Begroting 2027 Diamantgroep (4 bijlage Jaarstukken 2025
Tekst van het document
0 0 0 0 0 -1
0 0 0 0 0 1.640
0 0 0 0 0 -7
-5.708 -73 721 788 1.126 -1.224 8.197
Het verwachte resultaat in 2026-2029 betreft het operationeel verlies zonder de gemeentelijke bijdrage. In de beschikbare weerstandscapaciteit zijn de behaalde resultaten in 2025 toegevoegd. Het bestuur zal na goedkeuring van de jaarrekeningen bepalen hoe zij met de resultaten willen omgaan. Dat kan betekenen dat de weerstandscapaciteit muteert. Voor de reorganisatie is in diverse gedefinieerde risico’s rekening gehouden met een aandeel voor de reorganisatie. Omdat voor dit risico een bestemmingsreserve is opgenomen, is deze reserve opgeteld bij de algemene reserve.
1.3 Benodigde weerstandscapaciteit – geïdentificeerde risico’s Risico’s worden gedefinieerd als gebeurtenissen die het behalen van doelstellingen in de weg staan. Dit omvat het verband tussen: de kans dat het zich voordoet; de impact die het heeft. Bij de inventarisatie van de risico’s door het directieteam is beoordeeld welke maatregelen er zijn getroffen om het risico te beheersen. Hieruit volgen de rest-risico’s. Vervolgens is van de rest-risico’s bepaald welke ‘impact’ zich voordoet als het risico optreedt. De uitkomst hiervan is het gewogen risico. Niet alle risico’s doen zich gelijktijdig en in volle omvang voor. Voor de bepaling van de benodigde weerstandscapaciteit is een zekerheidspercentage van 75% gehanteerd. De geïdentificeerde risico’s zijn gegroepeerd in onderstaande clusters en worden vervolgens per risico verder toegelicht. Benodigde weerstandscapaciteit (in €) Financiering P-Wet/WSW Organisatie wijziging/krimp Personeel Operationeel ICT Totaal
2025
MJB 26-29
1.467.000 327.000 1.934.000 2.288.000 693.000 6.709.000
1.580.000 236.000 1.840.000 2.500.000 690.000 6.846.000
33
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
In onderstaand overzicht staan de risico’s gekwantificeerd naar de diverse jaren met daarmee de kwalificatie van de impact. Risico’s in de tijd (in 1.000 €)
2026
2027
2028
2029
2030
Totaal
Kans
Financiering CAO Participatiewet* WSW-Rijksbijdrage / landelijke uitstroom* Loonkostencompensatie WSW onvoldoende* Totaal financiering P-wet/WSW
0 95 188 283
43 91 181 315
46 87 168 301
50 84 156 290
53 80 145 278
192 437 838 1.467
Ernstig Matig Matig
Krimp van de organisatie niet haalbaar Aanpassing naar een ontwikkelbedrijf Rendementen uitvoeringsagenda vertraagd Totaal organisatiewijziging
0 0 70 70
0 0 153 153
0 0 37 37
0 0 35 35
0 0 32 32
0 0 327 327
Niet-invulbare vacatures op vitale plekken Uitval SW’ers op reguliere plaatsen Effect verlofsaldo bij vertrek Effecten multi-problematiek doelgroep Totaal personeel
96 135 52 83 366
96 135 52 94 377
96 135 52 104 387
96 135 52 114 397
96 135 52 124 407
480 675 260 519 1.934
Wegvallen inkoperscollectief Cedris Extra terugloop Post Frictieverlies verhuizing La Poubelle Verlies DSC compenseren Niet verlengen aflopen gemeentelijke contracten Verduurzamen moet sneller dan gepland Onvoldoende absorptievermogen Totaal operationeel
0 22 0 0 0 29 124 175
0 22 277 7 0 80 124 510
0 22 0 8 246 138 62 477
0 22 0 7 246 196 62 533
0 23 0 8 246 254 62 593
0 112 277 30 738 697 434 2.288
Slachtoffer cybercrime* Onvoldoende op ICT- en/of AVG-gebied* Totaal ICT
0 52 52
0 52 52
433 52 485
0 52 52
0 52 52
433 260 693
Totaal alle risico’s
946
1.407
1.687
1.307
1.362
6.709
Groot Groot Ernstig Beperkt Matig
Groot Ernstig Beperkt Beperkt Groot Groot
*) Alleen gedekt via de algemene reserve. De andere risico’s worden ook gedekt via bestemmingsreserves.
1.4 Toelichting per risico In deze paragraaf worden de risico’s uit de vorige paragraaf inhoudelijk toegelicht. Financiering CAO Participatiewet (cao Aan de Slag) Door de cao Participatiewet (Aan de Slag) gaan P-Wetters uiteindelijk meer verdienen dan het Wettelijk Minimum Loon (WML), hierdoor neemt de druk op de businesscase toe aangezien de Loonkostensubsidie wordt berekend op het WML. Het risico bestaat dat de verhoging uiteindelijk niet wordt terugverdiend. Dit risico wordt meegenomen in de uitwerking van de strategie nota en de uitvoeringsplannen.
34
Matig Matig
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
WSW-Rijksbijdrage / landelijke uitstroom Het Participatiebudget voor de SW is afhankelijk van een aantal factoren, landelijke uitstroom WSW gekoppeld aan de blijf-kansen, jaarlijkse loon- en prijsontwikkeling (LPO) en de caoafspraken. Er is een risico dat de uitstroom afwijkt van de landelijke uitstroom. Loonkostencompensatie WSW onvoldoende Jaarlijks krijgen de SW-ers een cao verhoging. In de lopende cao staat dat de cao-verhogingen gelijk zijn aan de loon- en prijsontwikkeling (LPO) van het rijksbudget. De huidige cao loopt tot 31 december 2025. In de nieuwe cao kan er een verschil ontstaan tussen de cao-verhoging en de LPO. Jaarlijks is er een risico dat de compensatie lager uitvalt dan de groei in loonkosten. Krimp van de organisatie niet haalbaar - vervallen De aankomende jaren wordt verwacht dat de gesubsidieerde formatie stabiliseert. De uitstroom van WSW’ers wordt gecompenseerd door de instroom van P-wetters. Dit is een verandering in de aannames ten opzichte van vorig jaar, toen werd nog rekening gehouden met een krimp van de formatie op langere termijn. Aanpassing naar een ontwikkelbedrijf - vervallen Verwachting is dat het meer investeren in de doelgroep, resulteert in hogere kosten voor begeleiding. Het risico is niet meer opgenomen omdat de wijze waarop deze extra kosten zullen worden terugverdiend wordt meegenomen in de uitwerking van de strategie koers.
Rendementen uitvoeringsagenda vertraagd In de uitvoeringsagenda van de strategie zijn de rendementen ingeschat per jaar. Er is een risico dat rendementen slechts deels in de begrote jaren gehaald worden, deels doorschuiven naar een volgend jaar. Niet-invulbare vacatures op vitale plekken De arbeidsmarkt is voor alle vacatures steeds moeilijker. Bij vitale functies is het dan nodig externen in te huren, waarbij deze kosten doorgaans hoger zijn dan voor reguliere medewerkers. Uitval SW’ers op reguliere plaatsen Op dit moment zijn er SW’ers werkzaam op sleutelfuncties waarbij, wanneer de huidige functionaris vertrekt, deze opnieuw ingevuld moet worden. Het invullen kan soms niet met een gesubsidieerde medewerker. Hierdoor wordt de functie vervolgens ingevuld door een reguliere medewerker wat leidt tot hogere kosten. Effect verlofsaldo bij vertrek Een deel van de medewerkers heeft door omstandigheden een hoog verlofsaldo. Bij vertrek betekent dit extra kosten (uitbetalen of eerder inhuren). Dit risico is niet te begroten en is opgenomen in de risico’s. Effecten multi-problematiek doelgroep De nieuwe medewerkers vanuit de participatie-wet hebben steeds vaker een combinatie van problemen waardoor zij een achterstand op de arbeidsmarkt hebben. Het risico bestaat dat dit meer begeleiding en instructie vraagt dan we nu begroten.
