CConstaterende datHilvarenbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

12 Bestemmingsplan Heikant 25, Baarschot (4 toelichting)

Gemeenteraad 3 juli 2024, gemeente HilvarenbeekBij agendapunt: Raadsvoorstel tot gewijzigde vaststelling van het bestemmingsplan “Heikant 25, Baarschot”.27.586 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

R&S ADVIES TOELICHTING BESTEMMINGSPLAN HEIKANT 25

92

5.10 Spuitzones De bestemmingsplanwetgever moet in het belang van een goede ruimtelijke ordening beoordelen of wegens het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen een veilige afstand aangehouden moet worden tussen percelen met een gevoelige functie (zoals wonen) en percelen waarop gewas beschermingsmiddelen worden gebruikt. Daarbij speelt het belang van omwonenden vanwege gezondheidsrisico's een rol. Kenmerkend voor de land- en tuinbouw zijn de intensieve teeltsystemen met gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Bij het spuiten van gewasbeschermingsmiddelen komt drift vrij. Drift is een term die gebruikt wordt voor de spuitvloeistof die tijdens de bespuiting buiten het te behandelen gebied terecht komt als gevolg van wind- en luchtstromen. Drift is hoger bij toepassing in fruitteelt dan bij de akkerbouw en lage bomenteelt, waarbij voornamelijk neerwaarts wordt gespoten. Derhalve dient in het kader van een goede ruimtelijke ordening afstand te worden gehouden tussen gevoelige objecten en boomgaarden. Er zijn geen wettelijke bepalingen over de aan te houden afstand. Door de Raad van State wordt bij beoordeling van nieuwe ruimtelijke situaties vanwege drift een afstand van 50 meter aangehouden. Binnen een straal van 50 meter rondom de projectlocatie vindt geen boomteelt plaats. Ook zijn er geen spuitzones opgenomen in het vigerende bestemmingsplan.

Ter verduidelijking is er een contour van 50 meter over de toekomstige bedrijfswoning (gevoelig object) gelegd. Uit onderstaand figuur blijkt dat een deel van deze contour over percelen ligt die in eigendom van de initiatiefnemer zijn, de overige gronden zijn in gebruik als tuin of doorgaande weg.

Figuur 39 : 50 meter contour toekomstige woning

Op basis van de maximale planologische situatie worden verblijfsfuncties toegestaan in de nieuw te bouwen bedrijfswoning en kantoor / aannemersbedrijf (rood omkaderd). Binnen de afstand van 50 meter zijn naast akkerland enkel eigen percelen (grasland) en tuinen bij burgerwoning gelegen (geen boomteelt binnen de 50 meter), zie onderstaande figuur.

R&S ADVIES TOELICHTING BESTEMMINGSPLAN HEIKANT 25

93

Akkerland

Eigen grasland Tuin

Eigen grasland

Akkerland

Eigen grasland

Figuur 40: 50 meter contour toekomstige woning, kantoor, aannemersbedrijf

Conclusie In de omgeving is geen sprake van boomteelt. Binnen een afstand van 50 meter van de planlocatie bevinden zich geen gronden die in de toekomst voor intensieve teeltsystemen in aanmerking komen. Het aspect spuitzones vormt geen belemmering voor de beoogde ontwikkeling.

