CConstaterende datHilvarenbeek
Koppel je AI →
Document · PDF

10 Omgevingsvisie Hilvarenbeek (3 bijlage 1 nota van beantwoording zienswijzen incl aanvulling) - geanonimiseerd

Gemeenteraad 25 september 2025, gemeente HilvarenbeekBij agendapunt: Raadsvoorstel vaststellen Omgevingsvisie.32.599 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

zdriFa (

o

gemeente Hilvarenbeek Ons kenmerk: 1036588

Nota beantwoording van zienswijzen "Ontwerp Omgevingsvisie Hilvarenbeek 'Samen gezond groeien

1»

In het kader van de procedure van de ontwerp Omgevingsvisie Hilvarenbeek 'Samen gezond groeien' zijn hieronder de ingediende zienswijzen samengevat en beantwoord. Tevens is aangegeven of er naar aanleiding van de zienswijze aanpassingen zijn gedaan in de Omgevingsvisie. Met 'betrokkene' wordt de indiener van de zienswijze bedoeld.

De ontwerp Omgevingsvisie heeft voor een termijn van 6 weken ter inzage gelegen van 4 april t/m 15 mei 2025.

Ons kenmerk: 1036588

A

Zienswijzen (samengevat)

i

Cumela Nederland d.d. 24 april 2025 (ingekomen 25 april 2025)________________________________

Reactie gemeente

Wijziging ja/nee

Grootschalige (Cumela)bedrijven horen in principe thuis op bedrijventerreinen. Bestaande bedrijven in het buitengebied kunnen (beperkt) uitbreiden afhankelijk van de aard van het gebied. Hierbij speelt onder andere de ligging en bereikbaarheid een rol. Er moet wel ruimte zijn voor bedrijven om zich te ontwikkelen binnen de gestelde kaders van duurzaamheid en ruimtelijke kwaliteit. De ruimte in Hilvarenbeek is schaars en de druk is hoog. De focus ligt op het optimaal benutten van bestaande bedrijfslocaties. Uitbreiding van bedrijventerreinen of individuele bedrijfslocaties zijn gericht op MKB met bij Hilvarenbeek passende schaal.

Nee

Algemeen Cumela vertegenwoordigt bedrijven die gespecialiseerd zijn in groen, grond en infra. Ook vertegenwoordigen zij bedrijven die gevestigd zijn binnen Hilvarenbeek. Deze ondernemingen 'bewerken' op enigerlei wijze, als cumelabedrijf in de vorm van verhuur of (onder)aanneming, op basis van inschatting 80 - 85% van de gronden (landbouw, watergangen, natuur, infrastructuur, groen-blauwe sector, stedelijk gebied etc.) binnen de gemeente. Om deze reden vindt Cumela dat zij als belanghebbende aangemerkt moeten worden.

Cumelabedrijven dragen bij aan maatschappelijke opgaven vanuit hun technologische kennis, hun natuurlijke drang om te innoveren en hun mentaliteit om altijd hard te willen werken en probleemoplossend bezig te zijn aan de hand van 3 pijlers: • Vakbekwaamheid en goed personeel • Innovatief machinepark en dito werkwijze • Moderne bedrijfslocaties, lokaal in landelijk werkgebied

1.1

Op basis van bovengenoemde pijlers wordt gevraagd de onderstaande aspecten op te nemen de Omgevingsvisie. Verzocht wordt om mogelijkheden te creëren dat bestaande bedrijfslocaties kunnen ontwikkelen alsook kunnen uitbreiden, alsmede nieuwvestiging mogelijk te maken om uitvoering te kunnen geven aan de in de omgevingsvisie vermelde ambities. Cumelabedrijven in de gemeente Hilvarenbeek zijn gevestigd in de bebouwde kom op daartoe gevestigde bedrijfslocaties. Van belang hierbij meent betrokkene, is dat er een goede bereikbaarheid is van de bedrijfslocaties voor groot materieel. Ook dienen de plaatsen waar werk

2

Ons kenmerk: 1036588

1.2

uitgevoerd wordt goed bereikbaar te zijn. Ontsluitingswegen in en rondom de gehele stad dienen daarom goed bruikbaar te zijn voor het materieel van onze leden. Het materieel bestaat onder andere uit (landbouw-)voertuigen, motorrijtuigen met beperkte snelheid, werktuigen (graafmachines/ shovels) en transportmaterieel. Verzocht wordt om bij de aanleg, verandering of onderhoud van alle ontsluitingswegen rekening te houden met het materieel van cumelabedrijven. Vanuit Cumela Nederland nemen zij hun verantwoordelijkheid aangaande (landbouw)verkeer, milieueffecten, natuur, biodiversiteit, energie en duurzaamheid alsmede circulariteit (circulaire economie). Cumela ziet deze thema's terug in de ontwerp Omgevingsvisie. De transitie naar een circulaire economie zal voor alle economische sectoren een omschakeling in productie- en logistieke processen betekenen. Uitdagingen hierbij zijn onder meer: - de optimalisatie van de inzet van energie en grondstoffen; ketensamenwerking en het sluiten van kringlopen; - zoeken naar andere productieprocessen en verdienmodellen.

Nee

We erkennen het belang van goed toegankelijke infrastructuur voor cumelabedrijven en andere agrarische ondernemers. Bij de aanleg, verandering of het onderhoud van ontsluitingswegen wordt waar mogelijk rekening gehouden met de inzet van zwaar en breed materieel. Dit sluit aan bij de bredere ambitie van de gemeente om energiegebruik te optimaliseren en duurzame ruimtelijke ontwikkeling te ondersteunen en zal ook in nadere uitwerking in programma's terugkomen. Wij spelen als opdrachtgever en inkoper een sleutelrol in de transitie naar een circulaire economie. Door te kiezen voor circulaire producten en diensten met een lage milieu-impact, stimuleren wij duurzaam ondernemerschap en dragen zij bij aan behoud van grondstoffen in gesloten kringlopen. Circulaire inkoop is daarmee een krachtig instrument om ecologische, sociale en economische doelen te verbinden. Wij starten in 2025 met de invoering van Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI), met als doel dit in 2026 volledig te integreren in het inkoopbeleid. Daarbij sluiten we aan bij het landelijke Manifest MVOI 2022-2025, waarin zes pijlers centraal staan: klimaat, circulariteit, inclusiviteit, ketenverantwoordelijkheid, diversiteit en innovatie. Het streven is om bij inkooptrajecten meerdere pijlers te combineren, passend bij de opdracht. Zo dragen wij bij aan een duurzame en eerlijke samenleving.

In het kader van de energietransitie wordt actief gestuurd op ruimte voor zowel opwek als opslag van duurzame energie. Daarbij wordt ook rekening gehouden met sectoren zoals cumelabedrijven, zodat energieoplossingen hand in hand gaan met leefbaarheid, bereikbaarheid en de praktische inzetbaarheid van infrastructuur. Slimme ruimtelijke planning en samenwerking met netbeheerders dragen bij aan een efficiënte benutting van

3

Ons kenmerk: 1036588

de beschikbare netcapaciteit, waarbij ook de toegankelijkheid van locaties voor agrarisch en energie gerelateerd gebruik wordt meegewogen.

1.3

1.4

Verzocht wordt om bij de bedrijfslocaties van cumelabedrijven voldoende (buiten)opslagmogelijkheden toe te staan en dit expliciet te benoemen in de omgevingsvisie. Als organisatie en de afzonderlijke bedrijven is Cumula al bezig met eerder genoemde 'transitie'. Voormelde ontwikkelingen zijn voor opdrachtgevers en cumelabedrijven al aanleiding om 'anders' te ' kijken' naar de reststromen die zij produceren zoals bijvoorbeeld groenafvalstromen die vrijkomen bij het beheer van groenstroken en wegbermen of grond die beschikbaar komt als gevolg van verschraling van natuurgebieden. Niet langer zien zij deze stromen als 'waardeloos afval’, maar veel meer als potentiële grondstoffen voor nuttige toepassingen. Voor het uitvoering geven aan een circulaire economie is daarom voldoende (buiten)opslag noodzakelijk. Verzocht wordt om bij de bedrijfslocatie van cumelabedrijven voldoende mogelijkheden te creëren om energie op te wekken en op te slaan en dit expliciet te benoemen in de omgevingsvisie. Cumelabedrijven oriënteren en investeren steeds vaker in de productie en opslag van duurzame energie. Zonnepanelen komen al op menig cumelabedrijf voor. Er zijn cumelabedrijven die de komende jaren de zelf opgewekte elektrische energie willen opslaan in een energiehub.

