Raadsvoorstel bijlage 5 Zienswijzennota
Tekst van het document
De gemeente is al gestart met het maken van het voorlopig ontwerp van de Schapenkamp. De andere straten volgen later. Omwonenden van het stationsgebied zijn en worden als belanghebbende hierbij betrokken. De eerste bijeenkomsten hebben al plaatsgevonden. Met betrekking tot de belemmering van het zonlicht is onze verwachting dat er op de lagere verdiepingen van appartementencomplex Leeuwenkamp in de vroege ochtend minder daglichttoetreding zal zijn (in vergelijking met de huidige situatie waarbij er in het geheel geen bebouwing is op het stationsplein). Aangezien het profiel van de Schapenkamp op deze plek ruim 30 meter breed blijft zal na circa 11:00 uur geen sprake meer zijn van schaduwwerking door de nieuwe bebouwing van het stationsgebied. De schaduwwerking zal enigszins vergelijkbaar zijn met de situatie dat het UWV-pand nog aanwezig was. De gevolgen van bebouwing aan de overkant van de Schapenkamp blijven relatief beperkt. Daarnaast bieden voorgaande bestemmingsplannen ook al de mogelijkheid om aan de overkant van de Schapenkamp gebouwen te realiseren van 25 tot 45 meter hoog. Voor wat betreft de beoordeling van de gevolgen van het woongenot verwijzen wij naar onze beantwoording van zienswijze 2.8.4.
Pagina 36 van 52
Zienswijzennota
Ervaren overlast van bijvoorbeeld afval en/of geluid, voor zover dat in strijd met de openbare orde gebeurt, is een kwestie van handhaving die in een bestemmingsplanprocedure verder niet aan de orde kan komen. 2.13.3 3. Geluidsbelasting en Akoestisch onderzoek compleet? Onderdeel van het Bestemmingsplan is het wijzigen van de verkeersstructuur. Als gevolg daarvan zal de geluidbelasting op de gevels van de panden langs de nieuwe centrumring toenemen. Daarom is door de Gemeente Hilversum een Akoestisch onderzoek uitgevoerd. Als het gaat om het woon -en leefklimaat aan de Schapenkamp zegt het Akoestisch onderzoek het volgende: “Voor de geluidgevoelige objecten langs andere wegen is geen geluidtoename vanwege het wegverkeer geprognosticeerd. Zo blijft langs de Schapenkamp – mede door de inzet van een geluidsreducerende wegdekverharding – de geluidbelasting gelijk of neemt deze af met 1 tot en met 5 dB. Aan de andere zijde van de verlegde centrumring, daar waar de centrumring weer aansluit op het oude profiel nabij de Naarderstraat, blijft de geluidbelasting gelijk, en is her en der sprake van een lichte verbetering met een afname tot maximaal 3 dB. Het effect op andere – aansluitende – wegen is nihil.” De vraag is echter of bovenstaande conclusie op de juiste uitgangspunten is gebaseerd.
Naast geluidgevoelige bestemmingen op het Stationsplein wordt in het Akoestisch onderzoek specifiek genoemd een appartementencomplex dat gerealiseerd wordt op de locatie van het huidige kantoorpand aan de Schapenkamp 130. Die woningen passen al binnen het vigerende bestemmingsplan en worden daarom in de reconstructietoets beschouwd. Niet genoemd wordt echter de locatie van het huidige kantoorpand aan de Schapenkamp 2. Hier wordt een appartementencomplex gebouwd voor 139 woningen met een hoogte van meer dan 26 meter (zie eerder in deze brief). In de berekeningen lijkt dit nieuw te bouwen appartementencomplex niet te zijn meegenomen. Uit recente rechtspraak van de Raad van State dient de Raad bij de beoordeling van de geluidsaspecten (weg- en railverkeer) als gevolg van het Bestemmingsplan rekening houden met de cumulatie van geluid afkomstig van andere geluidbronnen. De nieuw te bouwen appartementen aan de Schapenkamp 2 dienen dus mee genomen te worden in het Akoestisch onderzoek en bij een hogere of overschrijding van de geluidsnormen meegenomen te worden in het Besluit Hogere Waarden. Antwoord 2.13.3: Naar aanleiding van (onder andere) deze zienswijze is geconstateerd dat er een adresfout staat in het Akoestisch onderzoek. Per abuis is Schapenkamp 130 genoemd terwijl dat Schapenkamp 2 (Silverpoint) moest zijn. Het Akoestisch onderzoek is op dit punt gecorrigeerd.
Het Akoestisch onderzoek is verder op de juiste gegevens gebaseerd, inclusief de ontwikkeling van Schapenkamp 2. Op de Schapenkamp zal het aantal verkeersbewegingen door het verleggen van de centrumring nagenoeg gelijk blijven. Hierdoor en vanwege het toepassen van een geluidsreducerende asfaltlaag zal de geluidsbelasting op de gevels langs de Schapenkamp gelijk blijven of lager worden. De gemeente is van mening aan alle wettelijke eisen te hebben voldaan voor het Akoestisch onderzoek, waaronder die met betrekking tot de cumulatie van geluidbronnen. 2.13.4 4. Conclusie Op grond van het bovenstaande wil ik u vragen om uw voorgenomen besluiten te herzien met inachtneming van bovenstaande inbreng. Antwoord 2.13.4: De gemeente is van mening dat het bestemmingsplan voldoet aan de doelstelling om van het Stationsgebied een welkome, media aantrekkelijke en groene entree van Hilversum te maken, waar de reiziger zijn weg goed kan vinden en waar het aangenaam toeven is. Om deze reden willen we de voorgenomen besluiten niet herzien. Wel wordt het Akoestisch onderzoek gecorrigeerd conform onze reactie op punt 3. Pagina 37 van 52
Zienswijzennota
2.14 Reclamant 14 Makeover Groep B.V. namens XX, exploitant XX (digitaal ingekomen op 7 september 2022, zaaknummer 1206108) 2.14.1 Naar aanleiding van het ter inzage leggen van het ontwerp bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ willen wij u graag op het volgende wijzen: - Ter hoogte van het adres Schapenkamp 192 is er op dit moment een parkeerhaven met een laad- en losplek aanwezig voor drie auto’s. - Zowel in het huidige bestemmingsplan (Binnenstad 2013) als in het ontwerp Chw bestemmingsplan (Stationsgebied 2022) is en blijft de bestemming ter plaatse van de parkeerhavens ‘verkeer’. - Hoewel de bestemming dit mogelijk maakt, hebben wij vernomen dat als onderdeel van het project ‘herinrichting stationsgebied’, de parkeerhaven met laad- en losplek gaat verdwijnen. - De parkeerhaven met laad- en losplek is onmisbaar voor een goede bedrijfsvoering van de bedrijven die gevestigd zijn ter hoogte van de Schapenkamp 192A en Schapenkamp 188A. - De ondernemers / exploitanten voorzien dat het opheffen of verplaatsen van de laad- en losplekken voor ernstige overlast gaat zorgen en willen dan ook verzoeken daar rekening mee te houden in het proces van herinrichting van het stationsgebied. In de toelichting van het bestemmingsplan Stationsgebied ‘2022’ is het volgende opgenomen over het parkeren.
