Verslag raadsvergadering d.d. 2 februari 2022
Tekst van het document
34
De heer VAN WAARDEN is het duidelijk dat omwonenden en raad niet enthousiast zijn over de verhuizing, maar het is aan de ontwikkelaar en de eigenaar om te besluiten of zij doorgaan. Daarom stemt GroenLinks tegen de motie. De heer KRUIJSWIJK JANSEN is tegen de verhuizing van Hoogvliet naar de Stam-locatie, gezien hoe de plannen er nu uitzien. Dat laat onverlet dat de overheid wel aan een onderzoek moet meewerken en dat moet faciliteren. Daarom stemt hij tegen de motie. De heer VAN ROODEN kan Hoogvliet niet verbieden om alsnog aan een dood paard te trekken, maar dat wil niet zeggen dat de raad daaraan moet meedoen. Dat beoogt de motie, evenals duidelijkheid te geven aan inwoners, die helder zijn in hun oordeel over wat zij al dan niet willen. Mevrouw KALK kondigt aan dat de PvdA de motie zal steunen. De nieuwe Omgevingswet ontslaat de raad niet om zelf een eigen visie op de ruimtelijke ordening te hebben. In dit verhaal is volgens haar geen winnaar meer te vinden. Motie M 22-04 van de SP, Hilversums Lokaal Belang en Democraten Hilversum wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 10 tegen 23 stemmen verworpen, met de stemmen van de PvdA, de SP, Hilversums Lokaal Belang, Democraten Hilversum en de leden Boukhriss, Eerenberg, De Jong-Schrijvers en Lancé van Hart voor Hilversum voor. 20.
MOTIE M 22-06 VAN LEEFBAAR HILVERSUM EN DE SP, ‘TIJDELIJK WONEN OP HET CIRCUSTERREIN-JA ECHT, HET KAN!’ “De gemeenteraad van Hilversum bijeen in de raadsvergadering van 2 februari 2022; constaterende dat: • er grote behoefte is aan tijdelijke woon- en werkruimte; • het circusterrein tot grote ergernis van vele Hilversummers al jaren leeg staat, terwijl er in de tussentijd zoveel had kunnen gebeuren; • op 15 september 2021 een amendement is aangenomen (A21-141) om op het Circusterrein de (tijdelijke) huisvestingsmogelijkheden in kaart te brengen en snel met een voorstel naar de raad te komen; • niet helder is of de uitvoering van het amendement en het bijbehorende raadsvoorstel ‘Circusterrein Diependaalselaan’ al ter hand is genomen, terwijl dit voor de kwetsbare doelgroep woningzoekenden van groot belang is; overwegende dat: • de gemeente kan als eigenaar van het Circusterrein per direct iets van deze behoefte faciliteren door tijdelijk wonen en werken op deze plek mogelijk te maken; • de permanente herontwikkeling van het circusterrein in Hilversum toch zeker nog 5 tot 10 jaar zal duren; verzoekt het college: • per direct stappen te zetten om tijdelijk wonen en werken op het Circusterrein mogelijk te maken; • op korte termijn (nog in Q1) terug te komen bij de raad met een uitgewerkt voorstel hiervoor; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 22-06 van Leefbaar Hilversum
en de SP)
De VOORZITTER deelt mee dat de SP de motie niet mag toelichten in verband met het gebrek aan spreektijd.
HI20220202
35
De heer VOORINK (wethouder) wijst de motie af, die volstrekt gelijk is aan het aangenomen amendement A 21-141 van GroenLinks, de VVD, D66 en Hart voor Hilversum, ‘Snel flex aan de slag met het Circusterrein’. Het college werkt met man en macht om projectleiders te werven om het onderwerp op te pakken. De motie is dus overbodig. Motie M 22-06 van Leefbaar Hilversum en de SP wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 4 tegen 29 stemmen verworpen, met de stemmen van de SP, Democraten Hilversum en het lid De Jong-Schrijvers van Hart voor Hilversum voor. 21.
