Bijlage 2: Zienswijzen- en wijzigingennota (ontwerpbestemmingsplan)
Tekst van het document
ZIENSWIJZEN- EN WIJZIGINGENNOTA Ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
Gemeente Hilversum Afdeling Leefomgeving, Team Ruimtelijke Kwaliteit
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
INHOUDSOPGAVE
Hoofdstuk 1. Inleiding Hoofdstuk 2. Zienswijzen
1. Zienswijze reclamanten 1, brief van 12 oktober 2022, ontvangen 13 oktober 2022 2. Zienswijze reclamant 2, brief van 18 oktober 2022, ontvangen 19 oktober 2022 3. Zienswijze reclamant 3, brief van 18 oktober 2022, ontvangen 20 oktober 2022 4. Zienswijze reclamant 4, brief van 20 oktober 2022, ontvangen 20 oktober 2022 5. Zienswijze reclamant 5, brief van 20 oktober 2022, ontvangen 20 oktober 2022 6. Zienswijze reclamant 6, brief van 20 oktober 2022, ontvangen 23 oktober 2022 7. Zienswijze reclamant 7, brief van 21 oktober 2022, ontvangen 21 oktober 2022
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
Hoofdstuk 1. Inleiding Algemeen De eigenaar van het perceel Heuvellaan 50 heeft de gemeente medewerking gevraagd voor een bouwplan waarbij het bestaande kantoorgebouw wordt vervangen door woningen en gebouwen voor werkgelegenheid. De nieuwbouw is niet in overeenstemming met het geldende bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk Villagebied (2010). De eigenaar heeft daarom gevraagd het bestemmingsplan te wijzigen en heeft daarvoor een ontwerpbestemmingsplan opgesteld. In de toelichting van dat bestemmingsplan is gemotiveerd waarom sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Het gemeentebestuur heeft besloten mee te werken aan het plan door een procedure te starten om het bestemmingsplan te wijzigen. Eerder op 6 oktober 2021 heeft de gemeenteraad het schetsontwerp transformatie Heuvellaan 50 vastgesteld. Het schetsontwerp ziet op 50% werken en 50% wonen, waarbij voor wonen is bepaald dat 50% bestaat uit middensegment koopwoningen en 50% vrije sector koopwoningen. Het schetsontwerp is het stedenbouwkundig en planologisch kader voor het bestemmingsplan. Er kunnen 24 woningen en 2.770 m² bruto vloeroppervlak werkgelegenheid worden gerealiseerd. Het bruto vloeroppervlak (wonen en werken) dat mag worden gebouwd is net zo veel als het bruto vloeroppervlak van het bestaande kantoorgebouw.
Het ontwerpbestemmingsplan heeft ter inzage gelegen van vrijdag 9 september 2022 tot en met donderdag 20 oktober 2022. In die termijn zijn 7 zienswijze ontvangen. Daarvan zijn 5 zienswijzen binnen de termijn ingediend en daardoor ontvankelijk. Eén zienswijze is buiten de termijn ontvangen maar wel ingezonden via DigiD binnen de termijn. Omdat DigiD op de laatste dag van de termijn (20 oktober 2022) niet werkte is voor de zekerheid op 23 oktober ook een e-mail verzonden met die zienswijzen. De termijnoverschrijding is vanwege de storing van DigiD verschoonbaar en daardoor is die zienswijze ontvankelijk. De laatste zienswijze is persoonlijk afgegeven op 21 oktober 2022 op het stadskantoor. Deze is buiten de termijn ingediend. Deze zienswijze is niet ontvankelijk.
Uitleg opbouw nota Deze nota is zo opgebouwd dat de zienswijzen per onderdeel, cursief van een gemeentelijke beantwoording en een conclusie zijn voorzien.
Leeswijzer In hoofdstuk 2 zijn de ingekomen zienswijzen (bijna woordelijk) opgenomen, beoordeeld en van een reactie voorzien. In hoofdstuk 3 zijn wijzigingen opgenomen voor de vaststelling van het bestemmingsplan.
Hoofdstuk 2. Zienswijzen 1.
Zienswijze reclamanten 1, brief van 12 oktober 2022, ontvangen 13 oktober 2022
De brief met zienswijzen is ondertekend door 3 reclamanten die direct aan het plangebied wonen. Reclamanten maken bezwaar tegen de wijziging van de bestemming van kantoor naar wonen/bedrijven/kantoor. Ook maken reclamanten bezwaar tegen de geplande bebouwing op het perceel. Reclamanten geven aan dat het plan voorziet in een enorm kantoorgebouw dat tegen hun perceelgrens aan is gepland met een totale gebouwhoogte van 15,5 meter. De huizen op deze percelen zullen hierdoor in waarde verminderen en lopen derhalve planschade op.
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
Reactie gemeente Reclamanten maken bezwaar tegen het wijzigen van de bestemming kantoor naar wonen/bedrijven/kantoor. Ook tegen de geplande bebouwing. In de zienswijze wordt vervolgens op die aspecten nader ingegaan. Daar wordt in de beantwoording van de zienswijze hieronder en verder op ingegaan. Hieronder wordt eerst ingegaan op de geplande bebouwing. Het bestemmingsplan voorziet inderdaad in de bouw van een gebouw ter hoogte van de percelen van reclamanten. Dat gebouw mag niet worden gebouwd tegen de perceelsgrens aan. Tussen de perceelsgrens en de nieuwe bebouwing is een groenstrook van 3,5 meter breed opgenomen die als afscheiding dient. In het bestemmingsplan is de verplichting opgenomen dat daar afschermend groen wordt aangelegd en ook als zodanig wordt behouden. Bebouwing is mogelijk, maar die mag ter hoogte van de percelen van reclamanten niet hoger zijn dan 7,5 meter. De bebouwingshoogte van 15,5 meter is, op het meest nabijgelegen punt, toegestaan op een afstand van 12 meter van de perceelsgrens van de reclamanten. Het gemeentebestuur realiseert zich dat dit anders is dan in de huidige situatie maar acht deze bebouwing, mede gelet op de maximale hoogte van 7,5 meter en het afschermend groen ter plaatse van de percelen van reclamanten, niet onaanvaardbaar. Het risico op planschade als gevolg van de nieuwbouw acht het gemeentebestuur klein.
Dat komt mede door de genoemde verplichting van het afschermend groen daar ter plaatse. Het staat reclamanten vrij om in een later stadium (na in werking treden van het bestemmingsplan) een verzoek om vergoeding van (plan)schade in te dienen bij de gemeente. Reclamanten maken bezwaar tegen het bouwen van een kantoorgebouw in de historische wijk Trompenberg, dat Beschermd Stadsgezicht is. De hoogte en omvang van het kantoorgebouw verstoort het aanzicht van de oude watertoren en de historische huizen rondom en het past niet in de wijk. Dit kantoorgebouw wordt op het hoogste punt gebouwd vlak naast de watertoren, het wijkt in maat en uitvoering sterk af van de omringende bebouwing in het villagebied en verstoort daarmee de aanwezige ruimtelijke ordening. Tijdens gesprekken met Villa Heuvel BV hebben reclamanten diverse malen verzocht dit kantoorgebouw niet te bouwen, of anders naar het laagste punt op het perceel te verplaatsen, gezien het hoogteverschil van vier meter. Reactie gemeente Het nieuwe gebouw komt op een plek te staan waar nu geen bebouwing is. Het klopt dat het maaiveld aan deze kant van de ontwikkellocatie oploopt, en daarna nog verder richting de watertoren die op het hoogste punt van de wijk staat.