4.4.11 Parkeernota Hilversum 2017 Met een nog altijd licht stijgend autobezit en met de toename van het aantal huishoudens in de gemeente blijft het een opgave om de schaarse parkeerruimte zo goed mogelijk te verdelen. Hilversum kent een aantal reguleringsmiddelen, waarvan betaald parkeren (in Hilversum altijd gecombineerd met parkeren voor vergunninghouders) en de parkeereis bij ruimtelijke ontwikkelingen de belangrijkste zijn. In de Parkeernota Hilversum 2017, zie Bijlage 11 Beleidsregels parkeren 2017, wordt nader invulling gegeven aan het parkeerbeleid. Uiteraard staat parkeren niet op zich; het heeft een nauw verwantschap met onder andere wonen, economie, centrum en mobiliteit. Gelet op de aanstaande veranderingen als gevolg van de Omgevingswet is het nog belangrijker geworden om parkeren goed te borgen in de stad en de mogelijkheid van flexibiliteit in te bouwen. Het bereikbaar en leefbaar houden van buurten is daarbij het uitgangspunt, waarbij klantvriendelijk parkeren voor bewoners, ondernemers en bezoekers van Hilversum nadrukkelijk betrokken is. Uit het voorgaande blijkt dat u daadwerkelijk rekening houdt met het bereikbaar en leefbaar houden van de buurten en waarbij onder andere ondernemers nadrukkelijk bij betrokken zijn.
Wij verzoeken u dan ook gelet op bovenstaande bij de herinrichting van het stationsgebied rekening te houden met dit uitgangspunt en te zorgen dat de huidige 3 parkeerplaatsen behouden blijven ter hoogte van specifiek Schapenkamp 192. Antwoord 2.14.1: Laad- en losplekken en parkeerplaatsen zijn passend binnen de geldende en toekomstige bestemming ‘Verkeer’. Het klopt dat in het bestemmingsplan geen uitspraak wordt gedaan over aantallen of locatie van dergelijke specifieke voorzieningen. Pas bij het ontwerp van de openbare ruimte krijgen dergelijke logistieke voorzieningen een plek. In de openbare ruimte zullen uiteraard diverse voorzieningen voor laden en lossen komen, bijvoorbeeld in de Spoorstraat en aan de Schapenkamp. De gemeente is al gestart met het maken van het voorlopig ontwerp van de Schapenkamp. De andere straten volgen later. Omwonenden en bedrijven van/in het stationsgebied zijn en worden als belanghebbende hierbij betrokken. De eerste bijeenkomsten hebben al plaatsgevonden. In het voorlopig ontwerp wordt het trottoir ter hoogte van de Schapenkamp 188A – 192A smaller. Binnen dit deel van het stationsgebied wordt voorzien in een laad- en losplek aan de zijde van de Entrada gebouwen. Daarvan kan reclamant gebruik maken. Op de Schapenkamp komen geen parkeerplaatsen op het maaiveld.
Vanwege de beoogde en gewenste ruimtelijke kwaliteit van de openbare ruimte is maar beperkt plek voor parkeren op maaiveld. Pagina 38 van 52
Zienswijzennota
2.15 Reclamant 15 (digitaal ingekomen op 7 september 2022, zaaknummer 1206125 (hogere waarden) en 1206126 (bestemmingsplan), zienswijzen identiek) 2.15.1 Hierbij maak ik mijn zienswijze bekend tegen het ontwerpbestemmingsplan en het ontwerpbesluit hogere waarden 1. Extra woonlagen stationsplein staan haaks op afspraken in het Stedenbouwkundig plan. Het ‘stedenbouwkundige karakteristieken’ document wat door de gemeente is opgesteld en wat een integraal onderdeel is van bestemmingsplan ‘Centrum 2013’ beschrijft dat de bouwhoogte in het centrum wordt beperkt tot 20 meter met een enkel aantal hoogteaccenten tot 25 m dus niet het hele bouwblok. Echter in het voorliggende plan van het stationsplein wordt er gepland tot maximaal 23 en ieder geval 2 gebouwen van 26 m. Dat is nog exclusief de 2 meter die later bij de omgevingsvergunning mag worden toegestaan. De extra woonlagen passen ons inziens dus niet in de visie die is vastgelegd in het Stedenbouwkundig plan. Bovendien als eigenaar van Schapenkamp 54 hebben wij een uniek panoramisch Uitzicht van de wijde omgeving van Hilversum. Dit uitzicht was voor ons in 2018 destijds een belangrijk koopargument en daarvoor is begrijpelijkerwijze een premium betaald. De herontwikkeling van het stationsgebied was ons destijds bekend met een maximale bouwhoogte van 17 en één gebouw tot 20 meter.
De nieuw beoogde bouwhoogten zonder nuancering voor accenten hebben een negatief effect op het uitzicht, een negatief effect op de slagschaduw en een negatief effect op het geluidsniveau in ons appartement, en dus op de verkoopwaarde. Antwoord 2.15.1: Reclamant schrijft over de ‘stedenbouwkundige karakteristieken’ die onderdeel zouden zijn van bestemmingsplan ‘Centrum 2013’. Vermoedelijk wordt hier gedoeld op het bestemmingsplan ‘Binnenstad 2013’. Dit plan bevat inderdaad een bijlage met beschrijving van de ‘Stedenbouwkundige karakteristieken’. De gemeente heeft er evenwel voor gekozen om ten behoeve van de transformatie van het stationsgebied een nieuw stedenbouwkundig plan op te stellen. Dat stedenbouwkundig plan is door de raad vastgesteld op 29 mei 2019. Het bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ is de planologisch-juridische vertaling van dit stedenbouwkundig plan. Overigens willen wij opmerken dat in de beschrijving van die ‘Stedenbouwkundige karakteristieken’ in bestemmingsplan ’Binnenstad 2013’ het stationsgebied onderdeel uit maakt van ‘De Stad’. Bij het onderdeel ‘kopje’ ‘Schapenkamp – Stationsgebied’ is daarbij onder andere gesteld: ‘Het beleid is erop gericht de grote schaalsprongen uit het verleden qua bouwvolumes en grote openbare ruimtes voort te zetten.
In het gebied kunnen de grootschalige functies worden ondergebracht welke van stedelijk en regionaal niveau van belang zijn. De schaal wordt hierop aangepast: bebouwing in een grotere dichtheid, in grotere bouwhoogtes, met grotere bouwvolumes dan in de rest van het plangebied en met openbare ruimtes van formaat. De bebouwing in het stationsgebied (oostelijk van de Schapenkamp) bestaat uit grote, solitaire bouwvolumes, die alzijdig zijn georiënteerd, met bouwhoogten variërend van circa 20 meter tot hoogteaccenten tot 45 meter. Hoogteaccenten markeren zowel aan de noordzijde (hoek Schapenkamp - Stationsstraat) als aan de zuidzijde (bij de Beatrixtunnel) het stationsgebied. De gebouwen hebben een eigen identiteit en uitstraling.’
