Verslag raadsvergadering d.d. 8 november 2023
Tekst van het document
20
De heer STREUTKER wijst erop dat de komende weken in het teken staan van de naderende Tweede Kamerverkiezingen op 22 november. Dan mogen alle Nederlanders vanaf 18 jaar hun stem uitbrengen. Men mag zich gelukkig prijzen dat mensen in een land wonen waar vrije verkiezingen zijn, waar ieders stem telt. Een land waarin je het niet per se met elkaar eens hoeft te zijn, waarin men elkaars mening respecteert en waar mensen met elkaar in gesprek gaan om verschillen te overbruggen. Het CDA wil werken aan een land waarin men niet redeneert vanuit het ik, maar vanuit het wij, waarin niet het eigenbelang, maar het gevoel van saamhorigheid voorop staat, waarin men oog heeft voor de ander en waarin men bubbels doorbreekt. Dat is ook wat het CDA in Hilversum wenst voor haar inwoners: verbinding met elkaar, zodat ze samen kunnen werken aan een betere wereld, te beginnen in Hilversum. Het CDA is positief over de gemaakte keuzes in de Programmabegroting 2024. Veel herkent hij uit het CDA-verkiezingsprogramma en de vertaling van het coalitieakkoord. De begroting laat zien dat er de komende jaren fors wordt geïnvesteerd in zowel het fysiek als het sociaal domein. Er wordt geïnvesteerd in betaalbare woningbouw, zodat alle doelgroepen in Hilversum kunnen blijven wonen. Wat het CDA betreft moet daarbij het speerpunt liggen bij de realisatie van woningbouw voor midden- en lage inkomensgroepen.
Hij wil bij nieuwe investeringen echter wel voorkomen dat de gemeente verrast wordt door onverwachte kostenstijgingen of implementatierisico's. En voor de beheersing van de uitgaven alsmede een gedegen risico-inventarisatie en -analyse is er de doorontwikkeling van het Meerjaren Perspectief Gebiedsontwikkeling. Ook lijkt het soms alsof de kostenstijgingen in het fysieke domein met een groter gemak worden geaccepteerd en gefinancierd dan prijsstijgingen in het sociaal domein. En dat is zijns inziens niet terecht. Hij gaat ervan uit dat de gemeente de keuze maakt om mensen boven stenen te plaatsen en dat men niet in de situatie komt dat de ambities in het sociale domein alleen door kostenoverwegingen moeten worden teruggeschroefd. De heer VAN GRIEKEN vindt het fijn dat de heer Streutker zegt dat het belangrijk is een beetje voorspelbaar te kunnen begroten. Hij heeft hem nog geen reflectie horen geven op zijn collega Van Nistelrooij die vertelde dat een groot bezwaar van deze begroting is dat dat nu niet gebeurt. Er zijn kosten waarvan nu al bekend is dat die stevig zullen stijgen, zoals van het IHP en inhuurkrachten en hij vraagt hoe het CDA daarop reflecteert. De heer STREUTKER meent dat is bedoeld dat er onzekerheden op de gemeente afkomen die hij onderkent. Maar men kan niet begroten op dingen die niet concreet zijn.
De heer VAN GRIEKEN meent dat er nog maar weinig zekerheden zijn als men het aankomende IHP als een onzekerheid ziet. Het IHP komt namelijk in januari en zal veel duurder worden. Dan had men dat terug moeten zien in de begroting. De heer STREUTKER meent dat het IHP zeker in de risicoparagraaf is benoemd en komt op dat document in januari terug. Er zijn ook andere zaken die in de toekomst de aandacht vragen, zoals de personeelstekorten in de zorg en het onderwijs, maar ook bij de politie en andere maatschappelijke sectoren. Die leiden als men niet oppast tot een verschraling van de dienstverlening. Er zal een stevig beroep moeten worden gedaan op vrijwilligers. Begin oktober was er de Week tegen eenzaamheid en nu is het de Week van de mantelzorger. Het is noodzakelijk verder te werken aan actieplannen voor het tegengaan van eenzaamheid en mantelzorg. En gelukkig komen hier ook extra middelen voor beschikbaar. Ook de ontwikkelingen van wijkplannen, wijkgericht werken en de buurtteams vindt het CDA een speerpunt. Het is in buurten en wijken dat sociale en veiligheidsproblemen het eerst zichtbaar worden. Opvang dicht bij de inwoners vergt een wijkgerichte aanpak met snelle interventies, waarbij doorgeleiding naar duurdere vormen van zorg en begeleiding kan worden beperkt. Het besturen van een gemeente is een complexe taak.
De invoering van de omgevingsvisie alsmede het toewerken naar een open bestuurscultuur vergt een hoge mate van samenwerking, transparantie en dialoog. De gemeente dreigt steeds meer inwoners kwijt te raken qua vertrouwen in het openbaar bestuur. Insprekers in de raad hebben soms het gevoel te moeten vechten tegen de bureaucratie in plaats van te participeren in de samenleving waarin de gemeente dienstbaar is aan haar inwoners. Zijn fractie wenst in de komende periode dan ook zichtbare en meetbare voortgang in het vertrouwen van inwoners in de HI20231108
21
overheid. Een concreet actieplan vanuit de gemeente om het vertrouwen te herstellen is wel het minste wat hij verwacht. Afgelopen week gingen raadsleden in gesprek met Hilversumse jongeren. Er werd een poging gedaan om bubbels te doorbreken. De samenleving is gebaat bij dialoog, weten wat er in elkaars bubbels leeft en hierover met elkaar in gesprek gaan. Hij wil in de gemeenteraad het goede voorbeeld laten geven om eerlijk en respectvol met elkaar om te gaan. De gemeenteraad moet zich net zo druk maken om het welzijn van de ander als dat van zichzelf, zodat men komend jaar 600 jaar Hilversum kan vieren op een verbindende manier, waarbij alle Hilversummers zich uitgenodigd voelen om mee te doen. Het zou een feest van saamhorigheid moeten worden, waarin niet het ik maar het wij voorop mag staan. Mevrouw KALK heeft bij de behandeling van de kadernota de raad het verhaal over Jos en Ans verteld. Dat is een heel gewoon Hilversums gezin. In die kadernota ging het nog om het Hilversum met dat veelkleurige talentenpalet en ontwikkelkracht. Daarover leest zij in de begroting niets meer. Net zomin als dat zij iets leest over de nieuwe bestuurscultuur. Hoe vluchtig kunnen ideeën zijn? Hilversum is in haar opvatting de stad van de tweedeling. Het gaat niet om de vraag of Hilversum een stad of een dorp is, maar of Hilversum er is voor iedereen en iedereen gelijke kansen biedt.
Of dat al de wijken even groen zijn of dat de scholen overal even goed zijn. Hilversum is volgens haar de plaats van de gescheiden werelden, van strikt gescheiden bubbels. Jos en Ans komen niet in Trompenberg en wat hebben ze daar ook te zoeken? Een feestje voor de 600e verjaardag gaat dat echt niet veranderen. Welk Hilversum willen we zijn? Een Hilversum dat fors investeert in de aanpak van overgewicht of een Hilversum dat geen enkele fastfoodzaak ook maar een strobreed in de weg legt? Een Hilversum dat kiest voor gematigde groei of dat de woningnood en de huisjesmelkers ook echt aanpakt? Een Hilversum dat goede en betaalbare woningen bouwt of dat vindt dat een sociale huurwoning kleiner mag zijn dan het kleinste tiny house? Dat vindt de PvdA niet, en daarom dient zij ook een motie daarover in, die mede gesteund wordt door Democraten Hilversum, Hart voor Hilversum, D66 en een aantal andere partijen.
