Vastgesteld en getekend verslag raadsvergadering 8 maart 2023
Tekst van het document
Ook is Democraten Hilversum voorstander van motie M 23-27 over het over het actualiseren van de leegstandsverordening, die wat hem betreft in de gereedschapskist thuishoort. Democraten Hilversum is geen voorstander van een preferente behandeling van cruciale beroepen, omdat wat cruciaal is moeilijk is te definiëren. Vuilnisophalers, ICT’ers en loodgieters kunnen net zo cruciaal zijn als onderwijzers of agenten. Bovendien werkt het discriminatie op de woningmarkt en rechtsongelijkheid in de hand. De huisvestingsverordening richt zich volgens hem onvoldoende op de lokale woningbehoefte. De verruimde regels in de nieuwe Huisvestingswet kunnen en moeten naar zijn mening in de verordening
HI20230308
19
worden opgenomen. Daarom zal hij erop letten dat die wetgeving, zodra die er is, wordt verwerkt in de verordening. Waar nodig zal Democraten Hilversum daarover een amendement indienen. Verder vraagt hij zich af of de woningbouwopgave eerlijk verspreid wordt over de regiogemeenten en de lusten en lasten niet onevenredig bij Hilversum terechtkomen. Hij hoort graag van de wethouder hoe zij die vraag in regioverband aan de orde gaat stellen. De heer VONK kan heel goed leven met de voorstellen 2 en 5 van het college, dus ook particuliere huurwoningen mee laten tellen bij het overgangsrecht en voorrang geven aan cruciale beroepen. Hij ziet ook graag vijf woningen naar de vrijwillige brandweer gaan. Wat betreft cruciale beroepen is het triest regels te moeten invoeren om agenten, zorgmedewerkers en leerkrachten aan de gemeente te binden. Er zijn nog meer cruciale beroepen, maar men moet ergens beginnen, wat men in de gemeenten Amsterdam en Utrecht ook doet. Verder vindt de SP het moeilijk te verkroppen dat er gemeenten zijn die zich bemoeien met de inrichting van de woningvoorraad, maar weinig bijdragen aan deze voorraad. De SP vraagt keer op keer om het toevoegen van sociale huurwoningen en dat zou eigenlijk nu moeten gebeuren. Op amendement A 23-49 van BVNL om geen voorrang aan statushouders te geven is hij zeer tegen.
Schaarste is ontstaan door verkeerd beleid, maar statushouders hebben dezelfde rechten als ieder ander mens. Mevrouw DURLACHER heeft met belangstelling de huisvestingsverordening gelezen en zal een meerderheid van de ingediende amendementen steunen. Voorrang op woningen vanuit statushouders betekent langere wachttijden voor andere woningzoekers. Op de krappe woningmarkt is daar volgens haar geen plek voor. BVNL maakt zich met name zorgen om jongeren die een gezin willen stichten, maar dat moeten uitstellen, omdat ze noodgedwongen bij hun ouders thuis moeten blijven wonen. Geen huis hebben ontwricht niet alleen individuele levens, maar ook de samenleving als geheel. Tijdens een beeldvormende sessie werd een getal van 600 statushouders in de regio genoemd. Dat aantal werd vertaald in 220 regionale woningen voor hen. Dat zijn 90 woningen in Hilversum. En dat terwijl inwoners maar niet aan een starterswoning kunnen komen, de doorstroming volledig vastloopt en men het bij een scheiding moet hebben van een bankstel of logeerkamer bij vrienden of familie of in een daklozenopvang terecht komt. BVNL dient daarom een amendement voor een eerlijker verdeelsysteem van woningen in met het verzoek om de voorrangsregeling voor statushouders te schrappen en dat deze doelgroep net als iedere andere inwoner meedingt op de krappe woningmarkt.
Amendement A 23-49 ‘Geen voorrang statushouders’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 8 maart, behandelend agendapunt 12, Huisvestigingsverordening 2023; constaterende dat: woningtoewijzingen waarbij de woningzoekende een woning heeft toegewezen gekregen zonder dat deze in WoningNet is geadverteerd, directe bemiddeling wordt genoemd; de grootste groep die ‘direct bemiddeld’ wordt, bestaat uit statushouders, en zij worden gehuisvest door woningcorporaties, in overleg met de gemeente, vanuit de taakstelling zoals door het Rijk aan gemeenten wordt opgelegd; overwegende dat: deze voorrangsregeling niets oplost, maar juist een aanzuigende werking heeft op de migratie, met als resultaat overvolle AZC’s en een nog grotere woningnood; voorrang aan statushouders een nog langere wachttijd betekent voor andere woningzoekenden; besluit: beslispunt 1 van het concept-besluit te wijzigingen zodat deze als volgt komt te luiden:
HI20230308
20
1.
De zienswijze op de Nota bouwstenen Huisvestingsverordening Gooi en Vechtstreek vast te stellen, met daarin de volgende wijziging: De volgende tekst toe te voegen onder het kopje ‘voorgestelde aanpassingen’: Nieuw voorstel (wordt in de bouwstenennota dan voorstel 10) ‘In de aangeboden Nota Bouwstenen staat onder 4.1 ‘De wettelijk verplichte urgentie’ dat statushouders hier ook onder vallen. Wij zien echter niet dat deze voorrangsregeling iets oplost, maar juist een aanzuigende werking heeft op de migratie, met als resultaat overvolle AZC’s en een nog grotere woningnood. Ook betekent voorrang aan statushouders een nog langere wachttijd andere woningzoekenden. Daarom stellen wij voor om de voorrangsregeling voor statushouders te schrappen, en deze doelgroep dezelfde rechten te geven op een woning als elke andere inwoner op onze woningmarkt.’” (Amendement A 23-49 van BVNL) Mevrouw REDMEIJER herkent heel veel van wat mevrouw Durlacher zegt en constateert ook dat er heel veel Hilversummers zijn die al heel lang op een woning wachten en niet aan de beurt komen. Dat heeft volgens haar niets te maken met voorrang van statushouders, maar met het feit dat er velen voorrang hebben vanwege gemaakte afspraken. Het probleem van de statushouders kan de gemeente echter niet oplossen. Partijen met een landelijke vertegenwoordiging zouden dat in Den Haag moeten oplossen.
Omdat Hart voor Hilversum niet aan Haagse moties doet zal zij amendement A 23-49 niet steunen. Mevrouw DURLACHER ontkent dat het om een Haagse motie gaat, omdat gemeenten sinds 2017 zelf mogen bepalen of zij al dan niet een voorrangsregel toepassen. Mevrouw REDMEIJER vreest dat die opvatting niet helemaal correct is en adviseert mevrouw Durlacher de Tweede-Kamerstukken nog eens door te lezen. Vanmiddag heeft zij nog gecheckt dat in de wet- en regelgeving iets anders staat. Mevrouw KALK merkt op dat de huisvestingsverordening regelt wie in aanmerking kan komen voor een sociale huurwoning, wie voorrang heeft en wie niet. En juist als er sprake is van schaarste is het belangrijk dat die huisvestingsverordening dit op een eerlijke en een rechtvaardige wijze doet. De huisvestingsverordening heeft ook een directe relatie met de woonvisie. In die woonvisie is afgesproken wat de gemeente gaat bouwen en voor wie. Er zijn afspraken gemaakt over welke instrumenten de raad wil inzetten, over het starters een eerlijke kans op een betaalbare woning geven, over de aanpak van misstanden en over het voor zijn van excessen. En de lokale overheid kan die schaarste een beetje bestrijden, toewijzing rechtvaardig doen en alle reguleringsinstrumenten die er zijn en die in de woonvisie zijn genoemd ook daadwerkelijk gebruiken.