5.11 Milieu Effect Rapportage Op grond van hoofdstuk 7 van de Wet milieubeheer en het Besluit milieueffectrapportage (Besluit m.e.r.) is het noodzakelijk om ten behoeve van een bestemmingsplan dat kaderstellend is voor projecten met grote milieugevolgen een plan-m.e.r. op te stellen. Onderdeel D in het Besluit m.e.r. geeft de omvang van dergelijke projecten. Hierbij geldt sinds de aanpassing van het Besluit m.e.r. per 1 april 2011 de omvang als richtwaarde en niet als absolute drempelwaarde. Daarom is altijd een toets noodzakelijk of sprake is van een project met grote milieugevolgen. Deze toets dient plaats te vinden aan de hand van de criteria van Bijlage III, van de EU-richtlijn m.e.r. De hoofdcriteria waaraan moet worden getoetst zijn: kenmerken van de projecten, plaats van de projecten en kenmerken van het potentiële effect. Het mag duidelijk zijn dat wanneer een project ruim beneden de omvang uit de bijlage van het Besluit m.e.r. blijft, deze beoordeling beknopt kan zijn. Door te toetsen aan de drempelwaarden van het Besluit m.e.r. wordt bepaald of de ontwikkelingen in het kader van dit bestemmingsplan m.e.r.-plichtig zijn of dat een vormvrije m.e.r.-beoordeling

R&S ADVIES TOELICHTING BESTEMMINGSPLAN HEIKANT 25

94

voldoende is. De voorgenomen plannen aan Heikant 25 heeft betrekking op het omschakelen van de bestemming Agrarisch naar Bedrijf. Deze activiteit/ontwikkeling komt niet voor in onderdeel C en D van de bijlage bij het besluit m.e.r. Er is dus geen sprake van de verplichting om een m.e.r. procedure, dan wel m.e.r. beoordelingsprocedure te doorlopen. Daarnaast maakt het plan planologisch gezien geen onderdeel uit van een groter project waarover een planologisch besluit is genomen. Nu de beoogde activiteit niet voorkomt in onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage is een vormvrije m.e.r.-beoordeling eveneens niet noodzakelijk. Daarnaast blijkt uit de milieuaspecten, zoals in dit hoofdstuk nader toegelicht, dat er geen belangrijke nadelige effecten zijn te verwachten die een formele m.e.r. beoordeling van het plan noodzakelijk maken

R&S ADVIES TOELICHTING BESTEMMINGSPLAN HEIKANT 25

95

6

Juridische vormgeving

6.1

Inleiding

Een bestemmingsplan is een planologische regeling die zowel de burger als de overheid rechtstreeks bindt. De regels en verbeelding dienen als één geheel te worden beschouwd en kunnen niet los van elkaar worden gezien. De toelichting op de regels en plankaart is niet juridisch bindend, maar biedt wel inzicht in de belangenafweging die tot de aanwijzing van bestemmingen heeft geleid. Bovendien draagt de toelichting bij aan de planinterpretatie.

6.2

Algemene toelichting verbeelding

De verbeelding heeft een belangrijke rol bij het bepalen van de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden in het plangebied. Daartoe zijn op de verbeelding onder meer een bestemmingsvlak, aanduidingen en een bouwvlak opgenomen.

6.3

Bestemmingsplan

Bij het opstellen van onderhavig bestemmingsplan is aangesloten bij het door de gemeente opgestelde bestemmingsplan buitengebied en de Standaard Vergelijkbare bestemmingsplannen 2012 (SVBP2012).

6.4

Toelichting op de regels

De planregels zijn verdeeld in vier hoofdstukken. Hoofdstuk 1 geeft de inleidende regels met daarin de begrippen en de wijze van meten. In hoofdstuk 2 zijn de bestemmingsplanregels weergegeven. In dit hoofdstuk worden de op de verbeelding opgenomen bestemmingen geregeld. In hoofdstuk 3 zijn algemene regels opgenomen waaronder de anti-dubbeltelbepaling en algemene regels voor afwijken bij omgevingsvergunning. In hoofdstuk 4 zijn de overgangsregels en is de slotregel opgenomen. Voor dit bestemmingsplan is aangesloten bij de planregels van het bestemmingsplan “Buitengebied” en het bestemmingplan Buitengebied Hilvarenbeek 2014 reparatieplan. Hier zullen de verschillende bestemmingen/gebiedsaanduidingen vertaald én toegelicht worden naar de huidige situatie.

