CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Vastgesteld en getekend verslag raadsvergadering d.d. 27 september 2023

GEMEENTERAAD 27 september 2023, gemeente Hilversum19.891 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Het plan moet aan de parkeernorm voldoen en daarmee gaat zij verder aan de slag. Het gebouw wordt een laag hoger, maar veel stenen in dc openbare ruimte worden vergroend. Het participatietraj eet wordt met de omwonenden voortgezet. De plek is prima voor het consultatiebureau. Mevrouw VAN HATTUM vraagt of toezeggingen in de commissievergaderingen gedaan zullen worden nagekomen. Mevrouw WALTERS (wethouder) reageert dat de projectleider haar helpt om Dudok Wonen alles te laten realiseren. Participatie zit in het totale project verweven. Dat mensen met een cruciaal beroep voor de lage middenhuurwoningen in aanmerking kunnen komen is onderdeel van de prestatieafsprakcn. Tweede termijn De heer VONK vond de reactie van de wethouder op amendement A 23-129 zeer positief, een wijze van behandelen die navolging verdient. De heer DOCTER vraagt of de wethouder erop wil toezien dat het voldoen aan de parkeemorm de groenfunctie van de binnentuin in het gedrang brengt. Mevrouw DURLACHER dient amendement A 23-129 niet mede in, maar steunt dat wel.

H120230927

18

Mevrouw WALTERS (wethouder) kondigt aan dat bijna alle parkeerplekken ondergronds komen. Er komen bijna geen parkeerplaatsen buiten. Er wordt substantieel meer groen toegevoegd dan parkeren. Amendement A 23-128 van Hart voor Hilversum en BVNL, ‘Een bestemming die het verdient’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 6 tegen 29 stemmen verworpen, met de stemmen van Hart voor Hilversum en BVNL voor. Zonder stemming wordt amendement A 23-129 van de ChristenUnie, GroenLinks, Democraten Hilversum, de SP, de PvdA, Hart voor Hilversum en het CDA, ‘Aandachtspunten voor de uitwerking van het gebiedspaspoort’, unaniem aangenomen. Zonder stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 13.

VERZOEKBESLUIT ONTEIGENING KONINGINNEWEG

De VOORZITTER deelt mee dat het bestemmingsplan Stationsgebied 2022, dat ook in 2022 is vastgesteld, de basis is voor de herontwikkeling van het Stationsgebied. Belangrijk onderdeel van de plannen is het omleggen van de Centrumring via de Koninginneweg om de Markt. Hiervoor moet een specifiek gebied herontwikkeld worden. Om er zeker van te zijn dat op tijd over de benodigde gronden kan worden beschikt wordt voorgesteld een verzoek tot aanwijzing tot onteigening bij de Kroon in te dienen. In de vergadering van de commissie Ruimtelijke Ordening en Projecten van 6 septemberjl. gaven de fracties van Democraten Hilversum en de PvdA aan om het voorstel met debat te willen agenderen. Mevrouw KALK geeft te kennen dat om de ontwikkeling van het Stationsplein en omgeving voort te zetten goedkeuring van de raad wordt gevraagd om te kunnen gaan onteigenen op het moment dat het nodig zou zijn. Dat is een logisch verzoek. Bij dergelijke grote projecten kan onteigening helaas noodzakelijk zijn. Alleen vraagt zij zich af of dit nu het juiste moment is, nu er nog een procedure bij de Raad van State loopt over het bezwaar van de bewoners van het Langgewenst. Als zij in het gelijk worden gesteld, dan ontstaat er een volledige nieuwe situatie, ook in relatie tot de eventuele vraag van onteigening.

Per raadsinformatiebrief is de raad op de hoogte gesteld dat de aangenomen motie over gemengd wonen per bouwbiok niet wordt uitgevoerd. Dat schijnt niet mogelijk te zijn. De corporaties willen het niet en beargumenteren dat vanuit de efficiency en kostenoverwegingen. Het idee is dat gemengde bouwblokken duurder zijn in onderhoud. De wens tot gemengd wonen is gebaseerd op argumenten over opbouwen van saamhorigheid, de samenleving, het ontmoeten van nieuwe mensen en over buiten je eigen bubbel mensen ontmoeten. Dit zijn argumenten die de leefbaarheid bevorderen. Dat brengt haar terug bij de bewoners van het Langgewenst. Zij strijden om hun leefbaarheid in hun straat te behouden. De PvdA accepteert ten volle dat leefbaarheid nu eenmaal geld en inspanning kost. Zij verzoekt het college dan ook om hier nog eens goed naar te kijken en of er geen betere oplossingen zijn. Zij had het beter gevonden als de gemeente als overheid de uitspraak van de Raad van State had afgewacht. Tegelijkertijd is ook bekend dat deze uitspraak nog een hele poos op zich kan laten wachten en dat vertraging in de woningbouw uiterst onwenselijk is. De PvdA zal dan ook met de nodige moeite voor gaan stemmen. Mevrouw DURLACHER vindt onteigening echt een heel zwaar middel, waarbij de gemeente mensen hun huis af pakt. Zij dient daarom de volgende motie in.

Motie M 23-132 ‘Maak Hilversummers niet dakloos’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 27 september 2023, behandelend agendapunt 13 ‘Verzoekbesluit onteigening Koninginneweg’; overwegende dat: onteigening een zeer zwaar wegend middel is; de huidige wooncrisis hier niet aan bijdraagt; -

-

H120230927

19

dwang en drang nooit een oplossing mag zijn; draagt het college op: om bij onteigening van percelen vergelijkbare woon- en/of bedrijfsruimte te faciliteren; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 23-132 van BVNL)

-

Mevrouw VAN DE LINDE interrumpeert mevrouw Durlacher en vraagt haar waarom zij ervoor heeft gekozen om niet deel te nemen aan dc beraadslagingen in de commissievergadering en vervolgens opeens met een motie komt in de raadsvergadering. De vraag van mevrouw Durlacher had namelijk ook in de commissievergadering gesteld kunnen worden. Mevrouw DURLACHER laat weten het enige raadslid voor haar partij te zijn en helaas niet alle vergaderingen te kunnen bijwonen. Mevrouw VAN DE LINDE wijst op de mogelijkheid om gebruik van fractieonderstcuning te maken. Als men niet aan commissievergaderingen meedoet plaatst men zichzelf als het ware buiten het gevoerde gesprek. Mevrouw DURLACHER reageert dat fractieondersteuning ook aanwezig moet zijn en vindt onteigening een ‘no go’, zodat zij de motie heeft ingediend. Die motie had volgens haar niet overlegd hoeven te worden in een commissievergadering. De heer DE JONG vraagt of mevrouw Durlacher uitgaat van het ontvangen van een go ede vergoeding voor mensen die onteigend worden. Mevrouw DURLACHER vindt het afpakken van een woning niet oké, ook als daarvoor geld wordt gegeven. Dc heer DE JONG vraagt of mevrouw Durlacher vindt dat de gemeente bij onteigening bovenop geld ook vervangende bedrijfsruimte zou moeten regelen. Mevrouw DURLACHER blijft bij haar motie.

De heer SCHEEPERS (wethouder) heeft evenals de PvdA ook geworsteld met dc timing van het voorstel en hoopt dat de Raad van State snel een uitspraak doet. Op 6 november as. is de betreffende zitting van de Raad van State. Qua woningvcrdeling wijst hij erop dat in bouwblok 1 ook middeldure huurwoningen komen, terwijl aan de Koninginneweg eveneens sociale woningbouw komt. Bouwbiokken 2 en 3 zijn met de fietsenstalling eronder dermate complex dat het niet mogelijk was een combinatie van vrije sector-, middeldure en sociale woningen te realiseren. Van de woorden van mevrouw Durlacher ‘woningen afakken’ neemt hij afstand, omdat de gemeente een marktconforme vergoeding betaalt voor te onteigenen woningen, evenals een vergoeding voor verhuiskosten. Als mensen een duurder huis moeten kopen vanwege gestegen prijzen op de markt betaalt de gemeente daarvoor ook een vergoeding. De door mevrouw Durlacher gebruikte kwalificatie noemt hij lelijk, omdat die bijdraagt aan het wantrouwen in de politiek. Daarvan neemt hij grote afstand. De motie raadt hij met klem af. Mevrouw VAN DE LINDE legt een stemverklaring af over motie M 23-132 van BVNL. Zij vindt het buitengewoon vervelend dat op deze manier politiek theater bedreven wordt.

