NEO RBO - De flexibele kracht van de Verhalenfabriek (toegevoegd 11 oktober 2024)
Tekst van het document
1995
2016
'96-16
96-01
'02-08
'09-13
'14-16
64 41 25 29 54 85 109 66 56 446 83 6.747
21 26 29 31 192 128 91 94 95 484 223 8.194
-5,4 -2,3 0,7 0,3 6,5 2,1 -0,9 1,8 2,7 0,4 5,1 1,0
-4,7 -1,7 2,5 14,1 16,4 4,7 -0,2 0,3 2,5 0,7 15,6 2,2
-2,9 -0,4 -0,5 -6,8 2,8 1,8 -1,2 2,6 4,3 0,9 0,3 0,9
-7,8 -4,2 -0,7 -4,5 0,7 -0,5 -1,9 2,2 1,1 -0,8 -0,2 -0,4
-6,9 -3,6 2,4 0,0 4,3 1,1 0,4 1,8 1,1 0,5 3,7 0,6
1,0
2,4
0,9
-0,4
0,6
Toegevoegde waarde Nederland 7.276 8.901 *Inbegrepen bij IT-dienstverlening Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
Figuur 3.2 Ontwikkeling toegevoegde waarde van de Nederlandse economie, creatieve industrie, en de film, radio en televisiesector in 1995-2016, constante prijzen Index, 1995 = 100 160 150 140 130 120
110 100 1995
2000
Nederland totaal
2005
2010
Film, radio en TV
2015
Creatieve industrie totaal
Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
24
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 3.3 Ontwikkeling werkgelegenheid van de film, radio en televisiesector in 1995-2016, in aantal werkzame personen Index, 1995 = 100 125
120
115
110
105
100 1995
2000
Nederland totaal
2005
2010
Film, radio en TV
2015
Creatieve industrie totaal
Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
3.2 Ontwikkeling naar afzetmarkt: zakelijk, consumenten en export Uit het voorgaande bleek dat de IT sector een krachtige groei heeft vertoont. De telecom heeft haar positie door digitalisering verloren, maar IT-diensten en diensten op het gebied van informatie (webhosting, webportals, dataprocessing etc.) maken dit meer dan goed. De FRTV-sector heeft een interessante dynamiek laten zien: verlies van positie, maar herstel vanaf 2010, juist na de crisis van 2009. Kennelijk is de sector door de crisis gedreven op zoek gegaan naar nieuwe verdienmodellen. In deze paragraaf wordt de ontwikkeling van de afzet van de IT industrie, de creatieve industrie en de film, radio en TV sector over de periode 1995-2016 beschouwd. Deze afzet is verdeeld naar de zakelijke markt, de consument, export, afzet creatieve industrie en afzet CT. Deze laatste afzetcategorie is van belang, omdat deze de onderlinge uitbestedingen en toeleveranties in de sector zelf laat zien. Uit dit algehele beeld blijkt waar de inkomstenbronnen van de onderscheiden sectoren liggen en hoe deze in de loop van de tijd ontwikkelden. De afzet van de IT sector De IT sector heeft over de periode 1995-2016 met name op de binnenlandse zakelijke markt geleverd. In 1995 lag deze afzet nog onder de 4 miljard euro (figuur 3.4); dit bedrag loopt snel op tot tegen de 10 miljard rond 2001, toen de dot.com zeepbel knapte.
Echter, daarna groeit deze afzet in een lager tempo en stapsgewijs door tot 14 miljard in 2016 (tabel 3.3). De ontwikkeling van de binnenlandse zakelijke markt is niet de echte verrassing van deze sector: dat is de explosieve groei van de export van nog geen 2 miljard in 1995 tot ruim 12 miljard in 2016. De export is lang de derde afzetcategorie, maar vanaf 2010 (!) stijgt deze snel en benadert de omvang van de binnenlandse zakelijke markt, namelijk ruim 12 miljard (figuur 3.4). De afzet aan consumenten neemt net als de andere markten toe tot ongeveer 2008, maar daarna neemt de afzet aan binnenlandse consumenten af. Daarentegen neemt de afzet aan de creatieve industrie en de IT sector toe na 2009 en versnelt dat in de recente hausse. Dat zijn ook onderlinge uitbestedingen waarin kleine bedrijven en de zzp-er een sleutelrol spelen.
25
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Tabel 3.3 Omvang, structuur en groei van de afzet van de IT sector, 1995-‘16 en 2014-‘16 2016-1995, euro, x 1000
1995-2016
2014-2016
ICT Euro Afzet CI, ICT 8.490 Overig afzet binnenland 13.924 export 12.390 Consumenten 7.810 Overheid, non-profit Investeringen, marges 8.088 Omzet 50.702 Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
Aandeel in omzet, %
Euro x 1000, 2016
Omvang in miljoen Euro, constante prijzen 2016, structuur 2016, gemiddelde jaarlijkse groei in procenten
% 17 27 24 15
Euro 7.585 10.406 10.741 5.809
Gem. j. groei % 11,8 7,1 10,6 7,0
% 10,8 3,6 10,8 1,9
16 100
6.875 41.415
10,0 8,9
11,0 7,2
Figuur 3.4 Ontwikkeling afzet van ICT diensten aan creatieve industrie/ICT, zakelijk binnenlands, consumenten binnenland en export Miljoen Euro, in constante prijzen 2016 16000 14000 12000 10000 8000
6000 4000 2000 0 1995
Afzet aan CI/ICT
2000
2005
Afzet overig binnenland
2010
2015
Export
Consumenten
Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
De afzet van de creatieve industrie Voor de creatieve industrie zijn binnenlandse zakelijke afnemers de voornaamste afzetmarkt: reclame, architectuur en ingenieurs voor bedrijven en de overheid. De ontwikkeling tot 2001 (figuur 3.5) vertoont enige gelijkenis met die van de IT sector: de afzet aan zakelijke afnemers en consumenten groeien in proportie. De afzet aan consumenten taant echter na 2008 en krimpt, en neemt weer toe in de huidige hoogconjunctuur. De afzet aan de zakelijke markt neemt na 2001 toe tot 20 miljard in 2009 (figuur 3.5) en na een jarenlange stagnatie komt deze afzet uit op tegen de 20 miljard in 2016 (tabel 3.4). De export groeit heel geleidelijk van 3,5 miljard in 1995 tot 5,5 miljard 26
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Tabel 3.4 Omvang, structuur en groei van de afzet van de creatieve industrie 2016-1995, euro, x 1000
1995-2016
2014-2016
Creatieve industrie Euro Afzet CI, ICT 10.636 Overig afzet binnenland 19.774 export 7.087 Consumenten 6.317 Overheid, non-profit 1.675 Investeringen, marges 10.810 Omzet 56.299 Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
Aandeel in omzet, %
Euro x 1000, 2016
Omvang in miljoen Euro, constante prijzen 2016, structuur 2016, gemiddelde jaarlijkse groei in procenten
% 19 35 13 11 3 19 100
Euro 1.656 5.052 3.606 -1.254 1.378 3.880 14.317
Gem. j. groei % 0,8 1,5 3,6 -0,9 9,0 2,2 1,5
% 2,4 1,5 9,8 -0,5 5,2 2,2 2,6
Figuur 3.5 Ontwikkeling afzet van creatieve diensten aan creatieve industrie/ICT, zakelijk binnenlands, consumenten binnenland en export Miljoen Euro, in constante prijzen 2016 25000
20000
15000
10000
5000
0 1995
Afzet aan CI/ICT
2000
2005
Afzet overig binnenland
2010
2015
Export
Consumenten
Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
euro in 2014; in 2015 groeit deze explosief vanwege de vestiging van Netflix in Nederland die voor soortgelijk bedrag importeert en weer exporteert (figuur 3.5). In 2016 stijgt de export echter door. De afzet aan de creatieve industrie/ICT stagneert echter na 2009, en neemt recent bescheiden toe, maar bereikt nog niet het peil van 2001.
