CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Totaalbestand technische vragen Begroting 2026 (toegevoegd 17 oktober 2025)

GEMEENTERAAD 12 november 2025, gemeente HilversumBij agendapunt: Programmabegroting 2026 (1872281)19.746 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

F# Nr. fractie 1 CDA

fractie wethouder

onderdeel begroting

pagina vraag

Antwoord

CDA

Heller

1.3 Hilversum en Wijdemeren 'Samen Sterker'

8 Wat is de rol van de raad van Hilversum t.a.v. de goedkeuring van de begroting 2026 van Wijdemeren?

De raad van Hilversum heeft geen rol in het goedkeuren van de begroting van Wijdemeren, anders dan het overgenomen preventief financieel toezicht. Op 27 maart 2025 heeft de gemeenteraad echter het college van B en W gemandateerd om de rol van Hilversum in het preventief financieel toezicht dat door Gedeputeerde Staten (GS) i.v.m. de herindeling op Wijdemeren is gelegd, in te vullen.

2 CDA

CDA

Kalk

Mooie stad | Opgave van de stad

13 Zijn - gezien de referentiewaarden uit de afgelopen jaren - de streefwaarden van 350 opleveringen per jaar realistisch, en welke concrete maatregelen volgen bij achterblijven van deze doelstellingen?

De harde plancapaciteit voor de periode 2025-2030 is 2800 woningen. Dit zijn onder andere de projecten Circusterrein (379), Monnikenpark (329), Crailo (301), Stationsgebied (224), Philipshof (260) en diverse locaties in 1221 en kleinere ontwikkelingen. Zie voor het volledige overzicht de woningbouwmonitor, de jaarlijkse woonmonitor die naar verwachting rond 15 oktober aan u aangeboden wordt. Er is voldoende plancapaciteit om de streefwaarden van 350 opleveringen te halen. In 2026 verwachten we zelfs dat meer woningen worden opgeleverd dan de streefwaarde. De spanning zit in het daadwerkelijk realiseren van de woningen. Hiervoor werkt het team projecten nauw samen met alle benodigde partners. We maken gebruik van landelijke subsidiemogelijkheden, zoals de Rijkssubsidie voor de flexwoningen op het circusterrein en de Wokt- aanvraag voor Sportpark. De realiteit blijft dat bouwen van woningen in de huidige omstandigheden complex is. De bouwkosten zijn hoog, er is een te kort aan geschikt bouwpersoneel en veel projecten zijn financieel moeizaam rond te rekenen. We blijven met ontwikkelaars en corporaties creatief kijken naar optimalisatie van projecten.

3 CDA

CDA

Kalk

1.1.2 Wonen en bouwen

15 De begroting stelt dat de verdeling 33% sociaal, 50% middelduur en 17% duur "moeilijk te realiseren" is, maar dat de gemeente zich blijft inspannen. Welke concrete maatregelen neemt het college om de realisatie van 50% middelduur te verbeteren, en wat zijn de knelpunten?

Het knelpunt zit inderdaad voornamelijk bij de realisatie van middeldure woningen. Woningen met een middenhuur tussen de € 900,07- € 1.184,82 en koopwoningen tot de NHG-grens (€ 450.000,-) zijn financieel niet interessant voor ontwikkelaars. Woningcorporaties mogen sinds een paar jaar weer middenhuurwoningen verhuren, maar springen nog maar weinig in dit gat. Dit komt onder ander door alle andere opgaven die zij hebben liggen. Waaronder verduurzaming van de bestaande woningvoorraad en realiseren van sociale woningbouw. De wispelturigheid van de landelijke regelgeving, zoals de aangekondigde en weer teruggedraaide huurbevriezing, dragen daar ook niet aan bij. Als we initiatieven krijgen van woningbouw met volledig middensegment proberen we die zo goed mogelijk te faciliteren. We blijven in gesprek met de woningcorporaties over mogelijkheden voor middenhuur. Kansen liggen ook bij bestaande woningen. De opkoopbescherming is hier een voorbeeld van. Deze koopwoningen blijven beschikbaar voor de startende kopers en gaan niet naar particuliere investeerders. De komende jaren moet gemonitord worden of een gezond evenwicht ontstaat tussen betaalbare koop- en huurwoningen. Onduidelijkheid vanuit het Rijk over de toekomst van het beleid draagt niet bij aan de beschikbaarheid van woningen in het middensegment.

4 CDA

CDA

Kalk

1.1.2. Wonen en bouwen

U kunt de planning van alle woningbouwprojecten vinden in de woningbouwmonitor en de jaarlijkse woonmonitor die naar verwachting rond 15 oktober aan u wordt aangeboden. Daarnaast is veel informatie te vinden op bouwenaanhilversum.nl.

5 CDA

CDA

Kalk

1.1.2. Wonen en bouwen

15 Hoe worden de 3.000 woningen tot 2030 concreet per jaar en per locatie geborgd en gemonitord? Kunt u een overzicht geven van de planning per ontwikkellocatie? 15 Hoe werkt de 'Taskforce betaalbare woningbouw' door in concrete projecten en aantallen? Wat zijn de resultaten tot nu toe?

1

Het is niet een op een aan te tonen wat het resultaat is van de Taskforce in concrete projecten en aantallen. De taskforce werkt door op alle niveaus: landelijk, provinciaal en lokaal. Wel is te zeggen dat de taskforce heeft geleid tot betere samenwerking tussen de woningcorporaties en de gemeente. Een voorbeeld hiervan is de samenwerking tussen de Alliantie, Dudok, G&O en gemeente voor de flexwoningen op het circusterrein. De woningcorporaties zijn hier vanaf het begin samen opgetrokken om de woningen tot stand te krijgen. Daarnaast speelt de taskforce een rol in een goede positionering van de woningcorporaties in nieuwe projecten. Doordat zij goed op de hoogte zijn van de projecten in de gemeente kunnen zij op het juiste moment in gesprek met ontwikkelaars. Met dank aan de woningcorporaties is het bijvoorbeeld gelukt om alsnog sociale huurwoningen in Monnikenpark te krijgen en bij de Wybertjesfabriek.

6 CDA

CDA

Göbbels

Cultureel erfgoed

19 Wat houdt afronding fase 2 religieus erfgoed precies in?

Fase 2 voorziet in een aanpak voor het duurzaam behoud van gebedshuizen in de gemeente en een hulpmiddel om tijdig mee te kunnen denken over mede- en herbestemming. Met als doelen het behoud van de maatschappelijke functie als ruimte voor ontmoeting en samenkomst en de verbinding te leggen met ontwikkelthema’s en kansen voor sterke buurten en wijken.

7 CDA

CDA

Heller

Duurzame stad

24 Kunt u het verloop van de indicator Het percentage hernieuwbare elektriciteit stijgt jaarlijks. Het fluctueren van de percentages voor de hernieuwbare elektriciteit toelichten? jaren 2022, 2023 en 2024 is gebaseerd op een verandering in de meetmethoden. De daling van 8,5% in 2022 naar 4,0% in 2023 kan daaraan worden toegeschreven. Er is dus geen sprake van een daadwerkelijke afname van het percentage hernieuwbare elektriciteit. Dit percentage stijgt gewoon jaarlijks, zoals ook te zien in 2024 met 9,0%.

8 CDA

CDA

Heller

Duurzaamheid en milieubeheer

25 Heeft netcongestie impact op de planning en realisatie van de 3.000 woningen tot 2030, met name in grote ontwikkelgebieden zoals Stationsgebied, 1221, Sportpark/Arenapark en Crailo en zo ja, welke?

Nieuwbouwwoningen vallen buiten de wachtlijst voor grootverbruikers. Liander heeft dus rekening gehouden met de benodigde stroomvoorziening voor de woningen uit de woningbouwmonitor. Daarbij komende gemeenschappelijke voorzieningen zoals een laadplein zijn hier niet bij opgenomen. Zodra het gaat om gecombineerde ontwikkelingen waarbij ook bedrijfsruimtes worden ontwikkeld, wordt er geen stroom geleverd aan betreffende grootverbruikers, zoals hotels en supermarkten. Dat heeft mogelijk grote impact. Voor elke gebiedsontwikkeling waar dit speelt zal het energiesysteem integraal onderzocht moeten worden om mogelijke (deel)oplossingsrichtingen duidelijk te krijgen.

9 CDA

CDA

Heller

Duurzaamheid en milieubeheer

Hieraan werken we volgens de Transitie Visie Warmte en het nieuwe warmteprogramma wat per 2026 wordt vastgesteld. Tevens werken we aan hernieuwbare energie via het programma van de Regionale Energie Strategie (RES). Een integrale benadering van het energiesysteem is belangrijk en hierover vindt afstemming plaats tussen de verschillende disciplines intern en externe betrokkenen zoals de netbeheerders.

