Planuitwerkingskader (PUK) Bergweg - voormalige NCRV
Tekst van het document
de burgemeester,
D. Emmer
P.I. Broertjes
Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
31
GEMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM BEZOEKADRES: RAADHUIS
XXX
DATUM ZAAKNUMMER
DUDOKPARK 1 TELEFOONNUMMER: 14 035 WWW.HILVERSUM.NL
11 maart 2019 519924
BEHANDELD DOOR TELEFOON (035)
629 2547
UW KENMERK BIJLAGEN BETREFT
Locatie Bergweg - Schuttersweg Geachte XXX, In het gesprek van 19 februari 2019 is met u een gesprek geweest over de brief van ons college van 7 februari 2019. Door u zijn in dit overleg enkele opmerkingen gemaakt. Deze worden hieronder behandeld. Vervolgens is per opmerking een reactie gegeven en is aangegeven welke wijziging dit tot gevolg heeft voor de brief. Deze brief dient te worden gezien als een addendum op onze brief van 7 februari 2019. 1. Wijzigen bouwvlak: Bij …. bestond onduidelijkheid over de interpretatie van het begrip bebouwd vloeroppervlakte. De interpretatie van …. betreft dat bij sloop van een bepaald volume, dat dit op een andere plek mag worden teruggebouwd. Reactie Wat wordt bedoeld is dat de footprint niet mag toenemen op het perceel. Wanneer een bouwmassa met 2 lagen wordt gesloopt, kan deze massa in principe ook weer in twee lagen elders op het perceel terugkomen, zolang het niet leidt tot meer bebouwd oppervlakte en sprake is van een verbetering van de aanwezige landschappelijke, cultuurhistorische en/of stedenbouwkundige waarden. Addendum Ten behoeve van verbetering van de interpretatie wordt de tekst als volgt gewijzigd: - Blz. 2, onder punt 3, eerste zin: “U vraagt om de mogelijkheid de bebouwde vloeroppervlakte op de percelen […].” - Blz.
2, onder punt 3, derde zin: “Dat betekent concreet: mits de bebouwde oppervlakte (zijnde footprint) gelijk blijft en sprake is van een verbetering […].“ 2. Nieuw woonvolume aan oostzijde In de brief is niet gerefereerd aan de footprint van de nieuwe massa van 560 m2. En de randvoorwaarde om een vergelijkbare massa en uitstraling te realiseren als de Schuttersweg 8 wordt te beperkend ervaren. De massa van de Schuttersweg 8 is te klein om 10 appartementen te kunnen huisvesten. Ook is het de vraag of de architectuur van deze villa persé moet worden gekopieerd.
32
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
VERVOLGBLAD
2 Reactie De footprint van de nieuwe massa van 560 m2 is inderdaad besproken geweest. In de brief zal dit als maximum te bebouwen oppervlakte worden opgenomen. Ook is het niet de insteek van de gemeente dat er een kopie van de kantoorvilla Schuttersweg 8 dient te komen. Het gaat er om dat de nieuwe massa een villakarakter krijgt, passend in het gebied. De vormgeving en architectuur is onderdeel van het gesprek met welstand en is een separaat toetsingskader. Het uitgangspunt is dat de massa niet meer dan 560 m2 wordt en niet meer dan twee lagen met kapverdieping. Verder wordt verwezen naar de opgenomen tekst in de brief welke is gebaseerd op de Beschrijving in hoofdlijnen uit het bestemmingsplan Noordwestelijk Villagebied. Addendum De tekst wordt als volgt gewijzigd: - blz. 2 onder punt 4, tweede alinea, eerste zin: “Onze randvoorwaarden hiervoor zijn: een massa met een footprint van maximaal 560 m2 van maximaal 2 lagen met een kap in de vorm van een villa. vergelijkbaar met de kantoorvilla aan de Schuttersweg 8 (maximaal 2 lagen met een kap). De nieuwe massa dient […].” 3. Mix vorm van wonen en werken in de toekomst Bij … leefde de veronderstelling dat de insteek was om de bestaande kantoorbebouwing uit de jaren ‘80 te transformeren naar een gemengde invulling van wonen en werken. Niet om te slopen en nieuw te bouwen.
Gevraagd wordt om ruimte te bieden om op termijn zonder sloop scenario te komen tot een gemende invulling van wonen en werken. Het idee is om daarbij het jaren 50 middendeel te slopen en deze massa te verplaatsen en ook in te brengen in de nieuwe gemengde invulling. Reactie Transformatie van de locatie van werken naar een mix-vorm van wonen en werken, leidt tot verlies aan ruimte voor werkgelegenheid. Deze ruimte is al schaars in Hilversum en (gedeeltelijke) onttrekking aan de markt dient op grond van zorgvuldige ruimtelijke overwegingen plaats te vinden. Onderdelen in deze overwegingen zijn bijvoorbeeld langdurige leegstand, het aanwezige vestigingsklimaat, ontsluiting en nabijheid van voorzieningen en een mogelijke verbetering van de landschappelijke, cultuurhistorische en / of stedenbouwkundige kwaliteit. Om gedeeltelijke transformatie van de bestaande bebouwing niet uit te sluiten, wordt de tekst aangepast. Addendum De tekst wordt als volgt gewijzigd: - blz. 2 onder punt 5, tweede alinea: “De wijze waarop de wijziging naar de mix van de werk- en woonfunctie kan worden vormgegeven, zowel kwalitatief als in de tijd bezien, is onderwerp van verdere studie en overleg.
Het college stelt als voorwaarde dat een dergelijke ontwikkeling aansluit bij de beschrijving in hoofdlijnen van artikel 10 van het geldende bestemmingsplan, niet leidt tot een toename aan bebouwing en een verbetering van de stedenbouwkundige, landschappelijke en cultuurhistorische waarden tot gevolg heeft. De samenhang tussen hoogwaardig bebouwde en onbebouwde ruimte met een parkachtig karakter dient uitgangspunt te zijn. Daarbij zijn individualiteit van de bebouwing, de relatie met de openbare ruimte en de verhouding tussen oppervlakte, bebouwing en kavel essentieel. Er dient sprake te zijn van vervanging van de niet monumentale kantoorbebouwing door enkele villa-achtige massa’s, waarin wonen en/of werken mogelijk is. 4. Anterieure overeenkomst De formulering is nu zo dat de overeenkomst wordt gesloten tussen eigenaar en gemeente, terwijl ook de gebruiker in de anterieure overeenkomst partij zal zijn. Gevraagd is de tekst hier op aan te passen. Reactie Het systeem van afdeling 6.4 van de Wro is dat anterieure overeenkomsten uitsluitend kunnen worden aangegaan tussen de gemeente en de eigenaren van de binnen het exploitatiegebied gelegen gronden. Een
Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
33
VERVOLGBLAD
anterieure overeenkomst is een overeenkomst tussen gemeente en een particuliere eigenaar over de grondexploitatie, gesloten vóór de vaststelling van een planologische maatregel. Vanwege die juridische grondslag kan de tekst in de brief niet worden gewijzigd. Tegelijkertijd zijn wij ons bewust van de afspraak dat kosten die voortkomen uit eventuele verkeerskundige oplossingen voor zover deze onderdeel zouden worden van een anterieure overeenkomst uitdrukkelijk vragen om de (financiële) betrokkenheid van gebruiker. Hoogachtend,
34
Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
D. Emmer
P.I. Broertjes
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
3
GEMEENTE HILVERSUM POSTBUS 9900 1201 GM HILVERSUM BEZOEKADRES: RAADHUIS
Aan de gemeenteraad cc college van B en W cc pers
DUDOKPARK 1 TELEFOONNUMMER: 14 035 WWW.HILVERSUM.NL
15 juli 2022 1097591 BEHA NDELD DOOR J. Grünfeld TELEFOON (035) 629 2878 UW KENMERK Brieven van 7 februari 2019 en 11 maart 2019, BIJLAGEN (concept) Nota van Uitgangspunten d.d. december 2020, Verzoek bestemmingsplanwijziging d.d. 18 februari 2022 BETREFT Planontwikkeling locatie Bergweg - Schuttersweg DATUM
ZAAKNUMM ER
Geachte raads- en commissieleden, Graag wil ik u informeren over opvolging van een toezegging uit begin 2019 toen Talpa de wens had uitgesproken zich in Hilversum te willen vestigen. De komst van Talpa zou een enorme versterking betekenen van Hilversum Mediastad en eveneens een impuls voor onze lokale economie. De wens van Talpa werd door gemeente daarom van harte ondersteund. Talpa wilde graag zijn intrek nemen in het complex Bergweg/Schuttersweg, het rijksmonumentale pand van de voormalige NCRV-omroep. De eigenaar wilde hier wel aan meewerken, mag zag hierin wel een risico. In plaats van verhuur aan meerdere huurders – met een gespreid risico, zou de intrek van Talpa betekenen dat hij het hele complex aan één huurder zou moeten verhuren. Om deze reden heeft de eigenaar verzocht om een toevoeging van de bestemming wonen aan de vigerende bestemming kantoordoeleinden. Om de vestiging van Talpa mogelijk te maken, heeft het college hierop aangegeven positief tegenover de beoogde ontwikkeling te staan. Bovenstaande staat uitgebreid verwoord in bijgaande brieven aan de eigenaar (geheimhouding 8 juni opgeheven). De eigenaar van het complex heeft in februari 2022 een verzoek ingediend om de functiewijziging te formaliseren. Dit verzoek treft u tevens als bijlage aan. Het huidige college handhaaft het positieve standpunt van het voorgaande college.
