Verslag raadsvergadering d.d. 26 oktober 2022
Tekst van het document
HI20221026
19
Mevrouw WALTERS (wethouder) vindt het gewijzigde amendement een mooie samenvoeging van beide beelden. Mevrouw KALK is erg teleurgesteld over de reactie op haar wens om datgene vast te stellen wat is besproken en niet vast te stellen wat niet is besproken. Het bevreemdt haar dat haar amendement A 22-72 afgewezen wordt en motie M 22-69 wel een positief onthaal krijgt. Dat doet haar denken aan een tegenstelling oppositie-coalitie en zij vindt dat zeker niet getuigen van een open en nieuwe bestuurscultuur. Om te onderstrepen wat er kan gebeuren als je bij een bestemmingsplan niet oplet geeft zij het volgende voorbeeld. Het PvdA-commissielid Lahaise hield ooit van het Silverpoint-pand op de hoek van de Markt. Dat pand werd gesloopt voor de bouw van een groot aantal appartementen, waarover de raad niets te vertellen had, omdat het binnen het bestemmingsplan paste. Zo zal het naar haar verwachting ook gaan met de 400 extra woningen, die ook passen binnen het bestemmingsplan. Daarom wil zij daarover vooraf en niet achteraf praten. De PvdA is niet per definitie tegen meer woningen, maar wil weten waar die komen, welke woningen er komen en hoe de gemeente dat regelt. Het is jammer dat dat ook bij de milieucategorie 3-bedrijven gebeurt.
Mevrouw JANSSON zegt dank voor de steun van het college voor motie M 22-69, waarin is verwoord waar haar zorg zit: enerzijds het in één keer volbouwen van 1221 en daarop geen grip meer hebben en anderzijds recht doen aan de al ontwikkelde gebiedspaspoorten. De heer VONK vond het zeer goed te horen dat de wethouder strijdt voor meer woningen, maar het verbaast hem dat het Arenapark ineens erg wordt afgeschaald. Dan gelden er dus ineens andere wetten. Hij hoorde een heleboel van zijn collega’s opkomen voor inwoners, maar hij denkt dat de bewoners van 1221 dat niet zo voelen. De SP steunt alle amendementen, niet omdat zij woningen wil of dat zij de verkeerssituatie geweldig vindt, maar omdat iets minder slecht altijd nog beter is dan slecht. De heer NANNINGA ondersteunt het gewijzigde amendement A 22-77 van het CDA, D66 en de VVD, maar heeft moeite met het discrimineren van cruciale beroepen. Hij ziet namelijk het gewijzigde amendement als een beperking van de doorstroming. De vraag is ook welke beroepen al dan niet cruciaal zijn, waarover het nog onvoldoende is gegaan. Daarom is hij het toch niet met het amendement eens. Mevrouw KALK verzoekt de voorzitter hoofdelijke stemming te laten plaatsvinden over amendement A 22-72 en motie M 22-69 om na te gaan of het daarbij gaat om een oppositie-coalitieverhaal.
De heer VAN WAARDEN vraagt of de procedure voor het bestemmingsplan opnieuw doorlopen moet worden als het aantal woningen daarin van 1.800 naar 1.400 woningen gaat. Mevrouw WALTERS (wethouder) bevestigt dat, wat betekent dat terinzagelegging opnieuw moet plaatsvinden en dat de zienswijzenprocedure opnieuw moet worden gedaan, wat naar verwachting zo’n zes maanden zal duren. Mevrouw VAN DE LINDE heeft moeite met de gang van zaken, hetgeen de consequentie is als men een bestemmingsplan eerst ter inzage legt en dan naar de raad brengt. Als dat als argument tegen de raad wordt gebruikt vindt zij dat procedureel gezien heel lastig. Amendement A 22-72 van de PvdA over 1.350-1.800 woningen in 1221 wordt hoofdelijk in stemming gebracht en met 7 tegen 26 stemmen verworpen. Voor het amendement stemmen de heer Docter, mevrouw Van Drooge, de heer Göbbels, de dames Kalk en Verweij, de heer Vonk en mevrouw Van de Beek.
HI20221026
20
Tegen het amendement stemmen mevrouw Durlacher, de heer Eerenberg, mevrouw Exelvan Dijk, de heren Fennema, Van Grieken en Groeneveld, de dames Van Hattum, Jansson en De Jong-Schrijvers, de heren De Jong, Koç en Lancé, mevrouw Van de Linde, de heren Lindeboom, Lomans en Nanninga, mevrouw Remmers, de heren Reijmerink, Streutker, Van Waarden, Westerneng en Zaabat, de dames Zeeuw van der Laan en Boukhriss en de heren Van den Brink en Deen. Amendement A 22-71 van de PvdA over milieucategorie 3, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 7 tegen 26 stemmen verworpen, met de stemmen van de PvdA, de SP en Democraten Hilversum voor. Amendement A 22-73 van de PvdA over middenhuur wordt zonder stemming unaniem aangenomen. Het gewijzigde amendement A 22-77 van het CDA, D66 en de VVD over doorstroming en het vergroten van de huisvestingsmogelijkheden voor cruciale beroepen wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 32 stemmen voor en 1 stem tegen aangenomen, met de stem van de ChristenUnie tegen. Motie M 22-69 van Hart voor Hilversum en de VVD ‘1221 Groeien in 2 stappen vanaf 1.400’ wordt hoofdelijk in stemming gebracht en met 27 tegen 6 stemmen aangenomen.
Voor de motie stemmen de heer Docter, de dames Van Drooge en Durlacher, de heer Eerenberg, mevrouw Exel-van Dijk, de heren Fennema, Göbbels en Groeneveld, de dames Jansson en De Jong-Schrijvers, de heer De Jong, mevrouw Kalk, de heren Koç en Lancé, mevrouw Van de Linde, de heren Lomans en Nanninga, mevrouw Remmers, de heren Reijmerink en Streutker, mevrouw Verweij, de heren Vonk, Van Waarden en Westerneng en de dames Zeeuw van der Laan, Van de Beek en Boukhriss. Tegen de motie stemmen de heer Van Grieken, mevrouw Van Hattum en de heren Lindeboom en Zaabat, Van den Brink en Deen. Het voorstel van burgemeester en wethouders wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 26 tegen 7 stemmen aangenomen, met de stemmen van de PvdA, de SP en Democraten Hilversum tegen. 13.
DELEGATIE DELEN OMGEVINGSPLAN
De VOORZITTER brengt naar voren dat de Omgevingswet de mogelijkheid biedt om het omgevingsplan sneller actueel te houden dan nu het geval is bij bestemmingsplannen, doordat de mogelijkheid wordt geboden tot delegatie aan het college. Het omgevingsplan blijft hierdoor een actueel document dat iedere burger kan raadplegen. Dit is een belangrijke doelstelling van de Omgevingswet. In de commissievergadering van 29 september jl. achtten de woordvoerders het voorstel rijp voor behandeling door de raad en gaven in meerderheid een positief advies. Op onderdeel 1.6, het aanwijzen, wijzigen of schrappen van gemeentelijke monumenten, werd door Democraten Hilversum een amendement overwogen. Het voorstel wordt met debat behandeld. De heer GÖBBELS stelt dat zowel het aanwijzen als het schrappen van monumenten belangrijke momenten zijn. Nu overkomt de raad dergelijke momenten en toch bestaan hierover verschillende standpunten. Daarom doet het volgens hem meer recht om de raad daarover zelf te laten besluiten, wat is verwoord in het volgende amendement. HI20221026
21
Amendement A22-78, ‘Delegatie delen omgevingsplan’ “De raad van de gemeente Hilversum in vergadering bijeen op 26 oktober 2022 ter bespreking van agendapunt 13, 'Delegatie delen omgevingsplan'; overwegende dat: • de wetgever in de huidige Erfgoedwet en de toekomstige Omgevingswet de bevoegdheid tot het aanwijzen, wijzigen of schrappen van gemeentelijke monumenten heeft toegekend aan de gemeenteraad; • de gemeenteraad om verschillende redenen behoefte heeft zelf te sturen op de gemeentelijke monumenten en delegatie om die reden niet opportuun is; besluit: beslispunt 1 onder 6, luidende: ‘6. het aanwijzen, wijzigen of schrappen van gemeentelijke monumenten;’ te wijzigen zodat deze komt te luiden: ‘6. het wijzigen van gemeentelijke monumenten;’ (Amendement A 22-78 van Democraten Hilversum) Mevrouw VAN DROOGE heeft nog steeds geen andere argumenten gehoord op het op een anders willen omgaan met monumenten, anders dan het argument dat het altijd zo is gedaan. Zij had eigenlijk gehoopt op een extra toelichting, die helaas niet is gekomen. Zij wil de raad nog eens goed laten nadenken of het een goed idee is om het college gemeentelijke monumenten te laten aanwijzen of te laten schrappen. De PvdA staat redelijke sympathiek tegenover het amendement van Democraten Hilversum.