Motie M 23-137 ‘Aanpassing Doelgroepenverordening’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 8 november 2023, behandelend de Programmabegroting 2024; constaterende dat: er woningnood is; de gemeente Hilversum een woonvisie heeft waarin is opgenomen dat er een verdeling in het woonprogramma geldt die neerkomt op: 33% sociale huur, 50% middeldure huur en 17% duur; er een Hilversumse Doelgroepenverordening geldt waarin geregeld wordt dat wat als sociale en middeldure huur wordt gebouwd, dat ook blijft voor minimaal 25 jaar; in deze Doelgroepenverordening wel is opgenomen wat de prijs-/kwaliteitsverhouding is voor de middeldure huur maar niet voor de sociale huur, overwegende dat: ook voor sociale huurwoningen een vergelijkbare prijs-/kwaliteitsverhouding zou moeten gelden om te voorkomen dat er ‘hokken’ worden gebouwd als sociale huurwoningen (zie toelichting onder de motietekst); door een verandering in het woningwaarderingsstelsel dit wel tot de mogelijkheden is gaan behoren; dit met een kleine aanpassing van de doelgroepenverordening kan worden voorkomen, van mening dat: sociale huurwoningen kleiner dan 25 m² niet wenselijk zijn; geeft opdracht aan het college: de raad een wijzigingsvoorstel voor de Doelgroepenverordening voor te leggen waarin aan artikel 5 een vierde lid wordt toegevoegd dat als volgt komt te luiden: 4.
een sociale huurwoning dient een oppervlakte van ten minste 25 m² gbo te hebben. HI20231108
22
dit voorstel voor te leggen bij de raad van 20 december 2023; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 23-137 van de PvdA en Democraten Hilversum) Toelichting In de gemeente Hilversum is er vanaf 1 december 2020 een Doelgroepenverordening van kracht. Met de doelgroepenverordening is onder andere de instandhouding van de te bouwen sociale huur en middeldure huurwoningen geregeld zodat zij voor minimaal 25 jaar beschikbaar zijn in de categorie waarbinnen ze oorspronkelijk zijn gebouwd. In artikel 5 van deze doelgroepenverordening wordt de Prijs-/kwaliteitsverhouding beschreven. Echter dit artikel is beperkt tot de prijs-/kwaliteitsverhouding van de middeldure woningen. Aangegeven wordt wat de minimale gebruiksoppervlakte van een middeldure woning is, in relatie tot de nabijheid van een ov-knooppunt. Deze prijs-/kwaliteitsverhouding is niet beschreven voor sociale huurwoningen. Bij het opstellen van de doelgroepenverordening leek dat niet te hoeven omdat het woningwaarderingsstelsel hierin zou voorzien. Echter, door veranderingen in de puntenberekening in dit stelsel, is deze aanname niet meer correct. In het huidige woningwaarderingsstelsel telt het energielabel bij kleine woningen (< 25m²) zwaarder dan bij woningen tussen de 25 en 40 m².
Als je woningen verkleint naar 24 m² en kleiner daalt het aantal punten voor de WOZ waarde (kleine woning, lage WOZ), maar het aantal punten voor het energielabel neemt toe. Kleine woningen krijgen meer punten als zij voldoen aan duurzaamheidseisen dan grotere. Daardoor kan een ontwikkelaar of corporatie dezelfde huur vragen (immers het aantal punten blijft gelijk) maar wel kleiner bouwen. Het voordeel daarvan zou kunnen zijn meer woningen, het nadeel is dat je niet van volwaardige woningen kunt spreken als deze kleiner zijn dan 24 m². Om te voorkomen dat er sociale huurwoningen kunnen worden gebouwd kleiner dan 25 m² zou de Doelgroepenverordening voorzien moeten worden van een extra lid in artikel 5. Doe je dat niet, dan kunnen ontwikkelaars en corporaties kleinere woningen bouwen als sociale huur en heb je niet voldoende middelen om dit tegen te kunnen houden. Het huidige artikel 5 in de Doelgroepenverordening luidt: Artikel 5. Prijs- /kwaliteitsverhouding 1. Een middeldure huurwoning, als deze binnen 1.200 meter van een OV-knooppunt ligt, dient een oppervlakte van ten minste 40 m² gbo te hebben. 2. Een middeldure huurwoning plus, als deze binnen 1.200 meter van een ov-knooppunt ligt, dient een oppervlakte van ten minste 50 m² gbo te hebben. 3.
Een middeldure huurwoning of middeldure huurwoning plus buiten 1.200 meter van een OV-knooppunt dient een oppervlakte van ten minste 60 m² gbo te hebben. Door een vierde lid toe te voegen voorkom je dat er ‘hokken’ kunnen worden gebouwd die door moeten gaan voor een sociale huurwoning. Dat vierde artikel luidt dan: 4. Een sociale huurwoning dient een oppervlakte van ten minste 25 m² gbo te hebben. Gaat het om een Hilversum dat een derde sociale huurwoningen belooft, maar tegelijkertijd toestaat dat het aantal sociale huurwoningen alleen maar minder wordt en nu ook concreet minder is geworden? De heer DE JONG vraagt of mevrouw Kalk er van overtuigd is dat woningen met een vloeroppervlak onder de 25 m² niet kwalitatief goed zouden kunnen zijn voor mensen om daarin te kunnen wonen. Hij wijst erop dat de gemeente prestatieafspraken met woningcorporaties maakt en vraagt of die onvoldoende zijn om een minimumvloeroppervlakte te borgen. Mevrouw KALK heeft de wens tot wijziging van de Doelgroepenverordening uitgebreid toegelicht. Er is een verandering in het woningwaarderingsstelsel aangebracht, waardoor punten voor duurzaamheid dubbel gaan tellen bij kleine woningen. Het omslagpunt wanneer dat niet meer het geval is, ligt bij 25 m². De PvdA vindt 25 m² niet genoeg voor een volwaardige woning. 25 m² is echter wel genoeg HI20231108
23
voor het tegenhouden van deze ontwikkeling. Ook woningcorporaties maken gebruik van een escape in de regelgeving, zodat de kwestie in een verordening geregeld moet worden. Zij vraagt of Hilversum meer wil investeren in zorg en jeugd, maar tegelijkertijd € 1 miljoen aan bezuinigingen doorvoert en de wachtlijsten voor de hulp in het huishouden en de jeugdzorg laat bestaan. De raad kan er nu voor kiezen om het bedrag van het tekort van € 2 miljoen op te plussen in de nieuwe begroting. Dat tekort zal namelijk niet te bestrijden zijn met bezuinigingen. Niet voor niets staat de bezuiniging van € 1 miljoen wel degelijk als risico geïdentificeerd in de risicoparagraaf, in tegenstelling tot het IHP. Ook bij verduurzaming van woningen is sprake van een tweedeling. Voor de huiseigenaren is er van alles mogelijk, zoals subsidies en leningen, maar de huurder wordt verwezen naar de corporatie en moet maar afwachten wat hij gaat doen. En een energiecoach komt niet langs bij een huurder voor een adviesgesprek. Alleen stenen stapelen maakt echter nog geen fijne stad of dorp. Daarom kijkt de PvdA ook kritisch naar onderwijs, media en cultuur. Daar constateert zij veel wensdenken. Niet iedere Hilversummer is blij met de helft meer bezoekers in de openbare ruimte en bij evenementen. Zij ziet liever meer bezoekers aan musea en cultuurpodia en dat gaat niet vanzelf.
Dat vraagt om extra investeringen en anders dan vaak gedacht kost cultuur niet alleen geld, maar levert het juist geld op. Het rapport ‘Een schat van waarde’ onderschrijft dat nog maar weer eens en heeft dat op een heel mooie manier becijferd. Zij is positief over de ambitie om het culturele erfgoed beter op de kaart te zetten, zoals het unieke Zonnestraal. Het is jammer dat het bouwwerk met zijn rijke geschiedenis nog steeds geen Unesco werelderfgoed is. Het sanatorium een volwaardige bestemming geven met respect voor het landgoed en zijn bewoners lijkt echter via het convenant onvoldoende geborgd. Bij onderwijs ziet zij investeringen in schoolgebouwen, waaronder ook belangrijke monumenten. Daarin steunt zij het college, maar ook daar wil zij meer gevoel voor urgentie zien. Leerlingen en leerkrachten zitten te vaak in moeilijk te verwarmen en te kleine lokalen en soms ook nog zonder een fatsoenlijk gymlokaal. Dat helpt niet bij het aantrekken van nieuwe leerkrachten. De mobiliteitsvisie belooft een uiterst zachte overgang van autostad naar wandel- en fietsstad. Daar hoort een autoluw centrum bij, dus met minder zwaar vrachtverkeer. Liever laat zij extra geld naar fietsverkeer aan de oostzijde van het Station gaan dan naar de dure verdieping van het spoorviaduct over de Lage Naarderweg voor hoge vrachtwagens.