27
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek De afzet van de film, radio en TV sector De film, radio en TV sector heeft een duidelijk afwijkend patroon dan de IT sector of de gehele creatieve industrie. De afzet aan de creatieve industrie/ICT structureel de grootste afzetcategorie (tabel 3.5, figuur 3.6). De grootste categorie daarin is de reclame, gevolgd door onderlinge leveringen in de FRTV-sector zelf; dat zijn de transacties voor het inhuren van capaciteit en het uitbesteden en toeleveren van onderdelen van film, radio en TV-producties. Deze namen de laatste jaren sterk toe, evenals de afzet aan de reclame. Dit verloop over de tijd is opvallend (figuur 3.6). Het neemt af vanaf 2008 tot een dieptepunt in 2012. Daarna stijgt de afzet aan de creatieve industrie/ICT (waaronder de FRTV-sector zelf, onderlinge uitbesteding en toelevering) echter weer vlot – de sector heeft eerst bezuinigd op elkaar, heeft zich geheroriënteerd rond 2010-2012 en daarna nemen de onderlinge uitbestedingen weer fors toe. De afzet aan de zakelijke markt is gegroeid in de jaren negentig van de vorige eeuw, maar deze groei stagneerde vanaf 2001 en kromp enigszins. De afzet aan deze markt groeit echter vanaf 2010, terwijl die aan consumenten na 2009 stagneert en alleen in recente jaren enige groei laat zien.
De media-uitgaven van het Rijk ligt nu rond de één miljard, en is op de lange termijn betrekkelijk constant, hoewel deze rijksbijdrage tussen 2007 en 2013 met circa 100 miljoen is afgenomen. Recent namen deze weer toe. Uit de Mediabegroting van het Rijk is wel de structuur bekend (zie bijlage B1), maar daaruit kon niet achterhaald worden wat de reden is van deze recente toename. Duidelijk is dat er meer posten zijn, die waarschijnlijk niet allemaal rechtstreeks ten goede komen aan de FRTV sector danwel de FRTV-sector in Hilversum. Wel bleek dat de media-uitgaven van het Rijk volgens het CBS sporen met de cijfers van de Mediabegroting. De export daalde tussen 2001 en 2010, maar neemt daarna weer toe, los van enorme toename van ongeveer 1 miljard uit de doorvoer van Netflix diensten via Nederland.
Tabel 3.5 Omvang, structuur en groei van de afzet van de FRTV
2014-2016
1995-2016
2016-1995, euro, x 1000
Aandeel in omzet, %
Euro x 1000, 2016
Omvang in miljoen Euro, constante prijzen 2016, structuur 2016, gemiddelde jaarlijkse groei in procenten
2016 Gem. j. groei Film, radio, TV Euro % Euro % % Afzet CI, ICT 2.061 32 92 0,2 6,4 Overig afzet binnenland 785 12 435 4,1 4,2 Export* 1.671 26 1.476 11,4 71,1 Consumenten 610 10 -607 -3,4 0,8 Media-uitgaven Rijk 1.021 16 1.021 6,2 Investeringen, marges 268 150 4,2 10,4 Omzet 6.416 100 2.568 2,6 13,5 *toename grotendeels toe te schrijven aan Netflix (doorvoer van rechten op producties via het Europese hoofdkantoor in Nederland) Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
28
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 3.6 Ontwikkeling afzet van de radio, TV en filmsector aan creatieve industrie/ICT (waaronder de FRTV-sector zelf), zakelijk binnenlands, consumenten binnenland en export, alsmede de media-uitgaven Rijk Miljoen Euro, in constante prijzen 2016 2500 2000 1500 1000 500 0 1995
2000
2005
2010
Afzet aan CI/ICT
Afzet overig binnenland
Export
Consumenten
2015
Media-uitgaven Rijk
Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
Figuur 3.7: Onderlinge leveringen per bedrijfstak in de creatieve industrie, 2016, In procenten van het binnenlands verbruik
Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
29
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek
3.3 Onderlinge structuur van de ICT, creatieve industrie en FRTV-sector Een wezenlijk kenmerk van clusters van bedrijvigheid is de wederzijdse afhankelijkheid van de bedrijven door toelevering en uitbesteding in een zogeheten productiekolom. Dit verschijnsel wordt belicht, omdat door deze relaties twee zaken zichtbaar worden. Ten eerste het verdienmodel over de tijd; over de tijd geven de relaties aan wat het verdienmodel is. Ten tweede is het effect van toeleveren en uitbesteden: bedrijven worden flexibeler. In plaats van productie binnen het bedrijf worden allerlei stappen in het productieproces ingekocht (uitbesteed) bij bijvoorbeeld zzp’ers. Interne aansturing en levering van diensten aan collega’s wordt vervangen door een contract tussen twee bedrijven. Risico’s worden zo geëxternaliseerd naar het toeleverende bedrijf. Het toeleverende bedrijf dekt de risico’s af door voor meer opdrachtgevers te werken. Hierdoor ontstaan veel meer relaties waardoor een systeem van bedrijven ontstaat dat het geheel robuuster, flexibeler en innovatiever maakt. Zo’n systeem van samenhangende bedrijven (een cluster) is daardoor beter in staat digitalisering te overleven en er zelfs beter van te worden. Om het overzichtelijk te houden, wordt dit alleen uitgewerkt vanuit het perspectief van de film, radio en televisiesector.
De FRTV-sector kent een overwegend nationale oriëntatie met een binnenlandse zakelijke markt van circa 2,8 miljard in 2016 (tabel 3.6). Dat is de som van de afzet aan de creatieve industrie (waaronder leveringen aan bedrijven in de FRTV-sector zelf) en ICT sector en de afzet aan andere bedrijfstakken in Nederland. Het blijkt dat samenhang van de film, radio en televisiesector met de creatieve industrie en de ICT, dus van diensten van bedrijven in dezelfde sector, relatief hoog is. Van die 2,8 miljard werd namelijk ruim 2 miljard aan de creatieve industrie (waaronder FRTV) en ICT afgezet, waarvan 1,2 miljard aan de reclame sector en ruim 700 miljoen aan de film, radio en TV sector zelf (onderlinge leveringen van de bedrijven in de FRTV-sector) (tabel 3.6). De FRTV-sector heeft daarmee een sterke verwevenheid met andere domeinen uit de creatieve industrie. Bovendien heeft de sector een relatief hoog gehalte, namelijk ruim 30 procent van de omzet, aan onderlinge leveringen binnen de FRTV-sector zelf (figuur 3.7). De verreweg belangrijkste afnemer van de film, radio en televisiesector is de creatieve industrie zelf, namelijk de reclameindustrie. De reclamesector fungeert als spin in ’t web (intermediair) tussen de consumenten, advertentiezendtijd, adverteerders en FRTV-sector en koopt voor circa 1,2 miljard aan reclameproducties en zendtijd.
De FRTV-sector zelf koopt voor ruim 400 miljoen in bij de kunst- en cultuursector (tabel 3.6), waar creatieve makers zoals artiesten, schrijvers, muzikanten en presentatoren onder vallen. Daarnaast koopt de film, radio en televisiesector voor ongeveer 125 miljoen in bij designers, fotografen en vertalers (tabel 3.6). De sector is daarmee zowel maker als vrager van audiovisuele content. Dit is de laatste jaren toegenomen onder invloed van de aantrekkende economie (tabel 3.7). Binnen de sector creatieve industrie en ICT vormt de ICT dienstverlening de grootste toeleverancier en uitbesteder; het is de grootste en snelst groeiende sector. Tabel 3.6 brengt de relatie tussen deze krachtige groeisector met de creatieve sector en in het bijzonder de film, radio en televisiesector in beeld. De IT diensten zetten in totaal voor 13,6 miljard op de binnenlandse zakelijke markt af (tabel 3.6), waarvan een groot deel aan andere IT-diensten (4,8 miljard). Voorts zet de sector voor ettelijke miljoenen af aan de diensten op het gebied van informatie (396 miljoen), telecom, architecten & ingenieurs en uitgeverijen af. De IT diensten zijn tevens inkoper van creatieve diensten; het blijkt dat zij vooral informatie dienstverlening (bijna 600 miljoen), reclame en marktonderzoek (489 miljoen), design/ fotografie (297 miljoen) en telecom (211 miljoen) inkopen.
De verandering over de tijd geeft de dynamiek in deze onderlinge relaties weer (tabel 3.7, figuur 3.8 met de belangrijkste veranderingen). Deze is in beeld gebracht voor de huidige hoogconjunctuur die vanaf 2013 inzette (figuur 3.8). Dan blijkt dat de grote veranderingen bij de IT-diensten, de 30
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek reclamesector en de film, radio en TV sector te vinden zijn. De FRTV-sector heeft na 2013 de afzet aan de reclame sector zien groeien met 242 miljoen euro, aan elkaar met ruim 100 miljoen en met 41 miljoen aan de IT-diensten. Voorts kocht de film, radio en televisiesector meer in bij de telecomdiensten (zendtijd en -capaciteit), kunst en cultuur (presentatoren etc.), diensten op het gebied van informatie en designers, fotografen en vertalers. De structuur en ontwikkeling van de onderlinge relaties laat zien dat de IT diensten de krachtigste motor van de creatieve industrie zijn. Deze motorfunctie wordt aangevuld door de reclamesector, maar deze sector groeit echter minimaal (zie eerder tabel 3.1), terwijl IT-diensten nog altijd stevig groeien op een substantieel volume. De reclame industrie zit waarschijnlijk nog altijd in een proces van herstructurering onder invloed van de digitalisering. De positie van de FRTV-sector in deze structuur van toeleveren en uitbesteden is interessant (figuur 3.8). Eerder bleek dat de sector in de afgelopen jaren weer een gezonde groei van de toegevoegde waarde en werkgelegenheid liet zien (tabel 3.1) na jaren van stagnatie. Kennelijk overwint de sector de negatieve effecten van de digitalisering.