MOTIE M 22-07 VAN DE VVD, HART VOOR HILVERSUM, HET CDA, DE CHRISTENUNIE EN DEMOCRATEN HILVERSUM, ‘AAN DE SLAG MET WIJKGERICHTE UITVOERING WOONVISIE “De raad van Hilversum in vergadering bijeen op woensdag 2 februari 2022, behandelende de motie vreemd aan de orde van de dag; overwegende dat: • de raad van Hilversum een woonvisie heeft aangenomen, waarin staat dat deze ‘samen met inwoners én partners gaat worden uitgewerkt in een wijkgerichte uitvoeringsagenda, gebaseerd op wijkanalyses waarmee per wijk behoeften én mogelijkheden in kaart zijn gebracht’; • er in het kader van de omgevingsvisie gesprekken zijn gevoerd in Hilversumse wijken en buurten die aanknopingspunten geven om aan de slag te gaan met deze wijkgerichte uitvoeringsagenda; voorts overwegende dat: • de raad kansen én behoeften ziet in verschillende Hilversumse buurten en wijken om te ‘Bouwen voor de Buurt’, zoals bedoeld in de woonvisie; • een dergelijke aanpak gedragen moet worden ín de buurt en mét de buurt: door een ‘coalitie’ van buurtbewoners, maatschappelijke partners (zoals de woningbouwcorporatie(s)) en de gemeente; • de raad geen tijd wil verliezen en voorstelt om concreet aan de slag te gaan, en al doende gezamenlijk te leren, verzoekt het college: • in aansluiting op het ‘leren in aanloop naar de invoering van de Omgevingswet’ een aanpak te ontwikkelen om in twee pilotbuurten aan de slag te gaan met de
wijkgerichte uitvoering van de woonvisie; te weten Kerkelanden en De Meent; • de hiervoor benodigde wijkanalyses integraal uit te voeren, met inbreng vanuit de wijkgesprekken die voor de omgevingsvisie gehouden zijn en vanuit de verschillende inhoudelijke ambtelijke portefeuilles (waaronder in ieder geval -maar niet uitsluitendwonen, ruimtelijke ordening, zorg, bereikbaarheid, economie, duurzaamheid, en buurten en wijken); • hierbij ook twee buurtconferenties te (laten) organiseren om mét de buurt en ín de buurt de coalitie te vormen, die nodig is om uiteindelijk een dergelijk proces te dragen; • en dit te dekken uit het programma Wonen en Leven; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 22-07 van de VVD, Hart voor Hilversum, het CDA, de ChristenUnie en Democraten Hilversum)
Mevrouw REDMEIJER licht de motie toe en herinnert aan de in juli jl. unaniem vastgestelde woonvisie. Daarna ontstond er een probleem met de capaciteit. Zij wil echter graag met de woonvisie aan de slag gaan. Spreekster heeft begrepen dat de capaciteit nu weer is aangevuld, zodat aan de slag gegaan kan worden, ook gezien de ontvangen uitkomsten van de wijkafspraken over de Omgevingswet. Daarmee hebben mensen aangegeven wat ze nodig hebben in hun wijk. Er kan aan de slag worden gegaan met een HI20220202
36
wijkgerichte aanpak om te zorgen dat er iets gaat gebeuren. De wijkgerichte uitvoeringsagenda moet dus van start gaan, zodat de nieuwe raad in dit dossier met een schone lei kan beginnen. Mevrouw KALK bevestigt dat de woonvisie is vastgesteld inclusief het instrument van het opkoopverbod. De wethouder heeft toegezegd die te gaan uitvoeren, waardoor moties overbodig waren. Daarom verbaast het haar dat de indieners nu komen met een motie over een vergelijkbaar onderwerp. De PvdA geeft dan aan dat al afspraken zijn gemaakt. Zij wil eerst doen wat is afgesproken, namelijk het opkoopverbod uitvoeren, waarop bewoners rekenen. Daarna kan met de volgende fase worden begonnen. De heer GÖBBELS legt een stemverklaring af en deelt mee dat Democraten Hilversum de motie graag mede indient. Hij ziet de motie als een mogelijke weg voor senioren in de Meent en Kerkelanden om mooie Hilversumse hofjes te realiseren. Zijn zorg is of ook corporatie ook in stelling zijn gebracht. Als dat niet het geval is, is er volgens hem een probleem. Mevrouw VAN VLIET begrijpt de enthousiasme van mevrouw Redmeijer over het onderwerp en ook D66 is trots op de woonvisie. Persoonlijk is zij trots dat zij daaraan een bijdrage heeft kunnen leveren. De kaders staan nu, waaronder de wijkgerichte aanpak, zo ook de opkoopbescherming, voorraadvergunningen etc.