Dit oplopende reliëf heeft er mede toe geleidt om het hogere gebouw juist op deze locatie te plaatsen waarbij de onderste verdieping (deels) in het oplopende reliëf wordt ondergebracht. De maatvoering en uitstraling van dit gebouw wijken inderdaad af van de traditionele villabebouwing in de omgeving ervan. Dit is echter een bewuste keuze en dit gebouw zoekt daarom eerder de aansluiting bij de overige afwijkende bebouwing in de omgeving zoals het Muziekcentrum van de Omroep (MCO). Dit neemt niet weg dat het van belang is dat dit gebouw past in de korrel (maat en schaal, met name gevelbreedte) van dit nieuwe deel van de Heuvellaan. Het is daarom met de smalle kopse kant aan deze straat geplaatst. Daarnaast komt ook dit gebouw rondom in het groen te staan. De hoogte en uitstraling van het gebouw passen daarmee in die setting. De precieze maatvoering van de bebouwing heeft bij de verdere architectonische uitwerking uiteraard nadrukkelijk de aandacht. Het klopt dat het gebouw het zicht op de watertoren enigszins verandert, gezien vanaf het huidige gebouw. Er is in de huidige situatie vanaf de kant van de Heuvellaan niet of nauwelijks zicht op de historische watertoren. Met deze ontwikkeling wordt het zicht op de watertoren niet onacceptabel verstoord. Het nieuwe gebouw wordt niet vlak naast de watertoren gebouwd. Daar zit een afstand van minimaal circa 40 meter tussen.
Het zicht op de watertoren vanaf de percelen van reclamanten verandert niet. De bewoners van de panden aan de Godelindeweg ervaren, zo geven de indieners van de zienswijze aan, veel geluidsoverlast van het drukke verkeer van deze rondweg. De groene tuinen achter de huizen dempen dit geluid. Doch door dit te verwijderen, immers alle bomen worden gekapt zo vertelde de aannemer op de voorlichtingsavond, wordt de geluidsoverlast van deze rondweg versterkt voor de bewoners, hetgeen
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
resulteert in verlies van woongenot en de geluidsoverlast norm zal verder overschreden worden. Daarom herhalen reclamanten het reeds gedane verzoek voor behoud van de groenstrook tussen de bebouwing. De bebouwing in het verleden lag gesitueerd aan de Heuvellaan, met bosrijke achtertuinen. Het huidige kantoorpand is ook gelegen aan de Heuvellaan, met bosrijke achtertuin. Het kantoorpand wat nu gepland is loopt over het hele perceel van de Heuvellaan tot op de grens van de achtertuinen van de Godelindeweg. Reclamanten verzoeken het gemeentebestuur om de lengte van het kantoorpand in te korten, zodat er aan de achterkant een bosrijke achtertuin kan blijven bestaan, zoals in deze wijk gebruikelijk, mede ook om de geluidsoverlast te dempen. Reactie gemeente Het is juist dat voor de bouw van het nieuwe gebouw bomen moeten worden gekapt. Het is niet zo dat alle bomen, zoals reclamant aangeeft, worden gekapt. Waar mogelijk worden bomen behouden, waaronder specifiek twee beeldbepalende bomen welke een specifieke status krijgen in het bestemmingsplan. Daarnaast komt er ook nieuw groen terug. Onder andere tussen de tuinen van reclamanten en het nieuwe gebouw wordt een nieuwe groenzone bestemd en aangelegd. Die strook is 3,5 meter en dat is minder dan het groen dat er nu is. Het gemeentebestuur is echter van mening dat dit niet tot gevolg heeft dat het gebouw daarom meer naar achter moet.
In verband met de nieuwe situatie is akoestisch onderzoek gedaan. Daarbij is bekeken in welke mate zogenoemd reflectiegeluid optreedt van het verkeer op de achtergevels van de woningen aan de Godelindeweg. Berekend is wat het effect is van het plan op de geluidbelasting van de achtergevels van de bestaande woningen aan de Godelindeweg. Daarbij is het verschil in geluidbelasting in de situatie ná het realiseren van de nieuwbouw en in een situatie zonder het plan berekend. Uit de berekeningen blijkt dat de geluidbelasting door alle wegen samen op de achtergevels van bestaande woningen met 1 tot 6 dB toe neemt door die reflecties van de achterliggende nieuwbouw. De geluidbelasting door alle wegverkeer samen is niet hoog in de huidige situatie. Na realisatie van het plan zal het geluidsniveau op 42 - 48 dB liggen. Dat is ruim beneden de voorkeursgrenswaarde van 53 dB (zonder aftrek die als toetswaarde kan worden gehanteerd). Het gemeentebestuur constateert dat dit een verandering van de geluidssituatie met zich meebrengt maar is van oordeel dat ook in de nieuwe situatie sprake zal blijven van een goed woonen leefklimaat. Reclamanten maken bezwaar tegen de wijziging van de bestemming van kantoor naar kantoor/bedrijven cat.1+2. Een kantoor heeft verkeersdrukte rond half 9 en rond half 5. In de tussenliggende uren is de verkeersoverlast minimaal.
De bestemmingswijziging zal betekenen dat er dienstverlenende en productiebedrijven straks zijn toegestaan in het kantoorpand. Dienstverlenende bedrijven betekent veel bezoekers op alle tijden van de dag. Die auto’s geven geluidsoverlast (parkeren, starten, dichtslaande deuren). Productiebedrijven, zoals een broodfabriek of chocoladefabriek die in deze categorie valt, genereren veel geluidsoverlast. Denk hierbij aan vrachtauto's van toeleveringsbedrijven en het vrachtverkeer voor het afvoeren van eindproducten. De geluidsoverlast van machines en natuurlijk de auto’s van bezoekers, personeel e.a.. In de VNG publicatie (2009) bedrijven en milieuzonering is de afstand aangegeven van (productie) bedrijven tot bewoning. Deze afstand varieert per bedrijfstak, maar is voor bedrijven cat. 1+2 per definitie onvoldoende voor deze locatie. Reclamanten zien geen motivering opgenomen waarom deze afstand niet in acht is genomen. Op basis van bovenstaande VNG publicatie kan deze wijziging niet doorgaan omdat aan de voorwaarden niet is voldaan. Het bestaande kantoorpand op de Heuvellaan 50 stond langdurig leeg. De vraag is dan of er behoefte is aan bedrijfsruimte voor kantoren, dienstverlening en productiebedrijven in deze woonwijk. Is er onderzocht of deze behoefte bestaat? De indieners van de zienswijze komen dit niet tegen in het plan. Zij missen een motivering noodzaak en behoefte.
Is er een motivatie voor de wijziging van de bestemming kantoor naar kantoor/bedrijven, want ook dat zien reclamanten niet terug in het plan. Tot slot, zo wordt aangegeven, is er geen belangenafweging gemaakt. De bestemmingswijziging en het bedrijfsgebouw geven een behoorlijke geluidsoverlasttoename voor de omwonenden, met name op de Percelen van reclamanten, terwijl de noodzaak en behoefte ontbreekt.
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
Reactie gemeente De VNG publicatie (2009) bedrijven en milieuzonering is een richtlijn en hanteert richtafstanden. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen twee type gebieden: rustige woonwijk/rustig buitengebied of gemengd gebied. Van een gemengd gebied is sprake als er verschillende functies in de buurt aanwezig zijn. In dit geval zijn in de directe nabijheid al een autogarage, muziekcentrum en kantoor aanwezig. Het bestemmingsplan Noordwestelijk villagebied staat in het gebied rondom Heuvellaan 50 diverse functies naast wonen toe: kantoren, bedrijfsactiviteiten 1 en 2, een garagebedrijf, maatschappelijke doeleinden en horeca en een ontsluitingsweg. Dit wordt daarom getypeerd als gemengd gebied. De richtafstand in een gemengd gebied bedraagt voor categorie 1 nul meter en voor categorie 2 tien meter. De afstand tussen de woningen en de bestemming "Gemengd-1" is ongeveer 15,5 meter. Er wordt daarmee voldaan aan de richtafstanden. Daarnaast wijst het gemeentebestuur erop dat de toekomstige gebruikers (bedrijven) van het gebouw moeten voldoen aan de normen die in het Activiteitenbesluit staan genoemd. Het gemeentebestuur is van mening dat de activiteiten die hier kunnen plaatsvinden van een bedrijf, kantoor of dienstverlening aan de normen uit het Activiteitenbesluit kunnen voldoen en daarmee geen belemmeringen zijn voor een normaal en aanvaardbaar woon- en leefklimaat.
Uitsnede plankaart bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk villagebied (2010)
Er is onderzoek gedaan naar de behoefte aan kantoor- en bedrijfslocaties. De gemeenteraad heeft in 2021 het Economisch perspectief 2040 aangewezen als bouwsteen voor de Omgevingsvisie (die momenteel wordt gemaakt). In dit document (dat ook in de toelichting van het bestemmingsplan is aangehaald in paragraaf 4.4.7) is onder andere onderbouwd en geconcludeerd dat er te weinig ruimte is voor ondernemen, werken en ontmoeten in de stad. Het negeren van deze ongunstige ontwikkeling is geen optie, want dit zal tot een negatieve spiraal leiden die niet alleen de Hilversumse economie verder zal schaden, maar ook het (nu nog) gunstige woon- en leefklimaat.
