3. Brief van werkvoorzieningsschap Tomingroep inzake Concept-begroting Schap 2025
Tekst van het document
Werkvoorzieningsschap Tomingroep Postbus 194 1200 AD HILVERSUM Franciscusweg 12 1216 SK HILVERSUM
Aan het college van B&W van de gemeente Hilversum
T: (035) 671 81 11 F: (035) 623 47 02 E: info@tomingroep.n1 I: www.tomingroep.nl BTW-nr. NL 005695004601 IBAN NL62BNGH0285012592 BIC BNGHNL2G K.v.K. Hilversum 32154612 Kenmerk: Betreft:
IKOR-holj-24-00093 concept vastgestelde begroting voor 2025
Datum:
27 maart 2024
Geacht College, Bijgaand bieden wij u de op 28 maart jI. in concept vastgestelde begroting voor 2025 van het Werkvoorzieningsschap Tomingroep aan. Bij de begroting is een toelichting gevoegd. Conform de wet op de gemeenschappelijke regelingen worden de raden in de gelegenheid gesteld hun zienswijze te formuleren op de concept-begroting. Met het oog op de definitieve vaststelling van de stukken door het Algemeen Bestuur op 27 juni aanstaande, verzoeken wij u vriendelijk ervoor te zorgen dat de zienswijze van uw raad uiterlijk op donderdag 20 juni bij ons binnen is. Wij hopen u hiermee voldoende te hebben geInformeerd. Mocht u v gen hebben, aarzelt u dan niet om contact met ons op te nemen. Met vriendelijke groet, namens het al•e e best r van het W: • orzieningsschap, I.W.J.K.N. Ko te Algemeen directeu
Bijlagen:
oep BV
Begroting 2025 Werkvoorzieningsschap Tomingroep-concept Toelichting op Begroting 2025 Werkvoorzieningsschap Tomingroep
Provincie Noord-Holland
Werkvoorzieningsschap TOMINGROEP Ontwerpbegroting 2025
Concept ter bespreking in het Algemeen Bestuur d.d. 28 maart 2024
Aldus vastgesteld In de vergadering van het Algemeen Bestuur d.d. 29 juni 2024
INHOUDSOPGAVE Beleidsbegroting Inleiding Uitgangspunten begroting 2025 Organisatieschema Bedrijfsactiviteiten Tomingroep Weerstandsvermogen en risicobeheersing Onderhoud kapitaalgoederen en Bedrijfsvoering Financiering Verbonden partijen
3 4 5 6 7 9 10 11
Financiële begroting Programmabegroting 2025 Toelichting op de programmabegroting Gedetailleerde toelichting programmabegroting 2025 Financiële positie Investeringsbegroting Programmabegroting 2026-2028 Toelichting op de meerjarenraming 2026-2028
13 14 17 19 19 20 21
Bijlage Taakvelden
22
Pagina | 1
Beleidsbegroting
Pagina | 2
Inleiding De zes gemeenten in de regio Gooi- en Vechtstreek en de gemeenten Eemnes en Almere voeren in een gemeenschappelijke regeling (GR) de regie over de uitvoering van de sociale werkvoorziening voor hun inwoners die daarvoor geïndiceerd zijn. Dit is integraal opgedragen aan het Werkvoorzieningsschap Tomingroep. Het Werkvoorzieningsschap is belast met de uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening en biedt via Tomingroep BV werk aan mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het bestuur van het Werkvoorzieningsschap bepaalt aan hoeveel mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt werk geboden dient te worden en hoe de verdeling over de doelgroepen is. De andere hoofdtaken van het bestuur zijn het vaststellen van de begroting en meerjarenraming, het vaststellen van de jaarrekening en het vaststellen van het jaarverslag. In het bestuur hebben alle acht deelnemende gemeenten zitting. De samenstelling van het bestuur is op 1 januari 2024 als volgt: Gemeente Almere Blaricum Eemnes Gooise Meren Hilversum Huizen Laren Wijdemeren
Lid Mevrouw F.T. de Jonge Mevrouw J. Lanphen Mevrouw M. Havinga (vice-voorzitter) Mevrouw H.B. Boudewijnse (voorzitter) De heer B. Heller De heer K. van Werven De heer F. de Groot De heer R. de Haan
De daadwerkelijke bedrijfsactiviteiten worden georganiseerd door Tomingroep BV. Binnen de BV wordt zorggedragen voor een passende bedrijfsvoering. Het Werkvoorzieningsschap Tomingroep is de enige aandeelhouder van Tomingroep BV. Tomingroep heeft als doel om zoveel mogelijk mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, door het bieden van werk, scholing, begeleiding en bemiddeling, te helpen bij het verkrijgen en behouden van een betaalde baan binnen of buiten Tomingroep. De SW-werknemers werken volgens een volwaardige arbeidsovereenkomst bij het Werkvoorzieningsschap en zijn collectief gedetacheerd bij Tomingroep BV. In een samenwerkingsovereenkomst zijn de verhoudingen tussen het Werkvoorzieningsschap Tomingroep en de Tomingroep BV vastgelegd.
Sociaal beleid Het sociaal beleid is erop gericht dat de medewerkers zich in de werksituatie zo ruim en zo goed mogelijk ontplooien. Voor de SW-werknemers kan dat een functie zijn binnen Tomingroep BV, via Tomingroep BV bij derden (detachering), of een functie rechtstreeks bij derden in dienst (WSW Begeleid Werken, met ondersteuning en terugkeergarantie). In de werksituatie krijgt ontplooiing via gerichte opleiding en vorming volop aandacht. De basis hiervoor is het Persoonlijk Ontwikkel Plan (POP) en/of het Goede Gesprek. Waar mogelijk stromen medewerkers door naar een arbeidsplaats hoger op de werkladder. Dan is het werk bij of via Tomingroep een springplank. Waar nodig (bijvoorbeeld door ouder worden of i.v.m. toename van de beperkingen) krijgen medewerkers een passende plek aangeboden lager op de werkladder. In dat geval is het werken bij Tomingroep een vangnet. Naast SW-medewerkers (de oorspronkelijke doelgroep) bedient Tomingroep ook andere doelgroepen in de Participatiewet. Het Werkvoorzieningsschap is echter alleen werkgever van de SWmedewerkers, vandaar dat alleen de kosten en baten met betrekking tot deze medewerkers in deze begroting zijn te vinden.
In goede samenwerking met de gemeenten en de werkgeversdienstverlening ontwikkelt Tomingroep zich tot werk-leerbedrijf voor alle inwoners die een steuntje in de rug nodig hebben naar/op de reguliere arbeidsmarkt, met als doel dat zoveel mogelijk mensen een reguliere baan vinden en behouden. Hiermee is Tomingroep een belangrijk arbeidsmarktinstrument voor de gemeenten in de Gooi en Vechtstreek, en de gemeenten Eemnes en Almere.
Pagina | 3
Uitgangspunten begroting 2025 Uitgangspunten personeel WSW In de begroting wordt voor 2025 uitgegaan van een bezetting in SE (Standaard Eenheden) die gedurende 2024 met 4,0% en 2025 met 7,0% daalt (voor 2025 betekent dit een daling van 43 personen, ongeveer 35 FTE). De krimpende bezetting wordt veroorzaakt door het feit dat de wet sociale werkvoorziening per 1 januari 2015 is beëindigd, in die zin dat geen nieuwe instroom meer plaatsvindt. Wsw-geïndiceerde inwoners behielden hun oude rechten. Gebaseerd op de meest recente verloopcijfers en de inschattingen t.a.v. het bestand (pensioneringen) wordt genoemde daling van 6,6% voorzien. Dit betekent een bezetting van gemiddeld 536,6 SE in 2025. Het aantal SE is in de begroting vertaald naar 463,9 FTE gemiddeld werkzaam bij Tomingroep en 34,0 FTE gemiddeld werkzaam in het kader van Begeleid Werken (dit stemt overeen met 538 personen via de Wsw werkzaam bij Tomingroep en 42 personen Wsw-Begeleid Werken). Genoemde bezetting en het veronderstelde verlooppercentage zijn ook uitgangspunt voor de meerjarenraming 2026-2028. Resultaat 2025 In het jaar 2023 is het Werkvoorzieningsschap Tomingroep geconfronteerd met een aantal ontwikkelingen, buiten de beïnvloedingsfeer van Tomingroep, dat van invloed is op de financiële resultaten van de begroting 2025.
