CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Chw bestemmingsplan Philipshof_Bijlage bij de toelichting - deel 1 (toegevoegd 20 juni 2024)

GEMEENTERAAD 10 juli 2024, gemeente HilversumBij agendapunt: Vaststelling Chw bestemmingsplan en beeldkwaliteitplan Philipshof (1422194)32.552 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

Chw bestemmingsplan Philipshof

Gemeente Hilversum Afdeling Beleidsontw ikkeling, team Advies

Inhoudsopgave

Bijlage bij de toelichting

3

Bijlage 1

Memo parkeren en verkeer

4

Bijlage 2

Luchtkwaliteit

16

Bijlage 3

Akoestisch onderzoek

20

Bijlage 4

Stikstofdepositie

224

Bijlage 5

Flora en faunaonderzoek

251

Bijlage 6

Memo archeologie

298

Bijlage 7

Watertoets

311

Bijlage 8

Externe veiligheid

357

Bijlage 9

Aanmeldingsnotitie vormvrije m.e.r.

372

Bijlage 10

Inloopavonden januari 2019/september 2023

390

Bijlage 11

Verkennend bodemonderzoek

420

Bijlage 12

Aanvullend bodemonderzoek

514

Bijlage 13

Nader bodemonderzoek

558

Bijlage 14

PFAS onderzoek

573

Bijlage 15

Ontwerp Beeldkwaliteitplan

655

Bijlage 16

Besluit hogere grenswaarden geluid

732

vastgesteld bestemmingsplan Chw bestemmingsplan Philipshof team Advies

2

Bijlage bij de toelichting

vastgesteld bestemmingsplan Chw bestemmingsplan Philipshof team Advies

3

Bijlage 1 M emo parkeren en verkeer

vastgesteld bestemmingsplan Chw bestemmingsplan Philipshof team Advies

4

Memo

referentienummer 0472462.100 datum 15 november 2023 aan Job Van Schuppen Jip Sol van Jurre de Vries kopie Michiel Evers projectnummer 0472462.100 project BP Philipsterrein 2021 betreft Verkeer- en parkeeronderzoek

1.

Inleiding Philipshof Residences B.V. is voornemens woningen te realiseren op het voormalig terrein van Philips Telecommunicatie aan de Anton Philipsweg in Hilversum-Oost. Voor deze beoogde herontwikkeling zal een ruimtelijke procedure moeten worden doorlopen. Een nieuw bestemmingsplan is noodzakelijk voor een bouwtitel. Philipshof Residences B.V. heeft Antea Group verzocht om de benodigde onderzoeken, waaronder een verkeer- en parkeeronderzoek, ten behoeve van het doorlopen van de bestemmingsplanprocedure uit te voeren. Deze memo betreft de verkeersanalyse. In deze verkeersanalyse wordt voor elk deelgebied zowel de parkeerbalans van de locatie opgemaakt als de verwachte verkeersgeneratie berekent. Daarnaast wordt de verkeersafwikkeling op basis van de voorgenomen planontwikkeling getoetst.

1.1

Beschrijving locatie De woningbouwlocatie ligt in Hilversum-Oost, ten noorden van aan de Anthony Fokkerweg en ten oosten van de Kamerlingh Onnesweg. Op het terrein staan nu meerdere kantoorgebouwen, bestaande uit circa 21.000 m² bvo. In Figuur 1 is de begrenzing van het plangebied weergegeven. Het definitieve bouwplan van de ontwikkeling is gevisualiseerd in Figuur 2.

Figuur 1 Voorliggende ontwikkellocatie

Antea Nederland B.V. - statutaire zetel Heerenveen - handelsregister 29021830 - BTW nr. NL003662317B01 vestigingen in Heerenveen, Schoonebeek, Deventer, Almere, Capelle aan den IJssel, Goes, Oosterhout en Maastricht

blad 1 van 11

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Verkeer- en parkeeronderzoek

1.2

Beschrijving bouwplan Het planvoornemen, in Figuur 2 weergegeven, betreft de ontwikkeling van minimaal 240 en maximaal 260 woningen. In het huidige bouwplan wordt uitgegaan van 260 woningen. Deze woningen worden verdeeld over het plangebied in drie deelgebieden: • Deelgebied 1 (het oostelijke gedeelte): 70 twee-onder-een-kapwoningen. • Deelgebied 2 (het noordelijke deel): 24 rijwoningen (middelduur hoog/duur), 7 appartementen (middelduur) en 10 dure huur appartementen. • Deelgebied 3 (het zuidelijke deel): 80 sociale huurappartementen, 69 appartementen (middelduur laag/hoog). Het woningbouwprogramma van de ontwikkeling van het Philipsterrein in Hilversum is in Tabel 1 weergegeven. Deelgebied Deelgebied 1 Totaal deelgebied 1 Deelgebied 2

Woningtype Twee-onder-een-kapwoningen

Omvang (GBO) > 125 m²

Eengezinswoningen Middeldure huurappartementen1 Dure huurappartementen Dure huurappartementen2

100 tot 125 m² 75 tot 100 m² 75 tot 100 m² 100 tot 125 m²

Sociale huurappartementen Middeldure huurappartementen Middeldure huurappartementen

tot 50 m² 50 tot 75 m² 75 tot 100 m²

Totaal deelgebied 2 Deelgebied 3 Totaal deelgebied 3 Totaal Philipsterrein

Aantal woningen 70 70 24 7 6 4 41 80 50 19 149 260

Tabel 1 Woningbouwprogramma Philipsterrein

Figuur 2 Verdeling woningprogramma Philipsterrein

1

Dure huurappartementen worden verhuurd voor een bedrag hoger dan € 1.100, - per maand

2

Middeldure huurappartementen worden verhuurd voor een bedrag tussen de liberalisatiegrens (2023: € 808,06) en € 1.100, - per maand

blad 2 van 11

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Verkeer- en parkeeronderzoek

2.

Parkeerbalans De parkeernormen van gemeente Hilversum zijn onlangs aangepast in de ‘Nota parkeernormen 2023’. Door de wijziging gelden er nieuwe uitgangspunt voor het berekenen van de verwachte parkeerbehoefte. De vernieuwde gemeentelijke parkeernormen zijn nog niet officieel vastgesteld door de gemeenteraad, dit staat op de agenda. Echter, het is aannemelijk dat zij worden vastgesteld, waardoor zij in deze memo het uitgangspunt vormen voor de berekening van de parkeerbehoefte. De parkeernormen zijn onderverdeeld in 4 verschillende zones. De zones van Hilversum worden weergegeven in Figuur 3. Op basis van de Notitie Parkeernormen 2023 is het Philipsterrein gesitueerd in zone ‘rest bebouwde kom’.

Plangebied

Figuur 3 Gebiedsindeling parkeernormen gemeente Hilversum 2023

2.1

Toekomstige parkeerbehoefte Voor het berekenen van de parkeerbehoefte wordt uitgegaan van het maximaal aantal van 260 woningen. De 260 woningen worden onderverdeeld in drie deelgebieden, zie paragraaf 1.2. Voor elk deelgebied wordt de parkeervraag afzonderlijk berekend. In Figuur 4 is zijn aantal parkeerplaatsen van zowel de (half verdiepte) parkeergarage als de parkeerplaatsen in de openbare ruimte weergegeven.

blad 3 van 11

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Verkeer- en parkeeronderzoek

Figuur 4 Bouwplan en te realiseren parkeerplaatsen

2.1.1

Deelgebied 1 In Tabel 2 is de parkeerbehoefte van deelgebied 1 weergeven. De parkeernorm voor twee-onder-eenkapwoningen bedraagt 1,7 per woning op basis van de Nota Parkeernormen. Het aandeel bezoekersparkeren bedraagt 0,1 parkeerplaats per woning. Deelgebied 1 bestaat uit 70 twee-onder-één-kapwoningen, wat resulteert in een parkeerbehoefte van 126 parkeerplaatsen. Woningtype deelgebied 1

Aantal

P-norm bewoners

P-norm bezoekers

Parkeerbehoefte

70

1,7

0,1

126

koop, huis, twee-onder-eenkap Totaal

70

126

Tabel 2 Parkeerbehoefte deelgebied 1

In het bouwplan is opgenomen dat alle twee-onder-een-kapwoningen van één parkeerplaats op eigen terrein, middels één oprit en/of garage per woning, worden voorzien. Uitgegaan wordt dat alle bewoners gebruik maken van hun oprit. Hiermee bedraagt de parkeerbehoefte voor de openbare ruimte 0,8 parkeerplaats per woning, te weten 56 parkeerplaatsen. Bij de ontwikkeling worden 56 openbare parkeerplaatsen gerealiseerd. Dit betekent dat parkeerbehoefte van deelgebied 1 gelijk is aan het aantal parkeerplaatsen dat wordt gerealiseerd. Naar verwachting ontstaan er geen knelpunten op het gebied van parkeren. Parkeervoorzieningen Enkele oprit met berging Parkeren openbaar gebied Totaal

