CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Vastgesteld en getekend verslag raadsvergadering d.d. 15 mei 2024

GEMEENTERAAD 15 mei 2024, gemeente Hilversum26.537 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Daartoe dient zij amendement A 24-83 in.

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

19

Amendement A 24-83 ‘Aandacht voor sport en hobby verenigingen in wijkcentra’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 15-05-2024 behandelend onderwerp, Sport- en Beweegnota Hilversum 2024–2030; constaterende dat: in de Sport- en Beweegnota Hilversum 2024–2030 weinig aandacht is voor denksport verenigingen; -

verenigingen en clubs in wijk en buurtcentra zelfs helemaal geen aandacht krijgen in de Sport- en Beweegnota Hilversum 2024–2030;

overwegende dat: deze verenigingen een essentieel onderdeel vormen van het verenigingsleven; -

naast fysiek bewegen, mentaal uitgedaagd worden minstens zo belangrijk is het welzijn van mensen. Wandel clubjes, kaartverenigingen, koersballen en biljartverenigingen dragen daaraan bij;

-

er in de Sport- en Beweegnota Hilversum 2024–2030 wel veel aandacht wordt besteed aan de link tussen bewegen en welzijn;

-

verenigingen in wijkcentra buiten de boot vielen tijdens de subsidie energiecompensatie;

-

er wel een ondersteuningspunt is voor verenigingen vanuit de gemeente, alleen dat dit ondersteuningspunt nauwelijks bekendheid heeft bij verenigingen en hobbyclubs in wijkcentra;

besluit: het beslispunt als volgt te wijzigen: de Sport- en Beweegnota Hilversum 2024-2030 ‘Hilversummers een leven lang actief en vitaal gewijzigd vast te stellen, waarbij op pagina 38 de tekst: 5. Verenigingsondersteuning Hilversum Verenigingen zijn toekomstbestendig als ze een goede organisatiekracht hebben en kunnen inspelen op toekomstige ontwikkelingen. We blijven sportverenigingen met een ondersteuningsvraag helpen. Dit doen we vanuit een netwerk met NOC*NSF, sportbonden en andere organisaties vanuit de ‘één-loket-gedachte’ van verenigingsondersteuning.’ wordt gewijzigd in: 5. Verenigingsondersteuning Hilversum We blijven (sport) verenigingen met een ondersteuningsvraag helpen. Dit doen we vanuit een netwerk met NOC*NSF, sportbonden en andere organisaties vanuit de ‘één-loketgedachte’ van verenigingsondersteuning. We hebben hierbij extra aandacht voor (sport)verenigingen en clubs in wijk en buurtcentra. Deze verenigingen zullen we vanuit de gemeente, via de wijk en buurtcentra, benaderen om hen enerzijds te informeren over de middelen die vanuit de gemeente worden aangeboden voor deze verenigingen en anderzijds met de vraag wat zij nodig hebben om te kunnen voortbestaan en hoe wij als gemeente kunnen ondersteunen.’” (Amendement A 24-83 van Hart voor Hilversum) Mevrouw VERWEIJ heeft het voorliggende stuk beoordeeld op vorm, inhoud, proces en financiën.

Over de vorm heeft zij zich al in de commissievergadering uitgesproken. Het document bevat veel onnodige dubbelingen, waardoor het onnodig lang is. Geen enkele van de zestien doelstellingen is SMART, wat onbegrijpelijk is, omdat het niet zo moeilijk is om dat SMART te maken.

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

20

Verder mist zij allerlei zaken, zoals aandacht voor sporters met beperkingen en de echte aandacht voor schoolzwemmen, waarvoor er wachtlijsten zijn. Meer mensen zouden moeten sporten en er moet nog onderzoek komen naar faciliteiten, wat geld gaat kosten. Dat aspect had nu al gedeeld moeten worden. Zij mist daarnaast het echt investeren in kinderen en sporten en volwassenen en sporten, waarvoor de gelden nu uit de activiteitenregeling moeten komen. Bij behandeling van de zomernota zal de SP daarom pleiten voor een aparte sportregeling. Bij buitensporten zijn (jongeren)buurtsportcoaches een belangrijke pijler, die is gebaseerd op een subsidieregeling, waarbij de gemeente betaalt, maar er ook geld van het Rijk komt. De nota vermeldt dat als het Rijk niet met geld over de brug komt er minder buurtsportcoaches zullen komen. Die belangrijke pijler van (jongeren)buurtsportcoaches wil zij echter financieel vastleggen. Bij de zomernota zal de SP daarover een amendement indienen, om te zorgen dat de belangrijke buurtsportcoaches financieel gedekt zullen zijn. Gezien de wens van meer bewegen en meer sporthallen en faciliteiten bevreemdt het haar dat de buurtsportcoachonderzoeken in het spoorboekjes niet zijn gepland. Zij wil daarom de toezegging om niet in het eerste kwartaal van 2026, maar in het vierde kwartaal van 2025 te praten over de tussenevaluatie.

Er was een digitaal platform, waarvan niemand meer wist, zodat het ook niet was geëvalueerd. Dat platform werkte niet, Sport 035 bood een alternatief, waarover waarschijnlijk meer wordt vernomen. Zij hoopt dat er in de toekomst minder gedoe over participatie zal zijn en er echt mensen zullen worden betrokken. De nota is volgens haar gebaseerd op niet uitgevoerde onderzoeken en die staat vol met aankondigingen van voorstellen. Daarom vraagt zij haar collega’s volgend jaar met de SP te praten als de onderzoeken komen. Hilversum investeert namelijk niet zoveel in sport. Landelijk gaat het om € 83,- per inwoner en in Hilversum gaat het om € 40,-. Waarschijnlijk moet er op veel zaken geld bij komen. Op verschillende plekken in de nota staat dat het college een raadsinformatiebrief zal sturen, die de raad zelf mag agenderen, wat naar haar mening niet is wat is afgesproken. Zij pleit namelijk ervoor om in het vierde kwartaal van 2025 over de tussenevaluatie te praten. De heer WESTERNENG herinnert aan de toespraak van professor Scherder, die de raad in februari 2022 via Zoom toesprak over het belang van sport en bewegen. De professor was geïrriteerd over het gebrek aan daadkracht en urgentie op het belangrijke onderwerp. Hij is daarom blij dat de nota nu voorligt. Naar aanleiding daarvan heeft hij gekeken welk beleid nieuw is, welk beleid is aangepast en welk beleid wordt voortgezet.

Positief vindt de VVD dat er een veel duidelijkere koppeling is met het welzijnsveld, waarvoor zijn partij al sinds 2019 pleitte. Daarmee heeft de nota een veel bredere scope. De heer DEEN mist juist de koppeling met het sociale domein en vraagt de heer Westerneng daarom voorbeelden te geven van koppelingen met het welzijnsveld. De heer WESTERNENG wijst op de verbinding met scholen, die belangrijk is, omdat de motorische vaardigheden bij kinderen achteruit gaan. Slechts 30% van de inwoners is lid van een vereniging, zodat de inzet op verenigingen te laag is. Het is moeilijk om degenen die niet voldoende bewegen daartoe toch aan te zetten. Hij mist een concrete evaluatie van wat de afgelopen jaren al dan niet heeft gewerkt. Het toenemende probleem is naar zijn oordeel beweegarmoede. Jongeren op Gezond Gewicht (JOGG) werkt eigenlijk niet. Landelijk hebben 1,2 miljoen mensen last van obesitas en zij lopen daarmee het risico op diabetes type 2. Het probleem wordt dus alleen maar groter, zodat de lokale overheid daaraan iets moet doen. Gedragsbeïnvloeding is echter moeilijk. De nota vermeldt dat de ambitie is dat 60% van de Hilversummers aan de beweegnorm voldoet, wat betekent dat er over vier jaar 9.000 inwoners meer bewegen. Een concreet pad daarnaartoe ontbreekt echter in de nota.