Als mevrouw Durlacher aan het gesprek in de commissievergadering had deelgenomen was deze kortzichtige motie naar haar verwachting niet ingediend, omdat zij dan antwoorden op haar vragen zou hebben gekregen. De heer DOCTER blijft van mening dat voorkeursrecht en onteigening in deze situatie een veel te zwaar middel zijn en spreekt zich daarom tegen het collegevoorstel uit. De heer VONK stemt ook tegen het collegevoorstel, omdat de SP niet blij is met het omleggen van de Centrumring. Dat is naar zijn mening niet in lijn met het STOMP-principe. Ook spreekt hij zich tegen motie M 23-132 van BVNL uit en daarbij sluit hij zich aan bij dc vorige sprekers. H120230927

20

Motie M 23-132 van BVNL, ‘Maak Hilversummers niet dakloos’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 5 tegen 29 stemmen verworpen, met de stemmen van BVNL en Democraten Hilversum voor (het lid Verweij van de SP is bij de stemming afwezig). Het voorstel van burgemeester en wethouders wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 28 tegen 7 stemmen aangenomen, met de stemmen van Democraten Hilversum, de SP en BVNL tegen. De VOORZITTER schorst de vergadering om 21.56 uur. Schorsing. De VOORZITTER heropent de vergadering om 22.06 uur. 14.

OFGV JAARSTUKKEN 2022 EN 11E EN 2E BEGROTINGS WIJZIGING 2024 (VOOR ZIENSWIJZE) EN BEGROTING 2024 EN 1E EN 2E BEGROTINGS WIJZIGING 2023

De VOORZITTER merkt op dat de Omgevingsdienst Flevoland en Gooi en Vechtstreek (OFGV) voor de gemeente als verbonden partij verschillende milieutaken uitvoert. De OFGV heeft de gemeente een aantal financiële stukken toegestuurd en hierop kan de raad een zienswijze indienen. De fracties van de SP, Democraten Hilversum en de ChristenUnie hebben aangegeven het voorstel met debat te willen behandelen in de raadsvergadering. Mevrouw KALK brengt naar voren dat door de invoering van de Omgevingswet gemeenten verantwoordelijk worden voor een deel van de bodemtaken. Dat is een decentralisatie van de provincie naar gemeenten. Als er één ding is dat zij in de afgelopen jaren heeft geleerd, dan is het wel dat decentralisaties in de regel meer geld gaan kosten dan dat ze geld meebrengen en zeker meer dan wat vooraf was gedacht. En natuurlijk behoeft die bodemproblematiek een aanpak, maar wel met beleid. Vandaar dat zij een amendement op de zienswijze indient, om aan de voorkant meer grip op de kostenontwikkelingen te krijgen en de omgevingsdienst geen vrijbrief te geven. Haar amendement is verstrekkender en concreter dan het amendement van de ChristenUnie. Zij verzoekt daarom de voorzitter om haar amendement dan ook als eerste in stemming te brengen.

Amendement A 23-123 ‘Beheerplan OFGV’ “De raad van de gemeente Hilversum in vergadering bijeen op 27 september 2023 behandelende het agendapunt ‘Zienswijze Hilversum op OFGV resultaatbestemming 2022 en iste en 2de begrotingswijziging 2024’; overwegende dat: de Omgevingsdienst OFGV belangrijke taken voor Hilversum uitvoert; vanaf 1 januari 2024 de Omgevingswet geldt waardoor een groot deel van de bodemtaken van provincies naar gemeenten verschuift en daarmee ook de financiering daarvan; de structurele verhoging van de kosten voor deze bodemtaken zijn ingeschat op basis van een ‘best educated guess’; is van mening dat: het beheersen van kosten niet vanzelf gaat maar om een beheerplan vraagt. Een beheerplan is een middel om kostenontwikkeling inzichtelijk te maken middels voortgangsrapportage en daarop maatregelen te nemen, besluit: het derde beslispunt van het concept-raadsbesluit te wijzigen zodat deze als volgt komt te luiden: -

-

-

-

H120230927

21

bijgaande zienswijze op de OFGV 2e begrotingswijziging 2024 in te dienen bij de OFGV aansluitend aan de vergadering van 27 september 2023, met dien verstande dat daarin de zin ‘Ook vragen wij uw inspanning om ervoor te zorgen dat de lastenverzwaring voor de bodemtaken de komende jaren niet hoger wordt’ wordt gewijzigd in: ‘Ook vragen wij uw inspanning om te voorkomen dat de kosten voor de bodemtaken leiden tot een extra verhoging voor de gemeente Hilversum van de nu geraamde bijdrage van ± € 80.000,- het opstellen van een beheerplan door de OFGV met daarin voortgangrapportage en kostenbeheersing.” (Amendement A 23-123 van de PvdA) 3.

De heer NANNINGA wil één zin in de zienswijze schrappen: ‘Ook vragen wij uw inspanningen om ervoor te zorgen dat de lastenverzwaring voor de bodemtaken de komende jaren niet hoger wordt.’ De omgevingsdienst heeft aangegeven op dit moment niet exact te weten wat de bodemtaken voor Hilversum gaan kosten. Hilversum heeft een grote bodemopgave. Het betreft veel verontreinigingen die hoofdzakelijk het gevolg zijn van een industrieel verleden. De kosten hiervoor zijn voorlopig geraamd op ongeveer € 80.000,-. Die omvang is wat hem betreft niet meteen zorgwekkend voor zo een belangrijke taak. Die taak moet gewoon goed worden uitgevoerd. Voorkomen van gezondheidsproblemen, verdere verspreiding van verontreiniging in het grondwater en een goede sanering indien nodig kosten gewoon geld. Dan kan men van de omgevingsdienst vragen dat lasten niet zwaarder worden, maar de omgevingsdienst heeft zelf aangegeven na 1,5 jaar opnieuw te zullen bekijken en te zullen doorrekenen wat deze taak kost. Hij verwijst naar de zin in de zienswijze: ‘Wij verzoeken u de bodemtaken met de gebruikelijke efficiëntie te laten uitvoeren.’ Dat lijkt hem op dit moment voldoende.

Amendement A 23-130 ‘Ruimte voor uitvoering bodemtaken OFGV’ “De gemeenteraad van Hilversum, in vergadering bijeen op 27 september 2023, behandelend ‘OFGV Jaarstukken 2022 en le en 2e begrotingswijziging 2024 (voor zienswijze) en begroting 2024 en le en 2e begrotingswijziging 2023 (ter kennisname)’;, constaterende dat: de gemeente vanwege de invoering van de Omgevingswet extra uitvoerende bodemtaken krijgt overgedragen van de provincie; de omgevingsdienst OFGV voor de gemeente Hilversum deze taken zal uitvoeren; de exacte omvang en kosten van deze extra uitvoerende op dit moment nog niet volledig inzichtelijk zijn; de inschatting die OFGV heeft gemaakt objectief is en past bij de informatie die op dit moment beschikbaar is; de kostenverdeling voor de bodemtaken na 1,5 jaar wordt geëvalueerd om aan te sluiten bij de daadwerkelijk afgenomen diensten; overwegende dat: Hilversum een verleden heeft met veel industriële activiteiten, waardoor Hilversum relatief veel locaties met bodemverontreinigingen heeft; het hierdoor niet verrassend is dat de kosten voor de bodemtaken in Hilversum relatief hoger zijn in vergelijking met omliggende gemeenten; de uitvoering van de wettelijke bodemtaken belangrijk zijn voor de kwaliteit van de leefomgeving, het grondwaterbeheer en voor toekomstig gebruik van de omgeving; hiervoor voldoende middelen beschikbaar moeten zijn voor de uitvoering van de

bodemtaken door OFGV; het hierdoor niet verstandig is om op voorhand noodzakelijke lastenverzwaringen voor de bodemtaken uit te sluiten; besluit: -

-

-

-

-

-

-

-

-

-

H120230927

22

het derde beslispunt van het concept-raadsbesluit te wijzigen zodat deze als volgt komt te luiden: bijgaande zienswijze op de OFGV 2e begrotingswijziging 2024 in te dienen bij de OFGV 3. aansluitend aan de vergadering van 27 september 2023, met dien verstande dat de volgende de zin wordt verwijderd: ‘Ook vragen wij uw inspanning om ervoor te zorgen dat de lastenverzwaring voor de bodemtaken de komende jaren niet hoger wordt.” (Amendement A 23-130 van de ChristenUnie) De heer FENNEMA is niet blij met het verschuiven van zes ton naar een bestemmingsreserve in plaats van dat via het reguliere begrotingsproces te laten plaatsvinden. Hij is er ook niet van overtuigd dat dat ook volgens de eigen gemeentelijke financiële regels is gegaan. In de stukken staat ‘positief rekeningresultaat’, terwijl de regels ‘extra inkomsten’ vermelden. Gelukkig heeft het college ook twijfels daarbij. Hij steunt de kritiek van het college op dit punt en hoopt dat de raad de regels van dc omgevingsdienst zal evalueren en waar nodig aanpassen. Hij is het eens met de opgestelde zienswijze en vindt de opname van extra beheersmaatregelen niet nodig. De oproep om prudent met geld om te gaan wil hij ook niet laten schrappen, zoals de ChristenUnie voorstelt. Het college vraagt immers alleen maar om een inspanning om het niet te duur te laten worden.

