CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2: Zienswijzen- en wijzigingennota (ontwerpbestemmingsplan)

GEMEENTERAAD 8 maart 2023, gemeente HilversumBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Heuvellaan 50 (1215209/1093173 )15.821 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Dat is feitelijk niet gerealiseerd maar in theorie wel mogelijk. De Heuvellaan ligt in stedelijk gebied. In dergelijke gebieden komen stedelijke geluiden voor. Dat die geluiden met het plan kunnen toenemen wordt niet ontkend, maar volgens het gemeentebestuur is niet sprake van een onaanvaardbare verslechtering van die situatie. Daarbij wordt opgemerkt dat de toekomstige bedrijven (met daarbij behorende installaties) moeten voldoen aan de normen die in het Activiteitenbesluit staan genoemd. De zorgen om criminaliteit in het gebied neemt het gemeentebestuur serieus, maar delen deze om verschillende redenen niet. Er is een grote behoefte aan (informele) werklocaties binnen Hilversum. Met de nieuwbouw kan een duurzaam, modern kantoor-/bedrijfspand worden gerealiseerd, dat voldoet aan de eisen en wensen van de huidige gebruikers. Verwacht wordt dat hier geen leegstand ontstaat. Daarnaast wordt het een gemengd gebied, waar niet alleen gewerkt, maar ook gewoond wordt. Dat betekent dat er 24 uur per dag mensen aanwezig zijn, wat tot een goede sociale veiligheid leidt. Wat betreft het parkeren, voorziet het bouwplan op eigen terrein aan voldoende parkeerplaatsen, conform de parkeernorm, die in het bestemmingsplan is vastgelegd. Van daaruit wordt daarom geen verhoogde parkeerdruk verwacht.

Het klopt dat het MCO in de tijdelijke situatie incidenteel gebruik mag maken van beschikbare parkeerplaatsen op de Heuvellaan 50. Echter gaat het hier om een tijdelijke afspraak tussen het MCO en Villa Heuvel BV. Het voldoen aan de parkeerbehoefte van het MCO is iets dat door het MCO zelf opgepakt moet worden en zodra zij geen gebruik meer kunnen maken van de tijdelijke parkeerplaatsen zullen zij zelf opzoek moeten naar een alternatief.

2. Ontwerpbestemmingsplan in strijd met Bestemmingsplan en wettelijk kader van Rijksbescherming Het Visiedocument Noordwestelijk Villagebied (“Visiedocument”) is door de gemeenteraad van Hilversum in 2002 vastgesteld en heeft als basis gediend voor het thans vigerende beschermd bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk Villagebied uit 2010 (“Bestemmingsplan”). Het Bestemmingsplan is vastgesteld op basis van een aantal uitgangspunten behorend bij het beschermd stadsgezicht. In het Ontwerpbestemmingsplan wordt van deze kaders afgeweken door onnodig veel verharding en bebouwing op de binnenterreinen o.a. door geen gebruik te (willen) maken van voor de hand liggend ondergronds parkeren (vanwege reeds aanwezige hoogteverschillen op het terrein), grote bouwdichtheid en volumes, vreemde - niet in de omgeving passende -kubus-achtige woningen en een kolossaal kantoorpand.

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

In het Visiedocument zijn stedenbouwkundige uitgangspunten en kaders voorgeschreven die toezien op het behoud, herstel en versterking van landschappelijke karakteristieken en cultuurhistorische landschapselementen (o.a. groen, bomen, vijver, en natuurlijke hoogteverschillen). In het Visiedocument wordt meerdere malen zeer select (slechts 5 specifiek geduide voorbeelden in het gehele Villagebied) op kavelniveau verwezen naar de Heuvellaan 50 waar door de gemeente Hilversum (“Gemeente”) zeer specifieke waarde-kwalificaties aan worden toegekend. Op pagina’s 74 en 75 van het Visiedocument stelt de Gemeente de volgende waarden en karakteristieken vast: • ‘Belangrijke nog aanwezige landschappelijke waarden op kavelniveau zijn de bijzondere percelen met nog aanwezige tuinhistorische waarden t.w. Heuvellaan 50’; en • ‘Percelen met bijzondere tuin-architectonische waarden zijn de vijverpartij aan de Heuvellaan 50’. Het Visiedocument stelt verder vast dat de groenstrook zoveel mogelijk beschermd en behouden moet worden. Dit heeft o.a. betrekking op het feit dat de dichte groenstrook aan de Noord- en Oostzijde van het perceel aan de Heuvellaan 50, variërende van 15 tot 20 meter diep, sinds mensenheugenis geen bebouwing heeft gekend.

In het Ontwerpbestemmingsplan is de groenstrook gereduceerd tot slechts 3,5 meter langs de perceelgrens aan de Noord- en Oostzijde van het perceel en is de tuin-architectonische vijverpartij compleet verdwenen. Bovendien stelt Stichting Heuvelpark dat de instandhouding van een gelegitimeerde groenstrook onmogelijk te handhaven is in de toekomst. Een nieuwe bewoner kan immers die groenstrook verwijderen tenzij een oplettende burger hiertegen ageert. Dit principe is in de basis onwenselijk voor alle partijen. Bescherming legt een zorgplicht op aan de Gemeente en haar burgers, opdat het Villagebied ongeschonden kan worden doorgegeven aan de volgende generatie. Burgers mogen in ieder geval kunnen vertrouwen op door de Gemeente opgestelde kaders en uitgangspunten zoals vastgelegd in het Visiedocument en het thans vigerende Bestemmingsplan en dat zou zeker moeten gelden voor wat betreft zeer expliciet en op kavelniveau verbijzonderde karakteristieken en waarden zoals vastgesteld in het prominente Visiedocument van de Gemeente.