Uit het tekstfragment blijkt dat het bestemmingsplan uit 2013 al uit gaat van hoogteaccenten tot 45 meter. In feite zijn er sinds 2000 al plannen voor torens op het stationsplein noord (i.c. de locatie van voorheen de Kwekerij). Voor wat betreft de reactie met betrekking tot het toevoegen van twee extra lagen in afwijking van het vastgestelde Stedenbouwkundig plan verwijzen wij naar onze beantwoording van zienswijze 2.13.1. Het appartement van reclamant bevindt zich in het appartementengebouw Leeuwenkamp. De bebouwing van het stationsgebied wordt geheel ten oosten van appartementencomplex Pagina 39 van 52
Zienswijzennota
Leeuwenkamp gerealiseerd. Als er al sprake is van schaduwwerking, dan zal dat alleen in de ochtend zijn en alleen in de maanden waarin de zon laag staat. Voor het appartement van reclamant is dit overigens niet aan de orde gezien de hoge ligging. Indien reclamant van mening is dat het bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ nadeel veroorzaakt dan kan, nadat het bestemmingsplan onherroepelijk is geworden, een verzoek om nadeelcompensatie worden ingediend. Een tegemoetkoming is mogelijk voor zover het nadeel redelijkerwijs niet voor rekening van de aanvrager behoort te blijven en voor zover de tegemoetkoming niet voldoende anderszins is verzekerd. 2.15.2 2. Overconcentratie en beperking woongenot Tijdens eerdere info-avonden is herhaaldelijk door omwonenden aangegeven dat er in het afgekeurde plan reeds onvoldoende ruimte was voorzien voor laad – en losplaatsen. Het plan dat nu voorligt maakt nog intensiever gebruik van de beschikbare ruimte: teveel bewoners op een klein oppervlak – en winkels die bevoorraad moeten worden en pakjes bezorgers doe af en aan rijden – met de nodige verkeersbewegingen waardoor straks niets wordt waargemaakt van de beloftes van m.b.t. groenvoorziening en leefbaarheid, welkome doorloopjes, gezellige zitplaatsen.
De huidige kale uitstraling word ingeruild voor betonnen nieuw/hoogbouw met een nog killere uitstraling en bovendien tochtige doorgangen, tussen te hoge gevels. De afvalbakken van de horeca omheen het stationsgebied zijn reeds jarenlang een doorn in het oog van bewoners t.g.v. overvolle bakken en zwerfvuil. De commerciële ruimtes in de nieuwe gebouwen zullen met behoud van huidig beleid toestemming krijgen om lossen afvalbakken te zetten in de beperkte openbare ruimte met nog meer rommel en zwerfafval tot gevolg. Kortom, de extra 2 woonlagen die in het nieuwe plan worden toegevoegd, gaan ten koste van het woongenot van de huidige bewoners in het gebied en de omgeving, én er zijn onvoldoende aanknopingspunten in het voorgestelde plan dat de overlast van deze intensivering in de hand gehouden kan worden met betrekking tot geluidsoverlast, afvaloverlast, verkeersoverlast, laden en lossen en parkeeroverlast. Antwoord 2.15.2: Laad- en losplekken, afvalvoorzieningen en dergelijke zijn passend binnen de geldende en toekomstige bestemming ‘Verkeer’ die is gegeven aan de Schapenkamp. Het bestemmingsplan doet geen uitspraak over aantallen of locatie van dergelijke specifieke voorzieningen. Pas bij het ontwerp van de openbare ruimte krijgen dergelijke logistieke voorzieningen een plek.
In de openbare ruimte zullen uiteraard diverse voorzieningen voor laden en lossen komen, bijvoorbeeld in de Spoorstraat en aan de Schapenkamp. De gemeente is al gestart met het maken van het voorlopig ontwerp van de Schapenkamp. De andere straten volgen later. Omwonenden van het stationsgebied zijn en worden als belanghebbende hierbij betrokken. De eerste bijeenkomsten hebben al plaatsgevonden. Ten aanzien van de door reclamant verwachte parkeeroverlast merken wij op het plan voorziet in de realisatie van een ondergrondse parkeergarage met voldoende parkeerruimte voor alle functies die mogelijk worden gemaakt. De gemeente is, in tegenstelling tot de verwachtingen van reclamant, juist van mening dat met het plan het stationsgebied transformeert in een welkome, aantrekkelijke en groene entree van Hilversum, een aangename plek voor ontmoeting en verblijf en sociaal veilig. Een gebied waar het aangenaam toeven is en de reiziger zijn weg goed kan vinden. Tevens verwijzen wij naar onze beantwoording van zienswijze 2.13.2. Voor wat betreft de beoordeling van de gevolgen van het woongenot wordt verwezen naar onze beantwoording van zienswijze 2.8.4. Ervaren overlast van bijvoorbeeld geluid, voor zover dat in strijd met de openbare orde gebeurt, is een kwestie van handhaving die in een bestemmingsplanprocedure verder niet aan de orde kan komen. Pagina 40 van 52
Zienswijzennota
2.15.3 3. Akoestisch onderzoek De akoestische studie houdt geen rekening met de vergunde herontwikkeling Schapenkamp 2: dit gebouw wat 139 appartemeten zal gaan bergen en over de volle lengte van het gebouw 26 meter in hoogte zal bedragen, is niet meegenomen in de akoestische studie. De gevolgen voor Schapenkamp, in het bijzonder tussen Kamp- en Stationsstraat, zijn dus onvoldoende in kaart gebracht en ontbreken in het rapport. De geluidslast voor ondergetekende in de nieuwe situatie is onbekend. Antwoord 2.15.3: Naar aanleiding van (onder andere) deze zienswijze is geconstateerd dat er een adresfout staat in het Akoestisch onderzoek. Per abuis is Schapenkamp 130 genoemd terwijl dat Schapenkamp 2 (Silverpoint) moest zijn. Het Akoestisch onderzoek is op dit punt gecorrigeerd. Het Akoestisch onderzoek is verder op de juiste gegevens gebaseerd, inclusief de ontwikkeling van Schapenkamp 2. Op de Schapenkamp zal het aantal verkeersbewegingen door het verleggen van de centrumring afnemen (van ongeveer 10.500 motorvoertuigen per werkdag naar ongeveer 9.000 motorvoertuigen per werkdag). Hierdoor en vanwege het toepassen van een geluidsreducerende deklaag zal de geluidsbelasting op de gevels langs de Schapenkamp lager worden.
De gemeente is van mening aan alle wettelijke eisen te hebben voldaan voor het Akoestisch onderzoek, waaronder die met betrekking tot de cumulatie van geluidbronnen. 2.15.4 4. Watertoets In de beschreven watertoets staat dat er geen toename is van verhard oppervlakte en dat er om deze reden geen er geen watercompensatie hoeft plaats te vinden. Echter, reeds jaren lang is het gebied dat gelegen is vóór de taxi-opstelplaats een groen onverhard permeabel terrein (grasveld, en de laatste 2 jaar: de Kwekerij). In de nieuwe situatie Wordt hier 100% bebouwing geprojecteerd. Voorts is er geen enkele voorziening beschreven voor infiltratie in de ondergrond, behalve enkele aflopende stoepen naar een plantenbak. Er is ons inziens onvoldoende aangetoond dat de waterbalans in de nieuwe situatie voldoet aan de ‘standaardregels waterparagraaf ‘Hilversum – Waternet’. Antwoord 2.15.4: Het klopt dat het plan niet leidt tot toename van verhard oppervlak. Dit heeft betrekking op het gehele plangebied, zie onderstaande afbeelding (betreft bijlage 2 van de Watertoets).
Pagina 41 van 52
Zienswijzennota
De groenvoorzieningen in het plangebied nemen ten opzichte van de huidige situatie met 766 m2 toe. Het bebouwen van het terrein voor de taxi-opstelplaats leidt hierdoor niet tot meer afvoer van hemelwater, het groen wordt namelijk elders binnen het plangebied gecompenseerd. Tevens zal de nieuwbouw waterneutraal zijn. Conform de “standaard regels waterparagraaf” wordt het hemelwater op het eigen particuliere terrein opgevangen en verwerkt. Ook voor de openbare ruimte geldt dat voor een bui die statistisch eens in de 100 jaar voorkomt voldoende berging en of infiltratievoorzieningen worden aangelegd. 2.15.5 5. Conclusie Op grond van het bovenstaande willen wij u vragen om uw voorgenomen besluiten te herzien met inachtneming van bovenstaande inbreng. Antwoord 2.15.5: De gemeente is van mening dat het bestemmingsplan voldoet aan de doelstelling om van het Stationsgebied een welkome, media aantrekkelijke en groene entree van Hilversum te maken, waar de reiziger zijn weg goed kan vinden en waar het aangenaam toeven is. Om deze reden willen we de voorgenomen besluiten niet herzien. Wel wordt het Akoestisch onderzoek gecorrigeerd conform onze reactie op punt 3. 2.16 Reclamant 16 (digitaal ingekomen op 7 september 2022, zaaknummer 1206127 (hogere waarden) en 1206129 (bestemmingsplan), zienswijzen identiek) 2.16.1 Aan deze zienswijze zijn de onderstaande twee afbeeldingen toegevoegd.