Als het college toezegt voornemens tot het aanwijzen of verwijderen van gemeentelijke monumenten tevoren te communiceren zou de PvdA dat voldoende vinden. De heer STREUTKER vindt het voldoende om goed geïnformeerd worden door het college over het aanwijzen of schrappen van gemeentelijke monumenten. Hij had gehoopt dat dat in de aangepaste tekst zou staan, maar dat is niet het geval. Dat is voor het CDA echter wel een belangrijk punt. Wat betreft punt 1.7 zijn tekstwijzigingen doorgevoerd waarover hij tevreden is. Wijziging van begrippen is namelijk soms nodig, zolang dat echter geen politieke lading heeft. Mevrouw VAN DROOGE vraagt of de heer Streutker vooraf of achteraf goed geïnformeerd wil worden over het door het college aanwijzen of schrappen van gemeentelijke monumenten. De heer STREUTKER gaat het om collegebesluiten en wil daarover een melding hebben. Mevrouw VAN DROOGE stelt vast dat het dan gaat om een melding achteraf. Zij vraagt of het CDA er dan mee akkoord gaat dat besluit niet meer te kunnen terugdraaien. De heer STREUTKER stelt dat de raad altijd nieuwe besluiten kan nemen. Het is echter de bevoegdheid van het college om deze besluiten eerst te nemen. De heer VONK draait het bij dit punt om vertrouwen. Hij wil het college in dezen vertrouwen op de bevoegdheid die het krijgt.
Als de SP echter onverhoopt ziet dat er toch politiek gevoelige dingen worden besloten zal hij niet nalaten om het college daarop aan te spreken. Het amendement van Democraten Hilversum steunt hij. Als het college bevoegd wordt zou dat ervoor kunnen kiezen om zaken over te dragen aan de regio, waarna het moeilijk wordt om die weer terug te halen. Onder dat voorbehoud zal de SP het voorstel steunen. De heer DEEN constateert dat de SP vertrouwen heeft in de besluiten van het college, maar stelt vast dat die dat niet heeft op het gebied van monumenten. De heer VONK heeft dergelijke besluiten wel eens mis zien gaan en ziet dan liever dat de raad daarin dan de hand heeft. De SP had namelijk mee willen praten over een pand aan de Korte Noorderweg. Ook zijn monumenten objecten waarop men zuinig moet zijn en de SP wil daarbij de vinger aan de pols houden.
HI20221026
22
De heer STREUTKER stelt vast dat het college dat mandaat al heeft en informeert naar de consequenties van de keuze van de SP ten aanzien van monumenten. De vraag is of de raad dan op de stoel van de wethouder moet gaan zitten. De heer VONK heeft daarover goed nagedacht en wil qua monumenten een vinger aan de pols houden. De heer GÖBBELS stelt dat de wetgever het aanwijzen en schrappen van gemeentelijke monumenten bij de raad heeft weggelegd en vraagt of het CDA heeft nagedacht over het mandateren daarvan aan het college. Hij heeft het CDA bijvoorbeeld over het pand aan de Korte Noorderweg niet gehoord. Ook is de raad daarbij aan de voorkant niet in de gelegenheid geweest een afweging te maken. De heer STREUTKER gaat het erom dat hij de raad in algemene zin niet over elk monument een besluit wil laten nemen. Wel kan hij zich voorstellen dat de raad daarover goed geïnformeerd wordt en de wethouder daarover kan bevragen. De heer GÖBBELS concludeert dat de heer Streutker dan accepteert dat die voor voldongen feiten komt te staan. De heer STREUTKER accepteert dat het college zijn verantwoordelijkheid in dezen neemt. De heer DEEN vraagt zich af of de raad besluiten over gemeentelijke monumenten moet willen nemen en of dat op hoofdlijnen sturen betekent. Anderzijds is het debat over monumenten en het aanwijzen daarvan politiek. Voor de D66-fractie is dat daarom een vrije kwestie.
Persoonlijk geeft hij het college het vertrouwen op het gebied van monumenten. Mevrouw WALTERS (wethouder) denkt wederom een goed besluit te laten nemen in het kader van de invoering van de Omgevingswet. De raad heeft de Monumentenverordening vastgesteld en verder lijkt het haar logisch om qua monumenten verder te gaan op de huidige weg en niet elk monument door de raad te laten bespreken. Het college probeert zo goed mogelijk uitvoering aan de Monumentenverordening en het aanwijzen van monumenten te geven. De raad ontvangt tweemaal per jaar een overzicht over welke besluiten het college in delegatie heeft genomen. Zij denkt dat dat voldoende informatie is. Overdracht van bevoegdheden aan de regio kan niet zomaar plaatsvinden en behoeft altijd een zienswijze van de raad. Ook kan de raad de delegatiebevoegdheid altijd intrekken. Mevrouw VAN DROOGE informeert naar de mogelijkheid om het aanwijzen of schrappen van gemeentelijke monumenten eerder aan de raad te kennen te geven. Mevrouw WALTERS (wethouder) wenst dat niet te doen, omdat het dan zou gaan om een soort adviesronde. Daarom is het college voorstander van het handhaven van de huidige situatie en zij denkt niet dat het iets toevoegt en ook niet nodig is om elk monument door de raad te laten behandelen.
De heer VAN VOORDEN (wethouder) voegt toe dat alvorens een monument wordt aangewezen eerst sprake is van een voorbeschermde status, waarover de raad via de collegebesluitenlijst wordt geïnformeerd. Vervolgens volgt een collegebesluit. Dat is de huidige situatie en voorgesteld wordt om die te handhaven. Mevrouw VAN DE LINDE legt een stemverklaring af over het amendement en het raadsvoorstel. Zij heeft de commissievergadering waarin het voorstel werd behandeld als een van de leukste vergaderingen ervaren. Verder stemt zij vol overtuiging voor het voorstel. Wat betreft monumenten heeft zij het vertrouwen de wethouder te kunnen volgen en op tijd te kunnen ingrijpen, mocht dat in de praktijk niet goed blijken te gaan. Het amendement steunt zij niet. Amendement A 22-78 van Democraten Hilversum, ‘Delegatie delen omgevingsplan’ wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 9 tegen 24 stemmen verworpen, met de
HI20221026
23
stemmen van Democraten Hilversum, de PvdA, de SP, BVNL en het lid Lindeboom van D66 voor. Het voorstel van burgemeester en wethouders wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en unaniem aangenomen. 14.
