CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Vastgesteld en getekend verslag raadsvergadering d.d. 2 juni 2021

GEMEENTERAAD 2 juni 2021, gemeente Hilversum16.544 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

bijgaande zienswijze vast te stellen en kenbaar te maken bij Stichting Goois Natuur Reservaat, met dien verstande dat in de ‘Zienswijze gemeenteraad Hilversum op jaarstukken 2020’de volgende alinea wordt toegevoegd: Verduurzaming Organisatie stichting Goois Natuur Reservaat Gemeente en GNR staan gezamenlijk voor de grote opgave uit het Klimaatakkoord om in 2030 onze C02-emissie te verminderen met 49% ten opzichte van 1990. Als gemeente hebben wij daarom concrete doelen en maatregelen vastgesteld om onze C02-emissie komende jaren terug te dringen. Daarnaast hebben we ons laten certificeren op de C02-prestatieladder. Helaas vinden we in de jaarstukken geen informatie over de inspanning die de stichting GNR zelf doet om de eigen Organisatie te verduurzamen en mee te werken aan landelijke doelstellingen voor de vermindering van de C02- en stikstofemissies en het grondstoffenakkoord. Wij verwachten dat het GNR het goede voorbeeld geeft en met plannen komt om aan deze landelijke doelstellingen te voldoen.” (Amendement A 21-66 van de ChristenUnie, GroenLinks, Democraten Hilversum en de PvdA) Amendement A 2 1-65 van de VVD, Hart voor Hilversum en het CDA, ‘Balans natuur en vrije toegang’, steunt hij van harte. Hij denkt dat het GNR daarin wel degelijk een positieve bijdrage kan leveren.

Op die manier kan men een goede balans tussen mens en natuur krijgen, welke balans soms een beetje zoek is. Soms zijn er stukken natuur waar niemand in kan en het recreëren niet goed gestimuleerd wordt. Amendement A 2 1-70 van de PvdA steunt hij ook. De heer WESTERNENG staat sympathiek tegenover amendement A 21-66 van de ChristenUnie, GroenLinks, Democraten Hilversum en de PvdA over verduurzaming van de organisatie van het GNR, maar hij wil het GNR niet belasten met een onnodige regeldruk. Hij vraagt hoe de ChristenUnie daartegenaan kijkt en de wethouder vraagt hij wat de gemeente precies van het GNR vraagt. In het amendement zou men de overweging kunnen lezen dat voornemens of verplichtingen van een gemeente ook automatisch doorgaan naar verbonden partijen, waarvan de VVD geen voorstander is. Hij wil namelijk dat een verbonden partij ook eigen keuzen kan maken over welk beleid gevoerd wordt. Daarom vraagt hij of hij in het amendement goed leest dat het GNR wordt opgeroepen om een poging te doen om de C02reductie te verlagen of dat er wat dat betreft een verplichting komt. Volgens de heer PELSMA komt er wat dat betreft een oproep, die ook duidelijk wordt geborgd. Hij gaat er van uit dat het GNR het gestelde in amendement A 2 1-66 zal omarmen. Hij denkt niet dat sprake zal zijn van regeldruk. Dit is iets waarvan de natuurorganisatie wil zijn.

Voor het GNR is het positief als de gemeente als opdrachtgever daarop ook focust.

H120210602

19

Evenals de PvdA is de ChristenUnie verrast over het proces met betrekking tot de 3%-bezuiniging. Op dit moment is sprake van een niet wenselijke situatie om bezuinigingen op deze manier door te voeren in het stuk. De heer KOÇ kan zich vinden in de voorgestelde zienswijze en vindt het van groot belang dat vanuit de gezamenlijkheid wordt gezorgd voor de Gooise natuur, zodat de bossen, heide en dieren beschermd worden en blijven. Daarnaast kan er ruimte zijn voor recreatie. Met die gedachte heeft hij samen met de VVD en het CDA amendement A 21-65 ingediend. Amendement A 21-66 van de ChristenUnie, GroenLinks, Democraten Hilversum en de PvdA over verduurzaming van de Organisatie van het GNR steunt hij ook. Het is wel nuttig richting het GNR een verwachting uit te spreken. Met amendement A 2 1-70 van de PvdA gaat hij niet akkoord. De heer HELLER (wethouder) vindt de oproep van de ChristenUnie over duurzaamheid sympathiek. Het GNR voet duurzaamheidsbeleid en streeft in die zin ook een C02-reductie na. Wellicht is dit een mooie gelegenheid om die te actualiseren. Vanuit die insteek is er niet de bedoeling om extra regeldruk voor het GNR te realiseren, maar zal hij het GNR verzoeken om het duurzaamheidsbeleid geactualiseerd bij dc gemeente neer te leggen, zodat zij daarover een discussie kan voeren. Daarmee heeft hij geen moeite en stemt hij in met amendement A 21-66.

Het college heeft het GNR en andere gemeenschappelijke regelingen verzocht om 3% te bezuinigen. Organisaties hebben daarop verschillend gereageerd. Er is gereageerd naar gelang de mogelijkheden die organisaties in redelijkheid en verantwoordelijkheid zelf zagen. Het GNR heeft op die manier naar het verzoek gekeken en heeft zich Vrij gevoeld al dan niet daarmee iets te doen. Uiteindelijk heeft dat geresulteerd in de voorstellen in de Begroting 2022. De manier van invulling van € 84.000,- is verantwoord naar het bestuur van het GNR en die leidt naar de mening van het college niet tot onnodige risico’s in de bedrijfsvoering of anderszins. Daarbij is afgesproken dat als daarvan toch in de loop van het jaar sprake blijkt te zijn partijen met elkaar in overleg treden als goede partners. De evenwichtigheid en rechtvaardigheid bestond daarin dat op basis van inhoud een afweging is gemaakt wat binnen de grenzen van redelijkheid verantwoord om te doen is. Naar die mate van draagkracht is een bijdrage geleverd. Dat levert uiteindelijk op dat verschillende organisaties in verschillende mate een bijdrage hebben geleverd. In die zin kan men zeggen dat het proces niet op inhoud is gestoeld, maar men kan ook zeggen dat de uitkomst van dat proces dat bij uitstek wel is, namelijk op basis van inhoudelijke overwegingen per Organisatie.

