CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage D. Beleids en projectentoets

GEMEENTERAAD 1 februari 2023, gemeente HilversumBij agendapunt: Concept Omgevingsvisie (1161393)24.389 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Personele middelen Als vandaag alle riolering in Hilversum vervangen moet worden, zou dat € 300 mln. kosten. De riolering vertegenwoordigt dus een flinke waarde. Het is belangrijk dat hier doelmatig beheer en onderhoud aan wordt uitgevoerd, om de kwaliteit op peil te houden en het goed te laten functioneren. Daarvoor worden beschikbare financiële en personele middelen zo efficiënt mogelijk ingezet, waarbij wordt samengewerkt met onder meer het samenwerkingsverband BOWA / ISARIZ, het waterschap in het bijzonder, en met omgevingsdiensten.

Een groot deel van de werkzaamheden voor de gemeentelijke watertaken wordt in eigen beheer uitgevoerd, door de eigen organisatie. In de huidige bezetting zijn in totaal (binnen en buitendienst) 12,2 fte bij uitvoering van werkzaamheden voor de gemeentelijke watertaken betrokken. Dit is iets minder dan landelijk gemiddeld gewenst is voor de omvang van een gemeente als Hilversum en het investeringsniveau. Er wordt een tekort ervaren voor ‘planvorming, onderzoek en databeheer’ en ‘voorbereiding en realisatie maatregelen’.

Voor een goede uitvoering van de extra investeringen in de komende 10 jaar is extra capaciteit nodig van 1,6 fte. Deze extra personele capaciteit is in het kostendekkingsplan meegenomen.

Kosten De directe kosten bedragen gemiddeld € 6,7 mln. per jaar in de komende planperiode van 2021 tot en met 2026. Deze kosten zijn de basis voor de berekening van de rioolheffing. Daarbij worden ook indirecte kosten zoals overhead, heffingen en BTW betrokken.

Kostendekking – rioolheffing De hogere investeringen en lasten zullen in de begroting 2021 en meerjarenraming 20222024 verwerkt worden. Op basis van deze lasten zal de rioolheffing 2021 ten opzichte van 2020 met 5 à 6 % stijgen. Het tarief stijgt hierdoor éénmalig met meer dan het inflatiepercentage. In de berekening van de rioolheffing worden ook indirecte kosten meegenomen zoals overhead, heffingen, kwijtscheldingen en BTW. Hoe deze budgetten zich ontwikkelen is nog niet bekend, zodat het exacte tarief nog niet berekend kan worden. Het definitieve tarief wordt tegelijkertijd met de begroting 2021 vastgesteld.

Voortvloeiend uit het Bestuursakkoord Klimaatadaptatie werkt het Rijk aan een stimuleringsregeling voor klimaatmaatregelen. Vanaf 2021 wordt hiervoor € 150 tot 250 miljoen beschikbaar gesteld uit het Deltafonds. Voor de uitvoeringsmaatregelen in dit watermanagementplan wordt gebruik gemaakt van deze subsidie.

Kadernota voor het sociaal domein Hilversum 2017-2021 Inleiding In deze Kadernota leggen wij de inhoudelijke uitgangspunten voor de uitvoering van het sociaal domein vast. Deze Kadernota is als het ware een kapstok en toetsingskader voor de uitvoeringsplannen, verordeningen, projecten en activiteiten binnen het sociaal domein.

Onze missie We willen dat iedere inwoner naar vermogen kan meedoen en kan bijdragen aan onze samenleving. Elke inwoner van Hilversum hoort erbij en doet er toe. Van ons mag worden verwacht dat wij als gemeente:

1. bijdragen aan het creëren van een gezonde, sterke en sociale samenleving; 2. voor onze inwoners kwalitatief goede ondersteuning organiseren voor hen die dat nodig hebben. Licht waar mogelijk, zwaar waar nodig. Deze ondersteuning is gericht op het versterken van de eigen kracht van inwoners en hun netwerk.

Onze uitgangspunten in de uitvoering Binnen het sociaal domein houdt Hilversum onverkort vast aan de kernwaarden die de gemeenteraad al in 2013 vaststelde. Onlangs voegde de gemeenteraad daar de negende kernwaarde ‘wederkerigheid’ aan toe: De eigen kracht centraal Handelen vanuit mogelijkheden. Dat wat een inwoner zelf of binnen zijn leefomgeving kan oplossen heeft altijd de voorkeur. De gemeente helpt inwoners – waar mogelijk – zelfstandig problemen op te lossen.

2. Voorkomen is beter dan genezen De gemeente investeert in preventie, omdat we hiermee kunnen voorkomen dat (specialistische) vormen van ondersteuning nodig zijn. Ook wil de gemeente het aanbod van lichte vormen van zorg en ondersteuning verstevigen. Eerder ingrijpen, zo is de gedachte, voorkomt escalatie van problemen.

3. De vraag is het vertrekpunt De vraag van de inwoner is het uitgangspunt voor de gemeente bij het geven van informatie, advies en het bieden van ondersteuning. Voor de inwoner is duidelijk waar

hij/zij wat kan vragen. Het feit dat de vraag centraal staat betekent niet ‘u vraagt- wij draaien’, het gaat om het samen vinden van een passende oplossing.

4. Samenhang: één gezin, één plan, één regisseur De gemeente bekijkt de vraag van de inwoner in de context van zijn/haar leven. Zijn er afspraken nodig over meerdere vormen van ondersteuning dan geldt het principe: ‘één huishouden, één plan, één regisseur.’

5. Maatwerk Ondersteuning is passend bij de vraag van de inwoner en zijn/haar leefomgeving. Zie verder kader ‘Uitgelicht’.

6. De gemeente is het vangnet/zorgzaamheid Inwoners met een ernstige fysieke, verstandelijke of geestelijke beperking, inwoners die niet in hun eigen inkomen kunnen voorzien of inwoners die in een onveilige situatie verkeren, kunnen rekenen op het vangnet van de gemeente. Zorgzaamheid staat centraal.

7. Sturen op kwaliteiten, resultaten en kosten We sturen op kwaliteiten van de zorg en bemiddeling, en beoordelen wat een interventie inhoudelijk oplevert en wegen dit af tegen de kosten. We rapporteren de resultaten, en passen naast gangbare ook innovatieve methoden toe om kwaliteiten te evalueren. In de uitvoering nemen we maatregelen om wanneer nodig kwaliteiten, en daarmee de resultaten, te verbeteren. 8. Samenwerking De gemeente werkt in het sociaal domein samen met veel verschillende partners en formele en informele netwerken. Er is ook een nauwe samenwerking met andere gemeenten in de regio Gooi en Vechtstreek, om zo schaalvoordeel te realiseren met onder andere gezamenlijke inkoop. 9. Wederkerigheid De gemeente neemt de verantwoordelijkheid om zorg en ondersteuning goed te organiseren, faciliteren en betalen. Daarbij stimuleert de gemeente de eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid. Wat een inwoner zelf kan doen en wat binnen

zijn/haar mogelijkheden hoort om iets terug te doen voor onze samenleving. Wederkerigheid is van toepassing op algemene voorzieningen. Maar bijvoorbeeld ook in de gesprekken met maatschappelijke organisaties voor de Social Return on Investment of bij het verlenen van subsidies. We zoeken ook in het maatwerkgesprek naar mogelijkheden van wederkerigheid.