MEERJARENSTRATEGIE ROM REGIO UTRECHT
De VOORZITTER laat weten dat de ROM Regio Utrecht bezig is met het opstellen van een meerjarenstrategie. Deze meerjarenstrategie wordt opgesteld binnen de kaders van de Regionaal Economische Agenda voor de regio Utrecht, die is besproken door de raad van Hilversum op 29 januari 2020, is vastgesteld en die richtinggevend is voor de uitvoeringsactiviteiten van de ROM Regio Utrecht voor de komende jaren. In de commissievergadering hebben BVNL en Democraten Hilversum een voorbehoud gemaakt. Mevrouw DURLACHER deelt mee dat zij in de commissievergadering te kennen heeft gegeven nog te weinig te zijn geïnformeerd. Na te zijn bijgepraat door wethouder Scheepers weet zij nu wat zij moet gaan stemmen. Mevrouw VAN DROOGE is principieel niet zo’n voorstandster van de ROM, met name van het hebben van aandelen daarin. Zij is het niet eens met het niet indienen van wensen en bedenkingen, terwijl er volgens haar wel kanttekeningen te plaatsen zijn. Zij stemt tegen het voorstel. Het voorstel van burgemeester en wethouders wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 28 tegen 5 stemmen aangenomen, met de stemmen van Democraten Hilversum en de PvdA tegen. 15.
WELSTANDSNOTA: ZONNEPANELEN IN BESCHERMDE GEZICHTEN
De VOORZITTER brengt naar voren dat door de stijgende energiekosten en het groeiende belang van duurzaamheid de behoefte aan het plaatsen van zonnepanelen sterk toeneemt. De huidige criteria voor zonnepanelen en dakramen uit de Welstandsnota (technische herziening juni 2022) worden als te beperkend en onduidelijk ervaren en het proces van aanvragen wordt niet begrepen. Met het voorliggend voorstel wordt de nota op dit punt geactualiseerd en gebruiksvriendelijker gemaakt. De hier voorgestelde aanpassing van de criteria sluit bovendien aan op het besluit van het college om meer kleine bouwplannen ambtelijk af te doen en niet meer aan Commissie Welstand en Monumenten (CWM) voor te leggen. De woordvoerders van GroenLinks en de SP adviseerden positief met debat. De ChristenUnie, de VVD, de PvdA, het CDA, Hart voor Hilversum en D66 maakten een voorbehoud met debat. Democraten Hilversum achtte het voorstel niet rijp voor de raad. De heer DE JONG vindt het heel fijn in Nederland over welstand en welstandscommissies te beschikken. In Nederland wordt elk willekeurig hoekje van een dak soms benut. In Hilversum is sprake van beschermde stadsgezichten. Jarenlang was er daarop minder handhaving.
Het voorliggende voorstel gaat verrommeling tegen door uniforme objectcriteria te fomuleren en bij het voldoen van een plan kan het een ambtelijke toets en afhandeling krijgen waardoor het niet naar de CWM hoeft. Hij vindt het jammer dat woningen gebouwd na 1960 zijn uitgesloten van de objectcriteria. Het CDA vindt dat het in beschermde stadsgezichten waard is om elk dak te bekijken. Ook wilde het CDA iets strakker in de leer zijn op het gebied van panelen die dezelfde kleur zouden moeten hebben als het dak. Nu wordt slechts gesproken van een ambitie. Tot slot had hij graag gezien dat het nieuwe beleid ook toegepast zou zijn in bijzondere welstandsgebieden om verrommeling aan de straatkant tegen te gaan. HI20221026
24
Het nieuwe beleid gaat betekenen dat een aantal mensen die in een monument of beschermd stadsgezicht wonen geen zonnepanelen op hun dak kunnen hebben. Hij vraagt de wethouder het gesprek met Hilverzon aan te gaan of deze mensen die buiten de boot vallen voorrang kunnen krijgen bij het participeren in projecten. De heer VAN DEN BRINK noemt de intentie van het raadsvoorstel goed en steunt dat dan ook. Het voorstel wijkt af van het advies van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit en Monumenten (CRK). D66 ziet het als haar taak om Hilversummers uit te leggen dat een goede keuze is gemaakt. De raad weegt verschillende belangen af, in dit geval het welstandsbelang, het duurzaamheidsbelang en het belang om controle te houden op energiekosten. Daarnaast dient ook het korte termijnbelang tegen het lange termijnbelang gewogen te worden. Eenieder zal die afweging anders maken. De afweging van D66 is helder. In deze wereld kan niet alles en soms moet men voor de korte termijn iets inleveren om het voor de volgende generaties te kunnen beschermen. Zonnepanelen maken een dak niet mooier, maar de klimaat- en energiecrisis vragen om daadkracht en actie. Gelukkig zijn zonnepanelen tijdelijk van aard en kunnen ze op de langere termijn verwijderd worden bij een betere oplossing. Het voorstel is dus een goede stap, maar kan altijd beter.
De essentie van het raadsvoorstel is om ambtelijke toetsing mogelijk te maken. Termen als ‘rustig’ en ‘samenhangend’ zijn wat hem betreft niet helder genoeg en leiden mogelijk tot onduidelijkheid, wat ambtelijke toetsing in de weg kan staan. Daarom dient hij het volgende amendement in: Amendement A 22-74 ‘Maak zonnepanelen praktisch’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 26 oktober 2022, behandelende agendapunt 15 Zonnepanelen in beschermde gezichten; overwegende dat: de energietransitie vraagt om een versnelling bij het behalen van de doelstellingen voor duurzame energieopwekking te halen; hoge energie prijzen leiden tot stijgende energiekosten voor huishoudens en stijgende energiearmoede; zonnepanelen op daken zowel kunnen helpen bij het versnellen van de energietransitie als bij het beperken van de energiekosten; zonnepanelen in principe geen permanente aanpassing en aantasting van een gebouw zijn, omdat deze in de toekomst weer verwijderd kunnen worden, voorts overwegende dat: niet alle voorgestelde criteria eenduidig en objectief meetbaar zijn; eenduidige objectcriteria ook toepasbaar kunnen zijn op schuine daken; eenduidige objectcriteria het aantal aanvragen vergroot waarbij alleen ambtelijk getoetst behoeft te worden, waarmee de doorlooptijd van vergunningsaanvragen wordt verkort; besluit: het beslispunt in het conceptraadsbesluit te wijzigen,
zodat deze als volgt komt te luiden: In bijlage 1 ‘Objectcriteria §5.10 Panelen van de ‘Welstandsnota, Herziening 2022’ onder 5.10.3 Criteria in beschermde gezichten (pagina 3) luidende: 1. Panelen liggen in één rustig en samenhangend legpatroon, in één vlak of in horizontale stroken. te wijzigen in: 1. Panelen liggen in een rustig en samenhangend legpatroon. Dit wordt gedefinieerd als: Panelen in een vlak dienen een enkele oriëntatie te hebben. Een paneelvlak dient altijd uit meerdere panelen te bestaan. Panelen dienen in een rechthoekig vlak te liggen. 1 uitsparing is toegestaan wanneer om een object heen te werken.” (Amendement A 22-74 van D66)
HI20221026
25
Het amendement schept duidelijkheid voor inwoners en maximaliseert het aantal aanvragen dat ambtelijk getoetst kan worden. Mevrouw VERWEIJ is van mening dat de discussie over duurzaamheid ruim, breed en structureel moet plaatsvinden. Sommige discussies gaan over duurzaam investeren en duurzaam afschrijven. Dat hebben drie wethouders anders geïnterpreteerd en dat kan gevolgen hebben. Het gaat er ook om hoe de toekomst van zonnepanelen eruit zien. De SP pleit ervoor zonnepanelen ook op monumenten te mogen plaatsen als ze niet structureel beschadigend zijn en als ze uit het zicht liggen. Bij communicatie over zonnepanelen en regels daarvoor moet er duidelijkheid zijn. Het taalgebruik daarbij zou maximaal B1-niveau moeten zijn. Het doet haar deugd dat de wethouder in de commissievergadering heeft gezegd alle communicatie rondom zonnepanelen op maximaal B1-niveau te laten plaatsvinden. Dat betekent dat tekst makkelijk leesbaar en niet multi-interpretabel is. Zij raadt de wethouder duurzaamheid aan de volgende keer de gemeenteraad bij allerlei ideeën te betrekken. Spreekster kondigt bij de begrotingsbehandeling voorstellen aan die deugd doen aan inwoners en het college. De heer NANNINGA kijkt heel erg uit naar de begrotingsbehandeling, waarbij duurzaamheid een belangrijk onderwerp is.