Met uitzondering van de urgente noden en spoedzoekers is een eerlijke en rechtvaardige toewijzing in haar ogen gediend met gelijke kansen. Het bevoordelen van bepaalde groepen beroepen vindt de PvdA hierbij niet gewenst en wat cruciaal is, is maar afhankelijk vanuit welk perspectief men dat bekijkt. Met alle verbijzonderingen, waarvan sommige noodzakelijk zijn, wordt het voor de mens die niet jong is en die niet tot het specifieke doelgroep hoort, wel erg moeilijk gemaakt. En daarvoor is de kernvoorraad van de sociale huurwoningen te klein en de nood te groot. In die bouwstenen zitten volgens haar best goede dingen, zoals inzetten op doorstroming. De vraag is of de bouwstenen een goede vertaling geven van de woonvisie of de zienswijze hierop scherp genoeg is. Dat vindt de PvdA niet voldoende en daarom steunt zij meerdere ingediende amendementen en daarom heeft zij ook een motie over een leegstandsverordening voorbereid, omdat het te zot voor woorden is dat er 7% leegstand is met deze woningnood. Haar eerste amendement is een aanscherping op te zienswijze met betrekking tot de instrumenten uit de woonvisie, dus een aanscherping op de uitvoering van de lokale afspraken. Amendement A 23-46 ‘Maximale inzet instrumenten uit de woonvisie’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 8 maart 2023, behandelend Huisvestingverordening 2023; HI20230308
21
constaterende dat: in de bouwstenen voor de regionale huisvestingsverordening er slechts enkele van de instrumenten die de gemeente Hilversum heeft benoemd in haar woonvisie, een plek hebben gekregen in de bouwstenennota; in de zienswijze van de gemeente Hilversum hier slechts beperkt aandacht is besteed; overwegende dat: door geen plek te geven aan alle instrumenten zoals benoemd in de woonvisie wij kansen laten liggen die kunnen bijdragen aan een rechtvaardige woonruimteverdeling; besluit: beslispunt 1 van het concept-besluit te wijzigingen zodat deze als volgt komt te luiden: 1. De zienswijze op de Nota bouwstenen huisvestingsverordening Gooi en Vechtstreek vast testellen, met daarin de volgende wijziging: De volgende tekst onder ‘Aanvulling huisvestingsverordening met lokale onderdelen’: ‘ Waar de huisvestingsverordening van de gemeente Hilversum in de afgelopen jaren uitsluitend uit het onderdeel woonruimteverdeling (i.c. het regionale stelsel voor de toewijzing van sociale huurwoningen van corporaties) bevatte, verwachten wij dat in de komende jaren één of meerdere lokale onderdelen aan de Huisvestingsverordening in Hilversum worden toegevoegd. Momenteel is het onderdeel opkoopbescherming in voorbereiding, dat vorm krijgt door middel van een vergunningplicht in de huisvestingsverordening.
Daarnaast zijn een huisvestingsvergunningplicht voor (middeldure) huurwoningen in privaat bezit en een huisvestingsvergunningplicht voor woonwagenstandplaatsen denkbaar als lokale aanvullingen op de huisvestingsverordening’ te wijzigen in: ‘Waar de huisvestingsverordening van de gemeente Hilversum in de afgelopen jaren uitsluitend uit het onderdeel woonruimteverdeling (i.c. het regionale stelsel voor de toewijzing van sociale huurwoningen van corporaties) bevatte, verwachten wij dat in de komende jaren meerdere lokale onderdelen en instrumenten aan de huisvestingsverordening in Hilversum worden toegevoegd. Deze instrumenten zijn in de Woonvisie 2021 gemeente Hilversum benoemd. Momenteel is het onderdeel opkoopbescherming in voorbereiding, dat vorm krijgt door middel van een vergunningplicht in de huisvestingsverordening. Daarnaast zijn een huisvestingsvergunningplicht voor (middeldure) huurwoningen in privaat bezit en een huisvestingsvergunningplicht voor woonwagenstandplaatsen denkbaar als lokale aanvullingen op de huisvestingsverordening’” (Amendement A 23-46 van de PvdA en Democraten Hilversum) Haar tweede amendement gaat over een eerlijke verdediging van de gespaarde punten als beide expartners uit een sociale woning vertrekken. Nu is het zo dat één van beide ex-partners 75% van de zoekwaarde krijgt, zonder dat bekend waarom dat zo is en op basis van waarvan.
Het is vandaag Internationale Vrouwendag en zij weet uit ervaring dat als vrouwen gelijke rechten niet aan de voorkant regelen, zij daar vaak de dupe van zijn, wat volgens haar niet de bedoeling kan zijn. Amendement A 23-45 ‘Wijziging technische aanpassingen bij bouwstenen HVV 2023’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 8 maart 2023, behandelend Huisvestingverordening 2023; constaterende dat: in bijlage 6 ‘wijziging technische aanpassingen bij bouwstenen HVV2023’ onder ‘behoud 75% zoekwaarde bij verbreken relatie’ onder a staat vermeld: ‘de ex-partner die de (sociale huur) woning leeg oplevert komt in aanmerking voor 75% zoekwaarde. Bij gelijktijdig vertrek wordt dit slechts aan 1 der ex-partners toegekend’; overwegende dat: HI20230308
22
-
het vreemd is dat bij gelijktijdig vertrek het vreemd is dat de ene ex-partner wordt bevoordeeld ten opzichte van de andere ex-partner; het onduidelijk is aan wie deze bevoordeling dan toe zou komen; daarmee de rechtvaardigheid van deze verbijzondering niet valt te beoordelen;
besluit: beslispunt 1 van het concept-raadsbesluit te wijzigen zodat deze als volgt komt te luiden: 1. De zienswijze op de Nota bouwstenen huisvestingsverordening Gooi en Vechtstreek vast te stellen, met de volgende wijziging in bijlage 6, Algemeen overzicht technische aanpassingen concept model Regionale huisvestingsverordening Gooi en Vechtstreek 2023: Het vermelde onder a. bij ‘behoud 75% zoekwaarde bij verbreken relatie’: ‘de ex-partner die de (sociale huur) woning leeg oplevert komt in aanmerking voor 75% zoekwaarde. Bij gelijktijdig vertrek wordt dit slechts aan 1 der ex-partners toegekend.’ te wijzigen in: ‘de ex-partner die de (sociale huur) woning leeg oplevert komt in aanmerking voor 75% zoekwaarde. Bij gelijktijdig vertrek wordt de 75% zoekwaarde gelijkelijk verdeeld onder de ex-partners.’” (Amendement A 23-45 van de PvdA en GroenLinks) De heer DE JONG vraagt welke categorieën de PvdA wil schrappen. Mevrouw KALK herhaalt dat bij het identificeren van heel veel doelgroepen men het idee van gelijke kansen onderuit haalt. Gezien de dermate grote schaarste is de wachttijd voor iemand die niet tot een doelgroep behoort tien tot veertien jaar, wat zij niet rechtvaardig vindt. De heer DE JONG merkt op dat jongeren tot en met 25 jaar ook tot de categorie urgenten behoren.
Als men gelijke kansen verhoogt door groepen urgenten te schrappen is hij benieuwd welke doelgroepen geschrapt kunnen worden om nog meer gelijke kansen te krijgen. Mevrouw KALK stelt dat door het toevoegen van willekeurige doelgroepen die voorrang krijgen men de kans op een woning verkleint voor mensen die zeer zinvol werk doen, maar niet onder cruciale beroepen behoren, waaraan de heer De Jong een voorkeur geeft. Mevrouw DURLACHER gaat in op de toekenning van 75% aan zoekwaarde uit amendement A 23-45 van de PvdA en GroenLinks. Als men dat percentage deelt door twee vraagt zij zich af welke wachttijd dat oplevert. Mevrouw Van De Linde hield daarover een mooi betoog in de commissievergadering en zij hoopt daarom dat de VVD dat kan uitleggen. Mevrouw VAN DE LINDE stelt eerst een vraag over amendement A 23-45 en begrijpt dat het percentage van 75 betreffende de zoekwaarde gedeeld moet worden bij een scheiding waarbij beide expartners uit de woning vertrekken. Zij vraagt de PvdA of er ook iets geregeld moet worden als partners scheiden en een van de partners uit de woning vertrekt, ingeschreven staat als woningzoekende bij de woningcorporatie en die geen zoekwaarde meer heeft. Mevrouw KALK meent dat men die verdeling eerlijker zou moeten kunnen doen en men dat aan de voorkant moet regelen, teneinde vervelende situaties bij een scheiding te voorkomen.