Door te investeren in energieopslagsystemen kunnen cumelabedrijven zelf voorzien in hun energiebehoefte, bijvoorbeeld door overdag opgewekte energie tijdelijk op te slaan en in de nachtperiode elektrisch materieel mee op te laden. Ook de productie van waterstof is voor sommige cumelabedrijven een

De invulling over het wel of niet toestaan van (buiten)opslagmogelijkheden en het wel of niet mogen opslaan van bepaalde typen (rest)producten is onderdeel van het omgevingsplan. In de omgevingsvisie worden keuzes op een hoger abstractieniveau gemaakt. De omgevingsvisie geeft richting aan de ambitie van de gemeente.

Nee

We delen de ambitie om zo duurzaam mogelijk om te gaan met grondstoffen en afval. Wij zien onze rol hierbij meer als regisseur waarbij we de vrijgekomen grondstoffen en afval zoveel mogelijk bij de aannemer laten liggen. We kunnen dit in de contracten meenemen. De ruimtelijke impact van bedrijventerreinen wordt ook op regio niveau bekeken. In Hart van Brabant vraagt - net als elders in Nederland en daarbuiten - de overgang naar een circulaire en energieneutrale economie om ruimte.

Zie reactie onder 1.2.

Nee

Daarnaast erkennen we het belang van het creëren van voldoende mogelijkheden voor energieopwekking en/of-opslag duurzame energie op bedrijfslocaties. De omgevingsvisie richt zich op hoofdlijnen en is niet bedoeld voor het vastleggen van specifieke toepassingen of locaties. Dergelijke onderwerpen horen thuis in het instrument omgevingsprogramma en worden uitgewerkt in het Omgevings- en Uitvoeringsprogramma 'Duurzaam Hilvarenbeek 2025-2030'. En uiteindelijk in het Omgevingsplan. Daarbij worden ook ruimtelijke en veiligheidsaspecten meegewogen. Zo vraagt bijvoorbeeld de opslag of productie van waterstof om een zorgvuldige toetsing vanwege de risico's.

4

Ons kenmerk: 1036588

gerede optie in combinatie met een windmolen en/of zonnepanelen, aldus de betrokkene. 5.1.2.e

2

2.1

5.1.2.e

Diessen d.d. 6 mei 2025 (ingekomen 6 mei 2025) Betrokkene vraagt zich af hoe de scheiding tussen woongebied en agrarisch buitengebied is bepaald. De grens loopt nu tussen de Lombartsstraat 33a en 35 in. Voorheen zaten deze locaties beiden in het bestemmingsplan buitengebied. Tevens is Krekelshof 2 opgenomen als woongebied. Behoren de locaties Lombartsstraat 33a, 35 en Westerwijk 3 dan niet beiden binnen het woongebied? Hoe is de grens tussen woongebied en agrarisch gebied ter plaatse van Lombartsstraat 33a en 35 tot stand gekomen? (zie afbeelding).

140012,386974 •

%

<

?

De kaart sluit aan bij de contour van het stedelijk gebied zoals die is opgenomen op de kaart van de provinciale omgevingsverordening. Mocht er aanleiding toe zijn, bekijken we bij het opstellen van het Omgevingsplan of die aangepast moet worden.

Ja Kaart aanpassen 'woongebied': contour van het stedelijk gebied overnemen zoals op de kaart van de provinciale omgevingsverordening.

5.1.2.e en 5.1.2.e Esbeek d.d. 11 mei 2025 (ingekomen 11 mei 2025) 5.1.2.e

3

In het verleden is er volgens betrokkene veel discussie geweest over uitbreiding van bedrijventerrein Mierbeek aan de Noordzijde. Na tweemaal besloten te hebben dat Mierbeek aan de Noordzijde niet uitgebreid kan worden heeft de gemeenteraad 28 januari 2021 ingestemd met een uitbreiding onder voorwaarden via een amendement w.o. dat dit de laatste uitbreiding van het bedrijventerrein Mierbeek aan de Noordzijde zal zijn.

5

Ons kenmerk: 1036588

3.1

3.2

Graag wil betrokkene deze voorwaarde zoals hierboven omschreven expliciet terugzien in de Omgevingsvisie met duidelijk beschreven tekst. Dit om er zeker van te zijn dat hier in de toekomst geen discussie over ontstaat. Daarnaast vraagt betrokkene om de pijl weg te halen op de diverse plaatjes (o.a. op pagina 50 - integrale omgevingsvisiekaart), maar op deze plaatjes de 2,7 hectare uitbreiding Mierbeek-Noord te situeren en beschrijven. Dit ook met hetzelfde argument als onder 3.1 om hier in de toekomst geen discussie over te krijgen. 5.1.2.e

4

4.1

5

Het amendement blijft gelden

Nee

De pijl betreft de huidige, geplande uitbreiding.

Nee

Locatie specifieke regels zijn of worden opgenomen in het Omgevingsplan.

Nee

5.1.2.e

Diessen d.d. 12 mei 2025 (ingekomen 12 mei 2025) De kaarten bij de Omgevingsvisie geven volgens betrokkene geen info over plek specifieke regels. Er is bijvoorbeeld niet te zien welke bestemmingen/functieaanduidingen/aanvullende regels er gelden voor die specifieke plek. Indiener kan voor zijn bedrijf daarom niet beoordelen of hun reeds aanwezige belangen ook gewaarborgd zijn in het omgevingsplan. Gevraagd wordt om bewoners en ondernemers meer plek specifieke info te geven zodat tot een zorgvuldige vaststelling van de Omgevingsvisie kan worden gekomen.

Waterschap De Dommel, Postbus 10.001, 5280 DA Boxtel d.d. 12 mei 2025 (ingekomen 13 mei 2025) Het algemeen bestuur van het WS heeft in 2021 het Waterbeheerprogramma vastgesteld. Hierin staat de watertransitie centraal. In de Nota handelings-perspectief watertransitie wordt de betekenis van de watertransitie voor de verschillende soorten gebieden beschreven. Het algemeen bestuur wil werken aan een waterhuishouding, die in 2050 klaar is voor de toekomst. Met de handelingsperspectieven maakt het algemeen bestuur duidelijk over wat (binnenkort) wel en niet meer kan met het watersysteem. Het samen zoeken naar een toekomstperspectief staat hierbij voorop.

6

Ons kenmerk: 1036588

5.1

5.2

5.3

Het WS vindt het positief dat in de visie de beleidskaders van het Waterbeheerprogramma en de Nota handelingsperspectieven watertransitie worden benoemd en ondersteund. In de visie wordt aangegeven dat aan concrete plannen vanuit het Waterbeheerprogramma en de Nota handelingsperspectieven watertransitie wordt meegewerkt en deze plannen veelal betrekking hebben op de watergangen van het WS en op natuurgebieden. Het beleid van het WS gaat over het hele gebied, ongeacht de functie. Verzocht wordt om in de visie toe te lichten hoe de gemeente hun beleid vertaalt en concreet toepast in alle thema's en gebieden die de omgevingsvisie onderscheidt. De beoordeling van de effecten van het toekomstbeeld "Samen gezond groeien" op de wateraspecten laat in het Plan-MER voor de onderdelen waterkwaliteit, wateroverlast en overstroming een negatief effect zien. In de uitvoeringstabel zijn geen ambities opgenomen voor het vergroten van waterbergend vermogen en voor het herstel en ontwikkeling van het watersysteem. Gevraagd wordt om toe te lichten hoe de gemeente invulling wil gaan geven aan de uitdaging van een toekomstbestendig watersysteem in relatie tot het door de gemeenteraad gekozen toekomstscenario "Samen gezond groeien".

In de visie wordt beschreven dat wordt uitgegaan van een gezond bodem- en watersysteem, waarbij het waterbergend vermogen van de bodem wordt vergroot en ongewenste aantasting van de structuur van deze systemen zoveel mogelijk moet worden tegengegaan. De in de visie beschreven ambitie dat de beekdalen vrij blijven van bebouwing wordt niet toegepast op nieuwe ontwikkelingen (uitbreidingslocatie Biest-Houtakker en

De gemeente ondersteunt de aanpak en werkt actief mee aan de uitvoering om waterkwaliteit en -kwantiteit te verbeteren. De gemeente Hilvarenbeek past het beleid van het waterschap breed toe in alle relevante thema's (klimaat, natuur, bodem, wonen, landbouw) én per gebiedstype, zoals vastgelegd in de gebiedsgerichte uitwerking van de omgevingsvisie. Deze integrale toepassing wordt verder geconcretiseerd via uitvoeringsmaatregelen, regels in omgevingsprogramma's en het omgevingsplan. Hierbij is het uitgangspunt steeds: de juiste functie op de juiste plek, gestuurd door bodem en water.

