CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Raadsvoorstel bijlage 5 Zienswijzennota

GEMEENTERAAD 7 december 2022, gemeente HilversumBij agendapunt: Vaststelling Chw-bestemmingsplan Stationsgebied 2022 (1189197)26.639 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Zienswijzennota ‘ontwerp Chw-bestemmingsplan Stationsgebied 2022’ én ‘ontwerpbesluit Hogere waarden geluid verlegging centrumring’

1. Inleiding

Het ontwerpbestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ en het ‘ontwerpbesluit Hogere waarden geluid’ in verband met de verlegging van de centrumring heeft met ingang van vrijdag 29 juli 2022 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Tot en met 8 september 2022 konden zienswijzen worden ingediend. Er zijn 22 zienswijzen ingekomen. Eén zienswijze heeft 128 medeondertekenaars. Van de 22 zienswijzen zijn er 21 tijdig ingediend. De zienswijze van reclamant 22 is ingekomen op vrijdag 9 september en daarmee buiten de termijn. Op formele gronden dient deze zienswijze nietontvankelijk te worden verklaard. In deze nota wordt wel een inhoudelijke reactie gegeven op de aangevoerde punten. Twee indieners (reclamanten 18 en 19) hebben binnen de termijn een pro forma zienswijze ingediend. Zij hebben 2 weken extra gekregen om de zienswijze van inhoudelijke gronden te voorzien. Opbouw nota De ingekomen reacties zijn per indiener samengevat en beoordeeld. Niet altijd wordt letterlijk geciteerd uit de ontvangen reactie, maar wordt volstaan met een beknopte samenvatting van de relevante kern van de opmerkingen die de indiener over een bepaald onderwerp kenbaar heeft gemaakt. Dit betekent uiteraard niet dat de onderdelen van de reacties, die niet nadrukkelijk zijn vermeld, niet in de beoordeling zijn betrokken. Bij de uiteindelijke beoordeling is de volledige reactie betrokken.

Per reactie zijn de beoordeling en afweging door, alsmede de opvatting c.q. het standpunt van, het college van burgemeester en wethouders weergegeven.

Gemeente Hilversum Afdeling Leefomgeving

Zienswijzennota

2. Zienswijzen 2.1 Reclamant 1 (digitale zienswijze ingediend op 2 augustus 2022, zaaknummer 1189384) 2.1.1 Verkeersoverlast door verkeer in huidige situatie al probleem door geluid (uitlaten en motorgeluid) en uitlaatgassen (luchtvervuiling). Als dit een verplichte centrum ringweg wordt kan je hier alleen nog maar wonen met ramen en deuren dicht. Dus door toename van verkeer in een ringweg met factor x is het niet meer leefbaar! Ik heb een vraag over verkeer dat op de Koninginneweg rijdt en straks nog meer als dit centrumring wordt. Hoe zit het met de scheurende auto’s die hier over de Koninginneweg nu al rijden en waar niets aan gedaan wordt. Komen hier verkeersdrempels of iets anders om dit autoverkeer in snelheid te beperken?? Er wordt nu gas gegeven al bij de Kikker en met enorm veel (schijnt nieuw te zijn) uitlaatgeluid zo hard mogelijk door de straat te rijden soms met z’n 2en achter elkaar aan (zijn vaak zelfde auto’s). Geluid reducerende weg verharding helpt niet tegen dit geluid. Hoor graag of hier wat aan gedaan gaat worden in het gehele plan. Antwoord 2.1.1: In het kader van het (ontwerp)bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ is onderzoek gedaan naar de gevolgen voor de luchtkwaliteit. Het blijkt dat de uitkomsten de uitvoering van de plannen niet in de weg staan. Er wordt voldaan aan de daarvoor geldende grenswaarden.

De beoordeling van het woon- en leefklimaat zoals onderdeel van het ontwerpbestemmingsplan is door ons aangevuld. Daarbij is ook extra informatie toegevoegd met betrekking tot de diverse andere geluidsbronnen waarvan nu al overlast wordt ervaren. Wij verwijzen naar de aangevulde paragraaf die als separate bijlage onderdeel is van deze nota. In de vormgeving van de verkeersontsluiting zullen ook de verkeersveiligheidsaspecten worden betrokken. Dat zal onderdeel zijn van de nadere uitwerking van de inrichtingsontwerpen. Vrij liggende fietspaden en veilige oversteken voor fietsers en voetgangers zullen hiervan onderdeel uitmaken. Ook het Langgewenst en de Schoolstraat zullen duurzaam veilig worden ingericht. Dat betekent dat de wegen zodanig worden ingericht dat de straat wordt herkend als 50 km per uur straat. Dit ontmoedigt te hard rijden. Overlast door te hard rijden of hard uitlaatgeluid, voor zover dat plaats vindt in strijd met de openbare orde, is een kwestie van handhaving die in een bestemmingsplanprocedure verder niet aan de orde kan komen.

2.2 Reclamant 2 (zienswijze digitaal ingediend op 29 augustus 2022, zaaknummer 1203672) Digitaal ingediende reactie op 29 augustus 2022 2.2.1 De woningen aan het Langgewenst hebben allemaal balkons, zowel aan de kant waar ik woon (lange zijde Langgewenst), als aan de overzijde bij de seniorenwoningen (Prinsenhof), alsook de appartementen , naast de Vorstin , De Witte Prinses. Dat zijn in totaal 120 balkons! In deze tijd van Corona hebben wij ervaren hoe belangrijk deze buitenruimtes voor ons zijn Het Langgewenst is aangemerkt als een autoluwe weg, daarom zijn aan de Langgewenst kant, balkons gesitueerd , en aan de Naarderstraat geen balkons omdat dat een doorgaande weg was/is In de afgelopen jaren, is echter het gemotoriseerde verkeer dat van en naar de centrumring gaat via het Langgewenst fors toegenomen. Ik verzoek de Gemeenteraad dringend: Pagina 2 van 52

Zienswijzennota

Het ontwerp-bestemmingsplan, bijbehorend het ontwerp beeldkwaliteitsplan Stationsgebied 2022 NIET goed te keuren, met name om af te zien van het verleggen van de centrumring via Schoolstraat/Langgewenst. Antwoord 2.2.1: De verschillende aspecten van de zienswijze zijn door reclamant nader toegelicht in onderstaande reactie. Verwezen wordt naar de daar opgenomen beantwoording. Betreft: Zienswijze Ontwerpbestemmingsplan “Stationsgebied 2022” Geachte Raad, 2.2.2 Als bewoner van een appartement aan het Langgewenst te Hilversum heb ik ernstig bezwaar tegen het voornemen om de centrumring via de Koninginnedag naar Schoolstraat en Langgewenst te verleggen. Mijn zienswijze hieromtrent is als volgt: De woningen aan het Langgewenst hebben allemaal balkons, zowel aan de kant waar ik woon (lange zijde Langgewenst), als aan de overzijde bij de seniorenwoningen (Prinsenhof), alsook de appartementen , naast de Vorstin , De Witte Prinses Dat zijn in totaal 120 balkons! In deze tijd van Corona hebben wij ervaren hoe belangrijk deze buitenruimtes voor ons zijn Het Langgewenst is aangemerkt als een autoluwe weg, daarom zijn aan de Langgewenst kant, balkons gesitueerd, en aan de Naarderstraat geen balkons omdat dat een doorgaande weg was/is In de afgelopen jaren, is echter het gemotoriseerde verkeer dat van en naar de centrumring gaat via het Langgewenst fors toegenomen.

Sinds de gemeente de grote spoorbomen heeft afgesloten en andere wijken verkeersluw maakte, werd dat steeds op onze straat afgewenteld Hierdoor is de geluidshinder en de daarmee gepaarde fijnstof aan het Langgewenst alsmaar meer geworden en komt dat al langere tijd ruim boven de toegestane norm. Files van voor de deur van ronkende auto's en motoren zijn helaas al lang geen zeldzaamheid meer. Dit uiteraard naast de drukte van het marktverkeer (+ ’s nachts opbouw vd markt), de enorme toename van geluid van het treinverkeer, wekelijkse zondagsopenstelling van winkels en het feit dat het marktterrein als evenemententerrein aangemerkt is, hetgeen levendigheid meebrengt, en niet altijd negatief is, maar het is wel een forse optelling van overlast. Bewoners van Schoolstraat en Langgewenst hebben niet 5 dagen per week, maar 7 dagen in de week veel herrie te verduren! Geen dag rust dus. Antwoord 2.2.2: Het Langgewenst heeft geen status als autoluwe weg. In de huidige situatie verwerkt het Langgewenst op een werkdag ongeveer 4.300 motorvoertuigen. De beoordeling van het woon- en leefklimaat zoals onderdeel van het ontwerpbestemmingsplan is door ons aangevuld. Daarbij is ook extra informatie toegevoegd met betrekking tot de diverse genoemde andere geluidsbronnen waarvan nu al overlast wordt ervaren.

