CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 2. Bijlagendocument Economische Visie Hilversum

GEMEENTERAAD 10 juni 2026, gemeente HilversumBij agendapunt: Economische Visie (1710506)21.863 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

Indiener vraagt om een aparte strategische benadering voor winkelgebieden, centra en hun aanloopgebieden.

Het centrum en de aanloopgebieden zijn verwerkt in de actielijn Centrum in de EV/UA. Voor de Gijsbrecht en de Havenstraat: zie de betreffende zienswijzen in deze nota. De overige winkelgebieden zijn impliciet opgenomen in de EV (actielijn Centrum). Voor alle winkelgebieden is het gemeentelijk detailhandelsbeleid van toepassing.

Zie zienswijzen Gijsbrecht en Havenstraat voor aanpassingen in EV/UA.

PE algemeen 5

Indiener wil als structurele overleg‑ en adviespartner vroegtijdig betrokken zijn en vraagt om vaste adviesmomenten bij economische en ruimtelijke dossiers (gebiedsagenda’s, transformatie/functiemenging, mobiliteit/parkeren, warmte/netcongestie).

In de EV is het Platform reeds als partner gepositioneerd. Wij werken deze partnerrol nader uit: met structurele, vroegtijdige advies‑ en overlegmomenten, zodat het Platform aan de voorkant betrokken is bij dossiers met economische impact.

EV (aansturing en monitoring): verduidelijkende zin dat het om nadere invulling van de bestaande partnerrol gaat, inclusief vroegtijdige betrokkenheid. In deze gesprekken nemen we ook de raadsagenda mee, zodat we vooruit kunnen kijken. UA (actielijn Een verbindend ondernemersklimaat): actie Advies‑ en overlegprotocol Platform Economie uitbreiden met frequentie, formats en processtappen.

BIJLAGENDOCUMENT - ECONOMISCHE VISIE HILVERSUM

46

I<

INDIENER

SAMENVATTING ZIENSWIJZE

BEANTWOORDING ZIENSWIJZE

INDIEN AANPASSING, OP WELKE WIJZE

PE algemeen 6

Indiener vraagt om ondersteuning professionalisering Platform Economie, waaronder secretariaat (meerjarenmiddelen).

In de UA zijn reeds middelen opgenomen voor de professionaliseringsslag van het Platform. De zienswijze vraagt niet om extra budget, maar om nadere invulling van deze reeds begrote professionalisering: structurele ondersteuning (secretariaat), een jaarlijkse cyclus van jaarplan/jaarverslag en een transparante overleg‑/adviesstructuur. Dit sluit aan op de ontwerp‑EV (partnerrol Platform) en op de UA‑actie ‘Professionalisering Platform Economie’.

UA (actielijn Een verbindend ondernemersklimaat): ‘Professionalisering Platform Economie’ expliciet opnemen: secretariaat, jaarplan + jaarverslag en een vast overleg‑/adviesprotocol (momenten, formats, doorgeleiding adviezen).

PE algemeen 7

Indiener vraagt om een duidelijke terugkoppelings- en verantwoordingsstructuur richting college en raad.

In de EV is het Platform al als partner gepositioneerd en is monitoring voorzien; wij werken dit nader uit met een vaste rapportage‑ en adviescyclus: het Platform levert periodiek advies- en voortgangsbrieven. Jaarlijks rapporteren we publiek over voortgang en indicatoren (o.a. leegstand, saldo werk‑m²).

EV (aansturing en monitoring): toevoegen dat het Platform halfjaarlijks adviseert en dat jaarlijkse voortgangsrapportage (incl. kernindicatoren) aan college en raad wordt uitgebracht. UA (actielijn Een verbindend ondernemersklimaat): uitwerking in advies‑ en overlegprotocol met formats (adviesbrief, voortgangsbrief), planning (min. twee keer per jaar) en doorgeleidingsafspraak via het college aan de raad.

PE algemeen 8

Indiener vindt dat de samenwerking met het Platform Economie moet worden erkend als co‑creatie, met gezamenlijke verantwoordelijkheid voor inhoud en uitvoering, en verantwoording richting college en raad.

In de EV is reeds vastgelegd dat het Platform Economie een partner is in de ontwikkeling en uitvoering van het economisch beleid. In de bijlage bij de visie wordt bovendien uitgebreid beschreven hoe de visie in co‑creatie met ondernemers en partners tot stand is gekomen. Wij sluiten hierop aan door te bevestigen dat we deze werkwijze voortzetten: samenwerking in co‑creatie, met duidelijke wederzijdse rollen, periodieke afstemming en transparante terugkoppeling.

UA: dit wordt nader ingevuld via werkafspraken per actielijn en via het advies‑ en overlegprotocol, als praktische uitwerking van de reeds in de EV vastgelegde partnerrol.