Er zijn voldoende beweegfaciliteiten in Hilversum, maar mensen echt aan het bewegen krijgen doet men vooral met programmering. Daarom zijn de buurtsportcoaches heel belangrijk. Het aantal daarvan is al gestegen van 4 naar 12, waarbij dan wel de effecten daarvan gemeten moeten worden. Volgens hem is onvoldoende concreet wat de nota gaat opleveren, waartoe hij motie M 24-76 indient, met

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

21

de oproep om duidelijk te maken hoe effect wordt gemeten en hoe de koppeling met ambitie wordt gemaakt. Motie M 24-76 ‘Sport- en Beweegnota resultaten beleid meetbaar maken’ “De gemeenteraad van Hilversum, in vergadering bijeen op 15 mei 2024, behandelende de Sporten Beweegnota Hilversum 2024-2030; overwegende dat: • de doelstelling in de nota heel helder is: in 2030 voldoet 60% van de Hilversummers aan de beweegrichtlijn; is van mening dat: • het beleid van de afgelopen jaren beperkt is geëvalueerd en het daarmee lastig is vast te stellen ‘wat wel en niet werkt’; • in de voorliggende nota niet duidelijk staat hoe de voortgang op deze doelstelling gemonitord gaat worden; • het heel belangrijk is om te meten of er op deze doelstelling voortgang wordt geboekt, juist doordat er een landelijke trend is dat jongeren steeds minder motorisch vaardig zijn en er in zijn algemeenheid steeds minder gesport en bewogen wordt; verzoekt het college: • de raad voor het einde van het jaar 2024 schriftelijk te informeren hoe de bijdrage van de 16 focuspunten op het behalen van de doelstelling uit deze Sport- en Beweegnota gemonitord gaat worden. Daarbij wordt de raad geïnformeerd over: • Wat wil het college gaan meten? •

Hoe wil het college dat gaan meten?

•

Hoe wordt de raad over de uitkomsten geïnformeerd?”

(Motie M 24-76 van de VVD en D66) Een tweede motie gaat over kijken of bestaande dingen met elkaar te verbinden zijn, wat kan met een digitaal platform. Hij wil inzicht in wat voor platform dat moet worden, langs welk pakket van eisen het college dat gaat maken en met welke partijen gesproken gaat worden. Motie M 24-75 ‘Goed van start met digitaal sport- en beweegplatform’ “De gemeenteraad van Hilversum, in vergadering bijeen op 15 mei 2024, behandelende de Sport- en Beweegnota Hilversum 2024-2030 overwegende dat: •‘ het digitale sport- en beweegplatform één van de 16 focuspunten in de Sport- en Beweegnota Hilversum 2024-2030 is; • nieuwe digitalisering/IT projecten vaak complex zijn om uit te voeren; • het ook een uitdaging is om goed aan te sluiten bij behoeften van de doelgroep(en), zodat het platform ook daadwerkelijk gebruikt gaat worden; is van mening dat: • het vooraf duidelijk moet zijn voor zowel raad, college als mogelijke samenwerkingspartijen welke functionaliteiten verwacht worden in het te ontwikkelen platform; • de gemeente bij voorkeur ‘het wiel niet opnieuw uit moet vinden’, maar juist aan moet sluiten bij ervaringen binnen Hilversum (waar bewoners de weg naar een bestaand platform al kennen) of buiten de gemeente Hilversum (door te leren van andere gemeenten hoe zo’n platform succesvol kan worden); verzoekt het college:

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

22

•

de raad voor 1 juli 2024 schriftelijk te informeren met welk ‘het pakket van eisen’ het platform ontwikkeld zal gaan worden; • de raad voor 1 juli 2024 schriftelijk te informeren met welke (soort) partijen de gemeente in gesprek gaat over de ontwikkeling van dit platform.” (Motie M 24-75 van de VVD en D66) De VVD steunt amendement A 24-83 van Hart voor Hilversum, ‘Aandacht voor sportclubs en verenigingen in de wijk- en buurtcentra’. Hij hoopt dat professor Scherder na afronding van de nota wat trotser naar Hilversum kijkt dan twee jaar terug. Mevrouw KALK verbaast het dat de VVD inzicht wil in het pakket van eisen voor een digitaal platform, omdat het uitvoering betreft. Beter zou men kunnen aangeven wat een pakket van eisen moet opleveren, waarmee men focust op het resultaat. De heer WESTERNENG wil dat het digitaal platform bijdraagt aan het door mensen makkelijker hun weg vinden naar een beweeginitiatief. Het is echter heel ingewikkeld om mensen naar een digitaal platform te lokken en hen op die manier informatie te geven waarmee ze wat gaan doen. Daarom is hij benieuwd welk platform het college voor ogen heeft. Mevrouw KALK zou dan toch zeggen een initiatiefvoorstel over een digitaal platform in te dienen met daarin aangegeven waaraan dat moet voldoen in plaats van reactief op een eisenpakket te reageren.

De heer WESTERNENG vindt niet voldoende uit de nota blijken wat voor digitaal platform het wordt. Hij wil daarom graag eerder dan in het vierde kwartaal informatie daarover hebben, omdat de raad later niet meer kan bijsturen. Mevrouw KALK mist in motie M 24-76 van de VVD en D66, ‘Sport- en Beweegnota resultaten beleid meetbaar maken’, wat er wordt geëvalueerd. Zij vraagt wat de heer Westerneng precies meer wil. De heer WESTERNENG denkt dat het heel ingewikkeld is om meetbaar en aantoonbaar te maken welke bijdragen de zestien focuspunten gaan hebben aan het leveren van de ambitie over zes jaar dat 9.000 Hilversummers meer gaan sporten. Hij wil voorkomen dan te concluderen dat het toch niet is gelukt en wil daarom weten waarop wordt gemeten. Mevrouw KALK verzoekt de heer Westerneng dan concreet te maken waarnaar hij op zoek is, omdat evalueren al een vanzelfsprekendheid is. De heer WESTERNENG vond de commissievergadering aantonen dat meten niet vanzelfsprekend is. Motie M 24-76 vraagt het college uit te zoeken wat men kan weten, wat men zou willen meten en of ook nieuwe dingen uitgevraagd moeten worden. Mevrouw VERWEIJ wijst op de toezegging van de wethouder om het hele beleid te evalueren, inclusief de zestien punten. De VVD vraagt om een schriftelijke evaluatie. Als de wethouder dat toezegt is dat volgens haar voldoende.

De heer WESTERNENG vraagt om dit jaar al de evaluatiepunten te weten. Mevrouw VERWEIJ lijkt het prima om daarover dan in het eerste kwartaal van 2025 te praten of desnoods nog in het vierde kwartaal van 2024. De heer WESTERNENG gaat het erom te weten wat er in 2025 wordt geëvalueerd. De heer DEEN ziet Hilversum afstevenen op een grote gezondheidscrisis, vanwege te ongezond eten en te weinig bewegen. De voorliggende nota is daarop wat hem betreft niet het hele antwoord, zowel qua urgentie als qua ambitie. Hij sluit zich volledig aan bij het verhaal van de SP daarover en de grote hoeveelheid moties en amendementen bewijzen dat. De inzet drijft op wat er al gebeurde en het college denkt dat dat genoeg is. Het weet dat niet zeker, omdat nauwelijks wordt gemeten. Ook de gestelde doelen zijn, behalve zestien watertappunten, niet SMART. Motie M 24-76, ‘Sport en beweegnota resultaten beleid meetbaar maken’, steunt D66 daarom. De raad is amper in staat om kaders te controleren. De vraag is dan hoe men dat beleid dan tot 2030 kan vaststellen. Daarom dient hij mede namens de ChristenUnie amendement A 24-73 in.