Aantal 70 56 126

Tabel 3 Parkeervoorzieningen deelgebied 1

blad 4 van 11

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Verkeer- en parkeeronderzoek

2.1.2

Deelgebied 2 Deelgebied 2 bestaat uit 24 ééngezinswoningen, 7 middeldure huurappartementen en 10 dure huurappartementen. De parkeernormen bedragen respectievelijk 1,5, 1,4 en 1,0 parkeerplaatsen per woning. Ook hier geldt een bezoekersaandeel van 0,1 parkeerplaats per woning. Dit leidt op basis van de gemeentelijke normen tot een parkeerbehoefte van 61,1 parkeerplaatsen, zie Tabel 4. Woningtype deelgebied 2 huur, huis, vrije sector huur, appartement, duur huur, appartement, middengoedkoop (incl. sociale huur) Totaal

Aantal 24 10

P-norm bewoners 1,5 1,4

P-norm bezoekers 0,1 0,1

Parkeerbehoefte 38,4 15

7

1,0

0,1

7,7

41

61

Tabel 4 Parkeerbehoefte deelgebied 2 Philipsterrein

Uitgangspunt bij deelgebied 2 is dat bewoners van de appartementen ondergronds parkeren, in combinatie met half verdiept parkeren. Zowel de bezoekers als de bewoners van de rijwoningen parkeren op het maaiveld. Deelgebied 2 voorziet in 20 half-verdiepte parkeerplaatsen en 39 parkeerplaatsen in de openbare ruimte. In totaal worden 59 parkeerplaatsen gerealiseerd, waar de parkeerbehoefte 58,3 parkeerplaatsen bedraagt. Hiermee ontstaat voor deelgebied 2 een overcapaciteit van 0,7 parkeerplaats. Parkeervoorzieningen Parkeren in de (half verdiepte) parkeergarage Parkeren openbaar gebied Totaal

Aantal 20 39 59

Tabel 5 Parkeervoorzieningen deelgebied 2

2.1.3

Deelgebied 3 Deelgebied 3 bestaat uit 80 sociale huurappartementen en 69 middeldure huurappartementen. De parkeernorm bedraagt 0,6 parkeerplaatsen per woning voor de sociale huurappartementen en 1,0 per woning voor de 80 middeldure huurappartementen. Ook hier geldt een bezoekersaandeel van 0,1 parkeerplaats per woning. Dit leidt op basis van de gemeentelijke normen tot een parkeerbehoefte van 131,9 parkeerplaatsen, zie Tabel 6. Woningtype deelgebied 3 huur, appartement, middengoedkoop (incl. sociale huur) huur, appartement, middengoedkoop (incl. sociale huur) Totaal

Aantal

P-norm bewoners

P-norm bezoekers

Parkeerbehoefte

80

0,6

0,1

56

69

1,0

0,1

75,9

149

132

Tabel 6 Parkeerbehoefte deelgebied 3 Philipsterrein

Voor deelgebied 3 geldt dat bewoners van de appartementen ondergronds parkeren, gecombineerd met half verdiept parkeren. Het bezoekersparkeren vindt plaats op het maaiveld. In het bouwplan is opgenomen dat wordt voorzien in 92 half verdiepte parkeerplaatsen en 46 openbare parkeerplaatsen. Het totaal aantal parkeerplaatsen bedraagt 138, waar de parkeerbehoefte 132 bedraagt. Hiermee ontstaat voor deelgebied 3 een overcapaciteit van 6 parkeerplaatsen. Parkeervoorzieningen Aantal Parkeren in de (half verdiepte) 92 parkeergarage Parkeren openbaar gebied 46 Totaal 138 Tabel 7 Parkeervoorzieningen deelgebied 3

blad 5 van 11

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Verkeer- en parkeeronderzoek

2.2

Aanwezigheidspercentages Om de passende parkeervraag te bepalen wordt per deelgebied gekeken naar de aanwezigheidspercentages van bewoners en bezoekers. In Tabel 8 zijn de aanwezigheidspercentages van de verschillende functies opgenomen zoals ook beschreven in de Parkeernota van de gemeente. Deze zijn gebaseerd op de richtlijnen van het CROW. Functie Ochtend Woningen, bewoners Woningen, bezoekers

Werkdag Middag Avond

Nacht

Koopavond

Zaterdag Middag avond

Zondag middag

50%

50%

90%

100%

80%

60%

80%

70%

10%

20%

80%

0%

70%

60%

100%

70%

Tabel 8 Aanwezigheidspercentages doelgroepen

2.2.1

Deelgebied 1 In deelgebied 1 wordt elke twee-onder-een-kapwoning voorzien van één parkeerplek op eigen terrein. Op basis van parkeerbehoefte in Tabel 2 leidt dit tot een effectieve parkeervraag van 56 (126-70) parkeerplaatsen onderverdeeld in 49 parkeerplaatsen voor bewoners en 7 voor bezoekers. Echter, zijn niet alle bewoners en bezoekers op hetzelfde moment aanwezig. Tabel 9 toont de parkeerbehoefte in de toekomstige situatie, rekening houdend met dubbelgebruik van de parkeerplaatsen door de verschillende doelgroepen. Hieruit komt naar voren dat de werkdagavond het drukste moment is, waarop in de openbare ruimte 50 van de 56 parkeerplaatsen bezet zijn. Gecorrigeerd naar aanwezigheid leidt dit tot een overcapaciteit van 6 parkeerplaatsen voor deelgebied 1. Functie Ochtend Woningen, bewoners Woningen, bezoekers Totaal

Werkdag Middag Avond

Nacht

Koopavond

Zaterdag Middag avond

Zondag middag

25

25

44

49

39

29

39

34

1

1

6

0

5

4

7

5

26

26

50

49

44

33

46

39

Tabel 9 Parkeervraag deelgebied 1 op basis van aanwezigheidspercentages.

2.2.2

Deelgebied 2 Voor deelgebied 2 geldt dat elke woning in blok één parkeerplaats krijgt toegewezen. Aan de hand van de parkeerbehoefte in Tabel 4 resulteert dit in een effectieve parkeervraag van 41 (61-20) parkeerplaatsen, waarvan 37 parkeerplaatsen voor bewoners en 4 voor bezoekers zijn voorbestemd. Uiteraard zijn niet alle bewoners en bezoekers gelijktijdig aanwezig. Tabel 10 toont de parkeerbehoefte in de toekomstige situatie, rekening houdend met dubbelgebruik van de parkeerplaatsen door de verschillende doelgroepen. Hieruit blijkt dat de werkdagnacht het meest drukke moment betreft, waarop 37 van de 39 parkeerplaatsen in de openbare ruimte bezet zijn. Gecorrigeerd naar aanwezigheid zorgt het voor een overcapaciteit van 2 parkeerplaatsen in deelgebied 2. Functie Ochtend Woningen, bewoners Woningen, bezoekers Totaal

Werkdag Middag Avond

Nacht

Koopavond

Zaterdag Middag avond

Zondag middag

19

19

33

37

30

22

30

26

0

1

3

0

3

2

4

3

19

20

36

37

33

24

34

29

Tabel 10 Parkeervraag deelgebied 2 op basis van aanwezigheidspercentages.

2.2.3

Deelgebied 3 In deelgebied 3 krijgt elke woning in de blokken 3.1, 3.2 en 3.3 één parkeerplaats toegewezen. Tabel 6 geeft weer dat er een effectieve parkeervraag is van (132-92) 40 parkeerplaatsen, waarbij 25 parkeerplaatsen zijn bedoeld

blad 6 van 11

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Verkeer- en parkeeronderzoek

voor bewoners en 15 voor bezoekers. Ook in deelgebied 3 geldt dat niet alle bewoners en bezoekers gelijktijdig aanwezig zijn. Tabel 11 toont de parkeerbehoefte in de toekomstige situatie, rekening houdend met dubbelgebruik van de parkeerplaatsen door de verschillende doelgroepen. Hieruit komt naar voren dat de werkdagavond en zaterdagavond even druk zijn, waarop in de openbare ruimte 35 van de 46 parkeerplaatsen bezet zijn. Gecorrigeerd naar aanwezigheid resulteert dit in een overcapaciteit van 11 parkeerplaatsen voor deelgebied 3. Functie Ochtend Woningen, bewoners Woningen, bezoekers Totaal

Werkdag Middag Avond

Nacht

Koopavond

Zaterdag Middag avond

Zondag middag

13

13

23

25

20

15

20

18

2

3

12

0

11

9

15

11

15

16

35

25

31

24

35

29

Tabel 11 Parkeervraag deelgebied 3 op basis van aanwezigheidspercentages.