PE algemeen 9

Indiener vraagt om: integrale beleidsontwikkeling over domeinen heen; structurele economische toetsing van majeure beleidskeuzes; vroegtijdige betrokkenheid van ondernemers; communicatie en participatie in duidelijke taal; uitvoerbaarheid en investeringsimpact voor ondernemers expliciet meewegen.

Deze punten sluiten aan bij de uitgangspunten van de ontwerp‑EV: integraliteit tussen domeinen, een partnerrol voor ondernemers en aandacht voor uitvoerbaarheid en economische effecten. In deze lijn nemen wij de genoemde uitgangspunten mee in de verdere samenwerking met het Platform Economie: we werken gebieds- en thema‑overstijgend, betrekken ondernemers vroegtijdig, communiceren duidelijk en begrijpelijk, en wegen de uitvoerbaarheid en investeringsgevolgen van beleid expliciet mee. Dit betreft een bevestiging van de bestaande EV‑koers en leidt daarom niet tot tekstuele aanpassing van de visie.

Wij danken u voor uw inbreng. Uw punten sluiten goed aan bij de uitgangspunten van de Economische Visie, zoals integraal werken, samenwerking met ondernemers en aandacht voor uitvoerbaarheid en economische effecten.

BIJLAGENDOCUMENT - ECONOMISCHE VISIE HILVERSUM

We nemen deze lijn mee in de verdere samenwerking, onder andere door ondernemers vroeg te betrekken, helder te communiceren en de uitvoerbaarheid en investeringsgevolgen expliciet af te wegen. Omdat dit aansluit bij de bestaande koers, leidt dit niet tot aanpassing van de visie.

47

I<

INDIENER

SAMENVATTING ZIENSWIJZE

BEANTWOORDING ZIENSWIJZE

INDIEN AANPASSING, OP WELKE WIJZE

Gijsbrecht 1

Indiener stelt dat De Gijsbrecht feitelijk functioneert als binnenstedelijk winkelgebied met regionale uitstraling en vraagt om het gebied niet langer te positioneren als ‘ondersteunend lint’, maar als integraal onderdeel van de verruimde binnenstadstructuur.

We erkennen de Gijsbrecht als bruisende binnenstedelijke winkelstraat met bovenwijkse/regionale aantrekkingskracht en als sterk economisch cluster binnen de voorzieningenstructuur.

Tekstuele verduidelijking EV, geen koerswijziging: In de toelichting bij actielijn Centrum benoemen we de Gijsbrecht expliciet als bruisende binnenstedelijke winkelstraat en sterk economisch cluster met bovenwijkse/regionale uitstraling. De naam van de actielijn blijft Centrum om de beleidsfocus te behouden.

Tegelijk houden we in de visie focus: de actielijn blijft Centrum, met concentratie op het compacte hoofdwinkelgebied, gebiedsprofielen voor aanloopstraten en aanpassing van het omgevingsplan om de gewenste ontwikkelrichting te borgen. Binnen dit kader benoemen we de Gijsbrecht expliciet als sterk binnenstedelijk winkelgebied dat we in uitvoering betrekken bij de gebiedsprofielen en acquisitiestrategie. We sluiten hiermee ook aan op de bestaande detailhandelsstructuur zoals vastgelegd in gemeentelijk, regionaal en provinciaal detailhandelsbeleid.

Gijsbrecht 2

Indiener verzoekt om de actielijn Centrum te hernoemen tot actielijn Binnenstedelijke Centra, waarbij de Gijsbrecht expliciet als tweede ankerpunt wordt benoemd.

Wij waarderen de ambitie om de Gijsbrecht als sterk winkelgebied en economisch cluster nadrukkelijker te positioneren. Tegelijk is het vanuit de EV belangrijk om focus te houden op een compact hoofdwinkelgebied en de doorontwikkeling van het centrum als primaire kern, zoals ook onderbouwd in de uitvoeringsagenda (gebiedsprofielen, concentratie, omgevingsplan).

EV: geen wijziging van de actielijnnaam. Wij nemen in de toelichtende tekst bij actielijn Centrum op dat de Gijsbrecht een sterke binnenstedelijke winkelstraat/tweede winkelgebied is en een economisch anker buiten het primaire centrumgebied. Aanpassing betreft deze tekstuele verduidelijking, niet de structuur van de visie.

Gijsbrecht 3

Indiener vraagt om gelijkstelling investeringsregelingen. Verzoekt om regelingen voor vergroening, gevelverbetering en duurzaamheid (nu centrum- en werklocaties-georiënteerd) ook open te stellen voor de Gijsbrecht als tweede winkelgebied/sterk economisch cluster.

We herkennen deze wens en begrijpen dat de Gijsbrecht, als sterk winkelgebied, belang hecht aan toegang tot dit type regelingen. We doen hierover geen directe toezegging. Voor o.a. het centrum is de gebiedsagenda Centrum vastgesteld, we gaan ervan uit dat u deze bedoelt.