Die zullen uitgevoerd worden door een nieuwe wethouder op het ruimtelijk ordeningsdeel met een kwalitatief goed ambtenarenkorps, dat sinds gisteren weer op orde is. De uitvoering is dus aan een nieuwe ploeg en de wethouder zal de volgorde aangeven. Zij heeft vertrouwen dat die uitvoering gaat gebeuren. Als de uitvoering van de wethouder niet juist is dan kan de raad bijsturen, maar dat wil zij nu niet doen. De motie vindt zij onnodig en daarom stemt D66 daartegen. Mevrouw VAN DE LINDE benadrukt dat de opbrengst van de wijkgesprekken in het kader van de omgevingsvisie haar aanknopingspunt voor de motie is. Het idee is om op basis van twee pilots alvast aan de slag te gaan, zodat daarvan te leren is om de wijkgerichte uitvoering ook in de andere wijken van de grond te krijgen. De heer KRUIJSWIJK JANSEN vindt tempo wenselijk en deelt mee dat het CDA de motie mede heeft ingediend. De heer HELLER (wethouder) moest in verband met krapte op de arbeidsmarkt helaas even een pas op de plaats maken bij het uitvoeren van ambities. De motie heeft een nieuw inhoudelijk element toegevoegd, namelijk integraliteit. De aanpak wordt geacht het domein wonen te overstijgen en kan ook zorg, economie en bereikbaarheid omvatten. Juist die verbreding maakt het verstandig om aan de voorkant na te denken over wat er gaat gebeuren en hoe dat plaatsvindt.
Kaderstellend kan de raad aan de voorkant meegeven dat het proces gebaseerd moet zijn op de integrale wijkanalyses en bijvoorbeeld buurtconferenties moet omvatten. Dat leidt tot een zeer uitvoerbare opdracht die wellicht snel uit te voeren is. Een inhoudelijke verbreding is in het programma Wonen en Leven op dit moment niet voorzien, zodat er een risico is op een financiële overschrijding. Met die kanttekening gaat hij met de motie akkoord. Mevrouw KALK vraagt of de wethouder destijds het opkoopverbod niet wilde uitvoeren vanwege gebrek aan capaciteit en of hij nu de voorliggende motie wel wil uitvoeren, terwijl daarvoor veel meer geld en capaciteit nodig is. Zij vraagt wat daarvan de logica is en wie de wethouder op dit moment in de steek laat. De heer HELLER reageert dat mevrouw Kalk al herhaalde malen heeft geprobeerd om het onderwerp te politiseren, wat haar vrij staat. Vanwege krapte op de arbeidsmarkt was er geen mogelijkheid om prioriteiten te stellen. Het opstellen van een plan van aanpak op basis van kaders die de raad meegeeft is een redelijk compacte opdracht die extern weggezet zou kunnen worden. HI20220202
37
Mevrouw KALK meent dat de wethouder het onderscheid om de ene opdracht wel en de andere opdracht niet extern weg te kunnen zetten nergens op baseert en niet onderbouwt. Het gaat volgens haar wel degelijk om politieke keuzes. Mevrouw REDMEIJER begrijpt heel goed wat de wethouder en mevrouw Kalk zeggen. Zij nuanceert dat Kerkelanden en de Meent zijn geoormerkt als pilotgebieden bij het atelier Rijksbouwmeester. Die afspraken zijn al eerder gemaakt. Dat maakt duidelijk dat het een kleiner blokje is. De indieners zeggen niet alvast met een plan van aanpak te komen voor alles op wijkgericht gebied. De twee genoemde wijken wil zij laten gebruiken om met elkaar te leren hoe de brede aanpak zo dadelijk zal zijn. Mevrouw KALK wijst erop dat wijken nood hebben en de mensen daarvan niet in de steek moeten worden gelaten door niet uit te voeren wat al is afgesproken. De heer BLOK constateert dat de financiële dekking in de motie in de voorlaatste versie nog niet op orde was, maar nu wel goed is, zodat hij voor de motie stemt. De heer VAN WAARDEN deelt mee dat de motie voor de GroenLinks-fractie een vrije kwestie is. De heer VAN ROODEN begrijpt de boosheid van mevrouw Kalk en erkent dat zaken allemaal uitgevoerd moeten worden. Wijkgericht werken moet ook gebeuren, zodat hij de motie toch steunt.
Mevrouw VAN DE LINDE attendeert erop dat de integraliteit van wonen, zorg en andere beleidsterreinen al in de woonvisie zit. Het wordt tijd dat daaraan uitvoering gegeven wordt. De motie ziet zij als een aansporing om daarmee in de twee pilotgebieden aan de slag te gaan. Motie M 22-07 van de VVD, Hart voor Hilversum, het CDA, de ChristenUnie en Democraten Hilversum wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 24 tegen 9 stemmen aangenomen, met de stemmen van D66, het lid Kalk van de PvdA en de leden Kool en Remmers van GroenLinks tegen. De VOORZITTER zegt de raadsleden dank voor hun inzet en voor hun waardering voor het door haar vervullen van het vervangend raadsvoorzitterschap. Zij sluit de vergadering om 00.26 uur. Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 9 maart 2022, de griffier, de voorzitter,
P.M.H. van Ruitenbeek
HI20220202
G.M. van den Top
38