2.3

Conclusie parkeerbalans In totaal is de parkeerbehoefte van deelgebied 1 126 parkeerplaatsen, waar deelgebieden 2 en 3 een parkeerbehoefte van 61 en respectievelijk 132 parkeerplaatsen kennen. Corrigerend naar aanwezigheid leidt dit bij deelgebied 1 tot een effectieve parkeervraag van 50 parkeerplaatsen (werkdagavond), resulterend in een overcapaciteit van 6 parkeerplaatsen. Op basis van aanwezigheid geldt voor deelgebied 2 een effectieve parkeervraag van 37 parkeerplaatsen (werkdagnacht), met een overcapaciteit van 2 parkeerplaatsen. Deelgebied 3 kent na correctie van dubbelgebruik een parkeervraag van 35 parkeerplaatsen (werkdagavond en zaterdagavond), waardoor er een overcapaciteit van 11 parkeerplaatsen overblijft.

blad 7 van 11

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Verkeer- en parkeeronderzoek

3.

Verkeersgeneratie In de Nota Parkeernormen 2023 van de gemeente Hilversum zijn geen verkeersgeneratie normen opgenomen. Om deze reden is met behulp van CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren’ (2018) het aantal motorvoertuigbewegingen per etmaal bepaald. Als uitgangspunt is aangehouden dat Hilversum wordt gecategoriseerd als ‘sterk stedelijk’ en de ontwikkellocatie is gelegen in ‘rest bebouwde kom’. De functie van de bestaande bebouwing was ‘kantoor (zonder baliefunctie)’. De kantoren zijn echter al enkele jaren geleden gesloten. Om deze reden wordt enkel de verkeersgeneratie per deelgebied berekend voor de ontwikkeling.

3.1

Deelgebied 1 In Tabel 12 wordt de verkeersgeneratie van deelgebied 1 weergeven. Op basis van CROW-publicatie 381 ‘Toekomstbestendig parkeren’ (2018) bedraagt de minimale verkeergeneratie 518 voertuigbewegingen per weekdag, waar de maximale verkeersgeneratie 574 voertuigbewegingen per weekdag bedraagt. Om de verkeersgeneratie voor woningen per werkdag te berekenen moet het verkeersgeneratie met de factor 1,11 worden vermenigvuldigd. Voor deelgebied 1 bedraagt de maximale verkeersgeneratie 637 motorvoertuigbewegingen per werkdag. Woningtype koop, huis, twee-onder-eenkap Totaal

Aantal

Min. norm

Max. norm

Min. verkeersgeneratie

Max. verkeersgeneratie

70

7,4

8,2

518

574

518

574

70

Tabel 12 Maximale verkeersgeneratie deelgebied 1 per weekdag en werkdag

3.2

Deelgebied 2 In Tabel 13 wordt de verkeersgeneratie van deelgebied 2 weergeven. De minimale verkeergeneratie betreft 235 voertuigbewegingen per weekdag, waar de maximale verkeersgeneratie 268 voertuigbewegingen per weekdag bedraagt. Na vermenigvuldig met een factor van 1,11 bedraagt de maximale verkeersgeneratie van deelgebied 2 297 motorvoertuigbewegingen per werkdag. Woningtype huur, huis, vrije sector huur, appartement, duur huur, appartement, middengoedkoop (incl. sociale huur) Totaal

24 10

Min. norm 6,7 5,2

Max. norm 7,5 6,0

Min. verkeersgeneratie 160,8 52

Max. verkeersgeneratie 180 60

7

3,2

4,0

22,4

28

235,2

268

Aantal

41

Tabel 13 Maximale verkeersgeneratie deelgebied 2 per weekdag en werkdag

3.3

Deelgebied 3 In Tabel 14 wordt de verkeersgeneratie van deelgebied 3 weergeven. De minimale verkeergeneratie betreft 477 voertuigbewegingen per weekdag, waar de maximale verkeersgeneratie 596 voertuigbewegingen per weekdag bedraagt. Na vermenigvuldig met een factor van 1,11 bedraagt de maximale verkeersgeneratie van deelgebied 3 662 motorvoertuigbewegingen per werkdag. Woningtype huur, appartement, middengoedkoop (incl. sociale huur) Totaal

Aantal

Min. norm

Max. norm

Min. verkeersgeneratie

Max. verkeersgeneratie

149

3,2

4,0

477

596

477

596

149

Tabel 14 Maximale verkeersgeneratie deelgebied 3 per weekdag en werkdag

blad 8 van 11

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Verkeer- en parkeeronderzoek

3.4

Conclusie verkeersgeneratie Deelgebied 1 geneert in totaal maximaal 637 motorvoertuigen per werkdag. Waar deelgebied 2 maximaal 297 motorvoertuigen per werkdag genereert en deelgebied 3 een maximum van 662 motorvoertuigen per werkdag kent. In totaal genereren alle deelgebieden gezamenlijk (637+297+662) 1.596 motorvoertuigbewegingen per werkdag.

4.

Ontsluiting Het plangebied is gesitueerd in Hilversum-Oost. Het gemotoriseerde verkeer komend vanaf de ontwikkellocatie heeft een ontsluiting op de Kamerlingh Onnesweg in het westen en op de Anton Philipsweg in het zuiden (Figuur 5). De Anton Philipsweg in het plangebied is uitsluitend bedoeld voor bestemmingsverkeer en takt direct aan op de Kamerlingh Onnesweg. De Kamerlingh Onnesweg geldt als ontsluitingsroute naar de Rijkswegen A1 (noorden) en de A27 (zuiden). Het plangebied is voorzien van een knip voor gemotoriseerd verkeer tussen deelgebied 1 en de deelgebieden 2 en 3 (Figuur 6). Dit houdt in dat Anton Philipsweg gemotoriseerd verkeer van deelgebied 1 niet rechtstreeks naar deelgebied 2 of 3 kan rijden en andersom. Deelgebied 1 wordt ontsloten op de Anton Philipsweg. Dit betreft een worst-case scenario, aangezien het aannemelijk is dat een deel van het verkeer in de toekomst naar de verlegde weg over Anna’s Hoeve (richting de A1) gaat. Deelgebieden 2 en 3 ontsluiten beide op de Kamerlingh Onnesweg. Hiermee wordt de verkeersgeneratie van de ontwikkeling verspreid afgewikkeld. De Anton Philipsweg ontsluit Figuur 5 Routering van en naar plangebied echter direct op de Kamerlingh Onnesweg, waardoor het grootste gedeelte van al het verkeer uiteindelijk ontsluit via de Kamerlingh Onnesweg.

Figuur 6 Ontsluiting plangebied - auto

blad 9 van 11

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Verkeer- en parkeeronderzoek

4.1

Anton Philipsweg De Anton Philipsweg is gecategoriseerd als een erftoegangsweg met een maximumsnelheid van 30km/u. Een erftoegangsweg heeft als functie om de erven te ontsluiten en het gemotoriseerde verkeer te geleiden naar het hoger liggend wegennet. Vaak geldt een erftoegangsweg als verblijfsgebied en is er sprake van menging van verkeersstromen. Langzaam verkeer kan om deze reden gebruik maken van de Anton Philipsweg als ontsluiting. Zij delen hierbij de rijbaan met het gemotoriseerde verkeer. Een erftoegangsweg heeft over het algemeen een wegcapaciteit van 0 tot 5.000 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Uit het verkeersmodel blijkt dat de Anton Philipsweg in prognosejaar 2040 een etmaalintensiteit heeft van circa 1.300 voertuigenbewegingen. In Figuur 6 komt naar voren dat deelgebied 1 en deelgebieden 2 en 3 een afzonderlijke ontsluitingsroute hebben, door een knip in het plangebied. Dit betekent dat enkel deelgebied 1 ontsluit via de Anton Philipsweg. Het aantal motorvoertuigbewegingen neemt toe met 637 per etmaal en komt daarmee op 1.937 motorvoertuigbewegingen per etmaal. De intensiteiten blijven onder de grenswaarde van 5.000 motorvoertuitbewegingen per etmaal. Voor deze ontsluitingsweg zijn geen knelpunten op het gebied van de doorstroming te verwachten.

4.2

De Kamerlingh Onnesweg De Kamerlingh Onnesweg is gecategoriseerd als een gebiedsontsluitingsweg met een maximumsnelheid van 50km/u. Een gebiedsontsluitingsweg heeft als functie om het verkeer van en naar gebied te geleiden naar het bovenliggende wegennet en de Rijkswegen A1 en A27. De verkeersstromen op gebiedsontsluitingswegen worden vaak gescheiden waarbij fietsers een eigen infrastructuur hebben. De Kamerlingh Onnesweg functioneert als een ontsluitingsweg in de binnenste ring van Hilversum. Een gebiedsontsluitingsweg heeft een capaciteit van circa 5.000 tot 15.000 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Uit het verkeersmodel blijkt dat de Kamerlingh Onnesweg in prognosejaar 2040 een etmaalintensiteit heeft van circa 13.000. In Figuur 5 en Figuur 6 is te zien dat het goed mogelijk is dat alle deelgebieden zich over de Kamerlingh Onnesweg ontsluiten naar de A1 of A27. Gezamenlijk genereren alle deelgebieden maximaal 1.596 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Hiermee komt de etmaalintensiteiten van de Kamerlingh Onnesweg neer op 14.596 en blijft de intensiteit onder de grenswaarde van 15.000 motorvoertuitbewegingen per etmaal. Voor deze ontsluitingsweg kan in de spitsuren mogelijk beperkte congestie ontstaan, echter zijn er geen significante knelpunten op het gebied van doorstroming te verwachten.

