek In het Besluit milieueffectrapportage is opgenomen dat de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject m.e.r.‐beoordelingsplichtig is in gevallen waarin de activiteit betrekking heeft op een oppervlakte van 100 hectare of meer of een aaneengesloten gebied en 2000 of meer woningen omvat (Besluit milieueffectrapportage, Bijlage onderdeel D11.2). De beoogde ontwikkeling bestaat uit de realisatie van 89 woningen. De beoogde ontwikkeling blijft daarmee ruim onder de drempelwaarde. Dit betekent wel dat een zogenaamde 'vormvrije m.e.r.‐beoordeling' noodzakelijk is. Op 2 maart 2021 is bij besluit van college van B&W vastgesteld dat geen MER nodig is. In bijlage 13 is een (vormvrije) m.e.r.‐beoordeling opgenomen.

Daaruit blijkt dat, gelet op de kenmerken van het project (zoals het kleinschalige karakter in vergelijking met de drempelwaarden uit het Besluit m.e.r.), de plaats van het project en de kenmerken van de potentiële effecten, geen belangrijke negatieve milieugevolgen optreden.

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

58

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

59

Hoofdstuk 5

5.1

Juridische regeling

Algemeen

In dit hoofdstuk wordt een toelichting gegeven op de planregels. De regels van het bestemmingsplan bestaan uit de volgende onderdelen:  Inleidende regels;  Bestemmingsregels;  Algemene regels;  Overgangs‐ en slotregels.

5.2

Inleidende regels

In dit hoofdstuk zijn diverse begrippen verklaard, die in de regels zijn opgenomen. Dit voorkomt dat er bij de uitvoering van het plan onduidelijkheden ontstaan over de uitleg van bepaalde bepalingen en regelingen. Daarnaast is in hoofdstuk 1 het artikel ‘wijze van meten’ opgenomen waarin bepaald is hoe de voorgeschreven maatvoering in het plan gemeten moet worden.

5.3

Bestemmingsregels

De bestemmingsregels bevatten de regels die specifiek gelden voor de bestemmingen zoals opgenomen op de verbeelding van dit bestemmingsplan. Artikel 3 Groen De grotere structurele groenstroken zijn bestemd als Groen. Het gaat hier om de stroken rondom de watergangen en de grotere groenplekken binnen de nieuwe buurt. Binnen deze bestemming zijn uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, toegestaan met een maximale bouwhoogte van 3 m. Tevens zijn speelvoorzieningen, nutsvoorzieningen (waaronder afvalvoorzieningen) en voet‐ en fietspaden binnen de bestemming Groen toegestaan. Artikel 4 Verkeer De wegen, voet‐ en fietspaden en verblijfsgebieden binnen het plangebied hebben de bestemming Verkeer gekregen. Verder vallen binnen deze bestemming de openbare ruimten en de parkeer‐ en groenvoorzieningen, zo ontstaat de gewenste flexibiliteit van groen, verkeer en parkeren in het woongebied. Binnen de bestemming zijn tevens nutsvoorzieningen (waaronder afvalvoorzieningen) toegestaan. Artikel 5 Water De geplande en bestaande watergangen in het plangebied zijn bestemd voor Water. Binnen de bestemming zijn slechts bouwwerken, geen gebouwen zijnde, toegestaan met een maximale hoogte van 3 m.

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

60

Artikel 6 Wonen Voor het ontwikkelingsgebied is de meest voorkomende bestemming 'Wonen', naast het wonen zijn aan‐huis‐gebonden beroepen alsmede kleinschalige bedrijfsactiviteiten toegestaan. Binnen deze bestemming mogen maximaal 89 woningen worden gerealiseerd. Op de gronden mogen voornamelijk grondgebonden woningen worden gebouwd, alleen ter plaatse van de aanduiding 'gestapeld': zijn uitsluitend gestapelde woningen toegestaan. Aan zowel de grondgebonden‐ als de gestapelde woningen zijn maximale goot‐ en bouwhoogtes gesteld. Hoofdgebouwen zijn alleen binnen het bouwvlak toegestaan. Ter plaatse van de aanduiding 'gevellijn' dient de voorgevel van hoofdgebouwen evenwijdig aan en in of ten hoogste 0,6 m achter de naar de aanduiding 'gevellijn' gekeerde bouwgrens gebouwd te worden; Artikel 7 Waarde ‐ Archeologie Voor het gehele grondgebied geldt een archeologische verwachtingswaarde. Ter bescherming van deze mogelijke archeologische verwachting is de dubbelbestemmingen Waarde ‐ Archeologie opgenomen. Artikel 8 Waterstaat ‐ Waterstaatkundige functie Voor de gronden en wateren is de waterhuishoudkundige functie tot uitdrukking gebracht in de dubbelbestemming 'Waterstaat ‐ Waterstaatkundige functie'. De betreffende gronden en wateren hebben nog een andere ('secundaire') bestemming.