De heer DEEN snapt de zorg van dc PvdA over de beheersing, maar vindt de voorgestelde maatregel in amendement A 23-123 niet nodig, zodat hij dat niet zal steunen. Hij begrijpt het punt van de ChristenUnie dat het altijd goed is bij een opgave te zorgen dat er geld voor is. Men kan zich altijd inspannen om zaken efficiënt en met een lastenvermindering te doen, zodat hij amendement A 23-130 van de ChristenUnie ook niet zal steunen. Scherpere spelregels voor het bestemmen van de gelden zijn nodig voor een transparante verantwoording en heldere kaderstelling door de raden. Hij ziet dit graag zo snel mogelijk gebeuren. Hij vertrouwt er ook op dat de wethouder dit gaat doen, gezien de discussie in de commissievergadering. De heer NANNINGA meent dat het kan gebeuren dat de omgevingsdienst erachter komt dat de bodemtaken voor Hilversum meer zijn dan is ingeschat. De vraag is dan wat de gemeente dan moet doen, daar in de zienswijze staat dat de lasten niet mogen stijgen. De heer DEEN ziet staan dat de omgevingsdienst zich moet inspannen om lasten niet te verhogen, waarin hij zich goed kan vinden. Als gezien de omstandigheden en de gebruikte gebrekkige rekenregels blijkt dat activiteiten meer kosten, dan hoort hij dat graag. In inspanningen om de lasten niet te verzwaren kan D66 zich goed vinden.

Mevrouw VERWEIJ vindt het belangrijk afspraken te maken over de omgang met overschotten van verbonden partijen. Iedereen weet dat Hilversum vol met vervuilde grond ligt. Zij schrikt ervan dat de OFGV daarop niet zo goed zicht heeft. In Oost wordt volop gewaarschuwd voor grondvervuiling en lood in de grond, vanwege bedrijven die daar gevestigd waren. Zij wil daarom dat er een lijstje komt waardoor er reëel inzicht ontstaat. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) recapituleert waarom het gaat als de bodemtaken als gevolg van de ingang van de Omgevingswet overgaan. De OFGV neemt anderhalfjaar de tijd om de consequenties van de overdracht van die taken in beeld te krijgen. De grootste kostenpost op het gebied van de bodem ligt buiten de invloedssfeer van de OFGV, omdat dat te maken heeft met het aantal meldingen. De zienswijze is gericht op de overige taken van de OFGV en waarop die wel invloed heeft. Het heeft te maken met de efficiency, waarop de zienswijze is gericht. Amendement A 23-130 van de ChristenUnie ontraadt zij, omdat het belangrijk is dat de OFGV zich inspant om de lastenverzwaring te beperken. De begrotingen van alle partners staan onder druk en daar waar mogelijk moeten dc kosten worden beperkt. Vanuit dat uitgangspunt is de opmerking in de zienswijze opgenomen, maar die sluit een lastenverzwaring niet uit.

Als blijkt dat meer nodig is, dan laat de zienswijze daarvoor ruimte. H120230927

23

De heer NANNINGA vraagt hoe hij moet zien dat de omgevingsdienst een lastenverzwaring moet voorkomen als de meeste zaken buiten de invloedssfeer van die dienst liggen. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) legt uit dat die lastenverzwaring gaat over de taken waarop de OFGV qua uitvoering wel invloed heeft. Die taken moeten zo efficiënt mogelijk gebeuren. De heer NANNINGA begrijpt dat de OFGV taken op de gebruikelijke efficiënte manier blijft uitvoeren. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) bevestigt dat. De heer NANNINGA ziet dat ook in de brief staan en gaat het om de laatste zin. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) vindt het schrappen van die laatste zin te ver gaan, omdat de OFGV kritisch moet blijven op de uitvoering. Die boodschap wil zij meegeven, waarbij er ruimte wordt gegeven om als het nodig is wel meer uit te geven. Over amendement A 23-123 van de PvdA over het beheerplan zegt zij dat een stap te ver te vinden. De gemeente beschikt namelijk over instrumenten om zorgvuldig te monitoren, zoals jaarrapportages en voortgangsrapportages, die voldoende inzicht bieden. Daarnaast monitort het Rijk ook, die kijkt naar de consequenties van het verschuiven van de bodemtaken. Daarom ontraadt zij ook dat amendement.

Tweede termijn De heer NANNINGA heeft niet de bedoeling om meer ruimte aan de omgevingsdienst te geven, omdat de bodemtaken vastliggen. Saneringslocaties in Hilversum zijn namelijk maatgevend. Het gaat hem meer om het voeren van prudent beleid en het streven naar efficiency. Te ver vindt hij gaan tegen de omgevingsdienst te zeggen ervoor te zorgen dat verdere lastenverzwaring niet zal plaatsvinden, omdat men dat niet weet. Hij handhaaft amendement A 23-130. De heer FENNEMA kan de heer Nanninga volgen. Het college vraagt om inspanning, zodat de voorliggende tekst prima is. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) heeft niet dc bedoeling het risico van onvoldoende budget te lopen. Zij wil meer in het algemeen laten proberen zo efficiënt mogelijk te werken en wil in beeld houden welke de consequenties en ontwikkelingen zijn. De voorliggende zienswijze vindt zij helder genoeg geformuleerd om kwaliteit en prudentie te borgen. Mevrouw KALK trekt amendement A 23-123 in en steunt amendement A 23-130 van de ChristenUnie. In een volgende commissievergadering wil zij met de wethouder in gesprek gaan over de betekenis van zienswijzen bij gebruik van dermate vage formuleringen.

Amendement A 23-130 van de ChristenUnie, ‘Ruimte voor uitvoering bodemtaken OFGV’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 9 tegen 26 stemmen verworpen, met de stemmen van de ChristenUnie, de PvdA, de SP en Democraten Hilversum voor. Zonder stemming wordt conform het voorstel van burgemeester en wethouders besloten. 15.

EVALUATIE EN VERLENGING CAMERATOEZICHT HILVERSUM 2023

De VOORZITTER wijst erop dat wethouder Walters bij dit agendapunt de burgemeester als portefeuillehouder vervangt. Sinds 2012 is in het uitgaansgebied van Hilversum gestart met cameratoezicht. Dit is een van de maatregelen om de veiligheid in het uitgaansgebied te waarborgen. Het cameratoezicht wordt periodiek geëvalueerd. Er is een nieuw evaluatierapport cameratoezicht dat aan de raad is aangeboden. Het college stelt voor om de termijn voor evaluatie te verruimen naar vijfjaar en hiermee het cameratoezicht te verlengen tot 1 mci 2028.

H120230927

24

Tijdens de commissiebehandeling op 13 septemberji. heeft de portefeuillehouder toegezegd met een gewijzigd raadsvoorstel en een gewijzigd concept-raadsbesluit te komen. De gewijzigde stukken zijn bij de vergaderstukken van vanavond geplaatst. De fracties van de SP, de PvdA en BVNL hebben aangegeven het voorstel met debat in de raadsvergadering te willen behandelen en de fractie van Democraten Hilversum heeft een voorbehoud gemaakt. Mevrouw VERWEIJ was in het begin van haar raadslidmaatschap een fervent tegenstandster van cameratoezicht. Zij vocht te vuur en te zwaard voor privacy. Door een tekort aan politieagenten en een overdaad aan incidenten leest en ziet zij dat cameratoezicht zeker nut kan hebben. Nog steeds gaat voor de SP op dat het niet zonder agenten en opvolging kan. De afgelopen periode zijn er wat handhavers bijgekomen en dat lost wat problemen op, maar alleen in het horecaconcentratiegebied. De portefeuillehouder heeft gezegd de aanbevelingen in het onderzoek over te nemen. Een van die aanbevelingen is de kwetsbaarheid van eenkoppig toezicht te verminderen en zij hoopt dat dat snel gebeurt. Bij regionale samenwerking moet men geen toezichthouders hebben die niet op plekken bekend zijn. Zij vraagt of echt zal gebeuren dat meer mensen naar camerabeelden kijken en dat zaken echt opgevolgd worden.