Wij verwijzen naar de aangevulde paragraaf die als separate bijlage onderdeel is van deze nota. Overlast door te hard rijden of hard uitlaatgeluid, voor zover dat plaats vindt in strijd met de openbare orde gebeurt, is een kwestie van handhaving die in een bestemmingsplanprocedure verder niet aan de orde kan komen. 2.2.3 Het heeft ertoe geleid dat wonen aan het Langgewenst steeds onaangenamer wordt en het woongenot daar aan elk gemeenteplan ondergeschikt gemaakt lijkt te worden. Dat de eigenaren c.q. huurders van de 120 woningen die op nog geen 100 meter staan van de kleine spoorbomen zelfs tot nu toe niet eens betrokken zijn bij de besluitvorming m.b.t. het sluiten van de spoorbomen, heeft mij dan ook hogelijk verbaasd en ik vraag mij af of deze besluitvorming dan wel rechtsgeldig is. Temeer daar wij door het doorgaande verkeer bij ons te lozen ernstig de dupe worden als de sluiting een feit wordt Het bericht van de gemeente dat men de ringweg via het Langgewenst wil gaan leiden om hun plannen voor het Stationsgebied rond te krijgen, betekent dat het Langgewenst opnieuw benadeeld wordt. Dit is een brug te ver voor wat U de bewoners aan kan doen. Pagina 3 van 52

Zienswijzennota

Antwoord 2.2.3: Wij zijn het niet met reclamant eens dat bewoners niet zijn betrokken bij besluitvorming over het afsluiten kleine spoorbomen. De gemeente heeft in eerste instantie met (buurt)bewoners en vervolgens ook met ProRail in twee klankbordgroepen een behoorlijke tijd onderzocht hoe de verkeerssituatie ter plekke van de ‘Kleine Spoorbomen’ veiliger kan worden. Voor deze klankbordgroepen zijn uitnodigingen voor deelname verstuurd aan bewoners aan weerszijden van het spoor. Diverse onderzoeken van verkeerskundigen en adviezen van twee klankbordgroepen van betrokken buurtbewoners hebben geleid tot drie varianten voor aanpassing - en daarmee verbetering – van de verkeerssituatie rond de spoorwegovergang. Deze drie varianten zijn met ProRail, verantwoordelijk voor de veiligheid op en rond het spoor, uitvoerig onderzocht. Ons college heeft op basis van alle adviezen op 11 februari 2020 een keuze gemaakt voor de wijze waarop de verkeerssituatie rondom de ‘Kleine Spoorbomen’ wordt aangepakt. Een keuze die daarna is voorgelegd aan de gemeenteraad. Tijdens een informatiebijeenkomst op 12 februari 2020 is onze keuze toegelicht. Omwonenden zijn voor deze bewonersavond uitgenodigd door middel van: 1. een brief o.a. verzonden naar de adressen Langgewenst 1 – 133; 2. een uitnodiging in de Gooi- en Eembode; 3.

de digitale nieuwsbrief van de ‘Kleine Spoorbomen’ en die van het ‘Stationsgebied’. Wij zijn van mening voldoende ruchtbaarheid te hebben gegeven aan het besluitvormingsproces rond de ‘Kleine Spoorbomen’. Uiteindelijk heeft de raad in de vergadering van 6 mei 2020 ingestemd om de ‘Kleine Spoorbomen’ voor gemotoriseerd verkeer af te sluiten. 2.2.4 Metingen gaven al eerder aan dat de huidige geluidsnormen fors worden overschreden. De fijnstof daalt op alle balkons al lange tijd volop zwart neer Maar in plaats van de huidige normen te verminderen, of op zijn minst te handhaven, wil B&W de norm(en) nog eens naar boven toe aanpassen zodat zij straks de ruimte hebben om al het verkeer via de Schoolstraat -Langgewenst te sturen, Verkeer, dB’s (en daarmee ook fijnstof) zal dan meer dan verdubbelen waarmee onze gezondheid verder wordt bedreigd. Het aantal te verwachten dB's wordt - volgens het toegezonden rapport -trouwens gemeten voor binnen in huis , hetgeen betekent dat wij - bij onverhoopt akkoord van dit plan - meer dan de dubbele hoeveel geluid daar moeten gaan verdragen Het vertoeven op de balkons (ons enige stukje buiten) waarvan wij allemaal graag en veel gebruik maken is nu reeds op bepaalde dagen niet zo aangenaam, maar bij de voorgestelde verhoging van het aantal dB's wordt dat straks onmogelijk De metingen nemen deze verblijfsruimten blijkbaar niet mee.

Antwoord 2.2.4: Het is correct dat de geluidbelasting op het Langgewenst omhoog zal gaan vanwege de voorgenomen plannen, de wettelijke maximale grenswaarde wordt evenwel niet overschreden. Het hogere waarden besluit en Akoestisch onderzoek voldoet aan alle geldende wet- en regelgeving. In deze regelgeving is ook bepaald hoe en welke plek de geluidwaardes berekend dienen te worden. In het kader van het (ontwerp)bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ is onderzoek gedaan naar de gevolgen voor de luchtkwaliteit. Het blijkt dat de uitkomsten de uitvoering van de plannen niet in de weg staan. Er wordt voldaan aan de daarvoor geldende grenswaarden. Voor wat betreft de beoordeling van de plannen met betrekking tot het woongenot verwijzen wij naar onze reactie bij 2.2.2. 2.2.5 Naast het feit dat het voor bewoners van Langgewenst en Schoolstraat een onleefbare situatie wordt gecreëerd met deze plannen, lijkt het mij voor marktgangers praktisch onmogelijk om overstekend nog de markt te bereiken. Gezien het bovenstaande is het verleggen van de ringweg via de Koninginnenweg Schoolstraat Langgewenst onaanvaardbaar.

Pagina 4 van 52

Zienswijzennota

Antwoord 2.2.5: In de vormgeving van de verkeersontsluiting zullen ook de verkeersveiligheidsaspecten worden betrokken. Dat zal onderdeel zijn van de nadere uitwerking van de inrichtingsontwerpen. Vrij liggende fietspaden en veilige oversteken voor fietsers en voetgangers zullen hiervan onderdeel uitmaken. Ook het Langgewenst zal duurzaam veilig worden ingericht. 2.2.6 Ik verzoek de Gemeenteraad dringend: Het ontwerp-bestemmingsplan, bijbehorend het ontwerp beeldkwaliteitsplan Stationsgebied 2022 NIET goed te keuren, met name om af te zien van het verleggen van de centrumring via Schoolstraat/Langgewenst. XX Antwoord 2.2.6: De raad heeft op 7 oktober 2020 het beeldkwaliteitsplan ‘Stationsgebied’ vastgesteld. Dit beeldkwaliteitsplan geeft inzicht in de gewenste verschijningsvorm van gebouwen en openbare ruimte. Het beeldkwaliteitsplan is niet geraakt door de uitspraak van de Raad van State. Het beeldkwaliteitsplan maakt daarom geen deel uit van de besluitvorming. We willen er op wijzen dat in de ‘Structuurvisie Hilversum 2030’ (2013) al de keuze is gemaakt om de centrumring om de Markt heen te leggen en de Stationsstraat autovrij te maken. In de Centrumvisie (2015), het stedenbouwkundig plan ‘Stationsgebied’ (2019) en de Mobiliteitsvisie (2022) is deze keuze bevestigd.

De gemeente is van mening dat het bestemmingsplan voldoet aan de doelstelling om van het Stationsgebied een welkome, media aantrekkelijke en groene entree van Hilversum te maken, waar de reiziger zijn weg goed kan vinden en waar het aangenaam toeven is. Ook blijft naar onze mening sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat zoals dat bij een centrumgebied van Hilversum te verwachten valt. We willen de voorgenomen besluiten daarom niet herzien. 2.3 Reclamant 3 (zienswijze digitaal ingediend op 1 augustus 2022, zaaknummer 1189058) 2.3.1 De binnenring wordt in het project over de Schoolstraat geleid. Wij krijgen daar veel geluidsoverlast overlast van, door dat het aan een plein ligt met gebouwen erom heen waardoor het geluid door de echo harder klinkt. Het zou beter zijn om de ringweg langs de Koninginneweg naar de Naarderstraat te leiden en vandaar naar het melkpad. Zou u dit aub mee willen nemen in uw besluit. Hartelijke groet, XX Beste medewerker, graag wil ik mijn stem laten horen ten opzichte van de plannen om de ringweg langs de Schoolstraat te laten lopen. We hebben al veel geluidsoverlast van het plein doordat er hier een echo is tussen de gebouwen op het open plein. Dat zou veel geluidsoverlast geven. Het zou beter langs de Koninginneweg naar de Naarderstraat kunnen lopen, en vandaar naar het Melkpad.