De inhoud is verder identiek aan zienswijze 2.15. Pagina 42 van 52
Zienswijzennota
Antwoord 2.16.1: Verwezen wordt naar de gemeentelijke beantwoording van 2.15. 2.17 Reclamant 17 (digitaal ingekomen op 7 september 2022, zaaknummer 1206134) 2.17.1 Reactie Deze zienswijze gaat over het wegvallen van de parkeerplaatsen ter hoogte van Schapenkamp 192 en 188. Deze parkeerplaatsen worden gebruikt door de bezoekers van beide winkels. Het wegvallen van deze parkeerplaatsen resulteert in overlast in de straten er omheen. Antwoord 2.17.1: Verwezen wordt naar de beantwoording onder 2.14.1. De gemeente ziet geen reden voor het ontstaan van overlast door het wegvallen van parkeerplaatsen zoals door reclamant verwacht. Het plan voorziet in de realisatie van een ondergrondse parkeergarage met voldoende parkeerruimte voor alle functies die mogelijk worden gemaakt. Door de herinrichting van de openbare ruimte en de daarmee beoogde en gewenste ruimtelijke kwaliteit is er maar beperkt plek voor parkeren op maaiveld. 2.17.2 Reactie Zienswijze is voor het overige identiek aan 2.14 Antwoord 2.17.2: Verwezen wordt naar de gemeentelijke beantwoording van 2.14. 2.18 Reclamant 18 (digitaal ingekomen op 7 september 2022, zaaknummer 1206137) Betreft pro forma zienswijze (zonder inhoudelijke gronden). Reclamant is verlenging gegeven tot en met 22 september 2022 (2 weken) om de zienswijze van inhoudelijke gronden te voorzien. Zienswijze ingekomen 22 september 2022, zaaknummer 1210603.
2.18.1 Met verbazing heb ik kennisgenomen van de voorliggende plannen tot het aanpassen van het door de Raad op 29 mei 2021 vastgestelde ‘Stedenbouwkundige plan Stationsgebied”. Bij mij rijst het vermoeden dat het nieuwe college op deze wijze uit de situatie die is ontstaan door vernietigde bestemmingsplan “Stationsgebied 2020” door de Raad van Staten, wijzigingen probeert door te voeren die de leefbaarheid en kwaliteit niet ten goede komen en haaks staan op het uitgangspunt van Pagina 43 van 52
Zienswijzennota
een “groene entree” en een prettig leefbaar Hilversum centrum. Het toepassen van de Crisis-Herstel Wet lijkt ingegeven door de haast, om de gehele procedure te versnellen om zodoende het voorkeursrecht te behouden voor de deadline van 2 feb 2023. Antwoord 2.18.1: Het klopt dat vanwege het gevestigde voorkeursrecht er een deadline is om tijdig een nieuw bestemmingsplan vast te stellen. De Wet voorkeursrecht bepaalt namelijk dat een jaar na vernietiging van een bestemmingsplan een nieuw bestemmingsplan kan worden vastgesteld. In dat geval wordt het gevestigde voorkeursrecht bestendigd. De reden dat gebruik is gemaakt van de Crisis- en herstelwet (Chw) is dat op basis van deze wet een zogenaamd ’bestemmingsplan met verbrede reikwijdte’ kan worden opgesteld. Het bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ is zo’n plan. Met een ‘bestemmingsplan met verbrede reikwijdte’ kan de raad afzien van de verplichte vaststelling van een exploitatieplan. Een exploitatieplan is vereist om de te verhalen kosten als gevolg van het plan inzichtelijk te maken. Ingeval het stationsgebied is juist uitgangspunt dat de gemeente eigenaar wordt van alle in het plangebied begrepen gronden. Hierdoor zullen alle kosten kunnen worden verrekend bij de grondverkoop. Dit betekent dat op dat moment aan het kostenverhaal wordt voldaan.
Het nu al opstellen en vaststellen van een exploitatieplan heeft daardoor geen toegevoegde waarde en is extra werk ook al omdat een exploitatieplan jaarlijks herzien dient te worden. Het bespaart daardoor ook alle kosten die met het opstellen en herzien te maken hebben. Nu de Chw de mogelijkheid biedt om af te zien van het vaststellen van een exploitatieplan is gekozen daarvan gebruik te maken. Een bijkomend voordeel is dat ingeval van beroep de Raad van State zo’n bestemmingsplan sneller in behandeling zal nemen. Het Chw-bestemmingsplan komt grotendeels overeen met het door de Raad van State vernietigde bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2020’. Naar aanleiding van de Raad van State uitspraak en voortschrijdend inzicht zijn niettemin een aantal specifieke wijzigingen doorgevoerd. Ook is nieuw vastgesteld beleid verwerkt. 2.18.2 Volgens de plannen en afgegeven omgevingsvergunningen worden er in de toekomst circa 1000 woningen in het centrum gerealiseerd, o.a nieuwbouw Silverpoint, transformatie Schapenkamp 110, 130, Stationsgebied, Gooiland, Kampstraat, Achterom, Kerkbrink, Kerkstraat, transformatie boven winkels in centrum gebied etc. Antwoord 2.18.2: Het verlenen van de vergunningen voor de genoemde adressen vindt plaats op basis van de voor die locaties geldende bestemmingsplannen.
Indien nodig heeft daarvoor een afzonderlijke ruimtelijke afweging plaats gevonden, of zal daarvoor plaatsvinden. In dit geval gaat het om de ontwikkelingen die het bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ mogelijk maakt. De bestaande situatie (in casu het huidig gebruik en de verleende vergunningen) zijn als uitgangspunt genomen voor het opstellen van de milieuonderzoeken. Voorbeeld hiervan is het afsluiten van de Kleine spoorbomen in het vierde kwartaal van 2024 en het bouwplan Schapenkamp 2. 2.18.3 Het toestaan van de bouwhoogte met 2 extra woonlagen van de 2 hoofdgebouwen op het Stationsplein waardoor het maximale aantal woningen in dit gebied verhoogd wordt van 325 naar 450 lijkt meer gericht op financieel gewin bij grondverkoop door de gemeente en die van projectontwikkelaars, dan het creëren van een groene entree en uitnodigend stadshart. Daarbij nog in acht te nemen de vergroting van het station zelf met 400 vierkante meter op het Stationsplein. In deze stedelijke plannen blijft er weinig ruimte voor groen. Terwijl wereldwijd wordt nagedacht over maatregelen; hoe steden te vergroenen i.v.m met de klimaatveranderingen en de extreme hitte door verstening, lijkt het beleid in Hilversum juist op het tegenovergestelde te zijn gefocust. De tuinstad van Dudok, waar we jarenlang zo trots op waren, wordt vakkundig omgebouwd tot beton stad.