Wij danken u voor uw inbreng. Uw ideeën zijn waardevol en nemen wij graag mee in een gesprek, waarin we samen verkennen waar en hoe deze kunnen worden opgepakt. De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de EV/ UA.

In de startnotitie Gebiedsgericht werken wordt toegelicht hoe de gemeente het opstellen van gebiedsagenda’s verder oppakt. Wel gaan we graag met de ondernemers van de Gijsbrecht in gesprek om gezamenlijk te verkennen óf en zo ja hoe we aan deze wens kunnen voldoen, passend binnen de beleidskaders en uitvoeringsmogelijkheden.

BIJLAGENDOCUMENT - ECONOMISCHE VISIE HILVERSUM

48

I<

INDIENER

SAMENVATTING ZIENSWIJZE

BEANTWOORDING ZIENSWIJZE

INDIEN AANPASSING, OP WELKE WIJZE

Gijsbrecht 4

Gebiedsmanagement/BIZ Gijsbrecht

We erkennen de professionele structuur van de BIZ Gijsbrecht en de groeiende opgave die bij dit winkelgebied hoort. We doen hierover geen directe financiële of structurele toezegging. Dit vraagt om weging binnen de bestaande subsidie-, beleids‑ en begrotingskaders en het uitvoeringsspoor van de EV/UA. We gaan graag met de BIZ in gesprek om óf en zo ja hoe we de positie in overleg‑ en uitvoeringsstructuren (en de aansluiting op bestaande instrumenten) passend kunnen vormgeven, aansluitend op de actielijn Centrum en de samenwerkings-/netwerklijn in de UA.

Dank voor uw betrokkenheid en de inzet vanuit de BIZ Gijsbrecht. Op dit moment doen we geen directe financiële of structurele toezeggingen, want dit vraagt om een zorgvuldige afweging binnen de bestaande kaders en het uitvoeringsspoor van de EV/UA. We gaan hierover graag met u in gesprek om te verkennen óf en zo ja hoe we de samenwerking en aansluiting op bestaande instrumenten passend kunnen vormgeven. De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de EV/UA.

We erkennen de volwaardige positie van de Gijsbrecht in de stadsbrede marketing en de onderscheidende evenementenkwaliteit (profilering van Hilversum als één bestemming sluit hier logisch bij aan). In de ontwerp‑UA is het centrum-/marketing‑spoor al gericht op gezamenlijke branding en programmering en het inzetten van evenementen als katalysator. Voor evenementen op de Gijsbrecht doen we nu geen directe toezegging over werkwijze of kostenverdeling, dit vraagt om afstemming binnen de bestaande beleids‑ en begrotingskaders (o.a. vergunningen/logistiek, openbare ruimte, omgevingsplan) en de lijn voor gebiedsgericht werken.

We gaan hierover graag in gesprek met de gebiedsorganisatie en Hilversum Marketing om te verkennen óf en zo ja hoe we de facili­tering en afstemming van evenementen op de Gijsbrecht kunnen verbeteren binnen de UA‑lijnen (branding/jaarka­lender, programmering, bereikbaarheid/afsluitingen). De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de EV/UA.

We waarderen de professionele inzet van de Gijsbrecht en herkennen de sterke resultaten op leegstandsbeperking en kwaliteitssturing. De ontwerp‑UA en het detailhandelskader (2017) gaan uit van concentratie van winkelvoorzieningen en bieden via gebiedsprofielen ruimte om transformatie van versnipperde winkel-/ horecalocaties te stimuleren wanneer de economische potentie onvoldoende is. Dit sluit aan bij de wens om in de woonwijken rondom en op de Gijsbrecht functionele herstructurering (zoals wonen boven winkels) mogelijk te maken. Voor formele werklocaties blijft het principe ‘ja, mits’ leidend, voor informele versnipperde locaties kan in de gebiedsprofielen – op basis van feiten en potentie – gebiedsgericht worden afgeweken. We gaan hierover graag in gesprek met de Gijsbrecht.

Wij danken u voor uw inbreng. Uw ideeën zijn waardevol en nemen wij graag mee in een gesprek, waarin we samen verkennen waar en hoe deze kunnen worden opgepakt. De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de EV/ UA.