10 CDA

CDA

Kalk

Verbindende stad indicatoren

25 Netcongestie heeft een directe impact heeft op belangrijke beleidsdoelen van de gemeente. Hoe wordt Hilversum voorbereid op de toenemende elektrificatie (meer elektrische auto's, warmtepompen, inductiekoken) en de daarmee samenhangende groeiende vraag naar elektriciteit? 34 Het percentage inwoners dat het (helemaal) eens is dat de gemeente inwoners en organisaties betrekt bij beleid is gedaald van 36,0% (2023) naar 28,0% (2024), terwijl de streefwaarde >42% is voor 2026. Welke specifieke maatregelen worden genomen om participatie te verbeteren en deze dalende trend te keren?

De volgende concrete maatregelen worden genomen om de participatie van inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisatie te verbeteren: 1) Uitvoering wordt gegeven aan de Startnotitie Participatiebeleid. Dit beleid wordt op dit moment samen met inwoners, bedrijven en maatschappelijke organisaties ontwikkeld en wordt naar verwachting voor de zomer 2026 aan de raad aangeboden. De doelen die we met het partcipatiebeleid willen bereiken zijn: • Inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisatie meer betrekken bij initiatieven, plannen en besluiten. • Gebruik maken van elkaars kennis en ideeën. • Helder maken wat er met de inbreng van mensen gebeurt. • Respect tonen voor verschillende meningen. • Het opstellen van uitgangspunten en kaders bij participatie -initiatieven 2) Inmiddels is er gewerkt aan aan procesverbetering: het proces van buurtinitiatieven en het proces van maatwerkinitiatieven is aangepast. Processen waarbij met name aan het begin van het proces inwoners eerder worden betrokken. Tevens wordt op dit moment als onderdeel van het te ontwikkelen participatiebeleid de leidraad ''Betrek de Buurt'' geëvalueerd.

2

11 CDA

12 CDA

CDA

CDA

Van Wijkplannen 2025Voorden/Kalk 2026 | Speerpunten

Van Wijkplannen 2025Voorden/kalk 2026 | Speerpunten

35 Als een van de speerpunten wordt genoemd: "Samen met inwoners, ondernemers en partners uitvoering geven aan de thema's in de wijk zoals omschreven in de Wijkplannen 20252026". In het coalitieakkoord is afgesproken Wijkgerichte Uitvoeringsagenda's op te stellen. Tot nu toe is alleen de Wijkgerichte Uitvoeringsagenda Hilversumse Meent opgesteld. Wat is de planning voor de andere wijken en Kerkelanden in het bijzonder?

Wij maken onderscheid tussen wijkplannen, woonagenda’s en gebiedsagenda's. Wijkplannen bevatten de gezamenlijke ambities van betrokken bewoners van de wijk, maar ook de wijkregisseurs, opbouwwerkers, buurtsportcoaches, maatschappelijk werkers en vele andere professionals. https://hilversum.nl/sites/default/files/documents/Wijkplannen%202025-26.pdf Specifiek voor de Hilversumse Meent is een woonagenda opgesteld. In deze woonagenda worden de ambities uit de woonvisie uitgewerkt tot concrete activiteiten op wijkniveau, rekening houdend met de kenmerken en mogelijkheden van de wijk. Als uitwerking van de omgevingsvisie is in december 2024 door u het raadsvoorstel ‘startnotitie gebiedsgericht werken’ vastgesteld. Hierin is voorgesteld om te gaan werken met integrale gebiedsagenda's. In 2026 wordt de startnotitie gebiedsagenda Zuidwest aan u voorgelegd en daarna de startnotitie Oud zuid. Kerkelanden is onderdeel van de gebiedsagenda Zuidwest.

35 Is er voldoende budget en capaciteit Wij maken onderscheid tussen wijkplannen, woonagenda’s en gebiedsagenda's. Vanuit de wijkplannen beschikbaar om voor alle wijken in ondersteunen wij initiatieven en activiteiten vanuit het wijkbudget, welke voor elke wijk beschikbaar is. Hilversum wijkagenda's/wijkplannen Aanvragen voor bijdrages uit dit wijkbudget worden beoordeeld door de wijkregisseur, die bij de op te stellen en uit te voeren? Zo nee, afweging collega's en de wijkwethouder kan betrekken. Naast de wijkbudgetten is er het wat is er nodig om dit te versnellen? wijkkansenbudget. Dit is bestemd voor bijzondere, eenmalige wijkkansen, of impulsen. Deze zijn vaak wijkoverstijgend. Ook zijn er ook budgetten voor groenvoorzieningen en buitenspeeldagen. Bij vaststelling van de Woonagenda Hilversumse Meent heeft u budget vrijgemaakt voor het opstellen van het stedenbouwkundigplan. Voor de gebiedsagenda’s is op voorhand geen budget beschikbaar. Voorafgaand aan de gebiedsagenda wordt een startnotitie aan de gemeenteraad voorgelegd waarin onder andere aandacht is voor financiën, middelen, prioritering, mogelijke vervolgplannen en projecten en capaciteit.

13 CDA

CDA

Kalk

Overhead

63 In de tabel onder 4 is de bijdrage van 20 mln. vanuit Wijdemeren verwerkt. Uitgaande van ca 2 mln overige overheadkosten komende jaren kom je dan uit op een bedrag van 6 mln voor 2026. Waar zit het verschil in?

Het saldo onder punt 4 in het overzicht Overhead daalt van - € 13.969 (voordelig) in 2026 naar € 2.246 (nadelig) in 2027. Dit betekent een verschil van afgerond € 16 miljoen. Zoals toegelicht bij de tabel in de begroting op blz. 63, is in 2026 incidenteel € 20 miljoen begroot als bijdrage van Wijdemeren voor personeelskosten in verband met de ambtelijke samenvoeging. Daarnaast is er in 2026 een incidenteel budget van € 4,14 miljoen geraamd voor programmakosten van de samenvoeging. Deze kosten worden gedekt door de Arhi-middelen, maar deze dekking is in dit overzicht niet opgenomen. Beide posten zijn incidenteel en vervallen in 2027. Dit verklaart de daling van het saldo in het overzicht.

14 CDA

CDA

Voorink

Grondexploitatie en vastgoed

De Raad heeft drie gebieden aangewezen waarop een Wet voorkeursrecht gemeenten (WVG) is gevestigd: Koninginneweg, Entree Oost en Arenapark. Hiervoor zijn kredieten verstrekt van resp. (afgerond) € 21,1 mln, 12,7 mln en € 4,8 mln. Daarnaast zijn geen andere kredieten gereserveerd voor strategische grondaankopen.

15 CDA

CDA

Kalk

Begrotingsprogramma

68 Is er budget gereserveerd voor strategische grondaankopen om toekomstige ontwikkelingen mogelijk te maken, en zo ja, hoeveel en voor welke gebieden? 70 Wat is in 2028/2029 ingerekend bij overige baten en lasten?

16 CDA

CDA

Kalk

Toelichting risicoprofiel

88 De 400 flexwoningen worden voor een maximale termijn van 15 jaar

Het uitgangspunt is dat de flexwoningen na maximaal 15 jaar verplaatst worden naar een andere locatie. Dit kan binnen het plangebied voor het Circusterrein, in Hilversum, de (MRA-)regio of elders in Nederland zijn. Hierbij is de herplaatsingsgarantie van het Rijk de achtervang voor het vinden van een

3

Bij overige lasten/baten is in 2028 en 2029 bij de baten een bedrag opgenomen van € 0,7 miljoen. Dit betreft de inkomsten uitgaande van de invoering van de forenzenbelasting zoals opgenomen in de Voorjaarsnota 2025.

gerealiseerd. Hoe wordt de verplaatsing na 15 jaar geborgd?

locatie. Mocht het onverhoopt niet lukken om een vervangende locatie te vinden na 15 jaar dan geldt dat er in artikel 13 van samenwerkingsovereenkomst afspraken zijn gemaakt over de financiële garantiestelling door Rijk (60%), gemeente (25%) en Corporaties (15%). De kans dat er over 15 jaar geen nieuwe locatie beschikbaar is voor deze flexwoningen in Hilversum wordt momenteel geschat op 20%. Gezien deze lage kans wordt voorgesteld om de financiële gevolgen voorlopig alleen op te nemen in het benodigde weerstandsvermogen van de gemeente, zonder een aparte voorziening te treffen. Dit risico wordt regelmatig geëvalueerd. Als de kans van optreden stijgt naar 50%, wordt de gemeenteraad hierover geïnformeerd en kan het voorstel worden gedaan om alsnog een aparte voorziening te treffen. Mocht gedurende de komende 15 jaar het risico hoger worden dan 80% dan zullen andere maatregelen genomen moeten worden, zoals het vormen van een voorziening.