Het is ook echt de hoogste tijd voor het veilig maken van kruisingen voor fietsers en voetgangers en voor autovrije trottoirs in overvolle woonstraten. In plaats van het ophogen van de normen voor geluidsoverlast wil de PvdA dat de gemeente en de politie de strijd aanbinden met opgevoerde motoren en ronkende auto's. Hilversum noemt zich een mediastad en dat klinkt veelbelovend, zeker voor wie het samenspel tussen media en de democratie serieus neemt. Maar waar zijn de investeringen in de lokale journalistiek? Hoofdredacteuren van lokale kranten trekken aan de bel. De streekpers en de lokale media staan onder druk. NH Gooi kan heel veel betekenen als kweekvijver en als tegenmacht, ook voor de gemeente. Dat NH Gooi straks door het Rijk wordt gefinancierd wil nog niet zeggen dat de gemeente achterover kan gaan leunen. Voor Jos en Ans en Fatima en Mohammed verandert er weinig met deze begroting. Zij horen nog steeds over die grote plannen, over de bibliotheek, het Arenapark en het Stationsgebied, maar aan de tweedeling doet deze begroting niets en dat stelt haar teleur. Voor de Partij van de Arbeid blijft het de vraag hoe deze begroting bijdraagt aan betere kansen voor kinderen, voor de kinderen van Jos en Ans, van Fatima en Mohammed. Dat zijn er 1.250 in het rijke Hilversum.
Mevrouw REMMERS constateerde dat veel raadsleden in de aanloop naar de landelijke verkiezingen op straat zijn te vinden voor huis-aan-huis-bezoek of om te flyeren. Het is altijd interessant en leerzaam om met inwoners in gesprek te gaan over wat hen beweegt, of ze zorgen hebben en wat eraan zou kunnen worden gedaan. Men krijgt dan wel eens te maken met een dichtslaande voordeur of een ongezouten mening. Bij GroenLinks flyeren ook Nassreddin en Sajid mee en voor wat zij meemaken is wel iets meer nodig dan een beetje eelt op je ziel. Nassreddin is nota bene de enige Hilversummer uit haar HI20231108
24
fractie die in Hilversum geboren en getogen is. En aan Sajid wordt met regelmaat gevraagd of hij wel belasting betaalt. Hij wordt regelmatig genegeerd tijdens gesprekken. Of hen wordt bits toegevoegd wat zij überhaupt denken te mogen doen in Hilversum. Uit het onderzoek van het Kennisplatform Inclusief Samenleven blijkt dat er sprake is van institutioneel racisme bij de in dat onderzoek onderzochte gemeenten. Discriminatie is echter nooit een reden om anders behandeld te worden. Dat brengt haar bij de Begroting 2024, waarin staat dat het college aan de slag gaat met het opstellen van antidiscriminatiebeleid, waarvoor een budget van € 25.000,- gevonden is. GroenLinks denkt dat er veel meer nodig is voor concrete maatregelen om ervoor te zorgen dat alle Hilversummers met gelijke rechten gelijk behandeld worden en erbij mogen horen. Het gaat om een fijn leven in Hilversum, niet alleen voor Jos en Ans, maar ook voor Sajid en Nassreddin. De heer VAN NISTELROOIJ vraagt of GroenLinks dat gewenste hogere budget voor antidiscriminatiebeleid binnen het college niet heeft kunnen uitonderhandelen. Mevrouw REMMERS wijst op het sinds 2002 geldende duale stelsel, waarbij het college plannen maakt en de raad die controleert en kaders stelt. Zij vindt dat de begroting in evenwicht is en is blij met de plannen om meer huizen te gaan bouwen voor doorstroming en nieuwe Hilversummers.
Met meer inwoners maakt het gemeentebestuur keuzes voor een andere inrichting van de openbare ruimte. Het STOMP-uitgangspunt vindt GroenLinks daarbij uitstekend, met voorrang voor stappers en trappers. Dat heeft niets met een anti-autosentiment te maken, maar alles met een veilig inrichten van Hilversum. In het onderwijs is sprake van te veel verouderde gebouwen, te weinig onderwijsvierkante meters en te weinig frisse schoolgebouwen. Het IHP uit 2020 is nauwelijks uitgevoerd. Uit door GroenLinks aangeleverde cijfers blijken de risico’s daarvan zonneklaar. 13% van de leerlingen die vaak les krijgen in een bedompt lokaal krijgt een lager schooladvies. Dat heeft consequenties voor de rest van hun leven en hen wordt tekort gedaan. Het college heeft de urgentie herkend en is bereid om daarvoor geld vrij te maken. Motie M 23-148 van de SP, de PvdA en D66 over frisse scholen steunt zij inhoudelijk. Zij hoopt dat de wethouder bij het IHP integraal op frisse scholen terugkomt. Afgelopen 6 november jl. was er een bijeenkomst over leerlingenvervoer en de diskwalificatie van de VVD over uit de hand lopende kosten herkent zij niet. Medewerkers geven Wmo- en leerlingenvervoer met hart en ziel inhoud. GroenLinks heeft daarover artikel 41-vragen gesteld, zodat die misschien antwoorden opleveren waarop een inhoudelijke discussie over het leerlingenvervoer te voeren is.
Zij wil ook graag dat er meer sporters komen. Tijdens en na de coronaperiode is een aantal sporters afgehaakt en vanaf 2012 wordt er al gesproken over bewegingsarmoede. De slachtoffers van de coronapandemie waren diegenen met een ongezonde leefstijl, diabetes type 2, hart- en vaatziekten, overgewicht en obesitas. De Nota Sport heeft wat haar betreft dan ook een directe link met volksgezondheid en preventie, want qua volksgezondheid gaat het eigenlijk helemaal niet zo heel erg goed in het Gooi. De vaccinatiegraad van jonge kinderen daalt en ook jongeren drinken graag. Ondanks alle voorlichtingscampagnes blijven mensen roken en jongeren zijn en masse gaan vapen. Overgewicht is in het Gooi ook een probleem. Als de SP de motie over alcoholgebruik uit de la wil halen, dan kan die op de steun van GroenLinks rekenen. Houtstook is een grotere bron van fijnstof dan wegverkeer. Dat heeft gevolgen voor de luchtkwaliteit en voor de gezondheid van mensen. En als men onder andere de gevolgen van houtstook door ondertekening van het Schone Lucht Akkoord kan verminderen, begrijpt zij niet dat een politieke partij dat niet doet, omdat die als coalitiepartij preventie hoog in het vaandel heeft staan.
Aansluitend op het Schone Lucht Akkoord zou zij graag zien dat de burgemeester blijft lobbyen voor een landelijk vuurwerkverbod of, zolang dat uitblijft, zich aansluit bij de groeiende groep gemeenten die daar niet op wil wachten en kiest voor andere uitingen van blijdschap. Wethouder Van Voorden heeft met Zorg en ondersteuning een ingewikkelde portefeuille. Zorg en ondersteuning worden geacht beschikbaar te blijven als dat nodig is, maar anderzijds zijn er de kosten. Zij verwacht dat de wethouder met concrete maatregelen komt voor vrijwilligers en mantelzorgers, wat niet eenvoudig is. Het aantal vrijwilligers is sinds de coronapandemie gedaald en het aantal mantelzorgers is HI20231108
25
zeker groot, maar het aantal dat te veel belast is en overbelast dreigt te raken is eveneens groot. Zij verwacht dat het college er alles aan doet om preventieve maatregelen te nemen en de zorg beschikbaar te houden voor hen die dat nodig hebben. De brief die de raad vanmiddag bereikte toont aan dat er niet genoeg is gebudgetteerd. In de afgelopen zeven jaar zijn de kosten verhoogd met zo'n € 10 miljoen tot € 27 miljoen. Ook voor 2024 komt de gemeente hoogstwaarschijnlijk tekort. Daarop komt zij nog terug en zij neemt aan dat de wethouder nog reflecteert. In 2024 is de viering van het 600-jarig bestaan van Hilversum, met evenementen voor alle Hilversummers. Er is veel om trots op te zijn. Het is fijn om in Hilversum te wonen. Er zijn meer woningen, er is meer groen en er is een prachtige natuur vlakbij. Hilversum kent ook huisdieren. Het betreft katten, honden en vogels. Ook aan hen wil zij denken bij alle festiviteiten en daarom tijdens de viering van het 600 jarig bestaan van Hilversum geen vuurwerk laten afsteken. Het gemeentebestuur kan het feest vooral in gezamenlijkheid vieren. Mevrouw WALTERS (wethouder) hoorde bij de woordvoerende fracties een eigen insteek, maar toch ook dezelfde benoemde zorgen en risico’s. Het college let op de schulden en de daarover te betalen rente.
