Raadsinformatiebrief 2023-113 inzake Subsidieregeling zinvolle daginvulling
Tekst van het document
Tegen deze beschikking blijft bezwaar en beroep mogelijk en dus blijft het inzetten van rechtsmiddelen in die gevallen gewaarborgd. Inhoudelijke opmerkingen Uw advies over artikel 1 lid 2 onder o en artikel 2 lid 3 hebben wij overgenomen. De groep ouderen wordt niet meer expliciet benoemd en we hebben in de toelichting op de artikelen een expliciete verwijzing naar artikel 2 lid 3 voor de omschrijving van de doelgroep opgenomen. U heeft vragen gesteld over de activiteiten in een buurthuis in relatie tot de algemene voorziening dagactiviteiten. Met de zinsnede dat "buurthuizen in de sociale basis zijn bijvoorbeeld voorliggend aan
deze algemene voorziening" doelen wij op inwoners die met deze reguliere activiteiten in een buurthuis mee kunnen doen. Inwoners voor wie begeleiding nodig is voor deelname aan activiteiten kunnen deelnemen aan de algemene voorziening. Organisaties die dagbesteding willen aanbieden met de inzet van de subsidieregeling moeten vanzelfsprekend aan de kwaliteitseisen voldoen die in de regeling staan opgenomen. De wijkgerichte samenwerking is vooral bedoeld om ontmoetingsplekken in de wijk voor verschillende doelgroepen toegankelijk te maken en om het aanbod aanvullend te laten zijn op het bestaande aanbod in de wijk, bijvoorbeeld dat van buurthuizen. Een voorbeeld van deze vorm van wijkgerichte samenwerking is het vanuit het budget WMO/Welzijn gesubsidieerde Praathuis welke georganiseerd wordt in wijkcentrum de Kruisdam in de Hilversumse Meent. In uw advies over artikel 7 lid k en de toelichting op dit artikel geeft u aan dat u graag toegevoegd wilt zien dat er gewerkt moet worden met een zorgplan voor deelnemer. Er is nu in de regeling het vereiste opgenomen dat aanbieders werken met een methodiek gericht op instroom, doorstroom en uitstroom. De subsidieaanvragen zullen getoetst en beoordeeld worden op de aanwezigheid van deze methodiek en of deze voldoende is gericht op instroom, doorstroom en uitstroom.
De regeling heeft als uitgangspunt dat aanbieders zelf de regie hebben op de manier waarop zij deze methodiek vormgeven. Wij zullen uw suggestie voor het gebruik van een zorgplan zeker meenemen richting aanbieders die vragen stellen over hoe zij de methodiek kunnen vormgeven en bij aanvragers waarbij twijfel bestaat over de omschreven methodiek in de aanvraag. Bij het beoordelingskader van bijlage 1 stelt u voor om dit in de vorm van een Doelen-inspanningennetwerk (DIN) vorm te geven. Een DIN is echter een middel vanuit het project- en programmamanagement wat gebruikt kan worden om het verband weer te geven tussen de afgesproken doelen en de inspanningen die nodig zijn om de doelen te bereiken. Het beoordelingskader heeft echter als doel om een onderlinge beoordeling van aanvragen te kunnen maken in deze subsidietender en een DIN past hier naar onze mening niet bij. Voor de uitvoering van het project " algemene voorziening zinvolle daginvulling" zal de DIN die u al eerder van projectleider Manon de Waal heeft ontvangen wel als uitgangspunt gebruikt blijven worden. Tot slot heeft u een overweging meegegeven om niet direct over te gaan tot het toetsen op mogelijke aanpassingen van de regeling in het geval de hardheidsclausule moet worden toegepast.
Wij zullen kritisch zijn bij eventuele aanpassingen bij de regeling en u ook bij een voorgestelde wijziging weer informeren en waar nodig om een advies vragen. Wij vertrouwen erop u hiermee voldoende geïnformeerd te hebben over hoe uw advies is verwerkt in de regeling en toelichting. Wij danken u nogmaals voor uw tijd en inzet op dit dossier en waarderen uw toezegging dat u ook voor 2024 nauw betrokken zult blijven bij het project. Vragen? Mocht u naar aanleiding van deze brief nog vragen hebben, neem dan contact op met Manon de Waal. Hoogachtend, Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
mr. C.P. Torres Barrera
dr. ir. G.M. van den Top