Vastgesteld en getekend verslag raadsvergadering d.d. 5 maart 2025
Tekst van het document
Mevrouw REDMEIJER kan die vraag niet meteen met ja of nee beantwoorden en vindt het een groot gemis de heer Heller nu niet te kunnen zien. Wat haar betreft gaat het om een persoonlijke opvatting van een wethouder die heel goed functioneert. Persoonlijke opvattingen en meningen van een wethouder over de wereld zijn voor Hart voor Hilversum minder van waarde. De heer DOCTER kan op dit moment eigenlijk niets anders dan het besluit van wethouder Heller om af te treden respecteren. Bart Heller is en was een kundige en bevlogen wethouder. Een ervaren politicus, die op lastige dossiers, zoals het parkeerbeleid, de huisvesting van vluchtelingen, het milieubeleid en de samenvoeging met Wijdemeren koersvast het overzicht wist te behouden. Diens reactie was qua toon een wethouder onwaardig. Dat deze kardinale fout hem de politieke kop kost is een groot verlies op een ongelukkig moment, waar veel belangrijke dossiers om goede sturing en continuïteit vragen. Democraten Hilversum was het niet altijd met Bart Heller eens, maar die ging de discussie nooit uit de weg en had altijd stevige argumenten om diens mening te onderbouwen. Je moest de wethouder altijd met even sterke argumenten tegemoet treden. En dat hielp overigens niet altijd. Een beschuldiging van antisemitisme slaat alle argumenten uit handen. Het maakt met onnodige polarisatie het gesprek bij voorbaat onmogelijk.
En dat is niet de open dialoog, die door Democraten Hilversum niet alleen belangrijk wordt geacht, maar die ook onmisbaar is voor het functioneren van de democratie. Hij zou graag naar aanleiding van de suggestie van de heer Fennema nog aanvullen, dat het een goede zaak is het gesprek met de heer Heller te hervatten. Als de wethouder oprecht en correct diens excuses had aangeboden, dan had de raad daarmee het gesprek kunnen voeren en had die wat Democraten Hilversum niet bij voorbaat hoeven aftreden. De heer VONK feliciteert Bart Heller, ondanks de droevige dag, met diens verjaardag en dankt hem voor de dingen die deze voor Hilversum heeft gedaan. Wellicht komt de wethouder nog wel terug. Er is dus weer gedoe rondom een wethouder. Ook de SP was niet blij met de mail, en de reactie dat die antisemitisch zou zijn is ook een kerkleider onwaardig. Juist in deze tijd, waar culturen en geloven tegenover elkar staan, moet een kerklider verbinding zoeken: be SP had nog graag rnt de heer Heller gesproken en is benieuwd hoe het college het vertrek opvangt, de taken verdeelt en Hilversum goed bestuurt. Als de SP van de wethouder oprecht had gehoord dat die een fout had gemaakt, dan had zij dat voldoende gevonden. Ook van het college hoort hij graag wat dat te zeggen heeft. De SP is er geen voorstander van om Bart Heller om deze reden weg te sturen.
De heer STREUTKER werd afgelopen maandag met ontzetting door het ontslagbericht van Bart Heller overvallen. Die is zelf tot de conclusie gekomen om diens portefeuille neer te leggen, wat het CDA Verslag raadsvergadering 5 maart 2025
35
begrijpt, maar ook betreurt. Hij onderschrijft de conclusie dat de mail een wethouder onwaardig is en niet verzonden had mogen worden, maar begrijpt niet waarom Bart Heller zover gekomen is. De vraag is dus waarom Bart Heller die mail heeft verstuurd. Het CDA dankt wethouder Heller voor diens inzet de afgelopen jaren, die op veel dossiers een waardevolle bijdrage heeft geleverd. Het CDA heeft altijd met hem goed kunnen samenwerken en die zal als kundig en ervaren bestuurder worden gemist. Voor hem hoefde de wethouder echter niet weg. De heer VAN GRIEKEN vraagt of de heer Heller volgens de heer Streutker diens standpunt mocht innemen. Druk uitoefenen om daarvan afstand te nemen zou een stap te ver kunnen zijn. De heer STREUTKER stelt dat iedereen vrij is om te denken en te vinden wat die vindt. In functies gaat het erom wat je doet en zegt. Vanuit dat perspectief begrijpt hij niet waarom de mail met die toon, vorm en inhoud is verstuurd. De heer VAN GRIEKEN vraagt of een Hilversums wethouder het inhoudelijke standpunt kon innemen zonder dat dat consequenties hoeft te hebben. De heer STREUTKER gaat het niet om het standpunt en stelt dat de persoon Heller mag denken en vinden wat die wil. Het is fout gegaan toen iemand is afgerekend op wat die heeft gedaan.
Hij heeft niet gelezen dat druk is uitgeoefend, gezien de goed functionerende wethouder, waar er geen enkele aanleiding was om daarin verandering te brengen. De heer VAN GRIEKEN wijst op de zinsnede in de brief van Bart Heller dat diens inhoudelijke standpunt niet mocht worden ingenomen, waarvan die geen afstand kon nemen. De heer STREUTKER brengt het vraagstuk terug tot wat de wethouder heeft bezield om het zo te doen. De heer NANNJNGA heef de afgelopen dagen met verbazing de reactie van de heer Heller op de mail gelezen, omdat hij die niet had verwacht. Die kan in het algemeen goed manoeuvreren in moeilijke dossiers, goed communiceren met de raad en weegt altijd diens antwoorden goed af. Dus hij was zeer verbaasd over wat er is gebeurd. Ineens zijn tact en weloverwogen reacties verdwenen en leest hij een naar zijn mening een snoeiharde reactie op het verzoek van een inwoner van Hilversum. En dat vindt hij een reactie die een wethouder onwaardig is. Die reactie had heel anders gekund en anders gemoeten. Als wethouder hoor je je volgens hem op die wijze niet uit te spreken naar je inwoners. Het gaat daarbij vooral over de toon, maar daarin neemt hij ook mee dat de vorm van het antwoord ook heel anders had kunnen zijn, namelijk dat het college een duidelijke lijn heeft als het gaat om de verlichting van het raadhuis.
