Bijlage 4 - Definitief concept Concessieovereenkomst Warmtesysteem Stationsgebied Hilversum
Tekst van het document
24.6.
Concessiehouder en de Gebiedsvereniging zullen gedurende de looptijd van deze Concessie regelmatig met elkaar overleg voeren over de uitvoering van de Concessie conform deze Concessieovereenkomst met inachtneming van het Programma van Eisen. De Gebiedsvereniging wijst voor de Ingangsdatum een contactpersoon, aanspreekpunt, voor de Concessiehouder aan.
24.7.
Concessiehouder stelt de Gebiedsvereniging onverwijld op de hoogte indien haar faillissement wordt aangevraagd en/of wanneer zij surseance van betaling aanvraagt.
25.
COMMUNICATIE GEBOUWEIGENAREN, AFNEMERS EN OVERIGE STAKEHOLDERS
25.1.
Concessiehouder is verantwoordelijk voor tijdige en juiste communicatie over het Warmtesysteem, de Aansluiting daarop en de Levering aan (toekomstige) Gebouweigenaren en Afnemers en stemt de communicatie zo nodig met de Gebiedsvereniging en de Gebouweigenaren af, met inachtneming van het Programma van Eisen.
25.2.
Concessiehouder is verantwoordelijk voor de communicatie met overige stakeholders conform het Programma van Eisen.
650001118/39253549.2
E. FINANCIELE BEPALINGEN 26.
TARIEVEN
26.1.
Concessiehouder garandeert gedurende de gehele looptijd van de Concessieovereenkomst de in zijn Inschrijving vastgelegde Tarieven te hanteren,
26
Definitief concept 26 maart 2026
650001118/39253549.2
waarbij geldt dat deze Tarieven nooit hoger mogen zijn dan het op dat moment geldende bij of krachtens wet vastgestelde tarief, één en ander met inachtneming van het bij of krachtens de wet bepaalde. Daaronder mede beschouwd een na ondertekening van deze Concessieovereenkomst bij of krachtens wet vastgesteld tarief. 26.2.
De Tarieven mogen door Concessiehouder alleen worden geïndexeerd conform de indexeringsregeling zoals vastgelegd in hoofdstuk 7 van Bijlage 7 (Financiële Bijlage).
26.3.
Ter zake van Overige bebouwing geldt dat het Concessiehouder binnen de bij of krachtens de wet gestelde kaders vrijstaat aanvullende marktconforme kostenvergoeding in rekening te brengen, indien en voor zover sprake is van aanvullende werkzaamheden en investeringen ten opzichte van de werkzaamheden en investeringen die behoren bij het Warmtesysteem. Concessiehouder dient de marktconformiteit van deze aanvullende kostenvergoeding op haar eerste verzoek aan de Gebiedsvereniging aan te tonen.
26.4.
De Gebiedsvereniging biedt Concessiehouder geen enkele garantie op het behalen van enig rendement en de Gebiedsvereniging is in dat verband nooit aansprakelijk jegens de Concessiehouder.
26.5.
Indien de Concessiehouder een subsidie ontvangt ter zake van de uitvoering van de Concessie, dan wel het ontwerpen, financieren, realiseren en/of Exploiteren van het Warmtesysteem, dan zal de Concessiehouder minimaal negentig procent (90%) van de waarde van de subsidie, na aftrek van de redelijke kosten die de Concessiehouder heeft gemaakt voor het aanvragen van die subsidie, ten bate van de Gebouweigenaren/Afnemers verrekenen in zijn Tarieven. Op eerste verzoek van de Gebiedsvereniging zal de Concessiehouder inzage geven in welke subsidies hij heeft aangevraagd, welke subsidies zijn verleend en hoe de waarde daarvan is verrekend in de Tarieven.
27.
BANKGARANTIE
27.1.
Op de Ingangsdatum moet Concessiehouder, tot zekerheid van de nakoming van haar verplichtingen op grond van deze Concessieovereenkomst gedurende de Ingroeiperiode, een first demand bankgarantie doen stellen voor een bedrag van EUR 250.000,- (zegge: tweehonderdvijftigduizend euro) overeenkomstig het in Bijlage 3 (Modelgaranties) opgenomen model. De bankgarantie wordt op voornoemde datum aan de Gebiedsvereniging ter hand gesteld.
27
650001118/39253549.2
Definitief concept 26 maart 2026
27.2.
De bankgarantie bedoeld in lid 1 van dit artikel moet (al dan niet door middel van tijdige verlengingen daarvan) een looptijd hebben die gelijk is aan de maximale duur van de Ingroeiperiode. Ingeval de Ingroeiperiode korter duurt en de Gebiedsvereniging het einde van de Ingroeiperiode schriftelijk bevestigd heeft, zal de Gebiedsvereniging de bankgarantie eerder retourneren.
28.
OVERDRACHTSGARANTIE
28.1.
Niet later dan zes (6) maanden vóór de Overdracht, dan wel onverwijld voor de Overdracht ingeval van tussentijdse beëindiging, dient Concessiehouder, tot zekerheid van de nakoming van zijn verplichtingen op grond van deze Concessieovereenkomst, een first demand bankgarantie te doen stellen voor een bedrag van EUR 250.000,- (zegge: tweehonderdvijftigduizend euro) overeenkomstig het in Bijlage 3 (Modelgaranties), opgenomen model. Deze bankgarantie moet een looptijd hebben tot zes (6) maanden na de Overdracht. Daarbij dient Concessiehouder zes (6) maanden voor de Overdracht door middel van een door een onafhankelijke derde verrichte conditiemeting aan te tonen dat de conditie van het Warmtesysteem voldoet aan de daaraan gestelde eisen in het Programma van Eisen. De waarde van deze bankgarantie wordt geïndexeerd conform hoofdstuk 7 van Bijlage 7 (Financiële Bijlage).
28.2.
Concessiehouder mag ook een first demand bankgarantie stellen conform het model van een bank, mits de rechtspositie van de Gebiedsvereniging onder dat model gelijkwaardig is aan de rechtspositie onder het model in Bijlage 3 (Modelgaranties).
28.3.
De Gebiedsvereniging zal geen verzoek tot uitkering van de in Artikel 27.1 of 28.1 bedoelde bankgarantie doen voordat, ten aanzien van de in het betreffende Artikel genoemde prestaties, de Concessiehouder in verzuim is overeenkomstig Afdeling 9, Paragraaf 2, Boek 6 BW.
29.
WIJZIGINGEN
29.1.
Geen aanpassing van, wijziging van of toevoeging aan de Concessieovereenkomst zal bindend zijn tussen Partijen, tenzij deze schriftelijk is vastgelegd en ondertekend door alle Partijen bij de Concessieovereenkomst, onverminderd het bepaalde in Artikel 15.2 (Programmering)
29.2.