De Gemeente bevestigd in een brief aan ons op 23 april 2020 dat “bij een nieuw bestemmingsplan voor dit perceel blijven de regels van het door het Rijk beschermd stadsgezicht gelden waarmee deze belangrijke cultuurhistorische en stedenbouwkundige structuur in de nieuwe situatie geborgd blijft.” Daarmee handelt de Gemeente nu in strijd met het huidige Bestemmingsplan en het wettelijke kader van de Rijksbescherming. Hoewel er van beleid kan worden afgeweken, moet de Gemeente wel motiveren waarom hiervan wordt afgeweken. De drempel voor deze motivering ligt hoger dan wanneer er geen specifiek beleid hieromtrent zou zijn. De Gemeente verzuimt een motivering af te geven waarom van het Visiedocument, en daarmee haar eigen beleid, wordt afgeweken. Om die reden is het huidige plan onvoldoende gemotiveerd en daarmee op een onzorgvuldige wijze tot stand gekomen. Reactie gemeente In de toelichting van het nieuwe bestemmingsplan is gemotiveerd waarom kan worden afgeweken het bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk villagebied (2010). Daarin staat ook dat het bestemmingsplan, in navolging van de uitgangspunten van het vastgestelde schetsontwerp transformatie Heuvellaan 50, aansluit op de kenmerken van het beschermd stadsgezicht.

Het gemeentebestuur deelt daarom de mening niet dat het nieuwe plan in strijd is met de uitgangspunten van het beschermd gezicht zoals de rijksoverheid die op 21 februari 2007 heeft vastgesteld (aanwijzing beschermde status). Verwezen wordt naar de reactie die is gegeven bij onderdeel 1. Het plan kent weliswaar verschillende architectuurstijlen waarbij de woonbebouwing aan de Heuvellaan aansluit bij traditionele villa’s en de woningen op het binnenterrein een eigen sfeer krijgen met een afwijkende, meer eigentijdse vormgeving, maar deze voorgestelde variatie in beeldkwaliteit wordt passend geacht binnen de bestaande variatie van architectuurstijlen in het Noordwestelijk Villagebied. Deze visie op beeldkwaliteit is overeenkomstig het eerder door de gemeenteraad genomen besluit bij de vaststelling van het Schetsontwerp transformatie Heuvellaan 50 (september 2021).

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

Wat betreft de vijver is uit onderzoek gebleken dat dit, in tegenstelling tot wat in de visie Noordwestelijk villagebied wordt gesuggereerd, geen historische vijver is. De vijver en tuin zijn in hun geheel aangelegd in de jaren '80 van de vorige eeuw als tuin bij de bouw van het kantoorgebouw en heeft daarmee geen historische of architectonische waarde. Dit onderzoek is uitgevoerd en heeft onderdeel uitgemaakt van de besluitvorming in de gemeenteraad van het genoemde Schetsontwerp transformatie Heuvellaan 50.

3. Onrealistische en onverantwoorde omvang werkfunctie in huidige tijdgeest Het Ontwerpbestemmingsplan gaat uit van een verdeling van ca. 55% en 45% voor respectievelijk ‘wonen’ en ‘werken’. De Gemeente heeft bevestigd dat het Ecorys rapport ‘Analyse werklocaties Gooi en Vechtstreek, 2020’ (“Ecorys Rapport”) als primaire onderbouwing heeft gediend voor de instandhouding van de thans opgenomen 45% toewijzing ten behoeve van ‘werken’. Het Ecorys Rapport is echter pre-Corona geschreven en ziet niet toe op de grootschalige verplaatsing van kantoor naar thuis om te werken sindsdien. Het Nederlandse bedrijfsleven en overheidswerkgevers zien inmiddels een snel dalende vraag naar kantoorlocaties hetgeen ook wordt bevestigd door verschillende rapporten van vooraanstaande vastgoedadviseurs. Tegelijkertijd kampt ons land met een zeer krappe woningmarkt. Ook de regio Gooi en Vechtstreek heeft als voorname opgave om enerzijds een bijdrage te leveren aan de plancapaciteit van nieuwe woningen in Hilversum en anderzijds het stopzetten van de uitbreidingsmogelijkheden voor kantoren en het bevorderen van transformaties van voormalige kantoorgebouwen naar ‘wonen’. De projectontwikkelaar heeft meerdere malen aangegeven niet te gaan bouwen voordat er huurders voor de kantoormeters zijn gevonden.

De Gemeente heeft zich in het eindadvies van het vooronderzoek met betrekking tot de Heuvellaan gebaseerd op de veronderstelling dat de Heuvellaan 50 “zich heeft bewezen als werklocatie” hetgeen volkomen in contrast staat met de vaststelling dat het kantoorpand aan de Heuvellaan al vele jaren leegstaat. Verder benoemt de Gemeente in hetzelfde eindadvies de “goede bereikbaarheid van de locatie” als argument voor het handhaven van de kantoorfunctie. Ook dit argument klinkt absurd gegeven de dagelijkse files in de ochtenden en einde middagen op de primaire aanvoerroute op de ring Johan Gerardsweg t/m de Geert van Mesdagweg. Bovendien is het opnieuw bouwen van kantoren in principe een potentiële bedreiging voor de cultuurhistorische waarden van het Villagebied. Laten we ook niet vergeten dat de Heuvellaan 50 voor de komst van de VARA in 1987 sinds mensenheugenis een woonbestemming heeft gekend. De toewijzing beschermd stadsgezicht was in 2007 feitelijk al een reactie op de sloop van villa’s voor transformatie naar kantoren- en appartement complexen. Stichting Heuvelpark is daarom van mening dat er onjuiste en onrealistische argumentatie wordt gebruikt door de Gemeente om dit hoge (onverantwoorde) volume aan werklocaties in stand te kunnen houden. Het Ecorys Rapport kan onzes inziens onmogelijk als basis dienen voor de bestemming van het plangebied.

Hierdoor ontbeert het plan een deugdelijke ruimtelijke onderbouwing. Stichting Heuvelpark is van mening dat er nieuw onderzoek zal moeten worden gedaan waarin de effecten van Corona tenminste zijn meegewogen. Reactie gemeente Er is onderzoek gedaan naar de behoefte aan kantoor- en bedrijfslocaties. De gemeenteraad heeft in 2021 het Economisch perspectief 2040 aangewezen als bouwsteen voor de Omgevingsvisie. Hierin zijn de effecten van de coronacrisis meegewogen. In dit document (dat ook in de toelichting van het bestemmingsplan is aangehaald in paragraaf 4.4.7) is onder andere geconcludeerd dat er te weinig ruimte is voor ondernemen, werken en ontmoeten in de stad, Het negeren van deze ongunstige ontwikkeling is geen optie, want dit zal tot een negatieve spiraal leiden die niet alleen de Hilversumse economie verder zal schaden, maar ook het (nu nog) gunstige woon- en leefklimaat.