17 CDA

CDA

Kalk

Toelichting risicoprofiel

88 Welke contractuele en financiële garanties zijn vastgelegd voor relocatie van de flexwoningen en hoe is de risicoverdeling (rijk 60%, gemeente 25%, corporatie 15%) juridisch geborgd? 102 Voor het jaar 2025 zijn 44 mln investeringen IHP ingerekend. Wat is een realistische inschatting van het werkelijk te behalen volume. Indien lager werkt dat op andere onderdelen van de begroting door?

Zie beantwoording vraag 16 CDA.

18 CDA

CDA

Göbbels

Onderwijshuisvesting

19 CDA

CDA

Heller

Tomingroep

132 Tomingroep zou de raad naar Het algemeen bestuur van Tomingroep heeft in de vergadering van 10 september 2025 een aanleiding van de ingediende conceptreactie besproken op de zienswijzen van de deelnemende gemeenten over de jaarstukken. Op zienswijze op de jaarstukken verzoek van enkele bestuursleden zijn nog wijzigingen doorgevoerd; deze zijn inmiddels verwerkt. informeren t.a.v. het liquiditeitstekort Verwacht wordt dat deze uiterlijk in oktober aan de raad wordt toegezonden. In november wordt een en de voorgenomen maatregelen. Is BVS georganiseerd waarin u wordt bijgepraat over de ontwikkelingen rond het sociaal ontwikkelbedrijf daar al iets van bekend? en de rol daarin van Tomin.

1 CU

CU

Kalk

Mooie stad

14 Wat is de omgevingstafel? En wat Sinds 1 januari 2024 geldt de Omgevingswet. Deze wet beoogt minder en duidelijkere regels, snellere en wordt bedoeld met doorontwikkeling eenvoudigere vergunningverlening en werken vanuit een ‘ja, mits’-houding. Eén van de (nieuwe) daarvan? instrumenten die we hierbij gebruiken, is de Omgevingstafel. Daar wordt de haalbaarheid van ruimtelijke plannen besproken. Het gaat dan om complexe initiatieven in de fysieke leefomgeving. Aan de Omgevingstafel verkennen initiatiefnemers -zoals burgers en projectontwikkelaars- samen met de gemeentelijke disciplines deze initiatieven.

Dit beschikbaar gestelde krediet wordt grotendeels niet in hetzelfde kalenderjaar uitgegeven. Logischerwijs is de doorlooptijd vaak meerdere jaren (planvorming, ontwerp, aanbesteding) . Als het project in de uitvoeringsfase is gekomen worden de betalingen gefaseerd gedaan. In de Voortgangsrapportage van het IHP waarover de Raad in december beslist wordt de voortgang van de verschillende projecten uiteengezet. De vertraging op Onderwijshuisvesting werkt niet door in andere delen van de begroting. Ten aanzien van de meerjarige kapitaallasten wordt nl verondersteld dat gemeente Hilversum jaarlijks 30 miljoen aan investeringen realiseert.

Deze brief van 15 april 2025 (zaaknummer 1731404) licht toe dat er in 2024 en 2025 veel ervaringen zijn opgedaan met circa 40 Omgevingstafels. De hierin genoemde verbeteringen zijn al ingezet en lopen door in 2026. De verbeteringen gaan over thema’s als samenwerking, vindbaarheid van beleid, communicatie, versnelling en dienstverlening. Daarnaast gaan we in 2026 onze VTH-processen harmoniseren met Wijdemeren. Ook blijven we werken aan regionale samenwerking en het verbeteren van de begeleiding van de initiatieven door Omgevingsregisseurs. Meer informatie? Zie de gemeentelijke website.

4

2 CU

CU

Kalk

Levendige stad

17 Het inzetten van buurtsportcoaches via de Brede Regeling Combinatiefuncties; is dat structureel of tijdelijk budget?

De Brede SPUK regeling loopt van 2023 tot en met 2026. Dus een tijdelijk budget Het Rijk is bezig met een nieuwe regeling voor de jaren na 2026. Het is wel de bedoeling dat de Brede Regeling Combinatiefuncties (buurtsportcoaches) hier weer onderdeel van gaat uitmaken. Echter op dit moment hebben wij hier geen zekerheid over.

3 CU

CU

Heller

Duurzame stad

26 Bij bevorderen circulaire economie: Wat is de stand van zaken met betrekking tot de uitvoering van de motie M22-68 "Klaar voor een circulaire toekomst"?

De motie is in 2022 ingediend bij de behandeling van het plan voor MFA Zuid – De Kleine Lelie. Dit jaar is MFA Bloemrijk in gebruik genomen; ons eerste eigen circulaire vastgoed; zowel de sloop van de oude gebouwen als de nieuwbouw hebben we volgens circulaire principes uitgevoerd, waaronder Madaster. Sinds 2022 hebben we verder geen tenders voor eigen nieuwbouw uitgevoerd. Circulariteit heeft onze aandacht bij toekomstige ontwikkelingen, zoals bij de toekomstige sloop van de Dudok Arena en de nieuwbouw van het Sportcomplex.

4 CU

CU

Heller

Werkende Stad

51 Hoeveel van de tien basisbanen zijn er al gerealiseerd?

We hebben op dit moment 5 basisbanen gerealiseerd. We zijn volop bezig met het realiseren van de overige 5 basisbanen. Het streven is dat deze uiterlijk in Q1 2026 zijn ingevuld.

5 CU

CU

Heller

Overzicht baten en lasten

157 Wat gaat de gemeente in 2026 ondernemen om de benodigde asiel opvangplekken te realiseren?

Wij zijn achter de schermen doorlopend intensief met COA in overleg over verkenning van locaties voor asielopvang om te kunnen voldoen aan onze taakstelling (434 asielopvangplekken). Het blijkt in de voorbereiding asielopvang ingewikkeld om binnen de kaders van de beleidsagenda Asielaanpak te blijven. We zijn hierover met COA in gesprek en beraden ons op wat dit betekent voor verdere te nemen acties. Wij lopen daarnaast in de zoektocht aan tegen de beperkte beschikbaarheid van geschikte locaties en ruimte op de vastgoedmarkt voor deze opgave. Medio november informeren wij u over middels een RIB.

6 CU

CU

Voorink

Overzicht baten en lasten

157 Heeft de benodigde extra sanering van de toplaag te maken met de nieuwe natuurfunctie van het MOBterrein? In dien dat het geval is; in hoeverre zijn GNR en Provincie Noord-Holland benaderd om mee te betalen aan deze extra kosten ten behoeve van natuurontwikkeling?

De verplichting om de toplaag te saneren tot achtergrond waarde is aan de gemeente Hilversum als eigenaar opgelegd. GNR neemt de grond alleen maar over als de sanering is uitgevoerd. Er zijn helaas ook geen provinciale middelen / regelingen waarvan gebruik kan worden gemaakt te behoeve van de bekostiging van deze sanering.

4 In de programmabegroting 2026 wordt uitgegaan van ruim 127.000 inwoners na fusie met Wijdemeren, terwijl het er met de actuele cijfers samen circa 119.000 zijn (≈ 6,7% verschil). Hoe verklaart u dit verschil? 13 U noteert in de tabel dat het percentage in 2024 opgeleverde sociale huurwoningen later volgt. Wat is de reden hiervan en wanneer mogen wij de ontbrekende gegevens verwachten? 14 U gaat in de komende periode gebiedsagenda's opstellen. Kunt u aangeven over welke concrete periode u spreekt en de volgorde die u voorstelt daarbij aan te houden?

Het aantal van circa 119.000 is correct. 127.000 is per abuis foutief in de stukken beland.

1 DH

DH

Heller/kalk

1.1 Algemene Beschouwingen

2 DH

DH

Kalk

Programma 1 - wonen en leven - Mooie stad

3 DH

DH

Göbbels

1.1.1 Ruimtelijke ordening

5

Wel zijn wij nog in gesprek met de Omgevingsdienst of de sanering van de toplaag tot achtergrondwaarden daadwerkelijk nodig is ten behoeve van de functie natuur. Wij hebben een onderzoeksopdracht gegeven aan de Universiteit Wageningen om ons en de Omgevingsdienst hierover goed te kunnen adviseren.

Hier is iets niet goed gegaan. De streefwaarde 2024 is wel bekend. In 2024 zijn geen sociale huurwoningen opgeleverd. Begin 2025 zijn wel sociale huurwoningen opgeleverd in Volante Nieuw Zuid. Voor het totale overzicht verwijzen wij naar de jaarlijkse woonmonitor die naar verwachting rond 15 oktober aan u wordt aangeboden.

In december 2024 heeft de gemeenteraad ingestemd met de Startnotitie Gebiedsgericht Werken. Bij dit voorstel is een eerste volgorde van de te maken integrale gebiedsagenda's opgenomen. Aan de integrale gebiedsagenda voor Zuidwest wordt als eerste gewerkt, waarbij vooraf een startnotitie aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Deze startnotitie staat voor het eerste kwartaal van 2026 op de prioriteitenagenda. Daarna wordt gewerkt aan de gebiedsagenda voor Oud Zuid. Deze werkzaamheden vinden in 2026 plaats. De volgorde van de overige gebiedsagenda's is nog niet bepaald.

