CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Collegebrief inzake Eerste monitor RES Noord-Holland Zuid

GEMEENTERAAD 7 december 2022, gemeente HilversumBij agendapunt: Ingekomen stukken - Rubriek 012.939 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Percentage woningen voorzien van een geldig energielabel

20.000

Houtkachels woningen hern. Warmte

Aardgasverbruik Commerciële Dienstverlening

Verbruik stadswarmte woningen temperatuurgecorrigeerd (schatting)

Totaal aardgasverbruik woningen (temperatuurgecorrigeerd)

2018

2019

2020

2021

48%

52%

55%

62%

63%

100%

13% 90%

TJ

verhuur en oplevering worden gedaan, zitten dus niet in deze cijfers.

2017

Woningen met geldig energielabel A t/m A++++

80%

18%

23%

26%

29%

15% 15%

Woningen met geldig energielabel B

15%

70%

16% Woningen met geldig energielabel C

16% 60%

27% Woningen met geldig energielabel D

Verdubbeling in energielabel A ten opzichte van 2017

25% 24%

Woningen met geldig energielabel E

24% 40%

Woningen met geldig energielabel F

19% 17%

30%

16%

Woningen met geldig energielabel G 20%

13%

12%

11%

TJ

De labelklassen gaan van A tot en De figuur rechts toont het aandeel woningen met G, wat duidt op weinig of veel Warmtevraag per deelregio (2020) per energielabel. Tussen 2017 en 2021 nam besparingsmogelijkheden. 10 jaar nadat een 8.000 voor een woning is vastgesteld het aandeel woningen met energielabel A toe energielabel van 13% tot 29%. Daarmee is het de grootste komt het te vervallen. Na 10 jaar verdwijnt een 6.000 groep. In diezelfde periode is het aandeel van label dus uit de data. woningen met energielabels C tot G gedaald. 4.000 Het aandeel van woningen met energielabel B is nagenoeg constant gebleven.

27% 50%

10%

2.000

14%

13%

9%

9%

8%

7%

6%

5%

5%

5%

5%

5%

4%

5%

2017

2018

2019

2020

2021

0%

0 Kop van Noord-Holland

Regio Alkmaar

West-Friesland

Houtkachels woningen hern. Warmte

Aardgasverbruik Publieke Dienstverlening

Verbruik stadswarmte woningen temperatuurgecorrigeerd (schatting)

Aardgasverbruik Commerciële Dienstverlening

Jaar

Bron: Klimaatmonitor/CBS

Totaal aardgasverbruik woningen (temperatuurgecorrigeerd)

Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

54

551

Woningen – van het gas af

Woningen met/zonder gasaansluiting

100%

7%

7%

8%

9%

90%

Pe va

80%

Bijna een op de tien woningen heeft geen gasaansluiting In Noord-Holland Zuid heeft in 2020 circa negen procent van de woningen geen gasaansluiting. Dit is een toename ten opzichte van 2017 toen dit aandeel 7% was. Dit komt voornamelijk door nieuwbouwwoningen die zonder gasaansluiting worden gerealiseerd. Sinds 2019 is het aandeel nieuwbouwwoningen met een gasaansluiting gehalveerd. In 2021 zijn er 12.900 nieuwbouwwoningen zonder gasaansluiting gebouwd. Dit is circa 88% van de nieuwbouwwoningen in NoordHolland Zuid. Let wel: het gaat hier uitsluitend om nieuwbouwwoningen in het gebied van Liander.

70%

60% 50%

93%

93%

92%

91%

40%

Zie de website van Netbeheer Nederland voor een overzicht van de werkgebieden van de regionale netbeheerders.

30% 20%

W en

10% 0%

2017

2018

Woningen met gasaansluiting

2019

Woningen zonder gasaansluiting

W en

2020

W en

Bron: Klimaatmonitor/CBS

W en

Aandeel nieuwbouw aardgasvrij

W en 100%

14%

90%

W en

13%

25%

80%

W en

70% 60% 50% 40%

86%

87%

2020

2021

75%

30% 20% 10% 0%

2019

Woningen zonder gasaansluiting

Eerste RES-Monitor

Woningen met gasaansluiting

Bron: Dashboard Energietransitie provincie Noord-Holland

Noord-Holland Zuid

55

Woningen – stand van zaken TVW’s

Overzichtskaart T VW’s per gemeente

Bijna alle gemeenten hebben een TVW vastgesteld In bijna iedere gemeente in Noord-Holland Zuid is de transitievisie warmte (TVW) vastgesteld. Alleen in gemeente Aalsmeer loopt dit traject nog. In de TVW’s geven gemeenten richting aan de aanpak voor de warmtetransitie van de gebouwde omgeving. In het dataportaal van de provincie is de naastgelegen kaart terug te vinden. De website van het Servicepunt Duurzame Energie bevat meer informatie over de TVW’s.

