CConstaterende datHilversum
Koppel je AI →
Document · PDF

14. Raadsinformatiebrief 2024-34 inzake Regionaal Actieplan Dakloosheid 2024-2025

GEMEENTERAAD 12 juni 2024, gemeente HilversumBij agendapunt: Ter kennisneming13.414 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Voor specifieke ondersteuning van (dreigend) dakloze jongeren met een LHBTIQ+-achtergrond worden in het onderzoek aanbevelingen gedaan met betrekking tot het bieden van een veilige omgeving met passend individueel begeleidingstraject, het investeren in training en opleiding voor professionals en vrijwilligers, het vergroten van bewustzijn en sensitiviteit en het faciliteren van bij- en nascholing van medewerkers in de jeugdhulpverlening en opvang op het gebied van LHBTIQ+-thematiek. Daarnaast het versterken van lotgenoten contact, ontmoeting, maatjesprojecten en digitale mogelijkheden. EU burgers Het NAD beschrijft dat tijdens de coronapandemie in een aantal gemeenten een toename geconstateerd is van de groep dakloze EU-burgers die een beroep doen op opvang. In september 2022 is daarom het ‘Plan van Aanpak kwetsbare dakloze EU-burgers’22 gepresenteerd. Dit plan geeft extra handvaten aan gemeenten en betrokken instanties om de specifieke situatie van dakloosheid bij de doelgroep kwetsbare EU-burgers beter te signaleren, te voorkomen en op te lossen. In het plan wordt voorgesteld om de groep te differentiëren in een drietal subgroepen met een eigen maatwerkaanpak. Zowel gemeenten als maatschappelijke partners zijn ervan overtuigd dat deze gedifferentieerde aanpak effectiever is, dan een aanpak die gericht is op een generieke aanpak EU-burgers.

Dit onder meer aangezien de verblijfsduur bepalend is voor rechten die mensen hebben opgebouwd onder de Wmo of de Participatiewet. Gedurende 2023 tot en met mei 2024 vinden er pilots plaats, ten behoeve van deze specifieke aanpak, in uitvoering bij de centrumgemeenten Amsterdam, Den Haag, Eindhoven, Rotterdam, Utrecht en Venlo. Deze pilots zijn separaat gefinancierd door het Rijk. Medio 2024 worden deze pilots geëvalueerd en wordt bezien op welke wijze de lessen uit de pilots breder te trekken zijn. Wat gaat goed in het kader van actielijn 6? Jongeren In de maatschappelijke opvang is er specifieke opvang voor jongeren (16 – 23 jaar) waar aandacht is voor de overgang van 18- naar 18 + en vanwaar uit ook contacten met de jeugdketen en scholen gelegd worden. Voor jongeren vanaf 18 jaar bestaat er ook een specifieke beschermd wonen voorziening, gericht op training/ontwikkeling. En er wordt

21 22

Movisie (2020): Driedubbel-kwetsbaar-LHBTI-dak-en-thuisloze-jongeren.pdf (movisie.nl) Rijksoverheid: Plan van Aanpak kwetsbare dakloze EU-burgers 19

sinds 2021 (op projectbasis) gewerkt met het concept ‘Kamers met Aandacht’; wonen bij een hospita, voor jongeren die extra steun nodig hebben. LHBTIQ+ inwoners Uit de interviews met gemeenten en aanbieders blijkt dat deze doelgroep met name wordt gezien dan wel herkend in de behandelpraktijk van de GGz, vooral bij jongeren. Deze groep wordt door behandelaren niet als aparte patiëntengroep gezien bij de diagnostiek en behandeling, wel wordt opgemerkt dat er veelal acceptatieproblemen spelen (stigma en zelfstigma) bij deze inwoners die onderwerp van gesprek zijn tijdens de behandeling. Af en toe is er sprake van een LHBTIQ+ inwoner in de opvang. Op dit moment leidt dit niet tot facilitaire of acceptatieproblemen. Voorheen kwamen deden er wel eens problemen voor maar sinds de invoering van de eenpersoonskamers in de opvang zijn er geen problemen meer geconstateerd. Bij enkele gemeenten komen signalen van scholen en sportclubs binnen over acceptatieproblemen. Gemeenten hebben aandacht voor LHBTIQ+ inwoners en verankeren dit thema in hun inclusiebeleid zodat er actief gehandeld wordt om (zelf)stigmatisering te voorkomen. Deze ontwikkeling is uiteraard breder dan enkelvoudig de relatie met (dreigende dakloosheid).