De doorontwikkeling van een goede infrastructuur Met de decentralisaties hebben wij vanaf 1 januari 2015 een heldere infrastructuur ingericht binnen de gemeente voor het toekennen van maatwerkvoorzieningen. Voor deze maatwerkvoorzieningen is een indicatie nodig van het Sociaal Plein. Het gaat om voorzieningen op een breed terrein op het gebied van werk, inkomen én (jeugd)zorg. We kozen voor dit model van een centrale toegang, omdat wij erin geloven dat wij als gemeente deze onafhankelijke rol goed kunnen invullen. Daarnaast vinden we het belangrijk dat we integrale ondersteuning aan onze inwoner kunnen bieden op alle terreinen. Als een inwoner op meer terreinen ondersteuning nodig heeft, werken we dit samen met de inwoner uit in een integraal plan (volgens het principe 1 gezin, 1 plan, 1 regisseur).

In 2015 konden we nog niet goed overzien wat de nieuwe rol van het Sociaal Plein inhoudt en wat hiervoor nodig is. Medio 2016 zijn wij – vanuit efficiency en doelmatigheidsoverwegingen – gestart met de doorontwikkeling van het Sociaal Plein. Voor een goede dienstverlening is het noodzakelijk om komende jaren extra te investeren in menskracht, ICT en communicatie.

In de afgelopen jaren is het aantal inwoners dat afhankelijk is van een uitkering toegenomen. Daarbij komt dat we voor de uitvoering van deze taak aanzienlijk minder geld ontvangen van het rijk. Een belangrijk speerpunt van het college voor de komende jaren is het aantal inwoners dat afhankelijk is van een uitkering te verminderen. Het college kiest daarbij voor een programmatische aanpak.

Deze aanpak moet ertoe leiden dat meer inwoners een betaalde baan vinden. Eén van de maatregelen die het college wil treffen is het verlagen van de caseload van de medewerkers Sociaal Plein. Hierdoor kunnen consulenten van het Sociaal Plein de inwoners persoonlijker en beter begeleiden.

We hebben de ambitie om met de maatschappelijke partners en inwoners stevige netwerken neer te zetten in de buurt via de buurt- en de zorgnetwerken. Waar de buurtnetwerken een rol hebben in het creëren van een socialer Hilversum, hebben de zorgnetwerken een rol in het signaleren en adequaat oplossen van lichte ondersteuningsvragen. Buiten de buurt- en de zorgnetwerken zijn er nog vele andere actoren en netwerken in het sociaal domein, waarmee we als gemeente actief de samenwerking blijven zoeken.

Voor de inhoudelijke uitdagingen en speerpunten waar we de komende jaren voor staan, is het essentieel om dwarsverbanden te leggen en te blijven investeren in de samenwerking met alle mogelijke partners.

We zien als een belangrijke uitdaging in de transformatie komende jaren om het beroep op individuele voorzieningen te verminderen en waar mogelijk meer vormen van collectieve voorzieningen en lichte preventieve hulp in de buurt aan te bieden, via:

- Het versterken van de lichte ambulante hulp (zonder indicatie) in de buurten vanuit de zorgnetwerken - Het faciliteren van bewonersinitiatieven op het terrein van ‘ontmoeten’ (via de buurtnetwerken) - Het verstevigen van de ontmoetingsfaciliteiten voor ‘zorgdoelgroepen’. We willen dat de dagbesteding minder georganiseerd wordt vanuit ‘de aandoening’, maar meer vanuit de verschillende behoeften in de wijken. Dit hoort bij de inclusieve samenleving, waar iedereen erbij hoort en ertoe doet. - Pilots uit te voeren met leerwerkbedrijf.

Daarnaast is er een kans dat er in de toekomst meer taken en verantwoordelijkheden aan de gemeenten overgedragen zullen worden, zoals bijvoorbeeld de persoonlijke verzorging. Transformeren betekent ook een verschuiving van middelen. In het geval er meer taken naar de gemeenten worden overgeheveld van het rijk gaat het om overdracht van middelen uit de zorgverzekering naar de gemeenten.

Onze inhoudelijke uitdagingen en speerpunten voor de komende jaren Er zijn in het sociaal domein belangrijke trends en ontwikkelingen, waar wij als gemeente op willen anticiperen. Vanuit deze trends en ontwikkelen zien wij vier belangrijke inhoudelijke speerpunten voor de komende jaren. Onze focus is gericht op:

1. Gelijke ontwikkelkansen creëren Gezond en veilig opgroeien De gemeente geeft de komende jaren blijvend aandacht aan het goed organiseren van alle mogelijke vormen van ondersteuning gericht op het versterken van de ontwikkelkansen van jeugdigen, van preventie tot jeugdbescherming. Zingeving In het kader van gelijke ontwikkelkansen is het van belang dat mensen het gevoel hebben dat ze een bijdrage kunnen leveren aan de maatschappij. Hilversum biedt

verschillende minimaregelingen en faciliteert laagdrempelige activiteiten in de buurten voor volwassenen van alle leeftijden. Goed taalonderwijs Taal en spraak vormen een essentieel onderdeel van het leven. De taal machtig zijn, heeft een groot effect op opleidingsniveau en het behalen van een zogenaamde startkwalificatie (zie hieronder). De gemeente Hilversum stimuleert vroegsignalering en vroegbehandeling van taalachterstanden. Startkwalificatie Voor het vinden van een betaalde baan is het van belang om een startkwalificatie te hebben. Dit is het minimale onderwijsniveau dat nodig is om kans te maken op een goede baan (havo, vwo-diploma of een mbo-diploma op niveau 2). De gemeente blijft actief inzetten op het voorkomen van voortijdig schoolverlaten.

2. Stimuleren om meer voor elkaar te betekenen

Stimuleren en ondersteunen vrijwilligers De gemeente Hilversum wil bijdragen aan de randvoorwaarden die het mogelijk maken dat vrijwilligers zich enthousiast inzetten en drempels wegnemen voor anderen om actief te worden.

Stimuleren en ondersteunen mantelzorgers Hilversum versterkt de komende jaren het beleid op het gebied van mantelzorg(ondersteuning). Belangrijk aandachtspunt daarbij is dat het aanvragen van ondersteuning zo laagdrempelig mogelijk is. Inwoners moeten kunnen rekenen op goede informatie en eenvoudige aanvraagprocedures.

3. Kansen op werk verbeteren

Begeleiding inwoners en werkgevers naar/op werk De gemeente kan geen baangarantie geven en inwoners hebben zelf de verantwoordelijkheid om werk te vinden. Behoort een betaalde baan niet tot de mogelijkheden, dan is het van belang om voor deze inwoner een vorm van dagbesteding te vinden. Dat maakt het leven zinvol.

Voldoende banen en goede match op aanbod

De gemeente daagt werkgevers in Hilversum uit om maatschappelijk verantwoord te ondernemen. Dit betekent dat de gemeente werkgevers stimuleert om mensen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt in dienst te nemen.