In afwijking van Artikel 29.1 kunnen termijnen in deze Concessieovereenkomst worden gewijzigd door een daartoe strekkend schriftelijk voorstel, daaronder begrepen per e-mail, van een Partij en de aanvaarding daarvan door de andere Partij.
28
Definitief concept 26 maart 2026
30.
ONVOORZIENE OMSTANDIGHEDEN EN WIJZIGINGEN WET- EN REGELGEVING
30.1.
Concessiehouder begrijpt dat de Concessie een lange looptijd heeft en dat de Concessiehouder zelf gedurende die looptijd verantwoordelijk is voor de deugdelijke en rendabele uitvoering van de Concessie. Concessiehouder draagt zelf het economische risico voor de Concessie en gewijzigde omstandigheden tijdens de Concessieperiode (zoals prijs- en/of kostenstijgingen), behoudens onvoorziene omstandigheden bedoeld in Artikel 30.2, geven Concessiehouder geen aanspraak op enige vergoeding van de Gebiedsvereniging.
30.2.
Indien zich gedurende de looptijd van de Concessieovereenkomst zodanige onvoorziene omstandigheden of ontwikkelingen voordoen, welke van dien aard zijn dat een Partij naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding van de overeenkomst niet mag verwachten, dan wel dat onverkorte uitvoering van de Concessieovereenkomst de gerechtvaardigde belangen van betrokken derden, waaronder Afnemers, onevenredig aantast, dan zullen de Partijen op eerste verzoek van een van hen beide in overleg treden over een zodanige aanpassing van de Concessieovereenkomst dat de negatieve gevolgen van die omstandigheden of ontwikkelingen zoveel als mogelijk ondervangen worden, maar de inhoud en strekking van de Concessieovereenkomst zoveel als mogelijk in stand blijven.
30.3.
Indien gedurende de looptijd van de Concessieovereenkomst het wettelijk of regelgevend kader ter zake van Productie, Transport, Levering of afname van Warmte of Koude, zoals onder meer volgt uit het gestelde bij of krachtens: (i)
de Warmteweten/of Omgevingswet;
(ii) als die kracht van wet verkrijgt, de Wcw; en/of (iii) enige andere (lagere) regeling ter vervanging of nadere uitwerking van de hiervoor bedoelde wetgeving; zodanig wijzigt dat;
650001118/39253549.2
de uitvoering of toepassing van dit gewijzigde wettelijk of regelgevend kader (waaronder het eventueel expireren van een noodzakelijke publiekrechtelijke toestemming en/of ontheffing (in de ruimste zin van het woord)) zodanige gevolgen heeft dat ongewijzigde instandhouding van de Concessieovereenkomst jegens een of beide Partijen naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet gevergd kan worden, dan wel daarmee de
29
Definitief concept 26 maart 2026
gerechtvaardigde belangen van betrokken derden, waaronder Afnemers, onevenredig worden aantast; is sprake van een Onvoorziene wettelijke wijziging. Bij een Onvoorziene wettelijke wijziging zullen Partijen op eerste verzoek van een van hen in overleg treden over een zodanige aanpassing van de Concessieovereenkomst dat de negatieve gevolgen van die omstandigheden of ontwikkelingen zoveel als mogelijk ondervangen worden, maar de inhoud en strekking van de Concessieovereenkomst zoveel als mogelijk in stand blijven. 30.4.
Dit artikel doet niet af aan de verplichting van de Concessiehouder om zelf tijdig de noodzakelijke vergunningen, publiekrechtelijke toestemmingen en/of ontheffingen (in de breedste zin van het woord) voor de uitvoering van de Concessie te verkrijgen en te behouden. Ter zake de Wcw, die ten tijde van het sluiten van deze Concessieovereenkomst nog niet in werking is getreden, geldt dat Concessiehouder verplicht is om zelf tijdig een ontheffing, vrijstelling of ander vergelijkbaar instrument aan te vragen (in de breedste zin van het woord) voor het Warmtesysteem en, indien nodig, opnieuw aan te vragen en/of te verlengen.
30.5.
Onverminderd het overige in dit Artikel bepaalde, geldt dat Concessiehouder wordt geacht zich voorafgaand aan het doen van de Inschrijving, voor zover op dat moment redelijkerwijs mogelijk, voldoende geïnformeerd te hebben omtrent de relevante omstandigheden in het Concessiegebied en zich zelfstandig een volledig beeld te hebben gevormd van de aard en de omvang van de eventuele risico's die aan de Concessieovereenkomst en/of Concessie verbonden zijn.
30.6.
Dit Artikel 30 (Wijzigingen en Onvoorziene Omstandigheden) laat eventuele rechten van de Concessiehouder op grond van de Driepartijenovereenkomst onverlet.
F. EINDE OVEREENKOMST EN OVERDRACHT 31.
VERPLICHTINGEN CONCESSIEHOUDER BIJ EINDE CONCESSIEOVEREENKOMST
31.1.
Op de Einddatum of op de datum dat de Concessie voortijdig eindigt vindt de Overdracht door Concessiehouder aan de Gebiedsvereniging plaats. Concessiehouder dient ervoor te zorgen dat op die datum:
650001118/39253549.2
a.
Het Warmtesysteem voldoet aan de eisen voor Overdracht zoals genoemd in het Programma van Eisen;
30
650001118/39253549.2
Definitief concept 26 maart 2026
b.
Het Overdrachtsdossier – conform de daaraan in het Programma van Eisen gestelde eisen en volledig geactualiseerd – aan de Gebiedsvereniging of aan een door Gebiedsvereniging aan te wijzen opvolgend concessiehouder is verstrekt;
c.
Alle vorderingen uit hoofde van vrijwaringen en garanties die door Concessiehouder zijn verkregen in verband met de uitvoering van de verplichtingen uit deze Concessieovereenkomst aan de Gebiedsvereniging of aan een door de Gebiedsvereniging aan te wijzen opvolgend concessiehouder zijn gecedeerd, voor zover de overdraagbaarheid wettelijk niet is uitgesloten;
d.
Alle vergunningen, ontheffingen, toestemmingen, garanties en andere rechten die Concessiehouder in verband met de uitvoering van de Concessieovereenkomst heeft verkregen en niet reeds ingevolge deze Concessieovereenkomst heeft moeten aanvragen op naam van, of over heeft gedragen aan de Gebiedsvereniging, aan de Gebiedsvereniging of aan een door de Gebiedsvereniging aan te wijzen opvolgend concessiehouder zijn overgedragen dan wel verschaft, voor zover de overdraagbaarheid wettelijk niet is uitgesloten;
e.