Hij sluit zich aan bij de heer Vonk dat men in Hilversum juist de verbinding moet zoeken, waarbij men ook goed moet nadenken over op welke manier men op zo’n e-mail reageert. En harde woorden over antisemitisme horen niet bij verbinding in Hilversum. Maar ook de reactie van de heer Heller noemt hij niet verbindend, omdat die snoeihard reageert op het verdriet en zorgen van een ander. De vertrekkend wethouder heeft diens fout over de toon van diens reactie erkend en daarvoor excuses aangeboden. Bij excuses en soms ook door het stof gaan horen wat hem betreft ook ruimte voor vergeving en een tweede kans. De CbristenUnie gelooft in de kracht van vergeving. En uiteraard had daar een goed gesprek tussen de wethouder en de gemeenteraad ook bij gehoord. Het is voor hem moeilijk over de zaak te praten zonder dat de heer Heller er zelf bij is. Hij is het eens met de VVD, dat niemand tegen de wethouder heeft gezegd dat hij weg moet. Het moet zijns inziens geen gewoonte gaan worden dat wethouders hun biezen pakken op het moment dat ze een fout hebben begaan. Daarover zou men met elkaar open moeten kunnen praten, daarvan leren en er sterker uitkomen. Hij is daarom vooral benieuwd naar de reactie van het college op de vraag in hoeverre het aftreden van de wethouder voorkomen had kunnen worden.
Hi vraagt op welke maniei het college daarover mt de heer Heller heeft geproken en welke rol publicitaire acties bij het ontslag hebben gespeeld. Want het mag niet zo zijn dat in Hilversum wordt gezwicht vanwege mogelijke protesten of demonstraties. De wethouder zal door de ChristenUnie zeer worden gemist. De heer LAHAISE heeft aan de uitstekende aftrap van mevrouw Remmers heel weinig meer toe te voegen. De heer Heller heeft zich gedwongen gevoeld om toch te vertrekken, ook al heeft die daarvoor dienst excuses aangeboden. Dat heeft de PvdA ook verbijsterd. Daarom sluit hij zich aan bij de daarover gestelde vragen en is hij benieuwd hoe het in het college is gegaan en of er wel voldoende pogingen zijn Verslag raadsvergadering 5 maart 2025
36
ondernomen om de heer Heller op diens besluit te laten terugkeren. Het lijkt erop dat die gezwicht is voor emotionele chantage. Ook de PvdA ziet geen antisemitisme in de zeer onhandige mail van de wethouder, noch in de toon ervan en al helemaal niet in de inhoud. Dat een fanaticus de wethouder een antisemiet meent te mogen noemen gaat bij hem door merg en been, evenals de aanleiding, de gruwelijke dingen die momenteel in Israël en Palestina gebeuren. De heer VAN GRIEKEN vraagt of ook de PvdA het gesprek met de heer Heller nog wil opstarten. De heer LAHAISE zou dat gesprek alsnog willen laten plaatsvinden om de heer Heller het vertrouwen te geven welkom te zijn in het college. De heer FENNEMA heeft het college gevraagd of het nog geprobeerd heeft om de wethouder aan tafel te houden of dat het ideeën heeft om dat nog te doen. Hij zou het een goed idee vinden om het gesprek met de heer Heller nog aan te gaan. De heer LAHAISE sluit zich daarbij volledig aan, maar wil eerst de reactie van het college afwachten. Mevrouw DURLACHER vindt het huidige debat in haar driejarige ervaring als raadslid het meest lastige. Snel leerde zij in de politiek gewoon antwoord te geven op wat er aan je gevraagd wordt, om het je het anders wel eens de kop zou kunnen kosten. Misschien had Bart Heller dat moeten doen in plaats van een heel uitgebreid antwoord te geven.
Zij vindt het lastig om een gesprek te voeren om over iemand te praten, zodat zij zich tot het college richt. Zijn vertrek is opvallend, omdat die immers sorry heeft gezegd. Zij vraagt het college of dat niet genoeg is. In de ontslagbrief leest zij dat zijn standpunt problematisch was en dat er een dreiging vanuit het CIDI en christelijk Israël was en zij wil weten van welke dreiging sprake was en waarom de wethouder moest vertrekken. Bart Heller is volgens haar absoluut geen antisemiet. Nu kijkt zij met lede ogen naar de toekomst, omdat het uitdragen van een mening kan betekenen dat je je koffers kunt pakken. De heer VOORINK (wethouder) merkt op dat het college zich in heel veel uitgesproken kwalificaties over de heer Heller herkent. Toen Bart Heller de betreffende mail op donderdag 27 februari had verzonden is het college aan het eind van die dag geïnformeerd. Bart Heller wilde de volgende dag graag over die mail met het college in gesprek gaan. Hij vermoedde toen dat het best een heftige kwestie was. Hij is ook behoorlijk geschrokken van de toon van de mail, die een wethouder onwaardig is. Het college is vrijdagmiddag 28 februari bij elkaar gekomen. Dat was geen officiële collegevergadering, wat ook de reden is waarom er geen notulen van zijn gemaakt.