De sector past aan, en dat is gedreven door de groeiende afzet aan de reclamesector (tabel 3.7), meer onderlinge uitbestedingen en extra afzet aan de IT diensten, juist de krachtige groeisector. De 41 miljoen extra afzet aan IT diensten is voor de ITdiensten bescheiden (tabel 3.7), maar wel substantieel voor de film, radio en televisiesector. Daar profiteren vervolgens de websitebouwers, vertalers en artiesten aantoonbaar weer van (figuur 3.8). De FRTV-sector is niet alleen een producent van digitale content maar ook een vrager van digitale content en producten (figuur 3.8). Het is een veeleisende vrager die gewend is aan het werken in een hoogst concurrerende omgeving die direct wordt afgerekend door de kijkcijfers. Deze veeleisende afnemer is een voorloper en aanjager van innovatie in mediatechnologie en digitalisering. De verklaring voor de toenemende onderlinge leveringen in de eigen sector is de beperkte schaal van bedrijvigheid in de sector en flexibilisering van arbeid. De afgelopen 10 jaar zijn de onderlinge leveringen in de eigen sector toegenomen als gevolg van het uitbesteden van arbeid. Veel makers werken nu als zzp’er in de sector. Schaalverkleining zet vooral in de creatieve industrie de laatste decennia fors door. Het nadeel van een beperkte schaal en kleine bedrijvigheid is de grote oriëntatie op lokale afzetmarkten; export is er niet bij voor de eenmanszaak.
Dat dient te gebeuren door leidende bedrijven in het cluster. De creatieve industrie is een sector die wel internationaal actief is, maar het belang van export is om verschillende redenen beperkt: • De sector produceert overwegend diensten, die moeilijker te exporteren zijn dan goederen. • De creatieve producten van de sector zijn uitdrukkingen van de Nederlandse cultuur en ontlenen juist daar een deel van hun waarde aan. Dat maakt ze moeilijker reproduceerbaar in een internationale context. De rol van de export in de ICT sector is bijvoorbeeld groter omdat het vaker om softwareproducten gaat die internationaal gestandaardiseerd zijn. • De genoemde schaalverkleining Toelichting: de onderstaande tabellen 3.6 en 3.7 geven de stand en ontwikkeling van onderlinge leveringen van de creatieve industrie en de ICT. Horizontaal dient gelezen te worden als voorwaartse leveringen: bedrijven die leveren aan, ofwel wie zijn de afnemers. Verticaal dient gelezen te worden als achterwaartse leveringen: bedrijven kopen in van, ofwel wie zijn de toeleveranciers. De laatste kolom geeft de totale binnenlandse afzet van de bedrijfstakken in de creatieve industrie en ICT.
31
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek
3.240 3.381 2.846 6.766 13.605 2.043 5.671 8.110 4.583 2.579 438.578 688.869 631.032 1.319.901
Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
32
377 572 1.671 1.494 9.970 926 2.264 581 728 894
100 1.387 610 7.042 720 48 69 0 178 3.973
0 0 1.021 0 0 0 0 0 0 654
Omzet
44 40 13 144 25 4 3 52 38 1.226 3.176 3.707 5.838 9.545
Overig
Verbruik binnenland
12 11 5 34 36 9 20 51 492 327 2.267 3.174 2.740 5.914
overheid, non profit
Kunst, cultuur en kansspelen
127 511 1.170 87 64 12 7 707 165 39 4.334 5.377 3.483 8.860
Consumenten
Design, fotografie, vertaalbureaus
19 10 23 8 8 6 74 9 162 396 18 70 8 1.243 39 33 61 83 5 0 1.277 5.571 1.776 6.525 1.815 9.590 3.591 16.115
export
Reclamewezen en marktonderzoek
68 70 53 211 4.771 597 27 489 297 12 11.526 15.277 15.948 31.225
Architecten-, ingenieursbureaus e.d.
55 24 49 8 22 721 102 1.007 238 44 23 53 29 1 166 48 20 123 3 395 2.228 4.643 4.063 8.493 2.353 7.393 6.416 15.886
Diensten op het gebied van informatie
IT-dienstverlening
653 182 61 62 135 54 3 83 88 34 2.264 2.854 2.744 5.598
Film, TV en radio
183 13 2 24 22 3 4 21 23 0 1.361 1.230 1.260 3.851
Telecommunicatie
Grafische industrie Uitgeverijen Film, TV en radio Telecommunicatie IT-dienstverlening Diensten informatie Architecten-, ingenieursbureaus e.d. Reclamewezen en marktonderzoek Design, fotografie, vertaalbureaus Kunst, cultuur en kansspelen Verbruik binnenland Import, substax, handelsmarge Bruto toegevoegde waarde Omzet
Uitgeverijen
2016
Grafische industrie
Tabel 3.6 Leveringen bedrijfstakken in de ICT en creatieve industrie naar afzet (horizontaal) en inzet (verticaal), 2016, miljoen euro
134 3.851 258 5.598 268 6.416 584 15.886 6.930 31.225 574 3.591 8.111 16.115 169 8.860 425 5.914 1.445 9.545
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek
Design, fotografie, vertaalbureaus
Kunst, cultuur en kansspelen
-1 2 2 2 117 22 2 7 14 0 439 759 476 1.235
-4 -3 1 -5 21 7 39 -7 -2 0 149 217 1.082 1.299
-20 -31 242 8 10 5 1 -25 9 7 271 581 318 899
-3 0 0 0 6 3 4 -4 9 37 160 257 236 493
2 0 0 5 -1 0 0 -4 3 164 242 288 783 1.071
Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
33
Omzet
Reclamewezen en marktonderzoek
3 17 41 32 1.783 268 2 396 77 3 3.695 5.581 2.314 7.895
Overig
Architecten-, ingenieursbureaus e.d.
7 -1 -2 -258 27 10 3 -42 -3 0 -205 169 -814 -645
overheid, non profit
Diensten op het gebied van informatie
1 -1 119 25 0 19 0 4 22 45 295 1.721 442 2.163
Consumenten
IT-dienstverlening
-67 -27 -5 -4 10 12 0 -34 -6 -2 -156 -105 -85 -190
export
Telecommunicatie
-26 0 -1 -1 2 0 0 -2 0 0 -41 -1.400 -299 -338
Verbruik binnenland
Film, TV en radio
Grafische industrie Uitgeverijen Film, TV en radio Telecommunicatie IT-dienstverlening Diensten op het gebied van informatie Architecten-, ingenieursbureaus e.d. Reclamewezen en marktonderzoek Design, fotografie, vertaalbureaus Kunst, cultuur en kansspelen
Uitgeverijen
2013-2016
Grafische industrie
Tabel 3.7 Leveringen bedrijfstakken in de ICT en creatieve industrie naar afzet (horizontaal) en inzet (verticaal), 2013-2016, miljoen euro
-269 -10 522 -432 2.859 694 578 847 309 298
-32 42 1.348 63 3.003 339 153 25 160 196
-22 -217 32 -397 91 17 4 0 20 438
0 0 183 0 0 0 0 0 0 97
-15 -5 78 121 1.942 185 564 27 4 42
-338 -190 2.163 -645 7.895 1.235 1.299 899 493 1.071
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 3.8 Verandering in leveringen tussen 2013 en 2016, miljoen euro, prijzen 2016
1350
1720 5581
581 25 Film, radio, TV (+119) 41 242 Reclame (-25)
ICT (+1783) 392
Legenda: Blauw = bedrijfstak Oranje = export/import Blanco = binnenlands
Bron: CBS, Nationale Rekeningen/bewerking NEO Observatory
91
Kunst (+164), design (+9), diensten informatie (+22), Telco (-285)
34
3000
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek De samenhang van de bedrijfstakken in de creatieve industrie en ICT wordt zichtbaar gemaakt door de bedrijfstakken op twee manieren te groeperen aan de hand van een clusteranalyse; een maal over de afzetrelaties ( de regels in tabel 3.6) en een maal over toeleveringsrelaties (de kolommen in tabel 3.6). De samenhang kan dan gevisualiseerd worden (zie figuur 3.9). Figuur 3.9 toont hoe de verschillende bedrijfstakken van de creatieve industrie en IT sector met elkaar samenhangen, en hoe de FRTV sector daar in past. Het gaat hier om de totale financieel-economische samenhang (voorwaartse en achterwaartse effecten van levering van goederen en diensten samen) tussen de onderscheiden deelsectoren van de media- en entertainmentindustrie. De genoemde deelsectoren behoren nadrukkelijk tot verschillende functionele clusters (kleurverschil) en zijn bovendien relatief ver van elkaar gepositioneerd in het intermediaire netwerk van deelsectoren. Figuur 3.9 laat zien dat de onderlinge relatie tussen de sector reclame/marktonderzoek en IT-dienstverlening groot is in verhouding tot de relatie FRTV en IT-dienstverlening. Figuur 3.9 Onderlinge samenhang en clustering van de bedrijfstakken in de creatieve industrie en ICTsector.