Zij heeft ook zorgen over het Oosterspoorplein, waarover zij ooit in de krant heeft gezegd dat het het walhalla van het Centrum en de hel van Oost is. Er was daarop alom kritiek. Inmiddels heeft de gemeente aldaar panden opgekocht waarvan ze zelf zegt dat die aan het verloederen zijn. De camera aldaar is gericht op de tunnel. Ondernemers, bewoners en bezoekers zouden daar graag meer toezicht zien. Wethouder Scheepers heeft er een wijkpolitiepost geopend, die nog steeds leeg staat. Er zijn dus geen extra toezicht en een laagdrempelige politie, waaraan nog gewerkt kan worden. Samen met D66 en de VVD pleit zij voor het voeren van nogmaals een gesprek aldaar, waar een pilot gehouden kan worden voor een tijdelijke camera gericht op het Oosterspoorplein en de duistere stuk van het fietspad. Motie M 23-135 ‘Toezicht Oosterspoorplein’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 27 september 2023 behandelend het voorstel evaluatie en verlenging cameratoezicht Hilversum 2023; overwegende dat: er steeds meer leegstand rondom het Oosterspoorplein en aan de Larenseweg is waardoor de reuring en sociale controle wegvalt; er maar één camera bij het Oosterspoorplein is en er verschillende delen niet helemaal in beeld zijn; de gemeente zelf iom politie een “politiepostje” heeft ingericht aan de Larenseweg ten einde het gevoel van veiligheid en nabijheid te vergroten.

Dit postje nauwelijks bemand is en kaal en leeg is; verzoekt het college: nog eens met ondernemers en gebruikers Oosterspoorplein te spreken en te bespreken of een al dan niet pilot/tijdelijke camera doelmatig is; -

na deze gesprekken en uiteindelijke besluit een terugkoppeling aan de gemeenteraad te geven.” (Motie M 23-135 van de SP, de VVD, de PvdA en D66)

-

Mevrouw DURLACHER heeft de burgemeester in de commissievergadering gevraagd of die zich veiliger voelt met 26 camera’s om zich heen of met de aanwezigheid van twee politieagenten, welke vraag hij niet beantwoordde. In een evaluatie heeft een derde van de ondervraagden aangegeven dat camera’s niet alleen bijdragen aan veiligheid, zodat BVNL gaat voor beide. Zij ziet graag camera’s, maar ook meer blauw op straat, waarover zij de volgende motie indient. Motie M 23-13 1 ‘Meer blauw op straat’ H120230927

25

“De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 27 september 2023, behandeld agendapunt 15 ‘Evaluatie cameratoezicht Hilversum 2023’; gehoord dat: cameratoezicht een goed middel is om te kunnen signaleren en handelen, maar ook ingezet kan worden om bewijsmateriaal te vergaren; -

-

uit onderzoek is gebleken dat niet iedereen zich hierdoor veiliger voelt op straat en incidenten, met name in het uitgaansgebied, toenemen;

verzoekt het college: in aanvulling op het cameratoezicht te zorgen voor meer zichtbaar blauw op straat, met name in het weekend, in het uitgaansgebied van Hilversum; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 23-13 1 van BVNL en de SP) De heer KOÇ licht toe dat cameratoezicht wettelijk gezien mogelijk is als is voldaan aan de eisen van nut en noodzaak. In Hilversum was het doel van cameratoezicht het uitgangsgeweld in de openbare ruimte terug te dringen, welk doel volgens het evaluatierapport is behaald. Nadat discotheek Gooiland in 2015 is gesloten hangt daar toch nog steeds een camera. Volgens Democraten Hilversum is nu juridisch en praktisch gezien het moment aangebroken om het tijdelijke cameratoezicht te beëindigen. Hij keurt de voorgestelde voortzetting af, evenals het oprekken van de evaluatieperiode van twee naar vijfjaar. Dat past niet bij tijdeljkheid. Hij steunt het amendement A 23-126 van de PvdA en GroenLinks. Mevrouw KALK noemt het uitermate belangrijk om periodiek geïnformeerd te worden over de resultaten van het cameratoezicht. De resultaten die de evaluatie beschrijft zijn goed. De zorgen over privacy worden geadresseerd en de aanbevelingen zijn zorgvuldig en worden overgenomen. Openbare orde is een uitermate belangrijke taak.

Als je als volksvertegenwoordiger ergens op aangesproken wordt, staat verkeer met stip op nummer een en veiligheid met stip op twee. En daarom ook vindt de PvdA het belangrijk dat in elke raadsperiode dit onderwerp op de agenda staat. Vandaar dient zij een amendement in om in plaats van éénmaal per vijfjaar de evaluatie minimaal eenmaal per vier jaar te organiseren. Eigenlijk behelst dat amendement niet meer dan het organiseren van het idee dat elke raad zich minimaal één keer in zijn eigen periode de vraag stelt of het cameratoezicht nog doet waarvoor het is ingesteld. Amendement A 23-126 ‘Termijn evaluatie cameratoezicht’ “De raad van de gemeente Hilversum in vergadering bijeen op 27 september 2023 behandelende het agendapunt Evaluatie en verlenging cameratoezicht; overwegende dat: de gemeenteraad de verantwoordelijkheid heeft om te beslissen over het verlengen van cameratoezicht in openbare ruimtes vanwege haar verantwoordelijkheid voor de openbare veiligheid en het vaststellen van beleid voor de gemeente; dit cameratoezicht periodiek geëvalueerd wordt om te bezien of het nog noodzakelijk is en naar behoren functioneert; het cameratoezicht op dit moment voldoet aan de doelstellingen; openbare orde en veiligheid een belangrijk onderwerp zijn in het werk van de gemeenteraad; veranderingen of incidenten in de openbare orde een groot effect kunnen hebben op het gevoel van

veiligheid en welbevinden van de Hilversummers en de bezoekers van Hilversum; veranderingen in het cameratoezicht an sich (nieuwe technologieën) risico’s met betrekking tot privacy kunnen veranderen of vergroten; voorts overwegende dat: -

-

-

-

-

-

H120230927

26

-

-

-

-

-

tot nu toe de afspraak was om dit cameratoezicht twcejaarlijks te evalueren; gesteld wordt dat een tweejaarlijkse evaluatie te arbeidsintensief is en financiële consequenties kent; elke gemeenteraad dit belangrijke onderwerp minimaal 1 x in haar mandaatperiode op de agenda hoort te hebben; dit met een 5-jarige evaluatietermijn niet wordt geregeld, immers het kan dan voorkomen dat in een mandaatperiode van vier jaar geen evaluatie plaatsvindt; het daarom de voorkeur verdient deze evaluatietermijn niet langer dan vier jaar te maken zodat een nieuwe evaluatie in 2027 zal plaatsvinden;

besluit: beslispunt 2: 2. ex artikel 2.8.1 lid 1 APV Hilversum en ex artikel 151C Gemeentewet in te stemmen met het voornemen van de burgemeester het geldende cameratoezicht in het uitgaansgebied te verlengen tot 01 mei 2028. als volgt te wijzigen: 2. ex artikel 2.8.1 lid 1 APV Hilversum en ex artikel 151C Gemeentewet in te stemmen met het voornemen van de burgemeester het geldende cameratoezicht in het uitgaansgebied te verlengen tot 01 mei 2027.” (Amendement A 23-126 van de PvdA en GroenLinks) Vervolgens gaat zij in op motie M 23-131 van BVNL, ‘Meer blauw op straat’. Zij ziet in het weekend genoeg blauw op straat. Dan zijn er dus andere keuzes te maken, gezien de schaarste die er is. Wel steunt zij motie M 23-135 van de SP, de VVD en D66 over het Oosterspoorplein.. Mevrouw WALTERS (wethouder) omarmt amendement A 23-126 van de PvdA en GroenLinks om elke vier jaar over cameratoezicht te praten. Zij kan zich voorstellen dat men meer blauw op straat wil, waarover motie M 23-13 1 van BVNL en de SP gaat. Er staat ‘in het uitgaansgebied meer blauw op straat’. Landelijk kampt de politie met grote tekorten, ook in Hilversum. Taken worden steeds complexer, er zijn meer taken voor de politie en de politie groeit niet helemaal mee met de groei van het aantal inwoners.