Er werd een gesprek gevoerd over wat er was gebeurd, hoe daarmee verder te gaan, hoe de kwestie te duiden en ook om ruimte te geven aan elkaar wat betreft de opgeroepen emoties. Dat gesprek is ‘s middags gevoerd. Op verzoek van Bart Heller en de burgemeester is een cornmunicatielijn voorbereid als een houvast bij dat gesprek. Die handleiding is eigenlijk daarin nauwelijks aan bod geweest. Bart Heller opende het gesprek op typerende wijze met de mededeling dat hij zou stoppen als de kwestie niet meer te fiksen zou zijn. Toen zei eenieder niet als zodanig in het gesprek te zitten. De overige collegeleden wilden helemaal niet dat het zo zou aflopen, maar zij realiseerden zich ook dat een hele steile berg te beklimmen was. Want wat Bart zonder overleg met ambtenaren en mede-collegeleden had gedaan was heel pittig. Op een legitieme vraag van mensen hoor je als wethouder niet zo’n antwoord te geven, wat Bart ook vindt. Toch heeft die dat gedaan, waarvan die spijt heeft. Waarom Bart dat heeft gedaan kan hij niet beantwoorden, maar misschien Bart ook wel niet. Tegelijkertijd was bekend dat dit voor Bart een ongelooflijk emotioneef beladen onderwerp is. L5iens mening mag hij aboluut hebben. Het collee heeft geen mening over geopolitieke conflicten, omdat het college te allen tijde verbinding en verzoening hoort te zoeken.
Er zijn zware aantijgingen gedaan dat de brief of Bart Heller antisemitisch zou zijn. Hij hecht eraan om namens het hele college te zeggen dat Bart Heller en de mail niet antisemitisch zijn. Tegelijkertijd is in het gesprek op vrijdagmiddag wel stilgestaan bij de context waarin het gebeurde, omdat het college zich realiseerde dat Bart met deze mail heel veel pijn had gedaan bij heel veel mensen, die de mail hebben gelezen. Het door Bart genoemde is iets wat heel veel mensen in Hilversum met hem delen in de raad en misschien zelfs wel in het college. Maar tegelijkertijd heeft het college gezegd dat dat niet de lijn van het Verslag raadsvergadering 5 maart 2025
37
college is en daarom afstand te nemen van de inhoud van de mail. Het college heeft geen mening over het conflict, maar wil met bewoners het gesprek aangaan. De reacties die kwamen waren buitengewoon heftig, maar er waren ook hartverwarmende steunverklaringen. Het college heeft gezegd dat het ontzettend stom is wat Bart Heller heeft gedaan, maar wel een basis te zien om verder met hem te gaan, maar daar zal heel wat voor nodig zijn. Namelijk een welgemeend en oprecht excuus aan de mensen aan wie de mail is gestuurd, de rabbijn en de samenleving. Dat moet samen gebeuren, omdat men samen de dialoog met de stad moet aangaan.. Vrijdagmiddag 28 februari zijn daarover afspraken gemaakt. Bekeken zou worden of fracties die lijn ook zouden dragen. Bart zou nadenken over hoe hij die excuses en die tekst vorm wilde geven en heeft toen ook aangegeven dat van hem niet zou mogen verwacht van standpunt te veranderen op de inhoud. Dat snapt iedereen en daar hoefde Bart als privépersoon geen afstand van te nemen. Wel wilde het college van de inhoud afstand nemen, omdat dat niets geopolitiek te duiden heeft. Het college heeft een andere rol in de samenleving. Het college zou zaterdagochtend 1 maart bijeen komen, waartoe een communicatielijn is voorbereid. Bart heeft in dat gesprek aangegeven te zijn begonnen aan de tekst, maar dat met het uur de twijfel bij hem toenam.
Die twijfel zat hem vooral in het kunnen toetreden van de Hilversumse samenleving met deze bagage. Hij kwam tot de conclusie dat het beter zou zijn te stoppen, maar nog wel met de GroenLinks-fractie te willen praten. De basishouding van het college was eruit te kunnen komen. Dat dat niet is gelukt is ongelooflijk verdrietig en jammer, maar men kan niet anders dan het besluit van de heer Heller respecteren. De hele zware verwijten over antisemitisme wegen voor Bart heel zwaar en van die aantijgingen distantieert het college zich. Er is geen druk van het college ervaren. Men was nog niet tot een eindoordeel gekomen en zover is het ook nooit gekomen. Publicitaire druk zal er ongetwijfeld zijn geweest, vanwege het gevoelige dossier. Die druk heeft op geen enkele wijze het handelen van het college beïnvloed en die heeft ook op geen enkele wijze druk op Bart uitgeoefend. De zaak is ontzettend slecht voor Hilversum. Op persoonlijke titel zegt hij dat Bart Heller een van de beste wethouders was waarmee hij de afgelopen dertien jaar heeft kunnen samenwerken. Die had ongelooflijk zware dossiers, die hij met een rechte rug en het hoofd naar voren heeft aangepakt. Noch op vrijdag, noch op zaterdag had hij de garantie kunnen geven dat het goed zou zijn afgelopen.