Voor langzaam verkeer geldt dat zij gebruik kunnen maken van de vrijliggende fietspaden langs de Kamerlingh Onnesweg. Zij conflicteren hierbij niet met het gemotoriseerde verkeer. Bij het oversteken kunnen zij gebruik maken van een gefaseerde oversteek met een middeneiland. De oversteek wordt hiermee gemakkelijker en veiliger voor het langzame verkeer.

4.3

Conclusie verkeersafwikkeling Gezamenlijk genereren alle deelgebieden maximaal 1.596 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Door een knip (tussen deelgebied 1 en deelgebieden 2 en 3) ontsluit enkel deelgebied 1 rechtstreeks op de Anton Philipsweg. Daarmee neemt het aantal motorvoertuigbewegingen over de Anton Philipsweg toe met 637 per etmaal. Voor de Kamerling Onnesweg geldt een maximale toename van 1.596 motorvoertuigbewegingen per etmaal. Op basis van het verkeersmodel prognosejaar 2040 kan op de Kamerling Onnesweg in de spitsuren mogelijk beperkte congestie ontstaan, echter zijn er geen significante knelpunten op het gebied van doorstroming te verwachten. Langzaam verkeer kan bij de ontsluiting gebruik maken van de Anton Philipsweg en de vrijliggende fietspaden langs de Kamerling Onnesweg.

blad 10 van 11

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Verkeer- en parkeeronderzoek

5.

Conclusie In totaal is de parkeerbehoefte van deelgebied 1 126 parkeerplaatsen, waar deelgebieden 2 en 3 een parkeerbehoefte van 61 en respectievelijk 132 parkeerplaatsen kennen. Corrigerend naar aanwezigheid leidt dit bij deelgebied 1 tot een effectieve parkeervraag van 50 parkeerplaatsen (werkdagavond), resulterend in een overcapaciteit van 6 parkeerplaatsen. Op basis van aanwezigheid geldt voor deelgebied 2 een effectieve parkeervraag van 37 parkeerplaatsen (werkdagnacht), met een overcapaciteit van 2 parkeerplaatsen. Deelgebied 3 kent na correctie van dubbelgebruik een parkeervraag van 35 parkeerplaatsen (werkdagavond en zaterdagavond), waardoor er een overcapaciteit van 11 parkeerplaatsen overblijft. Deelgebied 1 geneert in totaal maximaal 637 motorvoertuigen per werkdag. Waar deelgebied 2 maximaal 297 motorvoertuigen per werkdag genereert en deelgebied 3 662 motorvoertuigen per werkdag kent. In totaal genereren alle deelgebieden gezamenlijk (637+297+662) 1.596 motorvoertuigbewegingen per werkdag. Door een knip (tussen deelgebied 1 en deelgebieden 2 en 3) ontsluit enkel deelgebied 1 rechtstreeks op de Anton Philipsweg. Daarmee neemt het aantal motorvoertuigbewegingen op de Anton Philipsweg toe met 637 per etmaal. Voor de Kamerling Onnesweg geldt het maximaal toename van 1.596 motorvoertuigbewegingen per etmaal.

De Anton Philipsweg heeft een directe aansluiting op de Kamerling Onnesweg als ontsluitingsroute naar de A1 en A27 toe. Op basis van het verkeersmodel prognosejaar 2040 kan op de Kamerling Onnesweg in de spitsuren mogelijk beperkte congestie ontstaan, echter zijn er geen significante knelpunten op het gebied van doorstroming te verwachten. Langzaam verkeer kan bij de ontsluiting gebruik maken van de Anton Philipsweg en de vrijliggende fietspaden langs de Kamerling Onnesweg.

blad 11 van 11

Bijlage 2 Luchtkwaliteit

vastgesteld bestemmingsplan Chw bestemmingsplan Philipshof team Advies

16

Memo

referentienummer datum aan van kopie projectnummer project betreft

Rev00 16 augustus 2023 Gemeente Hilversum Antea Group 0472462.100 Philipsterrein Hilversum Luchtkwaliteit

Inleiding Philipshof Residences B.V. is voornemens woningen te realiseren op het voormalig terrein van Philips Telecommunicatie aan de Anton Philipsweg in Hilversum-Oost. Voor deze beoogde herontwikkeling zal een ruimtelijke procedure moeten worden doorlopen. Een nieuw bestemmingsplan is noodzakelijk voor een bouwtitel. Deze memo betreft het onderzoek naar de effecten van het plan op de luchtkwaliteit. Beleid De belangrijkste wet- en regelgeving voor het milieuaspect luchtkwaliteit is vastgelegd in Titel 5.2 Luchtkwaliteitseisen van de Wet milieubeheer (Wm). In samenhang met Titel 5.2 zijn de grenswaarden voor luchtkwaliteit in bijlage 2 van de Wm opgenomen. In Titel 5.2 Wm is bepaald dat bestuursorganen een besluit, dat gevolgen kan hebben voor de luchtkwaliteit, kunnen nemen wanneer aannemelijk is dat aan één of meer van onderstaande grondslagen wordt voldaan: a. b. c. d.

Er wordt voldaan aan de in bijlage 2 van de Wm opgenomen grenswaarden; Het besluit leidt (per saldo) niet tot een verslechtering van de luchtkwaliteit; Het besluit draagt ‘niet in betekenende mate’ bij aan de jaargemiddelde concentraties stikstofdioxide (NO 2) en fijn stof (PM10); Het project is opgenomen in het Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit (ook wel NSL genoemd).

Bij Titel 5.2 Wm horen uitvoeringsregels die zijn vastgelegd in Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB’s) en ministeriële regelingen. Het gaat daarbij onder andere om het Besluit en de Regeling niet in betekenende mate bijdragen, de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007 en het Besluit gevoelige bestemmingen. Grenswaarden De (Europese) grenswaarden voor de concentraties van luchtverontreinigende stoffen in de buitenlucht zijn vastgelegd in bijlage 2 van de Wet milieubeheer. Deze grenswaarden zijn gericht op de bescherming van de gezondheid van mensen en dienen op voorgeschreven data te zijn bereikt. Besluit en Regeling niet in betekenende mate bijdragen (NIBM) In het Besluit niet in betekenende mate bijdragen (luchtkwaliteitseisen) is vastgelegd wanneer een plan/project niet in betekenende mate bijdraagt aan de jaargemiddelde concentraties NO 2 en PM10. Een plan/project draagt niet in betekenende mate bij als de toename van de jaargemiddelde concentraties in de buitenlucht van zowel NO2 als PM10 niet meer bedraagt dan 3% van de grenswaarde voor die stoffen. Dit komt voor beide stoffen overeen met een maximale toename van de jaargemiddelde concentraties met 1,2 µg/m 3. Plannen of projecten die niet in betekenende mate bijdragen aan de verslechtering van de luchtkwaliteit hoeven niet getoetst te worden aan de grenswaarden uit de Wet milieubeheer.

Dit document is vertrouwelijk. Bezoek onze website voor de volledige disclaimer: Algemene voorwaarden en privacyverklaring Antea Nederland B.V. - statutaire zetel Heerenveen - handelsregister 29021830 - BTW nr. NL003662317B01 vestigingen in Heerenveen, Schoonebeek, Deventer, Almere, Capelle aan den IJssel, Goes, Oosterhout en Maastricht

blad 1 van 3

datum 16 augustus 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Luchtkwaliteit

In de Regeling niet in betekenende mate bijdragen, die onder het gelijknamige Besluit hangt, zijn categorieën van gevallen opgenomen die per definitie 'niet in betekenende mate' zijn. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om een woningbouwontwikkeling van minder dan 1.500 woningen of een kantoorontwikkeling van minder dan 100.000 m2 bruto vloeroppervlak. Deze ontwikkelingen hoeven dan niet nader onderzocht te worden op een eventuele bijdrage aan de luchtkwaliteit en hiervoor hoeft geen toetsing aan de grenswaarden plaats te vinden. Beoordeling plan Het planvoornemen betreft de ontwikkeling van 260 woningen. Deze woningen worden verdeeld over het plangebied in zogenaamde deelgebieden: • Deelgebied 1 (het oostelijke gedeelte): 70 twee-onder-een-kapwoningen; • Deelgebied 2 (het noordelijke deel): 24 rijwoningen (middenduur hoog /duur), 17 appartementen (middenduur of hoog/duur); • Deelgebied 3 (het zuidelijke deel): 80 Appartementen sociaal, 69 appartementen (middenduur laag/hoog).