Op basis van de interviews lijkt het in de regio wel goed te gaan, maar de vraag is of er daadwerkelijk weinig acceptatieproblematiek speelt in de opvangvoorzieningen of dat deze problematiek niet en of onvoldoende gezien wordt. EU-burgers De aandacht die nodig is voor deze groep burgers is landelijk belegd in pilots ‘kortdurende opvang, op basis van het Plan van Aanpak kwetsbare dakloze EU-burgers. De pilots zijn aanvankelijk door Amsterdam, Den Haag, Rotterdam en Utrecht uitgevoerd, later sloten Eindhoven en Venlo aan.23 Voor de zomer van 2024 wordt de eindevaluatie verwacht. In onze regio melden EU-burgers zich niet tot nauwelijks aan. Het toegangsteam maatschappelijke opvang (bestaande uit een afvaardiging van de gemeentelijke uitvoeringsdienst van Hilversum en van de opvangorganisatie Kwintes) hanteert te allen tijde de Werkinstructie landelijke toegankelijkheid Maatschappelijke Opvang. Gezinnen In het NAD worden gezinnen dan wel alleenstaande ouders met (kleine) kinderen niet genoemd als specifieke groep waar aandacht voor nodig is. In de regio Gooi en Vechtstreek komt deze groep veelvuldig en in toenemende mate voor.

De maatschappelijke opvang heeft een specifieke voorziening voor gezinnen met zestien opvangplekken, daarnaast is er een woonzorgvoorziening met zes appartementen vlakbij de opvang in Hilversum, waar gezinnen tijdelijk een woning kunnen huren en daarbij ambulant begeleid worden. En sinds april 2023 is er in Huizen tijdelijk (tot en met eind 2024) een woning beschikbaar voor de opvang van de wat grotere gezinnen. Kinderen worden op deze manier van organiseren nooit tussen volwassen daklozen (niet zijnde ouder met kinderen) opgevangen en ook niet tussen jongeren van 16 tot en met 23 jaar. Gemeenten hebben de ambitie om kleinschalige opvang voor gezinnen in wijken uit te breiden, conform beleidsplan Bescherming en Opvang, maatregel 10.

Pilot opvang dakloze EU-burgers: In 2023 is door het kabinet structureel 65 miljoen extra beschikbaar gesteld voor de aanpak dakloosheid. Van deze 65 miljoen is 7 miljoen ter beschikking gesteld voor de pilot opvang dakloze EU-burgers, zoals beschreven in het plan van aanpak. In 2022 zijn Amsterdam, Den Haag Rotterdam en Utrecht gestart met de voorbereidingen van deze pilot en hebben zij een voorschot van 950.000 euro (vanuit middelen van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid) gekregen om de gemeentelijke plannen op te starten. In 2023 zijn de gemeenten Venlo en Eindhoven bij de pilotgemeenten aangesloten. In mei 2023 is de pilot daadwerkelijk van start gegaan. Doel van deze pilots is om best practices op te halen en beter inzicht te krijgen in wat (niet) werkt. In de pilot wordt kortdurende opvang geboden aan dakloze EU-burgers. Deze kortdurende opvang wordt gecombineerd met hulp, gericht op terugkeer naar werk of naar het land van herkomst. 23

20

Opgaven 2024 en 2025 in het kader van actielijn 6: Opgave actielijn 6 2024 - 2025 (Extra) regionale inzet/ activiteiten (Extra) lokale inzet/activiteiten

Doelgroep Beoogd effect Planning Relatie tot huidig beleid en landelijke programma’s. Benodigde middelen

Voorkomen van knelpunten voor LHBTIQ+/regenbooginwoners in het dagelijks leven en in 24 – uurs setting Onderzoeken van de eventueel niet in beeld zijnde knelpunten voor de lhbtig+ groep in -en na opvangsituaties bijvoorbeeld i.s.m. de regenboog community ‘Stichting Gooi en Vecht Inclusief’. Agenderen van aandacht voor regenboog inwoners op scholen en sportclubs bij het vormgeven van inclusiebeleid. Intern communiceren van uitkomsten en maatregelen naar aanleiding van regionaal onderzoek. LHBTIQ+ inwoners in de regio Gooi en Vechtstreek LHTBIQ+ inwoners voelen zich veilig in opvangsituaties en in hun dagelijks leven in de thuissituatie. -

Start: Q 3 2024 Afronding Q 1 2025 Een aanvulling op de beleidslijn ‘Preventie en perspectief’, maatregel 10 en 11, van het beleidsplan Bescherming en Opvang (Herstel de verbinding). Lokaal Inclusiebeleid.

Formatie 2024: Inzet regionale uren t.b.v. onderzoek door de Regio middels inhuur projectleider – gemiddeld 2 uur per week gedurende 30 weken. Financiën 2024: eventuele kosten die inzet van Stichting Gooi en vecht met zich meebrengt (Regionaal). Regionaal: projectleider Dakloosheid kan vanuit de structurele Rijksmiddelen t.b.v. de aanpak dakloosheid bekostigd worden (onderbrengen in de regionale begroting B&O).