4. Goed vangnet bieden

Minimaregelingen en schuldhulpverlening De gemeente Hilversum heeft een breed scala aan speciale regelingen voor mensen met een minimuminkomen. Met deze regelingen wil de gemeente bijdragen aan de ontwikkelkansen van inwoners. Ook schulden belemmeren inwoners om een bijdrage te leveren aan de samenleving. Aanhoudende financiële problemen maken dat mensen bij de dag gaan leven. Hilversum kiest voor een brede dienstverlening en legt daarbij nadruk op preventie en het voorkomen van schulden. Zijn er schulden dan richt de gemeente zich samen met de inwoner met schuldhulpverlening op het bereiken van een structurele verbetering van de situatie. Ondersteuning bij zelfstandig wonen Inwoners blijven vaker zelfstandig wonen. Dit geldt niet alleen voor ouderen, maar ook voor andere inwoners met een bijvoorbeeld verstandelijke en/of lichamelijke beperking. Als mensen dit niet zelf redden kan de gemeente individuele ondersteuning organiseren. De gemeente indiceert de ondersteuning die nodig is, betaalt deze, houdt toezicht op de kwaliteit en faciliteert de netwerken om de ondersteuning goed te organiseren. Ondersteuning bij regie De regisseurs van het Sociaal Plein helpen kwetsbare inwoners die niet in staat zijn om zelf regie te voeren over hun leven. Vaak is hierbij sprake van een ingewikkelde problematiek op verschillende terreinen.

Met onder andere zorgorganisaties en woningbouwcorporaties werkt het Sociaal Plein de komende jaren aan het verder versterken van deze regierol, zodat de kwetsbare inwoners beter kunnen worden ondersteund. Crisishulp en Veilig Thuis Voor de inwoners waarbij de veiligheid in het geding is, die toezicht nodig hebben bij het zelfstandig wonen (beschermd wonen), of die tijdelijk een opvangplek nodig hebben, gaan de gemeenten in de regio Gooi en Vechtstreek de komende jaren nauwer samenwerken. Een belangrijk speerpunt is de versterking van de crisiszorg. De gemeenten willen de crisiszorg de komende jaren gaan bundelen binnen Gooi en Vechtstreek.

Ook het bestrijden van huiselijk geweld en kindermishandeling is en blijft een belangrijk speerpunt voor de komende jaren. De organisatie Veilig Thuis (Advies en Meldpunt Huiselijk Geweld en Kindermishandeling) speelt hierin een centrale rol.

De wereld van het sociaal domein is dynamisch. Het is een samenspel van inwoners, maatschappelijke organisaties, bedrijfsleven en gemeente dat voortdurend in beweging is. We staan als overheid voor de opgave om nog meer samen te werken met anderen en meer aan te sluiten op de agenda van de samenleving. Voor het sociaal domein is het essentieel dat we met de buurt- en de zorgnetwerken een stevige en solide basisinfrastructuur vormen en beter leren inspelen op wat leeft in de samenleving. Daar hoort voortdurende reflectie en een dynamische leeragenda bij.

Onze verschillende rollen als gemeente in het sociaal domein Onze rol als gemeente in het sociaal domein is voor een groot deel van onze bevolking beperkt. De meeste inwoners hebben de gemeente in hun dagelijkse leven niet nodig. Wij gaan uit van de kracht van onze inwoners. We zijn ervan overtuigd dat buurten in het sociaal domein daarbij een belangrijke rol hebben. Buurten die meer eigenaarschap en verantwoordelijkheid voor hun directe omgeving nemen en krijgen, worden sterkere buurten. Belangrijke thema’s uit het sociaal domein waar wij komende jaren samen met inwoners en stakeholders verder aan willen vormgeven zijn bijvoorbeeld de ontmoetingsplekken in de buurt, het versterken van de preventieve ondersteuningsnetwerken en de buurtbedrijven.

In het sociaal domein zijn de verschillende rollen van de overheid allemaal aan de orde:

- De rechtmatige overheid: de overheid die controleert of iemand een uitkering nodig heeft. - De presterende overheid: de overheid die zorg toewijst en inkoopt en dat op een effectieve en efficiënte manier wil doen. - De samenwerkende overheid: de overheid die samen met het passend onderwijs bijdraagt aan de ontwikkeling van kinderen, samenwerkt in de Werkkamer met het bedrijfsleven. - De responsieve overheid: de overheid die anticipeert op burgerinitiatieven en faciliteert waar dit nodig is. - De verantwoordelijke overheid: de overheid die ingrijpt als dit nodig is om kwetsbare inwoners of hun omgeving te beschermen.

Om de opvang en bescherming van onze inwoners goed te kunnen borgen, werken we nauw samen met de andere regiogemeenten in de regio Gooi en Vechtstreek en stakeholders zoals de Geestelijke Gezondheidszorg, woningbouwcorporaties, opvang voor dak en thuislozen. Deze rol komt nadrukkelijk aan de orde bij de gemeente die een goed vangnet moet bieden aan kwetsbare inwoners.

Groenbeleidsplan Hilversum 2030 (2013) Inleiding Het groenbeleidsplan geeft invulling aan de ambitie van het college door al het beleid rond het thema groen voor de gehele gemeente Hilversum integraal, samenhangend en geactualiseerd te beschrijven en te formaliseren.

Het groen in en rondom Hilversum staat onder druk en de verwachting is dat deze druk de komende jaren verder zal toenemen. Bijvoorbeeld door de toenemende verstedelijkingsdruk, decentralisatie van groenbeleid en bezuinigingen. Dit maakt het noodzakelijk om actief groenbeleid te voeren.

Hiertoe kiest de gemeente Hilversum vijf speerpunten: 1. Vastleggen groenbeleid en streefbeelden 14. Behoud en versterking natuurgebieden in het buitengebied 15. Verbeteren samenhang tussen stadsrand en buitengebied 16. Inzetten op kwaliteit en beleving van groen in de stad 17. Mensen betrekken bij groen en profileren Hilversum als groene stad

Vastleggen groenbeleid en streefbeelden In de streefbeelden wordt de gehele groenstructuur van Hilversum en directe omgeving op samenhangende wijze beschreven. Hierbij zijn voortschrijdend inzicht en autonome ontwikkelingen zoals wet- en regelgeving doorvertaald in een integraal geactualiseerd beleid. De visie van dit groenbeleidsplan is vertaald in streefbeelden voor groenstructuren en -gebieden in Hilversum. Het vastleggen van streefbeelden als uitwerking van het groenbeleid is nodig om plannen te kunnen toetsen aan beleid en om hierbij kaders te kunnen stellen.

Behoud en versterking natuurgebieden in het buitengebied De waarde van deze gebieden voor recreatie en ecologie is van regionale betekenis en werd al aan het begin van de 20e eeuw erkend. Door stedelijke ontwikkeling stond het buitengebied in het Gooi toen voortdurend onder druk en zijn met name de gebieden rond de bebouwingskernen bebouwd. Met de overdracht van natuurgebieden aan Stichting Het Gooisch Natuurreservaat (GNR) en Natuurmonumenten BL is vanaf 1932 succesvol gestart met de bescherming van de resterende natuurgebieden. Tot op heden is er daarna verder gewerkt aan het beschermen en zorgvuldig beheren van de natuurgebieden in het buitengebied, met name via het GNR.