Figuur 1: plan Philipsterrein met 260 woningen

Verkeersonderzoek1 heeft bepaald dat het plangebied een bruto verkeersgeneratie van 1.596 motorvoertuigen/etmaal tot gevolg zal hebben. Met behulp van de NIBM-tool is worst-case de bijdrage van het plan in kaart gebracht.

Figuur 1: NIBM analyse met een verkeersgeneratie van 1596 extra voortuigbewegingen

1

Antea Group, Verkeer- en parkeeronderzoek, 10 augustus 2023

blad 2 van 3

datum 16 augustus 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Luchtkwaliteit

Uit de NIBM-tool blijkt dat de bijdrage van het extra verkeer door de planontwikkeling met 260 woningen niet in betekenende mate bijdraagt aan de luchtkwaliteit. Nader onderzoek is niet noodzakelijk. Beoordeling directe omgeving Met behulp van het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit kunnen de achtergrondconcentraties worden bekeken zoals deze in 2022 aanwezig waren op de omliggende wegen bij het plangebied. Onderstaande toont de aanwezige waarden van het meest nabij gelegen meetpunt aan de Kamerlingh Onnesweg (t.h.v. de brandweerkazerne/ Anton Philipsweg).

Figuur 4: Meetpuntanalyse luchtkwaliteit met het plangebied en uitkomsten

Uit het Centraal Instrument Monitoring Luchtkwaliteit blijkt dat de huidige concentraties rondom het plangebied ruim onder de grenswaarden voor de luchtverontreinigende stoffen liggen welke zijn opgenomen in deze tool. • Voor NO2 betreft de hoogste waarde 14,3 µg/m3 (grenswaarde 40 µg/m3); • Voor PM10 betreft dit 16,5 µg/m3 (grenswaarde 40 µg/m3); • Voor PM2,5 betreft dit 9,3 µg/m3 (grenswaarde 25 µg/m3). Conclusie Op basis van de in dit onderzoek gevonden resultaten voldoet het plan aan de grenswaarden. Omdat kan worden voldaan aan deze grenswaarden vormt het aspect luchtkwaliteit geen belemmering voor de ruimtelijke procedure en is sprake van een goede ruimtelijke ordening.

blad 3 van 3

Bijlage 3 Akoestisch onderzoek

vastgesteld bestemmingsplan Chw bestemmingsplan Philipshof team Advies

20

Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

Wegverkeer- en industrielawaai

projectnummer 0472462.100 revisie 10 15 november 2023

www.anteagroup.nl

Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum Wegverkeer- en industrielawaai projectnummer 0472462.100 revisie 10 15 november 2023

Auteurs R. Pollema M. l'Ami

Opdrachtgever Philipshof Residences B.V. Postbus 15838 1001 NH AMSTERDAM

Gecontroleerd M.J. Reinders

datum 15 november 2023

beschrijving

vrijgave

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

Inhoudsopgave 1.

Inleiding

5

1.1 1.2

Aanleiding Leeswijzer

5 6

2.

Juridisch kader

7

2.1 2.1.1 2.1.2 2.1.3 2.1.4 2.2 2.3 2.3.1 2.3.2

Wegverkeerslawaai Algemeen wegverkeer Aftrek ex artikel 110g Wet geluidhinder 30 km/uur zone Toetsingskader plansituatie Cumulatie Industrielawaai Milieurechten van bedrijven Woon- en leefklimaat

7 7 8 8 9 9 9 10 10

3.

Uitgangspunten en onderzoeksopzet

12

3.1 3.2 3.3

Onderzoeksgebied Rekenmethode Uitgangspunten

12 12 13

4.

Resultaten en toetsing

15

4.1 4.1.1 4.1.2 4.2 4.2.1 4.2.2

Resultaten wegverkeer Gezoneerde wegen Niet-gezoneerde wegen Rekenresultaten Industrielawaai Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau Maximaal geluidniveau

15 15 17 18 18 20

5.

Mogelijke geluidreducerende maatregelen

24

5.1 5.1.1 5.1.2 5.1.3 5.1.4 5.2 5.2.1 5.2.2

Wegverkeer Kamerlingh Onnesweg Bronmaatregelen Overdrachtsmaatregelen Ontvangermaatregelen Cumulatie Industrielawaai brandweerkazerne Bron- en overdrachtsmaatregelen Ontvangermaatregelen

24 24 24 25 25 25 25 27

6.

Conclusie en samenvatting

33

6.1 6.2

Wegverkeer Industrie

33 34

Bijlagen Bijlage 1. Invoergegevens rekenmodel wegverkeer Bijlage 2. Invoergegevens rekenmodel industrielawaai Bijlage 3. Rekenresultaten wegverkeer Bijlage 4. Rekenresultaten industrielawaai Bijlage 5. Rekenresultaten industrielawaai (maatregelen) Bijlage 6. Hogere waarden

Figuren

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

Figuur 1. Overzicht toetspunten Figuur 2. Overzicht rekenmodel – wegverkeer Figuur 3. Overzicht rekenmodel – industrielawaai Figuur 4. Geluidcontouren

blad 4 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

1.

Inleiding

1.1

Aanleiding Philipshof Residences B.V. is voornemens het voormalige Philipsterrein aan de Anton Philipsweg in Hilversum te transformeren tot woningbouwlocatie voor maximaal 260 woningen. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken wordt een nieuw bestemmingsplan voorbereid. Voorliggend akoestisch onderzoek is onderdeel van deze bestemmingsplanprocedure. In het akoestisch onderzoek is beoordeeld of ter plaatse van de randen van de bouwvlakken sprake is van een acceptabel woon- en leefklimaat en wordt getoetst aan de wettelijke geldende grenswaarden. Een akoestisch onderzoek is uitgevoerd naar de geluidbelasting ten gevolge van wegverkeer en industrielawaai. In afbeelding 1.1 is de locatie van het plangebied weergegeven.

Kamerlingh Onnesweg

Anthony Fokkerweg

Anton Philipsweg Afbeelding 1.1 Ligging plangebied (rood omkaderd), brandweerkazerne (geel omkaderd) en relevante wegen

De geluidgevoelige bestemmingen in het plangebied zijn gelegen binnen de geluidzone van de Kamerlingh Onnesweg. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is tevens de relevante nabijgelegen 30 km/uur weg Anthony Fokkerweg/Anton Philipsweg in het onderzoek betrokken. Daarnaast is er sprake van de aanwezigheid van een brandweerkazerne op korte afstand (circa 5 meter) van de woningbouwlocatie. Daarom wordt in dit akoestisch onderzoek ook de geluidbelasting als gevolg van de brandweerkazerne beoordeeld (gele kader). In deze versie 08 zijn de verkeersgegevens geupdate naar de toekomstige situatie (2040), inclusief de verkeersgeneratie van het plan en is het stedenbouwkundig plan van juli 2023 beoordeeld. De invoergegevens van de brandweerkazerne zijn ten opzichte van het voorgaande rapport niet gewijzigd. Door Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek en Flevoland is aangegeven (d.d. 10 augustus 2023) dat er geen wijzigingen hebben plaatsgevonden in de bedrijfssituatie ten opzichte van de bedrijfssituatie zoals deze beschreven is in ‘Akoestisch onderzoek Philipsterrein Hilversum – wegverkeer en industrielawaai’ rev07, d.d. 23 juli 2020.

blad 5 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

1.2

Leeswijzer In hoofdstuk 2 is het juridisch kader beschreven. De onderzoeksopzet en de uitgangspunten voor de berekeningen, waaronder de verkeersgegevens, zijn weergegeven in hoofdstuk 3. De resultaten van de geluidberekeningen en toetsing zijn opgenomen in hoofdstuk 4. In hoofdstuk 5 is een beschrijving van mogelijke maatregelen weergegeven. De rapportage wordt afgesloten met een samenvatting en conclusie in hoofdstuk 6.

blad 6 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

2.