21

Bijlage I Checklist en interviewvragen gemeenten landelijk actieplan dakloosheid Actie lijn 1 Versterken financiële bestaanszekerheid: borging bestaansminimum

Voldoende inkomsten zijn een randvoorwaarde voor het hebben van een woning. Daarom is financiële bestaanszekerheid een belangrijk onderdeel van huisvesting en het scheiden van wonen en zorg. Het is een voorwaarde om te werken aan preventie van dakloosheid. Doelstelling: Borging van het bestaansminimum 1

Checklist actielijn 1 Er is een aanpak participatiewet in balans waarmee gewerkt wordt aan het aanpassen van negatieve effecten van wet -en regelgeving

Ja/nee

Aandachtspunten

1. Aanpassen van de 4-weken-zoektermijn van werk/opleiding voor jongeren tot 27 jaar (SZW) Door het creëren van een kanbepaling in plaats van een verplichting, kan daar waar de 4-weken zoekperiode onwenselijke effecten heef maatwerk worden geboden. Met name de ondersteuning van jongeren in een kwetsbare positie is hierbij gebaat. Jongeren blijven beter bij de gemeente in beeld, waardoor escalatie (denk aan dakloosheid) kan worden voorkomen. 2. Codificeren dat bij vooropgezet tijdelijk verblijf de kostendelersnorm buiten toepassing blijft (SZW) Hiermee wordt de eerdere oproep aan gemeenten om bij vooropgezet tijdelijk verblijf betrokkene niet als kostendeler aan te merken gecodificeerd. Dat betekent dat als iemand in een crisissituatie tijdelijk bij een bijstandsgerechtigde intrekt, wordt de uitkering voortaan niet meer gekort. Hierbij kan het bijvoorbeeld gaan om mensen in een crisissituatie, dakloze mensen of mensen die dakloos dreigen te raken. 3. Harmoniseren van de hoogte van de aanvullende bijzondere bijstand aan jongeren van wie ouders niet in beeld zijn of geen ondersteuning kunnen bieden door ziekte of armoede (SZW) De jongmeerderjarigen-norm (18-21 jaar) gaat uit van ouderlijke ondersteuning. Wanneer die ouderlijke ondersteuning ontbreekt, bestaat recht op bijzondere bijstand. Hierbij spelen grote verschillen tussen gemeenten. Dit creëert rechtsonzekerheid.

Door de norm te harmoniseren wordt deze rechtsonzekerheid weggenomen. Het wegnemen van deze onzekerheid biedt een stevigere basis voor de dienstverlening op andere vlakken aan deze groep jongeren in een kwetsbare positie. 4. Creëren van de mogelijkheid tot verlening van categoriale bijzondere bijstand (SZW) Door de mogelijkheid te creëren om bij Algemene Maatregel van Bestuur aan te wijzen situaties categoriale bijzondere bijstand toe te staan, kan soepeler worden ingespeeld op bredere behoeften aan inkomensondersteuning, zoals deze zich ook in het recente verleden 22

hebben voorgedaan (denk b.v. aan de Energietoeslag). Daarnaast wordt ook meer rechtszekerheid gecreëerd voor betrokkenen. 5. Verruiming van de bijverdiengrenzen (maatregel uit coalitieakkoord) (SZW) Een bredere toepassing van de vrijlating van inkomsten uit werk maakt (deeltijd)werken aantrekkelijker. Werk is de opstap naar bijstandsonafhankelijkheid. Meer werk betekent ook meer uitstroom kansen voor de doelgroep. Voor mensen voor wie (deeltijd)werk het hoogst haalbare blijkt te zijn blijft er een financiële prikkel om te blijven werken. Daarnaast krijgen gemeenten de mogelijkheid om de vrijlating nu ook toe te passen voor kwetsbare jongeren 6. In schrijnende situaties afwijken van het principe aanvraag datum is ingangsdatum. Het kan voorkomen dat aanvragers van een bijstandsuitkering al één of enkele maanden nauwelijks inkomen ontvangen voor ze een uitkering aanvragen. Dit kan leiden tot opbouw van schulden. Daarom wordt mogelijk gemaakt om in schrijnende situaties bijstandsverlening voor aanvraag mogelijk te maken. 7. Ontvangsten uit giften en incidentele hobbymatige verkoop. Het wordt voor bijstandsgerechtigden mogelijk om giften (ook in natura) te ontvangen tot een bedrag van 1200 euro. 8. Meer ruimte voor afstemming op individuele omstandigheden bij het opleggen van maatregelen.