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
Er worden drie type locaties onderscheiden: formele bedrijventerreinen en kantoorlocaties en informele werklocaties. Vastgesteld is dat de formele kantorenlocaties voldoen aan de verwachte ruimtebehoefte en ook kunnen bijdragen aan de regionale ruimtevraag naar kantoorlocaties. Voor de bedrijventerreinen en de informele werklocaties ligt er een ruimtebehoefte waar Hilversum nu nog niet in voorziet. Hier ligt een aanvullende opgave. Dat is de reden dat op deze plek de kantoorfunctie gedeeltelijk is behouden, en is verruimd met de mogelijkheid voor bedrijvigheid in categorie 1 en 2 en dienstverlening. Dat het huidige pand aan de Heuvellaan 50 langdurig (gedeeltelijk) leegstond, leidt niet tot de conclusie dat er geen behoefte is aan kantoorruimte. Het bestaande pand is een voorbeeld van een niet-courant gebouw, waardoor het niet aantrekkelijk is voor bedrijven om zich hier te vestigen. Door het bestaande, sterk verouderde pand te vervangen door nieuwe werkruimte die wel goed aansluit op de wensen en behoefte van deze tijd, kan een mooie nieuwe werkplek ontstaan. Het gemeentebestuur is het niet eens met reclamanten dat een belangenafweging in het bestemmingsplan ontbreekt. De toelichting, met name de hoofdstukken 4 en 5, geeft die afweging. De Groenstrook. De toelichting dient te matchen met de ruimtelijke plannen inzake Heuvellaan 50.
Daar wordt niet aan voldaan zeggen reclamanten. Het bestemmingsplan is in strijd met de toelichting. Tot verbazing van reclamanten zien zij in het plan dat de groenstrook van drie meter tussen de percelen aan de Godelindeweg en het kantoorpand Heuvellaan 50, kan worden vervangen door parkeerterrein. In het Ruimtelijk Plan, hoofdstuk 5.4.1, zo wordt aangegeven, staat dat daar waar deze groenstrook is aangeduid met 'parkeren', zoals hier het geval is, er kan worden afgezien van deze groenstrook indien deze gronden noodzakelijk zijn om te voldoen aan de gemeentelijke parkeernorm. Reclamanten zeggen dat dit ernstige geluidsoverlast veroorzaakt op hun woningen aan de Godelindeweg en hier maken zij bezwaar tegen. In artikel 1.7 staan de specificaties van deze groenstrook. Hier maken reclamanten ook bezwaar tegen omdat niet is vermeld hoe deze groenstrook eruit moet zien. Dit is in strijd met de rechtszekerheid. Er dient hier gespecificeerd te worden welk type beplanting hier komt en hoeveel beplanting per m². Reclamanten geven aan dat in hun situatie zij dubbel worden benadeeld. De groenstrook kan vervangen worden door parkeerterrein en het bouwvlak voor het kantoor/bedrijfsgebouw kan volledig worden volgebouwd met een enorm bouwvolume tot op de erfgrens dat een maximale hoogte van 15.5 meter.
Reactie Gemeente Delen van de gehele groenstrook kunnen inderdaad ingezet worden ten behoeve van parkeren. Dit is echter enkel mogelijk daar waar sprake is van een aanduiding op de verbeelding (de plankaart). Dit is niet het geval voor de groenstrook gelegen tussen het werkgelegenheidsgebouw en de erachter gelegen percelen van reclamanten. Het gemeentebestuur wijst er op dat het huidige bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk Villagebied (2010) in artikel 7, lid 1 onder e, in combinatie met artikel 14, de aanleg van parkeerplaatsen mogelijk maakt, zelfs tot aan de erfgrens. Dat is feitelijk niet gerealiseerd maar in theorie wel mogelijk. Het nieuwe bestemmingsplan beperkt die mogelijkheid grotendeels. Door reclamanten is ook eerder in de zienswijze aangegeven dat het bouwvolume van het gebouw op de erfgrens kan worden geplaatst en een hoogte heeft van maximaal 15,5 meter. Dat (bouwen op de erfgrens) is niet juist. Zoals hiervoor aangegeven moet de bebouwing minimaal 3,5 meter afstand houden tot de belendende percelen (geregeld door in het bestemmingsplan een groenstrook op te nemen) en bedraagt de maximale bouwhoogte op die plek 7,5 meter. Het is over het algemeen niet gebruikelijk om type en hoeveelheid beplanting vast te leggen in een bestemmingsplan. De aangegeven erfgrens van 3,5 meter is de breedte die als karakteristieke groene
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
erfgrens wordt omschreven in de beschrijving van het beschermd stads- en dorpsgezicht. De zone biedt voldoende groeiruimte voor bomen en onderbeplanting zodat aan het kenmerkende beeld van het Noordwestelijk Villagebied kan worden voldaan. Om niettemin voorgaande te borgen wordt naar aanleiding van deze zienswijze en eerdere gesprekken met de omgeving een globaal inrichtingsplan toegevoegd aan het bestemmingsplan. Dit inrichtingsplan beschrijft en visualiseert hoe de groenzone eruitziet en welke type beplanting er aanwezig moet zijn (via een zogenoemde voorwaardelijke verplichting) bij ingebruikname van de nieuw te realiseren bebouwing. Uitgangspunt is opgaande groene beplanting zoals typerend voor het Noordwestelijk Villagebied. Hierbij wordt het bestaande groen zoveel mogelijk versterkt en behouden. Het Kantoorgebouw. Reclamanten geven aan dat het hele perceel links boven (op de plankaart, red) waar het kantoorgebouw komt, is aangeduid als bouwvlak. Dit betekent dat dit voor 100% mag worden bebouwd. De noodzaak en motivering voor een enorme bouwmassa ontbreekt en het is strijdig met de bedoeling van de gemeente om zoveel mogelijk groen te behouden. Ook is het strijdig met de belangen van reclamanten. De Bezonningsstudie ontbreekt en zo ook het Akoestisch onderzoek. Aangezien het pand tussen de 7,5 en 15,5 meter hoog wordt, geeft dit zonverlies in de tuinen.
Geluidsoverlast als de ramen opengaan van het kantoor/bedrijfspand, als de medewerkers op het lager gelegen dak bivakkeren en geluidsoverlast door het parkeerterrein tot op de erfgrens. Dit is strijdig met de belangen van reclamanten, zo geven zij aan. Het beeldkwaliteitsplan, pagina 30, laat zien dat het kantoorpand over de groenstrook heen gebouwd wordt. Dit is in strijd met de plankaart. Reclamanten geven aan dat hun belangen ernstig worden geschaad, terwijl het mogelijk is dit pand ruim 7 meter naar voren te schuiven (naar de Heuvellaan toe), waardoor een ruime groenstrook behouden kan blijven. In de Herziening Noordwestelijk Villagebied zijn voorwaarden voor bouwen opgesteld. Hierin staat dat maximaal 2-lagenbouw is toegestaan. Dit pand heeft vier lagen. Tevens dient er 3,5 meter uit de erfgrens gebouwd te worden, hier wordt niet aan voldaan, zeggen reclamanten. Tot slot is de maximale bouwhoogte 11 meter, waar dit pand met 15,5 meter ruimschoots overheen gaat. Reactie gemeente Het bouwvlak mag inderdaad voor 100% bebouwd worden, hierbij geldt voor dit werkgelegenheidsgebouw echter ook een maximale vloeroppervlak voor alle verdiepingen samen van 2.056 m². Dit vloeroppervlak houdt verband met de wens vanuit het gemeentebestuur om de werkfunctie op deze locatie te behouden.