Alle Leveringsovereenkomsten en andere relevante overeenkomsten – zoals overeenkomsten met bronhouders – aan de Gebiedsvereniging of aan een door de Gebiedsvereniging aan te wijzen opvolgend concessiehouder zijn overgedragen;
f.
Die handelingen zijn verricht die nodig zijn om de onbeperkte eigendom van de Gebiedsvereniging ter zake van het Warmtesysteem te verzekeren, waaronder beëindiging van de onderopstalrechten voor het Warmtesysteem; voor zover nodig zal Concessiehouder overigens ook na de Einddatum daartoe alle handelingen verrichten en medewerking verlenen aan de Gebiedsvereniging.
31.2.
Indien een restwaardevergoeding dient te worden betaald, dan bevat het Overdrachtsdossier tevens een vermelding en onderbouwing daarvan evenals een detailberekening van het te vergoeden bedrag.
31.3.
Indien de Gebiedsvereniging, in het geval van tussentijdse beëindiging van de Concessieovereenkomst, nog geen opvolgend concessiehouder gecontracteerd heeft, zal Concessiehouder op verzoek van de Gebiedsvereniging de uitvoering van de Concessieovereenkomst onder dezelfde voorwaarden voortzetten totdat
31
Definitief concept 26 maart 2026
650001118/39253549.2
een opvolgend concessiehouder dan wel – een entiteit die gelieerd is aan – de Gebiedsvereniging de dienstverlening overneemt.
32.
OVERDRACHTSINSPECTIES
32.1.
Partijen zullen met het oog op de Overdracht het Warmtesysteem inspecteren.
32.2.
De eerste inspectie zal plaatsvinden niet eerder dan zesendertig (36) maanden en niet later dan vierentwintig (24) maanden voor de Einddatum van de Concessieovereenkomst.
32.3.
De tweede inspectie zal niet eerder dan twaalf (12) maanden en niet later dan zes (6) maanden voor de Einddatum. Eventueel kan de Gebiedsvereniging nog verzoeken om een derde inspectie op het moment van overdracht van het Warmtesysteem.
32.4.
De inspecties vinden plaats op verzoek van de Gebiedsvereniging. Het verzoek dient minimaal vier (4) weken voor de inspectie te worden gedaan aan Concessiehouder en Concessiehouder zal daaraan dan gehoor geven.
32.5.
De inspecties worden door Concessiehouder georganiseerd met inachtneming van redelijke instructies ter zake van de Gebiedsvereniging.
32.6.
In geval van een voortijdige beëindiging van deze Concessieovereenkomst zijn lid 1 t/m 5 van overeenkomstige toepassing en vinden de inspecties binnen een redelijke termijn plaats.
33.
DOCUMENTATIE OVERDRACHT EN RESTWAARDEVERGOEDING
33.1.
Niet later dan een (1) maand voor de Einddatum zal Concessiehouder de in Artikel 31.1 van deze Concessieovereenkomst genoemde documenten aan de Gebiedsvereniging overhandigen, zodat de Gebiedsvereniging kan vaststellen dat op de Einddatum zal worden voldaan aan de voorwaarden in Artikel 31 (Verplichtingen Concessiehouder bij einde Concessieovereenkomst).
33.2.
Concessiehouder mag de documenten zoals genoemd in Artikel 31.1 gefaseerd aan de Gebiedsvereniging overhandigen.
33.3.
De Gebiedsvereniging zal binnen veertien (14) werkdagen na overhandiging van de documenten zoals genoemd in Artikel 31.1 laten weten of Concessiehouder heeft aangetoond dat zij aan de verplichtingen in Artikel 31 (Verplichtingen Concessiehouder bij einde Concessieovereenkomst) heeft voldaan.
32
650001118/39253549.2
Definitief concept 26 maart 2026
33.4.
Concessiehouder dient een document dat volgens de Gebiedsvereniging niet aan één of meer verplichtingen als bedoeld in Artikel 33.3 voldoet, aan te passen en opnieuw bij de Gebiedsvereniging in te dienen.
33.5.
De Gebiedsvereniging zal Concessiehouder bij Overdracht de restwaardevergoeding betalen, welke wordt berekend conform hoofdstuk 4 van Bijlage 7 (Financiële Bijlage). Concessiehouder heeft geen recht op enige andere vergoeding van schade, kosten of (rest)waarde van het Warmtesysteem in verband met de Overdracht van het Warmtesysteem. Het recht van Concessiehouder op de in dit Artikel genoemde door de Gebiedsvereniging te betalen vergoeding, ontstaat pas nadat zij volledig aan haar verplichtingen uit Artikelen 32, 33 en 34 heeft voldaan.
33.6.
In geval van een voortijdige beëindiging van deze Concessieovereenkomst is dit Artikel, met uitzondering van Artikel 33.5, van overeenkomstige toepassing. Indien genoemde termijnen gelet op de periode tussen de beëindiging en de Einddatum daarbij redelijkerwijs niet haalbaar zijn, gelden in plaats daarvan redelijke termijnen. Voor de vergoeding in dat geval geldt Artikel 43 (Vergoeding bij voortijdige beëindiging Concessieovereenkomst).
34.
VOLMACHT EN MEDEWERKING
34.1.
Onder de opschortende voorwaarde dat de Concessiehouder in verzuim verkeert ter zake van zijn verplichtingen dienaangaande, verleent Concessiehouder hierbij een onherroepelijke en onvoorwaardelijke volmacht aan de Gebiedsvereniging om op naam van Concessiehouder en voor diens rekening en risico de overdracht van de overeenkomsten en andere rechten als bedoeld in Artikel 31.1 aan de Gebiedsvereniging te bewerkstelligen. De Gebiedsvereniging is gerechtigd deze machtiging geheel naar eigen inzicht uit te voeren c.q. in te richten. Concessiehouder zal aan die overdracht op eerste verzoek haar volledige medewerking verlenen.
35.
BEËINDIGING BIJ TEKORTKOMING CONCESSIEHOUDER
35.1.
De Gebiedsvereniging mag deze Concessieovereenkomst tegen een door haar genoemde datum beëindigen indien sprake is van een tekortkoming in de nakoming van deze Concessieovereenkomst door Concessiehouder en Concessiehouder de desbetreffende verplichting niet binnen een door de Gebiedsvereniging gestelde redelijke termijn alsnog nakomt, tenzij de tekortkoming, gezien haar aard en de betekenis gelet op het geheel van de
33
Definitief concept 26 maart 2026
verplichtingen van Concessiehouder, de beëindiging met haar gevolgen niet rechtvaardigt.