4 DH

DH

Kalk

1.1.1 Ruimtelijke ordening

5 DH

DH

Kalk

Programma 1 - wonen en leven - Levendige stad

6 DH

DH

Kalk

Programma 1 - wonen en leven - Levendige stad

7 DH

DH

Göbbels

Programma 1 - wonen en leven - Bereikbare stad

8 DH

DH

Heller

Programma 1 - wonen en leven - Bereikbare stad

9 DH

DH

Heller

Programma 1 - wonen en leven - Bereikbare stad

10 DH

DH

Kalk

Programma 1 - wonen en leven - Middelen begrotingsprogramma

14 U noemt als speerpunt de doorontwikkeling van de Omgevingstafel. Kunt u uitleggen hoe we dit moeten zien? 16 Waarom verlaagt u de streefwaarde betreffende het percentage inwoners dat tevreden is over de sportvoorzieningen en sportmogelijkheden van >65% in 2025 naar 59% in 2026? 16 Waarom verlaagt u de streefwaarde betreffende het percentage inwoners dat vindt dat er voldoende mogelijkheden zijn voor sport en recreatie van >70% in 2025 naar 66% in 2026? 21 Het college streeft naar minder verkeersslachtoffers, in ieder geval minder dat het voorafgaande jaar. Het aantal verkeersslachtoffers per 1.000 inwoners is echter in 2024 zelfs toegenomen. Hoe verklaart u dit en hoe gaat u ervoor zorgen dat zich alsnog een daling inzet? 23 U schrijft: "We evalueren de invoering van het betaald parkeren. In 2026 leveren we een procesevaluatie op van de invoering." Kunnen wij in 2026 behalve een procesevaluatie ook een met cijfers onderbouwde evaluatie van de effecten van het ingevoerde parkeerbeleid tegemoet zien? 23 Waarom ontbreekt bij de speerpunten de verbetering van de dienstverlening als het gaat om parkeervergunningen, zoals knelpunten bij het gebruik van de ParkeerApp? 30 U wilt zich blijven inzetten voor sportbeleid en activering. De streefwaarde voor de tevredenheid met sportvoorzieningen daalt (tabel pag. 16).

Toch verwacht u de komende jaren minder geld daaraan uit te hoeven geven. Hoe verklaart u dat?

6

Zie vraag 1 CU

Wij hebben geconstateerd dat de ingezette stijgende lijn van 2022 en 2023 zich in 2024 niet heeft doorgezet en zelfs stevig is afgenomen. Dit is in lijn met landelijke ontwikkelingen. Daarom vinden wij het reëel om de streefwaarde bij te stellen.

Wij hebben geconstateerd dat de ingezette stijgende lijn van 2022 en 2023 zich in 2024 niet heeft doorgezet en zelfs stevig is afgenomen. Daarom vinden wij het reëel om de streefwaarde bij te stellen. Wij constateren ook dat er in Hilversum, ten opzichte van veel andere gemeenten, een laag bedrag per inwoner aan sport en bewegen wordt uitgegeven.

Verkeersveiligheid is in grote mate afhankelijk van gedrag van de verkeersdeelnemers. Met de blijvende toename van het aantal auto's op de weg en de toename van het aantal gebruikers van het fietspad is het verklaarbaar dat er ongelukken blijven gebeuren. Infrastructuur aanpassen kost tijd en kan niet alle infrastructuur geheel verkeersveilig maken. Het opleveren van doorfietsroutes in de komende jaren én het blijvend inzetten op gedragscampagnes gaat (naar verwachting) helpen om een daling in te zetten.

Nee, we leveren de met cijfers onderbouwde evaluatie van de effecten van het parkeerbeleid na de zomer van 2027 op. In tabel 1 van onze Voortgangsrapportage Parkeren 2025 hebben wij aangegeven op welke wijze wij de evaluatie van het parkeerbeleid inrichten. In 2026 leveren wij een procesevaluatie op over de invoering van het betaald parkeergebied. Tegelijkertijd zullen wij samen met uw raad kaders vaststellen voor een effectevaluatie. Die evaluatie leveren we na de zomer van 2027 op.

Het verbeteren van de dienstverlening is onderdeel van de reguliere activiteiten in het kader van het begeleiden en monitoren van de diensten die de Coöperatie ParkeerService voor ons uitvoert. De ParkStart applicatie is daar een onderdeel van. De globale investeringskosten voor een verbeterede app zijn opgenomen in de begroting (zie bladzijde 157).

Wij hebben geconstateerd dat de ingezette stijgende lijn van 2022 en 2023 zich in 2024 niet heeft doorgezet en zelfs stevig is afgenomen. Daarom vinden wij het reëel om de streefwaarde bij te stellen. Wij hopen vanzelfsprekend dat de tevredenheid de komende jaren weer zal stijgen met de realisatie van de plannen voor sportpark Loosdrecht en Sportpark, zoals genoemd in deze begroting 2026. De daling van het begrote budget is in lijn van de vastgestelde sport- en beweegnota. Vanuit het coalitieakkoord 2022-2026 waren incidenteel middelen opgenomen voor het sportbeleid. Door de afname binnen deze meerjarig incidentele budgetten dalen de lasten.

11 DH

DH

Voorink

Programma 1 - wonen en leven - Middelen begrotingsprogramma

12 DH

DH

Van Voorden

Programma 2 - Zorg

13 DH

DH

Kalk

Programma 2 - Zorg Verbindende Stad

14 DH

DH

Voorden/Kalk Kansrijke stad indicator

15 DH

DH

Kalk/Heller

02-6.1

16 DH

DH

Voorink

Programma 3 - Werken - Ondernemende stad

30 U streeft naar lagere uitgaven aan de De rioleringsfunctie beschikt over een spaarvoorziening om de kosten voor de vervangingsinvesteringen riolering en zegt: "Omdat we de riolen af te boeken. Door deze spaarvoorziening kunnen we de rioolheffing ontzien wat betreft investeringen in de riolering minder kapitaallasten. Door lagere investeringen hoeven we vanuit de exploitatie van de riolen, oftewel het zijn dan begroot, hoeven we tussen onderhoud in het taakveld riolering, minder bij te dragen aan de spaarvoorziening. Het reguliere, 2026 en 2029 tijdelijk minder geld dagelijkse, onderhoud van de riolen (qua activiteiten en de daarvoor benodigde budgetten) is daarmee opzij te zetten voor onderhoud van niet afgenomen. In de paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen (blz. 96) wordt ingegaan op de verlaging de riolen." Kunt u uitleggen waarom van de investeringen. minder investeren in vervanging niet leidt tot toename van het achterstallig onderhoud bij (niet vervangen) riolen? 33 Ten opzichte van 2024 stijgen de De stijging van de 13 miljoen wordt voornamelijk veroorzaakt door het indexeren van de zorgkosten, zie zorgkosten met per saldo ca. 13 mln. voorjaarsnota 2025. De zorgkosten zijn ten opzichte van 2024 tweemaal geïndiceerd namelijk voor de Kunt u aangeven welke jaren 2025 en 2026.

Daarnaast zijn in 2025 en 2026 zowel de kosten als de opbrengsten voor de opvang ontwikkelingen deze stijging van ontheemden uit Oekraïne opgenomen in Taakveld 6.1 Samenkracht en Burgerparticipatie. veroorzaken? 34 Het percentage inwoners dat het Zie antwoord bij vraag 10 van het CDA (helemaal) eens is dat u inwoners en organisaties betrekt bij de totstandkoming en uitvoering van beleid daalt. Waar vinden wij bij de speerpunten welke inspanningen gaat u leveren om deze trend te keren? 37 Het streefpercentage kinderen dat Het percentage is 16% in verband met de definitie en de gebruikte bron voor deze indicator. De bron die voldoende beweegt stelt u op 16%. gebruikt is voor de cijfers in de programmabegroting is de RIVM gezondheidsmonitor jeugd en is Dat lijkt erg laag. Want volgens opgenomen als indicator in het Doelen Inspanningen Netwerk (DIN) van het Sociaal Domein. De RIVM Gezondheidsenquête van het CBS gezondheidsmonitor jeugd is een gezondheidsenquête die wordt afgenomen onder jeugdigen uit de 2de (2025) voldeed landelijk 61,5 procent en 4de klas van de middelbare school, een doelgroep onder jeugdigen die relatief weinig beweegt. Uit van de kinderen van 4 tot 12 jaar in deze bron blijkt dat de gemeente Hilversum gemiddeld scoort ten opzichte van andere gemeenten 2024 aan de beweegrichtlijn. Onder binnen Nederland (https://www.vzinfo.nl/bewegen/regionaal/jongeren).