6.4.1 Bedrijf De voor 'Bedrijf' aangewezen gronden zijn bestemd voor niet-agrarische bedrijven, met dien verstande dat ter plaatse van de aanduidingen welke zijn opgenomen toe te staan. Voor onderhavig plan betreft dit de aanduiding ‘Specifieke vorm van bedrijf – aannemersbedrijf met kantoor en werkplaats’.

6.4.2 Natuur De voor ‘Natuur’ aangewezen gronden zijn bestemd voor behoud, herstel en ontwikkeling van landschappelijke en natuurwaarden, waaronder (natte) natuurparels. Daarnaast is het aangewezen voor agrarisch gebruik gericht op natuurbeheer.

6.4.3 Agrarisch De voor ‘Agrarisch’ aangewezen gronden zijn bestemd voor (hobbymatig) agrarisch gebruik, water en waterhuishoudkundige doeleinden en (kikker)poelen, doeleinden van openbaar nut, uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'nutsvoorziening', erfbeplanting, landschappelijke inpassing en onverharde paden.

R&S ADVIES TOELICHTING BESTEMMINGSPLAN HEIKANT 25

96

7

Uitvoerbaarheid

7.1

Economische uitvoerbaarheid

Op 1 juli 2008 is samen met de Wet ruimtelijke ordening (Wro) de Grondexploitatiewet (Grexwet) in werking getreden. In deze Grexwet is bepaald dat een gemeente bij het vaststellen van een planologische maatregel, die mogelijkheden biedt voor de bouw van één of meer hoofdgebouwen, verplicht is maatregelen te nemen die verzekeren dat de kosten die gepaard gaan met de ontwikkeling van de locatie worden verhaald op de initiatiefnemer van het plan. Voor de ontwikkeling van dit plan is er sprake van een particulier initiatief. De gemeente Hilvarenbeek zal in het kader van het bepaalde in de Grexwet daarom alle door de gemeente te maken kosten verhalen op de initiatiefnemer. De initiatiefnemer zal derhalve met de gemeente Hilvarenbeek een anterieure overeenkomst sluiten. Op deze wijze is de financiële haalbaarheid van het plan gegarandeerd.

7.2

Maatschappelijk uitvoerbaarheid

Het bestemmingsplan zal conform de wettelijke vereisten kenbaar worden gemaakt. Naar aanleiding van zienswijzen op het bestemmingsplan vindt een heroverweging op deze onderdelen plaats en kan besloten worden onderhavig bestemmingsplan op een aantal punten te wijzigen. Omgevingsdialoog Voor deze planvorming is een dialoog, in de vorm van een informatie avond, uitgevoerd. Naar aanleiding van deze dialoog zijn twee opmerkingen/aandachtspunten aan het licht gekomen. Zie bijlage 13, verslag omgevingsdialoog voor de opmerkingen vanuit de omgeving.

R&S ADVIES TOELICHTING BESTEMMINGSPLAN HEIKANT 25

97

8

Procedure

8.1

Inspraakprocedure

In de Gemeentewet is bepaald dat de gemeenteraad een inspraakverordening dient vast te stellen waarin geregeld wordt op welke wijze ingezetenen en andere belanghebbenden bij de voorbereiding van een bestemmingsplan worden betrokken. Voor het vaststellen van een bestemmingsplan (Wro) is de procedure van Afdeling 3.4 van toepassing van de Algemene wet bestuursrecht, de uniforme openbare voorbereidingsprocedure. De termijn van inzagelegging is zes weken.