Het college ziet de behandeling van de startnotitie over het participatiebeleid als een eerste moment om met de raad over het vertrouwen in het gemeentebestuur van gedachten te wisselen. Er vindt veel participatie op plannen plaats, maar toch zeggen veel mensen zich niet gehoord te vinden. De heer EERENBERG suggereert daarbij de laatste ervaring die inwoners hadden bij het loket van Burgerzaken mee te nemen. Mevrouw WALTERS (wethouder) bevestigt dat. Het college investeert een flink bedrag in verbeterde dienstverlening en zij wil ook toezien op die dienstverlening. De wijze van behandeling bij het aanvragen van een paspoort of bij een Wmo-aanvraag doet ertoe voor het vertrouwen in de gehele gemeente. Het college verricht heel veel daden, wat de SP ook aanbeveelde, zoals met het vernieuwen van het Wmo-beleid. D66 vindt het beleid niet ambitieus vanwege het bouwen van minder woningen dan oorspronkelijk gepland bij sommige projecten. Het college is echter aan de slag met 1221, het Stationsgebied, het Arenapark, Bruisend Hart, de Kerkbrink, de Gijsbrecht van Amstelstraat, de Meent en straks ook Kerkelanden en het Media Park. Er is dus zeker sprake van ambitie. Daarnaast is er een stevig woningbouwprogramma, bestaande uit 3.000 woningen tot 2030. Die woningen wil zij vooral realiseren.
Op amendement A 23-139 van D66, ‘Precario alleen eerlijk laten stijgen’, heeft zij al in de commissievergadering gereageerd. Het doel is om de hoogte van de precariorechten naar een gemiddeld niveau te laten toegroeien van gemeenten waarmee Hilversum vergelijkbaar is. Dat gebeurt stapsgewijs en vindt zij passen bij het feit dat sinds de coronaperiode veel terrassen zijn uitgebreid en waarbij tentdoeken zijn toegestaan. Terrassen hebben dus economische betekenis voor de caféhouder. Daarvoor vraagt de gemeente een kleine verhoging. De ondernemer hoeft niet meer te betalen voor elk reclamebord en elke vlaggenmast. Dat betekent een vereenvoudiging en minder kosten. Het college ontraadt daarom amendement A 23-139. De VVD maakt zich zorgen of er nog wel woningen in het midden- en hogere segment worden opgeleverd, met 72% oplevering van woningen in het sociale segment het afgelopen jaar. Dat heeft ook te maken met het jaar van oplevering van projecten. In 2022 werd er toevallig een sociaal woningbouwplan op Anna’s Hoeve met bijna honderd woningen opgeleverd. Binnenkort start er een middenhuurappartementenproject van een woningcorporatie, zodat het aandeel middenhuurwoningen weer stijgt. Het afgelopen jaar is een middenhuurproject aan de Kapelplaats opgeleverd. De Torenstraat bevat zeer veel dure woningen. Woningen in het hogere segment zijn er dus wel.
Op 10 november gaat zij met de nieuwe directeur van Dudok Wonen op het hoogste punt van Volente in Nieuw-Zuid staan. Het betreft 108 woningen, waarvan 50 sociale woningen en 50 woningen met zorg. Uiteindelijk stuurt het college continu op 33% sociale woningbouw, 50% middeldure bouw en 17% dure woningbouw. Er wordt gestuurd op 27%
HI20231108
26
sociale woningen. De gemeente is met 150 sociale huurwoningen gegroeid en dat is dus geen achteruitgang. De heer FENNEMA schetste dat het college enorm veel sociale woningen moet bijbouwen als woningcorporaties veel sociale woningen verkopen, teneinde het percentage van 27 te kunnen behouden. Over de hele linie laat het college veel woningen in het lagere segment toevoegen, ook koopwoningen, zodat men daarmee de markt overspoelt. De verkoopcijfers van woningcorporaties zou men dus in de percentages moeten meenemen. Mevrouw WALTERS (wethouder) stelt dat er minder sociale woningen verkocht moeten worden om tot 27% te komen. Daar wil het college een verandering zien. Bij het bouwen van meer sociale huurwoningen worden er ook iets meer sociale woningen verkocht. Het gaat slechts om een klein gat. Democraten Hilversum deed alsof de gemeente Hilversum er financieel niet zo goed voor staat. Veel gemeenten praten momenteel over bezuinigingen, wat in Hilversum absoluut niet aan de orde is. De financiële kengetallen staan er goed voor en bevinden zich in de A- of B-categorie. Het IHP gaat de gemeente geld kosten en voor de jeugdzorg moet er ook geld bij. In de begroting wordt ook de algemene reserve opgeplust van € 69 miljoen naar € 82 miljoen. Ook de reserve stedelijke ontwikkeling groeit van € 12 miljoen naar € 16 miljoen.
Rekening houdend met de septembercirculaire is er oplopend € 5 miljoen aan structurele ruimte. Nieuwe ontwikkelingen zijn dus op te vangen. De heer VAN NISTELROOIJ wenst geen buffer te creëren, maar wil voorzieningen hebben, zoals scholen. Mevrouw WALTERS (wethouder) realiseert ook heel veel voorzieningen. Voor scholen wordt ook een plan gemaakt ten behoeve van een voortvarende aanpak. De heer VAN NISTELROOIJ begrijpt niet dat het presenteren van een buffer als positief wordt gezien. Mevrouw WALTERS (wethouder) is blij met een buffer, ook vanwege de toch nog wel wiebelige omgeving. De heer EERENBERG deelt mee dat Hart voor Hilversum ook heel blij is met een buffer. Mevrouw WALTERS (wethouder) vervolgt dat het vertrouwenspercentage van 35 vanuit de inwoners is gegeven zonder rekening te houden met fusieperikelen. De ChristenUnie heeft ook extra wensen en ideeën en merkte de gelijkblijvende budgetten op. Elk jaar is er ook een post voor nominale ontwikkelingen, zijnde loon- en prijsstijgingen, en voor autonome ontwikkelingen. Die laatste post komt dan bij de voorjaarsnota vrij en daarmee plust het college budgetten op. De heer NANNINGA vraagt of de buffer voor kostenstijgingen dezelfde is als de reserve in te zetten voor projecten. Mevrouw WALTERS (wethouder) legt uit dat dat een jaarlijkse structurele stelpost is, in te zetten bij elke voorjaarsnota.
Over motie M 23-155 van de ChristenUnie en de PvdA over de woonzorgvisie is het college positief. Het college wil de raad in december een brief sturen over de planning van die visie. Daarna gaat zij in op motie M 23-137 van de PvdA en Democraten Hilversum over aanpassing van de Doelgroepenverordening. In prestatieafspraken, bij vergunningen en projecten let het college erop dat woningen groter zijn dan 25 m². Woningcorporaties vinden die oppervlakte als ondergrens niet moeilijk. Voor het Circusterrein is 25 m² precies de ondergrens. Bij woningsplitsing bedraagt die ondergrens 35 m². Daarom is zij positief over het voorstel, met de kanttekening nog uit te zoeken of er maatwerk nodig is voor woonwagens, mantelzorgwoningen en tiny houses. In december kondigt zij een raadsvoorstel aan om de Doelgroepenverordening aan te passen op de genoemde 25 m² en dat voorstel agendeert zij dan meteen voor de raadsvergadering in die maand. Mevrouw KALK gaat daarin mee en vindt het niet meer nodig motie M 23-137 in stemming te brengen, met dien verstande dat de motie zoals bedoeld wordt uitgevoerd en voor de drie genoemde doelgroepen maatwerk mogelijk is. Mevrouw WALTERS (wethouder) maakt het voorbehoud dat zij moet uitzoeken of dat maatwerk echt mogelijk is. HI20231108
27
Wat betreft lokale media is zojuist een betere samenwerking met de streekomroep gestart, die is gehuisvest in de Gooise Brink. Die heeft onlangs een extra stimuleringsbijdrage van het Rijk ontvangen. Die omroep kan dus doorontwikkelen naar een mooie streekomroep. GroenLinks hield een betoog over discriminatie en het belang van het antidiscriminatiebeleid. Het eerste geld daarvoor is gereserveerd en het college gaat eind 2024 daarmee aan de slag. De heer VAN VOORDEN (wethouder) is onder de indruk van alle betogen, die mooi en inspirerend waren om te horen. Ook het college baalt er enorm van dat pas laat de overschrijding op de jeugdzorg is gezien. Daarover heeft het college hedenmiddag een brief naar de raad gestuurd en het wil daarmee aan de slag gaan. Het college komt in het eerste kwartaal van 2024 terug naar de raad met maatregelen om overschrijdingen in de toekomst te proberen te voorkomen. Het gaat om zeer specialistische jeugdzorg waarover goed nadenken nodig is. Hij wil dus de tijd krijgen om verdiepend onderzoek te doen en bezien waar de overschrijdingen hem in zitten en of die structureel of incidenteel zijn. Bevindingen worden meegenomen in de voorjaarsnota. Dan is er hopelijk meer inzicht, zodat een goed gesprek bij behandeling van de kadernota mogelijk is.