Voor het behalen van deze 2.056 m² hoeft niet het gehele bouwvlak in combinatie met de maximale bouwhoogtes uitgenut te worden. In de uitwerking kan dus blijken dat bij het benaderen van de maximale bouwhoogte de footprint van het gebouw kleiner wordt en er meer groen kan komen dan wel dat de footprint van het gebouw geheel benut wordt en dat daarmee het gebouw lager wordt dan wel een combinatie van beide. De initiatiefnemer heeft een aanvullende zonstudie uitgevoerd. In deze studie wordt de huidige maximale toegestane situatie vergeleken met de nieuwe. Deze studie wordt toegevoegd aan het bestemmingsplan. Om de effecten te beoordelen voor zon- en daglichttoetreding is gekeken naar de zogenoemde lichte TNO norm. De norm gaat uit van ten minste twee mogelijke bezonningsuren per dag in de periode van 19 februari - 21 oktober (gedurende 8 maanden )’in midden vensterbank binnenkant raam’. De nieuwe bebouwing heeft geen tot weinig schaduwwerking op achtertuinen of gevels in de maanden maart, juni en september op elk gegeven tijdstip. De lichte TNO-norm wordt hierbij ruimschoots gehaald. De nieuwe bebouwing op de planlocatie zorgt in de middag voor schaduw in de tuin van de woningen aan de Godelindeweg (huisnummers 2,2a, 6,8, 10,12 en 14). In de maanden februari en oktober, leidt dit om 12.00 uur en/of 14.00 tot verslechteringen in de achtertuinen.
In december is er een verslechtering op de gevels van huisnummers 2, 2a, 6 en 8 op de Godelindeweg. In de huidige situatie van het bestemmingsplan hebben de woningen aan de Godelindeweg in december 4 uur daglicht op de zuidelijke gevels.
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
Door het nieuwe bestemmingsplan komen er meerdere bouwvlakken bij, die weliswaar lager zijn maar ook dichter bij de bestaande woningen komen te staan. Hierdoor valt er langer schaduw op de gevels van de Godelindeweg. Op basis van de bezonningsstudie kan worden geconcludeerd dat er met de beoogde planontwikkeling sprake blijft van passende bezonningssituatie voor de omliggende woningen. Het plan heeft daarmee geen onaanvaardbare gevolgen voor het woon- en leefklimaat van de omliggende woningen. Daarbij merkt het gemeentebestuur nog het volgende op. Tussen het te ontwikkelen gebied en de bestaande woningen aan de noordzijde van het plangebied is voorzien in een groenzone. In de bezonningsdiagram is deze zone buiten beschouwing gelaten.Het effect van de groenzone in praktijk is wel dat de vermindering van bezonning als gevolg van het beoogde woon- en werkprogramma feitelijk niet waarneembaar is dan wel daadwerkelijk optreedt. De beoogde en reeds aanwezige beplanting zijn in praktijk maatgevend voor wat betreft daglichttoetreding en bezonning in de woningen en achtertuinen. Een kantoor- en woonfunctie kan goed naast elkaar bestaan, dat gebeurt op veel plekken. Beide zijn rustige functies, waar geen of weinig geluid wordt geproduceerd.
Wat betreft de bedrijvigheid die wordt mogelijk gemaakt, zullen dit uitsluitend bedrijven in categorie 1 en 2 van de Staat van Bedrijfsactiviteiten zijn. Dit geeft wat geluid, maar is niet zodanig dat dit onacceptabel is. Zoals eerder aangegeven wordt voldaan aan de richtafstanden van de VNG. De toekomstige bedrijven en installaties moeten ook voldoen aan de normen die in het Activiteitenbesluit staan genoemd. Het gemeentebestuur is van mening dat de bedrijven die hier gevestigd kunnen worden aan de normen uit het Activiteitenbesluit kunnen voldoen en daarmee geen belemmeringen zijn voor een normaal en aanvaardbar woon- en leefklimaat. De bebouwingssuggestie in het schetsontwerp bij het beeldkwaliteitsplan staat inderdaad deels binnen de groenzone getekend. Deze tekening is van vóór het opstellen van het bestemmingsplan. Bij het opstellen van het bestemmingsplan is deze groenzone, zeker aan de oostkant van het werkgelegenheidsgebouw, nadrukkelijker aangegeven. Bij het verder uitwerken van de plannen gelden de regels van het bestemmingsplan. In het vigerend bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk Villagebied (2010) gelden, daar waar op de verbeelding geen specifieke maximale goot- of bouwhoogte zijn aangegeven inderdaad een maximale bouwhoogte van 11 meter in combinatie met een maximale goothoogte van 7,5 meter, wat overeenkomt met een gebouw van 2 lagen met een kap.
Dit laat onverlet dat er op tal van plaatsen in dit bestemmingsplan een hogere bouwhoogte is opgenomen en daarmee toegestaan. Zo geldt voor het bestaande kantoorpand een maximale bouwhoogte van 16 meter evenals voor het MCO aan de overzijde van de Heuvellaan. De in dat bestemmingsplan opgenomen regel om bebouwing 3,5 meter uit de erfgrens te houden is, daar waar deze ontwikkeling grenst aan de belendende percelen, ook opgenomen in het nieuwe bestemmingsplan en op de verbeelding daarvan (de bestemming Groen met een breedte van 3,5 meter). Reclamanten geven aan dat de heer Loogman die eigenaar is van het garagegebouw naast de watertoren een verzoek heeft ingediend bij de gemeente Hilversum voor de sloop van het gebouw en dat hij daar wil gaan bouwen. Aangezien het geplande kantoorgebouw van Villaheuvel BV straks op die erfgrens gepland is, kijken de nieuwe bewoners straks tegen een muur aan van 15,5 meter hoog aan. Reclamanten vragen of het mogelijk is deze plannen op elkaar af te stemmen zodat dit een mooi geheel kan worden. Reactie gemeente De gemeente heeft het initiatief genomen om de ontwikkelaar voor Heuvellaan 50 en de eigenaar van het naastgelegen garagebedrijf, Loogman, met elkaar in contact te brengen waarbij door de gemeente is voorgesteld te onderzoeken wat de mogelijkheden zijn om tot een gezamenlijke, integrale ontwikkeling te komen.
Het is deze ontwikkelaars, na meerdere pogingen, niet gelukt tot een zakelijke overeenstemming te komen over een plan en de voorwaarden voor een samenwerking. De gemeente kan op dit punt geen grotere rol nemen dan die van ‘bemiddelaar'. De gemeente heeft geen grondpositie in deze ontwikkelingen of juridische middelen om een grotere rol af te dwingen.
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
Overigens is het beoogde kantoorgebouw aan de Heuvellaan 50 niet op de erfgrens van het naastgelegen perceel gepland. Hier ligt een afstand van 3,5 meter tussen (de genoemde groenstrook). Conclusie De zienswijze leidt tot een aanpassing in het ontwerpbestemmingsplan. In de regel van de bestemming groen wordt bij de voorwaardelijk verplichting (die er toe leidt dat het gebruik van gronden overeenkomstig de bestemming Gemengd - 1 en de bestemming Wonen niet is toegestaan zonder de aanleg en instandhouding van afschermend groen) toegevoegd dat dit overeenkomstig een inrichtingsplan moet plaatsvinden. Dat inrichtingsplan wordt onderdeel van de planregels. Daarnaast wordt een bezonningsstudie toegevoegd aan de toelichting (bijlage).
2.
Zienswijze reclamant 2, brief van 18 oktober 2022, ontvangen 19 oktober 2022
Bouwhoogte Reclamant 2 vindt de maximale bouwhoogte van het bestemmingsvlak enkelbestemming Gemengd 1 te hoog. Ter plaatse van bovengenoemd bestemmingsvlak aan de Heuvellaan is het maaiveld gemiddeld 2,00 m1 lager dan het maaiveld van perceel Jacobus Pennweg 14 op basis van vastgesteld profiel van het Actuele Hoogtebestand Nederland.