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

Er worden in het document drie type locaties onderscheiden: formele bedrijventerreinen en kantoorlocaties en informele werklocaties. Vastgesteld is dat de formele kantorenlocaties voldoen aan de verwachte ruimtebehoefte en ook kunnen bijdragen aan de regionale ruimtevraag naar kantoorlocaties. Voor de bedrijventerreinen en de informele werklocaties ligt er een ruimtebehoefte waar Hilversum nu nog niet in voorziet. Hier ligt een aanvullende opgave. Het volledig transformeren van werklocaties naar een woonfunctie is dan ook niet wenselijk, ook niet als het perceel ooit een woonfunctie heeft gehad. Dat was een andere tijd met andere maatschappelijke en ruimtelijke opgaven. Dat het huidige pand aan de Heuvellaan 50 langdurig (gedeeltelijk) leegstond, leidt niet tot de conclusie dat er geen behoefte is aan kantoorruimte. Het bestaande pand is een voorbeeld van een niet-courant gebouw, waardoor het niet aantrekkelijk is voor bedrijven om zich hier te vestigen. Door het bestaande, sterk verouderde pand te vervangen door nieuwe werkruimte die wel goed aansluit op de wensen en behoefte van deze tijd, kan een mooie nieuwe werkplek ontstaan. Wat betreft de bereikbaarheid is het pand met openbaar vervoer goed te bereiken vanaf zowel station Media Park als vanaf het Centraal Station (beide 7 minuten fietsen).

Het ligt in de buurt van het centrum (15 minuten lopen) met haar voorzieningen, en het is per fiets goed ontsloten vanaf de ringweg (Godelindeweg). Daarnaast is het pand goed ontsloten via de ringweg (Godelindeweg) voor de auto. Dat hier op bepaalde tijdstippen congestie ontstaat klopt, maar er zijn voldoende alternatieve vervoersmiddelen om het pand te bereiken. Dat er behoefte is aan woonlocaties is evident, maar dat geldt ook voor werklocaties. In dit plan worden beide gecombineerd tot een mooie nieuwe woon-werklocatie.

4. Geluidsoverlast Bewoners van de even-nummers aan de drukke Godelindeweg grenzen met hun rustige achtertuinen aan de Noordgrens van het perceel aan de Heuvellaan 50. Sinds mensenheugenis heeft deze Noord- en Oostzijde van het parklandschap aan de Heuvellaan 50 geen bebouwing gekend. Het voorliggende plan voorziet in een toename van het aantal verkeersbewegingen en leidt dus tot verhoogde geluidsoverlast in aanvulling op de al hoge mate van geluidsoverlast vanwege de drukke Godelindeweg. Deze bewoners hebben hun woningen gekocht o.a. vanwege het grote beboste parklandschap aan de achterzijde en hebben daarbij impliciet vertrouwd op de beleidskaders zoals opgenomen in het Visiedocument. De ontwikkelaar heeft geen gebruik gemaakt van ondergronds parkeren terwijl de reeds aanwezige hoogteverschillen zich juist economisch goed zouden lenen voor een ondergrondse parkeervoorziening, eventueel in combinatie met de reeds aanwezige ondergrondse parkeergarage onder het aanpalende Loogman-complex. Daarentegen heeft de ontwikkelaar gekozen voor verdere verharding op het terrein. De daarmee gepaarde additionele geluidsoverlast is niet betrokken in het geluidsonderzoek. Daarnaast wordt er nergens in het Ontwerpbestemmingsplan gerept over evidente potentiële geluidsoverlast van lucht- en waterpompen.

Het akoestisch onderzoek is daarmee niet afdoende uitgevoerd, waardoor het plan onvoldoende is onderbouwd. Nader onderzoek is gewenst om de extra geluidseffecten te onderzoeken als gevolg van het ontbreken van een ondergrondse parkeervoorziening en als gevolg van lucht- en waterpompen, alsook eventuele daarmee samenhangende gezondheidsrisico’s. Reactie gemeente In verband met de nieuwe situatie is akoestisch onderzoek gedaan. In de reactie onder 1 is al ingegaan op het zogenoemde reflectiegeluid. Het nieuwe plan levert een toename van verkeer op en dus ook een toename van geluid, maar dit leidt volgens het gemeentebestuur niet tot een onacceptabele inbreuk op het woon- en leefklimaat van de huidige bewoners. Daarbij neemt, zoals gezegd, het gemeentebestuur in aanmerking dat het huidige bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk Villagebied (2010) in artikel 7, lid 1 onder e, in combinatie met artikel 14, de aanleg van parkeerplaatsen (en dus verharding) mogelijk maakt, zelfs tot aan de erfgrens. Dat is feitelijk niet gerealiseerd maar in theorie wel mogelijk. Tenslotte is meegewogen dat de Heuvellaan in stedelijk gebied ligt. In dergelijke gebieden komen stedelijke geluiden voor. Dat die geluiden met het plan kunnen toenemen wordt dus niet ontkend, maar volgens het gemeentebestuur is niet sprake van een onaanvaardbare verslechtering van die situatie.

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

5. Ontbrekende Participatie De Gemeente veronderstelt ten onrechte dat de ontwikkelaar een uitgebreid participatietraject heeft doorlopen. Er is door Stichting Heuvelpark een uitgebreid dossier opgebouwd met vele briefwisselingen en inspreekbeurten bij de gemeenteraad en commissievergaderingen over de aantoonbare ernstige tekortkomingen van de ontwikkelaar t.a.v. het participatieproces. De ontwikkelaar heeft geen enkele moeite gedaan om de belangen van Stichting Heuvelpark ook maar enigszins serieus te nemen terwijl Stichting Heuvelpark op verschillende tijdstippen en op meerdere fronten heeft aangedrongen op inspraak en betrokkenheid. Daarbij heeft Stichting Heuvelpark zelfs met behulp van vooraanstaande stedenbouwkundige adviseurs en architecten uit Hilversum een professioneel alternatief plan ingediend, waar de ontwikkelaar vervolgens – aantoonbaar - niet eens de moeite voor heeft genomen om naar te kijken. Ook de Gemeente heeft verzuimd om het alternatieve plan van Stichting Heuvelpark te bestuderen, wat wij o.a. baseren op de opmerkingen in het raadsvoorstel waarin staat dat alternatieve plan van Stichting Heuvelpark niet relevant is omdat het zou uitgaan van 100% ‘wonen’. Had de Gemeente het alternatieve plan van Stichting Heuvelpark wel gelezen, dan had de Gemeente kunnen zien dat het alternatieve plan ook gebaseerd was op een balans van zowel ‘wonen’ als ‘werken’.