Mevrouw KALK vraagt zich af of het op deze manier aanvliegen een beetje het recht van de sterkte is: degene die zich het meest durft te verzetten tegen de belangrijkste geldschieters zegt dat niet te doen. Degenen die het meest inschikkelijk zijn zeggen wat hun voorstel is. Als men aan de voorkant op beleid wil sturen, doet de gemeente dat op basis van keuzen. De heer HELLER (wethouder) verzekert dat het niet zo is gegaan, maar wel op basis van de discussie binnen het bestuur van het GNR. Bestuurlijk is aangegeven in beeld te brengen welke de mogelijkheden zouden zijn. Uiteindelijk heeft de organisatie zelf dit voorstel geformuleerd en hebben organisatie en bestuur geoordeeld dat het voorstel verantwoord is om door te voeren. Mocht onderweg blijken dat het onverhoopt toch niet het geval is, dan treden partijen in overleg met elkaar. Die situatie is eigenlijk vanzelfsprekend. Recreatie een natuurbehoud zijn een dubbele doelstelling. Het GNR is daarin bijzonder, omdat de Organisatie bij uitstek ervaring heeft met de enorme spanning tussen de recreatiedruk en de statutaire en wettelijke taak om de natuur in stand te houden. Genieten van de natuur is ook voor het draagvlak van belang. Hij snapt de behoefte om het gesprek over recreatie en natuurbeheer verder te voeren.

Het GNR doet veel op dit gebied en het college kan leven met amendement A 2 1-65, zodat de raad desgewenst het gesprek kan vervolgen.

H120210602

20

Tweede termijn Mevrouw KALK is een beetje teleurgesteld in haar collega’s en ook in de wethouder met betrekking tot de beantwoording van de vraag over de opdracht om 3% bezuiniging te vinden. De vraag hier is wie de financiële kaders stelt: de gemeenteraad of het college. De hamvraag is of de huidige werkwijze door de raad kan worden geaccepteerd. De heer GÖBBELS meent dat de raad de kaders stelt en de 3% op een andere wijze geregeld had moeten worden. Uit de eindrapportage van de burgerpeiling omgevingsvisie blijkt dat 47% van de respondenten natuur en biodiversiteit het belangrijkste onderwerp voor de omgevingsvisie vindt. De heer KOOL geeft mevrouw Kalk helemaal gelijk en wil die discussie over bezuinigingen bij de kadernota voeren. De vraag is wel wat de voorgestelde toevoeging in de zienswijze voor het GNR oplevert. Dat heeft uit eigen beweging en wellicht een beetje te goed van vertrouwen het voorstel gedaan. De heer WESTERNENG heeft van de wethouder een quickscan over recreatie ontvangen, die ging over de belasting op de natuur door corona. In zijn beleving was juist gesproken over een onderzoek onder inwoners over de vraag waar zij graag gebruik van maken. Hij vraagt daarom of er nog een ander onderzoek naar de raad toekomt. De heer VAN VOORDEN steunt de PvdA in haar goede betoog en dankt de wethouder voor het positief adviseren van amendement A 21-65.

Ook amendement A 21-66 steunt hij. Mevrouw WESSELINK sluit zich ten aanzien van een reactie op mevrouw Kalk aan bij de heer Kool. De heer PELSMA vindt het bijzonder dat een Organisatie die te maken heeft met uittredende leden uit zichzelf komt met een besparing van 3%. Dc route daarnaar toe vindt hij niet goed doorlopen, zodat hij amendement A 21-70 van de PvdA steunt. De wethouder dankt hij voor het ondersteunen van amendement A 21-66. De heer HELLER (wethouder) moet navragen of hij hetzelfde onderzoek als de heer Westerneng bedoelt en komt daarop nog bij de VVD terug. Wat betreft amendement A 2 1-70 van de PvdA deelt hij mee dat het dictum lastig is, omdat men hier te maken heeft met een zienswijzenprocedure in het kader van een vaststellingsproces van een begroting van het GNR. Het dictum past niet binnen die planning, omdat het GNR-bcstuur in oktober a.s. de Begroting 2022 vaststelt. Het amendement aannemen betekent effectief dat de raad geen zienswijze geeft op dat punt. Mevrouw KALK heeft daarom venneld dat het onder voorbehoud is van, waarmee dat wordt ondervangen. Zij ziet niet dat het amendement de besluitvorming in de weg staat en dat kan eventueel leiden tot een begrotingswijziging na de begroting. De heer HELLER (wethouder) antwoordt dat dat is toegestaan.

Amendement A 2 1-65 van de VVD, Hart voor Hilversum en het CDA, ‘Balans natuur en vrije toegang’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 31 tegen 3 stemmen aangenomen, met de stemmen van de PvdA en Democraten Hilversum tegen. Amendement A 2 1-66 van de ChristenUnie, GroenLinks, Democraten Hilversum en de PvdA, ‘Verduurzaming organisatie GNR’ wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 33 tegen 0 stemmen aangenomen (het lid Dc Jong-Schrijvers van Hart voor Hilversum heeft zich van stemming onthouden). H120210602

21

Amendement A 2 1-70 van dc PvdA, ‘Zienswijze jaarstukken GNR’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 11 tegen 22 stemmen verworpen, met de stemmen van het CDA, de ChristenUnie, de PvdA, de SP en Democraten Hilversum voor (het lid De Jong-Schrijvers van Hart voor Hilversum heeft zich van stemming onthouden). Zonder stemming wordt het gearnendeerde voorstel van burgemeester en wethouders unaniem aangenomen. 9.