Wij zijn op basis van een concreet plan bereid mee te werken aan aanpassing van het planologisch regime, uiteraard geldt hierbij het voorbehoud van instemming door de gemeenteraad zoals reeds vermeld in de brief van 7
Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
35
februari 2019. Hieronder schetsen wij kort het proces om te komen tot een wijziging van het planologische regime. Planuitwerkingskader|Intentieovereenkomst |Locatieontwikkelplan Voorafgaand aan de bestemmingsplanprocedure zullen wij de eerder opgestelde ambtelijke concept Uitgangspuntennotitie actualiseren en uitwerken in een Planuitwerkingskader (PUK). In dit kader worden alle project specifieke randvoorwaarden opgenomen die de gemeente stelt aan de uitwerking van het plan. Na vaststelling van het PUK door de raad zullen er afspraken met de eigenaar moeten worden gemaakt over onder andere doelstellingen, uitgangspunten, planuitwerking, samenwerking en kostenverhaal. Deze afspraken worden vastgelegd in een Intentieovereenkomst. Anterieure overeenkomst| Voorschotnota Er dienen afspraken te worden gemaakt over uitvoering, planning, beheer en kostenverhaal in de vorm van een af te sluiten anterieure overeenkomst. Voordat wij over kunnen gaan tot het bovengenoemde traject zullen wij de eigenaar een voorschotnota in rekening brengen ter dekking van de kosten voor het opstellen van het PUK en de intentieovereenkomst. Hiertoe moet er een ‘Voorschotovereenkomst’ met de eigenaar worden gesloten.
Tot slot hebben wij de eigenaar er op gewezen dat er op dit moment geen urgentie of noodzaak bestaat om over te gaan tot een bestemmingsplanwijziging en hem in overweging gegeven om de planontwikkeling niet nu al op te pakken.
Hoogachtend,
36
Burgemeester en wethouders van Hilversum, de gemeentesecretaris,
de burgemeester,
mr. C.P. Torres Barrera
dr. ir. G.M. van den Top
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
2 Beschrijving van het initiatief van de eigenaar Hieronder een uitsnede uit de brief die de eigenaar in 2022 aan de gemeente heeft gestuurd om formeel een bestemmingswijziging aan te vragen voor het perceel Bergweg / Schuttersweg: In deze brief richt ik mij rechtstreeks tot u, omdat u betrokken was bij het maken van afspraken inzake de verhuur van de voormalige NCRV-Studio’s, waarin de afspraken door de gemeente Hilversum zijn bevestigd. Vanaf eind 2018 hebben de gemeente en ik gesprekken gevoerd over de huisvesting mediabedrijven in Hilversum. De gemeente heeft in deze gesprekken aangegeven dat de huisvesting van mediabedrijven in Hilversum voor de gemeente van groot belang is. U heeft aangegeven mee te willen werken aan de uitbreiding van de huisvesting van Mediabedrijven op het kantorencomplex aan de Bergweg / Schuttersweg. U heeft daarbij een aantal knelpunten kenbaar gemaakt, te weten: • het opzeggen van enkele huurders op het complex; • het realiseren van extra parkeren op het terrein, door middel van een ondergrondse parkeergarage; • het verhuren van circa 16.000 m2 kantoorruimte aan één grote partij. De strategie is immers multitenant verhuur om op die manier het risico op leegstand in de portefeuille te reduceren. Met name dit laatste punt was voor ons een grote zorg.
Deze locatie is immers onderdeel van een vastgoedportefeuille waarin de eigenaren een gezonde portefeuille willen samenstellen mede voor toekomstige generaties waarin het risico op leegstand beperkt is. Ik was bereid om het risico van één grote huurder te accepteren onder de voorwaarde dat de functie “wonen” zou worden toegevoegd aan de bestemming. De achtergrond hiervan is dat als de huurder ooit vertrekt op het perceel ook een andere functie gerealiseerd kan worden; hetgeen het risico op leegstand beperkt. Het toevoegen van de functie “wonen” is door de gemeente getoetst bij diverse adviseurs en advocaten waarna de brieven zijn opgesteld met daarin de bevestiging dat het college een principebesluit zal nemen over de voornoemde wijziging van het geldende planologische regime en hieraan haar medewerking zal verlenen. Eindadvies gemeente Hilversum Het college heeft, in verschillende samenstellingen en op verschillende momenten (7 februari 2019, 11 maart 2019 en 19 december 2023) aangegeven mee te willen werken aan een eerdere toezegging om het voormalige kantorencomplex aan de Bergweg/ Schuttersweg ook een planologisch regime mogelijk te maken voor wonen.
Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
37
3 Cultuurhistorische analyse Vermogende Amsterdammers naar het Gooi Na de aanleg van de spoorweg van Amsterdam naar Amersfoort in 1874 werd Hilversum gemakkelijk bereikbaar voor de gegoede burgerij van de hoofdstad. Dat verklaart waarom veel van de eerste uitbreidingen, die vanaf ongeveer 1870 rondom de kern van Hilversum plaatsvonden, het karakter van villawijken hebben. Ze hadden een ruime verkaveling met betrekkelijk grote percelen. De ontwikkeling van deze parken was aanvankelijk een particulier initiatief. Bouwmaatschappijen kochten grond aan waarop ze straten aanlegden. De percelen werden vervolgens doorverkocht. De kopers namen hun eigen architect in de hand, waardoor de architectuur van elk kavel een heel eigen invulling kreeg. In het noordwestelijk stadsdeel werden achtereenvolgens villapark ‘De Trompenberg’ en villapark de Boomberg aangelegd, beide tamelijk groot en ruim van opzet. Het plangebied is gelegen in het Noordwestelijk villagebied, deel ‘Susannapark’ en grenst direct aan het Boombergpark. Dit park heeft de status van gemeentelijk monument. De Hilversumse kunstschilder Jan van Ravenswaaij nam in 1831 het initiatief tot de aanleg van een ‘belommerd wandelgebied’ op heuvel ‘de Boomberg’. Het initiatief is opmerkelijk omdat het ging om de aanleg van een van de eerste wandelparken in Nederland buiten de bebouwde kom.
Met de financiële steun van Amsterdamse vrienden en vooral dankzij de invloed en de steun van zijn neef en vriend notaris Albertus Perk slaagde Van Ravenswaaij erin om in de periode 1831-1841 een aantal percelen akkerland op de Zuider Eng te kopen die hij vervolgens liet beplanten en inrichten als wandelgebied. Het in 1848 aan de gemeente Hilversum overgedragen park werd de groene long van het later in ontwikkeling gebrachte villapark Boomberg en Susannapark. Het is aannemelijk dat de landschappelijke kwaliteiten van dit wandelpark hebben bijgedragen aan de handel en verkoop van de naastgelegen gronden. Tuinarchitect Wattez heeft in 1892 een plan gemaakt waarin een pad werd toegevoegd aan het bestaande padenstelsel. In 1896 is het parkgebied vergroot toen een lange strook grond van 13 meter breed bij het park werd gevoegd. Het van de Boomberglaan tot de Schuttersweg doorlopende, tevens door de percelen aan de Bergweg, Burg. Gülcherlaan en Albertus Perkstraat begrensde park, verbindt de bebouwde kom van het oude dorp Hilversum met het Corversbos en is een essentieel onderdeel van het villapark Boomberg en het Noordwestelijke Villagebied.