Bovendien heeft de Gemeente ook verzuimd om belanghebbende inwoners van Hilversum te betrekken in het participatieproces ondanks de vele schriftelijke reclamaties van Stichting Heuvelpark. Ook daarna, tot en met de ter inzage legging van het Ontwerpbestemmingsplan, zijn omwonenden wederom niet betrokken geweest. Het begint daadwerkelijk te lijken op een patroon van de Gemeente kijkend naar de vele andere lopende ontwikkelprojecten in Hilversum waarbij Participatie tot ‘onderschoven kindje’ is verworden. Ruimtelijke ordening betekent ook een integrale benadering van het Villagebied. Vanaf het begin heeft Stichting Heuvelpark gevraagd om de ontwikkeling van de garage aan de Jacobus Pennweg bij de planontwikkeling te betrekken. Dit is niet, of tenminste niet afdoende gebeurd, terwijl de Gemeente wel degelijk instrumenten tot haar beschikking heeft om partijen aan tafel te krijgen voor een integrale benadering. Reactie gemeente Het gemeentebestuur is het niet eens met de stelling dat met participatie ernstige tekortkomingen hebben plaatsgevonden. Alternatieve plannen van bewoners zijn wel beoordeeld maar voldeden niet aan de kaders die door de gemeente vooraf aan deze locatie zijn gesteld. In het alternatieve plan is weliswaar een werkfunctie opgenomen, maar niet voor minimaal 50% van het bruto vloeroppervlak van de totale bebouwing.

Gelet op het economisch perspectief is dat voor de gemeente randvoorwaarde. Daarnaast golden nog andere kaders, onder andere van stedenbouwkundige aard, waar het plan niet aan voldeed. Het gemeentebestuur vindt dat de ontwikkelaar redelijkerwijs voldoende heeft ondernomen om belanghebbenden tijdig en volledig te informeren. De ontwikkelaar heeft, naar redelijkheid, een constructieve houding aangenomen ten opzichte van de omwonenden. Het gemeentebestuur heeft bij het vaststellen van het schetsontwerp transformatie Heuvellaan 50 in oktober 2021 het participatieverslag betrokken. Het gemeentebestuur heeft daarbij geconcludeerd dat de belangen tijdig in beeld zijn gebracht. De verschillende belangen zij gewogen. De gemeente volgt de stichting niet in de opvatting dat de gemeente verzuimd heeft belanghebbende inwoners te betrekken in de participatie. De ontwikkelaar heeft, mede op verzoek van de gemeente, sinds de verwerving van het pand vanaf begin 2019 de omgeving meerdere malen uitgenodigd om de plannen te bekijken en te reageren.

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

De gemeente heeft het initiatief genomen om de ontwikkelaar voor Heuvellaan 50, Villaheuvel BV en de eigenaar van het naastgelegen garagebedrijf, Loogman, met elkaar in contact te brengen waarbij door de gemeente is voorgesteld te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om tot een gezamenlijke, integrale ontwikkeling te komen. Het is deze ontwikkelaars, na meerdere pogingen, niet gelukt tot een zakelijke overeenstemming te komen over een plan en de voorwaarden voor een samenwerking. De gemeente kan op dit punt geen grotere rol nemen dan die van ‘bemiddelaar'. De gemeente heeft geen grondpositie in deze ontwikkelingen of juridische middelen om een grotere rol af te dwingen. Slotopmerkingen Vanwege bovenstaande argumentatie is Stichting Heuvelpark het niet eens met het Ontwerpbestemmingsplan en verzoeken wij de Gemeente om er voor zorg te dragen dat de ontwikkelaar eindelijk een keer werkelijk in gesprek gaat met de omwonenden om hun belangen mee te nemen in het vaststellen van een nieuw plan. Dat is een plan dat o.a. voldoet aan de kaders en uitgangspunten van het thans vigerende Bestemmingsplan en waarin ook een realistisch reflectie komt op de woon-werk verhouding op basis van aanvullende marktonderzoek, waarin de Corona effecten wel zijn meegenomen.

Reactie gemeente De ontwikkelaar heeft na het starten van de procedure (met het ter inzage leggen van het ontwerpbestemmingsplan) wederom contact gezocht met belanghebbenden uit de omgeving om over de uitwerking in het bestemmingsplan dialoog te voeren. Daar waar mogelijk (ingegeven door de kaders van de gemeente) heeft de ontwikkelaar bereidheid getoond inbreng van belanghebbenden mee te nemen in uitwerkingen naar aanleiding van het ontwerpbestemmingsplan. Het gemeentebestuur heeft gezocht naar een gebalanceerde verdeling in de woon-werkverhouding die mede recht doet aan het economisch perspectief van dit gebied. Met een evenredige verdeling in de beoogde bebouwing hiervan is naar het oordeel van het gemeentebestuur hier een adequate oplossing voor gevonden. Verder vermelden wij nog dat de Heuvellaan 50 al vele jaren een verblijfplaats is voor blauwe reiger(s) terwijl daar in het ‘Verkennend natuuronderzoek’ en het ‘Actualisatie verkennend natuuronderzoek’ geen melding van wordt gemaakt. Deze vogelsoort vraagt om extra ecologisch onderzoek om te kunnen vast stellen of er sprake is van zwaarwegende feiten of ecologische omstandigheden, die jaarronde bescherming eisen. Dit in tegenstelling tot de constatering in het Ontwerpbestemmingsplan dat iedere aanwezigheid van deze bepaalde vogelsoorten al bij voorbaat volledig uitsluit.