Bron: Provincie Noord-Holland (15-9-2022)

Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

56

Woningen – kansrijke startbuurten TVW

Overzichtskaart kansrijke startbuurten NHZ

Kansrijke startbuurten in NoordHolland Zuid Uit de TVW’s is een aantal buurten en wijken naar voren gekomen als kansrijke startbuurt. De naastgelegen kaart geeft weer waar deze in Noord-Holland Zuid zijn gesitueerd. Voor deze buurten zijn kansen geïdentificeerd voor bijvoorbeeld een collectieve warmteoplossing of een individuele all electric oplossing. Daarnaast is er per buurt vastgesteld waar de focus ligt op het terugbrengen van de warmtevraag. Bij het dataportaal van de provincie Noord-Holland is meer verdieping op deze kaart te vinden. Bron: Provincie Noord-Holland (8-7-2022)

Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

57

Bijlagen

Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

58

Toelichting elektriciteit Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

59

Nadere uitleg bij berekeningen Grootschalige en duurzame opwekking van elektriciteit Voor de monitor is gerekend aan de duurzame opwekking van elektriciteit. Daarbij is conform de laatste uitgangspunten van het Nationaal Programma RES (Begrippenkader RES, februari 2022) de uitsplitsing gemaakt in windenergie en zonne-energie. Bij zonne-energie is gerekend aan de uitsplitsing van zon op grote daken, inclusief zon boven parkeerplaatsen en aan zon op veld, inclusief zon op water en langs infrastructuur.

Driedeling

Potentie

Conform het Begrippenkader RES is onderscheid gemaakt in: • Bestaande opwekking (wat wordt nu al duurzame opgewekt?), • Pijplijn (welke projecten worden de komende tijd gerealiseerd?), • Potentie (wat lijkt er mogelijk in de zoekgebieden v.d. RES?).

Voor de berekening van de potentie is de informatie uit de gebiedspaspoorten van de RES zoekgebieden en de informatie uit de RES 1.0 als basis gehanteerd. In gesprek met iedere deelregio is gekeken of de gegevens en aannames op basis van bovenstaande bronnen correct waren.

Vergelijking RES 1.0

Rekenen aan de potentie

In korte eerste conclusies worden de cijfers van vandaag de dag met de cijfers uit de RES 1.0 vergeleken om te kijken of er dingen veranderd zijn. Er wordt gekeken naar twee schaalniveaus; naar de RES-regio en naar de deelregio’s binnen de RES-regio.

De ‘potentie’ staat voor de potentiële duurzame elektriciteit die kan worden opgewekt in de zoekgebieden. Deze potentie is onderhevig aan veranderende inzichten en ontwikkelingen in bijvoorbeeld de hoeveelheid elektriciteit die per m2 zonnepaneel kan worden opgewekt. Op 28 februari 2022 bracht het Nationaal Programma RES nieuwe uitgangspunten uit voor het rekenen aan de potentie (Begrippenkader RES). Deze nieuwe uitgangspunten zijn meegenomen in de berekening van de potentie.

Bestaande duurzame opwekking en pijplijn Voor de bestaande duurzame opwekking van windenergie zijn de meest recente cijfers (juni 2022) van Windstats gebruikt. Hierin worden alle in bedrijf zijnde windturbines en hun productie bijgehouden. Voor de bestaande duurzame opwekking van zonne-energie zijn de meest recente cijfers (mei 2022) van het CBS gebruikt. Ook het CBS maakt de uitsplitsing naar zon op veld en zon op dak.

Eerste RES-Monitor

(zie vervolg op volgende pagina)

Noord-Holland Zuid

60

Rekenen aan de potentie De ‘potentie’ staat voor de potentiële duurzame elektriciteit die kan worden opgewekt in de zoekgebieden. Deze potentie is onderhevig aan veranderende inzichten en ontwikkelingen in bijvoorbeeld de hoeveelheid elektriciteit die per m2 zonnepaneel kan worden opgewekt. Op 28 februari 2022 bracht het Nationaal Programma RES nieuwe uitgangspunten uit voor het rekenen aan de potentie (Begrippenkader RES). Deze nieuwe uitgangspunten zijn meegenomen in de berekening van de potentie.