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

23

Amendement A 24-73 ‘Sneller bijsturen op sport en bewegen’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 15 mei 2024, behandelend de Sport- en Beweegnota Hilversum 2024–2030; constaterende dat: • er gekozen is voor een langere periode voor deze nota waardoor de kaders vastliggen tot 2030; overwegende dat: • de samenwerking met NOC*NSF op het gebied van verenigingsondersteuning tot 2026 loopt; • de financiering voor de buurtsportcoaches vanuit de Brede Regeling Combinatiefuncties na 2026 nog onzeker is, aangezien een nieuwe financieringssystematiek moet worden ingevoerd tussen gemeente en Rijksoverheid; • het gerelateerde programma Groen een looptijd heeft tot 2026; • er bij de gemeenteraad behoefte is om sneller bij te sturen op zowel de doelen als de maatregelen die beschreven staan in deze nota; • de gemeenteraad in de volgende raadsperiode 2026-2030 de kans wordt ontnomen om kader vast te stellen op het gebied van sport en bewegen door het nu al vastleggen van kaders tot 2030; besluit: • dat de Sport- en Beweegnota niet geldt tot 2030 maar tot 2027, door beslispunt 1 van het concept-raadsbesluit te wijzigen zodat het als volgt komt te luiden: De Sport- en Beweegnota Hilversum 2024-2027; 'Hilversummers een leven lang actief en vitaal' vast te stellen, met dien verstande dat in de onderliggende nota Sport en Beweegnota 2024-2030’ wordt vervangen door ‘Sport en

beweegnota 2024-2027’” (Amendement A 24-73 van D66 en de ChristenUnie) Hij vindt dat sneller een spoorboekje nodig is. Vitaliteit is meer dan bewegen, zodat D66 amendement A 24-85, ‘Sport als middel voor positieve gezondheid’, ondersteunt. Vrijwilligers zijn voor vitale verenigingen nodig, zodat meer aansluiting op het vrijwilligersbeleid nodig is. Daarom dient hij samen met het CDA motie M 24-71 in, teneinde de ambitie van functionerende organisaties kracht bij te zetten. Motie M 24-71 ‘Alle hens aan dek voor de sportvrijwilligers’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 15 mei 2024, behandelend de Sport- en Beweegnota Hilversum 2024–2030; constaterende dat: • vrijwilligers van Hilversum van onschatbare waarde zijn voor de stad omdat dankzij de inzet van vrijwilligers een breed scala aan maatschappelijke, culturele en sportactiviteiten mogelijk gemaakt wordt; • Hilversum een rijk (sport)verenigingsleven heeft dat afhankelijk is van deze vrijwilligers; • het vinden van voldoende vrijwilligers, die zich structureel willen inzetten, een groeiend knelpunt is* voor sportverenigingen; overwegende dat: • de aanpak in de Sport- en Beweegnota zich beperkt tot een loketfunctie en een clubkadercoach; • er in de ‘uitvoeringsagenda vrijwillige inzet 2024–2040’ ook nadrukkelijk wordt gesproken over het belang van sportverenigingen; • er extra inzet nodig is om

verenigingen in staat te stellen voldoende vrijwilligers aan zich te blijven binden;

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

24

•

hier kansen liggen voor het betrekken van vrijwilligers voor sport door de in de uitvoeringsagenda genoemde activiteiten te koppelen met andere domeinen zoals zorg en cultuur; • een digitaal platform met vraag en aanbod hier nadrukkelijk kansen biedt, ook voor mogelijke samenwerking tussen verenigingen op specifieke rollen; roept het college op om: • bij de uitwerking van de ‘uitvoeringsagenda vrijwillige inzet 2024–2040’ de verbinding te zoeken met de ambities zoals geformuleerd in de uitvoering van de sport- en beweegnota; • bij het uitwerken van een digitaal platform voor sport ook de verbinding te leggen met de ambities zoals geformuleerd in de uitvoeringsagenda vrijwillige inzet 2024-2040; • de raad via de reguliere voortgangsrapportages nader te informeren; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 24-71 van D66 en het CDA) *

Dit blijkt uit de in 2023 gehouden verenigingsmonitor.

Hij vindt dat een digitaal platform niet het wiel opnieuw moet uitvinden en moet kijken naar wat er al is. De koppeling met wat er in andere domeinen gebeurt moet concreter, zodat D66 motie M 24-75, ‘Digitaal sport- en beweegplatform goed van start’ ondersteunt. Hij ziet kansen voor een mooie wielerronde in Hilversum, die recht doet aan de rijke wielertraditie van de mooie stad, met een koppeling tussen sport en breedtesport. Daarom dient hij mede namens het CDA en de SP motie M 24-72 in, die in overleg met GWC De Adelaar is opgesteld. Motie M 24-72 ‘Nieuwe ronde nieuwe kansen voor de wielersport?’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 15 mei 2024, behandelend de Sport- en Beweegnota Hilversum 2024–2030; constaterende dat: • Hilversum een rijke historie heeft op het gebied van de wielersport, zoals ook is gebleken uit de film Hilversum in zwart-wit; • de wielerronde van Hilversum, die voor het eerst georganiseerd is in 1927 en voor het laatst in 2017, hier een belangrijk onderdeel van was; • GWC de Adelaar uit Hilversum sindsdien incidenteel de ronde van Kortenhoef organiseert; • het steeds lastiger blijkt voor organisatoren om wielerrondes te organiseren1, overwegende dat: • Hilversum een echte fietsstad is; • een wielerronde een goede manier is om fietsen voor diverse doelgroepen te stimuleren en het sportklimaat van Hilversum te vergroten; • de link

met Hilversum mediastad ook kansen biedt voor bijvoorbeeld het NK voor journalisten of de Media World Cup; • sportevenementen stimuleren tot bewegen en vergroten het sportklimaat (actiepunt #4); • er extra financiën zijn opgenomen bij de voorjaarsnota voor het organiseren van evenementen, roept het college op om: • in overleg te gaan met WTC de Adelaar om te onderzoeken of er weer een Ronde van Hilversum georganiseerd kan worden en welke ondersteuning vanuit de gemeente hiervoor nodig is; • hierbij aan te sturen op een evenement dat bij voorkeur is gericht op zowel wielersport als de breedtesport en inclusief is door ruimte te bieden voor deelnemers van alle leeftijden en op verschillende type fietsen; • de raad hierover te informeren voor de begrotingsbehandeling in november 2024; en gaat over tot de orde van de dag. Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

25

(Motie M 24-72 van D66, de SP en het CDA) 1

Het ’Rondje om de kerk’ wordt steeds lastiger om te organiseren; steeds meer wielerkoersen verdwijnen | Noordhollands Dagblad

De heer HEXSPOOR ziet een aantal mooie componenten in de nota terug, zoals buurtsportcoaches en aanpassingen in de openbare ruimte. Bij sport gaat het niet alleen om training, maar ook hoe men alles opstelt. Voor GroenLinks is de opstelling tegenover gezondheid heel belangrijk. Dat komt ook terug in amendement A 24-85. Amendement A 24-85 ‘Sport als middel voor positieve gezondheid’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 15 mei 2024, behandelend agendapunt Sport en Beweegnota 2024-2030; constaterende dat: • er grote uitdagingen zijn op het gebied van volksgezondheid en zorg; • sport en bewegen een grote invloed hebben op de Positieve Gezondheid van inwoners; • het hanteren van de uitgangspunten van Positieve Gezondheid bij het inzetten van sport als middel duidelijk naar voren komt uit de participatieopbrengst; • de visie 'Wij zijn Hilversum' onderschrijft dat passende en succesvolle ondersteuning belangrijk is door de verbinding tussen de drie pijlers: preventie, welzijn en zorg/ondersteuning; • positieve gezondheid momenteel alleen wordt genoemd bij het opzetten van effectief aanbod van valpreventie en de inzet van buurtsportcoaches bij fitheidstesten en beweegadvies voor inwoners, overwegende dat: • het bevorderen van positieve gezondheid door sport en bewegen bijdraagt aan preventieve gezondheidszorg.

Dit kan op lange termijn de druk op de zorgsector verminderen door het voorkomen van gezondheidsproblemen zoals chronische ziekten en mentale aandoeningen; • het concept positieve gezondheid breder en explicieter dient te worden geïntegreerd in de Sport- en Beweegnota om optimaal bij te dragen aan de gezondheid en welzijn van alle inwoners van Hilversum; • het belang van sporten voor volksgezondheid duidelijk in de Sport- en Beweegnota wordt erkend, maar de expliciete verbinding met de zorg- en welzijnssector mist; • de verbinding tussen de sport- en beweegsector en de zorg- en welzijnssector van groot belang is en expliciet genoemd moet worden in de nota; besluit: het beslispunt van het concept-raadsbesluit te wijzigen zodat deze als volgt komt te luiden: De Sport- en Beweegnota Hilversum 2024-2030 ‘Hilversummers een leven lang actief en vitaal’ gewijzigd vast te stellen, waarbij op pagina 18 in de nota de volgende tekst: ‘Sporten draagt bij aan het tegengaan van eenzaamheid en kansenongelijkheid, en het bevorderen van de fysieke en mentale gezondheid. Dit doen we niet alleen, maar samen met onze partners in het veld, sportverenigingen, inwoners en in samenwerking met andere beleidsterreinen.’ wordt gewijzigd in: ‘Sporten draagt bij aan het tegengaan van eenzaamheid en kansenongelijkheid, en het bevorderen van de fysieke en mentale gezondheid.