Het park heeft cultuurhistorische waarde als een van de goed bewaard gebleven 19e eeuws wandelgebied, mede als bijzondere uitdrukking van een sociaal-economische ontwikkeling, waarin het cultiveren van landschap beschouwd werd als belangrijk onderdeel van de welstandsverhoging. Susannapark Op de westelijke helling van de Boomberg werd vervolgens een villapark aangelegd, begrensd door de Vaartweg, Schuttersweg, Bergweg en Lambertus Hortensiuslaan. In 1879 kocht de Park- en Bouwmaatschappij in Hilversum een stuk grond, dat in 1883 het Susannapark werd genoemd naar de dochter van een van de zes aandeelhouders van de Maatschappij, B.R.G. Bouricius. Het was een betrekkelijk klein park dat relatief ver van de kern van Hilversum lag. De Park- en Bouwmaatschappij legde de wegen aan: een gevorkte straat die het terrein in drie stukken verdeelde. De ontwikkeling verliep minder snel dan verwacht. In 1891 waren er nog maar drie villa’s in het park gerealiseerd. Om het park gemakkelijker bereikbaar te maken werd in 1893 een lokale spoorlijn tussen station Hilversum en het Susannapark aangelegd, die deels door de bewoners werd betaald. De aandeelhouders van de Park- en Bouwmaatschappij verkochten de percelen in 1895 op een publieke veiling. De verkoopakte bepaalde dat er alleen villa’s met bijbehorende gebouwen op het perceel mochten worden gebouwd.[1] 38
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
De hoofdstructuur van dit deel van het Noordwestelijk villagebied is gebaseerd op doorlopende lijnen van de vroegere buitenplaatsen in ’s-Graveland. In het gebied stonden oorspronkelijk enkele indrukwekkende villa’s zoals de villa Corvin, de villa Palaboaen van Bouricius en de villa Hooge Dreuvik omringd door grote tuinen. Alle drie villa’s en tuinen hebben in de 20e eeuw plaats gemaakt voor nieuwe flatgebouwen, woningen en het voormalig complex NCRV. Het Susannapark is geen ruim opgezet park geworden terwijl dit oorspronkelijk wel de bedoeling was. Dit komt waarschijnlijk door de destijds vrij afgezonderde ligging en geen aansluiting met het centrum door de paardentram. Toen in 1895 het Susannapark ook de paardentram vanaf het Kerkbrink naar het Susannapark ging rijden kwam hier verandering in. In deze periode (1896) werd villa Henriette gebouwd, met park en koetshuis. Villa Henriëtte alsmede het (voormalige) studiogebouw van de NCRV met bijbehorende fietsenstalling in Dudok-trant, gebouwd in de periode 1938-1941, naar ontwerp van de architect J.H. van der Veen uit Amsterdam hebben de status van een rijksmonument.
Opzet Susanna Park en positie (inmiddels gesloopte) villa’s, uitsnede kaart hoogtekaart 1905
Villa Henriëtte Een van de aandeelhouders van de Park- en Bouwmaatschappij was Jan ter Meulen, een vermogende Amsterdamse assuradeur. Hij kocht zes percelen op de veiling: vier aan de Bergweg en, om verzekerd te zijn van een vrij uitzicht, twee aan de overkant van de weg.[2] In 1896 begon hij met de bouw van een villa in het Susannapark, villa Henriëtte, genoemd naar zijn vrouw, Henriëtte Leembruggen. De villa kwam aan de weg die naar de Schuttersheide en naar het Corverbosch leidde en was omringd door een grote tuin. Het adres van de villa was aanvankelijk Susannapark 2 (nu Schuttersweg 8).[3] Het ontwerp was van A.L van Gendt (1835-1901) en J.G. van Gendt (1866-1925). Villa Henriëtte werd gebouwd in een eclectische stijl met invloed van de chaletstijl. Het eclecticisme was typerend voor de tweede helft van de negentiende eeuw, toen er in de beeldende kunst, architectuur en tuin- en landschapsarchitectuur inspiratie werd gezocht in het verleden. Gebouwen kregen in die periode neoklassieke, neogotische of neo-barokke vormen. De villa was een van de eerste gebouwen die in het park werd gebouwd en domineerde vanwege de strategische ligging op het hoogste punt van het destijds nog grotendeels onbebouwde park. Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
39
De Tuin De tuin werd in 1898 ontworpen door de Gebroeders Copijn.[4] Hendrik Copijn (1842-1923) werd in Groenekan geboren, waar de familie sinds ongeveer 1780 een kwekerij bezat. Ze waren tevens werkzaam als tuin- landschapsarchitecten. Rond 1880 nam Hendrik Copijn samen met zijn broer Pieter Gerard het bedrijf over. Tot 1900 werken ze samen als de Gebroerders Copijn. Hendrik Copijn was in Nederland één van de eerst tuinarchitecten die in een gemengde stijl werkte. Die was typerend voor de tweede helft van de negentiende eeuw en nam het verleden als belangrijke inspiratiebron. Karakteristiek was de Engelse landschapsstijl met glooiingen en slingerpaden, waarin architectonische elementen zijn opgenomen, vaak rondom het huis of een ander gebouw. In de huidige staat van de tuin aan de Schuttersweg is niet te zien of hier ook sprake was van een dergelijke gemengde stijl. Er is sinds het in gebruik genomen werd door de NCRV veel bijgebouwd en veel bestraat om parkeerruimte te maken, waardoor grote delen van de tuinaanleg verloren zijn gegaan. De glooiende aanleg met slingerpaden, waarbij gebruik werd gemaakt van de aanwezige hoogteverschillen, is nog wel zichtbaar. In 1908 kwam in de zogenaamde overtuin, op de percelen aan de overkant van de weg (ten zuiden van de Bergweg), een statig gebouw gereed, het koetshuis met dubbele woning in chaletstijl (nu gelegen aan de Yssumlaan 5-7).
Roemah Oedjoeng In 1916 was Ter Meulen genoodzaakt het zomerverblijf te verkopen. Nieuwe eigenaar werd Pieter Reineke. Hij was een van de directeuren van de Handelsvereeniging Amsterdam. De naam van de villa veranderde hij in ‘Roemah Oedjoeng’. Reineke voegde een aantal gebouwtjes toe. Hij diende bij de gemeente in 1916 een bouwaanvraag in voor de bouw van een apart staande schuur aan de zijde van de Peerlkamplaan, in 1918/19 volgde de aanvraag voor een tuinhuisje en in 1923 van een orangerie voor zijn echtgenote. Verder kwamen er een croquetveld en een tennisbaan. In 1934 verhuisde de familie Reineke en kwam de villa leeg te staan. NCRV In 1936 verkocht Reineke de villa met de tuin en bijgebouwen aan de Nederlandse Christelijke Radio Vereniging (NCRV) voor een bedrag van f 43.000,-. Doel was er een nieuwe studio te bouwen en de villa als tijdelijke locatie te gebruiken. De NCRV richtte de villa als omroepstudio in en vanaf 1937 werd hier door de omroep uitgezonden. Tussen 1938 en 1940 werd de nieuwe NCRV-studio met fietsentalling achter de villa gebouwd. Ontwerper was J.H. van der Veen. Hiervoor moesten het croquetveld, de tennisbaan, het hoenderhok, de schuur, het tuinhuis en de orangerie wijken. Het ontwerp van Van der Veen was uitgekozen uit de inzendingen bij een besloten prijsvraag onder acht architecten. Van Veen baseerde zich op het principe van de Spin in het Web.
In het gebouw was de omroepcel het centrale punt in de hal tussen de studio’s. In het exterieur wordt dit centrale punt geaccentueerd door de achthoekige toren. Met een gevarieerde opbouw van verschillende volumes en opgetrokken in een gele verblendsteen vertoont het gebouw de invloed van Dudok. In de twee trapeziumvormige volumes bevinden zich de grotere studioruimten. Er kwam een ondergrondse gang naar de oude villa, die werd verbouwd. Op 5 september 1939 diende Van der Veen namens de NCRV een aanvraag in bij de gemeente voor de wijziging in de achtergevel (noordzijde) en van de entreepartij aan de voorzijde. Het toegangsportaal in de toren werd vervangen voor drie smalle hoge ramen. De raampartij aan de achterzijde maakte plaats voor twee toegangsdeuren met bovenlicht. Er werd een stenen trap met bordes aangebracht.
