CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 5 : Chw-bestemmingsplan 1221_(gewijzigd)_Toelichting_Bijlage 9 Aanmeldingsnotitie m.e.r.-beoordeling

GEMEENTERAAD 26 oktober 2022, gemeente HilversumBij agendapunt: Vaststelling Chw bestemmingsplan 1221 (1084642)9.670 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Binnen het plangebied levert dit geen beperkingen op voor de voorgenomen ontwikkeling. De functies leiden niet tot sterke verontreiniging van het grondwater. Conclusie water De realisatie van de voorgenomen ontwikkeling leidt niet tot belangrijk nadelige gevolgen op oppervlaktewater of grondwater.

27 (30)

5

Beoordeling van effecten

5.1

Conclusie t.a.v. mogelijk aanzienlijke milieueffecten

5.1.1 Doel van deze aanmeldingsnotitie De m.e.r.-beoordeling is een toets van het bevoegd gezag (gemeente Hilversum) om te bepalen of bij de voorgenomen activiteit mogelijk belangrijke nadelige milieugevolgen kunnen optreden. In deze aanmeldingsnotitie wordt op objectieve wijze de informatie verzameld en gepresenteerd die voor deze afweging noodzakelijk is. Op basis van de informatie in de aanmeldingsnotitie besluit het bevoegd gezag of een uitgebreidere m.e.rprocedure nodig is. Het initiatief bestaat uit een stedelijk ontwikkelingsproject van gezamenlijk circa 90 hectare en 1.550 woningen (D11.2 van het Besluit m.e.r.). 1.550 woningen worden maximaal in 2040 gerealiseerd, in 2030 zijn dit er maximaal 1.150. In de aanmeldingsnotitie is tevens gekeken naar cumulatieve effecten met de ontwikkeling Bruisend Hart, waarin 250 nieuwe woningen mogelijk worden gemaakt. Cumulatief is in de aanmeldingsnotitie rekening gehouden met 1.800 woningen (dus 1.550 + 250). Het bevoegd gezag beslist op basis van deze aanmeldingsnotitie of belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu te verwachten zijn. De m.e.r.-beoordeling kent een ‘nee, tenzij’ principe. Dit betekent dat geen nadere m.e.r. nodig is tenzij belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu te verwachten zijn als gevolg van het project.

5.1.2 Conclusie aanmeldingsnotitie In de tabellen 2.1, 3.1 en 4.1 zijn alle criteria behandeld zoals benoemd in Bijlage III van de Europese Richtlijn. Dit biedt de basis voor de m.e.r.-beoordeling. In met name hoofdstuk 4 is een beschrijving gegeven van de potentiële effecten van de activiteit. Hieruit blijkt dat op de volgende punten effecten te verwachten zijn: Tabel 5.1 | Samenvatting van de potentiële effecten en de maatregelen die daarbij worden voorzien Waarde

Effect

Maatregel

Natuur Het gebied ligt op grote afstand van Natura 2000-gebieden. Naar verwachting zijn in het plangebied wel beschermde soorten, zoals de gierzwaluw, de huismus en de gewone dwergvleermuis, aanwezig.

Effecten op beschermde natuurgebieden worden niet verwacht. Door de hinder kunnen de beschermde soorten die in het plangebied aanwezig zijn worden verstoord in of verjaagd uit hun huidige leefomgeving.

Bij concrete ontwikkeling dient aandacht te worden besteed aan beschermde soorten. Mogelijk dient een initatiefnemer op basis van een verkennend natuuronderzoek een aanvullend onderzoek te doen naar bepaalde beschermde diersoorten. In de praktijk kunnen mitigerende maatregelen belangrijk nadelige gevolgen voorkomen.

Geluid In het plangebied ligt de geluidbelasting boven de voorkeursgrenswaarde.

De realisatie van de 1.800 woningen (plangebied en Bruisend Hart) en de verkeersaantrekkende werking die hier vanuit gaat, zal leiden tot een toename van de geluidbelasting van minder dan 1,5 dB. Dit is een

In het bestemmingsplan zijn hogere waarden opgenomen tot de maximale ontheffingswaarde. Daarmee is sprake van een matige tot onvoldoende leefomgevingskwaliteit, maar wordt wel voldaan aan de wettelijke normen. Deze leefomgevingskwaliteit is reeds nu in het plangebied aanwezig en

28 (30)

toename die voor de meeste mensen niet waarneembaar zal zijn.

wordt beperkt beïnvloed door het planvoornemen. Bij de aanvraag van vergunningen moet aangetoond worden dat voldaan wordt aan de vastgestelde hogere waarde.