Indiener verzoekt om de professionele structuur van de BIZ Gijsbrecht ruimer op te nemen in de structurele overleg‑ en subsidiestructuren voor gebiedsmanagement (meer in verhouding met de mogelijkheden van de centrumorganisatie). Daarbij wordt gewezen op een ongewijzigde subsidie voor gebiedsmanagement (ca. € 9.000/jaar sinds >10 jaar) terwijl de organisatie is gegroeid (van ongeveer 120 ondernemers in de plint naar ongeveer 220 ondernemers incl. vastgoedeigenaren). Gijsbrecht 5

Marketing en evenementen Indiener noemt dat gebiedsmanagementorganisatie van de Gijsbrecht investeert in het Meerjaren Marketingplan Retail & Horeca (samen met Hilversum Marketing en andere winkelgebieden) en volwaardig onderdeel van de campagnes is. Volgens indiener zien bezoekers Hilversum als één bestemming en moet marketing dit faciliteren. Daarnaast is volgens indiener extra aandacht nodig om evenementen op de Gijsbrecht te faciliteren; de kwaliteit staat volgens indiener onder druk door o.a. kosten en verantwoordelijkheden rond straatafsluiting en effecten van het (tijdelijke) omgevingsplan.

Gijsbrecht 6

Indiener stelt dat de BIZ‑organisaties op de Gijsbrecht aantoonbaar investeren in vitaliteit (branchering, bidbook, kwalitatieve invulling van leegstand) met zeer lage leegstand en een stijgende kwaliteitsmix als resultaat. Volgens indiener vragen zij ruimte om wonen boven winkels te faciliteren (transformatie van opslag/kantoor) én om in versnipperde informele winkel-/horecalocaties in omliggende woonwijken gerichte transformatie via gebiedsprofielen aan te moedigen. Daarbij onderschrijven zij ‘nee, tenzij’ voor formele werklocaties, maar vragen voor informele versnipperde locaties om een gebiedsgericht onderbouwde uitzondering.

BIJLAGENDOCUMENT - ECONOMISCHE VISIE HILVERSUM

49

I<

INDIENER

SAMENVATTING ZIENSWIJZE BEANTWOORDING ZIENSWIJZE

INDIEN AANPASSING, OP WELKE WIJZE

Havenstraat en Vaartweg 1

Indiener stelt voor de Havenstraat in de EV te herpositioneren als volwaardig binnenstedelijk gebied met eigen profiel (geen ‘aanloopstraat’).

De Havenstraat maakt formeel geen onderdeel uit van het centrumgebied Hilversum (sinds de Centrumvisie is vastgesteld in 2017). We erkennen expliciet de bijzondere positie als volwaardig binnenstedelijk gebied met een eigen profiel (o.a. horeca, sport, wellness/beauty, ambacht en gespecialiseerde retail) en met een zelfstandige aantrekkingskracht. Dit past binnen de EV‑actielijn van compact centrum + gebiedsprofielen.

EV (tekstuele verduidelijking, geen koerswijziging): in de toelichting bij actielijn Centrum nemen we op dat de Havenstraat een binnenstedelijke stadsstraat met eigen profiel is binnen het centrumgebied. Profilering wordt geborgd via gebiedsprofielen.

Havenstraat en Vaartweg 2

Indiener verzoekt om drie aanvullingen in de UA:

Eerste stap (eenmalig): projectopdracht Havenstraat

Toevoeging in UA: zie de voorgestelde stappen.

(1) O  pstellen van een gebiedsagenda Havenstraat 2027-2030. (2) B  orgen van integrale afstemming tussen alle lopende en geplande projecten rond de Havenstraat. (3) E xpliciete uitvoering van de motie ‘Maak werk van de Havenstraat’ (nov. 2024).

We starten met het opstellen van één integrale projectopdracht Havenstraat. Deze opdracht bundelt de lopende trajecten en beschikbare budgetten, legt het principe ‘werk met werk maken’ vast, en beschrijft scope, fasering, capaciteit, rolverdeling en besluitmomenten. De projectopdracht vormt de basis voor de onderstaande vier aanpassingen. In de startnotitie Gebiedsgericht werken wordt toegelicht hoe de gemeente het opstellen van gebiedsagenda’s verder oppakt. 1. Project Havenstraat 2027-2030: (a) Opnemen als verkenningsactie in de UA, met expliciet besluitpunt over nut/ noodzaak, scope, planning en financiële dekking (géén directe toezegging).

(b) V  erkenning sluit aan op de systematiek Gebiedsgericht werken en de aanDaarnaast wordt verzocht om vóór pak zoals gehanteerd bij vergelijkbare verzoeken (o.a. Gijsbrecht). de zomer van 2027 duidelijkheid 2. Integrale afstemming lopende projecten: over fasering en regie te geven. (a) Nieuwe uitvoeringsactie ‘Integrale afstemming Havenstraat‑projecten’ (regietafel, gezamenlijke planning, mijlpaaloverzicht per project). (b) K  oppeling van o.a. doorfietsroute Wijdemeren-Hilversum, Drie Eikenplein, opknap Oude Haven, koele groene route, autoluwe (c) binnenstad/Ring‑30; nadruk op stapeling i.p.v. uitstel. (d) J aarlijkse voortgangsrapportage binnen de UA. 3. Uitvoering van aangehouden motie ‘Maak werk van de Havenstraat’: (a) Monitoring en jaarlijkse terugkoppeling via de UA‑voortgang; uitvoering sluit aan op de integrale afstemming (punt 2) en de duiding in de collegebrief. 4. Collegeverzoek: fasering & regie vóór zomer 2027: (a) Nieuwe UA‑mijlpaal: ‘Fasering en regie Havenstraat – collegebesluitvorming en publicatie vóór zomer 2027’. (b) B  evat integraal overzicht van projecten, bundelkansen (werk met werk), fasering, verantwoordelijkheden en dekking; gekoppeld aan de uitvoeringsactie integrale afstemming.