Bron: Rienstra beleidsonderzoek obv CBS/NEO Observatory
In deze visualisatie van het netwerk worden de bedrijfstakken met een cirkel afgebeeld. De grootte van de cirkel van een item wordt bepaald door het gewicht (aandeel) van de bedrijfstak in het totaal. Hoe groter het gewicht van de bedrijfstak, hoe groter de cirkel is. De onderlinge afstand van de bedrijfstakken is afhankelijk van de omvang van de relatie tussen twee bedrijfstakken. De lijnen vertegenwoordigen de uitbesteding danwel toelevering. De kleur van een item wordt bepaald door het cluster waartoe de sector behoort. Grote onderlinge transacties geven verschillende bedrijfstakken eenzelfde kleur en vormen zodoende een cluster. Hoe dichter de sectoren bij elkaar liggen, des te sterker hun onderlinge verwantschap. De sterkte van de verwantschap tussen sectoren wordt ook zichtbaar in de dikte van de lijnen. 35
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek
3.4 Toename eigen verbruik: schaalverkleining, flexibele zzp’ers en nabijheid De film, radio en televisiesector kent veel kleine en grote bedrijven die samenwerken in een netwerkeconomie. Dat verklaart ook het groot aantal onderlinge transacties tussen bedrijven en ondernemers in de eigen sector en dat past bij het beeld van de creatieve industrie. De creatieve industrie bestaat uit relatief veel kleine bedrijven en ondernemers die op eigen wijze waarde creëren met creativiteit. De creatieve industrie kent veel zzp’ers en kleine bedrijfjes door de onzekere vraag naar en aanbod van creatieve producten en diensten (Manshanden en Jonkhoff, 2005). Hierdoor nemen bedrijven makers van creatieve producten en diensten niet snel in dienst: ook voor hen zijn de kosten en kwaliteit van het eindproduct vooraf onzeker. De dynamiek in de sector is daarom hoog. Het aantal vestigingen groeit in de creatieve industrie sneller dan in de totale economie. Er is – meer dan in de gehele economie – sprake van krimp aan de bovenkant en groei aan de onderkant van de markt: de werkgelegenheid bij grote bedrijven neemt af, terwijl het aantal kleine bedrijven, waaronder zzp’ers, toeneemt (figuur 3.10). Hierbij lijkt geen sprake te zijn van doorstroming en doorgroei vanuit zzp’ers naar middelgrote bedrijven en van middelgrote naar grote bedrijven.
In reactie daarop ontstaat er een flexibele netwerkstructuur, die vooral functioneert op basis van ad-hoc samenwerkingsverbanden van kleine bedrijven. Dit is terug te zien in de sterke groei van bedrijfsverzamelgebouwen en creatieve broedplaatsen. Hoewel deze flexibiliteit aantrekkelijk klinkt en gelegenheid biedt voor nieuwe en interessante samenwerkingsvormen, vormt deze kleine schaal ook een risico. Schaalvoordelen bestaan niet en dat beperkt de kansen op export. Deze onzekerheid, voortvloeiend uit digitalisering en grillige modes in de afzetmarkt en gebrek aan interne schaalvoordelen verklaren waarom creatieve bedrijven in den brede zich nabij elkaar vestigen. Zo ontstaan externe schaalvoordelen en spillover-effecten. Nabijheid en ruimtelijke clustering zijn daardoor een noodzakelijke voorwaarde voor de innovatiekracht van het gehele cluster, dat wil zeggen het geheel van de FRTV-sector, creatieve industrie, ICT, reclame, opdrachtgevers en consumenten. Dit is nog los van de voorwaarden van fysieke aard, zoals het aanbod van vastgoed, publieke ruimte en bereikbaarheid. Figuur 3.10: Groei werkgelegenheid naar omvang van bedrijf in Nederland, 2005-2015 Aantal banen
Bron: iMMovator (2017), Monitor Creatieve Industrie 2016
36
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek
4 Clustering in de Media Valley 4.1 Het belang van Media Valley voor de Nederlandse ICT en creatieve industrie Creatieve industrie en ICT zijn belangrijke groeisectoren voor de Nederlandse economie, zo bleek uit het vorige hoofdstuk. Ruimtelijk zijn deze economische activiteiten sterk geconcentreerd in de Noordvleugel van de Randstad, vanaf nu de Media Valley genoemd. De Media Valley is het gebied tussen Amsterdam, Utrecht, Amersfoort en Almere1. In tabel 4.1 is per domein in de creatieve industrie en ICT het aantal banen weergegeven in Nederland en de Media Valley, samen met het relatieve belang van de Media Valley in Nederland. De sectorale definities en domeinen zijn afkomstig uit de Monitor Creatieve Industrie exclusief deelsector ICT-hardware (iMMovator, 2017). De Media Valley telt in totaal 223 van de 598 duizend banen in de creatieve industrie en ICT-diensten, ofwel 37 procent. Alle deelsectoren en domeinen, met uitzondering van live entertainment (onder andere pretparken) en de drukkerijen, zijn bovengemiddeld aanwezig in de Media Valley. De media en entertainmentindustrie is hierbij het sterkst geconcentreerd in de regio door sterke concentratie van het radio en televisie cluster (73 procent), en ook de film-, muziek- en boekenindustrie zijn er zeer sterk geconcentreerd.
De mate van clustering in de sector neemt toe als gevolg van de digitale vernieuwing die plaatsvindt in de sector. Het past bij het toenemende onderlinge leveringen binnen de eigen bedrijfstak (eigen verbruik) van de sector zoals dat in het vorige hoofdstuk bleek. Het snel kunnen inspelen op nieuwe technologische en marktontwikkelingen wordt steeds belangrijker. Regionale en lokale concentratie van kennis, business know-how en creatief talent heeft een versterkend effect op de concurrentiekracht en het aanpassingsvermogen van de sector. Over de tijd is de mate van concentratie in de Media Valley sterk toegenomen. Als we kijken naar de toegevoegde waarde van de informatie en communicatiesector, waaronder de media en ICTdiensten vallen, dan zien we in tijden van economisch groei de sector bovengemiddeld groeien waarbij de Media Valley de trekker van deze extra groei is (figuur 4.10. In de periode 2001-2008 is dit zichtbaar en ook nadrukkelijk in de recente herstelperiode van 2013-2016. De groeicijfers in de periode 2013-2016 van de Nederlandse economie en binnen de informatie en communicatie sector blijven wel achter bij de hausse-perioden 1996-2000 en 2004-2008. In de periode na 2014 groeien de creatieve industrie en ICT hard door met een gemiddelde banengroei boven de 3 procent per jaar voor Nederland, en 3,6 procent in de Media Valley (figuur 4.3).
Grote aanjager van de extra groei is de groei van de ICT-diensten. In de Media Valley ligt deze nu boven de 4 procent en nationaal zijn ICT-diensten goed voor een banengroei van 3 procent per jaar. Verder laten de creatieve zakelijke diensten een hogere groei zien ten opzichte van de voorgaande periode. De werkgelegenheid in de media en entertainmentindustrie groeit ook mee en ligt nu boven het nationale groeicijfer voor werkgelegenheid (figuur 4.3).
1
Voor de gepresenteerde cijfers uit LISA definiëren we de Media Valley als de optelsom van de COROP-regio’s Groot-Amsterdam (gemeente Amsterdam, Waterland, Haarlemmermeer en omgeving, Amstelveen en omgeving), Gooi en Vechtstreek en Provincie Utrecht plus gemeente Almere.