2

Het huidige systeem van maatregelen kent nu stevige standaardverlagingen van de bijstandsuitkering bij het niet nakomen van verplichtingen. Een verlaging van 100 procent heef grote gevolgen voor iemand die op het sociaal minimum van de bijstand leeft. Daarom wordt het mogelijk om deze verlagingen te differentiëren al naar gelang de individuele omstandigheden. Er is een Aanpak geldzorgen, armoede en schulden waarbij gewerkt wordt aan: 9. Vroegsignalering en schuldhulpverlening (SZW) • •

•

•

Intensivering vroegsignalering schulden. Vanaf 2023 structureel extra middelen voor gemeenten voor vroegsignalering. De positie van publieke schuldeisers bezien bij schuldhulpverlening en schuldsanering, zodat sneller tot een akkoord kan worden gekomen. Door de afloscapaciteit evenrediger over alle schuldeisers te verdelen, hoeven private schuldeisers, waaronder kleine ondernemers, minder schulden kwijt te schelden. Dat kan financiële risico’s verkleinen. Experimenten met vroegsignalering voor aanvullende signalen, zoals hypotheekachterstanden, gemeentelijke belastingschulden, belasting- en toeslagschulden, studieschulden. Betalingsregeling voor iedereen beschikbaar. Stimuleren betalingsregelingen en persoonlijk contact schuldeiserschuldenaar. De rechter krijgt de mogelijkheid om in 23

• •

•

incassozaken betalingsregelingen te treffen. Een conceptwetsvoorstel voor consultatie is in voorbereiding. Beter toezicht malafide schuldbemiddelaars Regelgeving (om bestuursrechtelijke handhaving mogelijk te maken). Landelijk Platform Schuldenbewind - Versterken samenwerking schuldenbewind, schuldhulpverlening en wettelijke schuldsanering. Bevorderen doorstroom van schuldenbewind naar gemeentelijke schuldhulpverlening om schulden op te lossen. Versterken van de verbindingen tussen zorgverleners, welzijn met schuldhulpverlening en gemeentelijke kredietbanken.

10. Maatschappelijke verantwoorde incasso (SZW) •

•

De maatschappelijk verantwoorde incasso en deurwaardersactiviteiten worden verbeterd met intensievere samenwerking tussen incasseerders, gerechtsdeurwaarders en schuldhulpverleners. Hoe een sociaal tarief en verdienmodel te realiseren, inclusief de normering van buitengerechtelijke incassokosten, wordt verkend. Clustering Rijksincasso. Intensiveren samenwerking bij inning en incasso-trajecten met als doel leveren van gezamenlijke dienstverlening in de minnelijke fase, zoals een gezamenlijke betalingsregeling Rijksincasso en een vorderingenoverzicht Rijk, voor burgers, ondernemers en hulpverleners. Hiermee wordt voorkomen dat schulden onnodig oplopen.

11. Bewezen effectieve schuldinterventies toepassen (SZW) •

•

Bewezen effectieve aanpakken in kaart brengen en opschalen, zoals Geldzorgen lab, SchuldenlabNL, Preventie-aanpak en experimenteren met nieuwe financieringsvormen. Met snelle financiële ondersteuning kunnen soms veel grotere problemen worden voorkomen. Daarom stimuleren we experimenten met nieuwe financieringsvormen, die geld voor hulp of voorzieningen eenvoudig beschikbaar kunnen maken. Schuldenpauze - Evaluatie breed moratorium gestart. Gemeenten zijn opgeroepen om (gratis) gebruik te maken van de verwijsindex schuldhulpverlening (VISH). Gemeenten die ondersteuning bieden op het gebied van schulden aan inwoners kunnen dat in VISH kenbaar maken, zodat een deurwaarder weet waar hij even niet op pad hoef te gaan. Zo wordt schuldenrust gecreëerd. Naar aanleiding van de ervaringen van gemeenten Amsterdam, Eindhoven en Den Haag en de NVVK met betrekking tot uitstel van betaling (pauzeknop, noodstop) bepalen hoe deze aanpak landelijk op te schalen is.

12. Huurverlaging voor lage inkomens en huurtoeslag (BZK) •

De huurverlaging voor huurders met een laag inkomen in een corporatiewoning was eerder voorzien voor 2024, maar wordt een jaar vervroegd naar juli 2023. Gemiddeld gaat de huur voor deze groep dan met €57 per maand omlaag. De huurverlaging naar €550 (prijspeil 2020) geldt voor huurders in een sociale

24

huurwoning van een woningcorporatie en een inkomen tot 120% van het sociaal minimum. Door een lagere eigen bijdrage ontvangen huurtoeslagontvangers vanaf januari 2023 maandelijks € 16,94 extra huurtoeslag. Daarnaast zorgt de doorwerking van het verhoogde wettelijk minimumloon voor een deel van de ontvangers voor een verdere verhoging van de huurtoeslag.