40
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
Ontwerptekening studiocomplex NCRV, 1938
Uitbreidingen Het bestaande studiocomplex van Van der Veen bood ruimte aan het maken van opnamen en het daarbij behorende personeel. De kantoren waren echter in Baarn gevestigd. Om kantoren op de locatie te kunnen realiseren, kocht de NCRV twee aangrenzende percelen aan (percelen 2646 en 2060). Op deze percelen grenzend aan de tuin, met villa Henriëtte en het gebouw van de NCRV, waren in de negentiende eeuw twee villa’s gebouwd. Deze percelen kwamen na de oorlog in het bezit van de NCRV. De villa’s (perceel 2646 villa Rosa en perceel 2060 Hoge Dreuvik) werden uiteindelijk afgebroken om plaats te maken voor nieuwbouw. Architect J. van der Zee ontwierp de eerste uitbreidingen van het NCRV-
Uitbreiding J. van der Zee (1958) Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
41
complex, waarvan een deel tijdelijk. De kantoren werden in een kamvormig gebouw, achter op het terrein ondergebracht. In de jaren tachtig werd een forsere uitbreiding met kantoren op het parkachtige terrein gerealiseerd. Architect van het nieuwe complex was Jan Verster die was uitgekozen bij een meervoudige opdracht die onder verschillende bureaus was uitgeschreven. Verster Historische ansichtkaart Villa Hooge Dreuvik was een van de oprichters van het architectenbureau De Architectengroep (destijds Architectengroep VDL), maar trok zich in 1981 uit het bureau terug. De opdracht die hij toen al voor het NCRV-complex had gekregen, nam hij mee naar EGM architecten, het bureau waar hij in 1981 toetrad. Het ontwerp moest een aantal malen worden gewijzigd wegens bezwaren van omwonenden, die het gebouw te groot vonden. Pas in 1984 kon de bouw beginnen. De opgave bestond uit een complex van 14.000 vierkante meter, dat verbonden moest worden met het monumentale gebouw van Van der Veen uit 1940. Verster probeerde de omvang van het complex binnen het villapark te beperken en maakte daarvoor gebruik van de hoogteverschillen in het terrein. De ondergrondse parkeergarage camoufleerde hij. Het hoogste punt van het gebouw plaatste hij op het laagste punt van het terrein.
Het langgerekte, L-vormige kantoorgebouw werd rond drie patio’s opgebouwd en werd in fasen gerealiseerd, om in stappen plaats te maken van het tijdelijke gebouw van Van der Zee. De gevels zijn verticaal geleed door de geprefabriceerde dubbele kolommen en smalle hoge ramen.
Jan Vester, kantoorgebouw 42
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
Literatuur: Piet Bakker, Raymond Bjje, Jan E. Lamme (red.), Het Boombergpark te Hilversum. Verleden, heden en toekomst van een monumentaal wandelgebied, Hilversum 2005 Gerda ten Cate, EGM architecten, Rotterdam 2003 Jannes de Haan, Gooische villaparken. Ontwikkeling van het buitenwonen in het Gooi tussen 1874 en 1940, Haarlem 1990 W.J. van Heuvel, ‘Kantoorgebouw NCRV in Hilversum, markante baksteenarchitectuur van Jan Verster’, a/b (architectuur + bouwen), 5 (1989) 8, 28-32 Marriëtte Kamphuis, Met levend materiaal. Copijn 1763-2013. Tweehoudervijftig jaar tuinlieden, boomkwekers, boomverzorgers en tuin- en landschapsarchitecten, Rotterdam 2014 Bea Kastrop, ‘Huis met historie. Schuttersweg 8: een idyllisch zomerverblijf. De eerste bewoners’, Eigen Perk, 1993/4, 153-159 Annette Koenders, ‘Amsterdammers en het Gooi: de architectuur van hun huizen’, Amstelodamum, 84 (1997), 117-125 Annette Koenders, Hilversum architectuur en stedenbouw 1850-1940, Zwolle 2001 Anton Kos, Historische atlas van Hilversum. Van Esdorp tot mediastad, 2013 Melchior Meihuizen, ‘Villa Henriëtte. Het waarderen van cultuurhistorisch erfgoed’, HHT-EP, 2013/1, 81-86 Arno Weltens, ‘Schuttersweg 8: Bouwgeschiedenis en latere bestemmingen’, Eigen Perk, 1993/4, 160-165 Bonica Zijlstra, Nederlandse tuinarchitectuur 1850-1940. Tuinen van Henri Copijn, Leonard A. Springer, Hugo A.C. Poortman, Dirk F.
Versteeg en John Bergmans, s.l. 1986 [1] Bea Kastrop, ‘Huis met historie. Schuttersweg 8: een idyllisch zomerverblijf. De eerste bewoners’, Eigen Perk, 1993/4, 154. [2] Bea Kastrop, ‘Huis met historie. Schuttersweg 8: een idyllisch zomerverblijf. De eerste bewoners’, Eigen Perk, 1993/4, 154. [3] De naam Susannapark als straatnaam werd in 1954 vervangen door: Schuttersweg, L. Hortensiuslaan, De Rijklaan en Van Yssumlaan. [4] Mariëtte Kamphuis, Met levend materiaal. Copijn 1763-2013. Tweehoudervijftig jaar tuinlieden, boomkwekers, boomverzorgers en tuin- en landschapsarchitecten, Rotterdam 2014, 316.
Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
43
4 Ruimtelijke analyse Groenstructuur De locatie ligt op voormalige engronden van de Zuidereng. Kenmerkend voor dit deel van de Zuidereng was de oost-west richting van de kavels die nu nog is terug te zien in bijvoorbeeld het Boombergpark, de Bergweg en de Albertus Perkstraat. Aan de noordkant en aan de oostkant grenst de locatie aan het Boombergpark. Het Boombergpark kent verschillende onderdelen met elk hun eigen karakter. Het oostelijke deel van het park wordt gevormd door het zogenaamde ‘stadse’ deel van de Peerlkamplaan. Het betreft een lang, recht zandpad, dat aan beide zijden tamelijk strak wordt gegrensd door beuken en enkele eiken. Op het hoogste, centrale deel van het park, ‘het Speldenkussen’, is de beplanting gevarieerder met naast beuk, eik en berk ook een scala aan heesters en struiken, waaronder hulst en rododendron. Door de variatie in hoogte van de begroeiing en afwisseling tussen open en gesloten delen en de aanwezigheid van een padenstelsel komt vooral
Groenstructuur
Het ‘stadse’, oostelijke deel van de Peerlkamplaan 44
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
Het Speldenkussen
Jan van Ravenswaaijpad in uitloper Boombergpark
‘Landelijke’ westelijke deel van het Boombergpark
hier het karakter van een park het meest tot zijn recht. Ten zuiden van het centraal in het park gelegen ‘Speldenkussen’ bevindt zich het Jan van Ravenswaaijpad, dat onder meer de Bergweg verbindt met de Burgemeester Gülcherlaan en het park een zuidelijke uitloper geeft tot aan de Vaartweg. Iets verder ten westen hiervan is tevens een verbinding tussen het westelijke, ‘landelijke’ deel van de Peerlkamplaan en de Albertus Perkstraat gerealiseerd. Het westelijke deel van de Peerlkamplaan heeft een meer bochtig verloop en de bomen, eiken en beuken, staan niet meer strak in het gelid. Aan de zuidkant van het pad is een inheemse bosrand vegetatie geplant. De heestergroepen vormen coulissen langs het voormalige NCRV complex, zodat de bouwmassa’s door de beplanting worden afgeschermd. Een uit beuken samengestelde bomengroep is een beeldbepalend onderdeel van de westzijde van het park. Bij de ontwikkeling van de wijk de Boomberg werden de oost-west straten voorzien van laanbeplanting. De laanbeplantingen van de Bergweg en de Peerlkamplaan in het Boombergpark zorgen voor een majestueuze groene omkadering van het perceel. De beide lanen vormen een verbinding tussen het Corversbos en het centrum van Hilversum. Daarnaast worden ze gebruikt door vleermuizen om te navigeren en door eekhoorns om zich veilig te verplaatsen.
De positie van het perceel tussen deze twee lanen en direct grenzend aan het Boombergpark en het Corversbos maakt dat er grote mogelijkheden liggen om bij te dragen aan de ecologische waarden in de directe omgeving, maar ook op stadniveau. Ook op het perceel staat met name in de ‘voortuin’ aan de Bergweg, een grote variatie aan beplanting, waaronder diverse oude monumentale bomen die de ecologische functie en landschappelijke waarde van het gebied nog vergroten.
