CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

43. Collegebrief inzake Impactstudie A27 en A1

GEMEENTERAAD 17 september 2025, gemeente HilversumBij agendapunt: Stukken ten aanzien waarvan de voorzitter voorstelt deze voor kennisgeving aan te nemen24.830 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

De andere delen van de beide corridors vertonen in iets mindere mate (maar ook nog steeds veel) congestie. Genoemd is al dat het realiseren van extra mobiliteitscapaciteit op de verbinding tussen polder en oude land in zekere zin de onbalans tussen wonen en werken faciliteert, in stand houdt. Het Bereikbaarheidsonderzoek 100.000+ woningen Flevoland laat bovendien zien dat ook met dit faciliteren er nog knelpunten overblijven en de noodzaak voor een betere woon-werkbalans onverminderd is. Voor Gooi en Vechtstreek leveren de capaciteitsknelpunten op de weg vooral nadelen, maar ook een voordeel. De file van inkomend verkeer die nog buiten het gebied staat, betekent een nadeel voor de bereikbaarheid van het gebied, maar voorkomt dat de eventuele file van doorgaand verkeer in het gebied zou staan, wat ten koste zou gaan van de leefbaarheid en interne bereikbaarheid. Overall winst is er alleen als bij het bevorderen van de instroom ook de uitstroom van het doorgaande verkeer aan andere kant van het gebied/regio voldoende is. Als indicatie voor het belang van dit inzicht is vanuit het projectteam informatie aangeleverd met betrekking tot Knooppunt Hoevelaken. In een variantrun in het kader van de studie voor het project Knooppunt Hoevelaken is verkend wat het zou betekenen als het project Knooppunt Hoevelaken wel doorgaat.

Resultaat is dat dit op de A1 tussen dit knooppunt en Knooppunt Eemnes zou leiden tot ongeveer 10 à 11% meer verkeer, en aan de westkant van knooppunt Eemnes (ook A1) tot 4 à 5% meer verkeer. Er is vrijwel geen effect op de intensiteiten op de A27 tussen Eemnes en Zeewolde. In de spitsen is het effect kleiner (zowel absoluut als relatief) omdat daar weinig tot geen ruimte is voor groei. (Bron NRM2024 zichtjaar 2040 WLO2-scenario Hoog). 7.1.2 Aanhaken bij nationale en regionale beleidsinzichten Landelijk en regionaal is de beleidsinsteek om de ontwikkeling van mobiliteit geïntegreerd met die van ruimtelijke ordening aan te pakken, gericht op het duurzaam maken van mobiliteit en verbeteren van brede welvaart. “Met het realiseren van de grootschalige NOVEX Woningbouwlocaties wil het Rijk de komende jaren inzetten op geconcentreerd bouwen ten opzichte van gespreid bouwen (inclusief mobiliteitsmaatregelen). Dit kan bijdragen aan een betere bereikbaarheid, met name vanwege de nabijheid van voorzieningen en

13

Deze alinea is ter verduidelijking toegevoegd na formele vaststelling van dit document.

48/80

daarmee afnemende behoefte voor (lange) ritten.” (Bron: Update Integrale Mobiliteitsanalyse, december 2023) Dit is ook de rode draad in de 7 sturingsprincipes van het Multimodaal Toekomstbeeld MRA en de 7 samenhangende principes van Utrecht Nabij. De laatste verder door‘ontwikkeld’ in de Adaptieve ontwikkelstrategie Utrecht Amersfoort. Zie Bijlage 4 voor enkele centrale opsommingen uit deze documenten. Oplossingsrichtingen voor Gooi en Vechtstreek die daarbij aansluiten, kunnen dus op draagvlak rekenen. Dit zijn zowel oplossingen die bijdragen aan de bereikbaarheidsfunctie binnen het netwerk met de andere regio’s als oplossingen voor de interne bereikbaarheid in de regio zelf. Het is ook voor Gooi en Vechtstreek belangrijk dat in de omliggende regio’s met name de woonwerkbalans verbeterd wordt. Dat heeft namelijk direct impact op de situatie in Gooi en Vechtstreek. Mede op basis van feedback/input vanuit het begeleidingsteam: •

•

Het verbeteren van brede welvaart en in het bijzonder de woon-werkbalans is een zeer belangrijk uitgangspunt in Flevoland. Alleen woningen bouwen in Flevoland is funest en versterkt de sociale problemen die er al zijn. Naast goede bereikbaarheid zijn voldoende aanwezigheid van werkgelegenheid, opleidingen en voorzieningen van groot belang om er een complete en sterke samenleving op te bouwen. Doen we dit niet dan zal de druk op het netwerk en dus op een A27/A1 alleen maar verder toenemen, omdat werk/opleiding/voorzieningen elders zijn. De bouw van meer woningen brengt weliswaar vanzelf meer werkgelegenheid met zich mee, maar het Bereikbaarheidsonderzoek 100.000+ woningen Flevoland laat zien dat de werkgelegenheid de woningbouwambities niet gaat bijhouden. Het gevolg is een steeds schevere woon-werkbalans en meer druk op het netwerk als er geen grote plus op de werkgelegenheid komt in Flevoland. De plus erop zetten kan Flevoland met de zes gemeenten niet alleen, daarbij zijn zowel de (MRA)regio als de rijksoverheid nodig.