Interviewvragen actielijn 1 1.Reflectie op de werkcontext Financiële bestaanszekerheid wordt genoemd als een voorwaarde om dakloosheid te voorkomen. a. Hoe kom je als je werkt op de afdeling schulden of participatie dakloosheid of dreigende dakloosheid tegen in je werk? b. Leeft het risico van dakloosheid bij jullie cliënten? c. Leeft het risico van dakloosheid bij de consulenten? 2.Reflectie op de acties ten behoeve van meer inkomen Lees de toelichting op de actiepunten 1 t/m 8. Er worden acties beschreven die bijdragen aan meer inkomen door aanpassing van de negatieve effecten van wet -en regelgeving. a. Op welke van deze punten wordt binnen jouw gemeente al actief gewerkt aan verbetering? Herken je de beschreven effecten in de praktijk? b. Welke punten zijn nieuw en kansrijk om op te pakken? c. Mis je nog acties die kunnen bijdragen aan meer inkomen? 3.Reflectie op acties op gebied van schuldhulpverlening Lees de actiepunten 9 t/m 11 in de checklist. Er worden acties beschreven die toegepast kunnen worden in de schuldhulpverlening. a. Op welke van deze punten wordt binnen jouw gemeente actief gewerkt aan verbetering? Herken je de beschreven effecten in de praktijk? b. Welke punten zijn nieuw en kansrijk om op te pakken? c. Mis je nog acties die kunnen bijdragen aan betere schuldhulpverlening? 4.

Reflectie op huurverlaging Wordt de huurverlaging bij lage inkomens in jullie gemeente toegepast? Waarom wel/niet?

25

Actielijn 2 Preventie: dakloosheid wordt te allen tijde voorkomen

1

2 3

4 5 6 7 8

9

10

11

Checklist actielijn 2 Stigmatiserende beeldvorming over daklozen wordt tegengegaan (voorlichting, educatie en ervaringsverhalen kunnen kennis en betrokkenheid van samenleving over dakloosheid vergroten). Er is goede en vindbare informatie voor inwoners over wat gemeenten kunnen doen bij problemen op alle leefgebieden. Er is goede ambulante begeleiding dichtbij beschikbaar voor kwetsbare inwoners die thuis wonen (denk aan laagdrempelige professionele hulp, gemeentelijke hulp, sociale steun, vrijwilligers en ervaringsdeskundigen). Er is onafhankelijke cliëntondersteuning beschikbaar voor inwoners die te maken hebben met (dreigende) dakloosheid. Er is sociaaljuridisch advies beschikbaar voor inwoners die te maken hebben met (dreigende) dakloosheid. Particuliere mogelijkheden voor verblijf worden benut voor rust en herstel (initiatieven als de Rustplek, Onder de Pannen of kamers met kansen). Er is een laagdrempelige toegang tot recht voor mensen met een laag inkomen. (Voorbeeld: straatadvocaten) Er is verbinding tussen de huisarts en sociaal domein bij (dreigende) dakloosheid door groeiende problemen. De subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerden is bekend bij de zorgaanbieders en dakloze onverzekerden. Er is een brede outreachende aanpak bemoeizorg die tijdig ingezet wordt bij dreigende dakloosheid om (terugval in) dakloosheid te voorkomen. (Nb.

Niet alleen bij overlast gevende inwoners) Uitstromers uit intramurale setting (klinieken en detentie) zijn tijdig in beeld en krijgen een regisseur toegewezen voor op orde brengen van de big 5. (Wonen, zorg continuïteit, financiën, zinvolle dag invulling en netwerk) Huisuitzettingen worden voorkomen. Er is een convenant met wooncorporaties. Huurachterstanden worden tijdig gemeld door verhuurders bij gemeenten en leiden niet tot dakloosheid.

Ja/nee

Aandachtspunten

Interviewvragen actielijn 2. 6. Lees de punten op de checklist door die bijdragen aan het te alle tijde voorkomen van dakloosheid. (actielijn 2) a. Welke punten hebben aandacht nodig in jouw gemeente? b. Is er een overkoepelend thema te benoemen voor de punten die aandacht nodig hebben? c. Welke oplossingsmogelijkheden zijn relevant om verder te verkennen? Actielijn 3 Wonen Eerst: iedereen een stabiele woonplek met ondersteuning op maat

1 2

Checklist actielijn 3 Er is voldoende betaalbaar woonaanbod in de regio

Ja/nee

Aandachtspunten

Aanbieders en professionals zijn toegerust om ambulant te werken met (dreigend) dak -en thuisloze mensen.