Reactie gemeente De aanwezigheid van een foeragerende (op zoek naar voedsel) blauwe reiger is door de aanwezigheid van de vijver waarschijnlijk. De aanwezigheid van een verblijfplaats (nest) is in deze omgeving onwaarschijnlijk. Het nest van een blauwe reiger is niet te missen, zowel qua grootte als qua impact op de omgeving. De vijver is ook geen essentieel onderdeel van het leefgebied van de blauwe reiger en het verdwijnen ervan is derhalve ook geen onevenredige aantasting van dat leefgebied. Er is door een ecoloog onderzoek ter plaatste gedaan. Daarbij is door de ecoloog geen nest van een blauwe reiger aangetroffen. Deze observatie is toegevoegd en verduidelijkt in het natuuronderzoek. Tenslotte heeft de Gemeente ons in de eerdergenoemde brief van 23 april 2020 verzekerd dat “behoud van behoudenswaardige bomen op het perceel uitgangspunt zal zijn voor de Gemeente”. Nu blijkt dat het Ontwerpbestemmingsplan uitgaat van slechts twee behoudenswaardige bomen op het hele terrein, terwijl er onzes inziens zeker een paar zeer evidente andere majeure bomen zijn aan te wijzen, waaronder in ieder geval een monumentale kastanje en een monumentale beuk. Dit doet vermoeden dat er wel heel ‘opportunistisch’ met moeder natuur is omgesprongen door de Gemeente ten faveure van de ontwikkelaar.

Stichting Heuvelpark vraagt daarom een second opinion te laten uitvoeren door een echt onafhankelijk bomenspecialist om te komen tot een natuurgetrouwe selectie van daadwerkelijke monumentale bomen in dit parklandschap.

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

Reactie gemeente Er is een boomeffectanalyse gedaan door een onafhankelijk boomspecialist. Uit dit onderzoek blijkt de kwaliteit en gezondheid van alle op het perceel aanwezige bomen. Er zijn geen monumentale bomen met aangewezen status op het terrein. Het nieuwe bestemmingsplan borgt wel de status van twee aanwezige beeldbepalende bomen. Verder is het velbeleid van de gemeente Hilversum van kracht. Hierin zijn uitgangspunten en voorwaarden opgenomen voor het classificeren en rooien van bomen in het Noordwestelijk Villagebied. Ook is gebleken dat niet alle bomen hoeven te worden gerooid. Het behoud van deze bomen in combinatie met herplant past binnen het beeld van het beschermd stads- en dorpsgezicht en is daarom voor het gemeentebestuur reden (geweest) om mee te werken aan deze ontwikkeling. Een goede ruimtelijke ordening vraagt dat de Gemeente het nadeel van omwonenden zo klein mogelijk houdt, om daarmee planschade voor omwonenden te voorkomen of te reduceren. Daarom vraagt Stichting Heuvelpark de Gemeente rekening te houden met deze zienswijze en het plan aan te passen. Reactie gemeente Het gemeentebestuur is van oordeel dat met het realiseren van het plan nog steeds sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Het risico op planschade als gevolg van de nieuwbouw acht het gemeentebestuur dan ook klein.

Het staat omwonenden vrij om in een later stadium (na in werking treden van het bestemmingsplan) een verzoek om vergoeding van (plan)schade in te dienen bij de gemeente. Conclusie De zienswijze leidt niet tot een aanpassing in het ontwerpbestemmingsplan. Wel wordt het natuuronderzoek, dat onderdeel is van de toelichting aangevuld.

5.

Zienswijze reclamant 5, brief van 20 oktober 2022, ontvangen 20 oktober 2022

De zienswijze is van buurtvereniging Trompenberg-Zuid “De Watertoren”. Het bestuur kan zich niet vinden in het ontwerpbestemmingsplan zoals dat ter visie is gelegd. Het plan beoogt een ontwikkeling van circa 55 procent wonen en 45 procent werken op het perceel Heuvellaan 50 (hierna: HL50). De buurtvereniging meent dat aan deze verdeling van wonen en werken een deugdelijke ruimtelijke onderbouwing ontbreekt en daarom het ontwerpbestemmingsplan niet kan worden vastgesteld. De buurtvereniging viert dit jaar haar eerste lustrum en is opgericht om de belangen van onze bewoners te behartigen en het woonplezier van de bewoners in onze wijk te bevorderen door onder andere het handhaven, zo mogelijk verbeteren, van de landschappelijke en cultuurhistorische waarden, inclusief het groenbestand in de wijk. De buurtvereniging juicht een herontwikkeling van de HL50 en de sloop van de voormalige VARA-studio toe, maar is van mening dat er voldoende redenen zijn om andere uitgangspunten te hanteren voor die herontwikkeling. Onze mooie wijk maakt deel uit van het Noordwestelijk Villagebied, dat is aangemerkt als beschermd dorp- en stadsgezicht. Dit heeft zowel voor bewoners als ook voor uw gemeente tot gevolg dat plannen voor ontwikkeling zijn gebonden aan strikte regels. Die regels zijn onder andere neergelegd in een door uw raad in 2002 vastgesteld Visiedocument.

Dit document geldt tot op heden en is sindsdien niet aangepast. De bewoners in onze buurt mogen dus uitgaan van hetgeen daarin is opgenomen. Op pagina 74 en 75 van het Visiedocument heeft u de volgende waarden en karakteristieken vastgesteld: • Belangrijke nog aanwezige landschappelijke waarden op kavelniveau zijn de bijzondere percelen met nog aanwezige tuin-historische waarden, te weten Heuvellaan 50; en • Percelen met bijzondere tuin-architectonische waarden zijn de vijverpartij aan de Heuvellaan 50.

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

Het plan zoals dat nu ter ontwikkeling voorligt is overduidelijk in strijd met het Visiedocument. Het bestuur van de buurtvereniging meent dat de door u gegeven motivering om daarvan af te wijken onvoldoende is. Bovendien kan de door de projectontwikkelaar Local in het plan ingetekende groenstrook en/of wadi hiervoor geen alternatief zijn. Immers, die groenstrook komt grotendeels op de percelen van de toekomstige kopers te liggen en de afspraken die daarmee gepaard gaan zijn onvoldoende controleerbaar en handhaafbaar. De buurtvereniging meent dat reeds hierom het plan niet kan worden vastgesteld. Reactie gemeente Het gemeentebestuur is van mening dat het bestemmingsplan voldoende onderbouwing levert voor de gekozen verhouding tussen werken en wonen. Met name de hoofdstukken 4 en 5 van de toelichting geven die onderbouwing. Het gemeentebestuur deelt de mening niet dat het plan in strijd is met de visiedocument en de uitgangspunten van het beschermd gezicht dat uitgangspunt is geweest voor het bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk villagebied. De gemeente vindt dat het nieuwe bestemmingsplan aansluit op regels uit dat bestemmingsplan en daarmee op de uitgangspunten van het beschermd stadgezicht Noord Westelijk Villagebied.