7.2 Lopende initiatieven Er zijn, in lijn met de hiervoor genoemde richting, de afgelopen jaren al afspraken gemaakt en er vindt verdere uitwerking plaats. Belangrijk is de vaststelling in het BO-MIRT (in november 2022) van het MTB: •

“Rijk en Regio stellen het Multimodaal Toekomstbeeld MRA (MTB) en de sturingsprincipes vast als onderdeel van het ontwikkelperspectief NOVEX MRA. Het MTB is het uitgangspunt voor het vinden van brede mobiliteitsoplossingen in samenhang met de verstedelijkingsstrategie MRA.” (bron: Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2022)

Als invulling van de eerste sturings(principes) is het voor de regio van belang om (verder) invulling te geven aan het verbeteren van de woon-werkbalans. Dit voor zowel de externe rol van de regio als de interne. Zie het recente document Evenwichtige groei in de MRA – Handelingsperspectief voor het versterken van de woon-werkbalans in de MRA. Daarin staat dat partijen afspraken maken voor methodiek en monitoring voor het optimaliseren van grotere gebiedsontwikkelingen, gericht op het verbeteren van de woonwerkbalans. In dat handelingsperspectief zijn concrete acties belegd. Daarin staan ook de kenmerken en aanknopingspunten voor o.a. Gooi en Vechtstreek, immers een van de deelregio’s in de MRA. Vooral van uitermate groot belang is dat gewerkt wordt aan het verbeteren van de werkgelegenheid in Flevoland. Zie de opmerking in de voorgaande paragraaf. Verder wordt, passend in het MTB en in lijn met het STOMP-principe, ingezet op duurzame vormen van mobiliteit: •

Voor de doorfietsroutes Gooi en Vechtstreek loopt momenteel de doorwerking, in vervolg op het rapport Uitwerking prioritaire doorfietsroutes Gooi en Vechtstreek (2022). Deze doorwerking mondt binnenkort uit in een masterplan. In juni 2025 verwacht men de vaststelling van dit plan.

49/80

• •

Door de betrokken gemeenten is ook een uitvoeringsplan voor de doorfietsroutes gemaakt, maar er zit ook nog een aantal (grote) uitwerkingsvraagstukken in (zoals bij Hakkelaarsbrug / overkluizing A1), die nog om een oplossing vragen. Recent rapport Naar een hubstrategie voor de Gooicorridor (2025).

Beide dragen bij aan het verbeteren van zowel de externe als de interne bereikbaarheid. Uitwerking tot en keuze van maatregelen en de programmering ervan is een volgende stap. Hoofstuk 8 gaat daar nader op in.

7.3 Verdere oplossingsrichtingen Er zijn al veel oplossingsrichtingen en maatregelen bedacht. Deze passen allen bij de sturingsprincipes en in een (regionaal) bereikbaarheidspakket. Op enkele (aanvullende) gaan we hier kort in. •

HOV Almere - Utrecht Vooral is het goed om intensief verder te werken aan een HOV-oplossing op de relatie AlmereUtrecht. Het idee leeft al een tijd, maar echte verdere stappen zullen helpen en worden inmiddels gezet: binnenkort start hiervoor een studie door Almere en de provincies Flevoland, Noord-Holland en Utrecht. Integratie met dan wel aansluiting op de HOV-verbinding Huizen-Hilversum werkt naar verwachting versterkend.

•

Beheersen/beperken sluipverkeer Nog niet echt nader benoemd, maar toenemend urgent, is het beheersen/beperken van het sluipverkeer door de regio en door de (dorps)kernen. Op lokaal niveau zijn al maatregelen genomen op het gebied van verkeerscirculatie naar en door de kernen. Per onderkende of te verwachten sluiproute zal het uitermate wenselijk zijn om verdere maatregelen te bedenken om het sluipverkeer en/of de toename ervan tegen te gaan. B.v. door met verkeerscirculatie (slim eenrichtingsverkeer, voorrangskruisingen etc.) in de kwetsbare kernen de doorgaande routes (extra) onaantrekkelijk te maken. Zo mogelijk zonder lokale relaties te sterk te benadelen. Maar het mag desnoods wel ten koste gaan van lokaal autoverkeer op de korte (dus fietsbare) afstand.

•

Borgen kwaliteit A1-kruisende regionale verkeersbewegingen Een verdere oplossingsrichting is het soepel maken of houden van regionale bewegingen die de A1 kruisen. In ieder geval voor fiets en OV en ook voor regionaal autoverkeer. Dit naast het optimaliseren/borgen van de afwikkeling op de toe- en afritten. Als oplossingsrichting is dit gemakkelijk geformuleerd, maar het is wellicht nog een uitdaging voor het ontwerp en inpassing. Het ligt voor de hand om gebruik te maken van de inzichten van (of aan te sluiten bij) het ontwerpproces voor de multimodale knoop / hub Crailo (A1-aansluiting Blaricum). Zie ook hieronder, onder verkeersmanagement.