In afwachting van uw reactie groet ik u, XX Antwoord 2.3.1: Het door reclamant aangedragen alternatief voor het verlegging van de centrumring via de Naarderstraat is onderzocht. Wij verwijzen naar ons antwoord van zienswijze 2.8.2. Het is correct dat de geluidbelasting op de Schoolstraat omhoog zal gaan vanwege de voorgenomen plannen, de wettelijke maximale grenswaarde wordt evenwel niet overschreden. 2.4 Reclamant 4 (zienswijze digitaal ingediend op 2 augustus 2022, zaaknummer 1189158) 2.4.1 Nu al onmogelijk op balkon te zitten i.v.n. lawaai van auto’s en motoren. Nog meer Geluiddempend asfalt zal niet baten bij nóg meer verkeer vanaf de Koninginneweg. Pagina 5 van 52

Zienswijzennota

Geachte M. Koolhaas, Wij wonen aan het Langgewenst en kunnen elkaar nu al nauwelijks verstaan wanneer er auto's, motors en brommers langs rijden. Dit zal nog erger worden wanneer er nóg meer verkeer langs komt. Een ander, geluidsdempend asfalt zal niet het geluid van de motoren van auto's en motors verminderen. Wij hopen dat u een betere oplossing kunt vinden. (drempels? of géén omleiding!) Hoogachtend, XX Antwoord 2.4.1: Met behulp van reducerend asfalt zal de geluidstoename van wegverkeerslawaai minder toenemen dan zonder. De gemeente heeft de gevolgen van de voorgenomen plannen voor het woongenot onderzocht en afgewogen. Verwezen wordt naar onze beantwoording bij zienswijze 2.8.2. De definitieve vormgeving van de verkeersontsluitingen zullen onderdeel zijn van de nadere uitwerking van de inrichtingsontwerpen. Overigens is overlast door te hard rijden of hard uitlaatgeluid, voor zover dat plaats vindt in strijd met de openbare orde, een kwestie van handhaving die in een bestemmingsplanprocedure verder niet aan de orde kan komen. 2.5 Reclamant 5 Stijl advocaten namens XX (digitaal geregistreerd op 5 september 2022, zaaknummer 1205197) 2.5.1 I. Inleiding Deze zienswijze is gericht tegen het ontwerp van het Crisis- en herstelwet-bestemmingsplan “Stationsgebied 2022”.

Zie hieronder een uitsnede van de plantoelichting met daarop in rood de globale duiding van de locatie waar XX een opstalrecht en erfdienstbaarheid voor een ondergrondse parkeergarage heeft:

Pagina 6 van 52

Zienswijzennota

Specifiek betreft het opstalrecht een ondergrondse parkeergarage met 115 parkeerplaatsen aan de Wilhelminastraat te Hilversum (hierna: “de Parkeergarage”). De Parkeergarage is ondergronds verbonden met de parkeergarage met 130 parkeerplaatsen van M7. De parkeergarages kennen twee in- en uitritten, één aan de Schapenkamp/Spoorstraat en één aan de Wilhelminastraat, die zowel door XX als XX worden gebruikt. Ten behoeve van dit opstalrecht heeft de gemeente Hilversum een erfdienstbaarheid gevestigd. De erfdienstbaarheid heeft een duur tot in ieder geval 3 september 2090. Blijkens Bijlage 4, artikel 1 lid 1, eindigt het opstalrecht - waaraan de erfdienstbaarheid is gekoppeld - op 3 september 2190. Uit lid 4 van dit artikel blijkt het volgende. "Het is uitdrukkelijk de bedoeling van partijen dat het opstalrecht (...) nimmer wordt beëindigd per een vóór (3 september 2090) gelegen datum". De erfdienstbaarheid houdt kortgezegd in dat de opstalhouder gerechtigd is om de in- en uitrit naar de Parkeergarage aan de Schapenkamp/Spoorstraat te gebruiken vanaf een perceel dat in eigendom is van de gemeente. Het ontwerpbestemmingsplan voorziet ter plaatse van deze in- en uitrit in de bestemming “Centrum Stationsgebied” met de aanduiding bouwvlak.

Pagina 7 van 52

Zienswijzennota

XX kan zich niet met het ontwerpbestemmingsplan verenigen, omdat hierdoor de in- en uitrit van de Parkeergarage aan de Schapenkamp/Spoorstraat komt te vervallen. De zienswijze van XX is gericht tegen het gehele ontwerpbestemmingsplan, in het bijzonder tegen de planonderdelen die betrekking hebben op of relevant zijn voor (de in- en uitrit van) de Parkeergarage. In het hiernavolgende zullen de (rechts)gronden uiteengezet worden die in deze zienswijze worden aangevoerd om aan te tonen dat en waarom het ontwerpbestemmingsplan niet vastgesteld kan worden door de gemeenteraad. II. Ontwerpbestemmingsplan is onuitvoerbaar Artikel 3.1.6 lid 1 sub f Besluit ruimtelijke ordening (“Bro”) bepaalt het volgende. “Een bestemmingsplan alsmede een ontwerp hiervoor gaan vergezeld van een toelichting, waarin zijn neergelegd: (...) f. de inzichten over de uitvoerbaarheid van het plan." Het ontwerpbestemmingsplan is in strijd met deze bepaling, omdat dit volgens XX onuitvoerbaar is. In de uitspraak van 24 augustus 2005, ECLI:NL:RVS:2005:AU1420, r.o. 2.8.3, oordeelt de Raad van State dat de aanwezigheid van een erfdienstbaarheid, gelet op het feit dat deze niet binnen de planperiode van 10 jaar zou eindigen, aan de uitvoerbaarheid van het desbetreffende plandeel in de weg staat.

XX beschikt zoals gezegd over een erfdienstbaarheid voor de in- en uitrit van de Parkeergarage aan de Schapenkamp/Spoorstraat. Dit zakelijk recht reikt tot ver na de planperiode van 20 jaar en zal ook niet binnen de planperiode worden opgeheven. In de financiële paragraaf bij de plantoelichting ontbreekt bovendien elke overweging dienaangaande. De erfdienstbaarheid staat evident in de weg aan de verwezenlijking van dit deel van het ontwerpbestemmingsplan, zodat reeds hierom sprake is van een niet uitvoerbaar plan. Antwoord 2.5.1: De bestemming ‘Centrum – Stationsplein’ (artikel 4) bevat een ruime bestemmingsomschrijving. Onder andere ‘verkeersdoeleinden’ (artikel 4.1 sub l) en ‘(ondergrondse) parkeervoorzieningen, inclusief commerciële voorzieningen’ (artikel 4.1 sub m) zijn toegestaan, evenals ‘de daarbij behorende voorzieningen’. Op grond van de bouwregels is ondergrondse bebouwing toegestaan binnen het gehele bestemmingsvlak (artikel 4.2.1 sub f). Ook binnen de bestemming ‘Verkeer’ (artikel 5) is een ‘(ondergrondse) parkeergarage (artikel 5.1. sub h) met ‘de daarbij behorende voorzieningen’ toegestaan. De bestaande inrit van de parkeergarage past daarmee binnen het bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’. 2.5.2 III.

Strijd met het Stedenbouwkundig Programma van Eisen Stationsgebied Op 14 december 2016 heeft de gemeenteraad het “Stedenbouwkundig Programma van Eisen” van 7 november 2016 vastgesteld (hierna; “PvE”). Ten aanzien van het planonderdeel “Parkeergarage gebouw Wilhelminastraat” is de volgende specifieke eis gesteld in het PvE: De parkeergarage van het gebouw aan de Wilhelminastraat 21-41 heeft met het voormalige UWV gebouw een gezamenlijke entree aan de Schapenkamp. Een entree voor deze parkeergarage aan de Schapenkamp is een harde randvoorwaarde die moet worden meegenomen in het ontwerp voor het stationsgebied. Er is de optie om de ingang te verleggen richting Entrada of de optie om de nieuw (te verleggen) parkeergarage in/uitgang te combineren met het nieuw te bouwen bouwvolume dat grenst aan het busstation. Het ontwerpbestemmingsplan voorziet echter in afsluiting van de in- en uitrit van de Parkeergarage aan de Schapenkamp/Spoorstraat, terwijl uit het PvE volgt dat "een entree voor deze parkeergarage aan de Schapenkamp (...) een harde randvoorwaarde (is) die moet worden meegenomen in het ontwerp voor het stationsgebied”. Het ontwerpbestemmingsplan is dan ook ten onrechte in strijd met deze harde voorwaarde van de gemeenteraad in het PvE. Antwoord 2.5.2: Zoals hiervoor toegelicht past de toerit van de parkeergarage in het bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’.