Nee

De gemeente Hilvarenbeek geeft binnen het toekomstscenario Samen gezond groeien invulling aan een toekomstbestendig watersysteem door bodem en water als sturend principe te hanteren, het waterschapsbeleid gebiedsgericht toe te passen en functionele combinaties in de ruimte te benutten. Binnen het onderdeel Geleid door bodem- en watersysteem is in de uitvoeringstabel het vergroten van waterbergend vermogen en het herstel en ontwikkeling van het watersysteem wel opgenomen. De fasering moet nog worden bepaald. We voorzien in verdere uitwerking via omgevingsprogramma's en het omgevingsplan. Daarmee worden de negatieve MER-effecten erkend én in uitvoering omgezet.

Nee

De ambitie "Geleid door bodem- en watersysteem" wordt binnen Hilvarenbeek concreet toegepast via gebiedsgerichte afweging, ruimtelijk ontwerp, onderzoek naar woningbouwlocaties, uitvoeringsinstrumenten en samenwerking met het waterschap. De ontwikkellocaties bij Biest-Houtakker en Diessen liggen deels in kwetsbare zones, maar de gemeente borgt daar dat waterbeheer leidend is bij de inrichting en dat de waterfunctie versterkt wordt waar nodig. Zo ontstaat balans tussen ruimtelijke groei en klimaatbestendigheid.

Ja We voegen op pagina 82 alinea 2 een beknopte 'werkwijze' toe.

Tekstvoorstel: We passen het principe bodem- en water sturend toe in gebiedsgerichte

7

Ons kenmerk: 1036588

5.4

5.5

5.6

bedrijventerrein in Diessen), zijnde waterbergingsgebieden van respectievelijk het Spruitenstroompje en De Reusel. Gevraagd wordt om toe te lichten hoe de gemeente concreet invulling gaat geven aan de ambitie "Geleid door bodem- en watersysteem" bij ruimtelijke keuzes, zoals nieuwe of uitbreiding van woningbouwlocaties of bedrijventerreinen. Gevraagd wordt om de waterbergende functie van de beekdalen expliciet te benoemen in de visie. De ambities en uitgangspunten uit de omgevingsvisie krijgen volgens betrokkene zo een concrete uitwerking in (onder andere) de omgevingsprogramma's en omgevingsplannen. Het op juiste wijze opnemen en verwerken van de verschillende functies van de beekdalen en waterbergingsgebieden is daarmee van groot belang. Voor een samenhangend en toekomstbestendig beleid is het volgens het Waterschap van belang dat ook de gemeentelijke ambities en uitgangspunten op het gebied van stedelijk water nader worden toegelicht in de visie. Daarnaast blijft het zonder toelichting volgens betrokkene onduidelijk wat de ambitie en de uitvoeringsagenda wordt voor het toekomstbestendig maken van het rioleringssysteem. Ook wordt gevraagd om een nadere toelichting op de gemeentelijke rol en ambitie om de KRW-doelen (Kaderrichtlijn Water) te halen.

De visie ('Natuurinclusieve agrarische sector') beschrijft volgens betrokkene dat gestreefd wordt naar een grondgebruik dat meer in balans is met de potentie van het plaatselijke bodem- en watersysteem met als doel de kwaliteit te verbeteren. In de gebiedsgerichte uitwerking van "Agrarisch buitengebied" is voor waterkwaliteit een lage ambitie

afweging, ruimtelijk ontwerp, uitvoeringsinstrumenten en samenwerking met het waterschap.

Op pagina 48 (kader) van de ontwerp omgevingsvisie is al vermeld dat beekdalen een waterbergende functie hebben. We kennen maar 1 omgevingsplan voor het hele grondgebied van de gemeente. Het klopt dat de omgevingsvisie inderdaad op deze wijze doorwerkt.

Nee

De Omgevingsvisie geeft de ambities en koers op hoofdlijnen aan. Een nadere uitwerking van de uitvoering zal daarom niet in de Omgevingsvisie beschreven worden. In de Omgevingsvisie staat beschreven in 7.5.4 dat de waterkwaliteit de komende jaren ook heel belangrijk is en het wettelijk verplicht is om te voldoen aan Kaderrichtlijn Water. De gemeentelijke ambitie is beschreven in de afwegingskaders en mengpanelen van hoofdstuk 7. Het afwegingskader geeft voor de ambitie per deelgebied de balans weer. De gemeentelijke rol is op hoofdlijn op pagina 48 te lezen. We ondersteunen de aanpak en werken actief mee aan de uitvoering van concrete plannen om de waterkwaliteit en kwantiteit te verbeteren.

Nee

Wanneer we voor een lage milieukwaliteit kiezen, voldoen de waarden nog steeds aan de wet (we hebben in lijn met de Omgevingsvisie Brabant gekozen voor de term 'basis op orde'). Er zal dus nooit sprake zijn van méér belasting van de fysieke leefomgeving dan wettelijk toegestaan.

Nee

8

Ons kenmerk: 1036588

5.7

opgenomen. Met deze lage ambitie wordt niet bijgedragen aan de doelen van de Kaderrichtlijn Water. De natte ecologische verbindingszones ontbreken in de omgevingsvisie, zowel op de kaart als in de tekst, aldus betrokkene. Verzocht wordt deze op te nemen.

Voor de volledigheid en de duidelijkheid is het wenselijk om de natte ecologische verbindingszone Spruitenstroompje/Hoogeindse beek op te nemen in de gewijzigde versie van de kaart. Dit sluit ook aan bij de zienswijze van de Provincie Noord-Brabant (35) en VNMH (44), waarin wordt verzocht om ook de natte EVZ op te nemen.

Zie ook de reactie onder 35.9 en 44.5.

5.8

In de uitvoeringsparagraaf wordt gesproken over het opstellen van het omgevingsplan, omgevingsprogramma's, omgevingswaarden en een inspiratie- en afwegingskader. Hieraan is geen planning gekoppeld. Gaat dit allemaal tegelijkertijd lopen of komt er een prioritering?

Het tijdelijk deel van het Omgevingsplan wordt stapsgewijs omgezet naar een nieuw gemeentedekkend omgevingsplan. Het Waterschap is meegenomen in deze werkwijze. Als input voor de omgevingsprogramma's en het omgevingsplan nodig is dan betrekken wij het Waterschap hierin. In de Uitvoeringstabel is informatie opgenomen over het vervolg.

Ja Zie voorgestelde wijziging bij 35.9. We sluiten voor de aanduiding op de kaart aan bij de kaart van de provinciale Omgevingsverordening op dit onderdeel, voor de specifieke natte EVZ. nee

namens boomkwekerij 5.1.2.e Hilvarenbeek d.d. 13 mei 2025 (ingekomen 13 mei 2025)____________________

5.1.2.e

6

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

Betrokkene geeft aan dat de visie is opgesteld op basis van theoretische kennis van het gebied met wollige teksten die op meerdere manieren uitlegbaar zijn.

6.1

Gevreesd wordt door betrokkene dat de agrarische gronden minder waard worden als gevolg van de herwaardering van de beekdalen en vernatting van de gronden door hierop overtollig water op te slaan. Wordt dit gecompenseerd?

6.2

Ten aanzien van de grote (recreatieve) bedrijven zoals Beekse Bergen en A.S.R. wordt in de visie extra bebouwing mogelijk gemaakt in de natuur, waaronder woningbouw, aldus betrokkene. Nog meer toeristische voorzieningen in het buitengebied is volgens betrokkene helemaal niet wenselijk en wie gaat

Een omgevingsvisie is nog niet juridisch rechtstreeks bindend voor een inwoner/ondernemer, want het is een sturingsdocument naar de toekomst toe. Of er sprake kan zijn van waardevermindering van grond kan pas worden vastgesteld als er regels aan verbonden worden in een omgevingsplan. In het geval van waardedaling kan in het kader van het omgevingsplan een verzoek tot nadeelcompensatie (regeling voor schadevergoeding door overheidsoptreden) worden ingediend. De gemeente wil zich profileren als toeristisch-recreatief aantrekkelijke gemeente. De omgevingsvisie ziet niet toe op toevoegen van grote recreatiebedrijven maar geeft wel mogelijkheden voor verbrede activiteiten voor agrarische bedrijven of het herontwikkelen van vrijgekomen (agrarische) locaties. Dit biedt juist ook kansen voor verdienmodellen op de juiste locaties. Bij ruimtelijke ontwikkeling moet ook altijd rekening gehouden worden met bestaande functies en of de infrastructuur toereikend is.