Twee dagen geleden hebben burgemeesters opgeroepen om € 400 miljoen beschikbaar te stellen voor het oplossen van problemen bij de politie. De gemeente krijgt niet opeens meer politieambtenaren, zodat het gaat om de verdeling daarvan. De samenwerking tussen boa’s, beveiligers op straat, het cameratoezicht en de politie is in het uitgaansgebied goed op orde. Meer politie daar brengen betekent dat er elders minder politie zal zijn. Het college meent dat het nu goed draait in het uitgaansgebied en dat het niet zo handig is om politie bij andere taken weg te trekken. De politie zelf geeft ook aan dat mensen zich niet veiliger voelen als er meer politie is. Er zijn al veel boa’s en beveiligers, wat helpt om het rustig te houden en te de-escaleren. Het college meent dus dat het niet handig is om meer politie naar het uitgaansgebied te brengen. Zij ontraadt dus motie M 23-131. De heer KOÇ vraagt om de balans te veranderen en meer blauw zichtbaar te laten zijn in buurten en wijken. Mevrouw WALTERS (wethouder) zet beveiligers en boa’s in, zodat de politie ook beschikbaar blijft voor alles wat er speelt in buurten en wijken. Die verdeling is naar haar mening nu goed. Mevrouw VERWEIJ vraagt het college nog eens na te denken om meer politie naar het uitgaansgebied en de buurten en wijken te brengen. Mevrouw DURLACHER heeft niet alleen om meer politie gevraagd, maar om meer blauw op straat.

Dat mag dus ook een combinatie zijn van boa’s en politie. Mevrouw WALTERS (wethouder) wijst erop dat de afgelopen vijf jaar behoorlijk in boa’s is geïnvesteerd. Meer boa’s betekent die anders verdelen of geld erbij leggen. Het college denkt dat de huidige verdeling en inzet in het uitgaansgebied goed is. Als men daar meer boa’s wenst moet men daartoe een voorstel doen en een dekking zoeken. H120230927

27

Wat betreft motie M 23-135 van de SP, de VVD, de PvdA en D66 kan het college gaan praten. De burgemeester heeft al gezegd bij de plannen rondom het Stationsplein te gaan kijken hoe hij het Oosterspoorplein kan meenemen. Om een camera te plaatsen moet men een gedegen rapport hebben, dat er nu niet is. Mevrouw VERWEIJ wijst erop dat het college jarenlang over dat deel van Hilversum-Oost heeft gezegd dat het verloedert, verrot, er van alles gebeurt en er sprake is van ondermijning. Er is daar een wijkpost van de politie geopend. Buurtbewoners zijn opgeroepen harder hun best te doen om te signaleren. Dat doet zij nu. Mevrouw WALTERS (wethouder) laat motie M 23-135 ter beoordeling aan de raad. Tweede termijn Mevrouw DURLACHER komt in het weekend vrijwel nooit in het uitgaansgebied, ook omdat zij zichzelf daar niet op haar gemak voelt. Zij pleit daar voor meer blauw op straat, waarbij zij niet specifiek op boa’s of politie doelt. Het college kan bij het Rijk signaleren en verzoeken om meer blauw op straat. Er zijn ook andere mensen die zich in het weekend niet op hun gemak voelen in het uitgaansgebied. De heer EERENBERG verzoekt dc voorzitter de vergadering te schorsen. De VOORZITTER schorst de vergadering (22.45 uur). Schorsing. De VOORZITTER heropent de vergadering (22.50 uur).

De heer POSTMA roept op moties niet te laat in te dienen, omdat hij daarom met zijn fractie niet over motie M 23-135 heeft kunnen spreken en ook de portefeuillehouder daarover geen vragen gesteld zijn kunnen worden. Het CDA maakt daarom van die motie een vrije kwestie. De heer VAN DROGEN steunt motie M 23-13 1 van BVNL en de SP, ‘Meer blauw op straat’, niet. Met motie M 23-13 5 van de SP, de VVD, de PvdA en D66, ‘Toezicht Oosterspoorplein’, gaat hij evenmin akkoord, omdat die veel te laat is ingediend. Zonder stemming wordt amendement A 23-126 van de PvdA en GroenLinks, ‘Termijn evaluatie cameratoezicht’, unaniem aangenomen. Motie M 23-13 1 van BVNL en de SP, ‘Meer blauw op straat’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 3 tegen 32 stemmen verworpen, met de stemmen van de SP en BVNL voor. Motie M 23-135 van de SP, de VVD, de PvdA en D66, ‘Toezicht Oosterspoorplein’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 26 tegen 9 stemmen aangenomen, met de stemmen van Democraten Hilversum, GroenLinks en het lid De Jong van het CDA tegen. Het geamendeerde voorstel van burgemeester en wethouders wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 31 tegen 4 stemmen aangenomen, met de stemmen van Democraten Hilversum tegen.

H120230927

28

16.

VRAGEN AAN HET COLLEGE

De VOORZITTER schetst het proces bij het stellen van vragen aan het college. De vragensteller krijgt het woord om vragen te stellen en daarop een toelichting te geven. De beantwoording vindt vervolgens plaats door de portefeuillehouder. Daarna krijgt de vragensteller de gelegenheid om nog een aanvullende vraag te stellen en andere leden kunnen ook nog vragen stellen. Er zijn geen interrupties toegestaan. De heer DEEN stelt een vraag over scholing van Oekraïners, waarover D66 tevoren ook schriftelijke vragen heeft gesteld, waarvan de antwoorden toch nog wat andere vragen opriepen. Zijn vragen gaan nu over de stellingname van het college dat het vanwege personeelstekort niet mogelijk was om Oekraïense kinderen op een goede manier scholing te geven. Het college heeft daarover gezegd over te weinig capaciteit te beschikken. D66 krijgt echter andere signalen, namelijk dat er geen sprake was van een personeelstekort. Hij vraagt of sprake is van een misverstand, onduidelijke communicatie of dat er iets is misgegaan in de informatievoorziening. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) antwoordt dat in april 2023 vanwege de komst van nieuwe Oekraïncrs in het Philipsgebouw een voorlopige berekening van te verwachten kinderen is gemaakt, die in het onderwijs zouden moeten worden opgevangen. Bestuurders van de Gooise Scholen Federatie (GSF) en STIP gaven aan dat niet te redden.

Op basis daarvan heeft de gemeente een tussenoplossing gevonden middels het inrichten van speciale klassen met behulp van organisaties. Achteraf bleek dat de toestroom van kinderen enorm meeviel. Er kwamen veel minder kinderen dan verwacht. Zij hadden gewoon naar school gekund, maar daarover is niet goed afgestemd. De ontwikkeling van veel minder kinderen sloot dus niet bij de verwachting aan en daarover is onvoldoende gecommuniceerd. Deze kwestie geeft aan dat de gemeente met de juiste organen binnen de besturen moet communiceren over de leerlingencijfers en ontwikkelingen. Dat signaal is heel serieus genomen. Het blijkt dat de gemeente niet de juiste personen heeft gesproken. Daarover vindt nu een gesprek plaats. De heer DEEN vraagt om de toezegging dat voortaan in de communicatie naar buiten toe er altijd met de scholen over dat soort informatie wordt gesproken. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) antwoordt dat in dit geval met de directeur van de taalschool is gesproken en niet met het STIP-bestuur zelf, wat tot een verkeerde inschatting heeft geleid. Er wordt wel veelvuldig gecommuniceerd. De VOORZITTER stelt de vragen van de PvdA over shortstay in Hilversum aan de orde. Mevrouw KALK heeft in het vragenuur een drietal eenvoudige vragen gesteld over shortstay, maar die waren op dat moment te ingewikkeld om te kunnen beantwoorden.