VRAGEN AAN HET COLLEGE

Mevrouw VERWEIJ merkt op dat sommigen liever in waardigheid verslonzen dan in onwaardigheid en minachting voor hun situatie hulp aanvaarden in de vorm van 1,5 uur per week huishoudelijk hulp. Dat raakt haar. Indringende vragen waarmee aanvragers momenteel aan de telefoon te maken krijgen zijn ‘Waarom doet u deze aanvraag?’, ‘Kan iemand anders dat niet doen?’, ‘U begrijpt dat de ramen buiten niet gelapt worden?’, ‘Wat heeft u dan?’ en ‘Waarom wordt u niet geopereerd?’. De kern van het beleid is hoe de gemeente omgaat met kostenbeheersing. Zij had gehoopt dat de wethouder zou zeggen dat zij de moties heeft gezien en gelezen en dergelijke normen niet invoert. Tegen een mevrouw is gezegd dat zij de zorg zelf moet betalen als zij meer dan € 1.100,- per maand verdient. Zij vraagt het college de moties uit te voeren, niet zelf beleid te gaan bedenken en te zorgen dat de bejegening en manier waarop medewerkers hun gesprekken voeren menswaardig is en eerlijk, met het aanbod voor onafhankelijke ondersteuning. Spreekster pleit ervoor om zo gauw mogelijk weer met twee mensen aan de keukentafel te laten plaatsnemen en cliënten zelf hun gespreksverslag te laten lezen. De huidige uitvoering noemt zij echt waardeloos en zij vraagt om die te stoppen. Mevrouw WALTERS (wethouder) heeft het hele op schrift gestelde betoog van mevrouw Verweij gelezen.

Gesteld is dat zij met niet door de raad geaccordeerde bezuinigingen bezig is, gezien de zin uit de kademota ‘We zetten in op mogelijkheden tot kostenbeheersing, op beleid en uitvoering van dejeugdzorg en de Wmo’. Het gaat in dezen over het raadsstuk ‘Op koers naar een financieel gezond sociaal domein’, dat door de commissie is gesproken en waarover de gemeenteraad heeft gestemd. Die invulling voor de bezuiniging van € 900.000,- in 2023 en € 1,2 miljoen structureel vanaf 2024 wordt gezocht. Die bezuiniging is geaccordeerd door de raad. Zij neemt de raad mee in wat het college daartoe gaat doen. Op maatregelen uit die nota komt zij na de zomer nog naar de raad terug, zodat daarover advies te geven is. Zij weet dat de SP tegen de bezuinigingen is, maar men moet niet doen alsof de raad niets heeft met het terugdringen van kosten. De SP stelt dat het college normen uitvoert waarover de raad niet heeft besloten, zoals KPMG normen. Dat noemt zij incorrect en zij voert de CIZ-normen uit met de aangepaste beleidsregels. Het invoeren van de KPMG-normen is onderdeel van ‘Naar een financieel gezond sociaal domein’ en de raad komt daarover nog na de zomer te spreken. Deze normen worden nu niet uitgevoerd. Het college heeft goed gekeken naar losse opmerkingen van verschillende individuen. Die zijn goed gecheckt bij de teammanager en de kwaliteitsmedewerker.

Dat beeld herkent zij, maar niet in de mate waarin de SP het aangeeft. Als mensen opbellen en zeggen tot nu toe huishoudelijke hulp als particuliere hulp te betalen, wordt gevraagd of zij die handelwijze zouden kunnen doorzetten. Dat is een onderdeel van eigen kracht. Een expliciete inkomensgrens komt haar niet bekend voor. Het moeten verhuizen omdat het wonen te duur is, dat de huishoudelijke hulp te duur wordt en dat gedreigd zou zijn met het stoppen van huishoudelijke hulp komt haar niet bekend voor. Verkeerde bejegening komt soms wel eens voor. Dan wordt er een klacht ingediend en dan volgt er ook een gesprek. Het is een grote afdeling en er gaat dus wel eens iets mis. Zij informeert de raad elk kwartaal over het aantal klachten en ingediende bezwaren, dat behoorlijk laag is. Zij zegt toe de klachten uit het afgelopen halfjaar door te lopen met de kwaliteitsmedewerker om ook zelf te constateren of de genoemde elementen naar voren gekomen zijn. Voor haar is het moeilijk om op individuele casussen te reageren zonder meer context dan twee regels. Daarom verzoekt zij mevrouw H120210602

22

Verweij inwoners te vragen eventueel een klachtenformulier in te vullen. In grote lijnen herkent zij het geschetste beeld niet. Mevrouw VERWEIJ is bijzonder geschrokken dat de wethouder helemaal niet herkent wat er is gebeurd. Het betreft persoonlijke verhalen. Zij is blij dat de KPMG-normen niet zijn doorgevoerd. Zij heeft waar gebeurde verhalen opgetekend en veel collega-raadsleden hebben met dit soort situaties te maken gehad. Spreekster vraagt waarom de eigenlijk verworpen moties wel worden uitgevoerd. Tevens vraagt zij de wethouder met consulenten in gesprek te gaan over de genoemde situaties. Mensen dienen juist geen klacht in omdat ze dankbaar zijn dat ze nog iets krijgen. Daarom wil zij dat de wethouder op een andere manier naar de problematiek kijkt. Met alle liefde wil zij een zwartboek aanleveren. Als mensen zich in de situaties herkennen kunnen ze zich bij de SP melden bij het meldpunt ‘Waar loopt u tegenaan.’ Zij verzoekt de wethouder haar vragen heel serieus te nemen en op een andere manier met kostenbeheersing om te gaan. Moties die verworpen zijn zou dc wethouder niet mogen uitvoeren. Mevrouw REMMERS heeft ook contacten met cliënten en vindt het goed dat de wethouder alLe klachten serieus neemt. Bij GroenLinks zijn niet de verhalen bekend zoals mevrouw Verweij ze vermeldt. Zij neemt afstand van de uitspraak dat de uitvoering waardeloos is.