De redenatie dat de maximale bouwhoogte in dit bouwvlak 15,5 meter mag bedragen gaat uit van een hoogteverschil van een volledige bouwlaag. Tussen het maaiveld van de Jacobus Pennweg 14 en de Heuvellaan 50 is het hoogteverschil een halve bouwlaag. Wij stellen om die reden voor dat de maximale bouwhoogte van 15,5 meter wordt teruggebracht naar maximaal 13,0 meter zijnde 3 bouwlagen. Reactie gemeente Het hoogteverschil tussen het maaiveld van de Jacobus Pennweg 14 en de Heuvellaan 50 bedraagt inderdaad 2 tot 3 meter. In het schetsontwerp (in de bijlage van de toelichting) wordt aangegeven dat er gebruik gemaakt kan worden van het hoogteverschil waarbij de onderste verdieping (deels) in het oplopende reliëf kan worden geschoven. Er is niet aangegeven dat dit om een volledige bouwlaag zou gaan. Dit deels in het reliëf schuiven van het gebouw zorgt mogelijk voor een optische verlaging van het gebouw vanaf de zijde van de Jacobus Pennweg, maar de voorgestelde bouwhoogte is daar niet aan gerelateerd. Gezien de positionering en functie van het gebouw wordt een bouwhoogte van 15,5 meter, op deze locatie, stedenbouwkundig als passend in de setting beschouwd. Afstand tot de erfgrens De afstand tussen de erfgrens van de kavel Jacobus Pennweg 14 en het bestemmingsvlak enkelbestemming Gemengd 1 van Heuvellaan 50 is door de gemeente bepaald op 4 meter.
Reclamant vindt de afstand te gering en vindt 5 meter een juiste afstand. Argumenten hiervoor zijn: •
het verminderen van de overlast van beschaduwing voor Pennweg 14 en andere aanwonenden.
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
• • •
het verlies aan privacy brandgevaar tussen kelder Pennweg 14 en toekomstige bebouwing zettingen , beschadigingen, scheurvorming en waterdichtheid kelder Pennweg 14 als gevolg van bouwactiviteiten
Reactie gemeente De minimale maat tussen de bebouwing met de gemengde bestemming op de Heuvellaan 50 en de Jacobus Pennweg 14 bedraagt 3,5 meter. Dat is de breedte van de groenstrook. In dit bouwvlak zit overigens in footprint en hoogte nog rek waardoor de uiteindelijke afstand tot de erfgrens en de hoogte van de bebouwing pas tijdens de verdere uitwerking van de plannen duidelijk zal worden. Het gemeentebestuur is van mening dat de voorgestelde maximale hoogte en footprint die geboden wordt door het bestemmingsplan geen onevenredige impact hebben op de bezonning en privacy van de omliggende percelen en de Jacobus Pennweg 14 in het bijzonder. Allereest zorgt de hoogteverdeling binnen het bouwvlak van de gemengde bestemming (hoogste hoogte aan de kant van de Heuvellaan) ervoor dat de meeste schaduw valt op het eigen perceel en gebouw en in mindere mate op de belende percelen. In de groenstrook komt groen terug. Enerzijds zal dit ook voor schaduw van bomen zorgen (mogelijk nog eerder dan de bebouwing; zie ook de passage hierover in de genoemde bezonningsstudie in de antwoorden op de zienswijze van reclamanten 1) maar anderzijds zorgt dit ook voor een natuurlijk privacy-scherm. Overigens is het op de Pennweg 14 aanwezige autobedrijf geen privacy gevoelige functie.
Mocht de Pennweg 14 echter omgezet worden naar een woonfunctie dan geldt ook voor deze locatie dat deze omzoomd dient te worden met een opgaande groene erfafscheiding met een dito bijdrage aan de privacy-beleving. De zogenoemde TNO richtlijn waaraan getoetst is (in de bezonningsstudie), is niet van toepassing op kantoren. Wel is op voorhand duidelijk dat bij een eventuele herontwikkeling van het naastgelegen perceel het mogelijk is naar een woonprogramma te gaan waarbij ter plaatse van deze woningen voldaan kan worden aan de vereiste vanuit het Bouwbesluit voor wat betreft de minimale daglichttoetreding. De initiatiefnemer heeft, zoals aangegeven, een aanvullende studie voor bezonning uitgevoerd. In deze studie wordt de huidige maximale toegestane situatie vergeleken met de nieuwe. Een bezonningsstudie richt zich op het effect op woongebouwen en een eventuele verslechtering van bezonning door bijvoorbeeld ramen in woonkamers. Ter plaatse van het perceel van reclamant is feitelijk geen woongebouw aanwezig, maar een garagebedrijf met tevens een gesloten gevel. Het voorkomen van schade door bouwactiviteiten wordt in de realisatiefase ondervangen door de ontwikkelende partij en/of aannemer. Er wordt een in het villagebied gangbare afstand van minimaal 3,5 meter aangehouden tot de perceelgrens voor bebouwing.
Gevaarlijke situatie en schade Reclamant eist een goede opvang voor het hoogteverschil wat ontstaat door het nieuwe bouwplan van max 13,0 meter hoogte, • Door de ontgraving van de op het bouwterrein aanwezige zandwal ontstaat er afkalvingsgevaar dat ons bestaande gebouw in gevaar brengt. • Zonder een door deskundige berekende oplossing gaan we niet akkoord met dit ontwerp bestemmingsplan. De kosten voor de voorziening zijn ook geheel voor de ontwikkelaar. Reclamant ziet graag drie aanpassingen in het ontwerpbestemmingsplan van het bestemmingsvlak Met enkelbestemming Gemengd 1 op de aspecten bouwhoogte, afstand tot de erfgrens en gevaarlijke situatie en schade. Reactie gemeente De aanwezige zandwal waar door reclamant aan wordt gerefereerd is een restant van de grond- en bouwwerkzaamheden in de jaren 80. Deze kunstmatige zandwal ligt grotendeels op het perceel van
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
initiatiefnemer en is geen onderdeel van het natuurlijke landschap. Bij de uitvoering van de bouwplannen wordt het landschap opnieuw ingericht, waarbij mogelijk graafwerkzaamheden in de zandwal nodig zijn. Hierbij wordt rekening gehouden met de omgeving en worden eventueel benodigde onderzoeken uitgevoerd. Er wordt een afstand van minimaal 3,5 meter aangehouden tussen de nieuwe bebouwing en de perceelgrens, zoals gangbaar in het Noordwestelijk villagebied. Ook de voorgestelde bebouwing van maximaal 4 lagen komt voor in het gebied. Een deskundigenonderzoek is voor de vaststelling van het bestemmingsplan niet nodig. Kosten voor het realiseren van voorzieningen ter voorkoming van schade bij bouwwerkzaamheden zijn voor rekening van de initiatiefnemer. Conclusie De zienswijze leidt niet tot aanpassingen in het ontwerpbestemmingsplan. Wel wordt een bezonningsonderzoek toegevoegd aan de toelichting van het bestemmingsplan.
3.
Zienswijze reclamant 3, brief van 18 oktober 2022, ontvangen 20 oktober 2022
Reclamant 3 wordt vertegenwoordigd door Achmea rechtsbijstand. Achmea heeft de zienswijze ingediend. Cliënt is het niet eens met het ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50 Cliënt woont ten noorden van het plangebied. Haar tuin grenst aan het plangebied. Dit plan heeft voor cliënte nadelige gevolgen. Het plan is in strijd met een goede ruimtelijke ordening. Reactie gemeente Het gemeentebestuur kan reclamant niet volgen in de bewering dat het plan in strijd is met een goede ruimtelijke ordening. In de toelichting van het bestemmingsplan is onderbouwd dat het plan voorziet in een aanvaardbaar woon- en leefklimaat. Daarvoor zijn de noodzakelijke onderzoeken gedaan. Het plan tast het woongenot van cliënt aan Cliënt is bang dat het beschermde groen in de buurt niet behouden blijft. Ook vreest cliënt geluidsoverlast, onder andere door weerkaatsing van het geluid. Een en ander gaat ten koste van de leefbaarheid en duurzaamheid van de omgeving. Reactie gemeente De vrees dat het groen in de buurt niet behouden blijft deelt het gemeentebestuur niet. Tussen de perceelsgrens en de nieuwe bebouwing is een groenstrook van 3,5 meter breed opgenomen die als afscheiding dient. In het bestemmingsplan is de verplichting opgenomen dat daar afschermend groen wordt aangelegd en ook als zodanig wordt behouden.