En dat terwijl er op hetzelfde moment al een vergunningverlening plaatsvond om shortstay mogelijk te maken. Deze gang van zaken vindt zij minimaal zeer bijzonder. Zij vraagt hoe lang een pand verhuurd mag worden en hoe vaak dc huur verhoogd mag worden. Ook wil zij weten hoe shortstay zich verhoudt tot het gebiedspaspoort van bijvoorbeeld de binnenstad, het bestemmingsplan 1221 of tot het investeren in leefbaarheid. Dat noemt zij allemaal relevante vragen en daarom heeft zij nu aanvullende vragen aan het college gesteld. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) antwoordt dat de vergunningaanvraag over shortstay tezamen met de ingediende vragen voor het vragenuur het ingewikkeld maakte om gestelde vragen in een beperkte tijd te beantwoorden. Daarvoor was interne afstemming nodig. De woonvisie geeft een eerste handvat om de behoefte aan en de wenselijkheid van shortstay te onderzoeken. De bedoelde passages zijn: ‘Ook toevoegingen aan de onderkant van de woningmarkt, kleine H120230927

29

studio’s en tijdelijke woonvormen, kunnen starters helpen, omdat zij daarbij een opstap krijgen op de woningmarkt’ en ‘Aanvullend hierop denken we ook aan tijdelijke huurcontracten, tijdelijke woningen of locaties. Daarmee geven we op korte termijn lucht aan een oververhitte woningmarkt. Deze woningen zijn ook voor bijvoorbeeld starters, arbeidsmigranten en spoedzoekers potentieel waardevol. Eventueel met een gemixte doelgroep (magie mix).’ De derde en vierde vraag die luiden hoe het college beargumenteert dat bij het ontbreken van spelregels er toch een vergunning kan worden verleend, welke concrete beoordelingscriteria daarbij worden gehanteerd en hoe die worden gehandhaafd. In het betreffende beleid wordt onder shortstay verstaan verblijf van meer dan een week en maximaal zes maanden. De gemeente sluit hierop aan. Ook hanteert de gemeente de eis dat shortstay-ruimtes niet ten koste mogen gaan van bestaande woningen. Daarop aanvullend hanteert zij de minimale kwaliteitseisen die voor woningen gelden.

De vijfde en de zesde vraag luiden op basis van welke specifieke argumenten er medewerking is verleend aan deze bestemmingsplanwijziging, terwijl er sprake was van leegstand en op welke wijze het college het onttrekken van 16 appartementen uit de reguliere woningmarkt beargumenteert, terwijl er vanuit het Rijk allerlei wetgeving in de maak is die excessen op de woningmarkt moeten bestrijden. Zij geeft aan hoe er is afgewogen. Het woon- en leefklimaat van het gebied mag niet verslechteren door shortstay. Geoordeeld is dat shortstay eenzelfde impact heeft op de leefomgeving als regulier wonen, omdat het gebruik daarmee overeenkomt. Er is wellicht meer wisseling in de bewoners, maar ook bij reguliere woningen op deze plek is het verloop in het algemeen groot. Er is geen sprake van onttrekking van bestaande woonruimten. De woningen wil zij behouden om te voorzien in de reguliere woningbehoefte. In dit geval zijn geen bestaande woningen omgezet in shortstay-ruimtes, maar gaat het om nieuwe, nog niet uitgegeven ruimtes. De woningen waren dan ook nog niet op de markt gebracht. Er is geen sprake van het onttrekken van woningen aan de reguliere woningmarkt. Dat de woningen al vergund waren maakt dat niet anders. Als bij de oorspronkelijke vergunningaanvraag shortstay-ruimtes zouden zijn aangevraagd, zouden die ook op die manier worden beoordeeld.

De eerder vergunde woningen zouden gezien de grootte niet in het betaalbare segment vallen. Ten slotte is gevraagd of er aanleiding is om specifiek beleid ten aanzien van shortstay te ontwikkelen en aan de raad voor te leggen en op welke termijn dat beleid de raad dat kan verwachten. Aangezien er slechts incidenteel een aanvraag voor shortstay-ruimtes is ziet het college eigenlijk geen aanleiding om specifiek beleid op dit onderwerp te ontwikkelen. Mevrouw KALK constateert dat de wethouder in haar antwoord een aantal dingen met elkaar in verband brengt die in haar ogen niet correct zijn. Medewerking aan een bestemmingsplanwijziging voor het realiseren van 16 appartementen, die minimaal vier maanden leeg hebben gestaan, betekent dat men niet kan zeggen ‘omdat ze niet zijn vrijgegeven, worden ze niet onttrokken aan de woningmarkt’. Het waren volgens haar bestaande woningen, die aan de woningmarkt zijn onttrokken. Er was een bestemming gegeven die niet in overeenstemming was met wat er nu gebeurt. De wethouder zei dat er geen reden is om beleid te ontwikkelen, omdat het maar om kleine aantallen gaat. 16 appartementen in deze tijd van woningnood kun je klein vinden, maar je helpt er 16 mensen mee. Het zijn volgens haar geen prijzen aan de onderkant van de woningmarkt die hiervoor gevraagd gaan worden.

Shortstay is juist bedoeld om tijdelijk te kunnen verhuren zonder toepassing van het huurrecht. Dat is het kenmerk van shortstay. Dat is echt wat anders dan op basis van een tijdelijk huurcontract ergens wonen. Zij stelt vervolgens dat de wethouder een definitie geeft die zij nergens kan toetsen. Zij stelt de raad daarom voor om gezamenlijk een initiatiefvoorstel maken om shortstay beleid te ontwikkelen om te voorkomen wat er nu gebeurt: 16 appartementen waarvoor de raad toestemming heeft gegeven, die gemakkelijk onttrokken worden aan de woningmarkt.

H120230927

30

17.

MOTIE M 23-124 ‘ZENDMAST’ De raad van de gemeente Hilversum in vergadering bijeen op 27 september 2023, constatercnde dat: de eigenaar van de brandweerkazerne aan de Kamerlingh Onnesweg 148 in Hilversum de Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek is; de gemeenten Huizen, Gooise Meren, Wijdemeren, Blaricum, Laren en Hilversum samen de Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek vormen; het (algemeen) bestuur van de Veiligheidsregio beslist bij meerderheid van stemmen waarbij iedere gemeente 1 stem heeft; de onaffiankelijke commissie bezwaarschriften in de gemeente Hilversum stelt dat een plek op het terrein van de brandweerkazerne de betere plek is voor de zendmast; de mast op de locatie in de wijk Anna’s Hoeve extra hoog moet zijn door de plaatsing achter een berg en daar het provinciaal waardevolle illusielandschap aantast; de inwoners van de Hilversumse wijk Anna’s Hoeve bezwaar maken tegen de komst van een zendmast nabij de Harry Banninkstraat 5 omdat dit het illusielandschap aantast; de gemeente Laren met het oog op het beschermen van het illusielandschap bezwaren kenbaar heeft gemaakt bij de gemeente Hilversum tegen de plaatsing van de zendmast op deze plek in Anna’s Hoeve 1; het Goois Natuur Reservaat de plaatsing van de zendmast op de locatie in Anna’s Hoeve afwijst; de Stichting Behoud Gooise Heide de plaatsing van de zendmast op de locatie in Anna’s Hoeve afwijst; de eigenaar

van het gebouw waar de zendmast momenteel staat de Royal Properties Group als Libertel Vodafone als eigenaar van de zendmast overeenstemming hebben over het handhaven van de bestaande installatie op het dak van de Philipsschool tot in 2025, overwegende dat: de locatie voor de zendmast in Anna’s Hoeve redelijkerwijs niet geschikt is, terwijl met een gelijkwaardig resultaat en naar verwacht mag worden minder bezwaren het terrein van de brandweerkazerne wel geschikt is; de eigenaar van de brandweerkazerne in augustus heeft aangegeven open te staan voor een gesprek met het Hilversumse college over plaatsing van een zendmast op het dak2; waar de brandweer vreest voor interferentie van de communicatiesignalen het niet aannemelijk is dat telecommaatschappijen risico’s met interferentie met de communicatiekanalen van de brandweer zouden willen nemen en opteren voor een zendmast op het terrein van de brandweer; in de gemeente Westerveld in 2021 door het college werd overwogen om een telecomzendmast bij de brandweerkazerne in Havelte te plaatsen.