De cijfers uit de de 12- tot 16-jarigen voldeed in 2024 Gezondheidsenquête van het CBS geven een ander beeld (de cijfers zijn hoger). Dit komt doordat het 43,1 procent aan de beweegrichtlijn. een andere bron is met een andere definitie ook worden er andere doelgroepen gehanteerd en zijn de Onder de 16- tot 20-jarigen ging het cijfers enkel beschikbaar op landelijk niveau en niet op gemeenteniveau. om 48 procent. Dat betekent dat ze dagelijks minimaal een uur matig intensieve lichamelijke activiteiten verrichten, zoals fietsen en lopen, en minstens drie keer per week spier- en botversterkende activiteiten. Vraag: over welke leeftijdsgroep gaat het in de tabel op pag. 37? Waarom is het % in Hilversum zo laag? 43 Waarom wordt er na 2026 een In 2025 en 2026 zijn zowel de kosten als de opbrengsten voor de opvang van ontheemden uit Oekraïne aanzienlijke daling verwacht in het opgenomen in Taakveld 6.1 Samenkracht en Burgerparticipatie. Voor 2027 is dit nog niet in de begroting budget voor samenkracht en verwerkt (zie ook toelichting onder de tabel). burgerparticipatie? 47 De data voor de indicatoren 014, 016 Waarschijnlijk worden hier de realisatiecijfers over 2024 bedoeld. Deze cijfers komen na het eerste en 021 zijn niet bekend. Vorig jaar kwartaal van het nieuwe jaar, over het voorgaande jaar. was dit wel bekend voor het lopende De realisatiecijfers zijn: jaar.

Waarom dit jaar niet? 014 - Functiemenging 2024 was 54,5

7

016 – Vestigingen bedrijven per 1000 inw = 213,6 021 - Banen, aantal per 1.000 inwoners in de leeftijd van 15-64 jaar was 860,3 17 DH

DH

Heller

Programma 3 - Werken - Werkende stad

50 Het aantal personen met een De inwoners die momenteel nog in de bijstand zitten, hebben vaker te maken met meervoudige en bijstandsuitkering dat uitstroomt naar complexe problematiek. Het gaat hierbij o.a. om gezondheidsproblemen, schulden, beperkte werk en/of opleiding neemt steeds taalvaardigheden of zorgvraagstukken. Deze omstandigheden maken dat het traject richting werk of verder af. U verlaagt de streefwaarde opleiding meer tijd vergt. De verlaging van de streefwaarde voor 2026 vormt een realistische bijstelling voor 2026, terwijl u vorig jaar deze en sluit aan bij deze ontwikkelingen. Het is niet realistisch om dezelfde uitstroomdoelstellingen te voor 2025 juist had verhoogd. De hanteren voor een groep inwoners met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt. Voor deze doelgroep tabel bij de sociale stad laat zien dat ligt de nadruk in eerste instantie op participatie, vrijwilligerswerk en andere vormen van sociale het aantal personen met een activering die bijdragen aan maatschappelijke deelname en het vergroten van zelfredzaamheid. De bijstandsuitkering afneemt. Kunt u verlaging van de streefwaarde is daarom een verantwoorde aanpassing aan de actuele realiteit van de hierover meer inzicht geven? doelgroep en de beschikbare mogelijkheden op de arbeidsmarkt.

18 DH

DH

Heller

Sociale stad

52 Door een recente belastingmaatregel, Het zou kunnen voorkomen dat meer inwoners in aanmerking komen voor de minimaregelingen en in de volksmond aangeduid als de hiervoor een aanvraag indienen, bijvoorbeeld doordat zij netto minder geld overhouden als gevolg van ‘buffelboete’ houden veel (parttime) de zogenoemde buffelboete. Dit is afhankelijk van de situatie van de inwoner en de samenstelling van werkenden netto minder over. het huishouden. Doordat wij uitvoering geven aan de beleidsagenda Armoede & Schulden, vergroten wij Verwacht u dat dit leidt tot een het bereik en gebruik van deze gemeentelijke regelingen. Zo wordt het vanaf 2026 mogelijk om toename van het aantal aanvragen minimaregelingen automatisch toe te kennen aan inwoners die aan de voorwaarden voldoen. In de voor minimaregelingen, en is hiermee programmabegroting is geen rekening gehouden met een mogelijke toename van aanvragen door de in de programmabegroting 2026 buffelboete, omdat de impact van deze landelijke maatregel op het inkomen van inwoners nog rekening gehouden? onvoldoende concreet is. Het effect verschilt per situatie en wordt pas zichtbaar zodra inwoners daadwerkelijk een aanvraag indienen. Dit maakt het lastig om vooraf een betrouwbare inschatting te maken. Uiteraard volgen wij de ontwikkelingen en sturen we bij indien nodig via de reguliere begrotingsmomenten.

19 DH

DH

Heller

Sociale stad

20 DH

DH

Heller

Programma 3 - Werken - Sociale stad

52 U schrijft: “We geven inkomen en Dit is mogelijk als de inwoner in de schuldsaneringsregeling zit op grond van de WSNP of MSNP, extra steun als dat nodig is en zijn waardoor de inwoner geacht wordt niet over draagkracht te beschikken. Inwoners die een inkomen alert op gelijke kansen voor de hebben dat hoger is dan de inkomensgrens van 130%, maar wel voldoen aan de voorwaarde dat ze ten Hilversumse kinderen.” Het aantal laste komende kinderen hebben (art 10 lid 2 sub a) en ondersteuning ontvangen op grond van de Wet huishoudens dat schuldhulpverlening op de gemeentelijke schuldhulpverlening, hebben recht op deelname aan het Kindpakket. zoekt neemt toe, dit kunnen ook gezinnen zijn van boven 130% van het sociaal minimum met een laag besteedbaar inkomen door schulden. Kunnen ook deze gezinnen met kinderen gebruikmaken van minimaregelingen of aanvullende inkomensondersteuning? 52 Het aantal inwoners dat de stap zet De toename van het aantal inwoners dat zich meldt voor schuldhulpverlening in Hilversum is het gevolg naar schuldhulpverlening neemt sinds van zowel een verbeterde toegankelijkheid als een stabiel blijvende schuldenproblematiek. Sinds eind 2022 toe en u verwacht dat dit 2022 bereiken we met de pilot budgetcoaching een nieuwe doelgroep: inwoners met geldzorgen die komende jaren verder zal toenemen. (nog) geen problematische schulden hebben.

Ook draagt vroegsignalering bij aan meer bekendheid met Vraag: heeft dit te maken met een onze ondersteuning. Daarnaast werken we vanuit de beleidsagenda Armoede en Schulden actief aan het verhoogde toegankelijkheid van de vergroten van ons bereik en het bieden van passende hulp. Hoewel het percentage huishoudens met schuldhulpverlening of neemt de problematische schulden in het land en in Hilversum stabiel blijft, zien we dat steeds meer inwoners de schuldenproblematiek in Hilversum stap naar hulp durven zetten, mede dankzij onze laagdrempelige werkwijze. toe?

8

21 DH

DH

Heller

Programma 3 - Werken - Middelen begrotingsprogramma

22 DH

DH

van den Top

Programma 4 - Bestuur - Veilige stad

23 DH

DH

Göbbels

Programma 4 - Bestuur - Effectief en efficiënt bestuurde stad

24 DH

DH

van Voorden

De uiteenzetting van de financiële positie Subsidies

54 Bij 6.3 Inkomensregelingen is er een groot verschil tussen de cijfers in de voorjaarsnota en de begroting 2026. Kunt u uitleggen waardoor dit verschil wordt veroorzaakt? 56 Het aantal verwijzingen naar Halt, winkeldiefstallen en geweldsmisdrijven tonen een stijgende trend. Welke oorzaken ziet u hiervoor?

In de voorjaarsnota 2025 staat voor het jaar 2025 hetzelfde als in de Begroting 2026. In de Begroting voor het jaar 2026 is het budget opgehoogd. De ophoging wordt met name bepaald door het voorstel om het budget voor budgetcoaches te verhogen (zie pagina 154 van de begroting).