26

3

De opvang wordt tot een minimum beperkt en alleen als kortdurende noodvoorziening benut. Er is commitment voor deze transformatie bij gemeenten en aanbieders.

4

Er is oog bij gemeenten en opvanginstellingen voor de kwaliteit en continuïteit van de opvangvoorzieningen. De regeling huisvesting aandachtsgroepen voor het bouwen, transformeren of aankopen van huisvesting voor dakloze mensen wordt benut in de regio Gooi en Vechtstreek.

5

Interviewvragen actielijn 3 7. Lees de punten op de checklist door die bijdragen aan wonen eerst (actielijn 3) a. Is de visie op transformatie bij punt 3 van toepassing voor alle doelgroepen of zijn er specifieke doelgroepen gebaat bij langer durende opvang? b. Welke punten hebben aandacht nodig in jouw gemeente? c. Welke oplossingsmogelijkheden zijn relevant om verder te verkennen? Actielijn 4 Versterken van de uitvoeringspraktijk: betere regie, snelheid en de menselijke maat centraal

1

Checklist actielijn 4 Er zijn geen wachtlijsten bij de toegang en de gemeentelijke diensten voor inwoners die te maken hebben met (risico op) dakloosheid.

2

Het regelen van een briefadres verloopt snel en naar tevredenheid van inwoners.

3

Er wordt een gemeentelijke regisseur aangewezen bij het signaleren van (risico’s op) dakloosheid.

4

De regisseur werkt domein overstijgend en heeft bij (dreigende) dakloosheid oog voor Jeugd, huisvesting, zorg en begeleiding, werk en inkomen, schulden- en armoede problematiek.

5

De regisseur heeft aandacht voor sociale steun en benutten van ervaringsdeskundigheid.

6

Er wordt gewerkt met een plan waarin doelen en afspraken vanuit de verschillende domeinen worden vastgelegd.

7

De regisseur en gemeentelijke diensten lopen in principe door voor inwoners tijdens (korte of lange) periodes van 24-uurs opvang/begeleiding/behandeling.

8

De regisseur blijft betrokken totdat hij/zij en de inwoner vinden dat ondersteuning op regie niet langer nodig is.

Ja/nee

Aandachtspunten

Interviewvragen actielijn 4 8. Reflectie op versterken uitvoeringspraktijk Lees de punten op de checklist door die bijdragen aan het versterken van de uitvoeringpraktijk (actielijn 4) a. Welke punten zijn in de basis op orde en welke hebben aandacht nodig in jouw gemeente? c. Zijn er stappen die jullie intern kunnen zetten om de uitvoeringspraktijk een boost te geven en daarmee (risico op) dakloosheid te voorkomen? 27

Actielijn 5 Inzet ervaringskennis in de hele beleidscyclus

1 2

3 4

Checklist actielijn 5 Er wordt lokaal ervaringskennis ingezet op het thema dakloosheid. Ze worden benut bij inloop en/informatiepunten die er zijn. Ervaringsdeskundigen zijn verbonden met lokale netwerken van cliëntondersteuners, cliëntenraden en zorgorganisaties zodat signalen voor verbetering vroegtijdig opgehaald kunnen worden. Bij de inkoop van ondersteuning en zorg wordt gestimuleerd om ervaringsdeskundigheid te betrekken bij dienstverlening en beleid rondom (dreigende) dakloosheid. De initiatieven in de regio zijn bekend bij het landelijk platform belangenbehartiging dakloosheid.

Ja/nee

Aandachtspunten

Interviewvraag actielijn 5 9. Welke mogelijkheden zijn er in jullie gemeente om ervaringsdeskundigheid lokaal te benutten? Actielijn 6 Aandacht voor jongeren, LHBTIQ+ en EU burgers

1 2 3

Checklist actielijn 6 Er zijn zorgaanbieders die specialisten hebben op het gebied van LHBTIQ+ begeleiding (NB scholing movisie over opvang en begeleiding van regenboogjongeren) Er is een veilige en/of kleinschalige setting waar dakloze regenboog jongeren opgevangen kunnen worden. Er zijn ervaringsdeskundigen die bij kunnen dragen aan sensitieve omgang en opvang van regenboogjongeren.

Ja/nee

Aandachtspunten

Interview vraag actielijn 6 10. In welke mate zien jullie deze doelgroepen in de praktijk? Zijn er aandachtspunten die jullie willen meegeven als het gaat om aandacht voor jongeren, regenboogjongeren of EU burgers?