Hilversum zet deze lijn voort door invulling te geven aan de volgende beleidsuitgangspunten:

-

Geen nieuwe bebouwing in het buitengebied Behoud illusielandschap Ruimte voor routegebonden recreatie Natuurgebieden worden planologisch beschermd Natuurgebieden worden waar mogelijk met elkaar verbonden Natuurgebieden vergroten of verbeteren bij gebiedsontwikkeling Eigendom natuurorganisaties binnen de EHS bevorderen Beschermen van soorten Zuinig met water Zonering recreatie om knelpunten te voorkomen Openbaar groen als uitgangspunt Jacht: Nee, tenzij Begrazing hoort bij bos- en heidebeheer Streven naar gevarieerd en natuurlijk bos Dood hout mag, maar niet overal Tegengaan van versnippering van groengebieden Variatie in groengebieden Kansen benutten

Verbeteren samenhang tussen stadsrand en buitengebied De stadsrand van Hilversum is grotendeels ontworpen als beëindiging van het stedelijk gebied. In dit ontwerp van stadsarchitect Dudok is veel aandacht besteed aan de overgang tussen stedelijk gebied en het buitengebied. De zichtlijnen BL naar het buitengebied die Dudok BL heeft ontworpen staan onder druk en hebben in een aantal gevallen niet de kwaliteit die hier mogelijk is. Versterking en/of herstel van de bestaande zichtlijnen is daarom gewenst. Indien passend en mogelijk kunnen nieuwe zichtlijnen worden gerealiseerd bij nieuwbouwprojecten. Aantrekkelijk ingerichte en goed toegankelijke stadsranden zijn van belang voor de woonkwaliteit van Hilversum. Daarnaast kan door intensivering van het gebruik van de stadsranden de gebruiksdruk op het buitengebied verminderen.

Hilversum zet in op verbetering van de ruimtelijke- en gebruikskwaliteit van de stadsrand door invulling te geven aan de volgende beleidsuitgangspunten:

-

Streven naar samenhang tussen groen en de stedenbouwkundige structuur Hilversum tuinstad Ruimte voor routegebonden recreatie Spelen in het groen bevorderen Oplossen knelpunt onbeheerde gebieden Exotenbeheer blijft nodig

Inzetten op kwaliteit en beleving van groen in de stad

Er wordt terughoudend omgegaan met het bebouwen van de laatste open ruimten, en waar dit gebeurt worden plannen opgesteld die recht doen aan de groenstructuur. Conflicten tussen verschillende gebruikersgroepen worden waar mogelijk voorkomen door inrichting en beheer hierop af te stemmen. Publieke toegankelijkheid is voor alle stedelijke groengebieden een uitgangspunt. Het (voor lange termijn) veilig stellen van zorgvuldig beheer in alle gemeentelijke groengebieden is een ambitie met prioriteit. Groen en groengebieden worden meer gebruikt om het (micro) klimaat en de mogelijkheden voor waterberging in het stedelijk gebied te verbeteren. De gemeente Hilversum spant zich in om natuurwaarden in de stad waar mogelijk te behouden en te vergroten. Daarnaast stimuleert de gemeente initiatieven voor vergroting van natuurwaarden in particuliere tuinen en door particuliere initiatieven.

Hilversum streeft naar een goede kwaliteit en beleving van groen in het stedelijk gebied door invulling te geven aan de volgende beleidsuitgangspunten:

-

Groen blijft groen Spelen in het groen bevorderen Natuur in de stad stimuleren Respect voor de ondergrond Respect voor de historie Streven naar diversiteit Streven naar goed en efficiënt beheer Bomenbestand inzichtelijk maken Zorgvuldig omgaan met lanen Oplossen knelpunt onbeheerde gebieden Groen realiseren bij bouwprojecten Planologisch beschermen van groen in woon- en verkeersbestemmingen Overbodige verkeersruimte omzetten in groen Inzetten op kwaliteit en beleving van groen Stimuleren vrijwillig groenbeheer en particuliere initiatieven Verkoop van snippergroen: Nee tenzij Terughoudendheid bij het kappen van bomen Aandacht voor de relatie tussen monumenten en groen Bomen krijgen ruimte om te kunnen groeien Beheer afgestemd op streefbeeld Ontwerpen streefbeeld afgestemd op gebiedskenmerken en beheer Gebruik chemische middelen minimaliseren

Mensen betrekken bij groen en profileren Hilversum als groene stad Draagvlak voor een groene stad begint bij betrokkenheid van bewoners bij het groen, zowel privé als openbaar. Het Hilversumse bestuur vindt het van belang ‘om de Hilversummers goed te betrekken bij het maken van plannen op zowel wijk- als stedelijk niveau’. Educatie en communicatie spelen hierbij een sleutelrol. Natuurorganisaties als Goois Natuurreservaat, Natuurmonumenten en het Instituut voor natuureducatie en duurzaamheid (IVN) vervullen een belangrijke rol in natuureducatie, maar zijn gespecialiseerd op de natuur buiten de stad.

Educatieve programma's over groen in de stad kunnen het begrip en de betrokkenheid bij groen in de woonomgeving vergroten. Basisscholen en de gemeente kunnen hierin samen optrekken. Communicatie is de tweede pijler waarop het begrip voor groen rust. Door regelmatig en actief te communiceren over groen in en om de stad blijven de inwoners betrokken. Het Hilversumse bestuur kiest ervoor ‘Hilversum Mediastad in het groen’ te blijven uitdragen in de citymarketing. De aanwezige groene kwaliteiten zijn van belang voor een gunstig vestigingsklimaat voor bewoners en bedrijven.

Hilversum betrekt mensen bij groen en profileert stad en regio als groene omgeving door invulling te geven aan de volgende beleidsuitgangspunten:

-

Hilversum tuinstad Behoud aanbod natuureducatie Spelen in het groen bevorderen Goede informatie en communicatie over groen Stimuleren ‘tijdelijk groen’ op braakliggende bouwplaatsen Vergroten betrokkenheid bij groen Toeristische bekendheid van het Gooi versterken Stimuleren vrijwillig groenbeheer en particuliere initiatieven Terughoudendheid bij het kappen van bomen Bomenbestand inzichtelijk maken Goede informatie en communicatie over groen

Om deze speerpunten ten uitvoer te brengen heeft de gemeente Hilversum een planologisch instrumentarium tot haar beschikking. Dit is echter onvoldoende om de visie en speerpunten te bewerkstelligen. Aanvullend zijn daarom veertig uitvoeringsmaatregelen ten behoeve van groen in Hilversum geformuleerd. Binnen de huidige beschikbare capaciteit en financiële middelen kunnen 16 van de veertig maatregelen de komende jaren (2012 en verder) worden uitgevoerd. De maatregelen 17 t/m 40 komen op middellange (2019-2024) en lange termijn (2025-2030) aan bod indien hiervoor aanvullende capaciteit en financiën worden vrijgemaakt.

Structuurvisie Hilversum 2030 (2013) Inleiding De Structuurvisie Hilversum 2030 is een (integrale) visie op hoofdlijnen voor het gehele grondgebied van de gemeente en heeft betrekking op alle aspecten van het gemeentelijk ruimtelijk beleid. Het geeft aan welke richting de gemeente op wil, gezien door de bril van vandaag en de verwachtingen voor de toekomst.