BIJLAGENDOCUMENT - ECONOMISCHE VISIE HILVERSUM

50

I<

INDIENER

SAMENVATTING ZIENSWIJZE

BEANTWOORDING ZIENSWIJZE

INDIEN AANPASSING, OP WELKE WIJZE

Platform Economie 3.0: vertegenwoordiging ondernemers (PE)

Indiener onderschrijft de ambitie van de EV, maar vraagt aandacht voor een betere balans tussen ruimte voor wonen en ruimte voor werken, omdat volgens indiener het economische fundament van de stad anders onder druk kan komen te staan.

De gemeente onderschrijft het belang van voldoende ruimte voor werken voor een sterke en veerkrachtige economie. In de EV is dit expliciet opgenomen als actielijn Ruimte voor werken: balans en behoud. Daarbij wordt ingezet op het behouden en beter benutten van bestaande werklocaties, het stimuleren van functiemenging waar passend en een zorgvuldige afweging bij transformatie van werkfuncties. De gemeente blijft zich inzetten voor een evenwichtige balans tussen wonen en werken.

Wij danken u voor uw inbreng. Uw ideeën zijn waardevol en nemen wij graag mee in een gesprek, waarin we samen verkennen waar en hoe deze kunnen worden opgepakt. De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de EV/UA.

PE 2

Indiener waardeert dat het Platform Economie wordt genoemd in de EV en UA, maar geeft aan dat dit volgens hem nog onvoldoende recht doet aan de positie van het Platform als vertegenwoordiging van de georganiseerde ondernemersgebieden.

Het Platform Economie wordt in de EV gepositioneerd als structurele partner en klankbord bij de uitvoering van de EV, waarin periodiek de voortgang wordt besproken. Zie ook reactie PE Algemeen 4 en 5.

Zie reactie PE Algemeen 4 en 5.

PE 3

Indiener pleit voor een strengere benadering bij Zie reactie PE Algemeen 1. transformatie van werklocaties naar wonen en verzoekt om het uitgangspunt ‘nee, tenzij’ toe te passen in plaats van ‘ja, mits’. Indiener verzoekt om het behoud van werklocaties naast woningbouw als expliciet uitgangspunt te benoemen en dit te onderbouwen met meetbare doelen.

Zie reactie PE Algemeen 1.

PE 4

Indiener pleit voor een aparte strategische benadering voor winkelgebieden, centra en hun aanloopgebieden.

In de EV/UA wordt dit punt voor het centrum en de aanloopgebieden verwerkt via actielijn Centrum, en expliciet uitgewerkt in de afzonderlijke reacties in deze nota voor de Gijsbrecht en de Havenstraat. Overige winkelgebieden zijn (impliciet verwerkt) in de EV via de actielijn Centrum en in het detailhandelsbeleid.

Zie reactie Gijsbrecht 1 t/m 6 en Havenstraat 1 t/m 3.

PE 5

Indiener vraagt om in de EV explicieter te beschrijven wat wordt bedoeld met ‘slaapstadvorming’ en welke mogelijke gevolgen dit kan hebben voor banen, voorzieningen, mobiliteit en economische veerkracht.

De EV benoemt niet expliciet het risico van ‘slaapstadvorming’, maar adresseert dit impliciet door te sturen op:

Een evenwichtige stedelijke ontwikkeling vraagt om een goede balans tussen wonen, werken en voorzieningen. Wanneer het aantal woningen sneller groeit dan het aanbod van banen en economische functies, kan dit de draagkracht van de stad onder druk zetten. Dit uit zich onder andere in een afname van lokale werkgelegenheid en leerwerkplekken en een toename van woonwerkverkeer. Ook kan de economische veerkracht en het ondernemend ecosysteem van de stad hierdoor verzwakken. Hilversum kiest er daarom bewust voor om zich te blijven ontwikkelen als woon- én werkgemeente. In lijn met de Omgevingsvisie Hilversum 2040 sturen we op het behoud en versterken van werkgelegenheid, een gezonde woon-werkbalans en vitale voorzieningen in de stad. De inzet op ruimte voor werken draagt bij aan een levendige, zelfvoorzienende en toekomstbestendige stad, waarin wonen, werken en leefkwaliteit elkaar versterken.