650001118/39253549.2
35.2.
De Gebiedsvereniging mag de Concessieovereenkomst in ieder geval tussentijds tegen de door haar genoemde datum beëindigen indien: a.
Concessiehouder niet voldoet aan haar verplichtingen op grond van Artikel 16 (Exploitatie en Energieprestatie) en binnen twaalf (12) maanden niet alsnog aantoont dat de werkelijke energieprestatie ten minste overeenkomt met de Energieprestatie;
b.
Concessiehouder tekortschiet in de nakoming van haar verplichting tot Aansluiting conform Artikel 12 (Aansluiting), en deze verplichting niet alsnog nakomt binnen de bij ingebrekestelling door de Gebiedsvereniging gestelde termijn;
35.3.
De Gebiedsvereniging zal geen gebruik maken van zijn recht om de Concessieovereenkomst te beëindigen op grond van dit Artikel voordat het overleg (op directieniveau) in Artikel 55.2 heeft plaatsgevonden en zij zich heeft ingespannen om het geschil met de Concessiehouder in der minne op te lossen.
36.
BEËINDIGING OP ANDERE GRONDEN VOOR RISICO VAN CONCESSIEHOUDER
36.1.
De Gebiedsvereniging mag de Concessieovereenkomst tussentijds tegen de door haar genoemde datum beëindigen indien: a.
Concessiehouder haar faillissement of surseance van betaling aanvraagt, in staat van faillissement komt te verkeren, aan haar surséance van betaling is verleend, of in geval van ontbinding, stillegging, liquidatie of enige daarmee te vergelijken toestand van de onderneming;
b.
op een dusdanig aanmerkelijk deel van het vermogen van Concessiehouder beslag wordt gelegd, of zij daarover op andere wijze de vrije beschikking verliest, dat onverkorte nakoming van de Concessieovereenkomst wordt belemmerd en dit beslag niet binnen veertien (14) werkdagen wordt opgeheven, ofwel haar onderneming wordt opgeheven;
c.
Concessiehouder niet meer over de voor de uitvoering van de Concessieovereenkomst vereiste vergunningen en toestemmingen beschikt;
d.
een bankgarantie of overeenstemming met (Overdrachtsgarantie);
overdrachtsgarantie niet gesteld wordt in Artikel 27 (Bankgarantie) of Artikel 28
34
650001118/39253549.2
Definitief concept 26 maart 2026
e.
Concessiehouder (juridisch) wordt gesplitst en zij niet ten genoegen van de Gebiedsvereniging aantoont – zo nodig door het stellen van zekerheden – de Concessieovereenkomst desondanks te kunnen nakomen;
f.
Concessiehouder in een in kracht van gewijsde gegaan vonnis veroordeeld wordt voor een delict betreffende de professionele integriteit;
g.
Concessiehouder krachtens een onherroepelijk besluit van de Autoriteit Consument en Markt een last onder dwangsom opgelegd heeft gekregen dat verband houdt met de Concessie of krachtens een onherroepelijk besluit van de Autoriteit Consument en Markt een boete opgelegd gekregen voor overtreding van artikel 6 lid 1 of artikel 24 lid 1 Mededingingswet;
h.
personeel van Concessiehouder, gedurende de looptijd van deze Concessieovereenkomst, in een in kracht van gewijsde gegaan vonnis is veroordeeld voor een misdrijf als beschreven in artikel 177 van het Wetboek van Strafrecht en Concessiehouder de betreffende personen niet binnen dertig (30) werkdagen heeft vervangen;
i.
Concessiehouder een of meer van haar verplichtingen op grond van de Wet aanpak schijnconstructies geheel of gedeeltelijk niet nakomt en deze verplichtingen niet binnen dertig (30) werkdagen alsnog nakomt;
j.
Indien zich ten aanzien van Concessiehouder tijdens de looptijd van Concessieovereenkomst een uitsluitingsgrond voordoet zoals vermeld in artikel 2.86 Aanbestedingswet;
k.
Indien Concessiehouder in strijd met het in Artikel 53 (Russische partijen) heeft gehandeld.
37.
DISCRETIONAIRE BEËINDIGING DOOR GEBIEDSVERENIGING
37.1.
De Gebiedsvereniging mag deze Concessieovereenkomst op elk moment beëindigen tegen een door haar aangegeven datum.
37.1.
De Gebiedsvereniging zal van de bevoegdheid omschreven in lid 1 alleen gebruik maken als zij daar gegronde redenen voor heeft en nadat Partijen geprobeerd hebben tot een wijziging te komen die bedoelde gegronde redenen tot beëindiging wegneemt, maar daar binnen drie (3) maanden niet in geslaagd zijn.
38.
BEËINDIGING IN GEVAL VAN OVERMACHT
38.1.
Beide Partijen mogen de Concessieovereenkomst met inachtneming van een termijn van 30 kalenderdagen beëindigen indien: (i) sprake is van een situatie van
35
Definitief concept 26 maart 2026
650001118/39253549.2
overmacht, zoals bedoeld in Artikel 45 (Overmacht) (met uitzondering van de overmachtssituaties bedoeld in Artikel 45.4(iii) en Artikel 45.4(iv)), (ii) de tekortkoming die daarvan het gevolg is langer dan twaalf (12) maanden voortduurt en (iii) Partijen niet tot overeenstemming zijn gekomen over het al dan niet in gewijzigde vorm de voortzetten van de Concessieovereenkomst. Beide Partijen zijn in dit scenario gehouden om zich in te spannen om te komen tot voornoemde overeenstemming over een wijziging van de Concessieovereenkomst.
39.
BEËINDIGING VANWEGE RECHTERLIJKE UITSPRAAK
39.1.
De Gebiedsvereniging mag de Concessieovereenkomst tegen de door haar genoemde datum beëindigen indien uit een uitspraak van een rechter met kracht van gewijsde, waaronder ook een kortgedinguitspraak wordt begrepen, volgt dat de Concessieovereenkomst onrechtmatig (tot stand gekomen) is (bijvoorbeeld wegens strijd met het aanbestedingsrecht) of dat de Concessieovereenkomst ongeldig is of om welke reden dan ook opnieuw moet worden aanbesteed.
40.
BEËINDIGING VANWEGE ONVOORZIENE OMSTANDIGHEDEN OF WIJZIGING WET- EN REGELGEVING
40.1.
Beide Partijen mogen de Concessieovereenkomst met inachtneming van een redelijke termijn beëindigen indien sprake is van onvoorziene omstandigheden zoals bedoeld in Artikel 30.2, en wanneer Partijen er, ondanks hun redelijke en aantoonbare inspanningen daartoe, met toepassing van dat Artikel binnen drie maanden niet in geslaagd zijn om tot de daar bedoelde aanpassing van de Concessieovereenkomst te komen.