Er is op drie manieren aan de potentie gerekend: • Voor windenergie is gerekend met de aantallen turbines en vermogens van de turbines. Hierbij zijn de nieuwe vollasturen gebruikt zoals vastgelegd in het Begrippenkader RES. • Voor zon op grote daken is met de vanuit de RES 1.0 bekende oppervlakten groot dak en de nieuwe uitgangspunten van het Begrippenkader RES een nieuwe energetische potentie uitgerekend (in GWh). • Voor zoekgebieden zon op veld of water is de energetische potentie van de RES 1.0 als uitgangspunt genomen en is vervolgens de indicatieve oppervlakte zon binnen het zoekgebied met de nieuwe uitgangspunten van het Begrippenkader RES uitgerekend (in hectares).

Veranderingen van de potentie ten opzichte van de RES 1.0 zijn dus het gevolg van veranderingen in de technische uitgangspunten achter de potentie (bijv. in vollasturen of de elektriciteitsopwekking per m2 zonnepaneel) en zijn niet het gevolg van veranderingen aan het zoekgebied zelf.

Regionaal bod Belangrijk is dat het regionaal bod uit de RES 1.0 een gegeven is, dat niet zomaar wijzigt als de potentie omhoog of omlaag gaat. Het is immers bestuurlijk vastgesteld en kan niet zomaar worden bijgesteld. Meer potentie (in vergelijking met bijvoorbeeld de RES 1.0) betekent dus vooral meer mogelijkheden om tot het regionale bod te komen.

Bij het rekenen is steeds rekening gehouden met het percentage realisatie dat elke deelregio realistisch acht, conform de RES 1.0.

Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

61

Nadere uitleg bij verbruik en groei aandeel zon op dak Elektriciteitsverbruik In de monitor is ook het elektriciteitsverbruik van de afgelopen jaren opgenomen. Hoewel verbruik geen onderdeel is van de RES is er in het Uitvoeringsprogramma door de regio gekozen om de elektriciteitsvraag onderdeel te maken van de monitor. Omdat het voorspellen van de elektriciteitsvraag zeer complex en onzeker is, zeker in deze tijden, is er gekozen om inzicht te geven in de ontwikkeling van het elektriciteitsverbruik. Er is daarbij gekozen voor de cijfers van het elektriciteitsverbruik van de ‘Gebouwde Omgeving’. Dit komt namelijk overeen met de RES’en die voor de Gebouwde Omgeving naar duurzame elektriciteitsopwekking kijken. Er is gebruik gemaakt van data uit de Klimaatmonitor (die door achterliggende data van het CBS wordt

gevoed). Kanttekening is dat de opwekking niet één op één gaat matchen met het huidige verbruik, dus dat de cijfers los van elkaar moeten worden gelezen. Voor sommige gemeenten, deelregio’s of RES-regio’s worden deze cijfers niet of met vertraging openbaar gemaakt. Dit maakt dat er voor enkele deelregio’s of RES-regio’s een incompleet beeld is van de ontwikkeling van het elektriciteitsverbruik. Het ontbreken van data komt veelal voor als de cijfers indirect inzicht zouden verschaffen in het verbruik van één of enkele grootverbruikers die in de gemeente of deelregio zijn gevestigd.

Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

62

Toelichting elektriciteitsinfrastructuur Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

63

Aandachtspunten Resultaat is een momentopname

Voor de eenvoud wordt gesproken over het aansluiten van een zoekgebied. Hier wordt gedoeld op een energieproject (zon/wind) binnen het zoekgebied. Liander is in haar analyse uitgegaan dat het één ontwikkeling betreft, ter grootte van de door de regio opgegeven (max.) potentie van het zoekgebied.

De analyses in deze monitor zijn in mei 2022 uitgevoerd door Liander. De resultaten per regio betreffen een momentopname en geven een globaal inzicht in de mogelijkheden en/of de indicatieve werkzaamheden aan de elektriciteitsinfrastructuur die alvorens realisatie van een zoekgebied benodigd zijn. Energieprojecten inpassen in elektriciteitsinfrastructuur is complex en van veel factoren afhankelijk waardoor er in het huidige stadium, waarbij er vaak nog onduidelijkheid is over de exacte invulling van zoekgebieden, geen sluitende analyse kan worden gegeven. Deze resultaten zijn dan ook bedoeld om globaal inzicht te geven over de termijnen van uitvoerbaarheid van een RES-zoekgebied. Daarnaast kunnen opwekontwikkelingen in de regio die buiten een vastgesteld zoekgebied worden ontwikkeld van invloed zijn op de infrastructurele haalbaarheid / tijdslijnen van de zoekgebieden zoals vastgesteld in de RES 1.0.