Mevrouw VAN DE LINDE meent dat er in de huidige situatie altijd iemand bij inschiet. Mevrouw KALK begrijpt dat de regeling iets vermeldt over de situatie bij een scheiding waarbij een van de partners in de woning achterblijft en wie dan de zoekwaarde krijgt. Zij is het ermee eens dat de in de woning achterblijvende partner minder recht heeft op de zoekwaarde, omdat die al een dak boven zijn of haar hoofd heeft. Als beide partners de woning verlaten moeten ze beiden opnieuw gehuisvest worden en bepaalt amendement A 23-45 dat de zoekwaarde gelijkelijk verdeeld wordt onder de ex-partners. Mevrouw VAN DE LINDE vraagt de wethouder wat zij daarvan vindt. Mevrouw WALTERS (wethouder) merkt op dat de huisvestingsverordening een heel belangrijk document is, omdat het over voorrang en urgentie gaat voor mensen die een woning nodig hebben. En dat zijn er nogal wat in de regio. Over het onderwerp is een beeldvormende sessie en een HI20230308
23
commissievergadering gehouden. Zij is blij met het verloop van die bijeenkomsten waarin goed en doorwrocht is gewerkt. Het CDA heeft samen met Hart voor Hilversum en de VVD amendement A 23-38 over cruciale beroepen ingediend. Zorgmedewerkers, politiemensen en leerkrachten hebben een belangrijke functie. Er zijn er nog meer, maar die drie genoemden springen eruit, wat ook uit de inwonersenquête naar voren kwam. Het college is voorstander van het starten met het benoemen van drie groepen betreffende cruciale beroepen, wat sneller gaat als eerst lang onderzoeken. Amendement A 23 39 van de ChristenUnie, D66 en de PvdA over cruciale optimale doorstroming ontraadt zij. Zij wil klein starten met drie cruciale beroepen, waarvan de gemeente kan leren en waarbij onderweg nog bij te sturen is. Dat lijkt het college meer effect hebben. Hart voor Hilversum wil niet alvast vijf woningen weggeven en ook gelijk cruciale beroepen benoemen, wat met amendement A 23-38 van het CDA, de VVD en Hart voor Hilversum helder op papier staat. GroenLinks constateerde dat het systeem al best goed werkt. Op 12 juni a.s. vindt een regiooverleg plaats, waarbij raadsleden met hun collega’s van andere gemeenten in overleg kunnen gaan over eventuele bijstelling. Zodoende komt de regio uit op een gezamenlijke regionale huisvestingsverordening.
De VVD pleitte voor doorstroming en daarover staan goede dingen in het document, waarmee het college doorgaat. D66 kijkt iets anders naar voorrang voor specifieke beroepen en heeft het telkens over schrijnende gevallen. Bij urgentie gaat het altijd om schrijnende gevallen, maar bij voorrang gaat het ook om een maatschappelijk belang. D66 en de ChristenUnie dienden motie M 23-34 over een doorstroombonus in, die zij een interessant idee vindt. Zij vraagt de indieners echter die motie even aan te houden, omdat gemeenten en woningcorporaties RIGO opdracht hebben gegeven om te kijken wat er in het kader van doorstroming nog meer te doen is. Voor de zomer komt dat rapport naar de raad toe. RIGO is ook gevraagd te kijken naar wat er in het land gebeurt en dat mee te nemen. Doorstroming zal daarin naar verwachting ook aan bod komen, en als dat niet zo is wil zij daarna nog op het onderwerp doorgaan. Democraten Hilversum riep op om de verruimde regels van de nieuwe wet ook door te voeren, waar dan moet die wet eerst wel in werking zijn gesteld. Zodra dat gebeurt pakt het college dat op. Democraten Hilversum informeerde ook wat het college ertegen doet dat niet alle gemeenten even hard doen aan sociale woningbouw.
In het regio-overleg zal zij pleiten voor het overleggen van een overzicht met wat elke gemeente en woningcorporatie het afgelopen jaar hebben gedaan, zodat de discussie op basis van cijfers kan worden gevoerd. Dat de SP voorstander is van een voorrangsregeling voor mensen met cruciale beroepen vindt zij goed om te horen. Amendement A 23 49 van BVNL over geen voorrang voor statushouders ontraadt zij, omdat het een wettelijke taak is om statushouders te plaatsen. Vanuit de wettelijke taak stelt het college voor de urgentie voor statushouders te handhaven. Over amendement A 23-46 van de PvdA en Democraten Hilversum over maximale inzet van instrumenten uit de woonvisie is zij positief, omdat die de tekst van de verordening aanscherpt. De PvdA en GroenLinks dienden amendement A 23-45 over wijzigingen van technische aard in, waarbij het verdelen van zoekwaarde is vermeld als twee partners uit elkaar gaan en beiden uit de sociale huurwoning gaan. Die situatie komt eigenlijk niet voor, omdat altijd een van beide ex-partners interesse heeft om in de sociale huurwoning te blijven wonen. Er is dan dus geen reden om de zoekwaarde specifiek te verdelen. Mevrouw VAN DE LINDE is benieuwd wie de zoekwaarde krijgt als een van de ex-partners in de sociale huurwoning blijft en de andere vertrekt.
Mevrouw WALTERS (wethouder) antwoordt dat de zoekwaarde bij de woning hoort, zodat de achterblijvende ex-partner ook weer snel kan doorstromen. De zoekwaarde is bedoeld om de doorstroming naar een volgende woning op gang te houden. Mevrouw VAN DE LINDE informeert naar het verschil tussen inschrijfwaarde en zoekwaarde. HI20230308
24
Mevrouw WALTERS (wethouder) antwoordt dat de inschrijfwaarde behoort bij de persoon en de zoekwaarde behoort tot de woning. Mevrouw VAN HATTUM gaat het erom dat er gelijke kansen voor iedereen zijn, zodat D66 vraagtekens zet bij het benoemen van cruciale beroepen. Verder wil zij weten of de wethouder over motie M 23-34 over de doorstroombonus een toezegging heeft gedaan. Naast een doorstroombonus vraagt D66 om huurbehoud voor mensen die van een grotere naar een kleine woning zijn. Mevrouw WALTERS (wethouder) zal bij het verschijnen van het RIGO-rapport bekijken of de doorstroombonus en huurbehoud aan bod komen en dat vermelden in de begeleidende brief aan de raad waarmee zij dat rapport aanbiedt. Tweede termijn De heer DE JONG is blij met de bijdrage van de SP, waarin de heer Vonk de ervaring uitsprak dat in een andere gemeente het benoemen van cruciale beroepen werkt. Hij is verbaasd over de uitspraken over rechtsongelijkheid, ingehaald worden, verdringing, vermindering van gelijke kansen en het ontbreken van cijfers. Er is een stijgend tekort van 40% in het onderwijs en een stijgend tekort in de zorg van 60%. Respondenten op Woningnet zijn woningzoekenden en zij gaven in meerderheid aan voorrang te willen geven aan mensen met een beroep in de zorg. De stukken die de raad heeft gekregen staan wat hem betreft dus vol met cijfers.
De markt kenmerkt zich door enorme schaarste, wat betekent dat men keuzes moet maken. Het CDA kiest voor het maatschappelijke belang, wat betekent 3%, 50 van de 1.700 toewijzingen, te alloceren voor voorrang voor mensen met deze beroepen. Vervolgens gaat hij in op amendement A 23-39 van de ChristenUnie, D66 en de PvdA over het doen van onderzoek naar een prioritering van beroepen in relatie tot de openstaande vacatureruimte in de regio. Dat klinkt erg leuk, maar klanten van installateurs van warmtepompen en isolerende maatregelen zijn op een gegeven moment op, terwijl cliënten van zorgmedewerkers en leerlingen van docenten niet op raken. Mevrouw VAN DE LINDE vindt de uitleg van de wethouder dat de situatie dat beide ex-partners na een scheiding een sociale huurwoning verlaten vrijwel nooit voorkomt in tegenspraak met het feit dat die situatie wel in de verordening beschreven staat. Zij hecht eraan dat bij een scheiding de zoekwaarde eerlijk wordt verdeeld als daarbij een sociale huurwoning leeg wordt achtergelaten, zodat beide ex-partners over de helft van 75% kunnen beschikken. Daarnaast wil zij graag een vervolggesprek plannen over de situatie dat partners scheiden en een hunner in de woning achterblijft.