Ambtenaren doen namelijk naar bester eer en geweten hun werk. Mevrouw VREUGDENHIL-DE BLÉCOURT heeft dergelijke klachten tot nu toe ook niet ontvangen. Als dat wel zou gebeuren zou zij een andere manier kiezen om daarmee om te gaan. De heer REIJMERINK sluit zich aan bij mevrouw Remmers en herkent zich niet in het door mevrouw Verweij geschetste beeld. Het normenkader van KPMG werkt inmiddels al heel lang goed en is goedgekeurd door de hoogste bestuursrechter, namelijk de Centrale Raad van beroep. Zelf heeft hij het idee dat mevrouw Verweij niet weet waarover ze het heeft als het gaat om het normenkader. Dat normenkader is inmiddels geïntegreerd in ontzettend veel Nederlandse gemeenten en dat werkt heel goed. Het feit dat de gemeente Hilversum nog op het oude CIZ-protocol huishoudelijke hulp indiceert doen bij hem meer alarmbellen rinkelen. Dc heer VAN VOORDEN complimenteert mevrouw Verweij met het ter tafel brengen van de problematiek. De wethouder complimenteert hij met het serieus naar dc klachten te gaan kijken. Hij wil een vinger aan de pols houden. De maatregelen in het KPMG-rapport zijn nog niet in beleid gegoten en daarover komt de raad nog te spreken. Dat lijkt hem een goed moment om de evaluatie van de wethouder te horen. Mevrouw REDMEIJER kent ook wel een enkel voorbeeld van een gesprek dat wellicht onhandig geformuleerd zou kunnen zijn.

Zij denkt niet dat sprake is van een structureel probleem, maar de wethouder geeft aan serieus naar dc klachten te kijken. Als mensen bij Hart voor Hilversum komen met klachten wijst zij hen op het klachtenformulier. Zij meent dat de wethouder de goede dingen doet en het is fijn dat ze heeft toegezegd nog eens even goed naar de huidige situatie te gaan kijken. Mevrouw VERWEIJ weet prima waar zij het over heeft als het om de KPMG-normen gaat. Zij heeft zelf in de huishoudelijke verzorging gewerkt. De verhalen die zij hoort zijn waar en het betreft meerdere verhalen. Zij is blij dat de wethouder naar het probleem gaat kijken. Zij heeft niet gezegd dat alle ambtenaren waardeloos zijn, maar de genoemde voorbeelden wel. Spreekster wil haar ogen niet sluiten voor mensen die met hulpvragen naar de gemeente komen en vervolgens deze ervaringen hebben. Die hoeven zich niet schuldig en vervelend te voelen. Bij de klachtenprocedure komt men niet zo snel terecht, omdat meestal een ambtelijke oplossing wordt gezocht. Er wordt niet gewezen op de onafhankelijke cliëntenondersteuning. Het is haar bedoeling om het H120210602

23

onderwerp te adresseren. KPMG-nonnen leveren in de HBEL-gemeenten €4,1 miljoen op, maar de thuiszorgmedewerkers die ermee moeten werken gaan nu al de barricaden op omdat ze niet werkbaar zijn. Mevrouw WALTERS (wethouder) herhaalt de klachten goed te zullen bekijken. De teammanager Wmo gaat de klachten met het team bespreken. Dat is ook passend bij de huidige situatie. Mevrouw VERWEIJ herhaalt haar vraag waarom dc wethouder de verworpen moties wel uitvoert. Mevrouw WALTERS (wethouder) gaat het erom dat de gemeente bij een aanvraag wel kijkt naar wat mensen zelf kunnen en wat hun netwerk kan. Dat is ook onderdeel van beleid. Als men dat doet kan men dat zien als kostenbewustzijn en niet alleen maar gericht op bezuinigen. Die handelwijze is ook gericht op een sterk netwerk om mensen heen. De heer GÖBBELS gaat in op particuliere bouwinitiatieven op Crailo en het afgesproken bouwplafond aldaar van 590 woningen. Die woningen zijn al keurig verdeeld over de drie segmenten en bouwblokken. Hij vraagt of dat aantal gemaximeerd is en of cpo-initiaticven daarop in mindering komen. De heer SCHEEPERS (wethouder) noemt het aantal van 590 woningen op Crailo het absolute plafond. Alle verschillende bouwprojecten tellen daarin mee. 10.

MOTIE VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG M 2 1-64 VAN HART VOOR HILVERSUM, DE PVDA, HILVERSUMS BELANG, GROENLINKS, LEEFBAAR HILVERSUM, HET CDA, DE CHRISTENUNIE EN DEMOCRATEN HILVERSUM, ‘BORSTKANKERONDERZOEK VROUWEN BELANGRIJK PREVENTIEF MIDDEL’ Motie m 2 1-64 ‘Borstkankeronderzoek vrouwen belangrijk preventief middel’ “De gemeenteraad van Hilversum in openbare vergadering bijeen op 2juni 2021, overwegende dat: • in Nederland 1 miljoen vrouwen van vijftig jaar en ouder iedere twee jaar een preventief borstkankeronderzoek ondergaan; • in Nederland één op de zeven vrouwen borstkanker krijgt; • het bevolkingsonderzoek is bedoeld om borstkanker zo vroeg mogelijk te ontdekken.

De kans op een succesvolle behandeling is dan groter waardoor er een minder ingrijpende behandeling nodig is; • de staatssecretaris voor volksgezondheid, de heer Paul Blokhuis, heeft besloten de tijdsinterval voor het periodiek borstonderzoek voor vrouwen tijdelijk te verlengen van twee- naar driej aarlij ks; • als reden hiervoor is vermeld dat het momenteel en de komende drie jaar niet mogelijk is landelijk consequent aan de termijn van twee jaar te kunnen voldoen; • het hier weliswaar gaat om landelijk beleid, maar dat ook de raden als primaire volksvertegenwoordiging op het terrein van de volksgezondheid een belangrijke politieke signaalfunctie hebben; • ook in Hilversum vrouwen uit dezelfde doelgroep wonen die met dezelfde problematiek te maken hebben; • deze maatregel op korte en langere termijn leidt tot verslechtering van deze uiterst belangrijke preventieve voorziening, ook voor bijna 14.000 Hilversumse vrouwen’; • vrouwen vaak niet weten dat de termijn tijdelijk is verlengd naar drie jaar; constaterende dat: • deze informatie over verruiming van de onderzoekstermijn alleen via websites te vinden is en niet actief met de betrokken vrouwen is gedeeld; • de GGD Gooi & Vechtstreek vrouwen actief moet informeren over alternatieve onderzoeksmogelijkheden als zij zich zorgen maken; roept het college op:

H120210602

24

de GGD Gooi & Vechtstreek nadrukkelijk te verzoeken, vrouwen die tussen 2020 en 2023 volgens de oorspronkelijke planning aan de beurt waren voor een twecjaarlijks borstonderzoek, een brief te sturen met informatie over de wijziging van de tijdsinterval en daarnaast te informeren over alternatieven als consultatie van de huisarts, zelfonderzoek en onderzoek in een ziekenhuis; • dc raad te informeren over de uitkomst van het verzoek aan de GGD; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 2 1-64 van Hart voor Hilversum, de PvdA, Hilversums Belang, GroenLinks, Leefbaar Hilversum, het CDA, de ChristenUnie en Democraten Hilversum) •

1

StatLine Bevolking; leeftijd, migratieachtcrgrond, geslacht, regio, 1jan. 1996-2020 (cbs.nl) -

Mevrouw BOUMADKAR BOUKHRISS licht de motie toe. De gemeente Hilversum moet naar haar mening de 14.000 vrouwelijke inwoners vanaf een leeftijd van 50 jaar nadrukkelijk op de hoogte brengen van de tijdelijk gewijzigde termijn van het bevolkingsonderzoek naar borstkanker en dc alternatieve onderzoeksmogelijkheden. Op basis van dc volksgezondheidscijfers is borstkanker de meest voorkomende vorm van kanker bij vrouwen. Gebleken is dat onder andere door bevolkingsonderzoek het sterftecijfer is gedaald. Zij wil daarom dat vrouwen actief geïnfonneerd worden over de verlengde controleperiode en de alternatieve onderzoeksmogelijkheden. Het actief delen van deze informatie maakt vrouwen namelijk bewust van de termijn die overschreden kan zijn. Dit vergroot de kans voor vrouwen om zelf actie te ondernemen en om borstkanker in een zo vroeg mogelijk stadium te ontdekken en succesvol te laten behandelen. Zij wil dat het college de GGD Gooi en Vechtstreek vraagt om vrouwen die volgens de oorspronkelijke planning aan de beurt zijn voor een tweejaarlijks onderzoek ecn brief te sturen met daarin informatie over eventuele andere onderzoeksmogelijkheden. Daardoor worden Hilversumse vrouwen vanaf 50 jaar nadrukkelijk geïnformeerd over de termijnwijziging en alternatieve onderzoeksmogelijkheden.

Gelet op het voorgaande en in het belang van de gezondheid van al deze vrouwen vraagt zij namens Hart voor Hilversum om voor deze motie te stemmen. De VOORZITTER wijst erop dat twee indienende fracties hedenavond niet aanwezig zijn, zodat zij niet als indiener van de motie te noteren zijn. Het gaat om Hilversums Belang en Leefbaar Hilversum. Mevrouw WALTERS (wethouder) noemt het heel erg zonde dat de termijn van het borstkankeronderzoek verlengd is van twee naar drie jaar. Het KWF heeft daar heel erg tegen geageerd. Zij snapt het gehouden pleidooi volkomen. De GGD Gooi en Vechtstreek heeft zij gevraagd om de genoemde brief te sturen. Met borstkankeronderzoek heeft echter de GGD Gooi en Vechtstreek niets te maken en dat valt onder Bevolkingsonderzoek Midden-West en de regie van het RIVM. Dc GGD Gooi en Vechtstreek weet dus niet welke vrouwen aan de beurt zijn voor het borstkankeronderzoek en heeft ook geen rol in voorlichting over kanker. Mevrouw BOUMADKAR BOUKHRISS verzoekt de voorzitter de vergadering te schorsen. Mevrouw KALK wil de motie aanpassen in die zin dat de door de wethouder genoemde uitvoeringsorganisatie wordt opgeroepen een brief te laten sturen. Mevrouw BOUMADKAR BOUKHRISS sluit zich daarbij aan en past de motie in die zin aan.

De heer VAN VOORDEN geeft de indieners in overweging de wethouder op te roepen om bijvoorbeeld via de huisarts een campagne op te starten om de doelgroep te kunnen benaderen. Wellicht kunnen brieven worden gestuurd naar het bevolkingsonderzoek om het punt onder de aandacht te brengen.

H120210602

25

Mevrouw WALTERS (wethouder) merkt op dat het college contact op kan nemen met Bevolkingsonderzoek Midden-West en de regionale huisartsenorganisatie. De VOORZITTER schorst de vergadering om 22.37 uur. Schorsing. De VOORZITTER heropent de vergadering om 22.4 1 uur. Mevrouw BOUMADKAR BOUKHRISS kan zich vinden in de toezegging van de wethouder en houdt de motie aan. Zij vraagt de wethouder de raad verder te informeren in een raadsinformatiebrief. Mevrouw WALTERS (wethouder) zegt dat toe. 11.

MOTIE VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG M 21-71 ‘OPKOOPVERBOD VOOR BELEGGERS’ Motie M 21-71’ Opkoopverbod voor beleggers/zelfbewoningsplicht bestaande bouw’ “De gemeenteraad van Hilversum, in vergadering bijeen op woensdag 2juni 2021; constaterende dat: • de woningmarkt in de gemeente Hilversum onder enorme spanning staat; • de doelgroepenverordening en de zelfbewoningsplicht voor nieuwbouw inmiddels zijn ingevoerd in de gemeente Hilversum; overwegende dat: • de landelijke overheid werkt aan maatregelen die de gemeentelijke overheid meer mogelijkheden geeft tot sturing op de woningmarkt; • één van deze maatregelen een verbod behelst voor beleggers om betaalbare, bestaande woningen op te kopen voor verhuur, om zodoende woningen onder een bepaalde koopsom te reserveren voor kopers die er ook daadwerkelijk zelf gaan wonen; • dit een uitbreiding is van de zeifbewoningsplicht voor de bestaande bouw, conform de eerder aangenomen motie zelfbewoningsplicht; • de verwachting is dat ook de eerste kamer voor eind dit jaar instemt met het wetsvoorstel; • al diverse gemeenten in onze omgeving hebben aangegeven dit opkoopverbod begin 2022 in te gaan voeren voor bepaalde wijken en tot bepaalde koopsommen; • naarmate er meer gemeenten in onze omgeving dit doen, de druk van beleggers en huisjesmelkers op onze gemeente alleen maar groter gaat worden; • om te voorkomen dat dit leidt tot een nog