Het is belangrijk dat de gemeente een samenhangende visie heeft op het ruimtegebruik van Hilversum. Het opstellen van een structuurvisie maakt het mogelijk bestaande sectorale beleidsnota’s in samenhang te brengen en ruimtelijk te vertalen. In deze structuurvisie maken we keuzes, waardoor ambitie binnen de beschikbare ruimte past. Het maakt bewoners en andere belanghebbenden duidelijk welke ruimtelijke indeling de gemeente Hilversum nastreeft.

5 speerpunten De structuurvisie Hilversum 2030 is opgebouwd rond vijf speerpunten. Deze zijn beschreven vanuit de situatie in 2030:

1. Goede woongemeente In 2030 is Hilversum een gewilde en aantrekkelijke plaats om in te wonen. Hilversum heeft voor elk wat wils, ook wat de betaalbaarheid van woningen betreft. In 2030 hebben woningen niet alleen een woonfunctie, maar worden ze ook gebruikt om in te werken of om zorg in te ontvangen. Door technische ontwikkelingen zijn gebruiksfuncties niet meer strikt gebonden aan gebouw, plaats of tijd. Door de gebruiksmogelijkheden te verruimen wordt leegstand aangepakt en duurzaam herontwikkeld. Ook wordt er zo goed mogelijk gebruik gemaakt van de aanwezige gebouwen. Door onder meer ondersteunende functies toe te staan, zijn bedrijventerreinen aantrekkelijker gemaakt. Voorzieningen In 2030 zijn er in elke wijk voldoende basisvoorzieningen, zoals winkels, huisartsen en scholen. Stedelijke en (boven-)lokale centrumvoorzieningen staan op goed bereikbare plekken in de stad. Alle basisvoorzieningen zijn bereikbaar, beschikbaar en toegankelijk voor alle inwoners van Hilversum. In 2030 zijn alle voorzieningen op orde. Het gaat daarbij om de aanwezigheid, verscheidenheid, bereikbaarheid en spreiding van een groot aantal (basis)voorzieningen, zoals scholen voor primair en voortgezet onderwijs, kinderopvang, welzijn, cultuur, speel- en sportvoorzieningen, winkels, (eerstelijns-) gezondheidszorg, (openbaar) vervoer, (verkeers-)veiligheid en parkeren.

Openbare ruimte, spelen en parkeren De openbare ruimte is in 2030 een belangrijk plek voor ontmoeting. De ruimte is prettig om te verblijven en veilig en toegankelijk voor iedereen. De openbare ruimte is bestemd voor verkeer en parkeren, voor groen en om te spelen. De verdeling, indeling en het gebruik van de ruimte vragen om een zorgvuldige afweging van belangen. In 2030 bieden speelplekken de ruimte aan kinderen en jongeren om elkaar te ontmoeten en te spelen. In de openbare ruimte zijn informele en formele speelplekken. Door toenemend autobezit zijn in bestaande (woon-)wijken problemen ontstaan met parkeren in de openbare ruimte. Om deze parkeerproblemen op te lossen, is in 2030 in heel Hilversum parkeren op maaiveld gereguleerd. Voor elke woning is gemiddeld één parkeerplaats op de openbare weg beschikbaar. Met uitzondering van enkele villagebieden en bedrijventerreinen. Door de groei van het autobezit wordt een groter beroep gedaan op ieders eigen verantwoordelijkheid. Uitgezonderd het centrum komen bewoners en bedrijven in aanmerking voor maximaal één gereduceerde parkeervergunning op maaiveld. Bewoners en bedrijven zijn zelf verantwoordelijk voor het vinden van een parkeeroplossing voor hun tweede en derde auto. Woningbouwprogramma In 2030 is Hilversum een gewilde en aantrekkelijke plaats om te wonen.

De stad heeft voor elk wat wils, van dorps en lommerrijk tot meer groen stedelijk en centrumstedelijk. Ook op het gebied van betaalbare en toegankelijke woningen valt er in Hilversum veel te kiezen. In 2030 zijn er netto tussen de 3600 en 4500 woningen toegevoegd. Dit betekent dat er in de afgelopen jaren in Hilversum gemiddeld 200 á 250 nieuwe woningen per jaar zijn gebouwd. Dit is nodig om ervoor te zorgen dat er voldoende woningen zijn voor starters (op de woningmarkt), er ruimte is voor doorstroming (verhuizen naar een andere woning) en beperkt voor migratie (verhuizingen naar Hilversum). In de afzonderlijke bouwplannen is niet exclusief voor één doelgroep gebouwd. Per locatie is ingezet op diversiteit, flexibiliteit en de marktvraag. Ook is rekening gehouden met de regionaal vastgestelde kaders voor betaalbaarheid en toegankelijkheid De bestaande woningvoorraad is in 2030 sterk verduurzaamd. Er zijn tientallen lokale energie-initiatieven ontstaan waarbij bewoners en bedrijven gezamenlijk schone energie opwekken en verbruiken. Werken Hilversum is een werkgemeente voor de hele regio. Omgekeerd werken ook veel Hilversummers in de regio en daarbuiten. Alhoewel de arbeidsmarkt grotendeels regionaal functioneert, is het belangrijk dat veel werkgelegenheid lokaal gevestigd blijft.

De lokale werkgelegenheid sluit aan op de samenstelling en opleiding van de lokale beroepsbevolking. Werkgelegenheid bevindt zich hoofdzakelijk geconcentreerd op de verschillende bedrijventerreinen en kantoorlocaties. De samenstelling van de lokale bevolking biedt voldoende arbeidspotentieel voor de lokale en verzorgende bedrijven. Dat geldt bijvoorbeeld voor sectoren als de zorg, waarin een tekort aan arbeidskrachten dreigt.

18. Behoud natuurgebieden De ligging van Hilversum in het groen is in 2030 een van de belangrijkste kwaliteiten. Als een groene jas liggen de natuurgebieden rond Hilversum. De kostbare natuur is beschermd. Alle omliggende natuurgebieden zijn overgedragen aan natuurorganisaties. De natuur rondom Hilversum is in 2030 uitgebreid. Bij herontwikkeling van de dynamische gebieden in het buitengebied zijn delen daarvan aan de natuur teruggegeven als dat wenselijk en mogelijk was, zoals in het plangebied Monnikenberg. De toegankelijkheid en bereikbaarheid van omliggende natuurgebieden is verbeterd. Fietsers maken veelvuldig gebruik van het fietspad R ́ ondje Hilversum .́ Vanuit de woonwijken zijn directe en veilige fiets- en wandelroutes naar de omliggende natuur aangelegd. Er is winst geboekt op het gebied van de ecologie. De soortendiversiteit is vergroot. Doordat de natuurgebieden met elkaar verbonden zijn, hebben dieren een groot leefgebied gekregen. Recreatie Er is nauw met de grondeigenaren GNR en Natuurmonumenten samengewerkt om ook het zicht tussen het stedelijk gebied en het buitengebied te verbeteren. Hierbij is uitgegaan van het basisprincipe van Dudok: langgerekte, steeds breder wordende groenzones lopen vanuit het centrum richting de omliggende natuurgebieden. Tegelijkertijd zijn op verschillende plaatsen in de stadsrand groene speelplekken aangelegd.