De VOORZITTER stelt vast dat motie M 23-34 van D66 en de ChristenUnie over de doorstroombonus is aangehouden, waarbij de wethouder heeft toegezegd daarop te zijner tijd nog terug te komen. Amendement A 23-39 van de ChristenUnie, D66 en de PvdA, ‘Optimale doorstroming op de woningmarkt is cruciaal’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 13 stemmen voor en 22 stemmen tegen verworpen, met de stemmen van D66, Democraten Hilversum, de PvdA en de ChristenUnie voor. Amendement A 23-38 van het CDA, de VVD en Hart voor Hilversum, ‘Als we het een doen, dan ook het ander’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 20 tegen 15 stemmen aangenomen, met de stemmen van Hart voor Hilversum, de VVD, het CDA, GroenLinks en BVNL voor. Amendement A 23-45 van de PvdA en GroenLinks, ‘Wijziging technische aanpassingen bij bouwstenen Huisvestingsverordening 2023’, wordt via de stemapplicatie in stemming HI20230308
25
gebracht en met 24 tegen 11 stemmen aangenomen, met de stemmen van D66, de VVD, GroenLinks, Democraten Hilversum, de SP, de PvdA, de ChristenUnie en BVNL voor. Amendement A 23-46 van de PvdA en Democraten Hilversum, ‘Maximale inzet instrumenten uit de woonvisie’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en unaniem aangenomen. Amendement A 23-49 van BVNL, Geen voorrang statushouders’, wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 1 stem voor en 34 stemmen tegen verworpen, met de stem van BVNL voor. Het geamendeerde voorstel van burgemeester en wethouders wordt via de stemapplicatie in stemming gebracht en met 29 tegen 6 stemmen aangenomen, met de stemmen van de leden Van den Brink, Deen, Van Hattum, Lindeboom, Wesselink en Zaabat van D66 tegen. (Het voorzitterschap wordt overgedragen aan de heer Streutker.) 13.
SEKSWERKBELEID 2023
De VOORZITTER memoreert dat het huidige lokale sekswerkbeleid in 2000 is vastgesteld. De branche heeft zich verder doorontwikkeld, waardoor het bestaande beleid niet meer aansluit bij de huidige omstandigheden. Er is een nieuw beleidskader Sekswerkbeleid 2023 opgesteld, dat beter aansluit bij de laatste ontwikkelingen en meer ruimte biedt aan sekswerkers om hun diensten zelfstandig uit te voeren. Ook is er aandacht voor de zorg en de hulpverlening om de toegang tot de zorg te verbeteren. De woordvoerders in de commissievergadering achtten het voorstel rijp voor behandeling door de raad met debat. Mevrouw VERWEIJ gaat het onderwerp heel erg aan het hart en herinnert aan het lang geleden met voormalig burgemeester Broertjes gevoerde gesprek over seks in privéhuizen. Destijds werden er veel illegale inrichtingen opgerold. Dat gebeurt nog steeds en dat is inmiddels met 13 inrichtingen gebeurd. Zij heeft de portefeuillehouder gevraagd of er een behoeftenonderzoek is gedaan, waarop ontkennend werd geantwoord. Het oprollen van 13 illegale inrichtingen maakte het haar duidelijk dat er behoefte is aan betaalde seks en dat thuiswerk en seksinrichtingen moeten worden toegestaan. Er kan volgens haar dus geen sprake van zijn dat de gemeente met minder seksinrichtingen moet gaan werken. Bezien moet worden hoe mensen in de branche veilig kunnen werken en kunnen worden opgevangen.
Er moet ook een vertrouwenspersoon zijn, waarover de VVD een motie zal indienen. Alle in te dienen moties steunt de SP. De gemeente Hilversum heeft de mogelijkheid om 6 vergunningen te verlenen, terwijl er 3 daadwerkelijk zijn uitgegeven. Zij vraagt zich daarom af waarom de gemeente in een aanbestedingscarrousel terecht moet komen. Dat bevreemdt haar. Zij vraagt zich verder af of er gesprekken zijn geweest met mensen van die seksinrichtingen. Aanbestedingen zijn in dezen volgens haar volstrekt onlogisch. Zij vraagt de raad het sekswerkbeleid te steunen, omdat er veel kwetsbare mensen rondlopen die bescherming van de gemeente verdienen. Bij misbruik is daartegen actie nodig. De portefeuillehouder vraagt zij het beleid volgend jaar te evalueren, ook omdat er nog geen nieuwe wetgeving is die dan inpassing behoeft. Mevrouw WESSELINK stelt dat de gemeente met het voorliggende beleid een grote stap zet tegen stigmatisering. Daarmee complimenteert zij de portefeuillehouder en de ambtenaren. D66 wil een aantal beperkingen wegnemen. Bij sekswerk zijn er zorgen over mensenhandel en uitbuiting, maar zij gelooft dat door het opheffen van beperkingen en door sekswerkers hun werk op een veilige en legale manier te laten doen er heel veel in de samenleving zal veranderen. Landelijke cijfers HI20230308
26
laten zien dat bij illegaal sekswerk het seksueel geweld tegen vrouwen en sekswerkers toeneemt en het aantal HIV-besmettingen ontzettend oploopt. Daarom stelt zij twee manieren voor om beperkingen voor sekswerkers weg te nemen, waarbij is gekeken naar het rapport van de Commissie Sorgdrager, die de gemeente Utrecht heeft ingesteld om naar het sekswerkbeleid te kijken. Ten eerste wil zij graag dat thuiswerken voor sekswerkers ook mogelijk gemaakt wordt in sociale huurwoningen. Nu is de drempel van een sekswerker in een sociale huurwoning om iets bij de politie te melden hoog, omdat het risico dan is uit huis te worden gezet. Als tweede maatregel stelt zij voor kleine samenwerkingsverbanden mogelijk te maken. Het idee is een lightvergunning in te voeren, omdat de aanvraag voor een vergunning voor een seksclub of een seksinrichting op dit moment best wel een groot en moeilijk traject is. Sekswerkers willen het liefst met een paar mensen een pandje kunnen huren om hun werk te doen.
Motie M 23-41 ‘Gooise matras’ “De gemeenteraad van Hilversum, in vergadering bijeen op 8 maart 2023, behandelende sekswerkbeleid 2023; constaterende dat: (kleine) samenwerkingsverbanden voor sekswerkers op dit moment niet worden toegestaan, overwegende dat: niet alle sekswerkers thuis kunnen of willen werken; er geregeld illegale bordelen worden gesloten, wat aangeeft dat er toch zeker vraag is naar kleinschalige seksinrichtingen; 1 illegale bordelen niet gewenst zijn, en er geen toezicht mogelijk is; kleinschalige seksinrichtingen (tot 4 personen bijvoorbeeld) die bij de gemeente geregistreerd zijn een betere oplossing zijn voor illegale bordelen; we sekswerkers de autonomie willen geven in hun werk de gelegenheid te geven het werk zelfstandig te doen zonder hun verdiende geld te hoeven afstaan aan een exploitant of onvergunde verhuurder, roept het college op: samen met sekswerkers onderzoek te doen naar het instellen van een ‘vergunning-light’ waarin kleinschalige samenwerkingsverbanden worden mogelijk gemaakt in bijvoorbeeld leegstaande bedrijfspanden. de raad voor Q1 2024 te informeren over de uitkomsten van dit onderzoek.” (Motie M 23-41 van D66 en de PvdA) 1
https://www.gooieneembode.nl/nieuws/politie/284097/de-alliantie-wil-hilversummer-uitwoningdie-diende-als-illegaa https://www.gelderlander.nl/utrecht/pooiersbende-buitte-vrouwen-in-utrechts-bordeel-uithetging-ze-om-een-ding-hoeveel-bracht-devrouwop~a7230307/?referrer=https%3A%2F%2Fwww.google.com%2
Motie M 23-42 ‘Thuiswerken voor iedereen’ “De gemeenteraad van Hilversum, in vergadering bijeen op 8 maart 2023, behandelende sekswerkbeleid 2023; constaterende dat: thuiswerken voor sekswerkers op dit moment niet is toegestaan in woningen van woningbouwcorporaties, met huisuitzetting en huurbeëindiging als gevolg; overwegende dat: de gemeente Hilversum met het nieuwe beleidsplan thuiswerk voor sekswerkers mogelijk wil maken, maar deze regel nu enkel geld voor huiseigenaren en private huurwoningen; het college op dit moment nieuwe prestatieafspraken maakt met de woningbouwverenigingen; HI20230308
27
-
het maken van nieuwe afspraken over sekswerk met woningbouwcorporaties advies is van de commissie Sorgdrager aan gemeenten.1 En andere gemeenten zoals Tilburg en Utrecht hier al mee bezig zijn; we liever zien dat thuiswerk ook voor deze groep mogelijk is, zodat sekswerkers dit niet illegaal zullen doen; de drempel voor sekswerkers om naar de politie te stappen vaag hoog is, wanneer zij zonder consequenties thuis kunnen werken kunnen we de drempel verlagen, roept het college op: bij het maken van de prestatieafspraken met woningbouwcorporaties in te zetten op het mogelijk maken van thuiswerk voor sekswerkers in sociale huurwoningen, zodat huisuitzetting en huurbeëindiging niet langer het gevolg is van thuiswerk voor sekswerkers.” (Motie M 23-42 van D66) Mevrouw ZEEUW VAN DER LAAN wijst erop dat het vandaag Internationale Vrouwendag is, waarbij wereldwijd aandacht wordt besteed aan de veiligheid van en de rechten van de vrouw. Dan gaat het om gelijke kansen om discriminatie en seksueel geweld. Het gaat ook over de veiligheid, je eigen keuzes maken en economische onafhankelijkheid. Toen zij vorige week op bezoek was bij de klankbordgroep sekswerkers Gooi en Vechtstreek dacht zij eraan hoe het recht op veiligheid en seksueel geweld te borgen is voor sekswerkers. De vrouwen van de klankbordgroep vertelden haar over hun praktijk en hun werk.