Daardoor kan er op basis van het plan eventueel handhavend worden opgetreden wanneer de vereiste voorzieningen weliswaar worden aangebracht, maar later weer worden verwijderd of zodanig slecht worden onderhouden dat niet meer wordt voldaan aan de bestemming. Om voorgaande te borgen wordt naar aanleiding van de zienswijze en eerdere gesprekken met de omgeving aanvullend een globaal inrichtingsplan toegevoegd aan het bestemmingsplan. Dit inrichtingsplan beschrijft en visualiseert hoe de groenzone eruitziet en welke type beplanting er aanwezig moet zijn bij ingebruikname van de nieuw te realiseren bebouwing. Uitgangspunt is opgaande groene beplanting, zoals typerend voor het Noordwestelijk Villagebied. Hierbij wordt het bestaande groen zoveel mogelijk versterkt en behouden. In verband met de nieuwe situatie is akoestisch onderzoek gedaan. Daarbij is ook bekeken in welke mate zogenoemd reflectiegeluid optreedt van het verkeer op de achtergevels van de woningen aan de Godelindeweg. Berekend is wat het effect is van het plan op de geluidbelasting van de achtergevels van de bestaande woningen aan de Godelindeweg. Daarbij is het verschil in geluidbelasting in de situatie na het realiseren van de nieuwbouw en in een situatie zonder het plan berekend. Uit de berekeningen blijkt dat de geluidbelasting door alle wegen samen op de achtergevels van bestaande woningen met 1 tot 6 dB toe
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
neemt door die reflecties van de achterliggende nieuwbouw. De geluidbelasting door alle wegverkeer samen is niet hoog in de huidige situatie. Na realisatie van het plan zal het geluidsniveau op 42 - 48 dB liggen. Dat is ruim beneden de voorkeursgrenswaarde van 53 dB (zonder aftrek die als toetswaarde kan worden gehanteerd). Het gemeentebestuur constateert dat dit een verandering van de geluidssituatie met zich meebrengt maar is van oordeel dat ook in de nieuwe situatie sprake zal blijven van een goed woonen leefklimaat. Cliënt stelt dat het bestemmingsplan in strijd is met beleid van de gemeente Hilversum In het plangebied ligt een beschermd parklandschap. Dit betreft onder andere een brede groenstrook aan de noord- en oostzijde van het perceel. Deze groenstrook heeft historisch nooit enige vorm van bebouwing gekend. Daarnaast bevindt zich hier een vijverpartij met tuin architectonische waarde die door de gemeente in een visiedocument expliciet is aangemerkt als waardevol. In dit visiedocument uit 2002 wordt tevens benoemd dat de groene grond hier zoveel mogelijk beschermd en behouden moet worden. Dit visiedocument Noord Westelijk Villagebied is vastgesteld door de gemeenteraad en biedt daarmee de burgers van Hilversum een beleidskader en daarmee ook een zekere mate van veiligheid.
De gemeente handelt met dit bestemmingsplan in strijd met dit visiedocument, en dus met haar eigen vastgestelde beleid. Hoewel er van beleid kan worden afgeweken, moet de gemeente wel motiveren waarom hiervan wordt afgeweken. De drempel voor deze motivering ligt hoger dan wanneer er geen beleid omtrent dit onderwerp zou zijn. De gemeente motiveert echter niet in het plan waarom van het visiedocument, en daarmee haar eigen beleid, wordt afgeweken. Om die reden is het plan onvoldoende gemotiveerd en daarmee op een onzorgvuldige wijze tot stand gekomen. In het voorliggend ontwerpbestemmingsplan is nu wel voorzien in een soort groenstrook en een zogenaamde wadi. Deze groenstrook ligt op het terrein van de kopers van de betreffende woningen. Het is echter onmogelijk te handhaven dat deze groenstrook in stand blijft in de toekomst. De toekomstige bewoner kan immers deze groene strook verwijderen, tenzij een oplettende burger hiertegen ageert. Dit kan derhalve niet beschouwd worden als een gelegitimeerde groenstrook. Tenslotte is de zogenaamde wadi geen alternatieve vervanging van de in het visiedocument genoemde vijver met tuin architectonische waarde. Reactie gemeente Het verfijnen van de zogenoemde korrelmaat van bebouwing en verkaveling van Heuvellaan 50 heeft als doel om de locatie beter aan te laten sluiten bij het beeld van het beschermd stadsgezicht.
Hierbij neemt het totaal toegestane aantal vierkante meters bruto vloeroppervlak niet toe. De daaruit volgende nieuwe indeling van het terrein betekent ook dat het gebruik van het terrein verandert. Dit gaat ten koste van een deel van de bomen en ander groen op het terrein. Hoewel het gemeentebestuur begrijpt dat de buurt veel waarde hecht aan het bestaande groen in ‘de achtertuin’ van het huidige kantoorpand, heeft dit bestaande groen geen beschermde status in die zin dat dit te allen tijden als zodanig moet worden gehandhaafd. De visie Noordwestelijk villagebied zet in op het behoud van het groene karakter van de wijk, door behoud van groene voortuinen en groene erfgrenzen. Daarom vindt het gemeentebestuur het belangrijk dat er voldoende groen in de woonomgeving van bewoners aanwezig is en wordt een 3,5 meter brede groenstrook opgenomen in dit bestemmingsplan, grenzend aan de erfgrens van naastgelegen percelen. Daarnaast spreekt de visie Noordwestelijk villagebied inderdaad van een aantal bijzondere percelen met nog aanwezige tuinhistorische waarden, waaronder de Heuvellaan 50. Uit nader cultuurhistorisch onderzoek is gebleken dat, in tegenstelling tot wat in de visie Noordwestelijk villagebied wordt gesuggereerd, de tuin noch de vijver op de Heuvellaan 50 historische zijn.
De vijver en tuin zijn in hun geheel aangelegd in de jaren '80 van de vorige eeuw als tuin bij de bouw van het kantoorgebouw en heeft daarmee geen historische of architectonische waarde. Dit onderzoek is uitgevoerd en heeft onderdeel uitgemaakt van de besluitvorming in de gemeenteraad van het Schetsontwerp transformatie Heuvellaan 50 (september 2021). De argumentatie voor de afwijking op dit punt van de visie Noordwestelijk villagebied is daarbij geleverd en is het besluit daarover genomen.
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
Om de groenzone te borgen wordt naar aanleiding van de zienswijze, zoals gezegd, een inrichtingsplan toegevoegd aan het bestemmingsplan. De aanleg van de nieuwe wadi is één van de instrumenten om het regenwater op de locatie te bufferen. Dit wordt gedaan vanuit het oogpunt van duurzaamheid en klimaatadaptatie. Cliënt stelt dat er meer vraag is naar de bestemming ‘wonen’ De gemeente heeft zowel de bestemming ‘werken’ als 'wonen' in het plangebied ondergebracht. Cliënt stelt zich echter op het standpunt dat de locatie van het plangebied de afgelopen jaren al heeft bewezen niet (meer) aantrekkelijk te zijn als werklocatie gezien de vele leegstand. Dit wordt ondersteund door een advies uit 2019. Daarbovenop komt de coronacrisis. Als gevolg van de coronacrisis is er (nog) minder vraag naar werkruimte en werken veel mensen thuis of werken zij hybride. Als gevolg hiervan is er minder vraag naar kantoorruimte. De gemeente houdt vast aan de rapportage van Ecorys 'Analyse werklocaties Gooi en Vechtstreek’ uit 2020, maar in deze rapportage is de coronacrisis niet meegewogen. Sterker nog, de rapportage was al klaar voordat de coronacrisis begon. Cliënt stelt om die reden dat de rapportage niet (meer) als basis kan dienen voor de bestemming van het plangebied. Hierdoor mist het plan een deugdelijke ruimtelijke onderbouwing. Er moet een nieuw onderzoek en een nieuwe rapportage komen.
Daarnaast is er een gigantisch tekort aan woonruimte in Nederland. Minder bestemming 'werken’ en meer bestemming ‘wonen’ is dus wenselijk in het plangebied. Reactie gemeente Er is onderzoek gedaan naar de behoefte aan kantoor- en bedrijfslocaties. De gemeenteraad heeft in 2021 het Economisch perspectief 2040 aangewezen als bouwsteen voor de Omgevingsvisie. Hierin zijn de effecten van de coronacrisis meegewogen. In dit document (dat ook in de toelichting van het bestemmingsplan is aangehaald in paragraaf 4.4.7) is onder andere geconcludeerd dat er te weinig ruimte is voor ondernemen, werken en ontmoeten in de stad. Het negeren van deze ongunstige ontwikkeling is geen optie, want dit zal tot een negatieve spiraal leiden die niet alleen de Hilversumse economie verder zal schaden, maar ook het (nu nog) gunstige woon- en leefklimaat. Er worden drie type locaties onderscheiden: formele bedrijventerreinen en kantoorlocaties en informele werklocaties. Vastgesteld is dat de formele kantorenlocaties voldoen aan de verwachte ruimtebehoefte en ook kunnen bijdragen aan de regionale ruimtevraag naar kantoorlocaties. Voor de bedrijventerreinen en de informele werklocaties ligt er een ruimtebehoefte waar Hilversum nu nog niet in voorziet. Hier ligt een aanvullende opgave.