Juridisch kader

2.1

Wegverkeerslawaai

2.1.1

Algemeen wegverkeer Philipshof Residences B.V. is voornemens op het voormalige Philipsterrein woningbouw te realiseren. Om deze ontwikkeling mogelijk te maken wordt een nieuw bestemmingsplan voorbereid. In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient inzichtelijk te worden gemaakt of er sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Vanuit het oogpunt van een 'goede ruimtelijke ordening' is derhalve akoestisch onderzoek gewenst. Daarbij is getoetst aan de grenswaarden uit de Wet geluidhinder (Wgh). De Wgh is alleen van toepassing binnen de wettelijk vastgestelde zone van de weg. De breedte van de geluidzone langs wegen is geregeld in artikel 74 Wgh en is gerelateerd aan het aantal rijstroken van de weg en het type weg (stedelijk of buitenstedelijk). De ruimte boven en onder de weg behoort eveneens tot de zone van de weg. De betreffende zonebreedtes zijn in tabel 2.1 weergegeven. Tabel 2.1 Zonebreedte wegverkeer Aantal rijstroken

Zonebreedte [m] Stedelijk gebied

Buitenstedelijk gebied

5 of meer

-

600

3 of meer

350

-

3 of 4

-

400

1 of 2

200

250

Het stedelijk gebied wordt in de Wgh gedefinieerd als ‘het gebied binnen de bebouwde kom doch voor de toepassing van de hoofdstukken VI en VII met uitzondering van het gebied binnen de bebouwde kom, voor zover liggend binnen de zone van een autoweg of autosnelweg’. Dit laatste gebied valt onder het buitenstedelijk gebied. Binnen de zone van een weg dient een akoestisch onderzoek plaats te vinden naar de geluidbelasting op de binnen de zone gelegen woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen. Bij het berekenen van de geluidbelasting wordt de Lden-waarde in dB bepaald. De berekende geluidbelasting dient getoetst te worden aan de grenswaarden van de Wet geluidhinder. Indien de ten hoogste toelaatbare geluidbelasting wordt overschreden, dient beoordeeld te worden of maatregelen ter beperking van het geluid mogelijk zijn. Als maatregelen niet mogelijk zijn, kan een hogere grenswaarde worden vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders. In artikel 82 en volgende worden de grenswaarden vermeld met betrekking tot nieuwe situaties bij zones. In artikel 3.1 en 3.2 van het Besluit geluidhinder worden de grenswaarden van geluidgevoelige gebouwen als bedoeld in artikel 1 van de Wgh1 vermeld. In tabel 2.2 zijn deze waarden (ten hoogste toelaatbare geluidbelasting en de maximaal toelaatbare hogere grenswaarde) opgenomen.

1

Onderwijsgebouw, ziekenhuis, verpleeghuis, verzorgingstehuis, een psychiatrische inrichting, kinderdagverblijf.

blad 7 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

Tabel 2.2 Grenswaarden voor woningen langs een bestaande weg Status van de woning

Ten hoogste toelaatbare geluidbelasting [dB]

Maximaal toegestane geluidbelasting [dB]

Stedelijk

Buitenstedelijk*

nieuw te bouwen woningen

48

63

53

vervangende nieuwbouw (woningen)

48

68

58

nieuw te bouwen agrarische woning

48

58

58

nieuw te bouwen andere geluidgevoelige gebouwen

48

63

53

* Geluidgevoelige bestemmingen gelegen binnen de zone van een (auto)snelweg worden tot het buitenstedelijk gebied gerekend

Voorwaarden voor ontheffing In artikel 110a wordt aangegeven onder welke voorwaarden hogere grenswaarden kunnen worden verleend. Er kan uitsluitend een hogere grenswaarde worden vastgesteld indien toepassing van maatregelen, gericht op het terugbrengen van de geluidbelasting vanwege een weg, onvoldoende doeltreffend zal zijn dan wel overwegende bezwaren ontmoet van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of financiële aard. Om de geluidbelasting vanwege een weg te beperken, kunnen de volgende maatregelen worden getroffen:  Maatregelen aan de bron door middel van het toepassen van een geluidarm wegdektype;  Maatregelen in het overdrachtsgebied door middel van het toepassen van een geluidscherm/grondwal;  Maatregelen aan de ontvanger door middel van het toepassen van schermen aan of nabij de gevel, het toepassen van 'dove' gevels, en dergelijke.

2.1.2

Aftrek ex artikel 110g Wet geluidhinder Ingevolge artikel 110g van de Wet geluidhinder dient het resultaat van berekening en meting van de geluidbelasting vanwege wegverkeer te worden gecorrigeerd met een aftrek in dB. De hoogte van de aftrek is geregeld in artikel 3.4 van het ‘Reken- en Meetvoorschrift geluid 2012’. Op basis van dit voorschrift dient voor wegen waarvoor de representatief te achten snelheid van lichte motorvoertuigen 70 km/uur of meer bedraagt, een aftrek van 2 dB te worden toegepast met uitzondering van 2 specifieke situaties:  Indien de geluidbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 56 dB is, geldt een aftrek van 3 dB;  Indien de geluidbelasting vanwege de weg zonder toepassing van artikel 110g van de Wet geluidhinder 57 dB is, geldt een aftrek van 4 dB. Voor de overige zoneplichtige wegen bedraagt de aftrek 5 dB.

2.1.3

30 km/uur zone Een weg waar de maximale snelheid 30 km/uur bedraagt, is in de zin van de Wet geluidhinder niet-zoneplichtig. Een akoestisch onderzoek is voor dergelijke wegen derhalve niet noodzakelijk. Gelet op de jurisprudentie aangaande dit punt blijkt echter dat, bij een ruimtelijke procedure, de geluidbelasting wel inzichtelijk gemaakt dient te worden. Er dient sprake te zijn van een 'deugdelijke motivering' bij het vaststellen van een ruimtelijke plan.

blad 8 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

Vanuit het oogpunt van een 'goede ruimtelijke ordening' is derhalve akoestisch onderzoek gewenst. In de zin van de Wet geluidhinder zijn geen streef- en/of grenswaarden gesteld aan dergelijke wegen. De aftrek ex artikel 110g Wgh is niet van toepassing op wegen met een maximum snelheid van 30 km/uur, maar mag in de beoordeling wel worden beschouwd.

2.1.4

Toetsingskader plansituatie In de onderhavige situatie is sprake van een planlocatie, welke is gelegen binnen de zones van één of meerdere zoneplichtige wegen. De maximum snelheid op de Kamerlingh Onnesweg bedraagt ter hoogte van het plangebied 50 km per uur. De aftrek ex artikel 110g Wgh bedraagt derhalve voor deze weg 5 dB. De van toepassing zijnde grenswaarden zijn in de volgende tabel weergegeven. Tabel 2.3 Grenswaarden restlocaties ten gevolge van de gezoneerde wegen na aftrek ex artikel 110g Wgh Wegvak Kamerlingh Onnesweg

Ten hoogste toelaatbare geluidbelasting [dB]

Maximaal te ontheffen geluidbelasting [dB]

48

63

Voor de overige wegen gelegen in de nabije omgeving van of in het plangebied geldt een maximum snelheid van 30 km/uur. In de zin van de Wet geluidhinder zijn dergelijke wegen niet-zoneplichtig en zouden derhalve buiten beschouwing kunnen blijven. Gelet op jurisprudentie blijken 30 km/uur wegen vanuit het oogpunt van een 'goede ruimtelijke ordening' toch akoestisch te moeten worden onderzocht. Derhalve wordt de verkeersintensieve Anthony Fokkerweg/Anton Philipsweg wel bij dit onderzoek betrokken. Deze weg zal worden getoetst aan een richtwaarde van 48 dB. Dit is in lijn met de grenswaarden uit de Wgh. Om een goede vergelijking met de grenswaarden uit de Wet geluidhinder te maken, zal bij de beoordeling van de 30 km/uur weg tevens een aftrek van 5 dB conform ex artikel 110g Wgh worden toegepast.

2.2

Cumulatie Indien een geluidgevoelige bestemming waarvoor bij een formele toets aan de Wgh een hogere grenswaarde wordt vastgesteld in de zone van meerdere geluidbronnen (wegverkeer, railverkeer en/of industrie) ligt, dient inzichtelijk gemaakt te worden hoe hoog de gecumuleerde geluidbelasting is. De gecumuleerde geluidbelasting wordt berekend met de rekenmethode die in het ’Reken- en meetvoorschrift geluid 2012‘ is vastgelegd, rekening houdend met de dosiseffect relaties van de verschillende bronsoorten. Het bevoegd gezag moet dan een oordeel vellen over de hoogte van deze geluidbelasting. Een wettelijke toets aan een grenswaarde voor deze gecumuleerde geluidbelasting is niet aan de orde.