Het bebouwen van deze gronden ten behoeve van de secundaire bestemmingen is uitsluitend toegestaan als hiervoor vrijstelling is verleend door burgemeester en wethouders. Vrijstelling wordt verleend als de waterstaatsbelangen hierdoor niet onevenredig worden geschaad. Burgemeester en wethouders winnen hiervoor, met het oog op een zorgvuldige voorbereiding van het besluit advies in bij de waterbeheerder, voordat ze beslissen op het verzoek om vrijstelling.

5.4

Algemene regels

In de algemene regels zijn aanvullende regels opgenomen met betrekking tot bouwen. Daarnaast bevatten de algemene regels afwijkingsregels en wijzigingsregels. Artikel 9 Antidubbeltelregel In deze regel is vastgelegd dat grond die in aanmerking moest worden genomen bij het verlenen van een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen, waarvan de uitvoering heeft plaatsgevonden of alsnog kan plaatsvinden, bij de beoordeling van een andere aanvraag om omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen niet opnieuw in beschouwing mag worden genomen. Artikel 10 Algemene bouwregels In dit artikel is bepaald dat de in het bestemmingsplan gegeven aanduidingsgrenzen, aanduidingen en bestemmingsregels, voor ondergeschikte bouwdelen mogen worden overschreden. Het gaat om onder andere stoepen en balkons, die met 1,5 meter mogen uitsteken. Tevens is een bepaling opgenomen op grond waarvan bestaande bouwwerken die met een omgevingsvergunning zijn opgericht mogen worden gehandhaafd. Verder is opgenomen dat de regels uit de Bouwverordening, voor zover ze over dezelfde onderwerpen gaan als het bestemmingsplan, buiten beschouwing blijven, behalve voor onderwerpen zoals de bereikbaarheid, het bouwen bij leidingen, de ruimte tussen bouwwerken en de parkeergelegenheid. Verder bevat dit artikel een parkeerregeling waarbij wordt verwezen naar de parkeernormen uit CROW publicatie 381.

Op basis van deze regeling dienen ontwikkelingen te voldaan aan de parkeernormen zoals die zijn opgenomen in publicatie 381.

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

61

Artikel 11 Algemene afwijkingsregels In dit artikel zijn regels opgenomen voor het desgewenst in geringe mate afwijken en overschrijden van maten en bouwgrenzen, zoals die in de bestemmingsregels zijn aangegeven. Aan de overschrijding zijn randvoorwaarden gekoppeld. Artikel 12 Algemene wijzigingsregels In dit artikel zijn wijzigingsregels opgenomen voor het desgewenst overschrijden van bestemmingsgrenzen met ten hoogste 3 meter en het vergroten van bouwvlakken met ten hoogste 10%, indien dit noodzakelijk is in verband met de werkelijke toestand van het terrein.

5.5

Overgangs‐ en slotregels

In artikel 3.2.1 Bro zijn standaardregels opgenomen met betrekking tot het overgangsrecht voor bouwwerken en gebruik. In de slotregel wordt de citeerwijze van de regels van het uitwerkingsplan voorgeschreven.

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

62

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

63

Hoofdstuk 6

6.1

Uitvoerbaarheid

Economische uitvoerbaarheid

Indien een bestemmingsplan een bij Algemene Maatregel van Bestuur aangewezen (Besluit ruimtelijke ordening) bouwplan mogelijk maakt en het kostenverhaal niet anderszins is verzekerd, dient op basis van artikel 6.12 Wro (tegelijkertijd met de vaststelling van een bestemmingsplan) een exploitatieplan te worden vastgesteld. In afwijking van deze regel kan de gemeenteraad bij een besluit tot vaststelling van een bestemmingsplan besluiten geen exploitatieplan vast te stellen, in bij Algemene Maatregel van Bestuur aangegeven gevallen of indien:  het verhaal van kosten van de grondexploitatie over de in het plan of de vergunning begrepen gronden anderszins verzekerd is;  het bepalen van een tijdvak of fasering als bedoeld in artikel 6.13, eerste lid, onder c, 4°, onderscheidenlijk 5°, niet noodzakelijk is, en  het stellen van eisen, regels, of een uitwerking van regels als bedoeld in artikel 6.13, tweede lid, onderscheidenlijk b, c of d, niet noodzakelijk is. Voor de Sportlaan wordt een anterieure overeenkomst gesloten met HW Wonen. Binnen deze overeenkomst zijn afspraken gemaakt over het kostenverhaal. Daarmee is de financiële uitvoerbaarheid 'anderszins' verzekerd.

6.2

Maatschappelijke uitvoerbaarheid

6.2.1 Wettelijk overleg op grond van artikel 3.1.1 Bro. Het concept ontwerpbestemmingsplan wordt toegezonden aan de overlegpartners in het kader van het wettelijk overleg op grond van artikel 3.1.1 Bro. 6.2.2 Participatie In de voormalige gemeente Strijen is destijds een inloopavond gehouden om de omgeving te informeren. Op basis van de eerste reacties tijdens de inloopavond is gebleken dat er een overwegend positieve houding is ten opzichte van de beoogde ontwikkeling. 6.2.3 Ontwerpbestemmingsplan De formele bestemmingsplanprocedure start met het ter visie leggen van het ontwerpbestemmingsplan. Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende 6 weken, vanaf 13 maart 2021, ter inzage gelegen. Belanghebbenden konden binnen deze periode een zienswijze indienen. Tevens is het plan gelijktijdig, in het kader van artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening, voorgelegd aan verschillende instanties, zoals Waterschap en diensten van provincie en rijk.