Dat het huidige pand aan de Heuvellaan 50 langdurig (gedeeltelijk) leegstond, leidt niet tot de conclusie dat er geen behoefte is aan kantoorruimte. Het bestaande pand is een voorbeeld van een niet-courant gebouw, waardoor het niet aantrekkelijk is voor bedrijven om zich hier te vestigen. Door het bestaande, sterk verouderde pand te vervangen door nieuwe werkruimte die wel goed aansluit op de wensen en behoefte van deze tijd, kan een mooie nieuwe werkplek ontstaan. Dat er behoefte is aan woonlocaties is evident, maar dat geldt ook voor werklocaties. In dit plan worden beide gecombineerd tot een mooie nieuwe woon-werklocatie. Cliënt stelt dat er ernstig tekort is geschoten in de participatie In februari 2019 is er een informatiebijeenkomst geweest over de eventuele herontwikkeling van het plangebied. Bewoners hebben zich destijds verenigd in Stichting Heuvelpark. Ook cliënt was (en is) actief bij de stichting. Na informatiebijeenkomst in 2019 zijn bewoners nergens meer bij betrokken, totdat er in maart 2020 ineens een finaal herontwikkelingsplan lag. In deze periode zijn echter, zonder enkele vorm van participatie, wel belangrijke adviezen afgegeven door de gemeente. Ook een alternatief ingebracht plan door Stichting Heuvelpark is nooit serieus bekeken of beoordeeld. Ook daarna, tot en met de ter inzage legging van dit plan, zijn bewoners niet betrokken.
Cliënt stelt dat de gemeente en de projectontwikkelaar hier steken hebben laten vallen en is erg teleurgesteld in deze gang van zaken. Reactie gemeente Over de planuitwerking en de inpassing van een aantal bestaande fysieke elementen (met name de “vijver”) is tussen de ontwikkelaar en een aantal omwonenden een verschil van inzicht dat - ondanks
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
meerdere pogingen om daar in dialoog samen uit te komen - onoverbrugbaar blijkt. Naar het oordeel van het gemeentebestuur heeft ontwikkelaar Villaheuvel BV voldoende bereidheid getoond en actie ondernomen om via dialoog tot overeenstemming proberen te komen. Alternatieve plannen van bewoners zijn wel beoordeeld maar voldoen niet aan de kaders die door de gemeente vooraf aan de ontwikkelaar zijn meegegeven. Het is de ontwikkelaar dan ook niet aan te rekenen dat deze alternatieve plannen niet tot verdere uitwerking gebracht konden worden. Bij de vaststelling van schetsontwerp transformatie Heuvellaan 50 in oktober 2021 is het participatieverslag als bijlage toegevoegd. Het gemeentebestuur heeft geconstateerd dat de verschillende belangen voldoende in beeld zijn gebracht. Met de vaststelling van het schetsontwerp heeft gemeentebestuur de verschillende belangen gewogen en een besluit genomen. Dit besluit vormt de basis voor het nieuwe bestemmingsplan. Cliënt vreest dat het plan voor geluidsoverlast zorgt Client heeft in 2005 haar woning gekocht, liggende aan een drukke weg aan de voorkant en een rustige tuin aan de achterkant. Sinds mensenheugenis is er nooit gebouwd aan de achterkant van haar woning. Het voorliggende plan zorgt voor een toename van het aantal verkeersbewegingen en dus tot geluidsoverlast. Dit is betrokken in het uitgevoerde akoestisch onderzoek.
Uit het akoestisch onderzoek blijkt echter niks over overige geluidsoverlast. In de aanvullende reflectie van 27 januari 2022 wordt gekeken naar de weerkaatsing van geluid op de achtergevels van de bestaande woningen aan de Godelindeweg als gevolg van de nieuw te bouwen panden/woningen. In de plannen is geen ondergrondse parkeergarage opgenomen. De gemeente/ontwikkelaar kiest voor verharding en parkeerplaatsen op de locatie. Geluiden die daardoor zullen toenemen bij het huis van cliënt zijn: het open- en dichtslaan van autodeuren, draaiende motoren en (overige) geluiden die horen bij het parkeren van auto’s. Dit had ook betrokken moeten worden in het geluidsonderzoek. Daardoor zijn de gevolgen van dit plan niet goed onderzocht. Het akoestisch onderzoek is om die reden niet ruim genoeg uitgevoerd. Het plan is dus niet goed onderbouwd. Er moet onderzocht worden wat de extra geluidseffecten zijn. Het is algemeen bekend dat geluidsoverlast de gezondheid ernstige schade toebrengt. Daarom is aanpassing van het plan noodzakelijk. Er moet een nieuw akoestisch onderzoek worden uitgevoerd, of het huidige akoestisch onderzoek moet worden uitgebreid/aangevuld. Reactie gemeente Het akoestisch onderzoek en de aanvulling daarop gaan over geluidbelasting van het wegverkeer. In eerste instantie gaat het om wegverkeersgeluid dat op de gevels van de nieuwe woningen komt.
Dat onderzoek richt zich op geluid afkomstig van de buitenring, de Godelindeweg en Krugerweg. Die wegen hebben op basis van de Wet geluidhinder een zogenoemde geluidszone. De overige wegen in de omgeving betreffen 30 km wegen zonder geluidzone: de Jacobus Pennweg, de Heuvellaan, de Middenweg, de Hoge Naarderweg en de Steijnlaan. De geluidbelasting door wegverkeer op de buitenring (Godelindeweg en Krugerweg) bedraagt ten hoogste 47 dB na aftrek van 5 dB ex art 110-g Wet geluidshinder op de hoogst geluidbelaste gevel. De voorkeursgrenswaarde van 48 dB wordt daarmee niet overschreden op de gevels van de woningen. Bij het toetsen of sprake is van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat is aangesloten bij het toetsingskader van de Wet geluidhinder. Aan dit toetsingskader wordt voor de gezoneerde wegen zonder maatregelen voldaan. De geluidbelasting door niet gezoneerde 30 km wegen bedraagt ten hoogste 45 dB en ligt daarmee ruim lager dan de voorkeursgrenswaarde van 48 dB uit de Wgh voor gezoneerde wegen. In de zogenoemde notitie reflecties is in aanvulling daarop berekend wat het effect is van het plan op de geluidbelasting van de achtergevels van de bestaande woningen aan de Godelindelaan. Het onderzoek richt zich inderdaad niet op andere vormen van geluidsoverlast. Bijvoorbeeld het geluid van dichtslaande portieren van geparkeerde auto’s.
Dat wordt in de Wet geluidhinder ook niet vereist.
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
Het gemeentebestuur wijst er in dat verband op dat het huidige bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk Villagebied (2010) in artikel 7, lid 1 onder e, in combinatie met artikel 14, de aanleg van parkeerplaatsen mogelijk maakt, zelfs tot aan de erfgrens. Dat is feitelijk niet gerealiseerd maar in theorie wel mogelijk. De woning van reclamant ligt in stedelijk gebied. Ook zonder het nieuwe bestemmingsplan komen in stedelijk gebied ook stedelijke geluiden voor. Het gemeentebestuur is van oordeel dat met het realiseren van het plan er nog steeds sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Een ruimer uitgevoerd akoestisch onderzoek is naar het oordeel van het gemeentebestuur dan ook niet nodig. Cliënt wil graag met de gemeente meedenken over een andere oplossing Cliënt is om die reden ook in alle eerdere stadiums betrokken geweest en heeft meermaals om inspraak verzocht. Zij heeft destijds zelfs een alternatief plan ingebracht. Echter, zij voelt zich in deze niet gehoord. Dit is inmiddels een soort patroon geworden kijkend naar de lopende bouw- en ontwikkeltrajecten binnen de gemeente Hilversum. Reactie gemeente Het gemeentebestuur is het niet eens met de stelling dat reclamant niet is gehoord. Ook in algemene zin gaat die stelling niet op.