verdergaande prijsopdnjving het verstandig is om nu vast te beginnen met de voorbereiding op de uitvoering van dit wetsvoorstel; verzoekt het college: • de voorbereiding ter hand te nemen van een ‘opkoopverbod voor beleggers’ conform het wetsvoorstel wat nu voorligt; • hiermee invulling te geven aan het onderzoeken naar de mogelijkheden voor een zeifbewoningsplicht in te voeren voor bestaande bouw zoals afgesproken in motie M 20-65, unaniem aangenomen op 9 september 2020; • hiervoor alle benodigde voorstellen met betrekking tot de invoering van het opkoopverbod, gebiedsafbakening en de prijsklassen voor te leggen aan de gemeenteraad van oktober 2021; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 2 1-71 van de PvdA)

H120210602

26

Mevrouw KALK licht de motie toe en stelt dat de woningmarkt in de regio volledig op hol is geslagen. De prijzen gaan door het dak en voor de bezichtiging begint het overbieden al. Voor starters en mensen met een middeninkomen is het niet meer te doen. De doelgroepenverordening en de zelfbewoningsplicht voor nieuwbouw helpen om hieraan iets te doen. Vanavond kan de raad een volgende stap zetten met het opkoopverbod voor beleggers. Dat is een lang gekoesterde wens om de zelfbewoningsplicht ook bij bestaande bouw te kunnen invoeren. Daarmee legt de gemeente de verkamering aan banden en zij voorkomt dat er nog meer appartementencomplexen zijn waar buren elkaar niet meer kennen. Huizen zijn geen melkkoe, maar om in te wonen. Het opkoopverbod geldt voor vijfjaar met een mogelijkheid tot verlenging. In specifieke wijken worden woningen onder een bepaalde koopsom dan gereserveerd voor kopers die er ook zelf in gaan wonen. De raad bepaalt in welke wijken dat gaat gelden en tot welke koopsom. Hiermee wordt voorkomen dat starters en gezinnen met een middeninkomen het afleggen tegen de beleggers met enorm diepe zakken. Het wetsvoorstel is al door de Tweede Kamer aangenomen. Behandeling door de Eerste Kamer zal snel plaatsvinden, in elk geval begin dit najaar. Veel gemeenten, juist in de MRA, zijn zich al aan het voorbereiden op de toepassing van deze wet in hun eigen gemeente.

Doet Hilversum dit niet, dan zal haar woningvoorraad alleen nog maar aantrekkelijker worden voor al die beleggers die elders niet meer aan de bak komen. Daarom verzoekt zij het college nu alvast te beginnen met de voorbereiding van de invoering van het opkoopverbod, zodat in januari 2022, zodra het mogelijk is en als de wet naar verwachting in werking treedt, Hilversum er klaar voor is om deze handelwijze ook toe te passen. Dit voorgestelde beleid is onderdeel van de al eerder aangenomen motie over de zelfbewoningsplicht, waarin onderzoek is gevraagd naar de invoering voor bestaande bouw. Met de nieuwe wet door de Kamer al aangenomen is hiertoe de mogelijkheid. Het CDA, de ChristenUnie, de VVD en D66 waren de indieners in Den Haag en daarom rekent zij in dit geval ook op brede steun voor de motie om het opkopen van woningen door beleggers aan banden te leggen. De heer VAN ROODEN heeft in de media een aantal keren zorgen geuit gezien over deze opkoopregeling. Een mogelijk effect is dat huren hoger worden, omdat er door de opkoopregeling minder verhuurbare woningen zouden komen. Hij vraagt of de PvdA heeft nagedacht over hoe dat is tegen te gaan. Mevrouw KALK heeft de zorg over toekomstige bouwplannen al beschermd met de zelfbewoningsplicht voor nieuwbouwwoningen.

Het zijeffect dat andere huren gaan stijgen wordt beperkt door de doelgroepenverordening, omdat daardoor middenhuren worden gemaximeerd. Bij sociale woningbouw is huurstij ging door wetgeving al beperkt. Doordat andere huren gaan stijgen door de invoering van de zelfl,ewoningsplicht zijn er andere middelen en maatregelen om dat te beperken. Dat is ook een aanname die vooral is gebruikt om het door haar voorgestane middel niet in te voeren. Het middel is juist om te voorkomen dat nog meer huizen aan de markt verloren gaan doordat ze door huizenmelkers worden opgekocht. De heer KRUIJS WIJK JANSEN vindt het voorstel sympathiek klinken, maar wil ook het proces geordend laten verlopen. Er ligt nog een wetsvoorstel voor en hij vraagt zich af het verstandig is om daarop vooruit te gaan lopen. De wetgeving kan namelijk nog in de Eerste Kamer wijzigen. Hij neemt verder aan dat de wethouder ook kijkt naar wat er bij het Rijk gebeurt en dat dat leidt tot voorbereidingen bij de gemeente. Mevrouw KALK laat weten dat het eerste voorstel om de kwestie te regelen vanuit het ministerie zelf is aangehouden in verband met de regeringscrisis. Intussen is een plan van genoemde vier partijen aangenomen waarin de wetgeving al is vastgelegd.