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

64

Er zijn 3 zienswijzen/overlegreacties ontvangen. De zienswijzen zijn gericht tegen het ontwerp bestemmingsplan. De zienswijzen en overlegreacties gaven geen aanleiding tot aanpassing van het bestemmingsplan. Wel zijn er enkele ambtelijke wijzigingen. De zienswijzen en overlegreactie, de beantwoording en de ambsthalve aanpassingen zijn opgenomen in een separate Nota beantwoording zienswijzen.

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

BIJLAGEN BIJ DE TOELICHTING

Bijlage 1 Poster A1 inrichtingsplan en doorsnedes_20200309

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

Bijlage 2 Beeldkwaliteitplan

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

Bijlage 3 Memo Akoestisch onderzoek verkeerslawaai bouwplan

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

Bijlage 4 Geuronderzoek RWZI Strijen

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

Bijlage 5 Geluidonderzoek RWZI Strijen

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

Bijlage 6 Aerius memo stikstofberekeningen

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

Bijlage 7 AERIUS berekening aanlegfase Sportlaan Strijen

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

Bijlage 8 AERIUS berekening gebruiksfase Sportlaan Strijen

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

Bijlage 9 Quickscan ecologie

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

Bijlage 10

Rho adviseurs voor leefruimte

Rapportage milieukundig bodemonderzoek

44001646.20180160

Bijlage 11

Rho adviseurs voor leefruimte

Archeologisch bureauonderzoek_Strijen, Sportlaan

44001646.20180160

Bijlage 12

Rho adviseurs voor leefruimte

Brief DS Milieu Consult

44001646.20180160

Bijlage 13

Rho adviseurs voor leefruimte

Vromvrije m.e.r.‐beoordeling

44001646.20180160

REGELS

95

Hoofdstuk 1

Artikel 1

Inleidende regels

Begrippen

1.1 plan het bestemmingsplan Sportlaan Westzijde met identificatienummer NL.IMRO.1963.SprtlnwzStrijen20‐VG02 van de gemeente Hoeksche Waard. 1.2 bestemmingsplan de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels. 1.3 aanduiding een geometrisch bepaald vlak of een figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden. 1.4 aanduidingsgrens de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft. 1.5 aan‐ en uitbouw een aan een hoofdgebouw gebouwd gebouw dat in bouwkundig opzicht te onderscheiden is van het hoofdgebouw. 1.6 aan‐huis‐gebonden beroep een dienstverlenend beroep, dat in een woning door de bewoner wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is. 1.7 achtererf de gronden die behoren bij het hoofdgebouw en gelegen zijn achter de achtergevel van het hoofdgebouw of achter een denkbeeldige lijn in het verlengde daarvan. bebouwing 1.8 een of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde. 1.9 bestemmingsgrens de grens van een bestemmingsvlak. 1.10 bestemmingsvlak een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

96

1.11 bouwen het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk, alsmede het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen van een standplaats. 1.12 bouwgrens de grens van een bouwvlak. 1.13 bouwlaag een doorlopend gedeelte van een gebouw dat is begrensd door op (nagenoeg) gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen en dat zodanige afmetingen en vormen heeft dat dit gedeelte zonder ingrijpende voorzieningen voor woonfuncties geschikt of geschikt te maken is, met dien verstande dat ruimten onder de kap en ondergrondse ruimten niet als bouwlaag worden aangemerkt. 1.14 bouwvlak een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten. 1.15 bouwwerk elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond. 1.16 bijgebouw een vrijstaand gebouw dat in functioneel en bouwkundig opzicht ondergeschikt is aan een op hetzelfde bouwperceel gelegen hoofdgebouw. 1.17 gevelopbouw elke verhoging van de gevel boven de maximaal toelaatbare goothoogte.

1.18 hoofdgebouw een gebouw, dat op een bouwperceel door zijn constructie, afmetingen of functie als het belangrijkste bouwwerk valt aan te merken. 1.19 kleinschalige bedrijfsmatige activiteiten het in een woning door de bewoner op bedrijfsmatige wijze uitoefenen van activiteiten, voor zover sprake is van een inrichting type A, zoals bedoeld in het Besluit algemene regels voor inrichtingen milieubeheer (Activiteitenbesluit) waarbij de woning in overwegende mate zijn woonfunctie behoudt met een ruimtelijke uitstraling die daarbij past. 1.20 nutsvoorzieningen voorzieningen ten behoeve van het openbare nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, elektrische laadpalen, duikers, bemalingsinstallaties, gemaalgebouwtjes, telefooncellen, voorzieningen ten behoeve van (ondergrondse) afvalinzameling en apparatuur voor telecommunicatie. 1.21 overkapping een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van een gesloten dak.

Rho adviseurs voor leefruimte

44001646.20180160

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12454841/1