Hij is daarom ook blij met het voorstel, waar hij positief tegenover staat en dat zorgt voor minder gedoe en meer duidelijkheid in de regels voor zonnepanelen. Er komen ook meer mogelijkheden voor woningen liggend in een beschermd stadsgezicht. Zonnepanelen zijn namelijk hard nodig vanwege de stijgende energiekosten, maar ook vanuit strategisch belang voor Hilversum en de energietransitie. Zonnepanelen zijn momenteel de enige alternatieve energiebron, zodat daarop nu volop moet worden ingezet. Met het voorstel wordt daarmee een goede stap gezet. Bijzondere dakvormen zijn voor de ChristenUnie geen belemmering. Als het uitgangspunt een rustig en samenhangend patroon is zouden zonnepanelen daar ook moeten kunnen.
Daarom dient hij daarover een amendement in: Amendement A 22-76 ‘Meer zonnepanelen mogelijk maken’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 26 oktober 2022, behandelende agendapunt 15, ‘Zonnepanelen in beschermde gezichten’; constaterende dat: in het voorliggende voorstel zonnepanelen in het beschermd stadsgezicht niet zijn toegestaan rond bijzondere dakvormen, zoals bij randen van de veelvoorkomende schilddaken (criterium 3); overwegende dat: de energietransitie vraagt om een voortvarende aanpak en creativiteit in de toepassing van zonnepanelen in beschermd dorpsgezicht; op voorhand niet teveel mogelijkheden voor zonnepanelen moeten worden uitgesloten; panelen in een rustig en samenhangend legpatroon ook mogelijk zouden moeten zijn ter plaatse van bijzondere dakvormen; bij twijfel over wat ‘rustig en samenhangend’ is, op basis van paragraaf 5.10.2, altijd nog een advies kan worden gevraagd aan de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit en Monumenten (CRK); besluit: het beslispunt in het conceptraadsbesluit te wijzigen, zodat deze als volgt komt te luiden: De gewijzigde objectcriteria in ‘§ 5.7 Dakramen’ en ‘§ 5.10 Panelen’ van de ‘Welstandsnota, Herziening 2022’ vast te stellen, in werking te laten treden op de dag van publicatie en de vigerende ‘§ 5.7 Dakramen en panelen’ van de welstandsnota 2014 gelijktijdig in te trekken, met dien verstande dat: 1.
in bijlage 1 ‘Objectcriteria § 5.10 Panelen van de ‘Welstandsnota, Herziening 2022’ onder 5.10.1 Beschrijving en uitgangspunten (pagina 2) de volgende zin wordt verwijderd: HI20221026
26
Dit brengt met zich mee dat op bijzondere dakvormen, zoals afgeschuinde uiteinden van daken (schilddaken) en bouwkundige accenten geen zonnepanelen kunnen worden toegepast.” 2. in bijlage 1 ‘Objectcriteria § 5.10 Panelen van de ‘Welstandsnota, Herziening 2022’’ onder 5.10.3 Criteria in beschermde gezichten (pagina 3) de volgende regel wordt verwijderd en de nummering van criteria 4, 5 en 6 worden aangepast naar 3, 4 en 5: “3. Ter plaatse van verbijzonderingen van het dak, zoals bij uiteinden van schilddaken en bouwkundige accenten in het dakvlak, zijn panelen niet regelmatig te plaatsen en daarom niet toegestaan.”” (Amendement A 22-76 van de ChristenUnie) Hij steunt amendement A 22-76 van D66. Mevrouw JANSSON herinnert aan de wens vanuit inwoners om duidelijkheid. Door hogere energiekosten is bij meer Hilversummers de behoefte en noodzaak ontstaan om zonnepanelen te plaatsen, wat druk op het proces heeft gezet. Hart voor Hilversum heeft meerdere inwoners met deze behoefte gesproken en is voorstander van het versimpelen van de regels voor zonnepanelen uit de Welstandsnota 2014. Het voornemen om de welstandscriteria digitaal zichtbaar maken met een heldere toelichting steunt zij van harte. Het gaat om goede informatie, die vindbaar is tot op adresniveau. Dat schept voor de inwoners snel duidelijkheid over mogelijkheden en onmogelijkheden.
Zij vindt het fijn dat de aanvraag legesvrij is en voortaan sneller zal gaan. Wel vraagt zij aandacht voor nuancering, omdat verduurzaming immers verder gaat dan zonnepanelen. Zonnepanelen zijn niet het enige redmiddel in de zoektocht naar besparing op energiekosten en verduurzaming. Het goed isoleren van woningen blijft ook aandacht vragen. Er moet aandacht zijn voor collectieve alternatieven en niet iedereen is draagkrachtig genoeg om zonnepanelen aan te schaffen. In die verhelderende digitale informatie die het college op de website gaat plaatsen ziet zij daarom graag doorverwijzingen naar informatie over isoleren, energiecoaches of meedoen aan een collectief. Tot slot vraagt zij de opstart over een jaar te evalueren en dan iets te horen over de tevredenheid van de aanvragers, het gebruiksgemak van de website en het resultaat van de aangepaste criteria. Graag heeft zij daarop een toezegging. De heer VAN DEN BRINK vraagt of mevrouw Jansson de nu opgestelde criteria duidelijk genoeg vindt of dat die nog duidelijker kunnen. Mevrouw JANSSON vindt de criteria duidelijk genoeg. De heer VAN WAARDEN is erg blij met het nu voorliggende voorstel, dat een enorme verbetering is. De regels met betrekking tot zonnepanelen waren eerder beperkend en onduidelijk en leidden tot heel veel frustratie. Nu ligt er een voorstel met veel meer ruimte en meer duidelijkheid.
De toevoegingen van D66 en de ChristenUnie vindt hij zinvol, die ambtelijk echter niet worden aangeraden. Daarom raadt hij toch aan met het voorliggende voorstel aan de slag te gaan, waarbij hij ook graag na een jaar een evaluatie ziet, waarin de punten waarop D66 en de ChristenUnie wijzen mee zouden kunnen worden genomen. Mevrouw VAN DE LINDE is ook ontzettend blij met het voorstel, gezien de energiecrisis en het belang van zelf energie opwekken. De VVD-fractie had de lang gekoesterde wens om het beleid met betrekking tot zonnepanelen en welstand te verbeteren. Het voorstel is vast nog niet perfect en daarom snapt zij de suggestie van D66, maar zij adviseert die nog aan te houden. Door het voorstel heen gaat het over de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit en Monumenten in plaats van de Commissie voor Welstand en Monumenten. De commissie moet meedenken en niet alleen maar normeren. Het college vraagt zij dat die nieuwe stijl en houding richting de samenleving terug te zien zijn.