Dit betreft onder meer een verhoging van het wettelijk minimumloon (WML) per 1 januari 2023 met 10,15%, en per 1 januari 2024 met nog eens 3,75%. Uitgangspunt in de begroting van 2025 is dat deze volledig wordt gecompenseerd middels een verhoging van de Rijkssubsidie. Dit is ook zo in de begroting van 2025 verwerkt. In het verleden werden dit soort verhogingen van de Wsw-salarissen steeds gecompenseerd. Het begrote resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening (voor resultaatsbestemming) van het Werkvoorzieningsschap Tomingroep voor boekjaar 2025 komt uit op negatief bedrag van € -1,2 miljoen. In dit resultaat is een onttrekking uit de bestemmingsreserve verwerkt ter aanzuivering van het eigen vermogen van Tomingroep BV. Het resultaat van het Werkvoorzieningsschap Tomingroep voor aanzuivering van het eigen vermogen van Tomingroep BV bedraagt een positief saldo van afgerond € 2,4 miljoen. Tomingroep BV betaalt aan het Werkvoorzieningsschap een loonwaarde voor de gedetacheerde SWmedewerkers. Het Werkvoorzieningsschap betaalt daarentegen aan Tomingroep BV een begeleidingsvergoeding per SE en een vergoeding voor dienstverlening als personeelszorg, administratie en gebouwbeheer. Het saldo van die twee geldstromen leidt tot een netto betaling van de BV aan het Werkvoorzieningsschap. Het begrote resultaat 2025 houdt o.a.
rekening met de doorgevoerde loonstijging in 2024, vanwege de CAO, en de hiervoor benoemde verhoging van het WML. Voor 2025 is rekening gehouden met een loonstijging van 2,2%. Het Rijkssubsidiebedrag is gebaseerd op de circulaire Gemeentefonds 2023. Het Rijkssubsidiebedrag waarmee begroot is, bedraagt voor 2024 € 35.750 per SE en voor 2025 € 36.537 per SE. In de begroting 2024 en 2025 en in latere jaren is het uitgangspunt dat de loonstijgingen door de Rijksoverheid geheel wordt gecompenseerd via een verhoging van het macrobudget SW (verantwoord onder Overige subsidie). Tenslotte wordt in 2024 het lage inkomensvoordeel (LIV) in de werkgeverslasten opnieuw meegenomen; na 2024 komt de LIV te vervallen. In de begroting wordt het voorgeschreven model van de provinciale toezichthouder gebruikt. Dit betekent dat de cijfers voor de begroting 2025 worden afgezet tegen de cijfers uit de begrotingen van voorgaande jaren. De begroting van 2023 is niet aangepast. De begroting van 2024 die in 2023 is vastgesteld door het Algemeen Bestuur, is vervangen door de recent aangepaste begroting 2024 om op deze wijze een beter beeld te geven van de verwachte ontwikkelingen in 2024. Hilversum, 28 maart 2024
Mevrouw H.B. Boudewijnse Voorzitter Algemeen Bestuur
De heer I.W.J.K.N. Korte Directeur
Pagina | 4
Organisatieschema WERKVOORZIENINGSSCHAP Tomingroep
8 deelnemende gemeenten
Algemeen bestuur
Dagelijks bestuur
WSW-personeel*
* Het WSW-personeel is gedetacheerd bij één van de bedrijfsonderdelen van Tomingroep BV, is via Tomingroep BV gedetacheerd bij een werkgever in de regio, of is in dienst bij een externe werkgever in het kader van Begeleid Werken. Er zijn ook functies ter beschikking bij de staf- en ondersteuningsafdelingen. De staf- en hulpafdelingen zijn: • Receptie • (Directie)secretariaat • Marketing & Communicatie • Personeel & Organisatie • Arbeidsontwikkeling • Financiën & Control • Salarisadministratie • Kwaliteit, Arbo & Milieu • Informatisering & Automatisering • Beheer & Huisvesting • Technische dienst • Inkoop • Centraal magazijn
Pagina | 5
Bedrijfsactiviteiten Tomingroep Tomingroep heeft verschillende bedrijfsactiviteiten waarin mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt zich kunnen ontwikkelen met als doel dat zij op het best passende, zo regulier mogelijke werkplek aan het werk gaan. (Zo hoog mogelijk op de werkladder) Bij voorkeur bij een reguliere werkgever, al dan niet via detachering. Hieronder een overzicht van de diverse activiteiten. Tomin Groenvoorziening verzorgt het ontwerp, de aanleg, het onderhoud en het beheer van tuinen, parken, plantsoenen en openbare ruimte voor bedrijven, particulieren, gemeenten en instellingen. Stads Beheer Service (SBS) verzorgt het integrale beheer van de openbare ruimte in de deelnemende gemeenten. Daarnaast behoren seizoensgebonden activiteiten zoals het klaarmaken en opruimen van evenemententerreinen tot de activiteiten. SBS heeft ook een garage/werkplaats voor machineonderhoud. Tomin Schoonmaak beschikt over moderne apparatuur en milieuvriendelijke middelen om o.a. bedrijfsruimten, sportaccommodaties, instellingen en scholen schoon te maken. Tomin Schoonmaak verzorgt dagelijkse schoonmaakwerkzaamheden, glasbewassing, graffitiverwijdering, opleveringsschoonmaak, gevelreiniging en vloeronderhoud. Tomin Catering verzorgt de bedrijfsrestaurants van Tomingroep zelf en van enkele andere opdrachtgevers.
Ook verzorgt Tomin Catering de catering voor bijvoorbeeld een bedrijfsborrels of andere (feestelijke) gelegenheden. Tomin Verpakken en montage is gespecialiseerd in zowel machinaal als handmatig verpakken en het monteren / samenstellen van allerlei (half-)fabriaten. De machinale mogelijkheden zijn o.a. flowpack, barcodering, cellofoneren, bundelpak, sealen en krimpen, klick-lock, trans-wrap en stickeren. Tomin Retail heeft vier Kringloopwinkels in Almere, Hilversum, Naarden en Weesp, waar veel mensen worden begeleid in het leren werken. De Kringlopers verkopen allerhande aangeleverde goederen en functioneren als een warenhuis. De trendy winkels zijn goed voor de circulaire economie en voor de portemonnee. Voor de vestiging in Weesp is de huur opgezegd per 31 maart 2025. Tomin Detachering houdt zich bezig met zowel individuele detachering als groepsdetachering. De afdeling bemiddelt personeel op het gebied van administratie, industrie, logistiek, techniek en overige dienstverlening. Focus@Work Uitzendbureau houdt zich bezig met o.a. uitzenden, werving & selectie, detacheren en payrollservice en biedt arbeidsbemiddeling in onder andere groen, schoonmaak, techniek, horeca, industrie en logistiek.
Pagina | 6
Weerstandsvermogen en risicobeheersing Bij het weerstandsvermogen gaat het om de mate waarin het Werkvoorzieningsschap Tomingroep in staat is middelen vrij te maken om substantiële tegenvallers op te vangen, zonder dat dit betekent dat het beleid veranderd moet worden. Daarnaast vormt ook de algemene reserve een buffer tegen onverwachte financiële tegenvallers. De begroting en toelichting geeft inzicht in het vermogen van het Werkvoorzieningsschap Tomingroep om risico’s die niet in de jaarrekening zijn verwerkt op te vangen. Als risico’s worden beschouwd alle redelijk voorzienbare gebeurtenissen, die van materiële betekenis kunnen zijn in relatie tot het balanstotaal c.q. het eigen vermogen en de omvang van de exploitatie dan wel het exploitatieresultaat. Het eigen vermogen van het Werkvoorzieningsschap Tomingroep ultimo 2023 bedraagt naar verwachting ruim 10,2 miljoen euro. Voor verdere details wordt verwezen naar de jaarrekening. De deelneming Tomingroep BV is voor de verkrijgingsprijs op de balans opgenomen in de jaarrekening van het Werkvoorzieningsschap Tomingroep. Voor de intrinsieke waarde van Tomingroep BV per 31 december 2023 wordt verwezen naar de jaarrekening van Tomingroep BV. Kengetallen:
Netto schuldquote Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen Solvabititeitsratio Structurele exploitatieruimte Belastingcapaciteit
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
Begroting
2023 20,9% 24,0% 50,8% 0,1% n.v.t.
2024 -14,5% 4,1% 92,6% 11,2% n.v.t.
2025 -8,4% 3,4% 94,4% -8,0% n.v.t.
2026 -10,2% 1,8% 96,9% -5,4% n.v.t.
2027 -14,1% 0,0% 100,0% -6,1% n.v.t.
2028 -18,0% 0,0% 100,0% -6,7% n.v.t.
Netto schuldquote en netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen Hoe hoger de schuld en hoe lager de eigen middelen, hoe hoger de netto schuldquote. De netto schuldquote geeft het niveau van de schuldenlast aan ten opzichte van de eigen middelen en geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en de aflossingen op de exploitatie. Veelal wordt een netto schuldquote kleiner dan 100% als voldoende beschouwd. Solvabiliteitsratio Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin het Werkvoorzieningsschap in staat is aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Hoe hoger de solvabiliteitsratio, hoe groter de weerbaarheid van het Werkvoorzieningsschap. Voor een bedrijf wordt vaak een solvabiliteit van 25% of hoger als voldoende beschouwd. Door de stijging van het macrobudget in verband met coronabijdragen en de loon- en prijsontwikkelingen vooral door de (sterke) daling van het aantal Wsw-ers terwijl de macro omvang van het budget nog steeds is gebaseerd op het verwachte verloop toen de instroom in de Wsw werd gestopt in 2015, is het eigen vermogen van het Werkvoorzieningsschap toegenomen. Voor het eerst in 2024 wordt een onttrekking uit de bestemmingsreserve gedaan om het eigen vermogen van Tomingroep BV aan te zuiveren hierdoor neemt de solvabiliteitsratio af.