Het fietsrondje Hilversum is in 2030 een begrip. Om dit fietsrondje te realiseren zijn de ontbrekende schakels aangelegd. Ecologie In 2030 zijn alle natuurgebieden rond Hilversum met elkaar verbonden. Rijk, provincie, gemeenten en natuurorganisaties hebben hier jaren hard aan gewerkt. Verschillende natuurverbindingen met grote en kleine faunapassages verbinden de natuur rond Hilversum. Alle ecoducten zijn geschikt voor edelherten en ander aanwezig wild.

19. Mediastad In 2030 is Hilversum de Mediastad van Nederland. De creatieve sector in Hilversum zorgt voor veel werkgelegenheid. De rode draad door deze sector is het gebruik van beeld en geluid. Bedrijven en de overheid hebben steeds geïnvesteerd om Hilversum dé Mediastad van Nederland te laten blijven. De kracht van Hilversum zit in de combinatie van jonge en volwassen bedrijven. Volwassen bedrijven bieden investeringsvermogen. Jonge creatieve bedrijven zijn van belang vanwege hun nieuwe kennis, producten en diensten. Daarnaast is samenwerking met kennisinstellingen van belang voor vernieuwing in de sector. Hilversum is ook in 2030 een vanzelfsprekende vestigingslocatie voor creatieve bedrijven. Hoewel grote steden als Amsterdam en Utrecht veel economische, functionele, maatschappelijke en culturele diversiteit bieden, vestigen veel creatieve bedrijven zich in Hilversum. Dit komt omdat Hilversum een effectief productie- en distributiecentrum is voor digitale en audiovisuele content. Daarnaast heeft Hilversum zich ontwikkeld tot een

kraamkamer voor de creatieve sector met opleidingen, kennis en experimenteerruimte. Ook vanwege de ruimtelijke kwaliteiten (woon- en werkklimaat), de aanwezige culturele en sociale diversiteit en de aanwezigheid van een bruisend en goed bereikbaar centrum heeft Hilversum een aantrekkelijk klimaat voor creatieve bedrijven. Hilversum ondersteunt innovatie bij creatieve bedrijven, bijvoorbeeld de toepassing van media in andere sectoren zoals zorg en toerisme. Internet-, game- en social mediabedrijven en marketing- en communicatiebedrijven zijn belangrijk voor de innovatie. Imago In 2030 kent Hilversum honderden kleinere en grotere mediabedrijven. Ze geven Hilversum een eigen identiteit en kleur. Hilversum heeft zichtbaar gemaakt wat het te bieden heeft voor zakelijke doelgroepen, bestuurlijke relaties en het brede publiek. Hilversum is verjongd, beter bereikbaar en huisvest diverse hippe nieuwe mediabedrijven. De digitale bereikbaarheid is uitstekend: glasvezel is voor inwoners en bedrijven beschikbaar in heel Hilversum. Via glasvezel is het Media Park verbonden met alle belangrijke studio ś en uitzendlocaties in Nederland en met de Amsterdam Internet Exchange (AMS-IX), één van de grootste internetknooppunten ter wereld. Relatie met andere beleidsvelden Kennisontwikkeling en innovatie spelen een centrale rol in het versterken van het creatieve bedrijfsleven in Hilversum.

De stad heeft een aantal gerenommeerde instituten dat zich bezighoudt met onderwijs en onderzoek. Het verbinden van bedrijfsleven met onderwijs en onderzoek is noodzakelijk. Het zorgt voor een continue aanwas van goed opgeleid personeel en nieuwe technologie voor de ontwikkeling van producten en diensten. Kunst, culturele voorzieningen en erfgoed hebben een grote aantrekkingskracht op creatieve bedrijven en vormen een voedingsbodem voor creatieve ondernemingen. In 2030 heeft Hilversum veel culturele activiteiten en wordt cultureel ondernemersschap gestimuleerd. Hiertoe zijn ontmoetingsplekken gerealiseerd waar onder meer creatieve ondernemers van gebruik maken. Jongeren en jonge gezinnen hebben in 2030 goede kansen op de woningmarkt. Zij vormen een belangrijke doelgroep als werknemers voor de creatieve bedrijven. Ook voor de opleidingen is jongerenhuisvesting belangrijk. In 2030 biedt Hilversum voldoende woon-werkruimte voor studenten en pas afgestudeerden.

20. Centrumgemeente In 2030 is Hilversum de centrumgemeente van het Gooi met een aantrekkelijk bruisend stadscentrum. In de afgelopen jaren is er veel gebeurd. In het centrum is een breed aanbod aan winkels, een levendige warenmarkt, evenementen en een gezellig horeca- en cultureel aanbod te vinden. Dit bruisende centrum is aantrekkelijk voor alle inwoners van Hilversum. Maar het is ook een trekker voor mensen uit omliggende gemeenten en toeristen. De pleinen in het centrum en de parken daaromheen zijn levendige plekken, die uitnodigen voor ontmoeting en verblijf. Hilversum heeft in 2030 een breed aanbod

aan regionale voorzieningen. De aanwezigheid van bijvoorbeeld zorg, (speciaal en beroeps-)onderwijs, vermaak, culturele voorzieningen en welzijnsvoorzieningen maken het aantrekkelijk om in Hilversum te wonen en te leven. Niet alle regionale voorzieningen bevinden zich in Hilversum. Complementariteit in de regio staat voorop. De centrumfunctie van Hilversum wordt verder versterkt door de clustering van zorg. Hilversum biedt de meest vooruitstrevende zorg van Nederland. Niet alleen op zorgpark Monnikenberg maar ook via een fijnmazig netwerk door heel Hilversum. Om de sectoren media, creatieve bedrijvigheid en zorg te versterken, is er een koppeling gemaakt tussen onderwijs en werkgelegenheid. Er is bijvoorbeeld een dependance van een hbo-v (verpleegkunde) opleiding in Hilversum gekomen. Daarnaast zijn er aanvullende mediaopleidingen gekomen op hbo-niveau en/of wo-niveau. Toekomstige werknemers krijgen hun opleiding in Hilversum. Detailhandel en horeca In 2030 is het centrum van Hilversum de ontmoetingsplek van de stad. Het centrum is aantrekkelijk voor inwoners van Hilversum, mensen uit de regio en daarbuiten. Een sterk en breed aanbod van detailhandel en horeca zorgt, aangevuld met culturele functies, voor een bruisend centrum. De binnenstad is de belangrijkste detailhandelslocatie van Hilversum. Samen met De Gijsbrecht is het een trekker voor regionaal publiek.

De andere winkelgebieden in Hilversum hebben (grotendeels) lokale betekenis. Deze locaties zijn belangrijk voor buurt en wijk en voorzien in dagelijkse boodschappen. Het centrum kent drie verschillende horecagebieden. Elk met een eigen karakter. Een restaurantzone, het uitgaansgebied en horeca in het kernwinkelgebied. Er zijn geen nieuwe winkelstraten toegevoegd aan het oude centrum. In het compacte centrum wordt de ruimte boven winkels wel beter gebruikt. Boven winkels mag in beginsel alles, tenzij zwaarwegende belangen zich daartegen verzetten. De grondhouding is ja, tenzij. Cultuur Als centrumgemeente heeft Hilversum een breed aanbod van culturele voorzieningen van lokale en regionale betekenis. Culturele voorzieningen in Hilversum zijn extra belangrijk als ze aansluiten op de sterke punten van Hilversum, zoals beeldcultuur, muziek en architectuur. Bijvoorbeeld Beeld en Geluid, Muziekcentrum voor de Omroep, Wisseloord studio’s en Dudok architectuur. Deze zijn in landelijk opzicht uniek en van (inter-)nationaal belang. Bereikbaarheid Hilversum is in 2030 goed bereikbaar. In de afgelopen jaren zijn diverse investeringen in mobiliteit gedaan. De perrons van station Sportpark zijn ter hoogte van het ROC tegenover elkaar gelegd. In 2030 wordt veelvuldig gebruik gemaakt van de vrijliggende busbaan tussen Hilversum en Huizen.