2.3

Industrielawaai Aangrenzend aan de planlocatie is het terrein van de brandweerkazerne gesitueerd. De VNG brochure geeft advies over de afstand van verschillende functies ten opzichte van een gevoelige bestemming. De richtafstand voor een brandweerkazerne (SBI-2008; 8425) bedraagt 50 meter in een rustige woonwijk. In een gemengd gebied bedraagt die afstand 30 meter. Er kan gesteld worden dat de planlocatie zich bevindt in een ‘gemengd gebied’. In de VNG brochure wordt deze term beschreven als “Een gebied met een matige tot sterke functiemenging. Direct naast woningen komen andere functies voor, zoals winkels, horeca en kleine bedrijven”. De afstand van het terrein van de brandweerkazerne t.o.v. de nieuwe woningbouwlocatie bedraagt ten hoogste 5 meter. Nader onderzoek is nodig om de inpasbaarheid van het bouwplan te onderbouwen. De brandweerkazerne is gelegen op een bedrijventerrein, waar volgens het geldende bestemming de vestiging van grote lawaaimakers niet mogelijk is. Er is daarom geen geluidzonering aan de orde, waardoor er vanuit de Wet geluidhinder geen wettelijk kader is om het terrein te toetsen. Voor de beoordeling van industrielawaai van het bedrijventerrein zijn twee aspecten van belang: 1. De milieurechten van het betreffende bedrijf; 2. Het woon- en leefklimaat in het plangebied.

blad 9 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

2.3.1

Milieurechten van bedrijven Bedrijven mogen op grond van hun ‘akoestische’ milieurechten in het milieukader (omgevingsvergunning, melding Activiteitenbesluit milieubeheer) een bepaalde hoeveelheid geluid produceren. In het kader van invulling van een goede ruimtelijke ordening, is het van belang dat het realiseren van de woningen op het Philipsterrein de brandweer niet in het functioneren wordt belemmerd. De gemeente Hilversum heeft aangegeven dat voor de brandweerkazerne de voorschriften van het Activiteitenbesluit milieubeheer van toepassing zijn. De volgende normering is hierbij van toepassing: Tabel 2.4 Grenswaarden Activiteitenbesluit [dB(A)] 07.00-19.00 uur

19.00-23.00 uur

23.00-07.00 uur

LAr,LT op de gevel van gevoelige gebouwen

50

45

40

LAr,LT in in- en aanpandige gevoelige gebouwen

30

25

20

LAmax op de gevel van gevoelige gebouwen

70

65

60

LAmax in in- en aanpandige gevoelige gebouwen

50

45

40

Ten tijde van de oprichtingsvergunning van de brandweerkazerne is het akoestisch onderzoek Wet milieubeheer, Rapport B.2005.0308.02.R001, d.d. 4 oktober 2006 opgesteld. In dit onderzoek is getoetst aan de Handreiking industrielawaai en vergunningverlening, waarbij dezelfde grenswaarden als in tabel 2.4 zijn gehanteerd. Vanwege het algemene belang zijn de piekniveaus die het gevolg zijn van de akoestische signalen en uitrukkende brandweerwagens niet gebonden aan de geluidvoorschriften in overeenstemming met Artikel 2.22 uit het Activiteitenbesluit milieubeheer. Volgens de gemeente Hilversum worden onder andere rijbewegingen van uitrukkende brandweerwagens als na uitruk terugkerende brandweerwagens, als hieraan gelieerde activiteiten zoals laden/lossen en manoeuvreren hieronder geschaard. Bij de beoordeling in het kader van een goede ruimtelijke ordening worden de hierboven beschreven activiteiten wel beschouwd.

2.3.2

Woon- en leefklimaat In de Wet ruimtelijke ordening zijn geen grenswaarden voor het aspect geluid opgenomen in relatie tot nieuwe functies en activiteiten. Als eerste maat voor het bepalen of sprake is van een goede ruimtelijke ordening is de VNG publicatie Bedrijven en milieuzonering gehanteerd. In deze publicatie is een aanbevolen beoordelingswijze opgenomen. Deze beoordelingswijze heeft geen wettelijke status, maar kan als eerste beoordelingsmaat voor de aanvaardbaarheid worden gebruikt. Het toetsingskader voor geluid bestaat uit vier stappen waarbij per stap de geluidbelasting groter wordt en daarmee de onderzoeks- en motiveringsplicht. Stap 1: In de VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ worden richtafstanden tussen geluidbronnen en geluidgevoelige bestemmingen benoemd. Indien de richtafstand voor het aspect geluid niet wordt overschreden, kan verdere toetsing voor het aspect geluid in beginsel achterwege blijven: inpassing is mogelijk. Stap 2: Indien stap 1 niet toereikend is, dan is inpassing mogelijk bij een geluidbelasting (uitgedrukt in etmaalwaarde2) op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen van maximaal:

Gebiedstype Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau

Rustige woonwijk

Gemengd gebied

45

50

2

De hoogste van de volgende drie waarden: equivalent geluidniveau over de dagperiode, equivalent geluidniveau over de avondperiode + 5 dB, equivalent geluidniveau over de nachtperiode + 10 dB.

blad 10 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

Gebiedstype Rustige woonwijk

Gemengd gebied

Maximaal (piekgeluiden)

65

70

Ten gevolge van verkeersaantrekkende werking

50

50

Stap 3: Indien stap 2 niet toereikend is, is inpassing mogelijk bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen van maximaal: Gebiedstype Rustige woonwijk

Gemengd gebied

Langtijdgemiddeld beoordelingsniveau

50

55

Maximaal (piekgeluiden)

70

70*

50

65

Ten gevolge van verkeersaantrekkende werking * Exclusief piekgeluiden door aan- en afrijdend verkeer

Het bevoegd gezag dient echter te motiveren waarom het deze belasting in de concrete situatie mogelijk acht, waarbij tevens de cumulatie met eventueel reeds aanwezige geluidbelasting moet worden betrokken. Stap 4: Bij een hogere geluidbelasting dan aangegeven in stap 3 zal inpassing doorgaans niet mogelijk zijn. Indien het bevoegd gezag niettemin tot inpassing wil overgaan, dient het dit grondig te onderzoeken, onderbouwen, en motiveren waarbij tevens de cumulatie met eventueel reeds aanwezige geluidbelasting moet worden betrokken.

blad 11 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

3.

Uitgangspunten en onderzoeksopzet

3.1

Onderzoeksgebied In hoofdstuk 1 is in afbeelding 1.1 een overzicht van de planlocatie gegeven. In afbeelding 3.1 is het plangebied schematisch weergegeven. Dit is een uitsnede van de verbeelding met daarin de bouwvlakken zoals opgenomen in het bestemmingsplan.

Afbeelding 3.1 Overzicht plangebied (bron: Bestemmingsplan Chw Philipslocatie, Hilversum NL.IMRO.0402.09bp05philipsloc-on01)

3.2

Rekenmethode In het kader van het onderhavige onderzoek zijn voor de effectbeschrijving van de nabijgelegen wegen en de brandweerkazerne, akoestische berekeningen uitgevoerd. Deze berekeningen dienen ter bepaling van de geluidbelasting ter plaatse randen van de bouwvlakken. Voor het bepalen van het geluidniveau vanwege het wegverkeer en industrielawaai zijn twee wettelijk vastgestelde rekenmethodes voorhanden: de Standaardrekenmethode I en de Standaardrekenmethode II uit het 'Reken- en meetvoorschrift geluid 2012' ex artikel 110d van de Wet geluidhinder, kortweg aangeduid als SRM I respectievelijk SRM II. De SRM II is een rekenmethode waarbij rekening kan worden gehouden met afscherming van objecten, hetgeen met de SRM I niet mogelijk is. De berekeningen voor het onderzoek zijn dan ook uitgevoerd conform SRM II. De berekeningen zijn uitgevoerd met één reflectie en een sectorhoek van 2 graden. In onderhavig onderzoek zijn de betreffende bronnen en de directe omgeving ingevoerd in een grafisch computermodel dat rekent volgens de Standaardrekenmethode II uit het 'Reken- en meetvoorschrift geluid 2012'. Daarbij is gebruik gemaakt van het programma Geomilieu versie 2023.1.

blad 12 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

De berekeningen t.a.v. industrielawaai zijn gebaseerd op het overdrachtsmodel methode II.8 en uitgevoerd volgens de handleiding en uitgevoerd volgens de 'Handleiding Meten en Rekenen Industrielawaai', Ministerie van VROM, 1999. De onderzoeksopzet en de invoergegevens zijn in alinea 3.3 nader toegelicht.

3.3

Uitgangspunten Voor de bepaling van de geluidbelastingen vanwege het wegverkeer is een rekenmodel opgezet. In het model zijn de omliggende bebouwing, bodemgebieden, hoogtekenmerken en de relevante wegen opgenomen. Hiermee is in de geluidberekeningen rekening gehouden. In het model wordt de omgeving van het onderzoeksgebied standaard als akoestisch zacht (bodemfactor 1,0) gekenmerkt. Verharde gebieden (wegen, terreinverharding, waterpartijen) zijn als apart bodemgebied gemodelleerd (bodemfactor 0,0). In de bijlage (figuren) zijn de (harde) bodemgebieden schematisch weergegeven. De gebouwen in de omgeving van het bouwplan zijn in de berekeningen zowel afschermend als reflecterend meegenomen. Ter plaatse van de randen van de bouwvlakken zijn in het rekenmodel toetspunten opgenomen. Voor de berekeningen is uitgegaan van een waarneemhoogte van 1,50 meter boven elke verdiepingsvloer. De bouwvlakken voor grondgebonden woningen hebben drie woonlagen, waarvan de eerste woonlaag zich op de begane grond bevindt. De bouwvlakken voor de appartementencomplexen hebben vier of vijf woonlagen, waarbij de eerste woonlaag zich op circa 3 meter bevindt. Bij de bouwvlakken voor grondgebonden woningen (toetspunten 001 t/m 088) wordt in het kader van de toetsing industrielawaai uitgegaan van een waarneemhoogte van 1,5 meter voor de dagperiode en 4,5 en 7,5 meter voor de avond- en nachtperiode.