•

Verkeersmanagement: HWN, OWN en multimodaal, in samenhang o

A27 en A1 stromend houden Stromend houden van de A1 en A27, is min of meer analoog aan het ‘draaiend houden van de ringen’ rond stedelijke gebieden. De essentie van kort op elkaar liggende aansluitingen (bij die stedelijke ringen een essentieel aspect) is ook rond Knooppunt Eemnes aan de orde. Hierbinnen valt ook het belang van het voorkomen dat congestie op A1 dan wel A27 via knooppunt Eemnes naar elkaar ‘overslaat’ en sterker toeneemt dan nodig.

o

Multimodaal verkeersmanagement Sluipverkeer is één van de aspecten die samenhangen met congestie voor autoverkeer op het HWN. Maar vooral waar die congestie samenkomt met belangrijke netwerkdelen voor

50/80

fiets en OV is het van belang een goede afweging te maken. In de situatie dat er (nog) geen grote(re) infrastructurele gerealiseerd zijn, is een samenhangende aanpak voor multimodaal verkeersmanagement cruciaal. Bij het borgen van de mobiliteit op b.v. de ‘dwarsrichtingen’ van de A1 moeten deze niet alleen voor het regionale autoverkeer op niveau blijven, maar vooral ook voor de modaliteiten fiets en bus, in lijn met het STOMPprincipe (Stappen, Trappen, Ov, MaaS, Privéauto). Verkeersmanagement is een activiteit voor de gezamenlijke weg- en netwerkbeheerders. Gebruikelijk (en in meerdere regio’s staande praktijk) is het om hiervoor een netwerkvisie (zoals een multimodaal netwerkkader (MNK)) op te stellen, gevolgd door regelstrategieën en regelscenario’s. Aanbeveling is om hierop (ook) in deze regio sterk op in te zetten. Slim gekozen hubs maken uiteraard deel uit van een zo’n aanpak.

51/80

8 Maatregelen Wat betreft de maatregelen is al genoemd dat de verschillende ‘lijnen’ van brondocumenten uitkomen op ambitieuze lijsten van nuttige, kansrijke en inhoudelijk haalbare maatregelen. De weerbarstigheid zit hem in de beperkte financiële middelen. Die maken dat gekozen moet worden, waarbij in sommige gevallen (studies) ook de fundamentele vraag geopperd wordt om opnieuw de afweging te maken tegen andere beleidsterreinen. Keuzes in het op politiek maatschappelijke domein. De stukken voor de beide NOVEX-regio’s (MRA en MRU) monden uit in (adaptieve) maatregelpakketten. De aanpak in deze regio’s is gedeeld, besproken en afgesproken, zie de weergave in de Afsprakenlijst Bestuurlijke Overleggen MIRT 2022): •

“Rijk en regio onderschrijven de mogelijkheden van programmatische bekostiging voor de urgente woningbouwopgave en de integrale aanpak van de verstedelijkingsopgaven in de NOVEX-gebieden MRA en MRU, vooral als het gaat om het vergroten van de flexibiliteit in het doelmatig aanwenden van de beschikbare budgetten, maar onderkennen dat hieraan ook praktische vraagstukken, randvoorwaarden en knelpunten verbonden zijn. Rijk en regio spreken af om in de NOVEX-gebieden MRA en MRU te starten met de voorbereiding van een pilot om vraagstukken, randvoorwaarden en knelpunten van programmatische bekostiging in de praktijk te onderzoeken en verder uit te werken.”

8.1 Uit documenten bekende maatregelen ‘buiten G&V’ en hun status In de diverse documenten zijn veel (veelal infrastructurele) maatregelen genoemd als uitgangspunten, randvoorwaarden en oplossingen. De status van die maatregelen varieert. De belangrijkste actueel in beeld zijnde maatregelen buiten de regio die (potentieel) relevant zijn voor de bereikbaarheid van Gooi en Vechtstreek (immers ook onderdeel van het stedelijke netwerk) noemen we hieronder. -

-

-

-

Ring Utrecht ((snel)weg): o A27/A12 Ring Utrecht (ombouw knooppunten Rijnsweerd en Lunetten, verbreding Bak Amelisweerd en verbreding parallelbaan A12) Tegen het Tracébesluit hiervoor zijn beroepen aangetekend. De Raad van State heeft op 30 april 2025 een tussenuitspraak gedaan: half jaar uitstel voor nadere onderbouwing (door IenW/RWS) van de stikstofcompensatie. Daarna zijn vervolgstappen de politieke afweging en de daadwerkelijke aanbesteding en realisatie. o De regio (provincie en gemeente Utrecht) pleiten voor een andere oplossing: het Alternatief Ring Utrecht (ARU). o Aanpassing NRU, Noordelijke Randweg Utrecht. Dit is een project dat door gemeente Utrecht getrokken wordt. De invulling is afhankelijk gemaakt van wat er voor de A27/A12 resulteert. Station Koningsweg-Lunetten en andere: Lange termijn. Men spreekt van besluitvorming in 20352040. Knooppunt Hoevelaken: ombouw, gepauzeerd project (zie MIRT-overzicht 2025). Verbreding A27 Zeewolde-Eemnes (snelweg) Voor de Verbreding A27 Zeewolde-Eemnes is het besluit tot een MIRT-verkenning uitgesteld/gepauzeerd. Tot die tijd voert RWS een monitoring uit: jaarlijks een studie van actuele verkeerscijfers en een doorkijk naar MLT en LT op basis van verkeersprognoses. Zie aparte paragraaf en kader. De IJmeerverbinding De IJmeerverbinding is al enkele decennia onderwerp van onderzoek (ontwerpen, inpassingen, berekeningen).