Corversbos aan overzijde van Geert van Mesdagweg
Bomen in de ‘voortuin’ Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
45
Schaal bebouwing De schaal van het gebouwcomplex op de locatie is aanzienlijk groter dan de schaal van de villabebouwing die het noordwestelijk villagebied zo kenmerkt. In de huidige situatie vormen het monumentale studiocomplex, het tussengebouw en het kantoorgebouw uit de jaren ‘80, een aaneengebouwd geheel. Echter bebouwing van een grotere schaal komt in dit deel van het villagebied, de Boomberg, vaker voor. De ligging van deze grotere gebouwcomplexen is veelal gekoppeld aan de grote ruimtelijk
6 5 4
3
2
1
XXL bebouwing XL bebouwing Grote complexen Boomberg
1. Woonzorgcomplex Habion 46
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
2. Gemeentelijk gymnasium
3. Appartementencomplex aan de Vaartweg
4. Amaris vanaf het Jan van Ravenswaaijpad
stucturen van de wijk. Dit zijn vaak lange lijnen die samenhangen met de belangrijkste wegen in dit gebied. Aan de Vaartweg zijn dan bijvoorbeeld het gemeentelijk gymnasium, Habion en diverse appartementencomplexen. Aan de Schuttersweg zijn dat naast de appartementenblokken aan de kant van de Vaartweg, de twee locaties van het A. Ronald Holst College. Aan de ‘s Gravelandsweg liggen de (voormalige) bibliotheek, de voormalige AVRO-locatie en het M Gebouw. Het Boombergpark (inclusief de groene uitlopers) en het Rosarium vormen een belangrijke groene ruimtelijkestructuur waaraan meerdere grote gebouwcomplexen liggen, zoals de gebouwen van Amaris, De Stolpe aan de Zonnelaan, de appartementen tegenover het Rosarium en natuurlijk de voormalige NCRV-locatie. Daarnaast kent het Raadhuis een hele eigen landschappelijk setting die de grotere schaal van dat gebouwcomplex op een logische manier in de wijk laat landen. Binnen deze grotere gebouwen is ook nog sprake van een schaalverschil van ‘XL’ en ‘XXL’ bebouwing. Wat hierbij opvalt is dat de XXL-bebouwing doorgaans een functie heeft die afwijkt van de woonfunctie en dat de XL-gebouwen juist veelal een woongebruik kennen.
5. Amaris vanaf de Bergweg
6. De Stolpe vanuit het Boombergpark Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
47
Gebouw- en terrein hoogtes De bebouwing op het terrein kent een grote variatie in bouwhoogtes. Deze is het grootst bij de monumentale bebouwing waarbij de voormalige NCRV studio een duidelijk gelaagde opbouw kent. De hoogste volumes worden gevormd door de studioruimtes en natuurlijk de 8-hoekige toren, centraal op het gebouw. Het tussenlid dat het monumentale gebouw verbindt met het kantoorgebouw uit de jaren ‘80 kent deels 1 en deels 2 lagen. Het kantoorgebouw zelf telt bij de centrale entree 4 lagen en de gebouwdelen erachter en naar het oosten hoofdzakelijk 3 lagen, waarvan de liftopbouwen hier fors bovenuit steken. Naast de hoogtegeleding in de bebouwing kent ook het terrein waar op de bebouwing staat een behoorlijke hoogteverschillen. Oplopend van west naar oost kent het terrein een hoogteverschil van zo’n 12 meter. Wat in de relatie tussen de bebouwing en het reliëf van de locatie op valt is dat de bebouwing niet met het oplopende maailveld mee omhoog gaat maar zich als het ware in de berg graaft. De daklijn van het kantoorgebouw blijft op een niveau terwijl het maaiveld in hoogte op loopt. Hierdoor telt dit gebouw aan de ooskant nog maar 2 lagen boven maaiveld. Dit maakt het ook mogelijk dat er onder het meest oostelijke deel van het complex een extra ondergrondse parkeerlaag aanwezig is, bovenop de parkeerlaag die zich onder het gehele gebouw bevindt.
Villa Henriëtte en voormalige NCRV studio’s
48
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
Tussenlid tussen monument en kantoorgebouw
+19
+18
Aantal bouwlagen: 1 4 (incl. 3+^) 2 <5 3 +N terreinhoogte t.o.v NAP +6
+7 +8
+9
+10
+11
+12
+13
+14
+15
+16 +17
Bouwhoogtes en terreinhoogtes
Kantoorgebouw in 4 en 3 lagen
Reliëf op de locatie
Aanzicht vanaf de Bergweg, onderdeel bouwtekeningen 1982 (het oranje omrandde deel is nooit gerealiseerd Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
49
Toegang bebouwing, ontsluiting terrein en parkeren De bebouwing kent qua oriëntatie een duidelijke verdeling. De monumentale gebouwen, zowel de villa als het voormalige studiocomplex, kennen van oorsprong een tweezijdige oriëntatie; op de Schuttersweg en de Bergweg. Het kantorencomplex daarachter kent een duidelijke eenzijdige oriëntatie op de Bergweg, waarbij de zijde aan het Boombergpark zich enigszins als een achterkant manifesteert. Ondanks de oorspronkelijke situatie heeft alleen Villa Henriëtte nog een toegang aan de kant van de Schuttersweg. Het voormalige studiocomplex maakt gebruik van de hoofdentree aan de Bergweg. Ook voor autoverkeer is de ontsluiting van het terrein hoofdzakelijk gelegen aan de kant van de Bergweg en functioneert de toegang aan de Schuttersweg vooral als uitgang. Daarbij is de route langs de noordkant van het perceel 1 richtingsverkeer. Dit is ook de route die gebruikt wordt door het logistieke verkeer van leveranciers. Op het perceel is een groot aantal parkeerplaatsen aanwezig. Voor een belangrijk deel zijn deze opgenomen in ondergrondse parkeervoorzieningen onder het kantorencomplex uit de jaren ‘80, waarbij deze aan de oostkant, ondergronds, deels onder de bebouwing uit steekt. Deze ondergrondse parkeergarage kent twee niveaus, die overigens niet onderling zijn verbonden; ze kennen geen gezamenlijke toegang.
Voor de (kleiner) parkeergarage op het hoogste niveau is handig gebruik gemaakt van het oplopende maaiveld van de locatie. De parkeergarage op het laagste niveau kent 146 parkeerplaatsen, die parkeergarage op het hoogste niveau 41. Daarnaast zijn er op maaiveld ook nog 175 parkeerplaatsen aanwezig. Middels opgaande beplanting is het maaiveldparkeren vanaf de omgeving voor het grootste deel aan het zicht onttrokken. Het fietsparkeren is gesitueerd dicht achter het muurtje langs de Bergweg, wat wel prominent zichtbaar is vanaf de Bergweg en een rommelige aanblik geeft.
Hoofdingang kantorencomplex 50
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
Toegang en parkeren aan de Schuttersweg
Toegang parkeergarage op laagste niveau
Toegang parkeergarage hoogste niveau
Entree bebouwing Ontsluiting voor de auto Maaiveld parkeerplaatsen Parkeergarage laagste niveau Route laagste parkeergarage Parkeergarage hoogste niveau Route hoogste parkeergarage Parkeerplaatsen niveau hoogste parkeergarage Route logistiek Fietsparkeren
Toegang (o.a. voor leveranciers) aan de Bergweg
Entrees, ontsluiting en parkeren
Fietsparkeren aan de Bergweg Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
51
5 Beleidsanalyse Dit deel van de bijlage bevat een overzicht van het belangrijkste gemeentelijke beleid met betrekking tot de ontwikkeling van de voormalige NCRV-locatie aan de Bergweg / Schuttersweg. Het geldende omgevingsplan staat niet in deze bijlage maar maakt onderdeel uit van het hoofddocument.