28

Bijlage 2 Interviewvragen zorgaanbieders in het kader van het landelijk actieplan dakloosheid Actie lijn 1 Versterken financiële bestaanszekerheid: borging bestaansminimum

Voldoende inkomsten zijn een randvoorwaarde voor het hebben van een woning. Het is daarmee ook een voorwaarde om te kunnen werken aan preventie van dakloosheid. Gemeenten werken aan de aanpak “participatiewet in balans” om het aanpassen van negatieve effecten op het inkomen van wet- en regelgeving te verminderen. Daarnaast wordt ingezet op het tijdig signaleren van betalingsachterstanden in huishoudens en het proactief aanbieden van hulp aan huishoudens met betalingsachterstanden. Vragen 1. Zijn jullie op de hoogte van de mogelijkheid om hulp van gemeenten in te zetten voor inwoners met betalingsachterstanden? 2. Zijn er korte lijnen met gemeenten t.b.v. intercollegiaal overleg over deze situaties? 3. Welke knelpunten worden in de praktijk ervaren bij het oplossen van financiële problemen met cliënten? Actielijn 2 Preventie: dakloosheid wordt te allen tijde voorkomen

Door ambulante hulp en begeleiding kan dreigende dakloosheid tijdig afgewend worden. In het actieplan dakloosheid worden de onderstaande punten o.a. genoemd als belangrijk. Schuin gearceerd staan de interviewvragen voor u als zorgaanbieder. 1

2 3 4

5

Checklist items actielijn 2 Er is goede ambulante begeleiding dichtbij beschikbaar voor kwetsbare inwoners die thuis wonen (denk aan laagdrempelige professionele hulp, gemeentelijke hulp, sociale steun, vrijwilligers en ervaringsdeskundigen). Zijn er knelpunten in de praktijk van de ambulante hulpverlening die het risico op dakloosheid vergroten? Particuliere mogelijkheden voor verblijf worden benut voor rust en herstel (initiatieven als de Rustplek, Onder de Pannen of kamers met kansen). Is er visie voor dergelijke initiatieven bij de zorgaanbieders? Er is een laagdrempelige toegang tot recht voor mensen met een laag inkomen. (Voorbeeld: straatadvocaten) Wordt laagdrempelige toegang tot recht gemist door cliënten? Er is verbinding tussen de huisarts en sociaal domein bij (dreigende) dakloosheid door groeiende problemen. Is de subsidieregeling medisch noodzakelijke zorg aan onverzekerden is bekend bij de zorgaanbieders en dakloze onverzekerden? Huisuitzettingen worden voorkomen. Er is een convenant met wooncorporaties. Huurachterstanden worden tijdig gemeld door verhuurders bij gemeenten en leiden niet tot dakloosheid. Hebben we als gemeenten, zorgaanbieders en wooncorporaties voldoende slagkracht om huisuitzetting te voorkomen? Wat kan er beter?

Ja/nee

Actielijn 3 Wonen Eerst: iedereen een stabiele woonplek met ondersteuning op maat

1

Checklist items actielijn 3 Aanbieders en professionals zijn toegerust om ambulant te werken met (dreigend) dak -en thuisloze mensen

Ja/nee

29

2

Zijn professionals in uw instelling voldoende toegerust? Is er behoefte aan scholing? (Bv in relatie tot bijzondere doelgroepen?) De opvang wordt tot een minimum beperkt en alleen als kortdurende noodvoorziening benut. Er is commitment voor deze transformatie bij gemeenten en aanbieders. Dit is een van de speerpunten in het actieplan dakloosheid en gaat uit van z.s.m. een huis bij dakloosheid en ondersteuning op maat aan huis. Dat is niet de manier waarop het nu werkt in de regio. Wat is uw visie op deze ontwikkeling? Welke effecten kunnen hiermee bewerkstelligd worden?

Actielijn 4 Versterken van de uitvoeringspraktijk: betere regie, snelheid en de menselijke maat centraal

1

Checklist items actielijn 4 Er wordt een gemeentelijke regisseur aangewezen bij het signaleren van (risico’s op) dakloosheid en bij uitstroom uit uw dienstverlening. Wat zijn uw ervaringen met de inzet van gemeentelijke regisseurs onder deze omstandigheden? Worden deze laagdrempelig ingezet? Hoe is de samenwerking tussen de regisseur en de hulpverlening?

Actielijn 5 Inzet ervaringskennis in de hele beleidscyclus 1. Welke mogelijkheden zijn er om ervaringsdeskundigheid in het kader van (dreigende) dakloosheid beter te benutten? Actielijn 6 Aandacht voor jongeren en LHBTIQ+ burgers

1. In welke mate zien jullie deze doelgroepen in de praktijk? 2. Zijn er aandachtspunten die jullie willen meegeven als het gaat om de hulp voor voor jongeren of LHBTIQ+burgers ?