Concretiseren van zoekgebieden en randvoorwaarden heeft effect op resultaten De inzichten zijn opgesteld aan de hand van de door de regio vastgestelde opwekvermogens (in de RES 1.0). Gezien dit (overwegend) de maximale opwekpotentie betreft van een zoekgebied, is het goed om te beseffen dat het bijstellen van de opwekvermogens, of het zoekgebied opdelen in meerdere projecten van invloed is op de resultaten. Aanpassen van vermogens in een zoekgebied kan dus leiden tot een ander inzicht vanuit de elektriciteitsinfrastructuur. Ook systeemefficiënte-maatregelen (vraag/ aanbod combineren, cable pooling (zon en wind op een aansluiting), clusteren zon/ wind-opwekking etc.) toepassen biedt kansen. Dit kan de haalbaarheid vergroten, de kosten verlagen en ervoor zorgen dat er minder (openbare) ruimte nodig is voor infrastructurele uitbreidingen. Bij het verder concretiseren van een zoekgebied, zal voor een verfijnd inzicht op elektriciteitsinfrastructuur altijd met de netbeheerder de (on)mogelijkheden moeten worden besproken. Daarnaast zijn voor het behalen van de genoemde indicatieve doorlooptijden naast de netbeheerder ook overheden/gemeenten aan zet. Enerzijds

Eerste RES-Monitor

in het concretiseren van de zoekgebieden en anderzijds in het efficiënt doorlopen van processtappen. Het doorlopen van soepele procedurele (vergunning-)trajecten en het verkrijgen van openbare ruimte is essentieel om de elektriciteitsinfrastructuur zo snel als mogelijk te kunnen uitbreiden.

Zon op grote daken niet in analyse In de huidige analyse van Liander is zon op dak (nog) niet meegenomen. Reden hiervoor is dat de meeste zon op dak projecten direct worden aangesloten op het laagspanningsof het middenspanningsnet. De complexiteit daarbij is dat het vaak nog onduidelijk is waar (op welke gebouwen) en hoeveel vermogen er zal worden aangesloten. Daarnaast gebeurt er op dit moment veel met betrekking tot teruglevering op dit niveau. Dit leidt ertoe dat huidige inzichten snel verouderen. Een inzicht van vandaag kan morgen alweer anders zijn omdat bijvoorbeeld op een dak ernaast zonnepanelen neergelegd zijn. Voor de volgende monitor probeert Liander meer inzicht te geven in zon op dak. Op projectniveau zal bij concretisering van het zoekgebied altijd een specifieke quickscan moeten worden aangevraagd bij de netbeheerder om de haalbaarheid te toetsen.

Noord-Holland Zuid

64

Kansen en knelpunten per deelregio

De grote hoeveelheid extra capaciteit die de afgelopen jaren is aangevraagd, heeft er toe geleid dat delen van het elektriciteitsnet vol zijn voor levering en/of teruglevering (drukte op het elektriciteitsnet). We spreken dan van een capaciteitsknelpunt. Het elektriciteitsnet moet uitgebreid worden om extra vermogen (capaciteit) te kunnen verwerken.

Knelpunten en kansen in beeld Per zoekgebied is gekeken of capaciteit beschikbaar is, velden (“stopcontacten”) beschikbaar zijn en of er kansen zijn voor systeemefficiëntie. Dit wordt aangegeven met gekleurde vormen achter het zoekgebied. Een groene rechthoek geeft aan dat er momenteel geen knelpunt is, een rode cirkel geeft aan dat er momenteel wel een knelpunt is en een oranje driehoek geeft aan dat er deels een knelpunt is. Oftewel, er is op dit moment een knelpunt maar door aanpassingen aan het zoekgebied zou dit (deels) opgelost kunnen worden.

Knelpunt capaciteit De economie van Nederland groeit door en de energietransitie versnelt verder. De toename van de vraag naar elektriciteit en de snelle opkomst van duurzame energie zorgen ervoor dat het druk is op het elektriciteitsnet.