Het verfijnen van de zogenoemde korrelmaat van bebouwing en verkaveling van Heuvellaan 50 heeft juist als doel om de locatie beter aan te laten sluiten bij het beeld van het beschermd stadsgezicht. Hierbij neemt het totaal toegestane aantal vierkante meters bruto vloeroppervlak niet toe. De visie Noordwestelijk villagebied zet in op het behoud van het groene karakter van de wijk, door behoud van groene voortuinen en groene erfgrenzen. Daarom vindt het gemeentebestuur het belangrijk dat er voldoende groen in de woonomgeving van bewoners aanwezig is en wordt een 3,5 meter brede groenstrook opgenomen in dit bestemmingsplan, grenzend aan de erfgrens van naastgelegen percelen. Daarnaast spreekt de visie Noordwestelijk villagebied inderdaad van een aantal bijzondere percelen met nog aanwezige tuinhistorische waarden, waaronder de Heuvellaan 50. Uit nader cultuurhistorisch onderzoek is gebleken dat, in tegenstelling tot wat in de visie Noordwestelijk villagebied wordt gesuggereerd, de tuin noch de vijver op de Heuvellaan 50 historische zijn. De vijver en tuin zijn in hun geheel aangelegd in de jaren '80 van de vorige eeuw als tuin bij de bouw van het kantoorgebouw en heeft daarmee geen historische of architectonische waarde.

Dit onderzoek is uitgevoerd en heeft onderdeel uitgemaakt van de besluitvorming in de gemeenteraad van het Schetsontwerp transformatie Heuvellaan 50 (september 2021). De argumentatie voor de afwijking van de visie Noordwestelijk villagebied is daarbij geleverd en is het besluit daarover genomen. Voorts is de buurvereniging van oordeel dat ook de verdeling wonen-werken in de weg staat van een vaststelling van het ontwerpbestemmingsplan. Het perceel HL50 heeft tot de bouw van de voormalige VARA-studio altijd de bestemming 'wonen' gehad. Met de bouw van de studio is de bestemming gewijzigd en heeft er al een ingreep plaatsgehad in het woningbestand in de gemeente. Met de nu geplande ontwikkeling wordt dit weliswaar deels weer teruggedraaid, maar dit gaat naar de mening van de buurtvereniging niet ver genoeg. Het zal u niet verrassen dat wij een ontwikkeling voorstaan van 100 procent wonen. In Hilversum is een groot tekort aan woningen en het is die woningnood die voorop moet staan bij de herontwikkeling van HL50. Bovendien staan er al de nodige kantoorpanden in Hilversum leeg en wij kunnen geen enkel argument bedenken waarom daar een nieuw kolossaal kantoorpand aan toe zou moeten worden gevoegd. Uit verschillende gesprekken met medewerkers van Local blijkt dat zij die mening ook zijn toegedaan.

Ook zij willen niet bouwen voor leegstand en hebben nu nog geen geïnteresseerde voor het plan. Het is maar de vraag of die zich straks gaat melden. Als dit niet het geval is, zal dit tot gevolg hebben dat een deel van het plan niet tot ontwikkeling zal komen met alle gevolgen voor de buurt van dien. Wij zijn van mening dat dit kan worden voorkomen door nu al in te zetten op een herontwikkeling uitgaande van 100 procent wonen.

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

Daar komt bij dat aan de onderbouwing van de bestemming werken het economisch kader ten grondslag is gelegd. Dit kader is in de coronaperiode door uw raad vastgesteld en daarvoor zijn weer de rapporten van Ecorys uit september 2020 en maart 2021 gebruikt. Die rapporten zijn nog niet ouder dan drie jaar en zouden feitelijk nog aan de ruimtelijke onderbouwing ten grondslag mogen worden gelegd. Echter, in de rapporten wordt nog onvoldoende rekening gehouden met de daadwerkelijke gevolgen van de coronapandemie op het werken en de werklocatie. Bovendien is met name het laatste rapport innerlijk tegenstrijdig daar waar het de gevolgen van Corona en de noodzaak voor kantoor- en werklocaties beschrijft. Dat er sindsdien veelvuldig en in vrijwel elk segment van de kantorenmarkt thuis wordt gewerkt, blijkt ook uit verschillende publicaties en uit artikelen in de media. Dit thuiswerken lijkt een bestendig karakter te hebben en daardoor is de vraag naar kantoorruimtes en panden dan ook aanzienlijk afgenomen. De conclusie van Ecorys in het rapport van maart 2021 staat daar in feite haaks op en is totaal niet meer up-to-date. Dit maakt dat de rapporten van Ecorys en daarmee het economisch kader niet meer aan het ontwerpbestemmingsplan ten grondslag kan worden gelegd.

Dit betekent dat een deugdelijke ruimtelijke onderbouwing van het ontwerpbestemmingsplan ontbreekt en het plan niet kan worden vastgesteld. Reactie gemeente Er is onderzoek gedaan naar de behoefte aan kantoor- en bedrijfslocaties. De gemeenteraad heeft in 2021 het Economisch perspectief 2040 aangewezen als bouwsteen voor de Omgevingsvisie. Hierin zijn de effecten van de coronacrisis meegewogen. In dit document (dat ook in de toelichting van het bestemmingsplan is aangehaald in paragraaf 4.4.7) is onder andere geconcludeerd dat er te weinig ruimte is voor ondernemen, werken en ontmoeten in de stad, Het negeren van deze ongunstige ontwikkeling is geen optie, want dit zal tot een negatieve spiraal leiden die niet alleen de Hilversumse economie verder zal schaden, maar ook het (nu nog) gunstige woon- en leefklimaat. Er worden in het document drie type locaties onderscheiden: formele bedrijventerreinen en kantoorlocaties en informele werklocaties. Vastgesteld is dat de formele kantorenlocaties voldoen aan de verwachte ruimtebehoefte en ook kunnen bijdragen aan de regionale ruimtevraag naar kantoorlocaties. Voor de bedrijventerreinen en de informele werklocaties ligt er een ruimtebehoefte waar Hilversum nu nog niet in voorziet. Hier ligt een aanvullende opgave.