De inrit wordt door het bestemmingsplan niet ‘weg-bestemd’. Het bestemmingsplan is dan ook niet in strijd met het ‘Programma van Eisen’. De exacte oplossing Pagina 8 van 52

Zienswijzennota

voor de toerit is nog niet bekend, het bestemmingsplan biedt hiervoor ruime mogelijkheden. Reclamant en gemeente zijn momenteel in onderhandeling over het opheffen van de toerit. 2.5.3 IV. Strijd met het Stedenbouwkundig plan Stationsomgeving Hilversum Vervolgens is op 6 december 2017 door de gemeenteraad het “Stedenbouwkundig plan Stationsomgeving Hilversum” van stedenbouwkundig bureau De Zwarte Hond en landschapsarchitectenbureau OKRA van 9 november 2017 (hierna: “het Stedenbouwkundig plan”) vastgesteld. In par. 1.3.4 van de plantoelichting wordt hierop ingegaan. In par. 2.4 van het Stedenbouwkundig plan zit het volgende stroomschema van de Schapenkamp:

Hieruit en in het bijzonder de aanduiding “koppeling bestaande parking” volgt dat behoud van de bestaande in- en uitrit aan de Schapenkamp/Spoorstraat nog steeds - net als bij het PvE - een harde (stedenbouwkundige) eis is van de gemeenteraad. Het ontwerpbestemmingsplan voorziet echter ten onrechte niet in behoud van deze in- en uitrit. Het ontwerpbestemmingsplan is daarom ook in strijd met het Stedenbouwkundig plan. Gelet op eerdere besluitvorming van de gemeenteraad over het PvE en het Stedenbouwkundig plan, kan de gemeenteraad het ontwerpbestemmingsplan niet vaststellen, omdat de bestaande in- en uitrit van de Parkeergarage aan de Schapenkamp/Spoorstraat niet behouden blijft. De artikelen 3:2 en 3:4 lid 1 Awb over zorgvuldig voorbereiding en evenredige belangenafweging nopen ertoe dat de gemeenteraad het ontwerpbestemmingsplan niet vaststelt. Antwoord 2.5.3: Verwezen wordt naar ons antwoord bij 2.5.2. 2.5.4 V. Natuurtoets is over de houdbaarheidsdatum In par. 5.4.3 van de plantoelichting wordt ingegaan op het aspect natuur. Hieraan ten grondslag ligt de notitie 'Natuurtoets BP Stationsgebied Hilversum’ van Anteagroup van 13 augustus 2019 (hierna: “de Natuurtoets”). Uit artikel 3.1.1a van het Bro volgt dat bij de vaststelling van een bestemming in ieder geval gebruik kan worden gemaakt van gegevens en onderzoeken die niet ouder zijn dan twee jaar.

De Natuurtoets is ruim 3 jaar oud en volgens XX over de houdbaarheidsdatum heen. Antwoord 2.5.4: Ingevolge artikel 3.3.1a van het Bro kan bij de vaststelling van een bestemmingsplan in ieder geval gebruik worden gemaakt van gegevens en onderzoeken die niet ouder zijn dan twee jaar. Anders dan reclamant lijkt te veronderstellen, staat artikel 3.3.1a van het Bro er niet aan in de

Pagina 9 van 52

Zienswijzennota

weg dat onderzoeksgegevens ouder dan twee jaar aan een besluit tot vaststelling van een bestemmingsplan ten grondslag worden gelegd. Reclamant maakt verder ook niet aannemelijk dat het onderzoeksrapport zodanig is verouderd, dan wel dat zich na de totstandkoming van het onderzoeksrapport zodanige ontwikkelingen in het plangebied hebben voorgedaan dat de raad dit onderzoek niet in redelijkheid aan het besluit tot vaststelling van het plan ten grondslag kan leggen. De gemeentelijke adviseur ecologie, natuur & landschap heeft het plangebied bezocht en de actualiteitswaarde van de ‘Natuurtoets’ beoordeeld. Vastgesteld is dat de conclusies uit het rapport van 2019 ook nu nog van toepassing zijn. Hierbij is overwogen dat het plangebied sinds 2019 voor de beschermde soorten minder aantrekkelijk is geworden door de start van de werkzaamheden op het Stationsplein. Dit geldt voor bepaalde soorten en jaarrond beschermde nesten. Ook zijn in de afgelopen 5 jaar voor het plangebied geen bijzondere waarnemingen bekend die aanleiding geven voor een ander oordeel. 2.5.5 VI. Stikstofdepositie tijdens realisatiefase van Stationsgebied In par. 5.5.4.4 van de plantoelichting staat dat uit het milieuonderzoek naar stikstofdepositie blijkt dat er geen toenames groter dan 0,00 mol/ha/jaar berekend zijn op de omliggende Natura 2000-gebieden tijdens de gebruiksfase.

De realisatiefase is vrijgesteld van beoordeling en is daarom in het rapport Bestemmingsplan Hilversum Stationsgebied - Onderzoek stikstofdepositie” van 7 juli 2022 van Anteagroup (Bijlage 6 bij de plantoelichting) buiten beschouwing gelaten, aldus de plantoelichting. Volgens XX is ten onrechte de realisatiefase buiten beschouwing gelaten. De bouwvrijstelling voor stikstofdepositie tijdens de realisatiefase in artikel 2.9a Wet natuurbescherming (hierna: “Wnb”) en artikel 2.5 van het Besluit natuurbescherming (hierna: “Bnb") is naar alle verwachting onverbindend. Dit wegens strijd met artikel 6 lid 3 van de Europese Habitatrichtlijn. Ter onderbouwing van dit standpunt verwijst XX naar bijgevoegd artikel: -NOS, Juristen voorzien bouwstop na de zomer door verwachte stikstofuitspraak, 16 juli 2022 (Bijlage 6). Zie ook de recente rechtspublicatie van stikstofexpert R.H.W. Prins van de Radboud Universiteit®: “Feit is (...) dat ook bij de juridische houdbaarheid van de partiële vrijstelling kanttekeningen kunnen worden geplaatst (zie: M.M. Kaajan, 'Bouwstenen voor gebiedsontwikkeling in het licht van de bescherming van Natura 2000-gebieden’, in: J.C. Verdaas, M.M. Kaajan & W.J. Bosma, Gebiedsontwikkeling tijdens de stikstofcrisis, Den Haag: IBR 2021, p. 91-92 en R H W.

Prins, ‘Gloort er licht aan het einde van de stikstoftunnel? Een analyse van het wetsvoorstel stikstofreductie en natuurverbetering’, TBR 2021/2; zie ook: ABRvS (vzr.) 15 april 2022, ECLI:NL:RVS:2022:1110). Ik ga er derhalve van uit dat ook art. 2.9a Wnb en art. 2.5 Bnb onverbindend worden verklaard.” De gemeenteraad kan derhalve voormeld onderzoek naar stikstofdepositie van de ontwikkeling van het Stationsgebied (Bijlage 6 bij de plantoelichting) niet ten grondslag leggen aan vaststelling van het ontwerpbestemmingsplan. Antwoord 2.5.5: De realisatiefase is op grond van de geldende wettelijke regels nog steeds vrijgesteld van vergunningplicht. Dit betekent dat een eventuele depositiebijdrage ten gevolge van de realisatiefase geen vergunning hoeft te worden verkregen. Desondanks hebben wij toch een berekening laten maken voor wat betreft de stikstofdepositie tijdens de realisatiefase. Uit de rapportage blijkt dat er tijdens de realisatie een depositie van niet meer dan 0,00 mol N per hectare per jaar optreedt ten opzichte van de referentiesituatie op nabijgelegen Natura 2000gebieden. Op grond van beide rapporten zijn wij van mening in alle redelijkheid het bestemmingsplan te kunnen vaststellen. Het onderzoek voegen wij toe aan de plantoelichting.