In bijlage 1 en 2 is een overzicht van de invoergegevens opgenomen. Verkeersgegevens wegen De verkeersintensiteit voor de relevante wegen is afkomstig uit het verkeersprognosemodel van de gemeente Hilversum, met toekomstjaar 2040. Daarnaast is rekening gehouden met de verkeersgeneratie van het plan3. De gehanteerde verkeersintensiteiten worden in bijlage 1 weergegeven. Tabel 3.1 Gehanteerde verkeersgegevens voor prognosejaar 2040 Intensiteit [mvt/etm]

Snelheid [km/uur]

Wegdek

Kamerlingh Onnesweg

14.386 - 14.516

50

SMA 0/8

Anthony Fokkerweg/ Anton Philipsweg

1.287 - 1.967

Weg

30

Klinkerverharding in keperverband

Invoergegevens industrie De geluidbelasting vanwege de in de nabijheidgelegen brandweerkazerne is berekend op de randen van de bouwvlakken in het plangebied. De geluidbelasting is opgesplitst in de dag-, avond-, en nachtperiode. In overleg met de gemeente Hilversum is op basis van de laatste milieumelding de representatieve bedrijfssituatie van de brandweerkazerne opgemaakt4. Het “Akoestisch onderzoek Wet milieubeheer Brandweerkazerne Hilversum”, DGMR rapport B.2005.0308.02.R001, d.d. 14-09-2006 vormt hier de basis voor. In tabel 3.2 is een overzicht van de representatieve situatie, afkomstig uit het DGMR rapport, weergegeven en overgenomen in het voorliggend onderzoek.

Op basis van de memo ‘Verkeer- en parkeeronderzoek’ door Antea Group d.d. 14 september 2023 Door Veiligheidsregio Gooi en Vechtstreek en Flevoland is aangegeven (d.d. 10 augustus 2023) dat er geen wijzigingen hebben plaatsgevonden in de bedrijfssituatie ten opzichte van de bedrijfssituatie zoals deze beschreven is in ‘Akoestisch onderzoek Philipsterrein Hilversum – wegverkeer en industrielawaai’ rev07, d.d. 23 juli 2020. 3 4

blad 13 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

Tabel 3.2 Gehanteerde representatieve bedrijfssituatie uit 2006

Op basis van deze representatieve bedrijfssituatie is een rekenmodel opgesteld om de geluiduitstoot van het bedrijf te bepalen. Als aanvulling op het DGMR rapport zijn, in overleg met de gemeente Hilversum, de volgende uitgangspunten opgenomen: Volgens opgave van de brandweer komen alle transporten (brandweerwagens, vrachtwagens, dienstwagens), met uitzondering van bestelwagens en personenauto’s, via de noordelijke inrit (Kamerlingh Onnesweg) het terrein op. Terugkerende voertuigen rijden langs de noordkant van de kazerne naar het achterterrein. In het onderzoek uit 2006 wordt er van uit gegaan dat al het transport de zuidelijke inrit (Anthony Fokkerweg) gebruikt; Met een regelmaat van 12 maal per jaar vinden er brandweeroefeningen plaats op het achterterrein van de brandweerkazerne. Hieronder vallen de volgende activiteiten: t.b.v. het proefdraaien staan op het achterterrein een brandweerwagen, een hoogwerker en diverse kleine motoren stationair (verhoogd toerental) te draaien. Activiteiten die maximaal 12 maal per jaar plaatvinden kunnen worden beschouwd al incidenteel en worden niet getoetst in het voorliggend onderzoek; De overkapping op het achterterrein is o.b.v. de feitelijke situatie gemodelleerd; De wasplaats onder de overkapping op het achterterrein is o.b.v. de feitelijke situatie gemodelleerd.

blad 14 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

4.

Resultaten en toetsing In de volgende paragrafen is per geluidbronsoort een overzicht gegeven van de maatgevende rekenresultaten. De berekeningsresultaten worden weergeven en zijn getoetst aan de grenswaarden.

4.1

Resultaten wegverkeer Met behulp van het geluidrekenmodel is op alle toetspunten (randen bouwvlakken) de geluidbelasting vanwege de relevante omliggende wegen voor het prognosejaar 2040 berekend. Ter ondersteuning bij de interpretatie van de resultaten is in onderstaande afbeelding de ligging van de toetspunten weergegeven.

Afbeelding 4.1 Ligging van de toetspunten

4.1.1

Gezoneerde wegen In onderstaande tabel 4.1 is de maatgevende geluidbelasting (boven de voorkeursgrenswaarde) vanwege de gezoneerde Kamerlingh Onnesweg op de randen van de bouwvlakken weergegeven. Een volledig overzicht van berekeningsresultaten voor het wegverkeer is opgenomen in bijlage 3. Tabel 4.1 Rekenresultaten gezoneerde Kamerlingh Onnesweg Toetspunt

Geluidbelasting inclusief aftrek ex artikel 110g Wgh [dB] Gevel oriëntatie

Hoogte (m)

Geluidbelasting (dB)

060_A

Noordwest

1,5

50

060_B

Noordwest

4,5

52

blad 15 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

Toetspunt

Geluidbelasting inclusief aftrek ex artikel 110g Wgh [dB] Gevel oriëntatie

Hoogte (m)

Geluidbelasting (dB)

060_C

Noordwest

7,5

53

061_A

Noordwest

1,5

49

061_B

Noordwest

4,5

51

061_C

Noordwest

7,5

52

062_B

Noordwest

4,5

50

062_C

Noordwest

7,5

51

068_A

Zuidwest

1,5

49

068_B en C

Zuidwest

4,5 - 7,5

51

069_A

Zuidwest

1,5

49

069_B

Zuidwest

4,5

51

069_C

Zuidwest

7,5

52

Uit de berekeningsresultaten blijkt dat op de randen van de bouwvlakken, de geluidbelasting ten gevolge van de Kamerlingh Onnesweg ten hoogste 53 dB (inclusief aftrek ex artikel 110g Wgh) bedraagt. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt hiermee met 5 dB overschreden, echter blijft de geluidbelasting ruim onder de maximaal te ontheffen waarde van 63 dB. Gelet op de overschrijding van de (voorkeurs)grenswaarde dient te worden onderzocht of er maatregelen ter beperking van het geluid mogelijk zijn. In afbeelding 4.2 wordt de geluidbelasting op de randen van het maatgevende bouwvlak, als gevolg van de Kamerlingh Onnesweg, weergegeven.

Afbeelding 4.2 Geluidbelasting (Lden) als gevolg van Kamerling Onnesweg, excl. aftrek ex artikel 110g Wgh (beoordelingshoogte 1,5 – 4,5 7,5 meter)

blad 16 van 37

datum 15 november 2023 projectnummer 0472462.100 betreft Akoestsich Onderzoek Philipsterrein Hilversum

4.1.2

Niet-gezoneerde wegen De maximum rijsnelheid op de Anthony Fokkerweg/Anton Philipsweg bedraagt 30 km/uur. Deze weg is daarmee geen gezoneerde weg ingevolge de Wet geluidhinder. In het kader van een goede ruimtelijke ordening is de geluidbelasting vanwege deze weg wel inzichtelijk gemaakt om hier een beoordeling van te kunnen geven. In tabel 4.2 is een overzicht gegeven van de maatgevende berekeningsresultaten (boven de voorkeursgrenswaarde). Voor een eerste beoordeling zullen de resultaten vergeleken worden met de grenswaarden uit de Wet geluidhinder. De aftrek ex artikel 110g Wet geluidhinder is daarom ook toegepast. Een volledig overzicht van berekeningsresultaten vanwege het wegverkeer is opgenomen in bijlage 3.1. Tabel 4.2 Rekenresultaten niet-gezoneerde Anthony Fokkerweg/Anton Philipsweg Toetspunt

Geluidbelasting inclusief aftrek ex artikel 110g Wgh [dB] Gevel oriëntatie

Hoogte (m)

Geluidbelasting (dB)

051_A

Zuid

1,5

51

051_B

Zuid

4,5

50

051_C

Zuid

7,5

49

052_A

Zuid

1,5

50

052_B en C

Zuid

4,5 – 7,5

49

054_A en B

Zuid

1,5 – 4,5

52

054_C

Zuid

7,5

50

055_A en B

Zuid

1,5 – 4,5

52

055_C

Zuid

7,5

51

056_A en B

Zuid

1,5 – 4,5

51

056_C

Zuid

7,5

50

057_A

West

1,5

52

057_B

West

4,5

51

057_C

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=c425008d-fc7f-478e-b722-2ce4d46ebfd5