Men moest goed met elkaar in gesprek en de uitkomst hing ook af van hoe Bart daarop reflecteerde en de woorden die hij daaraan wilde verbinden. Het excuus in de afscheidsbrief was een heel goede start om dat gesprek te voeren. De heer VAN GRIEKEN vraagt waar de ingewikkeldheid in zat om er samen uit te komen. Gezien dat Bart Heller geen afstand hoefde te nemen van diens inhoudelijke standpunt en het college geen standpunt heeft over het onderwerp zou dc communicatielijn naar buiten vrij makkelijk zijn geweest. De heer VOOR1NK (wethouder) had het mogelijk gevonden eruit te komen, maar zover is het nooit gekomen. De heer VAN GRIEKEN vraagt wat nog meer besproken had kunnen worden en waarde pijn nog meer had kunnen zitten. De heer VOORINK (wethouder) herhaalt dat het college geen officieel standpunt heeft over de kwestie. Verder stonden een aantal woorden en zinsneden in de mail, die heel heftig waren, waarmee men met elkaar wat moest. De heer VAN GRIEKEN meent dat dat alles onder de toon valt. De heer VOORINK (wethouder) merkt op dat de afscheidsbrief een start voor het gesprek zou zijn geweest. De heer VAN GRIEKEN schrok een beetje van de voorbereide communicatielijnen, die redelijk apocalyptisch waren. Hij snapt niet dat de opperrabbijn gebeld zou moeten worden om excuses aan te bieden, omdat die geen onderdeel was van wat er is gebeurd.
De heer VOORINK (wethouder) laat weten dat professionele ambtenaren van de afdeling Communicatie die communicatielijn hebben geschreven en die niet de opvatting van het college is. Het gesprek is vervolgens over heel andere lijnen gevoerd. ..
Verslag raadsvergadering 5 maart 2025
..
38
Mevrouw REMMERS snapt de zorgen over het gesprek met de samenleving en wij st erop dat 70% van de Nederlandse bevolking vindt dat de feiten over rampen in het Midden-Oosten genoemd mogen worden. Zij zou het snappen als het college zou hebben gezegd hierover geen standpunt in te nemen, omdat het geen onderdeel van een oplossing is. Het college had intenties om eruit te komen en heeft uitgesproken dat geen sprake was van antisemitische uitspraken. De raad neemt wel vaker besluiten die tot onrust leiden. De kern van collegiaal bestuur is dan dat het college bijvoorbeeld om wethouder Kalk heen gaat staan en zegt dat dit een goed besluit voor De Meent is, dat te vuur en te zwaar werd gedeeld. Zij vraagt waarom het college op zaterdag 1 maart niet heeft gezegd dat het allemaal te snel gaat en dat men een steile berg stap voor stap moet beklimmen. Nu trok Bart binnen 24 uur een conclusie en schreef hij dat publicitaire druk daarbij een rol heeft gespeeld. Hij voelde zich ook onvoldoende vertrouwd. De heer VOORfNK (wethouder) reageert dat Bart zo overtuigd was van diens besluit en daarover echt goed heeft nagedacht. De heer STREUTKER wil vervolgens weten wat de GroenLinks-fractie verder met wethouder Heller heeft besproken. Mevrouw REMMERS is donderdagavond zelf gebeld en heeft een aantal keren op donderdag en vrijdag contact gehad met Bart Heller. Zij heeft de mailwisseling gezien.
GroenLinks had zaterdag 1 maart een fractiedag, die om 13 uur zou beginnen. Vrijdagavond heeft zij haar fractieleden aangegeven hen op zaterdag niet om 13 uur, maar om 12 uur te willen spreken, zonder een verdere uitleg daarbij te geven. Bart was er om 12 uur ook bij en die heeft de fractie in shock achtergelaten. Voor de fractie was het zaterdagmiddag een nieuw feit dat Bart diens functie zou opgeven. Hij had haar daarvoor aangegeven om 11 uur naar het college te gaan en er weinig fiducie in te hebben eruit te komen. Dat was bij haar bekend, maar niet bij haar fractie. Mevrouw REDMEIJER wil weten hoe het college vrijdagavond uit elkaar ging en of collegeleden aan Bart hebben gevraagd of hij zich veilig genoeg voelde om een nachtje te slapen en de volgende dag het gesprek te voeren. De heer VOORH’JK (wethouder) heeft dat niet op die manier letterlijk gevraagd. Wel is Bart gevraagd of die met de gemaakte afspraken uit de voeten zou kunnen, waarop bevestigend werd geantwoord met de opmerking: ‘Ja, zo gaan we het doen’. Beter zou zijn geweest te vragen ‘Hoe voel je je erbij?’ Mevrouw REDMEIJER stelde haar vraag, omdat vorig jaar exact hetzelfde is gebeurd, wat zij zonde vindt. De heer VOORINK (wethouder) is het daarmee eens, maar het besluit is genomen door Bart Heller en niet door het college of de raad van Hilversum.