De verwachting is dat gelet op de indieners van het plan en de gewenstheid van het plan vanuit andere fracties, het plan redelijk ongeschonden door de Eerste Kamer zal komen. De heer KOOL vraagt waarom de PvdA de motie nu indient terwijl binnenkort de woonvisie uitkomt. H120210602

27

Mevrouw KALK herinnert eraan hoe lang dc raad aan doeigroepenverordening heeft moeten trekken. Nu is er een mogelijkheid om de zaak te regelen, zodat de gemeente er op 1 januari a.s. er direct klaar voor is. Mevrouw VAN VLIET weet dat er in het kader van woonvisie meer instrumenten zullen zijn, zoals de uitwerking van de nieuwe Huisvestingswet, toeristische verhuur, de uitwerking van de motie over het toewijzen van middeldure woningen aan mensen met middeninkomens en de voorraadvergunningen. Deze maatregelen vereisen allemaal aanpassingen van de Huisvestingsverordening, een omvangrijke klus. Wellicht kan die aanpassing in tweeën of drieën gaan door dit onderwerp naar voren te halen. De door haar genoemde onderwerpen zijn net zo belangrijk om regie op de woningmarkt te hebben en te zorgen dat woningen daar terecht komen waar ze nodig zijn. Volgens mevrouw KALK heeft dat te maken met de waardering van de ene maatregel ten opzichte van de andere. Hierover is al een uitspraak gedaan in een aangenomen motie. De maatregel is nu mogelijk en zij vraagt waarom men daarmee zou wachten, omdat die maatregel in ieders belang is. De heer VAN ROODEN suggereert dat het misschien handig is om eerst te kijken welke de gevolgen in de andere steden van de zeltbewoningsplicht zijn. De heer HELLER (wethouder) heeft op 18 maartjl.

al over aankomende wetgeving gesproken en heeft toen het gevraagde al toegezegd. Toegezegd is dat vooruitlopend op de inwerkingtreding van de nieuwe wetgeving het college zich daarop voorbereidt, met een aantal acties richting de Huisvestingsverordening. Wat is gevraagd heeft hij volledig toegezegd in toezegging T 2 1-36. In die zin is de motie overbodig. De maand oktober zal hij evenwel niet halen. Mevrouw KALK wil graag een toezegging over een termijn en geeft in overweging dat de raad in oktober a.s. besluitvorming kan plegen. De heer HELLER (wethouder) herhaalt toezegging T 2 1-36, maar doet geen toezegging over de termijn. Mevrouw VAN DE LINDE zal gehoord de toelichting van de wethouder de motie niet steunen, omdat die haars inziens overbodig is. Mevrouw KALK houdt de motie aan, zodat zij meer tijd heeft om haar collega’s te overtuigen van nut en noodzaak van de motie. 12.

MOTIE VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG M 2 1-72 VAN DE SP, GROENLINKS EN DE PVDA ‘NIET LANGER IN DE SCHULDEN’ “De gemeenteraad van Hilversum in openbare vergadering bijeen op 2juni 2021; overwegende dat: • er inmiddels 156 (of meer) gedupeerde ouders (en dus ook kinderen) van de toeslagenaffaire bekend zijn bij de gemeente Hilversum; • deze gedupeerde ouders al meer dan genoeg ellende, gedoe en onrecht hebben ondervonden en excuses hebben gehoord; • duidelijk is dat deze ouders zich gemeld hebben met hulpvragen en waarschijnlijk schulden; • de gemeente Hilversum inwoners met schulden actief en vroegtijdig wil helpen confonn het beleidsplan Integrale schuldhulpverlening 2020-2024; in het beleidsplan schuldhulpverlening de mogelijkheid is opgenomen om schulden van schuldenaren over te nemen;

H120210602

28

het college heeft toegezegd de gemeentelijke schulden te bevriezen, maar nog niet heeft besloten deze schulden kwijt te schelden; • de hersteloperatie vanuit Den Haag onvoldoende snel gaat, waardoor toeslagenouders verder in de problemen (kunnen) komen via incasso’s en beslagleggingen; • voor veel ouders de bevriezing van schulden (onvoldoende) of niet wordt gehandhaafd door private schuldeisers en hiermee de ‘pauzeknop’ niet afdoende werkt; • de gemeenten Rotterdam en Den Haag ook kiezen voor het overnemen van private schulden (https://www. lokaalbestuur.nl/node/993), van mening zijnde dat: • de gemeenteraad een belangrijke stap kan zetten in het herstellen van vertrouwen richting gedupeerde ouders en verantwoordelijkheid moet nemen voor haar inwoners, draagt het college op: 1. de publieke schulden van gedupeerde ouders bij de gemeente Hilversum, die zijn ontstaan als gevolg van de toeslagenaffaire, kwijt te schelden (conform Haagse toezegging inzake publieke schulden); 2. de private schulden van gedupeerde ouders, die zijn ontstaan als gevolg van de toeslagenaffaire, over te nemen en te saneren; naar het Rijk op te trekken voor vergoeding van de gemaakte kosten van de gemeente; 3. 4.

de raad voorafgaande aan de behandeling van de begroting in november 2021 te informeren, over de stand van zaken tot dan toe.” en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M-72 van de SP, GroenLinks en dc PvdA) •

Mevrouw VERWEIJ licht de motie toe. De wethouder heeft in beantwoording op vragen gezegd dc publieke schulden van gedupeerde schulden te bevriezen. De landelijke lijn is dat de minister zegt de schulden over te nemen. Zij stelt daarom voor dat de gemeente Hilversum dat ook gaat doen. Zij verneemt echter dat private schuldeisers toch schulden innen. Er is een schuidhuipbeleid. Bij een ouder met een gezin dat schulden heeft, maar niet ten gevolge van de toeslagenaffaire, is er in het kader van het schuldhulpverleningsbeleid geld beschikbaar om mogelijk schulden te saneren. Zij wil de 156 gezinnen ontzorgen, laten informeren naar de stand van zaken en als het nodig is schulden kwijtschelden en overnemen. De gemeenteraad kan een maatschappelijke keuze maken om deze ouders te ontzien. Het gaat echter niet alleen om ouders, maar ook om kinderen. Vandaag kan de gemeente laten zien dat zij als overheid is te vertrouwen en daarop te bouwen is. Het benodigde geld zal de gemeente volgens haar wel terughalen. Zij roept haar collega’s op de motie te steunen. Mevrouw WOLTHERS (wethouders) trekt zeer nauw op met de gedupeerden van de toeslagenaffaire. Zij is ook zelf in het kader daarvan met mensen in gesprek. De motie moet zij echter toch ontraden.