37
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Tabel 4.1 : Aantal banen in de creatieve industrie en ICT-diensten in 2017 in de Media Valley en Nederland werkzame personen x 1000, aandeel als procent Deelsector Domein
Nederland Media Valley X 1000
Kunsten en cultureel erfgoed
ICT diensten
%
Podiumkunsten
37,4
15,5
41%
Scheppende kunsten
35,9
13,5
38%
Overig kunst en erfgoed
29,0
11,1
38%
Cultureel erfgoed
19,8
6,0
30%
Radio en televisie
15,9
11,7
73%
Persmedia
35,3
12,6
36%
17,0
8,2
48%
3,7
1,9
51%
Film Media en entertainment- Muziekindustrie industrie Boekenindustrie
Creatieve zakelijke diensten
Media Valley (als % van NL)
8,1
3,8
47%
Gaming en overige uitgeverijen
2,8
0,6
20%
Live entertainment
13,5
1,4
11%
Architectuur
12,7
3,6
28%
Design
30,6
10,5
34%
Communicatie
70,6
23,8
34%
Drukkerijen en reproductie
24,0
4,1
17%
Telecommunicatie
26,8
10,3
38%
Software
110,1
37,8
34%
Facilitaire ICT-diensten
105,0
46,4
44%
Kunsten en cultureel erfgoed
122,0
46,0
38%
Media en entertainmentindustrie
96,3
40,2
42%
Creatieve zakelijke dienstverlening
113,9
37,8
33%
ICT diensten
265,9
98,5
37%
Creatieve industrie en ICT
598,1
222,5
37%
Totale economie Bron: LISA 2017, bewerking NEO Observatory
8444,8
1827,0
22%
De werkgelegenheid in de creatieve industrie en ICT is in de periode 2005-2017 bovengemiddeld gegroeid, vooral in de kunsten en cultureel erfgoed en creatief zakelijke diensten (figuur 4.3). De sterke groei wordt gedreven door de explosieve groei van de zzp-ers en kleine bedrijven in de creatieve industrie, en is deels het gevolg van verschuiving van werkgelegenheid door flexibilisering van de arbeidsmarkt. Deze trend van schaalverkleining vindt in de hele economie plaats maar is extra sterk in de creatieve industrie (zie ook het vorige hoofdstuk). De Media Valley groeit boven het nationaal gemiddelde, vooral door extra groei bij de kunsten en cultureel erfgoed. Ook ICT-diensten en creatieve zakelijke diensten (reclame, design en architectuur) groeien boven het nationaal gemiddelde.
38
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 4.1: Ontwikkeling toegevoegde waarde Informatie en Communicatie Sector in Media Valley1 en Nederland in 1995-2016, in constante prijzen Index, 1995 = 100
Bron: CBS, bewerking NEO Observatory 1
Media Valley exclusief Almere
Figuur 4.2: Jaarlijkse groei toegevoegde waarde Informatie en Communicatie Sector in Media Valley1 en Nederland in 1995-2016 jaarlijkse groei in procenten
Bron: CBS, bewerking NEO Observatory 1 Media Valley exclusief Almere
39
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 4.3: Banengroei in de creatieve industrie en ICT-diensten in 2005-2017 in de Media Valley en Nederland groei in procenten per jaar
Bron: LISA 2017, bewerking NEO Observatory
Figuur 4.4: Banengroei in de creatieve industrie en ICT-diensten in 2014-2017 in de Media Valley en Nederland groei in procenten per jaar.
5%
Media Valley
Nederland
4% 3%
2% 1%
Bron: LISA 2017, bewerking NEO Observatory
40
Totale economie
Creatieve industrie en ICT
ICT diensten
Creatieve zakelijke dienstverlening
Media en entertainmentindustrie
Kunsten en cultureel erfgoed
0%
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 4.5: Groei 2014-2017 en specialisatie in de Media Valley van domeinen1 in de creatieve industrie en ICT Aantal banen (omvang bol), horizontaal: specialisatie (Nederland = 100), verticaal: groei in procenten
Bron: LISA, bewerking NEO Observatory 1 Met minimaal tienduizend banen in 2017
4.2 Media Valley: Creatieve Technologie Makers In de Media Valley wordt de groei van de creatieve industrie en ICT na 2014 getrokken door de ‘technologie-makers’ uit de ICT-diensten en de creatieve makers uit de kunsten en cultureel erfgoedsector en design. Door digitalisering vindt er concurrentie plaats tussen de nieuwkomers uit de ICT-wereld met bestaande partijen in de media en reclame. Binnen de Media Valley zien we dat er tussen de stedelijke regio’s verschillende groeipatronen waarneembaar zijn (figuur 4.6). In de periode tot 2000 vindt er bovengemiddelde groei in Utrecht en Gooi en Vechtstreek plaats en loopt de groei van de sector samen met de nationale groei. In de periode 2000-2008 neemt de concentratie en groei in de Media Valley toe door bovengemiddelde groei in de meest stedelijke regio’s Groot-Amsterdam en Utrecht (provincie). Gooi en Vechtstreek volgt het nationale groeipad. Na 2013 neemt juist in Groot-Amsterdam de groei in de sector explosief toe en profiteren de provincie Utrecht en Gooi en Vechtstreek vanaf 2016 in het kielzog ook bovengemiddeld mee. Als verder wordt ingezoomd op het niveau van steden in de Media Valley, dan blijkt dat over een langere periode, de periode 2005-2017, de groei in de sector gedragen wordt door de steden van de Media Valley, met uitzondering van Hilversum.
Hilversum heeft last van het lage groeipad van de economie van Gooi en Vechtstreek en de eenzijdige productiestructuur (overspecialisatie) gericht op radio en televisie en profiteert niet mee van de groei en vernieuwing in de sector. Amsterdam loopt op dat vlak voorop en de sector concentreert zich meer en meer in de hoofdstad. Ook Utrecht, Almere en Amersfoort laten mooie groeicijfers zien. Daarnaast zien we dat buiten de steden in de tussenliggende regio’s ook bovengemiddelde aanwezigheid is van de creatieve industrie en ICT en dat de regio ook meeprofiteert (figuren 4.7 en 4.8).
41
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 4.6: Ontwikkeling toegevoegde waarde Informatie en Communicatie Sector in de regio’s van de Groot-Amsterdam, Gooi en Vechtstreek, Utrecht (Provincie) en Nederland in 1995-2016, constante prijzen Index, 1995 = 100
Bron: CBS, bewerking NEO Observatory
Figuur 4.7: Banengroei in 2005-2017 en specialisatie in creatieve industrie en ICT-diensten in de Media Valley, uitgesplitst naar 5 steden en 3 omliggende regio’s. Aantal banen (omvang bol), horizontaal: specialisatie (Nederland = 100), verticaal: groei in procenten
Bron: LISA 2017, bewerking NEO Observatory
42
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 4.8: Banengroei in 2014-2017 en specialisatie in creatieve industrie en ICT-diensten in de Media Valley, uitgesplitst naar 5 steden en 3 omliggende regio’s. Aantal banen (omvang bol), horizontaal: specialisatie (Nederland = 100), verticaal: groei in procenten
Bron: LISA 2017, bewerking NEO Observatory
In de recente herstelperiode zijn creatieve industrie en ICT de groeisectoren voor de Nederlandse economie en de economie van de Media Valley met een gemiddelde jaarlijkse banengroei van 3,6 procent per jaar. Binnen de Media Valley zien we dat de groei verschuift en concentreert in Amsterdam en de omliggende regio van Amsterdam, dat fungeert als overloopgebied. Overige delen van de Media Valley laten een lager groeipad zien, waarbij de krimp in Almere opvallend is door sterke banendaling in 2016-2017 in de ICT-sector. De export van ICT-diensten (digitalisering) blijkt de grote trekker. De sector wordt internationaal steeds concurrerender en concentreert zich in Amsterdam dat een internationaal aantrekkingskracht heeft op bedrijven en talent op gebied van creativiteit en ICT. Het vestigingsklimaat is er uitstekend met de internationale uitstraling als woon- en werkstad op internationaal talent, uitstekende internet connectiviteit, de aanwezigheid van Schiphol, aanwezigheid van creatieve en ICT bedrijven en een consumentenpubliek. Tevens biedt de stad voor bedrijven nabijheid tot andere bedrijven in de sector, hetgeen de sector flexibiliteit en innovativiteit verleent in een markt vol uitdagingen en onzekerheden.