Structurele exploitatieruimte Voor de beoordeling van de financiële positie is het ook van belang te kijken naar de structurele baten en structurele lasten. De structurele baten zijn voornamelijk de rijkssubsidie WSW. Dit kengetal geeft aan hoe groot de structurele exploitatieruimte is, doordat wordt gekeken naar de structurele baten en structurele lasten en deze worden vergeleken met de totale baten. Het Werkvoorzieningsschap ontvangt bij een negatief resultaat een garantietoekenning van Tomingroep BV zodat er een nulresultaat wordt gerealiseerd bij het Werkvoorzieningsschap. Vanaf 2024 ontstaat een negatieve structurele exploitatie ruimte door aanzuivering van het eigen vermogen van Tomingroep BV. In deze begroting wordt uitgelegd dat vanuit het eigen vermogen voldoende dekking is voor de hier gepresenteerde procentuele negatieve dekkingsruimte omdat vanuit de bestemmingsreserve wordt geput. Subsidiesaldo Het subsidiesaldo is het verschil tussen de ontvangen rijkssubsidie en de personeelslasten van de SW-medewerkers. Het subsidiesaldo kan fluctueren als gevolg van wijzigingen van het subsidiebedrag door de Rijksoverheid, besluiten van het ministerie over compensatie voor loon-en prijsstijgingen, nieuwe wetgeving of politieke keuzes, en van loonkostenwijzigingen als gevolg van de CAO voor de WSW.
De verwachting voor 2025 is dat het subsidiesaldo € 1,6 miljoen positief zal zijn.
Pagina | 7
Ondanks de forse loonstijging in 2023 en 2024, vooral als gevolg van de stijging van het wettelijk minimumloon, blijft het subsidiesaldo positief omdat uitgangspunt onder deze begroting is dat er door de Rijksoverheid gecompenseerd gaat worden via de Wsw-subsidie en er substantieel minder WSWers zijn, waardoor de bijdrage per SE sterk gestegen is. Door de structurele aanhoudende verliezen in de BV, door o.a. krimp van de organisatie en forse loonstijgingen en de ontoereikende loonkostensubsidie en begeleidingsvergoeding voor mensen in de P-wet, zal het eigen vermogen van de BV moeten worden aangezuiverd. Deze mutatie komt ten laste van de staat van Baten en Lasten en leidt tot een onttrekking van de bestemmingsreserve. Hierdoor ontstaan er forse negatieve resultaten uit gewone bedrijfsuitoefening voor bestemming binnen het Werkvoorzieningsschap. Jaarlijks terugkerende arbeidskosten gerelateerde verplichtingen Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) dienen de verplichtingen die gerelateerd zijn aan de jaarlijks terugkerende arbeidskosten niet als financiële verplichting in de balans te worden opgenomen (zoals verplichtingen t.a.v. verlofsaldi en jubileumuitkeringen). In de jaarrekening worden deze verplichtingen onder de paragraaf “niet uit de balans blijkende verplichtingen” vermeld.
Deze verplichtingen moeten als een risicobedrag worden beschouwd. Groot onderhoud gebouwen De onderhoudskosten worden direct in het betreffende jaar verantwoord. Dit uitgangspunt is meegenomen bij de opstelling van de begroting voor de jaren 2024-2027. Risico’s Het Werkvoorzieningsschap Tomingroep biedt werkgelegenheid onder aangepaste omstandigheden aan personen die kunnen en willen werken. De activiteiten zijn georganiseerd bij Tomingroep BV. In het jaarcontract met Tomingroep BV is vastgelegd dat de BV een nihil resultaat bij het Werkvoorzieningsschap garandeert. Risico’s die van invloed kunnen zijn op de cijfers van 2025 (en later) zijn: • Politieke ontwikkelingen, wetswijzigingen, Europese richtlijnen en renteontwikkelingen (waaronder de stijging van het wettelijk minimumloon en een minimum uurtarief waarbij onzeker is wat het ministerie van SZW gaat doen ter compensatie hiervan via het macrobudget. • Uitkomsten van Cao-onderhandelingen voor SW-medewerkers (al dan niet gecompenseerd in de SW-subsidie). • Onvoldoende resultaat van Tomingroep BV, door bijv. plotselinge omzet terugval (bedrijfsmatig) of overige bedrijfsrisico’s t.a.v. prijzen, voorraden, debiteuren, claims, etc., en daarbij tevens een onvoldoende eigen vermogen om de garantietoekenning te kunnen betalen.
• Sociaaleconomische ontwikkelingen of politieke besluiten die leiden tot verdere bezuinigingen op de rijkssubsidie dan nu voorzien in de begroting. • Andere landelijke ontwikkelingen en aanpassingen in de regelgeving met betrekking tot de sociale werkvoorziening en P-wet. • Herstructurering van afdelingen (in de BV) en eventuele afwaardering van activa. Het Werkvoorzieningsschap kent geen eigen afdelingen (activiteiten). De waardering van de activa (m.n. gebouwen) geeft geen reden tot grote risico’s van afwaarderingen. Mocht er een risico bestaan dan betreft dit het mogelijke effect van leegstand waar geen alternatieve aanwending voor is. • Tijdigheid subsidiebetalingen door de deelnemende gemeenten. • Eventuele (onverzekerde) aansprakelijkheidsrisico’s en juridische claims. De resultaten van het Werkvoorzieningsschap Tomingroep kunnen de komende jaren als gevolg van bovengenoemde risico’s fluctueren. Het geconsolideerde vermogen van het Werkvoorzieningsschap Tomingroep en van Tomingroep BV is, rekening houdend met bovenstaande risico’s, als adequaat beoordeeld voor de komende jaren. Voor zover de reserves in de verdere toekomst toch niet toereikend zouden zijn, komt een eventueel tekort uiteindelijk voor rekening van de deelnemende gemeenten.
Pagina | 8
Onderhoud kapitaalgoederen Er is geen voorziening getroffen voor het egaliseren van de kosten van groot onderhoud aan terreinen, gebouwen en installaties (zie ook de paragraaf Groot onderhoud gebouwen). Bedrijfsvoering Het Werkvoorzieningsschap Tomingroep kent in principe geen eigen activiteiten. Het Werkvoorzieningsschap is aandeelhouder van Tomingroep BV. Het Werkvoorzieningsschap is de entiteit waar de WSW-subsidies worden ontvangen en van waaruit de lonen voor het SW-personeel worden betaald (de SW-medewerkers hebben een arbeidscontract met het Werkvoorzieningsschap volgens de cao voor de WSW). Het Werkvoorzieningsschap heeft naast de SW-medewerkers geen eigen personeel in dienst. Het Werkvoorzieningsschap kent enkele contractuele verbintenissen met Tomingroep BV. Zo ontvangt zij van Tomingroep BV een detacheringsvergoeding (loonwaarde) voor het detacheren van het SWpersoneel bij Tomingroep BV (of haar dochterondernemingen). Anderzijds betaalt het Werkvoorzieningsschap aan Tomingroep BV een begeleidingsvergoeding voor de kosten van de begeleiding van de SW-medewerkers, aanpassingen op de werkplek, en de uitvoering van de taken van de stafafdelingen die zijn uitbesteed aan Tomingroep BV. Tot slot verhuurt het Werkvoorzieningsschap, als eigenaar van (een deel van) de panden waarin Tomingroep BV gehuisvest is, productie- en kantoorruimtes aan Tomingroep BV.
Daarvoor ontvangt zij van Tomingroep BV huur. Het Werkvoorzieningsschap maakt daarvoor onderhoudskosten, rente- en afschrijvingskosten. Contractueel verplicht Tomingroep BV zich jaarlijks om een eventueel negatief nettoresultaat van het Werkvoorzieningsschap aan te vullen tot nul (garantiebijdrage). Daarvoor is het Werkvoorzieningsschap Tomingroep afhankelijk van positieve resultaten voor Tomingroep BV, of van een adequaat eigen vermogen. Het bestuur van het Werkvoorzieningsschap Tomingroep, bestaande uit de wethouders Werk en Inkomen van haar deelnemende gemeenten, wordt periodiek geïnformeerd over de resultaten (financieel en niet-financieel) van zowel het Werkvoorzieningsschap zelf als van de resultaten en activiteiten van Tomingroep BV.