Nee

Nee

9

Ons kenmerk: 1036588

voor het onderhoud van de paden en wegen zorgen als die hierdoor intensiever gebruikt gaan worden.

Diessen d.d. 14 mei 2025 (ingekomen 14 mei 2025)_______ 5.1.2.e

7

7.1

7.2

De Omgevingsvisie biedt daarnaast ook ruimte voor verbrede activiteiten aan bestaande recreatiebedrijven binnen de gebieden waarin recreatie op één staat of recreatie kansrijk is.

5.1.2.e

5.1.2.e

De visie geeft volgens betrokkene onvoldoende toekomstperspectief voor behoud en ontwikkeling van de boomteeltsector. Het document is moeilijk leesbaar met veel onderwerpen en tekst. Dit geldt ook voor de kaarten voor wat betreft oriëntatie wat van toepassing is op de eigen locatie. Betrokkene wenst zijn boomkwekerij op termijn te verhuizen van Oirschot naar zijn percelen in Diessen. De visie biedt volgens betrokkene geen duidelijke richtlijnen voor nieuw te vestigen boomkwekerijen op agrarische percelen. Gevraagd wordt om duidelijk aan te geven of er in de toekomst beperkingen gaan gelden voor het gebruik van agrarische percelen voor boomkwekerijen. Hoe wordt dit gecompenseerd als er sprake is van beperkend gebruik.

In de visie zijn de standpunten en de inbreng van de ZLTO volgens betrokkene onvoldoende meegenomen in de uitwerking. Gevraagd wordt om deze aspecten alsnog op te nemen in de visie om meer draagvlak voor de visie te creëren.

Bepaalde agrarische activiteiten worden niet uitgesloten op basis van de visie, maar iedere nieuwe agrarische activiteit moet wel getoetst worden aan het omgevingsplan. In de Omgevingsvisie geven we aan welke ambities voor het agrarisch buitengebied belangrijk zijn. Zoals een natuurinclusieve agrarische sector, bodem- en water sturend, cultuurhistorie, de aansluiting bij het oorspronkelijke landschapstype e.a. Natuurinclusief houdt in dat we de belasting op de fysieke leefomgeving door agrarische activiteiten zo laag mogelijk houden waarbij ook gekeken wordt naar de ruimtelijke ligging van de specifieke agrarische activiteit. Voorwaarden waar agrarische activiteiten aan moeten voldoen worden uitgewerkt in het Omgevingsplan. Zie reactie op zienswijze 8

Nee

Ja Zie voorgestelde wijziging bij zienswijze 8

5.1.2.e ZLTO afdeling De Hilver, p/a 5.1.2.e Haghorst d.d. 14 mei 2025 (ingekomen 15 mei 2025)__________________________________ 5.1.2.e

8

De agrarische sector is volgens betrokkene een belangrijke economische drager binnen de gemeente Hilvarenbeek. Er zijn een groot aantal jonge agrarische ondernemers binnen Hilvarenbeek die een bedrijf hebben overganomen of willen

De gemeente erkent economisch en sociaal belang van de agrarische sector. Tevens erkent de gemeente het belang van een verdere verduurzaming die nodig is om balans tussen economie en ecologie te verbeteren. Beide zijn nodig voor een langjarig perspectief voor (jonge) boeren.

10

Ons kenmerk: 1036588

overnemen. De ZLTO afdeling De Hilver heeft veel tijd gestopt in het opstellen van een Landbouwvisie. Deze is ook aan de gemeente aangeboden, De ZLTO ziet hiervan weinig terug in het voorliggend ontwerp van de Omgevingsvisie. Deze biedt onvoldoende handvatten om de diversiteit aan agrarische bedrijven te behouden en jonge boeren een langjarig perspectief te bieden.

8.1

Volgens de ontwerp Omgevingsvisie moet de focus liggen op kleinschalige, circulaire en natuurinclusieve modellen voor agrarische bedrijven. Het is voor ZLTO onduidelijk welke definitie de gemeente hiervoor hanteert. Gewezen wordt dat dit kansen biedt voor enkele ondernemers maar voor meerdere ondernemers niet haalbaar is. Gevreesd wordt dat dit voor veel ondernemers geen verdienmodel oplevert en er veel bedrijven met bijbehorend grasland zullen verdwijnen. De stappen naar verduurzaming zijn voor elk bedrijf anders. Verwezen wordt naar het SER-advies 'Naar duurzame toekomstperspectieven voor de landbouw'. Dit advies laat verschillende transitiepaden zien. Er wordt nadrukkelijk gevraagd om de ontwikkeimogelijkheden van de agrarische bedrijven niet te beperken en ook andere transitiepaden van hoogtechnologisch en multifunctioneel te ondersteunen. Dus meer ruimte bieden aan bedrijven voor mono mestvergisting t.b.v het produceren van groen gas en het eenvoudig mogelijk maken van meer bouwvlakruimte om meer dierruimte te creëren en het verbreden van de bedrijfsvoering.

De gemeente ambieert duurzame landbouw en een gezonde leefomgeving. (De gemeente is niet van 'technische oplossingen' aanreiken voor de bedrijfsvoering voor individuele bedrijven.) Het is aan ondernemers zelf welke keuzes zij in de bedrijfsvoering precies maken om tot een toekomstgerichte bedrijfsvoering te komen. Wanneer daar een ruimtevraag bij hoort, dan wordt dat voor die situatie afgewogen tijdens bijvoorbeeld een vergunningprocedure.

Ja. Toevoegen van definitie van natuurinclusieve landbouw die het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (bron: WUR) hanteert:

Keuzes op hoofdlijnen over onder andere ontwikkeimogelijkheden voor agrarische bedrijven horen thuis in de omgevingsvisie. De gemeente streeft naar een duurzamer, natuurinclusief en circulair landbouwsysteem. Te denken valt hierbij aan gebruik van minder chemie en meer biodiversiteit en ook aan kringlooplandbouw. De omgevingsvisie zou hier wat duidelijker kunnen worden. Daarnaast blijft er ruimte voor milieuvriendelijke stalsystemen waarbij extra bedrijfsruimte die past bij de kaders van het beleid bespreekbaar is. Monovergisting van eigen mest op een bedrijf is en blijft mogelijk. Het oprichten van nieuwe grote mest- of co-vergistingsinstallaties kan niet binnen de gemeente Hilvarenbeek. Tegelijkertijd: het daadwerkelijk creëren van deze mogelijkheden is voor het omgevingsplan, omdat daar -op

'Een meer natuurinclusieve landbouw houdt in dat de landbouw meer gebruik maakt van natuurlijke processen en dat de landbouw factoren die druk zetten op de biodiversiteit (zoals emissies naar bodem, water en lucht) terugdringt. Tenslotte kan de landbouw bijdragen aan versterking van specifieke soorten en habitats. Deze laatste invulling hangt samen met versterking van beschermde soorten en

11

Ons kenmerk: 1036588

Verwezen wordt naar de handvatten die hiervoor zijn gegeven in hun Landbouwvisie.

basis van keuzes in de omgevingsvisie- regels in kunnen worden uitgewerkt.

Het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (voorheen ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit) hanteert een definitie voor natuurinclusieve landbouw. Hierbij sluiten wij aan. We voegen de definitie toe in de Omgevingsvisie.

8.2

Gevraagd wordt om de ambitie dat in 20230 15% biologische landbouw te realiseren te schrappen. Ondernemers moeten zelf de keuze hebben voor

De gemeente wil met deze ambitie geen verplichting opleggen aan individuele ondernemers. Wel willen we hierop sturen door te faciliteren en het voor ondernemers

habitats. In de literatuur (WUR, Verrijken, benutten en sparen; Bewegen richting natuurinclusieve landbouw, mei 2020) worden deze drie niveaus wel gerangschikt onder de noemers: 1. Sparen: minder impact op de natuur, lagere emissies en efficiënt gebruik van hulpbronnen; 2. Benutten: beter benutten van natuurlijke processen, in stand houden en benutten van functionele agrobiodiversiteit zoals natuurlijke ziekte-en plaagwering, bestuiving, watervoorziening en zuivering, natuurlijke bodemvruchtbaarheid en een goede bodemstructuur, robuuste rassen en gewassen en meer diversiteit in gewassen; 3. Verrijken: zorgen voor de natuur, met name zorgen voor wilde flora en fauna op boerenland, zoals weide- en akkervogels. nee

12

Ons kenmerk: 1036588

8.3

welk segment zij produceren. Hiervoor zal de markt leidend zijn.

makkelijker maken om (gedeeltelijk) te transformeren naar biologisch.