Bart kwam vrij snel met de mededeling dat hij tot een slotconclusie was gekomen. De heer LAHAISE vindt het lastig dat de heer Heller er nu niet bij is, wat ook een overeenkomst met vorig jaar is, toen de vertrokken wethouder niet zelf aanwezig was om verantwoording af te leggen en vragen te beantwoorden. Aan mevrouw Remmers vraagt hij of dit punt het enige is geweest wat de heer Heller heeft doen besluiten om ermee te stoppen of dat er nog meer speelde. Mevrouw REMMERS weet dat Bart Heller allemaal heel belangrijke dossiers onder zich had, zoals de herinaeling, parkeren en het zbeken van asielplekken: baarvoor zette hij zich niet hart en ziel in. Zij vroeg hem wel eens hoe die daarmee omging. Hij kon daar goed mee omgaan en heeft haar nooit verteld slapeloze nachten te hebben. Hij zei uitstekende ondersteuning te hebben bij het parkeerdossier. Vervelend vond hij het gedoe eromheen. Voor overspannenheid heeft zij geen enkele aanleiding en zij vindt dat hij zijn bestuurlijke rol met heel veel kundigheid en ervaring uitoefende. De heer LAHAISE stelde zijn vraag, omdat het bovenal een persoonlijk drama betreft. Misschien was de kwestie de druppel die de emmer heeft doen overlopen bij een heel strijdbare wethouder. Mevrouw REMMERS meent dat bij Bart Heller heel zwaar heeft gewogen dat die zich niet omringd voelde door zijn collega-bestuurders.
Zij hebben allemaal heel zware taken, die ze alleen kunnen Verslag raadsvergadering 5 maart 2025
39
volhouden als die samen worden vervuld. Een wethouder kan in zijn eentje niets en het college moet samen een enorme vertrouwensbasis hebben om de opdracht voor de stad uit te voeren. De heer VOORINK (wethouder) heeft de brieven van de wethouder gelezen, het college is op vrijdagavond uiteengegaan met de intentie om eruit te komen. Donderdagavond 27 februari heeft hij na ontvangst van de mail Bart Heller gebeld en gezegd vrijdag over de inhoud te zullen praten, maar heeft hem eerst die avond gevraagd hoe het met hem ging, omdat collegeleden het samen doen. Als Bart de mening zou zijn toegedaan dat die zich te weinig gesteund voelde wilde hij met hem daarover graag doorpraten. Hijzelf heeft juist ervaren dat het college heel hecht was. Wel was sprake van een heftig moment in de relatie, maar hij was ervan overtuigd de kwestie met elkaar te kunnen en te willen oplossen. De heer FENNEMA wil antwoord op zijn vraag krijgen of er nadat de heer Heller kenbaar heeft gemaakt ontslag te willen nemen nog pogingen door het college zijn ondernomen om dat te verhinderen. De heer VOORTNK (wethouder) antwoordt dat die pogingen niet zijn ondernomen. Dinsdag 4 maart heeft het college afspraken gemaakt hoe het takenpakket van Bart kan worden verdeeld. Uitgesproken is dat niet lang te kunnen volhouden, omdat Bart Heller superzware dossiers onder zich had.
Hij hoopt dat daarvoor snel een oplossing komt en gaat er van uit dat daartoe de coalitie een voorzet zal doen. Als doorpraten met de heer Heller een scenario is, dan gaat het college het daarover hebben. De heer VONK hoort graag hoe de taakverdeling in het college nu is en vraagt mevrouw Remmers hoe snel een nieuwe wethouder te verwachten is. De heer VOORINK (wethouder) wijst op de inmiddels toegezonden mail naar de raad met de nieuwe portefeuilleverdeling, die ook als zodanig op de website staat. Mevrouw REMMERS geeft aan dat haar fractie überhaupt nog niet heeft gesproken over de manier waarop naar een vervanger op zoek wordt gegaan. Binnen GroenLinks is de procedure dat de fractie gaat over het voordragen van een wethouder. De fractie is nu echt nog bezig om te duiden wat er is gebeurd. Als een zo ervaren wethouder zich niet voldoende gesteund voelt, is het de vraag wie dan de bestuurlijke jungle in moet worden gestuurd. Hoe snel met een nieuwe wethouder zal worden gekomen kan zij momenteel niet zeggen. Ook hoort zij heel veel over een soort van voortzetting van een gesprek met ex-wethouder Heller. De raad gaat over het benoemen en ontslaan van de wethouder. En het college voert uit wat de raad beslist. Wellicht kan het zijn dat de raad het ontslag niet accepteert, omdat die eerst wil onderzoeken of het vervolggesprek wat oplevert.
Zij hoort veel suggesties dat het gesprek niet af is. De heer VOORINK (wethouder) bevestigt dat het gesprek wat het college betreft niet af was. Bart Heller heeft een tussentijdse conclusie getrokken. Als een wethouder een ontslagbrief indient bij de burgemeester is die wethouder af. Bart Heller is daardoor nu geen wethouder meer en kan als zodanig ook niet terugkeren zonder dat de raad hem herbenoemt. Mevrouw REDMEIJER concludeert dat Bart Heller wel kan terugkomen en GroenLinks hem dan als wethouder moet voordragen. Mevrouw REMMERS stelt dat de raad daarover gaat, maar misschien is het goed om eerst het totaalbeeld te krijgen. (Het voorzitterschap wordt oergedragen aan de heer treutker.) De heer VAN DEN TOP (burgemeester) is de vraag gesteld hoe het gesprek met de heer 1-leller is verlopen. Vrijdagmiddag vroegen alle collegeleden zich af hoe het gebeurde had kunnen plaatsvinden en waren zij allemaal heel erg geschrokken. Samen ging men op zoek om eruit te komen, met de uitdaging over hoe het excuus eruit zou moeten zien. Het college wilde op toon en inhoud ook afstand nemen van het verstuurde bericht. Vrijdagmiddag zijn er dus stevige gesprekken gevoerd en zijn de collegeleden uiteen gegaan met de verwachting twee dingen te doen. Ten eerste een conceptverklaring van het college maken, die de raad maandag 3 maart in aangepaste vorm heeft gehad.