Pagina | 9
Financiering (x € 1.000) In het kader van de Wet financiering decentrale overheden (Wet Fido) wordt onderstaand de liquiditeitspositie in relatie tot de kasgeldlimiet en de renterisiconorm weergegeven. Berekening kasgeldlimiet Begrotingstotaal 2025 (lasten) Kasgeldlimiet in procenten van de grondslag Kasgeldlimiet in bedrag
Begroting 2025 Vlottende (korte schuld)
21.936 8,20% 1.799
jan-mrt
apr-jun
jul-sep
okt-dec
gemiddeld
0
0
0
0
0
Vlottende middelen
-2.540
-2.540
-2.540
-2.540
-2.540
Totaal netto vlottende schuld
2.540
2.540
2.540
2.540
2.540
Toegestane kasgeldlimiet
1.799
1.799
1.799
1.799
1.799
Ruimte (+)/Overschrijding(-)
-741
-741
-741
-741
-741
De kasgeldlimiet wordt per kwartaal bepaald aan de hand van het gemiddelde van de ultimo saldi van de maand. Begroting 2025
2026
2027
2028
(1) Renteherziening op vaste schuld o/g (2) Nieuw aangetrokken vaste schuld (3) Betaalde aflossingen (4) Herfinanciering (5) Renterisico op vaste schuld (1+4)
0 0 350 0 0
0 0 350 0 0
0 0 350 0 0
0 0 0 0 0
(6) Renterisiconorm (9a) Ruimte onder renterisiconorm
210 210
140 140
70 70
0 0
1.050 0 1.050 350 700
700 0 700 350 350
350 0 350 350 0
0 0 0 0 0
21.936 20% 4.387
21.043 20% 4.209
20.206 20% 4.041
19.383 20% 3.877
Renterisico op de vaste schuld
Stand van de vaste schuld per 1 januari Nieuw aangetrokken vaste schuld Aflossingen Stand van de vaste schuld per 31 december Berekening renterisiconorm Begrotingstotaal Percentageregeling
De Tomingroep heeft aan de kasgeldlimiet en aan de renterisiconorm voldaan. Maandelijks worden de volgende posten geboekt tussen WVS-Tomin. Opbrengst - Huur voor de panden in eigendom Opbrengst - detacheringsvergoeding Kosten - Begeleidingskosten
Pagina | 10
De verbonden partijen Verbonden partijen zijn derde rechtspersonen waarmee het Werkvoorzieningsschap Tomingroep een bestuurlijke en/of financiële band heeft. Onder bestuurlijk belang wordt verstaan een zetel in het bestuur van een participatie of het hebben van stemrecht. Van een financieel belang is sprake wanneer de gemeenschappelijke regeling middelen ter beschikking heeft gesteld en die kwijt is in geval van faillissement van de verbonden partij en/of als financiële problemen bij de verbonden partij verhaald kunnen worden op het Werkvoorzieningsschap Tomingroep. Het Werkvoorzieningsschap Tomingroep is als gemeenschappelijke regeling een verbonden partij voor de deelnemende gemeenten Almere, Blaricum, Eemnes, Hilversum, Huizen, Laren, Wijdemeren en Gooise Meren. Het Werkvoorzieningsschap Tomingroep heeft een 100% deelneming in Tomingroep BV. Werkvoorzieningsschap Tomingroep en Tomingroep BV hebben een meerjarige samenwerkingsovereenkomst afgesloten. In deze overeenkomst garandeert Tomingroep BV het Werkvoorzieningsschap een nulresultaat en verklaart het Werkvoorzieningsschap dat de SWmedewerkers bij Tomingroep BV worden gedetacheerd. Per jaar wordt een contract gesloten waarin vastgelegd is aan hoeveel SW-medewerkers de BV werk dient te bieden en aan welke overige sociale doelstellingen de BV inhoud dient te geven.
Voor meer informatie verwijzen wij u naar de jaarrekening van Tomingroep BV.
Bedragen * € 1 mln
Staat van verbonden partijen Tomingroep BV
Begroting 2024
Prognose 2023 Jaarrekening 2022 Jaarrekening 2021
(ult)
(ult)
(ult)
(ult)
Eigen Vermogen
2,9
7,2
10,1
11,6
Vreemd vermogen
8,7
8,7
8,3
7,8
Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen
2,6
2,6
2,6
2,6
Resultaat
-4,3
-2,9
-1,3
-0,7
Pagina | 11
Financiële begroting
Pagina | 12
Programmabegroting 2025 Begroting 2023 Begroting 2024 Begroting 2025 Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Overige bedrijfsopbrengsten
4.614
5.020
4.694
Bedrijfsopbrengsten
4.614
5.020
4.694
Lonen, salarissen en sociale lasten WSW Kosten Begeleid Werken Afschrijving op materiële vaste activa Onvoorzien 1% totale lasten Overige bedrijfskosten
18.538
18.825
18.060
745 496 96 2.581
652 477 153 2.644
609 520 217 2.501
Som der bedrijfslasten
22.456
22.751
21.907
Bedrijfsresultaat
-17.842
-17.732
-17.212
Rijksvergoeding Overige subsidie Gemeentelijke bijdrage Aanvulling eigen vermogen Tomingroep BV Garantietoekenning Tomingroep BV
17.696 0 0 0 167 17.863
20.626 0 0 0 0 20.626
19.618 0 0 -3.600 0 16.018
Financiële baten en lasten Totaal
21 21
Saldo van de gerealiseerde algemene dekkingsmiddelen
29 29
29 29
0
0
0
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening voor bestemming
0
2.865
-1.224
Toevoeging aan bestemmingsreserve Onttrekking aan bestemmingsreserve
0 0
-2.865 0
-2.376 3.600
Resultaat na bestemming
0
0
0
Totaal der lasten/baten
22.476
22.476
22.780
22.780
21.936
21.936
Pagina | 13
(x € 1.000)
Toelichting op de programmabegroting
Begroting Begroting Begroting 2023 2024 2025
Overige bedrijfsopbrengsten Huur gebouwen en installaties etc. Detacheringsvergoeding door Tomingroep BV
1.120 3.494
1.120 3.899
1.120 3.574
4.614
5.020
4.694
De detacheringsvergoeding betreft de van Tomingroep BV te ontvangen loonwaarde voor de sw-medewerkers.
Lonen, salarissen en sociale lasten Wsw-personeel Loonkosten Wsw-werknemers Totale loonkosten Wsw
14.231 14.231
14.862 14.862
14.030 14.030
Sociale lasten Wsw Pensioenpremies Wsw
2.252 1.242 3.494 -32 3.462
2.360 1.238 3.598 -48 3.550
2.521 1.178 3.699 -45 3.654
200 30 416 199 845
170 15 250 -22 414
170 15 240 -50 375
18.538
18.825
18.060
Ziekengelden Totaal sociale lasten Wsw Bedrijfsgeneeskundige zorg Studiekosten Vervoerskosten Wsw Overige personeelskosten Totaal overige personeelskosten Wsw
Totaal Lonen, salarissen en sociale lasten Wsw-personeel
Onder Overige personeelskosten vallen onder meer: Werkkleding, autokosten, ARBO-voorzieningen, verstrekte vergoedingen personeel en jubilea
In de loonkosten is rekening gehouden met jaarlijks 6,6% verloop t.o.v. 2023. Voor 2023 is de reële loonsverhoging per 1 januari (10,15% Wettelijk MinimumLoon en 1,9% boven WML) meegenomen. Voor 2024 is rekening gehouden met een algemene stijging van de salariskosten met 3,75% op 1/1/24 en 1,2% op 1/7/24. Voor 2025 is uitgegaan van een stijging van 2,2%, en 3,0% in de jaren daarna. In de sociale lasten is rekening gehouden met het effect van de LIV (eindigt na 2024).
Pagina | 14
(x € 1.000)
Toelichting op de programmabegroting
Begroting Begroting
Begroting
2023
2024
2025
Omvang rijksvergoeding Wsw
17.696
20.626
19.618
Basis SE's gesubsidieerd Basis SE's gesubsidieerd oude verrekening Subsidie per SE
611,4 0 29.378
576,6 0 35.750
536,6 0 36.537
Rijksvergoeding Wsw
De subsidie in 2023, in afwijking van bovenstaande beloopt inmiddels € 33.540 per SE (inclusief compensatie voor loon- en prijsstijgingen), zoals opgenomen in de concept jaarrekening 2023. Voor 2024 is gerekend met € 35.750 per SE, waarvoor hetzelfde geldt.
Overige subsidie
0
0
0
167
0
0
Garantietoekenning Tomingroep BV Omvang garantiebijdrage
In het jaarcontract tussen Tomingroep BV en het Werkvoorzieningsschap Tomingroep is vastgelegd dat Tomingroep BV een nihilresultaat bij het Werkvoorzieningsschap Tomingroep garandeert. Door het uitgangspunt dat de loonstijging uit 2023 en de indexatie uit 2024 door de overheid vergoed worden, is het resultaat van de begroting 2024 positief (voor aanvulling eigen vermogen Tomingroep). Hierdoor is geen beroep op de garantiebijdrage nodig.