Zij vertelden over gewelddadige klanten, bedreigingen, berovingen, huisuitzetting, schuldenproblematiek, gezondheidsproblemen en aangiftes die niet opgenomen werden. Er zijn meer misstanden in het werk. Er is gedwongen prostitutie, prostitutie door minderjarigen, onveilige werkomstandigheden misstanden die aangepakt moeten worden. Vanavond debatteert de Tweede Kamer over het recht op een vertrouwenspersoon, waar iedere werknemer recht op zou hebben, omdat voor iedereen een veilig werkklimaat nodig is. Dat geldt dan zeker voor de sekswerkers. Een vertrouwenspersoon kan bij de gemeente snel schakelen, kan snel hulp inzetten, is benaderbaar en kan bemiddelen bij het uitstappen. Wat zij ook mist in het sekswerkbeleid zijn preventie en voorlichting. Uit de gesprekken met de medewerkers van Belle, die het uitstapprogramma begeleiden, kwam naar voren hoe snel jongeren en studenten in Utrecht de prostitutie in getrokken worden, zonder dat ze daar erg in hebben. Dan is het heel moeilijk om daar weer uit te komen. Dan is er sprake van gedwongen prostitutie die op de loer ligt. Zij heeft een motie opgesteld om te kijken of er een vertrouwenspersoon ingesteld kan worden bij de gemeente en of er een tandje bij te zetten is op voorlichting en preventie. Het is namelijk belangrijk dat iedereen veilig kan werken en in veiligheid kan leven.
Motie M 23-40 ‘Vertrouwen op veiligheid ook voor sekswerkers’ “De raad van de gemeente Hilversum, in vergadering bijeen op 8 maart, behandelende het Sekswerkbeleid 2023; overwegende dat: • sekswerk een legaal beroep is en sekswerkers daarmee over dezelfde rechten beschikken als andere beroepsgroepen en veilig en gezond hun werk moeten uitoefenen; • de gemeente sinds 2020 het toezicht op de seksbranche heeft overgenomen van de politie; • het nieuwe beleid meer ruimte geeft aan sekswerkers om thuis hun klanten te ontvangen; • voor het thuiswerken als zelfstandige sekswerker in dit beleid geen vergunning vereist is; • de gemeente de positie van zelfstandige sekswerkers wil versterken en de toegang tot zorg en hulpverlening wil vergroten; • zelfstandige sekswerkers vaak alleen en daardoor kwetsbaar in de anonimiteit werken; • er door de anonimiteit geen zicht is op misstanden en onvrijwillige of gedwongen uitoefening van het sekswerk; • in diverse gemeentes onafhankelijke vertrouwenspersonen zijn ingesteld waar sekswerkers naartoe kunnen voor advies en ondersteuning; HI20230308
28
•
de sekswerkers geen vertrouwenspersoon hebben bij de gemeente Hilversum waar zij terecht kunnen voor hulpvragen en het melden van misstanden; • voorlichting en preventie misstanden kan voorkomen; is van mening dat: • iedereen in vrijheid veilig en gezond moet kunnen werken; • het vertrouwen van sekswerkers in de overheid verbeterd kan worden; • het melden van misstanden en aangifte van geweld snel opgepakt moet worden zodat er gehandhaafd kan worden; • ook het uitstappen en begeleiding naar ander werk laagdrempelig en toegankelijk moet zijn; • een vertrouwenspersoon bij de gemeente meldbereidheid kan vergroten zodat misstanden snel kunnen worden aangepakt; • de populatie sekswerkers divers is en verschillende hulpvragen heeft; • in het beleid meer ingezet kan worden op voorlichting en preventie aan met name jongeren over de gevaren van onder andere loverboys, sexting en het werken in de deze branche; • korte lijntjes met de gemeente en politie kunnen bijdragen aan het herstel van vertrouwen; • veilig en gezond werken en aanpakken van misstanden een gemeenschappelijk doel is van sekswerkers en gemeente; verzoekt het college om: • voor Q3 2023 te onderzoeken of en hoe vertrouwenspersonen kunnen bijdragen aan het signaleren van misstanden in de seksbranche en te kijken hoe de diversiteit van sekswerkers geborgd kan worden; • voor Q3 2023 in kaart te brengen of er voldoende
voorlichting en preventiemaatregelen zijn ter voorkoming van misstanden en onvrijwillig en gedwongen werken in de seksbranche.” (Motie M 23-40 van de VVD, het CDA, de ChristenUnie en GroenLinks) 1
https://utrecht.bestuurlijkeinformatie.nl/Reports/Document/01a7e173-c221-4a56811f7854c95eac3a?documentId=718189ab-19cb-434a-bb63-7ea8784441
Mevrouw VAN DE BEEK kan zich prima vinden in de vier opgestelde speerpunten over het sekswerkbeleid. Er wordt flink ingezet op het handhaven en toezicht houden. Zij wil het toezicht een positieve uitwerking laten krijgen op het tegengaan van ondermijning, mensenhandel, criminaliteit en het bevorderen van veilige en gezonde werkomstandigheden voor sekswerkers en ook voor hun klanten. In het kader van gezonde werkomstandigheden brengt zij het volgende onder de aandacht. Vanuit wetgeving heeft de gemeente Hilversum de verantwoordelijkheid voor het bewaken en bestrijden van seksueel overdraagbare aandoeningen, waaronder bijvoorbeeld aids. De GGD is belast met de uitvoering van deze taak en dat reikt verder dan alleen sekswerkers. Iedere Hilversummer mag van de GGD verwachten dat ze terecht kan voor voorlichting, preventie en behandeling op het gebied van seksualiteit, soa's en dergelijke. Als men nu een website opent van de GGD in andere regio’s, dan kan men daar terecht voor vele onderwerpen gerelateerd aan seksualiteit. Opent men de GGD-website van het Gooi, dan komen deze onderwerpen niet eens aan bod of er verschijnt uitsluitend een zeer klein linkje naar een ingewikkelde website. Democraten Hilversum wil meegeven dat in het overleg binnen de regio ook onderwerpen aan bod mogen komen, zoals chemsex en PrEP-zorg.
Als men nu op de website van het Gooi afgaat, lijkt het erop alsof er in Hilversum heel andere seksuele activiteiten worden ondernomen dan in andere regio's, maar dat is vast niet het geval. Daarom stelt zij de vraag over uitbreiding onderwerpen van GGD Het Gooi. De heer LAHAISE deelt de zorg over de veiligheid van sekswerkers. De branche is nu eenmaal kwetsbaar voor misstanden, zoals het beleid ook vaststelt. Er zijn onzichtbare afwerkplekken in woningen, waar handhaving maar moeilijk grip op krijgt en die verhogen de veiligheid niet. Dan kan men beter een HI20230308
29
duidelijk herkenbare en vergunde seksinrichting hebben waar volgens de regels wordt gewerkt. Een lightvergunning kan een praktische oplossing zijn voor een serieus probleem zonder de omgeving zwaar te belasten. Als dat om een of andere wettelijke reden niet zou kunnen, kan het aantal vergunde inrichtingen worden verhoogd. Mevrouw REMMERS wijst op de in het land gemaakte afspraak dat sekswerk een regulier beroep is, waartoe ook de gemeente zich heeft te verhouden. De gemeenteraad stuit echter toch al best gauw op haar eigen aannames, ideeën, normen en waarden en misschien ook wel gedachten over de onveiligheid en de grote kwetsbaarheid. Men weet eigenlijk niet hoe onveilig en hoe crimineel de sekswerkers daar tegenaan hangen. Zij bedoelt daarmee overigens niet te zeggen dat sekswerkers een directe link hebben met criminaliteit. Betrouwbare cijfers over sekswerkers en vrijwilligheid of onvrijwilligheid zijn er echter niet. De gemeente heeft zich te verhouden tot sekswerkers en moet daarom zorgen dat hun werk zo veilig mogelijk gedaan kan worden, ook ten aanzien van hun eigen gezondheid. Zij maakt zich daarom wat zorgen over de onvoldoende capaciteit voor de eigen sekswerkers om naar de soa-poli in de eigen regio te gaan en vraagt daarom de burgemeester wat ervoor nodig is om die capaciteit uit te breiden en daarover bij de raad terug te komen.