Ten tweede zou wethouder Heller met een Verslag raadsvergadering 5 maart 2025
40
eigen excuus komen. Zaterdagochtend 11 uur was het gesprek daarover snel klaar. Allen waren overrompeld door het moment, waardoor collegeleden niet konden zeggen eerst even te gaan wandelen. Allen waren namelijk volledig verrast. Het was voor Bart Heller niet makkelijk om tot een goed excuus te komen, nadat er stevige dingen in de mail hadden gestaan. Vrijdagmiddag zijn er gedurende een uur indringende gesprekken gevoerd. Zijn rol is vooral om langs de collegeleden een rondje te maken, waarin allen hun eigen gevoelens en eerste reacties hebben gedeeld. Op grond van dat eerste rondje heeft men afgesproken te proberen de steile berg te beklimmen, waarna men uit elkaar is gegaan. De heer VAN GRIEKEN hoort continu twee signalen. Enerzijds de wil om er samen uit te komen na het bezigen van stevige woorden. Er moest een excuus komen. Over het neergelegde excuus heeft niemand gezegd dat dat niet afdoende is. Anderzijds heeft het college gezegd geen mening te hebben over het vraagstuk in het Midden-Oosten. De vraag is dan wat het zo ingewikkeld maakt. Men zou kunnen zorgen eensgezind naar buiten te komen. Dat het college en Bart Heller apart iets zijn gaan schrijven geeft een ander beeld dan dat men er samen uit wilde komen. Hij vraagt waarin dan de steilheid van de berg dan zit.
De heer VAN DEN TOP (burgemeester) antwoordt dat de wethouder een lelijk statement heeft gemaakt en het college met één mond spreekt, zodat het daarvan afstand moet nemen op toon en inhoud. Dat was de steile berg. Dat gebeurt op een manier, zodat het college weer één verhaal kan vertellen en tegelijkertijd voor de wethouder recht wordt gedaan aan diens oprechte overtuiging dat dat echt diens inhoudelijke mening was. Dat is niet makkelijk en bovendien was daarover maar één gesprek gevoerd, in de verwachting dat het excuus er op maandagochtend zou liggen. Dat lag er echter niet, omdat de boodschap was maandagochtend van zich te laten horen na met de fractie te hebben gesproken. Het excuus dat de raad maandagochtend kreeg heeft het college toen ook voor het eerst gezien. De heer VAN GRIEKEN vraagt of de burgemeester dat excuus afdoende zou hebben gevonden als de heer Heller op zaterdagochtend met die tekst was gekomen. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) heeft die tekst nu niet helemaal paraat. Waarom het ging is dat het college heeft gezegd op toon en inhoud afstand te nemen van dat bericht. Mevrouw REDMEIJER informeert naar de hoogte van de steile berg. Als het om de Alpen gaat, gaat het nog wel, maar de Mount Everest vraagt alles van een persoon. De opperrabbijn heeft contact met de burgemeester gehad en zij vraagt of dat contact invloed heeft gehad op zijn kijk op de situatie.
De heer VAN DEN TOP (burgemeester) antwoordt dat het enige dat is gebeurd, is dat de opperrabbijn hem heeft gemeld dat die mail van wethouder Heller er was, want die had hij nog niet gezien. Hij kreeg alleen het telefoontje met de vraag of hij op de hoogte was dat de mail was verstuurd. Hij kon niet geloven dat die mail van de wethouder afkomstig was. Vervolgens heeft hij Bart Heller een berichtje gestuurd met de vraag of die mail van diens hand was. Die mail was inderdaad van de hand van de wethouder en die heeft gezegd daarop trots te zijn. Toen heeft hij daarna de wethouder gebeld en gezegd met het college hierover te spreken. Hij vond het bericht in de mail heel naar en schrok ervan dat de wethouder zo’n bericht de wereld in kon slingeren. De heer LAHAJSE vraagt of de berg net zo hoog zou zijn geweest als de mail van de heer Heller een heel andere inhoud had gehad, bijvoorbeeld met de toezegging om het stadhuis oranje te kleuren. Het gaat er volgens hem om dat de heer Heller niet als persoon had moeten reageren, maar als wethouder, ongeacht de inhoiid van diens mail. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) vond wel van de toon en inhoud van de mail afstand te moeten nemen. De heer LAHAISE wijst erop dat de heer Heller over de toon van de mail al excuses heeft aangeboden.
Vervolgens heeft de heer Heller gezegd nog steeds achter de inhoud te staan, compassie te hebben met Israëlische kinderen en Palestijnse kinderen. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) heeft naar een bepaalde situatie gekeken. Bij het gesprek wat men zou gaan voeren hoorden excuses. Die excuses waren er zaterdagochtend nog niet. Het college Verslag raadsvergadering 5 maart 2025
41
had wel een tekst gemaakt met vooral waardering voor alles wat de wethouder deed, maar ook over afstand nemen van de toon en inhoud van de mail. Men wilde toe naar herstellen van het in Hilversum samen doen. De heer VAJ”J GRIEKEN constateert dat niemand anders dan de burgemeester contact heeft gehad met de opperrabbijn. Via de opperrabbijn is bij de heer Heller terecht gekomen dat hetgeen die had gezegd in de mail aan de inwoners toe antisemitisch was. Hij vraagt of de opperrabbijn via de burgemeester de boodschap heeft gegeven dat er een mail is binnengekomen die de opperrabbijn antisemitisch vond. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) beantwoordt die vraag ontkennend. De heer VAN GRIEKEN vraagt hoe dan bij Bart Heller terecht is gekomen dat de opperrabbijn vindt dat wat de wethouder heeft gezegd antisemitisch is. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) wil niet praten over wat de heer Heller in diens afscheidsbrief allemaal heeft geschreven. Hij is alleen over de mail door de rabbijn geïnformeerd. Op vrijdag heeft hij die gebeld dat het college in gesprek zou gaan en dat die daarover nader zou horen. De heer VAN GRIEKEN vindt dat heel ongemakkelijk. Als er ergens in het traject contact was met de opperrabbijn mag hij hopen dat er daaraan is meegedeeld hoe die het zich in het hoofd haalt dat er antisemitische opmerkingen zijn gemaakt.