Pagina | 15
(x € 1.000)
Toelichting op programmabegroting
Aantal WSW-ers (gemiddeld, alleen loondienst) Aantal WSW FTE's (gemiddeld, alleen loondienst) Aantal SE's (gemiddeld, alleen loondienst) Aantal SE's (gemiddeld, inclusief Begeleid Werken) Loonkosten per SE Verhouding van sociale lasten/lonen WSW-ers in %
Begroting Begroting Begroting 2023
2024
2025
680 519,28 559,29 611,35 33.146 24,3%
623 498,41 536,81 576,56 35.069 23,9%
580 463,89 499,62 536,62 36.147 26,0%
745
652
609
SE = standaardeenheid Kosten Begeleid werken 1)
1) Dit betreft loonkostensubsidie aan externe werkgevers of Tomingroep BV voor sw-geïndiceerden uit de deelnemende gemeenten die niet in dienst zijn bij het Werkvoorzieningsschap Tomingroep. Deze groep is bij derden in dienst als begeleid werker. Afschrijvingen op materiele vaste activa met economisch nut
496
477
520
Totaal afschrijvingen
465
477
520
Huurkosten Onderhoudskosten Verzekeringen en belastingen Dienstverlening Tomingroep BV Diverse overige bedrijfslasten
0 108 89 2.248 137
0 40 100 2.332 171
0 48 111 2.174 169
Totaal overige bedrijfskosten
2.581
2.644
2.501
Overige bedrijfskosten
Huurkosten: Deze bedragen € 0. De kosten van huur van gebouwen, machines, etc. komen direct ten laste van Tomingroep BV. Onderhoudskosten: De onderhoudskosten zijn gebaseerd op het meerjaren onderhoudsplan (MJOP). Het onderhoudsplan heeft betrekking op de gebouwen en installaties welke in eigendom zijn van het Werkvoorzieningschap. Er is geen Onderhoudsvoorziening gevormd. Onderhoudskosten die niet kunnen worden geactiveerd komen direct ten laste van de P&L; investeringen worden geactiveerd en in 10 jaar afgeschreven. De dienstverlening Tomingroep BV betreft de begeleidingsvergoeding die door het Werkvoorzieningsschap wordt betaald aan Tomingroep BV voor de kosten van BV-personeel dat de WSW-populatie begeleid. Het betreft een vast bedrag per FTE, dat jaarlijks wordt geindexeerd. Het aantal FTE dat nodig is voor de begeleiding van de WSW-populatie daalt met hetzelfde % als de daling van de WSW'ers. Met ingang van 2024 wordt een post Onvoorzien meegenomen in de begroting. Deze post wordt bepaald op 1% van de totale lasten.
Pagina | 16
Gedetailleerde toelichting op de programmabegroting 2025 Algemeen De algemene uitgangspunten voor begroting 2025 ten aanzien van de SW-medewerkers zijn berekend op basis van de verwachte FTE-populatie in dienst van het Werkvoorzieningsschap plus uitvoering Begeleid Werken, rekening houdend met een verloop (afname) van 6,6% op jaarbasis. Overige bedrijfsopbrengsten De rubriek overige bedrijfsopbrengsten betreft enerzijds de huuropbrengsten van het onroerend goed (in rekening te brengen bij huurder Tomingroep BV) en anderzijds de ontvangen loonwaarde die door Tomingroep BV wordt betaald voor de gedetacheerde SW-medewerkers. Lonen, salarissen en sociale lasten WSW-werknemers De personeelsformatie wordt geraamd op basis van de te verwachten bezetting (rekening houdend met uitstroom door verloop). Uitgangspunt voor de bezetting (voorheen taakstelling) is een verloop van 6,6% per jaar (excl. Begeleid Werken). De begroting van de loonkosten voor 2025 is gebaseerd op een bezetting van 463,9 FTE (WSW) gemiddeld. Voor 2025 is rekening gehouden met een loonstijging van 2,2% ten opzichte van 2024. De sociale lasten en de pensioenpremies zijn gebaseerd op de meest actuele informatie per begin 2024 en het verwachte effect op de ontwikkeling van het lage inkomensvoordeel (LIV) op de werkgeverslasten. De LIV wordt in 2025 afgeschaft.
De vervoerskosten betreffen de wettelijk voorgeschreven vergoedingen van reiskosten woon/werk v.v. en speciaal vervoer. De begrote kosten zijn gebaseerd op de verwachte bezetting. Onder studiekosten zijn begroot de uitgaven aan externe opleidingen van WSW-personeel. Onder “Personeelskosten overig” zijn o.a. opgenomen de kosten van werkkleding (de kosten van werkkleding en veiligheidskleding voor werknemers, onder andere voor hen die vuil werk verrichten of langdurig in de buitenlucht moeten werken, alsmede de kosten van reiniging van deze kleding) en de kosten voor bijzondere persoonsgebonden voorzieningen. Tevens worden hier de kosten voor de bijdrage aan de Arbo-dienst verantwoord. Kosten begeleid werken betreft de loonkostensubsidie voor SW-geïndiceerden uit de deelnemende gemeenten die niet in dienst zijn bij het Werkvoorzieningsschap Tomingroep maar bij een reguliere werkgever in de regio. Afschrijvingen betreffen de afschrijvingen op de materiële vaste activa volgens de in de jaarrekening opgenomen regels. De afschrijvingen vinden plaats op basis van aanschafwaarde. De afschrijvingspercentages zijn gebaseerd op de verwachte technische of economische levensduur. De afschrijvingen betreffen met name gebouwen en installaties. Aanschaffingen van machines en vervoermiddelen vinden direct in Tomingroep BV plaats. Overige bedrijfskosten Dit betreft o.a.
de posten onderhoudskosten (gebaseerd op het meerjarig onderhoudsplan), kosten verzekeringen en belastingen, de aan Tomingroep BV te betalen begeleidingsvergoeding (o.a. voor de begeleiding van de SW-medewerkers binnen Tomingroep en voor de aan het Werkvoorzieningsschap toe te wijzen stafkosten) en diverse overige bedrijfslasten zoals accountantskosten en advieskosten. Rijksvergoeding SW In de begroting voor 2025 wordt rekening gehouden met een vergoeding van € 36.537 per SE, gebaseerd op de verwachte subsidie. De totale subsidie is voorts gebaseerd op de verwachte bezetting waarbij rekening is gehouden met een verloop van 6,6% t.o.v. 2024. In deze begroting is ervan uitgegaan dat de deelnemende gemeenten de vergoeding tijdig en volledig, inclusief de tussentijdse aanpassingen op het SW-budget door de overheid, doorbetalen aan het Werkvoorzieningsschap Tomingroep. Deze aanpassingen worden gepubliceerd in de mei- en september-circulaire van het sociaal domein. In oktober wordt geëvalueerd of voor de resterende maanden een correctie hierop moet worden gemaakt.
Pagina | 17
Aanvulling eigen vermogen Tomingroep BV Uit het meerjarenperspectief van Tomingroep BV blijken structurele verliezen vanaf 2021. Dit omdat het voordeel van de beter gesubsidieerde Wsw-medewerkers in het werkvoorzieningsschap vallen, terwijl de nadelen van de veel minder gesubsidieerde medewerkers onder de P-wet geheel in de uitvoerende BV vallen. In het begrotingsjaar 2024 komt het eigen vermogen zonder aanvulling vanuit het Werkvoorzieningsschap Tomingroep uit op € 2,9 miljoen. De verwachting is dat het structurele verlies van de BV ook voor de jaren na 2024 zal blijven bestaan. Verloopstaat eigen vermogen Tomingroep BV 2021
2022
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Eigen vermogen BV per 1/1 (x 1 mln) Resultaat BV Uittreding Weesp Toevoeging vanuit Schap
€ €
12,3 € -0,7 € €
11,6 € -1,2 € -0,3
10,1 € -2,9 €
7,2 € -4,3 €
2,9 € -4,0 €
2,5 € -3,0 €
2,5 € -3,0 €
2,5 -3,0
€
3,6 €
3,0 €
3,0 €
3,0
Eigen vermogen BV per 31/12 (x 1 mln)
€
11,6 €
10,1 €
7,2 €
2,9 €
2,5 €
2,5 €
2,5 €
2,5
Verloopstaat eigen vermogen Werkvoorzieningschap Tomingroep 2021 2022
2023
2024
2025
2026
2027
2028
Eigen vermogen Schap per 1/1 (x 1 mln) Resultaat Schap Aanvulling eigen vermogen BV
€ €
4,2 € 1,3 €
5,5 € 1,7 €
7,2 € 3,0 €
10,2 € 2,9 € €
13,0 € 2,4 € -3,6 €
11,8 € 1,9 € -3,0 €
10,7 € 1,8 € -3,0 €
9,6 1,8 -3,0
Eigen vermogen Schap per 31/12 (x 1 mln)
€
5,5 €
7,2 €
10,2 €
13,0 €
11,8 €
10,7 €
9,6 €
8,4
Resultaat geconsolideerd
€
0,6 €
0,5 €
0,1 €
-1,4 €
-1,6 €
-1,1 €
-1,2 €
-1,2
Eigen vermogen geconsolideerd
€
17,1 €
17,3 €
17,4 €
15,9 €
14,3 €
13,2 €
12,1 €
10,8
Verloopstaat eigen vermogen posities Tomingroep BV en Werkvoorzieningsschap Tomingroep1 In bovenstaande opstelling is de toevoeging aan het eigen vermogen en, de tegenhanger, de aanvulling eigen vermogen BV duidelijk zichtbaar. De waarde van het eigen vermogen van de BV wordt hierdoor in de jaren 2025 en volgende jaren op € 2,5 miljoen gehouden. De resultaten van Tomingroep BV sluiten aan bij de resultaten zoals opgenomen in de begroting 2024 “Samen doorontwikkelen”. Voor de jaren 2026 tot en met 2028 is verondersteld dat het resultaat van Tomingroep BV € 3 miljoen negatief zal zijn. Deze resultaten bevatten vele onzekerheden en dienen meer het doel om de ontwikkeling van het totale eigen vermogen weer te geven dan zekerheid te geven over de financiële uitkomst. Gezien de ontwikkeling in de branche, het feit dat de meeste gemeenten in Nederland al een bijdrage in de exploitatie doen en gelet op de grootte van de Tomingroep-organisatie is een negatief resultaat in de komende jaren normaal gesproken onontkoombaar. De landelijke discussie over de toegevoegde waarde van de infrastructuur van de sociaal ontwikkelbedrijven kan leiden tot wijzigingen (in positieve zin) van de financiering van de Participatiewet. Dit zal dan waarschijnlijk leiden tot een minder negatieve ontwikkeling van het geconsolideerde eigen vermogen van Tomingroep.