Wel is de IJmeerverbinding onderdeel van varianten in het bredere MIRT-onderzoek Amsterdam Bay Area, maar de stap naar een MIRT-verkenning specifiek voor deze verbinding is er nog niet. In het Bereikbaarheidsmaatregelen NOVEX MRA staat deze maatregel als ‘ongecategoriseerd’ (d.w.z. niet van een categorie onderzoek, studie of uitvoering). Stichtse Lijn (trein) Ook de Stichtse Lijn staat in het document Bereikbaarheidsmaatregelen NOVEX MRA als ‘ongecategoriseerd’. Voor deze treinverbinding is in Flevoland wel fysiek ruimte gereserveerd, maar

52/80

-

besluitvorming vindt in ieder geval niet voor 2030 plaats. Dit betreft een groot treinproject, tussen Almere en Utrecht, als overloop (of sneller alternatief) voor de huidige sprinter over de Gooilijn. De studie 100.000+ woningen in Flevoland zegt hierover: “De reizigersaantallen van de Stichtse Lijn zijn relatief beperkt, en zouden mogelijk ook met een BRT-systeem vervoerd kunnen worden.” Lelylijn Deze spoorverbinding is al meerdere decennia onderwerp van onderzoek. De studie 100.000+ woningen in Flevoland gaat er in de berekeningen van uit dat deze lijn gerealiseerd wordt. Besluitvorming richting een MIRT-verkenning is er nog niet; zie ook de recente kabinetsinzichten (voorjaarsnota 2025). Rijk en regio hebben afgesproken om gezamenlijk een Masterplan Lelylijn op te stellen (met daarin aandacht voor de financieringsmogelijkheden en de effecten over 100 jaar, en voor stations een aantal verdiepende onderzoeken/gebiedsuitwerkingen).

Voor elk van deze grote investeringen dient dus nog (uiteindelijke) besluitvorming plaats te vinden. Vooral de IJmeerverbinding speelt een rol in de duiding (en mogelijke uitkomst) van de ontwikkelingen en de studies. De studie 100.000+ woningen in Flevoland noemt deze ‘randvoorwaardelijk’ voor een forse woningbouw in Almere. In de documenten voor de MRU is realisatie van de Ring Utrecht een uitgangspunt, geen variabele (zoals het al dan niet aanpassen van knooppunt Hoevelaken) in een adaptieve aanpak.

8.2 Concrete genoemde maatregelen binnen regio Gooi en Vechtstreek In een apart kader gaan we in op het MIRT-onderzoek Oostkant Amsterdam en de erop volgende besluitvorming. De verdiepende studie ABA geeft aan dat de verbreding van de A1 niet op korte termijn te verwachten is, maar dat de aansluitingen de nodige aandacht vragen: “Bij de aansluitingen ligt op basis van dit onderzoek de hoogste prioriteit bij de aansluitingen bij Muiden en Blaricum.” Deze ‘aansluiting bij Blaricum’ is Crailo, de beoogde multimodale knoop. Zie hiervoor het betreffende document. De Regio hecht er belang aan dat hier een vervolg aan gegeven wordt. Dit past ook in de hubstrategie, zie aan het eind van deze paragraaf en de opmerkingen in paragraaf 7.3. Het Verdiepend onderzoek ABA stelt daarnaast: • •

“Bij versnelde woningbouw in Oosterwold (Almere) wordt verbreding van de A27 urgent, vanuit Oosterwold heeft ca. 25% van het autoverkeer een relatie met Het Gooi, richting Amersfoort en richting Utrecht. Dit verkeer rijdt via de A27.” “In dit onderzoek komt de toerit vanaf Huizen richting Utrecht als groot knelpunt op de A27 naar voren. Ook zijn er knelpunten op de aansluiting Zeewolde. De aansluitingen inclusief de aanliggende kruispunten/rotondes moeten onderdeel zijn van de planvorming rond de verbreding van de A27. Daarnaast moet de verbreding ook plaatsvinden in het knooppunt Eemnes.” Zie onderstaand kader over deze A27-verbreding.

De Mobiliteitsagenda Amersfoort noemt verder o.a.: • •

HOV Almere – USP (deze is al genoemd in paragraaf 7.3) IC Amersfoort – Amsterdam

Verbreding A27 Een belangrijke maatregel die ‘boven de markt hangt’ is de verbreding van de A27 tussen knooppunt Eemnes en de aansluiting Zeewolde. In de afsprakenlijst van het BO – MIRT 2023 staat daarover: - “Rijk en regio herbevestigen dat het traject A27 Eemnes – Zeewolde in de komende periode en vanaf 2030 een belangrijk mobiliteitsknelpunt vormt mede door de ruimtelijke (waaronder woningbouw) en

53/80

economische ontwikkelingen in Flevoland. De dorpskernen Blaricum, Eemnes, Laren en Huizen ondervinden hiervan hinder door sluipverkeer.” - “Rijk en regio spreken af om in de komende jaren de ontwikkelingen op het gebied van economie en woningbouw en (auto)mobiliteit in en vanuit Almere en Flevoland te blijven volgen. Dit gebeurt via de afgesproken monitor (binnen het MIRT-proces) die in 2024 op het BO MIRT terugkomt en uitgangspunten en mogelijkheden te bespreken van een toekomstige MIRT-verkenning A27 knooppunt Eemnes – Zeewolde en andere oplossingen voor de bereikbaarheidsopgave in Flevoland en ondervonden hinder in Noord-Holland. De staat van onderhoud van de Stichtse bruggen is op dit moment niet urgent in het kader van het programma vervanging en renovatie en wordt gemonitord. - Het Rijk start het project A27 knooppunt Eemnes - Zeewolde richting een MIRTverkenning zo spoedig mogelijk weer op zodra er voldoende stikstof, financiële en personele ruimte beschikbaar is.