Halt - Wij zien een Halt-verwijzing niet als een negatieve uitkomst, maar als een kans die voor jongeren bijdraagt aan positieve gedragsverandering. Halt draagt bij aan het voorkomen dat minderjarigen afglijden in de criminaliteit. Wij zetten in op het verhogen van het aantal Halt-verwijzingen door intensievere samenwerking met HALT op te zetten, voorlichtingen aan boa’s en politie te geven over de manier van doorverwijzen en de fysieke aanwezigheid van HALT op het politiebureau en op verschillende scholen. Hogere verwijzingscijfers in een gemeente betekent niet enkel dat er meer jeugdcriminaliteit is; het duidt ook op betere samenwerking en meer inspanning om te verwijzen. Winkeldiefstallen - Er is inderdaad tussen 2023 en 2024 een stijging te zien in winkeldiefstallen, zoals aangegeven in de programmabegroting (zie cijfers gebruikt voor programmabegroting). Er is echter in 2025 eens sterke daling zichtbaar, welke nog niet was opgenomen in de programmabegroting (zie burgemeestersbrief inzake halfjaarlijkse rapportage). Winkeldiefstallen zijn in de eerste helft van 2025 maar liefst 42% gedaald ten opzichte van de eerste helft van 2024. Dit bevestigt het effect van gerichte integrale toezichtinzet in het centrum.

Samen met ondernemers blijven we daarnaast voortdurend investeren in preventieve maatregelen, zoals voorlichting en trainingen, én in nieuwe handhavingsmogelijkheden – waaronder de voorgenomen invoering van het Collectief Winkelverbod. Geweldsmisdrijven - Onder de noemer geweldsmisdrijven worden veel zaken meegenomen, zoals seksuele misdrijven, levensdelicten zoals moord en doodslag en dood, en lichamelijk letsel door schuld (bedreiging, mishandeling, etc.). Dit gemiddelde cijfer per 1000 inwoners schommelt de afgelopen tussen de 4,5 en 5. (2022: 4,9, 2023: 4,6, 2024: 5,0). Ondanks onverminderde inzet op deze thema’s blijft een daling nog uit. Het is lastig hier specifieke oorzaken te benoemen, maar wij zijn hier actief mee bezig. Wij zetten onze aanpak door met oog voor maatwerk per thema, zowel op straat als op scholen en achter de voordeur.

61 Onderaan de tabel met indicatoren In het algemeen worden de indicatoren niet toegelicht omdat deze voor zich spreken. Bij deze indicator als apparaatskosten per inwoner en was de wens vanuit het college om nadere duiding op te nemen. aantal fte formatie per 1.000 inwoners geeft u een aanvullende toelichting. Dat geeft context en achtergrond bij de indicatoren. Waarom doet u dat niet bij andere indicatoren in de programmabegroting? 184 In par. 5.6 wordt een opsomming Zie antwoord op vraag 19 van de VVD. gegeven van subsidies die zowel qua totaalsom als qua aantal instellingen afwijkt van die in de vorige begroting. Kunt u uitleggen waarom dat zo is en aangeven of dit overzicht van gesubsidieerde instellingen compleet is?

9

25 DH

DH

Voorink

bijlage 2 Overzicht van aanpassingen indicatoren - 3. Werken

26 DH

DH

Kalk

Raadsvoorstel belastingverordeningen '26

27 DH

DH

Kalk

Raadsvoorstel belastingverordeningen '26

1 GL

GL

Kalk/Voorink Weerstandsvermogen en risicobeheersing

2 GL

GL

Heller

Verbonden partijen

In bijlage 2 Overzicht van Er wordt vanuit Hilversum nieuwe kantorendata ingekocht om een correct beeld te krijgen. Deze kunnen aanpassingen indicatoren schrijft u mogelijk volgend jaar worden meegenomen in de cijfers van de programmabegroting. onder het programma Werken dat de indicator voor leegstaande kantoren als percentage van totale verhuurbare kantoorvloeroppervlakte niet meer wordt opgenomen. U verklaart: “de gegevens die wij nu gebruiken geven een incorrect beeld van de leegstand doordat de data niet correct zijn” Welke gegevens gaat u in het vervolg wel gebruiken voor deze indicator? 4 Waarom stijgt het bedrag aan De voorwaarden, en daarmee omvang van de doelgroep, voor het kwijtschelden blijven ongewijzigd. kwijtscheldingen (2024 - 800, 2025 - Jaarlijks wordt een inschatting gemaakt of het begrote bedrag aan kwijtschelding toereikend is. Op basis 859, 2026-859) niet, terwijl de van de huidige inzichten veronderstellen we dat het huidige budget van kwijtscheldingen voldoende opgelegde heffingen wel toenemen? hoog is om de te verwachten kwijtscheldingen te kunnen betalen. Dit zullen we blijven monitoren. 5 A. Het aantal dubieuze debiteuren Een vordering wordt pas oninbaar verklaard als alle invorderingsstappen zijn doorlopen (kosteloze daalt. Kunt u aangeven hoeveel betalingsherinnering, aanmaning, dwangbevel, deurwaarder).

Voor 2024 en 2025 zijn deze stappen in huishoudens in 2024 en 2025 als de meeste gevallen nog niet volledig doorlopen. dubieuze debiteur zijn aangemerkt? 2025 termijnen nog niet verstreken. 2024: totaal een betalingsachterstand en/of betalingsregeling 850 B. Hoeveel huishoudens hadden in (45 ondernemers en 805 inwoners). Verdere uitsplitsing is niet te geven en ook niet toegestaan. Voor de 2024 en 2025 een invordering is het ook niet relevant om deze gegevens te registeren. betalingsachterstand of een betalingsregeling, uitgesplitst naar volwassenenhuishoudens en huishoudens met kinderen? 89 Vervangingsriool Diependaalselaan De opgevoerde verlaging onder paragraaf ‘Uitvoering investeringen’ betreft een tijdelijke temporisering en Riebeeck is urgent, niet begroot, van op te voeren vervangingsinvesteringen vanwege de grote werkvoorraad en complexiteiten van deze wel aanzienlijk. En op pag. 96 wordt werken. Op termijn zullen ook deze nu getemporiseerde werken nog steeds moeten worden uitgevoerd. het budget voor onderhoud aan De urgentie van de vervanging van de persleiding Diependaalselaan is pas recent en na het opstellen van rioleringen verlaagd, evenals het de programmering en begroting voor 2026 in beeld gekomen vanuit de uitgevoerde inspectie, deze zijn aantal km dat wordt onderhouden. daarom alsnog wel in de risicoparagraaf opgenomen.

Kunt u dit verklaren? 144 Over de bijdrage aan het GNR: Op dit Bij de fusie met Wijdemeren wordt de participantenbijdrage opnieuw berekend op basis van de moment betaalt Wijdemeren niet aan inwonersaantallen. De inschatting is dat op basis van inwonersaantallen van Wijdemeren en Hilversum instandhouding en onderhoud GNR, op 1 januari 2025 ons aandeel als participant met circa 5,8% zal stijgen van 42,7% naar 48,5%, dat is omdat het GNR geen gronden daar jaarlijks ca €2,2 ton extra. Nieuwe berekening zal ingaan in 2027, obv inwonersaantallen 1 jan 2026. heeft. Wat wordt deze in 2027 als Hieronder een overzicht van de verdeling in 2026 én 2027 op basis van de begroting van het GNR voor Wijdemeren tot ons grondgebied 2026. gaat horen?

10

Gemeente

Bijdrage 2026 Aandeel 2026 Bijdrage 2027 (stand Aandeel 2027 Begroting 2026)

Gemeente Hilversum Gemeente Blaricum Gemeente Gooise Meren Gemeente Huizen Gemeente Laren Totalen

€ 1.616.580 € 221.900 € 1.045.410 € 705.860 € 196.590 € 3.786.340

42,70% € 5,86% € 27,61% € 18,64% € 5,19% € 100,00% €

1.834.477 199.614 940.427 634.972 176.849 3.786.340

48,45% 5,27% 24,84% 16,77% 4,67% 100,00%

3 GL

GL

Kalk

De paragrafen; lokale heffing

83 Markttarieven zijn slechts voor 68 % kostendekkend. College wil in gesprek met de marktlieden over verhoging van leges. Er zijn in Wijdemeren ook markten. Wanneer worden deze tarieven vastgesteld en is het uitgangspunt 99 % kostendekkenheid niet logisch?

De markttarieven worden jaarlijks vastgesteld in de legesverordening en bijbehorende tarieventabel, die onderdeel uitmaken van de begrotingscyclus. Volledige (99%) kostendekkendheid is bij markten niet altijd wenselijk. Markten hebben naast een financiële ook een maatschappelijke en economische functie: ze versterken de levendigheid van de stad en bieden laagdrempelige lokale voorzieningen. Te hoge tarieven kunnen ertoe leiden dat marktlieden afhaken, waardoor de continuïteit en aantrekkelijkheid van de markten onder druk komen te staan. Daarnaast is de markt in Wijdemeren een private markt, waar de leges nog lager zijn dan in Hilversum. Het verder verhogen van de kostendekking en daarmee dus ook de tarieven is een politieke keuze.

4 GL

GL

Heller

Duurzame Stad

24 Percentage hernieuwbare elektriciteit: waarom fluctueert de referentie-/streefwaarde per jaar zo erg? Van 8,5% in 2022 naar 4,0% in 2023, weer terug bij 9,0% in 2024, naar 4% in 2025 naar 10% in 2026. Wat verklaart deze op-en-neergang.