De gepresenteerde resultaten van het Werkvoorzieningsschap Tomingroep sluiten aan bij de gepresenteerde resultaten op pagina 13 en pagina 21 en met de gepresenteerde balans op pagina 20. Het resultaat van Tomingroep BV en het Werkvoorzieningsschap samen is voor de jaren 2024 t/m 2028 bij elkaar opgeteld negatief. Dit leidt tot een verwacht geconsolideerd eigen vermogen van € 10,8 miljoen eind 2028. Als de uitgangspunten onder deze begroting en die van Tomingroep BV juist blijken of meevallen, is vanuit de deelnemende gemeenten in die jaren geen bijdrage noodzakelijk. Garantietoekenning Tomingroep BV Omgekeerd is afgesproken, middels een overeenkomst tussen het Werkvoorzieningsschap en de BV dat indien het Werkvoorzieningsschap een negatief nettoresultaat heeft, de BV dit negatieve saldo aanzuivert tot “nihil”. De begrotingscijfers van 2024 leiden tot een positief resultaat van € 2,9 miljoen voor het Werkvoorzieningsschap Tomingroep. Hierdoor is geen garantiebijdrage vanuit Tomingroep BV richting het Werkvoorzieningsschap Tomingroep nodig.
1 In de gepresenteerde opstellingen van het verloop van het eigen vermogen worden beide posities van de
entiteiten bij elkaar opgeteld. Dit is slechts bedoeld om een beeld te krijgen. Vanuit jaarrekeningtechniek is deze opstelling, vanwege eliminatie van de waarde van de deelneming Tomingroep BV in het Werkvoorzieningsschap Tomingroep, niet juist.
Pagina | 18
Financiële baten en lasten Betreft de rente over de langlopende leningen alsmede de rente over rekening-courantsaldi tussen het Werkvoorzieningsschap Tomingroep en Tomingroep BV en haar dochterondernemingen. Financiële positie
Financiele positie Op basis van werkelijke balansstanden per 31 december 2023, en de begrote baten en lasten 2024 t/m 2028 worden onderstaande balansstanden geprognotiseerd. Balansprognose per ultimo jaar (x € 1.000)
Prognose Begroting Begroting Begroting Begroting Begroting 2023 2024 2025 2026 2027 2028
Materiele vaste activa Financiele vaste activa Overlopende activa
7.542 2.522 3.039
7.259 2.522 4.355
7.209 2.522 2.832
7.056 2.522 1.557
6.810 2.522 295
6.564 2.522 0
Totaal activa
13.103
14.136
12.562
11.134
9.627
9.086
Eigen Vermogen Voorzieningen Langlopende schulden Netto-Vlottende schulden
10.221 0 1.400 1.482
13.086 0 1.050 0
11.862 0 700 0
10.784 0 350 0
9.627 0 0 0
8.402 0 0 684
Totaal passiva
13.103
14.136
12.562
11.134
9.627
9.086
Investeringsbegroting 2025 Voor 2025 zijn geen bijzondere investeringen gepland, anders dan uitgaven voor onderhoud en aanpassing van de gebouwen Dit betreffen investeringen met een economisch nut en geen investeringen met een maatschappelijk nut. De investeringen worden conform de netto methode geactiveerd.
Pagina | 19
Programmabegroting 2026-2028 Begroting 2026 Begroting 2027 Begroting 2028 Lasten
Baten
Lasten
Baten
Lasten
Baten
Overige bedrijfsopbrengsten
4.564
4.419
4.186
Bedrijfsopbrengsten
4.564
4.419
4.186
Lonen, salarissen en sociale lasten WSW Kosten Begeleid Werken Afschrijving op materiële vaste activa Onvoorzien 1% totale lasten Overige bedrijfskosten
17.269
16.550
15.866
571 534 208 2.431
533 546 200 2.347
536 546 192 2.215
Som der bedrijfslasten
21.014
20.176
19.354
Bedrijfsresultaat
-16.449
-15.757
-15.168
Rijksvergoeding Overige subsidie Gemeentelijke bijdrage Aanvulling eigen vermogen Tomingroep BV Garantietoekenning Tomingroep BV
18.401 0 0 -3.000 0 15.401
17.629 0 0 -3.000 0 14.629
16.971 0 0 -3.000 0 13.971
Financiële baten en lasten Totaal
29 29
Saldo van de gerealiseerde algemene dekkingsmiddelen
29 29
29 29
0
0
0
Resultaat uit gewone bedrijfsuitoefening voor bestemming
-1.078
-1.157
-1.225
Toevoeging aan bestemmingsreserve Onttrekking aan bestemmingsreserve
-1.922 3.000
-1.843 3.000
-1.775 3.000
0
0
0
Resultaat na bestemming
Totaal der lasten/baten
21.043
21.043
20.206
20.206
19.383
19.383
In het kader van de solvabiliteit van Tomingroep BV dient het eigen vermogen van Tomingroep BV te worden aangevuld ten laste van de speciaal voor dit doel gevormde bestemmingsreserve.
Pagina | 20
Toelichting op de meerjarenraming 2026-2028 Hieronder treft u de grondslagen aan voor de meerjarenraming van Tomingroep voor de jaren 20262028. Algemeen Uitgangspunt van deze raming is de begroting over het jaar 2025. Waarderingsgrondslagen De waarderingsgrondslagen zoals die in de jaarrekening zijn vastgelegd, zijn onverkort aangehouden bij de bepaling van de meerjarenraming. Investeringen De verwachting is dat er investeringen in het Werkvoorzieningsschap zullen plaatsvinden in de periode 2026-2028. Lasten Lonen, sociale lasten WSW Deze post is berekend op basis van de situatie per januari 2024 waarbij de bezetting jaarlijks is aangepast met een verloop van resp. 6,3%, 7,6% en 6,6% in 2026-2028 en het gemiddelde salaris is verondersteld geïndexeerd te worden in 2026-2028 met resp. 3,0% per jaar. Afschrijvingen De afschrijvingen zijn bepaald op basis van het activabestand per ultimo 2023, en de verwachtingen voor 2024 en verder. Er zijn geen wijzigingen in de afschrijvingsmethodiek aangebracht. Voorts zal het beleid ten aanzien van investeringen en desinvesteringen onverkort gehandhaafd blijven. Rente De rentecomponent is gebaseerd op de stand van de leningen per ultimo 2024 en de verwachtingen t.a.v. de liquiditeitsontwikkeling over de komende jaren (gebaseerd op de huidige rentetarieven).
Overige kostencomponenten De overige kostencomponenten zijn per post beoordeeld en waar nodig aangepast. Voor zover van toepassing is in de kostenposten rekening gehouden met een aflopend aantal medewerkers op basis van natuurlijk verloop. Baten Rijksvergoeding De berekening van de rijksvergoedingen is gebaseerd op de subsidiebedragen in overeenstemming met de uitgangspunten van de nieuwe participatiewet. Voor de begrotingsjaren 2025 en de meerjarenplanning 2026 t/m 2028 is uitgegaan van de subsidiebedragen zoals gepubliceerd in de septembercirculaire 2023. Aanvullend is in deze begroting uitgegaan dat de loonstijging over 2024 door het ministerie van SZW volledig wordt gecompenseerd. Ook wordt verwacht dat de loonstijgingen over 2026 t/m 2028 door de Rijksoverheid worden gecompenseerd.