Mevrouw KALK wijst erop dat het niet de eerste keer is dat een overschrijding heel laat werd gemeld, dat die met de regio te maken heeft en dat de constatering wordt gedaan dat bijzondere en gespecialiseerde jeugdzorg duur zijn. De overschrijding valt niet op te lossen met halve maatregelen of met het uitgaan van goede bedoelingen en ingeboekte bezuinigingen. Zij vraagt de wethouder daarom om de ingeboekte bezuiniging die nu nog in de begroting staat te heroverwegen en in diens verhaal mee te nemen. De heer VAN VOORDEN (wethouder) verklaart zich daartoe niet bereid, omdat het gaat om vastgesteld beleid door de raad, genaamd ‘Op koers naar een financieel gezond sociaal domein’. Nu gaat het erom wat er aan de hand is en of wel realistisch wordt begroot. Vastgestelde programma’s zorgen hopelijk voor een besparing. Landelijk wordt de toestroom naar jeugdzorg alleen maar groter. Het college probeert die in de beleidsprogramma’s in beweging te krijgen. Hij wil de raad goed informeren en laten weten of de te treffen maatregelen realistisch zijn. Mevrouw KALK verwacht bij het niet heroverwegen van de ingeboekte bezuiniging over een jaar te moeten constateren dat het tekort geen € 2 miljoen maar € 3 miljoen zal zijn. Zij verzoekt de wethouder opnieuw naar die ingeboekte bezuiniging te kijken. Als dat niet gebeurt kondigt zij daarover een motie aan.
Zij hoopt dat de raad daarnaar dan ook zal kijken. De heer VAN VOORDEN (wethouder) zegt toe bij de bespreking van de kadernota een herijking te maken met de vraag of de ingeboekte bezuiniging realistisch is. Het college wil een (op)bouwdepot voor de jeugd, zoals vermeld in motie M 23-146 van de SP en de PvdA, onderzoeken en vindt dat een interessante gedachte. Daarnaast vindt het college indicaties voor onbepaalde tijd voor de Wmo, zoals vermeld in motie M 23-149 van de SP en de PvdA, interessant, maar niet voor de jeugd. In sommige gevallen kan een langere indicatie nuttig zijn, waardoor mensen minder vaak gezien hoeven te worden en meer zekerheid krijgen. Het college steunt dus motie M 23-149 als jeugdzorg daaruit wordt gehaald. Wat betreft tweedeling, waarover de PvdA het had, wijst hij op de vastgestelde visie, met ongelijk investeren voor gelijke kansen. Die tweedeling heeft dus de aandacht van het college. De opmerking van de PvdA over Zonnestraal neemt hij mee en het college heeft goed overleg met de eigenaren en de bewoners daarvan. Over volksgezondheid kondigt hij een beleidsplan aan, waaraan eerst een startnotitie vooraf gaat, zodat de raad input aan het college kan meegeven. Er komen actieprogramma’s voor mantelzorg en tegen eenzaamheid.
De afgelopen week is er een mantelzorgwebsite gelanceerd, ‘MantelzorgGV.nl’, die samen met de gemeenten Gooise Meren en Wijdemeren is geïnitieerd. Op 7 december is het vrijwilligersgala in het MCO, waarvoor alle raadsleden zijn uitgenodigd, evenals alle vrijwilligers. Op die avond zullen de vrijwilligersprijzen worden uitgereikt, waarvoor inmiddels 230 nominaties zijn ontvangen. Mevrouw BOUKHRISS dient de door de SP aan te passen motie M 23-149 over indicaties voor onbepaalde tijd graag mede in. HI20231108
28
De heer SCHEEPERS (wethouder) gaat in op motie M 23-145 van de SP en de PvdA over het actualiseren van oude beleidsstukken. Komend jaar staat er een nieuwe economische visie op de agenda. De startnotitie daarvan is geagendeerd voor het eerste kwartaal van 2024. De onderliggende nota’s, met een rol voor zorg, worden met de nieuwe startnotitie ondervangen. Volgend jaar zal dus de lijst vermeld in de motie significant korter zijn, zodat hij die van harte kan aanbevelen. Het college adviseert niet positief over amendement A 23-140 van D66 en de PvdA over het gelijk trekken van streefwaarden voor sport en cultuur. Het rücksichtslos gelijk trekken van doelstellingen van sport en cultuur noemt hij appels en peren vergelijken. Belangrijker is dat bij het cultuurbeleid wel degelijk wordt uitgegaan van een streven van 65% van Hilversummers die over het culturele aanbod tevreden zijn. Dan moet het zojuist vastgestelde beleid wel eerst uitgevoerd kunnen worden, waarvoor enkele jaren nodig zijn. Men komt van 50%. De heer VAN NISTELROOIJ ziet meerdere streefwaarden in de begroting die al jarenlang niet gehaald worden, maar die wel zijn neergezet en waarop hij ook geen extra inzet ziet. De heer SCHEEPERS (wethouder) acht het niet realistisch om de streefwaarden voor cultuur in één jaar van 50% op 65% te krijgen.
Het college heeft overigens buitengewoon veel vertrouwen in het cultuurbeleid en de culturele instellingen. De heer Van Nistelrooij gaf aan geen buffers te willen en hem wijst hij op het MPG, waarin het belang van het hebben van financiële buffers heel erg duidelijk wordt. In dat kader vraagt hij aandacht voor motie M 21-87, ingediend door de heren Blok en Van Rooden, die gaat over het voeren van prudent financieel beleid en dat kengetallen niet in categorie C terecht mogen komen van de VNG-normen van financiële soliditeit. Hij verzekert dat buffers nodig zijn om in die categorie te kunnen blijven. Tot slot is hij trots en blij met de onvolprezen analyse van de heer Göbbels over de eerste aankondiging van het Hilversum 600-logo. 600 jaar Hilversum is dé kans om door bubbels heen te breken, wat zeker niet in een jaar zal lukken. Wellicht is 2024 het jaar dat Nassreddin en Sajid als echte Hilversummers zullen worden beschouwd. De heer HELLER (wethouder) licht de governance van de Tomingroep toe. Er is gekozen voor een gemeenschappelijke regeling in de vorm van een werkvoorzieningsschap, met een algemeen en dagelijks bestuur, bestaande uit wethouders van deelnemende gemeenten. Het werkvoorzieningsschap is enig aandeelhouder van de BV, waarin de business zit. Vervolgens gaat hij in op motie M 23-147 van de SP, de PvdA en D66, ‘Hilversummers niet in de kou’.
De energietoeslag is belangrijk om te voorkomen dat grote groepen Nederlanders onder de armoedegrens terecht komen. Die toeslag wordt voor het tweede jaar op rij automatisch uitgekeerd en de inkomensgrens daarvoor is verhoogd. Het betreft een landelijke regeling, die de gemeente niet zomaar mag uitvoeren. De uitvoering vindt plaats op basis van een landelijke regeling en een rijksbudget, dit jaar € 7,2 miljoen. Wat betreft chronisch zieken e.d. is al een vergoeding mogelijk vanuit de bijzondere bijstand. Daar kan op basis van maatwerk en individualisering een oplossing geboden worden. De aanpak is om structureel de energielasten omlaag te brengen door isolatie- en andere maatregelen te treffen via het energiearmoedebeleid en het Hilversums isolatieprogramma en de wijkaanpak. Op korte termijn komt hij daarop bij de raad terug. Hij onderschrijft de niet zo fijne formulering van ‘minima-ouderen’ in amendement A 23-150 van de SP en de PvdA en zegt toe die term te zullen aanpassen. Mevrouw KALK vraagt hoe de wethouder verklaart dat huurders na invulling van een formulier geen energiecoach krijgen toegewezen. De heer HELLER (wethouder) heeft zich in de vorige ronde van het energiearmoedebeleid expliciet op huurders gericht, zodat het voorbeeld dat mevrouw Kalk gaf niet zou moeten gebeuren.