Het is volgens betrokkene onduidelijk wat de gevolgen zijn voor de agrarische ondernemers door het opnemen van de 250 meter bufferzone rondom Natura 2000-gebieden. Gevraagd wordt om deze zone te schrappen omdat dit substantiële economische gevolgen heeft voor de ondernemers. Dit moet dan voor rekening komen van de gemeente.

We vinden het belangrijk om deze ambitie uit te spreken en willen hierbij aansluiten bij de door de provincie in te stellen bufferzones. We zien het als stip op de horizon, de ambitie voor de lange termijn. Dit biedt de ondernemers ook de tijd om na te denken over hun bedrijfsvoering voor de lange termijn. De wens is om Natura2000 gebieden meer bescherming te bieden in de toekomst. Mogelijk vraagt dit verandering in de vorm van een andere manier van agrarisch grondgebruik zodat het bijdraagt aan natuur- en waterdoelen. In de uitwerking in omgevingsprogramma's zal een tijdspad worden opgenomen. De ambities uit de omgevingsvisie vertalen we dan naar concrete doelen waarbij we tussenstappen maken binnen het tijdspad naar 2050.

Zie ook reactie onder 6.1.

8.4

In de visie wordt grondgebruik gestimuleerd dat meer in balans is met de potentie van het plaatselijk bodem- en watersysteem en wordt aansluiting gezocht bij het handelingsperspectief van het Waterschap. Gevraagd wordt om ondernemers vrij te laten in teeltkeuze en te erkennen dat bepaalde

Nu en in de toekomst laten we - in lijn met beleid van provincie en waterschap - het watersysteem leidend wat betekent dat het belangrijk is om de activiteiten zoals teeltkeuze en dergelijke daarop aan te passen. We hebben kritisch gekeken naar de begrenzing van beekdalen op de kaart. De begrenzing van de beekdalen op de omgevingsvisiekaart is gebaseerd op de 'Werkkaart hoge

Ja op p.43 toevoeging maken in tekst: was: "Specifiek rond de Natura 2000-gebieden (zie deelkaart Natuurlijke leefomgeving) hebben we een bufferzone van 250 meter ingesteld waarbinnen minder activiteiten mogen plaatsvinden om de natuur te beschermen." Wordt: "Specifiek rond de Natura 2000-gebieden (zie deelkaart Natuurlijke leefomgeving) hebben we, gekoppeld met het provinciale Programma Overgangsgebieden, een bufferzone van 250 meter ingesteld waarbinnen minder activiteiten mogen plaatsvinden om de natuur te beschermen. Ja We vullen de tekst aan op p.48 alinea 4: Tekstvoorstel: 'Op de omgevingsvisiekaart hebben we de begrenzing van de beekdalen opgenomen. Nu en in de

13

Ons kenmerk: 1036588

stuurbaarheid van het watersysteem van belang is om in te kunnen spelen op droge en natte periodes. De beekdalen zijn ruim begrensd op een aantal locaties, aldus betrokkene. Deze begrenzing loopt verder dan tot het geomorfologisch beekdal behoort. Gevraagd wordt hiernaar nog eens kritisch

te kijken.

toekomst laten we het bodem- en watersysteem leidend zijn door het grondgebruik hierop aan te passen en beek(dal)herstel mogelijk te maken. Dit is niet alleen onze ambitie als gemeente, maar het is ook in lijn met het beleid van de provincie en het waterschap. Om invulling te geven aan deze ambitie en beleid hebben we de begrenzing van de beekdalen op de omgevingsvisiekaart weergegeven. De begrenzing van de beekdalen biedt geen inzicht op perceelniveau maar geeft richting op hoofdlijnen. Wanneer een grondeigenaar of gebruiker met een initiatief voor een ruimtelijke (her)ontwikkeling komt, houden we in deze gebieden extra rekening met de functie van het beekdal.'

koppen, beekdalen en flanken' van Waterschap De Dommel. Deze kaart is opgesteld als onderdeel van de 'Nota handelingsperspectief watertransitie' en is gebaseerd op de 'Reserveringsgebieden Waterberging' uit de interim omgevingsverordening Noord-Brabant (2022) gecombineerd met de Geomorfologische begrenzing van de beekdalen. In de nota is aangegeven dat de kaart niet bedoeld is om inzicht te bieden op perceelniveau, maar richting geeft voor het waterschapsgebied van Waterschap De Dommel.

Het handelingsperspectief van het waterschap is per landschapstypen gebiedsgericht uitgewerkt. Dat geldt hier (omgevingsvisie) ook. We verduidelijken de tekst op pagina 48 (ontwerp Omgevingsvisie), zodat duidelijker wordt wat we met de (begrenzing van) beekdalen bedoelen.

8.5

In de visie wordt het starten of uitbreiden van agrarische bedrijfsvoering of praktijken die een negatieve invloed hebben op de lokale leefomgeving, zoals Lelieteelt, uitgesloten.

Bepaalde agrarische activiteiten worden niet uitgesloten op basis van de visie, maar iedere nieuwe agrarische activiteit moet wel getoetst worden aan het omgevingsplan. In de Omgevingsvisie geven we aan welke ambities voor het

Nee

14

Ons kenmerk: 1036588

8.6

Het opleggen van teeltbeperkingen of vergunningseisen mogen niet zomaar worden opgelegd volgens betrokkene. Dit is niet wenselijk en praktisch niet werkbaar. Dit heeft bovendien invloed op de waarde van de grond. Verwezen wordt naar de leidraad gewasbescherming van de LTO. Hier conformeren de ondernemers zich aan. Gestreefd wordt naar preventieve bestrijding om het ontwikkelen en van ziekten en plagen tegen te gaan. De ambitie is om het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen steeds verder terug te dringen. Er moet dan ook vertrouwd worden op het vakmanschap van de betreffende boeren en tuinders. Gewezen wordt op het belang van behoud van de melkveehouderij en geschikte locaties hiervoor. Dit zorgt volgens betrokkene voor een goede balans tussen grasland en bouwland.

agrarisch buitengebied belangrijk zijn. Zoals een natuurinclusieve agrarische sector, bodem- en water sturend, cultuurhistorie, de aansluiting bij het oorspronkelijke landschapstype e.a. Onderdeel van de natuurinclusieve agrarische sector is ook dat de belasting op de fysieke leefomgeving zo laag mogeljk wordt gehouden waarbij ook gekeken wordt naar de ruimtelijke ligging van de specifieke agrarische activiteit. Voorwaarden waar agrarische activiteiten aan moeten voldoen kunnen worden uitgewerkt in het Omgevingsplan.

Bij de beschreven ambities op het gebied van energie komt de agrarische sector nauwelijks aan bod. De agrarische sector kan een rol spelen in het versnellen van de energietransitie, waaronder zonnepanelen op daken en windmolen, maar ook door het benutten van restwarmte of de productie van biogassen door mestvergisting. In de visie zouden volgens ZLTO handvatten opgenomen moeten worden om deze slimme combinaties mogelijk te maken voor de agrarische sector.

Zie reactie onder 8.1.

Wat betreft gebruik van gewasbeschermingsmiddelen wordt in de omgevingsvisie een toevoeging opgenomen. Wij willen spuitvrijezones met een afstand van 50 meter hanteren ten opzichte van nieuwe gevoelige functies, zoals 'wonen' om een goed woon- en leefklimaat te garanderen. De percelen binnen deze zone behouden de bestemming agrarisch en kunnen als zodanig voor agrarische activiteiten gebruikt (blijven) worden. Andere vormen dan chemische gewasbeschermingsmiddelen voor het bestrijden van plagen en het beschermen van gewassen tegen ziekte en overwoekering door onkruid blijven toegestaan. Nee

Verder hecht de gemeente waarde aan een gezonde bedrijfsvoering die bijdraagt aan een leefbare omgeving. Daarbij kiest de gemeente er bewust voor om geen technische oplossingen aan te reiken. Het is aan ondernemers zelf om keuzes te maken die passen bij een toekomstgerichte bedrijfsvoering. Wanneer deze keuzes ruimtelijke consequenties hebben, zoals bij mestvergisting of energieopwekking, dan wordt daar in overleg naar gekeken. Zoals eerder aangegeven beperken we

15

Ons kenmerk: 1036588

grootschalige windenergie voorlopig tot de energiehubs van de REKS, zijn nieuwe extra zonnevelden op agrarische gronden niet meer toegestaan. Opwek op bedrijfsdaken blijft wel mogelijk.

8.7

Het zou volgens ZLTO mogelijk moeten zijn om eenvoudig stappen te kunnen zetten in multifunctionele landbouw om zo te kunnen inspringen op nieuwe ontwikkelingen.