40.2.
Beide Partijen mogen de Concessieovereenkomst met inachtneming van een redelijke termijn beëindigen indien sprake is van een Onvoorziene wettelijke wijziging zoals bedoeld in 30.3, en wanneer Partijen er, ondanks hun redelijke en aantoonbare inspanningen daartoe, met toepassing van dat Artikel binnen drie maanden niet in geslaagd zijn om tot de daar bedoelde aanpassing van de Concessieovereenkomst te komen.
40.3.
Indien de Concessieovereenkomst slechts gedeeltelijk moet worden beëindigd, zullen Partijen het gedeelte van de Concessieovereenkomst dat niet eindigt of moet worden beëindigd, ongewijzigd in stand houden, tenzij dat jegens een of beide Partijen naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet gevergd kan worden, of dan wel daarmee de gerechtvaardigde belangen van betrokken derden, waaronder Afnemers, onevenredig worden aantast. In die laatste gevallen, zullen Partijen in overleg treden over een zodanige aanpassing van de
36
Definitief concept 26 maart 2026
Concessieovereenkomst dat de negatieve gevolgen van die omstandigheden of ontwikkelingen zoveel als mogelijk ondervangen worden, maar de inhoud en strekking van de Concessieovereenkomst zoveel als mogelijk in stand blijven. Indien Partijen, ondanks hun redelijke en aantoonbare inspanningen daartoe, er binnen drie maanden niet in geslaagd zijn om tot de bedoelde aanpassing te komen, mogen beide Partijen het resterende deel van de Concessieovereenkomst met inachtneming van een redelijke termijn beëindigen.
41.
BEËINDIGING BIJ TEKORTKOMING GEBIEDSVERENIGING
41.1.
De Concessiehouder mag deze Concessieovereenkomst tegen een door haar genoemde datum beëindigen indien sprake is van een tekortkoming in de nakoming van deze Concessieovereenkomst door Gebiedsvereniging en Concessiehouder de desbetreffende verplichting tot twee keer toe niet binnen een door de Gebiedsvereniging schriftelijk gestelde redelijke termijn alsnog nakomt, tenzij de tekortkoming, gezien haar aard en de betekenis gelet op het geheel van de verplichtingen van Gebiedsvereniging, de beëindiging met haar gevolgen niet rechtvaardigt.
41.2.
De Concessiehouder zal geen gebruik maken van zijn recht om de Concessieovereenkomst te beëindigen op grond van dit Artikel voordat het overleg (op directieniveau) in Artikel 55.2 heeft plaatsgevonden en zij zich heeft ingespannen om het geschil met de Gebiedsvereniging in der minne op te lossen.
42.
AFSTAND VAN RECHT
42.1.
Onverminderd de in de Concessieovereenkomst vastgelegde beëindigingsrechten, doen Partijen afstand van het recht de , al dan niet met een beroep op dwaling, geheel of gedeeltelijk te vernietigen of te ontbinden dan wel de gehele of gedeeltelijke vernietiging, ontbinding of wijziging van deze Concessieovereenkomst te vorderen, met name door middel van het inroepen van het bepaalde in de artikelen 6:265 e.v. BW.
42.2.
Concessiehouder doet jegens de Gebiedsvereniging afstand van:
650001118/39253549.2
42.3.
a.
de mogelijkheid om zich te beroepen op enig retentierecht ter zake van het Warmtesysteem en documenten die deel uit moeten maken van Overdrachtsdossier, en
b.
enig opschortingsrecht.
Partijen borgen dat door hen ter zake het Warmtesysteem ingezette derden ook afstand doen van de in Artikel 42.2 bedoelde rechten.
37
Definitief concept 26 maart 2026
43.
VERGOEDING BIJ VOORTIJDIGE BEËINDIGING CONCESSIEOVEREENKOMST
43.1.
Concessiehouder is bij voortijdige beëindiging van de Concessieovereenkomst op grond van Artikel 35 (Beëindiging bij tekortkoming Concessiehouder) of Artikel 36 (Beëindiging op andere gronden voor risico van Concessiehouder) uitsluitend gerechtigd tot de restwaardevergoeding conform hoofdstuk 1 van Bijlage 7 (Financiële Bijlage).
43.2.
Concessiehouder is bij voortijdige beëindiging van de Concessieovereenkomst op grond van Artikel 37 (Discretionaire beëindiging door de Gebiedsvereniging) of Artikel 41 Beëindiging bij tekortkoming Gebiedsvereniging) tot de restwaardevergoeding conform hoofdstuk 2 van Bijlage 7 (Financiële Bijlage).
43.3.
Concessiehouder is bij voortijdige beëindiging van de Concessieovereenkomst op grond van Artikel 38 (Beëindiging in geval van overmacht), Artikel 39 (Beëindiging vanwege rechterlijke uitspraak) of Artikel 40 (Beëindiging vanwege onvoorziene omstandigheden of wijziging wet- en regelgeving) uitsluitend gerechtigd tot de restwaardevergoeding conform hoofdstuk 3 van Bijlage 7 (Financiële Bijlage).
43.4.
Concessiehouder heeft, anders dan op grond van dit Artikel 43 (Vergoeding bij Voortijdige Beëindiging Concessieovereenkomst), geen recht op enige vergoeding van schade, kosten of (rest)waarde van het Warmtesysteem in verband met het – op welke grond dan ook – voortijdig eindigen van deze Concessieovereenkomst.
43.5.
Het recht van Concessiehouder op de in dit Artikel 43 (Vergoeding bij Voortijdige Beëindiging Concessieovereenkomst) genoemde door de Gebiedsvereniging te betalen vergoedingen ontstaat pas nadat zij volledig aan haar verplichtingen uit Artikelen 31, 32, 33 en 34 heeft voldaan.
650001118/39253549.2
G. AANSPRAKELIJKHEID 44.
AANSPRAKELIJKHEID
44.1.
Concessiehouder is aansprakelijk voor de schade die de Gebiedsvereniging lijdt door een tekortkoming van Concessiehouder in de nakoming van de Concessieovereenkomst, tenzij de tekortkoming Concessiehouder niet kan worden toegerekend.
44.2.
Concessiehouder is aansprakelijk voor de schade die de Gebiedsvereniging lijdt in verband met of samenhangend met de uitvoering van de Concessieovereenkomst.
38
650001118/39253549.2
Definitief concept 26 maart 2026
44.3.
De aansprakelijkheid van de Gebiedsvereniging onder, of in verband met, deze Concessieovereenkomst en/of de Concessie is beperkt tot maximaal EUR 1.000.000,- (zegge een miljoen euro).