Externe veiligheid Het plangebied ligt binnen het invloedsgebied van de spoorlijn Bussum-Hilversum-Baarn.

Het groepsrisico is in de huidige situatie reeds hoger dan 1,0 van de oriëntatiewaarde. Het groepsrisico gaat ten opzichte van de huidige situatie met 37,5% omhoog.

Er is een verantwoording opgesteld. Daarin zijn verschillende maatregelen benoemd om het risico te beperken..

Archeologie Het plangebied kent een middelhoge tot hoge verwachtingswaarde op aanwezigheid van archeoligische waarden.

Het is niet uitgesloten dat bij grondwerkzaamheden archeologische waarden worden aangetroffen. De kans hierop wordt klein geacht, aangezien de grond in het plangebied reeds eerder is geroerd vanwege de eerdere bebouwing.

Het bestemmingsplan heeft een dubbelbestemming Waarde – Archeologie. Daaruit volgt een onderzoeksplicht voorafgaand aan realisatie van nieuwbouw.

De m.e.r.-beoordeling richt zich primair op de mogelijke effecten vanuit het voornemen op de omgeving. Deze effecten zijn beperkt. Uit de behandeling van de criteria en de beschrijving van de potentiële effecten blijkt dat de effecten op de verschillende (milieu)aspecten hoofdzakelijk lokaal van aard zijn. Effecten op eventueel aanwezige beschermde diersoorten kunnen met mitigerende maatregelen voldoende worden beperkt om belangrijk nadelige gevolgen te voorkomen. De toename van geluidhinder is beperkt. Voor nieuwbouw is een (hogere waarde) regeling opgenomen in het bestemmingsplan. De toename van het groepsrisico is geen effect dat impact heeft op bestaande omwonenden. Hun risico neemt niet toe. Tot slot is de verwachting dat in het plangebied geen archeologische waarden (meer) aanwezig zijn die bij grondwerkzaamheden kunnen worden aangetast. Desondanks kent het bestemmingsplan in een groot deel van het plangebied een dubbelbestemming Waarde – Archeologie. In deze aanmeldingsnotitie is gekeken naar mogelijk cumulatieve effecten van voorliggend plan met de ontwikkeling van Bruisend Hart. De effecten van beide plannen zijn in grote mate vergelijkbaar met elkaar. De meeste locaties liggen echter op enige afstand van Bruisend Hart vandaan, waardoor cumulatieve effecten zijn uit te sluiten.

Enkele ontwikkellocaties liggen in de buurt van Bruisend Hart en zullen met name op het gebied van verkeersgerelateerde effecten mogelijk een cumulatief effect kunnen hebben. Aangezien de verwachting is dat een groot deel van de gebruikers van Bruisend Hart uit de directe omgeving of met de trein zullen komen, zullen deze cumulatieve effecten zeer beperkt van aard zijn en niet leiden tot belangrijk nadelige gevolgen. Dit komt ook naar voren in de verkeersberekeningen en de daaraan gerelateerde onderzoeken (geluid en stikstof). Uit de behandeling van de criteria en de beschrijving van de potentiële effecten blijkt dat de effecten op de verschillende (milieu)aspecten vooral effect hebben op de toekomstige bewoners van de nieuw te ontwikkelen woningen. De kwaliteit van de leefomgeving is in

29 (30)

sommige ontwikkellocaties met name vanuit het oogpunt van geluid en externe veiligheid niet hoog. In het bestemmingsplan is geborgd dat nieuwbouw alleen mogelijk is als de geluidhinder de vastgestelde hogere waarde niet overschrijdt (waar mogelijk zijn de hogere waarden lager dan de maximale ontheffingswaarden). Ten aanzien van de toename van het groepsrisico is een verantwoording opgesteld, waarin verschillende maatregelen zijn benoemd om het risico te beperken. Gezien de beperkte effecten en de in het bestemmingsplan geborgde maatregelen zal geen sprake zijn van belangrijk nadelige gevolgen.

30 (30)

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=a0f23006-06a7-499f-881c-1eaa2869f2d9