Wij onderschrijven deze wens. Wij willen de mogelijkheden hiervoor onderzoeken en dit verder uitwerking in een omgevingsprogramma.

Nee

8.8

Ter plaatse van toekomstgerichte agrarische locaties zou het agrarisch belang voorrang moeten krijgen, aldus ZLTO. Goede locaties behouden voor een vitale agrarische sector.

Het landschapstype is leidend voor de ontwikkeling van het agrarisch buitengebied. Zo is het jonge ontginningslandschap primair voor de duurzame ontwikkeling van landbouw. In andere gebieden is landbouw ook mogelijk mits rekening houdend met de ambities van de omgevingsvisie zoals de landschapstypen en de regels die in het omgevingsplan gelden. Een verdere specificatie of grondbeleid is hier op dit moment nog niet in uitgewerkt.

Nee

8.9

In de Kernvisie wordt aangegeven dat gestreefd wordt naar arbeidsintensieve bedrijven zo ver mogelijk van de kern. Wat wordt hiermee bedoeld, want dit komt in de visie niet terug volgens betrokkene. Is dit specifiek voor agrarische bedrijven of voor bedrijven in het algemeen?

De term arbeidsintensief komt niet voor in de ontwerp

Ja In de tekst van de Kernvisie p.29 'arbeidsextensief' veranderen in 'extensief'.

Gevraagd wordt om terughoudend te zijn met het opnemen van de droge EVZ ten noorden van Hilvarenbeek en Diessen. Indien dit een nieuwe ambitie is wordt verzocht deze aanduiding te schrappen vanwege de toch al grote ruimteclaims.

De stelling in de visie dat de kwaliteit van de natuur achteruit is gegaan als gevolg van het gebruik van mest en gif wordt ervaren als framing. Dit hoort niet

Omgevingsvisie; wel wordt 'arbeidsextensieve bedrijvigheid' genoemd. Het gaat over extensieve bedrijvigheid, zodat het past bij de sociale en landschappelijke kwaliteit van de

gemeente. Hier worden zowel agrarische bedrijven als niet-

agrarische bedrijven bedoeld. Er zijn diverse opties en vormen om invulling te geven aan de droge EVZ. Ontwikkeling en wijze van gebruik van de gronden binnen de EVZ gaat altijd in overleg met/door grondeigenaren. Het is een ambitie om de EVZ tot stand te brengen. We vinden het belangrijk om de EVZ's wel op te nemen in de omgevingsvisie en op de omgevingsvisiekaart vanwege de ruimtelijke impact van deze ontwikkelingen. In de tekst van de omgevingsvisie nemen we op dat de exacte locatie bepaald wordt aan de hand van onderzoek. In de uitvoering

In de tekst van de omgevingsvisie nemen we op dat de exacte invulling van de droge EVZ bepaald wordt aan de hand van onderzoek op de specifieke locatie en in overleg met de betreffende grondeigenaren.

16

Ons kenmerk: 1036588

thuis in een beleidsstuk van de overheid, aldus de indiener. Gewezen wordt op het gegeven dat al jaren wordt gewerkt aan de uitbreiding van de EHS en dat volgens de CBS-cijfers vanaf 1990 de biodiversiteit gemiddeld 13% is toegenomen volgens Living Planets Index.

5.1.2.e

9

5.1.2.e

moet namelijk blijken waar gronden verworven kunnen worden of dat een grondgebruiker dit zelf op wil of kan pakken.

Zie voorgestelde wijziging bij 14.6.

Ten aanzien van de opmerking overframing, zie ook reactie onder 14.6. De publieksversie van de omgevingsvisie passen we aan.

5.1.2.e

Hilvarenbeek d.d. 15 mei 2005 (ingekomen 15 mei

2025)

9.1

De inhoud van de visie heeft grote gevolgen voor zijn bedrijf en de plaats van het bedrijf en dus voor de toekomst van zijn bedrijf en gezin. 5.1.2.e

10

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

Zie reactie onder 8

Ja Zie voorgestelde wijzigingen bij zienswijze 8

5.1.2.e

Hilvarenbeek d.d. 15 mei 2025 (ingekomen 15 mei

2025)__________________________________________

Betrokkene is met landbouwgronden gelegen naast natura 2000 gebieden waarop bufferzones van 250 meter worden ingesteld waar minder activiteiten mogen plaats vinden.

10.1

Deze gronden zijn particulier eigendom en hebben een waarde. Op deze gronden moet volgens betrokkene reguliere landbouw kunnen worden uitgeoefend op dezelfde manier als gronden welke niet naast natura 2000 gebieden liggen. Door belemmeringen verandert de economische waarde. Betrokkene wil niet dat deze bufferzone in de visie wordt opgenomen.

Zie reactie onder 8.3 en 6.1 In de tekst maken we een aanvulling. We verwijzen naar het proces van de provincie, Programma Overgangsgebieden.

Ja Zie voorgestelde wijziging bij 8.3

10.2

De gemeente is volgens betrokkene niet bevoegd om dergelijke belemmeringen op gronden te leggen

Gemeente heeft een visie met wat die op de lange termijn wil bereiken passend bij Samen gezond groeien en ambities

Nee

17

Ons kenmerk: 1036588

die niet bij hen in eigendom is. De gronden van betrokkene zouden dus niet geschikt zijn voor het betreffende initiatief op de gronden zoals beschreven in de visie. 5.1.2.e

11

5.1.2.e 5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

op het gebied van natuur. Het kan zijn dat in het Omgevingsplan nadere regels worden gesteld die eventueel beperkt gebruik van gronden gaan inhouden.

5.1.2.e

Diessen d.d. 16 mei 2025 (ingekomen 16 mei 2005)

11.1

De door de raad vastgestelde beleidskaders 'Dorpse Waarde Bewaren' met de bijbehorende kaart is niet verwerkt in de visie, meent betrokkene.

In de themagerichte uitwerking van de Omgevingsvisie is één van de 12 ambities 'Herkenbaar dorps karakter', In tekst is dit uitgewerkt als volgt: 'De kernen behouden het eigen karakter. De gemeente koestert alle directe en indirecte verwijzingen naar haar rijke verleden en haar vele erfgoed. Het is van groot belang dat de identiteit en de kenmerkende waarden van elke kern behouden blijven. Die omvatten de ruimtelijke structuur, de dorpse identiteit, de historische en beeldbepalende elementen, het erfgoed, de routing, zichtlijnen en cultuurhistorie' (pagina 35 en 36). Het planologische instrument wat hoort bij de uitwerking van de Omgevingsvisie op kaart is het Omgevingsplan. Hier zal de Cultuurhistorische Waardenkaart en de kaart 'Dorpse Waarde Bewaren in verwerkt worden'.

Nee

11.2

De bestaande woningen aan de uitvalswegen van de dorpen moeten als uiterste bebouwingsgrens worden beschouwd zodat de dorpen niet aan elkaar kunnen groeien. Er mogen dus volgens betrokkene geen nieuwe bouwvlakken buiten die uiterste grenzen ontstaan.

In de omgevingsvisie is de koers bepaald voor uitbreiding aan de randen van de dorpskernen. Op hoofdlijnen is dit zichtbaar in de kaart. Er is niet gekozen voor een concrete uitwerking in de Ontwerp Omgevingsvisie om o.a. speculatie te voorkomen. De gemeente is een onderzoek gestart naar mogelijke woningbouwlocaties voor de toekomst, dat na vaststelling van de Ontwerp Omgevingsvisie kan leiden tot een aanvulling op de Omgevingsvisie of het omgevingsplan.

Nee

11.3

Geen nieuwe mogelijkheden voor bergingen en schuilhokken voor dieren in het buitengebied

De omgevingsvisie(kaart) geeft de koers en ambities op hoofdlijnen aan. We willen verrommeling en verval tegengaan. Het verbinden van regels op dit onderwerp kan

Nee

18

Ons kenmerk: 1036588

toestaan ter voorkoming van verrommeling, aldus betrokkene.

in het instrument Omgevingsplan vorm krijgen. Dit is in lijn met hetgeen nu al geregeld is in het tijdelijk deel van het omgevingsplan.

11.4

Ter bescherming van de natuur moet verboden worden om hierin nieuwe woningen te realiseren, aldus betrokkene.

In principe is woningbouw in het buitengebied alleen mogelijk met toepassing van de Maatwerkregeling Omgevingskwaliteit van de provincie binnen de bebouwingsconcentraties. Dit wordt niet geregeld in de omgevingsvisie.

Nee

11.5

Uitbreiding van bouwvlakken alleen realiseren aan de achterzijde van bestaande percelen, aldus betrokkene.