Dit doen we niet alleen, maar samen met onze partners in het veld, sportverenigingen, inwoners en in samenwerking met andere beleidsterreinen, zoals met partners in het sociaal domein, huisartsen, (para)medici.’ en de volgende tekst bij focuspunt 10 op pagina 39: ‘10. Inzet van sport als middel en samenwerking van verschillende domeinen Ouders, trainers, buurtsportcoaches en (vak)leerkrachten zijn samen nodig om de jeugd aan het sporten en bewegen te krijgen én te houden. Ook voor andere doelgroepen geldt dat een effectieve Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

26

samenwerking tussen disciplines nodig is om beleidsdoelen zoals het tegengaan van eenzaamheid, het verminderen van valongelukken en verbeteren van de (mentale) gezondheid te behalen.’ wordt gewijzigd in: ‘10 Inzet van sport als middel voor positieve gezondheid en samenwerking van verschillende domeinen Ouders, trainers, buurtsportcoaches en (vak)leerkrachten zijn samen nodig om de jeugd aan het sporten en bewegen te krijgen én te houden. Ook voor andere doelgroepen geldt dat een effectieve samenwerking tussen disciplines nodig is om beleidsdoelen zoals het tegengaan van eenzaamheid, het verminderen van valongelukken en verbeteren van de (mentale) gezondheid te behalen. Het streven naar positieve gezondheid voor onze inwoners betreft een gezamenlijke opgave van heel Hilversum en vraagt om een bundeling van krachten van alle betrokken spelers binnen en buiten de sport- en beweegsector. De sport- en beweegsector is een belangrijke partner als het gaat om vraagstukken over ruimtelijke ordening, zorg, welzijn, sociaal domein en gezondheid.’” (Amendement A 24-85 van GroenLinks, , PvdA, D66 en Democraten Hilversum) 1,4 miljoen mensen lopen risico om diabetes te krijgen, zodat er behoorlijk werk te verrichten is. De koppeling tussen preventie, zorg en welzijn is dus van essentieel belang, wat ook is erkend in de visie ‘Wij zijn Hilversum’.

Dat mist hij echter nog in de voorliggende nota. Men zou dus het sociaal domein en huisartsen moeten betrekken. De heer NANNINGA heeft niets tegen het streven naar integraliteit in beleid, maar mist vraagstukken die niet in het amendement zijn genoemd. Hij vraagt wat er volgens GroenLinks concreet moet veranderen. De heer HEXSPOOR meent dat vooral de betrokkenheid van de sportsector bij gezondheidsvraagstukken moet veranderen. Als men diabetes wil aanpakken en voorkomen, dan zijn beweegprogramma’s nodig. De sportsector kan daarbij een belangrijke rol spelen, maar die moet dan wel goed in contact staan met de zorgsector en het sociaal domein. De heer NANNINGA vraagt of dat niet al gebeurt. Volgens de heer HEXPOOR gebeurt dat misschien al in bepaalde mate, maar hij mist dat expliciet in de voorliggende nota. Gezien het belang ervan wil hij dat aspect specifiek laten benoemen. De visie ‘Wij zijn Hilversum’ stelde vast dat er ongelijk wordt geïnvesteerd om gelijke kansen te creëren. De nota vermeldt dat er bepaalde wijken niet in positieve zin uitspringen, zodat er mogelijk meer daarop kan worden ingezet. Daarover gaat motie M 24-86, die GroenLinks samen met D66, de PvdA, Democraten Hilversum en Hart voor Hilversum indient.

Amendement A 24-86 ‘Gerichte inzet van sport- en beweegbeleid op wijken’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 15 mei 2024, behandelend agendapunt Sport en Beweegnota 2024-2030; constaterende dat: • de gemeente Hilversum met de Sport- en Beweegnota 2024 - 2030 inzet op het verbeteren van sport- en beweegfaciliteiten voor alle inwoners; • er significante verschillen bestaan tussen de wijken in Hilversum wat betreft sportdeelname, overgewicht, ervaren gezondheid en eenzaamheid, zoals blijkt uit de Kerncijfers Gezondheidsmonitor Volwassenen en Ouderen 2020 (GGD’s/CBS/RIVM); • de vastgestelde visie Wij Zijn Hilversum op pagina 8 een eigen aanpak voor elke wijk onderschrijft, waarbij we ongelijk investeren voor gelijke kansen; overwegende dat: • uit de gezondheidsmonitor blijkt dat de wijken Zuidwest, Oost en Noordoost er veel gezondheidswinst valt te halen; • het sportbeleid mogelijkheden biedt om keuzes te maken voor de wijken waar dat extra nodig is, zoals bij de inzet van buurtsportcoaches, het creëren van sportaanbod, het

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

27

•

aanpassen van speelpleinen, het aanpassen van schoolpleinen om speelmogelijkheden te vergroten, het installeren van watertappunten en het creëren van buitensportfaciliteiten; dit niet expliciet vermeld staat in de uitgangspunten of ergens anders in de Sport- en Beweegnota;

besluit: het beslispunt van het concept-raadsbesluit te wijzigen zodat deze als volgt komt te luiden: De Sport- en Beweegnota Hilversum 2024-2030 ‘Hilversummers een leven lang actief en vitaal’ gewijzigd vast te stellen, waarbij op pagina 18 in de nota de volgende tekst: ‘Als laatste zetten we in op de waarde van sport voor de maatschappij. Dit uit zich in: energie, plezier en zingeving in het dagelijks leven door en van de sport zelf. Sporten draagt bij aan het tegengaan van eenzaamheid en kansenongelijkheid, en het bevorderen van de fysieke en mentale gezondheid. Dit doen we niet alleen, maar samen met onze partners in het veld, sportverenigingen, inwoners en in samenwerking met andere beleidsterreinen. De looptijd tot 2030 geeft de mogelijkheid concreet te zijn en tegelijkertijd verder vooruit te kijken. Dit geeft richting en duidelijkheid aan iedereen die betrokken is en actief is in het veld van sport en bewegen.’ wordt gewijzigd in: ‘Als laatste zetten we in op de waarde van sport voor de maatschappij. Dit uit zich in: energie, plezier en zingeving in het dagelijks leven door en van de sport zelf. Sporten draagt bij aan het tegengaan van eenzaamheid en kansenongelijkheid, en het bevorderen van de fysieke en mentale gezondheid. Daarbij investeren we ongelijk voor gelijke kansen en zetten we extra in op de wijken waar onze inzet om dit te bereiken het meest nodig is.

Dit doen we niet alleen, maar samen met onze partners in het veld, sportverenigingen, inwoners en in samenwerking met andere beleidsterreinen. De looptijd tot 2030 geeft de mogelijkheid concreet te zijn en tegelijkertijd verder vooruit te kijken. Dit geeft richting en duidelijkheid aan iedereen die betrokken is en actief is in het veld van sport en bewegen.’” (Amendement A 24-86 van GroenLinks, de PvdA Democraten Hilversum en D66) Hij staat positief tegenover motie M 24-71 van D66 en het CDA, ‘Alle hens aan dek voor de sportvrijwilligers’, Tegen motie M 24-72 van D66, de SP en het CDA, ‘Nieuwe ronde nieuwe kansen voor de wielersport?’ staat hij sympathiek. Het hoeft niet per se een wielerronde te zijn, zelf houdt hij bijvoorbeeld van jiu jitsu. In reactie op amendement A 24-73 van D66 en de ChristenUnie, ‘Sneller bijsturen op sport en bewegen’, is hij blij met het spoorboekje van de wethouder, waarmee het beleid op de voet te volgen, te evalueren en aan te scherpen is. Dat amendement lijkt hem daarom overbodig. Motie M 24-75 van de VVD en D66, ‘Goed van start met digitaal sport- en beweegplatform’, vindt hij net iets te uitvoerend. Ook komt er nog een raadsinformatiebrief in het vierde kwartaal, waarmee het onderwerp nog naar de raad is toe te halen. De motie vindt hij overbodig. Motie M 24-76 van de VVD en D66, ‘Resultaten beleid meetbaar maken’, steunt hij van harte.