44.4.
De aansprakelijkheid van de Concessiehouder onder, of in verband met, deze Concessieovereenkomst en/of de Concessie is beperkt tot maximaal EUR 2.000.000,- (zegge twee miljoen euro) per gebeurtenis en EUR 6.000.000,(zegge zes miljoen euro) per jaar.
44.5.
Partijen zullen jegens elkaar niet aansprakelijk zijn voor indirecte schade. Onder indirecte schade valt onder meer gederfde omzet, gederfde winst en reputatieschade.
44.6.
De beperkingen van aansprakelijkheid in dit artikel zijn niet van toepassing in gevallen van opzet of van een in laakbaarheid aan opzet grenzende schuld.
45.
OVERMACHT
45.1.
Indien een Partij één of meer verplichtingen uit de Concessieovereenkomst niet kan nakomen ten gevolge van overmacht: a.
stelt zij de andere Partij hiervan onverwijld nadat zij hiermee bekend werd, schriftelijk en gemotiveerd in kennis;
b.
stellen Partijen in overleg vast welke maatregelen de tekortschietende Partij kan nemen om de nadelige gevolgen daarvan te beperken;
c.
zal die Partij alle maatregelen nemen die redelijkerwijs mogelijk zijn om de nadelige gevolgen van overmacht te beperken, zonder daarbij gehouden te zijn om schade als gevolg van overmacht te herstellen.
45.2.
Onder overmacht wordt in het kader van deze Concessieovereenkomst overmacht in de zin van de wet verstaan, onverlet het bepaalde in lid 3 en 4.
45.3.
Onder overmacht wordt in het kader van deze Concessieovereenkomst in ieder geval niet verstaan: gebrek aan personeel, stakingen, ziekte van personeel, verlate aanlevering of ongeschiktheid van benodigde zaken en goederen, toerekenbaar tekortschieten van door Partijen ingeschakelde derden, prijs- en/of kostenstijgingen, alsmede transportproblemen dan wel liquiditeits- of solvabiliteitsproblemen aan de zijde van Concessiehouder.
45.4.
Onder overmacht wordt in het kader van deze Concessieovereenkomst in ieder geval wel verstaan:
39
Definitief concept 26 maart 2026
(i)
natuurrampen, oorlog, gewapende opstanden, vandalisme, storingen van elektriciteitsnetten, transportof capaciteitsbeperkende maatregelen van de netbeheerder, grondverdroging, grond- of rivierwaterdaling, overstroming, alles voor zover deze omstandigheden directe invloed hebben op het Warmtesysteem;
(ii) het niet kunnen realiseren, ondanks alle aantoonbare, tijdige en redelijke inspanningen daartoe van de Concessiehouder, van de voor het Warmtesysteem benodigde netaansluitingen die voorziet in een aansluiting met voldoende (transport)capaciteit op het (elektriciteits)net; (iii) met betrekking tot zijn verplichting om een Gebouw Aan te sluiten op het Warmtesysteem, wanneer Concessiehouder, ondanks alle zijn aantoonbare, tijdige en redelijke inspanningen daartoe (waaronder het louter stellen van redelijke en marktconforme voorwaarden), geen Aansluitovereenkomst kan sluiten met de betreffende Gebouweigenaar; en
650001118/39253549.2
(iv) met betrekking tot zijn verplichting om te Leveren aan een Afnemer, wanneer Concessiehouder, ondanks alle zijn aantoonbare, tijdige en redelijke inspanningen daartoe (waaronder het louter stellen van redelijke en marktconforme voorwaarden), geen Leveringsovereenkomst kan sluiten met de betreffende Afnemer.
46.
BOETES
46.1.
Onverminderd andere rechten op grond van het bij of krachtens de wet gestelde en/of deze Concessieovereenkomst – waaronder het recht op nakoming en/of schadevergoeding – kan de Gebiedsvereniging, in geval van tekortkoming door Concessiehouder van een of meer verplichtingen uit de Concessieovereenkomst, zonder dat sprake hoeft te zijn van schade aan de zijde van de Gebiedsvereniging, een direct, en dus zonder voorafgaande ingebrekestelling of gerechtelijke procedure, opeisbare, niet voor verrekening vatbare boete opleggen zoals beschreven in dit Artikel, tenzij de tekortkoming Concessiehouder niet kan worden toegerekend.
46.2.
Indien Concessiehouder niet voldoet aan haar verplichting op grond van Artikel 16 (Exploitatie en Energieprestatie) en daar binnen twaalf (12) maanden niet alsnog aan voldoet, verbeurt zij een boete van EUR 3500,- (zegge vijfendertighonderd euro)] voor iedere dag daarop waarop zij niet alsnog aantoont dat de werkelijke energieprestatie van het Warmtesysteem voldoet aan de
40
Definitief concept 26 maart 2026
Energieprestatie, tot een maximum van EUR 100.000 (honderdduizend euro)] per gebeurtenis. 46.3.
Als Concessiehouder haar verplichtingen voortvloeiend uit de Wet aanpak schijnconstructies niet nakomt, verbeurt zij een boete van EUR 5.000,- (zegge vijfduizend euro) voor elke dag dat de tekortkoming voortduurt, een gedeelte van een dag voor een volle gerekend.
46.4.
Indien en voor zover ter zake van een tekortkoming ten gevolge waarvan een boete wordt opgelegd door de Gebiedsvereniging tevens schadevergoeding wordt gevorderd, zal de hoogte van de schadevergoeding worden verminderd met de boete die in verband met die tekortkoming door Concessiehouder aan de Gebiedsvereniging is voldaan, met dien verstande dat de schadevergoeding geen negatief bedrag kan zijn. De samenloop van boetes is onbeperkt.
46.5.
Indexering van de boetes vindt plaats conform hoofdstuk 7 van Bijlage 7 (Financiële Bijlage).
47.
VERZEKERINGEN
47.1.
Concessiehouder zal het Warmtesysteem ten minste voor de duur van de Concessie afdoende tegen beschadiging, tenietgaan en calamiteiten verzekeren en verzekerd houden door middel van een door de Gebiedsvereniging goed te keuren polis.
47.2.
Concessiehouder zal ten minste voor de duur van de Concessie verzekeringen aanhouden die op afdoende wijze wettelijke, beroepsen/of bedrijfsaansprakelijkheid afdekken inclusief aansprakelijkheid als bezitter dan wel exploitant van het Warmtesysteem en aansprakelijkheid voor brand of schade aan de aangesloten Gebouwen.
47.3.