4.3 Startup Delta in Amsterdam: aanjager van groei en vernieuwing De groei van de ICT sector in Amsterdam wordt aangejaagd door nieuwe groeibedrijven. De ICT sector is anders georganiseerd dan rond 2000, toen grote automatiseerders met duizenden werknemers de dienst uitmaakten. Nu zien we meer MKB-bedrijven in de ICT-sector door de opkomst en groeiende massa startups en scale-ups. Dit zijn jonge, snelgroeiende bedrijven met grote, internationale ambities. Meestal zijn het bedrijven die opgericht zijn in Nederland maar Amsterdam trekt ook vestigingen aan van internationale groeibedrijven, zoals online mediabedrijven als Facebook, Google en Netflix. 43
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek
De externe organisatie (de verdeling van een bedrijfstak in kleine, middelgrote en grote bedrijven) van de sector verandert hierdoor. Bedrijven worden kleiner, meer in de range van 10 tot 500 werkzame personen en werken in internationale en regionale netwerken samen. Zij hebben meer belang bij agglomeratievoordeel waar zij profiteren van de nabijheid en clustering van toeleveranciers en afnemers. Zoals in het vorige hoofdstuk is aangegeven, compenseren deze bedrijven de nadelen van de bedrijfsomvang met de schaalvoordelen van het hoogstedelijke milieu in Amsterdam. De afgelopen jaren is, mede door de inspanningen van StartUpDelta, een investeringsgolf in Nederland ontstaan. Er wordt jaarlijks tussen de 400 en 500 miljoen euro geïnvesteerd in startups blijkt uit cijfers van StartupJuncture (figuur 4.9), gebaseerd op informatie over venture capital en seed funding door private partijen en regionale ontwikkelmaatschappijen. Geografisch vinden de meeste investeringen in Amsterdam plaats (tabel 4.2), ongeveer 2/3 ofwel ca. 250 miljoen euro wordt jaarlijks geïnvesteerd in groeibedrijven in Amsterdam. Daarmee krijgt het massa en dat zien we terug in de economische groei van Amsterdam, vooral in sectoren die aantrekkelijk zijn voor venture capital en seed funding, zoals de ICT en nieuwe media.
De concentratie in Amsterdam en andere grote steden van nieuwe groeibedrijven is ook te zien in de ScaleUpDashboard van de Erasmus Universiteit Rotterdam (figuur 4.10). Nederland heeft ruim 3200 bedrijven die jaarlijks tenminste 20 procent omzet en/of werkgelegenheidsgroei laten zien (met minimaal 10 werknemers drie jaar geleden). Van de 250 grootste scale-ups in Nederland, aangevoerd door Takeaway.com, zijn er 80 in de Media Valley gelegen. De meeste scale-ups zijn te vinden in specialistische zakelijke diensten (waaronder online marketing), ICT en groot- en detailhandel (ecommerce en online shops) (figuur 4.10). Figuur 4.9 Start- en groeikapitaal naar Nederlandse steden
Bron: StartupJuncture 2017, bewerking NEO Observatory
44
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Figuur 4.10: Top 250 groeibedrijven naar sector (bron: Scaleup Dashboard 2018)
Bron: Erasmus Universiteit Rotterdam, bewerking NEO Observatory
Tabel 4.2 Snelgroeiende bedrijven uit de Media Valley in de categorie ‘Informatie en Communicatie’, 2018 Bedrijf
Stad
Productomschrijving
Takeaway.com
Amsterdam
platform voor maattijdbezorging
a friend of mine
Amsterdam
digital agency
Booking.com
Amsterdam
ict platform
EclecticIQ
Amsterdam
provider/cyber security
Elasticsearch
Amsterdam
software
Foryard Studio Amsterdam
Amsterdam
software
Globalinternet
Amsterdam
internet
GoDataDriven
Amsterdam
data technologie
MessageBird
Amsterdam
ict klantcommunicatie
Mobile Strategy
Amsterdam
fullservice mobile digital agency
New York Media Group
Amsterdam
platform toerisme NY
RIFF
Amsterdam
digitale marketing
Voicebooking.com
Amsterdam
voiceovers
Wenneker Amsterdam
Amsterdam
films voor online content
WeTransfer
Amsterdam
data platform
Jibes
Houten
data ict
Calco Group
Maarssen
IT detachering
Sentia
Nieuwegein
cloud
Conclusion FIT
Utrecht
ict infra
Experius
Utrecht
e-commerce software
Skydreams Utrecht e-commerce Bron: Erasmus Universiteit Rotterdam, bewerking NEO Observatory
45
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Online media activiteiten creëren nieuwe diensten en bedrijfstakken op het grensvlak tussen creatieve industrie en ICT zoals digital design, gaming, online marketing. Digital design is het snelst groeiende creatieve domein van de creatieve industrie van de laatste jaren met groeicijfers boven de tien procent per jaar (bron: Monitor Creatieve Industrie 2016, op basis van Conclusr). De digital design sector combineert creatieve ontwerpvaardigheden met technologische mogelijkheden van digitalisering in een online omgeving. De branchevereniging Dutch Digital Agencies (DDA) telt meer dan 100 leden. Dit zijn bedrijven met minimaal 1 miljoen euro omzet die actief zijn in minimaal 2 van de volgende 3 disciplines: (1) strategie & concept (2) design & functioneel ontwerp en (3) realisatie. Dit zijn de belangrijkste spelers in de nieuwe sector. De totale omvang van digitale design bureaus is nog groter in Nederland, omdat kleine en niet bij de DDA aangesloten bedrijven buiten beeld blijven. Wederom zien we een sterke concentratie in Amsterdam, met bijna tweeduizend banen (figuur 4.11). De omvang in andere steden in de Media Valley is beperkt met 440 banen in Utrecht en 200 in Hilversum (MediaMonks) en 100 in Amersfoort.
De sector blijkt niet exclusief voorbehouden aan de Media Valley: opvallend is de belangrijke rol van Rotterdam, waar 1.300 mensen werken in digital design.
Figuur 4.11: Aantal banen in 2016 bij digital design bureaus, op basis van leden van branchevereniging Dutch Digital Agencies.
Bron: Dutch Digital Agencies, bewerking NEO Observatory
46
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek
5 De rol van Hilversum en het Media Park In dit hoofdstuk wordt de focus gericht op Hilversum en daarbinnen het Media Park. De vraag is in welke technologieën en toepassingsgebieden de digitale creatieve diensten Hilversum een concurrentievoordeel heeft in het nationale en internationale speelveld.
5.1 Creatieve industrie en ICT in Hilversum Hilversum is in Nederland, afgelezen aan het aantal banen, de 6e stad op gebied van creatieve industrie en ICT met 12.000+ banen (bron: Monitor Creatieve Industrie 2016) (tabel 5.1). Het aantal banen in 2017 bedraagt 12,3 duizend in Hilversum in de creatieve industrie en ICT-diensten. Binnen het hele cluster is het na Amsterdam de 2e mediastad van het land dankzij de specialisatie van Hilversum in radio en televisie. Ruim de helft, 6,5 duizend banen in 2017, bevindt zich in Hilversum in het domein radio en televisie, dankzij de aanwezigheid van onder andere de NPO, alle omroepen, RTL, Talpa en de facilitaire bedrijven. Hilversum kent een zeer sterke specialisatie in de creatieve industrie en ICT, maar weet dit, anders dan nationaal het geval is, niet te koppelen aan groei van de sector. De groeicijfers over de periode 2014-2017 laten zien dat de Hilversumse werkgelegenheid licht daalt met 0,6 procent per jaar, net als de creatieve industrie en ICT (tabel 5.1). Het totaal aantal banen daalt met 220 in de periode 2014-2017, vooral door een krimp in de filmsector (waaronder ook televisieproductiebedrijven kunnen vallen).
Tabel 5.1 Ontwikkeling werkgelegenheid creatieve industrie in Hilversum, 2014-2017 Aantal banen x 1000, groei in aantal en gemiddelde groei in procenten per jaar Banen 2017 Groei 2014-2017 (abs.) Groei 2014-2017 (in % pj) Kunsten en cultureel erfgoed
1,3
10
0,3%
Media en entertainmentindustrie
7,8
-220
-0,9%
w.v. Radio en televisie
6,5
10
0,0%
Creatieve zakelijke dienstverlening
0,9
-60
-2,1%
ICT diensten
2,3
50
0,7%
Creatieve industrie
10,0
-270
-0,9%
ICT diensten
2,3
50
0,7%
Creatieve industrie en ICT
12,3
-220
-0,6%
Totale economie Bron: LISA 2017, bewerking NEO Observatory
45,7
-830
-0,6%
Na radio en televisie kent Hilversum een zeer sterke specialisatie in muziek en film (waar ook een groot deel van de televisieproductiebedrijven onder vallen). Ook de kunst- en cultuursector, creatieve zakelijke diensten en ICT-diensten zijn in Hilversum 1,5 tot 2 keer zo groot als het nationaal gemiddelde. Hier is vaak een link te leggen met het radio en televisie cluster zoals bij het Muziekcentrum van Omroep (podiumkunsten), STER (reclame), het Instituut voor Beeld en Geluid (cultureel erfgoed) en KPN (telecommunicatie).