Pagina 10 van 52

Zienswijzennota

2.5.6 VII. Verkeer In par. 5.3 van de plantoelichting wordt ingegaan op het aspect verkeer. De bijlagen van de plantoelichting bevatten geen verkeersonderzoek. Voor XX is niet duidelijk hoe de verkeersdruk zich gaat verdelen als de bestaande in- en uitrit van de Parkeergarage aan de Schapenkamp/Spoorstraat niet meer toegankelijk zou zijn. Ten onrechte is bij het ontwerpbestemmingsplan hiernaar geen onderzoek verricht en dit is in strijd met artikel 3:2 Awb. Antwoord 2.5.6: Zoals eerder toegelicht past de toerit van de parkeergarage in het bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’. De gemeente heeft de verkeerskundige gevolgen (aantal verkeersbewegingen) als gevolg van het verleggen van de centrumring onderzocht. Daaruit blijkt dat de wegen het aanbod van het verkeer aan kunnen. De bestemmingsregeling is voldoende ruim om een goede ontsluiting van de in -en uitrit mogelijk te maken met voldoende capaciteit voor de verkeersafwikkeling. De definitieve verkeersontwerpen worden nog gemaakt, maar dat wordt niet op dat detailniveau vastgelegd in een bestemmingsplan. De eisen op grond van ‘Duurzaam veilig’ zijn uitgangspunt voor het opstellen van deze verkeersontwerpen. Het ‘Extra verkeersonderzoek bestemmingsplan Stationsgebied Hilversum’ (RHDHV, BH8270110-MI-RP-220712-1433 van 12-7-2022) dat met alle stukken ter inzage heeft gelegen, zullen wij toevoegen aan de plantoelichting.

2.5.7 VIII. Geluid Het bestemmingsplan “Stationsgebied 2020”, vastgesteld door de gemeenteraad op 7 oktober 2020, en het besluit tot vaststelling van hogere waarden als bedoeld in de Wet geluidhinder, vastgesteld door het college van B&W op 25 augustus 2020, zijn vernietigd door de Raad van State. Dit vanwege gebrekkige besluitvorming over het aspect geluid. Voor wat betreft het ontwerpbestemmingsplan is XX er ook niet gerust op dat dit wat betreft het aspect geluid rechtmatig is. Dit is mede ingegeven door de omstandigheid dat voormelde rechtsgronden – over onuitvoerbaarheid (par. II), het PvE (par. III), het Stedenbouwkundig plan (par. IV), natuur (par. V), stikstof (par. VI) en verkeer (par. VII) - al de onrechtmatigheid van het ontwerpbestemmingsplan blootleggen. Antwoord 2.5.7: Reclamant onderbouwt niet met concrete argumenten waarom de besluitvorming over het aspect geluid gebrekkig zou zijn. De gemeente ziet daarom geen reden dat het besluit voor wat betreft het aspect geluid niet rechtmatig is. 2.5.8 IX. Slotopmerkingen XX verzoekt het ontwerpbestemmingsplan niet vast te stellen. Antwoord 2.5.8: Dit verzoek willen wij niet honoreren. Het verkeersonderzoek van RHDHV en de berekening naar de stikstofdepositie in de realisatiefase (Antea) zullen wij toevoegen aan de plantoelichting.

2.6 Reclamant 6 Prorail (digitaal geregistreerd op 5 september 2022, zaaknummer 1205198) 2.6.1 5.5.4.2 Geluid In het onderzoeksrapport (Antea Group, projectnummer 0476460.100 d.d. 14 juli 2022) ontbreekt

Pagina 11 van 52

Zienswijzennota

de uitwerking van geluidreducerende maatregelen. Voor maatregelen in de overdracht wordt de verwachting uitgesproken dat deze zullen stuiten op stedenbouwkundige bezwaren. In de toelichting van het bestemmingsplan wordt hier niet op terug gekomen, zodat onduidelijk is of er inderdaad sprake is van stedenbouwkundige bezwaren en welke bezwaren dat dan zijn. ProRail verzoekt u om alsnog de benodigde maatregelen uit te werken overeenkomstig artikel 110a lid 5 van de Wet geluidhinder. De doelmatigheid van de bron- en overdrachtsmaatregelen kan met behulp van de Regeling doelmatigheid geluidmaatregelen beoordeeld worden. Indien overdrachtsmaatregelen stuiten op bezwaren van stedenbouwkundige of landschappelijke aard dan verzoekt ProRail u daar een nadere onderbouwing voor aan te leveren. Antwoord 2.6.1: De gemeente Hilversum wil geen hoge geluidsschermen binnen stedelijk gebied, alleen als dat strikt noodzakelijk is. In paragraaf 6.2 van het ‘Akoestisch onderzoek’ is aangegeven dat: ‘Een afscherming zal bij benadering net zo hoog als de bebouwing moeten worden om het geluid effectief af te kunnen schermen, hetgeen ongebruikelijk is om in een stedelijke omgeving toe te passen.’ Er is weinig ruimte beschikbaar. De gemeente vindt een hoog scherm in het stationsgebied niet realistisch. Een geluidscherm stuit daarom op overwegende bezwaren van stedenbouwkundige aard.

De locatie biedt daarnaast ook geen ruimte om alternatieve landschappelijke oplossingen in te passen. Wij zullen dit toevoegen in de toelichting van het bestemmingsplan. 2.6.2 5.8.2 Externe Veiligheid Uit het deelrapport Externe Veiligheid (Antea Group, projectnummer 0476460.100 d.d. 8 juli 2022) maakt ProRail op dat er in het Plasbrandaandachtsgebied wordt gebouwd. Een geheel of gedeeltelijk in een plasbrandaandachtsgebied te bouwen bouwwerk dat tevens een kwetsbaar of beperkt kwetsbaar object als bedoeld in het Besluit externe veiligheid inrichtingen is, dient te voldoen aan de eisen die zijn opgenomen in de artikelen 2.5 tot en met 2.9 van de Regeling Bouwbesluit. In de regels van het bestemmingsplan zijn deze eisen niet opgenomen. ProRail verzoekt u dit alsnog te doen. Daarnaast dienen, overeenkomstig artikel 10 van het Besluit externe veiligheid, in de toelichting bij het bestemmingsplan de redenen te worden vermeld die er toe hebben geleid om in dat gebied kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten toe te laten, gelet op de mogelijke gevolgen van een ongeval met brandbare vloeistoffen. In de toelichting bij het bestemmingsplan ontbreekt deze motivatie. Deze moet nog toegevoegd worden. Antwoord 2.6.2: Het verzoek om artikelen uit de ‘Regeling Bouwbesluit’ op te nemen in de planregels willen wij niet overnemen.

De ‘regeling Bouwbesluit’ komt ‘automatisch’ aan de orde bij de beoordeling van omgevingsvergunningaanvragen, waarvoor de toets aan het Bouwbesluit (en daarmee de Regeling Bouwbesluit) verplicht is. De wens om (beperkt) kwetsbare objecten toe te staan heeft te maken met de optimale invulling van het plangebied gelegen in het centrum en naast het spoor. De visie hiervoor is vastgelegd in het stedenbouwkundig plan voor het stationsgebied. Naar aanleiding van deze zienswijze willen wij op de verbeelding een zone opnemen van 30 meter gemeten vanaf de buitenste spoorstaaf. Binnen deze zone is het niet toegestaan kwetsbare of beperkt kwetsbare objecten te realiseren. Door middel van een in de regels op te nemen afwijkingsbevoegdheid kan van dit verbod worden afgeweken mits de aanvrager met een rapport aantoont dat de veiligheid van personen en goederen voldoende duurzaam is gewaarborgd. Naar aanleiding van deze zienswijze wordt de toelichting aangevuld voor wat betreft de paragrafen Geluid en Externe veiligheid. Daarnaast wordt in de regels een verbod en afwijkingsmogelijkheid toegevoegd voor wat betreft (beperkt) kwetsbare objecten. Op de verbeelding wordt hiervoor een zone opgenomen. Pagina 12 van 52

Zienswijzennota

2.7 Reclamant 7 JBA, namens XX (digitaal geregistreerd op 5 september 2022, zaaknummer 1205201) 2.7.1 Zienswijze Namens XX, eigenaar en exploitant van de horecalocatie XX te Hilversum, te dezer zake domicilie kiezende ten kantore van het Juridisch en Bestuurlijk Adviescentrum B.V. 2. 2.1 Zienswijze inzake het Chw-ontwerpbestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ Planologische hoofdopzet Met dit bestemmingsplan beoogt de gemeente Hilversum het stationsgebied te transformeren in een (media-)aantrekkelijke en groene entree tot Hilversum. Het plan ziet op een alzijdig station dat aan alle kanten aantrekkelijk is met een levendig silhouet van groen en bebouwing met zichtlijnen naar Oost. Daarnaast wordt de centrumring via de Koninginneweg om het Marktplein gelegd waardoor de herontwikkeling van het gebied tussen de Koninginneweg-oost en het spoor noodzakelijk is, aldus de Toelichting bij dit bestemmingsplan. In het plangebied wordt beperkt horeca- en detailhandel toegestaan om een concurrerende werking met de rest van het centrum van Hilversum te voorkomen. 2.2 Cliënte is eigenaresse en exploitante van de horecalocatie XX aan de XX te Hilversum. Deze locatie is gelegen in het herontwikkelingsgebied tussen de Koninginneweg-oost en het spoor.