De (afzonderlijke) verzekeringen hebben een minimale dekking van EUR 5.000.000,- (zegge vijfmiljoen euro) exclusief BTW per gebeurtenis en EUR 10.000.000,- (zegge tienmiljoen euro) exclusief BTW per jaar.
47.4.
Concessiehouder legt op verzoek van de Gebiedsvereniging onverwijld een gewaarmerkt afschrift over van haar polissen en de bewijzen van premiebetaling ter zake van de verzekeringen genoemd in lid 1 en lid 2 over.
650001118/39253549.2
H. OVERIGE BEPALINGEN
41
650001118/39253549.2
Definitief concept 26 maart 2026
48.
KOPPELING CONCESSIEOVEREENKOMST EN DRIEPARTIJENOVEREENKOMST
48.1.
Deze Concessieovereenkomst is aangegaan onder opschortende voorwaarden dat de Driepartijenovereenkomst tot stand is gekomen.
48.2.
Indien de in Artikel 48.1 genoemde voorwaardelijkheid niet uiterlijk op [●] in vervulling zijn gegaan vervalt deze Concessieovereenkomst.
48.3.
De bepalingen binnen Artikel 48 zijn – zulks met uitdrukkelijke bedoeling van Partijen – uitgezonderd van de opschortende werking van de opschortende voorwaarde beschreven onder Artikel 48.1 met als doel om direct inwerking te treden bij tot stand komen van deze Concessieovereenkomst.
49.
TOEPASSELIJKE DOCUMENTEN EN VOORWAARDEN
49.1.
De volgende documenten, inclusief Overwegingen en alle bijbehorende annexen, maken onlosmakelijk onderdeel uit van deze Concessieovereenkomst en beschrijven in onderlinge samenhang en met uitsluiting van algemene voorwaarden van Concessiehouder of derden, de rechten en verplichtingen die voor Partijen uit deze Concessieovereenkomst voortvloeien: Bijlage 1: Concessiegebied, Bijlage 2: Programmering Bijlage 3: Modelgaranties Bijlage 4: Modelakte Vestiging zelfstandig (hoofd)opstalrecht Bijlage 5: Modelakte vestiging zelfstandig onderopstalrecht Bijlage 6: Programma van Eisen Bijlage 7: Financiële Bijlage Bijlage 8: Acceptatieprocedure Bijlage 9: Aanbestedingstukken Bijlage 10: Inschrijving
49.2.
Voor zover de in lid 1 genoemde documenten met elkaar in tegenspraak zijn, prevaleert de Concessieovereenkomst (exclusief Bijlagen) boven de Bijlagen. Voor zover de Bijlagen met elkaar in tegenspraak zijn, prevaleert het in de navolgende opsomming hoger vermelde document. Bijlage 1: Concessiegebied, Bijlage 2: Programmering Bijlage 3: Modelgaranties Bijlage 4: Modelakte Vestiging zelfstandig (hoofd)opstalrecht Bijlage 5: Modelakte vestiging zelfstandig onderopstalrecht Bijlage 6: Programma van Eisen
42
Definitief concept 26 maart 2026
-
Bijlage 7: Financiële Bijlage Bijlage 8: Acceptatieprocedure Bijlage 9: Aanbestedingstukken Bijlage 10: Inschrijving
650001118/39253549.2
Wanneer echter de kwaliteit van het door Concessiehouder aangebodene uitgaat boven de geëiste kwaliteit, prevaleert datgene boven alle andere Bijlagen.
50.
GEHEIMHOUDING
50.1.
Zonder afbreuk te doen aan de overige bepalingen van deze Concessieovereenkomst, zullen beide Partijen de informatie en kennis die zij in het kader van de uitvoering van deze Concessieovereenkomst van elkaar verkrijgen – en die niet anderszins publiek gemaakt worden door de Partij van wie de informatie respectievelijk kennis afkomstig is – waarvan zij weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat deze geheim of vertrouwelijk is dan wel informatie waarvan zij kan vermoeden dat verspreiding daarvan de andere Partij schade kan berokkenen, geheimhouden. Partijen zullen door hen ingeschakelde werknemers en derden eenzelfde geheimhoudingsplicht opleggen.
50.2.
Partijen zullen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de andere Partij naar buiten toe geen melding maken van deze Concessieovereenkomst.
50.3.
Dit Artikel 50 (Geheimhouding) laat verplichtingen van Partijen op grond de Wet open overheid, de Gemeentewet, enige andere wettelijke regeling, last van een rechtens bevoegde autoriteit of toezichthouder dan wel enige rechterlijke uitspraak onverlet. Dit Artikel laat tevens de verplichting van de Gebiedsvereniging tot politieke verantwoording onverlet.
51.
INTEGRITEIT
51.1.
Concessiehouder verklaart dat zij ter verkrijging van de Concessieovereenkomst personeel van Gebiedsvereniging en/of de Gemeente generlei gift of belofte heeft gedaan of zal doen dan wel een dienst verleent of aanbiedt dan wel heeft gedaan of zal doen met het oogmerk om diegene te bewegen in Concessiehouder diens bediening iets te doen of na te laten
51.2.
Concessiehouder onthoudt zich van activiteiten die belangenverstrengeling met zich mee kunnen brengen in relatie tot de Concessieovereenkomst. Als Concessiehouder twijfelt, weet of vermoedt dat er sprake is van belangenverstrengeling zal zij dit per omgaande aan Gebiedsvereniging melden.
43
650001118/39253549.2
Definitief concept 26 maart 2026
52.
OVERDRACHT RECHTEN EN PLICHTEN
52.1.
Zonder de voorafgaande schriftelijke toestemming van Gebiedsvereniging, zijn ingevolge artikel 3:83 lid 2 BW rechten uit hoofde van of in verband met deze Concessieovereenkomst goederenrechtelijk onoverdraagbaar en niet te bezwaren en mogen rechten of verplichtingen uit hoofde van deze Concessieovereenkomst op geen enkele wijze worden overgedragen of worden vervreemd.
52.2.
Gebiedsvereniging is gerechtigd om rechten en/of verplichtingen voortvloeiende uit de Concessieovereenkomst geheel of gedeeltelijk aan een derde, zoals de Gemeente, over te dragen zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de Concessiehouder.
53.
RUSSISCHE PARTIJEN
53.1.
In verband met de door de Europese Unie ingestelde sanctiepakketten tegen Rusland, mag Concessiehouder, zolang deze sanctiepakketten of vergelijkbare sanctiepakketten van kracht zijn, geen Russische partijen als onderaannemer, leverancier of anderszins inzetten ter zake van de Concessie wanneer dit uit hoofde van die pakketten verboden is.
54.
VOORTDURENDE VERPLICHTINGEN
54.1.