Tegelijkertijd steunt GroenLinks het beleid om een zo laag mogelijke drempel tot hulpverlening te hebben en een vertrouwensband op te bouwen met de sekswerkers. Zij steunt daarom motie M 23-40 van de VVD, het CDA, de ChristenUnie en GroenLinks, ‘Vertrouwen op veiligheid, ook voor sekswerkers’. Bij de moties van D66 aarzelt zij zeer. Zij is op voorhand niet voor een lightvergunning. Landelijk wordt over een nieuw vergunningstelsel gedacht, maar de Raad van State is daar zeer negatief over. Thuiswerk zou naast sekswerk ook voor andere sectoren moeten gelden en gaat wat haar betreft gepaard met veel haken en ogen. Haar opdracht is zoveel mogelijk zorgen voor een laagdrempelige vertrouwensband. De heer NANNINGA noemt het goed dat het sekswerkbeleid wordt geactualiseerd. De tijden veranderen namelijk en het beleid moet daarin ook meebewegen. Mensen die vrijwillig voor het sekswerk kiezen kan op deze manier een gelijkwaardige positie geboden worden om hun werk on veiligheid kunnen doen. Het bieden van veiligheid, zorg en bescherming aan iedereen, ongeacht achtergrond, religie, gender of het type werk dat je doet is een belangrijke christelijke waarde waar de ChristenUnie voor staan. Die waarde is ook nodig voor mensen die vrijwillig werken in het sekswerk en misschien wel juist voor deze groep. Daarom stemt hij in met het voorgestelde sekswerkbeleid.
Tegelijk heeft hij ook vanuit diezelfde christelijke normen en waarden moeite om het sekswerk als een normaal beroep te zien. De vergelijking met kappers en nagelstudio’s vindt hij lastig. Sekswerk ziet hij liever als een gelegaliseerd beroep. Het is een beroep dat de ChristenUnie niet per se wil stimuleren, maar dat gelegaliseerd wordt om te voorkomen dat het in de illegaliteit plaatsvindt. Vanuit die benadering wil hij sekswerk eerder vergelijken met bijvoorbeeld een coffeeshop. De gemeente legaliseert dit type werk om te voorkomen dat het in de illegaliteit plaatsvindt, omdat ook bekend is wat de schaduwzijde van het sekswerk is. In de informatiebijeenkomst bij de politie over het integraal veiligheidsplan hoorde hij dat mensenhandel en uitbuiting vaak onzichtbaar ook in Hilversum plaatsvinden. Dat wil hij heel serieus nemen, zeker op Internationale Vrouwendag en biddag vandaag. Want mensen die in een benarde situatie van mensenhandel en gedwongen sekswerk zitten kunnen vaak niet anders dan bidden en wachten tot iemand het opmerkt en hen bevrijdt. De burgemeester heeft hij bij de behandeling van de voorjaarsnota gevraagd om dit jaar toe te lichten in hoeverre de inzet van de gemeente, de regio en de politie voldoende is om deze problemen aan te kunnen pakken.
Bij de behandeling van het integraal veiligheidsplan heeft hij ernaar gevraagd en werd al verwezen naar het sekswerkbeleid. Daarin vindt hij weinig terug over hoe misstanden kunnen worden voorkomen en mensen worden geholpen om uit het sekswerk te stappen als ze dat willen. Daarom heeft de ChristenUnie samen met de VVD motie M 23-40, ‘Vertrouwen op veiligheid voor sekswerkers’ opgesteld. Hierin wordt het college gevraagd om beter te onderbouwen of er voldoende voorlichting en preventie plaatsvinden om misstanden en onvrijwillig en gedwongen sekswerk te voorkomen, te onderzoeken of de HI20230308
30
huidige inzet voldoende is en of het aanstellen van een vertrouwenspersoon hieraan kan bijdragen. Hij hoopt op steun voor die motie, omdat het de ChristenUnie bovenal om veiligheid, zorg en bescherming voor iedereen gaat. Mevrouw VERWEIJ constateerde ook dat het vandaag biddag voor het gewas en arbeid is, evenals Internationale Vrouwendag. In de sekswerkbranche gaat het echter ook over jonge mannen en anderen. In de commissievergadering heeft de ChristenUnie gepleit voor een zorghuis, terwijl de heer Nanninga nu vooral de repressieve kant benadrukt. Een zorghuis is echter aanlokkelijker in sekswerkbeleid dan de repressieve factor. Zij vraagt waar het idee van een zorghuis is gebleven. De heer NANNINGA is van oordeel dat daarnaar wel gekeken moet worden, ook in het kader van preventie, maar wel moet onderzocht worden of er daaraan daadwerkelijk behoefte is. Daarom heeft hij een zorghuis in zijn betoog niet genoemd. Mevrouw VERWEIJ stelt dat handhaven op uitbuiting en misstanden elders is geadresseerd. De gemeente kan een zorghuis faciliteren. Daarbij kan de raad de burgemeester helpen door hem middelen en ideeën aan te reiken over hoe dat zorghuis vormgegeven moet worden. Zij vraagt of de heer Nanninga dat samen met haar wil doen. De heer NANNINGA verklaart zich daartoe bereid.
De heer LAHAISE begrijpt dat de heer Nanninga liever ziet dat sekswerk transparant gebeurt in daartoe ingerichte plekken in plaats van achteraf in allerlei huisjes. De heer NANNINGA antwoordt dat hij liever ziet dat sekswerk transparant gebeurt. Het voorliggende beleid zorgt al voor een grote mate van meer transparantie en legalisering. Het is echter de vraag of dat mogelijk is. Mevrouw DURLACHER steunt het sekswerkbeleid, omdat het immers gaat om wellicht het oudste betaalde beroep ter wereld. M 23-40 van de VVD, het CDA, de ChristenUnie en GroenLinks, ‘Vertrouwen op veiligheid, ook voor sekswerkers’ steunt zij eveneens van harte. Voor een lightversie, genoemd in motie M 23-41 van D66 en de PvdA, staat zij niet zo erg open. De gemeente heeft nu vier vergunningen verleend en er staan er nog twee open. Die twee openstaande vergunningen kunnen ook nog op een legale en veilige manier ingevuld worden. Motie M 23-42 van D66 over thuiswerken voor iedereen lijkt haar niet zo’n goede optie, omdat de gemeente achter de voordeur niet zomaar kan kijken of alles goed gebeurt. De heer POSTMA is voor het benoemde beleid. Wat betreft motie M 23-42 van D66 over thuiswerken stelt hij een vraag over het maken van prestatieafspraken met woningcorporaties. Dat snapt hij vanuit het gelijkheidsprincipe.