De doelgroep huizenbezitters met een laag inkomen is makkelijker tot actie te bewegen dan huurders. Die ervaring ziet men in heel Nederland. Er zijn nieuwe energiecoaches geworven en huurders blijven een belangrijke doelgroep voor het energiearmoedebeleid.
HI20231108
29
Mevrouw KALK vraagt het college te onderzoeken hoe het kan dat huurders geen energiecoach krijgen toegewezen. De heer HELLER (wethouder) zegt toe daaraan een collegebrief te zullen wijden. Wat het college betreft heeft het college het STOMP-principe voldoende in de stukken geborgd, waarover amendement A 23-154 van D66, de PvdA, de ChristenUnie en de SP, ‘Consequent beleid voor mobiliteit’ gaat. Het principe is in het Uitvoeringsprogramma mobiliteit en het parkeerbeleid opgenomen. Wat hem betreft is het amendement onnodig, evenals het op elke pagina gebruiken van de term. In plaats daarvan wil hij het hebben over zaken waarom het echt gaat, zoals mooie projecten voor de Kerkbrink en omgeving, waarover wethouder Scheepers binnenkort het gesprek met de raad wil voeren. De heer VAN GRIEKEN concludeert dat de wethouder positief adviseert over amendement A 23154. De heer HELLER (wethouder) vindt het amendement overbodig. De heer VAN GRIEKEN begrijpt dat het STOMP-principe als basisprincipe door het college zo belangrijk wordt gevonden, maar dat het niet nodig is om dat op te schrijven. De heer HELLER (wethouder) raadt aan een besluit te nemen en al dan niet een bullet toe te voegen en daarna verder te gaan. Mevrouw REMMERS vindt STOMP een buitengewoon belangrijk uitgangspunt dat de gemeente vooral moet uitvoeren.
De heer HELLER (wethouder) snapt de gedachte achter motie M 23-157 van de VVD, ‘Van bijstand naar boa’, vanuit het perspectief van bijstandsgerechtigden als vanuit de behoefte aan boa’s. Het UWV biedt een leer-werktraject aan dat ook in de regio beschikbaar is voor boa-medewerkers. Het college heeft desondanks moeite om deze vacatures te vervullen, wat ook te maken heeft met de functie van boa, die niet te onderschatten is. Er wordt veel kennis gevraagd van betrokkenen, evenals sociale vaardigheden. Het bestand van de Participatiewet omvat mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Dat laat onverlet dat het belang van uitstroom vanuit de bijstand naar de arbeidsmarkt van groot belang is. Consulenten bieden daartoe concreet trajecten aan. Er zijn ook trajecten via het Werkgeversservicepunt die regionaal worden aangeboden. In het eerste kwartaal van 2024 legt hij een actieplan voor om een groter aantal mensen uit de bijstand te laten stromen, waarbij ook wordt ingegaan op de basisbaan en intensievere nazorg bij werkaanvaarding. Ook gaat het daarbij om extra inzet op statushouders, parttime werk en ondernemerschap. Hij snapt de gedachte van amendement A 23-142 van Democraten Hilversum en D66 over de voetgangers- en fietsbrug bij de Van Linschotenlaan. De feitelijke vervoersvraag ter plekke is eigenlijk heel minimaal.
De heer GÖBBELS vraagt de wethouder te reflecteren op de aantallen nieuwe bewoners in het gebied en de aankomende Philipslocatie, Anna’s Hoeve, het nieuwe regionale zorgcentrum, de te bouwen 300 woningen op Monnikenberg en de onbereikbaarheid van de HOV-halte voor de mensen die wonen aan de zijde van Anna’s Hoeve. De heer HELLER (wethouder) zijn die ontwikkelingen bekend, maar niemand moet aan de andere kant van het spoor zijn, zodat enorm grote aantallen overstekers niet te verwachten zijn. De kosten bedragen echter minimaal € 1,5 miljoen en het gaat om een enorme ruimtelijke impact, omdat men over bedrading van een spoorweg heen moet gaan. De effort voor zo’n onderzoek is volgens het college zinvoller in te zetten. De heer GÖBBELS wijst erop dat het college in 2019 zelf ook voor een fietsbrug opteerde. De heer HELLER (wethouder) wijst in dat verband op voortschrijdend inzicht. Het lastige aan motie M 23-138 van Democraten Hilversum, ‘Geluidsmetingen Schiphol’, is dat die al vrij concreet en specifiek zaken invult en voorschrijft, waarover hij twijfelt of dat kan, moet en verstandig is. Hij zegt toe contact op te nemen met de instelling achter het NOMOS-meetwerk en het idee daar voor te leggen. Met een reactie en eventuele mogelijkheden komt hij in het eerste kwartaal van 2024 naar de raad terug.
Naar aanleiding van motie M 23—143 van Democraten Hilversum, de PvdA, D66 en de ChristenUnie, ‘Veilige fietsrotonde Gooiland’, verdient het de voorkeur om de algemene lijn te volgen dat HI20231108
30
fietsers binnen de bebouwde kom bij rotondes voorrang verleend wordt. Zijn voorgangers hebben echter besloten om die rotonde anders in te richten vanwege congestie op de Centrumring. Verder geeft hij in overweging dat fietsers voorrang verlenen betekent de rotonde deels her in te moeten richten. Het college overweegt dat er qua effect en noodzaak zinvollere bestedingen zijn, waarbij hij verwijst naar het Uitvoeringsprogramma mobiliteit, dat de raad onlangs heeft vastgesteld. De heer GÖBBELS heeft het amendement vanwege voortschrijdend inzicht ingediend. De heer HELLER (wethouder) begrijpt dat. De heer NANNINGA verwijst naar een viaduct aan de Lage Naarderweg dat voor meer dan € 2 miljoen helemaal uitgediept moet worden voor enkele vrachtauto’s richting het centrum die daar eigenlijk niet gewenst zijn. Dat geld zou wellicht voor de Gooilandrotonde ingezet kunnen worden. De heer HELLER (wethouder) doet graag de discussie van enkele maanden terug over, maar vraagt zich af of de gehele raad dat ook vindt. De heer FENNEMA memoreert dat auto’s helaas voorrang hebben moeten krijgen op de Gooilandrotonde, omdat anders de hele stad vast staat. De reden van het uitdiepen van het viaduct op de Lage Naarderweg is vanwege het kunnen halen van een kruisende verkeersstroom van de Sumatralaan en de ringweg, zodat vrachtauto’s niet meer door een woonwijk hoeven gaan.
De heer GÖBBELS vraagt of de VVD doorstroming of verkeersveiligheid voor kwetsbare verkeersdeelnemers belangrijker vindt. De heer FENNEMA stelt dat het niet zwart-wit is. Op sommige punten moet men kiezen voor doorstroming. De heer GÖBBELS refereert aan specialisten en verkeersdeskundigen van Veilig Verkeer Nederland die adviseren om binnenstedelijk fietsers op rotondes voorrang te verlenen en eenduidig te zijn. De situatie is nu alleen maar verwarrend. De heer FENNEMA erkent dat de situatie nu uitzonderlijk is, maar ook bij de Vreelandseweg en de Diependaalselaan fietsers op rondes geen voorrang hebben. Het centrum wordt autoluw en er komt een maximumsnelheid van 30 km per uur op de ringweg. Er gebeurt dus al heel veel voor fietsers. De Gooilandrotonde aanpassen leidt er echter toe dat heel Hilversum vast zal staan, wat men niet zou moeten willen. De heer GÖBBELS heeft in motie M 23-143 voldoende verwoord waarom het aanpassen van de Gooilandrotonde wel gewenst is. De heer STREUTKER sluit zich aan bij de heer Fennema. De heer LAHAISE concludeert uit de gevoerde discussie dat STOMP niet vaak genoeg genoemd kan worden als vorm van voortschrijdend inzicht. De stad STOMP inrichten betekent investeren, bijvoorbeeld in kruispunten, zoals bij de Alexiatunnel en de Gooilandrotonde.