PE 1

• behoud van ruimte voor werken, • een goede woon-werkbalans, • een brede en veerkrachtige economie • en het behoud van stadsverzorgende bedrijvigheid. Bij Ruimte voor werken voegen we een tekstpassage toe om dit meer te benadrukken.

BIJLAGENDOCUMENT - ECONOMISCHE VISIE HILVERSUM

51

I<

INDIENER

SAMENVATTING ZIENSWIJZE

BEANTWOORDING ZIENSWIJZE

INDIEN AANPASSING, OP WELKE WIJZE

PE 6

Indiener pleit voor een duidelijk onderscheid in beleid tussen formele en informele werklocaties. Formele werklocaties zouden volgens indiener sterker beschermd moeten worden, terwijl bij informele werklocaties ruimte kan zijn voor gebiedsgericht maatwerk, bijvoorbeeld bij het aanpakken van leegstand.

De ontwerp-EV maakt onderscheid tussen verschillende typen werklocaties door in te zetten op behoud en versterking van formele werklocaties, terwijl in gemengde gebieden ruimte blijft voor gebiedsgericht maatwerk bij de afweging tussen wonen en werken.

Wij danken u voor uw inbreng. Uw ideeën zijn waardevol en nemen wij graag mee in een gesprek, waarin we samen verkennen waar en hoe deze kunnen worden opgepakt. De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de EV/UA.

De EV benoemt leegstand in het centrum en winkelgebieden als aandachtspunt en zet in op functiemenging (werkfuncties), tijdelijk gebruik van leegstaande panden en het aanpakken van versnipperd eigendom om de vitaliteit van het centrum te versterken. De EV gaat uit van een zorgvuldige en gebiedsgerichte afweging bij transformatie, waarbij per locatie wordt gekeken naar de balans tussen wonen, werken en andere functies. Zie reactie PE Algemeen 1.

Zie reactie PE Algemeen 1.

PE 7

Indiener verzoekt om een actueel en publiek overzicht van transformaties van werkruimte naar wonen sinds 2010, inclusief informatie over locatie, omvang, besluitvorming en eventuele compensatie.

PE 8

Indiener vraagt om duidelijkere definities en voorwaarden De gemeente onderschrijft het belang van duidelijkheid voor tijdelijke transformatie, inclusief borging dat over tijdelijke functies. Tijdelijke invullingen worden per werkfuncties na afloop daadwerkelijk kunnen terugkeren. locatie zorgvuldig afgewogen en juridisch vastgelegd via de daarvoor beschikbare instrumenten binnen het omgevingsrecht. Daarbij wordt rekening gehouden met de gewenste ruimtelijke en economische ontwikkeling van het gebied.

Wij danken u voor uw inbreng. Uw ideeën zijn waardevol en nemen wij graag mee in een gesprek, waarin we samen verkennen waar en hoe deze kunnen worden opgepakt. Voor borging: zie reactie OVHZW 7. De zienswijze leidt verder niet tot aanpassingen van de EV/ UA.

PE 9

Indiener geeft aan dat andere gemeenten werklocaties sterker beschermen en verzoekt om ook in Hilversum een duidelijk beschermingsregime met toetsingskader en compensatie-eisen op te nemen.

Zie reactie PE Algemeen 1 en PE Algemeen 2.

Zie reactie PE Algemeen 1 en PE Algemeen 2.

Centrum 1

Indiener verzoekt het centrum niet alleen te positioneren als levendig hart, maar nadrukkelijker als economische kern en grootste gemengde werklocatie van Hilversum, inclusief aandacht voor economische dynamiek, investeringsklimaat en de rol van het Ambitieplan.

Deze punten zijn verwerkt in de ontwerp‑EV en UA. Mede dankzij het participatieproces is het centrum als aparte actielijn (actielijn 3) opgenomen, met expliciete aandacht voor de economische rol van het centrum, gebiedsprofielen, compacter centrum, functiemenging, placemaking en acquisitie.

Wij danken u voor uw inbreng. Uw ideeën zijn waardevol en nemen wij graag mee in een gesprek, waarin we samen verkennen waar en hoe deze kunnen worden opgepakt. De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de EV/ UA.

Het Ambitieplan Centrum wordt in de visie erkend als een richtinggevend document en vormt in de UA een onderlegger voor uitvoering (herijking gebiedsagenda, placemaking, sfeergebieden, samenwerking en BIZ verkenning). Niet op alle thema’s in het ambitieplan is overeenstemming met gemeentelijk beleid. De economische betekenis van het centrum (gemengde werkfunctie, cultuur, horeca, diensten, creatieve bedrijvigheid) is daarmee structureel geborgd.