Bijkomende grote problemen zoals afval, parkeren, fijnstof, verkeershinder, burenrumoer, Leegstand van winkelruimtes in de plint lijken van onderschikt belang. Pagina 44 van 52
Zienswijzennota
Antwoord 2.18.3: Voor wat betreft de reactie ten aanzien van de toename van het aantal woningen, het toevoegen van twee extra lagen, de ruimte voor groen en de verwachte bijkomende problemen verwijzen wij naar de beantwoording van zienswijze 2.13.1. Het toevoegen van bouwlagen en de uitbreiding van de stationshal zal geen invloed hebben op de hoeveelheid of de kwaliteit van het te realiseren groen in het Stationsgebied. De zorgen die reclamant heeft ten aanzien van de klimaatverandering worden door ons onderschreven. In de toelichting van het bestemmingsplan is daarvoor ook aandacht, zie bijvoorbeeld de paragrafen 5.5.2 Duurzaamheid en 5.5.3 Klimaatadaptie. In het nieuwe Stationsgebied zal de openbare ruimte daarom klimaatadaptief worden ingericht door bijvoorbeeld het regenwater te bufferen. Daarbij zullen bomen en groen met schaduw zorgen voor een hogere luchtvochtigheid voor een aangenaam microklimaat. In het stationsgebied ligt de nadruk op de kwaliteit van het groen en de openbare ruimte en minder op de kwantiteit. De gemeente is van mening dat stationsgebied door het plan juist transformeert naar een aantrekkelijke groene entree voor de stad. Het argument dat de leegstand van winkels in de plint van ondergeschikt belang zijn onderschrijven wij niet.
Het bestemmingsplan maakt juist maar zeer beperkt enige detailhandel mogelijk, juist om concurrentie met de binnenstad te voorkomen. 2.18.4 Tevens ben van mening dat de verkeersintensiteit zal toenemen i.p.v afnemen ( zie rapport ) door omlegging centrumring, afsluiting kleine spoorovergang en verbreden Schapenkamp naar 2baansweg. Het verkeer van oost naar west wordt op deze manier gedwongen om gebruik te maken van de Beatrixtunnel, Prins Bernardstraat, Schapenkamp. Antwoord 2.18.4: De Schapenkamp wordt niet tussen de Stationsstraat en de Beatrixtunnel een tweerichtingsverkeer weg. Er wordt een verkeersknip aangebracht ter hoogte van de Marktgarage (Silverpoint), hierdoor is het niet mogelijk om rechtstreeks vanaf de Koninginneweg naar de Beatrixtunnel te rijden. Met behulp van het verkeersprognosemodel uit 2020 is berekend dat het verkeer op de Schapenkamp van ongeveer 10.500 motorvoertuigen per werkdag naar ongeveer 9.000 motorvoertuigen per werkdag gaat. Tevens wordt op de Schapenkamp een geluidsreducerende deklaag aangebracht. Voor de geluidsbelasting betekent dat deze juist naar beneden gaat. Voor de Schapenkamp wordt daarom ook geen hogere geluidswaarde voor vastgesteld. 2.18.5 De hogere waarden geluid zijn volgens de stukken die nu ter inzage liggen voor het gebied Langgewenst – Koninginnenweg – Melkpad ook van toepassing op de nieuwbouw Stationsplein.
Door de hoogte zoals vastgelegd in “stedenbouwkundige plan” 29 mei 2019 te verhogen met 2 extra verdiepingen naar 26 meter wordt de Schapenkamp verandert in een muur van hoge gebouwen ipv een overgang naar het oude centrum. Immers aan de overkant, Schapenkamp 2 wordt een appartementsgebouw van 27 meter hoog gebouwd. Dit bepaald niet alleen het zicht en gevoel, maar veroorzaakt een “tunnel” waar binnen het verkeersgeluid resoneert tegen de gevels. Resulterend in geluidoverlast niet alleen op straatniveau maar zeker ook op de etages. Van gezellig zitten in een horeca gelegenheid in een groene welkome omgeving zal geen sprake zijn door het voortdurende verkeersgeluid. Dit geldt voor de nieuw te bouwen appartementen en zeker ook voor de bestaande bebouwing. Het simpelweg verhogen van de drempel van de toegestane wettelijke norm is geen oplossing. De leefbaarheid en kwaliteit gaat hierdoor voor vele bewoners achteruit. Grootste stedelijke ambities lijken te prefereren boven de kwaliteit van leven in ons mooie dorp.
Pagina 45 van 52
Zienswijzennota
Antwoord 2.18.5: Zie antwoord 2.18.4. In het akoestisch onderzoek is rekening gehouden met de nieuwe bebouwingen en daarmee ook met het weerkaatsen van het geluid Voor wat betreft de beoordeling van de gevolgen van het woongenot verwijzen wij naar onze beantwoording van zienswijze 2.8.4. 2.18.6 Ik verzoek u burgemeester en wethouders en alle leden van de Raad vriendelijk maar dringend nogmaals goed te kijken naar de grote bezwaren die het huidige plan impliceren. Het Stationsgebied wordt onevenredig zwaar belast met overconcentratie in de vorm van woningbouw, verkeersoverlast, afvalafhandeling en geluidsbelasting. Mijn zienswijze samengevat : het verhogen van de wettelijke normen voor geluidsoverlast, het afwijken van eerder gemaakte afspraken binnen de Raad, het wijzigen van de bestemmingsplan procedure in een CHW procedure voor een snellere afwikkeling, het uitsluitend verhogen van de maximale bouwhoogte uit financieel oogpunt ( een ander argument kon ik niet vinden ) het zwaar belasten van de bestaande bewoning in de omgeving, het wijzigen van de infrastructuur uitsluitend om de Stationsstraat te ontlasten en het veilig maken van de oversteek naar de markt op 2 dagen per week, waar tegenover een dubbele rijbaan op een punt waar dagelijks honderden fietsers en voetgangers moeten oversteken staat, sluit niet aan bij bestuurlijke verantwoording die u heeft naar uw burgers.
Op grond van bovenstaande verzoek ik u om uw voorgenomen besluiten te heroverwegen met inbreng van bovenstaande. Antwoord 2.18.6: Verwezen wordt naar onze eerdere reacties. De keuze om de centrumring te verleggen en de Stationsstraat autovrij te maken heeft de raad al gemaakt bij de vaststelling van de ‘Structuurvisie Hilversum 2030’ (2013. In de Centrumvisie (2015), het stedenbouwkundig plan ‘Stationsgebied’ (2019) en de Mobiliteitsvisie (2022) is deze keuze bevestigd. In de vormgeving van de verkeersontsluiting zullen ook de verkeersveiligheidsaspecten worden betrokken. Dat zal onderdeel zijn van de nadere uitwerking van de inrichtingsontwerpen. Vrij liggende fietspaden en veilige oversteken voor fietsers en voetgangers zullen hiervan onderdeel uitmaken. Ook de Schapenkamp zal duurzaam veilig worden ingericht. De gemeente is van mening dat het bestemmingsplan voldoet aan de doelstelling om van het Stationsgebied een welkome, media aantrekkelijke en groene entree van Hilversum te maken, waar de reiziger zijn weg goed kan vinden en waar het aangenaam toeven is. Ook blijft naar onze mening sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat zoals dat bij een centrumgebied van Hilversum te verwachten valt. We willen de voorgenomen besluiten daarom niet herzien.