Ook de aftakking via zorgpark Monnikenberg naar het ArenaPark is qua reizigersaantallen een succes. Rijkswaterstaat heeft in 2030 alle omliggende rijkswegen voorzien van spitsstroken. De verbreding van de A27 en de A1 heeft direct geresulteerd in een afname van sluipverkeer op Hilversums grondgebied. In 2030 hebben de provincies Utrecht en Noord-Holland diverse transferia op knooppunten van rijkswegen en openbaar vervoer gerealiseerd. Veel Hilversumse werknemers en bezoekers maken gebruik van transferia in de regio.

21. Stedenbouw en architectuur In 2030 staat Hilversum bekend om zijn hoogwaardige stedenbouwkundige, architectonische en landschappelijke kwaliteiten. De tuinstadgedachte en het beëindigingsplan van Dudok zijn hierbij als vertrekpunt genomen. Sterke punten in de stad zoals prachtige gebouwen, omroep-complexen en industrieel erfgoed maar ook groene plekken zijn met elkaar verbonden. De harmonieuze groene overgangen tussen stad en omliggende natuurgebieden zijn zichtbaar en voelbaar gemaakt. In de woongebieden zijn de bestaande karakteristieken, woonmilieus en kwaliteiten per wijk behouden. Diverse gebouwen hebben een andere functie gekregen, bijvoorbeeld kantoorpanden die zijn omgebouwd naar woningen. Uitbreidingen, verdichtingen en schaalsprongen zijn voornamelijk in de dynamische gebieden gerealiseerd. Binnen de stad zijn verschillende dynamische gebieden aangewezen: centrum, Monnikenberg, Bedrijventerrein Crailo, Media Park, ArenaPark, Kerkelanden en Havenkwartier, de Spoorzone, Anna’s Hoeve, de Larenseweg en Zonnestraal. Voor elk van deze gebieden is een nadere uitwerking gemaakt. Alle dynamische gebieden hebben hun eigen specifieke kwaliteit. Doordat per gebied kwaliteitseisen zijn gesteld is er ruimtelijke samenhang ontstaan. Op prominente plekken zijn gebouwen gerealiseerd met een hoge architectonische kwaliteit.

Dit is bereikt door het inzetten van verschillende instrumenten, zoals masterplannen, beeldkwaliteitsplannen, ambitiedocumenten en adviezen van de stadsbouwmeester. Hilversum heeft een compact, levendig en aantrekkelijk centrum gekregen met verschillende functies en karakteristieken. De aangename openbare ruimtes in het centrum nodigen uit voor ontmoeting en verblijf. Er is meer ruimtelijke samenhang en elan ontstaan. Hilversum is hiermee de tuinstad van de 21ste eeuw. Dorp en stad In 2030 is er een duidelijk onderscheid tussen woongebieden met beperkte ruimtelijke uitbreidingen en dynamische gebieden waar ruimtelijke ontwikkelingen, functiemenging, schaalsprongen en bijzondere ruimtelijke kwaliteiten zijn gerealiseerd. In de woongebieden zijn in 2030 per wijk bestaande karakteristieken en kwaliteiten behouden. In de dynamische gebieden zijn veel woningen, bedrijven, het ziekenhuis en andere zorggebouwen, media gerelateerde bedrijven, onderwijsgebouwen en welzijnsfuncties gerealiseerd. Monumenten Hilversum onderscheidt zich nog altijd op (inter-)nationaal niveau als de stad van jonge monumenten en stedenbouw. Hilversum heeft in 2030 ongeveer duizend beschermde monumenten. Groene vingers, zichtlijnen en lanen Belangrijke kwaliteiten van Hilversum zijn de harmonieuze en groene overgangen tussen de stad en het omringende landschap.

Deze zijn gebaseerd op het door Dudok gemaakte beëindigingsplan. In 2030 is op tal van plekken de prachtige omgeving zichtbaar en voelbaar.

Hoogbouw In de jaren negentig is bij de overdracht van natuurgebieden aan het GNR afgesproken niet meer in het buitengebied te bouwen. Sindsdien is in deze natuurgebieden niet gebouwd. De gemeenteraad van Hilversum heeft in de jaren negentig ook besloten om de gewestelijke richtlijn van maximaal 20 meter hoog bouwen te verlaten. Op een aantal plekken in de stad is in 2030 hoogbouw gerealiseerd. Dit om eenvormigheid in nieuwe bebouwing te voorkomen, bepaalde gebieden in de stad te accentueren en voldoende en aantrekkelijke openbare ruimte over te houden. Voor elk van deze locaties zijn maximale hoogtes vastgelegd. Woonmilieus Er is in 2030 nog steeds een verscheidenheid aan woonmilieus. Hieruit is de ontstaansgeschiedenis van Hilversum af te lezen. Villagebieden, dorpse delen, tuinstadwijken (Dudok), naoorlogse woonwijken en grootschalige stedelijke bebouwing (oostelijke binnenstad en Villa Industria) zijn nog steeds duidelijk herkenbaar.

Visie op klimaatneutraal Hilversum 2050 (2012) Inleiding Met de ambitie klimaatneutraal in 2050 wil de gemeente Hilversum haar steentje bijdragen aan een leefbare wereld. De focus ligt daarbij op vermindering van fossiele brandstoffen, omdat veel problemen zoals klimaatverandering, energietekort en voedselprijzen daarmee samenhangen. De groeiende energievraag wereldwijd zorgt voor toenemende schaarste aan fossiele brandstoffen en leidt daarmee tot prijsstijgingen. Niet alleen van fossiele brandstoffen, maar ook van grondstoffen en voedsel. Deze prijsstijgingen kunnen economische consequenties hebben en beïnvloeden de koopkracht van huishoudens. Daarnaast zijn de landen die onze fossiele brandstoffen leveren vaak politiek instabiel. Het betekent dat de leveringszekerheid geringer is en de kostprijs sterker kan fluctueren.

Broeikasgassen Afgezien van de directe economische kosten van fossiele brandstoffen, is de verbranding ervan problematisch: het leidt tot het vrijkomen van kooldioxide (CO2), stikstofoxiden (NOx), zwaveldioxide (SO2) en fijnstof. Deze stoffen veroorzaken het versterkte broeikaseffect, de verzuring en de fijnstof-problematiek.

Klimaatbeleid Internationaal zijn afspraken gemaakt over de reductie van de uitstoot van broeikasgassen. Hierbij is het doel de temperatuurstijging wereldwijd te beperken tot nog maximaal 2 graden Celsius ten opzichte van 2009. De acht grootste industrielanden zullen hiervoor hun broeikasgassen-uitstoot in 2050 met 80% terugdringen ten opzichte van 1990.