HI20221026
27
Mevrouw DURLACHER merkt op dat in haar verkiezingsprogramma stond een beschermd stadsgezicht te willen hebben. Er is nu sprake van een tijd waarin heel veel mensen vrijwillig willen verduurzamen middels zonnepanelen. Zij wil daarom niet star zijn en de teugels laten vieren. Zij dient zelf een motie in over het zo spoedig mogelijk een afwegingskader maken voor het verduurzamen van monumenten. Uit onderzoek is namelijk naar voren gekomen dat door decentralisatie naar gemeenten toe er problemen zijn met kennis en kunde, regels en het vergunningenstelsel. Zij vindt juist dat men mensen moet stimuleren en ondersteunen in hun aanvragen, ook bij een monumentaal woonhuis en een jaren ’30 woning. Zij verzoekt het college bij het verduurzamen van monumenten de eigenaren te stimuleren belemmeringen zoveel mogelijk weg te nemen. Verder vraagt zij of het college na de publicatie van een landelijk afwegingskader dat zo spoedig mogelijk van een reactie wil voorzien en indien mogelijk wil overnemen.
Motie M 22-70 ‘Zo spoedig mogelijk een afwegingskader voor verduurzamen monumenten’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 26 oktober 2022, behandelende het agendapunt zonnepanelen in beschermd gezicht; overwegende dat: er naast de plaatsing van zonnepanelen ook andere beperkingen zijn die verdere verduurzaming van monumenten bemoeilijken; eigenaren van monumenten al jaren tegen problemen aanlopen bij het verduurzamen, wat ook zorgt voor een hogere energierekening voor bewoners en huurders van monumenten; eigenaren de voor hen relevante informatie niet altijd weten te vinden; eigenaren zich niet altijd bewust zijn van de mogelijkheid om een gesprek met de gemeente aan te vragen vóór het indienen van een vergunningaanvraag; juist zo’n vooroverleg helpt om de eigenaar een goed plan in te laten dienen; hierbij wordt opgemerkt dat de effectiviteit van zo’n vooroverleg afhangt van de kennis en ervaring van een gemeente; niet elke gemeente deze kennis en capaciteit in huis heeft; constaterende dat: landelijke en gemeentelijke regels isolatie van monumenten tegenhouden; de verschillende regels in gemeenten voor vertraging zorgen in het verduurzamen van monumenten; er een landelijk afwegingskader komt voor het verduurzamen van monumenten en het gemeenten vrij staat om dit kader al dan niet over te nemen 1; gemeenten bij de uitvoering van deze taak een zekere
beleidsvrijheid hebben om te bepalen wat wel en wat niet is toegestaan; verzoekt het college om: bij het verduurzamen van monumenten eigenaren te stimuleren en te ondersteunen en eventuele belemmeringen zoveel mogelijk weg te nemen; bij publicatie van het landelijk afwegingskader deze zo spoedig mogelijk van een reactie te voorzien en al dan niet over te nemen; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 22-70 van BVNL)
1.
1 VNG met RCE (Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed) en FGM (Federatie Grote Monumentengemeenten)
gaan dit afwegingskader maken. Https://open.overheid.nl/repository/ronl57bf0eb24e8655f6bf022147410373e590da2171/1/pdf/kamerbriefmet-reactie-op-motie-van-haga-van-der-plas-eerdmans-over-isoleren-van-monumenten.pdf
HI20221026
28
De heer DOCTER wil het plaatsen van zonnepanelen waar mogelijk eenvoudiger maken en onnodige belemmeringen wegnemen. Hij wil ook dat de regels duidelijk en eenduidig zijn, zodat iedereen weet waaraan hij of zij toe is en deze vorm van verduurzaming niet langer improductieve emoties oproept. Zonnepanelen dragen bij aan het besparen op de energiekosten en helpen de energietransitie. Dat moet dan wel gebeuren zonder dat andere collectieve belangen, zoals cultuurhistorie en stadsschoon, worden geschaad. De bewoner die zonnepanelen wil plaatsen heeft namelijk niet meer rechten dan de buurman die er dagelijks tegenaan moet kijken. De politiek moet het oordeel over wat wel en niet kan overlaten aan de onafhankelijke adviesCommissie voor Ruimtelijke Kwaliteit en Monumenten en de criteria daarvoor vastleggen in een verordening. Hij vindt het daarom eigenlijk niet kunnen dat het college het advies van die commissie niet geheel heeft overgenomen. Gelet op de maatschappelijke urgentie en om niet zelf te morrelen aan de criteria wil Democraten Hilversum toch instemmen met het voorliggende raadsvoorstel. De heer VAN DEN BRINK snapt de logica niet dat de raad automatisch het advies van de CRK zou moeten overnemen, omdat de raad juist het kader bepaalt dat die commissie meekrijgt. De heer DOCTER vindt het overnemen van dat advies de ratio van het instellen van een commissie.
Die adviseert over zaken waarop de overheid eigenlijk niet competent is. De heer VAN DEN BRINK stelt dat die commissie een eenzijdig belang weegt, namelijk het belang van welstand. Er zijn echter ook andere belangen, zoals het duurzaamheidsbelang en het grip hebben op energiekosten. Het is de taak van de gemeenteraad om al die belangen te wegen. De commissie wordt een advies vanuit welstandsbelang gevraagd en de raad weegt ook de andere belangen. Het is dan niet heel gek dan niet het hele advies over te nemen. De heer DOCTER is het daarmee helemaal eens, zodat nu ook een versoepeling van de regeling wordt besproken, waarvan Democraten Hilversum in het algemeen een voorstander is. Hij heeft goede nota genomen van de belofte van het college om op korte termijn een voorlichtingsbrochure met praktijkvoorbeelden te maken, zodat burgers zien hoe goed en zorgvuldig het kan en behandelend ambtenaren houvast hebben bij het toetsten van de criteria. Als de wethouder wil toezeggen een dergelijke brochure in goed overleg met de CRK op korte termijn te presenteren kan hij instemmen met het raadsvoorstel, waarmee dan meteen inzichtelijk gemaakt wordt wat ‘rustig’ en ‘samenhangend’ is. Als er daarna nog interpretatieverschillen zijn kan de CRK altijd nog om een uitspraak daarover worden gevraagd.
Hij wil niet vergeten dat heel veel inwoners geen gelegenheid hebben om zonnepanelen op hun dak te leggen. Ook zij willen op hun energiekosten besparen en een bijdrage leveren aan de energietransitie. Mevrouw JANSSON vraagt of de heer Docter een papieren brochure bedoelt, die haar geheel niet duurzaam lijkt. Zij is meer voorstandster van goede informatie op de vernieuwde website. De heer DOCTER weet dat het college ook heeft voorgesteld om een digitaal overzicht van goede praktijkvoorbeelden en andere handreikingen voor eigenaren te maken die willen verduurzamen. Eigenaren die geen gelegenheid hebben om zonnepanelen te leggen, maar wel willen verduurzamen wachten op een actieve overheid die collectieve voorzieningen helpt mogelijk te maken, bijvoorbeeld op de platte daken van bedrijfsgebouwen of door het aanboren van andere energiebronnen, zoals aardwarmte/geothermie. Hij wacht met ongeduld op concrete maatregelen van het college dienaangaande. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) vindt het voorstel een grote stap voorwaarts. Hilversum staat best vooraan als het gaat om het doorvoeren van versoepelingen. Daarmee is zij hartstikke blij. Een aantal raadsleden heeft haar persoonlijk benaderd om de urgentie van het voorstel aan te geven. Daaraan is dan ook in de zomervakantie gewerkt. De betrokkenheid van ambtenaren heeft zij ook bij de raad en de commissie gevoeld.