Met betrekking tot amendement A 24-83 van Hart voor Hilversum, ‘Aandacht voor sportclubs en verenigingen in de wijk en buurtcentra’, vraagt hij of de buurtsportcoaches daarbij een ondersteunende rol kunnen spelen en wacht hij de reactie van de wethouder daarop af. De heer STREUTKER dient geen amendement in, maar verwijst naar de moties M 24-71, ‘Alle hens aan dek voor de sportvrijwilligers’, en M 24-72, ‘Nieuwe ronde nieuwe kansen voor de wielersport’, die het CDA mede heeft ingediend. Zes jaar geleden heeft raadslid Van Voorden gepleit voor het halen van de Vuelta naar Hilversum, maar een Hilversumse wielerronde kan daarvoor een mooi alternatief zijn. Ook het CDA vindt dat de nota best beter meetbaar en SMART kan zijn, maar het ziet daarin ook heel veel goede punten. Het belang van de buurtsportcoaches en de aandacht voor verenigingen is duidelijk. Hij houdt een pleidooi om zoveel mogelijk mensen lid van een sportvereniging te laten worden.

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

28

Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) ziet de voorstellen ter toevoeging aan en verbetering van de nota als positief. Er staan ook dingen niet in, maar van belang is om juist de verbinding te leggen tussen bewegen en gezondheid, een van de uitgangspunten van de nota. Het gaat om sport als middel en doel. Bij sport als doel gaat het vooral om verenigingen. Vooral buurtsportcoaches verwijzen door naar verenigingen en zij hebben daarin een belangrijke rol. Zij helpen mensen op maat om in beweging te komen en te blijven. Het gaat met name om kinderen, omdat hoe eerder men begint gezond te leven en te bewegen, hoe langer dat blijft doorwerken. Leden van verenigingen blijven ook langer in beweging. Alle op- en aanmerkingen heeft zij gehoord. Naar aanleiding van amendement A 24-83 van Hart voor Hilversum, ‘Aandacht voor sportclubs en verenigingen in de wijk- en buurtcentra’, beschikt de gemeente op de maat van wijken en buurten over programma’s. Er zijn leefstijlloketten in Lopes Dias en andere buurthuizen. In buurthuizen en door buurtsportcoaches worden fitheidstesten aangeboden. Er kan echter nog meer en daarop wil het college ook inzetten, wat overigens in de nota staat. Hart voor Hilversum wil iets doen voor kleinere en informele clubjes die in buurthuizen bijeen komen.

Zij adviseert positief op het amendement, maar benadert dat op een bepaalde manier, zodat dat behapbaar is voor de ambtelijke organisatie. Het college zal buurthuizen en wijkregisseurs benaderen en hen vragen om input. Daarnaast is het van belang op het digitaal platform een pagina in te richten, waarop met name informatie over de kleinere clubs en organisaties wordt gedeeld. Uit de bijdrage van de SP kon zij niet zoveel concreets halen, maar zij begreep dat die fractie weinig houvast had. Zij hoopt daarom dat het spoorboekje daarover meer duidelijkheid heeft gegeven, omdat dat informatie biedt over op welke momenten overlegd met verenigingen kan worden, informatie gedeeld kan worden en indien nodig beleid kan worden bijgesteld en nieuwe impulsen kunnen worden gegeven. Mevrouw VERWEIJ vraagt of de wethouder, zoals haar beloofd in de commissievergadering, in het vierde kwartaal van 2025 met een evaluatie van het sportbeleid zal komen in plaats van het eerste kwartaal van 2026. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) zegt dat toe. Ook zij herinnert zich het indringende verhaal van de heer Scherder, die aangaf dat sprake is van een crisis, doordat veel mensen te veel zitten en ongezond leven. Ook zij vindt dat het niet snel genoeg gaat, zodat zij zich de vraag van de VVD over meten kan voorstellen.

Motie M 24-76 van de VVD en D66, ‘Sport- en beweegnota, resultaten beleid meetbaar maken’, kan zij omarmen. Het college kan snel aangeven wat en hoe het wil meten en wanneer informatie daaruit te delen is, hetgeen zij ook toezegt. De heer DEEN vraagt waarom de nota nu nog niet vermeldt wat en hoe de gemeente wil meten. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) weet dat in het spoorboekje staat vorderingen te maken. De nota vermeldt ook samenhang tussen onderdelen van beleid. Sowieso is het heel moeilijk om met goede cijfers te komen, waaraan men ook wat heeft. In het DIN zijn al criteria opgenomen, waar er nog twee bij komen. De heer WESTERNENG vraagt of het gaat om twee nieuwe criteria, die de raad nog niet eerder heeft aangeboden gekregen. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) gaat het om het meten van welk aantal 18+’ers lid van een vereniging is en welk aantal 18+’ers in beweging is gekomen. Zij laat de precieze toe te voegen twee criteria nog aan de raad weten. Een digitaal platform betreft uitvoering en dat wil zij ook zo laten. Met zo’n platform komt men in een aanbestedingsprocedure terecht, met allerlei juridische mitsen en maren. Men kan niet zomaar alles duiden. Het programma van eisen wordt samen met gebruikers opgesteld en dat is de basis om verder te gaan. Het college deelt met de raad de keuze van de aanbestedingsvorm.

Als het een openbare aanbesteding wordt heeft de raad sowieso inzage in het programma van eisen. Mevrouw REDMEIJER vraagt of het digitaal platform alleen bedoeld is voor clubs of ook voor inwoners en hoe inwoners daarbij zullen worden betrokken. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) heeft de bedoeling gebruikers bij het programma van eisen te betrekken. In ieder geval zijn dat scholen, verenigingen, maatschappelijke partners, buurtsportcoaches, de Adviesraad Sociaal Domein en een vertegenwoordiger van de gehandicaptenraad. Het gaat om allen die Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

29

gebruik maken van een digitaal platform en die daarover iets kunnen zeggen. Op het borgen van inwoners bij een digitaal platform komt zij bij de raad terug. Mevrouw VERWEIJ vraagt waarom een digitaal platform moet worden aanbesteed, omdat het om algemeen belang en maatschappelijk nut gaat. Dat kan volgens haar ook bij de professionals worden gelaten, zodat zij wil weten of het ook een optie is om het digitaal platform niet aan te besteden en om dat op een andere manier te doen. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) besteedt het digitaal platform aan, omdat het is aangeraden om te komen tot een objectieve afweging op basis van objectieve gegevens. Mevrouw VERWEIJ nodigt de wethouder uit om wat vrijer te denken en gebruik te maken van de mogelijkheden die er zijn. De heer WESTERNENG meent dat gebruikers van een digitaal platform vooral inwoners zijn en is vanwege de nog bestaande onduidelijkheid geïnteresseerd in het eisenpakket. Als dat door de aanbesteding niet met de raad te delen is kan dat volgens hem via het geheime kastje wel. Hij wil namelijk heel graag beter snappen wat dat platform gaat doen. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) heeft die oproep gehoord en wil dat graag onderzoeken. De indieners zouden motie M 24-75, ‘Digitaal sport- en beweegplatform goed van start’ kunnen aanhouden.