De heer HELLER (wethouder) concludeert dat de meningen hierover verschillen in verband met de weging der belangen. Het belang van voorrang verlenen aan fietsers is wat betreft het college niet dermate groot dat dat andere zaken uitstellen of laten liggen vergt. Motie M 23-156 van de ChristenUnie, de PvdA en D66, ‘CO2-beprijzing’, kan enorm in consequenties doorwerken, over en door beleidsvelden en portefeuilles heen. Het college wil graag meer tijd hebben om hierover goed na te denken, waarna het met een reactie komt. Daarom vraagt het college de motie tot 15 november a.s. aan te houden. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) vond de opmerkingen ter ondersteuning van het belang van sport en onderwijs heel fijn, evenals dat is benoemd dat het werken vanuit wijken en buurten belangrijk is en dat het goed is om af en toe buiten je bubbel te komen en met jongeren in gesprek te gaan. Zij bevestigt dat zo snel mogelijk een eerste verkenning naar een buurthuis in De Riebeeck zal worden gestart. Die verkenning zal in de komende maanden starten, maar wanneer precies kan zij nog niet aangeven. Het coalitieakkoord vermeldt dat er een multifunctionele accommodatie komt. De gemeente voldoet altijd aan de eisen voor kunstgrasvelden.
Het komende jaar vindt actualisering van het onderhoud van deze velden in het Meerjarig Onderhouds Plan (MOP) plaats en daarnaast zal er een accommodatieonderzoek plaatsvinden. HI20231108
31
De heer VONK vraagt de wethouder voor de behandeling van de voorjaarsnota met een evaluatie van de regeling voor energietoeslagen voor organisaties en verenigingen naar de raad te komen. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) zegt die evaluatie toe. Motie M 23-148 van de SP, de PvdA en D66 over frisse scholen begrijpt zij, omdat het IHP pas in maart 2024 naar de raad komt. Zij onderkent dat het belangrijk is om kinderen in een frisse omgeving naar school te laten gaan. Een onderzoek naar frisse scholen betreft 36 PO-scholen, een waanzinnige operatie, waaraan de gemeente miljoenen euro’s kwijt zal zijn. Daarom ontraadt zij die motie en vraagt zij de indieners die aan te houden tot het IHP, waarbij de raad een voorstel over frisse scholen tegemoet kan zien. Een integrale benadering is volgens haar beter. De heer VONK gaat het in eerste instantie om reëel budgetteren en wil graag horen hoeveel geld het kost om scholen te laten voldoen aan de wettelijke verplichting van frisse scholen conform kwaliteit C. Hij vraagt daarom om de toezegging dat de wethouder daarmee aan de slag gaat. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) doet dat absoluut en het onderwerp komt integraal in het IHP terug. Er komt dan een voorstel over frisse scholen naar de raad, inclusief de financiële consequenties.
Mevrouw JANSSON vraagt of de voorkeur van de wethouder uitgaat naar het voldoen van scholen aan de B- of C-categorie. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) antwoordt dat landelijk categorie B wordt aangehouden en dat is de wensrichting. Zij kondigt een heel duidelijk advies op dit punt aan. De heer LAHAISE wijst erop dat de indieners in de motie daarom juist vragen en wil weten waarom de wethouder motie M 23-148 ontraadt. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) ontraadt die motie omdat die wordt losgetrokken van het IHP, wat het college niet wil. De heer LAHAISE kan zich vinden in het geven van een antwoordt in maart a.s., zodat hij niet begrijpt waarom de wethouder het voorstel in motie M 23-148 over frisse scholen niet omarmt. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) legt uit dat in het IHP alle bouwprojecten betreffende nieuwbouw en renovatie aan de orde komen en dat gaat dus niet over scholen waaraan niets hoeft te gebeuren. De heer VAN GRIEKEN begrijpt dat het college alleen kijkt naar de luchtkwaliteit van scholen die vernieuwd moeten worden en andere scholen daarin niet worden meegenomen. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) beperkt zich in het IHP tot scholen die gerenoveerd of vernieuwbouwd moeten worden. In die verbouwing of renovatie wordt ook naar de component frisse scholen gekeken. Scholen die niet op de IHP-lijst staan met geen goede luchtkwaliteit worden dus niet meegenomen.
De luchtkwaliteit is overigens een verantwoordelijkheid van de schoolbesturen zelf. D66 en de PvdA dienden een amendement A 23-141 in om te voorzien in één sportvoorziening in de buitenruimte. Dat amendement loopt vooruit op de Sportnota en het ontbreekt nu aan een kader om los van die nota ergens een sportvoorziening te openen. Dat amendement ontraadt zij en dat is eventueel tot de behandeling van de Sportnota aan te houden. De heer VAN NISTELROOIJ verwijst naar pagina 17 waar over sportaccommodaties vermeld staat: ‘Wij ondersteunen nieuwe initiatieven voor bewegen in de openbare ruimte.’ Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) wil het hele verhaal met een visie en onderbouwing in één keer aan de raad presenteren, zodat een integraal besluit mogelijk is. Zij zegt toe de komende maanden het leerlingenvervoer intern te zullen analyseren, waarop zij in het voorjaar terugkomt. Overigens is zij blij met de dienstverlening van de regio als het om leerlingenvervoer gaat, die heel goed gaat. Er was sprake van een nieuwe tariefstelling en een opstaptarief. Hilversum heeft relatief gezien met vele korte ritjes te maken. Motie M 23-151 van de VVD en D66, ‘H600 verbindt sportvereniging en onderwijs’, noemt zij elegant en leuk. Het college doet al heel veel op het gebied van samenwerking tussen onderwijs en sport en onderneemt veel activiteiten, dit vanwege het belang van sporten.
Dat draagt bij aan gezondheid, het ervaren van succes en sociale interactie. Er zijn gecombineerde initiatieven en de gemeente doet aan ‘Fit en vaardig’. Op basis van de NPO-gelden zijn veel zaken in het leven geroepen. Er is een naschools beweegaanbod, evenals motorische remedial teaching. Na een presentatie tijdens het maandelijkse overleg HI20231108
32
heeft zich een initiatiefnemer gemeld die ervaring heeft met het organiseren van een sportevenement met scholen en sportverenigingen. Er is een plan en begeleiding van Hilversummers.nl om de subsidie in orde te maken. Het college omarmt motie M 23-151. De VOORZITTER schorst de vergadering om 22.22 uur. Schorsing. De VOORZITTER heropent de vergadering om 22.40 uur. Tweede termijn De heer GÖBBELS vernam de enorme overlast waarvan in Oost sprake is betreffende het geluid van vliegtuigen. Op dat onderwerp komt hij dus zeker terug, maar motie M 23-139, ‘Geluidsmetingen Schiphol’, houdt hij nu aan. De heer FENNEMA ondersteunt de heer Göbbels in dezen. De heer VAN NISTELROOIJ heeft niets tegen buffers om projecten te kunnen realiseren of om onvoorziene zaken op te vangen. Als projecten volgens planning verlopen en men houdt een buffer over is dat goed. Als ze niet conform de planning verlopen en men maakt daarvan een buffer, dan is dat niet om iets op te vangen, waarvan hier sprake is. Oorspronkelijk zou de Internationale Primary School dit jaar gereed zijn, wat nu niet het geval is. Dan schuift men dingen door naar de toekomst en is het maar de vraag of dat een echte buffer is. Er lopen meerdere grote bouwprojecten, maar feit is dat het doel van 350 woningen per jaar de afgelopen twee jaar niet is gehaald. Hij is er niet gerust op dat dat nu wel gaat lukken.