2.19 Reclamant 19 (digitaal ingekomen op 7 september 2022, zaaknummer 1206138) Betreft pro forma zienswijze (zonder inhoudelijke gronden). Reclamant is verlenging gegeven tot en met 22 september 2022 (2 weken) om de zienswijze van inhoudelijke gronden te voorzien. Zienswijze ingekomen 22 september 2022, zaaknummer 1210600. Hierbij wil ik U graag mijn zienswijze indienen n.a.v. de voorgenomen besluiten betreffende het Stationsgebied 2022.
Pagina 46 van 52
Zienswijzennota
2.19.1 De Gemeente wil graag een groenere entree voor Hilversum maken, en een betere verbinding tussen Oost en West. Tot mijn verbazing heeft de Gemeente wijzigingen in het plan doorgevoerd, met de meest opvallende het verruimen van de maximaal aantal bouwlagen. Er wordt nu voorgesteld om er TWEE extra woonlagen aan toe te voegen, zodat het aantal woningen van 325 naar 450 gaat. Dit betekend voor de omgeving en de omwonenden : Extra verkeers- en parkeerhinder Minder licht door de hogere bebouwing Minder uitzicht voor de omliggende gebouwen Extra afval overlast ( dat is er nu al !) Antwoord 2.19.1: Wij verwijzen naar de beantwoording van zienswijze 2.13. 2.19.2 De Gemeente streeft na om het gebied, en dan citeer ik uit haar eigen brochure “Stationsgebied Hilversum, de groene loper naar de Mediastad ( 2019 ): “De nieuwbouw heeft een menselijke maat en schaal” “volop ruimte voor groen, voetgangers en fietsers” “Het huidige Stationsgebied zal plaats maken voor een aangename en gezellige plek. Een warm welkom voor iedereen” De bouwhoogtes varieren tussen de drie en zes woonlagen” “De nieuwbouw vormt straks een logische overgang tussen de grootschalige gebouwen die de laatste decennia zijn ontwikkeld en het fijnmazige, historische centrum” Mooie plannen, ronkende teksten, maar nu worden de bakens verzet.
Mogen er 2 extra bouwlagen bij; dit vooral om de project-ontwikkelaar tegemoet te komen. Als men beoogt om een mooie overgang te creeren van het Station tot aan de binnenstad, dan moeten de gebouwen ertussen ook proportioneel zijn. De Gemeente heeft het zelf over die “logische overlang” van hoog naar laag. Dat effect wordt teniet gedaan door er nu juist 2 extra bouwlagen aan toe te voegen. Daarmee worden het te grote betonnen kolossen, die niets te maken hebben met “speelse bouw” en “menselijke maat en schaal” Antwoord 2.19.2: Wij verwijzen naar de beantwoording van zienswijze 2.13. 2.19.3 En, afgezien van deze bebouwing, moeten er in hetzelfde kleine krappe gebied ook nog ruimte zijn voor een bustation, taxi-standplaats, een fietsenstalling, een commerciele plint, een kiss & ride, een stationsplein en niet te vergeten… groen. Ieder weldenkend mens zal begrijpen dat dit een onevenredig zware belasting is voor deze halve vierkante kilometer. En dat de huidige bewoners door deze buiten-proportionele uitbreiding ernstig aangetast worden in hun woongenot en leefklimaat. Antwoord 2.19.3: Wij zijn van mening dat het stedenbouwkundig plan voldoet aan de doelstelling om van het Stationsgebied een welkome, media aantrekkelijke en groene entree van Hilversum te maken, waar de reiziger zijn weg goed kan vinden en waar het aangenaam toeven is.
Voor alle beoogde functies is voldoende plek en hebben daarbij een omvang passend bij de schaal van Hilversum. Het bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ is hiervan de planologisch-juridische vertaling. Ook blijft naar onze mening sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat zoals dat bij een
Pagina 47 van 52
Zienswijzennota
centrumgebied van Hilversum te verwachten valt. Tevens verwijzen wij naar onze beantwoording van zienswijze 2.8.4. 2.19.4 De Gemeente wil teveel, op een veel te klein gebied. We begrijpen dat er behoefte is aan meer woningen, maar er wordt nu al veel gepland in en om het Stationsgebied. Er liggen plannen om Silverpoint te slopen, en er een mega groot pand voor in de plaats te zetten met ca 140 woningen. Tevens is het zeer aannemelijk dat van Schapenkamp 110 getransformeerd gaat worden naar appartementen. Vol is vol; er moet naar andere plekken gekeken worden, elders in en om Hilversum, als extra woningbouw noodzakelijk is. Deze uitbreiding hier op het Stationsplein is veel te veel van het goede ! Om die redenen dienen de 2 extra woonlagen op het Stationsgebied geschrapt te worden. Anders rest ons niets dan dit voor te leggen aan de Raad van State. Op grond van het bovenstaande wil ik u vragen om uw voorgenomen besluit te herzien men inachtneming van de bovenstaande inbreng. Antwoord 2.19.4: Wij verwijzen naar onze eerdere reacties. We willen de voorgenomen besluiten niet herzien. 2.20 Reclamant 20 (digitaal ingekomen op 8 september 2022, zaaknummer 1206206 (bestemmingsplan) en 1206210 (hogere waarden). Beide zienswijzen zijn identiek. 2.20.1 Zienswijze is nagenoeg dezelfde als 2.13. Antwoord 2.20.1: Verwezen wordt naar de gemeentelijke beantwoording van zienswijze 2.13.
2.21 Reclamant 21 (digitaal ingekomen op 8 september 2022, zaaknummer 1206412 (hogere waarden) en 1206414 (bestemmingsplan). Daarnaast per post geregistreerd op 9 september 2022 met zaaknummer 1206721. Zienswijzen allen identiek. 2.21.1 Zienswijze is nagenoeg dezelfde als 2.13 en 2.20. Antwoord 2.21.1: Verwezen wordt naar de gemeentelijke beantwoording van zienswijze 2.13. 2.22 Reclamant 22 NS Groep N.V. (ingekomen op 9 september 2022, zaaknummer 1206719) 2.22.1 De gemeente wil van het stationsgebied een welkome, aantrekkelijke en groene entree van Hilversum maken, waar de reiziger zijn weg goed kan vinden en waar het aangenaam toeven is. Het station Hilversum, alsmede de bijbehorende stationsvoorzieningen, vormen een prominent onderdeel van dit gebied. Graag maakt NS dan ook gebruik van de mogelijkheid om te reageren op het ontwerpbestemmingsplan. NS kan de doelstellingen voor het plangebied zeer onderschrijven. Een betere oriëntatie, meer groen en een structurele verbetering van het fietsparkeren is voor onze reiziger en uw inwoners van grote meerwaarde. In dit traject is NS, als eigenaar in dit gebied, door de gemeente geconsulteerd via onze stationsmanager XX en zijn collega’s. We herkennen in de stukken dan ook punten uit de gesprekken die wij hebben gevoerd. Graag delen wij vanuit onze kant ook een aantal aandachtspunten. Pagina 48 van 52
Zienswijzennota
NS constateert in het ontwerpbestemmingsplan onder andere dat het station, en haar voorzieningen niet consequent opgenomen is in alle stukken. Zo lezen we in de publicatie in het gemeenteblad dat het stationsgebouw geen deel uit maakt van het plangebied. Alleen al door de koppeling van de nieuwe fietsenstalling aan de reizigerstunnel blijkt het stationsgebouw wel degelijk een raakvlak met het plangebied te zijn. Antwoord 2.22.1: De plangrens van het bestemmingsplan is gesitueerd op de bestaande arcade, luifel en uitbouw van het huidige stationsgebouw. Overigens onderschrijven wij de reactie dat de plannen een koppeling/raakvlak/verbinding hebben met de bestaande bebouwing van het station. 2.22.2 Hieronder noemen wij ter toelichting kort de belangrijkste bevindingen: 1. NS is zeer verheugd om te zien dat op de plan kaart en Ruimtelijkeplannen.nl de contour voor de uitbreiding Stationshal is opgenomen. Dat is positief want daar is door alle partijen hard aan gewerkt om toekomstige uitbreiding van het station in het bestemmingsplan op te nemen. Maar niet overal staat dit vermeld en- of is opgenomen in tekeningen of figuren. Bijvoorbeeld figuur 35, met bouwblokken genummerd, daar ontbreekt de contour voor de stationshal. Wij zien de uitbreiding voor de stationshal dan ook graag opgenomen in alle daarvoor relevante stukken.