Pagina | 21
Bijlage Taakvelden Bijlage taakvelden Taakvelden gemeenten Begroting 2023 Baten
Begroting 2024
Lasten
Saldo
0.1 Treasury
21
0.11 Resultaat van de rekening van baten en lasten
Baten
Begroting 2025
Lasten
Saldo
-21
29
-29
-0
0
0
0
Baten
Lasten
Saldo
29
-29
0
0
-
0. Bestuur en ondersteuning
6. Sociaal domein 6.4 Begeleide participatie
22.476
22.455
21
22.780
22.751
29
21.936
21.907
29
Totaal
22.476
22.476
-
22.780
22.780
-
21.936
21.936
-
Verdelingsprincipe Binnen de GR is slechts sprake van één programma, die toeziet op de uitvoering van de WSW. Om deze reden zijn alle kosten, met uitzondering van treasury kosten, volledig toegerekend aan taakveld 6.4 begeleide participatie. Er is geen apart taakveld bestuur en ondersteuning opgenomen omdat de feitelijke bestuurskosten van beperkte omvang zijn. Deze indeling wijkt op onderdelen af van de begroting, waardoor dit tot verschillen leidt. In het taakveld resultaat van de rekening van baten en lasten is het batig saldo uit het overzicht van baten en lasten over het begrotingsjaar opgenomen.
Pagina | 23
Toelichting op de begroting 2025 van Werkvoorzieningsschap Tomingroep door directie Tomingroep BV De belangrijkste punten in deze toelichting zijn: - De extra inzet op arbeidsontwikkeling van de Wsw-medewerkers leidt tot een steeds grotere beweging ‘van binnen naar buiten’. Hiermee bedoelen we dat steeds meer medewerkers van werksoorten binnen (o.a. Verpakken, Montage en deels Kringloper) naar werksoorten buiten gaan (o.a. Schoonmaak, Groen, Reiniging) of bij een reguliere werkgever worden gedetacheerd. - De instroom P-wet-medewerkers ‘Nieuw Beschut’ is groter dan verwacht en ook hier wordt steeds meer de beweging ‘van binnen naar buiten’ gemaakt. - De instroom P-wet-medewerkers ‘doorstroom’ bleef vooral in 2022 sterk achter maar komt inmiddels steeds beter op gang. De inwoners die instromen hebben gemiddeld wel een grotere afstand tot de arbeidsmarkt dan de instroom van enkele jaren geleden. Het gaat dan vrijwel steeds mensen die een maximaal 3-jarige participatiebaan krijgen. Instroom van mensen op een kortdurend werk-leertraject komt nauwelijks voor. - Financieel zijn de eerste twee jaren van de bestuursopdracht beter verlopen dan in het bedrijfsplan verwacht. 2023 pakte om diverse redenen veel beter uit dan begin van dat jaar werd begroot.
- Ondanks de verwachting dat de tweede twee jaren van de bestuursopdracht financieel slechter zullen verlopen dan eerder gedacht, zal aan het einde van de periode van de bestuursopdracht (eind 2025) het eigen vermogen van het Werkvoorzieningsschap en BV samen ongeveer € 14,3 miljoen bedragen. Dat is ruim voldoende om nog jaren zonder extra gemeentelijke bijdrage (boven op de rijksbudgetten), een financieel weerbare organisatie te zijn. Wat zegt de begroting van het Schap? Vanwege de strikte eisen die de wetgever stelt aan dit soort meer-jarenbegrotingen is het een lastig leesbaar document. In feite geeft de begroting voor het Werkvoorzieningsschap (Schap) vrij weinig informatie over de ontwikkelingen bij Tomingroep. Dat komt ten eerste doordat de begroting van het Schap uitsluitend de inzet van de Wswmedewerkers en de huur van de panden van Tomingroep betreft. Alle overige kosten en opbrengsten worden verantwoord in Tomingroep BV, waar het overgrote deel van de bedrijfsactiviteiten plaatsvindt. Ten tweede omdat de begroting voor 2025-2028 al vroeg in het jaar 2024 moet worden opgesteld, terwijl dan de cijfers over 2023 nog niet definitief zijn, en nog nauwelijks cijfers beschikbaar zijn over het lopende jaar. Deze toelichting is bedoeld om de lezer meer inzicht te geven wat er zich in het samenstel van Schap en BV afspeelt.
De Wsw-medewerkers van Tomingroep zijn in dienst van het Schap. Zij worden gedetacheerd naar Tomingroep BV. Verder is het Schap de eigenaar van de panden van de BV. De begroting van het Schap gaat over grote bedragen, maar die zijn dus verdeeld over een beperkt aantal posten van inkomsten en uitgaven, en die zijn ook slechts beperkt beïnvloedbaar. Inkomsten van het Schap: 1
de Wsw-subsidie – dit is een rijkssubsidie die, conform de gemeenschappelijke regeling, door de gemeenten één-op-één wordt doorbetaald aan het Schap; - de detacheringsvergoeding die Tomingroep BV betaalt voor de SW-medewerkers; - de huur die Tomingroep BV betaalt; - een eventuele garantietoekenning van de BV aan het Schap in geval van een tekort. Uitgaven van het Schap: - de salarissen voor de Wsw-medewerkers; - de begeleidingsvergoeding aan de BV voor de (extra) begeleiding van de Wsw-medewerkers (incl. salarisadministratie e.d.); - het onderhoud van de panden; - een kleine post advieskosten. -
Wanneer de inkomsten en uitgaven met elkaar worden gesaldeerd, sluit het Schap sinds enkele jaren met een overschot. Voorheen was dit altijd een tekort, en gold de afspraak dat dit tekort door de BV (uit de winst of uit het eigen vermogen) werd aangevuld. Sinds 2021 kent het Schap een overschot, met name doordat de Wsw-subsidie per SE (voltijdseenheid) steeds verder stijgt. Dit komt doordat het landelijke budget voor de Wsw is ‘vastgezet’ op een daling van 6% per jaar, terwijl het aantal mensen in de Wsw landelijk sneller dan dat afneemt. Het beschikbare bedrag wordt dus over minder Wswmedewerkers verdeeld. Verder was er in 2021 en 2022 sprake van een extra Rijksbijdrage voor de compensatie van de gevolgen van corona. Die extra bijdrage is uitbetaald aan het Schap, terwijl de verliezen als gevolg van corona werden geleden in de BV. Daarbij komt dat de inwoners van de gemeenten die in het kader van de Participatiewet (P-wet) bij Tomingroep werken, in dienst zijn van Tomingroep BV. De financiering (subsidie) van de P-wet is veel beperkter. Dit leidt tot een tekort en dat valt dus in de BV.
Wat gebeurt er momenteel in Tomingroep BV? Nieuwe strategie In 2021 is, in nauwe samenwerking van de deelnemende gemeenten en Tomingroep, en onder projectleiderschap van Berenschot, een nieuwe strategie voor de keten van gemeenten, Tomingroep en werkgeversdienstverlening (WSP en Baangericht) ontwikkeld. Deze heeft het bestuur van het Schap vastgelegd in een bedrijfsplan met de veelzeggende titel “Ketensamenwerking Tomin”. De strategie houdt in dat de vrijvallende capaciteit door de uitstroom uit de Wsw wordt ingezet om doelgroepen in de Participatiewet zo regulier mogelijk aan de slag te helpen en te houden. Daartoe ontwikkelt Tomingroep zich van grote werkgever voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt tot werk-leerbedrijf met als doelstelling dat mensen in-, door- én uitstromen en uiteindelijk in de reguliere arbeidsmarkt een plek vinden. Alleen voor wie dat echt niet haalbaar blijkt (deze mensen vallen meestal in de doelgroep ‘Nieuw Beschut’), kan Tomingroep het “eindstation” zijn waarbij langdurig goed passend werk in de eigen organisatie wordt geboden. Overigens wordt ook dan bekeken of, door goede begeleiding en ontwikkeling, op termijn gedetacheerd werken bij een regulier bedrijf tot de mogelijkheden behoort.
Het uitgangspunt was dat de totale doelgroep van Tomingroep (het totaal aantal voltijds plaatsen in de Wsw en de mensen vanuit de nieuwe doelgroep) in de periode 2022-2025 gelijk zou blijven (ca. 920 plaatsen). De gemeenten betalen in de genoemde periode elk jaar een lumpsum-vergoeding die gelijk is aan het saldo van de in het businessplan geraamde kosten en opbrengsten (exclusief de gebruikelijke begeleidingskosten) van de verschillende doelgroepen uit de P-wet. De lumpsum komt dus in de plaats van de begeleidingskosten die de gemeenten anders zouden betalen aan Tomingroep. In de nieuwe strategie is verder afgesproken dat de governance in de periode 2022-2025 ongewijzigd blijft.