De bestaande bebouwing dient volgens de gemeente plaats te maken voor de nieuwe bebouwing overeenkomstig het stedenbouwkundig plan voor deze locatie. In het Chw-ontwerpbestemmingsplan ‘Stationsweg 2022’ heeft de locatie de bestemming ‘Centrum-Koninginneweg’ en is er geen horeca toegestaan. 2.3 Dit ontwerpbestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ doet cliënte als volgt reageren. 3. 3.1 Nieuwe planologische situatie Gelet op de bij het voorliggende ontwerpbestemmingsplan horende Bijlage A Modules Horeca, valt de alcoholvrije horeca, in casu de coffeeshop zonder rookgelegenheid, in de lichtste exploitatiecategorie A. Huidige planologische situatie De huidige bestemming van de locatie XX betreft ‘ Kantoor-1’ met functieaanduiding ‘Horeca’. Coffeeshop XX is daarin een toegelaten horeca-activiteit overeenkomstig de lijst van toegelaten Horecainrichtingen van bijlage 4 bij het vigerende bestemmingsplan “Binnenstad 2013” binnen een woonomgeving, grenzend aan het spoor. 3.2 Cliënte exploiteert sedert 1987 aan de XX te Hilversum de coffeeshop XX. Al die jaren zijn er geen klachten over deze coffeeshop vanuit de omgeving gekomen. De coffeeshop is tevens in het bezit van het gemeentelijke keurmerk Hilversumse Coffeeshops en voldoet aan de zogenoemde AHOJGI-criteria om overlast tegen te gaan.

Deze criteria staan voor: Geen affichering (A) Geen harddrugs (H) Geen overlast (O) Geen verkoop aan jeugdigen (J) Geen verkoop van grote hoeveelheden per transactie (G) en Geen toegang voor en verkoop aan anderen dan ingezetenen in Nederland (I). Er is geen rookgelegenheid en roken op straat is en wordt niet toegestaan. 3.3 4.2 Kortom, deze horecavestiging heeft sinds jaar en dag bewezen een aanvaardbaar woon- en leefklimaat niet in de weg te staan. Pagina 13 van 52

Zienswijzennota

4. 4.1 Nieuwe planologische situatie Gelet op de bij het voorliggende ontwerpbestemmingsplan horende Bijlage A Modules Horeca, valt de alcoholvrije horeca, in casu de coffeeshop zonder rookgelegenheid, in de lichtste exploitatiecategorie A. 4.2 De gemeente stelt horeca slechts toe te laten in 2 concentratiegebieden teneinde de vitaliteit van de binnenstad te versterken en de leefbaarheid van Hilversum als stad te vergroten en daarmee het stedelijk milieu te beschermen. Dit zou moeten worden gerealiseerd door detailhandel en horeca te concentreren in daarvoor aangewezen gebieden om daarmee een concurrerende werking met de horeca en detailhandel in deze gebieden te voorkomen. De gemeente accepteert echter wel uitzonderingen op dit horecaconcentratiebeleid. Aan de Koninginneweg, buiten de geconcentreerde horecagebieden gelegen, liggen dan ook allemaal legaal toegestane horecavoorzieningen. Direct tegenover XX zijn diverse horecagelegenheden en een podium voor popmuziek, cultuur en media (de Vorstin) aanwezig welke de daarbij behorende bezoekersstromen en verkeersbewegingen genereren. 4.3 Noch de locatie van De Vorstin, noch de overige aan de Koninginneweg maken deel uit van enig horecaconcentratiegebied. Deze locaties zijn evenmin door de gemeente bestempeld als zo geheten ‘pareltjes”.

4.4 Het poppodium De Vorstin heeft twee zalen met capaciteit voor 850 en 275 staanplaatsen zonder parkeergelegenheid. Bezoekers wordt dan ook aangeraden om met het openbaar vervoer te komen. De Vorstin is daarmee een potentieel overlastgevoelige functie binnen het woongebied ter plaatse. De gemeente is echter van oordeel dat dit poppodium nog tot het horecagebied Groest gerekend kan worden aangezien het grenst aan dit horecagebied en nog tot de Markt zou horen. De grenzen van dit horecagebied worden dan ook niet zo nauw gehanteerd. 4.5 Het gemeentelijk beleid zoals verwoord in het Horecakader 2017, vermeldt bovendien dat de delen die het dichtst bij het centrum liggen, door hun ligging het meeste perspectief hebben op het vlak van horeca (en mogelijk winkels) en daardoor onderdeel blijven van de restaurant/winkelzone. Buiten de horecaconcentratiegebieden geldt echter wel een maximum stelsel. Dit wil zeggen dat bestaande horecazaken hun rechten behouden en dat er voor toevoeging van horecazaken in de toekomst geen mogelijkheid meer is. 4.6 Kennelijk is de noodzaak van de beide horecaconcentratiegebieden niet zo stringent dat er geen horeca daar buiten wordt toegestaan.

Het aantal horecavoorzieningen buiten de concentratiegebieden blijft immers gelijk (maximumstelsel) en horecavoorzieningen buiten de concentratiegebieden worden zelfs tot de concentratiegebieden gerekend (De Vorstin) waardoor XX, eveneens grenzend aan het concentratiegebied en dichter bij de Markt, planologisch tot dit horecaconcentratiegebied gerekend zou kunnen worden. 4.7 Het beleid als zodanig staat horeca buiten de concentratiegebieden niet in de weg en is voorts voor wat betreft de omvang van deze gebieden niet consistent. Geconcludeerd moet dan worden dat de noodzaak voor geconcentreerde horeca en derhalve het niet toestaan van horeca aan de Koninginneweg, ten behoeve van de bescherming van het stedelijk milieu, niet prangend is. Nu de beperking van horeca en detailhandel in het centrumgebied van Hilversum aan de Koninginneweg door het ontwerpbestemmingsplan geen zinvolle bijdrage kan leveren aan het bereiken van de met het ontwerpbestemmingsplan nagestreefde doel (concentratie van functies binnen de concentratiegebieden) is het verbod van horeca, niet consistent, en evenmin evenredig te achten. Als zodanig is het niet toestaan van horeca en/of detailhandel ter plaatse van de bestemming ‘Centrum-Koninginneweg’ in strijd met de Europese Dienstenrichtlijn 2006. 5. Planologische inpassing verantwoord 5.1 De locatie van XX is onderdeel van de restaurant/winkelzone.

XX maakt deel uit van het centrum van Hilversum en is gesitueerd te midden van diverse andere horecagelegenheden, net buiten de door de gemeente als zodanig voor horeca aangewezen geconcentreerde gebieden. Pagina 14 van 52

Zienswijzennota

Wij gaan er dan ook van uit dat planologisch gezien er geen relevante bezwaren bestaan om de exploitatie van de horecavestiging met de vergunning van coffeeshop binnen het voorliggende ontwerpbestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ voort te kunnen zetten en deze horecavoorziening in de ontwikkeling van het plangebied te betrekken. Er is immers geen sprake van toevoeging maar van relocatie van reeds lang bestaande horeca. 5.2 De gemeente Hilversum heeft daarnaast de ambitie om als sterke centrumgemeente te fungeren voor de regio Gooi & Vechtstreek en is daar, naar eigen zeggen, nog onvoldoende in geslaagd. Om deze ambitie te kunnen realiseren zou de horeca, volgens de gemeente, potentiële bezoekers meer moeten gaan bieden. Het onderscheidend vermogen van de horeca zou moeten worden vergroot. 5.3 XX is onderscheidend en bedient een eigen doelgroep. Veel consumenten uit de regio zijn aangewezen op de Hilversumse coffeeshops. Thans telt Hilversum acht coffeeshops. Uitgaande van het streven van de gemeente Hilversum van 1 coffeeshop per 10.000 inwoners, zijn er thans reeds te weinig coffeeshops om aan dit streven te kunnen voldoen en ontbreekt in casu de noodzaak en evenredigheid om het aantal coffeeshops tot zeven te verminderen.