5.1 Omgevingsvisie Hilversum 2040 In de Omgevingsvisie Hilversum 2040 worden zes ruimtelijke hoofdkeuzes en negen leidende principes benoemd. De hoofdkeuzes zijn langs drie invalshoeken, uitgewerkt in opgaven, normen, doelen en de belangrijkste maatregelen, drie opgaven benoemd: Duurzaam, Actief en Meedoen. Daarnaast is ruimtelijke kwaliteit een belangrijk afwegingskader. Onder ‘Actief’ is als doel benoemd: “meer ruimte voor werk op bestaande werklocaties, in het centrum en in de wijken”. Het streven is om de oppervlakte werkruimte te laten groeien met 51,5 ha en een groei van het aantal banen met 1% per jaar. Er wordt kritisch gekeken naar het transformeren van werkruimte naar wonen. Onder de opgave ‘Meedoen’ is als doel benoemd: “Realiseren van voldoende geschikte en betaalbare woningen”. Het streven is om 6.000 woningen toe te voegen (tot 2040). Daarbij wordt ingezet op kleinere, levensloopbestendige woningen voor doorstroming en verspreiding van sociale huurwoningen over alle wijken. Onder ‘Duurzaam’ is als doel benoemd: “De overgang naar een voor iedereen toegankelijk systeem van duurzame energie versnellen en intensiveren” en “Meer (her)gebruik van materialen”. Het streven is onder meer dat nieuwbouw zo mogelijk energiepositief en maximaal circulair is. De omgevingsvisie zet bij de opgaven in op ruimtelijke kwaliteit.
Dat uit zich in het borgen en benutten van erfgoed, synergie in ruimtegebruik (meervoudig ruimtegebruik) en leefbaarheid. Geconcludeerd kan worden dat wonen én werken belangrijk zijn voor Hilversum en voor beide ruimte nodig is binnen het bestaand stedelijk weefsel. We staan kritisch tegenover transformatie van werken naar wonen, omdat het ene belang niet ten koste mag gaan van het andere. Daarnaast richten we ons bij toevoeging van woningen op betaalbare woningen, sociale huur en doorstroming. De inzet op verspreiding van sociale huurwoningen over alle wijken betekent voor het Noordwestelijk villagebied, waar de Bergweg onderdeel van is, dat hier met name sociale huurwoningen toegevoegd zouden moeten worden.
52
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
5.2 Visie Noordwestelijk villagebied (2002) In de Visie Noordwestelijk Villagebied zijn de te beschermen waarden en de afwijkende elementen die een bedreiging vormen voor het in stand houden van die waarden, beschreven. Dit is gedaan op basis van het ontstaan en de ontwikkeling van het gebied en het ruimtelijke karakter ervan. De bescherming van het villapark richt zich met name op de eerste ontwikkelingsfase tot ongeveer 1960. De reparatie, de corrigerende elementen uit de visie, richt zich vooral op de jongste periode, vanaf ongeveer 1960. Op basis van stedenbouwkundige, ruimtelijke en cultuurhistorische karakteristieken is het Noordwestelijk Villagebied in de ruimtelijke visie opgedeeld in vier deelgebieden. Het plangebied voor de Bergweg ligt in het gebied Zuidelijk deel Boomberg. Voor heel het villagebied wordt aangegeven dat bescherming niet betekent: het bevriezen van de huidige situatie. In plaats daarvan moet worden geanalyseerd welke elementen de karakteristieken van het gebied positief of negatief beïnvloeden. Wel is de algemene richtlijn, voor het gehele Noordwestelijk Villagebied, dat er geen verdere verdichting plaatsvindt. Voor de locatie Bergweg beschrijft de visie dat grootschalige bebouwing is ontstaan, die structuurverstorend is. Deze bebouwing zou gesplitst mogen worden, zodat de structuur gerepareerd kan worden.
Daarbij staat dat de niet waardevolle aanbouwen mogen worden gescheiden van het monumentale deel (de voormalige NCRV studio, in 2002 als rijksmonument aangewezen) van het complex. Op basis van de visie is het gebied in 2007 aangewezen als Rijksbeschermd stadsgezicht. De te beschermen waarden zijn vervolgens in het bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk Villagebied (2010) juridisch geborgd.
5.3 Cultuurhistorie Het gehele plangebied is gelegen in het rijksbeschermde stadgezicht ‘Noordwestelijk Villagebied’. Door het aangrenzende Boombergpark (gemeentelijk monument) en de aanwezigheid van veel historische panden in de buurt is er sprake van een hoog monumentale omgeving. Op het perceel staan twee rijksmonumenten: het voormalige NCRV-complex (Schuttersweg 10) en de villa Henrietta (Schuttersweg 8). Beide zijn hieronder met een blauwe ruit op kaart aangegeven. Daarnaast is de toegangspoort aan de oostzijde van het perceel aangewezen als gemeentelijk monument.
Rijksmonument
(de ander gebouwen / gebieden zijn gemeentelijke monumenten)
Beschermd stadsgezicht Noordwestelijk Villagebied Rijksmonumenten Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
53
5.4 Economisch beleid Economisch Perspectief 2040 Het Economisch Perspectief 2040 is in 2021 door de raad vastgesteld als bouwsteen voor de Omgevingsvisie. Hierin is beschreven dat het creëren van meer ruimte voor bedrijvigheid een belangrijke opgave is. Door het structurele tekort aan ruimte voor bedrijvigheid kunnen nieuwe ondernemingen zich niet altijd vestigen in Hilversum en hebben bestaande bedrijven geen ruimte om uit te breiden. De afgelopen tien jaar is er met name daardoor een netto krimp van de Hilversumse economie (uitgedrukt in werkgelegenheid) geweest van twee procent (ten tijde van het opstellen van het Economisch Perspectief 2040), terwijl de meeste gemeenten in Nederland cijfers in de plus hebben genoteerd – de gemiddelde Nederlandse groei kwam uit op +7,1 procent. Wanneer uit wordt gegaan van een gezonde economische ontwikkeling in Hilversum, vraagt dit om meer ruimte voor bedrijvigheid: ruim 38 hectare op bedrijventerreinen en ruim 130.000m² op overige locaties in Hilversum. In het Economisch Perspectief worden drie soorten locaties onderscheiden: bedrijventerreinen, formele kantoorlocaties en informele kantoorlocaties. De Bergweg is een informele kantoorlocatie. In Hilversum is er een ruimtebehoefte voor dit type locatie. Citaat uit het Economisch Perspectief: “Transformatie naar andere functies zoals wonen ligt op de loer door de woningnood.
Toch is het zeer onverstandig om dit op zowel formele werklocaties (bedrijventerreinen en kantoorlocaties) als informele werklocaties toe te laten, want Hilversum heeft al te weinig werklocaties en transformatie kan vrijwel niet meer ongedaan gemaakt worden. Er zijn juist meer werkplekken op formele en informele werklocaties nodig. [...] Wanneer er dan toch transformatie van werklocaties plaatsvindt, dient het verlies volledig binnen de gemeente gecompenseerd worden.” Geconcludeerd kan worden dat transformatie van (een deel van) het perceel/de bebouwing naar wonen niet past binnen het Economisch Perspectief 2040.