MIRT-onderzoek Oostkant Amsterdam – maatregelen op hoofdlijn In dit MIRT-Onderzoek (2015-2017) is een aantal maatregelen benoemd en zijn acties geformuleerd. -

-

Ontwikkeling snelfietsroutenetwerk in meerdere fasen OV SAAL en PHS en systeemsprong OV (o.a. Gooilijn), o.a. ontvlechting (investeringskosten ca. € 1,2 – 1,4 Miljard (MOOA 2017)) OV-knooppunten: verbeteren aantrekkelijkheid, impuls werkgelegenheid en concentratie nieuwe woningen Benuttingsmaatregelen en gedrag Capaciteitsuitbreiding A27 tussen Kp Almere en Kp Eemnes, eventueel in combinatie met N301 Capaciteitsuitbreiding A1 tussen Kp Muiderberg en Kp Eemnes, met capaciteitsuitbreiding hele N201 als mogelijke variant voor A1 o A1 naar 2x4 rijstroken, horizontaal (maaiveld) of verticaal (tunnel, ongeveer tussen Gooimeer en Kp Eemnes). (investeringskosten ca. € 1,4 – 2,1 Miljard (MOOA 2017)) o N201 naar 2x2 en 100 km/h, Parkway tussen plassengebied en heuvelrug, met meerdere inpassingsuitdagingen (erfgoed, cultuur, natuur, landschap). (investeringskosten ca. 2,2 – 2,9 Miljard (MOOA 2017)). In Afsprakenlijst Bestuurlijk Overleggen MIRT, 21 en 22 november 2018 staat onder Programma ‘Samen Bouwen aan Bereikbaarheid’ Netwerken, Ringen en de Stad: “A27 in relatie tot de programmaopgaven: Op basis van de producten van de programmalijn Netwerken, Ringen en de Stad wordt najaar 2019 besloten of de verbreding van de A27 onderdeel uitmaakt van het programma Samen Bouwen aan Bereikbaarheid. De vastgestelde resultaten uit het MIRT-onderzoek Oostkant Amsterdam (MOOA) worden hierbij benut.

Aanvullend wordt onderzocht welke slimme maatregelen/quick wins, die bijdragen aan het doel van de programmalijn, de problematiek op de A27 helpen aan te pakken. Hierbij wordt gekeken naar het gedeelte tussen knooppunt Eemnes en Almere.”

In het document Bereikbaarheidsmaatregelen NOVEX MRA staat voor de Regio Gooi en Vechtstreek het volgende wat betreft de maatregelen.

54/80

55/80

Hubs en strategie Recent zijn stappen gezet naar een nadere invulling van Hubs in de regio. Zie hiervoor het document Naar een hubstrategie voor de Gooicorridor, van maart 2025. Het document beschrijft de mogelijke uitwerking van een aantal van 26 hubs (waarvan 14 zogenoemd prioritair), met onderscheid tussen - corridorhubs - stedelijke / wijkhubs - recreatiehubs Er is bestuurlijke vaststelling (mei 2025) om met 13 locaties de verdere uitwerking in te gaan. De belangrijkste corridor-hubs zijn Crailo, Muiden en P+R Eemnes.Voor Crailo en Muiden, zie de aparte documenten in de lijst; voor P+R Eemnes heeft recent (2024) een flinke realisatie plaatgevonden, strategisch gelegen langs de A27 en sinds december 2024 het eind-/beginpunt van R-net HOV-verbinding 321 tussen Eemnes en Amsterdam.

56/80

8.3 Aanvullend Aanvullend op de al genoemde maatregelen is de aandacht nodig voor het beheersen/terugdringen van sluipverkeer en het borgen van de binnenregionale bereikbaarheid. -

Voor de A1-aansluitingen borgen dat ze ‘op de agenda blijven’, en dat bovendien met een voldoende brede blik gekeken wordt: niet alleen de aansluiting en het functioneren van de A1, maar ook de dwarsverbinding, voor alle modaliteiten. Beheersen/weren sluipverkeer o De feitelijke verkeerscirculatiemaatregelen (o.a. keuze éénrichtingsverkeer) in de kernen van Blaricum, Huizen, Laren en Naarden zodanig kiezen dat doorgaande autobewegingen ontmoedigd worden. Uitwerking door/met de lokale partijen. o Uitwisseling van de verkeersplannen met navigatie-partijen, zodat weggebruikers het juiste advies krijgen. Hiervoor aansluiten bij acties in Europees verband op het gebied van verkeersmanagement / smart mobility. Zie ook CROW. o Tegen eventueel ‘resterend’ of hardnekkig sluipverkeer valt te denken aan een handhavingssysteem met voertuigherkenning a là trajectcontrole of ‘Vianen/Vijfherenlanden’.

Nadere verkenning en uitwerking is hier nodig, ondersteund door een daartoe geschikt regionaal verkeersmodelinstrument. Het NRM is daarvoor te grof. In breder verband zal dit op natuurlijke wijze onderdeel zijn van een gebiedsgericht (MIRT-)onderzoek A27/A1. Voorliggende Impactstudie bevat bouwstenen/argumenten voor een besluit daartoe. Een (slechts) eerste stap naar zo’n MIRT-onderzoek is het verbreden van de monitoring: van ‘Monitoring A27 Zeewolde – Knooppunt Eemnes’ naar ‘Monitoring A27/A1 Zeewolde – Kp Eemnes – Kp Muiderberg’.