Het voorstel kan misschien nog wel beter en specifieker. Het blijft echter wel een balanceeract. Het college wil duurzaamheidsmaatregelen bevorderen. Tegelijkertijd heeft men ook met wet- en regelgeving te maken, zoals over cultuurhistorische waarden en beschermde stadsgezichten. De mensen uit de praktijk hebben duidelijk aangegeven dat het voorstel haalbaar moet zijn en hebben daarmee de afgelopen jaren ook geëxperimenteerd. HI20221026
29
De versoepeling geldt niet alleen voor ambtenaren, maar ook voor inwoners. De toegankelijkheid van informatie via de website moet beter en gebeurt in begrijpelijke taal B1. Mensen kunnen een betere aanvraag indienen en dat gaat helpen om de wachtlijst weg te werken. De heer VAN DEN BRINK vraagt hoe lang het duurt om de term ‘rustig’ te definiëren als dat na verloop van tijd toch nodig mocht zijn. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) ziet dat D66 daarover ook amendement A 22-74 heeft ingediend. Zij wil snel aan de gang gaan met het voorstel en over een jaar kijken hoe het gaat. Dan wil zij alle suggesties meenemen, ook die van het amendement A 22-74 en ook amendement A 22-76 van de ChristenUnie. De elementen van duidelijkheid/helderheid en toegankelijkheid voor inwoners, evenals hoe het in de praktijk functioneert moeten allemaal in het eerste jaar worden beleefd. Zij vindt het nu echter belangrijk om een start te kunnen maken. De heer VAN DEN BRINK vraagt of er intern aanvullende criteria zijn voor ambtenaren, die niet in de officiële criteria zijn opgenomen. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) antwoordt dat ambtenaren de beoordeling van een aanvraag voorbereiden en adviseren aan de CRK om al dan niet een sneltoets te doen. Zij kan zich niet voorstellen dat er nog nieuwe criteria bijkomen, maar in detail kan zij dat niet zeggen.
Mevrouw VERWEIJ hoort de toezegging dat communicatie op B1-niveau zal plaatsvinden en vraagt aandacht voor mensen die audiovisueel beperkt zijn. Eveneens hoorde zij de toezegging volgend jaar voor de begrotingsbehandeling een evaluatie te laten plaatsvinden. Ook vernam zij van de wethouder dat er mogelijk nog beleidsregels gaan worden vastgelegd over specificaties waarover D66 het had. Dat kan betekenen dat beleidsregels meer duidelijkheid gaan bieden en dat die ter advisering naar de raadscommissie komen, wat zij op prijs zou stellen. Tot slot hoopt zij op te toezegging om in het eerste kwartaal van 2023 een update van hoe het ermee staat te geven. Zij heeft in de commissievergadering namelijk gevraagd naar de capaciteit vanwege de verwachting van meer aanvragen, die sneller afgehandeld moeten worden. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) stelt dat vanavond over beleidsregels wordt besloten en weet niet welke beleidsregels daar nog bij zouden komen. Daarop wil zij nog terugkomen. Mevrouw VERWEIJ kan zich daarin vinden en wil weten wanneer de wethouder de raad dan zal informeren of al dan niet aanvullende beleidsregels worden opgesteld. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) zal dat dan voor het einde van het jaar doen, maar kan niet voorzien of er meer aanvragen komen en of die zich lenen voor eenvoudige afwikkeling.
Capaciteitsproblemen verwacht zij niet, omdat het college juist wachtlijsten wil wegwerken. Mevrouw VERWEIJ vraagt de wethouder de raad in de evaluatie over uiterlijk een jaar over doorlooptijden te informeren en bij knelpunten naar de raad te komen om daarover te praten. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) zegt dat toe bij de evaluatie. Mevrouw VERWEIJ verzoekt de wethouder ook nog bij mogelijke problemen naar de raad toe te komen. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) vindt het ingewikkeld om daarop te antwoorden. Zij gaat aan de slag met voorbeelden en uitleg op de website. Amendement A 22-76 van de ChristenUnie over meer zonnepanelen mogelijk maken gaat verder dan amendement A 22-74 van D66, ‘Maak zonnepanelen praktisch’. Amendement A 22-76 raadt zij af, omdat dat zich er niet voor leent om dat te omarmen. De heer DOCTER vraagt op welke termijn de wethouder met de brochure met voorbeelden zal komen. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) gaat daarmee aan de slag zodra de raad het raadsvoorstel heeft aangenomen. Daartoe zal waarschijnlijk een externe partij in de arm genomen moeten worden, maar dat wil zij wel zo snel mogelijk doen. De suggestie om daartoe het advies van de CRK te vragen lijkt haar een goede. Verbijzondering van daken vormt een van de te beschermen waarden, zoals in de tuinwijken Oost en Zuid en die lenen zich niet voor een sneltoets.
Bovendien zijn de daken veel te divers om daar een HI20221026
30
generieke sneltoetscriterium voor op te stellen. Het blijft wel mogelijk voor deze daken om toch een aanvraag te doen en een welstandtoets aan te vragen. De heer NANNINGA vraagt de wethouder om uitleg wat er zou gebeuren als de werkwijze zou zijn als volgens zijn amendement. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) wijst op het besluit om in beschermd stadsgezicht de cultuurhistorische waarden te beschermen en bewaren. Dat betekent dat je een aanvraag kunt doen voor zonnepanelen, maar die wordt dan getoetst voor de CRK. De heer NANNINGA vraagt om de toezegging het gestelde in zijn amendement als wens mee te nemen voor de evaluatie volgend jaar. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) vindt het interessant genoeg om ernaar te kijken en die wens in de evaluatie mee te nemen. De heer VAN DEN BRINK constateert ingeval het amendement van de ChristenUnie niet wordt aangenomen de tekst luidt: ‘op die bijzondere dakvormen en afgeschuinde uiteinden is het niet toegestaan.’ De aanvraag gaat dan volgens de wethouder door naar de CRK die er een oordeel over velt. Hij vraagt op basis waarvan die commissie alsnog ruimte heeft om eventueel zo’n voorstel goed te keuren als in de tekst staat dat zonnepanelen dan niet zijn toegestaan. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) vindt het mooie aan het oordeel van de CRK dat het altijd om maatwerk gaat, zodat men nooit tevoren kan zeggen wat er uit komt.
De nieuwe regelgeving geeft wel aan welke kant het op gaat. Het zal een uitzondering zijn als het wel lukt wel zonnepanelen op zo’n dak te laten leggen. De heer HELLER (wethouder) gaat graag een gesprek met Hilverzon aan betreffende mensen die geen mogelijkheid hebben om zonnepanelen op hun het dak van hun eigen woning te leggen. De heer VAN VOORDEN (wethouder) gaat in op de vraag van BVNL. In Hilversum worden heel mooie monumenten verduurzaamd. Tegelijkertijd vindt het college aan de slag te moeten gaan met zonnepanelen op monumenten, wat ook in het coalitieakkoord staat. Het college adviseert daarom positief over motie M 22-70 van BVNL. Na de zomer komt het college terug op het rapport over het landelijk afwegingskader en of dat al dan niet overgenomen kan worden. Tweede termijn De heer NANNINGA trekt amendement A -77-76 over bijzondere dakvormen in gezien het negatieve advies van de wethouder daarover en de toezegging om het gestelde daarin mee te nemen in de evaluatie volgend jaar. De heer VAN DEN BRINK vindt het een gemiste kans door nu iets onduidelijks vast te stellen wat ook in het begin duidelijk afgesproken kan worden. Daarom wil hij amendement A 22-74 toch in stemming laten brengen.