47
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Tabel 5.2 Amsterdam en Hilversum laten specialisatie zien in alle creatieve domeinen van de creatieve industrie. Specialisatie van top 10 steden in creatieve industrie en ICT per domein van de creatieve industrie (geindexeerd op 100)
Bron: Monitor Creatieve Industrie 2016
Tabel 5.3 Hilversum ook bovengemiddeld gespecialiseerd in ICT, vooral door telecom en facilitaire ICT diensten op gebied van radio en televisie. Amsterdam
Utrecht
Den Haag
Rotterdam
Eindhoven
Hilversum
Groningen
's-Hertogenbosch
Amersfoort
Haarlemmermeer
Specialisatie van top 10 steden in creatieve industrie en ICT per domein van de ICT (geindexeerd op 100)
158 56 187 141 197
235 50 188 222 312
158 72 756 67 102
75 74 96 115 28
149 105 95 221 101
155 109 254 113 185
149 114 199 168 123
175 54 208 248 122
202 135 309 258 131
133 94 66 194 98
Hardware 24 33 Vervaardiging ICT hardware 9 25 Installatie, verhuur en reparatie ICT hardware 78 63
130 160 21
41 42 38
168 185 104
28 26 35
37 34 50
168 206 36
215 125 536
91 62 199
ICT 140 Bron: Monitor Creatieve Industrie 2016
154
70
152
138
133
174
204
127
ICT-diensten Drukkerijen en reproductie Telecommunicatie Software Facilitaire ICT-diensten
207
48
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Tabel 5.4: Voorbeelden van bedrijven gerelateerd aan het radio en televisiecluster van Hilversum in andere deelsectoren Deelsector Creatieve industrie en ICT Kunsten en cultureel erfgoed
Bedrijf Stichting Omroep Muziek, Instituut voor Beeld en Geluid, Stichting ter Exploitatie van Naburige Rechten
Media en entertainmentindustrie
Spil Games, Bindinc. , Kenteq, Hilversumse Media Compagnie
Creatieve zakelijke dienstverlening
Stichting Ether Reclame, Dutch Moving Media
Diensten
Mediamonks, Warner Music Benelux B.V., KPN
Groothandel
Sonos, V2 Records
Overheid
Commissariaat voor de Media,
Bron: LISA 2017, bewerking NEO Observatory
Het valt op dat Hilversum en Gooi en Vechtstreek niet meeprofiteren van de bovengemiddelde groei in de Media Valley en Nederland in de creatieve industrie en ICT (tabel 5.5). Vernieuwing vindt plaats in Groot Amsterdam, waar de sector met 6,5 procent per jaar (!) is gegroeid in 2014-2017. Deze groei zien we over de hele linie in de sector; geen enkele deelsector uitgezonderd. De groei in de radio en televisie, waar Hilversum sterk in is, is beperkt in Nederland en Media Valley. Groot Amsterdam laat in deze bedrijfstak een sterke groei zien, maar daar staat krimp tegenover in Gooi en Vechtstreek (tabel 5.5). Er vindt verschuiving plaats van economische activiteiten door bedrijfsverplaatsingen en flexibilisering van de arbeidsmarkt.
Tabel 5.5: Banengroei in 2014-2017 in de creatieve industrie en ICT in Hilversum, Media Valley en Nederland Gemiddelde groei in procenten per jaar Hilver- Nedersum land Kunsten en cultureel erfgoed 0,3% 3,4% Media en entertainmentindustrie -0,9% 1,6%
Media Valley
GrootAmsterdam
Gooi en Vechtstreek
Utrecht (PV)
Amsterdam
3,8%
4,2%
0,0%
3,2%
4,3%
1,5%
2,8%
-1,2%
1,0%
2,0%
4,0%
-0,5%
3,3%
3,7%
w.v. Radio en televisie Creatieve zakelijke dienstverlening
0,0%
1,6%
1,1%
-2,1%
4,0%
4,2%
5,2%
-0,2%
2,4%
4,8%
ICT diensten
0,7%
3,0%
4,1%
11,2%
0,3%
-0,3%
12,3%
Creatieve industrie
-0,9%
3,1%
3,1%
4,1%
-0,9%
2,4%
3,8%
ICT diensten Creatieve industrie en ICT
0,7%
3,0%
4,1%
11,2%
0,3%
-0,3%
12,3%
-0,6%
3,1%
3,6%
6,5%
-0,6%
0,7%
6,3%
Totale economie -0,6% 1,1% Bron: LISA 2017, bewerking NEO Observatory
1,9%
2,9%
-0,3%
0,9%
3,3%
49
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek De film, radio en televisiesector Hilversum is de omroepstad (figuur 5.1). Binnen het radio en televisiecluster is Hilversum sterk in drie van de vier onderdelen: radio-omroepen, televisieomroepen en facilitaire bedrijven. De dominante rol van Hilversum bij de creatie van televisie content is minder groot, maar met de facilitaire bedrijven op het Media Park bevindt zich ongeveer een kwart van die werkgelegenheid in Hilversum. Amsterdam is sterk in creatie van televisieprogramma’s, ofwel de productie van televisieprogramma’s en ook in facilitaire bedrijven. In Nederland zijn er in totaal ruim 1200 banen bijgekomen in de radio en televisie sector in de periode 2005-2017. In onderstaande figuur 5.5 is deze geografisch en naar bedrijfstak opgedeeld. Er vindt binnen de sector en tussen clusters verschuivingen plaats. De omroepen stoten werkgelegenheid af, vooral bij de regionale omroepen. De groei vindt plaats bij de facilitaire activiteiten voor film- en televisieproductie met een toename van ruim tweeduizend banen, vooral in Amsterdam (figuur 5.2. Dit betreft de som van de vier bedrijfstakken in Amsterdam) en de rest van Nederland. Enerzijds is dit te verklaren door de grotere flexibele schil voor de omroepen, die meer zzp-ers en bedrijven inhuren voor televisieproductie.