Alternatieve plannen van bewoners zijn wel beoordeeld maar voldoen niet aan de kaders die door de gemeente vooraf aan deze locatie zijn gesteld. In dat alternatieve plan is weliswaar een werkfunctie opgenomen, maar niet voor minimaal 50% van het bruto vloeroppervlak van de totale bebouwing. Gelet op het economisch perspectief is dat randvoorwaarde. Daarnaast golden nog andere kaders, onder andere van stedenbouwkundige aard, waar het plan niet aan voldeed. Het gemeentebestuur is het niet eens met het tekortschieten in de participatie door de ontwikkelaar. Het gemeentebestuur vindt dat de ontwikkelaar redelijkerwijs voldoende heeft ondernomen om belanghebbenden tijdig en volledig te informeren. De ontwikkelaar heeft, naar redelijkheid, een constructieve houding aangenomen ten opzichte van de omwonenden. Het gemeentebestuur heeft, zoals gezegd, bij het vaststellen van het schetsontwerp transformatie Heuvellaan 50 in oktober 2021 het participatieverslag betrokken. Het gemeentebestuur heeft daarbij geconcludeerd dat de belangen tijdig in beeld zijn gebracht. De verschillende belangen zijn gewogen. U kunt planschade voorkomen door een aanpassing van het plan Een goede ruimtelijke ordening vraagt dat u het nadeel voor omwonenden zo klein mogelijk houdt.
Cliënt vraagt u het bestemmingsplan niet vast te stellen In ieder geval vraagt zij u rekening te houden met deze zienswijze en het plan aan te passen. Reactie gemeente Het gemeentebestuur is van oordeel dat met het realiseren van het plan er nog steeds sprake is van een goed woon- en leefklimaat. Het risico op planschade als gevolg van de nieuwbouw acht het gemeentebestuur dan ook klein. Het staat uw client vrij om in een later stadium (na in werking treden van het bestemmingsplan) een verzoek om vergoeding van (plan)schade in te dienen bij de gemeente. Conclusie De zienswijze leidt tot een aanpassing in het ontwerpbestemmingsplan. In de regel van de bestemming groen wordt bij de voorwaardelijk verplichting (die er toe leidt dat het gebruik van gronden overeenkomstig de bestemming Gemengd - 1 en de bestemming Wonen niet is toegestaan zonder de aanleg en instandhouding van afschermend groen) toegevoegd dat dit overeenkomstig een inrichtingsplan moet plaatsvinden. Dat inrichtingsplan wordt onderdeel van de regel.
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
4.
Zienswijze reclamant 4, brief van 20 oktober 2022, ontvangen 20 oktober 2022
De zienswijze is ingediend door Stichting Heuvelpark. Stichting Heuvelpark is opgericht in mei 2020 door omwonenden van de Heuvellaan ten behoeve van het behoud van het beschermde parklandschap aan de Heuvellaan 50. In de voorgenomen herontwikkeling van de Heuvellaan 50 is er sprake van een behoorlijke ingreep in een historisch belangrijke omgeving. Vanwege het algemeen belang voor de cultuurgeschiedenis is het Noordwestelijk Villagebied (“Villagebied”) in 2007 door de minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap als Rijksbeschermd stadsgezicht aangewezen in de zin van de Monumentenwet, met als doel: “de karakteristieke, met de historie samenhangende, structuur en ruimtelijke kwaliteit van het gebied te onderkennen als zwaarwegend belang bij verdere ontwikkeling”. Het Villagebied is inmiddels door middel van een beschermd bestemmingsplan (Herziening Noordwestelijk Villagebied, 2010) veiliggesteld, zodat er niet langer naar de waan van de dag mee kan worden omgegaan. Stichting Heuvelpark maakt namens haar leden (“Stichting Heuvelpark”) bezwaar tegen het ontwerp bestemmingplan Heuvellaan 50 te Hilversum (“Ontwerpbestemmingsplan”) en maakt hierbij haar zienswijze kenbaar op basis van de navolgende argumenten:
1. Nadelige gevolgen voor Stichting Heuvelpark Het Ontwerpbestemmingplan Heuvellaan 50 heeft nadelige en schadelijke gevolgen voor Stichting Heuvelpark vanwege: • Aantasting van beschermde groene en tuin-architectonische waarden van het Villagebied; • Aantasting van de leefbaarheid en duurzaamheid van de omgeving door: o Geluidsoverlast, o.a. door toename van het aantal verkeersbewegingen, weerkaatsing van geluid en overlast als gevolg van lucht- en waterpompen; Criminaliteit en (drugs)overlast (in de avond- en nachtelijke uren) als gevolg van leegstaande kantoren). Parkeeroverlast in aangrenzende gebieden en straten als gevolg van parkeerdruk uit het plan en additionele parkeerdruk vanuit het MCO (die voorheen gebruik mocht maken van parkeercapaciteit op de Heuvellaan 50). o
•
Reactie gemeente Ten aanzien van de veronderstelde nadelige gevolgen merkt het gemeentebestuur als eerste op dat het verfijnen van de zogenoemde korrelmaat van bebouwing en verkaveling van Heuvellaan 50 mede als doel heeft om de locatie beter aan te laten sluiten bij het beeld van het beschermd stadsgezicht. Hierbij neemt het totaal toegestane aantal vierkante meters bruto vloeroppervlak niet toe. De daaruit volgende nieuwe indeling van het terrein betekent ook dat het gebruik van het terrein verandert. Dit gaat ten koste van een deel van de bomen en ander groen op het terrein. Het gemeentebestuur begrijpt dat de buurt veel waarde hecht aan de bestaande situatie van het groen en de tuin maar is van oordeel dat het bestaande groen zelf geen beschermde status heeft in die zin dat dit te allen tijden dit als zodanig moet worden gehandhaafd. De visie Noordwestelijk villagebied zet in op het behoud van het groene karakter van de wijk, door behoud van groene voortuinen en groene erfgrenzen. Dat groene karakter wordt met het nieuwe plan ook beoogd, zij het met een andere ‘invulling’. Betreffende de architectonische waarden van de tuin en de vijver is uit onderzoek gebleken dat dit, in tegenstelling tot wat in de visie Noordwestelijk villagebied wordt gesuggereerd, geen historische tuin en vijver is.
Deze zijn aangelegd in de jaren '80 van de vorige eeuw en hebben daarmee geen historische of architectonische waarde.
Zienswijzen- en wijzigingennota ontwerpbestemmingsplan Heuvellaan 50
In verband met de nieuwe situatie is akoestisch onderzoek gedaan. Daarbij is bekeken in welke mate zogenoemd reflectiegeluid optreedt van het verkeer op de achtergevels van de woningen aan de Godelindeweg. Berekend is wat het effect is van het plan op de geluidbelasting van de achtergevels van de bestaande woningen aan de Godelindeweg. Daarbij is het verschil in geluidbelasting in de situatie na het realiseren van de nieuwbouw en in een situatie zonder het plan berekend. Uit de berekeningen blijkt dat de geluidbelasting door alle wegen samen op de achtergevels van bestaande woningen met 1 tot 6 dB toe neemt door die reflecties van de achterliggende nieuwbouw. De geluidbelasting door alle wegverkeer samen is niet hoog in de huidige situatie. Na realisatie van het plan zal het geluidsniveau op 42 - 48 dB liggen. Dat is ruim beneden de voorkeursgrenswaarde van 53 dB (zonder aftrek die als toetswaarde kan worden gehanteerd). Het gemeentebestuur constateert dat dit een verandering van de geluidssituatie met zich meebrengt maar is van oordeel dat ook in de nieuwe situatie sprake zal blijven van een goed woonen leefklimaat. Het gemeentebestuur wijst er op dat het huidige bestemmingsplan Herziening Noordwestelijk Villagebied (2010) in artikel 7, lid 1 onder e, in combinatie met artikel 14, de aanleg van parkeerplaatsen mogelijk maakt, zelfs tot aan de erfgrens.