De heer DE JONG ziet in het amendement staan ‘een uitsparing is toegestaan wanneer men om het object heen kan werken’ en vraagt wat daarmee is bedoeld, bijvoorbeeld een dakkapel of een dakraam. De heer VAN DEN BRINK heeft van een bewoner die dit onderwerp aan het hart gaat een hele set criteria gekregen, met een visuele weergave van het dilemma. Daarmee wordt duidelijk wat al dan niet kan en wat wordt verstaan onder een uitsparing. De heer DE JONG heeft nu nog geen duidelijkheid over amendement A 22-74 Mevrouw VERWEIJ denkt dat allen weten wat verschillende objecten op een dak kunnen zijn. Amendement A22-74 van D66, ‘Maak zonnepanelen praktisch’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 11 tegen 22 verworpen, met de stemmen van D66, de PvdA, de SP en de ChristenUnie voor.
HI20221026
31
Zonder stemming wordt M 22-70 van BVNL aangenomen, onder aantekening dat Democraten Hilversum geacht wordt daartegen te hebben gestemd. Zonder stemming wordt het voorstel van burgemeester en wethouders unaniem aangenomen. De VOORZITTER schorst de vergadering om 23.30 uur. Schorsing De VOORZITTER heropent de vergadering om 23.37 uur. 16.
VERZOEK OM INLICHTINGEN RAADSLID VAN DE LINDE CONFORM ARTIKEL 45 REGLEMENT VAN ORDE
De VOORZITTER deelt mee dat volgens het reglement van orde de inlichtingen schriftelijk of mondeling in de eerstvolgende of daaropvolgende vergadering worden gegeven. Het college verstrekt de inlichtingen vanavond mondeling. Mevrouw VAN DE LINDE wenst inlichtingen over gestelde vragen over armoede en de door het college beschreven capaciteitsproblemen. Die informatiebehoefte heeft zij vanwege de binnenkort naderende begrotingsbehandeling. Het college vraagt om € 1 miljoen zonder verduidelijking of onderbouwing. Zij kan niet beoordelen of dat te veel, te weinig of precies genoeg is en waarmee de meeste impact te behalen is. Bovendien is het goed gebruik in de raad om elkaar scherp te houden op het adagium ‘geen dekking, geen plan’. Het omgekeerde van ‘geen plan, geen dekking’, zou dan ook moeten gelden. Het signaal over de capaciteit wil zij goed begrijpen voordat zij over een begroting besluit. Als acht van de tien fracties vragen stellen over een urgent maatschappelijk probleem raakt een afdoening met woorden als ‘wij kiezen ervoor om u geen antwoord te geven’ en een procesvoorstel dat eindigt in het vierde kwartaal van 2024’ haar in haar eer en eed als raadslid. Het feit dat zij zich door dat soort zaken laat raken tekent haar.
Zij hecht er daarom aan te benadrukken dat zij in dezen haar gevoel heeft laten spreken en zij daarvoor alleen de verantwoordelijkheid draagt, omdat zij het niet heeft afgestemd met de andere vragenstellers. Verder heeft haar verzoek om inlichtingen ook een verschil van mening binnen haar fractie blootgelegd. Haar fractie heeft aangegeven het niet zo nodig te vinden over het onderwerp inlichtingen te vragen. Zij wil het onderwerp echter transparant bespreekbaar maken, omdat zij zich heeft voorgenomen maar één weg vooruit te zien, namelijk de weg van open en samen. Het collegeantwoord heeft haar daarom gegriefd. De signalen die zij in de wandelgangen heeft gehoord dat het ongepast was om de vragen te stellen hebben haar ook gegriefd. De emotie die zij hierbij voelt zit haar in de weg om op een goede manier beleid te maken en besluiten te nemen. De VOORZITTER merkt op dat de collegereactie zal gaan over de vragen die mevrouw Van de Linde mondeling heeft gesteld. Daarna kan zij daarop reageren en kunnen raadsleden met haar of de wethouder van gedachten wisselen. De heer HELLER (wethouder) heeft de in eerste instantie gestelde vragen in de collegereactie ‘terechte vragen die een antwoord verdienen’ genoemd. Het zijn namelijk begrijpelijke en logische vragen over een urgent maatschappelijk probleem.
Het college deelt de urgentie van het probleem nadrukkelijk met de vragenstellers en de acht fracties in de raad. Het is niet de bedoeling van het college geweest om vragenstelster of iemand anders met zijn reactie te irriteren. De bron van de collegereactie is simpelweg dat het gros van de gevraagde informatie niet beschikbaar is. Het is dus geen kwestie dat het college geen informatie met de raad zou willen delen. HI20221026
32
Overigens heeft het college geprobeerd de beschikbare informatie met de raad te delen. Het college heeft zijn brief vlak voor de herfstvakantie gestuurd in een poging de raad zo snel mogelijk te informeren. De vraag welk aantal uitkeringen in het kader van de Participatiewet de gemeente momenteel verstrekt kan hij niet uit zijn hoofd beantwoorden, maar morgen wel. De gemeente hanteert geen inkomensgroepen. Informatie daarover vereist werk van mensen, evenals over de problematiek van kinderen die zonder ontbijt naar school gaan. Scholen moeten dat intern bespreken en komen er bij het college op terug. Voor het college is er geen enkele reden om die informatie niet met de raad te delen. Het genereren van informatie kost echter tijd en menskracht. Er zijn twee beleidsadviseurs in gemeentelijke dienst op het brede thema armoede, inkomen, minima, schuldsanering en schuldhulpverlening. Hun werk bestaat voor een goed deel uit het continu onderhouden van contacten met organisaties, om die signalen op te pakken om een beeld en gevoel te krijgen bij wat er speelt. Het niet geven van informatie heeft dus te maken met puur een praktisch aspect en is geen kwestie van niet open en samen te willen opereren. Het college wil op basis van informatie met de raad in gesprek, maar dat kost dus even tijd.
De twee ambtenaren hebben het opvragen van informatie op dit moment extern weggezet Mevrouw VAN DE LINDE heeft de kwestie zodanig beleefd dat de vragen van de acht fracties niet warm werden ontvangen. In de zin ‘wij kiezen ervoor u geen antwoord te geven’ leest zij een bepaalde lading, die helemaal misschien niet nodig was geweest nu zij de toelichting van de wethouder hoort. Zij heeft echter vernomen dat het stellen van de vragen als verstorend en vervelend werd ervaren. Dat speelde mee bij haar besluit door te vragen. Zij constateert dat zij de inlichtingen die zij zelf vindt nodig te hebben nu niet kan krijgen en daarnaar nog een keer vragen geen zin heeft. De VOORZITTER gaat verder met een gedachtewisseling tussen raadsleden. De heer STREUTKER moet het van het hart dat het niet om mevrouw Van de Linde persoonlijk gaat. Zij heeft dat wel persoonlijk gemaakt door het schrijven van een persoonlijke brief, zonder daarin de andere fracties mee te nemen. Dan wekt dat bij andere raadsleden irritatie op. De gestelde vragen vindt hij nog steeds terecht, wat ook in de beantwoording van het college staat. Op vragen kan nu geen antwoord gegeven worden en daarmee heeft de raad het op dit moment te doen. Mevrouw VAN DE LINDE heeft een verduidelijkende toelichting gevraagd zonder de andere fracties in te lichten, omdat zij in verband met de herfstvakantie tijdsdruk voelde.