Het percentage hernieuwbare elektriciteit stijgt jaarlijks. Het fluctueren van de percentages voor de jaren 2022, 2023 en 2024 is gebaseerd op een verandering in de meetmethoden. De daling van 8,5% in 2022 naar 4,0% in 2023 kan daaraan worden toegeschreven. Er is dus geen sprake van een daadwerkelijke afname van het percentage hernieuwbare elektriciteit. Dit percentage stijgt gewoon jaarlijks, zoals ook te zien in 2024 met 9,0%. Voor de streefwaarde geldt dat we meebewogen op de veranderende meetmethode en daarom ook de streefwaarde aangepast hadden. Belangrijkste doel is ieder jaar een toename te realiseren.

5 GL

GL

Van Voorden

Duurzame Stad

6 GL

GL

Voorden

Zorg; ondersteunende stad

7 GL

GL

Voorden

Zorg; ondersteunende stad

8 GL

GL

Voorden

Zorg; ondersteunende stad

24 Percentage circulaire aanbestedingen Het percentage is sterk afhankelijk van projecten in de openbare ruimte, omdat daar vaker circulair t.o.v. het totaal aantal lopende ingekocht kan worden. In 2024 waren er meer van zulke projecten. contracten: wat verklaart de grote piek van de waarde in 2024? Her Zie ook de jaarstukken 2024, paragraaf 3.5.8 op pagina 140. (Zie ook vraag 9 VVD) percentage is rond de 30-35% in alle gegeven jaren behalve in 2024, dan is het op 47,5%. 43 Voor de post Hulp Bij het huishouden Door wijzigingen in de voorgeschreven taakvelden dienen de directe personeelslasten sinds 2026 (WMO) had de gemeente in 2024 een verantwoord te worden onder taakveld “6.91 Coördinatie en beleid WMO” In 2024 maakte deze nog realisatie van 10,587 miljoen. Voor onderdeel uit van het taakveld 6.71A. Wanneer we enkel de budgetten zorg in natura van huishoudelijke 2026 wordt er 7,5 miljoen begroot en zorg bekijken zijn de lasten vanaf 2026 €7,8 miljoen (Realisatie 2024 €6,9 miljoen en begroting 2025 7,8 miljoen voor de jaren daarna. Wat € 7,5 miljoen) maakt dat dat er aanzienlijk minder middelen voor Hulp Bij huishouden wordt begroot dan er in 2024 is begroot en gerealiseerd? 43 De taakvelden voor Jeugdhulp zijn Inderdaad de voorgeschreven taakvelden zijn aangepast (wetswijziging).

De budgetten zijn ten opzichte anders benoemt en/of verdeeld dan van de voorjaarsnota 2025 niet gewijzigd. De budgetten jeugd zijn in de voorjaarsnota 2025 in de jaarrekening. Kunt u aangeven gelijk getrokken met de realisatie 2024. Daarbovenop zijn de budgetten geïndexeerd voor 2025 en in welke mate de totale kosten voor 2026. Wanneer we enkel de budgetten zorg in natura van huishoudelijke zorg bekijken zijn de lasten jeugdhulp afwijken van de vanaf 2026 €7,8 miljoen (Realisatie 2024 €6,9 miljoen en begroting 2025 €7,5 miljoen). gerealiseerde kosten in voorgaande jaren? Indien de begrote kosten niet in lijn liggen met de gerealiseerde kosten; kunt u dit onderbouwen? 42 Als speerpunt wordt genoemd het 'in Korte termijn: Er wordt -vanwege regionale inkoop (contracten tot eind 2028)- met regiogemeenten regionaal verband werken aan gekeken naar de huidige contracten Begeleiding, Dagbesteding en Hulp bij het Huishouden. heroverweging Wmo. Kunt u Lange termijn: In lijn met de beweging naar het voorveld kijken waar het mogelijk is aanbod als aangeven welke overwegingen er algemene voorziening lokaal aan te bieden e/o in te zetten op preventie. Bijvoorbeeld ondersteuning heroverwogen worden tav door lokale teams (wijkteams en/of eigen begeleidingsteams). En waar zaken niet, anders en/of begeleiding, dagbesteding en hulp bij efficiënter kunnen (maaltijdservice, strijkservice etc.).

huishouden? Huidig aanbod: - Begeleiding: Ondersteuning bij dagelijkse structuur, zelfredzaamheid en maatschappelijke participatie voor mensen met een beperking of psychosociale problemen. Voor inwoners die (tijdelijk) buiten

11

bestaande ondersteuningsstructuren vallen en voor wie intensieve en specialistische ondersteuning nodig is om escalatie te voorkomen, wordt een nieuw product ingekocht. Het gaat om: Zorgmijders, personen met problematische verzameldrang (hoarders) en ex-gedetineerden. - Dagbesteding: Structurerende activiteiten voor mensen met een beperking of kwetsbaarheid, ter bevordering van participatie en zelfstandigheid. Dagbesteding is voorliggend op individuele begeleiding. We kopen intensieve of specialistische dagbesteding regionaal in. Voor een kleine, specifieke groep inwoners wordt gekeken of een nieuw product aangeboden kan worden dat rekening houdt met hun zorgbehoefte en onvoorspelbaarheid. - Hulp bij Huishouden: Ondersteuning bij huishoudelijke taken voor mensen die dit door een beperking of ziekte niet zelf kunnen uitvoeren. We zetten een multidisciplinaire reablement-werkwijze op als voorliggende voorziening voor geïndiceerde huishoudelijke hulp: leren het (weer) zelf te kunnen. De eerste stap is een pilot van enkele maanden (start 2026). 1 HVH

HVH

Heller/kalk

Schuldquote

2 HVH

HVH

Kalk

Schuldquote

3 HVH

HVH

Kalk

SPUK gelden

4 HVH

HVH

Kalk

Ravijnjaar

5 HVH

HVH

Kalk

Reserve herindeling en frictie kosten

6 HVH

HVH

Heller

Fusie Wijdemeren

De schuldquote was 162% , nu op 159%. Afgesproken is 130%, gaat nu met de fusie de schuldquote hoger of lager uitkomen voor 10 jaar? En wat is de prognose voor 20 jaar? Hoe wordt de maximale schuldquote van 130% precies berekend en welke projecten drukken het meest op deze ratio? Kan het college toelichten hoe de SPUK-gelden (specifieke uitkeringen) nu zijn verdeeld per beleidsveld en wat het financiële risico is bij afbouw?

In de begroting 2026 van de gemeente Hilversum is de verwachte schuldquote over 10 jaar berekend voor (alleen) gemeente Hilversum (e.a. in lijn met de financiële strategie positon paper (Raadsinformatiebrief van 22 juli 2025 (2025-63)). De positionpaper gaat in op de aannames om tot deze berekening te komen en doet geen uitspraken over aannames voor de jaren daarna. In de positionpaper financiële strategie (Zie Raadsinformatiebrief van 22 juli 2025 (2025-63)) wordt nader ingegaan op de berekeningswijze van de schuldquote. De projecten zijn benoemd in de Meerjaren prognose gebiedsontwikkelingen (MPG 2025). Specifieke uitkeringen (SPUKS) worden door het Rijk aan gemeenten verstrekt voor het uitvoeren van specifiek beleid. De belangrijkste beleidsterreinen zijn: - sport, bewegen en gezondheidsbevordering, - sociale basis en welzijn, - onderwijs en jeugd, - cultuur, - woningbouw, - milieu en leefomgeving. Het gaat hier om geoormerkte gelden voor de uitvoeren van rijksbeleid op (boven)lokaal niveau. Op het moment dat een spuk wordt beëindigd stopt in het algemeen ook de uitvoering. Financieel gezien is er geen risico zolang de bestedingscriteria van het rijk worden gevolgd.

Welke maatregelen worden Het zogenoemde ‘ravijnjaar’ verwijst naar de daling van de algemene uitkering uit het gemeentefonds. voorbereid om te voorkomen dat De raming van gemeentefondsuitkering is in de meerjarenbegroting verwerkt. Vanaf 2027 is er sprake Hilversum in 2028 in de problemen van een positief begrotingssaldo. Daarom zijn er geen maatregelen in voorbereiding. komt door het “ravijnjaar”? Hoe wordt de reserve Herindeling Vanuit de wet Ahri ontvangen gemeenten die samengaan een vergoeding voor de kosten die betrekking gevoed en onttrokken, en welke hebben op de samenvoeging. Dit betreft bijvoorbeeld kosten voor communicatie, integreren van ICT concrete frictiekosten worden daaruit systemen. betaald? De ahri-middelen (herindelingsbijdrage) worden de komende jaren uitgekeerd terwijl de kosten nu al worden gemaakt. Als voorfinanciering wordt bij de Eindjaarsrapportage 2025 voorgesteld een reserve te vormen ten laste van de algemene reserve. Vanaf 2026 tot 2030 wordt reserve herindeling gevoed uit de herindelingsbijdragen en wordt de voorfinanciering uit de algemene reserve teruggestort. Hoe verloopt de financiële afstemming tussen Hilversum en Wijdemeren in 2026 onder het provinciale toezicht?