De heer WESTERNENG doet dat niet, omdat het spoorboekje vermeldt dat de raad in het vierde kwartaal over het digitaal platform wordt geïnformeerd, maar hij wil daarvoor al weten welk soort platform het gaat worden door naar het pakket van eisen te kijken. De heer DEEN roept op om voor het digitaal platform aan te sluiten bij al lopende initiatieven, zoals een platform voor verenigingen en Hilversummers.nl, en niet het wiel opnieuw uit te vinden. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) wil met het digitaal platform een boost geven aan de met elkaar opgepakte opdracht om tot 60% bewegende Hilversummers in 2030 te komen. Zij heeft ook naar andere gemeenten gekeken, die beschikken over uitnodigende platforms. De koppeling met gezondheid heeft zij in de nota verwoord. Amendement A 24-85 van GroenLinks, de PvdA, D66 en Democraten Hilversum, ‘Sport als middel voor positieve gezondheid’ wil zij in de nota opnemen. Hetzelfde geldt voor amendement A 24-86 van GroenLinks, de PvdA, Democraten Hilversum en D66, ‘Gerichte inzet van sport- en beweegbeleid op wijken.’ Mevrouw REDMEIJER vraagt wanneer het college amendement A 23-83 van Hart voor Hilversum, ‘Aandacht voor sportclubs en verenigingen in de wijk- en buurtcentra’, zal uitvoeren. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) stuurt daarover een bericht naar de raad als zij daarover heeft overlegd met de ambtelijke organisatie.

Mevrouw KALK is blij dat de wethouder amendementen A 24-85 en A 24-86 een warm hart toedraagt, met name als het gaat om ongelijk investeren in zwakke groepen, die zij arme mensen noemt. Zij weet dat in arme groepen minder wordt gesport en dat armen minder lid zijn van verenigingen. Daarvoor is er een minimaregeling, zodat zij lid kunnen worden van een sportvereniging. Sportkleding wordt daardoor nog niet vergoed en zij wil weten of de wethouder daarnaar ook wil kijken. Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) heeft die suggestie ook met sportverenigingen besproken. Zij lenen ook kleding en schoenen uit, waarvan mensen gebruik kunnen maken. Dat vindt zij een mooie gedachte. Mevrouw KALK vindt dat ook een mooie gedachte en wil zich daarbij dan ook focussen op sportverenigingen die dat nog moeten leren. Stemverklaringen De heer STREUTKER hoorde een positief collegeadvies over motie M 24-72 van D66, de SP en het CDA, ‘Nieuwe ronde, nieuwe kansen voor de wielersport?’ Het CDA gaat vanwege de gegeven uitleg over het spoorboekje niet mee met amendement A 24-73 van D66 en de ChristenUnie, ‘Sneller bijsturen op sport en bewegen’. Ook gaat het CDA niet mee in motie M 24-75 van de VVD en D66, ‘Goed van start met digitaal sport- en beweegplatform’, omdat het uitvoering betreft, wat tot het college behoort.

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

30

Mevrouw VAN HUNNIK (wethouder) adviseert negatief op amendement A 24-73 van D66 en de ChristenUnie, ‘Sneller bijsturen op sport en bewegen’, over een kortere termijn dan zes jaar. Dat werkt volgens haar niet, omdat continuïteit van beleid nodig is. Er is zes jaar nodig om effectief te kunnen zijn. De opgenomen kaders hebben ook tijd nodig om een vervolg te krijgen. Over motie M 24-72 van D66, de SP en het CDA, ‘Nieuwe ronde, nieuwe kansen voor de wielersport?’, is zij wel positief. Het gevraagde onderzoek zal zij doen en de uitslag zal op korte termijn naar de raad toekomen. Mevrouw DURLACHER vindt sport en bewegen een keuze en stelt dat de nota te veel bemoeienis en regelzucht bevat. Wat betreft de amendementen en moties beveelt zij aan de minimaregeling goed bekend onder de doelgroep te maken. Er is al een digitaal platform, bijvoorbeeld Hilversummers.nl. Wellicht zit er ten behoeve van een evenement nog geld in de pot voor de viering van 600 jaar Hilversum. De heer DEEN is van mening toch sneller te moeten bijsturen op sport en bewegen. Als amendement A 24-73 het niet haalt zal D66 tegen de nota stemmen. Mevrouw VERWEIJ vraagt of is toegezegd het sportbeleid in het eerste kwartaal van 2026 te evalueren. De VOORZITTER hoorde dat een evaluatie in het vierde kwartaal van 2025 is toegezegd.

Amendement A 24-73 van D66 en de ChristenUnie ‘Sneller bijsturen op sport en bewegen’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 17 tegen 20 stemmen verworpen, met de stemmen van D66, Democraten Hilversum, de PvdA, de SP en de ChristenUnie voor. Amendement A 24-83 van Hart voor Hilversum ‘Aandacht voor sportclubs en verenigingen in de wijk en buurtcentra’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 36 stemmen voor en 1 stem tegen aangenomen, met de stem van BVNL tegen. Amendement A 24-85 van GroenLinks, de PvdA, D66 en Democraten Hilversum, ‘Sport als middel voor positieve gezondheid’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 36 stemmen voor en 1 stem tegen aangenomen, met de stem van BVNL tegen. Amendement A 24-86 van GroenLinks, de PvdA, Democraten Hilversum en D66’, ‘Gerichte inzet van sport- en beweegbeleid op wijken’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 31 tegen 6 stemmen aangenomen, met de stemmen van BVNL en de VVD tegen. Motie M 24-71 van D66 en het CDA, ‘Alle hens aan dek voor de sportvrijwilligers’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 36 stemmen voor en 1 stem tegen aangenomen, met de stem van BVNL tegen.

Motie M 24-72 van D66, de SP en het CDA, ‘Alle kansen voor de wielersport’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 33 tegen 4 stemmen aangenomen, met de stemmen van BVNL, de ChristenUnie en de PvdA tegen. Motie M 24-75 van de VVD en D66, ‘Goed van start met digitaal sport- en beweegplatform’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 28 tegen 9 stemmen aangenomen, met de stemmen van GroenLinks, het CDA en BVNL tegen.

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

31

Motie M 24-76 van de VVD en D66, ‘Sport- en beweegnota, resultaten beleid meetbaar maken’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 36 stemmen voor en 1 stem tegen aangenomen, met de stem van BVNL tegen. Het geamendeerde voorstel van burgemeester en wethouders wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 29 tegen 8 stemmen aangenomen, met de stemmen van D66 en BVNL tegen. De VOORZITTER schorst de vergadering om 22.30 uur. Schorsing. De VOORZITTER heropent de vergadering om 22.35 uur. 17.

ZIENSWIJZE PMD

De VOORZITTER geeft aan dat de afweging voorligt of de huidige inzamelvorm van bronscheiding door inwoners wordt doorgezet of wordt overgestapt naar een systeem van nascheiding. Het college stelt als voorkeur voor om het overstappen op nascheiden aan de regio als zienswijze mee te geven. De commissie adviseerde in meerderheid om het voorstel met debat te behandelen en er zijn verschillende moties en amendementen aangekondigd. De heer FENNEMA deelt mee dat de Hilversumse VVD al langer vindt dat de gemeente moet stoppen met het gescheiden inzamelen van PMD. Dat wil niet zeggen dat de fractie tegen afvalscheiding is, ook niet als het door inwoners wordt gedaan. Glas, GFT, oud papier en karton, klein chemisch afval en kleding zijn namelijk succesvolle afvalstromen met een goed rendement, die overigens nog altijd wel beter kunnen. PMD is echter een complexe stroom. Plastic is een verzamelnaam voor honderden soorten stoffen. De industrie kan dit afval beter dan inwoners scheiden. De scheidingsbereidheid is sinds de invoering van PMD fors gezakt, zodat nascheiding het weer makkelijker maakt om het goed te doen. Wat men doet heeft ook echt zin en een afvalbak minder in de tuin en keuken is ook heel erg prettig. Dat argument is voor hem niet doorslaggevend, maar denkend vanuit de inwoner is dat wel relevant.