Zij heeft een aantal raadsleden wel geïnformeerd over het feit dat zij met de conceptreactie bezig was. Ook heeft zij gemeend dat het ieders persoonlijke afweging is of zij al dan niet genoegen nemen met het collegeantwoord. Dat deed zij niet. Mevrouw VERWEIJ kan zich voorstellen dat het college niet alle informatie kan leveren nadat acht fracties vragen hebben gesteld. Er ligt echter wel een begroting, die misschien niet helemaal adequaat meer is. Bij een voorstel over het bijplussen van € 1 miljoen wil men echter inzicht in de aard en omvang van de problematiek. Daarom vraagt zij het college, binnen de mogelijkheden die er zijn, toch vorm en inhoud aan een antwoord te geven en de raad handvatten te geven om te beoordelen om een goede keuze te maken over minimabeleid. Mevrouw REMMERS is heel blij dat mevrouw Van de Linde vragen heeft gesteld. GroenLinks pleit al heel lang voor verhoging van de minimanorm en het toekennen van de energietoeslag. De reden waarom GroenLinks de vragen niet ondertekend heeft is omdat er al veel bekend is. Zij wijst op een onderzoek van de Nationale Ombudsman, dat op 17 oktober jl. is gepubliceerd, dat via de griffie kan worden verspreid. Die zegt dat wat gemeenten doen een plusje is, maar wat er daadwerkelijk moet gebeuren aan Den Haag is.
De landelijk vertegenwoordigde partijen kunnen daarom hun woordvoerders in Den Haag aansporen om een daadwerkelijk fatsoenlijk sociaal minimum vast te stellen. Dan nog blijft zij pleiten voor een ruimhartig minimabeleid. Daarin loopt Hilversum met een percentage van 130 niet meer voorop. Er zijn namelijk gemeenten die al voor 140% en 150% gaan. HI20221026
33
Tot slot wil zij graag een update van het probleem van de ambtelijke capaciteit hebben. Mevrouw VAN DROOGE stelt vast dat mevrouw Van de Linde zich kwetsbaar heeft getoond, waarvoor zij bewondering heeft. De wethouder toonde zich ook kwetsbaar door te laten weten niet alle antwoorden te hebben. De PvdA heeft de vragen niet mee gesteld, omdat bij urgente ontwikkelingen in de maatschappij de politiek ook zou moeten beseffen soms te moeten handelen, ook als men niet alle antwoorden meteen heeft. Bij de begrotingsbehandeling verzoekt zij daarom de raad met de PvdA mee te denken. Een minimabeleid over een jaar vaststellen duurt voor heel veel Hilversummers te lang. De heer DEEN sluit zich aan bij mevrouw Van Drooge en vindt het goed deze discussie nu te voeren. Hij snapt heel goed hoe de collegebrief op mevrouw Van de Linde over is gekomen. Hij had graag iets meer vanuit de bedoeling gedacht, die raad en college zouden moeten blijven zoeken. Een groot deel van de inhoud komt volgende week aan bod, waarna snel stappen te zetten zijn Mevrouw VAN DE LINDE meent dat het college niet bang moet zijn om capaciteitsproblemen met de raad te delen. Als antwoorden op vragen niet bekend zijn is het de vraag of keuzes wel te maken zijn. Zij is blij met het gevoerde gesprek vanavond.
Mevrouw BOUKHRISS constateert dat het college in de brief aangeeft dat de vragen in samenhang met het nieuw te ontwikkelen beleid op bestaanszekerheid zullen worden opgepakt. Op korte termijn komt er een beleidsverkenning ter beantwoording van de vragen. Hart voor Hilversum kan zich hierin vinden, maar helaas gaat de raad wel een begroting vaststellen met een budget voor armoedebeleid. Het motto is zonder dekking geen plan, maar dekking zonder plan kan ook niet. Daarom hoopt zij er samen met het college uit te komen. De heer HELLER (wethouder) gaat in op de vraag van mevrouw Verweij over het bedrag van € 1 miljoen in de begroting. De begroting bevat een aantal concrete maatregelen voor de doelgroep. Tegelijkertijd komt de gemeente uit een idiote pandemie met een lockdown die niemand voor mogelijk had gehouden. Een half jaar later is sprake van een energiecrisis. De voorspelbaarheid van de wereld blijkt steeds kleiner te worden. In dat licht bezien heeft het college gemeend € 1 miljoen te moeten opnemen, welk bedrag niet in detail van plannen is voorzien, maar wel is bedoeld om armslag te hebben om waar nodig te acteren. Soms moet men acteren zonder iets tot in detail te weten. Mevrouw VERWEIJ dankt de wethouder en wenst het gesprek te voeren, ook over capaciteit. Ambtenaren worden gelukkig als het college ze voorziet van een goede kwaliteit koffie.
Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) gaat in op het verzoek van de SP en Hart voor Hilversum over een update van de organisatie. Die zou zij na de zomer in het najaar geven en zij voelt de urgentie om dat nu op korte termijn te doen. Zij gaat proberen die update de komende week te bieden, voor de begrotingsbehandeling. Het gaat echter niet om een toezegging. De VOORZITTER vat samen dat het college voorafgaand aan de begroting nog een brief gaat sturen over hoe de organisatie erbij staat en waar de kracht en de knelpunten daarvan zitten. 17.
VRAGEN AAN HET COLLEGE Er zijn geen vragen.
HI20221026
34
18.
MOTIE M 22-75 VREEMD AAN DE ORDE RAADSBESLUIT OVER OPVANG Motie M 22-75 ‘Raadsbesluit over opvang’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 26 oktober 2022; overwegende dat: de Nederlandse Vereniging van Raadsleden op 12 oktober een artikel heeft gepubliceerd waarin zij oproept dat gemeenteraden in positie worden gebracht en in de gelegenheid worden gesteld om het debat te voeren over de opvang van asielzoekers in hun gemeente (1); de Nederlandse Vereniging van Raadsleden stelt dat de structurele opvang van asielzoekers geen exclusieve zaak van burgemeesters en wethouders is; de gemeenteraad het bevoegd gezag is voor de opvang van asielzoekers in een gemeente, alleen crisisnoodopvang loopt via het college of de burgemeester; er geen sprake meer is van incidentele/crisis opvang maar het nu structureel gaat om grote aantallen mensen waarvoor opvangplekken moeten worden gezocht; voorts overwegende dat: na het laatste veiligheidsberaad voorzitter Hubert Bruls zei dat Nederland jarenlang meer opvangplekken voor asielzoekers nodig zal hebben; de (gelekte) prognoses ministerie: volgend jaar meer dan 50.000 asielzoekers, zijn vastgesteld in het asieltopberaad 1; er niet alleen meer mensen komen, maar maken ze ook nog eens meer kans om te blijven, omdat ze uit kansrijke landen komen zoals Syrië, Afghanistan en Turkije 2; constaterende dat: de gemeenteraad het
hoogste orgaan van de gemeente is; de gemeenteraad bij uitstek het orgaan is om te constateren of er draagvlak is voor opvang; dat het betrekken van de gemeenteraad bij besluiten over de opvang van asielzoekers; vluchtelingen en statushouders zorgt voor democratische legitimiteit; verzoekt het college om: de raad, uiterlijk in eerste kwartaal 2023, een raadsvoorstel voor te leggen voor een afwegingskader ten behoeve van de opvang van asielzoekers, vluchtelingen en statushouders, zodat de raad in staat is om zijn kaderstellende en volksvertegenwoordigende rol op dit punt in te vullen; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 22-75 van BVNL)
Mevrouw DURLACHER doet een voorstel van orde om de motie te verdagen naar de volgende raadsvergadering. Mevrouw VERWEIJ denkt dat het de moeite waard is om de tijd voor de motie te nemen en die niet af te raffelen. Mevrouw DURLACHTER houdt de motie aan. De VOORZITTER sluit de vergadering om 00.08 uur. Aldus vastgesteld in de vergadering van de gemeenteraad van 9 november 2022, de griffier, de voorzitter,
H.M. van ’t Westeinde MMC
dr.ir. G.M. van den Top
1 https://www.raadsleden.nl/actueel/nieuws/raad-in-positie-brengen-bij-opvang-asielzoekers 2 https://nos.nl/artikel/2449598-prognose-ministerie-volgend-jaar-meer-dan-50-000-asielzoeker
HI20221026
35