57/80

Bijlage 1 Regio’s, deelregio’s, gemeenten, kernen Metropoolregio Amsterdam (MRA)

MRA = deelregio’s en gemeenten: •

•

•

•

•

Amstelland-Meerlanden o Amstelveen o Ouder-Amstel o Uithoorn o Aalsmeer o Diemen o Haarlemmermeer Zuid-Kennemerland o Heemstede o Zandvoort o Bloemendaal o Haarlem Zaanstreek-Waterland o Uitgeest o Wormerland o Zaanstad o Purmerend o Edam-Volendam o Waterland o Landsmeer o Oostzaan IJmond o Heemskerk o Velsen o Beverwijk Flevoland o Almere o Lelystad

Gooi en Vechtstreek = gemeenten (kernen) 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7.

Gooise Meren (Bussum, Naarden, Muiden) Hilversum Huizen Blaricum Laren Wijdemeren (Loosdrecht, ’s-Graveland, Nederhorst den Berg) Eemnes

58/80

MRU = Regio Amersfoort + U10 Regio Amersfoort = 1. 2. 3. 4. 5. 6. 7. 8. 9.

Amersfoort Baarn Barneveld Bunschoten Leusden Nijkerk Soest Woudenberg Eemnes???

U10 = 16 gemeenten: 1. Bunnik 2. De Bilt 3. De Ronde Venen (Mijdrecht, Vinkeveen en Waverveen, Wilnis, Abcoude) 4. Houten 5. IJsselstein 6. Lopik 7. Montfoort 8. Nieuwegein 9. Oudewater 10. Stichtse Vecht (Breukelen, Loenen, Maarssen) 11. Utrecht 12. Utrechtse Heuvelrug (Amerongen (m.u.v. Elst), Doorn, Driebergen-Rijsenburg, Leersum en Maarn) 13. Vijfheerenlanden (Leerdam, Vianen en Zederik) 14. Wijk bij Duurstede 15. Woerden 16. Zeist

59/80

Wikipedia: “Er maken 25 gemeenten deel uit van de Metropoolregio Utrecht. De tabel toont bij elke gemeente het inwonertal per 1 januari 2024. Gemeente

Inwoners

Amersfoort

161.825

Baarn

25.062

Barneveld

62.603

De Bilt

43.709

Bunnik

16.116

Bunschoten

22.620

Eemnes

9.757

Houten

50.855

IJsselstein

33.424

Leusden

31.669

Lopik

14.723

Montfoort

13.860

Nieuwegein

65.974

Nijkerk

45.358

Oudewater

10.220

De Ronde Venen

45.812

Soest

47.685

Stichtse Vecht

65.893

Utrecht

374.411

Utrechtse Heuvelrug

50.553

Vijfheerenlanden

61.650

Wijk bij Duurstede

23.953

Woerden

53.730

Woudenberg

14.633

Zeist

66.623

Totaal

1.400.392

60/80

Bijlage 2 Duiding documenten Van de bestudeerde documenten is een overzicht gemaakt met per document een korte samenvatting/kenschets van de inhoud van het document. Dat is in deze bijlage opgenomen. Disclaimer dat het soms wellicht nogal ‘kort doo’r de bocht is’. Bij de start van de studie, voorafgaand aan de duik in de documenten, was bedacht om ook kenmerken aan te vinken. Dat is uiteindelijk niet zeer informatief. Veel documenten gaan over vrijwel alle kenmerken, al dan niet impliciet vanwege nog onderliggende documenten. Het onderscheidend vermogen van de kolommen met de vinkjes is daardoor beperkt.

verdiepend_onderzoek_amsterdam _bay_area.pdf

2020-10-29 - mobiliteitsperspectiefknooppunt-Crailo.pdf

2020-12-14 1.0BH152820201209Hoogwaardig-fietsnetwerk-Gooi-enVechtstr.pdf VENOM uitgangspunten notitie 2024-07-01 -Rapportage Bereikbaarheidsonderzoek woningbouwambities Flevoland (016620.20240701.R1.01) 2024-10-11 - 2.3 241004_NOVEX MRA_rapport 2023-29-09 - Monitoring A27 Oplegger Directeurenoverleg Oostflank MRA 2023-09-08 - Monitoring A27 Zeewolde - knooppunt Eemnes_v 3

9

2023 eerste monitoringsrapportage. Gedegen stuk van Adriaan Wissel. Huidige situatie, obv het jaarlijks uitgevoerde VOR (Verkeerskundig Onderzoek Randstad) MLT obv MLT-prognoses LT obv NRM voor 2040

2024-09-23 - Monitoring ontwikkeling (auto)mobiliteit A27 Zeewolde - knooppunt Eemnes 2024