BIJLAGENDOCUMENT - ECONOMISCHE VISIE HILVERSUM

52

I<

INDIENER

SAMENVATTING ZIENSWIJZE

BEANTWOORDING ZIENSWIJZE

Centrum 2

Indiener geeft aan dat ondernemers urgentie en De ontwerp‑EV en UA geven hier reeds invulling aan. De uitvoeringskracht verwachten, en vraagt hoe beleid wordt actielijn Centrum bevat operationele acties: actualiseren vertaald naar concrete resultaten. gebiedsagenda Centrum, compactere hoofdwinkelstructuur, gebiedsprofielen, acquisitiestrategie, tijdelijke invullingen, herzien horeca/terrassenbeleid en versterking citymarketing.

INDIEN AANPASSING, OP WELKE WIJZE Dank voor uw betrokkenheid. We erkennen het belang van uitvoeringskracht en werken hierin samen met de centrumorganisatie en het eventuele toekomstige BIZ-model. De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de EV/UA.

De UA voorziet daarnaast in monitoring via de Monitor Economie, waaronder indicatoren voor leegstand, centrum­ beleving, bezoekersstromen en economische vitaliteit. Uitvoeringskracht wordt versterkt door: (1) Specifieke middelen via de UA (2) Professionalisering centrummanagement/BIZ‑verkenning (3) K  oppeling met investeringsprojecten (Stationsgebied/ Kerkbrink/Gooische Brink). De gemeente erkent het belang van uitvoeringskracht en werkt hierin samen met de centrumorganisatie en het verwachte toekomstige BIZ model. Centrum 3

Indiener vraagt om het centrum expliciet te koppelen aan bereikbaarheid via auto, fiets, OV, parkeren, routing en logistiek. Bereikbaarheid is volgens indiener geen verkeersdossier, maar een economische randvoorwaarde, zeker met verdere verdichting, functiemenging en de ambitie van een compact, levendig en economisch sterk centrum zoals opgenomen in de EV en het Ambitieplan van het centrum zelf.

De ontwerp‑EV erkent reeds dat mobiliteit, bereikbaarheid en verblijfslogistiek belangrijke randvoorwaarden zijn voor economische vitaliteit, en benoemt centrumontwikkelingen en investeringen (Stationsgebied, looproutes, verblijfskwaliteit) als cruciale versterkers. In de UA worden bereikbaarheidselementen opgepakt in meerdere actielijnen, waaronder: Centrum (gebiedsprofielen, customer journey, wayfinding), Media Park/ Stationsgebied/Sportpark/Arenapark (verbindingen), en Ondernemersklimaat (rode loper-aanpak).

Dank voor uw betrokkenheid en de aandacht voor bereikbaarheid en mobiliteit. We begrijpen het belang dat u hieraan hecht voor een vitaal centrum. In de EV is dit ook meegenomen als belangrijke randvoorwaarde. In de UA wordt hieraan gewerkt via verschillende actielijnen. De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de EV/ UA.

De zorgen over de specifieke ingrepen (bijvoorbeeld Noordse Bosje / Silverpoint) vallen onder de behandeling van mobiliteit/ruimtelijke plannen en worden daar integraal meegewogen. De bereikbaarheid van het centrum wordt meegenomen in de herijking gebiedsagenda Centrum en in de koppeling met grote gebiedsontwikkelingen (Stationsgebied, Kerkbrink/Gooische Brink). De EV benoemt bereikbaarheid als randvoorwaarde en vormt daarmee een consistent kader.

BIJLAGENDOCUMENT - ECONOMISCHE VISIE HILVERSUM

53

I<

INDIENER

SAMENVATTING ZIENSWIJZE

Centrum 4

Indiener stelt dat economische gebieden, waaronder het In 2026 worden extra capaciteit en middelen beschikbaar gecentrum, financiële versterking nodig hebben met het oog steld vanuit gemeente en provincie voor de vorming van een op verdere professionalisering. BIZ in het centrum. Hierbij is Ambitieplan Centrum erkend als bouwsteen, met als opmerking dat er op onderdelen van het ambitieplan (bv. mobiliteit) verschil is met gemeentelijk beleid. Het ambitieplan is niet vastgesteld door het college.

Wij danken u voor uw inbreng. Uw ideeën zijn waardevol en nemen wij graag mee in een gesprek, waarin we samen verkennen waar en hoe deze kunnen worden opgepakt. De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de EV/UA.

20 Million Smiles, Meentwerf

Indiener steunt de ambitie voor een breed broedplaatsenbeleid en vraagt aandacht voor de onderstaande punten bij verdere uitwerking en besluitvorming. Verder verzoekt indiener om niet te vervallen in definities/labels van broedplaatsen (economisch/creatief/maatschappelijk). Indiener heeft ook diverse aandachtspunten voor de beleidsuitwerking (= broedplaatsenbeleid).