Het volledig transformeren van werklocaties naar een woonfunctie is dan ook niet wenselijk, ook niet als het perceel ooit een woonfunctie heeft gehad. Dat was een andere tijd met andere maatschappelijke en ruimtelijke opgaven. Dat het huidige pand aan de Heuvellaan 50 langdurig (gedeeltelijk) leegstond, leidt niet tot de conclusie dat er geen behoefte is aan kantoorruimte. Het bestaande pand is een voorbeeld van een niet-courant gebouw, waardoor het niet aantrekkelijk is voor bedrijven om zich hier te vestigen. Door het bestaande, sterk verouderde pand te vervangen door nieuwe werkruimte die wel goed aansluit op de wensen en behoefte van deze tijd, kan een mooie nieuwe werkplek ontstaan. Dat er behoefte is aan woonlocaties is evident, maar dat geldt ook voor werklocaties. In dit plan worden beide gecombineerd tot een mooie nieuwe woon-werklocatie. Tot slot willen wij van de gelegenheid gebruik maken om een enkele aanvullende opmerkingen te maken. Wij hebben al eerder naar voren gebracht dat wij een gezamenlijke aanpak bij de herontwikkeling van HL50 en de voormalige garage Jansen, perceel in eigendom van de heer Loogman voorstaan. Ondanks inspanningen van zowel uw gemeente en Local is dat tot op heden niet gelukt. Dat is ontzettend spijtig en een gemis voor een verantwoorde ruimtelijke herontwikkeling van dat deel van onze buurt.

Bovendien zou een integrale aanpak ook door het kunnen hergebruiken van de reeds aanwezige ondergrondse parkeergarage kunnen voorkomen dat het perceel HL50 meer wordt verhard en versteend door het moeten realiseren van parkeerplaatsen. Ook die verharding en verstening is in strijd met de toelichting op het bestemmingsplan Noordwestelijk Villagebied en voornoemd Visiedocument.

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

Reactie gemeente Het is inderdaad jammer dat het niet is gelukt om tot een gezamenlijke integrale ontwikkeling met het naastgelegen perceel te komen. De gemeente heeft het wel geprobeerd en heeft het initiatief genomen om de ontwikkelaar voor Heuvellaan 50, Villaheuvel BV en de eigenaar van het naastgelegen garagebedrijf, Loogman, met elkaar in contact te brengen waarbij door de gemeente is voorgesteld te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om tot een gezamenlijke, integrale ontwikkeling te komen. Het is deze partijen, na meerdere pogingen, niet gelukt tot een zakelijke overeenstemming te komen over een plan en de voorwaarden voor een samenwerking. De gemeente kan op dit punt geen grotere rol nemen dan die van ‘bemiddelaar'. De gemeente heeft geen grondpositie in deze ontwikkelingen of juridische middelen om een grotere rol af te dwingen. De plannen voor de naastgelegen locatie (Loogman) kunnen overigens tot op heden niet op draagvlak binnen de (interpretatie van) integrale beleidsuitgangspunten en/of van het gemeentebestuur rekenen. Het bestuur van de buurtvereniging en haar leden vraagt uw raad dan met deze zienswijze rekening te houden en het ontwerpbestemmingsplan zoals dat ter visie is gelegd niet vast te stellen. Conclusie De zienswijze leidt niet tot een aanpassing in het ontwerpbestemmingsplan.

6.

Zienswijze reclamant 6, brief van 20 oktober 2022, ontvangen 24 oktober 2022

Reclamant 6 heeft 2 punten waarover de zienswijze gaat. Goothoogte deel project niet in lijn met omgeving In de gebouwde omgeving van het project is de goot (behalve voor kantoren en appartementen) gelegen aan de bovenkant van de eerste verdieping, rond de 7m. Hierna is bij alle omliggende woningen een schuin pannendak aanwezig. Enkele woningen hebben de goot aan de bovenkant van de begane grond waarna een schuin pannendak volgt. Reclamant zegt dat in het voorgestelde bestemmingsplan, voor het aan de achterkant gelegen deel van de bebouwing een rechte tweede verdieping en daarmee een hogere goothoogte van 10m wordt aangehouden. De projectontwikkelaar betoogt dat deze ontwerpstijl zich al in de gebouwde omgeving bevindt. Als argument voor deze redenatie worden bestaande woningen, kantoren (waaronder het gemeentehuis) en appartementencomplexen aangedragen. De voorgestelde goothoogte vindt reclamant niet in lijn met de gebouwde (monumentale) omgeving en daarom bezwaarlijk. Het argument van de ontwikkelaar dat dit soort ontwerpen ook al in de omgeving staan, geldt niet voor woningen. De woningen die als voorbeeld worden genoemd hebben allemaal slechts 1 verdieping en zijn veelal gelegen op een heuvelachtig perceel wat de begane grond deels verbergt.

Reclamant draagt hierbij ook als argument aan voor het punt dat de ontwerpen niet passen in de bestaande bebouwing dat voor de woning op Godelindeweg 18A de lijn van naastgelegen (monumentale) woningen aangehouden moet worden (maximale nok op 11m, goot op 7,5m). Het lijkt reclamant, dat nabijgelegen bouwvlakken aan dezelfde welstandseisen moeten voldoen. De woningen aan de Heuvellaan 50 grenzen immers ook aan dezelfde gemeentelijke monumenten als Godelindeweg 18A. Reactie gemeente In het vigerende bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk Villagebied 2010 gelden, daar waar op de verbeelding geen specifieke maximale goot- of bouwhoogte zijn aangegeven inderdaad een maximale bouwhoogte van 11 meter in combinatie met een maximale goothoogte van 7,5 meter, wat overeenkomt met een gebouw van 2 lagen met een kap. Dit laat onverlet dat er op tal van plaatsen in dit bestemmingsplan een hogere bouw- of goothoogte is opgenomen en daarmee toegestaan.