Gedupeerden van de toeslagenaffaire zijn namelijk met behulp van deze motie niet goed genoeg te helpen, omdat de kwijtschelding van publieke schulden al een feit is. Die kwijtschelding treedt in juni in werking en daarmee is de Rijksoverheid bezig. Het Rijk heeft per 25 mei jl. aangegeven private schulden over te nemen en zij verwacht daarvan effectuering eind deze zomer. De pauzeknop is voor een jaar ingesteld. Door goede gesprekken met gedupeerden weet zij wat er met hen aan de hand is. Zelf met gegevens aan dc slag gaan betekent het nemen van allerlei juridische hobbels en operationele kosten aangaan die eigenlijk al in de tijd worden opgelost. De heer VAN DROGEN vraagt of de wethouder hierbij toezegt dat publieke schulden worden kwijtgescholden. Daarnaast verwacht de wethouder dat aan het einde van de zomer private schulden worden opgepakt. Dan is de tijd weer drie maanden verder voortgeschreden. Mensen met schulden hebben dan weer drie maanden langer te maken met incassokosten, zodat de situatie voor hen nog erger wordt. Mevrouw WOLTHERS (wethouder) gaat het in dezen om rijksbeleid en de uitvoering daarvan. De gemeente heeft daarin een andere rol. Daarop kan zij niets toezeggen. H120210602

29

Motie M 2 1-72 van de SP, GroenLinks en dc PvdA, ‘Niet langer in de schulden’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 9 tegen 23 stemmen verworpen, met de stemmen van de leden Van Drogen, Kool, Veenendaal en Van Waarden van GroenLinks, de PvdA, de SP en Democraten Hilversum voor (de leden Eerenberg van Hart voor Hilversum en Peisma van de ChristenUnie hebben zich van stemming onthouden). 13.

MOTIE VREEMD AAN DE ORDE VAN DE DAG M 2 1-74 VAN HET CDA EN DE CHRISTENUIE ‘OPROEP AAN DE GGD, GEBRUIK HET GELE BOEKJE’

“De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 2juni 2021; constaterende dat: • de registratie van vaccins niet overal op dezelfde wijze plaatsvindt en dat nog niet alle vaccins in het persoonlijk vaccinatieoverzicht zijn bijgeschreven, dan wel dat mensen daar geen toestemming voor hebben gegeven; • de GGD Gooi & Vechtstreek niet de mogelijkheid aanbiedt om het COVID-19-vaccin bij te laten schrijven in het gele boekje; • andere GGD regio’s deze mogelijkheid wel bieden aan personen die het gele boekje wensen te gebruiken, bijvoorbeeld omdat men naar andere landen reist waar de digitale Europese app niet werkt; • de GGD Gooi & Vechtstreek, in reactie op raadsvragen uit de gemeente Weesp, deze mogelijkheid blijft weigeren, overwegende dat: • de beoogde app nog niet is geïntroduceerd en niet in alle landen wordt geaccepteerd; • op 12 mei de Tweede Kamer voor een motie stemde om het COVID-19-vaccin alsnog in het gele boekje te laten bijschrjven; • er geen principieel bezwaar is tegen het inschrijven in het gele boekje’, roept het college op: • de GGD Gooi & Vechtstreek te verzoeken om per direct de vaccinaties in het gele boekje te laten bijschrjven voor personen die dit wensen en te adviseren om de registratiekaart goed te bewaren; • de overige gemeenten in de regio te informeren over het Hilversumse standpunt; en gaat over tot de orde van de dag.

(Motie M 2 1-74 van het CDA en de ChristenUnie) 1

In het laatste coronadebat zei minister Hugo de Jonge: ,,Het is prima als de GGD’en het invullen, maar ik wil op die locaties liever geen tijd verliezen met het invullen van een boekje.’

De heer VAN VOORDEN licht de motie toe. Allereerst complimenteert hij de GGD, die de bestrijding van de pandemie goed op orde heeft met het zetten van 26.000 prikken de afgelopen week. Veel GGD-regio’s zetten na het geven van een coronaprik een stempel in het gele boekje, maar onder andere de GGD van de regio Gooi & Vechtstreek doet dat niet, wat hij jammer vindt. Het is een praktisch standpunt, dat volgens hem onnodig is, temeer omdat de samenleving weer langzaam open gaat. Zijn oproep is daarom om de GGD te vragen het stempelen in het gele boekje na Covid-vaccinering weer te gaan invoeren. Mevrouw WALTERS (wethouder) laat weten dat het landelijk beleid van de GGD’s is om geen stempel in het gele boekje te zetten, dat overigens ook geen specifieke status heeft. Het boekje is alleen een registratie. Er is namelijk alle tijd nodig om zo snel mogelijk te prikken en dat heeft voorrang. Bewijs is te verkrijgen met een rechtsgeldige registratiekaart die in het boekje te plakken is, wat net zo praktisch en afdoende is. Daarover is nog niet veel gecommuniceerd, maar wel is dat vermeld op het Corona-liveblog H120210602

30

van de GGD Gooi- en Vechtstreek. Zij heeft met de GGD afgesproken dat hierover meer gecommuniceerd wordt, zodat dat duidelijker is. De motie ontraadt zij. De heer VAN VOORDEN meent dat het zetten van een stempel pragmatisch bij een aparte balie kan worden aangepakt. Daarom herhaalt hij zijn vraag dit met de GGD te bespreken. De motie wil hij in stemming laten brengen. Mevrouw WALTERS (wethouder) kiest voor de capaciteit om snel te prikken, wat ook landelijk beleid van de GGD is. De heer VAN VOORDEN stelt dat de wethouder een onrealistisch beeld schetst dat stempelen van het gele boekje snelheid van het vaccineren in de weg staat, wat volgens hem niet waar is.

De heer VOGEL deelt mee dat de VVD-fractie heeft besloten van de motie een Vrije kwestie van te maken. Motie M 21-74 van het CDA en de ChristenUnie wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 20 tegen 13 stemmen aangenomen, met de stemmen van de leden Koç, Lancé, Redmeijer en Slingerland van Hart voor Hilversum, Groesz en Wesselink van D66, Verkuijlen en Vogel van de VVD en GroenLinks tegen (het lid Eerenberg van Hart voor Hilversum heeft zich van stemming onthouden). De VOORZITTER sluit de vergadering om 23.10 uur. in de openbare vergadering van 6juli 2021,

H120210602

31

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=1857a9b7-cd13-446a-a8ff-5e0409984e5d