10

2021-11-30 - MRAVerstedelijkingsconcept-eindversienovember-2021

11

2021-10-04 - EI-7b-GebiedsplanStadshart-Hilversum

12

2024 In deze monitoring haalt Adriaan Wissel de IMA aan: In december 2023 publiceerde het Ministerie van Infrastructuur en Waterstaat de “Update Integrale MobiliteitsAnalyse” . In paragraaf 2.2.4 (blz 26) is de volgende tekst opgenomen: “Uit de netwerkanalyses woningbouw blijkt dat het concentreren van inwoners in de grootschalige woningbouwlocaties over het algemeen gunstiger is voor het ovgebruik, fiets en lopen, waardoor het hoofdwegennet minder belast wordt. Almere-Oost vormt een uitzondering op hetgeen hierboven beschreven; daar leiden de grote aantallen woningen tot veel extra autoverkeer op de A27 bij Almere. Terwijl op deze plek de MIRT-verkenning A27 Zeewolde-Eemnes gepauzeerd wordt. Elders in Nederland is minder congestie te verwachten als gevolg van woningbouw in de NOVEX-gebieden”. 2021 Verstedelijkingsconcept als component in de verstedelijkingsstrategie. De eerste vertaling vanuit NOVEX. Insteken op meerkernige ontwikkeling, zodat de woon-werkbalans meer in evenwicht komt en de pendel minder wordt. Hilversum is 1 van de zogenoemde 'stadsharten'. Elke deelregio zijn eigen gebiedseigen kenmerken. Gooi als overgangsgebied met veel diverse omgevingswaarden (weiden, bossen, heiden, water). 2021 ontwikkeling Stadshart Hilversum, als 1 van de 9. Drie kerngebieden in H'sum, alle als OV-knoop/-hub: - mediapark - station - Arenapark/station Sportpark

2021-03-31 - Perspectief-OostflankMRA_compressed 2024-10-01-392mobiliteitsagendaregioamersfoort200dpi

13

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

Model

Beleid

Brede welvaart

Leefbaarheid √

√

√

√

√

√

√

√

√

detaillering Gooi en Vechtstreek

multimodaal

Fiets

OV

Knelpunten

Jaar Omschrijving 2022 Het Multimodaal Toekomstbeeld MRA (MTB) geeft de belangrijkste keuzes voor mobiliteit weer waar Rijk en regio tussen nu en 2040 voor aan de lat staan. Het gaat daarbij zowel om keuzes in beleid als keuzes voor wat betreft investeringen in infrastructuur. Keuzes waarmee we met het mobiliteitsbeleid bijdragen aan het verbeteren van de brede welvaart in de MRA en een mobiliteitssysteem dat mede de forse verstedelijking mogelijk maakt. 2 2022 Onderzoek wegknelpunten waaronder Gooi (A1, A6 en A27 plus OWN) In het onderzoek Amsterdam Bay Area - Bereikbaarheid is met behulp van een statisch verkeersmodel ook een studie gedaan naar wegknelpunten en zijn er gevoeligheidsanalyses uitgevoerd met het statisch verkeersmodel VENOM o.a. rond uitbreiden A1/A6, aanleggen IJmeerweg en mobiliteitstransitie in de MRA. Conclusie is dat de onderzochte maatregelen de knelpunten op de weg niet oplossen of in onvoldoende mate terugdringen. Dit komt vooral door de grote pendelstroom tussen Flevoland en de regio Amsterdam. Er is sprake van latente vraag waardoor de vrijgekomen ruimte weer opgevuld wordt met nieuwe autoritten. 3 2020 Eind 2018 is het rapport “Businesscase Doorfietsen in Gooi en Vechtstreek” vastgesteld in het regionale bestuurlijk overleg. Hierin zijn verschillende hoofd- en doorfietsroutes uitgewerkt.

In dit rapport staat een verdieping van de eerder opgestelde businesscase centraal. De verdieping bestaat uit de volgende onderdelen: • Heroverweging en nadere uitwerking van het netwerk en de tracés. • Prioritering van de tracés. • Mogelijkheden voor financiering. 4 2020 Er zijn al heel veel verschillende ideeën voor ontwikkeling rondom Crailo en er zijn ook al verschillende onderzoeken uitgevoerd, maar het ontbreekt nog aan een visie waarin al deze ideeën en onderzoeken goed op elkaar afgestemd zijn. Gezien de vele ruimtelijke ontwikkelingen, verkeerskundige vragen en bestuurlijke wensen, is er de behoefte aan een integrale blik op dit knooppunt. In het kader zijn de bestuurlijke uitgangspunten voor de ontwikkeling van het knooppunt puntsgewijs samengevat. 5 De modelberekening voor de studie woningbouwambities heeft als doel om de effecten van het Ruimtelijk Voorstel van de Provincie Flevoland inzichtelijk te maken. In deze notities worden de uitgangspunten van de modelberekening toegelicht. 5 2024 bijzonder slordig conceptrapport. Bereikbaarheidonderzoek ikv heel veel 100k+ woningen in Flevoland. Infracontext is realisatie van Ijmeerverbinding, lelylijn, verbreding Stichtsebrug naa2x3 en treinverbinding Stichtselijn. Dat is allemaal nodig om bereikbaarheid op enig niveau te krijgen. De eindversie van september 2024 is veel beter leesbaar.

6 2024 overzicht, per regio, van de ruimtelijke ambities en de ideeën voor mobiliteitsmaatregelen die erbij horen. Infra gelabeld als Onderzoek, Studie, Uitvoering, of niets (-). Ijmeerverbinding staat hier als '-' … Document sluit af met bespriegeling dat het allemaal grote ingrepen zijn, die we moeten afwegen tegen de de impact: willen we een dergelijk land? 8 2023 deze uitgebreide oplegger geeft een goed beeld bij de situatie; zie ook hieronder. De monitoringrapportage laat grosso modo hetzelfde beeld zien wat betreft de ontwikkeling van het verkeer in 2030 respectievelijk in 2040 als het Verdiepend Wegenonderzoek Amsterdam Bay Area. 1

Intensiteiten

Document Nr 1._Multimodaal_Toekomstbeeld_M RA_definitief.pdf

Woningbouw

Hieronder een screenshot van de versie van 15 april.