De heer VAN DEN TOP (burgemeester) reageert dat de opperrabbijn op dat moment alleen tegen hem heeft gezegd dat de mail van Bart Heller er was. Dat die achteraf in de media iets daarover zegt zijn diens woorden. Het college noch de wethouder vond de brief van de wethouder antisemitisch. De heer VAN GRIEKEN herinnert zich dat de kwestie pas in de pers is gekomen nadat de wethouder diens ontslag heeft ingediend, ook de opmerking van de opperrabbijn dat antisemitische opmerkingen zijn gemaakt. Hij kan dat moeilijk rijmen met de opmerking goed contact te houden met de opperrabbijn. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) heeft de oprechte intentie om te vertellen wat er is gebeurd. De brief is ontvangen in een periode, waarin heel veel Joodse mensen in Nederland last hebben van antisemitisme. Dat zal die zeker ook in diens beleving voelen als een hele ingewikkelde context om zo’n boodschap te ontvangen. Dat wil hij echt bij de opperrabbijn laten en niet bij hemzelf. De heer VAN GRIEKEN wrijft dat de burgemeester ook niet aan, maar het is wel buitengewoon ongemakkeljk dat de opmerking van de opperrabbijn over antisemitisme een afweging in de communicatie is geweest en ook dat er contact moest worden gehouden met de opperrabbijn. Dat is volgens hem mede aanleiding geweest dat Bart Heller zich niet gesteund voelde.
De heer VAN DEN TOP (burgemeester) vindt dat een heel ingewikkelde redeneerlijn, waartegen hij bezwaar maakt. Hij heeft alleen de rabbijn gesproken over de mail. Hij heeft hem teruggebeld toen hij had ontdekt dat die inderdaad van de heer Heller was. Toen heeft hij de rabbijn meegedeeld er verder met het college over te praten. Zodra het college er wat meer van zou vinden zou de rabbijn daarover horen. In alles wat daama allemaal is gezegd heeft hij geen rol gespeeld en daarover kan hij dus niets zeggen. Hij heeft alleen met het college gezocht naar een manier om op toon en inhoud afstand te nemen van de mail van Bart Heller. Dat was de gezamenlijke inzet op weg naar zaterdagochtend en tegelijkertijd de weg naar voren te vinden. Mevrouw REMMERS licht toe waarom zij heeft gezegd haar fractie op zaterdagochtend te willen spreken zonder nadere duiding van het gespreksonderwerp. Dat heeft er alles mee te maken dat zij dacht en hoopte de kwestie zo klein mogelijk te kunnen houden. Klein houden beteken ook dat het college had gezegd tegen Bart omte beginnen naar menseti toe te gaan en daarmee in gesprek te gaan. En wellicht ook naar de opperrabbijn, die echter hier geen onderdeel is van het gesprek.
De raad praat nu ruim anderhalf uur met het college over deze zaak en Bart heeft excuses gemaakt, die voor heel veel partijen in elk geval het begin lijken van herstel of een verder gesprek. Het college had met alle communicatiemedewerkers ook wel een formulering kunnen vinden, waarin Bart zich had kunnen vinden. Zij noemt bijvoorbeeld dat het college niet is gekozen om iets te vinden van wat er gebeurt. Zij vraagt hoe het kan dat er geen gezamenlijk statement is gekomen waarin zoiets in een alinea is gezegd. Het college had afstand kunnen nemen van de mail zonder iets te zeggen dat Bart ook afstand moest nemen van een persoonlijk standpunt. Verslag raadsvergadering 5 maart 2025
42
De heer VAN DEN TOP (burgemeester) antwoordt dat het college de kwestie niet klein vindt, maar wel aanleiding ziet om die samen op te lossen. Er is gezocht naar een manier om de steile berg op te klimmen. Binnen een kwartier was zaterdagochtend dat proces afgebroken. In een langer gesprek had dat misschien best wel kunnen lukken. Mevrouw REMMERS snapt dat het college de kwestie niet klein vindt, maar waarom het gaat is die zo klein en behapbaar mogelijk te maken. Dat had gekund door naar de briefschrijvers te gaan. Nu zegt het college dat de wethouder een enorme fout heeft gemaakt. Als daarna excuses worden gemaakt kan men samen weer aan vertrouwen gaan bouwen. Mevrouw REDMEIJER vraagt of de burgemeester de gevoelens en opvattingen van de opperrabbijn heeft meegenomen in zijn afwegingen. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) heeft met elkaar het door de mail veroorzaakte gevoel te wegen met het belang om er ook samen uit te komen. Het gaat dan niet om één opvatting, maar om heel veel mensen in Hilversum die het heel heftig zouden vinden om zo’n mail te ontvangen. De heer FENNEMA vraagt of het college heeft gewogen of de opmerkingen van Bart Heller antisemitisch waren. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) antwoordt dat die opmerkingen niet als antisemitisch zijn beoordeeld.