5.4 De huidige locatie waar XX is gevestigd in het noordelijk deel van de Koninginneweg binnen het plangebied, wordt minder geschikt geacht voor kwetsbare groepen als gevolg van de milieubelasting qua geluid en externe veiligheid afkomstig van het spoor en het verkeer. Voor het op deze locatie voorziene bouwblok 7 zijn dan de functies kantoor en bedrijvigheid het meest geschikt zoals in de bestaande situatie reeds het geval is. Ook om die reden kan XX zonder bezwaar in de nieuwe situatie ter plaatse planologisch worden toegelaten door middel van een functieaanduiding ‘horeca’. 6. Parkeren en bereikbaarheid 6.1 De huidige exploitatie van de horeca/coffeeshop geeft geen enkele vorm van parkeeroverlast vanwege de goede bereikbaarheid van de parkeervoorziening op eigen terrein en het toereikend aantal van 14 parkeerplaatsen. In de nieuwe situatie, waarbij tevens de horecavestiging van XX in de plint van de nieuwbouw kan worden ondergebracht, kan de parkeerbehoefte door middel van de parkeergarage onder de nieuwbouw worden opgelost. 6.2 De te realiseren parkeergarage onder de nieuwbouw aan de Koninginneweg, dient, volgens de Toelichting bij het bestemmingsplan, minimaal plek dient te bieden aan de parkeerbehoefte van het totaal toegestane programma binnen het bestemmingsvlak, derhalve ook de parkeerbehoefte van de in de plint voorziene bedrijvigheid.

Ook XX zou dan over voldoende parkeervoorzieningen kunnen beschikken. 6.3 Ten aanzien van de parkeerbehoefte valt het op dat de gemeente ten aanzien van diverse andere, potentieel overlast gevende functies, geen eisen ten aanzien van de parkeerbehoefte heeft gesteld. Bezoekers kunnen volgens de gemeente simpelweg de locatie met het openbaar vervoer bereiken via het nabijgelegen treinstation. Dit zou dan tevens voor de bereikbaarheid van XX kunnen gelden. 7. Geen overlast van horeca/coffeeshop 7.1 Ten aanzien van mogelijke overlast (sociale onveiligheid) in de parkeergarage, verwijst cliënte naar de vereisten van het gemeentelijk keurmerk Hilversumse Coffeeshops, waaraan zij volledig voldoet. Roken is bovendien in en nabij XX en derhalve tevens in de nieuw te bouwen parkeergarage verboden. De exploitant is verantwoordelijk voor het tegengaan van overlast in en in de nabijheid van de locatie. Gebeurt dit niet dan wordt het keurmerk ingevorderd. 7.2 Cliënte exploiteert XX reeds gedurende 35 jaar zonder dat er enige overlast is opgetreden. Als gevolg daarvan is er zeker geen reden om aan te nemen dat de horecaexploitatie van XX voor meer overlast zou zorgen dan andere door het ontwerpbestemmingsplan toegelaten bestemmingen.

Pagina 15 van 52

Zienswijzennota

7.3 Er staat dan ook niets aan in de weg om conform de bestaande situatie aan artikel 3, lid 3.1 van het bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2020’ een functieaanduiding toe te voegen na k. onder 1.: Een coffeeshop/horeca activiteit module A ter plaatse van de functieaanduiding “horeca”. 8. Verzoek Op grond van het vorenstaande verzoeken wij Uw Raad om de genoemde belangen en aandachtspunten met betrekking tot het voortzetten van de exploitatie van de horeca/coffeeshop van XX alsnog uitdrukkelijk mee te nemen en mee te laten wegen bij het aanpassen en vaststellen van het bestemmingsplan ‘Stationsgebied 2022’ en daarbij horeca/coffeeshop XX, inclusief doelmatige ontsluiting en voldoende parkeergelegenheid, in de ontwikkeling van het plangebied te betrekken en als zodanig te bestemmen. Antwoord 2.7.1: Gemeente en reclamant zijn in gesprek over hervestiging. Er is onderzoek gedaan of een alternatieve locatie voor de coffeeshop mogelijk is. Hieruit is gebleken dat de gemeente geen alternatieve locatie in het bestaand stedelijk gebied in eigendom heeft die geschikt is voor verplaatsing van de coffeeshop. Een solitaire locatie op de rand van het stedelijk gebied of landelijk gebied is ongewenst in verband met het ontbreken van toereikende capaciteit van de diensten belast met toezicht en handhaving van de openbare orde.

Daarnaast is gebleken dat de kosten van verwerving zodanig zijn dat hiervoor onvoldoende financiële middelen zijn. Onderzocht is daarom of de coffeeshop ingepast kan worden in het nieuwe plan. Het behouden van de coffeeshop sluit aan bij de recent (september 2022) vastgestelde beleidsregels voor coffeeshops. Volgens deze regels worden alle 8 bestaande coffeeshops in Hilversum gedoogd. In het voorgaande beleid gold nog het uitgangspunt van maximaal 7 coffeeshops. Uit de overwegingen van de nieuwe beleidsregels blijkt dat er nauwelijks overlast is van de coffeeshops. Ook is het goed mogelijk om met de coffeeshops adequate afspraken te maken over het voorkomen van nadelige effecten voor de omgeving en dat die afspraken door de betreffende coffeeshops goed worden nageleefd. Doordat de 8 coffeeshops zijn geconcentreerd in één en hetzelfde gebied, waar dezelfde teams van de diensten ‘toezicht en handhaving’ werkzaam zijn, zorgt dit ervoor dat behoud van de coffeeshop in de huidige omgeving betere uitgangspunten biedt voor het voorkomen van overlast, dan bijvoorbeeld een locatie buiten dit gebied. Inpassing van de coffeeshop in het nieuwe bouwblok 7 blijkt daarmee goed mogelijk. De overige ruimtelijke effecten van het inpassen van de coffeeshop zijn beperkt. De parkeerbehoefte van een coffeeshop is iets hoger in vergelijking met de andere in blok 7 toegestane functies.

Om deze reden zal het aanduidingsgebied van de ‘parkeergarage’ worden uitgebreid tot en met blok 7. De toename van het aantal verkeersbewegingen is beperkt en heeft daardoor geen significante gevolgen voor de verkeersprognoses. Ook de andere milieuonderzoeken hoeven niet te worden aangepast, aangezien het inpassen van de coffeeshop geen belangrijke gevolgen heeft voor die onderzoeken. Wel is het dienstenrichtlijn-rapport geactualiseerd vanwege de keuze om de coffeeshop in te passen. Aangezien een coffeeshop een gedoogde functie is, is het niet mogelijk een coffeeshop als zodanig te bestemmen. Wel is een coffeeshop ‘bestemmingsplan-technisch’ toegestaan binnen een hiermee vergelijkbare functie als horeca. Op de verbeelding zal daarom de aanduiding ‘horeca’ worden opgenomen voor blok 7. In de regels wordt toegevoegd dat ter plaatse van de aanduiding ‘horeca’ op de begane grondlaag een horecavestiging is toegestaan uit categorie A. Zoals eerder toegelicht wordt ook het aanduidingsgebied van de ‘parkeergarage’ uitgebreid tot en met blok 7 zodat ruimte voor voldoende parkeergelegenheid verzekerd is. 2.7.2 9. Alternatief 9.1Mocht Uw Raad desalniettemin geen coffeeshop/horeca op de betreffende locatie wensen, dan verzoekt cliënte U om ten behoeve van haar een reguliere horecabestemming voor een restaurant of lunchroom Pagina 16 van 52

Zienswijzennota

op/nabij deze locatie te willen leggen en separaat medewerking te geven en toe te zeggen aan burgemeester en wethouders c.q. de Burgemeester om de exploitatievergunning voor de coffeeshop over te hevelen naar een, in overleg met Burgemeester en wethouders, nader te bepalen alternatieve locatie. 9.2 Thans vindt er overleg plaats met Burgemeester en wethouders in de persoon van wethouder A. Scheepers omtrent eventuele vervangende locaties voor de coffeeshopexploitatie. 10. Slot Gelet op het bedrijfsbelang van XX bij informatie over de verdere gang van zaken met betrekking tot de totstandkoming van en eventuele wijzigingen in het bestemmingsplan, verzoeken wij u tot slot ons te informeren c.q. geïnformeerd te houden over alsmede -voor zover relevant- te betrekken bij, verdere planuitwerking en besluitvorming terzake. Antwoord 2.7.2: Iedereen die een zienswijze op het ontwerpbestemmingsplan heeft ingediend wordt geïnformeerd over het voorstel van het college aan de raad ten aanzien van de ingekomen reacties. Reclamanten worden ook geïnformeerd over de agendering van het voorstel in de commissie met de mogelijkheid eventueel in te spreken. Na besluitvorming door de raad worden reclamanten daarover op de hoogte gesteld, inclusief informatie over het vervolg van de bestemmingsplanprocedure.