We herkennen de punten. Juist met een breed broedplaatsenbeleid willen we voorkomen dat we in definities en labels blijven hangen. We zetten in op kernwaarden (betaalbaarheid, toegankelijkheid, samenwerking, bijdrage aan het stedelijk ecosysteem) en op wat in de praktijk werkt. De ontwerp‑EV en UA leggen de basis: het beleid wordt ontwikkeld. Tijdelijk gebruik is daarbij een van de middelen, geen doel op zich. In de beleidsuitwerking nemen we waar mogelijk de genoemde aandachtspunten (definitienuchterheid, verhouding tijdelijk/structureel, betaalbaarheid en borging) mee. We trekken hierbij indien mogelijk en wenselijk op met lokale broedplaatscollectieven, naast vastgoedeigenaren en (andere) deskundigen.

UA (actielijn Ondernemersklimaat): toevoegen lokale broedplaatscollectieven als partner bij het ontwikkelen van breed broedplaatsenbeleid. De tekst over Werf35 in actielijn Ruimte voor werken aanpassen.

Coöperatie Indiener verzoekt netcongestie expliciet te erkennen Toekomstbestendig als randvoorwaarde voor economische ontwikkeling en Hilversum 1 energietransitie.

In de ontwerp‑EV (actielijn Ruimte voor werken) wordt netcongestie als knelpunt benoemd (o.a. op Zuidwest), met impact op economische ontwikkeling en verduurzaming; we maken dit explicieter als knelpunt voor economische ontwikkeling in de definitieve versie.

EV: in inleiding van Basis en Koers: Extra opnemen dat het knelpunt van netcongestie of de beschikbaarheid over een voldoende stroomnet een knelpunt vormt voor economische ontwikkeling.

Coöperatie Indiener verzoekt energiehubs en lokale energiedeling als Toekomstbestendig prioriteit op nemen in de UA. Hilversum 2

In de EV wordt netcongestie benoemd als knelpunt voor groei en verduurzaming op werklocaties (actielijn Ruimte voor Werken). In de ontwerp-UA (actielijn Ruimte voor Werken) is de inzet op energiehubs, lokale opslag en deling al geprioriteerd.

Wij danken u voor uw inbreng. Uw ideeën zijn waardevol en nemen wij graag mee in een gesprek, waarin we samen verkennen waar en hoe deze kunnen worden opgepakt. De zienswijze leidt niet tot aanpassingen van de EV/ UA.

Coöperatie Indiener verzoekt ondernemerscollectieven en Toekomstbestendig energiecoöperaties actief te ondersteunen bij collectieve Hilversum 3 energieoplossingen.

Wij ondersteunen ondernemerscollectieven en samenwerkingsinitiatieven van ondernemers die aansluiten bij de economische ambities/opgaven van de gemeente, conform de actielijn Een verbindend ondernemersklimaat in de ontwerp‑EV en UA. We verduidelijken dat dit ook de organisatie en uitvoering van collectieve energieoplossingen kan omvatten, waar dit past binnen de doelstellingen en kaders.

UA (tekstuele verduidelijking): in actielijn Een verbindend ondernemersklimaat expliciet opnemen dat de gemeente ondernemersinitiatieven tot samenwerking ondersteunt op thema’s die bijdragen aan de EV‑ambities/opgaven, inclusief toeleiding naar relevante programma’s/regelingen en, waar passend, procesmatige ondersteuning.

Coöperatie Indiener verzoekt structurele samenwerking tussen Toekomstbestendig gemeente, netbeheerder, ondernemers en lokale Hilversum 4 initiatieven te organiseren om projecten te versnellen.

De ontwerp-EV en UA gaan reeds uit van samenwerking met netbeheerder, ondernemers en regionale partners. We borgen in de UA dat deze samenwerking structureel en programmatisch (via programma Energie) wordt ingericht om versnelling te realiseren.

UA: Aanvullen dat samenwerking met netbeheerder, ondernemers en lokale initiatieven structureel wordt georganiseerd (via programma Energie).

BIJLAGENDOCUMENT - ECONOMISCHE VISIE HILVERSUM

BEANTWOORDING ZIENSWIJZE

INDIEN AANPASSING, OP WELKE WIJZE

54

I<

COLOFON © Gemeente Hilversum 2026 Meer informatie: Gemeente Hilversum Dudokpark 1 1217 JE Hilversum hilversum.nl Vormgeving: Studio Pietje Precies Fotografie: Jurrian Photography i.o.v. Hilversum Marketing (cover), Studio Kastermans Danielle van Coevorden (pagina 23, 29), Vincent Kager (pagina 34)

BIJLAGENDOCUMENT - ECONOMISCHE VISIE HILVERSUM

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=5ae4faa9-b6ea-4659-8bae-e864024e5cc7