Knelpunt velden Een elektriciteitsstation is een essentiële schakel in het elektriciteitsnet die verbinding maakt tussen twee of meer elektriciteitsnetten en het aansluitpunt vormt voor grote stroomvragers of opwekkers door middel van velden (zgn. ‘stopcontacten’). Een elektriciteitsstation is uitgerust met een bepaald aantal velden. Doordat er de afgelopen jaren steeds meer grote elektriciteitsvragers en -opwekkers zijn bijgekomen is het aantal vrije velden op elektriciteitsstations beperkt en in sommige gevallen zelfs uitgeput. In het laatste geval zullen eerst velden op het elektriciteitsstation moeten worden bijgebouwd. De complexiteit hierbij is dat de ruimte op een elektriciteitsstation beperkt is en velden forse afmetingen kennen waardoor dit niet zomaar kan worden ingepast.

Eerste RES-Monitor

Kansen voor systeemefficiëntie Als laatste is per zoekgebied een inschatting gemaakt of er kansen zijn voor systeemefficiëntie (bijv. beter benutten van restcapaciteit op bestaande netten, energievraag- en aanbod combineren en clusteren van duurzame opwekprojecten). Een vinkje geeft aan dat er kansen zijn. Bij een leeg veld zijn er vooralsnog geen kansen geïdentificeerd, dat wil nog niet zeggen dat ze er niet zijn. Dit vergt nader onderzoek. Voor meer informatie over systeemefficiëntie zie de website van Netbeheer Nederland.

Noord-Holland Zuid

65

Mogelijke aansluitperiode per deelregio Volgordelijkheid aansluiten zoekgebieden in drie perioden De analyse richt zich op drie perioden. Zoekgebieden die op dit moment al aangesloten kunnen worden, zoekgebieden die naar verwachting tussen 2023 en 2027 kunnen worden aangesloten en zoekgebieden die naar verwachting tussen 2027 en 2030 kunnen worden aangesloten.

een bestaand elektriciteitsstation of het toevoegen van velden (“stopcontanten”) aan een elektriciteitsstation neemt gemiddeld 2 tot 5 jaar in beslag. Indien er op dit moment geen capaciteit beschikbaar is of te weinig velden beschikbaar zijn, is dit knelpunt naar verwachting in de periode 2023 tot en met 2027 opgelost. Het bouwen van een nieuw elektriciteitsstation neemt gemiddeld 6 tot 10 jaar in beslag. Zoals eerder benoemd zijn voor het behalen van de genoemde indicatieve doorlooptijden naast de netbeheerder ook overheden/ gemeenten aan zet.

Deze perioden zijn gekoppeld aan de verwachte tijd die de netbeheerder nodig heeft om de benodigde werkzaamheden te realiseren.

Werkzaamheden Liander De verwachte periode waarin een aansluiting op het elektriciteitsnet mogelijk is hangt samen met de doorlooptijd van werkzaamheden van de netbeheerder. Het uitbreiden van

Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

66

Toelichting warmte Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

67

Toelichting opbouw warmtevraag Klimaat- en energieverkenning (KEV) 2022 Voor een nadere toelichting op de trends in warmtevraag verwijzen we naar het KEVrapport dat in oktober 2022 uitkomt. De KEV 2021 is online in te zien.

Verbruik hernieuwbare warmte gebouwde omgeving ontbreekt Een component die in deze warmtevraag ontbreekt is het verbruik van hernieuwbare warmte specifiek binnen de gebouwde omgeving. Het totaalverbruik van hernieuwbare warmte per regio is wel bekend, dit omvat echter ook de landbouw en industriesector. Met het oog op de ontwikkelingen in hernieuwbaar warmteaanbod is het van belang om een beter beeld te krijgen van hernieuwbaar warmteverbruik binnen de gebouwde omgeving.

Opbouw van warmtevraag Het warmtevraag cijfer van de gebouwde omgeving is opgebouwd uit drie elementen. De belangrijkste component hiervan is het aardgasverbruik van de gebouwde omgeving. Hieronder valt het gasverbruik van woningen, de publieke dienstensector en de commerciële dienstensector. De twee aanvullende componenten zijn schattingen van het warmteverbruik van woningen op stadswarmte en het warmteverbruik van woningen op houtkachels.

Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

68

Bronnen

Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

69

Elektriciteit • Bestaande opwekking - Wind: Windstats, peildatum: 16 juni 2022, voor Amsterdam: 15 september 2022

Elektriciteitsinfrastructuur - Voor berekening van de potentie is gerekend conform de uitgangspunten van het Programma RES, maart 2022. Voor Amsterdam

31 mei 2022, voor Amsterdam zijn gegevens van

zijn gegevens van de deelregio gebruikt van Q2

de deelregio gebruikt van Q2 2022.