Dit is een aspect dat geregeld wordt in het omgevingsplan.

Nee

11.6

Voorgesteld wordt om binnen de bebouwde kommen hogere bebouwing met maximaal tot 5 bouwlagen toe te staan als vanwege woningnood moet worden afgeweken van de kaders zoals genoemd onder 11.1.

Het vastleggen van de maximale bouwhoogte gebeurt in principe in het omgevingsplan. Wat betreft de visie op hoogbouw wordt aangesloten bij de vastgestelde beleidsregel 'Dorp Bouwen 2023'. Het eventueel opsplitsen of optoppen van woningen wordt mogelijk gemaakt op basis van de beleidsregel 'Woonvormen Hilvarenbeek 2024'.

Nee

Voordat tot plaatsing van windmolens kan worden overgegaan, wordt er een Omgevingseffectrapportage (OER) opgesteld. Dit is een uitgebreid onderzoek waarin de effecten van een plan of project op de omgeving worden beoordeeld.

Nee

namens de BezienswaardiGeit, 5.1.2.e Haghorst d.d. 15 mei 2025 (ingekomen 15 mei 2025) 5.1.2.e

12

5.1.2.e

In de visie is een gebied in het buitengebied van Haghorst aangewezen voor eventueel de ontwikkeling van windmolens.

12.1

Het plaatsen van windmolens past volgens betrokkene totaal niet in het gebied en doet daarom afbreuk aan de cultuurhistorische waarde van het gebied.

In een OER worden zowel positieve als negatieve effecten onderzocht, onder andere op het gebied van klimaat, landschap, natuur, landbouw en recreatie. Daarnaast is er

19

Ons kenmerk: 1036588

nadrukkelijk aandacht voor sociale en economische aspecten zoals gezondheid, welzijn en werkgelegenheid. Ook worden specifiek de effecten op cultuurhistorische en archeologische waarden in het OER zorgvuldig meegenomen. Daarbij wordt gekeken naar de ligging van windmolens ten opzichte van cultuurhistorisch waardevolle gebieden en objecten. Op basis van deze integrale afweging wordt bepaald of, en zo ja waar, windmolens verantwoord kunnen worden geplaatst.

12.2

Tevens wordt er volgens betrokkene gestreefd naar een "gezonde" gemeente. Het is volgens betrokkene nog helemaal niet duidelijk welke invloed windmolens hebben op de gezondheid van omwonenden. Zolang dit niet duidelijk is vindt betrokkene het opnemen van de mogelijkheid voor het plaatsen van windmolens in de visie een heel slecht idee. Gevraagd wordt om dit onderdeel uit de visie te halen. De suggestie wordt gedaan om voorlopig te focussen op het stimuleren van zonnepanelen op daken en accu's.

Het RIVM doet onderzoek naar gezondheidseffecten specifiek voor de Nederlandse situatie. Uit internationaal onderzoek weten we al heel veel. In deze onderzoeken is het bewezen dat omwonenden hinder kunnen ondervinden van windturbines. Deze hinder kan indirect andere gezondheidsklachten veroorzaken. Onderzoek naar slaapverstoring door windturbines geeft geen eenduidige resultaten. Voor andere gezondheidsproblemen, zoals hart­ en vaatziekten of mentale gezondheid, is er niet voldoende bewijs.

Nee

Gemeenten, provincies en ontwikkelaars van windparken moeten ervoor zorgen dat windturbines op een zorgvuldige manier worden geplaatst. Ze moeten zich houden aan milieuregels, zoals geluidsnormen, om te voorkomen dat mensen gezondheidsproblemen krijgen ofte veel overlast ervaren. Zo blijven de turbines veilig en veroorzaken ze geen onacceptabele overlast voor de omgeving. Uit meerdere onderzoeken blijkt dat de overgang naar duurzame energie, zoals windenergie, in het algemeen de gezondheid en veiligheid in Nederland verbetert. De

20

Ons kenmerk: 1036588

luchtkwaliteit verbetert doordat wegverkeer en industrie overstappen op elektriciteit, wat de hoeveelheid fijnstof en stikstof vermindert.

De Omgevingsvisie richt zich op de lange termijn tot 2050. Het is de ambitie om op diverse manieren voorzieningen voor energieopwek en -opslag in de gemeente te krijgen. We richten ons in eerste instantie op inderdaad wel op zon op dak (bron: p.38 ontwerp Omgevingsvisie). We hanteren vervolgens de zonneladder en het afwegingskader uit de Regionale Energie en Klimaat Strategie.

12.3

De visie geeft aan dat de positie van agrarische bedrijven belangrijk is in de gemeente Hilvarenbeek en karakteristiek zijn voor het gebied. Ten aanzien van dit aspect wordt aangesloten bij de zienswijze die is ingediend door ZLTO De Hilver.

Zie reactie op zienswijze 8.

Ja Zie voorgestelde wijzigingen bij zienswijze 8

De ambitie is om Natura2000 gebieden meer bescherming te bieden in de toekomst. Mogelijk vraagt dit verandering in de vorm van een andere manier van agrarisch grondgebruik zodat het bijdraagt aan natuur- en waterdoelen. Een omgevingsvisie leidt niet direct tot een beperking voor gebruik omdat dit niet rechtstreeks juridisch bindend is. Hier is pas sprake van wanneer dit uitgewerkt wordt in regels in een omgevingsplan.

Ja Zie voorgestelde wijziging bij 8.3

namens De Kievit, 5.1.2.e Esbeek d.d. 15 mei 2025 (ingekomen 15 mei 2025)______________________ 5.1.2.e

13

5.1.2.e

5.1.2.e

Het betreffende bedrijf 'De Kievit' ligt binnen het Landgoed De Utrecht nabij Natura 2000 gebied en heeft 2 hoofdfuncties: 'Agrarisch' en 'Recreatie' met een nevenfunctie 'Zorg'.

13.1

Betrokkene is het niet eens met de bufferzone van 250 meter rond Natura 2000 gebieden. Het bedrijf en de akkerbouwgronden vallen binnen deze bufferzone en wordt hierdoor beperkt in de bedrijfsvoering.

21

Ons kenmerk: 1036588

14

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

Hilvarenbeek d.d. 16 mei 2025 (ingekomen 16 mei

2025)___________________________________________

In de omgevingsvisie wordt enkel gesproken over biologische landbouw en natuur inclusieve landbouw, meent betrokkene.

14.1

Er wordt volgens betrokkene niet duidelijk aangegeven hoe de reguliere landbouw kan bestaan in Hilvarenbeek. Betrokkene zou in de omgevingsvisie hierover meer duidelijkheid willen zien.

De omgevingsvisie biedt mogelijkheid voor reguliere bedrijven om te innoveren ten bate van duurzaamheid, ruimtelijke kwaliteit, gezondheid en energie. Het is aan de ondernemers om hieraan invulling te geven.

nee

14.2

In de visie wordt volgens betrokkene onvoldoende belicht dat elke (agrarische) bedrijfstak specifieke eisen en wensen omtrent grondgebruik heeft. Er is onvoldoende rekening gehouden met de input zoals die door de ZLTO is ingebracht.

Zie reactie op zienswijze 8.

Ja Zie voorgestelde wijzigingen bij zienswijze 8

14.3

Er wordt volgens betrokkene in de visie geen duidelijke lijn uitgezet over mogelijkheden tot verduurzaming (b.v. voor produceren van Biogas) en voor het vergroten van bouwvlakken om andere bedrijfsconcepten te kunnen realiseren (biologisch en/of natuur inclusief) of verbrede landbouw.

Wij willen maatwerk toepassen voor het vergroten of uitbreiden van bouwvlakken indien dit voor het verduurzamen of omschakelen naar biologisch en/of natuur inclusief van een agrarisch bedrijf noodzakelijk is. We willen hier niet aan meewerken als dit mogelijkheden biedt om meer dieren te houden als dit uitsluitend bedoeld is voor het uitbreiden in dieraantallen. Wat we in het omgevingsplan specifiek regelen hierover is op basis van uitgangspunten van de omgevingsvisie.

Nee

14.4

De bufferzone van 250 meter rondom Natura 2000 gebieden en de aangeduide beekdalen vormen naar mening van betrokkene een belemmering om vrij agrarisch te ondernemen. Het grondgebruik voor agrarische productie wordt hierdoor ernstig beperkt en wordt schade geleden.

Er zijn diverse opties en vormen om invulling te geven aan de droge ecologische verbindingszone. Ontwikkeling en wijze van gebruik van de gronden binnen de droge ecologische verbindingszone en de bufferzone rondom de Natura-2000 gebieden gaat altijd in overleg met/door grondeigenaren.