Het college zag wel dat de impact van de toon en inhoud van de mail zodanig was, dat het daarvan afstand moest nemen, omdat mensen daar wel iets van gaan vinden. De heer LAI-IAJSE neemt afstand van de in de ambtelijke stukken voor de media gebruikte term ‘hongerige wolven’ en vraagt of de heer Heller is gevraagd om excuses aan de opperrabbijn aan te bieden. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) heeft afgewogen wat het college met de raad zou delen. Besloten is alles te delen, om de raad volledig te informeren over alles wat er is gebeurd. Normaal gesproken deelt het college ambtelijke adviezen niet met de buitenwereld, maar dat doet het nu wel, om te laten zien wat er in die eerste vergadering op tafel lag. In de verkregen lijn stond een inhoudelijk excuus, ook aan de opperrabbijn. Dat gesprek heeft echter niet kunnen plaatsvinden. De heer FENNEMA zag in de ontslagbrief van de heer Heller staan dat de rabbijn diens email als antisemitisch heeft betiteld en dat in lijn met die opvatting dat binnen het college als problematisch werd ervaren. Daarom heeft hij gevraagd waar het woord antisemitisch vandaan komt. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) stelt dat hij op de naar buiten gaande brief van de wethouder geen invloed heeft gehad. Het woord antisemitisch was niet aan de orde in zijn gesprek met de rabbijn.
Wel dat de brief valt in de context van een land waar diens geloofsgemeenschap dagelijks te maken heeft met het verschijnsel met dat lelijke woord. Maar de rabbijn heeft hem nooit gezegd dat de inhoud van die brief antisemitisch was. Hij heeft alleen van de opperrabbijn de mail doorgestuurd gekregen. De heer FENNEMA concludeert dat niet in het college is gezegd dat de brief van de wethouder antisemitisch is en de wethouder het wel zo heeft gevoeld of uit diens duim heeft gezogen. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) reageert dat de heer Heller het college op vrijdagmiddag zoiets heeft gevraagd als of de collegeleden diens brief antisemitisch vonden. Daarop heeft het college ontkennend geantwoord. Hij vindt het heel ingewikkeld om als voorzitter van het college te praten over een brief die niet met het college is afgestemd. Die brief is hem ook gewoon ter hand gesteld, waarmee hij het had te doen. (Het voorzitterschap wordt overgedragen aan burgemeester Van den Top.) Mevrouw REMMERS heeft vanavond niet alle antwoorden gekregen en heeft wel een aantal suggesties gehoord. Het te voeren gesprek is voortijdig afgebroken. Wie dat heeft gedaan wil zij laten voor wat het is. Verslag raadsvergadering 5 maart 2025
43
Er zijn buitengewoon terecht waarderende woorden gesproken over de kennis, kunde, ervaring van wethouder. De komende anderhalfjaar is nog een enorme klus te klaren. Toen wethouder Walters opstapte heeft GroenLinks zwaar laten wegen dat de stad bestuurd moet worden ten behoeve van bestuurlijke continuïteit. Wat dat betreft staat Hilversum er niet zo goed voor. Zij heeft heel veel steun gehoord voor wethouder Heller. De raad zegt dat het gesprek in meer rust met het college gevoerd moet worden, waarna de raad pas kan concluderen hoe die het gebeurde moet wegen. Dan weegt men de fout van Heller versus de continuïteit van de stad. Zij vraagt of het zinvol is, dat dat dat gesprek wordt gevoerd. De heer STREUTKER merkt op dat de wethouder zelf ontslag heeft ingediend, zodat het gesprek dan meer gaat over het voordragen van dezelfde wethouder voor een volgende periode. Men kan volgens hem met iedereen een gesprek voeren over de wethouderskandidaat van GroenLinks. De heer FENNEMA denkt dat iemand moet proberen de gesprekken af te maken en verzoekt de voorzitter dat te doen. De VOORZITTER schorst de vergadering om 00.50 uur. Schorsing. De VOORZITTER heropent de vergadering om 01 .15 uur. Mevrouw VAN DE LINDE heeft behoefte om het debat af te concluderen en hecht eraan uit te spreken vanavond heel veel te hebben gehoord en gezien.
Plaatjes en verhalen kan zij niet met elkaar rijmen, wat niet goed voelt in haar onderbuik. Zij gelooft niet er vanavond nog uit te komen, vanwege onduidelijkheden. De heer DOCTER is het ermee eens dat het gesprek nog niet is afgelopen en wil dat laten continueren met de heer Heller, als die dat zou willen. De heer LAHAISE sluit zich daarbij aan en steunt mevrouw Van de Einde in haar betoog. Hij stelt dat het ook niet bij die woorden kan eindigen. Mevrouw REMMERS wil met Bart 1-leller als ambteloos burger in gesprek gaan, over hoe een stap verder te zetten is. Dat gesprek gaat over de kwestie, maar ook over de bestuurbaarheid en de opgaven van de stad. De heer FENNEMA heeft dat heel graag en wenst haar daarmee veel succes. De VOORZITTER sluit de vergadering om 01.23 uur. Aldus vastgesteld in de vergadering van de gemeenteraad van 2 april 2025, de de vorzitter,
G.C.I. Kager CMC
Verslag raadsvergadering 5 maart 2025
G.M.vandenTo
44