2022. - Voor de berekening van de potentie is tevens gerekend met de deelregionale uitgangspunten

data beschikbaar over de bestaande duurzame

van de RES 1.0 ten aanzien van realisatiegraad van

opwekking bij het CBS.

zoekgebieden tot 2030.

- Wind: Provincie Noord-Holland, peildatum: 16 juni 2022 - Zon (zowel op daken als op veld): RVO (obv.

Proces - De status van de zoekgebieden is afgeleid uit

Zaanstreek/Waterland is geen of onvolledige

• Pijplijn

1.0

‘Begrippenkader RES’ van het Nationaal

- Zon (zowel op daken als op veld): CBS, peildatum:

- Voor de deelregio’s Gooi & Vechtstreek en

- Analyse Liander o.b.v. potentie zoekgebieden RES

• Elektriciteitsverbruik - Klimaatmonitor, peildatum 3 augustus 2022 - Voor de deelregio’s Kop van Noord-Holland, Amstelland, IJmond & Zuid-Kennemerland en

beschikte SDE-subsidie) peildatum: 19 mei 2022.

voor de RES-regio Noord-Holland Noord is niet

Voor Amsterdam zijn gegevens van de deelregio

alle data tussen 2018 en 2020 ontsloten.

de Gebiedspaspoorten RES zoekgebieden (incl. check met deelregio’s).

Warmte • Warmtevraag - Klimaatmonitor, peildatum 17 augustus 2022

• Warmteaanbod en warmtenetten - Warmtedataregister, peildatum 8 juli 2022

• Woningen - Hoofdverwarmingsinstallatie: klimaatmonitor,

gebruikt van Q2 2022. - Pijplijn wordt ‘gewogen’ meegenomen om

peildatum 11 juli 2022

rekening te houden met projecten die niet

- Energielabels: Klimaatmonitor en VNG, peildatum 11 juli 2022

worden gerealiseerd. Wind telt voor 99% mee, zon

- Gasloos: Klimaatmonitor, peildatum 11 juli 2022.

voor 60% (conform methodiek RES 1.0)

• Potentie

Dashboard Energietransitie NH, peildatum

- Wind en zon op veld: Gebiedspaspoorten

september 2022.

• TVW en Startbuurten

RES zoekgebieden & RES 1.0 (incl. check met

- Provincie Noord-Holland: 8 juli 2022

deelregio’s), peildatum: 15 juni 2022 - Zon op daken: RES 1.0 (incl. achterliggende data), 2 april 2021

Eerste RES-Monitor

Noord-Holland Zuid

70

Verantwoording Deze RES-monitor geeft inzicht in de groei van zonneen windenergie op land, de mogelijkheden op het elektriciteitsnet en de ontwikkelingen in warmtevraag en -aanbod. In de monitor staan naast de cijfers van de energieregio Noord-Holland Zuid ook de cijfers van de deelregio’s. De RES-monitor is gebaseerd op reeds beschikbare informatie. De belangrijkste bronnen zijn de gebiedspaspoorten (RES-viewer), de Klimaatmonitor en het Warmtedataregister. Voor informatie over de elektriciteitsinfrastructuur is samengewerkt met de netbeheerder (Liander).

Colofon Redactionele en tekstuele ondersteuning: Decisio Design: Beautiful Minds Meer informatie is te vinden op www.energieregiohn.nl

Oktober 2022

Eerste RES-Monitor

Disclaimer copyright De samenstellers van dit document hebben datgene gedaan wat redelijkerwijs van hen kan worden gevergd om de rechten van de auteursrechthebbende op de beelden te regelen volgens de wettelijke bepalingen. Degenen die menen rechten te kunnen doen gelden, kunnen zich alsnog tot de samenstellers van het uitvoeringsprogramma wenden. Graag nemen wij dan de juiste bronvermelding op en zullen op verzoek zo snel mogelijk informatie en beeldmateriaal verwijderen indien daarvoor gegronde redenen bestaan. Disclaimer inhoud De inhoud hiervan is met de grootst mogelijke zorgvuldigheid samengesteld. Aan de inhoud van dit document kunnen geen rechten worden ontleend. De programmaorganisatie kan niet aansprakelijk worden gesteld voor schade die voortkomt uit informatie in dit document.

Noord-Holland Zuid

71

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=235ef31a-c1e5-48cf-bc00-be68a7e02c26