Anderzijds zijn dit ondernemers die ook content maken voor de groeiende televisiemarkt en online markt. Met de komst van digitale televisie zijn er meer TV kanalen beschikbaar, waardoor internationaal opererende mediabedrijven toegang krijgen tot de Nederlandse markt. Bijvoorbeeld, Discovery Networks (met zenders als Discovery Channel, Animal Planet en TLC) en Viacom International Media Networks (MTV, Nickelodeon, ComedyCentral). Deze internationale bedrijven kiezen voor een vestiging in of nabij Amsterdam om hun Nederlandse activiteiten uit te rollen, waarbij de productie van content in Nederland zeer beperkt is. Ook is het TV-aanbod uitgebreid met diverse themakanalen. De internationale concurrentie neemt hiermee toe op de Nederlandse televisiemarkt. Daarnaast is er bij de productie van televisieprogramma’s verschuiving van activiteiten naar Amsterdam, zoals bijvoorbeeld de verhuizing van BlueCircle van Hilversum naar Amsterdam en EndemolShine van Aalsmeer naar de MediArena. Figuur 5.1: Aantal banen in 2017 in de radio en televisie in Nederland, per bedrijfstak, Hilversum, Amsterdam, overig Media Valley en Rest van Nederland. Aantal banen x 1000
Bron: LISA 2017, bewerking NEO Observatory
50
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Anders dan voor het produceren van televisie, waarvoor allerlei fysieke faciliteiten nodig zijn, is het voor televisie-opnames niet altijd noodzakelijk om op het Media Park gevestigd te zijn. Op locatie uitzenden is aantrekkelijk voor het aantrekken van publiek en gasten. Qua studiofaciliteiten zijn de kwaliteitsverschillen tussen de nieuwe televisiestudio’s in Amsterdam en het Media Park vergelijkbaar. Door technologische ontwikkelingen, vooral de komst van glasvezel en betere bandbreedtes voor internetverbindingen, zijn de studio’s en montagewagens op locatie niet meer per se nodig om goede televisie te maken. Daarnaast voorziet het op locatie opnemen in de behoefte om meer televisieprogramma’s vanuit en dichter bij de samenleving te maken, hoewel dat bovengemiddeld in Amsterdam is. Figuur 5.2: Banengroei in de periode 2005-2017 in de radio en televisie in Nederland, per bedrijfstak, opgedeeld naar Hilversum, Amsterdam, overig Media Valley en Rest van Nederland. Groei in aantal banen
Bron: LISA 2017, bewerking NEO Observatory
51
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek
5.2 De kracht van het Media Park De efficiënte infrastructuur en clustering van de omroepen, facilitaire bedrijven en uitzendprocessen op het Media Park leiden er toe dat de kosten van de publieke omroep in internationaal perspectief relatief laag zijn (figuur 5.3). De voordelen van Media Park zijn de fysieke data-infrastructuur: kilometers infrastructuur (bites en bytes die door iedereen gebruikt worden), nabijheid omroepbedrijven en innovatieve bedrijven, nabijheid studio’s en nabijheid van uitzendprocessen. Compactheid zorgt voor hoge efficiency (quote Bert Habets, in P. Schavemaker, 100 jaar Hilversum Mediastad:Conserve). De Nederlandse televisie-industrie staat internationaal heel goed aangeschreven als creatieve industrie en ook voor het ontwikkelen van tv-formats. In het boek 100 Jaar Hilversum Mediastad van Peter Schavemaker worden hier ook verklaringen voor gegeven. Het internationale succes van Big Brother heeft hierbij een doorbraakrol gespeeld. Andere succesvolle kaskrakers zijn Lingo, Deal or no Deal, 1 tegen 100, en The Voice. Van oudsher kent het Nederlandse televisielandschap een sterk concurrerend karakter omdat Nederland nooit één publieke (staats)omroep kende, maar altijd vanuit de verzuiling een pluriforme publieke omroep heeft gehad. Dit leidde tot grote concurrentie en pluriformiteit in soorten programma’s (C.M. Abrahamse en C.
Cabout 1995, Paul Romer in Schavemaker 2018)2. Figuur 5.3: Omroepbudget als percentage van het bruto binnenlands product in 2014.
2
Met dank aan de heer W. Dral van de Hilversumse Historische Vereniging Albertus Perk voor het ter beschikking stellen van literatuur.
52
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek Bron: NRC Handelsblad, 2 maart 2018, op basis van European Broadcasting Union
De concurrentie om de gunst van de kijker is daarom altijd groot geweest en ook hebben creatieve tv-makers verschillende kanalen om een televisie-idee op televisie te krijgen. Dat zorgde continu en structureel voor concurrentie en marktwerking. Deze concurrentie kreeg zijn beslag op meer terreinen: de hoge architectonische kwaliteit van de meerderheid van omroeppanden en de hoge kwaliteit van de verschillende radio-orkesten. Het Radio Symphonie Orkest en het Metropole Orkest is internationaal zeer goed aangeschreven en Rogier van Otterloo is legendarisch. Nieuwe bedrijvigheid in Hilversum op gebied van media en ICT Per saldo blijft de groei van de creatieve industrie en ICT achter in Hilversum. Dat betekent niet dat er geen vernieuwing plaatsvindt in de economie van Hilversum en in het media en ICT cluster. Deze vernieuwing vindt plaats bij de bestaande bedrijven die bezig zijn met hun crossmedia strategie om zich aan te passen in het snel veranderende medialandschap onder invloed van de digitalisering. In Hilversum ontstaat nieuwe succesvolle bedrijvigheid en is er een gezonde dynamiek voor ondernemerschap in de sector. Zo staan in de Top 250 groeibedrijven van 2018 drie Hilversumse bedrijven: Ngage Media, Blue Billywig en Arrange Groep.
De eerste twee zijn goede voorbeelden van bedrijven die met vernieuwende producten inspelen op de groeiende online vraag naar bewegend beeld. Daarnaast is MediaMonks een van de digitale bureaus die het succes van de Dutch Digital Agencies draagt. Ook in de Award winnende bedrijven van recente jaren is Media en ICT sterk vertegenwoordigd. XebiaLabs haalde deze winter nog het nieuws met het binnenhalen van een financiering van 100 miljoen dollar voor hun bedrijfsuitbouw in de VS. Ondanks de lage groei van creatieve industrie en ICT in Hilversum is er een gezonde bedrijvendynamiek en zijn er (zeer) succesvolle bedrijven in deze sectoren aanwezig (zie figuur 5.4). Figuur 5.4 Awardwinnende bedrijven in Hilversum 2014-2017
Bron: Economic Board Utrecht
53
De flexibele kracht van de Verhalenfabriek
5.3 Rol Hilversum en het Media Park in Media Valley Hilversum is op radio en televisiegebied het centrum van Nederland. Met Amsterdam vormt het het mediacluster van Nederland. Als de online en digitale media technologieën meegerekend worden, dan verliest Hilversum de dominante positie, dan wel het begin van een diversificatiestrategie. In de waardeketen van mediaproducten is er altijd een machtsstrijd tussen contentmakers en distributie. Waar tien jaar geleden de telecom- en kabelbedrijven bovenliggende partij waren, zien we nu dat content een steeds belangrijkere schakel wordt. De producenten van content verschuiven de laatste jaren hun activiteiten meer naar Amsterdam. Jonge creatievelingen wonen graag in een hoogstedelijk woonmilieu en ook internationale makers wonen graag in een metropool met een open karakter. Digitale creatievelingen ontwikkelen steeds meer producten voor nieuwe online markten in het zogenaamde TMT (Telecom, media en tech) domein en groeit het aantal internationale opererende startupbedrijven hier sterk. Deze vestigen zich bij voorkeur in Amsterdam dat een internationale uitstraling, een aantrekkelijk woonklimaat heeft, en de noodzakelijke nabijheid tot andere bedrijven (kennis spill-over) biedt in een dynamische markt. Het mediacluster in Hilversum heeft een belangrijkere vragende functie voor digitale creatieve diensten in de Media Valley.
Hilversum creëert een hoogwaardige vraag naar digitale content in de Noordvleugel. Voor een deel wordt deze in Hilversum gerealiseerd; zo heeft elke omroep een digitale strategie en is bezig met innovatie. Innovatie in de mediasector verloopt hierbij niet via langdurige Research & Development trajecten, maar door middel van de realisatie van een continue stroom van vernieuwde producten en diensten. Deze komen voor een groot deel tot stand door samenwerking met creatieve bedrijven in de rest van Nederland, met name de mediamakers in Amsterdam. Belangrijke toeleveranciers voor Hilversumse bedrijven zijn in de ICT en creatieve industrie in de Media Valley te vinden. Zo schakelt bijvoorbeeld het Instituut voor Beeld en Geluid het Amsterdamse digitale internetbureau TamTam in voor het maken hun nieuwe website en hebben de digitale agencies Greenberry uit Utrecht en Elastique uit Hilversum samen een grote opdracht binnengehaald om een nieuwe app te ontwikkelen voor 600.000 internationale treinreizigers. Dit zien we ook terug in de regionale multiplier van de informatie en communicatie sector in de regio Gooi en Vechtstreek die ontwikkeld is in het kader van het MIRT onderzoek Oostkant Amsterdam (Ministerie van Infrastructuur en Milieu, 2016).
Een toename van de productiewaarde van de informatie en communicatie sector in Gooi en Vechtstreek van 1 euro leidt indirect bij toeleveranciers tot een toename van de productie in de hele economie van 59 eurocent. Van het indirecte effect is 43 procent afkomstig uit de eigen regio (tabel 5.6). Daarnaast wordt 28 procent ‘geimporteerd’ uit Groot-Amsterdam en 11 procent uit de provincie Utrecht. De sector is sterk verweven met de Groot Amsterdam (COROP 23, gemeente Amsterdam, Waterland, Regio Haarlemmermeer, Amstelveen en omgeving). Deze hoge regionale multiplier toont het cluster-effect aan en dat de Media Valley het relevante schaalniveau is. De economische effecten van het cluster doen zich op dat niveau voor. De relatie met Groot Amsterdam is daarbinnen relatief sterk. Het economisch gewicht van de provincie Utrecht is 60 procent van dat Groot Amsterdam. De indirecte effect dat in de provincie Utrecht landt door een besteding in Gooi en Vechtstreek van 1 euro in ICT bedraagt 0,06 cent, en dat van Groot Amsterdam 0,16 cent. Dat is bijna 2,7 keer groter.