Voorts ziet hij dat de ambities op twee plekken worden teruggeschroefd, hetgeen volgens hem ligt aan een gebrek aan urgentie en ambitie. Alle ondernemers delen in het voordeel dat er reclameborden en luifels weggaan en dat ondersteunt D66. Het doel om te groeien naar een situatie van vergelijkbare gemeenten snapt hij niet. Wat die doen hoeft nog niet goed voor Hilversum te zijn. Hem is geleerd dat je niet zelf in de sloot springt als een ander dat eerder wel heeft gedaan. Het doorbelasten van een individuele groep, omdat de hele groep er baat bij heeft vindt hij niet eerlijk. Hij vertrouwt op het dualisme in de raad. De heer EERENBERG wijst erop dat geen groot bouwproject zonder buffer is, wat een stelpost wordt genoemd. De heer VONK verheugt het bijna alle moties en amendementen te kunnen steunen. De mogelijkheid genoemd in motie M 23-157 van de VVD, ‘Van bijstand naar boa’, biedt de gemeente al aan. Hij hoorde ook dat het mogelijk wordt om vanuit de bijstand de functie van boa te gaan bekleden. Die motie steunt de SP daarom niet. Motie M 23-151 van de VVD en D66, ‘H600 verbindt sportvereniging en onderwijs’, ondersteunt de SP wel. In dat kader zou hij het wel leuk vinden een voetbalwedstrijd te organiseren tussen de oppositie en de coalitie. Op aanraden van de wethouder haalt hij jeugdzorg uit motie M 23-149 en hij hoopt vervolgens op steun vanuit de raad.
De motie komt er als volgt uit te zien: Aangepaste motie M 23-149 ‘Indicaties onbepaalde tijd’ “De gemeenteraad van Hilversum, bijeen in de raadsvergadering op 8 november 2023, behandelend agendapunt 3, Programmabegroting 2024; overwegende dat: van veel Wmo-indicaties duidelijk is dat ze in de toekomst niet afgeschaald (kunnen) worden; HI20231108
33
-
langdurige of onbepaalde tijd Wmo-indicatie de administratielast vermindert en dus geld bespaart; het steeds opnieuw aanvragen van de indicatie zorgt voor stress bij de aanvrager; spreekt uit: o dat het wenselijk is om daar waar duidelijk is dat Wmo indicaties niet afgeschaald kunnen worden, de indicaties voor langere periodes en/of onbepaalde tijd af te geven, waarbij er wel bijvoorbeeld drie jaarlijks een periodiek onderzoek plaatsvindt. verzoekt het college: de mogelijkheid van langdurige en/of onbepaalde tijd indicatie(s) zo snel als mogelijk op te nemen in de beleidsplannen en het voordeel van de kostenbesparing inzichtelijk te maken en te verwerken in de Voorjaarsnota 2024; en gaat over tot de orde van de dag, (Aangepaste motie M 23-149 van de SP en de PvdA) Hij is geschrokken van het verhaal van mevrouw Remmers over racisme, zodat het heel belangrijk is om daarmee aan de slag te gaan. In het verhaal van de VVD over het leerlingenvervoer herkent hij zich niet en wat dat betreft was hij blij met de woorden van mevrouw Remmers. Niet voor elke Hilversummer zal het feest zijn als Hilversum 600 jaar bestaat, maar wel is hij blij dat voor een aantal mensen Hilversum wat mooier wordt gezien enkele ingediende moties. Het zou ook mooi zijn om 600 kinderen uit de armoede te halen.
De website van de rijksoverheid vermeldt dat frisse scholen een gezamenlijke verantwoordelijkheid is van gemeenten en schoolbesturen. Die verantwoordelijkheid wil hij laten oppakken, ook als het niet in het IHP staat. Voorgesteld wordt een lijst te maken van scholen waar de luchtkwaliteit niet in orde is. De SP vraagt niet om gelijk miljoenen euro’s op tafel te leggen om het probleem op te lossen, maar wel kan de raad inzicht krijgen in waar het ongezond is voor de Hilversumse kinderen. De heer EKELMANS is verheugd dat de wethouder motie M 23-157, ‘Van bijstand naar boa’, snapt en begrijpt. Hij snapt en begrijpt de wethouder eveneens en trekt die motie in. Ook is hij blij dat de wethouder motie M 23-151 van de VVD en D66, ‘H600 verbindt sportvereniging en onderwijs’, omarmt en dat er één initiatief is om sport daarin mee te nemen. Hij hoopt vooral dat alle scholen en verenigingen worden meegenomen in de planvorming. Mevrouw KALK meldt zich voor de voetbalwedstrijd tussen coalitie en oppositie aan als trainer van de oppositie. Zij vindt het fijn te horen dat veel zaken in moties en amendementen samen worden opgepakt. Het effect van niet frisse lokalen bepaalt voor kinderen in welke bubbel zij straks terechtkomen.
Het tekort op de jeugdzorg van € 2 miljoen komt volgens haar niet uit de lucht vallen, omdat de gemeente al jarenlang is geconfronteerd met tekorten, een open einderegeling, gegevens uit de regio die niet op orde zijn en data van aanbieders die niet op tijd komen. Tegelijkertijd staat in de begroting nog steeds een ingeboekte bezuiniging waarvan de PvdA, de SP en meer partijen hebben gezegd dat die niet realistisch is, omdat die alleen gaat om minder meer uit te geven. De daarbij vastgestelde instrumenten komen ook weer terug in de huidige overschrijding. De bezuiniging van € 1 miljoen wil zij daarom schrappen. Zij dient het volgende amendement in: Amendement A 23-158 “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 8 november 2023, behandelende de Programmabegroting 2024; overwegende dat: HI20231108
34
-
vandaag op 8 november 2023 een collegebrief, 1366764, brief is binnen gekomen met de mededeling dat er een tekort is op het jeugdbudget 2023 is;
-
het niet voor het eerst is dat er een tekort op jeugdzorg is;
Wmo en jeugdzorg kerntaken van de gemeente zijn; realistisch begroten de doelstelling was en is; besluit : te schrappen uit de Programmabegroting 2024, de taakstelling op welzijn en zorg à € 1 miljoen.” (Amendement A 23-158 van de SP en de PvdA) Mevrouw REMMERS bevestigt dat het IHP een gezamenlijke verantwoordelijkheid van de schoolbesturen en de gemeente is. Schoolbesturen hebben ook een verplichting om te zorgen voor een fris schoolklimaat. Zij roept de wethouder op wel in gesprek met schoolbesturen te gaan om te zorgen dat het voor leerlingen echt in orde komt. Wat betreft amendement A 23-158 wacht zij de reactie van de wethouder af en kan zij zich ook voorstellen tot het eerste kwartaal 2024 te wachten op een verhaal dat voor meerdere jaren hout snijdt. Mevrouw KALK wijst op de beschikbare gegevens, zoals het AE-rapport, het rapport van de regio en de VNG-rapporten. De raad hoeft dus niet tot de kadernota te wachten en kan de taakstelling in de voorliggende begroting eruit halen. Dat geeft mensen iets meer vertrouwen in de overheid. Mevrouw REMMERS attendeert erop dat er sprake is van een open einderegeling, ongeacht of er sprake is van overschrijdingen. Het gesprek over overschrijdingen zal niet met burgers worden gevoerd. Mevrouw KALK stelt dat burgers de schrik om het hart slaat als zij in de krant lezen dat er tekorten zijn en als zij van jeugdzorg afhankelijk zijn.
Mevrouw REMMERS wacht in dezen op de reflectie van het college. Tot slot vraagt zij de wethouder iets te zeggen over het jubileumfeest in het kader van 600 jaar Hilversum waarvan het haar wens is dat zonder vuurwerk te vieren. De heer NANNINGA vindt de begroting minder inzichtelijk worden van stelposten en buffers en zou het prettiger vinden in toekomstige jaren realistischer te ramen. De Audit- en rekeningcommissie kan worden gevraagd of het een goed idee is om gelden in buffers en voorzieningen onder te brengen. Hij is blij met de toezegging van de wethouder om in december met een brief over de woonzorgvisie te komen, zodat hij motie M 23-155 van de ChristenUnie en de PvdA, ‘Zet woonzorgvisie op de planning’, intrekt. Ook trekt hij motie M 23-156 van de ChristenUnie, de PvdA en D66 over CO2-beprijzing in en die dient hij waarschijnlijk op 15 november als motie vreemd aan de orde weer in. De heer POSTMA deelt als voorzitter van de Audit- en rekeningcommissie mee dat die commissie bereid is om de raad van advies te voorzien over het gelden onderbrengen in buffers en voorzieningen. Hij deelt de opvatting van GroenLinks wat betreft de tekorten op de jeugdzorg en wil de wethouder de kans geven om met een analyse daarvan te komen. Wel verbaast het hem dat de raad lang moet wachten voordat (dreigende) tekorten zichtbaar worden.