5.5 Welstandsnota In de Welstandsnota, herziening 2022 is Hilversum in een aantal verschillende gebieden opgedeeld en gelden er over de stad verspreid verschillende niveaus van welstand. De locatie Schutterweg - Bergweg valt binnen het gebied “Beschermd gezicht Stedelijk Villagebied” (3D) en kent het welstandsniveau “Beschermd”. Daarbij wordt het voormalige studiogebouw aangeduidt als bijzonder en markant gebouw en de Peerlkamplaan als historische lange lijn. Ligging • het groene parkachtige karakter van het villagebied behouden en versterken • voorgevellijnen verspringen ten opzichte van elkaar • hoofdgebouwen zijn nadrukkelijk georiënteerd op de belangrijkste openbare ruimte, en hebben zo nodig een dubbele oriëntatie • bijgebouwen staan bij voorkeur uit het zicht en achter de voorgevellijn • doorzichten waar mogelijk behouden • garages liggen bij voorkeur zes meter achter de voorgevellijn • verharding van voortuinen voor bijvoorbeeld inritten is in principe ongewenst
54
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
Massa • gebouwen zijn individueel, afwisselend en gedifferentieerd of maken deel uit van een samenhangend ensemble • gebouwen hebben een duidelijke compacte hoofdmassa • villa’s bestaan uit een onderbouw tot twee lagen met een nadrukkelijke kap • de begane grondlaag is hoger dan de hoogte van de verdiepingen • de gevelcompositie harmonieert met de statige en monumentale opbouw van panden in de omgeving • de gevelopbouw van gebouwen in geleding, verhouding en detaillering afstemmen op gangbare gevelopbouw van (monumentale) panden in de omgeving • gevels zijn gedifferentieerd en representatief • ontwerpaandacht voor (deel)symmetrie • uitbreidingen als aanbouwen en dakkapellen vormgeven als ondergeschikt element of opnemen in de hoofdmassa • bijgebouwen zijn ondergeschikt aan het hoofdgebouw Architectonische uitwerking en detaillering • detaillering is gevarieerd en zorgvuldig, sober tot zeer rijk en per gebouw of ensemble in samenhang • individuele gebouwen in een ensemble voegen zich naar het geheel • gebouwen hebben een rijke uitstraling • bakstenen gevels zijn bij voorkeur voorzien van siermetselwerk • gevelopeningen zijn voornamelijk staand • uitgangspunt zijn traditioneel Hollandse houten kozijnen en profileringen
Materiaal en kleur Legenda structuurkaarten per deelgebied • materialen en kleuren zijn traditioneel, bij voorkeur in harmonie met omgeving bebouwing van baksteen en bij uitzonderingtyperende van stucwerk of houten rabatdelen • gevels zijn grens deelgebied daken zijn gedekt met keramische pannen, leien of riet binnenstedelijk • hellende stedenbouwkundige verbijzonderingen zijnmet bijzichtlijnen voorkeur van hout • kozijnen accent dorps, vroege uitbreidingen • daken en gevels zijn voornamelijk in aardkleuren kleinschalig villagebied ensemble Legenda structuurkaarten gevels zijn lichtper vandeelgebied kleur en bij voorkeur (crème)wit • gepleisterde villapark samenhangende straatwanden, gevels geschilderd in traditionele kleuren als crèmewit en • kozijnen en ander houtwerk is in het algemeen tuinwijk typerende bebouwing structurerende lijnen: grens deelgebied Legenda structuurkaarten per deelgebied donkergroen en per deelgebied tuindorp (zakelijk / middenstand) binnenstedelijk ontstaanverbijzonderingen / oorspronkelijke wegen en paden stedenbouwkundige
grens deelgebied
typerende bebouwing grens ontworpen wegen en straten grens deelgebied accentdeelgebied met zichtlijnen
binnenstedelijk stedenbouwkundige stedenbouwkundige verbijzonderingen ruimte: ensembleverbijzonderingen stedenbouwkundige verbijzonderingen
accent met zichtlijnen
dorps, uitbreidingen accent met zichtlijnen stedelijk niveau accentvroege met zichtlijnen samenhangende straatwanden, gevels ensemble wijkniveau ensemble structurerende lijnen: struturerende lijnen: structurerende lijnen: kleinschalig villagebied
n en paden
dorps, vroegewederopbouwperiode, uitbreidingen tuinstedelijk gestapeld dorps, vroege uitbreidingen villapark kleinschalig villagebied het nieuwe bouwen: stroken en stempels kleinschalig villagebied tuinwijk villapark het nieuwe bouwen: gestapeld villapark tuindorp (zakelijk / middenstand)
ontworpen wegen en straten
tuinwijk woonerven tuinwijktuinstedelijk vooroorlogs overig
tuinwijk structurerende lijnen: enwegen stadsrand groenverbinding structurerende lijnen: ontworpen en straten
tuindorp / middenstand) ontstaan oorspronkelijke wegen bijzondere bebouwing: ontstaan //(zakelijk oorspronkelijke wegen en en paden paden ruimte: bijzondere bebouwing
tuindorp (zakelijk middenstand) inbreidingslocaties stadsvernieuwing tuindorp (zakelijk // en middenstand) tuinstedelijk wederopbouwperiode
belangrijke functie en markant
overig tuinstedelijk vooroorlogs recente nieuwbouwlocaties overig tuinstedelijk vooroorlogs tuinstedelijk wederopbouwperiode, gestapeld
markant, opvallend
tuinstedelijk wederopbouwperiode toekomstige nieuwbouwlocaties tuinstedelijk wederopbouwperiode het nieuwe bouwen: stroken en stempels
belangrijke functie
tuinstedelijk wederopbouwperiode, gestapeld kantoren tuinstedelijk wederopbouwperiode, gestapeld het nieuwe bouwen: gestapeld
overig tuinstedelijk vooroorlogs ontworpen wegen straten belangrijke functie en markant ontworpen wegen en straten stedelijk niveau ruimte: ruimte:
binnenstedelijk tuinstedelijk wederopbouwperiode binnenstedelijk kleinschalig villagebied
oorspronkelijke wegen en paden
villapark samenhangende straatwanden, gevels samenhangende straatwanden, gevels buurtniveau ontstaan / oorspronkelijke wegen en paden
gevels
typerende overig vroege tuinstedelijk vooroorlogs typerende bebouwing bebouwing dorps, uitbreidingen
tuinstedelijk wederopbouwperiode markant, opvallend wijkniveau tuinstedelijk wederopbouwperiode, gestapeld stedelijk belangrijke functie stedelijk niveau niveau buurtniveau
het nieuwe bouwen: stroken en stempels wijkniveau overige bebouwing wijkniveau typerende bebouwing stadsrand en groenverbinding
het nieuwe bouwen: gestapeld
het nieuwe bouwen: gestapeld buurtniveau hoofdgebouw buurtniveau bijzondere bebouwing:
woonerven stadsrand groenverbinding ondergeschikte bebouwing stadsrand en enfunctie groenverbinding belangrijke en markant inbreidingslocaties en stadsvernieuwing bijzondere ondergrondse bebouwing bijzondere bebouwing: bebouwing: markant, opvallend recente nieuwbouwlocaties belangrijke functie en markant markant belangrijke functie en toekomstige nieuwbouwlocaties markant, markant, opvallend opvallend overige bebouwing kantoren belangrijke functie belangrijke functie hoofdgebouw
het media het nieuwe nieuwe bouwen: bouwen: stroken stroken en en stempels stempels woonerven het bedrijven het nieuwe nieuwe bouwen: bouwen:engestapeld gestapeld inbreidingslocaties stadsvernieuwing woonerven woonerven recente nieuwbouwlocaties
Uitsnede structuurkaart - Welstandsnota - Gebied 3D
inbreidingslocaties en stadsvernieuwing stadsvernieuwing inbreidingslocaties en toekomstige nieuwbouwlocaties
Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
recente nieuwbouwlocaties recente nieuwbouwlocaties kantoren
toekomstige toekomstige nieuwbouwlocaties nieuwbouwlocaties media kantoren kantoren bedrijven
55
5.6 Groenbeleid Programma Groen Hilversum 2040 In december 2022 heeft de gemeenteraad het Programma Groen Hilversum 2040 vastgesteld. Het programma bevat drie doelen, gericht op: biodiversiteit, klimaatbestendigheid en vitaliteit. Eén van de genoemde inspanningen is om van buiten naar binnen te werken: vanuit de randen van Hilversum kunnen we het buitengebied met het centrum verbinden. De Bergweglocatie ligt binnen een ecologische verbindingszone en de Schuttersweg is onderdeel van de hoofdbomenstructuur. Geconcludeerd kan worden dat deze locatie een belangrijk onderdeel vormt van de groene (hoofd) structuur van Hilversum. Als gevolg daarvan is extra verstening en bebouwing niet wenselijk. Een ontwikkeling op deze plek moet een bijdrage leveren aan (één van) de drie doelen van het Programma Groen. Natuurinclusief bouwen Een gebouw biedt niet alleen onderdak aan mensen, maar kan ook de verblijfplaats zijn van dieren zoals mussen, gierzwaluwen of vleermuizen. In november 2021 heeft de gemeenteraad de leidraad natuurinclusief bouwen vastgesteld. Deze leidraad helpt om natuurinclusief te bouwen op basis van omvang en locatie van het nieuwbouwproject. Op deze manier zorgen we ervoor dat Hilversum een goede leefomgeving blijft voor de huismus, gierzwaluw en vleermuis.
5.7 Waterbeleid Gemeentelijk Watermanagementplan 2021-2026 Bij hevige regen kan het niet anders dan dat er tijdelijk water op straat staat, maar dit mag geen schade aan gebouwen geven. In het plan staat hoe gemeente Hilversum dit wil voorkomen. Ook staat in het plan welke gemeentelijke watertaken de komende jaren nog meer worden uitgevoerd. Verder komt het vervangen van de riolering in het plan aan de orde. In het watermanagementplan staan ook regels om wateroverlast tegen te gaan bij bouwontwikkelingen. In Hilversum geldt voor alle nieuw-, aan- en verbouwingen dat de eerste 60mm die in 1 uur op de daken en verharding valt op te slaan of te infiltreren op eigen terrein. Dit water kan weer hergebruikt worden. Daarnaast moet minimaal 20mm neerslag dat in 1 uur valt ter plekke rondom de woning worden vastgehouden zonder schade te veroorzaken.