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

Dit kan betrekking hebben op woningen of op bebouwing met een andere functie. Een goothoogte van 7,5 meter en een bouwhoogte van 11 meter sluiten aan bij traditionele villa’s. In afwijking daarop is voor de woningen op het binnenterrein bepaald dat deze een eigen sfeer kunnen krijgen met een afwijkende, meer eigentijdse vormgeving. Deze voorgestelde variatie in beeldkwaliteit wordt passend geacht binnen de bestaande variatie van architectuurstijlen in het Noordwestelijk Villagebied. Deze visie op beeldkwaliteit is overeenkomstig het eerder door de gemeenteraad genomen besluit bij de vaststelling van het Schetsontwerp transformatie Heuvellaan 50. Overigens geldt voor de bebouwing op het binnenterrein geen goothoogte van 10 meter maar een maximale bouwhoogte van 10 meter; anders dan bij een goothoogte mag hierboven geen kap gerealiseerd worden. Naar aanleiding van deze zienswijze vindt het gemeentebestuur dat er aanleiding is om de maximale gooten bouwhoogtes op de verbeelding gedeeltelijk te wijzigen. Voor één woongebouw zijn namelijk afwijkende goot- en bouwhoogtes opgenomen van respectievelijk 6,5 meter en 12 meter. Deze worden gewijzigd in 7,5 meter en 11 meter conform de standaardhoogtes in het bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk villagebied die inderdaad ook gelden voor Godelindeweg 18A.

Definitie van een ‘monumentale boom’ In een bijgevoegd rapport in het voorgestelde bestemmingsplan wordt aangegeven dat er slechts twee monumentale bomen op het terrein staan en voor de overige aanwezige bomen kapvergunning aangevraagd kan worden. Wanneer men het velbeleid van de Gemeente Hilversum 2013-2030 toepast op de bomen op het perceel van de Heuvellaan 50, zouden veel meer bomen hoge boomwaarde moeten krijgen en zou de ontwikkelaar meer moeten doen om bomen te behouden. Wanneer een boom een goede boomvorm heeft, de omvang waardevol is, de boom zichtbaar is vanuit de openbare ruimte en bijdraagt aan een groen karakter, scoort een boom hoger dan 81 punten wat een boom volgens het huidig geldende gemeentelijke velbeleid een hoge boomwaarde geeft. Waar het begrijpelijk is dat bomen moeten wijken voor de nieuwe bebouwing op de locaties van de bouwvlakken, is het niet begrijpelijk dat bomen die bijvoorbeeld staan langs de rand van de beoogde bouwpercelen gekapt moeten worden. Reclamant vraagt om een vergunning voor de kap van de bomen met een hoge boomwaarde niet te verlenen wanneer deze bomen niet op de bouwvlakken van de geplande woningen staan. Reactie gemeente Het velbeleid van de gemeente Hilversum kent geen lijst met monumentale bomen. Het als beeldbepalend aanwijzen van de twee bomen in het bestemmingsplan biedt een extra bescherming, aanvullend op het velbeleid.

Bomen worden gewaardeerd op basis van een puntensysteem. Bomen met 81 punten of meer hebben inderdaad een hoge boomwaarde. Boombelang en verwijderingsbelang (in dit geval bouwen en aanleggen) worden bij de omgevingsvergunning tegen elkaar afgewogen. In het schetsontwerp staan overigens verschillende bomen als te behouden aangegeven. Het is niet zo dat het bestemmingsplan een vrijbrief is om de niet als monumentaal gekwalificeerde bomen te mogen kappen. Bij de realisatie van dit bouwplan zal een voornemen tot kappen van vergunningplichtige bomen worden getoetst aan de APV en de regels van het velbeleid. Conclusie De zienswijze leidt tot een aanpassing op de verbeelding bij het ontwerpbestemmingsplan namelijk voor één woongebouw worden goot- en bouwhoogtes van respectievelijk 6,5 meter en 12 meter veranderd in 7,5 meter en 11 meter conform de standaardhoogtes in het vigerend bestemmingsplan.

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

6. Zienswijze reclamant 7, brief van 21 oktober 2022, ontvangen 21 oktober 2022 Zoals aangegeven in de inleiding is deze zienswijze te laat ingediend en kan daarom formeel niet worden behandeld (omdat deze niet ontvankelijk moet worden verklaard). Niet is gebleken dat de indiener geen mogelijkheid heeft gehad om de zienswijzen binnen de termijn in te dienen. De zienswijze gaat over geluid van de Godelindeweg en het weerkaatsen daarvan door nieuwe bebouwing achter de percelen van reclamanten. Inhoudelijk is daar in de andere zienswijzen op ingegaan. De zienswijze gaat ook over de groenstrook. De andere zienswijzen gaan daar ook over en daarop is inhoudelijk ingegaan.

Hoofdstuk 3. Wijzigingen De zienswijzen geven aanleiding om het ontwerpbestemmingsplan op een aantal onderdelen te wijzigen en aan te vullen. Regels Aan artikel 4 ‘Groen’ wordt in artikel 4.3.1 ‘Voorwaardelijke verplichting’ het volgende (cursief) toegevoegd: Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt gerekend het gebruik gronden overeenkomstig de bestemming Gemengd - 1 en de bestemming Wonen zonder de aanleg en instandhouding van afschermend groen, zoals bedoeld in artikel 1.7 en aangelegd overeenkomstig het inrichtingsplan zoals dat onderdeel uitmaakt van deze regels ter plaatse van de bestemming Groen. Daar waar gronden nader zijn aangeduid met 'parkeren' kan afgezien worden van de aanleg en instandhouding van afschermend groen indien deze gronden noodzakelijk zijn om te voldoen aan de gemeentelijke parkeernorm. Aan de bijlage bij de regels wordt het inrichtingsplan toegevoegd. Verbeelding Voor één woongebouw zijn op de verbeelding afwijkende goot- en bouwhoogtes opgenomen van respectievelijk 6,5 meter en 12 meter. Deze worden gewijzigd in 7,5 meter en 11 meter. De verbeelding wordt als volgt gewijzigd:

Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50

Toelichting In de bijlage bij de toelichting wordt het natuuronderzoek aangevuld (Blauwe reiger). Aan de bijlagen wordt een onderzoek bezonning toegevoegd.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=648ccbb6-09ec-42f8-8bca-a22e107d1e1e