Vanwege het aflopen van de contracten voor PMD en restafval is het nu ook het juiste moment om over te schakelen. Het besluit om met voorscheiding van PMD te stoppen wordt ook pas in de zomer van 2026 doorgevoerd. De meerkosten van nascheiding van € 3,- per inwoner per jaar vindt de VVD te overzien. Het kan wellicht nog goedkoper, bijvoorbeeld door hergebruik van de PMD-afvalbakken, zoals hij in de commissievergadering heeft aangegeven. Omdat de industrie volop innoveert vermoedt hij ook dat de nascheidingskosten zullen dalen. Met die argumenten steunt hij de mening van het college om te stoppen met voorscheiding en over te stappen op nascheiding. Hij geeft aan het slot van zijn betoog het destijds van de gemeente bij invoering van de oranje afvalbak ontvangen kleine PMD-containertje aan de wethouder terug. Mevrouw JANSSON vindt het kostenverschil tussen na- en bronscheiding gering en niet de doorslaggevende factor bij het maken van een keuze vanavond. Duurzaamheid is wel een belangrijk aspect. Democraten Hilversum vindt recycling, reparatie en hergebruik belangrijk, evenals educatie en voorlichting daarover. Het verminderen van de afvalstroom ligt zeker bij de verpakkingsindustrie en het gedrag van de consument. Inwoners van appartementen en de binnenstad willen best hun GFT scheiden, maar kunnen dat met de huidige indeling van de verzamelcontainers niet.

Zij wil milieubewust gedrag graag steunen, zodat zij samen met de VVD motie M 24-88 indient om daarvoor aandacht te vragen.

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

32

Motie M 24-88 ‘Ruimte voor GFT’ “De gemeenteraad van Hilversum, in vergadering bijeen op woensdag 15 mei 2024, behandelend de zienswijze PMD; constaterende dat • overgaan op nascheiding ruimte biedt om binnenstedelijk het gescheiden inzamelen van GFT te verbeteren; • het aan de bron scheiden van GFT mogelijkheden biedt voor droger en schoner restafval; • inwoners die gebruik maken van ondergrondse containers GFT wel willen scheiden, maar op dit moment de mogelijkheid niet hebben; • in gebieden waar geen kliko’s zijn met het verdwijnen van het PMD-deel in de ondergrondse container, ruimte ontstaat voor een gescheiden inzameling van GFT; overwegende dat: • scheiden van GFT de hoeveelheid restafval doet verminderen; • scheiden van GFT een positieve bijdrage levert aan duurzaamheid en milieu; verzoekt het college: te (laten) onderzoeken of in gebieden met ondergrondse containers, mogelijkheden zijn voor gescheiden GFT-inzameling; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 24-88 van Democraten Hilversum) Bij de aanpassing na nascheiding ontstaat bij de verzamelcontainers ruimte voor het scheiden van GFT. Eindelijk kan de vierde kliko dan uit de achtertuin weg, wat veel Hilversummers een plezier zal doen. Dat kan voor bezitters van een kleine tuin een groot verschil maken.

De heer VONK stelt dat die PMD-containers zullen moeten worden gevuld met restafval, omdat er niet ineens minder afval zal ontstaan. Mevrouw JANSSON denkt dat er juist wel minder afval zal ontstaan als mensen zuiniger zijn met de manier van omgang met hun afval door meer recycling en het toepassen van een circulaire economie. De heer VONK is van mening dat nascheiding zal betekenen dat mensen juist minder zorgvuldig met het milieu zullen omgaan. Mevrouw JANSSON is positief over de verwachting van meer technologische ontwikkeling op het vlak van nascheiding. Recycledeskundige Peter Rem van TU Delft zegt daarover dat de consument niet goed kan recyclen en dat afhangt van emotie. Hij ziet nascheiding daarom als een uitkomst, omdat een machine voorspelbaar is. Voorlichting blijft heel belangrijk. De hoeveelheid te produceren afval moet omlaag en nascheiding is voor Democraten Hilversum op dit moment de keuze in de afweging van duurzaamheid, kosten en dienstverlening. Mevrouw DURLACHER steunt de gedachte van mevrouw Jansson, maar volgens haar is die wens al in gang gezet, omdat mensen al beschikken over een grote GFT-container. Mevrouw JANSSON vindt dat goed om te horen, maar weet dat er vooral binnenstedelijk locaties zijn waar mensen hun afval echt niet gescheiden kwijt kunnen, vandaar haar verzoek.

Mevrouw KALK heeft lang over het beantwoorden van de vraag over voor- of nascheiding gedaan, omdat het antwoord ingewikkeld is. Dat heeft ook te maken met de wijze waarop de vraag aan gemeenteraden wordt voorgelegd, zonder duidelijk advies vanuit het regiobestuur of de wethouder en zonder duidelijke en heldere financiële onderbouwing. Dat leidt ertoe dat de regio over het vraagstuk verdeeld is. Uiteindelijk is de PvdA voor nascheiding, omdat degenen die bereid zijn om hun afval te scheiden dat inmiddels al doen, omdat het heel moeilijk is om het afval zo te scheiden dat het schoon genoeg is voor de verwerker, omdat niet iedereen het afval kan scheiden, omdat men dat niet overal kan aanbieden, omdat de technologische ontwikkelingen meer op nascheiding zijn gericht en omdat de financiële voordelen inmiddels kleiner dan vier jaar terug zijn geworden. De echte oplossing ligt in Europa en Den Haag, bij de producenten en de fabrikanten in de verpakkingsindustrie. Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

33

De heer NANNINGA merkt op dat zowel voor- als nascheiding voor- en nadelen bevatten. De nascheidingstechnieken zijn niet zo geweldig, kosten veel energie en CO2-uitstoot en de benodigde ruimte op industrieterreinen is groot. Daarnaast is de kwaliteit van nagescheiden PMD minder dan van bronscheiding. Naast de geur is verkleuring van het PMD een nadeel ten opzichte van bronscheiding. Zoveel mogelijk scheiden aan de bron is al decennialang de consequente landelijke en regionale lijn. Het leidt tot de meest schone en zuivere stromen, waardoor de kwaliteit voor recycling beter is. Het is ook goedkoper, terwijl het ook zorgt voor meer bewustwording en betrokkenheid van inwoners, die hard nodig zijn om te zien wat men weggooit en daardoor bewuste keuzen te maken. Welk signaal geeft de gemeente af als zij tegen haar inwoners zegt alles maar in één container bij elkaar te gooien en de industrie het probleem wel oplost? Gemak is niet altijd beter, zodat hij het volgende amendement indient.

Amendement A24-68 “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 15 mei, behandelend ‘Zienswijze PMD’; overwegende dat: • nu overstappen op nascheiding van PMD volgens het recente onderzoek van KplusV leidt tot aantoonbaar hogere kosten voor onze inwoners; • veel inwoners inmiddels gewend zijn aan de PMD-container en graag een milieubewuste bijdrage leveren aan afvalscheiding; • de voor- en nadelen van bron- en nascheiding op het gebied van duurzaamheid vooralsnog onvoldoende inzichtelijk en nog volop in ontwikkeling zijn; • voor beide wijzen van inzamelen verbeteringen nodig zijn om afvalstromen te verminderen en recyclingmogelijkheden te verbeteren; • naast producenten ook consumenten, onze inwoners, een essentiële rol spelen in het verminderen van afval, door minder te consumeren, meer te repareren en te hergebruiken en beter afval te scheiden; • bronscheiding leidt tot een groter afvalbewustzijn en meer bereidheid tot afvalscheiding en milieubewustere keuzes; • een overstap naar nascheiding kan leiden tot een (nog) lagere scheidingsbereidheid voor de andere afvalstromen: GFT, glas, papier en karton en textiel; • een eenduidige richting van het rijksbeleid in de keuze voor bron- of nascheiding op korte termijn niet te verwachten is; • een consequent inzamelingsbeleid belangrijk is voor een efficiënte bedrijfsvoering van de afvalinzameling en duidelijkheid naar

burgers en bedrijven in onze regio en daaruit voortvloeiende scheidingsbereidheid; besluit: het beslispunt van het concept-raadsbesluit te wijzigen, zodat deze als volgt komt te luiden: De zienswijze inzake PMD vast te stellen en kenbaar te maken bij Regio Gooi en Vechtstreek, met dien verstande dat de zienswijze zodanig wordt aangepast, dat de voorkeur van gemeente Hilversum uitgaat naar bronscheiding en de zienswijze, tussen de inleiding en het slot, als volgt wordt geformuleerd: Voorkeur voor consequente scheiding aan de bron De kern van onze zienswijze is een voorkeur voor het continueren van scheiding aan de bron. Daartoe komen wij aan de hand van een integrale afweging op basis van de afvaldriehoek, zoals vastgesteld in de regionale grondstoffenvisie uit 2021, te weten: kosten, duurzaamheid en dienstverlening. Ook in 2021 hebben wij u een zienswijze over de wijze van PMD-inzameling gestuurd, ook toen in het voordeel van bronscheiding. Afweging

Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

34

-

Het kostenverschil is nu weliswaar kleiner dan drie jaar geleden, maar nog steeds zijn de structurele en eenmalige kosten voor het overstappen naar nascheiding op basis van het onderzoek van KplusV hoger dan het handhaven van de huidige manier van bronscheiding.