Nederland heeft de internationale afspraken vertaald in nationaal klimaatbeleid. Het kabinet Rutte I (geformeerd in 2010) wil in 2020 de uitstoot van broeikasgassen met 20 procent gereduceerd hebben ten opzichte van 1990, jaarlijks 2 procent energie- efficiëncy bereiken en de energievraag voor 18 procent dekken uit duurzame energiebronnen (wind, zon, water, biomassa). Het beleid krijgt zijn uitwerking in ondermeer klimaatakkoorden, meerjarenafspraken energie-efficiëncy, aanscherping van energieprestatiecoëfficiënt, en verplichte energielabels bij verkoop van woningen.

Uitstoot van CO2 in Nederland en Hilversum In 2008 bedroeg de totale CO2-uitstoot in Nederland circa 176 miljoen ton. Met de overige broeikasgassen erbij, was deze (omgerekend naar CO2-equivalenten) 207 miljoen ton.

Zou de C02-uitstoot in Nederland in 2008 gelijkelijk verdeeld zijn over de gemeenten, dan zou deze voor Hilversum als volgt zijn:

- op basis van inwoneraantal: 880 kiloton - op basis van oppervlakte: 203 kiloton.

Volgens een uitgevoerde CO2-scan is binnen de gemeente Hilversum in 2008 circa 300 kiloton CO2 uitgestoten. Conclusie hieruit is dat deze per inwoner lager is dan gemiddeld in Nederland, maar per hectare hoger. Het eerste wordt veroorzaakt door de afwezigheid van energie-intensieve bedrijven (bijvoorbeeld metaal-, glasproductie, chemie) en het tweede door het feit dat de gemeente Hilversum een compact stedelijk gebied heeft, met een groot buitengebied.

Het grootste aandeel van de Hilversumse CO2-uitstoot (circa 52%) komt voor rekening van de huishoudens. Circa 71% van de CO2-uitstoot binnen de huishoudens wordt veroorzaakt door gasverbruik om de woning te verwarmen; de rest is elektriciteitsverbruik.

Hoe wordt Hilversum klimaatneutraal? In het door de gemeenteraad vastgestelde initiatiefvoorstel (november 2010) zijn drie prioritaire thema’s benoemd waarbinnen nog onvoldoende resultaten zijn geboekt: 1. Klimaat & Energie 22. Duurzame bedrijfsvoering 23. Duurzaam bedrijfsleven Om systematisch te kunnen beoordelen of een project voldoende bijdraagt aan de gestelde doelen zijn zes toetsingscriteria geformuleerd:

1. Bijdrage aan CO2-reductie. 24. Vermindering energievraag. 25. Kosteneffectiviteit. 26. Voorbeeldfunctie van gemeente. 27. Invloed van gemeente. 28. Rol/taak van gemeente. Toetsingscriterium 1: Bijdrage aan CO2-reductie Projecten die veel CO2-reductie opleveren hebben vanuit de doelstelling de voorkeur boven projecten die dit niet doen. Binnen Hilversum valt veel CO2-uitstoot te reduceren binnen de

bestaande woningen en gebouwen. Hoe groter de CO2-reductie, des te beter scoort een mogelijk project in dit toetsingscriterium.

Toetsingscriterium 2: Vermindering energievraag Het terugdringen van de energievraag is belangrijker dan de energievraag te dekken uit duurzame energiebronnen. Immers, elk kilowattuur dat niet nodig is hoeft ook niet opgewekt te worden! Binnen Hilversum valt veel energievraag te verminderen binnen de bestaande woningen en gebouwen. Hoe meer de energievraag wordt verminderd, des te beter scoort een mogelijk project in dit toetsingscriterium.

Toetsingscriterium 3: Kosteneffectiviteit Het derde toetsingscriterium is gebaseerd op de wet van afnemende meeropbrengst: in het begin kan tegen relatief lage kosten, relatief veel effect worden bereikt. Naarmate er meer effect moet worden bereikt, nemen de kosten hiervan exponentieel toe. Binnen Hilversum is bijvoorbeeld het na-isoleren van woningen en bedrijven (door middel van vloer-, muur- en dakisolatie) een zeer kosteneffectieve maatregel: de investeringen verdienen zich gemakkelijk weer terug door lagere energielasten. Hoe meer er gebruik wordt gemaakt van kosteneffectieve maatregelen in een mogelijk project, des te beter scoort deze in dit toetsingscriterium.

Toetsingscriterium 4: Voorbeeldfunctie van gemeente De gemeentelijke organisatie zelf heeft uiteraard een voorbeeldfunctie als het gaat om duurzame ontwikkeling. Zoals in het initiatiefvoorstel al genoemd werd: “Breng in praktijk wat je predikt”. Binnen Hilversum hebben zichtbare maatregelen aan gemeentelijke gebouwen met een publieksfunctie (stadskantoor, zwembad) een goede voorbeeldfunctie. Laat eerst zien dat de gemeente haar eigen huis op orde heeft en dat klimaatneutraal mogelijk is. Hoe groter de zichtbaarheid, des te beter scoort een mogelijk gemeentelijk project in dit toetsingscriterium.

Toetsingscriterium 5: Invloed van gemeente Daar waar de gemeente formele zeggenschap heeft (bijvoorbeeld over de inrichting van de openbare ruimte), is de invloed het grootst. Daar waar de relatie met de uitvoerende of de verantwoordelijke sterk is, is de slaagkans van een project groter. Hoe groter de invloed van de gemeente, des te beter scoort een mogelijk project in dit toetsingscriterium.

Toetsingscriterium 6: Rol/taak van gemeente

Binnen het klimaatbeleid kunnen gemeenten verschillende rollen op zich nemen, van passief tot actief:

-

Voorlichter. Handhaver. Ondersteuner. Regisseur. Financierder/garantiegever. In- en verkoper duurzame energie. Mede-eigenaar duurzame energieproductiesystemen Netbeheerder.

De gemeente Hilversum ontwikkelt zich in 2012 naar een moderne organisatie met een klein ambtenarencorps. Denk hierbij aan termen als ‘Slank en Hoogwaardig’ en een ‘Zelfredzame samenleving’. Dit betekent tevens een herbezinning op het takenpakket. Het is mogelijk dat daardoor mogelijke projecten goed scoren op andere toetsingscriteria, maar toch niet in aanmerking komen voor het uitvoeringsprogramma.

Dit criterium is dan ook in feite een absoluut toelatingscriterium: voldoet een maatregel er niet aan, dan komt deze niet in het uitvoeringsprogramma.

Projecten De volgende projecten zullen in de periode 2012-2015 uitgevoerd worden:

Project 1: Verminderen energieverbruik en energieopwekking in gemeentelijke gebouwen. Project 2: Verbeteren binnenmilieu, verminderen energieverbruik en energieopwekking in gebouwen primair onderwijs. Project 3: Opstellen gemeentelijk beleid rondom openbare verlichting. Project 4: Onderzoeken van energiemaatregelen in rioolgemalen. Project 5: Onderzoeken van warmtebenutting uit riolen. Project 6: Koppelen vraag en aanbod rondom energiemaatregelen in particuliere woningen. Project 7: Verduurzamen van bedrijventerreinen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=8189bc8a-d4ff-44fb-bb0b-c270a1012e8a