Antwoord 2.22.2: De uitbreiding van de stationshal is verwerkt in de planregels en verbeelding en daarmee, na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan, juridisch bindend. Voor de gemeente staat dat verder ook niet ter discussie. De in de plantoelichting opgenomen tekeningen en figuren zijn grotendeels afkomstig uit vastgestelde beleidstukken of zijn gemaakt voor een specifiek doel. Zo is figuur 35 toegevoegd om concreet de 7 bouwblokken aan te duiden. Mede vanwege de strakke planning om het bestemmingsplan tijdig vast te stellen zien we geen aanleiding om de contour op alle tekeningen en afbeeldingen toe te voegen. Wel zullen wij een afbeelding/impressie van de uitbreiding toevoegen aan de toelichting. 2.22.3 2. De bestemming voor de m2 van het station in het bestemmingsplan zijn gewijzigd. In de vorige versie was de omschrijving: Stationsfuncties, met de daarbij behorende voorzieningen. Dit is gewijzigd in 1.58 Stationsfuncties alle bij een treinstation behorende functies, zoals kaartverkoop, informatievoorziening, reizigersvoorzieningen, etc. een en ander met uitzondering van horeca en detailhandel; Deze wijziging is minder ‘ruim’. In stations zijn ook voorzieningen zoals drogisterij, boekhandel, mode- en woonaccessoires die ook vallen onder de term detailhandel. En formules zoals Starbucks, Julia’s eet. die vallen onder de term horeca.
NS wil niet beperkt worden in de invulling van de haar stationsvoorzieningen m2 in de toekomstige uitbreiding van de stationshal zoals in dit concept wel het geval is. Graag zien wij hier dan ook een aanpassing op. Antwoord 2.22.3: In het vernietigde bestemmingsplan was het begrip ‘stationsfuncties’ in het geheel niet nader omschreven. Vanuit het oogpunt van rechtszekerheid is dat niet wenselijk vandaar dat de definitie is toegevoegd in het nieuwe plan. Het huidige stationsgebouw maakt geen deel uit het bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’, maar blijft onderdeel van bestemmingsplan ‘Binnenstad 2013’. De door NS genoemde functies (horeca en detailhandel) passen ‘gewoon’ in dat plan. Dat wijzigt niet, de gebruiksmogelijkheden van het bestaande gebouw worden daardoor niet beperkt. Bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ maakt alleen de uitbreiding van de stationshal mogelijk. Dit nieuwe bestemmingsplan staat op het stationsplein in beperkte mate detailhandel en horeca toe. Naar aanleiding van de zienswijze wordt de begripsbepaling van ‘stationsfuncties’ verruimd Pagina 49 van 52
Zienswijzennota
door ook ‘horeca en detailhandel’ hiervan onderdeel te laten zijn. Het totaal aan oppervlak voor horeca en detailhandel op het stationsplein zoals opgenomen in de regels blijft ongewijzigd. 2.22.4 3. In de horecaregels lezen wij een tweetal opvallende zaken. Ten eerste, de openingstijden. Voor buiten het station is dit geen probleem. Maar het is niet duidelijk wat de openingstijden van stationsvoorzieningen, waaronder horeca mag zijn. Zie ook punt 2. Wij stellen voor dat de openingstijden van stationsvoorzieningen vallen binnen de opening van het station zelf. Dat is een kwartier voor de eerste trein tot en met een kwartier na de laatste trein. Het tweede punt wat opvalt zijn de terrassen. In het algemeen zijn wij niet tegen terrassen. Deze mogelijkheid is ook een wens van onze (bestaande) huurders. Maar voor de hoofdroutes naar het station is voldoende breedte voor voetgangers heel belangrijk. Nu is omschreven: In veel gevallen is het mogelijk om bij de horeca-inrichting een (gevel)terras te exploiteren. Een gevelterras mag tot maximaal 1.50 meter vanaf de gevel komen. Hierbij moet wel minimaal 1.50 meter stoep beschikbaar blijven voor weggebruikers. Er moet ook altijd voldoende ruimte (4 meter) zijn voor nood- en hulpdiensten om door te kunnen rijden.
Voor de plinten in blokken 2 en 3 aan de hoofdroutes tussen station en Schapenkamp en tussen station en stationsstraat en tussen blok 3 en stationsgebouw is 1,5 tot 4 meter echt te smal voor de hoofdroutes voor voetgangers. Tegenover de stationsentree en rondom het busstation zien wij wel mogelijkheden voor terrassen. Naast de werkelijke breedte, de feitelijke maat, is ook de beleefde breedte van belang. Voetgangers ervaren de breedte van een straat anders op basis van de inrichting en gebruik van de openbare ruimte. Voetgangers willen graag de keuze hebben om een terras en tegemoetkomende voetgangers nabij of juist van een grotere afstand te passeren. Wij zien graag een omschrijving per zijde van bouwblok/bouwvolume waar wel terrassen mogelijk zijn en waar niet. Daarmee borgen wij zowel in capaciteit als in kwaliteit de belangrijkste looproutes tussen herkomst/bestemming en station. Antwoord 2.22.4: Het bestemmingsplan regelt niet de openingstijden van horeca- of afhaalvoorzieningen, dat wordt bepaald in de horecaverordening of, voor afhaal, de winkeltijdenverordening. De reactie van NS over de openingstijden is gebaseerd op bijlage 3 ‘Modules Horeca’ die onderdeel is van de planregels.
Met deze ‘Modules’ wil de gemeente horecaondernemers uitnodigen om nieuwe, innovatieve concepten in de markt te zetten die het voor bezoekers interessant maken om (vaker) naar Hilversum te komen en dan ook de horeca te bezoeken. Deze concepten zijn vaak niet meer in 1 hokje te plaatsen. De flexibele keuze voor food en drank-concepten zijn vertaald in het ‘exploitatie categorieën model Horeca’. Dit model gaat uit van ‘activiteiten’, waaronder de activiteit ‘openingstijden’ en de activiteit ‘terrassen’. Per activiteiten is een aantal punten toegekend. Hoe meer impact de activiteit heeft op de kwaliteit van het leef- en vestigingsklimaat, hoe meer punten aan de activiteit wordt toegekend. Met deze systematiek kan de onderneming worden ingedeeld in een exploitatiecategorie en worden bepaald of dit gewenst is in het gebied waar de ondernemer zich wil vestigen. Het geeft de ondernemer keuzevrijheid. Het bestemmingsplan regelt alleen welke exploitatiecategorieën zijn toegestaan. In het proces van vergunningverlening wordt bezien of het pand aan de eisen voldoet en of de wijze van exploiteren voldoet aan het beleid.