De plaatsing ging niet door omdat de aanvrager onvoldoende had gedaan om draagvlak onder de omwonenden te creëren voor de nieuwe locatie3, maar uit niets blijkt dat de brandweer storing van de communicatiesystemen vreesde; in september 2023 bekend is geworden dat in Renesse een omgevingsvergunning is verleend voor de plaatsing van een tijdelijke telecomzendmast op het terrein van de brandweer; in 2019 een telecomzendmast is opgericht bij de brandweerkazerne in Riel; als de mast mogelijk is op het terrein van de brandweerkazerne in Hilversum deze niet zo hoog hoeft te worden als achter de berg in Anna’s Hoeve4; er voldoende tijd is voor een nadere uitwerking van de positionering van de telecomzendmast op het brandweerkazerne terrein, besluit: 1. de vertegenwoordiger namens de gemeente Hilversum als stemgerechtigde in het bestuur van de Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek als opdracht mee te geven positief te adviseren -

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

-

H120230927

31

over de plaatsing van een telecomzendmast op het dak van de brandweerkazerne in Hilversum ingeval van een formeel verzoek daartoe van de telecommaatschappij en gaat over tot de orde van de dag.’ (Motie M 23-124 van Democraten Hilversum, GroenLinks, Hart voor Hilversum en de PvdA) 1.

2. 3. 4.

https://www. laardercourant.nl/politieklpolitiekl3O65 32/gemeente-laren-niet-eens-metzendmast-tasthet I1lusielandchap#::textLAREN%2O%2D%2ODe%2Ogemeente%2OLaren%2Otekent,op% 2027%2Odecember %202022%2Omaakte https://www.gemeentewesterveld.nl https ://www.masterplanrenesse.nl/nieuws/tij delj ke-zendmast-terrein-brandweer-renesse

De heer GÖBBELS licht toe dat de gemeente zegt dat de zendmast moet geplaatst worden achter de berg in Anna’s Hoeve en dat er geen alternatief is. Hij heeft daarop gevraagd of het college alles heeft onderzocht. De gemeente antwoordde daarop ja. Vervolgens is het de vraag of de zendmast ook mogelijk te plaatsen was bij dc brandweerkazerne. Het antwoord daarop was ontkennend, omdat de brandweer dat niet wil. De burgemeester is echter het hoofd van de brandweer. Bij het plaatsen van een antennemast is toestemming nodig van de eigenaar van een pand of perceel. Dat heeft het college geantwoord op zijn artikel 41-vragen. De volgende vraag is wie de eigenaar is van het perceel van de brandweerkazerne. Het Kadaster zegt daarover dat dat de Veiligheidsregio Gooi en Vechtstrcek is. Die bestaat uit de gemeenten Hilversum, Laren, Wijdemeren Gooise Meren, Huizen en Blaricum. Samen nemen zij dc besluiten, dat wil zeggen met meerderheid van stemmen. Elke deelnemende gemeente heeft een stem. Hilversum wordt door de burgemeester vertegenwoordigd en draagt 39% van de kosten van de veiligheidsregio. Dan is het de vraag waarom de eigenaar geen antennemast wil laten plaatsen. Er zijn twee redenen genoemd. De eerste gaat over interferentie, het gevaar van storingen. Hij geeft daarbij vijf overwegingen die men ook kan interpreteren als tegenwerping.

Hij wijst op de Commissie bezwaarschriften, die concludeert dat er geen interferentie plaatsvindt. Vervolgens wijst hij op het Antennebureau dat dit onderschrijft met de conclusie door uit te leggen dat de frequenties die de brandweer en de telecom gebruiken daarvoor veel te ver uit elkaar liggen. De huidige mast is hemeisbreed niet ver verwijderd van de brandweerkazerne en hem is niet bekend dat de brandweer ooit melding heeft gemaakt van interferentie. Hij stelt ook vast dat de telccornmaatschappijen Vodafone, KPN en T-Mobile, ondersteund door de Vereniging van Netwerkoperators, zelf deze locatie in het oog hebben. En dan wijst hij nog op elders, zoals in Renesse, waar de combinatie tussen telecom en de brandweer geen probleem is. De tweede reden om geen antennemast te plaatsen is dat er geen plek zou zijn voor de zendmast. Dat blijkt echter niet uit een luchtopname, noch wat betreft het dak, noch gezien de overige mogelijkheden op het perceel. En mocht het waar zijn dat de brandweer nog zonnepanelen wil aanbrengen, dan kan daarvoor het hele dak van de parkeerplaatsen worden gebruikt. Maar het is de vraag of dat verstandig is, want op de website van de politie staat dat de exponentiële toename van het aantal zonnepanelen negatieve invloed heeft op het dekkingspercentage van C2000, namelijk tussen de 7% tot 25%. Tot slot gaat hij in op de locatie in Anna’s Hoeve.

Indien dc mast wordt gezet achter de berg bij Anna’s Hoeve, dan moet die hoger worden en ziet men horizonvervuiling van het waardevolle landschap. Dat is dus ongewenst en onnodig. En dat vindt ook de Commissie bezwaarschriften, die zegt dat het dak van de brandweerkazerne een veel betere optie is. En ook bewoners van Anna’s hoeve, de gemeente Laren, het GNR de Stichting Behoud Gooise Heide, de Vrienden van het Gooi en de Vereniging tot behoud van Anna s Hoeve vinden aantasting van het landschap ongewenst en onnodig. De aangevoerde redenen om de zendmast te weigeren overtuigen dus niet en de motie zet dus aan tot herziening.

H120230927

32

De heer DE JONG bevreemdt de motie een beetje, omdat je misschien de burgemeester niet zomaar kunt vragen om dit te regelen. Daarnaast ziet hij een heleboel onderzoek, maar als leek heeft hij geen kans om te beoordelen of er tegenargumenten zijn. Hij is daarom benieuwd naar andere onderzoeken. Spreker is voorstander van het illusielandschap, maar qua veiligheid kan hij geen beoordeling maken. Hij is benieuwd naar een onderzoek vanuit dc brandweer op die locatie en als dat er niet is vraagt hij of het college met het brandweerbestuur wil praten over de wijze waarop dat wel zou kunnen plaatsvinden. Mevrouw KALK wil erop kunnen vertrouwen dat wat een wethouder in een commissievergadering zegt waar is. Wethouder Van Hunnik was duidelijk dat plaatsing van de zendmast op de brandweerkazerne niet aan de orde was. Alleen Anna’s Hoeve was mogelijk, omdat anders de dekking van de noodoproepen in gevaar zou komen. Als nu blijkt dat die ferme uitspraken niet kloppen en er met andere locaties wel een gegarandeerde dekking mogelijk is, dan is de raad verkeerd geïnformeerd, wat niet de eerste keer met deze wethouder zou zijn. Dergelijke uitspraken zag zij ook bij Villa Vrolik, De Lelie, cricket en shortstay. De PvdA heeft geen hekel aan ferme uitspraken, maar wel aan uitspraken die de raad op het verkeerde been zetten, wat in het geval van de zendmast het geval lijkt te zijn.

Zij wil daarop graag een reflectie van de wethouder hebben. De heer FENNEMA heeft geen enkele reden om te twijfelen aan de deskundige mening van de brandweer, maar hij heeft de zendmast liever niet aan het Laarder Wasmeer. Wel is hij benieuwd naar de redenen waarom de zendmast niet bij de brandweer kan staan, maar de motie steunen vindt hij net iets te ver gaan. Dc heer GÖBBELS gaat het om de conclusie van de Commissie bezwaarschriften en het Antennebureau en vraagt of de heer Fennema het daarmee eens is. De meerderheid van de raad steunt de motie overigens wel. De heer FENNEMA ziet ook die argumenten die bij hem tot twijfel leiden, maar hij wil niet direct zoals de motie positief adviseren over dc brandweerlocatie. De heer DEEN vindt de casus ingewikkeld en gaat het om een belangrijke nutsvoorziening om een goede dekking te hebben. Die mast moet ergens staan, het liefst bij de brandweerkazerne. Daar wordt echter ook een woonwijk ontwikkeld met bewoners die misschien niet blij zijn met een zendmastlocatie. Misschien weet de raad hiervan onvoldoende, zodat hij nog in dubio staat en het antwoord van de wethouder afwacht. Hij snapt echter heel goed waar de motie vandaan komt. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) merkt op dat het onderwerp de gemoederen in de stad al een hele tijd bezighoudt.