Het uitoefenen van het vak mag eigenlijk niet afhankelijk zijn van het woningtype dat je gebruikt. Wellicht mogen dan ook andere beroepen in sociale huurwoningen worden uitgeoefend. De vraag is of de gemeente daarover gaat. De heer LANCÉ gaat mee met motie M 23-40 van de VVD, het CDA, de ChristenUnie en GroenLinks, ‘Vertrouwen op veiligheid, ook voor sekswerkers’ en ziet daar het nut en de noodzaak van in. De andere twee moties steunt Hart voor Hilversum niet. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) zegt dank aan de dames Verweij en Wesselink die hem in een vroegtijdig stadium na zijn komst als burgemeester hebben ingewijd in het sekswerkbeleid. Nabijheid organiseren helpt voor het vertrouwen, de meldingsbereidheid en daarmee misstanden aan te pakken. Normalisering helpt om de veiligheid te vergroten. Zelf is hij heel blij met het voorliggende stuk, dat Hilversumse ambtenaren hebben bedacht. Zij zijn inmiddels aan het werk om diezelfde benadering ook buiten Hilversum en de regio te laten zien. Een aanbestedingscarrousel, waarover mevrouw Verweij het had, is niet aan de orde voor de bestaande vergunningen. Die vergunningen hebben namelijk een onbeperkte looptijd. Als zich nieuwe clubs melden krijgen die wel te maken met een beperkte looptijd van hun vergunning, omdat dat is bepaald in het Europese aanbestedingsrecht. HI20230308
31
Het college wijst het idee van een lightvergunning, genoemd in motie M 23-41 van D66 en de PvdA, af. Binnen de huidige regelgeving en het aantal vergunningen is er namelijk nog ruimte. Ook past een lightvergunning niet binnen het wetsvoorstel dat wordt voorbereid over een veilige seksbranche. Mevrouw WESSELINK vernam van sekswerkers dat het vergunningenproces lastig is en is bedoeld voor een seksclub, terwijl die eigenlijk niet door hen gewenst wordt. Daarom verzoekt zij de burgemeester toch met sekswerkers in gesprek te gaan over wat er nog mogelijk is. Samenwerking brengt sociale controle met zich mee die voor sommigen heel prettig is. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) zegt niet toe dat te onderzoeken, maar het voorliggende beleid is geen eindpunt. De komende jaren wil hij het gesprek met de groep van sekswerkers voortzetten, hopelijk samen met de raad. Motie M 23-41 ontraadt hij. Evaluatie van het beleid in 2024 vindt hij te vroeg. Wellicht kan over twee jaar bekeken worden of er een aanpassing moet plaatsvinden. Mevrouw VERWEIJ is blij dat de burgemeester de deur voor een lightvergunning niet dichtdoet. Wellicht is de burgemeester bereid om bij openstaande vergunningen met sekswerkers in gesprek te gaan om toch te komen ‘creatieve broedplaatsen’ en die ook met de raad te bespreken en terug te koppelen.
De heer VAN DEN TOP (burgemeester) blijft de komende jaren in gesprek met de sector en de raad over het onderwerp en over de vraag of er dingen nodig zijn die nu niet zijn opgeschreven. Hij herhaalt motie M 23-41 nu af te wijzen. Mevrouw VERWEIJ herhaalt haar vraag of de burgemeester bereid is op openstaande vergunningen te rapporteren als die in 2024 niet zijn verleend, zodat de raad kan kijken of beleid te maken is om dat anders in te vullen. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) verklaart zich bereid in 2024 te rapporteren of openstaande vergunningen al dan niet zijn verleend. Motie M 23-42 van D66 over thuiswerken voor iedereen heeft een veel bredere reikwijdte dan alleen het sekswerk. Hij vraagt om die motie aan te houden, teneinde eerst met de woningbouwcorporaties in gesprek te gaan over wat thuiswerk betekent voor ook andere beroepen die zich in sociale huurwoningen willen vestigen. Het college neemt motie M 23-40 van de VVD, het CDA, de ChristenUnie en GroenLinks, ‘Vertrouwen op veiligheid, ook voor sekswerkers’ over. Het is echter de vraag hoe men zaken moet organiseren. Hij meent dat de taak beter thuishoort bij de hulpverleningsorganisaties. De functie kan niet worden betaald vanuit de uittredingsstimuleringsregeling, waarvoor de regio middelen ontvangt, zodat de gemeente daarvoor ook eigen middelen moet genereren. Dat geldt ook voor preventie en toelichting.
Hij zegt daarom toe de motie over te nemen in de vorm van een onderzoek over wat het gestelde in de motie vergt. Daarop hoopt hij hopelijk volgend jaar een antwoord te kunnen geven. Met voorlichting gaat hij de komende tijd aan de slag. Tweede termijn Mevrouw VERWEIJ is blij met de toezegging te rapporteren over al dan niet verleende vergunningen op 8 maart 2024. Zij vraagt wanneer de burgemeester het beleid wel wil evalueren. Mevrouw WESSELINK wil het beleid graag in 2024 laten evalueren en houdt moties M 23-41 en M 23-42 aan. Te zijner tijd wil zij nog op een lightvergunning en thuiswerken voor iedereen terugkomen. Verder raadt zij aan naar Groningen te kijken voor een zorghuis, waar veel geld daaraan is uitgegeven en weinig mensen zijn geholpen. Tot slot merkt zij in het debat heel veel stigma ten aanzien van sekswerk, namelijk de connectie met criminaliteit en uitbuiting, wat zij erg jammer vindt. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) evalueert het integraal veiligheidsplan na twee jaar. Wat betreft het sekswerkbeleid wil hij eerst twee jaar koers zetten en in 2025 bij de raad terugkomen met een eerste impressie van hoe het lopende beleid verloopt, met eventueel daaraan leereffecten te verbinden.
HI20230308
32
Mevrouw VERWEIJ vraagt de burgemeester voor 2025 bij de raad terug te komen als wetgeving ertoe leidt dat de gemeente beleid moet aanpassen. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) zegt dat toe. Zonder stemming wordt motie M 23-40 van de VVD, het CDA, de ChristenUnie en GroenLinks, ‘Vertrouwen op veiligheid, ook voor sekswerkers’, unaniem aangenomen. Zonder stemming wordt het voorstel van burgemeester en wethouders aangenomen. De VOORZITTER schorst de vergadering om 22.55 uur. Schorsing. De VOORZITTER heropent de vergadering om 23.00 uur. 14.
VOORSTEL WIJZIGING APV, DIVERSE ARTIKELEN
De VOORZITTER licht het voorstel toe, dat erover gaat de APV te wijzigen. Onderdeel van deze wijziging is onder meer het opnemen van een vergunningstelsel in geval van een onveilig, niet leefbaar en malafide ondernemersklimaat. Daarnaast wordt voorgesteld het parkeren van grote voertuigen te regelen via een algemeen verbod, waarbij het college gebieden kan aanwijzen waar parkeren is toegestaan. Ook wordt de regeling rond kapvergunningen aangepast en tenslotte bevat het voorstel juridisch technische wijzigingen van diverse artikelen. De woordvoerders in de commissievergadering achtten het voorstel rijp voor behandeling door de raad met debat. Mevrouw REMMERS steunt de APV, waarin niet alles te regelen is. De vraag was of paardenraces het welzijn van paarden wel bevorderen. Dat punt is volgens het college niet in de APV te regelen en zij vraagt zich af hoe dat wel te doen is. In 2016 is een eerste nota over dierenwelzijnsbeleid aangenomen en het toenmalige college heeft gezegd daarop een jaar later terug te komen. Nu moet er haars inziens wel tijd en aandacht aan gegeven worden, omdat het denken over het welzijn van dieren is veranderd en nog steeds aan het veranderen is. In 2017 is de Wet op de natuurbescherming aangenomen en in 2024 komt er een wet over welke huisdieren wel en niet zijn toegestaan. Vandaag las zij in de krant dat hommels puzzels kunnen oplossen.