Binnen de bestemming ‘Verkeer’ zijn terrassen toegestaan voor zover gelegen in de nabijheid van (horeca)ondernemingen die onderdeel zijn van een aangrenzende bestemming. Het bestemmingsplan staat op het stationsplein beperkt en gemaximeerd horeca toe. De horecaverordening bepaalt of een horecaonderneming een terrasvergunning (ontheffing woon- en leefklimaat) kan krijgen. In het kader van deze beoordeling is het bestemmingsplan een van de toetsingsgronden. Ingeval een terras is gesitueerd op openbaar terrein dan staat de bestemming 'Verkeer' daar verder niet aan in de weg. Het gaat voor het bestemmingsplan te ver om nu al concreet te bepalen waar wel en geen terrassen worden toegestaan. Pagina 50 van 52
Zienswijzennota
In het kader van een concrete aanvraag kan maatwerk plaatsvinden. Bij de beoordeling van de ontheffing woon- en leefklimaat in het kader van de Horecaverordening wordt onder andere ook de vrije doorgang van het verkeer en het doelmatig en veilig gebruik van de weg beoordeeld. 2.22.5 4. In de opsomming van bestemmingen voor het Stationsplein, ontbreekt de functie Station en Stationsvoorzieningen voor de toekomstige uitbreiding van het station. Wij zien graag een algemene beschrijving van de voorzieningen in het stationsgebied toegevoegd. Antwoord 2.22.5: Het bestemmingsplan dient rechtszekerheid te bieden over de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden van de gronden vallend binnen het plangebied. Een algemene beschrijving zoals door NS gevraagd is daarvoor niet geschikt. Uit navraag blijkt de wens van NS dat voor de bestaande stationshal en de beoogde uitbreiding van de stationshal, die dus verdeeld zijn over twee bestemmingsplannen, dezelfde omschrijving wordt gebruikt. Zoals in de beantwoording van punt 2 aangegeven maakt de bestaande stationshal geen deel uit van het plangebied, maar blijft deze onderdeel van bestemmingsplan ‘Binnenstad 2013’. De bestemming van de huidige hal wijzigt dus niet. Die bestaande bestemming bevat ruime gebruiksmogelijkheden omdat in bestemmingsplan ‘Binnenstad 2013’ ook de bouwvlakken van het vml.
UWV-pand en de locatie van (voorheen) de Kwekerij onder deze bestemming (i.c. artikel 8 ‘Centrum – Stationsgebied – 1’) zijn gebracht. Ook woondoeleinden zijn bijvoorbeeld toegestaan in deze bestaande bestemming. Voor de uitbreiding van de stationshal vinden wij een dergelijke ruime bestemming niet geschikt. Gekozen is voor een concrete bestemming. Overigens valt het stationsplein in het geldende bestemmingsplan ‘Binnenstad 2013’ onder de bestemming ‘Verkeer’. Deze bestemmingsomschrijving bevat niet de term ‘stationsfuncties’ o.i.d.. 2.22.6 5. In Hilversum zien we een buitengewoon hoog aandeel voetgangers in het voor- en natransport richting het station (32% voor- en 53% natransport). Het is daarom voor NS van grote prioriteit dat de voetganger een prettig en veilige route wordt geboden. In dat licht bezien vinden we de paragraaf die de voetganger bespreekt vrij summier ten opzichte van de andere verkeersgroepen. De routes dienen toegankelijk te zijn voor alle doelgroepen en moeten voldoen aan de Wet op toegankelijkheid. Wij zien graag opgenomen dat routes zijn ingericht voor de voetganger die doelgericht naar zijn bestemming loopt, in snelheid en kwaliteit, maar ook voor de bezoeker, gebruiker en bewoner, voor verblijf, flaneren en kwaliteit, van het stationsgebied.
Antwoord 2.22.6: De gemeente onderschrijft deze reactie en vult de toelichting (paragraaf 5.3.2) op dit punt als volgt aan: ‘De routes voor voetgangers zullen toegankelijk worden voor alle doelgroepen (ook voor de minder valide medemens) en voldoen aan de eisen op het gebied van toegankelijkheid. De routes worden ontworpen voor voetgangers die doelgericht naar zijn bestemming loopt, in snelheid en kwaliteit, maar daarnaast ook voor de bezoekers, gebruikers en bewoners, voor verblijf en flaneren.’ 2.22.7 6. Groen- en watervoorzieningen, dit is zowel kwantitatief als kwalitatief beschreven met aandacht voor klimaatadaptatie. De ontwerpnorm voor de openbare ruimte is een bui van 70 mm/uur. Hiervan wordt de eerste 30 mm afgevoerd via het riool. Wij hebben zorg bij de gekozen norm voor de directe omgeving van het station en de interwijktunnel. Omdat zware buien steeds vaker voorkomen en het station en de tunnel de afgelopen jaren vaker dan 1 keer onder zijn gelopen bij zware buien. Wij zien graag dat deze norm nader wordt onderzocht.
Pagina 51 van 52
Zienswijzennota
Antwoord 2.22.7: Het Hilversumse beleid sluit met de norm van 70 mm/uur aan op landelijk en regionaal klimaatadaptatie beleid. Ten opzichte van de huidige situatie neemt hiermee de hemelwaterberging in het projectgebied, gelegen ten westen van het station, flink toe. Bij herinrichting wordt in het algemeen vaak gebruik gemaakt van een neerslagkans die één keer per 100 jaar kan voorkomen (dit wordt een T=100 genoemd). Het KNMI verstaat onder een neerslagkans die ongeveer één keer per eeuw of iets vaker voor komt wanneer men zich op een 'vaste locatie' in Nederland bevindt: “waarden boven de 50 millimeter in een uur (hoosbui) en 100 millimeter in een dag (twee keer zoveel als de laagste hoeveelheid voor een 'hoosbui' en 'een dag met zware neerslag'). Het KNMI geeft aan dat zo’n neerslagkans voor het Nederlandse klimaat redelijk extreem is. Voor het projectgebied is de gekozen norm van 70 mm/uur strenger dan de vaak gebruikte T=100. Hiermee bereiden we ons voor op mogelijke intensievere buien in de toekomst. 2.22.8 7. Afval. De gemeente heeft de ambitie om voor ondernemers in de toekomst de afvalstromen ondergronds te verzamelen. Het station is een complex geheel als het gaat over afvalstromen. Graag treden we met gemeente in overleg over de locatie en omvang van een mogelijk ondergrondse voorziening.
Antwoord 2.22.8: De gemeente neemt deze uitnodiging van harte aan en gaat graag in overleg met NS en andere stakeholders over alle noodzakelijke voorzieningen, waaronder afval. Bij de nadere uitwerking maken wij graag gebruik van de kennis van alle partijen. 2.22.9 Tot op heden zijn wij in dit traject, om te komen tot een ontwerpbestemmingsplan “Stationsgebied 2022”, betrokken geweest bij de totstandkoming van (delen) van dit document. Gezien de opgave voor zowel station als stationsgebied vindt NS het belangrijk om nauw samen te blijven werken en delen wij graag onze expertise van ruim 400 stations voor de opgave in het stationsgebied. Wij kijken uit naar een voortzetting van onze samenwerking. Antwoord 2.22.9: Deze reactie onderschrijven wij. Naar aanleiding van de zienswijze zullen wij ambtshalve een impressie van de uitbreiding van de stationshal toevoegen aan de toelichting. Tevens wordt de toelichting aangevuld voor wat betreft de toegankelijk van routes voor voetgangers. Ook worden ‘horeca en detailhandel’ onderdeel van de begripsbepaling ‘stationsfuncties’.
Bijlagen (separaat) 1. Beoordeling woon- en leefklimaat (en bijlagen)
Pagina 52 van 52