Vodafone heeft een verplichting om te zorgen voor voldoende dekking voor communicatie in de stad en is ook degene die een geschikte locatie moet vinden en contact moet hebben met eigenaren van panden. Als een pandeigenaar zijn pand niet voor een zendmast wil beschikbaar stellen, dan houdt het op en kan Vodafone geen technisch onderzoek doen. Daar loopt zij nu tegenaan. De brandweer heeft aldoor gezegd geen ruimte aan een technisch onderzoek te willen bieden en nee te zeggen als eigenaar. Dat betekent dat allen nu een onbevredigend gevoel hebben, inhoudende dat niet duidelijk is of een zendmast al dan niet technisch mogelijk is. De heer GÖBBELS weet vanuit het Kadaster dat de veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek de perceeleigenaar is, zodat de wethouder niet kan staande houden dat de gemeente daarop geen invloed kan uitoefenen. Mevrouw VAN HIJNNIK (wethouder) zegt dat wel, omdat de veiligheidsregio kan aangeven het niet te willen. Dan houdt het op. Dat heeft de Commissie bezwaarschriften ook gezegd. Ook al denkt Vodafone dat er geen technische bezwaren zijn en dat er geen interferentie zal plaatsvinden, en ook al zegt een instituut dat het wel zou kunnen. Zij heeft het onderzoek van de brandweer zelf nooit gezien.

De heer GÖBBELS vraagt of de wethouder op zoek is naar een onderzoek dat zij niet heeft gezien, maar dat wel is aangenomen als onderbouwing van een besluit om een zendmastlocatie te weigeren. H120230927

33

Mevrouw VAN HIJNNIK (wethouder) weet niet of een zendmast bij de brandweerkazerne technisch mogelijk is, wat Vodafone zou moeten onderzoeken, wat alleen kan als de eigenaar toestemming geeft. De veiligheidsregio is eigenaar van het pand van de brandweerkazerne, wat nog niet betekent dat men de burgemeester op pad kan sturen om die mast te plaatsen. De heer GÖBBELS ontkent dat en zegt dat de besluitvorming toestaat om het middel van de stemverhouding in te roepen. De burgemeester vertegenwoordigt Hilversum in de veiligheidsregio. Als de gemeenteraad uitspreekt dat die optie gebruikt kan worden, kan die dat meegeven aan de burgemeester. Dan is het stemgedrag in de veiligheidsregio aan de orde. Als andere gemeenten ook hun vertegenwoordiging in de veiligheidsregio laten spreken, dan is het langs die weg mogelijk om invloed uit te oefenen als eigenaar van het perceel en het pand van de brandweerkazerne. Mevrouw KALK attendeert erop dat de veiligheidsregio verlengd openbaar bestuur is, zodat de wethouder niet kan zeggen dat de brandweer de spelregels bepaalt. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) legt uit dat in deze relatie de eigenaar een private partij is, wat anders is dan verlengd openbaar bestuur. In die hoedanigheid treedt de eigenaar niet op. Zij begrijpt dat dat onbevredigend is en wil wel toe naar een oplossing en het doen van een handreiking.

De heer DEEN vraagt of het een oplossing zou zijn als de motie oproept tot het doen van een onderzoek. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) antwoordt dat het college hooguit contact met de brandweer kan hebben om na te vragen hoe het met de weigering van een onderzoek zit. Daartoe verklaart zij zich bereid. De heer GÖBBELS vraagt of het college in dat geval contact zal hebben met het hoofd van de brandweer, in casu de burgemeester. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) ontkent dat, omdat zij zal spreken met de brandweer als private partij, omdat zij wil weten of die inderdaad zo manifest is in de weigering om mee te werken aan een onderzoek, dat duidelijk maakt of een zendmast op die plek technisch mogelijk is. Vervolgens moet Vodafone een vergunning aanvragen en dan is er nog geen garantie dat er geen bezwaren zullen zijn. De heer GÖBBELS wil vervolgens weten wie de private partij van de brandweer vertegenwoordigt. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) antwoordt dat dat logischerwijs de directie zou zijn. De VOORZITTER merkt op dat de strekking van de motie is om een oproep aan de burgemeester te doen om het bestuur van de veiligheidsregio een positief advies te laten geven over het plaatsen van een telecomzendmast op het dak van de telecomzendmast.

Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) stelt dat het daartoe inzetten van de burgemeester niet kan, omdat er dan een belangenverstrengeling en rolvermenging ontstaat. De burgemeester heeft als onderdeel van het college een publiekrechtelijk besluit genomen over de vergunningverlening. Met het aannemen van de motie brengt men de burgemeester in een buitengewoon ingewikkelde positie, die zij niet wenselijk vindt. Zij ontraadt de motie. Mevrouw VERWEIJ constateert kennelijk in een constructie terecht te zijn gekomen dat men over publiek bezit niets meer mag zeggen en niet meer om een onderzoek mag vragen. Dat baart haar ook voor andere regionale samenwerkingsverbanden zorgen. Als dit de discussie is denkt zij dat de raad fundamentele problemen moet gaan bespreken, omdat die anders nergens meer over kan beslissen. Mevrouw REMMERS lijkt het verstandig dat de wethouder het bestuurlijke gesprek met de brandweer aangaat. Wat haar betreft moet er een onderzoek komen, waaraan de brandweer zal meewerken. De heer GÖBBELS is benieuwd wanneer het onderzoek tegemoet kan worden gezien.

H120230927

34

Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) begrijpt dat heel graag een onderzoek is gewenst, maar het college heeft op meerdere momenten met de brandweer gesproken, waarbij het niet is gelukt om verder te komen. Zij heeft nu het idee om samen met wethouder Heller te spreken met de brandweer om te kijken of er een mogelijkheid is om tot een onderzoek te komen. Een termijn kan zij daarbij niet noemen. De heer GÖBBELS vraagt de voorzitter de vergadering te schorsen. De VOORZITTER schorst de vergadering (23.32 uur). Schorsing. Dc VOORZITTER heropent de vergadering (23.33 uur). De heer GÖBBELS vindt het belangrijk een termijn aan het onderzoek te verbinden en denkt daarbij aan drie maanden. Ook wil hij meer helderheid hebben over dejuridische constructie en de zeggenschap van de gemeente daarop. Als dc wethouder toezegt die drie elementen mee te nemen zijn de indieners bereid om de motie aan te houden. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) lijkt dat prima en vindt dat geen probleem. Zij gaat zo snel mogelijk in gesprek met de brandweer, omdat zij helderheid wil hebben. Zolang de eigenaar geen toestemming geeft kan zij het onderzoek niet afdwingen. Daarop zal zij zich wel richten. 18.

MOTIE M 23-133 ‘NEE IS OOK EEN ANTWOORD’ “Dc raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 27 september 2023,; gehoord de bezwaren tegen de komst van een zendmast bij Anna’s Hoeve en daama het onderzoek voor plaatsing bij de brandweerkazerne dat tot een negatief advies heeft geleid; draagt het college op om dc zendmast niet te (laten) plaatsen in Hilversum; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 23-133 van BVNL)

Mevrouw DURLACHER licht de motie toe. Daarin heeft zij geschreven dat de zendmast in heel Hilversum niet zou moeten worden geplaatst, maar zij bedoelt daarmee ‘in dat gebied’. De heer DEEN vraagt of mevrouw Durlacher graag over dekking beschikt met haar mobiele telefoon. Mevrouw DURLACHER antwoordt dat Vodafone niet haar provider is. De heer FENNEMA is benieuwd op welke vraag van wie mevrouw Durlacher ‘nee’ wil antwoorden. Mevrouw DURLACHER licht toe dat haar ontkennende antwoord de locaties brandweerkazerne en Anna’s Hoeve betreft. De heer FENNEMA licht toe dat het goed gebruik is dat de raad zich niet bemoeit met lopende vergurmingprocedures, omdat het college daarover van de raad eigen kaders heeft gekregen. Het is aan het college om al dan niet een vergunning te verlenen. Mevrouw DURLACHER reageert dat het antwoord nog steeds ‘nee’ kan zijn, omdat de vergunning nog niet is verleend. De heer DEEN begrijpt dat voor BVNL geldt dat ingeval een provider waarbij zij zelf niet betrokken is het antwoord dan ‘nee’ is. Mevrouw DURLACHER zegt van niet, omdat het niet persoonlijk om haar gaat. H120230927

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=4892f16a-1f8e-4064-b356-ad1e447d964f