Op 27 maart 2025 heeft de gemeenteraad het college van B en W gemandateerd om de rol van Hilversum in het preventief financieel toezicht dat door GS i.v.m. de herindeling op Wijdemeren is gelegd, in te vullen. Het college heeft dit mandaat doorgelegd naar de concerncontroller. In het door de raad aangenomen voorstel van 27 maart zijn de rollen en taken van Wijdemeren en Hilversum in dit

12

toezicht eenduidig en transparant weergegeven om de rol van Hilversum daarin effectief en efficiënt in te kunnen vullen. 7 HVH

HVH

Heller

Fusie Wijdemeren

Welke beleidsvelden moeten vóór 1 januari 2027 worden geharmoniseerd en welke vallen onder het mandaat van de nieuwe gemeente?

Het college heeft op 17 juni 2025 RIB 2025-48 gestuurd met daarin de programmering van de harmonisaties voor en na de herindelingsdatum van 1 januari 2027. Eind oktober/begin november ontvangt u een update per brief van deze programmering, waarin de harmonisaties die voor de ambtelijke samenvoegingsdatum van 1 januari 2026 zijn verwerkt.

8 HVH

HVH

Heller

Fusie Wijdemeren

Deze middelen mogen alleen gebruikt worden voor de kosten die die betrekking hebben op de samenvoeging. De structurele kosten voor bijvoorbeeld huisvesting moeten in de begroting worden verwerkt.

9 HVH

HVH

Heller

Fusie Wijdemeren

10 HVH

HVH

Voorink

Arenapark

Worden de Arhi-middelen (€6,5 miljoen) uitsluitend gebruikt voor fusiekosten, of ook voor structurele investeringen (bijv. ICT, huisvesting)? Wat is het verwachte financiële effect van de herindeling op de personeelsformatie en apparaatslasten vanaf 2027? Is er inzicht in de structurele effecten op de exploitatie van het nieuwe sportcomplex op het Arenapark na 2030?

Onderdeel van de jaarlijkse exploitatie is zowel de kapitaalslasten als de overige kosten van de exploitatie van het sportcomplex. Deze overige lasten zijn geprognosticeerd op 168.000,- euro negatief. Deze exploitatie is gebaseerd op een total cost of ownership berekening, hierin zijn dus alle baten en lasten meegenomen. Onderdeel van de lasten zijn ook de onderhoudskosten (zowel incidenteel, dagelijks als planmatig) aan het sportcomplex. De jaarlijkse lasten voor het onderhoud zijn geraamd op circa 1 miljoen per jaar en zijn dus al meegenomen in de exploitatie. Een gedetailleerde uitwerking van de exploitatie was als geheime bijlage opgenomen bij het raadsvoorstel.

Vooralsnog gaan we er van uit dat er geen financieel effect is. Als dat wel het geval is dan zal de raad op de reguliere wijze over worden geïnformeerd (Planning en Control Cyclus).

Ja, zie ook het raadsvoorstel vaststellen PvE Sportcomplex. Het nadelige exploitatiesaldo van het nieuwe sportcomplex (inclusief kapitaalslasten en jaarlijkse exploitatie) is 2,5 miljoen. Deze lasten zullen in de begroting worden opgenomen een jaar nadat de exploitatie start (eind 2030). Conform de huidige planning zal dit structurele effect dus pas in de begroting landen vanaf 2031.

11 HVH

HVH

Voorink

Arenapark

Welke jaarlijkse lasten zijn geraamd voor het onderhoud van het nieuwe sportcomplex op het Arenapark na oplevering in 2030?

12 HVH

HVH

Kalk

Wonen

Worden de flexwoningen op het De flexwoningen worden meegeteld als permanente woningen in de woningvoorraad. Circusterrein permanent of tijdelijk meegerekend in de woningvoorraad?

13 HVH

HVH

Voorink/ Heller

Wonen

Hoe wordt het grondbeleid afgestemd op de herindeling, gezien mogelijke verschillen in grondprijzen tussen Hilversum en Wijdemeren?

In het programma voor alle harmonisaties in het kader van de herindeling, door de colleges vastgesteld op 17 juni 2025, is aangegeven dat alle maatschappelijk en financieel impactvolle harmonisatiebesluiten worden voorgelegd aan de nieuwe gemeenteraad na 1 januari 2027 (en uiterlijk voor 1 januari 2029 – het einde van de wettelijke termijn voor harmonisaties). Het harmoniseren van grond- en vastgoedbeleid valt binnen deze categorie en staat daarmee op de harmonisatiekalender voor besluitvorming tussen 2027 en 2029.

14 HVH

HVH

Voorink

Wonen

Welke criteria gelden voor de toepassing van de Nota Kostenverhaal bij particuliere initiatieven?

Bij de verlening van een vergunning voor de bouw van een woning, kantoor/bedrijf of commerciële functie die niet in het omgevingsplan past wordt een bijdrage in rekening gebracht die afhangt van de te bouwen functie en de ligging in Hilversum. De tarieven verschillen per type woning en ligging in Bruisend Hart, het overige 1221 gebied en de rest van Hilversum. Zie ook Nota/programma Kostenverhaal .

15 HVH

HVH

Göbbels

Mobiliteit en bereikbaarheid

Wat zijn de verwachte kosten en baten van de invoering van 30 km/uzones en autoluwe binnenstad?

Momenteel doen we onderzoek naar de kosten van het invoeren van 30 km/h op de centrumring. De kosten voor een autoluwe stad zijn uit te drukken in een investeringskrediet, dat door de raad al is vastgesteld. De baten zijn niet altijd uit te drukken in euro's, maar daarmee niet minder belangrijk.

13

16 HVH

HVH

Heller

Mobiliteit en bereikbaarheid

Wanneer volgt de procesevaluatie betaald parkeren en wat zijn de belangrijkste indicatoren?

In onze Voortgangsrapportage Parkeren 2025 is reeds aangegeven op welke wijze we de evaluatie van het parkeerbeleid inrichten. In juni 2026 leveren wij een procesevaluatie op over de invoering van het betaald parkeergebied. De belangrijkste kaders en indicatoren voor de evaluatie worden samen met de gemeenteraad opgesteld. Vervolgens worden deze tijdens de raad van juni 2026 vastgesteld.

17 HVH

HVH

Göbbels

Mobiliteit en bereikbaarheid

Hoe wordt de veiligheid op Priowegen gemonitord en wie voert de jaarlijkse tellingen uit?

Het bedrijf Dinaf voert in opdracht van de gemeente twee keer per jaar tellingen uit. Ook worden diverse verkeerstellingen door de ambtelijke organisatie zelf uitgevoerd. Priowegen worden na het uitvoeren van een aanpassing naar alle waarschijnlijkheid veiliger, wat zijn uiting krijgt in minder of geen meldingen over verkeersveiligheid.

18 HVH

HVH

Göbbels

Mobiliteit en bereikbaarheid

Wat is de voortgang van de laadpalenuitbreiding (streefwaarde 290 in 2026) en zijn er knelpunten in de MRA-E samenwerking?

De laadpalenuitbreiding heeft veel last van het gebrek aan technisch personeel en in toenemende mate van netcongestie. Daarnaast is de openbare ruimte beperkt, waarmee het steeds moeilijker wordt om een geschikte plek voor een laadpaal te vinden. MRA-E is een samenwerkingsverband dat veel waarde heeft, en de problemen ook niet alleen kan oplossen.

19 HVH

HVH

Göbbels

Mobiliteit en bereikbaarheid

Hoe wordt de toename van verkeersslachtoffers in 2024 verklaard en welke maatregelen volgen daaruit?

De toename van verkeersongevallen wordt verklaard door meerdere factoren: er komen nog steeds meer auto’s op de weg, die bovendien groter worden. Ook op het fietspad neemt de drukte toe, met grotere snelheidsverschillen tussen gebruikers als gevolg. Daarbij speelt verdere individualisering in de maatschappij een rol, waarbij verkeersregels vaker worden genegeerd. Verkeersveiligheid blijft in hoge mate afhankelijk van gedrag van verkeersdeelnemers; handhaving is beperkt beschikbaar en infrastructurele verbeteringen sorteren pas op termijn effect. We blijven daarom inzetten op alternatieve, duurzame vormen van mobiliteit én op gedragsbeïnvloeding via campagnes, met als doel zo min mogelijk verkeersongevallen en slachtoffers.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=7d15bc2f-bb0e-4285-9048-7d28b9b905cd