√

√

√

√

VENOM (2018) plus Aimsun

VENOM 2020 VENOM 2020

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

Hij merkt op dat het verschil met allerlei andere analyses is dat diverse projecte NIET gerealiseerd zullen zijn, en dat nog geen rekening is gehouden met alle woningbouwambities.

14

ontwikkeling aantrekkelijke werk-/onderwijsgebieden, teneinde de woon-werk-balans in de MRA en ook deze regio te verminderen. (of is het van oktober 2020? Zoals het colofon aangeeft) ondertitel is 'Almere 2.0'. 2024 studie onder de vlag van U Ned, onderdeel van de Mobiltieitsstrategie U Ned. multimodale analyse en opgaven in relatie tot de woningbouwopgave.

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

√

Stravem

Groot onzekerheidspunt in deze regio is het al dan niet realiseren van de aanpassing van Knooppunt Hoevelaken. Is nu een gepauzeerd rijksproject.

61/80

Bijlage 3 Selected Link Analyses In deze bijlage de volledige set van kaartbeelden van de Selected Link Analyses.

62/80

63/80

64/80

65/80

66/80

67/80

68/80

69/80

70/80

71/80

72/80

73/80

74/80

75/80

76/80

77/80

78/80

Bijlage 4 Sturingsprincipes – mobiliteit – brede welvaart “Mobiliteitsbeleid kan op vijf manieren bijdragen aan brede welvaart:

Vijf doelen om te werken aan brede welvaart in de MRA (bron: MTB)

De 7 sturingsprincipes van het MTB zijn: Principe 1: Stem verstedelijking nog beter af op de kwaliteit van de bereikbaarheid en nabijheid Principe 2: Afremmen en spreiden van de mobiliteitsgroei Principe 3: Verbeter stedelijke en regionale fietsnetwerken Principe 4: Ontwikkel regionale hubs per corridor, dichtbij en verder van de steden Principe 5: Neem goederenvervoer integraal mee in de bereikbaarheids- en verstedelijkingsopgave Principe 6: Realiseer een schaalsprong openbaar vervoer door stapsgewijze ontvlechting Principe 7: Houd de ringen draaiend

79/80

Utrecht Nabij (2020) noemt de volgende zeven samenhangende principes: 1. Concentreer nieuwe woningen en banen in het stedelijk kerngebied en rond grotere regionale ovknooppunten 2. Investeer in stedelijk groen en maak landschappen beter bereikbaar en toegankelijk 3. Intensiveer woon- en werklocaties in binnenstedelijke tussengebieden 4. Ontwikkel complementaire Metropoolpoorten 5. Focus op het versterken van economische clusters 6. Organiseer slimme, gezonde en veilige mobiliteit 7. Maak het mobiliteitssysteem samenhangend en multimodaal, zet in op alles In Adaptieve ontwikkelstrategie Utrecht Amersfoort - 18 oktober 2024 staat “Gezond groeien van de regio wordt gerealiseerd volgens drie uitgangspunten: 1. Robuust groen-blauw raamwerk en divers landschap dat meegroeit en goed bereikbaar is 2. Verstedelijken in drie type milieus: metropoolpoorten, regiopoorten en vitale kernen 3. Systeemsprong voor een samenhangend multimodaal mobiliteitssysteem” “De bereikbaarheidsopgave, als onderdeel van de integrale verstedelijkingsopgave, is drieledig: • Het op een duurzame en klimaatbestendige wijze ontsluiten van nieuwe woningen en werklocaties […] • Het accommoderen van de groei van mobiliteit en het in beweging houden van de draaischijf Nederland (spoor en weg); • Het realiseren van de transitie naar een duurzaam mobiliteitssysteem, […] met hubs gestimuleerd […].

“De Mobiliteitsstrategie van U Ned zet in op: • Verstedelijkingskeuzes en bereikbaarheid afstemmen: inzet op nabijheid • Vraag naar mobiliteit afremmen en spreiden • Betere stedelijke en regionale wandel- en fietsnetwerken • Systeemsprong OV met regionale ruggengraat als hoofddrager • Ontvlechting auto-draaischijf en verlangzaming auto in stedelijk gebied • Soepele ketenreizen van deur tot deur met mobiliteitshubs” “Mobiliteitssysteem als volgt opgebouwd: -

Een fietsnetwerk van doorfietsroutes verbindt steden en kernen met elkaar Een regionaal ov-systeem van HOV/BRT, tram en sprinter. Dragers: Wiel met Spaken van de regio Utrecht en het OV-Anker van de regio Amersfoort De verstedelijking vindt plaats langs het regionale ov-netwerk (sprinter, tram en/of het HOV/BRT). Het hoofdwegennet is de basis voor de autobereikbaarheid van de regio. Deze netwerken van fiets, ov en weg werken integraal samen door ze met hubs en knooppunten aan elkaar te verbinden.”

80/80

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=1d4cc3d2-f423-4f46-9124-eb1649430646