Verplichtingen welke naar hun aard bestemd zijn om ook na het einde c.q. de beëindiging ongeacht de reden daartoe van deze Concessieovereenkomst van kracht te zijn, blijven na het einde onverminderd van kracht. Tot deze verplichtingen behoren in ieder geval: de verplichtingen uit Deel F. (Einde Overeenkomst en Overdracht), Artikel 7 (Intellectuele Eigendomsrechten), Artikel 28 (Overdrachtsgarantie), Artikel 44 (Aansprakelijkheid), Artikel 50 (Geheimhouding), Artikel 51 (Integriteit), Artikel 54 (Voortdurende verplichtingen) en Artikel 55 (Geschillenregeling).
55.
GESCHILLENREGELING
55.1.
Op deze Concessieovereenkomst en alle daaruit voortvloeiende overeenkomsten is het Nederlands recht van toepassing.
55.2.
Alle geschillen die voortvloeien uit deze Concessieovereenkomst zullen zo veel mogelijk in goed overleg tussen Partijen worden opgelost, zo nodig door opschaling naar directieniveau. Indien dit niet tot een oplossing leidt, kan het geschil worden voorgelegd aan de daartoe bevoegde rechter van de rechtbank Midden-Nederland met behoud van de mogelijkheid voor Partijen om hoger
44
Definitief concept 26 maart 2026
beroep of cassatie in te (laten) stellen en onverminderd het recht van partijen om hun geschil op basis van een gezamenlijk besluit te laten beslechten op basis van arbitrage of mediation. In afwachting van een uitspraak zullen Partijen proberen tot een voorlopige regeling te komen om de voortgang van de uitvoering van de Concessie zo min mogelijk te verstoren. Dit Artikel laat onverminderd het recht van Partijen om een voorlopige voorziening te vragen van de bevoegde rechter van de rechtbank Midden-Nederland.
56.
DIVERSEN
56.1.
Alle door deze Concessieovereenkomst vereiste of toegestane kennisgevingen, mededelingen en bekendmakingen vinden schriftelijk plaats en worden verzonden per aangetekende post, koerier of e-mail aan de navolgende adressen tenzij en totdat een Partij de andere Partijen overeenkomstig dit Artikel 56 een ander adres doorgeeft. Indien gericht aan Gebiedsvereniging:
Indien gericht aan Concessiehouder:
[●]
[●]
[●]
[●]
[●]
[●]
T.a.v.: [●]
T.a.v.: [●]
E-mail: [●]
E-mail: [●]
56.2.
Tenzij uitdrukkelijk anderszins bepaald in deze Concessieovereenkomst, dragen de Partijen hun eigen kosten, lasten en uitgaven, hoe ook genaamd die zij in verband met deze Concessieovereenkomst en de onderhandelingen tussen Partijen hebben gemaakt.
56.3.
Op alle in deze Concessieovereenkomst genoemde termijnen is de Algemene termijnenwet van toepassing
650001118/39253549.2
56.4.
Deze Concessieovereenkomst, tezamen met hierin genoemde documenten en de Driepartijenovereenkomst, omvat de gehele overeenstemming tussen Partijen met betrekking tot de daarin geregelde onderwerpen en vervangt en treedt in de plaats van eventuele voorgaande schriftelijke of mondelinge overeenstemming tussen Partijen met betrekking tot de in deze Concessieovereenkomst geregelde onderwerpen.
45
Definitief concept 26 maart 2026
56.5.
Tenzij uitdrukkelijk anderszins bepaald in deze Concessieovereenkomst, bevat deze Concessieovereenkomst geen derdenbeding.
56.6.
De uit deze Concessieovereenkomst voor Partijen jegens elkaar voortvloeiende verplichtingen zijn ondeelbaar.
56.7.
Het niet of niet geheel uitoefenen (of een vertraging in het uitoefenen) van aan een Partij onder deze Concessieovereenkomst toekomende rechten of bevoegdheden zal niet kunnen worden aangemerkt als het doen van afstand van, of verwerking van, een zodanig recht of bevoegdheid.
56.8.
Indien één of meer bepalingen van de Concessieovereenkomst niet rechtsgeldig blijkt te zijn, zal de Concessieovereenkomst voor het overige van kracht blijven. Partijen zullen over de bepalingen welke niet rechtsgeldig zijn overleg plegen, teneinde een vervangende regeling te treffen die wel rechtsgeldig is en zoveel mogelijk aansluit bij de strekking van de te vervangen regeling.
56.9.
Bepalingen in deze Concessieovereenkomst die (i) de interpretatie van bepalingen regelen en/of (ii) voorwaarden scheppen voor het bestaan van rechtshandelingen van/tussen Partijen, gelden – zulks met uitdrukkelijke bedoeling van Partijen – als (separate, eigenstandige) bewijsovereenkomst in de zin van artikel 153 Rv en artikel 7:900 lid 3 BW. De tekst van deze bepalingen heeft dwingende bewijskracht met betrekking tot (i) de gemeenschappelijke bedoeling van Partijen over de onderwerpen waarop deze interpretatiebepalingen betrekking hebben, inclusief de interpretatie van andere bepalingen zoals daarin geregeld, en (ii) het bestaan of ontbreken van die rechtshandelingen; tegenbewijs is in beide gevallen uitgesloten.
56.10.
Deze Concessieovereenkomst kan worden aangegaan in een aantal afzonderlijke exemplaren, welke alle gezamenlijk een en hetzelfde document uit zullen maken. Partijen kunnen deze Concessieovereenkomst aangaan door het ondertekenen van één van de bovengenoemde exemplaren.
56.11.
De meest recente datum waarop een partij deze Concessieovereenkomst heeft ondertekend geldt als datum van ondertekening van deze Concessieovereenkomst.
650001118/39253549.2
- handtekeningenpagina volgt -
46
Definitief concept 26 maart 2026
Handtekeningenpagina - Warmtesysteem Stationsgebied Hilversum
650001118/39253549.2
Aldus overeengekomen en ondertekend door: Gebiedsvereniging Warmtesysteem Stationsgebied Hilversum
HeZon B.V.
Door: [●] Functie: [●] Plaats: [●] Datum: [●]
Door: [●] Functie: [●] Plaats: [●] Datum: [●]
47
Definitief concept 26 maart 2026
BIJLAGEN
650001118/39253549.2
1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9. 10.
Concessiegebied, Programmering Modelgaranties Modelakte Vestiging zelfstandig (hoofd)opstalrecht Modelakte vestiging zelfstandig onderopstalrecht Programma van Eisen Financiële Bijlage Acceptatieprocedure Aanbestedingstukken Inschrijving
48