Mensen weten dus nog heel erg weinig over dieren en wat zij allemaal kunnen. Lokaal heeft de gemeente een wettelijke taak en zij is blij dat het college heeft besloten tot een eerste stap om een regionaal Goois nest te realiseren. Ook het vervoer van dieren blijft de wettelijke taak van de gemeente. Er is dus meer te doen en daarom heeft GroenLinks een motie ingediend. Sommige mensen vroegen haar wat er over de verhoging van het dierenwelzijn meer is te zeggen. Daarop komt zij graag in haar motie vreemd aan de orde van de dag terug. Zij benadrukt dat het college al heel erg veel doet. Er is ook al een nota over natuurinclusief bouwen aangenomen. Het verzoek is om die nota uit de la te halen, te kijken naar alle gedane toezeggingen en daarop bij de raad terug te komen. Motie M 23-28 ‘Dierenwelzijn’ “De raad van Hilversum bijeen in vergadering bijeen op 8 maart 2023, behandelend agendapunt 14. voorstel wijziging APV diverse artikelen’; overwegend dat: • de voorliggende APV geen handvatten biedt om dierenwelzijn te verbeteren;
HI20230308
33
•
de gemeenteraad in maart 2016 een nota dierenwelzijnsbeleid heeft vastgesteld als eerste stap in het ontwikkelen van een breed gedragen en samenhangend beleid voor het welzijn van dieren; • het toenmalige college aankondigde een jaar na vaststelling (dus uiterlijk in 2017) van deze nota een actualisatie aan te bieden; • het daar nog niet van gekomen is (en het ondertussen wel zes jaar later is); • de in de nota aangekondigde meldingen op de website van de gemeente Hilversum nog niet gerealiseerd zijn (bijv. een meldpunt dierenmishandeling); • de door het college aangekondigde gesprekken met het platform dierenwelzijn niet zijn teruggekoppeld aan de gemeenteraad; voorts overwegend dat: • de lokale overheid een wettelijke taak heeft in de taken vervoer, opvang en verzorging van zwerfdieren; • de RIB 1259012 (regionale samenwerking dierenwelzijn – Opvang en verzorging dieren in de regio) een goede eerste stap biedt op het weer in onze regio opvangen en verzorgen van zwerfdieren; • er over de verhoging van dierenwelzijn meer te zeggen is; verzoekt het college om een actualisatie van de in 2016 aangenomen dierenwelzijnsnota aan de gemeenteraad voor te leggen, uiterlijk in Q2 2024, waarin in elk geval aan de orde komen de relaties van dierenwelzijnsbeleid met: ➢ wonen, groen, openbare ruimte; ➢ water; ➢ evenementen; ➢ bouwen; en gaat over tot de orde van de dag.” (Motie M 23-28 van
GroenLinks, de PvdA, D66 en de ChristenUnie) Mevrouw WALTERS (wethouder) trekt momenteel hard aan het realiseren van een regionaal dierenasiel. Dat heeft nu prioriteit. Er is weinig capaciteit op het gebied van dierenwelzijn, zodat een nieuwe nota over dierenwelzijn nog niet kan worden gemaakt. Wel zal het college een brief opstellen over wat er sinds 2016 aan dierenwelzijn is gebeurd. Die brief met een stand van zaken kondigt zij voor de voorjaarsnota aan. Zij vraagt de indieners de motie aan te houden. De heer VAN DEN TOP (burgemeester) zegt dank voor de steun voor het collegevoorstel over de APV. Mevrouw REMMERS vraagt of de brief over dierenwelzijn meer bevat dan wat er is gebeurd sinds 2016. Zij vraagt de wethouder te kijken naar de nota uit 2016, de gedane toezeggingen en om een afweging te maken of nieuw beleid nodig is. Als dat wordt toegezegd houdt zij motie M 23-28 aan. Mevrouw WALTERS (wethouder) kan niet alle destijds gedane toezeggingen wel uitvoeren. Zij kan zeggen wat er tot nu toe is gedaan, waar de gemeente staat en wat er ondertussen aan nieuwe wetgeving is waarop de gemeente moet acteren. Mevrouw REMMERS houdt motie M 23-28 aan. Zonder stemming wordt het voorstel van burgemeester en wethouders aangenomen. (Het voorzitterschap wordt overgedragen aan burgemeester Van den Top.)
HI20230308
34
15.
VASTSTELLEN BESTEMMINGSPLAN HEUVELLAAN 50
De VOORZITTER laat weten dat de raad op 6 oktober 2021 het schetsontwerp transformatie Heuvellaan 50 heeft vastgesteld. Het ontwerp van het bestemmingsplan heeft ter inzage gelegen. Daarop zijn zeven zienswijzen ingediend. Dit leidde tot twee aanpassingen aan het ontwerp bestemmingsplan. Het bestemmingsplan kan gewijzigd worden vastgesteld. In de commissievergadering van 8 februari jl. vonden de woordvoerders het voorstel in meerderheid rijp voor behandeling door de raad en zij gaven over het voorstel te willen debatteren. De meeste fracties maakten een voorbehoud, mede vanwege de aankondigingen van amendementen. Mevrouw KALK merkt op dat de plannen voor Heuvellaan 50 al veel stof hebben doen opwaaien en ook al even lopen. De PvdA had daar graag meer woningen gezien, te bouwen volgens de afgesproken verdeling een derde sociale huurwoningen en de helft middeldure woningen. De plek was haars inziens ook een unieke kans om in het welvarende deel van Hilversum te kunnen differentiëren en sociale huurwoningen toe te kunnen voegen. De eerdere oproepen van de PvdA hiertoe hebben nooit op een meerderheid kunnen rekenen. Bij de commissiebehandeling werd zij even verblijd met de inbreng van het CDA, die een warm pleidooi voor meer wonen hield. De toegezegde amendementen hierop zijn helaas niet gekomen.
Daarom is zij des te blijer met de motie van Hart van Hilversum, die de deur weer openzet naar meer wonen en dus naar sociale huurwoningen op de Heuvellaan als het werken een sta in de weg blijkt te zijn. Een inspreekster gaf in de commissievergadering aan hoe zij de participatie heeft ervaren. Net als bij andere projecten blijkt dat de leidraad voor participatie niet werkt. Participatie moet en kan en hoe dat gebeurt is dan aan de ontwikkelaar. Dat vraagt om gedoe, dat leidt tot onduidelijkheid en vaak tot boosheid over en weer, wat niet nodig is. Zolang de leidraad niet verbetert zal dat volgens haar echter wel zo blijven. Dat is jammer en teleurstellend voor alle betrokkenen. Daarom nodigt de PvdA iedereen uit om mee te denken over en verbetering van die leidraad participatie en daartoe komt zij graag nog bij de raad terug. De heer GROENEVELD gaf in de commissievergadering aan het over de invulling van de kantoorfunctie en over het participatieproces te willen hebben. Er waren daarover van de ontwikkelaar en de inspreker verschillende ervaringen. Gehoord de wethouder, de ambtenaar en de ontwikkelaar zijn de zorgen over de kantoorfunctie en het vinden van een geschikte partij ongegrond. Het college gaf aan over te weinig kantoorfunctie te beschikken en bedrijven staan te springen om nieuwe panden.
De ontwikkelaar heeft ook aangegeven dat de verwachting groot is om een geschikte kandidaat te kunnen vinden. Daarin volgt Hart voor Hilversum de lijn van het college. Maar hij is nog niet helemaal gerust en daarom dient zijn fractie samen met andere fracties motie M 23-31 in. Motie M 23-31 ‘Heuvellaan 50, Voortschrijdend inzicht’ “De gemeenteraad van Hilversum in vergadering bijeen op 8 maart 2023, behandeld agendapunt 15, ‘Vaststellen bestemmingsplan Heuvellaan 50’; constaterende dat: de ontwikkelaar heeft aangegeven werklocaties alleen te gaan realiseren zodra deze verkocht of verhuurd zijn; in de anterieure overeenkomst wordt overeengekomen dat de ontwikkelaar geen enkele realisatieverplichting (artikel 15) heeft; het college en de ontwikkelaar beiden wel positief zijn over het verkopen of verhuren van de werklocaties; vanuit de directe omgeving meer consensus lijkt te zijn voor een woonbestemming dan voor werklocaties; overwegende dat:
HI20230308
35
-
het huidige klimaat van hoge inflatie, stijgende rentes, hoge schulden en lage groei de prikkels verminderen voor investeringen door bedrijven; ‘economisch perspectief 2040’ niet in beton is gegoten en in dergelijke gevallen met een ‘courante bril’ ofwel een geactualiseerde bril naar de situatie gekeken kan worden; de behoefte aan woningen zeer groot is; aan de opgave ‘sociale woningen’ op deze locatie niet wordt voldaan; roept het college op om: indien tijdens de ontwikkeling van de plannen, onderbouwd, blijkt dat de behoefte aan het werkprogramma (gedeeltelijk) wegvalt en derhalve minder werkprogramma nodig is, te onderzoeken of meer woonprogramma kan worden gerealiseerd, daarbij de in de woonvisie vastgelegde verhouding 33% sociaal-, 50% midden- en 17% vrije sector woningen als uitgangspunt te nemen en, indien het onderzoek en daarbij gehouden participatie daartoe aanleiding geeft, het bestemmingsplan dan te wijzigen.” (Motie M 23-31 van Hart voor Hilversum, de PvdA, het CDA en BVNL) Wat betreft de participatie is hij van mening dat men na het meegeven van het kaders deze moet respecteren. De beide amendementen van het CDA dient Hart voor Hilversum mede in.