56
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
5.8 Woonbeleid Woonvisie 2021-2030 De Woonvisie 2021-2030 is in juli 2021 vastgesteld door de raad. Hierin is opgenomen dat er tot 2030 3.000 woningen worden toegevoegd. Hiervan moet minimaal 33% in het sociale huursegment vallen en 50% in het middeldure segment (waarvan maximaal 50% koop tot de NHG-grens). Hierop is ook deze collegebrief van toepassing. Specifiek voor de wijk Noordwest is als indicatie gegeven om in te zetten op woningsplitsing, de nadruk te leggen op sociale huur en woonzorgaanbod toe te voegen. Ook biedt deze plek kansen voor een geclusterde woonvorm (p. 27 en p. 28 en specifiek voor Noordwest op p.30 woonvisie). Geconcludeerd kan worden dat een eventueel woonprogramma op deze plek in ieder geval moet voldoen aan de verdeling in segmenten die voor alle nieuwbouwwoningen in Hilversum geldt, of een maatwerkverdeling, waarbij de nadruk ligt op het toevoegen van sociale huur en/of woonzorgaanbod. Zowel sociale als middeldure huurwoningen dienen gedurende een termijn van tenminste 25 jaar na de eerste ingebruikname voor de betreffende doelgroep beschikbaar te blijven. Voor middeldure koopwoningen geldt een zelfbewoningsplicht.
5.9 Mobiliteitsbeleid Mobiliteitsvisie 2040 De mobiliteitsvisie 2040 (vastgesteld april 2021) zet erop in dat Hilversum ook in de toekomst bereikbaar en leefbaar blijft. Duurzaamheid, groen, innovatief en veilig zijn de sleutelwoorden. Hierdoor kan Hilversum in 2040 een prettige stad blijven om in te wonen, te leven, te werken en om te bezoeken. De omgeving is nog steeds aangenaam en groen. Het ‘dorpse’ karakter van Hilversum blijft behouden. In de mobiliteitsvisie houden we rekening met nieuwe ontwikkelingen waar we op moeten inspelen of waar we gebruik van kunnen maken. Voorbeelden hiervan zijn verwachte demografische ontwikkelingen en technologische oplossingen waar we in de toekomst voordeel van kunnen hebben. Uitvoeringsagenda mobiliteitsvisie In de Uitvoeringsagenda Mobiliteit worden elf deelprojecten met concrete maatregelen benoemd om de doelen uit de mobiliteitsvisie te halen. Deelprojecten die op de Bergweg van toepassing zijn, zijn: • Betere faciliteiten voor langzaam vervoer • Verbeteren verkeersveiligheid rondom scholen en sportparken • Samenwerken met bedrijven en verkleinen in- en uitgaande pendel Voor de eventuele ontwikkeling van de Bergweg is het met name van belang dat het aantal vervoersbewegingen van motorvoertuigen niet onevenredig toeneemt en de verkeersveiligheid minimaal gelijk blijft en bij voorkeur verbetert.
Het stimuleren van het gebruik van de fiets kan hier een belangrijke bijdrage aan leveren. Parkeerbeleid en normen Bij ontwikkelingen binnen de gemeente Hilversum zal aan het geldende parkeerbeleid en de parkeernormen voldaan moeten worden. Voor de parkeernormering valt het plangebied van het Bergweg/ Schuttersweg binnen het gebied ‘rest bebouwde kom’. Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
57
5.10 Duurzaamheidsbeleid In de Omgevingsvisie Hilversum 2040 is Duurzaam als één van de drie centrale opgaven voor Hilversum benoemd. Hierin zijn ambities opgenomen die van belang zijn bij gebiedsontwikkelingen zoals deze ontwikkeling op het gebied van de vml NCRV studio. Dit betreft met name de ambities om bij gebiedsontwikkeling te komen tot een energiepositieve (netto energie-opleverende) ontwikkeling en tot het sluiten van kringlopen en zoveel mogelijk toepassen van circulaire en /of biobased bouwmaterialen. Om invulling te geven aan deze ambities in de Omgevingsvisie is Hilversum deelnemer geworden in het Convenant Toekomstbestendig Bouwen, voor ambitieniveau zilver. Convenant Toekomstbestendig Bouwen Het convenant (zie www.toekomstbestendigbouwen.nl) richt zich op zes deelonderwerpen van toekomstbestendigheid en duurzaamheid. De zes onderwerpen zijn: Energie, Circulariteit, Mobiliteit, Klimaatadaptatie, Groen, Gezondheid. Dit is voor alle zes de onderwerpen uitgewerkt in een toetsingskader voor de ambitieniveaus brons, zilver en goud. Voor de deelonderwerpen Groen, Mobiliteit en Klimaatadaptatie is elders het Hilversumse beleid waarmee rekening dient te worden houden weergegeven.
Voor energie zijn de convenant-ambities op niveau zilver: • BENG 1: Grondgebonden: ≤ 52,5; Gestapeld: ≤ 60 • BENG 2: Grondgebonden: ≤ 0; Gestapeld: ≤ 17,5 • BENG 3: Grondgebonden: ≥ 125; Gestapeld: ≥ 80 Voor circulariteit zijn de convenant-ambities op niveau zilver: • MPG: Grondgebonden: ≤ 0,40; Gestapeld: ≤ 0,45 • Massapercentage hernieuwbaar, hergebruikt, gerecycled: Grondgebonden: ≥ 45; Gestapeld: ≥ 40 • Materiaalgebonden CO2-uitstoot, kg CO2-eq / m2 BVO: Grondgebonden: ≤ 126; Gestapeld: ≤ 139 • Percentage losmaakbaarheid: Grondgebonden: ≥ 75; Gestapeld: ≥ 70 • Rapporteer de materiaalgebonden CO2-opslag. Voor gezondheid zijn de convenant-ambities op niveau zilver: • Ten minste 95% van de toegepaste materialen is vrij van toxische stoffen. • De mate van het kunnen voorkomen van oververhitting in de zomer is genormeerd, nl de TOjuli is kleiner of gelijk aan 1,2 • De geluidsbelasting op de gevel is gemiddeld per etmaal zo laag mogelijk. • De jaargemiddelde fijnstofconcentratie PM2,5 is zo laag mogelijk. • De afvoercapaciteit van de kookafzuiging is zo hoog mogelijk. Netbewuste nieuwbouw Netbeheerder Liander heeft mondeling aan de gemeente verzocht om in gebiedsontwikkelingen aan te dringen op een ontwikkeling die geen onnodig beslag legt op de netcapaciteit voor elektriciteit en aangekondigd dat ze dit nog als formele vraag schriftelijk zullen neerleggen.
Sinds oktober 2023 is er sprake van netcongestie in Hilversum en komen aanvragen voor nieuwe grootverbruikaansluitingen en aanvragen voor uitbreiding van bestaande grootverbruikaansluitingen op een wachtlijst. Enerzijds biedt een integrale benadering van de energievoorziening, in lijn met de door de netbeheerders opgestelde Ontwerpprincipes voor netbewuste nieuwbouw, een kader om de ontwikkeling indien mogelijk binnen de bestaande netaansluitingen te realiseren. Anderzijds draagt een netbewuste ontwikkeling bij aan het verkleinen (of in ieder geval niet onnodig vergroten) van de netcongestie problematiek. Hiermee is een netbewust ontwerp dus zowel wenselijk vanuit het belang van de initiatiefnemer als vanuit het publieke belang om de netcongestie te verminderen. 58
Gemeente Hilversum - Afdeling Leefomgeving
Planuitwerkingskader Bergweg, voormalige NCRV-locatie
59
6 Voorbeelden ruimtelijke modellen Om de ruimtelijke onderdelen van de visie te onderzoeken zijn een aantal, nog zeer schetsmatige, voorbeeld ruimtelijk modellen gemaakt die inzicht geven in de mogelijkheden en flexibiliteit voor de verdere uitwerking welke geboden worden in dit PUK. Het PUK is niet het stadium om hierin een keuze te maken. De verdere uitwerking en voorstel voor een ruimtelijk model vinden plaats in het kader van het locatieontwikkelplan.