-

Nascheiding van PMD zal door een groot deel van onze inwoners waarschijnlijk als prettig worden ervaring. Het is makkelijker en het scheelt een minicontainer in de tuin. Een deel van onze inwoners is echter al aan de minicontainer voor PMD gewend en wil door het verminderen en scheiden van afval een positieve bijdrage leveren aan het milieu en aan duurzaamheid.

-

Wat betreft duurzaamheid is het verschil tussen bronscheiding en nascheiding klein, net als drie jaar geleden. In beiden vormen van inzameling en verwerking zijn nog verdere verbeteringen noodzakelijk om afvalstromen te verminderen en recyclingpercentages te verbeteren.

-

Veel duurzaamheidswinst op verpakkingsmateriaal is te behalen door een beter ontwerp door de producent, niet door een andere manier van inzamelen. Dit is in lijn met de door Hilversum in 2021 bij de ALV VNG ingediende motie ‘Stop met sturen aan de achterkant’, aangenomen met een 99% meerderheid. De motie roept het Rijk op om werk te maken van de uitbreiding van producentenverantwoordelijkheid, een geluid dat de VNG sindsdien structureel uitdraagt richting het Rijk.

-

Daarnaast levert de consument zelf voor een belangrijk deel bij aan de duurzaamheidswinst, door de keuzes die de consument maakt bij de aankoop van een product. Bij bronscheiding zijn inwoners zich meer bewust van hun afvalproductie wat leidt tot meer bereidheid tot afvalscheiding en milieubewuste keuzes. Een overgang naar nascheiding heeft daarentegen mogelijk als effect dat dit juist leidt tot minder milieubewuste keuzes en een lagere scheidingsbereidheid voor andere afvalstromen, zoals GFT, textiel, glas, papier en karton.

Alles overziend komen we tot de conclusie dat beide wijzen van afvalinzameling voor- en nadelen hebben, maar bronscheiding op dit moment leidt tot de laagste kosten en bijdraagt aan milieu- en scheidingsbewustzijn. We vinden een consistent beleid van onze afvalinzameling erg belangrijk voor een efficiënte bedrijfsvoering van de afvalinzameling en duidelijkheid naar burgers en bedrijven in onze regio en daaruit voortvloeiende scheidingsbereidheid. Daarom heeft het continueren van het huidige bronbeleid onze voorkeur.” (Amendement A 24-68 van de ChristenUnie) De oranje PMD-container wil hij behouden, die precies het formaat heeft waarnaar hij toe wil. De heer STREUTKER citeert het CDA-verkiezingsprogramma: “Hilversum moet minder restafval produceren en meer gaan scheiden. Het is de kunst voor de meest duurzame oplossing te kiezen, waarvoor het CDA Hilversum wil gaan.” In zijn fractie zijn er twee stromingen, waarbij enerzijds de economische en het gemaksargument herkend wordt, waarbij men zich realiseert dat niemand een afvalbak in de tuin leuk vindt en het scheiden best wel een hele opgave is. Anderzijds gaat het om minder restafval produceren en minder scheiden. De vraag is wat beter is. Nascheiding kost volgens het voorstel voor de regio eenmalig € 800.000,- en jaarlijks € 800.000,-.

In het voorstel mist hij de oproep voor bewustwording en duurzaam gedrag van inwoners, een streven naar minder restafval en betere kwaliteit. Als de input kwalitatief beter is, dan is de nascheiding ook beter. Qua duurzaamheid is het de kunst om minder restafval te produceren en steeds te kiezen voor de meest duurzame oplossing. Bij keuze voor nascheiding is het van belang oog te hebben voor heldere communicatie richting inwoners, bedrijven en organisaties, waarbij de focus ligt op aandringen op blijvend goed scheiden van glas, GFT, papier etc. En ook om bewustwording te kweken bij inwoners, ondernemers Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

35

en organisaties over het terugdringen van de hoeveelheid restafval. Alleen op die manier pakt men de echte winst. Hij roept de GAD op om met een goed communicatieplan te komen, zodat de eventuele overgang naar nascheiding zonder problemen verloopt en iedereen die overgang op een goede manier kan maken. Ook gaat het erom de stromen goed en grijs goed uit elkaar te krijgen. Er is dus zowel met voor- als nascheiding winst te behalen. Hij dient twee amendementen en een motie in. Amendement A24-81a ‘Bronscheiding waar het kan’ “De gemeenteraad van Hilversum in vergadering bijeen op 15 mei 2024, behandelend het onderwerp keuze wijze inzameling PMD; constaterende dat: • de zienswijze inzake PMD gericht is op een voorkeur voor overstappen op nascheiding; • de afwegingen bij het maken van deze keuze met name gericht zijn op gemak, verhoging van dienstverlening voor de inwoners en duurzaamheid; • de invoering van nascheiding leidt tot een verhoging van de kosten voor inwoners; overwegende dat: • het de kunst is om voor de meest duurzame oplossing te kiezen, waarbij het uitgangspunt is: minder restafval produceren en beter scheiden; • het gemak voor inwoners in de discussie over PMD inzameling de belangrijkste afweging lijkt te zijn geworden in plaats van kwaliteit van afval, duurzaamheid en kosten; • wij kiezen voor een gemeente die bewoners, ondernemers en organisaties met goed

voorbeeldgedrag en voorlichting bewust maakt van de noodzaak om de hoeveelheid restafval terug te dringen; • de lokale overheid moet bedrijven, organisaties en lokale initiatieven die zich bezighouden met circulaire economie, met elkaar verbinden; • wij kiezen voor een afvalbeleid, waarin hergebruik van materialen voorop staat; besluit: het beslispunt van het concept-raadsbesluit te wijzigen, zodat deze als volgt komt te luiden: De zienswijze inzake PMD vast te stellen en kenbaar te maken bij Regio Gooi en Vechtstreek, met dien verstande dat het volgende wordt toegevoegd aan de zienswijze: a) We verzoeken de regio om inzet te blijven tonen op het verhogen van de bewustwording bij bewoners, ondernemers en organisaties over het terugdringen van de hoeveelheid restafval en specifiek in te zetten op maximale kwaliteit bij bronscheiding van andere afvalstromen dan PMD, zoals: grofvuil, chemisch afval, textiel, fles en blik met statiegeld, glas, papier, groen en restafval.

b) We roepen het GAD op met een goed communicatieplan te komen, zodat een eventuele overgang zonder problemen kan plaatsvinden en inwoners goed zijn geïnformeerd over de consequenties en keuzemogelijkheden bij de omwisseling van kliko-bakken.” (Amendement A 24-81a van het CDA en GroenLinks) Amendement A24-81b ‘Nascheiding waar het moet’ “De gemeenteraad van Hilversum in vergadering bijeen op 15 mei 2024, behandelend het onderwerp keuze wijze inzameling PMD; constaterende dat: • de zienswijze inzake PMD gericht is op een voorkeur voor overstappen op nascheiding; • de afwegingen bij het maken van deze keuze met name gericht zijn op gemak, verhoging van dienstverlening voor de inwoners en duurzaamheid; • de invoering van nascheiding leidt tot een verhoging van de kosten voor inwoners; overwegende dat: • goede winst is te boeken bij het beter scheiden van plastic afval: Elke procent verbetering in afvalscheiding levert naar verwachting € 27.000,- op (huidige scheidingsbereidheid 64%); Verslag raadsvergadering 15 mei 2024

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=f6998cb8-e02a-4d34-8695-a681eb1d1440