Ja Zie voorgestelde wijziging bij 8.3

22

Ons kenmerk: 1036588

Verzocht wordt om deze bufferzone en belemmeringen omtrent de beekdalen uit de visie te halen.

We vinden het belangrijk om deze ambitie uit te spreken en willen hierbij aansluiten bij de door de provincie in te stellen bufferzones. Zie ook reactie onder 8.3.

14.5

In de visie zouden agrarische locaties en agrarisch belang voorrang moeten hebben ten opzichte van andere functies in het buitengebied, zoals woningen, meent betrokkene. Gevraagd wordt om het hogere belang van de agrarische sector in het buitengebied ten opzichte van (nieuwe) woningen expliciet te vermelden.

Het toevoegen van woningen in het buitengebied is zeer beperkt. Dit is alleen mogelijk door het omzetten van (voormalige) bedrijfswoningen in een reguliere woning, het splitsen van cultuurhistorische of beeldbepalende boerderijen of het toevoegen van een woningen op basis van de Maatwerkregeling van de provincie Noord-Brabant binnen bebouwingsconcentraties. Ook in dit geval zijn de bestaande functies in het gebied leidend.

Nee

14.6

In de publieksversie wordt gesteld dat de kwaliteit en de hoeveelheid natuur kleiner is geworden terwijl er al jaren gewerkt wordt aan uitbreiden van de EHS (b.v. Diessens Broek en langs het kanaal in Haghorst). Dit zou liggen aan gebruik van mest en gif. Naar mening van betrokkene wordt ten onrechte hierbij gewezen naar de agrarische sector. Particulieren en andere bedrijven zijn eveneens verantwoordelijk voor de kwaliteit van en hoeveelheid aan natuur. Gevraagd wordt om dit uit de visie te verwijderen omdat dit discriminerend is ten opzichte van de agrarische sector.

In paragraaf 3.9 van de publieksversie wordt in algemene zin aangegeven dat het verdwijnen van natuur komt door o.a. het gebruik van mest en gif. Het intensieve gebruik van deze stoffen heeft aantoonbaar een negatief effect gehad op biodiversiteit en natuurkwaliteit. Ook andere manieren van intensief menselijk gebruik, vaak gestimuleerd door betrokken overheden, hebben bijgedragen aan die teruggang. We erkennen dat de tekst van paragraaf 3.9 een negatief gevoel kan oproepen voor de agrarische sector. In de Ontwerp Omgevingsvisie is de formulering van de tekst uitgebreider en genuanceerd beschreven. Deze oorspronkelijke versie is bepalend, de Publieksversie wordt niet vastgesteld. We passen de tekst in de Publieksversie aan.

Ja. Publieksversie wordt aangepast. Tekstvoorstel paragraaf 3.9 in Publieksversie: o Was: "De natuur is kleiner geworden en de kwaliteit van de natuur is slechter geworden. Dit komt onder andere door het verdwijnen van bijvoorbeeld houtwallen4 en het gebruik van mest en gif." o Wordt "De natuur is kleiner geworden en de kwaliteit van de natuur is slechter geworden. Dat komt doordat mensen de grond heel veel gebruiken. Ook het verdwijnen van bomen en heggen in het gebied heeft het de

23

Ons kenmerk: 1036588

o

15

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

planten en dieren onder druk gezet." Voetnoot bij 'houtwallen' komt dan ook te vervallen.

5.1.2.e

Esbeek d.d. 15 mei 2025 (ingekomen 15 mei 2025) Betrokkene exploiteert een akkerbouwbedrijf aan de 5.1.2.e en 5.1.2.e te Esbeek. Het akkerbouwbedrijf exploiteert jaarlijks ca. 250 ha akkerbouwgewassen in Esbeek en omgeving. Op basis van de ontwerp-Omgevingsvisie ligt een groot deel van de landbouwgronden van het bedrijf in ‘Beekdal’ en de '250 m. bufferzone rondom natura2000 gebied'.

15.1

Hun landbouwgronden in 'beekdal' worden al decennialang gebruikt voor de reguliere teelt van akkerbouwgewassen. Dit zonder beperkingen. Zij gebruiken de gronden volgens de geldende voorschriften op het gebied van o.a. bemesten, het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, drainage en beregening. Op deze gronden zijn nu ook alle gangbare teelten toegestaan. In de visie krijgen naar mening van betrokkene deze gronden nu het stempel als kwetsbare natuur met tal van beperkingen. Dit is volgens betrokkene onacceptabel, buitenproportioneel en onverantwoord. Door de aantasting van het opbrengend vermogen van de gronden wordt de waarde aangetast en volgt nadeelcompensatie.

Zie reactie onder 6.1 en 8.3.

Ja Tekst (2e zin paragraaf 7.5.1.) wordt aangepast naar: Het Natura 2000gebied Kempenland-West strekt zich uit over meerdere gemeenten. De binnen de gemeente Hilvarenbeek gelegen Roovertsche Heide, landgoed De Utrecht en de Reusel behoren tot dit Natura 2000-gebied.

Deze opmerking klopt. Niet alle beekdalen behoren tot Natura 2000. We passen de tekst aan.

Onder paragraaf 7.5.1. (pag. 67) staat dat de beekdalen tot het Natura-2000 gebied Kempenland-

24

Ons kenmerk: 1036588

West behoren. Dit is feitelijk onjuist. Slechts een beperkt deel van de beekdalen behoort daartoe.

15.2

Betrokkene heeft ook landbouwgronden liggen in het gebied, welke binnen de ontwerpomgevingsvisie de aanduiding '250 bufferzone rond natura-2000 gebieden' hebben gekregen. Ook deze gronden krijgen op grond van de ontwerpomgevingsvisie volgens betrokkene ineens beperkingen opgelegd die betrokkene nooit gehad heeft. Voor deze gronden geldt hetzelfde als onder 15.1 is vermeld.

Zie reactie onder 6.1 en 8.3.

Nee

15.3

In paragraaf 6.3.4. (pag. 42). van de ontwerpomgevingsvisie is het volgende aangegeven: De gemeente biedt geen ruimte voor het uitbreiden of starten van agrarische bedrijfsvoering en praktijken met een negatieve invloed op de lokale leefomgeving, zoals bijvoorbeeld lelieteelt. Bij uitbreiding of wijziging van activiteiten dient de leefomgeving daar ook van te profiteren. Dit beschermt de gezondheid van mens, plant en dier.

De gemeente heeft het thema gezondheid een prominente plaats gegeven in de Omgevingsvisie. We kiezen dus vooral voor het faciliteren van activiteiten waarbij de leefomgeving positief beïnvloed wordt. Op welke wijze dit kan plaatsvinden, wat het betekent, wordt verder uitgewerkt in omgevingsprogramma's en het Omgevingsplan. Dan is het minder algemeen.

Nee

25

Ons kenmerk: 1036588

Dit is als zodanig ook opgenomen om de plan-MER onder paragraaf 5.3.1.2.

Deze bepalingen zijn naar mening van betrokkene veel te algemeen opgenomen en zijn daarom onverantwoord omdat deze voor veel te veel interpretaties vatbaar zijn.

We vinden het belangrijk om deze ambitie, om te komen tot een meer natuur inclusieve en/of biologische agrarische bedrijfsvoering, uit te spreken. Het is aan ondernemers of en op welke wijze zij daar invulling aan willen en kunnen geven.

Verzocht wordt de beperkingen in de visie te schrappen.

16

5.1.2.e

5.1.2.e

Hilvarenbeek d.d. 15 mei 2025 (ingekomen 15 mei

2025)__________________________________________

Betrokkene exploiteert een melkveebedrijf op genoemd adres en vreest voor de toekomst van zijn bedrijf als gevolg van de ambities zoals die in de visie zijn opgenomen.

16.1

Betrokkene vindt dat de gemeente aansprakelijk is voor de waardedaling van de grond als gevolg van de in de visie genoemde ambities. Dit kan zomaar 50% van de waarde zijn die de grond nu heeft.

17

5.1.2.e

5.1.2.e

5.1.2.e

Zie reactie onder 6.1 en 8.3.

Nee

De gemeente heeft het thema gezondheid een prominente plaats gegeven in de Omgevingsvisie. In lijn met de Omgevingswet werken we hard om de druk op het milieu te verlagen. Dit werkt door in keuzes en beslissingen. We kiezen nu vooral voor het faciliteren van activiteiten waarbij de leefomgeving positief beïnvloed wordt. In het agrarisch gebied sturen we op het verlagen van de milieubelasting. De

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15978564/1