1

2

Checklist items actielijn 6 Er zijn zorgaanbieders die specialisten hebben op het gebied van LHBTIQ+ begeleiding (NB onlinescholing movisie over opvang en begeleiding van LHBTIQ + burgers ) Is er expertise voor hulp aan LHBTQ+ burgers in uw organisatie werkzaam? Er zijn ervaringsdeskundigen die bij kunnen dragen aan sensitieve omgang en opvang van regenboogjongeren. Is er affiniteit en/of ervaring met deze doelgroep bij de ervaringsdeskundigen in uw organisatie?

Ja/nee

30

Bijlage 3 Relevante voorzieningen in de regio Gooi en Vechtstreek 1

Maatschappelijke Opvang Kwintes

2

Beschermd Wonen Leger des Heils en Kwintes

Daklozenopvang (30 plekken) Crisisopvang voor gezinnen (16 plekken) Jongerenopvang (8 plekken) Bevindt zich in Hilversum Daarnaast: 6 appartementen voor gezinnen (De Orchidee in Hilversum) en 1 tot maximaal 3 units voor grote gezinnen (Kotter in Huizen) 18+ Bevindt zich in Gooise Meren, Hilversum en Huizen: Leger des Heils ➢ De Saffier (15), Hilversum ➢ De Opaal (18), Hilversum ➢ De Robijn (12), Hilversum ➢ Amber en Topaas in Huizen zo nu en dan een Wmo BW plek (jongeren); is primair een verblijfslocatie in het kader van de Jeugdwet. NB: Op de eerste drie locaties is sprake van mix-financiering: Wet langdurige zorg (Wlz), Forensische Zorg (FZ) en Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo). Kwintes ➢ Zonnelaan (65), Hilversum – mix Wmo/Wlz ➢ Lorentzweg (80), Bussum/Gooise Meren - overwegend Wlz. ➢ Mariastraat (24), Bussum/Gooise Meren - volledig Wmo. ➢ Pater Wijnterlaan (20), Naarden/Gooise Meren – op dit moment volledig Wlz. ➢ Vooronder (13), Huizen - overwegend Wlz, klein percentage Wmo (na verbouwing, in 2024, 7 fysieke plekken extra). ➢ Rijsbergenweg (20), Huizen - combinatie Wlz, FZ en Wmo (ongeveer 1/3e Wmo op dit moment).

3 4 5 6 7

8

9

Kamers met Aandacht (particulieren) Vrouwenopvang Oranjehuis (Blijf groep) Respijtvoorziening Retrovo (GGz Centraal) In Between Places (Dudok Wonen) Keerpunt Zuid (Skaeve huse) Kwintes, Gooi en Om, Regio, Hilversum Huren onder voorwaarden (Huisvesting Maatschappelijke Doelgroepen) Lokale (interventie) woningen met ambulante zorg

* bovenstaande beschermd wonen cijfers zijn een momentopname en aan verandering onderhevig (peildatum 30-10-2023). Kwetsbare jongeren (vanaf 16,5 tot circa 23/24 jaar) die nog niet helemaal zelfstandig kunnen wonen (2-5 jaar) Voor het kalenderjaar 2024 zijn hiervoor 8 matches ingekocht bij KmA. Volwassenen en kinderen die leven in onveiligheid door HG/KM. Gezamenlijk ingekocht met Almere, aandeel G&V (2023): noodbed 0,67, crisisplaats 3,3 en begeleid wonen 5. 8 bedden en inloopfunctie voor zogeheten dag gasten (logeren, max. 2 weken). Tot rust komen en werken aan herstel. Onder begeleiding van professionele en vrijwillige ervaringsdeskundigen. Volwassenen met acute woonvraag door persoonlijke omstandigheden (max 2 jr.) in Hilversum (22 appartementen) Volwassen met belast woonverleden die verslaafd en/of overlast gevend zijn (6 containerwoningen) in Hilversum Ter bevordering van goed huurder schap en voorkoming huisuitzetting; voor het aanleren van woonvaardigheden (huur betalen, omgang buren, huis en tuin/balkon onderhouden etc.). Dit concept wordt soms ook preventief ingezet om de uitstroom vanuit BW en of MO goed te kunnen begeleiden. Circa 75 - 80 trajecten op jaarbasis, hele regio. 1 traject = maximaal 2 jaar. Partijen: woningcorporaties, gemeenten en aanbieders. Gezinnen en/of kwetsbare inwoners Hilversum, Huizen, Eemnes en Laren.

31

32

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Hilversum&id=6134b247-50ef-44ee-88ae-fe0b380b8eac