Dit risico wordt meegenomen in de uitwerking van de strategie nota en de uitvoeringsplannen. 35
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Uiteenvallen inkoopcollectief - vervallen Het uiteenvallen van het SW-inkoopproces in samenwerking met de brancheorganisatie kan leiden tot hogere inkoopkosten. Vanwege het investeren van een eigen inkoop- en contractorganisatie, waarin ook het inkoopcollectief ‘Wij zijn Karel’ een rol speelt, vervalt dit risico. De afhankelijkheid van Cedris komt te vervallen op dit punt. Extra terugloop Post We houden rekening met een langzame daling van de aantallen post door de digitalisering van klanten. Het risico bestaat dat dit versneld wordt door externe omstandigheden. Frictieverlies verhuizing La Poubelle Bij de verhuizing is rekening gehouden met extra kosten en/of minder omzet in de periode van de overgang. We hebben hier een bestemmingsreserve voor gevormd maar deze is naar verwachting niet voldoende. Verlies DSC compenseren Waar De Schoonmaakcoöperatie (DSC) voorheen winst behaalde, komt deze winst steeds meer onder druk. Dit komt doordat er inmiddels meer P-Wetters zijn dan SW-medewerkers Omdat de Diamant-groep één van de moeders is, lopen we het risico dat we verliezen moeten compenseren. Niet verlengen aflopen gemeentelijke contracten De komende jaren lopen er diverse gemeentelijke contracten af. Wanneer deze niet verlengd worden, dan zal er overcapaciteit ontstaan. Dit brengt extra kosten met zich mee.
Verduurzamen moet sneller dan gepland We zijn aan het verduurzamen, maar we lopen het risico dat de wetgeving sneller gaat dan we nu denken. Effect zal dan zijn dat er versneld geïnvesteerd moet worden in bijvoorbeeld materieel. Onvoldoende absorptievermogen voor plaatsing van kandidaten Er bestaat een reëel risico dat de Diamant-groep onvoldoende passende, rendabele en voldoende gedifferentieerde werkplekken kan bieden om het volledige instroomvolume te plaatsen, dit betreft zowel kandidaten met een contract als met een traject. Dit kan leiden tot een afname van de totale inzetbare capaciteit en druk zetten op zowel de maatschappelijke opdracht als de financiële continuïteit. Slachtoffer cybercrime Het risico om slachtoffer te worden van cybercrime wordt steeds groter. Ondanks alle preventieve maatregelen, zullen we als het zich voor doet kosten moeten maken voor het herstellen van schade en het opvangen van nevenschade en eventuele claims. Onvoldoende ondersteuning op ICT en/of AVG gebied Om de nieuwe organisatie goed te ondersteunen zijn er steeds meer ICT-middelen nodig. Het risico bestaat dat door nieuwe regelgeving en ontwikkelingen we te weinig meerjarig aan benodigde ICT ondersteuning hebben begroot.
36
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Kwalitatief Niet alle geïdentificeerde risico’s kunnen gekwantificeerd en gewogen worden omdat deze dermate onduidelijk of onzeker zijn of afhankelijk zijn van scenario’s of (strategische) keuzes. De belangrijkste geïdentificeerde risico’s in dit kader hangen samen met het al dan niet kunnen voldoen aan de eisen van de Participatiewet. Deels is de Diamant-groep daarbij ook afhankelijk van bestuurlijke keuzes. Daarnaast volgen (wettelijke) ontwikkelingen zich in snel tempo op. De roep om aanpassing van de Participatiewet - zowel inhoudelijk als qua financiering – wordt steeds harder. Uit diverse onderzoeken en rapporten blijkt dat de Participatiewet niet goed functioneert en met het nieuwe kabinet is niet uit te sluiten dat aanpassingen uitblijven.
1.5 Financiële kengetallen Voor 2025 zijn voor de Diamant-groep de volgende kengetallen berekend: Netto schuldquote (in €1000)
2025
Netto schuld Totale inkomsten Netto schuldquote
-1.513 89.521 -2%
Netto schuldquote (gecorrigeerd voor leningen) (in €1000)
2025
Netto schuld Totale inkomsten Netto schuldquote (gecorrigeerd voor verstrekte leningen)
-1.513 89.521 -2%
De netto schuldquote geeft inzicht in de schuldenlast in verhouding tot de totale inkomsten. Een percentage boven de 100% kan aanleiding zijn om de schuldenpositie te verlagen. De Diamantgroep beschikt over ruim voldoende inkomsten om aan haar verplichtingen te voldoen. In 2025 is de netto schuldquote gedaald naar –2%, wat een aanzienlijke verbetering is ten opzichte van 7% in 2024. Deze daling wordt vooral veroorzaakt doordat in oktober een bedrag van €6 miljoen is afgelost. Hierdoor is de schuldenpositie verder afgenomen en blijft de financiële ruimte van de organisatie ruim voldoende.
37
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Structurele exploitatieruimte (in €1000)
2025
a) Structurele lasten b) Structurele baten c) Totale structurele toevoegingen aan de reserves d) Totale structurele onttrekkingen aan de reserves e) Totale baten (B-A) + (D-C)/E * 100%
91.467 89.499 0 0 89.521 -2%
Het berekende percentage voor de structurele exploitatieruimte helpt mee beoordelen welke structurele ruimte de Diamant-groep heeft om de eigen lasten te dragen. Zichtbaar is het feit dat deze ruimte beperkt is. Solvabiliteitsratio (in €1000)
2025
a) Eigen vermogen b) Totaal vermogen Solvabiliteitsratio (A/B * 100%)
14.054 27.225 52%
De solvabiliteit geeft aan in hoeverre de organisatie op korte en lange termijn aan haar betalingsen aflossingsverplichtingen kan voldoen. In 2025 verbetert de financiële positie duidelijk. Door zowel een substantiële aflossing van schulden als het ontvangen van dividend is de vermogenspositie versterkt, wat heeft geleid tot een stijging van de solvabiliteit naar 52%. Hiermee beschikt de Diamant-groep over een solide financiële basis. Provinciale toezicht In het toezicht kader van de provincies zijn voor de financiële kengetallen signaleringswaarden opgenomen die gebruikt worden voor het inzicht in de financiële situatie en risicopositie. In onderstaande tabel staan deze signaleringswaarden afgezet tegen de waarden van de Diamantgroep. Kengetal
Netto schuldquote Netto schuldquote (gecorrigeerd) Structurele exploitatieruimte Solvabiliteitsratio
Minst risicovol
Neutraal
Meest risicovol
Diamantgroep
<90% <90% >0% >50%
90%-130% 90%-130% 0% 20%-50%
>130% >130% <0% <20%
-2% -2% -2% 52%
38
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
2 Onderhoud kapitaalgoederen 2.1 Locatie Zevenheuvelenweg Het preventieve en dagelijkse onderhoud wordt uitgevoerd op basis van een meerjarenonderhoudsplan (MJOP), waarin zowel bouwkundige als technische elementen zijn opgenomen. Dit plan wordt consequent gevolgd, waardoor achterstallig onderhoud wordt voorkomen. De kosten die voortvloeien uit het onderhoudsplan zijn opgenomen in de jaarbegroting. In februari is het MJOP geactualiseerd en vastgesteld voor een periode van 15 jaar.
2.2 Locatie Insulindestraat Op de locatie Insulindestraat staat nog één pand. Tot halverwege 2025 is dit pand gebruikt als opslag; momenteel staat het leeg in afwachting van de start van de bouw. Het pand wordt minimaal onderhouden, uitsluitend voor zover noodzakelijk voor de voormalige opslagfunctie. Voor deze locatie is geen meerjarenonderhoudsplan (MJOP) opgesteld. De minimale onderhoudskosten worden verwerkt in de exploitatie van het lopende jaar. Het bestuur heeft in januari 2022 goedkeuring gegeven voor de verdere uitwerking van de herhuisvestingsplannen van La Poubelle naar de Insulindestraat. Het definitieve bouwontwerp is klaar en goedgekeurd door het bestuur in 2025. De start van de bouw staat gepland voor 2026.
2.3 Locatie Havendijk La Poubelle zal zich vestigen aan de locatie Insulindestraat. Voor het huidige pand aan de Havendijk is een quickscan van het meerjarig onderhoudsplan (MJOP) 2026-2028 opgesteld. Deze quickscan richt zich op de minimale maatregelen die nodig zijn om het pand de komende drie jaar bruikbaar te houden, rekening houdend met toekomstige ontwikkelingen op de Havendijk. De bijbehorende onderhoudskosten zijn opgenomen in de voorziening.
2.4 Wagenpark Binnen de Diamant-groep worden investeringen uitgevoerd op basis van in de jaarplannen vastgestelde initiatieven. In 2025 lag de focus op het wagenpark, materieel voor GroenXtra, energiebesparende maatregelen en automatisering. Zo zijn er negen nieuwe voertuigen aangeschaft (waarvan een deel elektrisch) en is het rijdend materieel, inclusief schaftwagens voor GroenXtra, vervangen.
39
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
3.Financiering 3.1 Rente en financieringsbehoefte Rentetoerekening Aan alle vaste activa en aan de voorziening reorganisatie wordt rente toegerekend via een vast rentepercentage. Dit percentage is 4% en wordt gerekend over de boekwaarde per 1 januari 2025. Het totaal van deze rentelasten was in 2025 € 453.000 (2024: € 459.000). Rentelasten Er is een langlopende lening afgesloten met de BV 18k ter grootte van € 6 miljoen. Dit betreft een langlopende lening met een flexibel rentepercentage dat maandelijks wordt bepaald. De rentelast in 2025 van deze lening was € 148.000 (2024: € 187.000), het toepasselijk rentepercentage bedraagt in 2025 3,28% (2024: 3,50%). In oktober 2025 is de lening in zijn geheel afgelost. De overige rentelasten op lopende rekeningen bedragen € 76.000 (2024: € 98.000). Rentebaten De rentebaten in 2025 waren € 68.000 (2024: € 81.000). Renteresultaat Het renteresultaat voor 2025 komt hiermee op € 609.000 (2024: € 663.000). Financieringsbehoefte Voor de financieringsbehoefte wordt er altijd eerst naar de BV 18k gekeken voor een kort- of langlopende lening. Mocht BV 18k niet in staat zijn om te voldoen aan de vraag vanuit de Diamant-groep, dan wordt de bancaire markt benaderd. Dit kan zijn via de huisbankier, Rabobank, of via de BNG (Bank Nederlandse Gemeenten).
Financieringsbehoefte (in €1000) Totale boekwaarde investeringen Eigen vermogen Voorzieningen Langlopende leningen Totaal langlopende financiering
12.541 14.054 2.295 0 28.889
In 2019 is een financieringsovereenkomst aangegaan met de BNG voor € 2.000.000. Dit betreft een rekening-courant krediet. In 2025 heeft er een aflossing plaatsgevonden van € 65.000 (2024: € 70.000). Rentelasten in 2025 € 47.000 (2024: € 76.000) Schatkistbankieren Per 16 december 2013 is de wet Verplicht schatkistbankieren ingevoerd. Verplicht schatkistbankieren houdt in dat overschotten aan liquide middelen boven een drempelbedrag moeten worden afgestort in de schatkist bij het ministerie van Financiën. Het drempelbedrag is een percentage van het begrotingstotaal. De drempel is in 2025 niet overschreden. In de toelichting op de balans in deze jaarstukken is de verplichte toelichting op de drempel en de benutting daarvan opgenomen. 40
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
3.2 Renterisiconorm en kasgeldlimiet De renterisiconorm beperkt het renterisico op de vaste schuld (looptijd één jaar of langer). Het renterisico is de mate waarin het saldo van rentelasten en -baten verandert door wijzigingen in rentepercentages op leningen en uitzettingen. Het gaat hier om percentages van het begrotingstotaal. Zowel de kasgeldlimiet als de renterisiconorm heeft als doel decentrale overheden te beschermen tegen rentefluctuaties. Rente-risiconorm (in €1.000) 1 2 3 4 5 6 7
Schuld met renteherziening 2025 Aflossing Renterisico (1+2) Begrotingstotaal Percentage ministeriële regeling Renterisiconorm (4*5) Onderschrijding norm (+) ) (6-3)
0 6.000 6.000 84.439 20% 16.888 10.888
De Gemeenschappelijke Regeling Diamant-groep heeft een onderschrijding en is binnen de renterisiconorm gebleven. Kasgeldlimiet kwartaal 1 (in €1.000) 1 Begrotingstotaal 2 Percentage ministeriële regeling 3 Kasgeldlimiet (1*2)
84.439 8,2% 6.924
4 5 6 7
8.398 10.523 -1.855 8.779
Vlottende schuld Vlottende activa Netto vlottende schuld (4-5) Ruimte onder de kasgeldlimiet (3-6)
Kasgeldlimiet kwartaal 2 (in €1.000) 1 Begrotingstotaal 2 Percentage ministeriële regeling 3 Kasgeldlimiet (1*2)
84.439 8,2% 6.924
4 5 6 7
4.070 6.141 -2.071 8.995
Vlottende schuld Vlottende activa Netto vlottende schuld (4-5) Ruimte onder de kasgeldlimiet (3-6)
41
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Kasgeldlimiet kwartaal 3 (in €1.000) 1 Begrotingstotaal 2 Percentage ministeriële regeling 3 Kasgeldlimiet (1*2)
84.439 8,2% 6.924
4 5 6 7
8.312 9.631 -1.319 8.243
Vlottende schuld Vlottende activa Netto vlottende schuld (4-5) Ruimte onder de kasgeldlimiet (3-6)
Kasgeldlimiet kwartaal 4 (in €1.000) 1 Begrotingstotaal 2 Percentage ministeriële regeling 3 Kasgeldlimiet (1*2)
84.439 8,2% 6.924
4 5 6 7
9.119 13.935 -4.816 11.740
Vlottende schuld Vlottende activa Netto vlottende schuld (4-5) Ruimte onder de kasgeldlimiet (3-6)
De Gemeenschappelijke Regeling Diamant-groep is in alle kwartalen ruimschoots binnen de kasgeldlimiet gebleven.
42
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
4. Verbonden partijen Naam
Vestigings plaats
Wijze van deelname
Openbaar belang
Stichting Bevordering Werkgelegenheid (SBW)
Tilburg
Algemeen Bestuur Gemeenschappelijke regeling is bestuur van de Stichting
Bedrijfsmatige Projecten (Bepro) BV
Tilburg
Gemeenschappelijke regeling is 100% aandeelhouder
Meervlaks BV
Tilburg
Bepro BV is 100% aandeelhouder
Initiëren en financieel ondersteunen van werkgelegenheidsprojecten bij de Gemeenschappelijke regeling. Het beschikbaar stellen van arbeidskrachten ten behoeve van de uitvoering van de projecten. Participatie in risicovolle projecten. Deelnemen in en samenwerken met en het voeren van de directie over andere rechtspersonen en ondernemingen in het kader van gesubsidieerde arbeid door de Diamant-groep. Op dit moment is deze BV niet actief.
BV 18k
Tilburg
Bepro BV is 100% aandeelhouder
Diverse activiteiten op het gebied van HRM ten behoeve van de Diamant-groep en derden.
BV 18k Flex
Tilburg
BV 18k is 100% aandeelhouder
Het tegen vergoeding detacheren van arbeidskrachten.
Stichting La Poubelle
Tilburg
Algemeen Bestuur Gemeenschappelijke regeling is bestuur van de Stichting
Kringloopwinkels. Werkzaamheden gericht op of ten dienste van het milieu. Het creëren en in stand houden van leerwerkplekken voor personen met een afstand tot de arbeidsmarkt.
De Schoonmaak Coöperatie
Vught
Gemeenschappelijke regeling is lid voor circa 48%
Het faciliteren en creëren van leerwerkplekken voor personen met een afstand tot de arbeidsmarkt in een leer/werkbedrijf gericht op schoonmaakactiviteiten.
43
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Naam
Vermogen (afgerond in € 1.000)
Verandering in belang
Resultaat 2025 (in € 1.000)
Stichting Bevordering Eigen vermogen per 01-01-2025: Werkgelegenheid Eigen vermogen per 31-12-2025: (SBW) Vreemd vermogen per 01-01-2025: Vreemd vermogen per 31-12-2025:
0.000 -/- 1.000 2.250.000 2.824.000
Geen
-2
Bedrijfsmatige Projecten (Bepro) BV
Eigen vermogen per 01-01-2025: Eigen vermogen per 31-12-2025: Vreemd vermogen per 01-01-2025: Vreemd vermogen per 31-12-2025:
10.453.000 1.658.000 791.000 1.014.000
Geen
205
Meervlaks BV
Eigen vermogen per 01-01-2025: Eigen vermogen per 31-12-2025: Vreemd vermogen per 01-01-2025: Vreemd vermogen per 31-12-2025:
351.000 47.000 2.000 4.000
Geen
-4
BV 18k
Eigen vermogen per 01-01-2025: Eigen vermogen per 31-12-2025: Vreemd vermogen per 01-01-2025: Vreemd vermogen per 31-12-2025:
9.738.000 1.255.000 784.000 1.014.000
Geen
217
BV 18k Flex
Eigen vermogen per 01-01-2025: Eigen vermogen per 31-12-2025: Vreemd vermogen per 01-01-2025: Vreemd vermogen per 31-12-2025:
18.000 18.000 149.000 111.000
Geen
0
Stichting La Poubelle
Eigen vermogen per 01-01-2025: Eigen vermogen per 31-12-2025: Vreemd vermogen per 01-01-2025: Vreemd vermogen per 31-12-2025:
311.000 307.000 863.000 867.000
Geen
-4
De Schoonmaak Coöperatie
Eigen vermogen per 01-01-2025: Eigen vermogen per 31-12-2025: Vreemd vermogen per 01-01-2025: Vreemd vermogen per 31-12-2025:
1.971.000 2.283.000 4.293.000 4.715.000
Geen
443
44
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Risico’s binnen verbonden partijen Binnen BV 18k is sinds de komst van de wet Wet Normalisering Rechtspositie Ambtenaren (WNRA) en Wet Arbeidsmarkt in Balans (WAB) het grote voordeel om de verloning via BV 18k te laten lopen vervallen. Het risico op lage aantallen te verlonen kandidaten is hoog, zeker nu het payrolll contract met de gemeente Tilburg is beëindigd. Binnen 18k flex is er een hoog risico op afnemende aantallen kandidaten P-detachering die worden verloond via BV 18k flex en op hogere kosten in de (uitvoering van) de ABU-cao. Huisvesting bij La Poubelle en het effect op de exploitatie. Aantallen P-Wetters en SW’ers bij De Schoonmaak Coöperatie en het effect op de exploitatie. Visie op de verbonden partijen Stichting Bevordering Werkgelegenheid; continueren van het beleid om alle werkzame ambtenaren in dienst te nemen. Bedrijfsmatige Projecten BV: in de BV vinden geen activiteiten plaats. Meervlaks BV: vooralsnog een lege BV, in te zetten op termijn voor nieuwe ontwikkelingen. BV 18k: continuering voor Payrolling activiteiten van de reguliere medewerkers van de Diamant-groep met een tijdelijk dienstverband en derden. BV 18k flex: voortzetting van detacheringsactiviteiten naar externe werkgevers. In 20230 willen we dé partij zijn die wordt ingeschakeld voor de bemiddeling, de begeleiding en de ontwikkeling van mensen bij externe werkgevers.
Dit kan via een detachering, zowel individueel als groepsgewijs plaatsvinden via de eigen detacheringsc.q uitzendfaciliteit van de Diamantgroep. Stichting La Poubelle: behoud en voortzetting van de beschikbaarheid van participatiebanen binnen de kringloopwinkels en werkplaatsen. De Schoonmaak Coöperatie: continuering van de coöperatie met de andere twee organisaties Weener XL en de WSD-groep.
45
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
5. Bedrijfsvoering 5.1 Duurzaamheid De Diamant-groep stuurt actief op duurzaamheid, zowel in de bedrijfsvoering als bij aanbestedingen. Binnen het wagenpark kiezen we waar mogelijk voor elektrische voertuigen, conform de vastgestelde autoregeling waarin elektrische auto’s een prominente plaats innemen. Daarnaast investeren we in energie-efficiënte oplossingen voor onze gebouwen. Deze maatregelen dragen bij aan een aanzienlijke CO₂-reductie en sluiten aan bij onze langetermijnstrategie voor maatschappelijk vastgoed. Waar mogelijk hanteren we voorwaarden voor Social Return on Investment (SROI) in onze aanbestedingen, om ook sociaal-maatschappelijke waarde te creëren. Intern werken we continu aan het minimaliseren van onze impact op klimaat, milieu en leefomgeving. Dit doen we onder andere door het gebruik van elektrisch aangedreven werkmaterieel in het groenbeheer en door circulaire principes toe te passen bij onze kringloopactiviteiten. Het uitgangspunt is een zuinig en herbruikbaar gebruik van materialen, zodat we bijdragen aan een duurzame en toekomstbestendige organisatie.
5.2 Wet Open Overheid De Wet open overheid (Woo) is op 1 mei 2022 in werking getreden. Op grond van deze wet moet in de jaarverantwoording een openbaarheidsparagraaf worden opgenomen, waarin verslag wordt gedaan van de uitvoering van de wet, mede in relatie tot de beleidsvoornemens ten aanzien van actieve en passieve openbaarmaking en de verbetering van de informatiehuishouding. In 2025 is één verzoek tot openbaarmaking van informatie ontvangen. De gevraagde informatie bleek niet aanwezig, waardoor het verzoek niet kon worden gehonoreerd. De jaarstukken en de agenda’s en verslagen van het bestuur worden actief openbaar gemaakt via de website. In het meest recente overzicht van het ministerie staat de Diamant‑groep geregistreerd als “voldoet wel” met betrekking tot de geldende verplichtingen op grond van de Woo.
5.3 Rechtmatigheid In 2025 is door het Directieteam positief besloten op een advies om te investeren in inkoopcontractmanagement. Hierdoor is in 2026 extra budget beschikbaar gesteld. In combinatie met het budget voor de uitvoering van de aanbestedingskalender 2026 is een basis gelegd voor de borging van aanbestedingsrechtmatigheid in 2026. In 2025 heeft zich één afwijking voorgedaan op het gebied van aanbestedingsrechtmatigheid, onder de rapportagegrens. Deze afwijking is opgenomen in de rechtmatigheidsverantwoording en er zijn maatregelen getroffen die ervoor zorgen dat deze uitgave in 2026 rechtmatig kan plaatsvinden. In de spend van 2025 zijn daarnaast enkele onafgedekte risico’s aanwezig die in 2026 tot afwijkingen kunnen leiden. Door uitval van systeembeheerders in 2025 is een externe systeembeheerder ingehuurd om de continuïteit van de ICT-omgeving te waarborgen. Hierdoor komt het totale inkoopvolume bij deze leverancier in 2026 boven de Europese aanbestedingsgrens uit. In 2026 worden beheersmaatregelen getroffen zodat deze spend in 2027 binnen de rechtmatigheid kan plaatsvinden.
46
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Binnen GroenXtra is ervoor gekozen om de levering van afvalbakken en de levering en plaatsing van straatmeubilair zonder contract en zonder aanbesteding in te kopen. Wanneer de uitgaven uit 2025 worden voortgezet, kan in 2026/2027 een afwijking op de rechtmatigheid ontstaan in de spend van de Diamant-groep. Voor rechtmatige inkoop via een aanbesteed contract is hierbij mede afhankelijkheid van de gemeentelijke opdrachtgever aanwezig. Vanuit bedrijfsvoering wordt de betreffende opdrachtgever geadviseerd om gezamenlijk te sturen op rechtmatigheid van deze inkopen. Begrotingsafwijkingen die zijn ontstaan na de laatste tussenrapportage, tussen de actuele begroting en de realisatie, zijn toegelicht in de jaarrekening. De kostenoverschrijdingen hadden grotendeels al in september bekend kunnen zijn, deels ook niet (zoals de juridische kosten n.a.v. de aanbesteding nieuwbouw LaPoubelle). We gaan komend jaar met een volledige bezetting vanuit Planning & Control meer focussen op betere forecast van de kosten. In 2025 is er een achterstand geweest in de periodieke overleggen met de contracteigenaren binnen concern en in het periodiek overleg met de bedrijfsonderdelen was de focus met name gericht op de NTW en minder op de kosten. In 2025 zijn de spelregels met betrekking tot begrotingsrechtmatigheid verduidelijkt in de financiële verordening 2025.
In 2026 bespreken we de werkwijze van begrotingswijzigingen samen met de gemeenten. Binnen de Diamant-groep is geen beleid van toepassing dat gericht is op het voorkomen van misbruik en oneigenlijk gebruik van wet- en regelgeving door derden (M&O-beleid). De Gemeenschappelijke Regeling Diamant-groep richt zich op medewerkers (intern) en niet op inwoners (extern), zoals bij gemeenten gebruikelijk is. In 2025 heeft één fraude-incident plaatsgevonden waarbij medewerkers worden verdacht van diefstal van brandstof door misbruik van tankpassen. De financiële omvang hiervan was beperkt. Er zijn beheersmaatregelen getroffen om herhaling te voorkomen.
5.4 Integriteit Integriteit is een thema dat voortdurende aandacht vraagt. Er is beleid ontwikkeld om medewerkers te beschermen tegen ongewenste omgangsvormen op de werkvloer en om preventieve maatregelen te bevorderen. Het betreft met name seksuele intimidatie, agressie en geweld, pesten en discriminatie. Dit is uitgewerkt in de regeling Ongewenste omgangsvormen en in een gedragscode. Het onderwerp maakt onderdeel uit van de introductiedag voor nieuwe medewerkers en komt regelmatig terug in trainingen en werkoverleggen. In 2025 heeft de Diamant‑groep een integraal integriteitsbeleid opgesteld. Dit beleid ligt momenteel ter advisering voor bij de Ondernemingsraad en wordt naar verwachting in 2026 definitief vastgesteld. In het beleid wordt waar mogelijk aangesloten bij de werkwijze van gemeenten, waarbij gelijktijdig rekening wordt gehouden met de specifieke kenmerken van de medewerkerspopulatie van de Diamant‑groep.
5.5 Investeringsbeleid Binnen de Diamant-groep worden investeringen uitgevoerd op basis van de in de jaarplannen vastgestelde initiatieven. In 2025 lag de focus op het wagenpark, materieel voor GroenXtra, energiebesparende maatregelen en automatisering. Zo zijn er tien nieuwe voertuigen aangeschaft (waarvan een deel elektrisch) en is rijdend materieel, inclusief schaftwagens voor GroenXtra, vervangen. Daarnaast zijn in 2025 in totaal tien Europese en vijf MVO aanbestedingen afgerond conform de geldende procedures, om rechtmatigheid en doelmatigheid van uitgaven te waarborgen. Deze 47
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
aanbestedingen hadden betrekking op uiteenlopende kostensoorten, waaronder onderhoud, hardware en diensten voor GroenXtra. GroenXtra blijft met een jaarlijkse inkoopomvang van ruim € 12 miljoen de grootste interne ‘spender’, goed voor gemiddeld 57% van het totale inkoopvolume. Dit onderstreept het belang van zorgvuldig contractmanagement (meer dan 100 contracten inzichtelijk waarvan 19 actief in beheer), de naleving van de Aanbestedingswet en het inkoopbeleid binnen de organisatie.
5.6 Administratieve organisatie De proceseigenaar is verantwoordelijk voor een goede administratieve organisatie en interne beheersing van zijn processen en data. De processen bij Diamant-groep bevatten in opzet en werking voldoende functiescheiding. Het 4-ogenprincipe bij mutaties bankrekeningen van leveranciers wordt echter nog niet afgedwongen door het systeem. We hebben dit verbeterpunt meegenomen in het programma van eisen in de aanbesteding van een nieuw ERP-systeem. De processen met een hoog risico op een materiële fout worden jaarlijks steekproefsgewijs getoetst op basis van het controleplan om de werking van de beheersmaatregelen (waaronder controle technische functiescheiding) in de processen te toetsen. Proceseigenaren, regisseurs, bedrijfseconomisch medewerkers, kwaliteitsmedewerkers en de afdeling planning en control bewaken de realisatie aan de hand van kaders en bespreken verbeterkansen en onderwerpen die lastig, niet werkbaar of niet aantoonbaar zijn met het lijnmanagement.
5.7 Informatisering en Automatisering In 2025 zijn diverse strategische en operationele projecten uitgevoerd ter versterking van de technische infrastructuur, digitale vaardigheden en informatiebeveiliging binnen de organisatie. Aan de technische kant zijn de VMWare-, storage- en wifi-omgevingen volledig vernieuwd. Daarnaast zijn alle werkplekken gemigreerd naar Windows 11. Eind 2025 is gestart met de vervanging van de firewalls; deze werkzaamheden worden in januari 2026 afgerond. Medewerkers zijn aanvullend getraind in het gebruik van Microsoft 365. Hiervoor zijn werkinstructies en instructievideo’s ontwikkeld en beschikbaar gesteld via de kennisbank. Samen met HRM is een introductieprogramma ingericht om nieuwe medewerkers vertrouwd te maken met de werkwijze binnen Microsoft 365. In 2025 is een project gestart voor het testen van Co-pilot binnen de organisatie en voor het onderzoeken van de mogelijke toegevoegde waarde. Uit dit onderzoek blijkt dat Copilot in het bijzonder bijdraagt aan persoonlijke effectiviteit. Daarnaast zijn verkenningen uitgevoerd naar de mogelijke inzet van agents in de toekomst. In 2026 wordt een groep van acht medewerkers getraind als “AI-kernteam” om verdere toepassingsmogelijkheden van AI binnen de organisatie te onderzoeken. Eind 2025 is tevens een eerste verkenning uitgevoerd naar data governance binnen de Microsoft 365-omgeving.
Diverse onderdelen moeten nog verder worden uitgewerkt. Begin 2026 wordt gestart met het opstellen van data-governancebeleid en de inrichting daarvan, mede omdat dit noodzakelijk is voor een verantwoorde inzet van Copilot.
48
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Het security-awarenessprogramma van KnowBe4 heeft in 2025 voorzien in trainingen op het gebied van digitale veiligheid en is ingezet om medewerkers bewuster te maken van risico’s en veilige werkmethoden. De organisatie is gestart met het vullen van het Information Security Management System (ISMS) binnen ISO Planner. Dit biedt een gestructureerde aanpak voor het systematisch beheren, controleren en verbeteren van informatiebeveiliging. In 2026 wordt dit traject voortgezet om aan te tonen dat de organisatie aantoonbaar in control is. Daarnaast is gestart met het digitaliseren van personeelsdossiers in AFAS en het beleidsarchief in Corsa, conform de daarvoor geldende vervangingsbesluiten. Tot slot is eind 2025 gestart met het opstellen van een programma van eisen voor de aanbesteding en vervanging van het ERP-pakket Navision.
5.8 Planning & Control Het Planning en Control-team heeft in 2025 het hele jaar te maken gehad met bezettingsproblemen. Ondanks deze uitdagingen heeft het team een belangrijke bijdrage geleverd aan de bedrijfsvoering van de Diamant-groep: Er is actief bijgedragen aan de verdere uitwerking en realisatie van de Strategiekoers en de uitvoeringsagenda 2025–2030. Er is ondersteuning geboden bij een aantal uitvoeringsplannen (bijvoorbeeld Regulier met Loonkostensubsidie bij Groen Xtra, overname Stichting Maaltijdenexpress en Hulp bij Huishouding). Er is ondersteuning geleverd bij het aangaan van nieuwe contracten (bijvoorbeeld Dieren Opvang Hart van Brabant en de 013-boerderijen). Er zijn meerdere nieuwe businesscases uitgewerkt (bijvoorbeeld inburgering arbeidsparticipatie en toekomst kwekerij). De dividenduitkering BV Bepro en de schenking van het pand La Poubelle aan de Diamant-groep zijn uitgevoerd. Op het gebied van interne beheersing zijn verbeteringen doorgevoerd in processen en is opvolging gegeven aan de aanbevelingen uit de management letter. Het interne controleplan 2025 is uitgevoerd als basis voor de rechtmatigheidsverantwoording door het dagelijks bestuur in de jaarrekening De Diamant-groep rapporteert via de Planning & control cyclus over het realiseren van doelstellingen en beheersing van risico’s en kansen.
De afdeling planning & control werkt in samenspraak met proceseigenaren en regisseurs aan verbetering van processen.
5.9 HR en KAM HR-inrichting 2025 en verder HR is in de kern sterk verstrengeld met de primaire opdracht van de Diamant-groep; het ontwikkelen van mensen. Het jaar 2025 heeft voor HR in het teken gestaan van doorontwikkeling na het centraliseren van de afdeling. Zo is er een HR-visie vastgesteld, een jaarplan voor 2025 en 2026 gemaakt en is de onderlinge samenwerking verder verbeterd. Ook is in juni de nieuwe functie HR-business partner toegevoegd om de afstand tussen HR en de (leidinggevenden van de) bedrijfsonderdelen te verkleinen. Deze functie levert in het 2e deel 49
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
van het jaar al positieve resultaten op. Ontwikkelcyclus & Leiderschapsontwikkeling In 2025 is verder vormgegeven aan de ontwikkelcyclus, die bestaat uit drie onderdelen; het individueel ontwikkelplan, reflectie – en leeractiviteiten en evaluatiemomenten. De ontwikkelcyclus is ingezet voor de mensen die in een ontwikkelbaan starten via KikStart. In 2026 wordt deze breder in de organisatie ingezet met als doel een bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van alle collega’s binnen de Diamant-groep. Daarnaast is gestart met het programma Goed in Gesprek waarmee gespreksvaardigheden van leidinggevenden en begeleiders zijn getraind. Ook is een project gestart om te werken aan de strategische ambitie ‘beste leidinggevenden en begeleiding van Nederland’. Verbetering en doorontwikkeling van (digitale) HR-werkprocessen In 2025 is een voorzichtig begin gemaakt met het verder verbeteren en digitaliseren van de HRprocessen, dit krijgt een vervolg in 2026. Leidinggevenden ervaren nog niet altijd een goed gestroomlijnd proces en hebben de mogelijkheid om extra instructie aan te vragen. Ziekteverzuim We zien een daling van het ziekteverzuim in 2025. Het voortschrijdend verzuim is 15,95% (december 2025), t.o.v. 16.79% (december 2024). In 2025 is gewerkt aan het krijgen van grip op verzuim, o.a. door het op orde brengen van de verzuimdossiers en het trainen van leidinggevenden.
Kwaliteit, Arbeid en Milieu (KAM) In 2024 is een advies voorbereid over de wijze waarop de KAM‑organisatie verder kan worden geoptimaliseerd. In 2025 heeft hierover nog geen besluitvorming plaatsgevonden, maar zijn wel verregaande gesprekken gevoerd. De doelstelling is om in de eerste helft van 2026 tot definitieve besluitvorming te komen. Het centrale thema binnen het KAM‑beleid is en blijft het streven naar optimale arbeidsomstandigheden voor alle medewerkers. Het gaat daarbij niet alleen om veilig kunnen werken, maar ook om een werkomgeving waarin medewerkers zich prettig voelen, plezier hebben in hun werkzaamheden en respectvol met elkaar omgaan. Agressie Het aantal agressiegevallen in 2025 (16) is gestegen ten opzichte van vorig jaar (11), met name bij Post en Vervoer. Ongevallen Het aantal ongevallen is gedaald van 28 in 2024 naar 22 in 2025. Van de 22 ongevallen vonden er 4 plaats op externe werkplekken (2024: 3). Het aantal verzuimdagen als gevolg van ongevallen is fors gestegen van 843 dagen in 2024 naar 1.252 dagen in 2025 (waarvan 296 dagen op externe werkplekken). Dit is inclusief het verzuim in 2025 uit een 3-tal doorlopende ongevallen uit 2024, waarvan het verzuim pas in 2025 is beëindigd (285 dagen doorlopend verzuim in 2025 als gevolg van ongevallen in 2024). Er zijn geen ongevallen gemeld bij de arbeidsinspectie.
50
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Ondertekening van de jaarstukken Tilburg, 16 april 2026 Yasin Torunoglu Algemeen Directeur Diamant-groep
51
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
B. JAARREKENING 2025
52
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
6. Balans (in €1000)
31 december 2025
31 december 2024
Materiele vaste activa Investeringen met economisch nut
12.541
12.368
Totaal materiële vaste activa
12.541
12.368
VASTE ACTIVA
TOTAAL VASTE ACTIVA
12.541
12.368
VLOTTENDE ACTIVA Voorraden Grond- en hulpstoffen Totaal voorraad
103 149 252
130 189 319
2.730 926 618
2.561 664 267
4.000
3.200
640 8.915
1.145 7.837
784 784
429 429
265 4.469 4.734
388 3.751 4.139
Uitzettingen met een rente-typische looptijd korter dan één jaar Vorderingen op openbare lichamen Overige vorderingen Rekening-courantverhouding met niet-financiële instellingen Uitzettingen in Rijksschatkist met een rente-typische looptijd korter dan één jaar Overige uitzettingen Totaal uitzettingen Liquide middelen Totaal liquide middelen Overlopende activa Vooruitbetalingen Nog te ontvangen bedragen Totaal overlopende activa TOTAAL VLOTTENDE ACTIVA 14.684 TOTAAL ACTIVA
27.225
53
12.724 25.092
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
(in €1000)
31 december 2025
31 december 2024
VASTE PASSIVA Eigen vermogen Algemene reserve Bestemmingsreserve Nog te bestemmen resultaat Totaal eigen vermogen
1.151 4.349 8.554 14.054
2.713 4.840 -.304 7.249
Voorzieningen Totaal voorzieningen
2.295 2.295
1.196 1.196
0 0
6.000 6.000
Vaste schulden Schulden binnenlandse bedrijven Totaal vaste schulden TOTAAL VASTE PASSIVA
16.349
14.445
VLOTTENDE PASSIVA Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar Schulden aan openbare lichamen Overige schulden Rekening-courant-verhouding met niet-financiële instellingen Overige kasgeldleningen Totaal netto-vlottende schulden
120 4.926
220 4.933
1.756 1.977 8.780
2.335 1.995 9.483
Overlopende passiva Verplichtingen Vooruit ontvangen bedragen Totaal overlopende passiva
467 1.630 2.097
140 1.024 1.164
TOTAAL VLOTTENDE PASSIVA 10.876
10.647
27.225
25.092
TOTAAL PASSIVA
In hoofdstuk 9 worden de verschillende rubrieken verder toegelicht.
54
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
7.Overzicht baten en lasten (in €.1000)
Programma begroting 2025
Werk begroting 2025
Actuele begroting 2025
Realisatie 2025
Realisatie 2024
Netto omzet Kosten van grond- en hulpstoffen Toegevoegde waarde
33.127 8.988
35.396 9.947
33.548 9.810
33.378 9.546
32.449 9.247
24.139
25.449
23.738
23.832
23.202
Overige bedrijfsopbrengsten Incidentele baten Totaal
3.079 0 3.079
4.465 0 4.465
5.531 0 5.531
5.909 19 5.928
4.762 37 4.799
Bedrijfsopbrengsten
27.218
29.914
29.270
29.760
28.001
Loonkosten Wsw-personeel Loonkosten P-Wet/Ads per personeel Loonkosten inhuur regulier personeel met LKS Loonkosten inhuur SBW personeel Loonkosten inhuur 18k personeel Overige personeelskosten
34.794
36.417
36.875
36.949
36.560
13.916 0
15.473 0
14.093 0
13.691 34
10.603 0
12.682
12.457
12.457
13.234
12.494
5.601
5.894
4.943
4.110
3.739
1.860
1.722
1.394
1.559
1.471
Afschrijvingskosten Overige bedrijfskosten Incidentele lasten
1.735 4.752 0
2.049 6.922 17
1.849 9.824 17
1.857 10.488 21
1.912 8.227 67
Som der bedrijfslasten
75.340
80.951
81.453
81.943
75.073
Rijksvergoeding Wsw Subsidie P-Wet/Ads Subsidie Regulier met LKS
35.298 12.277 0
37.414 12.928 0
38.658 11.785 0
38.592 11.539 15
37.983 8.159 0
Bedrijfsresultaat
-547
-695
-1.740
-2.037
-929
Saldo financiële baten en lasten Vennootschapsbelasting Dividend
-110
-156
-156
-156
-204
0 0
0 0
0 9.000
0 9.000
0 0
Totaal saldo baten en lasten
-657
-852
7.104
6.807
-1.134
Toevoeging reserves Onttrekking reserves Gerealiseerd resultaat
0 0 -657
0 0 -852
0 1.798 8.902
0 1.747 8.554
0 830 -304
55
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
De gepresenteerde werkbegroting 2025 wijkt op een aantal posten af ten opzichte van de gepresenteerde programma begroting. In de bestuursvergadering van januari 2025 zijn de wijzigingen ten opzichte van de programmabegroting 2024 goedgekeurd door middel van het vaststellen van de werkbegroting door het Algemeen Bestuur. Deze werkbegroting is volgens de gemeenschappelijke regeling – het uitgangspunt - de te hanteren begroting voor 2025. Op basis van de financiële verordening stellen we het Algemeen Bestuur gedurende het begrotingsjaar op de hoogte van afwijkingen ten opzichte van de begroting door middel van een tussentijdse rapportage, waarin we de afwijkingen toelichten en vragen aan het Algemeen Bestuur deze rapportage vast te stellen. In de jaarrekening lichten wij bij de posten baten en lasten net als bij de tussentijdse rapportage de afwijking toe ten opzichte van de werkbegroting. Dit geeft de meeste informatie, is herkenbaar voor management en bestuur, en doordat de gemeenschappelijke regeling slechts 1 programma hanteert, bestaat er ook geen verschuivingsrisico tussen programma’s. Om begrotingsonrechtmatigheid in de jaarrekening 2025 zoveel mogelijk te voorkomen is bij de behandeling van de tussentijdse rapportage september ook een voorstel gedaan voor het wijzigen van de geautoriseerde baten en lasten en investeringen 2025 via een begrotingswijziging.
Waarmee voor deze overschrijdingen geen sprake is van begrotingsonrechtmatigheden. Deze begrotingswijziging is goedgekeurd door het Algemeen Bestuur op 13 november 2025 en heeft geresulteerd in de actuele begroting met daarin opgenomen de dividenduitkering van BV Bepro, het impulsbudget, de voorziening RVU en de hogere rijksbijdrage voor Beschut Werk. Daarnaast is de rubricering van de baten en lasten in de actuele begroting in lijn gebracht met de rubricering in de jaarrekening. Op grond van het BBV geven we naast de in de jaarrekening opgenomen toelichting van afwijkingen ten opzichte van de werkbegroting onderstaand een toelichting op afwijkingen tussen de realisatie en de actuele begroting. Omdat de actuele begroting gebaseerd is op de werkelijke cijfers tot en met september en de verwachtingen voor het vierde kwartaal zijn de afwijkingen tussen de realisatie en de actuele begroting beperkt. De belangrijkste afwijkingen tussen de realisatie 2025 en de actuele begroting zijn: Overige opbrengsten zijn € 452k hoger dan begroot, betreft met name € 194k hogere van het UWV ontvangen compensatie voor betaalde transitievergoedingen, € 84k meer ontvangen schadevergoedingen auto’s dan voorzien, € 47k hogere ontvangen subsidies voor de bedrijfsonderdelen binnen Maatschappelijke Ondernemingen.
Loonkosten P-wet: als gevolg van € 193k hoger ontvangen loonkostenvoordeel (LKV) en als gevolg van onderrealisatie van de begroting zijn de loonkosten P-wet circa € 400k lager dan begroot. Reguliere loonkosten SBW zijn € 777k lager dan begroot, verschuiving met 18K. Begrotingswijziging is op totaal niveau regulier personeel gemaakt. Reguliere loonkosten 18K zijn € 833k hoger dan begroot, verschuiving met SBW. Begrotingswijziging is op totaal niveau regulier personeel gemaakt.
56
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Overige bedrijfskosten zijn € 664k hoger dan begroot, met diverse oorzaken. In het 4e kwartaal zijn nog kosten gekomen die niet allemaal voorzien waren. Inzake de herhuisvesting La Poubelle zijn er juridische kosten gemaakt voor de bezwaarprocedure omwonenden en contractafspraken met de aannemer (€ 35k) en er is een extra dotatie voorziening groot onderhoud gedaan inzake het pand aan de Havendijk (€ 65k). De externe inhuur inzake openstaande vacatures, vervanging ziekte en werving van personeel via bureaus is hoog gebleven (€ 50k). Daarnaast zijn er extra kosten (€ 40k) gekomen voor het Medewerkers onderzoek, onderhoud rijdend materiaal (€ 50k), achterstand met factureren inkoopondersteuning en contractmanagement (€ 200k), afrekeningen energie (€50k) en overige eindejaarsposten.
57
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
8.Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling De jaarrekening is opgesteld met inachtneming van de vereisten zoals opgenomen in het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (het BBV). De waardering van de activa en passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Tenzij bij de desbetreffende balanspost anders is vermeld, worden de activa en passiva opgenomen tegen nominale waarden.
8.1 Afschrijvingsbeleid Het afschrijvingsbeleid is gebaseerd op de financiële verordening Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep 2025, zoals laatstelijk vastgesteld door het Algemene Bestuur in haar vergadering d.d. 13 november 2025. De afschrijvingen worden berekend vanaf het moment dat het activum in bedrijf genomen is en volgens de lineaire methode. Afschrijvingen geschieden daarnaast onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar. Op gronden wordt niet afgeschreven, tenzij de grond deel uitmaakt van een investering in de openbare ruimte met maatschappelijk nut. Eventuele boekwinsten bij inruil of afstoting van een kapitaalgoed zijn als incidentele baten in de jaarrekening verwerkt. Een eventueel boekverlies zal als een incidentele last worden verwerkt in de jaarrekening. De op de oorspronkelijke verkrijgings- of vervaardigingsprijs toegepaste jaarlijkse afschrijvingen corresponderen met een stelsel dat is afgestemd op de verwachte toekomstige gebruiksduur (kortste van de geschatte economische levensduur óf technische gebruiksduur) van de geactiveerde objecten en voorzieningen.
8.2 Waardering van activa en passiva Algemeen Waardering van activa en passiva alsmede de bepaling van het resultaat vinden in principe plaats op basis van historische kosten. Activa en passiva zijn opgenomen tegen nominale waarde. Baten en lasten worden toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben, ongeacht of zij tot inkomsten of uitgaven in dat jaar hebben geleid. Baten en lasten, waaronder ook begrepen de heffing van de vennootschapsbelasting, worden daarbij verantwoord tot hun brutobedrag. De waarderingsgrondslagen per balansonderdeel worden in het vervolg van deze jaarrekening toegelicht.
58
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Materiële vaste activa Alle materiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten) of vervaardigingsprijs (de aanschaffingskosten van de gebruikte grond- en hulpstoffen en de overige directe kosten), verminderd met de ontvangen subsidies en bijdragen die direct gerelateerd zijn aan het actief, de jaarlijkse afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Activering vindt plaats op het moment van ingebruikname. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. Investeringen hebben een economisch nut indien ze verhandelbaar zijn en/of indien ze kunnen bijdragen aan het genereren van middelen. Alle investeringen met een economisch nut worden geactiveerd. We hanteren een minimumbedrag van €10.000 per activum om over te gaan tot activeren. Financiële vaste activa De financiële vaste activa zijn gewaardeerd tegen de oorspronkelijke verkrijgingsprijs (de inkoopprijs en de bijkomende kosten), de jaarlijkse aflossingen, afschrijvingslasten en afwaarderingen wegens duurzame waardeverminderingen. Duurzame waardeverminderingen van vaste activa worden onafhankelijk van het resultaat van het boekjaar in aanmerking genomen. De waardering van verbonden partijen wordt toegelicht bij de balans.
Deelnemingen Deelnemingen worden gewaardeerd tegen kostprijs of lagere marktwaarde. Gereed product en handelsgoederen De voorraad eigen goederen is gewaardeerd tegen de laatst bekende verrekenprijzen van de leverancier. De overige voorraden worden gewaardeerd tegen historische kostprijs. Indien de marktwaarde lager is, dan wordt tegen marktwaarde gewaardeerd. Vorderingen op korte termijn De uitzettingen met een rente typische looptijd korter dan één jaar worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt statisch bepaald. De overlopende activa zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Voor verwachte oninbaarheid is een voorziening in mindering gebracht. Deze voorziening wordt statisch bepaald. Liquide middelen De liquide middelen zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Eigen vermogen De vaststelling van de noodzakelijke omvang van reserves is een zaak van het bestuur. Daarom worden reserves ook wel onderverdeeld in algemene reserve en bestemmingsreserves. Zodra het Algemeen Bestuur aan een reserve een bepaalde bestemming heeft gegeven, is er sprake van een bestemmingsreserve. Om die reden kunnen bestemmingsreserves naar de situatie per ultimo verslagjaar geen negatieve stand hebben. Heeft een reserve geen bestemming dan wordt het een algemene reserve genoemd.
59
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
Voorzieningen De voorzieningen betreffen schattingen van voorzienbare lasten in verband met risico's en verplichtingen, waarvan de omvang onzeker is en welke oorzakelijk samenhangen met de periode voorafgaande aan de balansdatum. Voorzieningen worden gewaardeerd tegen nominale waarde. Voorzieningen voor arbeidskosten gerelateerde verplichtingen zijn slechts opgenomen voor zover ze meerjarig gezien niet van gelijke omvang zijn. De voorziening groot onderhoud wordt gewaardeerd tegen nominale waarde, berekend conform het onderhoudsplan, rekening houdend met het gelijkmatigheidsprincipe. De vorming van een voorziening, dan wel een dotatie aan een reeds bestaande voorziening, is als een last in het betreffende boekjaar verantwoord. Alle aanwendingen aan de voorzieningen zijn rechtstreeks ten laste van de voorziening gebracht en in het verslagjaar niet ten laste van de exploitatie verantwoord. Aan voorzieningen ter egalisatie van (onderhoud)lasten van kapitaalgoederen over meerdere begrotingsjaren ligt een actueel (beheer)plan ten grondslag. Uitgevoerd achterstallig onderhoud is daarbij ten laste van de exploitatie verantwoord. Van achterstallig onderhoud is geen sprake. Vaste schulden, met een rente typische looptijd langer dan één jaar De vaste schulden zijn gewaardeerd tegen de nominale waarde (hoofdsom) verminderd met het totaal van de gedane aflossingen.
De vaste schulden hebben een rente typische looptijd van één jaar of langer. Netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar De netto-vlottende schulden met een rente typische looptijd korter dan één jaar zijn gewaardeerd tegen nominale waarde. Schatkistbankieren In principe dienen alle overtollige middelen in de schatkist te worden aangehouden. Er zijn echter uitzonderingen. Eén daarvan is het drempelbedrag. Dat is een minimumbedrag dat gemiddeld per kwartaal buiten de schatkist mag worden gehouden.
8.3 Grondslagen voor resultaatbepaling Voor zover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten zoveel mogelijk toegerekend aan het boekjaar waarop ze betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het begrotingsjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden. In hoofdzaak wordt lineair afgeschreven. Afschrijving geschiedt met behulp van vaste percentages op basis van vastgestelde afschrijvingstermijnen; de berekening geschiedt over de verkrijgingprijs onder aftrek van subsidies en bijdragen van derden. Er is sprake van één programma voor de uitvoering van de Wsw-taken en taken in het kader van de Participatiewet. We verantwoorden alle baten en lasten in taakgebied 6 Sociaal Domein. 60
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
De gepresenteerde werkbegroting is de detailbegroting, deze wordt gebruikt voor de maandelijkse monitoring. Deze komt op diverse posten niet overeen met de programmabegroting, maar in totaal sluit het aan op de programmabegroting. Vennootschapsbelasting De Diamant-groep is als SW-bedrijf vrijgesteld van vennootschapsbelasting conform wetgeving (Staatscourant 20 december 2018, nr. 2018 – 24470). We voldoen sinds de invoering van deze wet aan de eisen voor de vrijstelling. Rechtmatigheid De in de jaarrekening opgenomen rechtmatigheidsverantwoording is opgesteld op basis van de kaders zoals besloten in de financiële verordening en op basis van de kadernota rechtmatigheid. Dat betekent dat: De financiële rechtmatigheid het voorwaardencriterium, het begrotingscriterium en het misbruik & oneigenlijk gebruik criterium omvat: o Voor het voorwaardencriterium bestaat de norm uit het normenkader zoals op 13 november 2025 door het Algemeen Bestuur is vastgesteld; o Voor het begrotingscriterium geldt dat alle overschrijdingen van lasten en investeringskredieten onrechtmatig zijn, waarbij voor een aantal scenario’s in de financiële verordening is beschreven wanneer deze overschrijdingen acceptabel zijn.
Voor over- en onderschrijdingen van baten, onderschrijdingen van lasten en onderschrijdingen van investeringskredieten geldt dat deze als onrechtmatig zijn aangemerkt indien ze niet tijdig aan het Algemeen Bestuur zijn gemeld; o Ten aanzien van het M&O criterium is er geen M&O beleid opgesteld door de Diamant-groep gericht op voorkomen van misbruik door derden van gemeentelijke regelingen. De rechtmatigheidsverordening is opgesteld binnen de kaders van de kadernota rechtmatigheid 2025 van de commissie BBV alsmede onze eigen financiële verordening. Dit betekent dat: o Een verantwoordingsgrens van 2% (€ 1.834.000) is gehanteerd waarboven cumulatieve fouten en onduidelijkheden in de rechtmatigheidsverantwoording worden opgenomen; o Een rapporteringstolerantie van 0,2% (€ 183.000) is gehanteerd waarboven fouten en onduidelijkheden in de paragraaf bedrijfsvoering worden opgenomen. We conformeren ons net als voorgaande jaren aan het wettelijke minimumkader voor de verantwoordinggrens. Door een wetswijziging in 2025 is het percentage gedaald van 3% in voorgaande jaren naar 2% in 2025.
61
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
9. Toelichting op de balans 9.1 Toelichtingen op activa
Materiële vaste activa
Een overzicht van de materiële vaste activa is onderstaand opgenomen. Het betreft uitsluitend activa met een economisch nut. De afschrijvingsmethode die toegepast wordt is de lineaire methode. In de berekening van de afschrijvingen wordt rekening gehouden met de restwaarde van de materiële vaste activa. Grond en terreinen
Gebouwen
Vervoersmiddelen
Machines/ installaties
Overige activa
Activa in uitvoering
Totaal
Boekwaarde per 1 januari 2025 Investeringen Investeringen activa in uitvoering Desinvesteringen Afschrijvingen Boekwaarde per 31 december 2025 Cumulatieve afschrijvingen per 31 december 2025
687
2.495
4.757
3.698
187
544
12.368
0 0
158 0
504 0
906 0
520 0
0 370
2.088 370
0 24 663
0 261 2.392
404 716 4.141
25 636 3.943
0 219 488
0 0 914
429 1.856 12.541
566
4.079
1.990
7.321
2.135
0
16.091
Afschrijvingstermijnen*
10 jaar niet
10 jaar 25 jaar 40 jaar
Diverse termijnen
10 jaar 15 jaar
3 jaar 5 jaar
(in €1000)
*) Conform financiële verordening Gemeenschappelijke Regeling 2025
De investeringen dit jaar waren voornamelijk gericht op uitbreiding en vernieuwing van het wagenpark, met 11 nieuwe voertuigen (€ 500.000) en 10 stuks nieuw rijdend materieel voor Groen Xtra (€ 850.000). Back-upservers en MFP-kopieerapparaten zijn vervangen (€ 350.000). Daarnaast is het pand Havendijk 20 door La Poubelle geschonken aan de Diamant-groep tegen boekwaarde (€ 158.000). Deze boekwaarde is materieel lager dan de eind 2025 getaxeerde waarde van het pand (€ 2.100.000).
62
Jaarstukken 2025 - Gemeenschappelijke regeling Diamant-groep
(in €1000)
Programma begroting 2025
Werk begroting 2025
Actuele begroting 2025
Realisatie 2025
Grond en terreinen Gebouwen Vervoersmiddelen Machines, apparaten en installaties Overige materiele activa
0 7.107 1.100 250
25 7.050 452 1.258
25 7.050 652 1.269
0 158 504 906
250
516
516
520
Gerealiseerd resultaat
8.707
9.301
9.512
2.088
De post ‘Activa in uitvoering’ bestaat uit nog te activeren aanloopkosten herhuisvesting La Poubelle (€ 914.000). Dit jaar zijn extra kosten gemaakt ter voorbereiding op de herhuisvesting. Op gronden en terreinen wordt niet afgeschreven De afschrijvingstermijnen gelden voor straatwerk dat is aangelegd. De gehanteerde afschrijvingstermijn voor bestaande bedrijfsgebouwen is (tenminste) 30 jaar en met ingang van 1 januari 2024 voor nieuwe investeringen (tenminste) 40 jaar. Voor aanpassingen aan bedrijfsgebouwen wordt 25 jaar gehanteerd en voor technische installaties binnen bedrijfsgebouwen 10 jaar. De afschrijvingstermijn van de vervoersmiddelen wordt per aankoop bepaald afhankelijk van de economische levensduur: personenauto’s, bedrijfsauto’s en lichte motorvoertuigen. Voor machines, apparaten zoals kantoormeubilair geldt een afschrijvingstermijn van 10 of 15 jaar. Voor overige materiële activa, onder andere laptops, computer en telefooninstallaties, wordt een termijn van 3 jaar gehanteerd en voor printers wordt een termijn van 5 jaar gehanteerd.