Naar aanleiding van deze zienswijze zal bouwblok 7 de functieaanduiding ‘horeca’ krijgen en wordt het aanduidingsgebied van de ‘parkeergarage’ verruimd. 2.8 Reclamant 8, zienswijze mede ondertekend door 128 bewoners Langgewenst en Schoolstraat (digitaal geregistreerd op 6 september 2022, zaaknummer 1205436) 2.8.1 Geachte Raad, Hierbij stuur ik u, mede namens alle ondertekenaars van deze brief, onze zienswijze m.b.t. het bestemmingsplan 2022 en het voornemen een (nog) hogere grenswaarde geluid in onze leefomgeving vast te stellen. Vooraf merken wij op dat in alle toelichtings-rapporten gebruik gemaakt wordt van tekeningen die nauwelijks leesbaar zijn, vaak zonder vermelding van straatnamen. Foto’s figuren e.d. zijn onduidelijk en cijfers vaak onleesbaar.

Pagina 17 van 52

Zienswijzennota

Er wordt gewerkt met zwarte puntjes, blokjes, vlekjes en/of streepjes waarvan niet duidelijk is wat ermee bedoeld wordt. Dit voldoet o.i. niet aan goede informatie voor de burger. Bij navraag werden we door de projectleider verwezen naar links, die dezelfde onduidelijke informatie bevatten. Bovendien merken wij op dat de gebruikte verkeersdata niet consistent zijn. Antwoord 2.8.1: De wijze van opstellen van een bestemmingsplan en de bijbehorende verbeelding is wettelijk voorgeschreven (SVBP en DURP = Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen en Digitaal Uitwisselbare Ruimtelijke Plannen). Dat geldt bijvoorbeeld voor de kleur van een bepaalde bestemming. Het geldt ook voor de te gebruiken streepjes/arceringen van specifieke aanduidingen op de verbeelding. Op deze wijze zijn de bestemmingsplannen in alle gemeenten in Nederland vergelijkbaar. Deze uniforme regels verhogen in die zin de raadpleegbaarheid. Wij zijn het met appellanten eens dat deze voorgeschreven regels het lastig maken om de papieren versie van de verbeelding te beoordelen. Dat geldt evenwel niet voor de digitale versie. In deze versie kan namelijk op een locatie worden ‘geklikt’ waardoor de voor die locatie geldende regels en aanduidingen zichtbaar worden. Een bestemmingsplan met de daarbij behorende toelichting wordt ook via de elektronische weg vastgelegd. Het bestemmingsplan wordt in die vorm vastgesteld.

2.8.2 Stappen van de gemeente na uitspraak Raad van State over eerste bestemmingsplan Bij besluit van de Raad van State op 04 februari jl. is het oorspronkelijke bestemmingsplan 2020 van de gemeente Hilversum afgekeurd en werd de gemeente in de gelegenheid gesteld een nieuw bestemmingsplan op te stellen. De gemeente heeft na de uitspraak aangepaste rapporten laten opstellen om het oorspronkelijke plan toch door te kunnen zetten. Dit betreft: - Een akoestisch onderzoek - Een extra verkeersonderzoek - Een onderzoek naar luchtkwaliteit Na de beslissing van de Raad van State hebben wethouder Scheepers en projectleider Koolhaas 2 gesprekken gevoerd met de woordvoerders van bewoners Langgewenst/Schoolstraat. - Op 17 maart jl. (het eerste gesprek) mochten de omwonenden hun bezwaren uiteenzetten. Hierbij is er door ons o.a. op gewezen dat het geluidsniveau nu al onacceptabel hoog is en ver boven de huidige norm, waarop niet gehandhaafd wordt. Tevens verzochten wij de wethouder te onderzoeken hoe de door de bewoners aangedragen alternatieven geschikt gemaakt konden worden voor afwikkeling van de verkeersstromen. Pagina 18 van 52

Zienswijzennota

-

Op 14 juli 2022 (het tweede gesprek) werd door de wethouder meegedeeld dat het nieuwe bestemmingsplan praktisch ongewijzigd zou blijven. Om het oorspronkelijke plan toch door te kunnen laten gaan is in het nieuwe bestemmingsplan de eerder aangevraagde hogere geluidsgrenswaarde nog verder verhoogd naar de maximale grenswaarde van 68 dB.

De beide alternatieven, die door ons werden ingebracht zijn direct als niet haalbaar door de wethouder afgewezen, zonder dat de mogelijkheden en de grote voordelen (veiligheid en minder geluidsoverlast voor 300 bewoners) daarvan diepgaand zijn onderzocht. Op geen enkele wijze is gekeken naar de mogelijkheid om met een aanpassing de door ons aangegeven routes geschikt te maken, en dat terwijl de gemeente er geen enkele moeite mee heeft om voor háár voorkeursroute diverse panden op te kopen. Er werd door de wethouder slechts mediation aangeboden voor de bezwaren van de omwonenden, echter aanpassing van het plan is voor hem geen optie. Antwoord 2.8.2: Hoewel het bestemmingsplan uit 2020 is vernietigd is de aanleiding voor het opstellen van het bestemmingsplan, het in 2019 door de raad vastgestelde ‘Stedenbouwkundig plan’, ongewijzigd. De bewoners hebben twee varianten aangedragen. De eerste betreft het behouden van de bestaande routering van de centrumring via de Stationsstraat (waarbij de gewenste verbinding tussen de Groest en het Marktplein met een tunnel of stoplichten kan worden gerealiseerd). Deze variant is in dit stadium niet meer nader onderzocht nu de raad al eerder heeft besloten (raadsvergadering van 6 december 2017) dat het autoluw maken van de Stationsstraat en daarmee de Groest en het Marktplein met elkaar te verbinden, een van de doelen is.

Het verleggen van de centrumring is daarmee een van de uitgangspunten van de planvorming geworden. De tweede door bewoners aangedragen variant betreft het verlegging van de centrumring via de Koninginneweg - Naarderstraat. Van deze variant én de voorkeursvariant van de gemeente zijn de aanpassingen van de weginfrastructuur en verkeerscirculatie beoordeeld door bureau RHDHV. Beide zijn vergeleken op verkeersintensiteiten, verkeersafwikkeling, bereikbaarheid, verkeersveiligheid en geluidseffecten. Het onderzoek concludeert dat de ‘gemeentelijke voorkeursvariant’ neutrale en positieve verkeerskundige effecten heeft, met uitzondering voor de geluidssituatie op de wegen waar de centrumring wordt omgelegd (Koninginneweg – Schoolstraat – Langgewenst). De ‘bewonersvariant’ geeft minder gunstige verkeerseffecten. Het is bij deze variant noodzakelijk om het kruispunt Lage Naarderweg – Koninginneweg – Naarderstraat aan te passen met voorsorteerstroken en er is een grotere omrijdafstand dan de ‘voorkeursvariant’. Mede door verkeerstoename op de Lage Naarderweg zijn er bij de ‘bewonersvariant’ ongeveer 75 woningen extra ten opzichte van de voorkeursvariant van de gemeente waar de geluidsbelasting met meer dan 1,5 dB toeneemt. Om deze redenen heeft de ‘voorkeursvariant’ de voorkeur boven de ‘bewonersvariant’.

De manieren om de bewonersvariant sowieso geschikt te maken zijn niet nader onderzocht omdat deze variant om andere redenen nadeliger is en niet omdat deze variant niet geschikt zou zijn te maken. Onderzoek is gedaan naar diverse aspecten. Op basis daarvan is geconcludeerd dat de bewonersvariant nadeliger is dan de voorkeursvariant. Daarbij is ook aangegeven dat het kruispunt Lage Naarderweg - Koninginneweg – Naarderstraat een (lastige) opwaardering vereist. Meer in algemene zin willen wij stellen dat de gemeente al lang bezig is met de planvorming ten behoeve van het stationsgebied, zie ook de toelichting van het bestemmingsplan waarin uitgebreid de plangeschiedenis is beschreven (paragraaf 1.3). In het kader van de totale planvorming (al voorafgaand aan het in procedure brengen van het uiteindelijk vernietigde bestemmingsplan) zijn juist veel verkeersvarianten onderzocht (zie de raadsvergadering van 6 december 2017). Ook de twee varianten die nu door de bewoners zijn aangedragen zijn indertijd in beeld geweest en afgewogen. De gemeente heeft in de periode ook uitgebreid gelegenheid geboden om over de verschillende verkeersvarianten te participeren voordat besluitvorming hierover plaats vond. Pagina 19 van 52

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=01085a76-92c1-43fc-9ba3-50deb749e943