8.2

Overleg ex artikel 3.1.1. Bro

Artikel 3.1.1 van het Besluit op de ruimtelijke ordening (Bro) geeft aan dat bij de voorbereiding van een bestemmingsplan burgemeester en wethouders overleg met de besturen van bij het plan betrokken waterschappen plegen. Waar nodig plegen zij tevens overleg met besturen van andere gemeenten, met de provincie, de inspecteur voor de ruimtelijke ordening en met eventuele andere diensten van Rijk en provincie die belast zijn met de behartiging van belangen die in het plan in het geding zijn. De provincie Noord-Brabant en Waterschap De Dommel zijn in het kader van dit bestemmingsplan betrokken in het vooroverleg. Vooroverlegreactie Provincie Noord-Brabant: - Nader inzicht van de ontwikkelingsrichting van dit gebied in de zin van 3.73 IOV: In paragraaf 3.3.2.2 op pagina 26 is artikel 3.73 Iov en is op pag. 28-29 de ontwikkelingsrichting van het gebied nader toegelicht. -

Kwaliteitsverbetering van het landschap: o Een onderbouwing hoe vanuit een goede analyse van het landschap en de locatie tot voorgestelde maatregelen is gekomen is nader uitgewserkt op pagina 32-35 o

Bestaand volwassen en landschappelijk passend groen aan de voorzijde van de bedrijfsbebouwing wordt verwijderd: Zieke spar-/denne bomen links van de rundveestal en groen rondom de gesloopte varkensstallen rechts van de stallen zijn verwijderd. Hiervoor in de plaats is een veelvoud terug geplant in de vorm van een houtsingel met solitaire bomen conform landschapsplan, geborgd middels een voorwaardelijke verplichting.

R&S ADVIES TOELICHTING BESTEMMINGSPLAN HEIKANT 25

98

Aanleg boomgaard + herbouw woning met aanbouw

-

o

Asbestdaken mogen niet worden opgevoerd bij vervanging; De tekst in de toelichting en de oppervlakte van de te saneren asbest daken in de Lir-berekening is aangepast. Deze zijn beperkt tot de gesloopte, niet te herbouwen omvang overtollige bebouwing. Voorstal en varkensstallen .

o

Beheer en onderhoud mag voor maximaal 6 jaar worden meegerekend, is nu 10 jaar opgevoerd. In de Lir berekening aangepast naar 6 jaar.

o

Voorwaardelijke verplichting voor sloop (669 m²) opnemen in de regels

Paardenbak regelen in de regels van het bestemmingsplan. De paardenbak is geheel gelegen binnen het bouwvlak / bestemmingsvlak enkelbestemming ‘Bedrijf’. In de doeleindenomschrijving is opgenomen dat een ‘paardenbak van 800 m²’ direct is toegestaan.

Vooroverlegreactie Waterschap De Dommel: Tekstuele opmerkingen over de waterparagraaf: - Oude beleid schrappen en aandacht te besteden aan het WBP5. - Provinciaal en landelijk waterbeleid opnemen in de toelichting - Aanpassing keurregels. Oude beleid is verwijderd en in paragraaf 5.1.1 en 5.1.2 is het nieuwe beleid van waterschap De Dommel, inclusief de keurregels verwerkt.

R&S ADVIES TOELICHTING BESTEMMINGSPLAN HEIKANT 25

99

8.3

Omgevingsdialoog

Gezien de omvang van het aantal adressen dat bij de dialoog zijn betrokken heeft de initiatiefnemer ervoor gekozen om betrokkene per brief op de hoogte te stellen van de het voorgenomen plan. Op deze manier wordt er zo goed mogelijk geparticipeerd met de omgeving, zoals dat tevens beschreven is in de handreiking voor participatie. Middels de brief zijn de geadresseerde uitgenodigd om een reactie te voorzien. De uitnodiging, verzonden informatiebrief en de ontvangen reacties zijn als bijlagen 11, 12 en 13 bij onderhavige toelichting gevoegd.

8.4

Zienswijzen

Het ontwerpbestemmingsplan ‘Buitengebied, herziening Heikant 25’ heeft met ingang van <datum> gedurende 6 weken ter inzage gelegen. In deze periode kon eenieder zienswijzen op het plan kenbaar maken. Tijdens deze termijn van terinzagelegging zijn <wel/geen> zienswijzen ingediend tegen het ontwerpbestemmingsplan. PM.

R&S ADVIES TOELICHTING BESTEMMINGSPLAN HEIKANT 25

100

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14328127/1