2
We hebben de afgelopen twee jaar gezien dat het niet is gelukt om in omvang gelijk te blijven: het totaal aantal voltijdsplaatsen voor doelgroep-medewerkers bij Tomingroep is afgenomen met ongeveer 200. Als gevolg van een snellere uitstroom dan voorzien uit de Wsw (door (vervroegde) pensionering, overlijden, uitstroom naar de WIA etc.) zijn er nu ongeveer 100 minder Wsw-plaatsen bij Tomingroep bezet. Er zijn ook voor ongeveer 100 voltijdsplaatsen minder dan geraamd mensen uit de Participatiewet aan de slag geholpen bij Tomingroep. Dit heeft er vooral mee te maken dat de instroom van Participatiewet-medewerkers – door diverse oorzaken – met name in het begin van de planperiode (2022) onvoldoende op gang gekomen is. In het afgelopen jaar is dit gelukkig verbeterd. Voor de komende jaren gaan we ervan uit dat de achterstand in het aantal Participatiewetmedewerkers alsnog wordt ingelopen. Momenteel telt Tomingroep zo’n 542 voltijdsplaatsen Wsw, 103 P-wet-doorstroom en 77 P-wet Nieuw Beschut. Totaal 722 voltijdsplaatsen voor ‘de doelgroep’. Het betreft zo’n 875 personen uit de doelgroep, naast ca. 350 reguliere medewerkers en een groot aantal vrijwilligers en stagiairs. Ontwikkeling naar passend werk Arbeidsontwikkeling is het leidend principe voor de hele organisatie.
We zijn steeds in gesprek met onze medewerkers en deelnemers aan trajecten over vragen als: ‘Wat wil je? Wat kun je? Hoe kom je daar?’ Het unieke van Tomingroep is dat we arbeidsontwikkeling ‘on the job’ bieden. Op een ladder van diverse werksoorten, van eenvoudig en licht tot moeilijker en zwaarder, bieden we voor ieder het op dat moment best passende werk. Dankzij detachering naar reguliere werkgevers kunnen we de ultieme diversiteit aan werk organiseren, zodat we ook voor de langere termijn goed passend werk kunnen bieden. Voor iedereen is er de mogelijkheid voor een op maat gesneden traject naar het best passende werk. Jobcoaches, trajectbegeleiders en werkleiding werken samen aan de invulling van het individuele trajectplan. In de afgelopen jaren hebben wij hard gewerkt aan de doorontwikkeling van onze medewerkers uit de doelgroep (Wsw en P-wet). En dat blijven we doen. Meer dan voorheen worden zij uitgedaagd om stappen te zetten op de werkladder. En dat doen we met succes! Uit onderstaande grafiek blijkt dat de inzet van arbeidsontwikkeling op de beweging naar zo regulier mogelijk werk (zoveel als mogelijk van binnen naar buiten, en indien mogelijk gedetacheerd) al veel resultaat is geboekt.
De groep Wsw-medewerkers die binnen werkt (vooral verpakken en montage) is sinds 2019 afgenomen van 49 naar 33 procent, terwijl het percentage gedetacheerde Wswmedewerkers in dezelfde periode steeg van 7 naar 22.
Ook de inzet op de arbeidsontwikkeling van P-wet-medewerkers met de indicatie Nieuw Beschut laat een forse beweging van binnen naar buiten zien (overzicht op volgende pagina). 3
In de afgelopen twee jaren bleek dat, met de inzet van de juiste ontwikkeling en begeleiding, bijna een kwart van deze groep kon worden gedetacheerd bij een reguliere werkgever. En inmiddels is nog maar 30 procent van deze groep aangewezen op verpakkings- en montagewerk. De overige ‘Nieuw Beschutters’ werken vooral bij onze kringloopwinkels, de catering, de groenvoorziening of in de schoonmaak.
Bij de P-wet-medewerkers ‘doorstroom’, dus inwoners van onze gemeenten die maximaal 6 maanden in een werk-leer-traject komen, of maximaal 3 jaar in dienst komen op een participatiebaan, zien we in onderstaand overzicht veel minder een beweging van ‘binnen naar buiten’. Dat komt omdat er meer verloop in de groep zit. Vrijwel uitsluitend P-wet-medewerkers van vóór de huidige bestuursopdracht stromen uit naar regulier werk. Dit zijn mensen met gemiddeld een kortere afstand tot de arbeidsmarkt dan de huidige instroom P-wet. Dus ondanks dat we ook voor de P-wet-medewerkers optimaal inzetten op arbeidsontwikkeling zien we vooral mensen met een kortere afstand tot de arbeidsmarkt uitstromen en mensen met een grote afstand instromen. En zien we dus door dit verloop nauwelijks ontwikkeling van de percentages op de werkladder.
4
Al met al wordt Tomingroep voor de aangesloten gemeenten steeds meer een arbeidsmarktinstrument dat bij uitstek geschikt is om mensen via een combinatie van werken en ontwikkelen (weer) te helpen aan een reguliere baan op de arbeidsmarkt. Aanpassen aan kleinere doelgroep Doordat bij Tomingroep op dit moment minder plaatsen worden ingevuld vanuit de doelgroep dan waarvoor de organisatie op basis van de huidige bestuursopdracht werd ingericht (722 i.p.v. 920 voltijds plaatsen), nemen we diverse maatregelen en wordt ook veel flexibiliteit van de medewerkers gevraagd. In overleg met ons bestuur doen we nu geen onomkeerbare dingen (we willen geen ‘COAeffect’ waarbij we voortdurend zouden moeten op- en afschalen) maar proberen we wel krimp en mogelijk toekomstige groei zoveel mogelijk binnen de organisatie op te vangen. Eén van de gevolgen van de huidige overcapaciteit is onderbenutting van onze gebouwen. We proberen dit zoveel mogelijk op te vangen door tijdelijke verhuur aan private partijen. Maar waar dat (nog) niet lukt, stellen we deze overcapaciteit ter beschikking aan andere partijen met een maatschappelijke doelstelling. Zo houdt een vluchtelingenorganisatie bijeenkomsten in een vergaderzaal van Tomingroep. Ook hebben we in de opstartfase onderdak geboden aan een organisatie die mensen met een bijstandsuitkering ondersteunt bij het opzetten van een eigen bedrijf.
We hebben leegstaande ruimtes ter beschikking gesteld aan een moslimgemeenschap die tijdens de Ramadan verlegen zat om een ruimte voor het avondgebed. En, alvorens een pand te verhuren aan een private partij, hebben we eerst overleg gehad of het geschikt te maken zou zijn voor een internationale schakelklas voor vluchtelingen of voor huisvesting van statushouders. Dat bleek helaas niet het geval. Mid-term review De titel van het bedrijfsplan, “Ketensamenwerking Tomin 2022 – 2025” verwijst naar het feit dat de strategie alleen een succes kan worden als er optimale samenwerking plaatsvindt in de gehele keten van gemeenten, Tomingroep en werkgeversdienstverlening. In het bedrijfsplan was al opgenomen dat halverwege de periode een ‘mid-term review’ zou worden gehouden om te bezien of de gedane aannames juist zijn, of de doelstellingen van het plan gerealiseerd worden en zo niet, welke maatregelen eventueel nodig zijn om de doelstellingen alsnog te realiseren. Op het moment van schrijven van deze toelichting is het rapport van de mid-term review, dat wordt opgesteld door Berenschot, nog niet beschikbaar. We weten in ieder geval wel dat een deel van de beoogde capaciteit van Tomingroep onbenut is gebleven (minder Wsw en minder P-wet) en dat de eerste twee jaar financieel beter zijn verlopen dan verwacht, maar dat de tweede twee jaar financieel slechter zullen verlopen.
Op basis van de uitkomst van de mid-term review zal door de ketenpartners worden bezien welke aanvullende maatregelen genomen zullen worden om de gehele keten optimaal in te richten op de behoefte van de inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt die zijn aangewezen op ondersteuning van hun gemeente bij het vinden van een plek op de inclusieve arbeidsmarkt. Financiën De ontwikkeling van het financieel resultaat van het Schap en dat van de BV kunnen niet los van elkaar gezien worden. Door de aard van de constructie, met Wsw-medewerkers in dienst van het Schap en P-wet-medewerkers in dienst van de BV, en door de veel lagere subsidie voor P-wet dan voor Wsw, zal de BV de komende jaren een financieel tekort kennen en het Schap een overschot. Zaak is om die twee zoveel mogelijk in evenwicht te houden. Tomingroep BV heeft het jaar 2023 afgesloten met een (naar verwachting, want de jaarrekening is nog niet definitief vastgesteld) veel beter financieel resultaat dan was begroot, namelijk een verlies van rond de € 2,9 miljoen (begroot was € - 5,9 miljoen). De drie belangrijkste oorzaken van dit verschil zijn: